Totaalbestand Beantwoording Schriftelijke raadsvragen Programmabegroting 2025
Tekst van het document
Dit zorgt ervoor dat er geen éénduidig antwoord te geven is op het bereik van de clientervaringsonderzoeken. - Individuele begeleiding: 6,5% - Thuisbegeleiding 22% - Arbeidsmatige Activering: 21% - Hulpmiddelen: 6,6% - Buurtteam: 1,8% (dit was in 2022 nog 4%, daarom maken met het buurtteam afspraken in hun jaarplan hierover) - hulp bij huishouden: In verband met de nieuwe aanbesteding is er bij hulp bij het huishouden in 2023 nog geen gebruik gemaakt van Ervaringwijzer. In 2024 is hiermee gestart. De aanbieders hebben wel zelf cliënttevredenheidsonderzoeken uitgevoerd. - maatschappelijke opvang en beschermd wonen 7,5% - Geweld in afhankelijkheidsrelaties: 5% Een kanttekening is wel dat er veel cliënten in een langdurig traject zitten waardoor het kan zijn dat zij in een eerder jaar wel de ervaringwijzer hebben ingevuld.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 42 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Linda Voortman; Rachel Streefland; Programmabegroting 2025 Passende ondersteuning en opvang Doelstelling 1: Passende basiszorg
Verbijzondering/context
GGDrU heeft het mandaat voor kwaliteitstoezicht ook een mandaat om toezicht op calamiteiten te houden
122
Heeft relatie met vraag Vraag
Wat houdt dit precies in?
Antwoord: Incidenten- en calamiteitentoezicht houdt in dat de GGD, op het moment dat er een incident of calamiteit wordt gemeld, bevoegd is om de aard van dit incident te onderzoeken, de betrokken zorgverlener / -instelling te bevragen en maatregelen op te leggen indien nodig om de kwaliteit van zorg in de toekomst te waarborgen. Kwaliteitstoezicht houdt in dat de GGD gemandateerd is om signaal- of proactief toezicht te houden naar de kwaliteit van de Wmo-ondersteuning.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 43 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Linda Voortman; Rachel Streefland; Programmabegroting 2025 Passende ondersteuning en opvang Doelstelling 2: Passende aanvullende zorg
Verbijzondering/context
Onder het kopje beschikbaarheid: er wordt niet genoemd dat er rekening wordt gehouden met demografische ontwikkeling. 28, 29
Heeft relatie met vraag Vraag
125
Wordt dit wel gehouden? kijkend naar migratiestromingen en vergrijzing? Zo nee, waarom niet?
Antwoord: In de financiële prognose is de demografische ontwikkeling zoveel mogelijk meegenomen, al blijft dit een voorspelling en een momentopname. Veranderingen in landelijk beleid (o.a. IZA, rechten van Euarbeidsmigranten) , maar ook mogelijke andere maatschappelijke ontwikkelingen (o.a. vergrijzing ), kunnen hier nog steeds veranderingen in aanbrengen. Wij volgen daarom de ontwikkelingen nauwlettend en leggen in de P&C cyclus besluiten bij de raad voor indien nodig. Wat betreft de tabellen bij het bereik (aantal mensen in zorg) kunnen we deze op dit moment nog niet nauwkeurig genoeg, per zorgvorm, visueel weergeven. De voorspellingslijn is gemaakt op basis van het verleden waarin ook sprake was van demografische ontwikkelingen. Hierdoor kunnen we voor de korte termijn redelijk voorspellen op basis van de ontwikkelingen van afgelopen jaren. Op de langere termijn is dit echter minder goed mogelijk, omdat lastig te bepalen is in hoeverre er extra gecorrigeerd moet worden voor demografie en hoe sterk dat effect exact moet zijn bij elke zorgvorm. In de grafieken werken we daarom met een voorspelling op basis van het verleden met een prognosepluim waarmee wordt aangegeven dat de voorspelling op lange termijn steeds onzekerder wordt.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 44 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Linda Voortman; Rachel Streefland; Programmabegroting 2025 Passende ondersteuning en opvang Doelstelling 2: Passende aanvullende zorg
Verbijzondering/context
Onder het kopje effectindicaten staat genoemd dat er gesprekken zijn met partners
124
Heeft relatie met vraag Vraag
Op welke frequentie worden deze gehouden? En worden er ook gesprekken met inwoners georganiseerd?
Antwoord: Dit verschilt per partner, afhankelijk van de grootte en aard van de diensten maar ook op basis van wat er speelt. We voeren minimaal drie 1-op-1 "tertaalgesprekken" per jaar met onze aanbieders waarin de officiele zaken zoals de ontwikkelingen in de vraag, de wachtlijsten, de financiële situatie en de kwaliteit worden besproken. Er zijn ook grote partners in de stad we die we maandelijks spreken, 1 op 1 of in groepsverband. Daarnaast is er jaarlijks één overleg met alle aanbieders van dezelfde zorgvorm bij elkaar om van elkaar te leren. In periodes van verlengingen, aanbestedingen en nieuwe beleidsontwikkelingen loopt het aantal gesprekken op ten behoeve van de benodigde afstemming. We hebben daarnaast doorlopend verschillende gesprekken met inwoners in georganiseerd verband zoals de Wmo-cliëntenraad, Stichting Goud, De Achterkant, Rechtop Solgu, U-op leeftijd etc. Rondom het schrijven van beleidsstukken en uitvoeringsplannen worden daarnaast ook altijd gesprekken met inwoners georganiseerd, dit vindt uw raad altijd terug in de paragraaf participatie.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 45 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Linda Voortman; Rachel Streefland; Programmabegroting 2025 Passende ondersteuning en opvang Doelstelling 2: Passende aanvullende zorg
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Onder hervormingen wordt de waakvlamfunctie genoemd.
Vraag
Hoe wordt deze precies ingezet? zijn daar richtlijnen voor?
126
Antwoord: De waakvlamfunctie wordt nog uitgewerkt. Kern van het idee is dat inwoners die nu voor bijvoorbeeld 90% van de tijd met behulp van hun omgeving verder zouden kunnen nog wel een beroep kunnen doen op een professional aanvullende zorg op het moment dat dit nodig is, bijvoorbeeld bij een terugval. Door afspraken te maken over een waakvlamfunctie hoeft er niet onnodig voltijdsondersteuning in stand te worden gehouden voor enkele gebeurtenissen of een risico op terugval. Er kan worden afgeschaald wanneer dat passend is en snel, zonder wachtlijst, weer worden opgeschaald of even ingesprongen worden wanneer nodig. Dit moet eraan bijdragen dat de zorgcapaciteit ingezet kan worden voor de meest kwetsbare inwoners.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 46 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Dennis de Vries; ; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Overzicht
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Lasten voor aanbieders die clienten voorzien van specialistische zorg.
Vraag
Deze kosten vallen op 90 miljoen euro, wij vinden dit een groot bedrag, waardoor is dit bedrag zo hoog in vergelijking met de andere lasten?
