CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Sportbestuurders over discriminatie op Utrechtse sportclubs.pdf

Gemeenteraad 22 juni 2023, gemeente UtrechtBij agendapunt: Afrondende besluitvorming Onderzoek Sportbestuurders over discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs10.501 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

We zien in dit onderzoek overeenkomsten met het onderzoek uit 2020. Toen stelden we vast dat er weliswaar verenigingen zijn die bepaalde doelgroepen expliciet uitsluiten, maar dat de meeste sportaanbieders aangeven open te staan voor iedereen. Dat beeld wordt in dit onderzoek grotendeels bevestigd.

28

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

Tegelijkertijd stelden we in het eerdere onderzoek vast dat bij verenigingen die zeggen open te staan voor iedereen, in de praktijk een sportcultuur kan bestaan die (onbewust) bepaalde groepen uitsluit. Ook dat wordt in dit onderzoek bevestigd. Een duidelijk voorbeeld hiervan zijn teamsportverenigingen (vaak voetbal) waar het gebruik van het woord ‘homo’ als scheldwoord onder mannen is genormaliseerd. Daarbij is men zich lang niet altijd bewust van de uitsluitende werking hiervan. De redenatie is dat het niet geldt als discriminatie, omdat het niet kwaad is bedoeld (Cremers & Elling, 2022; Elling et al., 2023). Met de ‘sociale kramp’ hangt de ‘kleurenblinde’ houding samen die vaak in de sport wordt aangenomen (De Kwaasteniet et al., 2023). Daarbij is het uitgangspunt dat iemands huidskleur, herkomst of geloofsovertuiging er niet toe doet, maar dat iemands kwaliteiten doorslaggevend zijn. Of in het geval van de amateursport: ‘onze vereniging staat open voor iedereen’. Hoewel goedbedoeld, betekent dit tegelijkertijd dat er te weinig oog is voor sociale ongelijkheid en stereotype denkbeelden, die een uitsluitende werking kunnen hebben. Daarmee is er automatisch te weinig aandacht voor de uitsluitende mechanismes waarmee minderheidsgroepen in Nederland te maken (kunnen) hebben (De Jong et al., 2021).

Hoewel de aandacht bij Utrechtse verenigingen relatief groot is, blijft ook lhbti+-acceptatie een punt van aandacht. Zeker met het oog op de groeiende maatschappelijke discussies rondom de acceptatie van onder meer transgender en non-binaire personen in de veelal sterk genderbinaire8 (wedstrijd)sport. Ook landelijk zien we dat de algemene homoacceptatie in de sport weliswaar groot is, maar dat lhbti+personen zich lang niet overal in de sport even veilig en thuis voelen. Hoe meer lhbti+-personen (zichtbaar) afwijken van de hetero-/cisgendernorm, hoe lastiger het voor hen voelt om overal binnen de sport zichzelf te zijn (Cremers & Elling, 2022; De Jong et al., 2021). Gevolg is dat lhbti+-personen hun seksuele voorkeur of genderidentiteit vaak verborgen houden in de sport. Ook gaan ze vaak op zoek naar plekken in de sport waar ze zich veilig voelen. Tegelijkertijd bestaat onder andere groepen, waaronder (moslim)vrouwen, juist een behoefte aan meer apart sportaanbod voor vrouwen. Dit lijken deels paradoxale wensen, maar vraagt in beide gevallen om meer aandacht en inzet vanuit sportorganisaties om verschillende groepen in te sluiten.

De vaakst genomen of voorgenomen maatregelen om discriminatie tegen te gaan zijn aandacht voor een pedagogisch, positief sportklimaat en voor sociale verschillen. In iets mindere mate is er (voorgenomen) aandacht voor antidiscriminatie in trainingsopleidingen en voor optreden tegen discriminerende uitingen. Niet duidelijk is in hoeverre het antidiscriminatiebeleid opvolging vindt in concrete maatregelen tegen racisme, seksisme en lhbti+-negativiteit in de Utrechtse verenigingssport, zowel preventief als sanctionerend. Eerder onderzoek liet zien dat clubs geneigd zijn wel te erkennen dat discriminatie in de sport voorkomt en dat aandacht ervoor goed is, maar tegelijkertijd vaak ontkennen dat op de eigen vereniging maatregelen nodig zijn (Cremers et al., 2022). De helft van de bevraagde clubs geeft aan behoefte te hebben aan ondersteuning om discriminatie tegen te gaan, zoals duidelijke antidiscriminatieprotocollen. Hier ligt enerzijds een duidelijke vraag om ondersteuning door externe partijen met expertise bij het concreet uitwerken van antidiscriminatiemaatregelen. Daarbij is van belang om naast het maken van papieren beleid ook in te zetten op de daadwerkelijke uitvoering van maatregelen. Anderzijds is de vraag in hoeverre clubs die aangeven geen ondersteuning nodig te hebben, niet juist gebaat zouden zijn bij wat meer ‘bemoeienis’ bij

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

29

een bredere agendering van inclusie, diversiteit en antidiscriminatie binnen de Utrechtse verenigingssport. De dialoog over inclusie en antidiscriminatie structureler activeren onder Utrechtse clubs is van belang om de bewustwording van en kennis over expliciete en meer verborgen en onbedoelde vormen van racisme, seksisme en lhbti+-negativiteit verder te vergroten en een sociaal veiliger klimaat te creëren.

