Tweede Bestuursrapportage 2022.pdf
Tekst van het document
Tweede Bestuursrapportage 2022
Colofon Tweede Bestuursrapportage 2022 Uitgave Gemeente Utrecht Informatie Gemeente Utrecht Bedrijfsvoering- en Strategienetwerk Afdeling FIJ Postbus 16200 3500 CE Utrecht www.utrecht.nl Finutrecht@utrecht.nl
2
Voorwoord Raadsvoorstel 2022, zaaknummer 10425560 Utrecht, 15 september 2022 De bestuurlijke Planning & Control cyclus stelt de raad in staat om invulling te geven aan de kaderstellende en controlerende taak. Voor u ligt de Tweede Bestuursrapportage 2022 van de gemeente Utrecht. Met deze bestuursrapportage informeren wij u over de verwachte afwijkingen in de uitvoering van de beleidsvoornemens ten opzichte van de actuele Begroting 2022 met als peildatum 1 juli 2022. In deze bestuursrapportage geven wij per programma aan, welke afwijkingen wij verwachten voor 2022. De actuele ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld de effecten van de oorlog in Oekraïne en de prijsstijgingen worden hier apart uitgelicht. Ook de voortgang van het coalitieakkoord, de Bestedings- en dekkingsvoorstellen en de afwijkingen bij investeringsprojecten en de grondexploitaties van de gemeente Utrecht zijn in deze rapportage opgenomen.
De secretaris, Gabrielle G.H.M. Haanen
De burgemeester, Sharon A.M. Dijksma
3
Inhoudsopgave
Inleiding ............................................................................................................. 7 1. Budgettair majeure afwijkingen ................................................................... 11 1.1 Actuele ontwikkelingen per 1 juli 2022 ................................................................................... 11 1.2 Investeren in Utrecht voor het jaar 2022................................................................................ 20 1.3 Overige majeure ontwikkelingen ........................................................................................... 24 1.4 Voortgang bestedingen Bestedings- en dekkingsvoorstellen ...................................................... 30 1.5 Corresponderende posten .................................................................................................... 33
2. Budgettair neutrale bijsturingen .................................................................. 37 2.1 Bijsturingsvoorstellen .......................................................................................................... 37 2.2 Bijsturingsvoorstellen Investeringen ...................................................................................... 71
3. Peilstok Stedelijke Ontwikkeling .................................................................. 73 3.1 Actuele ontwikkelingen woningbouw ...................................................................................... 73 3.2 Grondexploitaties ............................................................................................................... 78 3.3 Investeringsimpuls Ruimtelijke Strategie Utrecht ..................................................................... 87
4. Bijlagen ........................................................................................................ 89 4.1 Rapportage op de Coronapakketten ....................................................................................... 89 4.2 Onderhanden werk ........................................................................................................... 105 4.3 Instellen reserve .............................................................................................................. 107
5
Inleiding Het jaar 2022 is een jaar met een ontwikkelingen met een grote impact voor onze gemeenten, maar ook maatschappelijk. Coronabeperkende maatregelen bij de start van dit jaar, de oorlog in Oekraïne en grote vluchtelingenstroom. Als gevolg van de oorlog stijgen de prijzen sterker en is het tekort aan (bouw)materiaal toegenomen, met als gevolg een sterk oplopende inflatie. Ook is er sprake van een krapte op de arbeidsmarkt waardoor vacatures minder snel worden ingevuld. Daardoor worden meer inhuurkrachten ingezet bij bijvoorbeeld juridische en ruimtelijke functies. Ook werkt dit door op de mate waarin we onze ambities kunnen realiseren. Deze ontwikkelingen laten zien dat de vastgestelde begroting niet meer actueel is. In deze bestuursrapportage is het effect van deze en andere ontwikkelingen op de uitvoering van de Begroting 2022 zowel beleidsmatig als financieel vertaald. Dit jaar hebben we voor het eerst ook de voortgang op het coalitieakkoord en de bestedings- en dekkingsvoorstellen opgenomen in de bestuursrapportage. Een deel van het verwachte resultaat over 2022 is ingezet bij de integrale afweging van middelen bij de Begroting 2023. Dit betreft het saldo van de eerste bestuursrapportage en het positieve resultaat van de meicirculaire 2022.
Het resterende saldo van 8,4 miljoen euro wordt zoals gebruikelijk betrokken bij de eerst volgende integrale afweging; de Voorjaarsnota 2023. Samenvattend financieel beeld 2022 Het voordelige resultaat van 8,4 miljoen euro wordt voor een groot deel verklaard door een viertal meevallers. De Tozo-regeling laat een voordeel zien van 2 miljoen euro, we hebben een hogere prijscompensatie ontvangen voor beschermd wonen (2,6 miljoen), de budgetoverheveling voor vervroegen onderhoudswerkzaamheden wegen komt te vervallen (1 miljoen euro) en is er een voordeel op het rente resultaat van 3,8 miljoen euro. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de financiële ontwikkelingen, die in de volgende hoofdstukken per programma worden toegelicht. Tabel: totaaltabel financieel beeld na tweede bestuursrapportage x € 1.000 Bedrag -181 -8.511
Hfst 1.1 1.2
Omschrijving Actuele ontwikkelingen Aanvullen van coalitieakkoord
1.3 1.4 1.5 2.1
Overige majeure ontwikkelingen Resultaat voortgang bestedings- en dekkingsvoorstellen Resultaat corresponderende posten Effect bijsturingsvoorstellen*
18.287 3.138 2.624 21.990
2.1 2.1
Bruto resultaat Tweede Bestuursrapportage 2022 Mutatie algemene dekkingreserve* Mutatie bestemmingsreserves*
37.347 -28.050 6.060
Netto resultaat Tweede Bestuursrapportage 2022 Financiële ruimte 1e bestuursrapportage 2022
15.357 22.606
Inzet financiële ruimte bij integrale afweging Begroting 2023
-29.537
Financiële ruimte na Tweede Bestuursrapportage 2022
8.426
* het saldo de bijsturingsvoorstellen worden via de reserve mutaties beschikbaar gesteld voor de volgende begrotingsjaren. Het saldo van deze drie onderdelen is daarom nul.
7
Hoofdlijn financiële ontwikkelingen Actuele ontwikkelingen De verwachte kosten voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen vallen hoger uit dan de huidige compensatieregelingen van het Rijk (nadeel 5,0 miljoen euro). Wij verwachten echter dat het Rijk de toezegging voor reële compensatie nakomt. Wij verwachten dat duidelijkheid hierover op een later moment komt. Ook compenseren we de begroting voor de huidige prijsstijgingen (nadeel 1,5 miljoen euro) en zijn de inschattingen van de kosten van corona bijgesteld (voordeel 4,7 miljoen euro). Aanvullen coalitieakkoord Een afspraak in het coalitieakkoord is om het weerstandsvermogen versneld naar de norm van 1,0 terug te brengen. Van het voordelige saldo uit de meicirculaire 2022 wordt 3 miljoen euro ingezet, aanvullend op de 5 miljoen euro uit het coalitieakkoord, om het ratio weerstandsvermogen terug te brengen op 1. Op een aantal onderdelen is de huidige capaciteit onvoldoende om de bestaande en nieuwe ambities te realiseren, daarom wordt de uitvoeringskracht versterkt. Dit betreft verstevigen van de overhead (1,3 miljoen euro) en het oplossen van het knelpunt in de uitvoeringskracht voor Dienstverlening en Openbare orde en veiligheid (1,9 miljoen euro). Het pakket voor Groei in Balans is geactualiseerd en uitgehard ten opzichte van het coalitieakkoord.
Daarmee zijn de bedragen die oorspronkelijk waren opgenomen voor 2022 geactualiseerd en deels doorgeschoven naar latere jaren. Dit leidt tot een nadeel in het resultaat van deze bestuursrapportage van 2,6 miljoen euro. Overige majeure ontwikkelingen De gemeente heeft bij de meicirculaire 14,7 miljoen euro aan extra middelen ontvangen (zie ook raadsbrief Meicirculaire 2022 van 5 juli 2022). Deze extra middelen komen voort uit de extra uitgaven die het Rijk heeft opgenomen in de Voorjaarsnota. Deze extra middelen maken onderdeel uit van de integrale afweging bij de Begroting 2023 (zie ook inzet financiële ruimte). Daarnaast hebben we een voordelig renteresultaat van 3,8 miljoen euro door onder andere negatieve rentes en lagere financieringsbehoefte. Wij verwachten dat het aantal bijstandsuitkeringen dat verstrekt wordt lager is dan waar eerder van uitgegaan is. De legesaanvragen omgevingsvergunning op grote bouwprojecten blijven achter bij de verwachting, dit geeft een nadeel van 1,5 miljoen. De overhead laat een overschrijding zien van 2,1 miljoen door met name extra inhuur voor ziekteverzuim. Voortgang bestedings- en dekkingsvoorstellen Een deel van de gereserveerde middelen voor de budgetoverheveling uit 2021 wordt niet besteed.
