CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

STREKT TER VERVANGING Chw bestemmingsplan De Meern Noord (met wijzigingen)

Gemeenteraad 26 september 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling Chw bestemmingsplan De Meern Noord41.309 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Chw bestemmingsplan De Meern Noord

Gewij

Gewij

Gewij

Inhoudsopgave

Gewij

Gewij

Gewij

Gewij 4

Gewij

4

Gewij

10

Gewij

Hoofdstuk 1

Inleidende regels

Artikel 1

Begrippen

Artikel 2

Wijze van meten

Hoofdstuk 2

Functies

12

Gewij

Artikel 3

Bedrijf - Bedrijf tot en met categorie 2

Artikel 4

Bedrijf - Nutsvoorziening

12

Artikel 5

Detailhandel

12

Artikel 6

Groen

13

Artikel 7

Kantoor

Artikel 8

Maatschappelijk

13

Artikel 9

Maatschappelijk - Begraafplaats

14

Artikel 10

Milieuzone - boringsvrije zone

Artikel 11

Recreatie - Volkstuin

Artikel 12

Verkeer

Artikel 13

Verkeer - Verblijfsgebied

15

Gewij

Artikel 14

Vrijwaringszone - straalpad

16

Gewij

Artikel 15

Water

16

Artikel 16

Waterstaat - Waterkering

16

Gewij

Artikel 17

Wijkcentrumfunctie

16

Gewij

Artikel 18

Wonen

17

Gewij

Hoofdstuk 3

Bouwen en slopen

19

Gewij

Artikel 19

Inleidende bepalingen over het bouwen

19

Artikel 20

Bijzondere regels over bouwen

19

Artikel 21

Bouwen is toegestaan

19

Artikel 22

Bouwen met vergunning

20

Gewij

Artikel 23

Bouwen is niet toegestaan

22

Gewij

Artikel 24

Slopen met vergunning

Hoofdstuk 4

Gebouwen en locaties gebruiken

23

Artikel 25

Activiteiten die niet zijn toegestaan

23

Artikel 26

Activiteiten in de woning, nieuwe woonruimte

Artikel 27

Additionele horeca

25

Gewij

Artikel 28

Bedrijfsactiviteiten

25

Artikel 29

Detailhandel en bezorging

25

Gewij

Artikel 30

Ondersteunende horeca in een winkel of verkoop in horeca

Artikel 31

Kruisingen, tunnels, bruggen en viaducten

26

Gewij

Hoofdstuk 5

Grondwerk

27

Gewij

Artikel 32

Vergunning in verband met de bescherming van een functie

Artikel 33

Bescherming van archeologische waarden

27

Gewij

Hoofdstuk 6

Beheer van natuur, flora en fauna

29

Gewij

Artikel 34

Aantasten van bomen of andere houtopstanden

Hoofdstuk 7

Overgangs- en slotregels

Artikel 35

Overgangsrecht

Artikel 36

Slotregel

2

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

12

Gewij

13

Gewij

Gewij

Gewij

Gewij

Gewij

14 15 15

Gewij

Gewij

22

23

25

Gewij

Gewij

Gewij

Gewij

Gewij

Gewij

27

29

Gewij 31

Gewij

Gewij

31 31

Gewij

Utrecht

Bijlagen regels

33

Gewij

Bijlage 1

Lijst van bedrijfsactiviteiten

34

Gewij

Bijlage 2

Lijst van bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving

35

Gewij

Bijlage 3

Lijst van Horeca-activiteiten

36

Gewij

Hoofdstuk 1

Aanleiding, doel en beleidskader

39

Gewij

Gewij

1.1

Aanleiding

39

1.2

Doel

39

1.3

Beleid

40

Gewij

1.4

Juridische aspecten

4142

Gewij

4849

Gewij

4849

Gewij

Hoofdstuk 2

Toelichting per artikel

2.1

Begrippen en meten (hoofdstuk 1 van de regels)

2.2

Functies (bestemmingen; hoofdstuk 2 van de regels)

4849

2.3

Bouwen en slopen (hoofdstuk 3 van de regels)

5253

2.4

Gebouwen en locaties gebruiken (hoofdstuk 4 van de regels)

5859

2.5

Grondwerk: activiteit in de bodem (hoofdstuk 5 van de regels)

6869

2.6

Natuur, flora en fauna (hoofdstuk 6 van de regels)

2.7

Algemeen overgangsrecht (hoofdstuk 6 van de regels)

2.8

Bijlagen bij de regels

Hoofdstuk 3

Gewij

Gewij

Gewij 6970

7475 7475

Uitvoerbaarheid

Gewij

Gewij

Gewij

7677 7677

Gewij

3.1

Inleiding

3.2

Milieueffectrapportage

3.3

Gezondheid

7677

3.4

Klimaat en duurzaamheid

7677

3.5

Bomen

7677

3.6

Thematisch onderzoek

7778

3.7

Economische uitvoerbaarheid

8485

3.8

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

8485

3.9

Handhaving

8586

Gewij

3.10

Conclusie

8586

Gewij

Gewij

7677

Gewij

Gewij

Gewij

Gewij

Bijlagen toelichting

8687

Bijlage 1

Archeologische waardenkaart

8889

Gewij

Bijlage 2

Ontwikkelingskader-Horeca-Utrecht-2018.

9091

Gewij

Bijlage 3

Belangrijkste wettelijke bepalingen

9293

Bijlage 4

Toetsing plaatsgebonden risico (PR) en verantwoording - RUD Utrecht

9495

Gewij

Gewij

Gewij

Gewij

Gewij

Gewij

Gewij

Gewij

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

3

Regels Hoofdstuk 1 Artikel 1

Inleidende regels

Begrippen

De uitleg van de begrippen die in dit artikel staan is bepalend bij de uitleg van het plan. 1.1

(internet)Afhaalpunt

Een locatie uitsluitend bedoeld voor opslag en distributie van artikelen, waar consumenten de via internet bestelde en betaalde producten kunnen afhalen. Op de locatie vindt geen rechtstreekse verkoop of productadvisering via winkel, showroom of etalage plaats. 1.2

Aanduiding

Een geometrisch bepaald vlak of figuur die de locatie aanwijst als werkingsgebied van een regel. 1.3

Accommodatie

Een ruimte of complex van ruimten waarin een bezoeker tegen betaling tijdelijk kan overnachten. 1.4

Additionele horeca

Horeca-activiteiten, die passend, aanvullend en ondergeschikt zijn aan de hoofdfunctie die ter plaatse is toegestaan. 1.5

Afhaalzaak

Een winkel waar in hoofdzaak kant en klare maaltijden, kleine etenswaren, alcoholvrije drank en consumptie-ijs te koop zijn. De waren worden niet in de winkel gegeten of gedronken. Een afhaalzaak is een specifieke vorm van detailhandel. 1.6

Archeologisch onderzoek

Onderzoek verricht door of namens een bedrijf dat beschikt over het in artikel 1, eerste lid, van de Erfgoedwet, bedoelde certificaat. 1.7

Archeologische verwachtingswaarde

De aan een gebied toegekende waarde in verband met de waarschijnlijk in dat gebied voorkomende historische overblijfselen in de bodem. 1.8

Bebouwing

Eén of meer bouwwerken. 1.9

Bebouwingspercentage

Het met een aanduiding of in de regels aangegeven percentage, dat aangeeft hoeveel van een bouwperceel ten hoogste mag worden bebouwd met gebouwen en bijbehorende bouwwerken. 1.10

Bed-and-breakfast

Het tegen betaling verstrekken van logies met ontbijt binnen de woning of de bedrijfswoning.

