Verslag 20210304 Vragenuur.doc-pag. 5-6
Tekst van het document
2021 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 4 maart 2021 Vragenuur, gehouden op donderdag 4 maart 2021 te 18.30 uur. Het vragenuur vindt in verband met de coronamaatregelen niet plaats in de raadszaal, maar digitaal. Voorzitter: de heer De Pagter. Aan het digitale vragenuur nemen deel de leden: Assen, El Abassi, De Boer, Van Dalen, Dekkers, Işik, Koning, Meerding, Van Dalen, Sasbrink, Schipper, Van Steeg, Sturkenboom, Sungur en Van der Zweth. Voorts nemen deel de fractiemedewerkers: De Boer, Bosse en Van Mil. Namens het college nemen deel: burgemeester Dijksma en de wethouders Diepeveen, Van Hooijdonk, Klein, Van Ooijen en Verschuure. Griffier: de heer Lith. Opening van het vragenuur. De VOORZITTER: Dames en heren! Hartelijk welkom bij het vragenuur van de gemeenteraad van Utrecht van donderdag 4 maart 2021. 1. Vervolgvragen van de heer Schipper (SP) inzake achterstallig onderhoud hekwerk Antoniushof. De heer SCHIPPER (SP): Voorzitter! Op 25 juni 2020 stelde ik vragen over het achterstallige onderhoud van het hekwerk van de Antoniushof. In de beantwoording deed wethouder Diepeveen de volgende toezeggingen: - Begin juli 2020 inspectie van het hekwerk en het terstond repareren van gevaarlijke situaties. - Vóór het zomerreces krijgt de raad de uitkomst van de inspectie te horen alsmede de planning van de vervolgstappen.
Voor zover de SP-fractie heeft kunnen nagaan, heeft de raad tot nu toe – acht maanden na dato - hierover niets gehoord, maar vervelender is het dat het hekwerk nog altijd in dezelfde treurige toestand verkeert en dat daar vooralsnog niets aan lijkt te veranderen. De bewonerscommissie heeft intussen contact gehad met diverse ambtenaren, die tegenstrijdige boodschappen verkondigden: ambtenaar A schrijft in december 2020 dat er een goede offerte is, ambtenaar B schrijft in februari 2021 dat er eerst 3 offertes opgevraagd moeten worden, maar dat er waarschijnlijk sowieso geen budget is om het werk in 2021 uitgevoerd te krijgen. 1. Wat is er uit de inspectie van begin juli 2020 gekomen? Waren er gevaarlijke situaties en zijn die hersteld? 2. Waarom heeft de raad tussen 25 juni 2020 en nu niets gehoord over de uitkomsten van de inspectie en de planning, zoals was toegezegd? 3. Waarom krijgt de bewonerscommissie van de gemeente tegenstrijdige berichten? Welk van de twee berichten is correct? 4. Is de wethouder het met de SP-fractie eens dat het onacceptabel is dat de herstelwerkzaamheden zo lang op zich laten wachten en zo ja, wanneer wordt het achterstallige onderhoud dan wél aangepakt?
1
Vragenuur van 4 maart 2021 De heer DIEPEVEEN (wethouder) Voorzitter! De heer Schipper stelt inderdaad vragen over vragen die hij al eerder heeft gesteld. Het antwoord op vraag 1. In juli jl. heeft een inspectie plaatsgevonden. Toen is gebleken dat het hekwerk inderdaad in slechte staat verkeert en dat bij voorkeur binnen twee jaar maatregelen nodig zijn. Gebleken is ook dat er geen sprake is van een acuut veiligheidsrisico. In februari 2021 is opnieuw een inspectie uitgevoerd. Die heeft deze conclusie bevestigd. Het antwoord op vraag 2. Het spijt mij dat ik u niet eerder heb geïnformeerd. Dat had natuurlijk gemoeten. Het onderzoek naar mogelijke maatregelen duurt langer dan verwacht. De reden daarvoor is dat de globale raming van de te maken kosten dermate hoog is dat wij de manier van aanbesteden zorgvuldig moeten bekijken, net als de inpasbaarheid daarvan in ons investeringsprogramma. Het antwoord op vraag 3. De afgelopen tijd hebben wij aandacht besteed aan nadere inspectie. Wij hebben de buurtbewoners geïnformeerd. De onduidelijkheid die bij hen is ontstaan, kan ik mij goed voorstellen. Die heeft waarschijnlijk te maken met de te volgen aanbestedingsprocedure die tot verwarring heeft geleid. Wij hebben toen eerst een andere koers gevaren dan wij vanaf nu zullen doen. Het antwoord op vraag 4. Wij betreuren het dat deze zaak zo lang duurt.
Er is echter geen acuut veiligheidsrisico. Voorafgaand aan de beantwoording van deze vragen heb ik gebeld met de directeur van Bo-Ex. Met haar heb ik afgesproken dat de gemeente en de woningcorporatie op zeer korte termijn afspraken zullen maken over een spoedige aanpak. Bo-Ex heeft toegezegd daarbij een rol te willen spelen. De gemeente zal het initiatief nemen tot spoedig overleg. Wij komen uiterlijk in april a.s. terug met een brief voor de raad met nadere informatie over het hekwerk. De heer SCHIPPER (SP): Voorzitter! De raad heeft onlangs de nota Beheer openbare ruimte aangenomen waarin een nieuwe financieringssystematiek aan de orde wordt gesteld. Zou die kunnen helpen? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Zeker, het idee voor deze aanpak is het inlopen van achterstallig onderhoud. Wij komen daar snel op terug. 2. Vragen van de heer Van der Zweth (PvdA) en de heer Koning (D66) inzake de toekomst van De Pomp. De heer VAN DER ZWETH (PvdA): Voorzitter! Sinds twee jaar zit restaurant De Pomp in De Dichterswijk op een bijzonder locatie, een oud tankstation. In korte tijd is De Pomp uitgegroeid tot een populaire plek voor de buurt. Wat ooit begon als een locatie met een meer sociale buurtfunctie, is een echt buurtrestaurant geworden. Het is anders geworden dan verwacht, maar is een succes voor de wijk en de stad. Het restaurant is er nu twee jaar.
Wat er na vijf jaar zal gebeuren, is nog onduidelijk. Door corona zijn de inkomsten flink teruggevallen. Voor de ondernemers is de urgentie om duidelijkheid te krijgen over de toekomst hoog geworden. De bewoners roeren zich via een petitie die oproept om het restaurant daar te behouden. Het restaurant past bij de wijk. Het is een bijzonder restaurant dat profiel geeft. Bovendien gaat het in combinatie met de woningen eromheen wat betreft sluitingstijden, geluidsoverlast en dergelijke goed. Hierover hebben wij de volgende vragen. 1. Wat zijn de plannen van het college voor de locatie van De Pomp als de vijf jaar zijn verstreken? Als die nog niet bekend zijn, wanneer krijgt de raad daar dan zicht op? 2. Deelt de wethouder de oproep van de bewoners en van onze fracties dat restaurant De Pomp op de huidige locatie goed past en een succes is? 3. Hoe verhoudt het restaurant zich tot de visie Ringpark? Op welke wijze informeert het college ons hoe het er daar nu mee voor staat? 4. Kan de wethouder toezeggen te onderzoeken of het restaurant op deze plek kan blijven - ook na de vijf jaar - en er bij de raad op terug te komen? De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Het antwoord op vraag 1.