Dit betreft lagere uitvoeringskosten voor de TOZO (2 miljoen euro) en het vervroegd onderhoud aan wegen hoeft niet plaats te vinden als gevolg van opbreekwerkzaamheden (1,3 miljoen euro). Resultaat op de corresponderende posten (beschermd wonen) Daarnaast heeft de gemeente Utrecht een voordeel van 2,624 miljoen euro uit de corresponderende posten uit de meicirculaire. Dit saldo is het resultaat van de vrijval op Beschermd Wonen. De indexatie van de budgetten Beschermd Wonen voor 2022 is al toegepast op de budgetten voor de aanbieders, met uitzondering van de ophoging van de zorgsalarissen met 1,13%. Daarom kan een deel van de compensatie in de Algemene uitkering (2,6 miljoen euro) vrijvallen. Effect bijsturingsvoorstellen In het kader van beter begroten doen wij een groot aantal bijsturingsvoorstellen, zodat de begroting aansluit bij de actuele prognose. Naar verwachting leidt dit ook tot een kleiner verschil tussen begroting en jaarrekening. Een deel van de voorstellen heeft betrekking op het verhogen of verlagen van zowel de inkomsten als uitgaven, bijv. omdat een subsidie is toegekend.
8
Ook wordt voor in totaal 22 miljoen euro aan middelen doorgeschoven naar volgende jaren via de reserve mutaties. Op deze wijze worden incidentele budgetten aangepast naar de actuele ontwikkelingen. Aanleiding daarvoor zijn o.a. fasering van een project, vertraging in de uitvoering, krapte op de arbeidsmarkt of het verlengen van een maatregel. In het oog springende posten zijn: • Voor het programma Werk en Inkomen wordt voor 5,5 miljoen euro overgeheveld naar 2023 . Dit betreft TOZO uitvoeringskosten en impuls re-integratie bijstandsgerechtigden en motie 22022/M25 steun ondernemers vanuit de TONK (1,1 miljoen euro). •
•
Bij het programma Ondersteuning op maat wordt 11,7 miljoen doorgeschoven naar 2023 en latere jaren. Voor Living lab is 8,8 miljoen doorgeschoven omdat de wooninitiatieven pas in 2023 opgeleverd worden. De hoogte van de middelen voor aanpak dakloosheid is pas bekend geworden bij de meicirculaire waardoor 2,4 miljoen euro niet meer ingezet kon worden in 2022. Ook bij bereikbaarheid worden middelen doorgeschoven (2,3 miljoen euro) dit heeft onder andere betrekking op U-net en het mobiliteitsplan. In het programma UNED werken Rijk, provincie en gemeenten samen aan verstedelijkingsmaatregelen voor de regio Utrecht. In de Voorjaarsnota 2021 zijn hier incidentele middelen voor vrijgemaakt. Eén van de uitwerkingssporen is vertraagd waardoor de kosten niet volledig in 2022 worden gemaakt maar verspreid worden over de periode 2023-2026. Voor het mobilitietsplan is onder andere niet gelukt de mobiliteitskoers Overvecht uit te werken als gevolg van capaciteitsproblemen. Hierdoor verschuiven ook de uitwerkingen van de geplande gebiedsonderzoeken voor Vleuten de Meern en USP.
Mutaties reserves Een deel van de bijsturingsvoorstellen (zie boven) wordt overgeheveld naar volgende jaren. Technisch gezien wordt dit via reserves verwerkt. Het bedrag uit 2022 wordt toegevoegd aan de reserve en in de volgende jaren wordt het budget dat wordt ingezet onttrokken aan de reserve. Inzet financiële ruimte bij integrale afweging Begroting 2023 Regulier vindt de integrale afweging plaats bij de voorjaarsnota. In dit verkiezingsjaar is deze afweging doorgeschoven naar de coalitieonderhandelingen en Begroting 2023. Het saldo van de Eerste Bestuursrapportage 2022 en de meicirculaire 2022 zijn betrokken bij deze afweging. Het saldo van deze middelen, extra financiële ruimte minus extra inzet coalitieakkoord voor het jaar 2022, wordt daarom overgeheveld naar 2023 en verder als dekking voor de beleidskeuzes die gemaakt zijn. Dit sluit aan bij het advies uit de contourennota financieringssystematiek medeoverheden van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Peilstok De prognoses ten aanzien van de woningbouwproductie worden onzekerder als gevolg van de veranderende marktomstandigheden zoals stijgende bouwkosten en rente, schaarste aan bouwmaterialen, beschikbaarheid van aannemers en het tekort aan personeel (zowel in de voorbereidingsfasen als in de bouwfase). Ook de stikstofproblematiek speelt hierin een rol. We zien dan ook dat projecten vertragen.
Voor 2022 is de verwachting dat 1.000 woningen in aanbouw worden genomen. Ook is het risicoprofiel van met name de grondexploitatie Leidsche Rijn is toegenomen als gevolg van onder andere de stijgende bouwprijzen.
9
1. Budgettair majeure afwijkingen In dit hoofdstuk zijn de financiële ontwikkelingen opgenomen die van invloed zijn de op de financiële ruimte in het financieel beeld.
1.1 Actuele ontwikkelingen per 1 juli 2022 In dit hoofdstuk gaan we in op actuele ontwikkelingen met mogelijk een materiële impact op het financieel beeld, zoals de sterke prijsstijging van de (bouw- en energie) kosten en de opvang van Oekraïense vluchtelingen. In de Voorjaarsnota 2022 / Eerste Bestuursrapportage 2022 zijn deze toegelicht. In deze bestuursrapportage zijn deze ontwikkelingen geactualiseerd en zoveel mogelijk financieel vertaald. De financiële effecten zijn opgenomen in onderstaande tabel en zijn verwerkt in het financieel beeld. Tabel: totaaltabel actuele ontwikkelingen x € 1.000 Hoofdstuk
Omschrijving
Bedrag
1.1.1
Oekraïne
-3.355
1.1.2
Prijsstijgingen
-1.510
1.1.7
Corona
4.684
1.1.7.1
Onvermijdelijke kosten Corona
1.1.7.2
Coronamaatregelen
4.684 0
Totaal actuele ontwikkelingen
-181
1.1.1 Oekraïne Voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen heeft Utrecht een opdracht van het Rijk om 1.200 opvangplekken te realiseren. Afhankelijk van ontwikkelingen in Oekraïne kan deze opdracht wijzigen. In de eerste bestuursrapportage hebben we deze actualiteit/opdracht geschetst, maar nog niet financieel kunnen vertalen. Op basis van de huidige opdracht, de gerealiseerde plekken en aangegane verplichtingen wordt in deze tweede bestuursrapportage een inschatting gemaakt van de kosten en de compensatie van het Rijk. Het Rijk heeft toegezegd de kosten voor het realiseren van opvangplekken reëel te compenseren. De huidige compensatieregelingen laten voor Utrecht echter een tekort zien; de verwachte inkomsten zijn lager dan de kosten die wij maken. Het Rijk monitort of de compensatie toereikend is en wij verwachten daarom dat het tekort volledig door het Rijk wordt gecompenseerd. Samenvattend financieel overzicht Het overzicht van de kosten en de verwachte compensatie voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen is gemaakt op basis van de looptijd van de aangegane verplichtingen. Bij het publiceren van deze regelingen heeft het Rijk aangegeven dat gemeenten financiële verplichtingen van twaalf maanden uit mogen gaan. Tabel: samenvattend financieel overzicht Oekraïne x € 1.000 2022
2023*
Totaal
Totale inkomsten (compensatie van het rijk)
26.333
23.010
49.343
Totale kosten
-29.688
-24.682
-54.370
Tekort aan compensatie
-3.355
-1.672
-5.027
* in deze begroting enkel uit van het 1e en 2e kwartaal, de looptijd van de compensatieregelingen Rijk
11
Deze begroting laat over deze periode een tekort t/m juni 2023 zien van 5 miljoen euro (exclusief de PM posten). Het tekort komt voornamelijk doordat het normbedrag per gerealiseerde opvangplek ter compensatie voor gemeentelijke exploitatiekosten lager ligt dan onze werkelijke kosten. Algemene onzekerheden • De complexiteit neemt toe, en de beschikbaarheid van opvanglocaties neemt af: Opvanglocaties die nu onderzocht worden vragen dit een grotere investering en we moeten daarmee soms verplichtingen voor een langere termijn aangaan. Daarmee neemt de complexiteit en het risico toe. • Looptijd van de opdracht: om opvanglocaties te realiseren worden we in de praktijk gedwongen om financiële verplichtingen aan te gaan die langer duren dan de looptijd van de tot nu toe bekende compensatieregelingen. Op het moment dat de opdracht verandert, onderzoeken we of er andere doelgroepen in deze opvanglocaties opgevangen kunnen worden, met een eigen business case. Dat kan mogelijk een financieel nadeel betekenen voor de Gemeente Utrecht. Nadere toelichting op de inkomsten van het Rijk Er zijn verschillende compensatieregelingen om de kosten voor de opvang te vergoeden. Deze regeling loopt tot 1 oktober 2022 en wordt daarna omgezet in een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB). Het is nog onduidelijk tot wanneer deze opdracht en daarmee ook de bekostigingsregeling doorloopt.
