CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Vaststellingsrapport TAM-omgevingsplan extra woningen in Cartesiusdriehoek

Commissie Ruimte 28 mei 2026, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen TAM omgevingsplan extra woningen in Cartesiusdriehoek, fase 2-66.610 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

Vaststelling Tijdelijke Alternatieve Maatregel (TAM)omgevingsplan extra woningen in Cartesiusdriehoek, fase 2-6

Vaststellingsrapport Versie: maart 2026

Inhoud vaststellingsrapport 1

SAMENVATTING..................................................................................................................................3 1.1 1.2 1.3

2

BEOORDELING VAN DE ZIENSWIJZEN ..................................................................................................4 ZIENSWIJZE 1 ZIENSWIJZE 2 ZIENSWIJZE 3 ZIENSWIJZE 4 ZIENSWIJZE 5 ZIENSWIJZE 6 ZIENSWIJZE 7

3

[34054784] ................................................................................................................................4 [34054102] ................................................................................................................................6 [34053965] ................................................................................................................................8 [34053912] ................................................................................................................................9 [34052843] ................................................................................................................................9 [34041150] ..............................................................................................................................10 [34021003] ..............................................................................................................................12

WIJZIGINGEN IN HET ONTWERP ........................................................................................................13 3.1 3.2 3.2.1 3.2.2 3.2.3

4

INHOUD VAN HET VASTSTELLINGSRAPPORT ..........................................................................................3 KORTE SCHETS VAN DE ZIENSWIJZEN...................................................................................................3 BELANGRIJKSTE WIJZIGINGEN............................................................................................................3

WIJZIGINGEN DOOR ZIENSWIJZEN ....................................................................................................13 AMBTSHALVE WIJZIGINGEN ............................................................................................................13 Verbeteren juridische plantoelichting van artikel 1 lid 1.2 en lid 1.3 ...................................13 Actualiseren paragraaf 5.7 Natuurbescherming ..................................................................13 Actualiseren paragraaf 6.2.2 Participatie ............................................................................14

TOELICHTING ....................................................................................................................................15 4.1 4.2 4.3 4.4

WAT IS EEN VASTSTELLINGRAPPORT? ...............................................................................................15 DE VASTSTELLINGSPROCEDURE........................................................................................................15 WIJZE VAN BEOORDELING VAN ZIENSWIJZEN ......................................................................................15 PRIVACY .....................................................................................................................................16

1 Samenvatting 1.1 Inhoud van het vaststellingsrapport

In het vaststellingsrapport staan: 1. samenvattingen van de zienswijzen en de reactie van de gemeente op de zienswijzen en 2. de wijzigingen die de gemeente in het ontwerp aanbrengt. In hoofdstuk 4 is algemene informatie over zienswijzen en over de procedure opgenomen.

1.2 Korte schets van de zienswijzen

De zienswijzen gaan onder andere over dat er meer (speel) groen nodig is, aanvullende voorzieningen, dat er teveel extra auto-en fietsverkeer op de al drukke straten en fietspaden komt en dat er perspectief op de inrichting van de buitenruimte moet komen. Termijn voor het indienen van zienswijzen De ontwerp wijziging heeft van vrijdag 5 december 2025 tot en met donderdag 15 januari 2026 ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn konden zienswijzen over het ontwerp aangeboden worden aan de gemeenteraad. Hoeveel zienswijzen zijn er ingediend? Er zijn zeven zienswijzen tijdig ingediend, waaronder één positieve zienswijze.

1.3 Belangrijkste wijzigingen

De paragrafen over natuurbescherming en participatie in de motivering zijn geactualiseerd ten opzichte van het ontwerp. Daarnaast is de artikelsgewijze toelichting van artikel 1 lid 1.2 en lid 1.3 verbeterd.

3

2 Beoordeling van de zienswijzen Zienswijze 1

[34054784]

Meer (speel) groen 1.

Indiener ziet nauwelijks een groenvoorziening in het bestemmingsplan. Indiener gaat vaak met haar buurjongens even naar buiten, maar ze worden groter en willen ook zelf buitenspelen. Nu moeten ze vaak de Straatweg of de Josephlaan oversteken om bij speelgroen in het Julianapark en de grote speeltuin bij de Schutstraat te komen, maar dat is gevaarlijk. Er is voor hen speelgroen nodig aan deze kant van de Straatweg en Josephlaan. Vroeger kon er nog gespeeld en gegraven worden bij de zandvlakte bij de Pingpong Club, maar daar gaat ook gebouwd worden. Indiener vraagt om meer speelgroen, omdat de kinderen anders helemaal niet meer buiten spelen en vastgroeien aan hun Switch.

Reactie Voordat bestemmingsplan ‘Cartesiusdriehoek, fase 2-6’ werd vastgesteld door de gemeenteraad beschikte de Cartesiusdriehoek, een privaat bedrijventerrein in eigendom bij de Nederlandse Spoorwegen, niet over publieke groenvoorzieningen en dus ook niet over speelgroen. Bij de ontwikkeling van Cartesius worden goede langzaam verkeersverbindingen (zoals wandel- en fietspaden) naar de groenstructuren toe belangrijk gevonden. Zoals in het ‘Koersdocument Cartesiusdriehoek’ staat stimuleert de ruimtelijke inrichting van Cartesius beweging en activiteiten met speeltoestellen en hardlooproutes. Het groen binnen Cartesius bestaat uit twee hoofdelementen: de groene lus langs de randen van het gebied (onder andere langs de sporen en de Cartesiusweg) en het Cartesiuspark, dat in het midden van Cartesius komt te liggen. In het Cartesiuspark kan onder andere worden gespeeld en gesport. Indiener woont in de Bloemenbuurt, aan de andere kant van de sporen, waardoor het voor indiener goed is om te weten dat Cartesius voor voetgangers goed met de directe omgeving verbonden wordt. Dat gebeurt met vrije voetgangerspaden en veilige oversteekplekken die onderdeel uitmaken van het ruimtelijke raamwerk. Tussen Cartesius en Wisselspoor/2e Daalsedijk is een langzaamverkeerstunnel die onder de sporen doorgaat gerealiseerd. Deze gaat open zodra dit veilig is vanwege het bouwverkeer.