4

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

Utrecht

1.11

Bedrijf

Een onderneming waarbij het accent ligt op het maken, bewerken, herstellen, installeren en verhandelen van goederen, waarbij detailhandel uitsluitend plaatsvindt als ondergeschikt onderdeel van de onderneming in de vorm van verkoop of levering van ter plaatse gemaakte, bewerkte of herstelde goederen, of van goederen die in rechtstreeks verband staan met de uitgeoefende handelingen. 1.12

Bedrijf-aan-huis

Beroep of bedrijf dat in een woning of een daarbij bijhorend bouwwerk wordt uitgeoefend. 1.13

Bedrijfswoning

Een woning die bij een bedrijf hoort en die is bedoeld voor een werknemer die bij het bedrijf woont in verband met het noodzakelijke beheer van het bedrijf. 1.14

Bestaand

1. Bestaand gebruik: het feitelijke of vergunde gebruik van de gronden en bouwwerken op moment van het ter inzage leggen van het ontwerp van het bestemmingsplan; daaronder valt niet het gebruik dat al in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsregels van dat plan. 2. Bestaande bouwwerken: bouwwerken die op het tijdstip van het ter inzage leggen van het ontwerp van het bestemmingsplan: a. bij of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of de Woningwet zijn gebouwd; b. nog kunnen worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of een bouwvergunning op grond van de Woningwet. 1.15

Bestemmingsgrens

De grens van een bestemmingsvlak. 1.16

Bestemmingsplan

De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij horende bijlagen. Zie ook: 1.61 Plan. 1.17

Bevi-inrichting

Een inrichting als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het Besluit externe veiligheid inrichtingen. 1.18

Bezorgdienst

Vorm van een distributiebedrijf dat elektronisch geplaatste en afgerekende bestellingen van, meestal dagelijkse, consumentengoederen bij de klant thuisbezorgt, waarbij het bedrijf vaak een korte tijd tussen de bestelling en de bezorging van de goederen aanbiedt. 1.19

Bijbehorend bouwwerk

Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak (bron: Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht). 1.20 a. b.

Bijzondere bouwlaag

Een bouwlaag die aan de voorzijde of eventueel aan de achterzijde een hellend dakvlak heeft en voor het overige deel plat is afgedekt, dan wel; Een ten opzichte van de voorgevel terugliggende bouwlaag.

1.21

Bouwen

Het plaatsen, oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

5

1.22

Bouwgrens

De grens van een bouwvlak. 1.23

Bouwlaag

Een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of nagenoeg gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van een onderbouw, een kap en een bijzondere bouwlaag. 1.24

Bouwperceel

Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.25

Bouwwerk

Een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.26

Buurtactiviteit

Activiteit voor en door bewoners uit de omgeving van de locatie waar de activiteit plaatsvindt met een verwaarloosbare planologische uitstraling op de omgeving, zoals activiteiten van bewonersorganisaties, het verenigingsleven, ouderen- en jongerenwerk, huiswerkbegeleiding, muziekles, burendag, kaartclubs en scouting. Hieronder worden in ieder geval niet verstaan kinderdagverblijven, buitenschoolse opvang, religieuze voorzieningen, voorzieningen voor verslavingszorg of vergelijkbare maatschappelijke voorzieningen of een horeca-activiteit van de Lijst met Horeca activiteiten. 1.27

Consumentenvuurwerk

Consumentenvuurwerk als bedoeld in artikel 1.1.1 van Vuurwerkbesluit. 1.28

Cultuurhistorische waarde

De aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde in verband met historische kenmerken. 1.29

Dakopbouw

Het direct onder het dak liggende deel van een hoofdgebouw, waarin zich een of meer verblijfsruimten bevinden en dat zich bouwkundig van de ondergelegen bouwlagen onderscheidt, bijvoorbeeld door de constructie, de vorm of door de terug liggende voorgevel. 1.30

Detailhandel

Het bedrijfsmatig verkopen van consumentengoederen in een winkel. 1.31

Detailhandel in volumineuze goederen

Een detailhandelsbedrijf te onderscheiden in de volgende categorieën: a. b. c. d. e.

detailhandel in volumineuze goederen, als auto's, keukens, badkamers, boten, motoren, caravans, landbouwwerktuigen en grove bouwmaterialen en daarmee rechtstreeks samenhangende artikelen, zoals accessoires, onderhoudsmiddelen, onderdelen of materialen; grootschalige detailhandel in recreatie-, en sport- en vrije tijdsartikelen; tuincentra; grootschalige meubeldetailhandel inclusief woninginrichting en stoffering; bouwmarkten.

1.32

Dienstverlening

Het bedrijfsmatig verlenen van een dienst of van hulp aan een klant, bijvoorbeeld door een kapper, een stomerij of wasserette, een pedicure, een bankfiliaal, een reisbureau of een uitzendbureau. 1.33

Eigen toegang

De officiële ingang van een woning, wat blijkt uit de volgende kenmerken: 6

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

Utrecht

 

de ingang heeft een huisnummer dat de gemeente aan die ingang heeft toegekend en de ingang is bereikbaar vanaf de straat of vanuit een gemeenschappelijke hal.

1.34

Evenement

Georganiseerde, publieke, bijzondere gebeurtenis. 1.35

Functie

Een onderscheidend kenmerk van een locatie waaruit blijkt voor welke activiteiten de locatie bedoeld of geschikt is; functie in de zin van artikel 4.2 van de Omgevingswet; bestemming als bedoeld in artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening. 1.36

Gebouw

Een bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.37

Groen

Park, plantsoen, berm of erf waar planten en bomen groeien of kunnen groeien; oppervlaktewater. 1.38

Grondwerk

Activiteit die het verstoren van de bodem of de daarop aanwezige beplanting tot gevolg kunnen hebben zoals graven, ploegen, ophogen, het aanbrengen of verwijderen van verharding, het leggen van leidingen, het dempen van oppervlaktewater of het aanbrengen van drainage, funderingen, constructies of apparatuur in de bodem; activiteit in de zin van artikel 3.3, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening. 1.39

Hoofdgebouw

Een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn aard, functie, constructie of afmetingen of gelet op de bestemming als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken. 1.40

Hoogteaccent

Een incidenteel en rank gebouw of een beperkt onderdeel van een gebouw, met een afwijkende bouwhoogte naar boven ten opzichte van de direct omliggende bebouwing, dat dient als markering of oriëntatiepunt van een plek in een wijk of buurt. 1.41

Horeca

Het bedrijfsmatig verstrekken van drank of etenswaren voor gebruik ter plaatse of het exploiteren van zaalaccommodatie. 1.42

Inwoning

Het wonen in een woonruimte die deel uitmaakt van een woning waarin een ander huishouden woont. 1.43

Kaart

De digitale weergave van het grondgebied van de gemeente dat bij een bestemmingsplan hoort, waarop de locaties en aanduidingen die in de regels worden genoemd zijn ingetekend op een topografische ondergrond, met uitzondering van locaties of aanduidingen die voor het hele grondgebied van dat bestemmingsplan gelden.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

7

1.44

Kas

Bouwwerken van glas of ander lichtdoorlatend materiaal ten behoeve van de agrarische bedrijfsvoering met een hoogte van anderhalve meter of meer, trek-, tunnel-, schaduw-, boog- en gaaskassen daaronder begrepen. 1.45

Kantoor

Een gebouw waarin gebruikers meer dan 80% van de ruimte inrichten en gebruiken als kantoorruimte. 1.46

Kantoorruimte

Een gebouw of ruimte waarin hoofdzakelijk werkzaamheden worden verricht aan een bureauopstelling, in combinatie met vergaderruimten; de werkzaamheden zijn onder meer: a. b. c. d. e. f. g.

administratieve en beleidsmatige werkzaamheden en alle daarmee gelijk te stellen bureaugebonden activiteiten; commerciële, creatieve en technische bureaugebonden werkzaamheden, inclusief callcenter, desktop-publishing en softwareproductie; werkzaamheden aan desktop, laptop, CAD-CAM-apparatuur; zakelijke ontvangst van externen, vergaderingen en presentaties, ondergeschikt aan de hoofdfunctie van de onderneming; entree en receptiehal; interne en externe opleidingen, workshops, seminars en congressen in zaalruimten in het gebouw van een onderneming worden beschouwd als onderdeel van de kantoorfunctie; functies binnen een kantoorhoudend bedrijf die behoren bij het normale kantorengebruik zoals een postkamer, interne serverruimte en interne archiefruimte, worden beschouwd als onderdeel van de kantoorruimte.