In de exploitatieovereenkomst Kruisvaartkade van MRP, Kruisvaartkade BV en de gemeente is vastgelegd dat de partijen met elkaar in overleg gaan over de omzetting van de tijdelijke vergunning van De Pomp naar een definitieve invulling indien de partijen en de buurt van oordeel zijn dat een tijdelijke invulling goed functioneert. In dit geval steun ik de oproepen van de buurt en ook die van de heer
2
Vragenuur van 4 maart 2021 Van der Zweth en de D66-fractie. Wij willen ons graag inspannen om aan die afspraak uitvoering te geven. Wij zijn echter afhankelijk van de projectontwikkelaar. Het antwoord op vraag 2. Ja. Wij zien dat dit in korte tijd is uitgegroeid tot een unieke en leuke plek in de wijk. Het antwoord op de vragen 3 en 4. Ook de Stichting Vrienden van het Ringpark staan positief ten opzichte van het op deze plek vestigen van horeca. Wij verwachten de raad medio 2021 via een raadsbrief een update te kunnen geven over het Ringpark. Gevraagd wordt of kan worden bekeken of De Pomp ook na vijf jaar op deze plek kan blijven en om er dan bij de raad op terug te komen. Dat kan ik toezeggen. Wij doen dat met een raadsbrief. De heer VAN DALEN (VVD): Voorzitter! Zijn in Utrecht meer locaties waar restaurants of cafés tijdelijk zijn gevestigd, die daar willen blijven en waar de buurt achter staat? Wat kan de wethouder betekenen voor andere horeca-eigenaren? De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Er zijn vaste plekken waar tijdelijke horeca is. Toevallig heb ik gisteren het startsein voor de bouw bij De Kwekerij fase II mogen geven, 244 starterwoningen. Daar is ook tijdelijke horeca bij betrokken. Wij bekijken of die permanent kan worden. De heer VAN DER ZWETH (PvdA): Voorzitter! De antwoorden zijn fijn. Ook het feit dat de komende vijf jaar worden bekeken, is fijn.
Wij willen met deze vragen vooral voorkomen dat men dit pas heel laat hoort. Men weet nu tijdig dat er perspectief is. Wanneer kan de wethouder de raadsbrief die hij noemt sturen? De heer VAN DER ZWETH (PvdA): Voorzitter! Wij zijn twee jaar bezig. Het gehele project duurt vijf jaar. De ontwikkeling van het gebied duurt nog wat langer. Ik zal de raad op de hoogte houden van de stand van zaken betreffende het Ringpark. Dat zal in de zomer het geval zijn. Als ik dan weet wat het perspectief is, zal ik erover berichten. Dat zal afhankelijk zijn van de ontwikkeling van het gehele gebied. 3. Vragen van de heer De Boer (Stadsbelang Utrecht) inzake Illegale motorcrossers bij Haarrijnseplas, overlast voor Utrechters en bewoners Maarssen. De heer DE BOER (Stadsbelang Utrecht) Naar aanleiding van een artikel in het AD/UN en berichten van bewoners van Maarssen heeft Stadsbelang enkele vragen. Inwoners van Utrecht en Maarssen ervaren wekelijks - met name in het weekend - ernstige overlast van illegale "wedstrijden" en samenkomsten van mensen op het terrein bij de Haarrijnseplas, met tot wel 50 motoren en quads, inclusief toeschouwers. Diverse bewoners van het gebied hebben hiervan melding gemaakt bij de politie, de gemeente Maarssen, de gemeente Utrecht, de Regionale Uitvoeringsdienst en Natuurmonumenten, maar, tot frustratie van deze bewoners en omwonenden, zonder resultaat. 1.
Is de burgemeester op de hoogte van de overlast die door bewoners van Utrecht en Maarssen wordt ervaren? Is de burgemeester geïnformeerd door haar collega burgemeester van gemeente Stichtse Vecht? Wat is de uitkomst van dat gesprek? 2. Welke acties met betrekking tot handhaving zijn tot nog toe ondernomen om de overlast tegen te gaan? Zijn deze samenkomsten in strijd met de geldende coronamaatregelen? 3. Kan het gebied zodanig worden afgesloten dat de crossers er niet meer kunnen komen? 4. Is de burgemeester bereid om de Brabantse Aanpak door te voeren, dus integraal te handhaven? 5. Zijn met mensen die hier in het weekend met hun motoren en andere voertuigen rijden gesprekken gevoerd? Welke alternatieven zijn er voor hen? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Ik begrijp dat de burgemeester zich nu aan het haasten is om het vragenuur te kunnen volgen, zodat zij eventueel een aantal vragen zelf kan beantwoorden. Het antwoord op vraag 1. Sinds januari jl. is er contact met de politie, de gemeente Stichtse Vecht en de beveiligingsorganisatie van het bedrijventerrein De Wetering. Dat heeft onder andere geleid tot handhavingsacties. Het antwoord op vraag 2. Er zijn onder andere acht bekeuringen uitgedeeld. De aanname klopt. Dit is een zogenoemde samenkomst. Samenkomsten van meer dan twee personen mogen in
3
Vragenuur van 4 maart 2021 het kader van corona niet plaatsvinden. De afspraak met het beveiligingsbedrijf van De Wetering is dat het de politie kan verwittigen als het signaleert dat de motorcrossers er weer zijn. De lijntjes zijn kort. Het antwoord op vraag 3. Afsluiten is op dit moment ingewikkeld. Uiteraard wordt geprobeerd om dat met hekken en betonblokken zo goed mogelijk te doen. Het lastige daarvan is dat op dit moment een calamiteitenweg door het gebied loopt. Die is nodig voor de brandweer om de tunnelbuis van de A2 te kunnen bereiken. Er wordt gewerkt aan een nieuwe calamiteitenontsluiting. Wij verwachten die in de loop van het voorjaar. Daarna zal het gemakkelijker zijn om het gebied beter af te sluiten. Deze week zijn extra verkeersmaatregelen genomen, onder andere een zone voorzien van een parkeerverbod en een geslotenverklaring, zodat er meer kapstok is om te kunnen handhaven. Het antwoord op vraag 4. De Brabantse aanpak gaat over een integrale aanpak. Ook hier kennen wij de integrale aanpak. De situatie is verder erg verschillend omdat het in Brabant ging om een uitgebreid bosgebied. Het antwoord op vraag 5. De alternatieven. Er zijn in Nederland allerlei circuits. In Utrecht is er ook een, op Lage Weide. Die is sinds 1 maart jl. weer open voor mensen die willen trainen. Vanwege corona is er sprake van aangescherpte maatregelen.
Sommige reguliere motorcrosses zijn niet doorgegaan omdat die vanwege de coronamaatregelen niet inpasbaar waren, bijvoorbeeld waar het evenementen betrof. Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! Ik wil de wethouder vragen in hoeverre deze illegale motorcrossers in het gebied schade aan de flora en fauna aanbrengen. Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Dat is niet bekend. Ik kan mij voorstellen dat er sprake is van schade. Wij werken aan de handhaving en aan het bekeuren. De heer DE BOER (Stadsbelang Utrecht): Voorzitter! Ik wilde eigenlijk hetzelfde vragen als mevrouw Sasbrink. Als er schade is, wordt dan onderzocht of die op de aanstichters kan worden verhaald? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Dat is mij niet bekend. Als wij niet weten wie het heeft gedaan, is dat heel ingewikkeld. Het zou kunnen dat bij de bekeuringen nog haakjes zijn. Ik zal ervoor zorgen dat de raad daarover wordt geïnformeerd. 4.