Middels een kostprijsonderzoek onderzoekt het Rijk of deze compensatieregeling bijgesteld wordt. Hier verwachten we in het najaar 2022 meer duidelijkheid over. De werkelijke kosten die de Gemeente Utrecht gemaakt heeft ten behoeve van de eerste opvang in een Hub-functie (Jaarbeurs) kunnen volledig bij de Veiligheidsregio Utrecht gedeclareerd worden. Inschatting kosten opvang Oekraïense vluchtelingen Op basis van de huidige verplichtingen en contracten is een inschatting gemaakt van de kosten. Uiteraard betreft dit een prognose die nog aangepast kan worden waarbij de kosten zowel hoger als lager uit kunnen vallen. Dat is bijvoorbeeld afhankelijk van welke opvanglocaties in 2022 nog in gebruik genomen kunnen worden, in hoeverre opvanglocaties verzelfstandigd kunnen worden, of hoe uitvoeringskosten en de kosten voor sociaal beheer in de tijd afgebouwd kunnen worden. Daarnaast is het lastig om transitiekosten per pand te prognosticeren omdat elk pand een andere investering vraagt. Voor de transitiekosten is dat echter minder relevant omdat we daarvan de werkelijke kosten vergoed krijgen. De kosten voor Jeugdhulp en Wmo zijn nog niet inzichtelijk te maken. De kosten voor zorg, ondersteuning(wmo/jeugd) en onderwijs zijn nog niet of slechts deels meegenomen in deze rapportage. Hiervoor wordt nog een compensatieregeling ontwikkeld door het ministerie van VWS.
Deze compensatie zal in de decembercirculaire verwerkt worden. Het is nog onduidelijk hoe de extra middelen voor onderwijshuisvesting en leerlingenvervoer, verdeeld worden over gemeenten. Ook hiervoor geldt dat we er vanuit gaan dat ook deze kosten volledig door het Rijk gecompenseerd worden.
1.1.2 Prijsstijgingen Tabel: Compensatie stijgende prijzen x € 1.000 Omschrijving
2022
2022 + 2023 naar recent prijspeil (3 jaar gem)
-510
Na-ijl effect prijsstijging en inkooptaakstelling
-1.000
Energielasten Financiële ruimte
-1.510
Compensatie stijgende prijzen De prijzen van met name (bouw)materialen en energiekosten blijven stijgen. Daardoor loopt de inflatie voor 2022 flink op. Wij hebben de Begroting 2022 verhoogd om de stijgende energiekosten en een aantal specifieke onderdelen te compenseren (Voorjaarsnota 2022 en Eerste Bestuursrapportage 2022).
12
De inflatie werkt echter door op de gehele begroting. Daarom actualiseren we de indexering met deze actuele ontwikkeling. Daarbij hanteren wij onze werkwijze van een driejarig gemiddelde. In totaal wordt de begroting verhoogd met 1,51 miljoen euro. Hieronder staan de begrote en actuele indexcijfers voor 2022: Begroot Nieuw Materieel budget 2,05% 2,25% (IMOC) Subsidies 2,40% 2,45% (gewogen IMOC en loonkosten) Inkooptaakstelling In deze tijden met een sterk oplopende prijzen is het moeilijk om inkoopvoordelen te realiseren. Wij verwachten daarom dat de inkooptaakstelling van 1 miljoen euro niet wordt gerealiseerd.
1.1.3 Financiële onzekerheden Inkomsten uit gemeentefonds In de meicirculaire 2022 zijn de effecten van onder andere het regeerakkoord financieel vertaald. Een aantal onzekerheden, zoals genoemd in de Voorjaarsnota en Eerste Bestuursrapportage 2022 zijn daarmee vervallen. Zo is de herijking van het gemeentefonds vastgesteld en de extra korting voor Jeugdzorg komen te vervallen. Een aantal onzekerheden blijft bestaan, dit betreft: • Inkomsten gemeentefonds vanaf 2026: in het regeerakkoord is het gemeentefonds aanzienlijk gekort, vooruitlopend op de mogelijkheid van het vergroten van het lokale belastinggebied. Een nadere uitwerking van hoe dit kan worden gerealiseerd ontbreekt nog, daarmee blijft de onzekerheid bestaan. • De wijze van het verdelen van de Rijksfondsen over gemeenten, dit zijn fondsen voor onder andere woningbouw, volkshuisvesting, klimaat en ontsluiting nieuwe woningen. • Ook is nog geen aanvullende informatie bekend over de informatie over structurele middelen voor klimaatakkoord, de armoedebeleid, compensatie voor uitvoeringskosten Omgevingswet en WKB. Utrecht 900 Op dit moment is het de inschatting dat het beschikbare budget voor Utrecht 900 wordt overschreden. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door het hoge aantal subsidieaanvragen voor Utrecht 900 (meer dan 500).
Het overweldigende aantal aanvragen heeft ervoor gezorgd dat er extra kosten gemaakt moesten worden voor de beoordeling en afhandeling van de aanvragen. De verwachting is dat deze extra kosten opgevangen kunnen worden binnen het programma Bewoners en Bestuur.
1.1.4 Wijziging woonplaats beginsel jeugdzorg Sinds 2022 geldt een nieuw woonplaatsbeginsel voor jeugd. Dit houdt in dat, om vast te stellen welke gemeente (financieel) verantwoordelijk is voor een jeugdige, niet meer de verblijfplaats van de jeugdige geldt, maar het laatste woonadres. Utrechtse kinderen die buiten gemeente Utrecht op een verblijfslocatie verblijven, vallen dus per 1 januari onder verantwoordelijkheid van gemeente Utrecht. Niet-Utrechtse kinderen die op een verblijfslocatie zitten binnen gemeente Utrecht, vallen niet meer onder de financiële verantwoordelijkheid van gemeente Utrecht. Van het Rijk heeft de gemeente Utrecht 6 miljoen euro. gekregen om de extra kosten op te vangen. Deze zijn eerder al toegevoegd aan de begroting. De geprognosticeerde kosten blijken voor 2022 nu echter 7,7 miljoen euro en kunnen nog oplopen. Dit is onder andere te verklaren doordat de ‘nieuwe’ jeugdigen relatief duur zijn ten opzichte van de jeugdigen die nu niet meer onder onze verantwoordelijkheid vallen. Daarnaast valt op dat veel nieuwe jeugdigen naast verblijf ook ambulante vormen van zorg krijgen, wat extra kosten met zich meebrengt. Doordat we de essentiële functies redelijk ruim begroot hebben en de prognose positief is, verwachten we de kosten in 2022 op te kunnen vangen binnen de begroting.
Voor 2023 en verder is dit nog lastig in te schatten omdat de cijfers nog niet definitief zijn. Ook is er nog veel onduidelijk over de gevolgen voor 2023 en verder in het kader van de hervormingsagenda. In de Voorjaarsnota 2023 bekijken we de situatie opnieuw en maken we een inschatting voor de gevolgen van 2023 en verder.
1.1.5 Effect aanpassing interne rekenrente In de Voorjaarsnota 2022 is melding gemaakt van de interne renteverlaging van 2% naar 1,5% die vanaf 1 januari dit jaar is doorgevoerd. Wij informeren we u, zoals toegezegd, over de uitkomsten van het onderzoek naar de financiële effecten van deze verlaging.
