Vaststellingsrapport Hoek Papiermoerbeilaan - Monardastraat, Rijnvliet.pdf
Tekst van het document
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
Vaststellingsrapport
Bestemmingsplan Hoek Papiermoerbeilaan – Monardastraat, Rijnvliet
Oktober 2021
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
Inhoud vaststellingsrapport 1
INLEIDING ............................................................................................................................................ 3 1.1 BESTEMMINGSPLAN HOEK PAPIERMOERBEILAAN - MONARDASTRAAT, RIJNVLIET ................................................. 3 1.2 DE OPBOUW VAN HET VASTSTELLINGSRAPPORT .............................................................................................. 3 1.3 DE VASTSTELLINGSPROCEDURE.................................................................................................................... 3 1.3.1 Termijn voor het indienen van zienswijzen .................................................................................. 3 1.3.2 Zienswijzen over het bestemmingsplan ....................................................................................... 3 1.3.3 Procedure voor de vaststelling ..................................................................................................... 3 1.3.4 Belangrijkste wettelijke bepalingen ............................................................................................. 4
2
SAMENVATTING................................................................................................................................... 5 2.1 INHOUD VAN DE ZIENSWIJZEN ..................................................................................................................... 5 2.2 WIJZIGINGEN TEN OPZICHTE VAN HET ONTWERP............................................................................................. 5 2.2.1 Wijziging van de juridische regeling naar aanleiding van zienswijzen ......................................... 5 2.2.2 Ambtshalve wijziging van de juridische regeling ......................................................................... 5 2.2.3 Wijziging van de onderbouwing naar aanleiding van zienswijzen ............................................... 5 2.2.4 Ambtshalve wijziging van de onderbouwing ............................................................................... 5
2
Datum Rapport
oktober 2021 Vaststellingsrapport
1 Inleiding 1.1 Bestemmingsplan Hoek Papiermoerbeilaan - Monardastraat, Rijnvliet
Het plangebied ligt aan de westkant van Utrecht, in Leidsche Rijn. Het plangebied is begrensd door het bedrijventerrein Oudenrijn/Strijkviertel in het westen, in het noorden door percelen aan de Rijksstraatweg en in het oosten en zuiden door de woonwijk Rijnvliet. Het doel van het bestemmingsplan is het planologisch mogelijk maken van de ontwikkeling van 9 woningen. Deze woningen maken deel uit van de wijk Rijnvliet.
1.2 De opbouw van het vaststellingsrapport
In hoofdstuk 2 wordt een samenvatting gegeven van de inhoud van dit rapport. Wijzigingen die naar aanleiding van zienswijzen of ambtshalve gemaakt zijn in paragraaf 2.2 opgesomd. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de juridische regeling, die is vastgelegd in de regels met de bijbehorende verbeelding, en de onderbouwing van de juridische regeling, die in de toelichting bij het bestemmingsplan en de bijlagen daarbij wordt gegeven. Dat onderscheid is nodig, omdat belanghebbenden die geen zienswijze hebben ingediend beroep mogen instellen tegen wijzigingen van de juridische regeling. Tegen een wijziging van de onderbouwing kan in beginsel geen beroep ingesteld worden. Het verbeteren van kennelijke fouten, van de redactie of van interpunctie wordt niet vermeld.
1.3 De vaststellingsprocedure 1.3.1 Termijn voor het indienen van zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft van vrijdag 6 augustus tot en met donderdag 16 september ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn konden zienswijzen over het ontwerp aangeboden worden aan de gemeenteraad. 1.3.2 Zienswijzen over het bestemmingsplan Er zijn geen zienswijzen ingediend. 1.3.3 Procedure voor de vaststelling Het college van burgemeester en wethouders bereidt de vaststelling van het bestemmingsplan voor. De voorbereiding bestaat uit de beoordeling of het ontwerpbestemmingsplan nog aangepast moet worden, bijvoorbeeld naar aanleiding van de zienswijzen. Vervolgens stelt het college de gemeenteraad voor het bestemmingsplan, zo nodig met wijzigingen ten opzichte van het ontwerp, vast te stellen. De gemeenteraad kan de indieners van zienswijzen in de gelegenheid stellen om hun zienswijze tijdens een raadsinformatiebijeenkomst toe te lichten. Op zo’n bijeenkomst kunnen de raadsleden vragen stellen aan indieners en ook aan ambtenaren die bij de vaststellingsprocedure van het bestemmingsplan betrokken zijn. Voordat de voltallige gemeenteraad het bestemmingsplan vaststelt, wordt het voorstel van het college besproken in de raadscommissie Stad en Ruimte. In de commissie vindt een politieke discussie plaats.