159
Antwoord: Het gaat hier om daadwerkelijke zorgkosten specialistische jeugdhulp. Dit is de grootste kostenpost binnen de jeugdhulp. Utrecht is hierin niet uniek, dit is in lijn met de landelijke verhouding. Specialistische jeugdhulp is een dure vorm van zorg door de intensiteit van de jeugdhulp en de kosten van locaties bij verblijf zoals gezinshuizen.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 47 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Eelco Eerenberg; ; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Overzicht
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
De mutaties reserves zijn 2.7 miljoen van de activa reserve
Vraag
is dit 2.7 miljoen op de totale 10 miljoen van de activa reserve?
159
Antwoord: De gerefereerde € 2,7 miljoen en de totale € 10 miljoen hebben geen directe relatie met elkaar op de doelstelling Onderwijshuisvesting. Bij de Voorjaarsnota 2024 is er op meerdere doelstellingen een vrijval geweest van de vaste activa reserve. (p.34 Voorjaarnota 2024) De activareserve dient ter dekking van de kapitaallasten van de investeringen. Bij een vrijval van de vaste activa reserve moet de structurele dekking voor de investeringen worden verhoogd. In de Programmabegroting 2025 staat echter nog ten onrechte de € 2,7 mln. aan onttrekking van de vaste activa reserve. Het bovengenoemde effect van de Voorjaarsnota 2024 is niet juist verwerkt. Deze omissie zal in de Eindejaarswijziging 2024 worden gecorrigeerd.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 48 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Eelco Eerenberg; ; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Doelstelling 1: Eigen pad in het onderwijs
Verbijzondering/context
Bij effectindicatoren wordt percentage niet vervulde vacatures in het primaire onderwijs genoemd
161
Heeft relatie met vraag Vraag
Waarom niet in het VO?
Antwoord: Op het moment van opstellen van de programmabegroting beschikten we nog niet over meetbare gegevens uit het voortgezet onderwijs. Per december beschikken we wel over deze gegevens (gemeten in opdracht van het ministerie van OCW). We zullen de raad informeren over de uitkomsten. Daarnaast onderzoeken we of de effectindicator aangepast kan worden naar het percentage vacatures in het primair én voortgezet onderwijs.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 49 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Dennis de Vries; Eelco Eerenberg; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Doelstelling 1: Eigen pad in het onderwijs
Verbijzondering/context
Bij activiteiten die we blijven doen wordt waardering vakmanschap genoemd en mbo uitvoerinsgplan 2023-2026
162
Heeft relatie met vraag Vraag
Hoe wordt praktijkonderwijs hier bij betrokken?
Antwoord: Het praktijkonderwijs is in deze aanpak niet betrokken. We werken in het mbo-uitvoeringsplan samen met de vier Utrechtse mbo-instellingen en richten ons op de positie van de mbo-studenten. Echter, met de inspanningen vanuit deze samenwerking hopen wij op langere termijn positieve impact te maken op de waardering en positie van ál onze vakmensen, dus ook degene die bijvoorbeeld in het praktijkonderwijs of het hbo zijn opgeleid.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 50 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Eelco Eerenberg; ; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Doelstelling 1: Eigen pad in het onderwijs
Verbijzondering/context
Bij activiteiten die we blijven doen/anders doen wordt de onderwijsimpulsregeling genoemd. er is nu minder/geen geld voor innovatie en aansluiting PO/VO
163
Heeft relatie met vraag Vraag
Wordt er bijgehouden wat de leerresultaten zijn van de leerlingen die door de stop op deze subsidie uit de brede brugklas moeten treden en welk effect dat heeft op de kinderen. Zo ja, hoe?
Antwoord: Nee, de leerresultaten worden niet bijgehouden, omdat de gemeente geen subsidie verstrekt voor een brede brugklas. De subsidie onderwijsimpuls is een projectsubsidie en geen brede brugklas subsidie. De bedoeling van de projectsubsidie is dat scholen een impuls kunnen geven aan een ontwikkeling en deze daarna op eigen kracht kunnen voortzetten. Het stoppen met de subsidie onderwijsimpuls heeft geen effect op leerlingen in brede brugklassen. Wel op de ontwikkelkracht van schoolteams.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 51 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Eelco Eerenberg; ; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Doelstelling 2: Huisvesting scholen
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Over effectindicatoren;
Vraag
percentage groene schoolpleinen staan niet als indicator opgenomen. waarom is dat?
165
Antwoord: Toen de effectindicatoren werden bepaald, was de "Nadere regel speelplaatsen van scholen" nog niet ingegaan. Omdat het belangrijk is om uit te gaan van een nulpunt, is deze niet tussentijds toegevoegd.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 52 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Eelco Eerenberg; Dennis de Vries; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Doelstelling 3: Versterken veerkracht
Verbijzondering/context
Bij nieuwe acticiteiten in het begrotingsjaar staat; we verkennen met partners hoe professionals flexibeler kunnen worden ingezet op basis van vaardigheden en bekwaamheid
168
Heeft relatie met vraag Vraag
Wat is hier het verwachte effect van en hoe wordt dat gemeten?
Antwoord: We verwachten dat dit kan bijdragen aan het verminderen van het personeelstekort in de BSO plus, zodat er meer kinderen terecht kunnen in de BSO plus. Momenteel zijn er wel plekken, maar is er door personeelstekort bij een aantal partners niet op alle dagen BSO plus mogelijk. In 2025 gaan we dit met partners doorontwikkelen (welke kwaliteiten en vaardigheden zijn nodig), monitoren (aan de hand van tools) en waar nodig bijsturen. Bij de verantwoording 2025 informeren wij de raad hierover.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 53 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Dennis de Vries; ; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Doelstelling 4: Buurtteams
Verbijzondering/context
onder het kopje kwaliteit wordt verwezen naar de ingevulde ervaringswijzer 51
Heeft relatie met vraag Vraag
171
Over het algemeen vult een laag percentage inwoners deze ervaringswijzer in. Hoe wordt daarmee omgegaan en is dat dan een eerlijke indicatie?
Antwoord: Het invullen van ervaringswijzer gebeurt op basis van vrijwilligheid. Een beperkt percentage van de inwoners die basishulp heeft ontvangen van het buurtteam vult de ervaringswijzer in. In overleg met het buurtteam kijken we op welke wijze we de respons kunnen verhogen. Op dit moment zien wij geen betere mogelijkheid voor een andere manier van meten. Daarnaast benutten we klachten (zowel officiële als informele), incidenten bij cliënten, datalekken, uitval (voortijdige beeindiging van een traject) en calamiteiten (gemeld bij Inspectie) om een beter beeld te krijgen van de kwaliteit van de jeugdhulp.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 54 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Dennis de Vries; ; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Doelstelling 4: Buurtteams
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Activiteiten die we blijven/anders doen
Vraag
De rol van de EVU wordt niet genoemd. Speelt deze nog een rol?