13
Dat de aanpassing nog onderhanden is, komt vooral door de complexiteit van deze materie. De verlaging van de omslagrente naar 1,5% heeft als gevolg dat: 1. Het renteresultaat op concernniveau afneemt en 2. Dit renteverschil gecompenseerd wordt door een neerwaartse bijstelling van de kapitaallastenbudgetten. Hierbij wordt naast de tot 31 december 2021 gereed gemelde investeringen ook rekening gehouden met: • lopende c.q. toekomstige investeringen en • activa waarover in het rentebeleid specifieke afspraken gemaakt zijn. Tegenover deze verlaging staan lagere rentelasten op uitstaande leningen. De rentecorrectie is daarmee in de basis budgettair neutraal. Echter, bij activa die wij annuïtair afschrijven is er wel een nadelig budgettair effect voor de eerste jaren. Over de jaren heen gedurende de resterende looptijd is het effect neutraal. Wij stellen voor om het financiële effect op te vangen binnen de reguliere budgetten van de betreffende programma’s. In het onderstaande overzicht is het totale financiële effect weergegeven van het verlagen van de rekenrente naar 1,5%. Correctie kapitaallasten door verlaging interne rente x € 1.000 2022
2023
2024
2025
2026
Programma's
-7.092
-7.591
-7.959
-8.248
-8.348
Dekking Interne Rente
-7.092
-7.591
-7.959
-8.248
-8.348
Totaal Budgettair Effect
-
-
-
-
-
Correctie op afschrijvingen in programma
1.786
1.648
1.515
1.406
1.290
Dekking programma
1.786
1.648
1.515
1.406
1.290
Totaal Budgettair Effect
-
-
-
-
-
Totaal Budgettair Effect
-
-
-
-
-
Rente correctie
Afschrijvingen
De financiële vertaling naar de programma’s wordt in de 3e Begrotingswijziging opgenomen. Nadere toelichting annuïtair afschrijven Indien rentelasten dalen zullen de afschrijvingslasten gedurende de eerste jaren toenemen, daar er sprake is van jaarlijks gelijkblijvende kapitaallasten (rente en afschrijving). Als gevolg hiervan verschuiven de afschrijvingslasten over de jaren heen, maar blijven deze over de volledige looptijd wel budget neutraal. Bij lineaire afschrijvingen is de budgetaanpassingen budget neutraal. Bij lineaire afschrijvingen daalt de rente maar de afschrijvingslast blijft gelijk.
1.1.6 Overschrijding inhuurplafond In de eerste bestuursrapportage is aangekondigd dat eind 2022 een overschrijding van het vastgestelde inhuurplafond wordt verwacht. De afgegeven prognose voor de reguliere inhuurkosten kwam uit op 64,5 miljoen euro (zie Eerste Bestuursrapportage 2022). Op basis van de actuele ontwikkelingen zoals de steeds krapper wordende arbeidsmarkt, de toename van tijdelijke werkzaamheden (bijvoorbeeld voor de toeslagenaffaire, energietoeslag, wegwerken achterstanden bezwaar en de wet Open Overheid (WOO)) en het relatief hoge ziekteverzuim is deze prognose inmiddels vanuit de organisatieonderdelen naar boven bijgesteld met 1,7 miljoen euro (naar 66,2 miljoen euro). De komende maanden spant de organisatie zich echter in om de realisatie van de inhuurkosten te beperken tot het niveau uit de eerste bestuursrapportage Daarnaast zal ook inhuur plaatsvinden voor extra onvoorziene taken zoals de corona- en Oekraïne-crisis.
14
1.1.7 Corona 1.1.7.1 Onvermijdelijke kosten In de Programmabegroting 2022-2025 hebben we rekening gehouden met het effect van de corona pandemie. Eind 2021 laaide het virus weer op en werden de beperkende maatregelen weer van kracht. In het eerste kwartaal van 2022 zijn vervolgens alle maatregelen veel sneller afgeschaft dan verwacht. Het begrote scenario is toen aangescherpt en bij de eerste bestuursrapportage de prognose aangepast. Wij gaan er nu vanuit uit dat corona wel onder ons blijft, maar dat er geen beperkende maatregelen meer genomen worden. De financiële bijstelling wordt in dit hoofdstuk per programma uiteengezet en toegelicht. Tabel: onvermijdelijke kosten per programma
Omschrijving Totaal
x € 1.000 Geprogn. bij Geprogn. bij Verschil 1e en Begroting 1e berap 2022 2e berap 2022 2e berap 2022 2022 (A) (B) ( C) (C-B) -16.095
-21.165
-16.481
Verschil met Programmabegroting
4.684
386
In de Eerste Bestuursrapportage 2022 hebben we een inschatting gemaakt van de onvermijdelijke kosten op basis van scenario C. De inschatting was dat de kosten met 5,1 miljoen euro moesten worden bijgesteld. Dit is meegenomen in het actuele financiële beeld, maar de begroting is echter niet bijgesteld met deze inschatting. Bij deze tweede bestuursrapportage passen we de Programmabegroting 2022 aan met de huidige inschatting. Er is 0,4 miljoen euro extra benodigd om de onvermijdelijke kosten te dekken. De verwachte kosten voor 2022 zijn lager dan we bij de eerste bestuursrapportage hebben ingeschat (0,4 miljoen euro). De prognose voor het tweede half jaar is verlaagd, zo is het crisisteam afgeschaald, maar wel paraat en zijn de gederfde inkomsten lager. We verwachten we dat de boeggolf voor Jeugd en Wmo afvlakt en ook in 2023 nog merkbaar is. Dit budget wordt daarom overgeheveld naar 2023 (zie hoofdstuk 2.1 Bijsturingsvoorstellen). Hieronder is de bijstelling van de onvermijdelijke kosten per programma toegelicht. Tabel: onvermijdelijke kosten per programma
Omschrijving
x € 1.000 Geprogn. bij Geprogn. bij Verschil 1e en Begroting 1e berap 2022 2e berap 2022 2e berap 2022 2022 (A) (B) ( C) (C-B) -
-1.075
-375
700
-553
-400
-300
100
Bereikbaarheid
-720
-400
-1.678
-1.278
Openbare ruimte en groen Economie & werkgelegenheid voor iedereen
-585
-1.580
-1.471
109
-2.400
-700
-
700
-10.400
-12.100
-9.733
2.367
-
-1.075
-984
91
Bewoners en Bestuur Ruimtelijke ontwikkeling Wonen en Erfgoed Duurzamheid
Werk en Inkomen Onderwijs Ondersteuning op maat Volksgezondheid
15
Tabel: onvermijdelijke kosten per programma
Omschrijving
x € 1.000 Geprogn. bij Geprogn. bij Verschil 1e en Begroting 1e berap 2022 2e berap 2022 2e berap 2022 2022 (A) (B) ( C) (C-B) -
-1.465
-610
855
Algemene middelen
-978
-978
-718
260
Overhead
-459
-1.392
-612
780
-16.095
-21.165
-16.481
4.684
Veiligheid Cultuur Samenleven en Sport Utrechts vastgoed
Totaal
Bewoners en bestuur De knelpunten zijn bij de Voorjaarsnota 2022 en Eerste Bestuursrapportage 2022 grotendeels opgelost. Hierdoor is naar verwachting nog 0,375 miljoen euro nodig voor de onvermijdelijke kosten Corona. Ruimtelijke ontwikkeling, Wonen en Erfgoed Door een snellere beëindiging van de corona-maatregelen dan gepland is minder extra personele capaciteit nodig vanuit Toezicht en handhaving. Hierbij gaan we ervan uit dat in het 2e halfjaar geen extra inzet nodig is. Bereikbaarheid Inkomstenderving parkeren (nadeel 1,378 miljoen euro) Bij de actualisatie van de inkomstenderving parkeren in de eerste bestuursrapportage zijn we er vanuit gegaan dat de derving gecompenseerd wordt door het Rijk en daarom is het bedrag teruggebracht naar nul. De verwachting is nog steeds dat het Rijk op basis van de Jaarrekening 2022 de gederfde parkeerinkomsten volledig zal compenseren. Op basis van de realisatiecijfers tot en met juni en een geraamde omzet over de periode juli-december verwachten wij een negatief parkeerresultaat van -1,378 miljoen euro. In dit resultaat is geen rekening gehouden met eventuele beperkende (corona)maatregelen in de tweede helft van het jaar. Het verwachte parkeerresultaat van -1,378 miljoen euro is als volgt opgebouwd: • De werkelijke inkomstenderving kort parkeren op straat in het eerste kwartaal van het jaar bedraagt 0,5 miljoen euro.
