CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Stedenbouwkundig Plan Groenewoud hoofddocument.pdf

Commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken (2022-2026) 3 november 2022, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Stedenbouwkundig Plan Groenewoud24.496 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Stedenbouwkundig Plan Hoofddocument Groenewoud, Utrecht definitief juli 2022

Stedenbouwkundig Plan Groenewoud Utrecht

definitief juli 2022

Loostad bv Kraaijvanger Architects Urbis bureau voor stadsontwerp Buro Sant & Co Aveco de Bondt Gemeente Utrecht

Inhoudsopgave 1.

Inleiding 7

2. 2.1 2.2

Kaders Groenewoud 11 Locatie, kaders en ambities 11 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 23

3. 3.1 3.2 3.3

Stedenbouwkundig concept 29 Ruimtelijke opzet 29 Programma 53 Bouwvelden, woningtypen, dichtheden en basisverkaveling 59

4. 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5

Landschap en openbare ruimte 65 Structuur buitenruimte en water 65 Groen en natuur 75 Profielen 76 Bomenparagraaf 83 Aanleghoogtes 85

5.

Duurzaam Groenewoud: 87 ‘bouwen aan een betere levenskwaliteit’

6. 6.1 6.2 6.3 6.4

Civiele techniek 101 Milieu 101 Waterhuishouding 105 Buitenruimte 108 Archeologie 111

7. 7.1 7.2 7.3 7.4 7.5 7.6 7.7

Uitvoering 115 Totstandkoming en uitgifte 115 Fasering 115 Financiële uitvoerbaarheid 115 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 116 Vervolgstappen / planning 116 Bewaking beeldkwaliteit 116 Afwijkingen ten opzichte van startnotitie 117

Bijlagen 1. Participatie en klankbordgroep 2. Parkeren 3. Dijkprofielen 4. Warmte opwekkingssystemen 5. GPR 6. Geluidsrapport 7. Waterhuishouding 8. Civieltechnische profielen 9. Beeldkwaliteit 10. Alternatief bij volledige sloop bestaande hallen 11. Stedenbouwkundige randvoorwaardenkaart

T a a ts e n d ij

k

Asfaltcentrale / KWS-terrein Am st er da mRi jn ka na al

Me rc at or laa n

Pr 6

i

C ns

la

b us

ru

g

1. Inleiding

Achtergrond en opgave Het plan voor Groenewoud is in eerste instantie ontwikkeld tegen de achtergrond van de Ruimtelijke Strategie Utrecht 2016, zoals op 8 december 2016 door de raad is vastgesteld. Daarin is aangegeven dat in 2030 meer dan 400.000 mensen in Utrecht zullen wonen. De grote uitdaging bij deze groei is om de leefbaarheid van Utrecht te behouden en als het even kan te versterken. In de Ruimtelijke Strategie Utrecht 2016 (RSU 2016) wordt gekozen voor het faciliteren van de groei van de stad door inbreiding. In eerste instantie zijn de Merwedekanaalzone en het Beurskwartier aangewezen als de voornaamste prioritaire verdichtinglocaties. Ook Papendorp waarvan Groenewoud onderdeel uitmaakt, wordt in de RSU 2016 genoemd als potentiële verdichtingslocatie. De locatie Papendorp/Groenewoud is destijds niet als prioritair aangeduid vanwege de aanwezigheid van de asfaltcentrale. In 2017 tekenden de gemeente Utrecht, Loostad bv en KWS een intentieverklaring waarmee partijen een stap zetten tot het uitplaatsen van de Asfaltcentrale Utrecht. Om woningen in het gebied ten noorden van de Prins Clausbrug te realiseren is uitplaatsing van de asfaltcentrale een voorwaarde. Het Utrechts College stelde eerder de uitgebreide startnotitie “Groenewoud” (mei 2017) vast, deze is ter kennisneming verstuurd aan de Raad.

De uitwerking van het voorliggende SP is in eerste instantie gebaseerd op de uitgangspunten uit deze startnotitie. Inmiddels is op 15 juli 2021 door de Raad de Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 “Utrecht dichtbij: de tienminutenstad” (RSU 2040) vastgesteld, waarin rekening mee wordt gehouden dat Utrecht ook na 2030 verder groeit door inbreiding. Belangrijke aanvulling op de RSU 2016 is dat, middels de introductie van de stedelijke barcode, beter wordt geduid welke functies in aanvulling op wonen en werken aan de stad worden toegevoegd om invulling te kunnen geven aan het begrip “gezonde verstedelijking”. Papendorp/ Groenewoud wordt in de RSU aangemerkt als nieuw stadscentrum en is één van de knooppunten in het opgewaardeerde OV-netwerk. Bovendien is daarmee in samenhang op 15 juli 2021 door de Raad tevens een Mobiliteitsplan vastgesteld, waarin de in de RSU 2016 aangekondigde “Systeemsprong Mobiliteit” is uitgewerkt in meer concrete voorstellen. Utrecht kiest ervoor een stad te zijn die voorop loopt bij het realiseren van gezonde verstedelijking, energieneutraal en circulair, met aandacht voor ontmoeten en bewegen. Een inclusieve stad, bereikbaar voor een breed scala aan doelgroepen, waarbij gestuurd wordt op differentiatie tussen wijken.

Logischerwijs kiezen we daarom bij Groenewoud voor een andere benadering dan bij eerder genoemde prioritaire verdichtingslocaties, maar ook voor een andere benadering van het programma dan in de rest van Leidsche Rijn. Groenewoud is bovenal een schakelpunt tussen de rest van Leidsche Rijn en Utrecht Centrum. Mensen die kiezen voor een hoge mate van stedelijkheid, beperkt eigen autobezit en de nabijheid van voorzieningen zullen zich oriënteren op de gebieden rond het centrum van de stad en op Leidsche Rijn Centrum. Voor Groenewoud zullen juist veel gezinnen en mensen met een druk leven kiezen door de relatieve rust van deze nieuwe buurt. Groenewoud onderscheidt zich van de rest van Leidsche Rijn door een groter aandeel gestapelde woningbouw met een hogere dichtheid dan in de meeste andere delen van het stadsdeel en door een ander parkeerregime. Vanwege de ligging van het plangebied bij een kantoorlocatie met een hoge parkeerdruk en vanwege het voornemen een Mobliteitshub XL te realiseren ten westen van de asfaltcentrale wordt voorgesteld om Groenewoud – tezamen met het aangrenzende plangebied Papendorp Noord - als betaald parkeren gebied aan te merken. Hierdoor zal in Groenewoud een lagere parkeernorm gehanteerd worden dan elders in Leidsche Rijn. De plannen voor Papendorp-Noord zijn uitgewerkt in een SPvE.

In het gebied komen: een woonbuurt in de Taats-Noord, de Mobiliteitshub XL met deelvervoer en voorzieningen, Groenewoud-Noord – een woonbuurt die ten noorden van het KWS-terrein komt en het Taatsenplein met kantoren, wonen, horeca en winkels. Het programma bestaat o.a. uit minimaal 2.000 parkeerplaatsen, ca. 2.000 woningen, ca. 75.000 m² kantoren, ca. 7.000 m² bedrijvenruimte, ca. 4.500 m² aan voorzieningen (o.a. een supermarkt) en een hotel. Het voorliggende plan voor Groenewoud gaat uit van 1.500 woningen. Het gebied kenmerkt zich door de ligging aan het Amsterdam-Rijnkanaal (ARK) en ligt op korte afstand van voorzieningen zoals Winkel7

centrum Kanalen-eiland, Leidsche Rijn Centrum en de voorzieningen rond de Mobiliteitshub XL. Groenewoud krijgt een relatief hoge woningdichtheid van circa 73 woningen per hectare (netto plangebied) in combinatie met 55 tot 60 % uitgeefbaar terrein. Een groot deel van de te realiseren woningen profiteert van de kwaliteit van de Kanaalzone langs het Amsterdam-Rijnkanaal. In het ontwerp wordt zichtbaar dat het hier gaat om een schakelpunt tussen de bestaande stad (Kanaleneiland - Centrum) en Leidsche Rijn. Dit blijkt ook uit de verscheidenheid in woningtypes zoals grondgebonden woningen en appartementen maar ook types als beneden bovenwoningen, tiny houses (max. 50m² GBO), patio’s en waterwoningen krijgen een plek. Juist deze variatie maakt de buurt uniek ten opzichte van omliggende buurten en sluit aan bij de dichtheid die tussen hoogstedelijk en suburbaan ligt. Groenewoud wordt daarmee een stedelijk-groene buurt. De ontsluiting van het plan geschiedt vanaf de Mercatorlaan en Taatsendijk en wordt zodanig ontworpen dat de Kanaalzone vrij blijft van autoverkeer. De ambitie is om een energieneutrale zeer duurzame en groene wijk te realiseren met een hoge levenskwaliteit.