1.47

Kap

Een gesloten en hellend of gedeeltelijk hellend dak. 1.48

Kelder

Het doorlopende gedeelte van een gebouw, dat geheel onder het peil ligt. 1.49

Lijst van bedrijfsactiviteiten

Lijst die een onderverdeling van bedrijfsactiviteiten aangeeft. De onderverdeling is gemaakt op basis van de te verwachten invloed van een activiteit op de omgeving. De lijst maakt deel uit van de regels. 1.50

Lijst van bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving

Lijst die deel uitmaakt van deze regels, waarin bedrijfsactiviteiten zijn opgenomen die passen op een locatie met woningen. 1.51

Lijst van horeca-activiteiten

Lijst die een onderverdeling van horeca-activiteiten aangeeft. De onderverdeling is gemaakt op basis van de te verwachten invloed van een activiteit op een nabij gelegen of omringende woonomgeving. De lijst maakt deel uit van de regels. 1.52

Lintbebouwing

Een lange rij vrijstaande huizen of andere hoofdgebouwen langs een weg. De gebouwen staan vergeleken met andere stedelijke bebouwing ver van elkaar af. De weg is meestal een uitvalsroute, een landelijke weg of een weg die naast een rivier of kanaal ligt of was vroeger zo'n weg. Bepalend voor het bebouwingsbeeld van deze wegen is de ruimte tussen de hoofdgebouwen met doorzichten naar het achterliggende landschap. Voorbeelden in Utrecht: de Gageldijk, de Koningsweg, de Zandweg, de Thematerweg, de Meerndijk, de Nedereindseweg.

8

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

Utrecht

1.53

Logies verstrekken

Ruimte of complex van ruimten die tegen betaling voor een periode voor overnachtingen worden aangeboden. Er zijn verschillende vormen van accommodatie, bijvoorbeeld hotel voor kort verblijf, middellang zakelijk verblijf (“short stay”), de woning of een deel van de woning aanbieden als accommodatie (particuliere vakantieverhuur, bed-and-breakfast). 1.54

Maatschappelijke voorzieningen

Voorzieningen voor volksgezondheid, religie, onderwijs, kinderopvang, buitenschoolse opvang, openbare orde en veiligheid en daarmee gelijk te stellen sectoren, niet zijnde bioscopen en theaters, met daaraan ondergeschikt detailhandel en horeca ten dienste van deze voorzieningen. 1.55

Nutsvoorzieningen

Voorzieningen zoals transformatorhuisjes en andere bouwwerken voor het leveren van gas, elektriciteit of internettoegang, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie. 1.56

Omgevingsvergunning

De omgevingsvergunning zoals bedoeld in artikel 5.1 van de Omgevingswet, voor activiteiten die geregeld worden in het omgevingsplan. 1.57

Omzetting (van een woning)

Zelfstandige woonruimte, of een deel daarvan, in gebruik geven of laten geven als onzelfstandige woonruimte. Ook het in stand laten van het gebruik van zelfstandige woonruimte als onzelfstandige woonruimte valt onder het begrip omzetting. 1.58

Onzelfstandige woonruimte

Woonruimte die niet voldoet aan de begripsbepaling zelfstandige woonruimte. 1.59

Particuliere vakantieverhuur

Incidentele verhuur van een woning voor een korte periode aan toeristen of aan andere bezoekers van de gemeente door de eigenaar-bewoner, die tijdens de verhuur meestal niet in de woning aanwezig is. 1.60

Peil

1. Voor een gebouw, waarvan de hoofdtoegang grenst aan de weg: de hoogte van de kruin van de weg. 2. Voor andere gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld. 3. Voor gebouwen die grenzen aan een dijk: de hoogte van de kruin van de dijk ter plaatse van het bouwwerk. 1.61

Plan

Het bestemmingsplan Chw bestemmingsplan De Meern Noord van de gemeente Utrecht met identificatienummer NL.IMRO.0344.BPCHWDEMEERNNOORD-VA01. 1.62

Publieksfunctie

Functie die publiek aantrekt, zoals buurtvoorzieningen, horeca, cultuur of vermaak. 1.63

Seksinrichting

Een voor klanten toegankelijke ruimte of meerdere besloten ruimten in elkaars nabijheid, waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof dit bedrijfsmatig is, seksuele handelingen, al dan niet met een sekswerker, tegen vergoeding worden verricht. 1.64

Shishalounge

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

9

Een shishalounge is een bedrijfsgebouw met een ruimte waar een waterpijp gerookt kan worden. Als daarbij een drankje en een hapje wordt aangeboden, dan is het een horecabedrijf. 1.65

Volkstuin

Gronden waarop voor particulier gebruik op recreatieve wijze voedings- en siergewassen worden geteeld. 1.66

Voorgevelrooilijn

Een lijn die wordt bepaald door de naar het openbaar toegankelijk gebied, zoals de weg, openbaar groen of water, gekeerde gevel of het verlengde daarvan, van een hoofdgebouw. 1.67

Wgh- inrichting

Bedrijf zoals bedoeld in artikel 2.4 van het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer die in belangrijke mate geluidshinder kunnen veroorzaken. 1.68

Winkel

Een pand waar de activiteit detailhandel plaatsvindt. 1.69

Woning

Het complex van ruimten dat een zelfstandige woonruimte vormt, bedoeld voor de permanente huisvesting van één afzonderlijk huishouden. 1.70

Woningvorming

Een woning verbouwen tot twee of meer woningen of het zodanig inrichten, gebruiken of laten gebruiken van een deel van de woning dat er feitelijk twee of meer woningen ontstaan. Ook het in stand laten van de verbouwing of inrichting of het gebruik van de extra woning valt onder het begrip woningvorming. Dat een extra woning is ontstaan, kan in ieder geval opgemaakt worden uit de aanwezigheid van een keuken in die nieuwe woning. 1.71

Woonruimte

Besloten ruimte die, al dan niet tezamen met één of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor de bewoning door één huishouden. 1.72

Zelfstandige woonruimte

Woonruimte die een eigen toegang heeft en die door één huishouden kan worden bewoond zonder daarbij afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen, zoals een badruimte, een toilet en een keuken buiten de woonruimte. 1.73

Zorgwoning

Woning voor een bewoner die aantoonbaar en vaker dan dagelijks langdurige, professionele zorg, toezicht of begeleiding nodig heeft, zoals zorg die geboden wordt op grond van de Wet langdurige zorg of zorg in de vorm van beschermd wonen (artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015).