Vragen van mevrouw Van Mil (Student & Starter), de heer Koning (D66), de heer Süngur (DENK) en mevrouw Meerding (VVD) inzake de gemeente heeft het gemunt op recreatie.
Mevrouw VAN MIL (Student & Starter): Voorzitter! De fracties van Student & Starter, D66, DENK en de VVD vernamen dat de gemeente Utrecht van plan is om bij de landtongen van de Muntsluis in Utrecht drie hekwerken te plaatsen. De hekwerken zouden om 22.00 uur ’s avonds worden afgesloten. Reden voor de aanwezigheid van de hekken zou zijn dat omwonenden overlast ervaren. Uit gesprekken blijkt dat dit alleen een deel van de omwonenden betreft. De fracties hebben hierover de volgende vragen. 1. Ervaren de omwonenden vooral geluidsoverlast, of hebben zij vooral veel last van afval en/of te veel fietsers? Kan het college hierop een korte toelichting geven? 2. Hoeveel overlastmeldingen op deze locatie zijn in 2020 bij de gemeente en de politie gemeld? Hoe is daar vervolgens door handhavers en politie op geacteerd? 3. Is het college het met ons eens dat in de stad genoeg plekken moeten zijn waar Utrechters van de buitenlucht kunnen genieten en dat de Muntsluis er daar een van is? Zo nee, waarom niet? 4. Is het college het ermee eens dat het plaatsen van hekwerken bij de Muntsluis niet past in de visie Kwaliteit openbare ruimte, waarin staat dat de openbare ruimte van de stad de huiskamer van de stad is? 5. Welke kosten zijn gemoeid met het plaatsen en onderhouden van deze hekwerken? Ook het sluiten en openen van de hekken zal inzet kosten.
Is het college bereid dit budget anders in te zetten, bijvoorbeeld voor meer vuilcontainers, fietsparkeerplekken en wc’s? 6. Is het college bereid om andere oplossingen te onderzoeken zodat de stad van deze plek kan blijven genieten?
4
Vragenuur van 4 maart 2021 Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Ik mag de beantwoording doen omdat ik de wijkwethouder ben en het afgelopen jaar veel bewonersgroepen heb gesproken. Die groepen zeggen dat bovenaan op hun verlanglijst staat dat zij hun nachtrust terug willen. Ik begrijp dat dit het allerbelangrijkste is. Het gaat om het lawaai laat in de avond. De wijkbewoners zeggen dat de recreatie helemaal niet weg hoeft en dat het prima is dat de mensen van het gebied genieten, maar dat zij wél willen kunnen slapen. Er wordt ook iets gezegd over afval. De recreanten willen ook wel eens wat achterlaten, maar klachten over fietsen hebben mij nog nooit bereikt. Overlastmeldingen. Het afgelopen jaar, 2020, waren dat er ongeveer 100, ongeveer de ene helft bij de gemeente en de andere helft bij de politie. In 2019 waren het er ongeveer 10. Het aantal is behoorlijk gestegen. Mijn gevoel zegt mij dat de drukte steeds groter wordt en dat het seizoen steeds langer wordt. Het wordt steeds vroeger in het jaar lekker weer en dat houdt ook steeds langer aan. Dat is wat de burgers zeggen. De druk wordt groter, zowel qua tijd als qua aantal mensen. Ik kan mij herinneren dat de heer Işik hierover vragen heeft gesteld. Het gebied heeft de aandacht van onze handhaving en de politie als veel mensen gebruik maken van dat gebied.
Die treden dan op, soms waarschuwend of coachend, maar soms, als men over de schreef gaat, ook handhavend. Ja, wij zijn het er zeer mee eens dat in de stad genoeg plek moet zijn voor recreatie. De complete ruimtelijke strategie Utrecht gaat over dit soort dingen, namelijk over hoe wij de stad gebruiken en over de waardering van de openbare ruimte. Wij zijn het daar zeer mee eens. Wij vinden dat wij het gebied moeten uitbreiden. Wij doen dat hier ook. Het gaat hier om de landtongen die in beheer en in eigendom zijn van Rijkswaterstaat. Ze zijn officieel op dit moment niet toegankelijk. Wat wij doen, is het gebied overdag toegankelijk maken, goede afspraken maken en het alleen 's avonds, na 22.00 uur, sluiten. Dit is bedoeld om gebruik te legaliseren en om op die manier de openbare ruimte uit te breiden. Wij zullen sowieso de aanvraag beoordelen van de omgevingsvergunning die Rijkswaterstaat doet. Dat is hoe de procedure in elkaar steekt. Wij zullen daar alle adviezen bij wegen. Daar hoort ook de esthetische kwaliteit van de openbare ruimte bij en ook hoe de omgeving ermee is gemoeid, maar daarover hebben wij al veel signalen gekregen. De kosten van het hek komen voor rekening van Rijkswaterstaat. Het openen en sluiten en het dagelijkse beheer valt onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. Hoeveel dat kost, weten wij nog niet.
Tot nog toe hebben wij geen andere oplossingen gevonden. Wij zijn hierover al lang met de inwoners van het gebied in gesprek. De komende tijd zullen wij de balans opmaken naar aanleiding van de aanvraag van Rijkswaterstaat. Mevrouw MEERDING (VVD): Voorzitter! Ik hoor de wethouder zeggen naar alternatieven te hebben gezocht. Ik wil toch graag wat meer toelichting krijgen. Waarom wordt niet gekozen voor meer handhaving? Dan kan meer maatwerk worden geleverd in plaats van alleen hekken. Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Ik heb nog niet verteld dat wij ook zullen werken met beplanting. Daarover zijn afspraken met burgers gemaakt. Als wij ook andere planten dan alleen gras langs de oevers zetten, hopen wij mensen daarmee te spreiden en te ontmoedigen om van de ruimte gebruik te maken. Het is de droom van iedereen om alles met handhaving op te lossen, maar wij kunnen niet naast elke lantarenpaal een handhaver neerzetten. Ook de VVD-fractie zal begrijpen dat die capaciteit er niet is. Er zijn andere prioriteiten. De heer KONING (D66): Voorzitter! De D66-fractie vindt het flauwekul om geld aan hekken uit te geven. Investeer in de openbare omgeving.
Is het college bereid om, voordat in hekken wordt geïnvesteerd, hierop schriftelijk terug te komen en om ook de alternatieven op een rij te zetten? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Rijkswaterstaat zal de hekken betalen. Wij willen dat wel op schrift stellen. De heer DEKKERS (GroenLinks): Voorzitter! Het gebruik van de landtongen wordt al jarenlang formeel gedoogd. De GroenLinks-fractie heeft een vraag over de hekken. De Muntsluizen zijn een monument. Er is al eerder aandacht gevraagd voor het monumentale karakter van de hekken. Wij
5
Vragenuur van 4 maart 2021 maken ons er zorgen over dat eventuele nieuwe hekken niet goed combineerbaar zijn met het monumentale karakter. Wordt dit punt bij het eventueel plaatsen van nieuwe hekken bekeken? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Ja, dat maakt deel uit van de omgevingsvergunning. De heer SUNGUR (DENK): Voorzitter! Ik vind het bijzonder dat er wél een besluit klaarligt om hekken te plaatsen, maar dat de raad nog steeds niet weet hoeveel die kosten. Ik wil dat graag van de wethouder horen, ook al worden ze door Rijkswaterstaat betaald. Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Het is mij niet bekend hoeveel Rijkswaterstaat daaraan zal uitgeven. Ik weet ook niet of dat voor ons gemakkelijk te achterhalen is. Het is duidelijk dat de kosten voor Rijkswaterstaat zijn. Mevrouw VAN MIL (Student & Starter): Voorzitter! Als er in 2019 10 meldingen waren, in 2020 100 en wij vanwege corona niet op reis kunnen, is het dan geen overhaaste beslissing om op basis van die meldingen nu hekken te plaatsen? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Ik ben al bijna zeven jaar wijkwethouder van het gebied. De meldingen nemen voortdurend toe. Ik denk niet dat corona de enige oorzaak is van de toename van de meldingen. Al vóór de coronacrisis zijn wij met de wijkbewoners in gesprek gegaan om in het gebied de overlast te beperken.