Ams Ta

at

sn

terd

am-R

Groenewoud

oo

ijnka

naal

rd

Pr

in

s

Cl

au

r sb

ug

toekomstbeeld Papendorp noord en Groenewoud gelegen ten noorden van de Prins Clausbrug aan het Amsterdam-Rijnkanaal

Groenewoud Noord Mobiliteitshub XL Groenewoud

Taats Noord Taatsenplein

ontwikkelingen in Papendorp 8

Verbinding, rust en reuring De ligging van Groenewoud in de stad maakt het mogelijk om te profiteren van twee werelden. Enerzijds is dat de uitstekende bereikbaarheid vanuit alle delen van Nederland op het kruispunt van de A2 en de A12. Anderzijds is dat een hoge mate van stedelijkheid op schootsafstand van de historische binnenstad, Leidsche Rijn centrum en de voorzieningen in Kanaleneiland. Deze zijn verbonden door de HOV-zuidradiaal, een snelle busverbinding over een vrijliggende baan tussen Utrecht Centraal en Station Vleuten, welke mogelijk in de toekomst wordt vertramd. Bovendien zorgt de ligging aan het Amsterdam Rijnkanaal en vele groene openbare ruimtes in de omgeving voor een hoge omgevingskwaliteit. Het gemeentelijk beleid is erop gericht de automobiliteit in de stad te beperken en prioriteit te geven aan OV en fiets en het gebruik van deelmobiliteit te stimuleren. Daartoe is het concept “Wiel met spaken” ontwikkeld. Een tangentiële OV-verbinding (“wiel”) moet ervoor zorgen dat niet alle mobiliteit wordt afgewikkeld via het centrum van de stad. OV- en fietsverbindingen vanuit dat wiel met het centrum van de stad (“spaken”) vormen een stimulans om de auto waar mogelijk aan de rand van de stad te laten staan. Op de plek waar wiel en spaken bij elkaar komen worden voorzieningen getroffen om in de parkeerbehoefte te voorzien.

In Papendorp wordt de realisatie van de eerste van dergelijke voorzieningen voorbereid: de Mobiliteitshub XL. De Mobiliteitshub XL voorziet niet alleen in parkeergelegenheid en de mogelijkheid om over te stappen naar een meer bij de stad passende vervoersmodaliteit, maar vormt ook een knooppunt waar een hoge mate van stedelijkheid en functiemenging bij hoort. Samen met de ontwikkelingen van de Papendorp-Noord, waar tevens ca. 2.000 woningen toegevoegd kunnen worden, betekent dat ook dat er anders gekeken wordt naar het leefmilieu op de kantoorlocatie Papendorp. Ook daar wordt ingezet op een sterkere menging van functies en een versterking van de groene inrichting van de buitenruimte. Nu de asfaltcentrale wordt uitgeplaatst ontstaat milieutechnisch daadwerkelijk de mogelijkheid om woningen in Papendorp-Noord, de Taats-Noord en Groenewoud te realiseren. Deze gezamenlijke ontwikkelingen vragen om een eigen voorzieningenniveau, waar onderzoek naar gedaan is. Aan het Hallenplein (zie pag. 37-38) in de karakteristieke oude hallen van de asfaltcentrale (nabij de Mobiliteitshub XL, in het hart van de totaalontwikkeling) wordt in Groenwoud de eerste aanzet hiervoor gemaakt. Hier kunnen voorzieningen worden toegevoegd die ‘reuring’ zullen brengen, wat hoort bij stedelijke beleving.

Groenewoud is de eerste stap op weg naar een gemengd woon-, werk-, en recreatieklimaat rond het stedelijk knooppunt in Papendorp. Het woonmilieu profiteert van de ligging aan het Amsterdam Rijnkanaal en de openbare ruimte in het kantorenpark Papendorp waar maaiveld parkeren (vrijwel) afwezig is. Ook het naastgelegen sportpark Papendorp, het openbare volkstuinencomplex en de vierseizoenentuin dragen bij aan de omgevingskwaliteit. Dit wordt versterkt door de aanwezige goede voetgangers- en fietsverbindingen. Deze combinatie van factoren biedt kansen voor de woonomgeving in Groenewoud en bepaalt in sterke mate welke doelgroepen zich tot deze locatie aangetrokken zullen voelen. Voor veel bewoners zal het gebruik van de auto op dit landelijke knooppunt voor de hand liggen. De Mobiliteitshub XL en de daarbij behorende mogelijkheden voor deelmobiliteit zorgen ervoor dat ook in het woongebied van Groenewoud de aanwezigheid van de auto in de openbare ruimte kan worden beperkt. Deze combinatie met bovendien ook een goede OV-bereikbaarheid heeft tevens aantrekkingskracht op doelgroepen die minder op het bezit van een eigen auto gericht zijn. Een hogere woningdichtheid dan in Leidsche Rijn kan daardoor gecombineerd worden met ruimschoots aanwezige kwalitatief hoogwaardig ingerichte openbare ruimte.

De Mobiliteitshub XL als stedelijk knooppunt en het gemengde programma in Papendorp zorgen voor een over de gehele dag gespreide levendigheid, waarbij groene delen van Groenewoud een oase van rust vormen. Het gebied leent zich daarom voor doelgroepen die zich prettig voelen bij een combinatie van ‘reuring en rust’.

9

2. Kaders Groenewoud 2.1 Locatie, kaders en ambities Ligging en begrenzingen Het woongebied Groenewoud heeft een bruto oppervlakte van ongeveer 23,5 hectare en maakt deel uit van de Utrechtse wijk Papendorp. De wijk ligt tussen de A12, A2 en het Amsterdam-Rijnkanaal en stond tot nu toe vooral bekend als bedrijfs- en kantorenlocatie. Het plangebied wordt aan de oostzijde begrensd door het Amsterdam-Rijnkanaal (ARK). Lang werd dit kanaal gezien als rand van de stad, maar door de westwaartse uitbreiding van Utrecht (Leidsche Rijn en kantorenlocatie Papendorp) wordt het kanaal steeds meer onderdeel van de stad zelf. De open ruimte van het kanaal en zijn oevers vormen lange zichtlijnen en een aantrekkelijke plek. Aan de overzijde van het kanaal ligt de jaren 60-wijk Kanaleneiland. Deze wijk heeft een winkelcentrum en diverse andere voorzieningen, die ook een meerwaarde zijn voor de toekomstige inwoners van Groenewoud. Ten zuiden van het plangebied ligt de Bevrijdingslaan met de aanlanding van de Prins Clausbrug. De Bevrijdingslaan en de brug maken deel uit van een betekenisvolle stadsas tussen Leidsche Rijn en Kanaleneiland. Ten zuiden van de Bevrijdingslaan ligt Park Groenewoud, een openbaar toegankelijk volkstuinencomplex gecombineerd met kantoorvilla’s. De Mercatorlaan vormt de westelijke begrenzing van Groenewoud.

Dit is een groene, ruim opgezette stadslaan met gescheiden rijbanen en vrijliggende fietspaden. De noordelijke rand van Groenewoud is de watergang Taatsendijk.

LEIDSCHE RIJN

Lombok

historische UTRECHT CS

binnenstad

Oog in al Leidsche Rijn

VAARTSCHE RIJN

Groenewoud

Kanaleneiland

Am ste

Rivierenwijk

rd

Papendorp

am -Ri jnk an aa l

Lunetten

A2

A12

Nieuwegein

ligging plangebied in de stad 11

G a le k o

Taat

p p e rd ij

send

k

ijk

1940

1955

KW S

n ka ijn -R am dijk rd e ste uds Am ewo n oe

Gr

Kanaleneiland

aa l

2019

Papendorp

Pr

de boerderij Groenewoud

12

ins

C

s lau

br

ug

Ontstaansgeschiedenis Tot halverwege de 20e eeuw vormde het gebied samen met het huidige Kanaleneiland de polder Papendorp. Deze werd voornamelijk gebruikt voor agrarische doeleinden. De ruimtelijke structuur werd gekenmerkt door een landschappelijk verkavelingspatroon van slagen, oost-west georiënteerd. Deze stonden haaks op de Taatsendijk en Galekopperdijk. Langs de Galekopperdijk lag de boerderij Groenewoud waar de dijk langs het tegenwoordige kanaal en ook het plangebied zijn naam aan dankt. In de jaren vijftig werd het Amsterdam-Rijnkanaal in gebruik genomen. Het traject van deze scheepvaartverbinding liep schuin door het verkavelingspatroon van de polder Papendorp. Aan de westzijde van het kanaal bleef de ruimtelijke structuur veelal hetzelfde, aan de oostzijde veranderde deze echter drastisch door de ontwikkeling van de woonwijk Kanaleneiland. De verkaveling nam de richting over van het kanaal, waardoor het patroon van het onderliggende landschap onherkenbaar werd. Op de locatie Groenewoud vestigde zich de eerste be-drijvigheid met de komst van de Koninklijke Maatschappij Wegenbouw, tegenwoordig bekend als de asfaltcentrale van KWS Infra. Deze werd ontsloten door een (inmiddels gedempte) haven, ten noordzijde van de locatie. Langs deze haven werden ook enkele karakteristieke hallen gebouwd die nog steeds op het terrein te vinden zijn.