171
Antwoord: Het toekomstscenario kind en gezinsbescherming wordt in Utrecht uitgevoerd in de samenwerking van buurtteams en het EVU. Er zijn 2 teams in de wijken Leidsche Rijn en Overvecht. Het rijk en de VNG (opdrachtgevers) nemen op 18 oktober een eerste stap in de besluitvorming. Daarna volgt besluitvorming door kabinet en debat in de Tweede Kamer, we informeren de raad Q3 2025 over de uitkomsten (of eerder zodra besluit bekend is). Het toekomstscenario staat niet in het regeerprogramma van het nieuwe kabinet en er is geen geld voor gereserveerd door het rijk. Daarom heeft wethouder De Vries met de wethouders van Amsterdam en Foodvalley een brief geschreven.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 55 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Dennis de Vries; ; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Doelstelling 5: Specialistische jeugdhulp
Verbijzondering/context
onder het kopje: activiteiten die we blijven/anders doen wordt jeugdzorg+ genoemd.
174
Heeft relatie met vraag Vraag
Het lijkt alsof hier geen budget aan gekoppeld is. Klopt dat? en zo ja, hoe wordt dat dan gedaan?
Antwoord: Het ontwikkelen van alternatief zorgaabod voor de Jeugdzorg+ wordt volledig gedekt door een specifieke uitkering (SPUK) van het rijk die in Q4 2024 verstrekt wordt en is hierdoor niet zichtbaar in de begroting.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 56 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Dennis de Vries; ; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Doelstelling 6: Jeugdbescherming
Verbijzondering/context
BIj nieuwe activiteiten in het begrotingsjaar staat: start van het een jarig subsidiecontract
176
Heeft relatie met vraag Vraag
Welke partij verleend deze subsidie? hoe worden effecten in dit ene jaar gemeten?
Antwoord: Deze subsidie wordt verleend door de 26 samenwerkende gemeenten in de provincie Utrecht. Het CBS houdt halfjaarlijks de cijfers bij van Veilig Thuis en de Gecertificeerde Instellingen. Dat gebeurt ook in 2025 voor Utrecht. Het effect van de inzet voor huiselijk geweld en kindermishandeling en de inzet voor jeugdbescherming en jeugdcriminaliteit wordt landelijk ‘gemeten’ door langdurige en onafhankelijke onderzoeksprogramma’s uitgevoerd door het Verwey Jonker Instituut en het WODC.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 57 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Dennis de Vries; ; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Doelstelling 6: Jeugdbescherming
Verbijzondering/context
Bij activiteiten die we blijven of anders doen wordt genoemd; eenjarige subsidie 2025 aan samen veilig midden nederland volgen we het koersprogramma 'samen doen wat werkt' wat voortbouwt op het veranderprogramma
177
Heeft relatie met vraag Vraag
Wat merken inwoners hiervan?
Antwoord: ‘Samen doen wat helpt’ is een interne veranderbeweging van Samen Veilig Midden Nederland. De belangrijkste doelstelling is om de jeugdige en het gezin meer centraal te stellen in het dagelijks werk en in het functioneren van de organisatie. SVMN heeft begin 2024 voor het laatst gerapporteerd over de voortgang, daarover is de raad geïnformeerd. Concrete voorbeelden van wat is gerealiseerd: inzet van cliëntenpanel en cliëntambassadeurs om de feedback van (voormalige) cliënten een plek te geven in de organisatie, caseloadverlichting om werkdruk te verlagen, verbeteren kwaliteit van de ondersteuning van cliënten en aansluiten van ervaringsdeskundigen bij casuïstiekbesprekingen. De precieze impact op inwoners is niet bekend.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 58 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
volt Dennis de Vries; ; Programmabegroting 2025 Kansrijk opgroeien Risico's
Verbijzondering/context
Bij risico's wordt genoemd dat de gemeente beperkte invloed heeft op wat ouders en andere inwoners voor elkaar doen wat voor de maatschappelijk norm als normaal wordt gezien. met als maatregel: we kijken scherper naar de grenzen van de jeugdwet
179
Heeft relatie met vraag Vraag
Waarom wordt dit nu gedaan en niet al eerder?
Antwoord: Normaliseren en benutten van eigen kracht van gezinnen was al een belangrijk uitgangspunt in de Jeugdwet en ons beleid in afgelopen jaren en zal dat onverminderd blijven. Het past in onze visie op de transformatie van jeugdhulp en zal komende jaren ook nodig blijven om jeugdhulp beschikbaar te houden voor kinderen en gezinnen die dat nodig hebben. In afgelopen jaren heeft Utrecht fors geïnvesteerd in sterke buurtteams die goed vindbaar zijn voor gezinnen met vragen over opgroeien en opvoeden. We zien nu dat dit leidt tot een relatief laag beroep op aanvullende jeugdhulp (succes) maar ook dat de vindbaarheid van het buurtteam zo goed is zij soms vragen krijgt die door ouders zelf of in de pedagogische basis kunnen worden beantwoord. We investeren daarom in vindbaarheid van voorzieningen in de pedagogische basis zoals de jeugdgezondheidszorg, Dock, JoU en vrijwilligersorganisatie om zo het beroep op jeugdhulp te verminderen. Daarnaast blijven we samen met partners werken aan het verduidelijken van de overgang van 18naar 18+ en het tijdig en goed benutten van financiering vanuit de WLZ.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 59 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Linda Voortman; Eva Oosters; Eelco Eerenberg Programmabegroting 2025 Levendige en gezonde stad Doelstelling 5: Op eigen manier en niveau sporten
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Zwemactiviteiten en zwemlessen 81
Vraag
Kunnen zwemlessen van het U-pas budget worden afgeschreven? zit een limiet aan het budget wat hieraan uitgegeven kan worden?
201
Antwoord: Het U-pas budget kan worden gebruikt voor zwemlessen, zowel voor kinderen als voor volwassenen. Er zit geen limiet aan het budget om aan zwemlessen uit te geven. U-pas houders kunnen de U-pas gebruiken voor het betalen voor lessen, zolang zij nog voldoende budget op hun U-pas hebben staan. De totale kosten voor een diploma zijn op voorhand niet altijd duidelijk, omdat dit afhangt van het totaal aantal lessen dat nodig is om het diploma te halen. In het kader van zwemveiligheid en met de kennis dat kosten voor zwemles hoog kunnen oplopen, bieden we als gemeente voor kinderen extra mogelijkheden aan om een A diploma te halen. Zo kunnen kinderen via schoolzwemmen hun diploma halen. Voor de kinderen tussen de 5 en 17 jaar die wel recht hebben op een U-pas maar geen schoolzwemmen op school hebben, is er de mogelijkheid om gebruik te maken van het zwemlespakket [HYPERLINK] om een A diploma te halen bij gemeentelijke zwembaden. Wij adviseren – via de U-pas, de zwembaden en andere partijen in de stad - om voor het zwemdiploma A gebruik te maken van het schoolzwemmen of het zwemlespakket, zodat het U-pas voor andere doeleinden kan worden gebruikt.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 60 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Lot van Hooijdonk; ; Programmabegroting 2025 Klimaatvriendelijke stad Doelstelling 1: Energieverbruik
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
We Intensivering de aanpak VvE's en energiescans MKB.