Wij hebben al eerder met beplanting gewerkt. Dat stamt allemaal uit de tijd van vóór corona. Dit probleem heeft echt te maken met de groei van de stad. Mensen zoeken steeds meer de buitenruimte op. Dat is alleen maar goed. Ik ben blij dat de mensen de buitenruimte weten te vinden. De openbare ruimte is van ons allemaal. Dat gebeurt ook hier, maar het is wel zoeken naar de juiste balans met de leefkwaliteit en de nachtrust van de omwonenden. 5. Vragen van de heer Van Steeg (CDA), de heer Bosse (PvdA), mevrouw Sturkenboom (Student & Starter), de heer Van Dalen (VVD) inzake Escalatie op sportpark Overvecht). De heer VAN STEEG (CDA): Voorzitter! De afgelopen maanden is op verschillende momenten over de situatie op sportpark Overvecht-Noord gesproken. De komst van zowel het nieuwe trainingscomplex van FC Utrecht als van de hondenvereniging URV zorgen voor oplopende spanningen. Ondanks het feit dat er nog geen integraal toekomstplan ligt én de bezwaarprocedure nog niet is afgerond, is FC Utrecht inmiddels begonnen met de bouw van haar nieuwe trainingscomplex en is URV begonnen met een verbouwing. Voor de al aanwezige verenigingen is er echter grote onzekerheid over de beschikbare capaciteit in de toekomst.
Terecht vragen de verenigingen om duidelijkheid over hun toekomst en maken zij bezwaar tegen de bouw van het complex van FC Utrecht, zolang er geen duidelijk plan voor de toekomst is. Deze vrijdag stonden verenigingen en de gemeente Utrecht zelfs voor de rechter. De fracties van CDA, PvdA, S&S en VVD zijn zeer teleurgesteld over de gang van zaken alsmede over het feit dat er nog steeds geen zicht is op een breed gedragen oplossing. Ze hebben de volgende vragen. 1. Klopt het dat de gemeente Utrecht en voetbalvereniging EDO afgelopen vrijdag bij de rechter tegenover elkaar stonden? Kan de wethouder zeggen hoe het zover heeft kunnen komen? 2. Welke stappen heeft de wethouder de afgelopen maanden gezet om deze escalatie te voorkomen? 3. Klopt het dat de bouw van het trainingscomplex van FC Utrecht is gestart en de verbouwing van URV ook, terwijl het toegezegde plan voor sportpark Overvecht-Noord nog niet af is en bovendien tegen de afgegeven vergunningen er nog een bezwaarprocedure nog loopt? Zo ja, waarom is dat en welke rol heeft de gemeente Utrecht daarbij gespeeld? 4. Deelt de wethouder de opvatting dat de reeds gestarte bouw bij de aanwezige verenigingen zorgt voor toenemende spanningen en dat die een breed gedragen structurele oplossing in de weg kunnen staan? Zo nee, waarom niet? 5.
Is de wethouder bereid om met FC Utrecht en URV in overleg te treden om de verdere ontwikkeling op te schorten totdat er een concreet plan voor Sportpark Overvecht-Noord is? 6. Zo nee, hoe denkt de wethouder dan tot een breed gedragen plan voor het sportpark te komen terwijl er steeds meer signalen komen dat de situatie escaleert? Op 8 juli 2020 stuurde het
6
Vragenuur van 4 maart 2021
7. 8.
college een brief aan de gemeenteraad waarin staat dat de gemeente hondenverenigingen niet actief faciliteert, behalve wanneer er ruimte beschikbaar is. Tegelijkertijd zagen wij in het rapport van 8 oktober 2020 van het Mulier Instituut dat er een tekort aan trainingsvelden is dat in 2025 al is opgelopen tot 8 velden. Hoe verhoudt het actief faciliteren van URV zich tot de passage uit eerdergenoemde brief en de constatering van het Mulier Instituut? Wat zijn de gemeentelijke kosten die zijn gemoeid met de voorgenomen verhuizing van URV?
De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Het antwoord op vraag 1. Het klopt dat op vrijdag 27 februari jl. een zitting diende bij de voorzieningenrechter tussen EDO en de gemeente Utrecht. EDO heeft bezwaar aangetekend tegen een vergunning die is verleend voor een tijdelijke accommodatie die FC Utrecht wil realiseren. Ook een andere vereniging heeft bezwaar aangetekend. Afgelopen vrijdag heeft EDO via een voorlopige voorziening de rechter gevraagd om hangende het bezwaar de vergunning op te schorten tot de bezwaren zijn behandeld. Wij verwachten morgen, vrijdag 5 maart 2021, dat de uitspraak zal worden gepubliceerd. Hoewel wij het betreuren dat het ondanks veelvuldig overleg zover heeft kunnen komen, heeft voetbalclub EDO gebruikgemaakt van haar wettelijke rechten. Dat feit respecteren wij uiteraard. Het antwoord op vraag 2. Zoals ik u in de beantwoording van de schriftelijke vragen eerder dit jaar heb laten weten, is een procesmanager aangesteld om in samenspraak met de verenigingen een plan voor het park uit te werken. Er zijn diverse overleggen geweest. Een daarvan heb ik zelf bijgewoond. Wij zijn blij met de constructieve houding die ook ik heb geconstateerd. Het kost echter tijd om een goed totaalplan op te stellen. Het is nog steeds onze bedoeling om daarover dit kwartaal te berichten, uiterlijk eind maart 2021. Het antwoord op vraag 3.
FC Utrecht is begonnen met de aanleg van de velden. Daar is geen vergunning voor nodig. Met de bouw van de accommodatie is niet gestart, want dat maakt deel uit van de bezwaarprocedure die nog loopt. Ook zijn andere werkzaamheden uitgevoerd. Er is loodverontreiniging aangetroffen. Die moet worden verwijderd. De gesprekken over de aanpassing van de kantine zijn in 2019 begonnen. Die betreffen aanpassingen van de kantine die geen totaaloplossingen in de weg staan. Het antwoord op vraag 4. Ik wil niets liever dan een breed gedragen oplossing. Ik heb er het vertrouwen in dat die er komt. De verenigingen zijn door ons geïnformeerd over de gestarte werkzaamheden. Het antwoord op vraag 5. Er vindt overleg plaats met alle partijen die op het sportpark aanwezig zijn, dus ook met FC Utrecht en URV. De aanleg van de velden is nodig omdat FC Utrecht anders het komende seizoen niet naar het sportpark kan komen. Het gras heeft tijd nodig om te groeien. URV is al langer bezig met de aanpassing. De ontwikkelingen waar beide partijen mee bezig zijn, zijn noodzakelijk voor hun komst naar het park. Het antwoord op vraag 6. De bezwaren zijn al in december jl. ingediend. De procedure loopt sinds die tijd. De procesmanager werkt aan een breed gedragen plan samen met alle betrokken partijen. Het antwoord op vraag 7. De komst van URV betreft een verplaatsing.
