CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Wijzigingsbesluit Reclameverordening gemeente Utrecht (bijlage 1).docx

Commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte (2022-2026) 18 november 2021, gemeente UtrechtBij agendapunt: Initiatiefvoorstel Weer fossiele reclame uit de openbare ruimte1.487 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Besluit tot wijziging van de

Reclameverordening gemeente Utrecht 2017 De raad van de gemeente Utrecht -

Gelezen het voorstel van de Partij voor de Dieren aangeboden aan de raad op 7 oktober 2021; Gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en de Reclameverordening gemeente Utrecht 2017;

Overwegende dat lid Maarten van Heuven (Partij voor de Dieren) voorstelt fossiele reclame uit de openbare ruimte te weren;

Besluit de Reclameverordening gemeente Utrecht 2017 als volgt te wijzigen:

Artikel I De Reclameverordening gemeente Utrecht 2017 wordt als volgt gewijzigd:

A. Aan artikel 1 Begripsomschrijvingen wordt onder vervanging van de punt aan het slot van het dertiende lid door een puntkomma een lid toegevoegd, dat luidt: 14.fossiele reclame: reclame door of voor bedrijven in de kolensector, de olie- en gassector en de luchtvaartsector met de producten en diensten fossiele brandstoffen, vliegvakanties, vliegtickets, grijze stroomcontracten, gascontracten, cruisereizen of auto’s met een fossiele of hybride brandstofmotor.

B. Aan artikel 3 Reclameverbod worden de volgende leden toegevoegd, luidende: 3. Het is verboden om fossiele reclame te plaatsen. 4. Het in het derde lid gestelde geldt niet ten aanzien van:

a. bedrijfsnamen, bedrijfslogo’s en reclames aan of in de directe nabijheid van het pand waar de activiteiten plaatsvinden waar de reclame betrekking op heeft; b. wegwijzers op bedrijventerreinen.

C. Aan artikel 5 Weigeringsgronden wordt onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel e door ‘; of’ een onderdeel toegevoegd, dat luidt: f. indien het fossiele reclame betreft die niet valt onder de uitzonderingen van artikel 3, vierde lid.

Artikel II

Dit besluit treedt in werking vijf weken na bekendmaking in het gemeenteblad.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van <datum>

De burgemeester Sharon A.M. Dijksma

De griffier, Merel van Hall

Bijlage:

Overzicht van de wijzigingen bij Besluit tot wijziging van de Reclameverordening gemeente Utrecht 2017

Bestaande tekst:

Nieuwe tekst

In deze verordening wordt verstaan dan wel mede

In deze verordening wordt verstaan dan wel mede

Artikel 1 Begripsomschrijvingen verstaan onder:

1. aankondiging: elke zichtbare aanduiding,

opschrift, mededeling, uitbeelding, afbeelding of

projectie, al dan niet bewegend, al dan niet verlicht of aangelicht;

2. bouwwerk: hetgeen wordt bedoeld in de Utrechtse Bouwverordening;

3. buitenreclame:de reclame in de openbare

ruimte, voor zover deze vanaf een openbare land-, water- of spoorweg of vanaf een andere voor het publiek toegankelijke plaats zichtbaar is;

4. gebouw: elk bouwwerk dat een voor personen

toegankelijke overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;

5. pand: een gebouw of een gedeelte van een

gebouw dat door één of meer van voor naar achter doorlopende en van beneden tot boven opgaande bouwmuren is gescheiden van de rest van het

gebouw en dat zelf niet meer is onderverdeeld door dergelijke bouwmuren;

6. rechthebbende: eenieder die over enig goed

enige zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk recht;

7. reclame: elke naamsaanduiding, bewegwijzering of openbare aankondiging of aanprijzing, al dan

niet (gedeeltelijk) bewegend, al dan niet verlicht, overgebracht door middel van een aanduiding,

opschrift, mededeling, uitbeelding, afbeelding, monster of brochure, geluidsversterking of

projectie. Uitgezonderd hiervan zijn functionele bouwdelen van gebouwen als boeiboorden,

Artikel 1 Begripsomschrijvingen verstaan onder:

1. aankondiging: elke zichtbare aanduiding,

opschrift, mededeling, uitbeelding, afbeelding of

projectie, al dan niet bewegend, al dan niet verlicht of aangelicht;

2. bouwwerk: hetgeen wordt bedoeld in de Utrechtse Bouwverordening;

3. buitenreclame:de reclame in de openbare

ruimte, voor zover deze vanaf een openbare land-, water- of spoorweg of vanaf een andere voor het publiek toegankelijke plaats zichtbaar is;

4. gebouw: elk bouwwerk dat een voor personen

toegankelijke overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;

5. pand: een gebouw of een gedeelte van een

gebouw dat door één of meer van voor naar achter doorlopende en van beneden tot boven opgaande bouwmuren is gescheiden van de rest van het

gebouw en dat zelf niet meer is onderverdeeld door dergelijke bouwmuren;

6. rechthebbende: eenieder die over enig goed

enige zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk recht;

7. reclame: elke naamsaanduiding, bewegwijzering of openbare aankondiging of aanprijzing, al dan

niet (gedeeltelijk) bewegend, al dan niet verlicht, overgebracht door middel van een aanduiding,

opschrift, mededeling, uitbeelding, afbeelding, monster of brochure, geluidsversterking of

projectie. Uitgezonderd hiervan zijn functionele bouwdelen van gebouwen als boeiboorden,

borstweringen of luifels die in bedrijfskleuren zijn

borstweringen of luifels die in bedrijfskleuren zijn

8. reclamebord: een vrijstaande reclamedrager,

8. reclamebord: een vrijstaande reclamedrager,

uitgevoerd;

waar door middel van bevestiging één of meer

borden aan, in, op, of tegen zijn aangebracht of

een vrij in de ruimte staand voorwerp uitsluitend

of in hoofdzaak voor reclamedoeleinden ingericht of gebezigd;