Dit betreft de lockdown-periode. De inkomsten kort parkeren op straat zijn na het opheffen van de coronamaatregelen hersteld. • Bij het garageparkeren zijn de werkelijk gemiste opbrengsten tot en met juni 0,690 miljoen euro. Voor de periode juli-december verwachten wij een inkomstenderving van 0,188 miljoen euro. Coronacrisisteam in de openbare ruimte (voordeel 0,100 miljoen euro) De kosten zijn lager doordat de maatregelen en de inzet door het programmateam eerder zijn afgeschaald dan verwacht. Er is nog veel onzekerheid over het verdere verloop. In de prognose wordt rekening gehouden met de kosten van een beperkt programmateam en de uitvoering van een operationele evaluatie ter voorbereiding op het scenario dat het coronavirus weer oplaait. Openbare ruimte en groen Door een snellere beëindiging van de corona-maatregelen dan gepland is er minder extra personele capaciteit nodig vanuit Toezicht en Handhaving en is er geen inkomstenderving op de vergunningverlening van evenementen (voordeel 0,261 miljoen euro). De omzet van de markten blijft achter ten opzichte van de begroting (nadeel 0,084 miljoen euro). Dit als gevolg van het na-ijleffect van de coronapandemie. Het na-ijleffect heeft langer geduurd dan verwacht. De verwachting is dat vanaf 1 juni 2022 de omzet weer op het oude niveau zal uitkomen.
Hoger ziekteverzuim onder het eigen personeel als gevolg van de corona pandemie heeft ervoor gezorgd dat er meer gebruik is gemaakt van inhuurkrachten (nadeel 0,040 miljoen euro). Ondanks de versnelde versoepelingen was er meer personele inzet nodig voor Bedrijfsvoering voor veilig en gezond werken, informatiebeheer en beveiliging in verband met thuiswerken (nadeel 0,025 miljoen euro).
16
Werk en Inkomen We schalen de onvermijdelijke kosten voor armoede en schulden als gevolg van de coronacrisis verder af naar 0. De verwachte boeggolf van inwoners met schulden als gevolg van de crisis is uitgebleven. Ondersteuning op maat De ervaringen binnen versneld vernieuwen tot nu toe, leren ons dat partijen in de stad grote moeite hebben met de korte looptijd van de incidenteel beschikbare middelen. We zien dat het ontwikkelen en uitvoeren van voorstellen voor vernieuwing capaciteit en kwaliteit vraagt, zowel op inhoud als op de samenwerking. Partners geven aan dat het door corona en de huidige arbeidsmarkt al een hele uitdaging is om de reguliere inzet goed te kunnen leveren. Partijen willen innoveren, maar geven aan dat de looptijd van middelen vaak te kort is om tot structurele effecten te komen. Ook zien we dat de coronaeffecten nog steeds actueel zijn in de stad. De komende tijd financieren we vanuit versneld vernieuwen een aanjager ‘arbeidsmarkt sociaal domein’ binnen het programma Werk voor Iedereen, om met partners concrete stappen te zetten op het vinden en behouden van voldoende personeel. We stellen voor om een deel van de middelen voor 2022 vrij te laten vallen (2,367 miljoen euro).
Voor de middelen van 2023 stellen we voor de looptijd van de middelen uit versneld vernieuwen te verlengen en gelijk te trekken met de looptijd van de NPO-middelen (tot 31 juli 2025). De precieze verdeling is nu lastig in te schatten omdat de nadere regel nog niet gepubliceerd is. In de voorjaarsnota komen we hiervoor met een voorstel. Volksgezondheid Vanwege hoger verzuim is extra inhuur van medisch personeel nodig geweest om de werkzaamheden door te kunnen laten gaan (nadeel 0,025 miljoen euro). Het projectleiderschap van de werkgroep Vaccinaties Corona is gestopt (voordeel 0,040 miljoen euro), de groep is latent aanwezig. Het is nog onbekend wat er in najaar gebeurt. De crisisorganisatie corona is afgeschaald, waardoor ook minder personele capaciteit nodig is (voordeel 0,074 miljoen euro). Veiligheid De prognoses van de onvermijdelijke kosten voor een crisismanager, strategisch beleid en juridische inzet zijn opgesteld tijdens de lockdown van december 2021. Het beeld was toen minder rooskleurig dan nu waardoor de prognose neerwaarts kan worden bijgesteld (voordeel 0,495 miljoen euro). De lasten voor de inzet van het digitale lesprogramma Hackshield en de huur van tekstkarren vallen lager uit, mede door eigen aanschaf van tekstkarren (voordeel 0,100 miljoen euro).
Na de lockdown van begin 2022 is er een inhaalslag zichtbaar in de aanvraag van vergunningen, waardoor de verwachte legesopbrengsten op het niveau van de begroting uitkomen (voordeel 0,200 miljoen euro). Als laatste is er ook minder extra capaciteit nodig vanuit toezicht en handhaving (voordeel 0,060 miljoen euro). Algemene Middelen Voor heel 2022 komt de verwachting van de gemiste toeristenbelasting lager uit dan waarvan we eerder uitgingen (voordeel 0,260 miljoen euro). De bezettingsgraad van de hotels lag in de eerste maanden van 2022 nog veel lager. Vanaf april herstelde de markt zich echter sterk. Overhead De onvermijdelijke kosten voor het programma Overhead die gemeld zijn bij de eerste bestuursrapportage bedroegen 1,392 miljoen euro. Deze prognose is intussen met 0,780 miljoen euro naar beneden bijgesteld tot 0,612 miljoen euro. Dit verschil heeft diverse oorzaken. De belangrijkste zijn: • De ICT kosten voor digitale werkomgeving (VDI) zijn lager uitgevallen dan verwacht in verband met overgang naar Azure Virtual Desktop. • De extra schoonmaakkosten die verwacht waren in verband met Corona zijn lager uitgevallen dan geprognosticeerd. • De bezetting van het Corona communicatieteam is zo veel mogelijk afgebouwd in 2022, dan gepland was. Waardoor de kosten lager zijn uitgevallen.
17
1.1.7.2 Coronamaatregelen Als gevolg van de uitbraak van het coronavirus zijn bij de Programmabegroting 2021 vier maatregelenpakketten vastgesteld. Deze zijn gericht op noodsteun voor essentiële voorzieningen, bestaanszekerheid en werk voor Utrechters en extra toekomstbestendige investeringen in de grote transities (zorg, werk, wonen, groen, mobiliteit en energie). De pakketten zijn vastgesteld voor twee jaar, in de verwachting dat de maatregelen om de gevolgen van de crisis te bestrijden na een herstelfase niet meer nodig zijn. Zoals gepland sluiten we de pakketten eind 2022 af, want we houden er, net als het kabinet, rekening mee dat covid nog langere tijd blijft rondgaan, maar dat grootschalige beperkende maatregelen zoals lock downs waarschijnlijk niet meer nodig zijn. Toch zien we dat de stad nog niet over de hele linie is hersteld van de gevolgen van de coronacrisis. Zo zijn de culturele en andere essentiële voorzieningen de langdurige sluitingen nog niet te boven. Daarom stellen wij dit jaar een nieuwe subsidieregeling open. Ook voor de meest getroffen ondernemers zullen de gevolgen na-ijlen, bijvoorbeeld in de vorm van faillissementen. De extra dienstverlening voor deze groep (Ondernemer Centraal) willen wij daarom ook na 2022 in stand houden. Ten slotte worden de projecten in het investeringspakket in 2022 niet afgerond.
Het budget om deze projecten af te ronden moet beschikbaar blijven. Deze projecten dragen bij aan een duurzaam herstel door het versnellen van noodzakelijke aanpassingen op gebied van klimaat, energie, groener en gezonder maken van de stad; woningbouwprojecten voor alle doelgroepen en mobiliteitsoplossingen die woningbouw en werkgelegenheid mogelijk maken. Naast de continuering van de hiervoor genoemde elementen zijn dankzij de maatregelenpakketten verschillende nieuwe werkwijzen ontwikkeld die structureel worden voortgezet. Zo worden elementen van ‘Kansrijke start’, uit de arbeidsmarktaanpak en uit de dienstverlening aan bijstandsgerechtigden verankerd in het reguliere beleid. De geactualiseerde prognose laat zien, dat in 2022 de uitgaven ten laste van de bestemmingsreserve lager zullen zijn dan begroot. Daar zijn verschillende redenen voor. De uitgaven voor steun en herstel van essentiële voorzieningen kunnen wij bekostigen uit door het Rijk toegekende middelen. Maatregelen om bestaanszekerheid te versterken (pakket 2) zijn voor een belangrijk deel ingebed in de bestaande dienstverlening, bijvoorbeeld als het gaat om het voorkomen en oplossen van schulden. En de werkloosheid liep, tegen de verwachting in, niet op. Daardoor hebben we minder middelen in hoeven zetten voor bijvoorbeeld de begeleiding van werklozen (pakket 3).