Vraag
Woningeigenaren kunnen hun woning isoleren door een isolatiebedrijf in te schakelen dat natuurvriendelijk isoleert. Klopt het dat het bij deze intensivering alleen over individuele grondgebonden woningen in particulier eigendom gaat? Dus geen “gestapelde” woningen in de vorm van appartementencomplex of flatgebouwen? - Wat houdt intensivering van de aanpak VvE's precies in? - Zo ja, wat is de geschatte 'winst' m.b.t. het bijbehorende doel (verandering energieverbruik t.o.v. 2020) (indien inderdaad alleen om grondgebondenwoningen in particulier eigendom gaat?) - Het VvE-loket is er voor grote VvE's. Echter zijn dit ook de VvE's van appartementencomplexen of flatgebouwen, die volgens onze informatie niet in aanmerkin komen. Wat houdt de intensivering van de aanpak VvE's dan precies in? - Wat kan de gemeente betekenen op dit punt zodat appartementencomplexen of flatgebouwen wel kunnen isoleren?
Energieverbruik | Begroting 2025 (begroting-2025.nl)
Antwoord: Wat doen we voor intensivering VvE aanpak: gerichte ondersteuning voor begeleiding en subsidies. De besparing die deze VvE's gaan realiseren is met de programmabegroting indicator niet aan te tonen, die is daarvoor te grof. Het gaat in deze fase bij deze aanpak nog om kleine aantallen en besparingen. Als de omvang groter wordt is dit wel terug te zien. . Hoe meer VvE's gaan meedoen, hoe meer impact er zal zjn. We kunnen eerder op projectniveau iets zeggen over het aantal maategelen dat is genomen, zoals we dat ook in de jaarlijkse Voortgangsrapportage Energie laten zien. Dat zien we (bij de grote aantallen) op termijn terug in een energiebesparing. Wat betreft natuurvriendelijk isoleren is op dit moment voor de grondgebonden woningen en gestapelde woningen van corporaties een methodiek beschikbaar, op basis waarvan we natuurlijkvriendelijk kunnen isoleren. Voor VvE’s in gestapelde bouw geldt dat met een zogenoemde machtiging (een soort vergunning) moet worden gewerkt. In de eerder raadsbrief over dit onderwerp is aangegeven hoe dit werkt en hoe we de komende twee jaar tot een standaardisering voor VvE's in gestapelde bouw willen komen. Het VVE-loket is zowel voor grote VVE’s (appartementencomplexen en flatgebouwen), als voor kleine VVE’s.
De intensivering van de aanpak houdt in dat er meer begeleiding geboden wordt bij de verduurzaming, dat er collectieve inkoopacties worden uitgezet en dat er een vangnet komt voor VVE-leden die binnen de huidige omstandigheden niet mee zouden kunnen doen. Ook zijn er nu subsidieregelingen in pilot vorm, waarvan de intentie is om dit verder uit te bouwen. Dit is afhankelijk van de evaluatie en de beschikbaarheid van rijksmiddelen. Deze intensivering van de aanpak moet er aan gaan bijdragen dat dus ook de flatgebouwen en appartementencomplexen (grote VVE's) gaan isoleren.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 61 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Lot van Hooijdonk; ; Programmabegroting 2025 Klimaatvriendelijke stad Investeringen Investeringen | Begroting 2025 (begroting-2025.nl)
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag Vraag
In het programmaoverzicht staat 'Aanpassen Infrastructuur (2,09 miljoen euro)'. Echter zijn er geen investeringen van toepassing voor dit programma. Hoe zit dit?
Antwoord: Met het aanpassen van de infrastructuur wordt de energie-infrastructuur bedoeld. Dit zijn plankosten voor de ruimtelijke inpassing van energie-infrastructuur, aanpak uitbreiding warmtenetten en het programma Netcongestie. Dit zit onder andere op een impactanalyse van de netcongestie op ontwikkelingen in de stad, de projectleiding voor de uitbreiding van het elektriciteitsnet (hoog- en middenspanningstation en trafostations), maar ook voor het maken van een nieuw Programma Warmte en de bronnenstrategie. Het betreft geen fysieke investeringen, waarvoor investeringskredieten benodigd zijn. Investeringen worden gedaan door externe partijen zoals Stedin, Tennet en Eneco. Daarom zijn er geen investeringen van toepassing voor dit programma.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 62 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Lot van Hooijdonk; ; Programmabegroting 2025 Klimaatvriendelijke stad Subsidies
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Pilot Isolatieaanpak kleine VVE's
Vraag
Hoe groot zijn dit soort VVE's? Hoeveel VVE's hebben in 2024 meegedaan aan deze pilot/doen er in 2025 aan mee? En wat zijn de resultaten tot nu toe?
Subsidies | Begroting 2025 (begroting-2025.nl)
Antwoord: We hebben alleen kleine vve’s geselecteerd (tm 7 appartementen) die boiuwkundig op elkaar lijken en slechte labels (D,E,F,G) hebben. De meeste vve’s bestaan uit 2 appartementen, er zijn enkele grotere vve’s bij. In het voorjaar zijn 330 vve’s in de Watervogelbuurt en Julianapark/Elinkwijk aangeschreven. Tot nu toe doen 15 vve’s met de aanpak mee. De aanpak is gericht op procesbegeleiding. We organiseren in november een tweede ronde, waarbij we vve’s in de buurten nogmaals attenderen op het aanbod. We hebben ruimte voor 78 vve’s in totaal. Een deel van de vve’s heeft begeleiding van een adviseur. Daarnaast zijn er ook vve’s zelf aan de slag. Er is ook een aantal vve’s dat een gemeentelijke stimuleringslening voor kleine vve’s heeft aangevraagd waarmee ze de aanpak willen financieren.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 63 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Lot van Hooijdonk; ; Programmabegroting 2025 Klimaatvriendelijke stad Overzicht Overzicht | Begroting 2025 (begroting-2025.nl)
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag Vraag
Op welke manier is de taakstelling doorgevoerd? Wat betekent dit concreet in de plannen/Wat wordt er binnen dit programma concreet minder gedaan en hoeveel geld wordt daarbij bezuinigd?
Antwoord: In het programma Klimaatvriendelijke stad is gekozen voor een taakstelling omdat hier geen sprake is van structurele programmalijnen, maar van een jaarlijkse programmering. In de praktijk betekent een taakstelling structureel minder budget om jaarlijks te programmeren ten behoeve van de energietransitie. In de jaarplanbrief (4e kwartaal) wordt u geïnformeerd wat de programmering voor het komende jaar wordt. Zie ook het antwoord op vraag 13.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 64 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Lot van Hooijdonk; ; Programmabegroting 2025 Duurzame bereikbaarheid Overzicht
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Temporiseren mobiliteitsbeleid 26,65,160,220
Vraag
Op welke manier is de bezuiniging uit de VJN doorgevoerd? Wat betekent dit concreet in de plannen/Wat wordt er binnen dit programma concreet minder gedaan en hoeveel geld hoort daarbij?
