CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Standplaatsen-doc-Info-en-Bijdragen-deelnemersWEB

Raadsinformatiebijeenkomst 5 maart 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Standplaatsen1.212 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Standplaatsen Basisinformatie Datum Gespreksleider Tijd Zaal Soort bijeenkomst Werkvorm Portefeuillehouder Vervolg

5 maart 2024 Gertjan te Hoonte 20.00 – 21.30 uur Zaal Bespreken raadsvoorstel Gesprek tussen raadsleden en aanwezigen Susanne Schilderman De gemeenteraad debatteert over dit onderwerp tijdens de vergadering van de commissie: Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie op 14 maart. Wilt u nog informatie delen met raadsleden, stuur dit naar raadsinformatiebijeenkomst@utrecht.nl Website gemeente en facebook Eén deelnemer, Vishandel Heek Eén deelnemer, De Oliebollenbakkers Eén deelnemer, Het Goudhaantje Eén deelnemer, Koninklijke Centrale Vereniging Ambulante Handel (CVAH) Eén deelnemer, Vredenburgmarkten Eén deelnemer, Domstad bloemen Eén deelnemer, Smaragdplein bloemen Eén deelnemer, Intercheese Holland Twaalf deelnemers

Links naar Deelnemers

Programma 20:00 – 20:10 uur Opening en voorstellen 20.10 – 20.40 uur Ophalen van meningen en gevoelens 20.40 – 21.00 uur Vragen van raadsleden 21.00 – 21.25 uur Gesprek tussen raadsleden en ondernemers 21.25 – 21.30 uur Afronding en conclusie

Motivatie Agendeerders David Bosch (UtrechtNu!), Cees Bos (Stadsbelang Utrecht), Victor Paalman (Horizon), Mohamed Talhaoui (PvdA), Mariam Al-Saqaff (VVD), Gert Dijkstra (EenUtrecht), Bert van Steeg (CDA), Nadia Stylianou (D66), Mahaar Fattal (GroenLinks)

1

Motivatie Onlangs is er een nieuw standplaatsenbeleid gepresenteerd, wat wederom reacties heeft opgeroepen in onze stad. Vanuit de fracties van UtrechtNu!, Stadsbelang Utrecht, Horizon, PvdA, VVD, CDA, D66, en GroenLinks bestaat de behoefte om tijdens een algemene RIB verschillende standplaatsondernemers te horen over dit nieuwe beleid. Voor deze algemene RIB wensen wij alle huidige standplaatshouders uit te nodigen, evenals eventuele betrokken klanten, organisaties en juridische bijstandsverleners. Het zou ook wenselijk zijn dat er vanuit de gemeente Utrecht betrokken ambtenaren aanwezig zijn om waar nodig vragen te beantwoorden. Het is de uitdrukkelijke wens van de fracties dat het gesprek open van aard zal zijn.

Bijdrage Deelnemer, Koninklijke Centrale Vereniging Ambulante Handel (CVAH) Hierbij ontvangt u puntsgewijs mijn reactie/bijdrage op het raadsvoorstel nieuwe standplaatsenbeleid gemeente Utrecht. VERGUNNINGSDUUR: Het college stelt een vergunningsduur voor van 12 jaar. De CVAH kan zich hier niet in vinden. Naar aanleiding van ons rapport “Schaarse Vergunningen op de Markt” was ons advies in eerste instantie aan gemeenten, vergunningen voor minimaal 15 jaar. Ons rapport stamt uit 2019 waardoor het onderzoek met betrekking tot de terugverdientijd inmiddels is achterhaald door de corona periode en de zero-emissie problematiek. Hiermee is ook het SEO rapport “Schaarse vergunningen en terugverdientijd in de ambulante handel” in opdracht van de Ministerie van Economische Zaken en Klimaat waarnaar u verwijst mijn inziens achterhaald. Ambulante ondernemers zijn wekelijks of zelfs meerdere keren per week actief op standplaatsen. Jaarlijks staan zij gemiddeld 100-200 keer op een standsplaats in de zero-emissiezone. Een elektrische vrachtwagen kost minimaal 340.000 euro. En gezien het feit dat deze ondernemers beschikken over een schaarse vergunning, zijn de vergunningen niet meer voor onbepaalde tijd. Hoe en met wat moeten deze ondernemers investeren of hun investering terugverdienen in een korte bepaalde duur.