Hierdoor worden de gebieden met elkaar verbonden. Op de verbeelding (zie hiervoor ook afbeelding 1) behorende bij bestemmingsplan ‘Cartesiusdriehoek, fase 2-6’ is de groene invulling (via de functies Groen-1 en Groen-2) van het gebied goed te zien. Doordat de extra woningen die met het TAM-omgevingsplan ‘extra woningen in Cartesiusdriehoek’ worden mogelijk gemaakt binnen de bestaande bouwmogelijkheden (bouwvlakken en bouwhoogtes) worden gerealiseerd, blijft de hoeveelheid groen en speelmogelijkheden ongewijzigd. Binnen Cartesius komt er openbaar speelgroen in de vorm van aangewezen speelplekken ingericht met een natuurlijk ogende mix van speelelementen en speeltoestellen. Er komt ook een trimbaan in de groene lus met op een aantal plekken geclusterde objecten die ook dienen om te spelen. Door een toename van het aantal bewoners neemt de druk op de openbare ruimte wel toe. Het is moeilijk te voorspellen welke consequenties dit heeft voor het gebruik van die openbare ruimte. Het kan zijn dat de druk op voorzieningen in de openbare ruimte toeneemt of dat bewoners juist de openbare ruimte meer gaan toe-eigenen en daardoor meer buurtcohesie ontstaat. Het maken van meer woningen gaat niet ten koste van de openbare ruimte, maar het aantal vierkante meters groen en aantal grote bomen, die al onder druk stonden, groeit niet mee.

Ook neemt door het extra aantal bewoners de gebruiksdruk op het groen toe. Hierdoor groeien we niet in balans, maar komen we wel tegemoet aan de raadsmotie ‘Utrechtse aanpak bouw’ om meer woningen toe te voegen op plekken waar dat mogelijk is. Van de openbare ruimte krijgt echter al 30% een groene inrichting dat voor een groot deel autovrij is en er wordt ruimte gemaakt om te spelen, te ontmoeten en te ontspannen. Dit is in april 2024 vastgelegd in het Inrichtingsplan Openbare Ruimte Cartesius. Bij de vaststelling van dit plan is besloten om een inrichtingsniveau van Domstad Bijzonder voor het Cartesiuspark en het CABplein te hanteren. In het inrichtingsplan is ruimte opgenomen waarover bewoners kunnen meedenken over de inrichting en eventueel aan zelfbeheer kunnen doen. Uit de online peiling, die in het kader van het toevoegen van extra woningen heeft plaatsgevonden, blijkt dat hier behoefte aan is, waardoor de

4

gemeente en het consortium onderzoeken of hiervoor nog extra ruimte kan worden vrijgemaakt. In de tijdelijke situatie is al ruimte gemaakt voor een gemeenschappelijke moestuin die door de huidige bewoners erg wordt gewaardeerd. Ook is de ambitie om zoveel mogelijk woningen die nog niet in aanbouw zijn en kleiner zijn dan 50 m² gebruiksoppervlakte een eigen privébuitenruimte te geven. Dit is wettelijk niet noodzakelijk maar biedt kwaliteit, omdat bewoners dan naast de openbare ruimte en de binnentuinen een extra plek hebben om zich terug te trekken. In een beperkt aantal gevallen wordt, ter voldoening aan wettelijke eisen met betrekking tot onder meer daglichttoetreding, enkel voorzien in een Frans balkon. Daarnaast komt er in ieder deelgebied een binnentuin waarin ontmoeting een vast onderdeel van de ontwerpuitwerking is. Voor de jongste kinderen komen er ook speelgelegenheden in deze binnentuinen, zodat de afstand tussen een speelplek en de voordeur zo klein mogelijk is. Voor diersoorten blijven de groene rustgebieden gehandhaafd en komen er extra inpandige verblijfplaatsen. Daarnaast blijft de eis voor 15% groene gevels bestaan, waardoor in Cartesius ook veel verticaal groen komt.

Afbeelding 1: de verbeelding van bestemmingsplan ‘Cartesiusdriehoek, fase 2-6’ waarop de groene invulling te zien is Ook in het gebied waarin de herontwikkeling van Wisselspoor en de 2e Daalsedijk, deelgebied 2 tot en met 4 plaatsvindt (dit gebied ligt aan de andere kant van de sporen en dichter bij de Bloemenbuurt) komen diverse speel- en groenvoorzieningen: - het Lunaire park langs de 2e Daalsedijk: het huidige plantsoen langs de 2e Daalsedijk wordt hiertoe verbreed. - de Pocket parks: langs het Lineaire park komen groene plein- en parkruimtes met elk een eigen sfeer en invulling. De Pocket parks bieden ruimte aan bewoners om te spelen, sporten en ontmoeten. Pocket park deelgebied 1 is al gerealiseerd en daar is ook een speelplek aangelegd voor kleinere kinderen. - het Spoorpark: het Spoorpark heeft en krijgt de uitstraling van een gecultiveerde wildernis en bevat cultuurhistorische gebouwen en inrichtingselementen. Hierdoor blijft het stoere en 5

robuuste karakter uit het verleden herkenbaar. Het Spoorpark wordt per fase aangelegd en deelgebied 4 wordt in twee fases aangelegd. In deelgebied 4 (fase 1) is recent een speelplek met sporttoestellen aangelegd. Het Spoorpark deelgebied 4 wordt deels tijdelijk met vooral gras en groen aangelegd ter plaatse van de oksel van de sporen Utrecht-AmersfoortAmsterdam. Hiervoor is gekozen omdat hier nog een fietstunnel wordt aangelegd. Na de aanleg van de fietstunnel (dit zal niet voor 2030 gerealiseerd zijn) wordt dit deel van het Spoorpark definitief ingericht met onder andere een grote speelplek voor oudere kinderen. In deelgebied 3 komt ook een speelplek, die samen met de buurt wordt vormgegeven. Conclusie De zienswijze leidt niet tot wijzigingen van het ontwerp omgevingsplan.

Zienswijze 2

[34054102]

Zorgpunten 2.

Indiener wil graag een aantal structurele zorgpunten op het gebied van verkeersveiligheid, leefbaarheid en openbare voorzieningen onder de aandacht brengen. Op meerdere plaatsen zijn oversteekplaatsen onlogisch ingericht en worden deze als onveilig ervaren door weggebruikers. Ook zijn stoepen op diverse plekken vervuild, is het aantal afvalbakken onvoldoende en de plaatsing hiervan niet altijd logisch. De afvalbakken zijn regelmatig overvol en dit leidt tot vervuiling en trekt ongedierte aan. Ook ontbreekt er openbare ruimte om honden op verantwoorde wijze uit te laten. Het helpt niet dat honden in het Julianapark niet welkom zijn.