9. reclamedrager: een voorwerp dat kennelijk bestemd is om reclame op aan te brengen; 10. voertuigen: alle rij- en voertuigen;

11. weg: hetgeen wordt bedoeld met ‘weg’ in

artikel 1 van de Algemene Plaatselijke Verordening Utrecht 2010

12. bevoegd gezag: bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;

13. omgevingsvergunning: een vergunning als bedoeld in artikel 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

uitgevoerd;

waar door middel van bevestiging één of meer

borden aan, in, op, of tegen zijn aangebracht of

een vrij in de ruimte staand voorwerp uitsluitend

of in hoofdzaak voor reclamedoeleinden ingericht of gebezigd;

9. reclamedrager: een voorwerp dat kennelijk bestemd is om reclame op aan te brengen; 10. voertuigen: alle rij- en voertuigen;

11. weg: hetgeen wordt bedoeld met ‘weg’ in

artikel 1 van de Algemene Plaatselijke Verordening Utrecht 2010

12. bevoegd gezag: bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;

13. omgevingsvergunning: een vergunning als bedoeld in artikel 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;

14. fossiele reclame: reclame door of voor

bedrijven in de kolensector, de olie- en gassector en de luchtvaartsector met de producten en

diensten fossiele brandstoffen, vliegvakanties, vliegtickets, grijze stroomcontracten,

gascontracten, cruisereizen of auto’s met een fossiele of hybride brandstofmotor.

Artikel 3 Reclameverbod

Artikel 3 Reclameverbod

omgevingsvergunning van het bevoegd gezag een

omgevingsvergunning van het bevoegd gezag een

1. Het is verboden om zonder

handeling te verrichten als is beschreven in artikel 2.2, eerste lid onder h van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

2. Het in het eerste lid gestelde geldt niet ten aanzien van:

a. opschriften en aankondigingen op zuilen,

borden, muren of andere constructies, daartoe

aangewezen door burgemeester en wethouders;

b. opschriften en aankondigingen aan gebouwen

en inrichtingen van openbaar vervoer, indien deze zijn aangebracht ten dienste van dat vervoer; c. reclames, niet zijnde reclames op een

steigerdoek, van zeer tijdelijke (31 dagen) aard. Deze reclames zijn verboden indien niet aan de

1. Het is verboden om zonder

handeling te verrichten als is beschreven in artikel 2.2, eerste lid onder h van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

2. Het in het eerste lid gestelde geldt niet ten aanzien van:

a. opschriften en aankondigingen op zuilen,

borden, muren of andere constructies, daartoe

aangewezen door burgemeester en wethouders;

b. opschriften en aankondigingen aan gebouwen

en inrichtingen van openbaar vervoer, indien deze zijn aangebracht ten dienste van dat vervoer; c. reclames, niet zijnde reclames op een

steigerdoek, van zeer tijdelijke (31 dagen) aard. Deze reclames zijn verboden indien niet aan de

eisen van de artikelen 9 en 10 van deze

eisen van de artikelen 9 en 10 van deze

d. reclames waarbij tevens een

d. reclames waarbij tevens een

verordening zijn voldaan;

omgevingsvergunning voor het bouwen vereist is.

verordening zijn voldaan;

omgevingsvergunning voor het bouwen vereist is.

3. Het is verboden om fossiele reclame te plaatsen. 4. Het in het derde lid gestelde geldt niet ten aanzien van:

a. bedrijfsnamen, bedrijfslogo’s en reclames aan of in de directe nabijheid van het pand waar de activiteiten plaatsvinden waar de reclame betrekking op heeft;

b. wegwijzers op bedrijventerreinen.

Artikel 5 Weigeringsgronden

Artikel 5 Weigeringsgronden

omgevingsvergunning:

omgevingsvergunning:

Het bevoegd gezag weigert de a.

indien de reclame hinder of gevaar

b. c.

d.

Het bevoegd gezag weigert de a.

indien de reclame hinder of gevaar

indien de reclame niet voldoet aan de

b.

indien de reclame niet voldoet aan de

indien de reclame niet voldoet aan het

c.

veroorzaakt;

eisen van welstand (zie artikel 10); overzicht beleidsregels steigerdoekreclame, of

indien de digitale/ en of bewegende

reclame niet voldoet aan de ‘Richtlijnen

d.

digitale en/of bewegende reclamevormen e.

gemeente Utrecht’.

Indien uit de specifieke plaatsgebonden belangenafweging blijkt dat de reclame

eisen van welstand (zie artikel 10);

indien de reclame niet voldoet aan het overzicht beleidsregels steigerdoekreclame, of

indien de digitale/ en of bewegende

reclame niet voldoet aan de ‘Richtlijnen

digitale en/of bewegende reclamevormen e.

uiting > 0,5 meter achter de gevel

gemeente Utrecht’.

Indien uit de specifieke plaatsgebonden belangenafweging blijkt dat de reclame uiting > 0,5 meter achter de gevel

ondanks het nemen van maatregelen of

ondanks het nemen van maatregelen of

het stellen van voorschriften te plaatse niet inpasbaar is.

veroorzaakt;

het stellen van voorschriften te plaatse f.

niet inpasbaar is; of

indien het fossiele reclame betreft die niet

valt onder de uitzonderingen van artikel 3, vierde lid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=accc66f1-1c08-406d-a833-293dff4cb0a4