URV moet verhuizen in verband met de herontwikkeling van Sportpark Zuilense Weg. Dat is iets anders dan actief faciliteren. Het antwoord op vraag 8. De kosten die de gemeente heeft gemaakt ten behoeve van de verbeteringen van de kantines zijn vooral terug te voeren op het feit dat ze langer leeg staan. De kosten worden gedekt uit de herontwikkeling op Zuilen. De totale kosten van de verbetering van Sportpark Overvecht zijn nog niet beschikbaar. De heer BOSSE (PvdA): Voorzitter! Wij hebben hierover al overleg gevoerd. Er zou een plan komen. Wij zien nu dat de club tegen de gemeente bij de rechter staat, De VOORZITTER: Wat is uw vraag? De heer BOSSE (PvdA): Voorzitter! Want vindt de wethouder daar zelf van? De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Volgens mij heb ik deze vraag zojuist al beantwoord. Ik heb er alle vertrouwen in dat wij tot een gedragen plan zullen komen. Ik vind het
7
Vragenuur van 4 maart 2021 jammer dat het zover heeft moeten komen. Ik respecteer het dat EDO en de andere verenigingen gebruikmaken van hun juridische rechten om te zien of ze de ontwikkeling kunnen tegenhouden. De heer VAN DALEN (VVD): Voorzitter! Vanwege de verdichting zien wij in Utrecht dat er steeds meer behoefte is aan sportvelden. Hoe wil de wethouder ervoor zorgen dat er in Utrecht genoeg sportvelden zijn? De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Ik weet niet of de heer Van Dalen al aan de Noordelijke Randweg Utrecht is begonnen. In dat dossier staan ook veel dingen over sport en zeker over toekomstige locaties. Ik ben heel benieuwd naar zijn reactie daarop. Ik kijk daar naar uit. Mevrouw STURKENBOOM (Student & Starter): Voorzitter! Ik ben benieuwd of een tijdelijke oplossing mogelijk is. De lichtmasten zijn weggehaald. Ik wil weten of EDO kan doorgaan. De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Wij zijn heel actief met elkaar in gesprek. Wellicht kunnen tussentijds oplossingen worden gerealiseerd. Ik sta open voor tussentijdse oplossingen. Ik wil graag dat er een breed gedragen oplossing komt. Wij hebben echter tijd nodig om die te bewerkstelligen. Ik sta open voor suggesties om in de tussentijd het vertrouwen te laten toenemen. De heer VAN STEEG (CDA): Voorzitter! Het proces loopt al meer dan een jaar.
Juist het feit dat er nu moet worden gebouwd en dat de verenigingen daar naartoe moeten, zorgt voor wantrouwen bij de verenigingen. Kan de wethouder zich dat voorstellen? Hoe denkt hij dat probleem op te lossen? Er had al een breed gedragen plan moeten zijn. De wethouder zegt dat de verenigingen er komen en dat ze moeten bouwen. Hoe lost de wethouder dat op? De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Dat is een terechte vraag. Dat heeft te maken met het tijdsverloop van afzonderlijke ontwikkelingen. De zaken lopen door elkaar heen. Wat voor URV nodig is, vereist een ander tijdsverloop dan wat voor FC Utrecht en EDO nodig is. Omdat de perioden van de verenigingen van elkaar verschillen, is het proces voor verbetering vatbaar. 6. Vragen van mevrouw Sasbrink (PvdD) inzake Kappen met kappen Kovelaarstraat. Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! Op een braakliggend terrein in de Kovelaarstraat wil een projectontwikkelaar zeven woningen bouwen. Sinds men begon met het maken van plannen daartoe hebben omwonenden zich ertegen verzet. Meer woningen in deze smalle doodlopende straat betekent vernietiging van groen en een einde aan de verkeersveiligheid. De benodigde bouwvergunningen voor de Kovelaarstraat zijn nog niet verleend. De huidige bestemming van de locatie is "maatschappelijk-begraafplaats". Hierop is woningbouw onmogelijk.
Afgezien van een intentiedocument is van een bestemmingsplanwijziging, een projectbesluit of iets anders dat woningbouw moet toestaan - voor zover wij weten - geen sprake. De motie "Kappen-met-kappenIII", uit 2006, gebiedt dat vergunningen pas mogen worden gebruikt nadat alle andere vergunningen voor een ruimtelijk plan bruikbaar zijn geworden om bomenkap te voorkomen voor plannen die niet uitvoerbaar blijken te zijn. Toch zijn er in de Kovelaarstraat al flink wat bomen omgegaan. Ondanks het feit dat de benodigde bouwvergunningen niet zijn verleend, zijn er toch al kapvergunningen verleend en gebruikt. Van de 56 bomen die er in 2017 nog stonden - waarvan een aantal door werkzaamheden is beschadigd - zijn er nog maar 12 over. Afgelopen maand werd er opnieuw gekapt, terwijl het nog mogelijk was om een bezwaarprocedure te beginnen. De projectontwikkelaar had bovendien toegezegd in afwachting van een door omwonenden in oktober vorig jaar aangevraagde voorlopige voorziening niet te zullen kappen. Een omwonende kwam gelukkig snel in actie en schakelde de politie in, die vervolgens handhaafde en verdere kap tegenhield. Helaas zijn er toch drie bomen onrechtmatig gekapt en is er één onherstelbaar beschadigd. De PvdD-fractie stelt hierover de volgende vragen: 1.
Waarom heeft het college geen gehoor gegeven aan motie "Kappen-met kappen-III" uit 2006? Is het college het met onze fractie eens dat een integrale afweging van alle maatschappelijke kosten en baten onmogelijk wordt gemaakt door nu alvast kapvergunningen te verlenen?
8
Vragenuur van 4 maart 2021 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Waarom is aan de verleende velvergunningen niet de voorwaarde verbonden dat deze pas gebruikt mochten worden nadat ook alle andere benodigde bouwvergunningen bruikbaar geworden zijn? Hoeveel bomen moeten nog worden gekapt om de bouwplannen uit te voeren? Wat zal er overblijven van de oorspronkelijke begroeiing? En waarom zaten de aangevraagde kapvergunningen verstopt in andere aangevraagde vergunningen? Wat is het college voornemens ten aanzien van het wel of niet wijzigen van het bestemmingsplan? Welke procedure wordt gevolgd en zullen omwonenden daarbij worden betrokken? Kan het college een totaaloverzicht geven van welke besluiten nog nodig zijn voordat woningbouw hier mogelijk is? (Bestemmingsplanwijzigingen, bouwvergunningen, saneringsvergunningen, kapvergunningen, etc.) Zo nee, waarom niet? Welke sancties zal het college opleggen aan de ontwikkelaar voor de onrechtmatige bomenkap en de onherstelbare schade aan een beeldbepalende waardevolle boom op de locatie? Eind vorig jaar zijn aan de rand van gemeentelijke begraafplaats Kovelswade, grenzend aan het beoogde bouwterrein, ook plotseling twee grote bomen gekapt, waardoor een toegangsroute tot het bouwterrein is ontstaan. Kan het college toelichten of voor deze bomenkap een vergunning was verleend, en zo ja, waarom?