De asfaltcentrale zelf is in de richting van het oorspronkelijke landschappelijke verkavelingspatroon van de polder gebouwd. Tussen 1960 en 2000 veranderde er vrij weinig in het gebied wat verklaard wordt door de afgezonderde ligging van de locatie en de barrièrewerking van het Amsterdam-Rijnkanaal. Dit veranderde rond de eeuwwisseling door de ontwikkeling van de Vinex-locatie Leidsche Rijn en de komst van de Prins Clausbrug. De zone tussen het kanaal, de A12 en A2 werd aangewezen als deelgebied Papendorp: een wijk voor kantoren en hoogwaardige bedrijvigheid, gecombineerd met een stedelijk woonmilieu aan het water. Het zuidelijke deel van deelgebied Papendorp is grotendeels gerealiseerd volgens de orginele Vinexplannen: een kantorenwijk. Het noordelijke deel, waar ook Groenewoud onder valt, biedt nog veel ontwikkelingsmogelijkheden, omdat grote delen nog onbebouwd zijn.

Beschrijving locatie Het noordelijke deel van het plangebied is het terrein van de asfaltcentrale (het KWS-terrein). Deze plek heeft veel typerende elementen, zoals een markante kraan, de schoorsteen van de centrale en enkele karakteristieke jaren 50-hallen. Oostelijk van het KWS-terrein is direct aan het AmsterdamRijnkanaal een haven in gebruik voor de asfaltcentrale. Een sloot met bomen en groenafplant vormt de scheiding tussen de asfaltcentrale en het daar zuidelijk van gelegen deel van het plangebied. Deze is diagonaal gepositioneerd op het kanaal, in de richting van het oorspronkelijke polderlandschap. Het middendeel van Groenewoud is een geheel onbebouwd terrein met weides voor agrarisch gebruik. Het oostelijke gedeelte hiervan langs het kanaal heeft nog de originele diagonale slotenstructuur. Dit is een overblijfsel van het vroegere agrarische landschap van de polder Papendorp en ligt in dezelfde verkavelingsrichting als het KWS-terrein.

send

De Meern

ijk

Leidsche Rijn

Taat

haven

Am er da m -R jk

al

di

na

se

ka

ud

ijn

wo

n

ne

laa

oe

tor

Gr

rca

st

Me

Kanaleneiland / Utrecht centrum

n

a sla liu

te Or

brug Taats

an

sla

ng jdi

vri

Be

legenda dijk belangrijke waterstructuur looproute

overstappunt paviljoen

Park Groenewoud

park bomen microreliëf belangrijke voorziening belangrijke fietsroutes hoogwaardig openbaar vervoer

Nieuwegein

halte ontsluiting autoverkeer

kwaliteiten van de locatie 13

opmerkelijke elementen op het KWS-terrein hallen

beplanting

bakken

centrale

gedempte haven

kraan

haven KWS-terrein

kraan met overslagtrechter

jaren ‘50 hallen

14

centrale

Aan de oostgrens van het plangebied, langs het kanaal, ligt de Groenewoudsedijk. Deze wordt gebruikt als doorfietsroute Nieuwegein / Amsterdam en is een waterkering. In het zuidelijke deel van Groenewoud is een hellingbaan die gebruikt wordt als fietsverbinding tussen de Groenewoudsedijk en de Prins Clausbrug. Ontwikkelingen De ligging van Papendorp in de stad bepaalt ook in sterke mate de kwaliteit van Groenewoud: zowel de binnenstad, Leidsche Rijn Centrum als de winkels op Kanaleneiland liggen op korte afstand en zijn vooral met OV en langzaam verkeer goed bereikbaar. Er is de beleving van het Amsterdam - Rijnkanaal, de sterke menging van functies, de ligging nabij de A2/A12 als uitvalsbasis en entree van de stad. Ook is er een sterke mate van functiemenging in combinatie met de directe omgeving. Dit biedt de mogelijkheid om in Groenewoud op een bijzondere manier met mobiliteit om te gaan, waardoor een hoge mate van stedelijkheid kan worden gecombineerd met een beperkte zichtbaarheid van de auto in de openbare ruimte. Door de situering aan de HOV-verbinding en aan de A2/A12 biedt het plangebied een uitgelezen mogelijkheid om bij te dragen aan het beperken van de niet-noodzakelijke automobiliteit in het zuidwestelijk deel van Utrecht. Met het beoogde realiseren van de Mobiliteitshub XL in het aangrenzende Papendorp-Noord kan gebruik worden gemaakt van parkeren op afstand.

Papendorp en Groenewoud zullen samen een geheel vormen. In totaal worden circa 3.500 woningen toegevoegd aan het woonprogramma voor Utrecht. Groenewoud profiteert van de ligging aan het kanaal en omvat vooral woningbouwprogramma. Het totale gebied ademt een groene, stedelijke sfeer. Naast de stedelijkheid en de hoge mate van functiemenging komt de kwaliteit van het gebied vooral tot uitdrukking in de zorgvuldig ontworpen openbare ruimte met parkeren zoveel mogelijk uit het zicht (onder andere mogelijk gemaakt door parkeren op afstand in de Mobiliteitshub XL). Kernbegrippen voor het gebied zijn daarmee: stedelijk, groen, blauw, duurzaam en bereikbaar, veelal auto’s uit het zicht, logisch ingepast in een multifunctionele omgeving.

Verkleining plangebied Ten opzichte van de startnotitie is er een aanpassing gekomen in de vorm en omvang van het plangebied. Het betreft het westelijk deel van het KWS-terrein. Deze aanpassing vindt plaats om twee redenen: 1. vanwege de bovengenoemde wens van de gemeente om een Mobiliteitshub XL te realiseren in het verlengde profiel van ‘De Taats’. Door de Mercatorlaan in een versmald profiel door te trekken ontstaat de benodigde en de daartoe benodigde ruimte; 2. Hierdoor moest een logische en esthetisch goede oplossing komen voor het doortrekken of beëindigen van de Mercatorlaan. Uit diverse varianten bleek de nu voorliggende oplossing in relatie tot de omgeving en de verhouding van het plan de meest passende optie. Deze uitwerking is in overleg met de supervisie en gemeente als voorkeursvariant aangemerkt, omdat deze het beste recht doet aan de grotere stedenbouwkundige context van het gebied en een betere aansluiting vormt op beide gebieden. Het nieuwe plangebied heeft een oppervlakte van ca. 23,5 hectare. De grond binnen het aangepaste plangebied wordt overgedragen aan de gemeente. In de anterieure overeenkomst zijn hierover afspraken gemaakt.

15

Oorspronkelijk plangebied ca. 24,5 hectare, nieuw plangebied ca. 23,5 hectare. circa 1 hectare overdragen aan gemeente t.b.v. Mobiliteitshub XL + ontsluiting exacte begrenzing onder voorbehoud van verkeerskundige uitwerking

verkleining plangebied

a Kan al

startnotitie

Percentage uitgeefbaar

55-60%

Totaal aantal woningen

1000-1500

Sociale huur (H1/H2/MG)

20-25%

Sociale koop (tot 2 ton)

5-10%

Middeldure huur (€700-900)

15-20%

Totaal sociaal

30%

Totaal huur

40%

Overig koopwoningen

50-55%

Totaal koopwoningen

60%

Stapeling

ca. 40%

School (16 klassen)

2500 m²

Gymzaal

700 m²

k

e Ho

Kenmerken programma

Taats

Kinderopvang 1500 m² uitgangspunten uit startnotitie (bron: startnotitie)

ruimtelijke randvoorwaarden (bron: startnotitie) 16

Kaders startnotitie Door Gemeente Utrecht is de startnotitie “Groenewoud” opgesteld. Deze is vastgesteld door het College (mei 2017). Het stedenbouwkundig plan Groenewoud is gebaseerd op de uitgangspunten uit deze startnotitie. In de startnotitie zijn ruimtelijke randvoorwaarden opgenomen. Het plangebied maakt deel uit van de wijk Papendorp. Bij de planontwikkeling van Papendorp is gekozen voor De Taats als prominente en stedelijke drager van de stedenbouwkundige structuur. Deze is uitgewerkt als as met een hoge bouwmassa. Rond deze ruggengraat is een landschap met losse elementen gedrapeerd. Vanuit de omringende velden blijft De Taats te allen tijde zichtbaar. Uitgangspunt is dat de woningbouwlocatie Groenewoud aansluit op deze organisatie en de daarlangs gelegen Mercatorlaan. Als gevolg van de keuzes die voor geheel Papendorp zijn gemaakt is het karakter van het plangebied een veld met bebouwingsclusters. Het plan doet mee in het groene karakter van het gebied Papendorp, er blijft een herkenbaar contrast met de dichte bebouwing van de Taats gegarandeerd. Water is een belangrijk element in Papendorp, ook voor Groenewoud wordt in de startnotitie de aanleg van water als wens meegegeven, liefst ergens centraal in de buurt. Niet alleen als technische eis voor waterberging, maar ook als aantrekkelijke plek om rondom te kunnen wonen.