De banken geven geen financiering meer omdat er sprake is van een korte bepaalde tijd vergunning. Tweedehands elektrische bussen en vrachtwagens zijn nog lang niet beschikbaar. Er zijn ambulante ondernemers die op leeftijd zijn en meerdere standplaatsen elders hebben waar geen Zero Emissie zone is. Bij navraag in het lande laten de ondernemers weten dat meer dan de helft gaat stoppen en dan zal er in 2030 nog maar een hele kleine markt over blijven. Voor zowel het stedelijk woonmilieu als voor de winkeliers en horeca zou dat een flink (omzet)verlies betekenen. Om dit enigszins te voorkomen moet de duur van de bepaalde tijd vergunningen verhoogd worden. Al een geruime tijd zijn wij in gesprek met een aantal leden van de tweede kamer om het rapport betreffende de terugverdientijd te herzien. Een termijn van 12 jaar is ons inziens niet meer reëel gezien de investeringen die gedaan moeten worden. Dit heeft ertoe geleid dat er op 28 februari jl. tijdens het tweeminutendebat MKB een motie is ingediend door de heer Pieter Grinwis (ChristenUnie) en Minister EZK, Inge Van Dijk (CDA), en André Flach (SPG).

De tekst luidt ongeveer als volgt; “constaterende dat marktkooplieden, ofwel ambulante ondernemers, te maken hebben met sterk stijgende kosten door onder andere het invoeren van zero-emissiezones en afnemende inkomsten na de coronacrisis; constaterende dat de looptijd van schaarse vergunningen in veel gemeenten lang niet toereikend is voor ambulante ondernemers om hun investeringen terug te verdienen; overwegende dat een eerder onderzoek uit 2021 naar de terugverdientijd inmiddels achterhaald is; verzoekt de regering om middels een gesprek met de VNG er bij gemeenten op aan te dringen om de vergunningsduur ambulante handel goed en met actuele gegevens te onderbouwen en daartoe een nieuw onderzoek naar de terugverdientijd te financieren”. Wij zijn van mening dat een vergunningsduur van 20 jaar dan ook te rechtvaardigen is. 2

OVERGANSRECHT: De CVAH blijft van mening dat de bestaande standplaatshouders een overgangsperiode zonder mededinging verdienen. Gezien de geschiedenis van deze ondernemers en de werkwijze van de gemeente zijn wij van mening dat er sprake is van bijzonder omstandigheden waardoor deze standplaatshouders een overgangsperiode verdienen. HUUROVEREENKOMST: legeskosten worden niet verhoogd maar de huurovereenkomst wel. Uit het beleid maak ik op dat de huur wordt verhoogd omdat de vergunningsverleningsproces hogere kosten meebrengt voor de gemeente, zoals de nieuwe verdeelsystematiek en de handhaving na verlening van de standplaatsvergunning. Wij zijn van mening dat de standplaatshouder opnieuw gestraft worden voor de keuzes die de gemeente maakt. Genoemd wordt o.a. hogere kosten handhaving, dat uit de afgelopen periode is gebleken dat extra handhaving nodig is. Waaruit blijkt dit? Ik ben van mening dat de handhaving gezien de problemen die naar boven zijn komen, niet juist heeft gewerkt in de afgelopen jaren. Dit stelt niet vast dat er sprake zou moeten zijn van extra handhaving. Hierdoor gaan wij namens de standplaatshouders dan ook niet akkoord met een verhoging van 13%. Deelnemer, De Oliebollenbakkers Hieronder treft u puntsgewijs mijn reactie. -

-

-

Termijn van 12 jaar is te kort. Het is gebaseerd op een rapport dat inmiddels achterhaald is. Er spelen nu ontwikkelingen zoals ZE, Corona-effecten, impact van selectiecriteria en dergelijke die niet zijn meegenomen. Deze ontwikkelingen maken het dat een langere periode 15 tot 20 jaar reëler is om als terugverdientermijn te hanteren. Van belang is te melden dat aan de ondernemers wordt gevraagd veel te investeren en te doen. Er moet dan ook een ruime mogelijkheid zijn om deze investeringen en inspanningen terug te kunnen verdienen. Uit voorgestelde 12 jaar wordt niet duidelijk dat de gemeente heeft gedacht aan deze zaken Zoals het er nu voorstaat, moet iedereen invulling geven aan de selectiecriteria, ook al is er sprake van 1 inschrijving. Ik zou graag zien dat pas nadat vaststaat dat er sprake is van meerdere inschrijvers er wordt gevraagd te komen met aanvullende informatie die betrekking heeft op de selectiecriteria. Dit scheelt de ondernemers enorm veel administratief werk. De discussie over overgangstermijn blijft, ook al hebben er verschillende overlegsessies plaatsgevonden. Dit is iets waar de raadsleden zich bewust van moeten zijn. Vorenstaande betekent dan ook dat er geprocedeerd gaat worden. Het valt mij op dat de kosten voor de ondernemers hoger worden.

Ik vraag met klem om de kosten niet te laten oplopen, omdat dit de terugverdientijd van de investeringen nog verder zal doen oplopen en voor sommige ondernemers zelfs het einde kan betekenen van hun onderneming.

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=cb351d04-0c55-4503-b8e2-5ab461075f78