Reactie Indiener woont in de Bloemenbuurt en het ontwerp TAM-omgevingsplan ‘meer woningen in Cartesiusdriehoek fase 2-6’ gaat alleen over het toevoegen van maximaal 800 woningen binnen het verderop en aan de andere kant van de sporen gelegen Cartesius. De zienswijze gaat niet over de extra woningen in Cartesius, maar over de herontwikkeling van Wisselspoor/2e Daalsedijk en over de Bloemenbuurt zodat de zorgpunten van indiener niet in deze procedure betrokken kunnen worden. De inrichting van het openbaar gebied, waaronder het plaatsen van afvalbakken en het aanleggen van oversteekplaatsen, zijn aspecten die niet in het omgevingsplan geregeld worden. Wel willen wij indiener erop wijzen dat er een melding ingediend kan worden over de verkeersveiligheid, wanneer stoepen vervuild zijn of de afvalbakken vol zijn. Dit is mogelijk via de volgende websites: - meldingen over volle afvalcontainers: www.utrecht.nl/wonen-en-leven/afval/ondergrondsecontainers; - overige meldingen: https://loket.digitaal.utrecht.nl/nl/producten/meldingen. In Cartesius en ook in het gebied Wisselspoor/2e Daalsedijk deelgebied 2 tot en met 4, waar indiener nog dichterbij woont, kunnen honden worden uitgelaten. In deze gebieden komen geen omheinde plekken voor het uitlaten van honden. Handhaving 3.

Indiener verzoekt om handhaving van verkeersborden in zijstraten, vooral om te voorkomen dat zwaar verkeer en vrachtwagens vanaf de Amsterdamsestraatweg richting Wisselspoor afslaan. De fietspaden zijn volgens indiener op diverse punten onveilig en er wordt met hoge snelheid gereden door elektrisch verkeer en de aansluitingen van fietspaden naar zijstraten zijn vlak afgewerkt, wat een verhoogd valrisico voor fietsers oplevert.

Reactie Dit onderdeel van de zienswijze gaat over de bouwwerkzaamheden die plaatsvinden in het Wisselspoor en het gebied 2e Daalsedijk, deelgebied 2 tot en met 4 dat herontwikkeld wordt en over de fietssituatie daar. Het ontwerp TAM-omgevingsplan gaat over het toevoegen van meer woningen binnen Cartesius en dit gebied ligt aan de andere kant van de sporen. Het bouwverkeer voor Cartesius rijdt niet vanaf de

6

Amsterdamsestraatweg de Bloemenbuurt in om vervolgens richting Wisselspoor/2e Daalsedijk, deelgebied 2 tot en met 4 te rijden. Het bouwverkeer voor Cartesius rijdt via de Cartesiusweg het gebied Cartesius in. De inhoud van deze zienswijze kunnen we dan ook niet betrekken bij het TAMomgevingsplan ‘meer woningen in Cartesiusdriehoek, fase 2-6’. Wel kunnen wij aangeven dat tijdens het participatietraject met de buurt over de bouw van Wisselspoor deelgebied 1 is afgesproken om het lichte (< 3.500 kg) en het zware/omvangrijke bouwverkeer (> 3.500 kg) te scheiden. Het zware/omvangrijke bouwverkeer moet via de bouwweg rijden en het lichtere bouwverkeer (personenauto’s en busjes) maakt gebruik van de straten van de 2e Daalsebuurt. Doordat de deelgebieden gefaseerd worden gebouwd, zullen naar verwachting verschillende straten van de 2e Daalsebuurt tijdens de bouwperiode in verschillende periodes te maken krijgen met een toename van bouwverkeer. Mocht het bouwverkeer zich niet aan deze afspraken houden dan kan indiener hierover contact opnemen met de aannemer Hooijer Renkum via telefoonnummer 0317 - 318 666. Aanvullende voorzieningen 4.

Indiener constateert dat er bij de realisatie van circa 1.000 woningen geen aanvullende voorzieningen worden gerealiseerd, terwijl de parkeerdruk in de omgeving al hoog is.

Reactie Met voorliggende wijziging van het omgevingsplan wordt inderdaad geen extra m² voorzieningen mogelijk gemaakt. Voorliggend voorstel gaat over het toevoegen van woningen in een bestaand plan. Dat is een andere situatie dan bij een nieuw project, zonder bestaande voorzieningen, waar naast het realiseren van woningen ook bijvoorbeeld voorzieningen wordt meegenomen in de planuitwerking. Het toevoegen van maximaal 800 extra woningen leidt tot een groei in het aantal huishoudens. De voorzieningen (commercieel en maatschappelijk) in het bestemmingsplan Cartesiusdriehoek, fase 2-6 hebben gezamenlijk een metrage van 16.000 m² brutovloeroppervlak (bvo). Uit de digitale peiling, die heeft plaatsgevonden, blijkt dat er behoefte is aan diverse soorten voorzieningen, met name winkels (zoals een supermarkt), horeca, sport en spel en zorg en welzijn. Daarnaast blijkt uit de peiling dat men zich zorgen maakt over hoeveel extra bewoners er komen en welke druk dat geeft op voorzieningen. Op dit moment zijn nog geen voorzieningen in Cartesius gerealiseerd. Hierdoor is de behoefte aan voorzieningen in de nieuwe wijk te begrijpen. Bewoners zijn nu immers nog aangewezen op bestaande voorzieningen buiten Cartesius.