Wel is de dienstverlening aan ondernemers (Ondernemer centraal) geïntensiveerd. In het investeringspakket zijn met het opleveren van de eerste deelprojecten in Noordwest, Overvecht, zuidwest concrete, voor de stad zichtbare, resultaten geboekt bij de transitie groen. Hiermee gaan we door in 2022 en 2023. Tabel: bestedingen maatregelenpakketten
Pakket
Besteding begroot 2022
Geprogn. besteding bij 1e berap 2022
Geprogn. besteding bij 2e berap
x € 1.000 Geprogn. onttrekking corona reserve
2022
31-12-2022
1. Essentiële voorzieningen
-6.001
-6.001
-6.001
0
2. Versterken bestaanszekerheid
-3.760
-3.269
-3.200
-2.381
3. Werken, opleiden en begeleiden
-5.788
-9.787
-6.185
-5.741
4. Investeren met maatschappelijk rendement
-9.690
-5.315
-4.720
-4.720
-25.239
-24.372
-20.106
-12.842
Toelichting afwijking geprognotiseerde besteding tweede bestuursrapportage en onttrekking Coronareserve: 1. Essentiële voorzieningen In 2022 vindt geen onttrekking aan de coronareserve plaats omdat de uitgaven in 2022 worden gedekt uit door het Rijk toegekende middelen
18
2.
3. 4.
Versterken bestaanszekerheid De verwachte onttrekking ligt lager dan de prognose van de bestedingen door de inzet van de rijksbijdrage van 0,819 miljoen euro voor gemeentelijk schuldenbeleid (compensatie corona) uit de septembercirculaire gemeentefonds 2021. Hierdoor is minder dekking uit de reserve nodig. Werken, opleiden en begeleiden Er wordt 0,4 miljoen euro minder onttrokken omdat dit ten laste van het restantbudget 2021. Investeren met maatschappelijk rendement Geen toelichting, want de besteding is gelijk aan de onttrekking
Wij stellen daarom voor het voor 2022 benodigde bedrag van maximaal 12,842 miljoen euro te onttrekken aan de bestemmingsreserve maatregelen corona. Dat betekent dat er nog een bedrag van 8,149 miljoen euro resteert, waarvan een groot deel nodig zal zijn voor het afronden van in gang gezette projecten en voor het voortzetten van maatregelen als Ondernemer Centraal. Wij zullen de bestemming van het restant van de bestemmingsreserve betrekken bij de Voorjaarsnota 2023. In bijlage 4.1 staan de rapportages per coronapakket met een beschouwing en uitvoerige stand van zaken op de verschillende maatregelen.
19
1.2 Investeren in Utrecht voor het jaar 2022 Op 1 juni van dit jaar verscheen het coalitieakkoord ‘Investeren in Utrecht: kiezen voor gelijke kansen, betaalbaar wonen en klimaat’. De financiële vertaling van dit akkoord voor het jaar 2022 is in de Eerste Bestuursrapportage 2022 toegevoegd aan de Begroting voor 2022. In dit hoofdstuk is de voortgang van het coalitieakkoord opgenomen. Dit jaar vindt bij de Begroting 2023 de integrale afweging van middelen plaats. Daarbij zijn aanvullend extra middelen gereserveerd om de realisatie van de ambities uit het coalitieakkoord mogelijk te maken. Ook hebben we rekening gehouden met de actuele ontwikkelingen en knelpunten en voortschrijdend inzicht bij de uitwerking van het coalitieakkoord. Een deel van deze aanvullingen is ook op 2022 van toepassing. Zo wordt de Begroting 2022 aanvullend geïndexeerd (zie hoofdstuk Actuele ontwikkelingen), het weerstandsvermogen extra aangevuld en extra middelen beschikbaar gesteld voor knelpunten in de uitvoeringskracht. Tabel: Financiële ontwikkelingen aanvullend op coalitieakkoord in Eerste Bestuursrapportage 2022 x € 1.000 Omschrijving
2022
Aanvullen weerstandsvermogen
-3.000
Aanvullingen op coalitieakkoord
-3.255
Voortgang coalitieakkoord
-2.256
Aanvullen coalitieakkoord
-8.511
1.2.1 Aanvullen weerstandsvermogen We brengen de ratio weerstandsvermogen zo snel mogelijk op één. In 2022 reserveerden we bij de Voorjaarsnota 2022 al vijf miljoen euro extra. De Meicirculaire 2022 leidt tot nog een meevaller en daarom wordt in deze Tweede Bestuursrapportage 2022 nog een keer 3 miljoen euro extra gereserveerd. Hiermee is de ratio weerstandsvermogen weer op één gebracht.
1.2.2 Aanvullingen coalitieakkoord Tabel: Aanvullingen op coalitieakkoord x € 1.000 Omschrijving
2022
Overhead - repareren overheadsystematiek
-1.311
Uitvoeringskracht Dienstverlening en Veiligheid
-1.944
Totaal coalitie akkoord
-3.255
Belangrijk uitgangspunt voor het coalitieakkoord is dat de uitvoering door de organisatie mee kan groeien met de stad en de ambities om in staat te zijn bestuurlijke besluiten goed uit te voeren, tot realisatie in de stad te komen en te borgen dat kwetsbare groepen niet in de knel komen doordat de uitvoering niet op orde is.Bij het nader uitwerken van het coalitieakkoord blijken een aantal randvoorwaarden om de ambities te realiseren niet of onvoldoende te zijn vertaald. Dit hebben we in de Begroting 2023 alsnog gedaan en stellen we voor om in 2022 extra middelen beschikbaar te stellen voor: Repareren overheadsystematiek De werking van het Overheadvierkant is niet consequent doorberekend over de onderdelen van het coalitieakkoord. Voorgesteld wordt de systematiek te repareren en het verschil aanvullend te begroten.
20
Uitvoeringskracht Dienstverlening en Veiligheid Om knelpunten in de uitvoering van dienstverlening en veiligheid op te lossen, worden structureel aanvullende middelen beschikbaar gesteld (zie Begroting 2023). In het coalitieakkoord zijn extra middelen toegekend die geleidelijk oplopen (ingroei). De gewenste inzet is echter direct benodigd om deze knelpunten op te lossen. Dit betreft taken op het gebied van acute openbare orde en wijkveiligheid en voldoende vaste capaciteit (in plaats van inhuur) voor de publieke dienstverlening. Daarvoor is een bedrag van 1,9 miljoen euro is benodigd. Het structureel benodigde extra budget loopt af naar 0,8 miljoen euro.