Antwoord: Zie het antwoord op vraag 26
Overzicht | Begroting 2025 (begroting-2025.nl)
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 65 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Lot van Hooijdonk; ; Programmabegroting 2025 Duurzame bereikbaarheid Overzicht
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Bezuinigingen op ruimtelijke investeringen 26,64,160,220
Vraag
Wat houden deze bezuinigingen in? Om welke projecten gaat dit? En hoeveel geld hoort daarbij?
Overzicht | Begroting 2025 (begroting-2025.nl)
Antwoord: Door deze bezuiniging van 3 miljoen euro structureel per jaar, vermindert het beschikbare budget en daarmee de ruimte voor de programmering van toekomstige projecten bereikbaarheid. Dit heeft als gevolg dat de bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid achteruit zullen gaan, doordat we minder nieuwe investeringen kunnen doen en we bij herinrichtingen gaan inboeten op de kwaliteit van de inrichting voor het verkeer en het groen. Voor alle nieuw te starten mobiliteitsprojecten zullen we uitgaan van een versoberde uitvoering: dit wordt de norm. Voorbeelden hiervan zijn een inrichting met meer zaailingen dan (grote) bomen (dit betekent dat we de motie ‘Geen sprietjes maar bomen’ uit 2015 niet kunnen uitvoeren), meer hergebruik van materialen, wel groenvakken maar met minder ontwerp en beplanting zoals bijvoorbeeld in de plannen voor de herinrichting van de Koningsweg. Mensenzullen in de openbare ruimte gaan ervaren dat er minder kwaliteit wordt toegevoegd dan de afgelopen jaren. Door de bezuiniging zijn er geen projecten geschrapt in het MPB, maar de financiële investeringsruimte voor toekomstige investeringsprojecten neemt hierdoor af.
Aangezien de opgave groot is maakt dit het zorgvuldig programmeren stadsbreed nog noodzakelijker: We maken de afwegingen voor ruimtelijke investeringen in samenhang en stemmen investeringen op elkaar af om, waar mogelijk, werk met werk te maken. Door ontwikkeling vanuit gebieden, en thema’s op stedelijk niveau op te tellen en monitoring te combineren, kunnen we beter onderbouwd toekomstige investeringen programmeren en keuzes maken. Dit proces ontwikkelen we komende jaren door en gaan we verder verfijnen. In het MPR wordt jaarlijks de programmering weergegeven met projecten die worden uitgevoerd binnen het beschikbare budget. Voor de komende jaren zijn o.a. de volgende gewenste investeringen in beeld, waarvoor dekking nog ontbreekt. • Oude Leidscheweg bij Den Hommel • Vechtbrug (Zwanenvechtlaan) • Demkabrug • Mytylbrug • Brailledreef • Boorstraattunnel (deels al geprogrammeerd) • Nicolaas Beetsverbinding • Extra spaarbedrag OV-Schaalsprong Bij het MPR 2025 laten we zien welke investeringen we kunnen programmeren en welke voorlopig afvallen.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 66 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Lot van Hooijdonk; ; Programmabegroting 2025 Duurzame bereikbaarheid Doelstelling 1: Duurzame vervoersmiddelen
Verbijzondering/context
In 2025 realiseren we o.a. de volgende projecten: Westelijke Stadsboulevard (deelgebied 4), Amsterdamsestraatweg, Socrateslaan, Jutfaseweg, Maliebaan en Weerdsingel OZ.
Duurzame vervoersmiddelen | Begroting 2025 (begroting-2025.nl)
Heeft relatie met vraag Vraag
Hoeveel geld is er begroot voor deze projecten? Graag aangeven per project het totale bedrag, het bedrag dat al is uitgegeven voor planvorming etc., het uitvoeringsbedrag dat we zouden kunnen besparen door niet tot realisatie over te gaan Welke projecten staan er voor 2026 t/m 2028 gepland? Graag ook hiervoor aangeven per project wat het begrote bedrag is, hoeveel er al van is uitgegeven aan planvorming etc. en wat we zouden kunnen besparen door niet tot realisatie over te gaan
Antwoord: Deze projecten zijn ‘lopende werken’ die (deels) worden gedekt uit het Meerjaren Programma Bereikbaarheid (MPB). De huidige programmering staat genoemd in de ‘GEHEIME Bijlage Financieel overzicht meerjarenprogramma bereikbaarheid 2024’, die (niet openbaar) is bijgevoegd bij het MPR / deVJN 2024. Aan deze projecten zijn bindende afspraken verbonden, waardoor besparen op de realisatie geen reële optie meer is. Definitie bindende afspraken: • Als projecten gegund zijn of al in realisatie; • Als sprake is van cofinanciering (bijdragen derden, bijvoorbeeld Rijk of Provincie); • Als er bindende afspraken met derden zijn (zoals de reservering voor de doorsteek Papendorp die gekoppeld is aan de woningbouwopgave van Merwede). Het overzicht met projecten die gepland staan voor 2026 t/m 2028 kunnen we pas geven als de MPRprogrammering voor 2026-2029 gereed en vastgesteld is (rond mei 2025 gereed). Hierin staan de begrote bedragen, de resterende budgetten en voor welke geplande/voorgenomen projecten nog geen bindende afspraken gelden.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 67 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Lot van Hooijdonk; ; Programmabegroting 2025 Duurzame bereikbaarheid Risico's
Verbijzondering/context
Benodigde samenwerking en cofinanciering voor de noodzakelijke maatregelen komen niet rond. Hierdoor kan de mobiliteitstransitie niet volgens het gewenste
Risico's | Begroting 2025 (begroting-2025.nl)
Heeft relatie met vraag Vraag
Wat merken inwoners hiervan?
Antwoord: Als dit risico optreedt en de cofinanciering voor de noodzakelijke maatregelen niet rondkomt, dan heeft dat onmiskenbaar gevolgen voor de mobiliteitstransitie. De bijdrage van het Rijk en de provincie is namelijk substantieel. Als deze bijdrage (grotendeels) niet van de grond komt, dan kunnen we vele projecten niet of pas later realiseren. De realisatie van deze projecten is randvoorwaardelijk voor de mobiliteitstransitie. De schaalsprong OV moet het bijvoorbeeld mogelijk maken dat toekomstige inwoners van nog te ontwikkelen gebieden meer gebruik maken van het openbaar vervoer. Het OVgebruik in de gemeente Utrecht is nu laag ten opzichte van andere G4-steden, en nog lager in internationaal perspectief. Dat willen we niet alleen bewerkstelligen door bijvoorbeeld Rijnenburg te ontsluiten met een tram, maar ook door, net als in de Merwedekanaalzone, minder parkeerplaatsen in het gebied te realiseren. Hierdoor zijn bewoners minder snel geneigd de auto te pakken, maar eerder de fiets of het ov. De aanleg van een tramverbinding is dan wel randvoorwaardelijk voor het realiseren van minder parkeerplaatsen. Als de mobiliteitstransitie niet doorzet dan ontstaat er geen ruimte om verder te verdichten. Hierdoor stagneert de woningbouwproductie, waardoor inwoners nog langer op een nieuwe woning moeten wachten.