Met de in de startnotitie geformuleerde wens van de combinatie van hoge dichtheid en open structuur is tevens een belangrijke uitdaging voor het plan genoemd. De bebouwing langs de Mercatorlaan reageert zodanig op de massaopbouw in De Taats dat deze dominant blijft als ruggengraat van Papendorp. In de Kanaalzone wordt de structuur van Leeuwesteyn doorgezet. Langs het kanaal ontstaat een gevarieerd bebouwingsbeeld, wisselend in hoogte en typologie. Hierdoor profiteren veel bewoners van de nabijheid van het kanaal. Groenewoud presenteert zich naar alle zijden, met een nadruk op de Taats en op het kanaal. Het Ontwikkelingskader Parkzone Amsterdam-Rijnkanaal is in 2016 vastgesteld. De kanaaloever vormt, met de forse ruimte van het kanaal, de lange zichtlijnen over het water en de terugblik op de bestaande stad, een aantrekkelijke plek binnen Leidsche Rijn. De oever vormt binnen het stadsdeel een belangrijke openbare ruimte. Het ARK wordt van “rand van de stad” een belangrijke voorkant. Voor de ontwikkeling van Groenewoud wordt zoveel mogelijk voortgeborduurd op het ontwerp van de ARK-zone in Leeuwesteyn. In het Ontwikkelingskader is aangegeven dat in de bocht van het kanaal een verbijzondering van het Kanaalpark (dit is de plangebied overschrijdende groene zone langs het kanaal) wordt gerealiseerd.

Deze verbijzondering bevindt zich juist ten noorden van het plangebied en is daarmee een optie voor de toekomst. Deze verbijzondering in de openbare ruimte wordt binnen het plangebied geaccentueerd in bouwvorm. In de startnotitie is aangegeven dat een verbijzondering in bouwvorm ook op de hoek van kanaal en Prins Clausbrug gewenst is. Het hoogteaccent aldaar wordt echter gevormd door de brug zelf. De as van de Prins Clausbrug zet zich door in Kanaleneiland en ook door De Taats richting bedrijvenpark Nieuwerijn. De as wordt benadrukt door een stevige begeleiding, bijvoorbeeld met appartementen. Op en rond het Taatsenplein bevinden zich enkele voorzieningen (een hotel met commerciële voorzieningen waaronder detailhandel en horeca). Daarmee wordt dit plein een belangrijke ontmoetingsplek, ook voor de bewoners van Groenewoud. Ook dit vraagt om een hoogteaccent, echter gelegen buiten het plangebied. In de startnotitie zijn tevens kengetallen voor de grondexploitatie vastgelegd. Voor deze wijk is het percentage uitgeefbaar bepaald op een bandbreedte van 55 tot 60%. Voor de verharding wordt een gebruikelijk percentage van 25% aangehouden. Het percentage voor groen, water en spelen komt op 15 tot 20%. Daarnaast is het woonprogramma vastgelegd op 1.000-1.500 woningen. Ook is aangegeven dat voor een woonwijk van 1.000-1.500 woningen wordt uitgegaan van een 16 klassige basisschool.

Om de basisschool optimaal te kunnen laten dienen als ontmoetingsplek ligt deze centraal in de wijk. Het schoolplein is buiten schooltijd toegankelijk voor de buurt. 17

Ruimtelijke strategie Utrecht 2040 (RSU 2040) De ruimtelijke strategie geeft voor de lange termijn aan hoe de gemeente de stad wil inrichten. In de RSU staat hoe Utrecht de verwachte groei op een gezonde wijze in goede banen wil leiden. In 2040 telt de gemeente naar verwachting 455 duizend inwoners waarbij de stad zich zal ontwikkelen tot een ’10 minuten-stad’: openbaar vervoer, groen, winkels, sport, cultuur en andere dagelijkse voorzieningen zijn ‘binnen 10 minuten afstand’ in de buurt. De groei van de stad wordt geconcentreerd op een aantal plekken, waar hoge bouwvolumes worden gerealiseerd. Utrecht verandert daarmee van een stad met één centrum naar een stad met meerdere centra. Op deze nieuwe knooppunten komen veel stedelijke functies samen: een mix van wonen, werken, voorzieningen en groen. Hierdoor beperkt de gemeente ook de groei van het aantal vervoersbewegingen. Papendorp is één van die centra, waar Groenewoud ook onderdeel van uitmaakt De RSU beschrijft een aantal stadsprofielen, die ook voor Groenewoud relevant zijn. Bovendien beschrijft de RSU een barcode, om op stedelijk- en op wijkniveau het evenwicht tussen de verschillende stedelijke functies in de gaten te kunnen houden.

De Utrechtse Barcode voor Gezond Stedelijk Leven voor Iedereen

De Stadsprofielen De groene stad In de RSU kiest Utrecht voor verdichten en vergroenen in balans. Dat betekent dat het publieke en private domein anders worden ingericht. Er komt meer groen in de openbare ruimte, zowel in nieuwe ontwikkelgebieden als in de bestaande stad (groen tenzij). Er zijn meer recreatieve mogelijkheden om de hoek, zoals een park om in te sporten of speelpleinen in de buurt. De ontwikkeling van Groenewoud sluit aan op “de groene stad”. Voor de inrichting van de openbare ruimte van Groenewoud wordt ingezet op het maximaliseren van het oppervlakte groen. De wijk krijgt een groene uitstraling wat bijdraagt aan het welzijn van de bewoners, een duurzame afwatering en een grote biodiversiteit. De groenblauwe dooradering van de wijk garandeert een aaneengesloten groenstructuur waarbij ook veel ruimte is voor sport, spel en recreatie. De verbonden stad De gemeente investeert in een nieuw OV-netwerk: het Wiel met spaken (OV-ring). Met deze schaalsprong in het OV worden verschillende gebieden in de stad direct met elkaar verbonden (via hoogwaardig openbaar vervoer) en is een reis via Utrecht Centraal vaak niet meer noodzakelijk. Hiermee wordt niet alleen de druk op Utrecht Centraal verminderd, maar ook de leefbaarheid in de buurten verhoogd waar de bereikbaarheid toeneemt.

Groenewoud ligt op een knooppunt in deze OV-structuur: een rechtstreekse te vertrammen verbinding (Papendorplijn) met het centrum van de stad en de grote nieuwe ontwikkelgebieden in Utrecht Zuidwest en een HOV-verbinding tussen Leidsche Rijn Centrum en Utrecht Science Park via Papendorp, Westraven en Lunetten/ Koningsweg. Daarnaast speelt het plangebied ook met de Mobiliteitshub XL een belangrijke rol in de verbonden stad. Hier komen verschillende vervoerssoorten bij elkaar en is de overstap goed geregeld en aantrekkelijk vormgegeven door de kruisingsvrije overstap en de combinatie met voorzieningen. Door het introduceren van een nieuwe fietsroute naar De Meernbrug wordt dit nieuwe knooppunt op een snelle manier en comfortabel voor de fiets nog beter verbonden met de stad. Het Amsterdam-Rijnkanaal en haar oever krijgen een prominente rol in het plan. Deze forse groene ruimte is momenteel al een aantrekkelijke plek binnen de stad en fungeert bovendien als belangrijke fietsverbinding tussen Leidsche Rijn en Nieuwegein. De compacte stad De gemeente kiest ervoor de groei van de stad allereerst zoveel mogelijk in de bestaande stad op te vangen en ziet daarvoor kansen rondom Ov-knooppunten, waarvan Papendorp er één is. In Groenewoud komen – in aanvulling op de beoogde 2000 woningen in Papendorp Noord - circa 1500 woningen. Groenwoud is opgedeeld in 4 buurten met een eigen karakter.

Het programma is 18

een mix van een hoogstedelijk milieu met appartementen en stadswoningen (dichtheid tot 99 wo/ ha) tot een stedelijk milieu met voornamelijk grondgebonden woningen (dichtheid tot 48 wo/ha). De inclusieve stad Voor de stad als geheel en voor de afzonderlijke wijken wil de gemeente dat de stad groen, verbonden, compact en toekomstbestendig is. Een stad waarin iedereen welkom is en zich welkom moet voelen. Een betaalbare woning voor iedereen. Naast een woning is werk voor velen een belangrijke conditie voor een inclusieve stad. Utrecht wil een stad zijn die mensen uitnodigt om elkaar te ontmoeten en zich met elkaar te verbinden. Hiervoor is het belangrijk dat zowel de gebouwde voorzieningen als de openbare ruimte uitnodigen tot ontmoeting en verbinding. Naast deze sociale voorzieningen zijn ook voldoende toegankelijke voorzieningen op het gebied van onderwijs, cultuur, zorg en sport en betaalbaar en toegankelijk vervoer voor iedereen van cruciaal belang in een inclusieve stad. In Groenewoud wordt uitgegaan van circa 30% van het programma in de categorie sociaal en circa 17% in de categorie middenhuur. Samen met het programma van Papendorp Noord wordt er voldaan aan het gewenste percentage van 35% sociale huur uit het collegeprogramma. De openbare ruimte biedt ruimte voor ontmoeten, met name in de binnengebieden, op de pleinen in de KWS buurt en in het centrale park.