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van de regels worden onderstaande regels over het meten en berekenen gebruikt. 2.1

Hoogtematen

1. De hoogte van een bouwwerk: de afstand vanaf het peil tot aan het hoogste punt van het gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2. De goothoogte van een bouwwerk: de afstand vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, de druiplijn, het boeiboord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 3. De hoogte van een kap: de afstand vanaf de bovenkant van de goot, de druiplijn, het boeiboord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel tot het hoogste punt van de kap; 10

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

Utrecht

4. De verticale bouwdiepte: vanaf het peil tot aan het laagste punt van een ondergronds bouwwerk, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals funderingen of heipalen. Als de vloer het laagste punt is dan geldt de onderkant van de vloer. 2.2

Dakhelling

De hoek die het dakvlak maakt ten opzichte van het horizontale vlak. 2.3

Oppervlakte

1. De oppervlakte van een bouwwerk: de oppervlakte, gemeten tussen de buitenwerkse gevelvlakken of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2. Bruto vloeroppervlakte (b.v.o.): het totaal van de binnen een gebouw beschikbare vloeroppervlakte van alle verdiepingen, inclusief kelders en souterrains. 3. Verkoopvloeroppervlakte (v.v.o.): de totale oppervlakte van de voor publiek toegankelijke en zichtbare winkelruimte, inclusief de etalageruimte en de ruimte achter de toonbank. 4. Bedrijfsvloeroppervlakte:de totale vloeroppervlakte van een kantoor, winkel of bedrijf, met inbegrip van de magazijnen en overige dienstruimten. Gebouwde, ondergrondse of half verdiept gelegen, parkeervoorzieningen worden hierbij niet meegeteld. 5. De gebruiksoppervlakte van woonruimte: met toepassing van de norm NEN 2580. 2.4

Inhoud

De inhoud van een bouwwerk: de inhoud, gemeten tussen    2.5

de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels, het hart van de scheidsmuren en de buitenzijde van daken en dakkapellen. Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

11

Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1

Functies

Bedrijf - Bedrijf tot en met categorie 2

Doel van de functie

Locaties met de functie Bedrijf - Bedrijf tot en met categorie 2 zijn bedoeld voor bedrijven die op de Lijst van bedrijfsactiviteiten staan en die zijn ingedeeld in categorie 1 of 2. 3.2

Activiteiten die bij de functie passen

1. Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals bedrijfsactiviteiten in categorie 1 of 2 of het aanleggen en gebruiken van tuinen en erven, water, waterberging, verkeers-, parkeer- en groenvoorzieningen. 2. Op de locatie met de aanduiding 'bouwbedrijf' is het bestaande bouwbedrijf met een categorie van 3.1 toegestaan. 3.3

Activiteiten met een vergunning

1. In aanvulling op de regels in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen geldt ter plaatse van de specifieke bouwaanduiding - 1 dat het maximale bebouwingspercentage van het bouwperceel 80% mag bedragen. 2. In aanvulling op de regels in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen geldt ter plaatse van de specifieke bouwaanduiding- 2 dat de maximale oppervlakte aan bebouwing 225 m² mag bedragen. 3.4

Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. activiteiten waarvoor een milieueffectrapportage uitgevoerd moet worden; 2. het opslaan van goederen met een totale stapelhoogte van meer dan 4 meter op onbebouwde gronden; 3. het gebruiken van bedrijfsruimte als zelfstandige kantoren.

Artikel 4 4.1

Bedrijf - Nutsvoorziening

Doel van de functie

Locaties met de functie Bedrijf - Nutsvoorziening zijn bedoeld voor gebouwde nutsvoorzieningen. 4.2

Activiteiten die bij de functie passen

Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals: 1. 4.3

het aanleggen en gebruiken van tuinen, erven, nutsvoorzieningen, verkeers-, parkeer- en groenvoorzieningen. Activiteiten die niet mogen

Met uitzondering van activiteiten die op grond van lid 4.2 zijn toegestaan zijn de volgende activiteiten in ieder geval verboden: 1. Het opslaan van goederen met een totale stapelhoogte van meer dan 4 meter op onbebouwde gronden.

Artikel 5 5.1

Detailhandel

Doel van de functie

Locaties met de functie Detailhandel zijn bedoeld voor detailhandel. 5.2

Activiteiten die bij de functie passen

Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals:

12

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

Utrecht

1. het ter plaatse bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling, en het verkopen van consumentengoederen; 2. tuinen, erven, parkeervoorziening en waterberging. 5.3

Activiteiten die niet mogen

Met uitzondering van activiteiten die op grond van lid 5.2 zijn toegestaan zijn de volgende activiteiten in ieder geval verboden: 1. detailhandel in volumineuze goederen.

Artikel 6 6.1

Groen

Doel van de functie

Locaties met de functie Groen zijn bedoeld voor groen met de daarbij behorende voorzieningen, vergroting van de leefbaarheid en een gezond leefklimaat, water en speel- en verblijfsplekken. Locaties met de functie Groen zijn ook bedoeld voor groen dat een gezond leefklimaat voor flora en fauna vergroot, de biodiversiteit stimuleert en voedsel en schuilgelegenheid biedt aan dieren. 6.2

Activiteiten die bij de functie passen

1. Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals het aanleggen, gebruiken en in stand houden van groenvoorzieningen, voet- en fietspaden, bruggen, duikers en faunapassages, geluidwerende voorzieningen, veldjes voor het uitlaten van honden, waterberging, watergangen, waterpartijen, ontmoetingsplaatsen al dan niet met zitbanken of speeltoestellen, kunstobjecten. 6.3

Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. het aanleggen van parkeervoorzieningen voor motorvoertuigen; 2. het aanleggen van ontsluitingswegen voor aangrenzende functies (bestemmingen); 3. het houden van evenementen die niet voldoen aan de eisen van de Algemene Plaatselijke Verordening; 4. activiteiten die bomen aantasten; 5. activiteiten die de biodiversiteit aantasten, met uitzondering van gebruik van het groen dat op een locatie normaal is.

Artikel 7 7.1

Kantoor

Doel van de functie

Locaties met de functie kantoor zijn bedoeld voor kantoren. 7.2

Activiteiten die bij de functie passen

Activiteiten die passen bij de functie zijn toegestaan, zoals: 1. het gebruiken van ruimtes voor kantooractiviteiten. 2. het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen en erven, verkeers-, parkeer- en groenvoorzieningen, watergangen en waterpartijen. 7.3 a.

Activiteiten met een vergunning in aanvulling op de regels in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen en de regels in 18.3 onder a en b geldt ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 7' dat de maximale bouwhoogte 9 meter bedraagt.

Artikel 8 8.1

Maatschappelijk

Doel van de functie

Locaties met de functie Maatschappelijk zijn bedoeld voor maatschappelijke voorzieningen.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

13

8.2

Activiteiten die bij de functie passen

1. Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals: a. het gebruiken van ruimtes voor scholen, medische - en paramedische diensten, buitenschoolse opvang, kinderdagverblijf, buurtactiviteiten; b. het aanleggen en gebruiken van tuinen en erven, verkeers-, parkeer-, groen- en speelvoorzieningen. 8.3

Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. horeca-activiteiten en shisha-lounges die niet op grond van lid 8.2 onder 2 zijn toegestaan en andere activiteiten die buiten de openingstijden van winkels publiek trekken.

Artikel 9 9.1

Maatschappelijk - Begraafplaats

Doel van de functie

Locaties met de functie Maatschappelijk - Begraafplaats zijn bedoeld voor het begraven, bijzetten of verstrooien van stoffelijke resten van overledenen en de daarbij horende bouwwerken en voorzieningen. Tot begraafplaats wordt gerekend terrein voor het begraven van mensen, bijbehorende gebouwen en/of bouwwerken, parken, tuinen, parkeerterreinen en groen of een terrein waar begraven, bijgezet of verstrooid kan worden, niet gelegen rond een kerk, in die zin te onderscheiden van kerkhof. 9.2

Activiteiten die bij de functie passen

1. Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals: a. het plaatsen en onderhouden van bouwwerken op een graf, van bouwwerken voor het bijzetten, het aanleggen en onderhouden van graven, tuinen, paden, ontmoetingsplaatsen voor uitvaartceremonies; b. voorzieningen die nodig zijn voor deze activiteiten, zoals parkeerplaatsen en bouwwerken die voor het onderhoud van een begraafplaats. 2. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - wijkfunctie' is het uitoefenen van een buurtcentrum binnen het pand toegestaan. 3. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - horeca in de categorie D3' is een horecabedrijf in categorie D3 van de Lijst van Horeca-activiteiten toegestaan. 9.3

Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. horeca-activiteiten en shisha-lounges die niet op grond van lid 9.2 onder 2 zijn toegestaan en andere activiteiten die buiten de openingstijden van winkels publiek trekken; 2. zaalverhuur. 9.4

Bouwregels

9.4.1 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde 1. In aanvulling op de regels in artikel 21.1 mogen bijhorende bouwwerken die zonder omgevingsvergunning zijn toegestaan enkel achter de achtergevel van het hoofdgebouw gerealiseerd worden.