De verantwoordelijke wethouder is daarbij aanwezig en wordt in de gelegenheid gesteld te reageren op de mening van de leden van de raadscommissie. De raadscommissie bepaalt of een nadere bespreking in de gemeenteraad nog nodig is of dat het bestemmingsplan als hamerstuk geagendeerd kan worden. De gemeenteraad stelt het bestemmingsplan vervolgens, al dan niet als hamerstuk, vast.
3/7
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
1.3.4 Belangrijkste wettelijke bepalingen De vaststellingsprocedure is beschreven in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening. Dat artikel verwijst weer naar Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, de zogenaamde uniforme, openbare voorbereidingsprocedure. Op grond van artikel 3:16 van de Algemene wet bestuursrecht moeten zienswijzen binnen de daarvoor gestelde termijn van zes weken worden ingediend. Op grond van artikel 6:9, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, is bij verzending per post een zienswijze op tijd ingediend, als hij voor het einde van de termijn ter post is bezorgd en de zienswijze niet later dan een week na afloop van de termijn is ontvangen.
4
Datum Rapport
oktober 2021 Vaststellingsrapport
2 Samenvatting 2.1 Inhoud van de zienswijzen Er zijn geen zienswijzen ingediend.
2.2 Wijzigingen ten opzichte van het ontwerp 2.2.1 Wijziging van de juridische regeling naar aanleiding van zienswijzen Er zijn geen zienswijzen ingediend. 2.2.2 Ambtshalve wijziging van de juridische regeling Er zijn geen ambtshalve wijzigingen van de juridische regeling. 2.2.3 Wijziging van de onderbouwing naar aanleiding van zienswijzen Er zijn geen zienswijzen ingediend. 2.2.4 Ambtshalve wijziging van de onderbouwing Het beleidskader van de Omgevingsvisie Utrecht en de koers (RSU) is aangepast naar aanleiding van de inwerkingtreding van de RSU 2040. 2.2.4.1 Aanpassing paragraaf 2.3.2 van de toelichting In paragraaf 2.3.2 wordt de tekst van het ontwerp vervangen door de volgende tekst: “2.3.2 Omgevingsvisie Utrecht
In de omgevingsvisie staat wat het gemeentelijke beleid is voor de 'fysieke leefomgeving'. Dit is de
omgeving waarin we wonen, werken en recreëren. De ondergrond, de lucht en het water maken deel uit van de leefomgeving, maar ook de gebouwen, bestrating en planten. De omgevingsvisie bevat drie niveaus: 1.
De koers: het beleid voor de lange termijn.
Utrecht kiest voor een gezonde groei als koers voor de lange termijn. Utrecht groeit in de
komende twintig jaar van ruim 350.000 inwoners naar ongeveer 455.000 inwoners in 2040. Daarom bouwen we de komende jaren duizenden woningen. Bij het bouwen van nieuwe
woningen staan gezondheid, leefbaarheid en duurzaamheid voorop. De gemeente wil de
woningen binnen het stedelijk gebied bouwen en daarbij flink investeren in de openbare ruimte 2.
en voorzieningen.
Thematisch beleid: het gemeentelijke beleid over een bepaald onderwerp.
Het thematisch beleid, ook wel sectoraal beleid genoemd, beziet een bepaald aspect van de fysieke leefomgeving, bijvoorbeeld geluidhinder, verkeer of bodemkwaliteit. Deze aspecten vertegenwoordigen een belang dat door het gemeentebestuur wordt meegewogen, als het bestuur een besluit neemt over een activiteit die invloed kan hebben op de fysieke
leefomgeving. Bij het bouwen van een nieuwe woonwijk, onderzoekt de gemeente of dat wel
kan gezien de geluidhinder rond die woonwijk, of het verkeer wel goed afgewikkeld kan worden en of de bodemgesteldheid het bouwen van woningen toelaat. De uitkomst van dat onderzoek kan bijvoorbeeld zijn dat de gemeente het bouwen niet gaat toestaan of onder bepaalde
3.
voorwaarden.
Gebiedsbeleid: beleid dat alleen in een bepaald gebied geldt.
In gebiedsbeleid staat wat de gemeente in een gebied, wijk of buurt wil. De koers en het
5/7
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
thematische beleid worden vertaald in beleid voor dat gebied, voor zover dat mogelijk is. Uit
het gebiedsbeleid kan afgeleid worden welke veranderingen de gemeente wil toestaan en welke waarden in het gebied behouden moeten blijven.
De omgevingsvisie is digitaal te raadplegen via: www.utrecht.nl/bestuur-en-
organisatie/beleid/omgevingsvisie/.