De toekomstbestendige stad De gemeente wil ervoor zorgen dat Utrecht zoveel mogelijk klaar is voor de toekomst. Utrecht kiest voor een robuuste ruimtelijke structuur, specifiek op het gebied van mobiliteit (OV-ring) en groen. Ook is het van belang de flexibiliteit in de directe gebouwde omgeving te versterken. Circulaire ontwikkelingen waarbij materialen waardevast en waardevermeerderend zijn en daarmee flexibel in aanpassing. De gemeente werkt aan een klimaatneutrale stad. Het beeld van de openbare ruimte moet groen gaan kleuren. Nieuwe woningen realiseert de gemeente energieneutraal. Er is ruimte nodig voor de opwekking van energie uit zon en wind. Groenewoud heeft een robuuste groene structuur en draagt bij aan de doelen die de gemeente heeft voor de mobiliteit en bereikbaarheid van de stad. Naast de openbare ruimte bieden de daken van de gebouwen ruimte voor waterberging, biodiversiteit en energieopwekking. Uitgangspunt voor Groenewoud is een energieneutrale wijk. Om dit te kunnen realiseren wordt extra aandacht besteed aan het invullen van de energieopgave. Dit vraagt om slimme toepassingen, zoals een WKO bronnet en een bouwconstructie die oververhitting voorkomt. Ook betekent een duurzame energieoplossing dat alle benodigde energie zoveel mogelijk in Groenewoud zelf collectief wordt opgewekt.

Utrecht dichtbij: de tien-minutenstad 19

De vertraagde stad Naast dynamische plekken met reuring zijn ook voldoende plekken nodig waar men even in de luwte kan zijn. Groene openbare plekken voor stilte, verkoeling, ontmoeting en ontspanning. Utrecht wil de stad samen met inwoners organisch en geleidelijk ontwikkelen. Groenewoud en Papendorp Noord kennen samen een grote afwisseling in rust en reuring. In Groenewoud zijn veel groene openbare plekken aanwezig voor rust, ontmoeting, sporten en ontspanning, zoals het centrale park en de groene plekken langs het Amsterdam-Rijnkanaal. De Utrechtse Barcode Naast de stadsprofielen is in de RSU 2040 aangegeven dat de diverse ontwikkelingen in Utrecht getoetst dienen te worden aan de Utrechtse Barcode. Dit vraagt ook voor Groenewoud om een verantwoording van het plan aan de stedelijke opgave en aan de wijkbarcode. De stedelijke opgave Het woningbouwprogramma in Papendorp (Papendorp Noord en Groenewoud) omvat ongeveer 500 woningen meer dan in de RSU aangegeven. Dit past binnen de marges van het totale stedelijke programma van 60.000 tot 2040 aan de bestaande voorraad toe te voegen woningen. Door het optimaliseren van het woningbouwprogramma wordt een positieve bijdrage geleverd aan het creëren van vervoerswaarde voor het vertrammen van de Papendorplijn. Ook kan rust worden gevonden door recreatie, sport en spel in de vele groene gebieden in Papendorp.

De wijkbarcode Voor het plangebied wordt gestreefd naar voldoende opwekking van energie om aan de eigen behoefte te voldoen. Er worden voldoende speelvoorzieningen gerealiseerd voor de verschillende leeftijdscategorieën. Er wordt voldaan aan de normen voor de realisatie van buurtgroen, terwijl met het Park Transwijk en Park Voorn voldoende stedelijk groen in de omgeving aanwezig is. Belangrijk onderdeel van de ontwikkeling is de aandacht voor groene daken en groene gevels. Er wordt voldaan aan de wateropgave middels een slim klimaatrobuust plan. Voor onderwijs is een basisschool (met kinderopvang en bso) gepland centraal in Groenewoud en er is een gezondheidscentrum gepland in de KWS buurt. Voor veldsport zijn de bewoners aangewezen op sportpark Rijnvliet en de velden bij de Prins Clausbrug. Door de ontwikkeling van Papendorp Noord en Groenewoud ontstaat een complete wijk, veel voorzieningen voor deze wijk komen in de nieuwe Mobiliteitshub XL en in de Taats, daarnaast is er in Papendorp veel werkgelegenheid.

20

wonen & werken

mobiliteit en voorzieningen wonen

Groenewoud

wonen & werken werken

wonen werken mobiliteit en voorzieningen overgangszone toekomst Papendorp: wonen en werken in samenhang

Ambities Samen met de gemeente, Loostad en het ontwerpteam zijn gezamenlijke ambities uitgesproken. Onze belangrijkste ambities voor Groenewoud zijn: 1. Een wijk maken met een sterk eigen karakter, die de kwaliteitssprong van bedrijventerrein naar stadswijk maximaal benut; 2. Een wijk maken die het momenteel perifere karakter omvormt tot een onderdeel van de stad en de nabijheid van het Utrechtse centrum benut; 3. Bouwen aan een betere levenskwaliteit, waarbij de wijk als sociaal functionele brug en verbinding tussen Utrecht stad, Leidsche Rijn en Papendorp dient; 4. Een inventief en gevarieerd en verdicht woonprogramma met een maximum aan voorzieningen; 5. Profiteren van de doorzichten naar het kanaal vanuit de hele wijk en deze vormgeven als groene openbare ruimtes; 6. Ontwikkelen van een duurzame wijk in alle facetten, met focus op de maximaal haalbare levenskwaliteit; 7. Een toekomstbestendige wijk maken door het ontwerpen van een flexibel plan, waarin de harmonie tussen mens, groen, water, natuur en dier centraal staat.

21

2.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Participatieproces: Meedenken met Groenewoud Groenewoud is een nieuwe wijk die voor en door de inwoners van Utrecht wordt gerealiseerd. De wijk moet niet alleen fysiek aansluiten op haar omgeving, maar ook aansluiten op de wensen van toekomstige bewoners en betrokkenen. In september 2018 is daarom een participatieavond georganiseerd om de eerste ideeën en schetsen met de betrokkenen en belangstellenden te bespreken. Hiervoor zijn relevante Utrechtse belangengroepen, Vereniging Parkmanagement Papendorp, de gemeenteraad, de wijkraad van Kanaleneiland en de direct aangrenzende eigenaren en exploitanten uitgenodigd. Dit met het doel om de ideeën en wensen van toekomstige bewoners, omwonenden en andere belanghebbenden mee te kunnen nemen in de planvorming voor deze woonwijk. Er is gesproken over belangrijke thema’s als duurzaamheid & gezondheid, levenskwaliteit, mobiliteit, landschap, beeldkwaliteit en een eventuele tijdelijke invulling van de asfaltcentrale. Het was een succesvolle avond met ca. 50 belangstellenden, waar veel inspiratie en goede ideeën naar voren kwamen. Belangstellenden waren van verschillende aard, zoals potentiële toekomstige bewoners, een raadslid, belangengroepen en nieuwsgierige mensen. Hieruit heeft zich een Klankbordgroep van 6 personen gevormd waar regelmatig afstemming mee is geweest.

Ten behoeve van de afstemming is separaat gesproken met meerdere direct betrokken partijen zoals Rijkswaterstaat, ODMH en Vereniging Parkmanagement Papendorp. In oktober 2019 is de laatste klankbordbijeenkomst geweest waarin de planvorming is teruggekoppeld en toegelicht. Op veel hoofdthema’s zijn suggesties overgenomen, zie hiervoor bijlage 1. Er is ook uitvoerig gesproken over de tijdelijke invulling van de asfaltcentrale en mogelijke initiatieven.