Artikel 10 10.1

Milieuzone - boringsvrije zone

Doel van de functie

Locaties met de aanduiding 'Milieuzone - boringsvrije zone' zijn, naast de voor die gronden aangewezen functie, ook bedoeld voor het behoud van de beschermende laag in de bodem, de boringsvrije zone van het grondwaterwingebied Leidsche Rijn. 10.2

Bescherming van de functie

Het roeren van gronden, zoals het maken van boorputten, grond- en funderingswerken, dieper dan 40 meter onder het maaiveld is niet toegestaan, tenzij hiervoor toestemming van de provincie Utrecht is verkregen. 14

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

Utrecht

Artikel 11 11.1

Recreatie - Volkstuin

Doel van de functie

Locaties met de functie Recreatie - Volkstuin zijn bedoeld voor tuinen waar de gebruiker van een tuin als hobby tuiniert of ondergeschikt aan de activiteiten op de volkstuin daar als ontspanning kort verblijft. 11.2

Activiteiten die bij de functie passen

Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals 1. tuinen, erven en toegangswegen, wandelpaden, waterberging, groen- en speelvoorzieningen, bouwwerken, geen gebouwen zijnde die passen op een volkstuin. 2. bouwactiviteiten zijn verboden, met uitzondering van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, waarbij het maximum-bebouwingspercentage ten hoogste 15% per volkstuin en het maximumbouwoppervlakte ten hoogste 40 m2 per volkstuin bedraagt. 11.3

Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn verboden: 1. het overnachten op de volkstuin; 2. het op de volkstuin verkopen van daar geteelde of gekweekte producten.

Artikel 12 12.1

Verkeer

Doel van de functie

Locaties met de functie Verkeer zijn bedoeld voor verkeerswegen voor het doorgaande verkeer met het bestaande aantal rijstroken en de bijbehorende voorzieningen. 12.2

Activiteiten die bij de functie passen

Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals het aanleggen, gebruiken en in stand houden van in- en uitvoegstroken, kruisingen, viaducten, bruggen, duikers, fiets- en voetpaden, geluidwerende voorzieningen, halteplaatsen, groenvoorzieningen, water, waterberging, voorzieningen voor het onderhoud, reclame-uitingen en kunstobjecten. 12.3

Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. 2.

het vergroten van het aantal rijstroken voor gemotoriseerd verkeer; het verbreden van rijstroken voor gemotoriseerd verkeer.

Artikel 13 13.1

Verkeer - Verblijfsgebied

Doel van de functie

Locaties met de functie Verkeer - Verblijfsgebied zijn bedoeld voor verblijf in de openbare ruimte, langzaam verkeer, gemotoriseerd verkeer, groen en water, en de bijbehorende voorzieningen. 13.2

Activiteiten die bij de functie passen

1. Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals het aanleggen, gebruiken en in stand houden van rijwegen, voet- en fietspaden, groenvoorzieningen, bruggen, duikers, parkeerplaatsen, standplaatsen, kleine gebouwde parkeervoorzieningen voor fietsen, geluidwerende voorzieningen, speelvoorzieningen en kunstobjecten. 2. Het plaatsen en gebruiken van terrassen die voldoen aan de eisen van de horecaverordening en het terrassenreglement is toegestaan bij een horecagelegenheid. 13.3

Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. het houden van evenementen die niet voldoen aan de eisen van de Algemene Plaatselijke Verordening. bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

15

Artikel 14 14.1

Vrijwaringszone - straalpad

Doel van de functie

Locaties met de functie 'Vrijwaringszone - straalpad' zijn, behalve voor de daar voorkomende functies, ook bedoeld voor een straalverbinding. 14.2

Bescherming van de functie

Om de locatie te beschermen zijn de volgende regels van toepassing: 1. In afwijking van de regels bij de andere functies mag niet hoger worden gebouwd dan 24 meter ten opzichte van NAP. 2. Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van de regel onder 1 voor het bouwen overeenkomstig de andere functies, mits vooraf advies is verkregen van de beheerder van de straalverbinding.

Artikel 15 15.1

Water

Doel van de functie

Locaties met de functie Water zijn bedoeld voor oppervlaktewater, oevers, taluds, groen en de bijhorende voorzieningen. 15.2

Activiteiten die bij de functie passen

Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals activiteiten voor het waterbeheer en voor waterberging, het aanleggen, gebruiken en in stand houden van taluds, beschoeiingen, kademuren, kruisingen met verkeer, bruggen, duikers, sluizen, groenvoorzieningen en kunstobjecten. 15.3

Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. het dempen van oppervlaktewater; 2. het bouwen of aanleggen, in stand laten of aangelegd laten van gebouwen of boten voor het wonen of voor de vestiging van een bedrijf.

Artikel 16 16.1

Waterstaat - Waterkering

Doel van de functie

Locaties met de functie Waterstaat - Waterkering zijn primair bedoeld voor een waterkering. 16.2

Bescherming van de locatie

Om de locatie te beschermen zijn de volgende regels van toepassing: 1. de activiteiten bouwen en grondwerk zijn verboden; 2. de regel onder 1 geldt niet: a. voor een activiteit die nodig is voor het onderhoud van de waterkering en de daarbij horende voorzieningen; b. voor het bouwen van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, dat bij de functie hoort en niet hoger is dan 2 meter of: c. als voor de activiteit een omgevingsvergunning is verleend om af te mogen wijken van de regel onder 1.

Artikel 17 17.1

Wijkcentrumfunctie

Doel van de functie

Locaties met de functie Wijkcentrumfunctie zijn bedoeld voor gebouwen waarin op de begane grond ruimte is voor activiteiten die passen bij winkelend publiek en op de verdiepingen voor woningen, met de daarbij horende voorzieningen. 17.2 16

Activiteiten die bij de functie passen

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

Utrecht

1. Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan: a. op de begane grond: activiteiten die tijdens openingstijden van winkels publiek trekken, zoals het gebruiken van ruimtes voor winkels, dienstverlening, bibliotheken, medische en paramedische diensten alsook toegangen voor de woningen en bijbehorende bergingen en; b. het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen, erven, voorzieningen voor waterberging, toegangspaden, ontsluitingswegen, parkeervoorzieningen, voorzieningen voor woningen c. op de verdiepingen: activiteiten die passen in een woning. 2. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - horeca van categorie B tot en met horeca categorie D3' is op de begane grond het uitoefenen van een horecabedrijf in categorie B, C, D1, D2 en D3 van de Lijst van Horeca-activiteiten toegestaan. 17.3

Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. horeca-activiteiten en shisha-lounges die niet op grond van lid 17.2 onder 2 zijn toegestaan en andere activiteiten die buiten de openingstijden van winkels publiek trekken; 2. het gebruiken van een ruimte voor afhaalzaken en belhuizen; 3. het rijden met winkelwagentjes over een gladde ondergrond waarbij het bronvermogen meer is dan 80 dB (A); 4. detailhandel in volumineuze goederen; 5. het uitsluitend uitstallen van goederen, waarbij de goederen niet in de winkel gekocht kunnen worden (showroom); 6. (internet)afhaalpunt.

Artikel 18 18.1

Wonen

Doel van de functie

Locaties met de functie Wonen zijn bedoeld voor woningen met de daarbij horende voorzieningen. 18.2

Activiteiten die bij de functie passen

Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals: 1. De activiteiten die passen in een woning. 2. Het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen, erven, parkeervoorzieningen, waterberging, toegangspaden en ontsluitingswegen. 3. Op locaties met de aanduiding 'Werken in de wijk' is op de begane grond ook toegestaan: het gebruiken van ruimtes voor bedrijfsactiviteiten in categorie A of B1 van de Lijst van bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving, administratieve werkzaamheden, dienstverlening en maatschappelijke voorzieningen. 4. Op locaties met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - horeca in categorie D2' is op de begane grond het uitoefenen van een horecabedrijf in categorie D2 van de Lijst van Horeca-activiteiten toegestaan; 5. Op locaties met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca- horeca tot en met C' is op de begane grond het uitoefenen van een horecabedrijf in categorie D1, D2 en C van de Lijst van Horeca-activiteiten toegestaan. 6. Op locaties met de aanduiding 'detailhandel' is op de begane grond ook detailhandel toegestaan. 7. In een woning met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bijzondere woonvorm' zijn bijzondere woonvormen met sociaal-medische voorzieningen ook toegestaan. 8.