Op loop- en fietsafstand van Cartesius zijn al veel voorzieningen te vinden, bijvoorbeeld aan de Amsterdamsestraatweg of diverse culturele voorzieningen in het nabijgelegen Werkspoorkwartier. De nieuwe voorzieningen in Cartesius zijn een aanvulling op de reeds aanwezige voorzieningen in de nabije omgeving. Dit sluit aan bij de toepassing van de barcode zoals vastgesteld in de RSU2040: binnenstedelijke ontwikkelingen landen in bestaand stedelijk weefsel en kunnen daardoor deels gebruik maken van bestaande voorzieningen in de nabije omgeving. Daarnaast voegen gebiedsontwikkelingen ook voorzieningen toe, om de druk op de omgeving te beperken en de stad te versterken. In Cartesius geven we hier invulling aan, ook met de toevoeging van de 800 extra woningen. Wat betreft maatschappelijke voorzieningen komt er een basisschool, sporthal en kinderdagverblijf. De school biedt voldoende ruimte voor eventuele extra leerlingen. Het consortium maakt in blokken met meer woningen extra gemeenschappelijke ruimtes om ontmoeting te stimuleren. Ook bij het ontwerp van de binnentuinen krijgt dit onderwerp extra aandacht. Daarnaast is het consortium in overleg met zorgaanbieders die zich mogelijk willen vestigen in Cartesius. En het monumentale CAB-gebouw wordt de huiskamer van de wijk waarin allerlei type voorzieningen een plek kunnen krijgen, waaronder een supermarkt en foodhall.

Dus juist voor de voorzieningen waarvan respondenten in de peiling aangeven dat ze die het liefst zien in de nieuwe wijk, is in de bestaande plannen al ruimte gereserveerd. Wat betreft de parkeerdruk in relatie tot voorzieningen geldt het volgende. Zoals gezegd komen er voorzieningen binnen Cartesius. In de wijk wordt nadrukkelijk ingezet op het stimuleren van wandelen, het gebruik van de fiets en openbaar vervoer. Als bezoekers van die voorzieningen met de auto naar Cartesius komen, kunnen zij parkeren in twee openbare parkeergarages in Cartesius. Hierdoor is de verwachting dat de autoparkeerdruk in de omgeving niet zal toenemen. Schade

7

5.

Indiener heeft scheuren in zijn/haar woning. Volgens de uitvoerder kan dit niet door de werkzaamheden veroorzaakt zijn. Indiener wil een second opinion. Het heeft enorm getrild en er is regelmatig zwaar verkeer door de straat heen gereden.

Reactie Indiener woont in de Bloemenbuurt, waardoor eventuele schade niet veroorzaakt kan zijn door de bouwwerkzaamheden die binnen Cartesius plaatsvinden. Zoals gezegd rijdt het bouwverkeer voor Cartesius niet door de straten van de Bloemenbuurt maar via de Cartesiusweg de bouwplaats op. Daarnaast merken wij op dat het eventueel ontstaan van schade een zaak is die speelt tussen de partij die schade lijdt en de partij die de schade veroorzaakt (de bouwer). Het betreft hier een privaatrechtelijke kwestie. Mocht er schade ontstaan zijn door de bouw, dan kan deze worden verhaald op de bouwer. Het laten maken van (gewaarmerkte) vooropnames - waarmee de bouwtechnische staat van panden wordt vastgelegd voordat de werkzaamheden plaatsvinden - kan gebruikt worden om eventuele schade aan te tonen. Voor een second opinion kan indiener zelf een bouwkundig adviesbureau benaderen. Conclusie De zienswijze leidt niet tot wijzigingen van het ontwerp omgevingsplan.

Zienswijze 3

[34053965]

Druk op de ruimte 6.

Indiener vindt dat er teveel extra verkeer op al drukke straten ontstaat en te weinig extra groei van voorzieningen. De druk op de bestaande wijk wordt te hoog. Indiener vindt dan ook dat er niet extra gebouwd moet worden.

Reactie Bij de ontwikkeling van Cartesius wordt scherp ingezet op een zo laag mogelijk autogebruik door: - een autoluwe ruimtelijke inrichting; - een uiterst fiets- en voetgangersvriendelijke inrichting; - een goede ontsluiting met het openbaar vervoer; - aanvullende innovatieve mobiliteitsservices; - sturend parkeerbeleid conform de Nota Stallen en Parkeren (inclusief Addendum, 2019), het Mobiliteitsplan 2040 en de beleidsregels Parkeernormen fiets en Parkeernormen auto (2022). In het ‘Koersdocument Cartesiusdriehoek’ zijn maatregelen genoemd om de automobiliteit van toekomstige bewoners en bezoekers te beperken en duurzame vervoerswijzen te stimuleren. Zo wordt bijvoorbeeld ingezet op de inzet van deelauto’s, parkeren aan de rand van de wijk voor bezoekers en een parkeertarief dat vergelijkbaar is met de binnenstad. Bij de vaststelling van het ‘Koersdocument Cartesiusdriehoek’ heeft de gemeenteraad bepaald dat het aantal extra motorvoertuigen van en naar het Cartesiusgebied op de drukste momenten van de dag, wordt gemaximeerd op 370 motorvoertuigen per uur. Voor fase 1 is de verkeersgeneratie vastgesteld op maximaal 23 motorvoertuigen per uur. Dit betekent dat de extra verkeersgeneratie van fases 2 tot en met 6 maximaal 347 motorvoertuigen per uur in de spits met zich mag meebrengen.

In het bestemmingsplan 'Cartesiusdriehoek, fase 2-6' is een voorwaardelijke verplichting opgenomen in artikel 5.2.4 en artikel 10.2.5 over het aantal verkeersbewegingen. Daarnaast staat in artikel 4 lid 4.5 en artikel 10 lid 10.5 een gebruiksverbod gerelateerd aan de verkeersbewegingen. Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen (omgevingsplanactiviteit) moet met behulp van een berekening vast staan dat het totaal aantal aan extra verkeersbewegingen van de beoogde ontwikkeling in dit plan de 347 motorvoertuigen per uur op de Cartesiusweg op het drukste moment van de dag niet overschrijdt. Het totaal aantal extra verkeersbewegingen moet worden berekend overeenkomstig de berekeningswijze van de ‘Beleidsregels Autoverkeersbewegingen bij toepassen maatwerk’. Er wordt met 800 extra woningen nog steeds voldaan aan de voorwaardelijke verplichting in het bestemmingsplan ‘Cartesiusdriehoek fase 2-6' die aangeeft dat er maximaal 347 motorvoertuigen per uur extra mogen komen op de Cartesiusweg op het drukste moment van de dag. Reden hiervoor is het gewijzigde woonprogramma (meer kleinere woningen met een lagere norm) en de lagere parkeernorm die onder het nieuwe parkeerbeleid geldt voor een aantal functies en voor het aantal bezoekers van

8

bewoners in betaald parkeergebied. Een verlaging van het aantal beschikbare parkeerplaatsen werkt door in de verkeersgeneratie. De verkeersgeneratie van de extra 800 woningen is in totaal 670 motorvoertuigbewegingen per etmaal, waarvan 43 in het drukste uur van de ochtendspits en 55 in het drukste uur van de avondspits. Samen met de woningen die al toegestaan zijn op basis van het bestemmingsplan ‘Cartesiusdriehoek fase 2-6' leidt de verkeersgeneratie van de extra 800 niet tot een onaanvaardbare toename op de Cartesiusweg. Voor een reactie op te weinig extra groei van voorzieningen verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 2 onder punt 4. Conclusie De zienswijze leidt niet tot wijzigingen van het ontwerp omgevingsplan.