1.2.3 Voortgang bestedingen coalitie akkoord Op dinsdag 21 juni is een strekt ter vervanging van de Voorjaarsnota 2022 en Eerste Bestuursrapportage 2022 met een bijbehorend raadsvoorstel vastgesteld door het college en aangeboden aan de raad. Hierin zijn de uitgaven in het coalitieakkoord voor 2022 opgenomen. In deze Tweede Bestuursrapportage 2022 rapporteren we over de voortgang van de bestedingen in het kader van het coalitieakkoord. We lichten het verschil toe tussen het coalitieakkoord en de geprognosticeerde inkomsten/bestedingen. Daarnaast geven we aan welke bedragen vrijvallen en welke bedragen overgeheveld worden naar 2023 en later. De bedragen die vrijvallen en overgeheveld worden lichten we toe in dit hoofdstuk. De bedragen die overgeheveld worden, zijn ook opgenomen in het hoofdstuk 2.1 bijsturingsvoorstellen. Tabel: Voortgang bestedingen coalitieakkoord x € 1.000 Geprogn 1e Berap besteding 2022 (A) 2022 (B)
Omschrijving
Verschil Overhevelen (B-A) naar 2023
Vrijval
Extra aanvulling weerstandsvermogen in 2022
-5.000
-5.000
0
0
0
Beleidsprioriteiten
-6.367
-4.874
1.493
1.099
394
0
-2.650
-2.650
0
-2.650
-11.367 -12.524
-1.157
1.099
-2.256
Pakket Groei in Balans* Totaal Coalitieakkoord
* Bij de Begroting 2023 is het gehele pakket Groei in Balans geactualiseerd, ook voor 2022. De kosten en dekking zoals opgenomen in de 1e Bestuursrapportage zijn daarmee komen te vervallen. 1.2.3.1 Beleidsprioriteiten BELEIDSPRIORITEITEN Tabel: Beleidsprioriteiten per programma x € 1.000 Omschrijving
1e Berap 2022 (A)
Geprogn Verschil (B- Overhevelen besteding A) naar 2023 2022 (B)
Vrijval
Bewoners en Bestuur Ruimtelijke ontwikkeling Wonen en Erfgoed
-235
-235
-
-
-
-888
-694
194
-
194
Duurzamheid
-125
-125
-
-
-
Bereikbaarheid
-500
-400
100
100
-
Openbare ruimte en groen Economie & werkgelegenheid voor iedereen
-100
-100
-
-
-
-700
-
700
500
200
-190
-190
-
-
-
-1.930
-1.930
-
-
-
-874
-500
374
374
-
Werk en Inkomen Onderwijs Ondersteuning op maat Volksgezondheid Veiligheid
21
BELEIDSPRIORITEITEN Tabel: Beleidsprioriteiten per programma x € 1.000 Omschrijving
1e Berap 2022 (A)
Geprogn Verschil (B- Overhevelen besteding A) naar 2023 2022 (B)
Vrijval
Cultuur
-200
-200
-
-
-
Samenleven en Sport
-175
-50
125
125
-
Overhead
-450
-450
-
-
-
Totaal
-6.367
-4.874
1.493
1.099
394
Utrechts vastgoed Algemene middelen
Ruimtelijke ontwikkeling, Wonen en Erfgoed Vrijval Leegstandsaanpak Door krapte op de arbeidsmarkt zullen niet alle middelen ingezet worden in 2022. Vrijval Opkoopbescherming woningen Door krapte op de arbeidsmarkt en de ontwikkeling van een systeem van datagestuurd toezicht zullen niet alle middelen ingezet worden in 2022. Bereikbaarheid Overhevelen middelen laadinfrastructuur Binnen de Aanpak schoon vervoer zetten we in 2022 extra in op het realiseren van laadinfrastructuur (proceskosten toekennen laadpaal locaties). We verwachten dat hiermee 0,400 miljoen euro nog in 2022 wordt besteed. Het resterende deel van deze middelen (0,100 miljoen euro) zal in 2023 worden besteed aan de begeleiding van de laadconcessie en de voorbereiding van wijklocatieplannen voor laadpalen. Hiervoor is in hoofdstuk 2.1 een bijsturingsvoorstel opgenomen. Economie en Werkgelegenheid voor Iedereen Overhevelen middelen verdichting en verduurzaming bedrijventerreinen via OMU Om de gewenste 70.000 banen ruimtelijk te kunnen faciliteren in de stad is onder andere intensivering van bedrijventerreinen noodzakelijk. Met de Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht (OMU) treffen we momenteel de benodigde voorbereidingen om tot gezamenlijke projectontwikkeling over te gaan.
Onderdeel hiervan is het opstellen van een conceptovereenkomst, een modelsubsidiebeschikking, en een uitvoeringsovereenkomst met standaard voorwaarden die per project gehanteerd gaan worden. Daarnaast ontwikkelen we een kansenkaart met projecten waar in geïnvesteerd kan gaan worden. We zullen de tijd tot minimaal het einde van dit jaar hebben om deze voorbereidingen goed en volledig te doen. Er wordt extra capaciteit ingezet om dit mogelijk te maken. We stellen daarom voor middels een bijsturingsvoorstel in hoofdstuk 2.1 de extra middelen uit het Coalitieakkoord 2022 hiervoor door te schuiven naar 2023. Vrijval Impuls economische uitvoeringskracht Wij vinden het noodzakelijk om kennis en capaciteit structureel aan onze organisaties toe te voegen. Daarom kiezen we minimaal voor het uitzetten van tijdelijke klussen bij externen, en investeren we maximaal in het werven van structurele medewerkers. Hiervoor is een wervingscampagne opgezet, die direct na het zomerreces is gepubliceerd. Gezien de doorlooptijd van werving- en selectieprocedures, verwachten we hiermee per 2023 vacatures te vervullen. Het bedrag voor 2022 wordt niet besteed en valt vrij.
22
Veiligheid Doorschuiven budget focusgebieden ASW en Kanaalstraat/Damstraat Het voorstel is om het budget 2022 voor focusgebieden ASW en Kanaalstraat/Damstraat door te schuiven naar de jaren 2023-2026 ten behoeve van alliantievorming, bestrijding van ondermijning, fysieke aanwezigheid (onder andere pand ASW) en capaciteit gericht op specifieke problematiek (zie ook de toelichting in hoofdstuk 2.1). Samenleven en Sport Doorschuiven middelen bewustwording slavernijverleden In het coalitieakkoord is 0,175 miljoen euro beschikbaar gesteld voor het jaar 2022 om meer bewustwording te creëren over het slavernijverleden en de kennis over deze geschiedenis van de stad te vergroten. In 2023 vieren we dat de slavernij 150 jaar geleden is afgeschaft. We stellen middels een bijsturingsvoorstel in hoofdstuk 2.1 voor een deel van het budget (0,125 miljoen euro) over te hevelen naar 2023, zodat we de subsidieregeling ook in dit herdenkingsjaar kunnen voortzetten. 1.2.3.2 Groei in balans In het coalitieakkoord zijn de verwachte benodigde middelen voor het investeringspakket ‘Groeien in Balans’ opgenomen. Het pakket is geactualiseerd en uitgehard ten opzichte van het coalitieakkoord: we hebben de meest actuele uitvoeringsplanning opgenomen waarbij ook nog scherp is gekeken naar de fasering.
De versnellingsafspraken die gemaakt zijn met het Rijk hebben we verwerkt in het pakket en ook de dekking is geactualiseerd op basis van inhoudelijke keuzes in het coalitie akkoord. Daarmee zijn bedragen die oorspronkelijk waren opgenomen voor 2022 geactualiseerd en deels doorgeschoven naar latere jaren. In de Programmabegroting 2023 is het nieuwe overzicht ‘Groeien in Balans’ opgenomen voor de jaren 2023 t/m 2026. Voor het jaar 2022 betekent het dat de verwachte kosten voor het project MBO Nimeto en omgeving (1,5 miljoen euro) doorschuift naar 2023. De in het coalitieakkoord opgenomen exploitatielasten parkeervoorzieningen gekoppeld aan investeringen, schuiven ook naar achteren. Deze hebben betrekking op onder andere herstel Parkeergarage Berlijnplein in verband met lekkages en een te hoge luchtvochtigheid. De benodigde aanpassingen zijn nog in onderzoek en in het najaar 2022 verwachten wij de onderzoeksresultaten. Vandaar dat de benodigde middelen later nodig zijn. Ook de exploitatielasten voor fietsparkeren in verband met uitbreiding stallingscapaciteit is nog niet nodig in 2022. De geraamde bestedingen voor uitvoeringskracht (2,650 miljoen euro) is nagenoeg gelijk aan het coalitieakkoord.
23
1.3 Overige majeure ontwikkelingen In dit hoofdstuk laten wij per programma de majeure financiële afwijkingen zien die van invloed zijn op de financiële ruimte. Het betreffen financiële afwijkingen ten opzichte van de actuele begroting (waarin dus de besluitvorming over de Voorjaarsnota 2022 / Eerste Bestuursrapportage 2022 is verwerkt). In onderstaande paragrafen worden de afwijkingen per programma toegelicht. Tabel: overige majeure ontwikkelingen per programma
Omschrijving Bewoners en Bestuur
x € 1.000 verwacht Incidenteel/ rekeningresultaat structureel 300
I
-2.223
I
435
I
Openbare ruimte en groen
-175
I
Economie & werkgelegenheid voor iedereen
161
I
1.700
I
-
I
544
I
Ruimtelijke ontwikkeling Wonen en Erfgoed Duurzaamheid Bereikbaarheid
Werk en Inkomen Onderwijs Ondersteuning op maat Volksgezondheid Veiligheid Cultuur Samenleven en Sport
I 370
I
Algemene middelen
19.275
I
Overhead
-2.100
I
Totaal
18.287
Utrechts vastgoed
Bewoners en Bestuur Tabel: overige majeure ontwikkelingen Bewoners en Bestuur x € 1.000 Omschrijving
verwacht Incidenteel/ rekeningresultaat structureel
1.
Internationale- en bovengemeentelijke samenwerking
100
I
2.
Initiatievenfonds
200
I
Totaal
300
Toelichting 1. Voor internationale- en bovengemeentelijk samenwerking hebben projecten/evenementen tijdelijk stil gelegen in verband met de verkiezingen en nieuwe college. Dit leidt tot een incidenteel voordeel van 0,100 miljoen euro.
24
2.