Op de locatie met de aanduiding 'garageboxen' zijn uitsluitend bestaande garages of bergingen toegestaan voor het parkeren van auto's, stallen van fietsen, het opslaan van andere goederen die voor het huishouden gebruikt worden en nutsvoorzieningen. 18.3 a. b.

Activiteiten met een vergunning

In aanvulling op de regels in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen mag op een locatie met de aanduiding 'maximum goot- en bouwhoogte', 'maximum goothoogte' of 'maximum bouwhoogte' het hoofdgebouw tot de maximum aangegeven goot- en/of bouwhoogte worden gebouwd. In aanvulling op de regels in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen en de regels in artikel 18.3 onder a geldt het volgende voor gebouwen binnen de aangegeven aanduidingsvlakken:

specifieke

maximale

maximale

maximaal

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

overig 17

maximaal

aantal

bouwaanduiding-

inhoud (m³)

3 4 5 6

600 600

c.

d.

e.

f. g.

oppervlakte inclusief aanen uitbouwen (%) van het perceel 25 25

bebouwingspercentage van het aanduidingsvlak (%) 20 20

oppervlakte bebouwing (m²)

bouwlagen

zie sub a 150 100 2

600 in aanvulling op de regels in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen en de regels in artikel 18.3 onder a en b geldt ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 3' dat: 1. de breedte van de voorgevel niet meer mag bedragen dan 12 meter; 2. de afstand tussen de zijgevels van de gebouwen van aan elkaar grenzende bouwpercelen minimaal 6 meter bedraagt; 3. de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens minimaal 3 meter bedraagt; 4. de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens grenzend aan de weg of wegen of groen en de voorgevel van de woning, op enig punt minimaal 4 meter en maximaal 10 meter bedraagt. in aanvulling op de regels in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen en 18.3 onder a en b geldt ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 4' dat: 1. de breedte van de voorgevel niet meer mag bedragen dan 12 meter; 2. de afstand tussen de zijgevels van de gebouwen van aan elkaar grenzende bouwpercelen minimaal 4 meter bedraagt; 3. de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens minimaal 3 meter bedraagt; 4. de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens grenzend aan de weg of wegen of groen en de voorgevel van de woning, op enig punt minimaal 4 meter en maximaal 10 meter bedraagt.

in afwijking van de regels in lid 18.3 onder a ter plaatse van de aanduidingen 'specifieke bouwaanduiding - 3' en 'specifieke bouwaanduiding 4' geldt dat voor het realiseren van aan- en uitbouwen en bijgebouwen tot een gezamenlijke oppervlakte van 150 m² toegestaan is, als het totale bebouwingsoppervlakte van het perceel minder bedraagt dan 25%; in aanvulling op de regels in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen en het bepaalde in lid 18.3 onder a en b geldt ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 6' dat de minimale afstand tussen twee hoofdgebouwen minimaal 4 meter bedraagt. in afwijking van het de regels in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen en de regels in artikel 22.1 onder 1 en sub c geldt voor erkers dat burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning kunnen verlenen voor de vergroting van bestaande erkers of nieuwe erkers, onder voorwaarden dat: 1. aan de naar de weg gekeerde zijde van het hoofdgebouw alleen erkers mogen worden gebouwd als in de rij woningen al woningen met erkers aanwezig zijn; 2. de bouwgrens dan wel bestemmingsgrens van de aangrenzende bestemming met niet meer dan 1 meter wordt overschreden; 3. de breedte niet meer bedraagt dan 60% van gevelbreedte van het hoofdgebouw, met een maximum van 3,5 meter; 4. de hoogte niet meer bedraagt dan het vloerpeil van de eerste verdieping van het hoofdgebouw.

18.4

Activiteiten die niet mogen

1. het opheffen van bestaande parkeerplaatsen op het eigen perceel is verboden; 2. horeca-activiteiten en shisha-lounges die niet op grond van lid 18.2 onder 3 en 4 zijn toegestaan en andere activiteiten die buiten de openingstijden van winkels publiek trekken; 3. het gebruiken van een ruimte voor afhaalzaken en belhuizen; 4. het rijden met winkelwagentjes over een gladde ondergrond waarbij het bronvermogen meer is dan 80 dB (A); 5. detailhandel in volumineuze goederen.

18

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

Utrecht

Hoofdstuk 3 Artikel 19 19.1

Bouwen en slopen

Inleidende bepalingen over het bouwen

Werking van de regels in dit hoofdstuk

Regels in dit hoofdstuk blijven buiten toepassing voor zover zij niet te verenigen zijn met een regel over de toegewezen functie, met uitzondering van de regel in artikel 20, lid 20.2, die altijd van toepassing is. 19.2

Nieuwe bouwwerken

Het bouwen is alleen toegestaan als de activiteit bouwen past bij het doel van de functie en als ook de activiteit of activiteiten waar het bouwwerk voor gebouwd wordt passen bij het doel van de functie. 19.3

Bestaande bouwwerken

1. Bouwwerken die legaal zijn gebouwd zijn in overeenstemming met de regels die dit bestemmingsplan over de activiteit bouwen stelt. 2. Bouwwerken of voorzieningen die zijn gebouwd of aangebracht om te voldoen aan een voorwaarde van een regel over een functie die op een locatie geldt, mogen niet worden gesloopt, verwijderd of veranderd, als daardoor niet meer aan die voorwaarde wordt voldaan. 19.4

Voorbereiding van de bouw: peil aangeven, rioollijnen uitzetten

De bouw van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend mag in ieder geval niet beginnen, voordat het bevoegde gezag of zijn vertegenwoordiger:   

het straatpeil heeft aangegeven, en de rooilijnen en bouwgrenzen op het bouwterrein heeft uitgezet, of heeft vastgesteld dat het aangeven van het straatpeil of het uitzetten van rooilijnen niet nodig is.

Artikel 20 20.1

Bijzondere regels over bouwen

Voorwaardelijke verplichting over parkeren

1. Een vergunning voor het bouwen wordt alleen verleend, als vast staat dat er voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. 2. De regel onder 1 is niet van toepassing op het bouwen van bijbehorende bouwwerken, dakopbouwen of dakterrassen. 3. Aan de hand van beleidsregels waarin de normen voor parkeergelegenheid zijn opgenomen, stellen burgemeester en wethouders vast of aan de regel onder 1 wordt voldaan. 20.2

Woningvorming en omzetting

Het verbouwen, vervangen of vergroten van een woning die de vorming van een extra woning of de omzetting van zelfstandige naar onzelfstandige woonruimte tot gevolg heeft is alleen toegestaan als de eigenaar van de woning voldoet aan artikel 26, lid 26.3.