23

voorbeeld van placemaking met horeca en flexibele bedrijfsruimte in de hallen 24

Communicatie & vervolg participatie Tijdens het opstellen van het Stedenbouwkundig Plan was er een hoge betrokkenheid van belangstellende burgers en omliggende bedrijven. In het vervolgtraject worden aangrenzende belanghebbenden - zoals Vereniging Parkmanagement Papendorp, (toekomstige) bewoners, omwonenden - en andere belanghebbenden - zoals Rijkswaterstaat en wijkplatforms - geïnformeerd over de ontwikkeling van Groenewoud. Dit gebeurt middels nieuwsbrieven, een website, bijeenkomsten en/of andere mediavormen. Er wordt op zoveel mogelijk momenten ruimte gegeven voor inbreng van toekomstige bewoners. Bijvoorbeeld bij de invulling van het gebied rondom het nog op te richten informatiecentrum op het terrein van de huidige asfaltcentrale. Toekomstige bewoners Gedurende de opstalontwikkeling wordt veel ruimte geboden voor inbreng van de toekomstige bewoners. Hier wordt op verschillende manieren invulling aan gegeven door woonwensen te inventariseren middels digitaal enquêteren, bewonersbijeenkomsten, informatiemarkten en individuele gesprekken. Deze wensen worden onderdeel van de opdracht van de architect. Hierdoor wordt marktgericht ontwikkeld, waarmee de betrokkenheid wordt vergroot. De mate van participatie per doelgroep en woonblok varieert. Niet alleen in de opstal, maar ook in de openbare ruimte wordt inbreng van de toekomstige bewoners gevraagd.

Er is een aantal plekken aangewezen waar nog geen definitief inrichtingsplan wordt gemaakt alvorens de omliggende woningen zijn verkocht. Bewoners mogen middels bijeenkomsten meedenken en hun wensen kenbaar maken bij de landschapsontwerper. Placemaking tijdelijke invulling KWS asfaltcentrale Het terrein van de asfaltcentrale heeft een bijzondere belevingswaarde. De geschiedenis van deze maakindustrie is in alle facetten aanwezig op het terrein. Naar verwachting zal de asfaltcentrale na beëindiging enige tijd functieloos zijn. Dit kan kort voor, of eventueel na de sanering en afhankelijk van de huidige bezetting zijn. Indien mogelijk en wanneer de omstandigheden het toelaten, wordt het terrein van de asfaltcentrale ingezet voor placemaking. Een broedplek voor creatieve ideeën, makers en recreatieve gebruikers. Hier wordt gezocht naar invullingen die een positieve bijdrage leveren aan de leefbaarheid en het genot van de Utrechtse inwoners. Hieronder staat een weergave van de ideeën die met het ontwikkelteam en de geïnteresseerden van de participatieavond naar voren zijn gekomen, aangevuld met ideeën en initiatieven om een impuls te geven aan het thema circulariteit. Bovenal dient het een plek te worden die gerund wordt door de lokale ondernemers en organisch vanuit intrinsiek enthousiasme groeit en aanpasbaar blijft.

Maakstudio’s Een meubelwerkplaats, een hobbywerkplaats voor klussers en/of een bouwspeelplaats, klimtoren of huttendorp voor kinderen. Daaraan wordt gewerkt in een consortium met onder andere een industrieel ontwerper/maker voor het mogelijk maken van een maakplaats met een actieve rol in circulair materiaalgebruik binnen Utrecht. Ook valt te denken aan gebruik van (afval)hout uit Groenewoud voor het maken van vogelhuisjes, schuttingen, picknickbanken enzovoorts. Maar bijvoorbeeld ook aan het ‘verzamelen’ van kubels betonmortel voor de vervaardiging van betonnen elementen, die in de openbare ruimte van de wijk ingezet kunnen worden als bijvoorbeeld speelplaats. Door de komst van een maakplaats wordt invulling gegeven aan de ambities uit het Coalitieakkoord Utrecht 2018-2022 ‘Ruimte voor Iedereen’. Horeca en flexibele bedrijfsruimte Horeca is een befaamde katalysator waardoor diverse functies verbonden kunnen worden en kunnen excelleren. Hiervoor wordt een plek gecreëerd in de Hallen, gecombineerd met flexibele kantoorruimtes en vergaderplekken. In Papendorp is veel behoefte aan extra horeca faciliteiten die inspelen op de mogelijkheid om borrels, festiviteiten maar ook flexibele vergaderingen te organiseren op een inspirerende plek. Op de locatie van de asfaltcentrale liggen hier bij uitstek enorme kansen om invulling te geven aan deze behoefte.

Het concept gaat ‘De Asfaltcentrale’ heten en het wordt een interessante plek waar voor jong en oud écht iets te beleven valt. 25

Verkoop- en informatiecentrale Persoonlijk contact met potentiële bewoners, stakeholders en andere partijen is in onze visie buitengewoon belangrijk om tot een goede aankoopbeslissing te komen, of om als stakeholder goed en volledig geïnformeerd te zijn. Daarom zal er in de Hallen, nabij de placemaking en op de projectlocatie, een verkoop- en informatiekantoor opgericht worden. Hier kan iedereen terecht met vragen en suggesties bij de gastheren of -vrouwen die het project volledig kennen. Het project en de deelprojecten zullen gevisualiseerd worden middels de modernste technieken, waardoor het niet alleen informatief is, maar het ook een beleving zal worden om er te komen. Cultuurlab Eén van de hallen blijft flexibel inzetbaar, met name bedoeld om ruimte te bieden aan culturele, kunstzinnige en maatschappelijke initiatieven. Te denken valt aan een muziekpodium, atelier, studio of oefenruimte voor professionals en amateurs. Samen met bijvoorbeeld lokale initiatieven, kunstenaars en artiesten. Circulaire broedplaats annex circulariteitshub en bouwhub Met de gemeente en geïnteresseerde partners zoeken we de samenwerking om een circulaire broedplaats te creëren om zo tot innovaties te komen die in de wijk toegepast kunnen worden.

Daarnaast moedigen wij een circulariteitshub aan, waar de samenwerking met afvalverwerkers en bouwers die een circulair verwerkings- en bouwproces hebben mogelijk is. Voorgaande kan onderdeel uitmaken van een veel breder inzetbaar concept in Utrecht. De hub, maakstudio’s en andere bedrijven en instellingen maken onderdeel uit van een Living LAB. Daarnaast kunnen in het Living LAB alternatieve mogelijkheden verder onderzocht worden, zoals bijvoorbeeld demontabel bouwen, houtbouw, energienota-nul of natuurinclusief bouwen, maar voornamelijk voor alle innovaties die momenteel nog niet bekend zijn. De Bouwhub is een samenwerking tussen de Gemeente Utrecht en VolkerWessels, waarbij door slimme toepassing van logistieke processen en efficiënte inzet van vervoer (volle vrachten) dagwerkpaketten en afgemeten bouwmaterialen ‘just in time’ op de bouwplaats geleverd worden. Dit vanaf een gecoördineerde en gemonitoorde plek aan de rand van een stad (zoals op de Asfaltcentrale). Fietsroute startpunt en jogroutes Het KWS-terrein wordt het startpunt voor fiets- en jogroutes, zowel de stad in als de stad uit; richting Leidsche Rijn, Breukelen, Nieuwegein, Montfoort en Amsterdam. Andere ideeën tijdens de participatie geopperde zijn: • stadsstrand; • theaterplek indoor; • atletiekbaan; • crossbaan; • skatebaan; • (outdoor) sportschool; • kleinschalige festivallocatie.

Flexibele ontwikkeling De ontwikkelingen rondom energiesystemen, bouwvormen, woonbehoeftes, duurzame inzichten, techniek, maatschappelijke inzichten, mobiliteit enzovoort, gaan erg hard. Wat vandaag ‘state of the art’ is, kan over vijf jaar achterhaald zijn of in een andere vorm sterk verbeterd. Het plan dat voorligt voorziet zoveel mogelijk in de wens en het nut om zo adaptief en flexibel mogelijk te zijn naar de toekomst. Dit binnen de huidige, realiseerbare uitgangspunten, om voldoende zekerheden te hebben wat er de komende jaren wordt ontwikkeld in Groenewoud. Zo ontstaat ruimte om in de ruime looptijd van de ontwikkeling nieuwe inzichten, woonvormen en technieken toe te passen in het plan. Hierdoor is Groenewoud niet alleen in het begin een duurzame moderne wijk, maar kan Groenewoud gedurende het gehele ontwikkeltraject voorop blijven lopen en innovatief blijven.

26

Om dit mogelijk te maken is voor een marktgerichte ontwikkelstrategie gekozen, die per fase vrijheden laat om aan te sluiten op de veranderende vraag vanuit de maatschappij. In het stedenbouwkundig plan is het stedenbouwkundig raamwerk vastgelegd, waarin de sfeer, de kwaliteit en de samenhang beschreven wordt. De deelgebieden worden binnen vastgelegde randvoorwaarden, in verschillende fases uitontwikkeld. De verkaveling, woningtypen, bouwhoogtes en aantallen zijn in de basisverkaveling per deelgebied vastgelegd en in de vervolguitwerking kunnen deze op veranderende markt(vraag) en inzichten worden aangepast. Deze ontwikkelingen worden beoordeeld door het Bouwplanteam welke door de Gemeente Utrecht is aangesteld. Papendorp wordt ontwikkeld tot stedelijk knooppunt. Ontwikkelaar en gemeente willen ook in Groenewoud een groter aantal woningen realiseren dan de 1500 die vastliggen in de basisverkaveling van dit SP. Binnen de kaders van het SP is al onderzocht hoe verdichting naar 1650 woningen kan worden gerealiseerd. Dit wordt vastgelegd in het bestemmingsplan met in acht neming van de basiskwaliteiten van het SP. Daarnaast onderzoeken ontwikkelaar en gemeente voorafgaande aan de ontwikkeling van elke deelfase of en hoe in het verlengde van dit SP het aantal te realiseren woningen verder kan worden geoptimaliseerd.