Niet alle gemeentelijke beleidskaders hebben betrekking op het plangebied. Hieronder worden daarom alleen de relevante beleidskaders nader toegelicht.” 2.2.4.2 Aanpassing paragraaf 2.3.2.1 van de toelichting In paragraaf 2.3.2.1 wordt de tekst van het ontwerp vervangen door de volgende tekst: “2.3.2.1
De koers
Het ruimtelijke beleid voor de langere termijn is vastgesteld in de Ruimtelijke Strategie 2040 'Utrecht dichtbij: de tien-minutenstad' (hierna: RSU 2040). De RSU 2040 is één van de
koersdocumenten van de Omgevingsvisie Utrecht. Daarmee maakt de RSU 2040 deel uit van één van
de instrumenten van de Omgevingswet, die op 1 juli 2022 in werking treedt. Dat betekent dat de
ambities uit de RSU 2040 doorwerken in de regels die vanaf 1 juli 2022 in het omgevingsplan zullen worden vastgelegd. De RSU 2040 is op 15 juli 2021 vastgesteld en bevat uitgangspunten voor een gezonde groei en ontwikkeling van de stad tot 2040. In de strategie verbinden we belangrijke
thema's met elkaar, zoals mobiliteit, economie, voorzieningen, wonen, energie, groen, sport en
ontspanning en werk. Ook is beschreven hoe Utrecht zich kan ontwikkelen tot tien-minutenstad.
Daarmee zorgt de gemeente ervoor dat de groei van het aantal inwoners en woningen in balans
blijft met een toename van groen in de stad, met een groei van banen en voorzieningen, met een
passende infrastructuur voor verkeer en vervoer en met de ambities op basis van de energietransitie.
Om bij de groei de specifieke kwaliteiten van de stad te behouden, kiezen we ervoor een stad te zijn waarin alle belangrijke functies voor dagelijks gebruik dichtbij de woon- en werkomgeving te vinden zijn: Utrecht, de tien-minutenstad. Daarbij zijn twee hoofdstructuren leidend voor het
ordenen van de nieuwe plekken in de stad, namelijk de groenstructuur en de mobiliteitsstructuur. Groen, landschap en water in en rond de stad zijn een voorwaarde voor gezonde stedelijke
ontwikkeling, voor groenbeleving en recreatie, maar ook voor bijvoorbeeld klimaatadaptatie en
biodiversiteit. Daarmee wordt de bestaande stad ook versterkt. Er worden functies toegevoegd en de kwaliteit van de stad wordt verbeterd.
We maken de keuze om de groei van de stad op een aantal plekken in de stad te concentreren, waar hoge bouwvolumes worden gerealiseerd. Daarmee verandert Utrecht van een stad met één centrum naar een stad met meerdere centra. Op deze nieuwe knooppunten komen veel verschillende
stedelijke functies samen: een mix van wonen, werken, voorzieningen en groen. Hierdoor beperkt de gemeente ook de groei van het aantal vervoersbewegingen.
De Merwedekanaalzone, het Jaarbeursterrein en Leidsche Rijn zijn gebieden waar komende jaren
veel gebouwd wordt. Maar er wordt ook gebouwd op kleinere plekken, zoals bij de 2e Daalsedijk en het Kruisvaartterrein. Ook in de binnenstad, het stationsgebied, het Utrecht Science Park, Leidsche
Rijn Centrum en Papendorp is ruimte voor extra woningen, winkels en bedrijven. En voor cultuur en maatschappelijke instellingen.
Omdat er met de met de ambities van de RSU 2040 veel geld gemoeid gaat, is in de RSU 2040 ook
een investeringsstrategie opgenomen. Daarnaast is een uitvoeringsstrategie opgesteld, waarin staat welke ontwikkelingen als eerste plaatsvinden en in welke tijdsvolgorde de stad zich tot 2040
ontwikkelt. Ook heeft de gemeenteraad op 12 maart 2020 het koersdocument Leefbare stad en 6
Datum Rapport
oktober 2021 Vaststellingsrapport
maatschappelijke voorzieningen vastgesteld. Hierin staan de ontwikkelopgaven voor scholen,
sportplekken en andere maatschappelijke voorzieningen. Het document Gezondheid voor iedereen,
volksgezondheidbeleid 2019-2023 is ook onderdeel van de koers. Zie hiervoor paragraaf 2.3.2.3.5.
Plangebied
Dit plan zorgt voor een toename van 9 woningen. Ten aanzien van de gezondheid, leefbaarheid en
duurzaamheid wordt aangesloten bij het bestemmingsplan van Rijnvliet en de daarmee vastgelegde afspraken. Specifiek voor Rijnvliet is er veel ruimte voor groen en water en er komt een eetbare
woonbuurt; de planten en bomen in de omgeving produceren voedsel. De toename van 9 woningen past daarmee in het beleid voor de lange termijn.”
7/7