Halverwege het jaar is het resultaat van het budget van het initiatievenfonds dat er een onderbesteding is van 0,396 miljoen euro. We verwachten de tweede helft van het jaar nog aanvragen voor het initiatievenfonds die ook in die periode nog uitgevoerd kunnen worden. Als er geen beperkingen zijn vanwege corona verwachten we een groot deel van het budget nog op te maken. We zijn bij het initiatievenfonds afhankelijk van inwoners en organisaties in de stad. Vanwege alle onzekerheid op dit moment over het tweede helft van het jaar hebben we in de prognose (ten opzichte van de huidige onderbesteding) voorzichtigheidshalve opgenomen dat we op een onderbesteding van 0,200 miljoen euro uitkomen.
Ruimtelijke ontwikkeling, wonen en Erfgoed Tabel: overige majeure ontwikkelingen Ruimtelijke ontwikkeling, wonen en Erfgoed x € 1.000 Omschrijving 1.
Regionale Uitvoeringsdienst (RUD)
2.
verwacht Incidenteel/ rekeningresultaat structureel 157
I
Kosten als gevolg van besluitvorming in handhavingsdossier en daarop volgende bezwaar- en (hoger)beroepsprocedures
-1.030
I
3.
Leges Omgevingsvergunningen
-1.500
I
4.
Inzet project Oekraïne
-150
I
5.
Vacatures toezicht en handhaving Bouw- en Woningtoezicht
300
I
Totaal
-2.223
Toelichting 1. De bijdrage aan de gemeenschappelijke regeling RUD valt voor 2021 lager uit door teruggave van het voordelig jaarrekening resultaat 2021 RUD en een latere start van de overdracht van aesttaken naar RUD (verwachting per 1-1-2023). 2. In de binnenstad speelt al geruime tijd een complexe handhavingssituatie. Aanleiding voor deze zaak zijn zorgen over veiligheid en gebrekkige staat van een pand en de gevolgen hiervan voor de omgeving. Deze casus heeft geleid tot een groot aantal juridische procedures tussen de betrokken eigenaar en de gemeente. Als gevolg van het niet tijdig beslissen op een deel van die zaken moeten we aan de eigenaar dwangsommen betalen. De precieze omvang van het bedrag dat hiermee gemoeid is hangt af van de uitkomst van de procedures. 3. De legesopbrengsten voor de grote bouwprojecten blijft achter ten opzichte van de begroting in verband met de doorwerking van de PFAS- en de stikstofcrisis uit 2020 en door schaarste aan personeel en materiaal. Daar komt recent nog bij de stijgende prijzen in de bouwsector. De wegvallende opbrengst wordt nauwelijks gecompenseerd door lagere lasten. De inzet voor vergunningverlening is nodig voor de afhandeling van de stijgende aanvragen voor kleine (niet kostendekkende) bouwprojecten (verbouwingen, dakkapellen en dergelijke).
Naar verwachting zal er vanwege deze oorzaken 1,5 miljoen euro minder aan legesopbrengsten omgevingsvergunningen worden ontvangen in 2022 dan begroot. 4. Voor de opvang van ontheemde Oekraïners wordt naar verwachting circa 0,150 miljoen euro aan kosten gemaakt. 5. Door krapte op de arbeidsmarkt zijn er binnen het toezichts- en handhavingsteam Bouw- en Woningtoezicht diverse vacatures, waardoor er een voordeel ontstaat op de salarislasten.
25
Duurzaamheid Tabel: overige majeure ontwikkelingen Duurzaamheid x € 1.000 verwacht rekeningresultaat
Incidenteel/
Bodemverontreiniging SPUKS
435
I
Totaal
435
Omschrijving 1.
structureel
Toelichting 1. Er is een specifieke uitkering ontvangen voor buitenproportionele opgaven (Lood, PFAS, niet genormeerde stoffen, lood speeltuinen) voor 0,1 miljoen euro. Daarnaast is voor nazorg Griftpark een specifieke uitkering ontvangen van 1 miljoen euro voor drie jaar (0,335 miljoen euro per jaar). Beide activiteiten waren in de huidige begroting opgenomen waarmee deze middelen kunnen vrijvallen.
Openbare ruimte en groen Tabel: overige majeure ontwikkelingen Openbare Ruimte en groen x € 1.000 Omschrijving
verwacht Incidenteel/ rekeningresultaat structureel
1.
Nieuwe aanbesteding standplaatsen
-75
I
2.
Achterblijven inkomsten reclameobjecten
-100
I
Totaal
-175
I
Toelichting 1. De standplaatsvergunningen en bijbehorende huurovereenkomsten eindigen na tien jaar van rechtswege op 31 december 2023. Conform de Europese Dienstenrichtlijn moet iedere geïnteresseerde ondernemer kunnen meedingen naar een standplaatsvergunning en moet er een nieuwe gunningsprocedure opgestart worden in 2022. Voor het openstellen van de procedure, inschrijven, het beoordelen van aanvragen (toetsen/selecteren), het formeel besluiten en bezwaar en beroep moeten eenmalige kosten worden gemaakt. 2. Door het (tijdelijk) weghalen van de reclame-objecten als gevolg van wegafsluitingen en/of opbrekingen en het (tijdelijk) vervallen van bushaltes door omlegging of opheffing van buslijnen, zijn deze bushaltes voor de reclame-exploitanten niet volledig exploitabel. Naar verwachting zal in 2022 de opbrengst uit reclame in de openbare ruimte 0,100 miljoen euro lager uitvallen.
Economie en Werkgelegenheid voor Iedereen Tabel: overige majeure ontwikkelingen Economie & werkgelegenheid voor iedereen x € 1.000 Omschrijving 1.
verwacht Incidenteel/ rekeningresultaat structureel
Risicoafdekking Rijksmiddelen regeling coronatoegangsbewijs (CTB)
161
Totaal
161
Toelichting 1. De subsidieregeling Coronatoegangsbewijs is in maart en april 2022 uitgevoerd. Ondernemers zijn met 0,5 miljoen euro geholpen met een tegemoetkoming voor de kosten rondom het coronatoegangsbewijs. Dit betekent dat van de gereserveerde middelen 0,161 miljoen euro niet is besteed, en hiervoor de risicoreservering niet langer nodig is.
26
I
Werk en Inkomen Tabel: overige majeure ontwikkelingen Werk en Inkomen x € 1.000 Omschrijving 1.
Re-integratie
2.
verwacht Incidenteel/ rekeningresultaat structureel 500
I
Verstrekken bijstand
1.200
I
Totaal
1.700
Toelichting 1. We verwachten voor 2022 een resultaat van 0,5 miljoen euro. Tegelijkertijd is een prognose voor reintegratie relatief onzeker doordat de benutting afhangt van de instroom in de bijstand en de reintegratiebehoefte in de rest van het jaar. Ook zijn incidentele budgetten beschikbaar waarbij de uitvoering regionaal plaatsvindt, zoals de regionale aanpak jeugdwerkloosheid. 2. Het bijstandsbestand is tussen 1 januari 2022 en 30 juni 2022 gedaald van 9.360 naar circa 9.200 huishoudens. Op basis van het Centraal Economisch Plan 2022 van het CPB verwachten we eind 2022 uit te komen op 8.950 huishoudens, dat is lager dan eerdere ramingen. Het effect van de inflatie en de situatie in Oekraïne op het aantal bijstandshuishoudens is dit moment nog niet bekend. Het nader voorlopig BUIG budget 2022 bedraagt voor Utrecht 141,8 miljoen euro. In oktober 2022 wordt het definitief BUIG budget 2022 gepubliceerd. De uitkeringslasten hangen af van het aantal ontvangers en schatten we tussen de 146,9 miljoen euro en 148,8 miljoen euro. We verwachten per saldo een positief resultaat van 1,2 miljoen euro.
Veiligheid Tabel: overige majeure ontwikkelingen Veiligheid x € 1.000 Omschrijving
verwacht Incidenteel/ rekeningresultaat structureel
1.
Terugbetaling Veiligheidsregio Utrecht
144
I
2.
Vacatures toezicht en handhaving Bijzondere Wetten
400
I
Totaal
544
I
Toelichting 1. De Jaarrekening 2021 van de Veiligheidsregio Utrecht laat een voordelig rekeningresultaat zien. Een deel van het resultaat wordt in 2022 uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten. Voor de gemeente Utrecht betekent dit een incidenteel voordeel van 0,744 miljoen euro. Het voorstel is om van dit voordeel 0,6 miljoen euro (0,150 miljoen euro per jaar) tussen 2023 en 2026 in te zetten voor straatintimidatie (een prioriteit zonder middelen uit het Coalitieakkoord). Zie hoofdstuk 2. Budgettair neutrale bijsturingen. 2. Door krapte op de arbeidsmarkt zijn er binnen het toezichts- en handhavingsteam Bijzondere Wetten (Horeca en Prostitutie) diverse vacatures, waardoor er een voordeel ontstaat op de salarislasten.