De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! De motie "Kappen met kappen" is op deze specifieke situatie niet van toepassing omdat het ging over het willen saneren van de bodem. Daar is een vergunning voor aangevraagd. Voor een gedeelte van de bomen is die ook toegekend, ook voor het vellen van vijf bomen ten behoeve van de bodemsanering. Er zijn namelijk zware metalen en asbest aangetroffen. Vanwege deze bodemsanering kunnen de bomen niet behouden blijven. Dat is ook het antwoord op vraag 2. Het antwoord op vraag 3. Gevraagd wordt hoeveel bomen er in totaal gekapt worden om de bouwplannen uit te voeren. De betreffende kap ging over de sanering. Het antwoord op vraag 4. Het woningbouwplan is inclusief de herinrichting van openbaar gebied. Daar is een intentiedocument over vastgesteld. Op 29 november 2019 is de raad daarover geïnformeerd. Het initiatief was strijdig met het bestemmingsplan en daarom is er een projectbesluit over genomen. Er is een uitgebreid participatietraject doorlopen om te komen tot een stedenbouwkundig plan. Het definitieve ontwerp daarvan is tot stand gekomen met verschillende individuele gesprekken en vier brede bijeenkomsten met bewoners. De afgelopen periode hebben wij de aanvraag beoordeeld. Naar verwachting zullen wij binnenkort de ontwerpomgevingsvergunning publiceren. Daartegen kan binnen zes weken een zienswijze worden ingediend.
Vervolgens zullen wij die zienswijze inhoudelijk afwegen en een beslissing nemen. Het antwoord op vraag 5. Gevraagd wordt om een overzicht van eerdere besluiten. In 2017 is al een omgevingsvergunning verleend voor het vellen van 15 bomen en het slopen van de opstallen ten behoeve van de bodemsanering. Deze bomen zijn al gekapt. De bodemsanering is goedgekeurd door de RUD, vooruitlopend op de verdere projectontwikkeling van deze locatie. Op 19 mei 2020 is een omgevingsvergunning aangevraagd voor het vellen van vijf bomen ten behoeve van die bodemsanering. Deze omgevingsvergunning is verleend. Echter, daar is bezwaar tegen ingediend. Er was ook een voorlopige voorziening. Daar moet nog uitspraak op komen. Dat is - of was - nog niet gebeurd. Dus er zijn nu drie bomen illegaal gekapt. Wij moeten nog besluiten nemen. Op 7 februari is een omgevingsvergunning aangevraagd om een uitrit en inrit aan te leggen. Op 1 april 2020 is een omgevingsvergunning fase 2 aangevraagd voor de activiteiten bouwen en kappen. Het antwoord op vraag 6. Gevraagd wordt naar de sancties die wij opleggen. Het vellen van bomen hangende de schorsing van een vergunning voor een voorzieningsrechter is aan te merken als een economisch delict. De betrokken toezichthouders hebben een proces-verbaal opgemaakt. Het is uiteindelijk aan het Openbaar Ministerie om over te gaan tot verdere vervolging.
Bij daadwerkelijke vervolging kan een strafrechtelijke boete worden opgelegd. De omgevingsvergunning voor het vellen van bomen is inmiddels in werking getreden conform de APV en de herplantplicht. De VOORZITTER: Wethouder, kunt u afronden?
9
Vragenuur van 4 maart 2021 De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Ik stel voor om deze mondelinge vragen als schriftelijke vragen te behandelen. Dan hebben wij meer ruimte om deze specifieke informatie volledig te geven. Voor zover ons bekend, zijn verder geen bomen gekapt waarvoor geen velvergunning is verstrekt. Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! Over de bomen op de begraafplaats zegt de wethouder dat dit niet bekend is. Kan hij toch toezeggen om uit te zoeken wat daar mogelijk illegaal is gekapt? Kan hij ons een overzicht geven van wat er dan van de 56 bomen die in 2017 op het bouwterrein en aan de rand van de begraafplaats stonden en waar sinds 2017 is gekapt? Wij willen uitzoeken of daar illegaal iets is verwijderd en daar schriftelijk op terugkomen. De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Vanzelfsprekend. Als een raadslid om informatie vraagt, zullen wij die verstrekken. Dat hoeft overigens niet via het vragenuur te gebeuren. 7. Vragen van de heer Dekkers (GroenLinks) inzake Verplichte E-herkenning drempel voor kleine organisaties. De heer DEKKERS (GroenLinks) Voorzitter! Sinds 1 januari 2021 zijn organisaties verplicht om E-herkenning te gebruiken om subsidies aan te vragen bij de gemeente Utrecht of om bijvoorbeeld berichten te kunnen lezen die de gemeente schrijft naar aanleiding van een subsidieaanvraag.
In het verleden konden zij met de gemeente communiceren via e-mail of formulieren op de website. E-herkenning is een soort DigiD voor organisaties. Organisaties kunnen met E-herkenning veilig inloggen om met een groot aantal overheidsorganisaties online zaken te regelen. Dat kan handig zijn, maar voor kleine organisaties kan het een behoorlijke drempel betekenen. Aanvragen van Eherkenning is een omslachtige procedure. Erkende leveranciers vragen een vergoeding van ongeveer € 45 per jaar. Er zijn in Utrecht veel kleinere organisaties die subsidie aanvragen bij de gemeente voor bijvoorbeeld het initiatievenfonds of de basissubsidie amateurkunst die E-herkenning voor geen enkel ander doel gebruiken. Naar aanleiding daarvan heeft de fractie van GroenLinks de volgende vragen. 1. Herkent het college dat E-herkenning voor kleinere organisaties, die E-herkenning voor geen enkel ander doel gebruiken, een behoorlijk drempel kunnen zijn om digitaal met de gemeente Utrecht te communiceren? 2.
Is het college bereid om E-herkenning wel mogelijk, maar niet verplicht te maken voor het aanvragen van subsidies en het kunnen lezen van berichten van de gemeente naar aanleiding van een subsidieaanvraag of andere digitale communicatie met de gemeente? Bijvoorbeeld doordat zij gebruik kunnen maken van e-mail of formulieren op de website van de gemeente? Zo nee, waarom niet? Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Hartelijk dank voor de vragen. Alleen organisaties en zzp'ers die ingeschreven zijn bij de Kamer van Koophandel kunnen van de E-herkenning gebruikmaken. De overige aanvragers gebruiken bij aanvragen gewoon DigiD. Wij herkennen het verschijnsel dat een deel van de kleine organisaties E-herkenning als een drempel ervaren, ook omdat het een nieuw fenomeen is. Het is echter heel belangrijk dat wij de gegevens die burgers en ondernemers ons toevertrouwen aantoonbaar goed beschermen. Dat betekent dus ook dat wij dat moeten doen bij het aanvragen en toekennen van subsidies. Bij het invoeren van het nieuwe subsidiesysteem en het subsidieloket is de E-herkenning ingevoerd, naast de DigiD-toegang die er eerder ook was voor natuurlijke personen zodat die netjes kunnen worden beschermd. Het is ook een doublecheck op de identiteit, zodat het zeker is dat aan de juiste persoon iets wordt overgemaakt. Ook de rechtmatigheid is belangrijk. Alleen wat nodig is, wordt gevraagd.
Dat heet voor deze voor de Kamer van Koophandel geregistreerde organisaties "E-herkenning op 2 plus niveau". Overigens weet ik dat een aanvraag daarvoor bij erkende aanbieders gemiddeld € 20 kost. Ik zou dit niet vrijwillig willen maken. Het standaard aanbieden van mail of formulier heeft een aantal privacy- en rechtmatigheidsproblemen. Wat zeker blijft, is dat aanvragers die tegen problemen aanlopen altijd telefonisch of per e-mail contact kunnen opnemen met het Subsidiebureau. Dat wil dan meedenken over een oplossing.