Artikel 21 21.1

Bouwen is toegestaan

Vergunningvrij bouwen

Op grond van dit bestemmingsplan is voor het bouwen geen vergunning nodig: 1. als wettelijk bepaald is dat een bouwactiviteit niet hoeft te voldoen aan de regels van het bestemmingsplan; 2. als de locatie niet is aangeduid als 'overige zone - omgevingskwaliteit' en a. als het bouwwerk op grond van de volgende leden van dit artikel is toegestaan of b. als in de regels over de toegewezen functie regels over het bouwen zijn opgenomen en het bouwen in overeenstemming is met die regels en met de regels in dit hoofdstuk. 21.2

Gevallen waarin het overschrijden van de bouwgrens is toegestaan

1. Een bouwgrens die geen bestemmingsgrens is mag, ongeacht de aanduidingen en regels over bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

19

maatvoering en situering, met maximaal 1,5 meter overschreden worden door bij gebouwen horende trappenhuizen, entreeportalen, veranda's, en afdaken of andere ondergeschikte bouwdelen. 2. De regel onder 1 geldt niet als daarbij gebouwd wordt op een locatie die in verband met een functie beschermd is met een verbod om te bouwen. 21.3

Bijbehorend bouwwerk dat aan een openbaar gebied grenst

1. Een bijhorend bouwwerk dat niet voldoet aan de bepaling in artikel 2, onderdeel 3, onder c, van Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht, maar wel voldoet aan de overige bepalingen van dat onderdeel, mag gebouwd worden, als het openbaar toegankelijke gebied een deel van een binnenterrein is dat aan alle zijden omgeven is door hoofdgebouwen 2. Voor de toepassing van de regel onder 1 wordt de versie van het Besluit omgevingsrecht gebruikt die geldt op de datum van vaststelling van dit bestemmingsplan. 21.4

Bouwen in de openbare ruimte

In de openbare ruimte is, als de toegewezen functies zich daartegen niet verzetten en de verkeersveiligheid, de waterveiligheid en de veiligheid van personen die in de openbare ruimte verblijven niet worden aangetast, het bouwen van de volgende voorzieningen toegestaan: 1. sport- of speeltoestellen die niet hoger zijn dan 4 meter en die uitsluitend functioneren met behulp van de zwaartekracht of de fysieke kracht van de mens; 2. geluidwerende voorzieningen en 3. kunstobjecten.

Artikel 22 22.1

Bouwen met vergunning

Bouwen buiten de bouw- en bestemmingsgrens

1. Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning verlenen voor het afwijken van de regels die op een locatie gelden en daarbij toestaan dat een bouw- en bestemmingsgrens, ongeacht de aanduidingen en regels over die functies of over de maatvoering en de situering, met maximaal 1,5 meter overschreden worden door: a. bij gebouwen horende trappenhuizen, entreeportalen, veranda's; b. andere ondergeschikte bouwdelen, zoals bij gebouwen horende stoepen, stoeptreden, hellingbanen; c. balkons, erkers en afdaken, als de vrije hoogte, gemeten van de onderzijde van het overschrijdende bouwdeel tot aan het aansluitende, afgewerkte maaiveld minimaal 2,2 meter bedraagt. 2. Burgemeester en wethouders verlenen de onder 1 bedoelde vergunning niet als: a. de overschrijding niet te verenigen is met het doel van de functie of b. de overschrijding onevenredige hinder voor aangrenzende percelen tot gevolg heeft of c. op een locatie die in verband met een functie beschermd is met een verbod om te bouwen. 22.2

Bouwen met een kleine afwijking van regels

Burgemeester en wethouders kunnen, voor zover geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen, een vergunning verlenen voor: 1. het afwijken van de regels die op een locatie gelden over hoogtenmaten en bebouwingspercentages met maximaal 10% van deze maten hoogten en percentages, voor zover de afwijking niet leidt tot een extra bouwlaag; 2. het afwijken van de regels voor het plaatsen van vlucht- of noodtrappen; 3. het overschrijden van de maximale bouwhoogte van gebouwen met maximaal 1,5 meter voor het plaatsen van hekwerken of borstweringen voor dakterrassen op een locatie zonder de aanduiding 'overige zone - bouwen'; 4. het afwijken van de regels voor het bouwen met een geringe afwijking van de plaats en richting van de bestemmingsgrenzen, als dit noodzakelijk is in verband met onnauwkeurigheden ten opzichte van de feitelijke situatie of in gevallen waar een rationele verkaveling van de gronden een kleine afwijking vraagt; 5. het afwijken van de regels over de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, voor een bouwhoogte van maximaal 10 meter; 6. het afwijken van de regels over de hoogte van bouwwerken voor een bouwhoogte van sirenemasten of masten voor mobiel dataverkeer toestaan tot maximaal 30 meter. 22.3 20

Hoofdgebouwen bouwen of verbouwen in de 'overige zone - bouwen'

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

Utrecht

1. Het is verboden om op een locatie met de aanduiding 'overige zone - bouwen' zonder vergunning een hoofdgebouw te bouwen of te verbouwen. 2. Burgemeester en wethouders verlenen een vergunning voor het bouwen of verbouwen alleen: a. als een nieuw of te verbouwen hoofdgebouw een bestaand hoofdgebouw op dezelfde plek vervangt en een omvang heeft die vergelijkbaar is met de te vervangen bebouwing; b. als een nieuw hoofdgebouw een bestaand hoofdgebouw op dezelfde plek vervangt, hoger is dan de te vervangen bebouwing en aan de volgende voorwaarden voldoet:  het nieuwe hoofdgebouw sluit beter aan bij de omringende bebouwing,  het woon- en leefklimaat of de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen gaan niet onevenredig achteruit vergeleken met het bestaande hoofdgebouw; c.

als een nieuw hoofdgebouw een bestaand, vrijstaand hoofdgebouw met een maatschappelijke functie vervangt en aan de volgende voorwaarden voldoet:  het nieuwe hoofdgebouw staat vrij en sluit in hoogte en situering goed aan bij de omringende bebouwing;  het woon- en leefklimaat of de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen gaan niet onevenredig achteruit vergeleken met het bestaande hoofdgebouw;  de geluidsbelasting op de gevels van het nieuwe hoofdgebouw voldoet aan de Wet geluidhinder en;  de invloed van factoren die schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid van de gebruikers van het hoofdgebouw en de daarbij behorende buitenruimtes is in vergelijking tot de te veranderen situatie aanvaardbaar; d.

als op een perceel dat deel uitmaakt van lintbebouwing een hoofdgebouw gesloopt wordt en op een ander deel van het perceel een nieuw hoofdgebouw gebouwd wordt, waarbij  het hoofdgebouw een woning is en de functie wonen heeft;  de beleving van het lint niet verslechtert,  de omvang van het grondvlak niet meer dan 20% en de bouwhoogte niet meer dan 10% groter is dan respectievelijk het grondvlak en de hoogte van het hoofdgebouw dat vervangen wordt,  de geluidsbelasting op de gevels van het nieuwe hoofdgebouw voldoet aan de Wet geluidhinder,  het woon- en leefklimaat of de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen niet onevenredig achteruit gaan vergeleken met de plek van het bestaande hoofdgebouw en  het straat- en bebouwingsbeeld niet onevenredig wordt aangetast; e. als de verbouw de vergroting van een hoofdgebouw met een bedrijfsfunctie betreft die  niet meer bedraagt dan 10% van het bedrijfsvloeroppervlak,  qua omvang aansluit bij de omringende bebouwing,  de hinder van het bedrijf op omliggende percelen niet groter maakt en  het woon- en leefklimaat of de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen niet onevenredig aantast; 22.4

Bouwen of verbouwen van ondergeschikte bouwwerken voor mantelzorg

Burgemeester en wethouders kunnen, in afwijking van artikel 21, lid 21.1, een tijdelijke vergunning verlenen voor het vergroten van een bijgebouw voor mantelzorg, ongeacht de gezamenlijke oppervlakte van aanbouwen en bijgebouwen, voor zover de vergroting voor het doel noodzakelijk is en geen onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende woonpercelen veroorzaakt. Zodra de vergunning vervalt, moet de vergroting ongedaan gemaakt worden voor zover die in strijd is met artikel 21, lid 21.1.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

21

22.5

Bouwen op locaties waar het bouwen in verband met de functie verboden is

1. Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning verlenen om af te wijken van een regel die een locatie in verband met een functie beschermt door de activiteit bouwen te verbieden, als het bouwwerk past bij het doel van de andere aan de locatie toegewezen functies en het doel van de beschermde functie niet doorkruist. 2. De vergunning wordt geweigerd, als het bouwen of het bouwwerk, gezien het belang van de te beschermen functie, schade of gevaar kan veroorzaken of als het te bouwen bouwwerk bij wet als kwetsbaar of zeer kwetsbaar object is aangewezen. 3. Burgemeester en wethouders betrekken het advies van de beheerder van de te beschermen functie bij het besluit over de vergunning. 4. Burgemeester en wethouders kunnen, om schade uit te sluiten of om gevaar te voorkomen, voorschriften aan de vergunning verbinden.