Zienswijze 4

[34053912]

Meer (speel) groen 7.

Indiener vindt dat het plan in te weinig groen en geen extra voorzieningen voorziet, terwijl in dit deel van de wijk amper groen is (eigenlijk alleen het Julianapark, maar dat zit in de zomer al bomvol met mensen zonder eigen tuin). De kinderen kunnen volgens indiener niet veilig naar het Julianapark, want dan moeten ze de St. Josephlaan of de Amsterdamsestraatweg over. Daarnaast is er maar één speelveldje en een vernachelde speelplaats aan de 2e Daalsedijk. Er moet echt extra groen en speelplekken bij, waaronder in de driehoek St. Josephlaan/Amsterdamsestraatweg/treinspoor, want de kinderen kunnen nu geen kant op en 800 appartementen zonder voldoende en fatsoenlijk groen zorgt voor stilzittende kinderen en een onleefbare wijk.

Reactie Voor een reactie op te weinig (speel) groen verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 1 onder punt 1. En voor de reactie op geen extra voorzieningen verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 2 onder punt 4. Conclusie De zienswijze leidt niet tot wijzigingen van het ontwerp omgevingsplan.

Zienswijze 5

[34052843]

Onduidelijk plan 8.

Indiener vindt het lastig om te vinden wat het plan precies is. Duidelijk is dat er maximaal 800 extra woningen bijkomen, maar het is indiener niet duidelijk waar deze woningen komen. Het kan naar de mening van indiener wel als de gebouwen wat hoger worden, maar meer gebouwen op dezelfde oppervlakte lijkt indiener lastig omdat het huidige omgevingsplan al weinig ruimte tussen de gebouwen laat. Als de Cartesiusdriehoek een gezonde leefomgeving en een blue zone wil zijn, dan is er ademruimte tussen de hoogbouw nodig. Indiener zou het zonde vinden als de ambities mooi, groen en leefbaar niet worden behaald om het gat in de businesscase te dichten.

Reactie Het klopt dat er maximaal 800 extra woningen binnen het plangebied van Cartesiusdriehoek fase 2-6 worden mogelijk gemaakt. Dit betekent dat deze extra woningen niet in het (reeds voltooide) plangebied van Cartesiusdriehoek fase 1 kunnen komen. Daarnaast worden de extra woningen gerealiseerd binnen de kaders die bestemmingsplan ‘Cartesiusdriehoek, fase 2-6’ al biedt, zoals de maximale bouwhoogtes en bouwvlakken (de locaties waar de gebouwen gebouwd mogen worden). Er worden geen extra bouwblokken gerealiseerd en de bouwblokken, zoals aangegeven in het bestemmingsplan ‘Cartesiusdriehoek, fase 2-6’ worden niet groter of hoger. Er komt dan ook niet

9

minder ruimte en minder groen tussen de gebouwen. Dit is mogelijk omdat er meer kleinere woningen komen. Ook mogen de maximaal 800 extra woningen niet leiden tot een overschrijding van het aantal extra verkeersbewegingen dat in bestemmingsplan ‘Cartesiusdriehoek, fase 2-6’ is vastgelegd. Bij de afweging om meer woningen mogelijk te maken hebben wij de aspecten zoals architectonische kwaliteit, groen en leefbaarheid meegewogen. Daarnaast worden er niet meer woningen toegevoegd om de businesscase rond te krijgen, maar wordt invulling gegeven aan de oproep (via de motie 24/M07 ‘Utrechtse aanpak bouw’) van de gemeenteraad om meer woningen toe te voegen op plekken waar dit mogelijk is door het grote tekort aan woningen. Inrichting groene buitenruimte 9.

Indiener geeft aan dat de bewoners vooralsnog wonen op een industrieterrein. Indiener vindt dat de huidige bewoners perspectief nodig hebben van wat er de komende fasen in de buitenruimte wordt voltooid. Wanneer er wordt ingekort op de beloofde groene buitenruimte is het risico volgens indiener dat er een hoog verloop komt in bewoners, waardoor de wijk in hoog tempo achteruit gaat.

Reactie Momenteel is Cartesius een gebied dat in transitie is. Een deel is al gebouwd en in gebruik genomen, maar er zijn ook delen waar momenteel wordt gebouwd of waar nog gebouwd gaat worden. Dit betekent dat het nog een aantal jaar duurt voordat alle fases gebouwd en opgeleverd zijn én de buitenruimte volledig is aangelegd. Voor een toelichting op de inrichting en fasering van de openbare ruimte is (samen met betrokken partijen) een informatieavond georganiseerd op 26 februari 2026 in het Cartesius Experience Centre voor omwonenden en (toekomstige) bewoners. Tijdens deze bijeenkomst zijn de inrichting van de openbare ruimte in woongebied fase 1 en fase 2 toegelicht, waaronder de openbare ruimte/Cartesiuspark en de binnentuin Nicoya. Bij de oplevering van de 653 woningen in fase 2 dit najaar zal de openbare ruimte rondom het CAB gebouw, de binnentuin in Nicoya gedeeltelijk (vanwege het aanplantseizoen) zijn ingericht en de ruimte tussen de gebouwen Solo en Track voorlopig worden ingericht. De oplevering van het Cartesiuspark zal in fases plaatsvinden afhankelijk van de oplevering van de gebouwdelen en de benodigde ruimte voor de bouwwegen en bouwplaatsen. Zoals ook in de reactie op de zienswijze van indiener onder punt 8 staat aangegeven worden de extra woningen binnen de bestaande bouwvlakken en maximale bouwhoogtes gerealiseerd.