Als we de woningbouw toch doorzetten en niet meer ruimte creëren dan zal het op de voetpaden, fietspaden, in de bussen en op de weg (te) druk worden, wat ook de verkeersveiligheid niet ten goede komt. Bovendien zullen verkeersdeelnemers meer tijd moeten uittrekken voor hun reis.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 68 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Lot van Hooijdonk; ; Programmabegroting 2025 Duurzame bereikbaarheid Risico's
Verbijzondering/context
Benodigde innovatie als alternatief voor auto gaat niet snel genoeg of is niet voldoende voor groeistad (Dynamisch verkeersmanagement/ DVM, MaaS, parkeerhubs, etc.)
Risico's | Begroting 2025 (begroting-2025.nl)
Heeft relatie met vraag Vraag
Wat is hier het effect van in relatie tot de geplande mobiliteitstransitie?
Antwoord: Voor het realiseren van de mobiliteitstransitie in de groeiende stad is het van belang dat het aanbod voor het alternatief voor de auto op orde is (zoals deelmobiliteit en P&R hubs), dat bewoners en bezoekers ‘gemakkelijk’ hun multimodale reis kunnen plannen en boeken via een Maas systeem (digitaal platform) en dat al het verkeer slim en realtime in de stad gestuurd kan worden waarbij we multimodaal kunnen sturen (bijvoorbeeld het prioriteit geven aan OV en actieve mobiliteit).
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 69 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Linda Voortman; Susanne Schilderman; Programmabegroting 2025 Aantrekkelijke, groene leefomgeving Doelstelling 3: Extra groen
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
We participeren niet langer actief in het provinciaal landbouwbeleid.
Vraag
Met welk doel participeerden we in het provinciaal landbouwbeleid? Wat is het effect dat we dat niet meer doen en wat merken onze inwoners hiervan?
Extra groen | Begroting 2025 (begroting-2025.nl)
Antwoord: We participeerden hierin om pro-actief kansen te signaleren voor onze opgave van de Groene Schaalsprong. Als gemeente met relatief weinig landbouwgrond kost dit veel tijd en moeite. We blijven dit wel op andere manieren doen, zoals bij de U10 en bij Groen Groeit Mee. Waar we kansen zien pakken we die op, zoals bij het Kromme Rijn Linie Landschap. Wij verwachten dat we meer effect kunnen bereiken door de huidige aanpak.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 70 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Lot van Hooijdonk; ; Programmabegroting 2025 Duurzame bereikbaarheid
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag Vraag
Er staat in de programmabegroting niets over parkeerhubs. Klopt dat? En zo ja, betekent dat dat er voor de komende jaren gene plannen zijn voor parkeerhub? Hoe staat dit in relatie tot het vastgestelde parkeerbeleid (m.n. de module parkeerhubs)?
Antwoord: Dat klopt. Een parkeer hub wordt pas zichtbaar in de programmabegroting (onderdeel parkeren) als een hub in exploitatie wordt genomen. Er zijn plannen voor het realiseren en ontwikkelen van parkeerhubs. Dit najaar wordt bijvoorbeeld het besluit voor het investeringskrediet van de MobiliteitshubXL in Papendorp voorgelegd. De dekking van de investering is opgenomen in verschillende onderdelen van de programmabegroting namelijk Bereikbaarheid en Ontwikkelen en wonen voor iedereen (toekomstige lasten). Daarnaast gaan we aanpassingen doen aan P+R Westraven om deze geschikt te maken als Ringhub. Deze aanpassingen worden op dit moment onderzocht. De realisatie van de MobiliteitshubXL en de aanpassingen aan P+R Westraven spelen een belangrijke rol in het parkeerbeleid als het gaat om parkeerhubs. Hiermee faciliteren we onder andere parkeren op afstand voor bewoners van nieuwe gebiedsontwikkelingen, zoals beschreven staat in de module Parkeerhubs. Bovenstaande neemt niet weg dat er onderzoek gedaan wordt naar mogelijke nieuwe parkeerhubs. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan de Merwedekanaalzone. Ook is er vanuit U-Ned een studie gestart om gerichter met corridorhubs ('afvanglocaties voor autoverkeer richting Ring') aan de slag te gaan. In deze studie worden locaties geselecteerd voor mogelijke corridorhubs. Dit betreft locaties buiten de gemeente Utrecht.
Gezien het Utrechtse belang om reizigers te verleiden eerder over te stappen, zijn we nauw bij dit project betrokken
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 71 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Linda Voortman; Susanne Schilderman; Programmabegroting 2025 Aantrekkelijke, groene leefomgeving Doelstelling 3: Extra groen
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Natuurgebied Zuilen
Vraag
Hoeveel geld is er begroot voor dit project? Graag aangeven het totale bedrag, het bedrag dat al is uitgegeven voor planvorming etc., het uitvoeringsbedrag dat we zouden kunnen besparen door niet tot realisatie over te gaan.
Extra groen | Begroting 2025 (begroting-2025.nl)
Antwoord: In de memo, die op 20-9-2024 aan de Raad is verstuurd, staan de kosten die gemaakt zijn t/m 2024 voor Natuurgebied Zuilen vermeld. Vanuit het coalitieakkoord is er 5 miljoen Euro beschikbaar gesteld voor uitvoering. Dit bedrag zou dan vrijvallen, maar niet in één keer, want het is als kapitaallasten verwerkt in de begroting. Dit zou betekenen dat er vanaf 2027 over 30 jaar € 240.000 per jaar vrij zou kunnen vallen. Op 26-9-2024 heeft de raad besloten door te gaan met dit plan .