Omwille van het snel op gang brengen van de woningbouwproductie betreft dit niet de eerste fase. Om de automobiliteit binnen het plangebied niet te laten toenemen worden alle voor deze optimalisatie (>1650 woningen) noodzakelijke extra parkeerplaatsen gekoppeld aan de mobiliteitshub en/of op een andere wijze alternatief opgelost zoals bijvoorbeeld deelmobiliteit. De beschikbare capaciteit in de mobiliteitshub is één van de factoren die van invloed is op de omvang van de optimalisatie. Vooralsnog wordt gedacht aan maximaal 150 extra woningen ten opzichte van 1650. Bovendien willen partijen onderzoeken of binnen de financiële mogelijkheden nog meer kwaliteit (m.n. groen) kan worden toegevoegd aan de binnenterreinen waarvan in het SP wordt aangegeven dat op maaiveld wordt geparkeerd. Bij een toename in kwaliteit van deze terreinen kan gedacht worden aan (half)verdiepte oplossingen, parkeren onder een (groen) dak of alternatieve parkeeroplossingen zoals extra gebruik van parkeren op afstand en/of deelmobiliteit. De beste mogelijkheden zien we in de Mercatorbuurt en de KWS-buurt. Parkeerplaatsen in de openbare ruimte zijn beschikbaar voor bezoekers en vallen onder het betaald parkeerregime. Een toename van bezoekersparkeren, bijvoorbeeld als gevolg van de optimalisaties wordt opgevangen in de mobiliteitshub en niet in de openbare ruimte.

Wel kan bezoekersparkeren in de openbare ruimte worden vervangen door extra plaatsen voor deelmobiliteit. Daarmee is dit stedenbouwkundig plan een toekomstbestendig kader voor de ontwikkeling van Groenewoud. Bestemmingsplan Het stedenbouwkundig plan Groenewoud is opgesteld voor het gehele plangebied Groenewoud. Het juridische kader wordt verankerd middels een nog op te stellen bestemmingsplan ‘Groenewoud’. In het bestemmingsplan wordt ook de flexibiliteit geborgd. De naastgelegen ontwikkelingen ‘De Taats’, ‘Groenewoud-Noord’ en ‘Mobiliteitshub XL’ maken geen onderdeel uit van dit bestemmingsplan. Deze ontwikkelingen hebben naar verwachting een positieve uitwerking op Groenewoud, zoals bijvoorbeeld akoestiek, voorzieningenniveau en parkeeroplossingen. In dat kader zou er gebruik gemaakt kunnen worden van de ‘crisis en herstelwet’ of een ‘bestemmingsplan met verbrede reikwijdte’, waartoe de gemeente Utrecht de mogelijkheid heeft. Hierin wordt in onderling overleg een keuze gemaakt. Vooruitlopend op de benodigde bestemmingsplanonder-zoeken is al veel voorwerk gedaan, naar bijvoorbeeld flora en fauna, archeologie, akoestiek, niet-gesprongen explosieven, externe veiligheid en bodem. Veel van de (voorlopige) conclusies komen terug in dit Stedenbouwkundig Plan.

27

werkmaquette

3. Stedenbouwkundig concept 3.1 Ruimtelijke opzet Groenewoud is een bijzonder woongebied, zeker omdat het een verrijking voor de nu nog monofunctionele kantoorlocatie Papendorp is. In de toekomst zal Papendorp een sterk gemixte wijk zijn qua functies. Tegelijkertijd dient de wijk door zijn ligging in de stad als schakelpunt tussen Leidsche Rijn en Kanaleneiland. Het karakter van Groenewoud is enerzijds stedelijk met stadse blokken en een hogere bebouwingsdichtheid, anderzijds is er veel ruimte voor groen en openbare ruimtes. Een aanzienlijk deel van deze buitenruimte is autoluw. Inspiratie: slagenstructuur De hoofdopzet van Groenewoud is gebaseerd op de onderliggende structuur van het oorspronkelijke slagenlandschap. Dit patroon is ontstaan bij de oorspronkelijke verkaveling van de polder Papendorp en staat diagonaal op het Amsterdam-Rijnkanaal. Deze historische lijnen vormen de basis voor de richting van de bouwblokken en openbare ruimtes van het plan. Ook de Asfaltcentrale ligt in deze richting; het oppakken van de richting van de slagen zorgt voor extra lange doorzichten richting het kanaal. Twee delen Groenewoud is verdeeld in twee delen. Het noordelijke deel van de wijk, op het voormalige terrein van de asfaltcentrale, krijgt een hoogstedelijk karakter. Direct ten westen hiervan wordt de Mobiliteitshub XL gerealiseerd.

Hierdoor ontstaat de mogelijkheid om compacte, stedelijk vormgegeven openbare ruimtes te realiseren, vrijwel zonder auto’s in het openbare gebied. De nabijheid van deze Mobiliteitshub XL en de goede OV-verbinding die hiermee samenhangt biedt de mogelijkheid een relatief hoge dichtheid in dit plandeel te realiseren, onder andere omdat minder parkeerplaatsen gerealiseerd hoeven te worden binnen de buurt zelf. Het integreren van de industriële sfeer van de huidige centrale, gecombineerd met het handhaven van enkele objecten van de centrale, geven dit plandeel LEIDSCHE RIJN een sterk onderscheidend karakter. Leidsche Rijn centrum historische binnenstad Hoog Catharijne

UTRECHT CS LEIDSCHE RIJN

Leidsche Rijn centrum

Hoog

Strijkviertel

UTRECH

VAARTSCHE RIJN

Groenewoud

CHE RIJ LEIDSCHE RIJN N

LEIDS

Kanaleneiland

Leids ch centr e Rijn um

Leidsche Rijn centrum LEIDSCHE RIJN

LEIDSCHE RIJN

Strijkviertel

Strijk

Leidsche Rijn centrum

LEIDSCHE RIJN

Hoog e ch d ris to nsta his ne bin

vierte

SC

HE

UTRE

Catha

CHT

rijne

histor binne ische nstad

CS

historische binnenstad

Groenewoud

l

Groe

LEIDSCHE RIJN

newou

Ho

d

og

UT

ID

Leidsche Rijn centrum

N RIJ

LeidscheLERijn Leidsche Rijn centrum centrum ijn

C

ath

RE

ari

CH

Kanaleneiland

jne

TC

Kana

leneil

belangrijke fietsroute historische and

VA

AR

TS

CH

ER

Strijkviertel

eR ch m ids tru Le cen

IJN

hov-verbinding VAAR

TSCH

Strijkviertel

Str

ij

ie kv

rte

l

Gr

E RIJN

VAARTSCHE RIJN

shopping

oe

ne

wo

ud

na

len

eil

an

d

Kanaleneiland

UTRECHT CS

historische binnenstad

sportvoorziening Leidsche Rijn centrum Hoog Catharijne zwemmen Hoog Catharijne cultuur

Groenewoud

recreatie

Kanaleneiland

UTRECHT CS

middelbare school

Strijkviertel Groenewoud als schakelpunt tussen Kanaleneiland en Leidsche Rijn. Ook het kanaal heeft een prominente rol.

Groenewoud

binnenstad

LEIDSCHE Hoog RIJN Catharijne treinverbinding Groenewoud

Ka

UTR

UTRECHT CS

S

Ho

Hoog Catharijne

UTRECHT CS

Kanaleneiland

29

VAARTSCHE RIJN

hoogstedelijk

stedelijk

oppakken slagenstructuur

twee delen

ht

zic

ht

zic

ka

slagen

na alz on

diagonaal

retentiezone

e De

ht

zic

Ta ats

Taatsenplein

hoofdruimtes

De Taats

relatie kanaal

Mercatorbuurt

relatie kanaal in combinatie met bouwhoogteopbouw 30

Dijkbuurt

Amsterdam-Rijnkanaal

jnkanaal

Het zuidelijk deel krijgt een stedelijk karakter. Hier is de gemiddelde bouwhoogte en bebouwingsdichtheid iets lager dan in het noordelijke deel. De verkaveling is meer open waardoor er meer ruimte ontstaat voor groen, groene oevers en watergangen. Specifiek aan de zuidelijke grens van dit plandeel, aan de rand van de Bevrijdingslaan, is de dichtheid en bouwhoogte juist weer hoger om zowel de ruimtelijke begrenzing van de Bevrijdingslaan te accentueren als ook vanwege de ligging dichtbij de brug met een directe fietsroute naar Kanaleneiland en een OV-knooppunt. Extra dichtheid op deze plek is daardoor gewenst. Hoofdruimtes Kanaalzone Groenewoud wordt een wijk met een sterke groene beleving: de kanaaloever en het kanaal krijgen een prominente rol in het plan. De groene kanaaloever vormt samen met de forse ruimte van het kanaal zelf een aantrekkelijke plek binnen de stad en maakt tegelijkertijd deel uit van een netwerk van groenblauwe ruimtes in Utrecht. Daarom vormt de Kanaalzone in het plan de ruggengraat waar de openbare ruimtes op aansluiten.