De extra woningen gaan dan ook niet ten koste van het groen en de buitenruimte binnen Cartesius. Conclusie De zienswijze leidt niet tot wijzigingen van het ontwerp omgevingsplan.

Zienswijze 6

[34041150]

Meer druk op de infrastructuur 10. Indiener geeft aan dat er naar schatting 800 tot 1.600 extra bewoners komen wonen in de Cartesiusdriehoek en dit zal invloed hebben op de omliggende infrastructuur. Indiener wil hierbij in het bijzonder wijzen dat het fietspad tussen de wijken Cartesius en Wisselspoor en het centrum dat nog aangelegd moet worden. Indiener woont direct aan dit toekomstige fietspad en het plan voorziet niet in een adequate onderbouwing van de gevolgen van deze extra aantallen fietsers. De toename leidt naar verwachting tot meer drukte, (potentiële) onveiligheid op het fietspad, meer geluidsoverlast en een verminderde leefkwaliteit voor het direct aanliggende woongebied. Indiener wil dat dit alsnog goed onderbouwd wordt.

Reactie Met behulp van het fietsmodel is berekend hoeveel fietsers er te verwachten zijn op het fietspad parallel aan het spoor. Het fietsmodel geeft een ruime bandbreedte. In het hoogste scenario zijn dit 7.700 fietsers per etmaal. Wanneer de verkeersgeneratie fiets van de extra woningen hier nog bij wordt opgeteld, dan gaan we in het hoogste scenario uit van 1.600 extra bewoners. Stel dat de helft van deze

10

bewoners elke dag over het nieuwe fietspad richting centrum fietst (wat qua aantal optimistisch is), dan komen er 800 x 2 (heen en weer) fietsbewegingen bij. Dan wordt uitgekomen op 7.700 + 1.600 = 9.300 fietsers per etmaal. Dat is vergelijkbaar met het fietspad langs het Moreelsepark (tussen de Marga Klompébrug en de Moreelsehoek). Een verschil is dat het fietspad langs het Moreelsepark veel kris-krasbewegingen kent (overstekende voetgangers, fietsparkeren) en het fietspad langs het spoor straks vrij ligt en weinig conflicten kent. Er worden hierdoor geen problemen verwacht en bovendien is hierbij met een hoog scenario gerekend. De extra fietsers op het toekomstige fietspad tegenover de woning van indiener leidt niet tot een onevenredige afname van de leefkwaliteit. Bovendien wordt in de bestemmingsplannen ‘2e Daalsedijk Wisselspoor, deelgebied 1’ en ‘2e Daalsedijk, deelgebied 2 tot en met 4’ al gesproken over de aanleg van een nieuwe doorfietsroute langs de sporen om de bestaande fietsroute over de Amsterdamsestraatweg te ontlasten. Indiener had -bij de aankoop van de woninghierdoor kunnen weten dat hij in de buurt van een doorfietsroute zou komen te wonen. De extra woningen zullen ook leiden tot meer fietsers op onder andere de fietspaden langs de Cremerstraat, Cartesiusweg en Vleutenseweg. Deze fietspaden kunnen deze extra fietsers ook opvangen.

In lijn met het ‘Mobiliteitsplan 2040, jouw straat en onze stad gezond, aantrekkelijk en bereikbaar voor iedereen’, vastgesteld door de gemeenteraad op 15 juli 2021, geven we om onze groeiende stad gezond en bereikbaar te houden voorrang aan schone manieren van vervoer die zo min mogelijk ruimte innemen. Deze manieren zijn lopen, fietsen en openbaar vervoer. Hiermee maken we de lucht schoner en straten rustiger en veiliger. Inconsistente gemeentelijke besluiten 11. Indiener is van mening dat de omgevingsplanwijziging inconsistent is ten opzichte van eerdere gemeentelijke besluiten. Toen een groep bewoners uit Wisselspoor bezwaar maakte tegen de vergunning voor de geluidswal aan het spoor (aan de zijde van Cartesius) gaf de gemeente expliciet aan dat het bestaande bestemmingsplan niet aangepast zou worden als reden om die bezwaren niet mee te nemen. Nu wenst de gemeente het omgevingsplan wel te wijzigen om extra woningen mogelijk te maken. Dit gebrek aan consistentie ondermijnt het vertrouwen in een betrouwbare en voorspelbare planologische kaderstelling door de gemeente. Indiener wil dat de gemeente serieus stilstaat bij deze inconsistentie in beleid en besluitvorming en overweegt wat dit betekent voor het vertrouwen van omwonenden in de gemeentelijke besluitvorming.

Reactie Indiener heeft een reactie en bezwaarschrift ingediend tegen de omgevingsvergunning (met kenmerk HZ_WABO-23-13365) voor het bouwen van een geluidsscherm op het adres Locomotiefstraat 2 in Utrecht. In de beantwoording hiervan is aangegeven dat het geluidsscherm past binnen de mogelijkheden die het bestemmingsplan (nu: omgevingsplan) biedt en dat er daarom geen ruimte is om een belangenafweging te maken waarin de reactie en het bezwaar van indiener meegewogen kunnen worden. De belangenafweging om een geluidsscherm mogelijk te maken (en de benodigde bijbehorende onderzoeken hiervoor) heeft bij de totstandkoming van het bestemmingsplan plaatsgevonden. In de procedure van het bestemmingsplan dat het geluidsscherm mogelijk maakt kan dan een zienswijze gegeven worden over het geluidsscherm. In de beantwoording van de zienswijze van indiener over de omgevingsvergunning en in de beslissing op het bezwaarschrift van indiener vinden wij niet terug dat het bestemmingsplan niet aangepast wordt met als reden om die bezwaren niet mee te nemen. Wij vinden het ook nog steeds belangrijk dat er een geluidsscherm wordt geplaatst. Een 5 meter hoog geluidsscherm is noodzakelijk om onder andere aan de eis van een geluidsluwe gevel voor woningen binnen Cartesius te kunnen voldoen.