10
Vragenuur van 4 maart 2021 De heer DEKKERS (GroenLinks): Voorzitter! Er zijn natuurlijk best veel kleine organisaties die wél zijn ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, maar die hier toch tegenaan lopen. Klopt het dat de gemeente wel een mogelijkheid heeft - via de zogenaamde "zijweg" - om deze organisaties te helpen? Is de gemeente bereid om daarvan gebruik te maken? Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! De specifieke zijweg zegt mij eerlijk gezegd niks, maar als er problemen zijn, kan altijd contact worden opgenomen. Wij bekijken dan hoe wij - binnen de kaders van de veiligheid - kunnen helpen bij het vinden van een oplossing. 8. Vragen van de heer Schipper (SP) inzake Stemlokaal Huis aan de Vecht. De heer SCHIPPER (SP): Voorzitter! Huis aan de Vecht heeft voor veel verkiezingen dienst gedaan als locatie voor een stemlokaal. Handig, aangezien er veel mensen wonen die minder goed ter been zijn. Het zijn woningen voor 55-plussers. Echter, dit jaar is een uitzondering. Er is geen stemlokaal bij Huis aan de Vecht. De dichtstbijzijnde locatie is ZIMIHC Stefanus, op ongeveer 900 meter afstand. Een week geleden ontvingen wij een vraag van een bewoner van Huis aan de Vecht of wij hem konden helpen om naar een stemlokaal te gaan. De man in kwestie valt namelijk ook buiten de regeling voor het stemmen per post, want die er is alleen voor mensen die ouder zijn dan 70.
Wij helpen uiteraard met alle liefde en plezier, maar het liefst zouden wij zien dat de bewoners van Huis aan de Vecht dicht bij huis kunnen stemmen. Daarom stelt de SP-fractie de volgende vragen. 1. Wat is er de reden van dat Huis aan de Vecht dit jaar geen dienst doet als stemlokaal? 2. Kan voor de bewoners van Huis aan de Vecht alsnog iets worden geregeld, zodat zij op 17 maart 2021 zelfstandig kunnen stemmen? 3. Is bij de verdeling van de stemlokalen rekening gehouden met een maximale afstand van huis tot stemlokaal? 4. Zo nee, kan hiermee in het vervolg - in het kader van de toegankelijkheid van publieke voorzieningen in Utrecht - alsnog rekening worden gehouden? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! In verband met corona is dit soort instellingen de mogelijkheid aangeboden om een besloten stembureau te openen. Dat is wat Huis aan de Vecht voor de eigen bewoners doet. Het Huis bepaalt zelf wat de doelgroep is. Vanzelfsprekend is het streven dit jaar om voldoende stemlokalen te hebben op korte afstand van mensen. Daarom is op de Jamaicadreef een extra stemvoorziening gemaakt. Dat is op 400 m afstand van Huis aan de Vecht. Er is een mogelijkheid om nóg dichterbij te stemmen, namelijk als de stemgerechtigde in aanmerking komt voor een besloten stembureau, en anders op 400 m afstand van Huis aan de Vecht.
Zowel dit jaar als in andere jaren is het doel om een zo goed mogelijke spreiding van de stemlokalen te krijgen, zodat iedereen op afzienbare afstand van zijn of haar woning een stembureau heeft. 9. Vragen van de heer El Abassi (DENK) inzake Utrecht gooit alweer een bejaarde op straat! De heer EL ABASSI (DENK) Voorzitter! Eerder heeft de DENK-fractie zich ingezet voor een ouder echtpaar dat vanwege de vondst van 1,6 gram drugs van de zoon op straat werd gezet. Zowel onze vragen als onze motie hebben helaas niet geleid tot het intrekken van deze rampzalige beslissing. Gelukkig vond het gerechtshof, net als de DENK-fractie en 1.200 ondertekenaars van een petitie, dat de ouders niet de dupe mochten worden van de fouten van hun zoon. De 73-jarige man is inmiddels overleden en heeft door toedoen van de gemeente in de tijd voor zijn dood een verschrikkelijke periode meegemaakt. Op 28 februari jl. ontvingen wij een e-mailbericht van een wanhopige Utrechtse burger omdat zijn bejaarde moeder en zijn verstandelijk beperkte broer op straat worden gezet. Het kind heeft het niveau van een 2,5-jarige. Het gezin heeft verschillende malen bij de gemeente aangeklopt voor hulp. Die is echter nooit in voldoende mate geboden. Naar aanleiding hiervan komt de DENK-fractie tot de volgende vragen. 1.
Is het college het met de DENK-fractie eens dat het op staat gooien een vrouw met een verstandelijk beperkt kind immoreel en verwerpelijk is? Zo nee, waarom niet?
11
Vragenuur van 4 maart 2021 2. 3.
4.
5.
Hoe past dit in "het plan van aanpak huisvesting en ondersteuning kwetsbare doelgroepen" van het college? Afgesproken is de doelgroep te huisvesten. Waarom is dat in dit geval dan niet gebeurd? Eerder heeft het gezin op verschillende momenten met de gemeente Utrecht contact gezocht. Is het college ermee bekend dat de verstandelijk beperkte zoon al meer dan vier jaar op de wachtlijst voor dagopvang staat? Wat is er de reden van dat de zoon niet binnen drie maanden aan een huis is geholpen? Is het college op de hoogte van de lange wachtlijsten? Het gezin zegt dat de persoon die het dossier hierover behandelde hen in zijn eerdere functie van consulent woonoverlast discriminatoir heeft behandeld. Voormalig burgemeester Van Zanen heeft daarover het gezin zijn excuses aangeboden, maar evenzogoed wordt deze consulent vervolgens bij de gemeente aangesteld als PGA-expert en blijft bij de zaak betrokken. Wat vindt het college hiervan? Wat wil het college doen om te voorkomen dat dit gezin op straat terechtkomt?
De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Ik zal de eerste vier vragen in één keer beantwoorden. Zoals bekend, kan college niet ingaan op vragen die het privédomein van personen betreffen. Ik kan het volgende zeggen. Het betreft hier een langjarige en complexe situatie van een familie, waarbij verschillende instanties hebben geprobeerd de jarenlange woonoverlast voor de omwonenden te beperken. Uiteindelijk is door de woningbouwcorporatie de overlastsituatie aan de rechter voorgelegd met het oog op een onafhankelijke belangenafweging. De rechter heeft hierover recentelijk een uitspraak gedaan. Het antwoord op vraag 5. Wij hebben de afgelopen jaren geprobeerd om met behulp van veel instanties te steunen, inclusief bemiddeling, wat helaas nog niet tot een bevredigend resultaat heeft geleid. Wij voelen ons echter wel degelijk verantwoordelijk zowel voor deze familie als voor de omwonenden. Wij zijn daarom in overleg met zowel het zorgkantoor als de woningbouwcorporatie. Dat betekent echter ook dat de familie zelf in actie zal moeten komen. De heer IŞIK (PvdA) Voorzitter! Dank voor de beantwoording. Mijn fractie heeft in ieder geval achter de schermen gewerkt om ervoor te zorgen dat er twee weken uitstel kwam om de partijen om de tafel te krijgen, zodat het gezin niet op straat is beland.
