CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Visie Utrecht circulair 2050

Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen (2022-2026) 8 februari 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Visie Utrecht Circulair 205010.105 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

2.4.2 Utrecht is afvalvrij door hoogwaardig hergebruik van materialen en reststromen

De logistiek van het ophalen, scheiden en verwerken van huishoudelijk afval is een kerntaak van de gemeente. Om een deel van de reststromen op een hoogwaardige manier te kunnen hergebruiken, is het belangrijk dat de stromen goed gescheiden worden en beschikbaar worden gesteld. Een goed inzamel- en scheidingssysteem is daarbij een essentiële voorwaarde voor de circulaire stad Utrecht. Voor een deel van de reststroom van huishoudelijk afval (plastic, blik en pak) wordt ingezet op nascheiding om tot het beste resultaat te komen. Utrecht zet in op vermindering van de grof huishoudelijke reststroom. Ten eerste door minder consumptie te stimuleren en ten tweede door bij die reststroom maximaal in te zetten op upcyclen. Upcyclen is een handeling waarbij een afgedankt object een tweede leven en een nieuwe functie krijgt, waarbij het in waarde toeneemt. Hiervoor worden in de stad langs de aanrijroutes naar de Utrechtse afvalscheidingsstations bij de Tractieweg en Lunettenupcyclecentra gerealiseerd. Hier kunnen bewoners bruikbare huishoudelijke goederen, hout, kleine elektronische apparaten en fietsen inleveren. Samen met partners als de kringlopen, repair cafés, circulaire bouwmarkten en anderen die zich met upcyclen bezighouden, worden zoveel mogelijk bruikbare goederen weer in roulatie gebracht. Er komen ruimtes voor sorteren, reparatie en demontage van goederen.

Daarnaast zal er ruimte zijn voor ontmoeting, kennisuitwisseling, reparatieworkshops en activiteiten voor en door bewoners en leerlingen van scholen. Op de afvalscheidingsstations worden medewerkers opgeleid tot upcyclecoaches om bezoekers te ondersteunen bij het hergebruik van hun spullen en losse materialen. Met de partners in het Stadshout netwerk wordt lokaal hout zo veel mogelijk verwerkt tot nieuwe producten. Zo maken we de lokale houtketen circulair en benutten we houten restromen zo effectief mogelijk. We werken ook samen in de regio om zoveel mogelijk kansrijke stromen van het grof huishoudelijk afval in de regio te hergebruiken.

28 - Visie Utrecht Circulair 2050

3. Hoe nu verder

Na een periode van leren en experimenteren is het de bedoeling om vanaf 2024 steeds meer op te schalen en te versnellen. Dat is hard nodig, want in 2030 willen we al op de helft zijn, oftewel 50% minder gebruik van primaire abiotische grondstoffen (mineralen, metalen en fossiel). Om onze inzet op de middellange termijn meer richting te geven, vertalen we in 2024 de ambities uit dit document in concrete meetbare doelen, welke we vastleggen in de Beleidsnota Utrecht Circulair 2030. De activiteiten die nodig zijn om deze tussendoelen voor 2030 te realiseren, werken we uit in uitvoeringsplannen voor specifieke onderwerpen, zoals Circulair Bouwen en Maatschappelijk verantwoord opdrachtgeverschap en inkopen (MVOI). We bouwen hiermee verder op de lessen en resultaten die we de afgelopen jaren met het Actieprogramma Utrecht Circulair 2020-2023 boekten en werken via het “tussenkamp” in 2030 toe naar “de top” in 2050.

Circulair is een nieuwe manier van werken die effect heeft op bijna alle opgaven binnen de gemeente, zoals de woningopgave, energietransitie, klimaatdoelstellingen en werkgelegenheidsopgave.

3.1 Samenhang met beleid en andere opgaven

Binnen de energietransitie zijn we sterk afhankelijk van (zeldzame) aardmetalen met een eindige voorraad. Voorbeelden hiervan zijn lithium voor de productie van batterijen of neodymium voor de productie van windturbines en zonnepanelen. Daarnaast is de overgang naar circulaire productieprocessen een essentiële factor in het aanpakken van de klimaatopgave. Naar schattingen van de Ellen MacArthur Foundation en Material Economics, komt 45% van CO2 uitstoot uit productieprocessen van materialen en spullen . Door circulair te werken, kunnen we de CO2-uitstoot gerelateerd aan het delven van nieuwe grondstoffen en de productie van nieuwe materialen of producten sterk verminderen.

De basis voor circulair beleid in Europa is in 2020 gelegd met onder meer het Europese Circular Economy Action Plan en EU Green Deal. Op nationaal niveau was het Grondstoffenakkoord (2017) de basis voor het Uitvoeringsprogramma Circulaire Economie 2019-2023, dat inmiddels is opgevolgd door het Nationaal Programma Circulaire Economie 20232030. Het circulair beleid staat nog in de kinderschoenen en zal naar verwachting nog flink worden aangescherpt en uitgebreid in de komende jaren. Voor ons als gemeente Utrecht is het van belang de beleidstrends op Europees, nationaal en regionaal niveau te volgen en verder te concretiseren en specificeren voor Utrecht als circulaire stad. Waar mogelijk willen we hierin ook partner zijn en beleid beïnvloeden vanuit het gemeentelijk perspectief.