Een geluidsscherm langs het spoor wordt altijd geluidsabsorberend uitgevoerd om te voorkomen dat geluidsreflecties tussen het geluidsscherm en treinstel ‘omhoogkruipen’ waardoor het geluid deels alsnog over het scherm heen gaat. Bij toepassing van dergelijke geluidsabsorberende schermen blijft het reflectie-effect naar de andere zijde (Wisselspoor, 2e Daalsedijk deelgebied 2 tot en met 4 en de Bloemenbuurt) waar indiener woont beperkt tot minder dan 0.2 dB, hetgeen als verwaarloosbaar aangemerkt kan worden. Het TAM-omgevingsplan ‘extra woningen in Cartesiusdriehoek’ voorziet in het mogelijk maken van 800 extra woningen binnen het gebied van fase 2-6. Er is een groot tekort aan woningen in Utrecht. In lijn met de motie ‘Utrechtse aanpak bouw’ van de gemeenteraad nemen we gerichte maatregelen om projecten die stilliggen toch door te kunnen laten gaan of meer woningen toe te voegen op plekken

11

waar dat mogelijk is. Binnen het gebied Cartesiusdriehoek fase 2-6 is gebleken dat het mogelijk is om meer woningen toe te voegen. Het toevoegen van de extra woningen wordt opnieuw besloten aan de hand van een kaderstellend document waar de gemeenteraad over besluit, namelijk het TAMomgevingsplan. Iedereen kan, net als indiener, op het ontwerp TAM-omgevingsplan reageren door het indienen van een zienswijze. De zienswijzen zijn afgewogen in dit vaststellingsrapport. Het bestemmingsplan ‘Cartesiusdriehoek, fase 2-6’ is op 25 november 2021 door de gemeenteraad vastgesteld. Ontwikkelingen in de stad en het land kunnen er bijvoorbeeld toe leiden dat in een gebied toch meer woningen gewenst zijn. Ruimtelijke ordening kan dan ook leiden tot wijzigingen en is niet statisch. Wij zijn van mening dat we het toevoegen van de extra woningen op een transparante manier naar buiten hebben gebracht (via publicaties en Wijkberichten) en belangstellenden in de gelegenheid hebben gesteld om hierop te reageren. Naast de wettelijke vereisten zijn ook informatieavonden georganiseerd, zodat belangstellenden vragen konden stellen en hun mening konden geven. Conclusie De zienswijze leidt niet tot wijzigingen van het ontwerp omgevingsplan.

Zienswijze 7

[34021003]

Positieve zienswijze 12. Indiener is voorstander van het nieuwe plan.

Reactie Wij waarderen het dat indiener de moeite heeft genomen om een positieve zienswijze in te dienen. Conclusie De zienswijze leidt niet tot wijzigingen van het ontwerp omgevingsplan.

12

3 Wijzigingen in het ontwerp 3.1 Wijzigingen door zienswijzen

Er zijn geen wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen aangebracht ten opzichte van het ontwerp TAM-omgevingsplan.

3.2 Ambtshalve wijzigingen 3.2.1

Verbeteren juridische plantoelichting van artikel 1 lid 1.2 en lid 1.3

3.2.1.1 Toelichting van de wijziging De artikelsgewijze toelichting, dat onderdeel uitmaakt van de juridische plantoelichting, van artikel 1 lid 1.2 en lid 1.3 in paragraaf 7.2 van de motivering is niet juist verwoord en deze toelichting is verbeterd. 3.2.1.2 Wijzigingen Onderdeel 1 van lLid 1.2 maakt duidelijk dat dit plan deel uitmaakt van het omgevingsplan wijzigt. Lid 1.3 maakt duidelijk dat Over het algemeen zijn de regels een aanvulling zijn op het tijdelijke deel van het omgevingsplan of in voorrang gelden, maar soms treden ze in de plaats op de van regels van het tijdelijke deel van het omgevingsplan. Dat laatste gebeurt alleen als een regel dat expliciet aangeeft of als de regel in strijd is met een regel van het omgevingsplan of tijdelijk deel omgevingsplan. 3.2.2

Actualiseren paragraaf 5.7 Natuurbescherming

3.2.2.1 Toelichting van de wijziging In paragraaf 5.7 Natuurbescherming staat nog verouderde informatie die vanwege jurisprudentie geactualiseerd moet worden. 3.2.2.2

Wijzigingen

Beschermde gebieden Natura 2000-gebieden en stikstofdepositie

In Nederland zijn ongeveer 160 Natura 2000-gebieden aangewezen, gebieden met een Europese beschermingsstatus. Veel van die gebieden zijn (ook) gevoelig voor stikstofdepositie. Een verdere toename van de stikstofdepositie kan leiden tot 'significante effecten' op de beschermde natuurgebieden, wat alleen is toegestaan met een omgevingsvergunning voor een Natura 2000activiteit. Bij een wijziging van het omgevingsplan moet inzichtelijk worden gemaakt of de beoogde ontwikkeling effecten heeft op de stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden. Een verdere toename van de stikstofdepositie kan leiden tot 'significante effecten' op de beschermde natuurgebieden (Natura 2000). Als een activiteit leidt tot extra stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden en er niet kan worden uitgesloten dat dit leidt tot significante effecten op deze gebieden, wordt de activiteit aangemerkt als een Natura 2000-activiteit volgens de Omgevingswet en is deze vergunningsplichtig. Wanneer met een berekening met AERIUS Calculator wordt aangetoond dat er geen significante stikstofdepositie optreedt wordt de activiteit niet bestempeld als Natura 2000-activiteit en hoeft er geen omgevingsvergunning te worden verleend.

Als er wel stikstofdepositie optreedt, maar er wordt aangetoond dat deze toename in stikstofdepositie geen significante gevolgen heeft voor de Natura 2000-gebieden (middels een voortoets), is de activiteit ook geen Natura 2000-activiteit. Intern salderen is onderdeel van zo'n voortoets. In de voortoets mag geen rekening worden gehouden met mitigerende maatregelen zoals intern salderen. Het project of plan is dus niet vergunningsplichtig als met een voortoets wordt aangetoond dat er geen significante negatieve effecten zijn in Natura 2000gebieden of als de verslechtering van de stikstofdepositie optreedt op hectares, waarin de Kritische Depositiewaarde niet wordt overschreden.