Maar hoe kan het dat tien jaar lang elf zorginstellingen bij deze zaak betrokken zijn, maar dat het niet is gelukt om de situatie te verbeteren? Kan de wethouder op die vraag ingaan? De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Ik weet niet of het elf zorginstellingen zijn. Ook speelt het feit mee dat de gemeente niet de inkoper van al die zorg is. Wij hebben daar helaas niet altijd de regie op. Wij hebben echter wél meer coördinatie verleend, juist om de begeleiding op gang te brengen. Er is wel degelijk op advies van de gemeente geprobeerd het aantal passanten te verminderen en om te werken aan een oplossing, zoals de heer Işik zelf achter de schermen heeft geconstateerd. De heer EL ABASSI (DENK): Voorzitter! Dank u wel. Ik kan hier niet diep op ingaan, want dit is het vragenuur. Een vrouw van 82 jaar, een verstandelijk beperkt kind en een zieke vader. Ik hoop dat de media dit oppikken. Ik heb gezegd dat het kind al vier jaar lang op de wachtlijst staat, terwijl de gemeente belooft kinderen binnen drie maanden te helpen. Hoe kan het zijn dat dit kind nog nooit is geholpen? De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Ik denk dat ik, als ik hier te veel op inga, in het privédomein van deze familie terechtkom. Ik wil dat niet doen. Ik zal deze vraag niet beantwoorden. Ik heb gezegd waarom niet.
De VOORZITTER: Dames en heren! Vanwege de tijd is de volgende set vragen de laatste van dit vragenuur. Mevrouw DE BOER (GroenLinks): Voorzitter! Ik wil de burgemeester vragen om de laatste set mondelinge vragen van vanavond schriftelijk te beantwoorden.
12
Vragenuur van 4 maart 2021 Mevrouw DIJKSMA (burgemeester): Voorzitter! Uiteraard. Dat zullen wij per omgaande doen. Dat zeg ik toe. Het is een belangrijke zaak. Ik begrijp dat die bij velen leeft. Ik wil de raad heel graag met de antwoorden van dienst zijn. Ik had het graag mondeling gedaan, maar dat kan niet. Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Wij kunnen ook de beantwoording van mijn vragen schriftelijk doen. De VOORZITTER: Dames en heren! Nee, wij houden de volgorde van de agenda aan. Dat zijn de regels die ik heb. Voor deze vragen is nog tijd. 10. Vragen van mevrouw Assen (PvdA) inzake hoe kunnen ook de meest kwetsbare leerlingen zich zo optimaal mogelijk op het eindexamen voorbereiden? Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Deskundigen waarschuwen voor grote achterstanden als gevolg van het afstandsonderwijs. Het Financieel Dagblad kopte op 8 februari jl. zelfs: "Tot 40% van de leerlingen dreigt te zakken voor het eindexamen". Ook LAKS ziet dat leerlingen zich door de verscherpte coronamaatregelen niet goed kunnen voorbereiden op het eindexamen en verwacht dat veel minder scholieren ervoor zullen slagen. Huiswerkbegeleiding en bijlessen zijn echter een kostbare aangelegenheid. Voor veel ouders zijn die eigenlijk onbetaalbaar, zeker als het kind die een aantal maanden nodig heeft.
Gelukkig is in onze stad een aantal mooie initiatieven genomen, zoals Durf te Dromen en Leren voor de Toekomst, waar kinderen uit minder draagkrachtige gezinnen voor een betaalbaar bedrag terechtkunnen. In andere steden, bijvoorbeeld in Den Haag, worden door ervaren docenten gratis bijlessen aangeboden in de bibliotheek. Vóór de zomer stelde het kabinet hier al EUR 244 miljoen euro voor beschikbaar. Scholen in het primair en voortgezet onderwijs en MBO-instellingen hebben hiervan al veel gebruik gemaakt. Het gestelde subsidieplafond van het voortgezette en primaire onderwijs is overschreden. Met EUR 38 miljoen extra kunnen alle aanvragen worden gehonoreerd. In het MBO zijn alle aanvragen inmiddels ingewilligd. In totaal kunnen hiermee meer dan 300.000 leerlingen en MBO-studenten worden geholpen. Scholen bekijken wat de leerlingen nodig hebben en welke aanpak daar het best bij past. Zij kunnen ervoor kiezen om dat uit te besteden, zoals ook bij zomerscholen niet ongebruikelijk is. Scholen die met het rijk en de gemeenten samenwerken in de Gelijke Kansen Alliantie kunnen kosteloos gebruikmaken van onderwijsexperts die de scholen helpen om effectieve inhaalprogramma’s vorm te geven. Wij hebben hierover de volgende vragen. 1.
Heeft de wethouder een overzicht van Utrechtse scholen die deze subsidie hebben aangevraagd? Zijn er in Utrecht ook scholen die geen gebruik maken van subsidie om achterstanden in te lopen? Zo ja, hoe bereiken ze de kwetsbare leerlingen die dit jaar eindexamen doen? 2. Worden in Utrecht op deze manier alle kwetsbare leerlingen bereikt? Worden de leerlingen die dit jaar eindexamen moeten doen in de gelegenheid gesteld om bijlessen en/of begeleiding aan te vragen? 3. Zo nee, hoe zorgen wij er dan voor dat wij met extra ondersteuning de kwetsbare groep eindexamenleerlingen bereiken zodat zij maximaal voorbereid en met vertrouwen hun eindexamen tegemoet kunnen gaan? Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Veel dank voor de gestelde vragen. Het antwoord op vraag 1. Alle schoolbesturen in Utrecht in het voortgezet onderwijs hebben een aanvraag ingediend. De schoolbesturen hebben ervoor gezorgd dat de eindexamenleerlingen in beeld zijn en worden bereikt. Het antwoord op de vragen 2 en 3. Ja, het ziet er naar uit dat alle kwetsbare leerlingen worden bereikt. Alle eindexamenleerlingen hebben tijdens deze tweede lockdown op school het onderwijs kunnen volgen. Daarnaast is er inderdaad extra aanbod. Dat wordt verschillend ingevuld, afhankelijk van de behoefte van de leerlingen en de school.
Dat kan zijn eindexamentraining, maar het kan ook een extra les zijn van de eigen docenten of een extra les van gespecialiseerde organisaties, zoals de huiswerkbegeleiding door de Stichting Leren voor de Toekomst. De schoolbesturen zeggen dat met bovenstaande maatregelen alle leerlingen worden bereikt. Zij zijn zich druk aan het voorbereiden op het doen van het eindexamen.
13
Vragenuur van 4 maart 2021 Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Dat klinkt in elk geval hoopvol. Laat de wethouder ook monitoren wat straks de resultaten en de effecten zijn en in welke mate die afwijken ten opzichte van eerder. Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Dat zal zeker iets zijn dat de scholen zelf goed in de gaten houden. In eerste instantie zal ervoor worden gezorgd dat alles wordt gedaan om de leerlingen te steunen om wél te slagen. Elk jaar zijn er leerlingen die het niet halen. Dat zal ook dit jaar worden gemonitord, maar ik denk dat alle inzet erop gericht moet zijn dat het lukt. De VOORZITTER: Dames en heren! Dank voor de beantwoording. Wij zijn gekomen aan het einde van het vragenuur. De vragen onder punt 11 (Politieoptreden tegen klimaatactivisten, ingediend door de fracties van GroenLinks, PvdD, SP, PvdA en Student & Starter) zullen schriftelijk beantwoord worden. Ik dank u allen voor uw aandacht, de vragen en de antwoorden en wens u een fijne avond. De voorzitter sluit hierna, te 19.33 uur, het vragenuur.
{{Signer1}}
{{Signer2}}
{{Signer1}}
{{Signer2
14