Er liggen veel kansen op de raakvlakken tussen opgaven om elkaar te versterken. Zowel de woningbouwopgave als de energietransitie vragen veel materialen die zonder een circulair systeem niet op duurzame wijze of in de benodigde hoeveelheid kunnen worden voorzien. Bij de woningbouwopgave lopen we tegen een kritieke situatie aan, met aan de ene kant de noodzaak om meer woningen te bouwen en aan de andere kant een CO2 budget dat al bijna volledig is gespendeerd. Alleen door spaarzaam om te gaan met het gebruik van grondstoffen, het gebruik van biobased en ‘tweedehands’ bouwmaterialen, kunnen we voldoende woningen bouwen, zonder het CO2 budget te overschrijden.

Ook zijn er uitdagingen, waaronder de fysieke ruimtevraag en een integrale aanpak en afweging van de verschillende maatschappelijke opgaven en de brede en diverse belangen die hierbij spelen. We zetten ons in om de verbinding te zoeken tussen deze belangen en verstandig te prioriteren. Zo werken we niet alleen aan een circulaire stad, maar aan de meest duurzame toekomst.

29 - Visie Utrecht Circulair 2050

3.2 Monitoring

Een belangrijke stap om gericht te kunnen (bij)sturen bij de ontwikkeling naar een circulaire stad Utrecht, is het opzetten en inzetten van een monitoringssysteem met circulaire indicatoren. Idealiter sluiten monitoringssystemen op Europees, Nationaal, regionaal en lokaal niveau op elkaar aan. Zo kan data worden uitgewisseld en wordt (bij)gestuurd op basis van dezelfde informatie. Op landelijk niveau wordt door het PBL binnen het werkprogramma monitoring en sturing circulaire economie aan een circulaire monitoringssysteem gewerkt. Als gemeente Utrecht zullen we hier in de toekomst zoveel mogelijk op aansluiten. In de Beleidsnota Utrecht Circulair 2030 stellen we circulaire indicatoren vast. Hierbij sluiten we aan op ontwikkelingen in het kader van: • de actieagenda Utrechtse economie, waarbij circulair ondernemerschap een van de indicatoren is binnen de toegepaste Nieuwe Economische index (NEx); • de klimaatvisie met aandachtfocus op de verminderingreductie en monitoring van de uitstoot van CO2; • het uitvoeringsprogramma maatschappelijk verantwoord opdrachtgeverschap en inkopen (MVOI), waarbij circulair inkopen een belangrijke pijler is; • landelijke ontwikkelingen op het gebied van een volwaardige monitoring- en sturingssystematiek door het PBL in samenwerking met een consortium van diverse landelijke organisaties.sities.

Omdat de ontwikkeling naar een circulaire stad volop in beweging zal blijven de komende decennia, is het noodzakelijk om het monitoringssysteem regelmatig aan te scherpen en uit te breiden met nieuwe circulaire indicatoren. Ook zal de beschikbaarheid en kwaliteit van data in de komende jaren moeten verbeteren. Niet alles wat we willen meten, kunnen we al meten, omdat nog niet alle relevante data verzameld wordt. Wij benaderen het monitoringssysteem, aansluitend op de benadering van het PBL, daarom als een groeimodel, die komende jaren met de ontwikkeling naar Utrecht als circulaire stad mee kan blijven bewegen.

3.3 Financiën

De ontwikkeling naar Utrecht als circulaire stad heeft voor betrokken partijen als bedrijven, instanties, bewoners en gemeente, op allerlei manieren financiële consequenties. Daarbij zullen veel kosten uitgaan voor de baten. Denk aan de ontwikkeling naar circulair ondernemen of bij het ‘aanjagen’ door de gemeente richting de circulaire stad. De gemeente heeft structureel financiële middelen in de begroting om haar rol in de ontwikkeling naar een circulaire stad te organiseren. Bij die ontwikkeling zal het, gezien de opgave van zo’n circulaire stad, in de loop van de tijd naar verwachting nodig zijn daar meer in te investeren, zowel in organisatie als in maatregelen. Kosten van ‘circulaire’ materialen en producten zullen voor een deel eerst nog duurder zijn, maar worden steeds goedkoper, doordat ze meer worden toegepast. Maatschappelijke kosten zullen steeds meer gaan meewegen in de kosten en baten van ontwikkelingen. Daarbij valt te denken aan de milieukosten die ontstaan bij bouwen van gebouwen, uitgedrukt in de zogenaamde Milieu Prestatie Gebouwen (MPG) en de Milieukostenindicator (MKI) voor de milieu impact van onze projecten in de openbare ruimte. In deze op levenscyclusanalyse gebaseerde data zijn ook de kosten meegenomen die moeten worden gemaakt om de negatieve effecten bij de uitstoot van CO2 op te lossen.

Voor de ontwikkeling naar een circulaire economie in 2050 zijn er in Europa, Nederland, provinciaal/regionaal en specifiek in de stad Utrecht, steeds meer fondsen en subsidies. De gemeente Utrecht neemt daarin initiatief en zal daar gebruik van maken waar dat van belang is. Dit in nauwe samenwerking met de markt.

Bezoekadres: Stadsplateau 1, 3533 JE Utrecht Postadres: Postbus 8406, 3503 RK Utrecht Telefoon: 030 - 286 00 00

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=7cd6c843-0765-44c4-8b04-dbb6c5176c1b