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 72 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Sharon Dijksma; ; Programmabegroting 2025 Betrouwbare overheid Doelstelling 1: Raad en College
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Indicatoren 181
Vraag
Waarom staan voor de verdere jaren geen percentages als indicator genoemd
21
Antwoord: Doelstelling is het percentage te laten stijgen in elke opvolgende Utrecht Monitor. Deze enquête wordt elke twee jaar gehouden. Deze nadere informatie over de indicator is terug te vinden in de webversie van de Programmabegroting 2025.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 73 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Eva Oosters; ; Programmabegroting 2025 Betrouwbare overheid Doelstelling 3: Betrokken Utrechters
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Indicatoren
Vraag
Wat is de reden dat de genoemde percentages zo langzaam oplopen
26
Antwoord: Samen stad maken gaat om een cultuurverandering, dit is een kwestie van een lange adem. Verder moet bij de percentages rekening worden gehouden met de groei van de stad. Gelijkblijvende percentages zijn grotere absolute aantallen en dus een grotere absolute stijging
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 74 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Susanne Schilderman; ; Programmabegroting 2025 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Weerstandsvermogen 247
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag Vraag
Het weerstandsvermogen is momenteel 1,1. Waarom wordt de resterende circa 12 miljoen niet gebruikt in de begroting om het weerstandsvermogen op 1 te krijgen
Antwoord: Voor de beoordeling van de financiele positie wordt naar een aantal indicatoren gekeken. De onderlinge samenhang en tendens bepalen het totale beeld. Bij de solvabiliteit en schuldquote zien we een dalende trend. Dit in relatie met een groeiende stad die vraagt om investeringen is het wenselijk om binnen de signaleringswaarden te blijven. Om de solvabiliteit op peil te houden is een toename van het eigen vermogen (reserves) van belang. Om dit te realiseren worden deze middelen niet ingezet om beleidsdoelen te realiseren, maar om onze financiele positie gezond te houden. Ten behoeve van een gezonde solvabiliteitspositie is het nodig om de reserves te blijven versterken.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 75 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Susanne Schilderman; ; Programmabegroting 2025 Lokale heffingen Belangrijkste uitgangspunten
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Havengelden
Vraag
Bij economisch-wenselijke tarieven wordt het voorbeeld gegeven van havengelden. Is er vanuit het verleden enig bewijs dat tariefstijgingen leiden tot vermindering van economische praktijk t.a.v. lokale heffingen
269
Antwoord: In 2021 en 2022 zijn de tarieven voor goederenvervoer over water, naast de indexatie, met respectievelijk 5 en 10% verhoogd. In 2023 zijn de inkomsten uit goederenvervoer wezenlijk lager. Het is niet aantoonbaar dat de inkomstenvermindering uitsluitend, deels of geheel niet het gevolg was van de tariefstijging. Er waren in dat jaar meer factoren die in potentie van invloed waren op de inkomsten. Gelet op de competitieve sector en regelmatige signalen van goederenvervoerders over de hoogte van de tarieven in Utrecht, is het aannemelijk dat er een relatie is tussen tarief en de mate van gebruik van onze havens.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 76 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Susanne Schilderman; ; Programmabegroting 2025 Lokale heffingen Belastingen
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
OZB
Vraag
Verwacht het college dat de geprognostiseerde opbrengst van de OZB niet in geding komt door de geconstateerde problemen bij BghU
272
Antwoord: Nee, dat verwacht het college op basis van de voortgangsrapportage BghU niet. Nee, het college verwacht niet dat de geprognotiseerde opbrengsten van de OZB in geding komt door de geconstateerde problemen bij de BghU. De situatie bij BGHU heeft onze onverminderde aandacht en benodigd dat ook. Verder blijkt uit de cijfers van BghU dat de geprognotiseerde opbrengsten van de OZB niet in geding komen. Baten worden bij de gemeente gerealiseerd in het jaar van opleggen van een aanslag, ook de verwerking van de bijbehorende betaling later plaatsvindt. De gemeente kan overigens tot 3 jaar na het belastingjaar nog OZB-aanslagen opleggen.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 77 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Rachel Streefland; ; Programmabegroting 2025 Levendige en gezonde stad Doelstelling 1: Nieuwkomers
Verbijzondering/context
We realiseren plekken voor Oekrainse vluchtelingen en zorgen voor sociaal beheer op deze plekken
189
Heeft relatie met vraag Vraag
De situatie rondom het vinden van plekken is nijpend. Is er een prioritering mbt extra kwetsbare Oekrainers (zo ook op het Provinciehuis voor kinderen die naar het Maximacentrum moeten?) En zo ja, wat is deze dan?
Antwoord: Er melden zich nog maar heel kleine aantallen omdat breed bekend is dat er een groot tekort is aan opvangplekken voor vluchtelingen uit Oekraine. Dit komt o.a. door gebrek aan landelijke regie op aantallen en spreiding en het uitblijven van duurzame finanicering. De HUB was ingericht als doorstroomlocatie. Vanwege het gebrek aan doorstroommogelijkheden is de HUB gesloten. In de praktijk helpen partijen als het Rode Kruis kwetsbare vluchtelingen de eerste dagen te overbruggen totdat ergens opvang gevonden. Tot nu toe lukt het nog steeds om voor de meest kwetsbare vluchtelingen een passende plek te vinden. Zieke kinderen die naar het PMC moeten komen niet zomaar aan in Utrecht, hun komst is altijd van tevoren gepland.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 78 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Rachel Streefland; Linda Voortman; Programmabegroting 2025 Levendige en gezonde stad Doelstelling 1: Nieuwkomers
Verbijzondering/context
Vreemdelingen: door de wet inburgering 2021 is dit een wettelijke taak. de ambitie van Utrecht ligt hoger, maar niet veel
191
Heeft relatie met vraag Vraag
Waarop onderscheid Utrecht zich van de wettelijke taak?
Antwoord: We hebben een stevige ambitie die verder reikt dan wat de wet ons voorschrijft: we willen dat inburgeraars zich thuis weten in Utrecht. Zie de bijlage van raadsbrief ‘toekomst inburgering’ voor een overzicht van de Utrechtse plussen, waarmee we ons onderscheiden van de wettelijke taak.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 79 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Linda Voortman; ; Programmabegroting 2025 Levendige en gezonde stad Doelstelling 2: Meedoen en voor elkaar zorgen
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Indicatoren: % inwoners dat van familie hulp ontvangt
Vraag
Dit percentage ligt lager dan bij mantelzorgers landelijk. Hoe is dat te verklaren?
192
Antwoord: We nemen aan dat de vragensteller zich baseert op cijfers van het SCP, dat 1 op de 3 Nederlanders mantelzorg verleent. Het SCP baseert zich hierbij op een ruime definitie van mantelzorg: “Mantelzorg vatten we op als alle hulp aan een hulpbehoevende die wordt gegeven door iemand uit diens directe omgeving. Het gaat dus om intensieve en minder intensieve, kortdurende en langdurende hulp en hulp aan huisgenoten en aan uitwonende familieleden, buren of vrienden, aan zelfstandig wonenden en aan bewoners van zorginstellingen.” Wanneer Utrechters via de Gezondheidsmonitor gevraagd worden of zij op dit moment mantelzorg verlenen antwoordt 9% met ja. In de Gezondheidsmonitor hanteren we een strakkere definitie: "Mantelzorg is de zorg die u geeft aan een bekende uit uw omgeving, zoals uw partner, ouders, kind, buren of vrienden, als deze persoon voor langere tijd ziek, hulpbehoevend of gehandicapt is. Deze zorg kan bestaan uit het huishouden doen, wassen en aankleden, gezelschap houden, vervoer, geldzaken regelen, enzovoorts. Mantelzorg wordt niet betaald. Een vrijwilliger vanuit een vrijwilligerscentrale is geen mantelzorger." De meesten geven hier aan dit voor meer dan 3 maanden en meer dan 8 uur per week te doen. In deze gevallen is er dus sprake van intensieve zorg voor een naaste.
