CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

01-01 Inspraak sociaal domein Veendam

Commissie Sociaal Domein 30 november 2021, gemeente VeendamBij agendapunt: Opening991 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Inspraak commissie sociaal domein 30-11-2021

Geachte commissieleden,

Op 1 juni 2021 heb ik ingesproken m.b.t. de Gemeenschappelijke Regeling Publieke gezondheid en Zorg jaarrekening 2020 en mijn zorgen geuit over de gang van zaken. Ik heb u toen al de vraag gesteld of u voldoende geïnformeerd bent over de risico’s van het hybride model en verwezen naar het rapport van Robbe en Uenk “De volgende stap” wat vanavond op de agenda staat. Ik ben blij dat u dit nu doet, want in tegenstelling tot wat wethouder Grimbergen in de beantwoording op de vragen van mevr. Knot in de raadsvergadering van 25-10-2021 zegt, is het rapport heel helder en duidelijk en zeker niet te technisch. Ik als aanbieder heb dezelfde zorgen zoals mevr. Knot in de genoemde vergadering verwoordt heeft en zoals die in het rapport staan. Wethouder Grimbergen heeft meermalen aangegeven dat er overleg is met de aanbieders. Wat zij echter verzuimt te zeggen is hoe de stand van dat overleg is. Met name hoe de aanbieders deze overleggen ervaren. Zoals de wethouder het voorstelt, lijkt het of de gemeente en de aanbieders ‘in partnerschap’ bezig zijn om te zien hoe de jeugdhulp anders vorm gegeven kan worden. Op een zodanige manier dat het én beter én goedkoper wordt. De ervaren realiteit van zorgaanbieders is echter dat de al maandenlang geuite zorgen over de verschillende tempo’s en verschillende plannen voor inkoop van gemeenten niet gehoord worden.

Deze zorgen komen tot uiting in de volgende zin: aanbieders zijn bezorgd over een sluitend en dekkend provinciaal zorglandschap op lange termijn. De regiovisie is er nog steeds niet. De gesprekken aan de nog te vormen ontwikkeltafels over de uitwerking van de regiovisie moeten nog gevoerd worden. Toch gaan de verkennergemeenten, waaronder Veendam, op volle stoom vooruit. Ongeacht wat dit betekent voor de rest van de Groninger gemeenten, wat dit betekent voor jeugdigen en wat dit betekent voor een dekkend jeugdhulpaanbod in de regio. Ook ondanks het verzoek tot een grondige analyse en vertraging van de plannen, met name van de plannen in de gemeenten Veendam en Groningen. De risico’s die zorgaanbieders al sinds maart aangeven, worden ook door Robbe en Uenk in het rapport beschreven. Dit zijn geen risico’s uit 2020 ‘die al opgelost zijn’, zoals de wethouder stelde. Tot nu toe ontbreekt elke analyse (behalve: ‘er zijn teveel aanbieders die zorgen voor te hoge overschrijdingen’ en ‘er is onvoldoende zicht op kwaliteit en waar het geld naar toegaat’ en ‘aanbieders werken niet samen’). Aanbieders, groot en klein, geven al sinds maart/april aan: ‘Ga eerst verbeteren, voordat je gaat veranderen’. En kom met een analyse waar we verder over kunnen praten.

Aanbieders hebben aangegeven dat de huidige demografische en financiële analyse in de concept Regiovisie onvoldoende reden is en argumenten heeft om het systeem op de kop te zetten. De plannen die gemeente Veendam heeft en de gemeente Groningen heeft (14 miljoen naar de WIJteams die de zorg gaan leveren in plaats van de aanbieders; met grote gevolgen voor grotere en kleinere aanbieders, maar erger nog: geen keuzevrijheid meer voor jeugdigen) hebben invloed op het hele zorglandschap in de provincie en nogal wat consequenties voor (het voortbestaan van) aanbieders. Nu zijn gemeenten natuurlijk niet verantwoordelijk voor het voortbestaan van zorgaanbieders, maar risico’s t.a.v. bedrijfsvoering, hebben consequenties voor jeugdigen. Verder, erger nog, ze betekenen het einde van de keuzevrijheid van cliënten. 1

Ik wil u nadrukkelijk meegeven dat in het rapport van vorige week van de Jeugdautoriteit het belang van het samenspel tussen gemeenten en aanbieders als cruciaal genoemd wordt. Samenwerking betekent ook dat er vertrouwen moet kunnen zijn, en dat vertrouwen is er – nu de zorgen over een sluitend zorglandschap niet gehoord worden - op dit moment niet. Van de aanbieders wordt verwacht dat ze aan alle eisen moeten voldoen en moeten ‘evidence based’ hulpverlening bieden, gemeenten mogen kennelijk hun beleid op grond van aannames vormgeven. Dat lijkt mij een scheef uitgangspunt. Een achttal aanbieders (Accare, Ambiq, Bureau Lagro, Cedin, Cosis, Elker, Lentis Jonx, Molendrift) hebben meermalen hun zorgen geuit. Op verzoek van aanbieders loopt er op dit moment een ‘bemiddelingspoging’ of zoals gemeenten het liever noemen ’ondersteuning’ vanuit het Ondersteuningsteam Zorg voor Jeugd (VNG/VWS) o.l.v. Jan Menting. De gepubliceerde marktconsultaties waren hiervoor een directe aanleiding. Me dunkt dat ondersteuning vanuit het OZJ niet getuigd van samenwerking met aanbieders. Ook tijdens de marktconsultaties is kritiek geleverd op de plannen van Veendam. De gemeenteraad van Groningen heeft een ‘Raadpleging’ georganiseerd voor ouders, jeugdigen, hulpverleners en huisartsen (verwijzers) om zich te laten informeren over hun zienswijze op de Regiovisie en de plannen van gemeente Groningen.

Ouders, jeugdigen, maar ook onderwijs en huisartsen, zijn ondanks herhaaldelijke verzoeken tot nu toe niet betrokken geweest bij de totstandkoming van de Regiovisie, al had dit wel gemoeten. Misschien ook een idee voor uw raad? De hamvraag die nu op tafel zou moeten liggen luidt als volgt: ‘Is de door gemeente beoogde verandering van de jeugdhulp (meer samenwerking, minder aanbieders, meer lokale binding, en dus (aanname) meer grip op het geld) werkelijk alleen maar mogelijk door een ingrijpende wijziging van het stelsel, of kan dit ook binnen de mogelijkheden van een open house? Met andere woorden: kunnen we alsjeblieft eerst (gemeenten, zorgaanbieders, verwijzers, onderwijs) met ouders en jeugdigen de jeugdhulp gaan verbeteren in plaats van veranderen en de wereld op z’n kop zetten? In hoofdstuk 7 van het rapport ‘De Volgende Stap’ wordt hier al antwoord op gegeven. Dit nog los van hetgeen óók gesteld in het AEF-rapport ‘Stelsel in Groei’ en los van de zorgen die de Jeugdautoriteit heeft geuit. En als een andere inkoop niet nodig is om te komen tot samenwerking: Wat zijn dan de voordelen hiervan? Bedankt voor uw aandacht.

AEF = Andersson Elffers Felix Opdrachtgevers: Ministerie van VWS, BZK, Financiën en J en V, en de VNG https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2020/12/15/stelsel-in-groei

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10862829/1