Artikel 23

Bouwen is niet toegestaan

Artikel 24

Slopen met vergunning

Het bouwen van andere bouwwerken dan de bouwwerken die op grond van de artikelen 19 tot en met 22 toegestaan zijn, is verboden.

24.1

Slopen op locaties waar het slopen in verband met de functie verboden is

1. Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning verlenen om af te wijken van een regel die een locatie in verband met een functie beschermt door de activiteit slopen te verbieden, als het slopen het doel van de beschermde functie niet doorkruist. 2. De vergunning wordt in ieder geval geweigerd als niet vaststaat dat het project waar het slopen deel van uitmaakt uitgevoerd mag worden. 3. Burgemeester en wethouders kunnen in de vergunning voorwaarden opnemen die verband houden met de veiligheid of met de functie, waaronder de voorwaarde dat de sloop alleen is toegestaan, als andere vergunningen voor het project onherroepelijk verleend zijn. 4. Bij de beoordeling van een aanvraag betrekken Burgemeester en wethouders het advies van de beheerder van de te beschermen functie bij het besluit over de vergunning.

22

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

Utrecht

Hoofdstuk 4 gebruiken Artikel 25 25.1

Gebouwen en locaties

Activiteiten die niet zijn toegestaan

Een activiteit moet passen bij het doel van functies

Activiteiten die niet passen bij het in de regels beschreven doel van een functie die aan een locatie is toegewezen, gelezen met toepassing van artikel 26, zijn verboden. 25.2

Activiteiten die in het algemeen niet mogen

1. De volgende activiteiten zijn verboden: a. het plaatsen, laten plaatsen of geplaatst houden van een onderkomen op een sta- of ligplaats op onbebouwde locaties; b. bedrijfsmatige seksactiviteiten; c. zelfstandige horeca-activiteiten, belhuizen en afhaalzaken; d. het aanbieden van logies; e. het permanent bewonen van stacaravans en recreatiewoningen; f. het kamperen op onbebouwde gronden; g. het wonen in vrijstaande bijbehorende bouwwerken; h. het opslaan van goederen voor de voorgevelrooilijn; i. het opslaan van goederen in de openbare ruimte, anders dan opslag die hoort bij een aan de openbare ruimte toegewezen functie; j. het opslaan van voertuigen, vliegtuigen, boten of onderdelen daarvan op onbebouwde locaties; k. het storten of het opslaan van puin en afvalstoffen op onbebouwde locaties, met uitzondering van het voor korte tijd opslaan van huishoudelijk tuinafval. 2. Het verbod onder 1 geldt niet voor locaties met een functie die de activiteit expliciet toestaat.

Artikel 26 26.1

Activiteiten in de woning, nieuwe woonruimte

Uniforme toepassing van regels over wonen

1. Locaties waar op grond van de toegewezen functie de activiteit wonen is toegestaan, zijn voor zover het die activiteit betreft uitsluitend bedoeld voor het wonen in een woning 2. Als de regels over een functie expliciet andere vormen van wonen toestaan, zoals het wonen in onzelfstandige woonruimtes of in zorgwoningen, dan: a. blijft de regel onder 1 buiten toepassing, als de regels over de functie uitsluitend die andere vormen toestaan, en anders b. wordt het onder 1 genoemde doel aangevuld met die vormen van wonen. 3. De regels over de aantallen, het type of de aard van woningen of woonruimtes die in verband met het doel van de functie wonen op een locatie gelden, blijven onverminderd van toepassing. 26.2

Algemene regels over wonen

1. De activiteit wonen is alleen toegestaan op locaties met de functie wonen. 2. In één woning woont slechts één huishouden. 3. Voor de toepassing voor deze regels worden de volgende situaties ook gezien als één huishouden: a. een eigenaar die als hoofdbewoner kamers verhuurt aan maximaal twee personen (hospitaregeling); b. een huishouden dat mantelzorg verleent, waarbij de ontvanger van mantelzorg in de woning woont of in een gebouw dat bij de woning hoort. 4. In afwijking van de regel onder 1 mag een bedrijfswoning, een woonboot en een woonwagen als woning gebruikt worden. 5. In afwijking van de regel onder 2 mogen meerdere huishoudens in een woning wonen, wanneer voldaan wordt aan één van de volgende voorwaarden: a. de eigenaar van de woning verhuurt de woning aan maximaal drie huishoudens en deze huishoudens bestaan gezamenlijk uit maximaal 3 volwassenen, ontvangers van mantelzorg niet meegerekend, b. de eigenaar van de woning heeft een vergunning of een schriftelijke toestemming van bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan De Meern Noord" (vastgesteld)

23

c. d. 26.3

burgemeester en wethouders die het gebruik van die woonruimte als onzelfstandige woonruimte toestaat, de eigenaar van de woning beschikt over een gedoogverklaring en de onzelfstandige bewoning heeft sinds het ontvangen van die verklaring onafgebroken plaatsgevonden in maximaal diezelfde omvang of de eigenaar kan aannemelijk maken dat de onzelfstandige bewoning voor 1 mei 1975 bestond en sindsdien onafgebroken heeft plaatsgevonden in maximaal diezelfde omvang. Woningvorming en omzetting

1. Het is verboden om zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte om te zetten of om een woning zo te veranderen dat er een extra woning ontstaat. 2. Het is verboden om een bijbehorend bouwwerk te gebruiken of in te richten als woning. 3. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van de regel onder 1 om woningvorming of omzetting toe te staan, als na toepassing van de algemene leefbaarheidstoets en de fysieke leefbaarheidseisen uit de 'Nadere regel Huisvestingsverordening gemeente Utrecht' blijkt dat kwalitatief goede onzelfstandige woonruimten of woningen ontstaan en er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. het woon- en leefmilieu; b. de privacy van omwonenden; c. de verkeers- of parkeersituatie; d. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen. 26.4

Bedrijf-aan-huis

1. Een bedrijf-aan-huis, met uitzondering van een bed-and-breakfast, voldoet aan de volgende voorwaarden: a. het bedrijf-aan-huis past in een woonomgeving, wat onder meer blijkt uit het feit dat de activiteiten geen bijzondere verkeersbewegingen of parkeerdruk veroorzaken in vergelijking tot een normaal gebruik van de woning; b. het totale vloeroppervlak van het bedrijf-aan-huis, de som van de oppervlaktes die bij de toepassing van de regels onder c, d en e gebruikt worden, bedraagt maximaal 60 m 2; c. het bedrijf-aan-huis gebruikt maximaal een derde deel van het bruto vloeroppervlak van de woning of de bedrijfswoning; d. het bijbehorend bouwwerk dat voor een bedrijf-aan-huis wordt gebruikt staat vrij, waarbij het bedrijf-aan-huis maximaal 40 m2 van het bruto vloeroppervlak van het bijbehorend bouwwerk gebruikt; e. in afwijking van de regel onder d kan een bedrijf-aan-huis maximaal 60 m2 bruto vloeroppervlak van een bijbehorend bouwwerk gebruiken, als het bruto vloeroppervlak van het bijbehorende bouwwerk groter is dan 100 m2; f. de bedrijfsactiviteiten worden binnen verricht; g. de bedrijfsactiviteiten bestaan uit de uitoefening van een beroep of uit activiteiten van een bedrijf in de categorie A of B1 van de Lijst van bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving; h.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=d4bbf861-aa98-4ea9-8250-65b1746fcce8