Het percentage inwoners dat hulp ontvangt, de indicator die we in de begroting gebruiken, komt uit de Inwonersenquête. Door verschillende definities van mantelzorg en verschil tussen hulp ontvangen en hulp bieden, zijn deze percentages dus lastig te vergelijken.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 80 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Linda Voortman; ; Programmabegroting 2025 Levendige en gezonde stad Doelstelling 4: Toegankelijke welzijnsaccommodaties
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Effectindicatoren
Vraag
% inwoners dat tevreden is over de beschikbaarheid van de welzijnsaccomodaties word dat niet gemeten? want er zijn geen gegevens van? en wordt hierin toegankelijkheid niet meegenomen?
198
Antwoord: De reden dat deze indicator niet is ingevuld, is omdat de vraag is aangepast in de inwonersenquête voor 2025. Vanaf dan meten we de tevredenheid over de beschikbaarheid van welzijnsaccommodaties. Deze tevredenheid wordt in zijn algemeenheid gemeten en niet specifiek op toegankelijkheid. Deze cijfers worden rond januari 2026 bekend en worden dan opgenomen in de programmabegroting (incl. streefcijfers). In de laatste Utrecht Monitor is wel gemeten welk “percentage inwoners tevreden is over beschikbaarheid van ruimtes voor bewonersactiviteiten in de buurt”. Dat percentage was 42% in 2023.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 81 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Eva Oosters; ; Programmabegroting 2025 Levendige en gezonde stad Doelstelling 5: Op eigen manier en niveau sporten
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
effectindicatoren
Vraag
waarom wordt gemeten met zwemdiploma a en niet b of c? wat wordt er gedaan voor de mensen zonder zwemdiploma? en waarom alleen kinderen en geen volwassenen?
200
Antwoord: Het behalen van diploma A, B en C monitoren wij via de jeugdmonitor. In de Zwemvisie 2018 – 2022 [HYPERLINK] is aangeven dat we inzetten op minimaal diploma A. Zwemdiploma A heeft de meeste prioriteit, en is daarom ook opgenomen als indicator, omdat iemand bij zwemdiploma A over de basisvaardigheden beschikt. Zwemdiploma’s B en C vinden wij ook belangrijk, maar door beperkte middelen moeten we kiezen. Dan vinden we inzet op diploma A het belangrijkste én dit is nog steeds nodig omdat er kinderen zijn die dit diploma niet hebben. We richten ons vooral op kinderen omdat zij het meest kwetsbaar zijn bij het water. Voor mensen zonder zwemdiploma doen we het volgende: De zwemlessen voor kinderen op de basisschool (tussen de 5 en 7 jaar) hebben prioriteit in de programmering. Daarnaast is er extra inzet op de stimulering van het schoolzwemprogramma tijdens daluren in wijken met een lage zwemvaardigheid. Voor jongeren tussen 8 en 17 jaar zonder zwemdiploma zijn er in zwembaden Fletiomare en Den Hommel aparte zwemlesuren gepland. Ook worden er in alle Utrechtse zwembaden zwemlessen [HYPERLINK] aangeboden voor tieners en (jong)volwassenen om een diploma te halen. Kinderen, jongeren en volwassenen met een beperkte portemonnee zonder zwemdiploma kunnen gebruik maken van de U-pas voor zwemlessen, zie ook het antwoord op vraag 59.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 82 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Eva Oosters; ; Eelco Eerenberg Programmabegroting 2025 Levendige en gezonde stad Doelstelling 5: Op eigen manier en niveau sporten
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
herijking huldegingen beleid
Vraag
wat wordt bedoeld met herijking huldegingenbeleid?
201
Antwoord: In het huldigingenbeleid staat op welke manier we bijzondere sportprestaties waarderen en sporters eren. Het gaat om Utrechtse sporters of sporters die verbonden zijn aan een Utrechtse sportaanbieder. Aan prestaties geven we bijvoorbeeld aandacht tijdens de jaarlijkse Sportprijs Utrecht. Ook krijgen we regelmatig verzoeken om de viering van een jubileum van een sportaanbieder bij te wonen. Mede vanwege de groei van de stad gaan we het huldigingenbeleid herijken.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 83 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Eva Oosters; ; Programmabegroting 2025 Levendige en gezonde stad Doelstelling 6: Toegankelijke sportvoorziening
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Effectindicatoren
Vraag
%Inwoners met een beperking die wil sporten wordt niet meegenomen in de meting, waarom niet?
203
Antwoord: Sinds een aantal jaren baseren we onze wekelijkse sportdeelnamecijfers op de gezondheidspeiling. Hiermee kunnen we de cijfers vergelijken met andere steden en het landelijk gemiddelde, maar dit betekent ook dat we de vragen die we stellen met de andere gemeenten moeten afstemmen. Waarbij we kritisch kijken naar de lengte en inhoud van de vragenlijst. In de gezondheidspeiling wordt niet gevraagd of iemand wil sporten, maar wel of mensen sporten of lid zijn bij een sportvereniging. Ook is het niet mogelijk om uit te splitsen naar het achtergrondkenmerk ‘beperking’, zoals voorheen mogelijk was in de Inwonersenquête. Wel is het mogelijk om te kijken naar de ervaren gezondheid van inwoners of naar het aandeel inwoners dat (langdurig) beperkt is in het dagelijks leven door gezondheid. Aanpassing van de vragenlijst is onwenselijk, omdat er al vergelijkbare vragen in zitten en aanpassing zou leiden tot een trendbreuk.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 84 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Susanne Schilderman; ; Programmabegroting 2025 Toelichting reserves
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Uitkomsten analyse
Vraag
Waarom wordt de reserve Europese subsidies niet helemaal opgeheven zoals elders in de G4?
0
Antwoord: Aan de uitvoering van het Kansen voor West-programma zijn externe kosten verbonden voor het overall management van het programma. Het restantsaldo in de reserve is bestemd ter dekking van deze bijdragen aan het Kansen voor West III-programma waarvoor de verplichting al is aangegaan. Hierna is de reserve leeg, waarmee we net als de andere G4-steden geen reserve meer voor dit doel hebben.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 85 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website
Volt Rachel Streefland; Susanne Schilderman; Tweede bestuursrapportage 2024 Inleiding/Hoofdlijn
Verbijzondering/context Heeft relatie met vraag
Overschrijving inhuurplafond
Vraag
Ook nu weer hebben we een overschrijding van het inhuurplafond. In 2023 leidde dat tot een flinke overschrijding. Waarom is er niet hoger begroot
8
Antwoord: Dat is ook gedaan. Voor het jaar 2024 is een hoger inhuurplafond vastgesteld dan in het jaar 2023. Het inhuurplafond in 2023 was namelijk € 79,1 mln en realisatie was uiteindelijk € 88,4 mln. Op basis van een actuele inhuurprognose vanuit de organisatieonderdelen - en de ervaringen van 2023 - is bij de vaststelling van de Programmabegroting 2024 het inhuurplafond voor 2024 vastgesteld op € 90,7 mln.
Raadsvragencyclus Programmabegroting 2025 en Tweede Bestuursrapportage 2024
Schriftelijke vragen: Vraagnummer: 86 Fractie Portefeuillehouder(s) Document Hoofdstuk Paragraaf Subparagraaf Bladzijde (in pdf) URL / Blz op website