Mercatorlaan In het zuidelijke deel zijn dit de Slagen. Deze openbare ruimtes lopen in lange rechte lijnen vanuit de Kanaalzone richting de Mercatorlaan. Deze laan zelf is ook een kwalitatief hoogwaardige openbare ruimte voor de wijk, doordat deze ruim en groen van opzet is. Centraal park De groene beleving van de wijk wordt versterkt door de aanwezigheid van een centraal park met een waterpartij in het zuidelijk deel. Hierdoor krijgt ook het middengebied, dat op iets meer afstand ligt van de Kanaalzone en de Mercatorlaan, een groene kwaliteit. Diagonaal Door middel van een Diagonaal is het Centrale park verbonden met de Slagen en de Kanaalzone. Hierdoor wordt het raamwerk van de landschapsstructuur versterkt en worden alle groene openbare ruimtes met elkaar verbonden en makkelijk bereikbaar vanuit iedere woning. Retentiezone De grens tussen het noordelijke deel (KWS-terrein) en het zuidelijke deel van Groenewoud wordt benadrukt door een bredere slag: de Retentiezone. Deze groenblauwe structuur ligt op de plek van de huidige zuidgrens van de asfaltcentrale. De Diagonaal eindigt op de kruising van de Retentiezone met de Kanaalzone. Relatie kanaal Uitgangspunt is “voor zoveel mogelijk woningen uitzicht op het kanaal”. Groenewoud is een wijk met oriëntatie op het Amsterdam-Rijnkanaal.

Om deze reden is er een verloop van hogere bebouwing en hogere dichtheid nabij de Mercatorlaan in het westen, naar lagere bebouwing en een lagere dichtheid nabij het kanaal in het oosten. Hierdoor profiteren zoveel mogelijk woningen van het uitzicht en wordt het gevoel van de grote ruimte en lucht aan de kanaalzijde versterkt en in de gehele wijk ervaarbaar. Woningen die geen zicht hebben op het kanaal hebben veelal zicht op een of meer van de groenstructuren binnen het plan.

Kanaleneiland

31

Hoofdontsluiting auto De hoofdontsluiting is opgesplitst in twee delen. In het zuidelijke deel zijn twee hoofdwegen als lussen door de wijk gesitueerd. Deze sluiten direct aan op de Mercatorlaan. Het noordelijke deel wordt ontsloten via twee ‘inprikkers’ vanaf de Taatsendijk. Deze weg is momenteel aangetakt op de Orteliuslaan, maar zal in de toekomst direct aansluiten op de (verlengde) Mercatorlaan. Vier buurten De wijk is verdeeld in vier buurten. Samen vormen de buurten een stedenbouwkundig geheel, tegelijkertijd hebben ze ieder een eigen identiteit. Van noord naar zuid: KWS-buurt, Mercatorbuurt, Dijkbuurt en Pyloonbuurt.

Taatsendijk

k

re te n ti ez o

ontsluiting auto, verbinding tussen de twee delen alleen voor fiets en voetganger

T

ne

Ka alz on e

oe ne wo ud

di ag on aa l

na

Gr

Mercatorbuurt

se di

rc at or laa

ce nt ra al pa rk

jk

Me

Dijkbuurt

n

P

Pyloonbuurt T = Trechter met kraan P = Pyloon H = Hotel

H

de vier buurten en de randen

32

n

n

KWSbuurt

laa

laa

ius

tel

tor

Or

rca

Me

Ta at se nd ij

Be

vr

ijd

s ing

laa

n

KWS-buurt

Mercatorbuurt

De KWS-buurt heeft een hoogstedelijk, robuust karakter afgewisseld met groene vlakken. Enkele onderdelen van de oorspronkelijke asfaltcentrale, enkele hallen en de kraan met overslagtrechter worden (indien mogelijk) behouden en geven het gebied karakter. De stijl en robuustheid van deze objecten vormen een inspiratiebron voor de nieuw toe te voegen architectuur in de KWS-buurt, die een industrieel karakter krijgt. Denk hierbij aan baksteentoepassingen, verspringingen in de bouwblokken, platte daken, kloeke bouwmassa’s en een gemiddelde bouwhoogte van vier tot vijf bouwlagen met hier en daar een geïntegreerd hoger appartementengebouw. Kenmerkend voor de KWS-buurt zijn de drie pleinen. Ook voor de buitenruimte is het industriële karakter een inspiratiebron. De Mercatorbuurt is een gemengde, stedelijke wijk met een hoge dichtheid en diversiteit van grondgebonden woningen, benedenen bovenwoningen en appartementen. Er zijn veel smalle hoge stadswoningen te vinden. Deze kunnen een woonverdieping op de eerste etage hebben en ook profiteren van dakterrassen waarvandaan je uitzicht hebt op het kanaal. Er is een duidelijke, regelmatige structuur met een hiërarchie in het patroon van straten en dwarsstraten. In het gebied zijn ook een school, een kinderdagverblijf en een gebied voor ‘tiny houses’ opgenomen. De straten hebben een groen karakter, er is hier veel ruimte voor bomen en wadi’s.

Dijkbuurt

De Dijkbuurt heeft een meer open verkaveling. Groen en bebouwing mengen zich. De beoogde sfeer is hierdoor kleinschaliger. Hagen, (gemeenschappelijke) tuinen en natuurlijke materialen zoals hout bepalen het karakter van de buurt. De bebouwing bestaat voor een groot deel uit grondgebonden woningen. De dichtheid en gemiddelde bouwhoogte is lager dan in de andere drie buurten. Belangrijk zijn de doorzichten naar de Kanaalzone en de beëindiging van de Kanaalzone in enkele groene driehoekige buitenruimtes, de Kartels. Kenmerkend voor de buitenruimte in deze buurt zijn autovrije paden en gemeenschappelijke tuinen.

Pyloonbuurt

De Pyloonbuurt kenmerkt zich door karakteristieke, hoog stedelijke bouwvolumes, die een beëindiging vormen in de richting van het talud van de Prins Clausbrug. In combinatie met de nabijheid van het Taatsenplein en de woonwijk Kanaleneiland maakt dit een stoere, levendige buurt. De bebouwingsdichtheid is relatief hoog. Een begeleidende bebouwingswand beëindigt het plan aan de zuidgrens langs de Bevrijdingslaan. Centraal door de buurt loopt een singel die de zichtas naar de pyloon van de brug begeleidt. De straten hebben een groen karakter en er is een groene openbare speelruimte.

33

transparantie buurten

bouwvelden

lang perspectief kort perspectief

verblijfsruimtes

34

water

kanaalzone

waterloop

slagen

open hwa

diagonaal

hemelwaterafvoer

pleinen

te realiseren water

ontmoeting

door gemeente

Meervoudige transparantie Doordat het verkavelingpatroon van de wijk in diagonale richting op het Amsterdam-Rijnkanaal staat, ontstaan er op veel plekken niet in één richting, maar in twee richtingen doorzichten naar het kanaal. Door deze meervoudige transparantie zijn de uitzonderlijke kwaliteiten van het kanaal in heel Groenewoud merkbaar. Uitzondering hierop is de KWS-buurt, die zijn kwaliteiten vooral haalt uit zijn industriële historie en een fijnmaziger ruimtelijk patroon. Hierdoor zijn de doorzichten korter en kent deze buurt een intiem en verrassend karakter van stegen die uitkomen op pleinen zonder verre doorzichten. Bouwvelden Het slagenlandschap vormt het raamwerk waarin de bouwvelden van het plan zijn opgesteld. Gezien de lange doorlooptijd van dit plan is de invulling binnen de bouwvelden nog niet geheel vastgelegd. Dit maakt een flexibele ontwikkelstrategie mogelijk en biedt initiatiefnemers de mogelijkheid om in te spelen op veranderingen in de planontwikkeling en in de markt. Er worden wel bepaalde randvoorwaarden meegegeven en een programma waaraan deze bouwvelden moeten voldoen. Zie hiervoor het hoofdstuk ‘Beeldkwaliteit’ in de bijlagebundel en de uitleg over het programma in dit hoofdstuk. Verblijfsruimtes Groenewoud krijgt een groenblauwe identiteit die zichtbaar is in de gehele buitenruimte.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=642c5e0b-efcc-4a2c-abc2-b97e6ddbc769