13

Indien in de voortoets niet kan worden uitgesloten dat er geen significante effecten optreden, moet er voor de wijziging van het omgevingsplan een passende beoordeling worden opgesteld en een omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit worden aangevraagd bij het bevoegd gezag (provincie Utrecht). Het bevoegd gezag mag het omgevingsplan alleen vaststellen als uit de passende beoordeling zekerheid kan worden verkregen dat het plan de natuurlijke kenmerken van het Natura 2000-gebied niet zal aantasten. Wanneer er een passende beoordeling nodig is, geldt er ook een planmer-plicht of plan-mer-beoordelingsplicht (artikel 16.36 Ow). is de activiteit een Natura 2000activiteit en is deze vergunningsplichtig. Er kan alleen een omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit worden afgegeven als uit vervolgonderzoek, in de vorm van een passende Beoordeling, blijkt dat de kenmerken van de Natura 2000-gebieden niet worden aangetast. Geeft die beoordeling deze zekerheid niet, dan kan vergunningverlening alleen plaatsvinden als aan alle volgende voorwaarden is voldaan:  er zijn reële alternatieven voor de activiteit;  er is sprake van een dwingende reden van groot openbaar belang;  er vindt natuurcompensatie plaats. Als er een passende beoordeling nodig is, geldt er ook een plan-mer-plicht (art. 16.36 Ow).

Als het plan een herhaling of voortzetting is van een plan of project waarvoor al eerder een passende beoordeling is gemaakt, hoeft er niet opnieuw een passende beoordeling te worden gemaakt (voor zover deze redelijkerwijs geen nieuwe gegevens of inzichten kan opleveren over de significante gevolgen ervan). 3.2.3

Actualiseren paragraaf 6.2.2 Participatie

3.2.3.1 Toelichting van de wijziging Wanneer het ontwerp TAM-omgevingsplan ter inzage lag, heeft er ook nog participatie plaatsgevonden. Hiermee is paragraaf 6.2.2 van de motivering van het omgevingsplan aangevuld. 3.2.3.2 Wijzigingen Tijdens de periode dat het ontwerp TAM-omgevingsplan ter inzage lag is een wijkbericht verstuurd naar ruim 3400 adressen. Hierin zijn zij over de terinzagelegging geïnformeerd en in de gelegenheid gesteld om zich aan te melden voor twee inloopavonden. Op de projectpagina’s op utrecht.nl en DenkMee hebben we dezelfde informatie gedeeld. Op 15 december 2025 heeft een inloopavond plaatsgevonden voor één omwonende die vragen had over het geluidonderzoek (met name over spoorgeluid).

14

4 Toelichting 4.1 Wat is een vaststellingrapport?

Het vaststellingrapport hoort bij een raadsbesluit over de vaststelling van een wijziging van het omgevingsplan. Het is een onderdeel van dat raadsbesluit. In het vaststellingrapport staan: • een samenvatting van de zienswijzen en de reactie van de gemeente daarop en • een verantwoording van wat er bij de vaststelling verandert aan de ontwerpwijziging die ter inzage heeft gelegen. Verantwoording van de wijzigingen betekent dat in het rapport wordt uitgelegd welke veranderingen er zijn en waarom die nodig zijn. De toelichting op de wijziging wordt ook verwerkt in de artikelsgewijze toelichting en in de motivering. De wijzigingen die in paragraaf Error! Reference source not found. ‘Ondergeschikte verbeteringen’ staan, worden niet uitgelegd. Dat zijn verbeteren van spelfouten, verbetering van de formulering of een aanpassing van de artikelsgewijze toelichting of van de motivering.

4.2 De vaststellingsprocedure

Voordat de gemeenteraad een wijziging van het omgevingsplan vaststelt, krijgt iedereen de gelegenheid om zijn mening over het ontwerp van die wijziging te geven. De gemeente doet dat door bekend te maken dat een ontwerp bekeken kan worden. De wet noemt dat ‘ter inzage leggen’1. In de bekendmaking staat ook wanneer, binnen welke termijn, zienswijzen ingediend kunnen worden. Een zienswijze is een brief of een digitaal formulier waarin iemand opschrijft wat hij of zij van de ontwerpwijziging vindt. De termijn voor het indienen van zienswijzen duurt altijd 6 weken. Als iemand buiten de termijn een zienswijze indient, bestaat de kans dat de gemeente er niet meer op kan reageren. De gemeenteraad leest de zienswijze die te laat is ingediend natuurlijk wel. Na afloop van de termijn van terinzagelegging bereidt de gemeente de vaststelling voor. Het opstellen van het vaststellingsrapport hoort daarbij. Het college van burgemeester en wethouders doet een voorstel aan de gemeenteraad om de wijziging vast te stellen. De gemeenteraad kan besluiten om de indieners van zienswijzen de gelegenheid te geven om hun zienswijze tijdens een raadsinformatiebijeenkomst toe te lichten. Op zo’n bijeenkomst kunnen de raadsleden vragen stellen aan indieners en ook aan ambtenaren die bij de vaststellingsprocedure van de wijziging van het omgevingsplan betrokken zijn.

Na bespreking van het voorstel in de raadscommissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken, stelt de gemeenteraad de wijziging vast of verwerpt het voorstel van het college.

4.3 Wijze van beoordeling van zienswijzen

Een zienswijze bevat de mening van een indiener. De meningen in een zienswijze of de zienswijze zelf zijn nooit goed, fout, gegrond of ongegrond. Elke zienswijze wordt zorgvuldig bestudeerd, om te bekijken of het ontwerp aangepast moet worden. Als een zienswijze vragen bevat, worden die in dit vaststellingsrapport zo mogelijk beantwoord. Als een zienswijze niet aan de wettelijke eisen voldoet, krijgt de indiener, als haar of zijn adres bekend is, de gelegenheid om daar alsnog voor te zorgen.

1 Artikel 16.29 en 16.30 van de Omgevingswet, artikel 3:11 van de Algemene wet bestuursrecht.

15

4.4 Privacy

In dit rapport worden alleen de geanonimiseerde samenvattingen van zienswijzen opgenomen. In verband met de privacy van indieners worden de zienswijzen niet openbaar gemaakt2. Burgemeester en wethouders en de gemeenteraad krijgen wel van alle zienswijzen een kopie toegestuurd, zodat zij de volledige zienswijze kunnen lezen en bijvoorbeeld kunnen nagaan waar de indiener woont.

2 Artikel 3.1 in samenhang met artikel 5.1 van de Wet open overheid.

16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=fcd3dbe5-43a2-47ac-9d8c-0e4d9ed7532b