Op basis van de bovenstaande conclusies komen we tot de volgende aanbevelingen: ➢ Uit eerder onderzoek is bekend dat wanneer bevolkingsonderzoek zich specifiek richt op (uitsluitingsmechanismes) richting specifieke doelgroepen (binnen de sport), het prevalentiecijfer van discriminatie een stuk hoger is dan dit onderzoek doet vermoeden. Om meer inzicht te krijgen in de prevalentie van negatieve ervaringen van mensen met verschillende achtergrondkenmerken die relatief vaak te maken krijgen met discriminatie (o.a. mensen met een migratieachtergrond, lhbti+-personen, mensen met beperkingen) lijkt een grootschalig bevolkingsonderzoek naar ervaringen met discriminatie op diverse gronden in verschillende maatschappelijke terreinen (waaronder de sport) het meest geschikt. ➢ De gemeente en SportUtrecht kunnen een sterkere faciliterende en ondersteunende rol spelen om antidiscriminatie bij clubs explicieter te agenderen en vorm te geven (naast positieve sportcultuur en inclusie). Dit kunnen zij doen in samenwerking met relevante partijen als Artikel 1, Movisie en de KNVB.9 Dit onderzoek toonde aan dat verenigingen discriminatie nog steeds als een lastig (bespreekbaar) thema ervaren. Van belang is daarom dit beter bespreekbaar te maken en tegen te gaan door informatie te delen, (ervarings)kennis uit te wisselen en vaker op te treden en te bestraffen.

o Haal de sociale kramp weg bij het bespreken van discriminatie. Natuurlijk wil iedereen een discriminatievrije vereniging, maar alleen dat uitspreken maakt een vereniging nog niet discriminatievrij. Er heerst nog te veel een beeld dat discriminatie tegengaan stopt bij zeer expliciete negatieve uitingen bestraffen. Dit maakt het thema erg beladen. Van belang is om te benadrukken dat discriminatie ook onbewust kan zijn en kan schuilen in onbewuste of onschuldig geachte zaken en stereotype denkbeelden. Dit maakt deze sociale kramp mogelijk kleiner. o Maak het bevorderen van inclusie en het tegengaan van discriminatie concreet naar verschillende sociale ongelijkheden/discriminatiegronden en bevolkingsgroepen. Iedereen even sterk includeren bij alle clubs is niet realistisch. Maar het is wel belangrijk om specifieke vormen van (onbewust) discriminerend taalgebruik en gedrag te (h)erkennen om seksisme, racisme (inclusief antisemitisme en moslimhaat), lhbti+-negativiteit en validisme10 tegen te gaan. o Initieer en faciliteer de uitvoering van concrete antidiscriminatiemaatregelen. Bijvoorbeeld: oproepen tot melden en registratie, digitale informatie en kennisdeling, toegankelijke trainingen/workshops organiseren voor leden, trainers en bestuurders, slachtoffers en clubs ondersteunen bij incidenten, optreden tegen ‘genormaliseerde’ discriminerende uitingen en deze bestraffen.

30

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

Andriessen, I. (2017). Discriminatie herkennen, benoemen en melden. Sociaal Cultureel Planbureau. Andriessen, I., Hoegen Dijkhof, J., Van der Torre, A., Van den Berg, E., Pulles, I., Iedema J., & De VoogdHamelink, M. (2020.) Ervaren discriminatie in Nederland II. Sociaal Cultureel Planbureau. Art.1 (2022). Discriminatiecijfers in 2021. Een rapport over registraties van discriminatie-incidenten door de politie, en meldingen bij antidiscriminatievoorzieningen en andere organisaties in Nederland. Art.1 Midden Nederland (2022). Monitor discriminatie 2021: Provincie Utrecht. Bovens, M., Jennissen, R., Bokhorst, M. & Engbersen, G. (2021). Afscheid van westers en niet-westers. Naar meervoudige indelingen in herkomstgroepen. WRR-Policy Brief 8. Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid. CBS/Mulier Instituut (2020). Het aandeel van de bevolking van 6 jaar en ouder dat lid is van een sportvereniging. Cremers, R., Anselma, M., & Elling, A. (2022). Sportdeelname en ervaren racisme etnische minderheden. In V. Stevens, & J. Steenbergen (Reds.), Samenwerking, dialoog en zelforganisatie als kiemen van een positieve sportcultuur (pp. 48-58). Mulier Instituut. Cremers, R., & Elling, A. (2020a) ‘Onze vereniging staat open voor iedereen’ Betekenisgeving aan inclusie van etnische minderheden door Utrechtse sportaanbieders. Mulier Instituut. Cremers, R., & Elling, A. (2020b).

LHBTI in de breedtesport (2020). Samenhang acceptatie en het wel of niet kennen LHBTI-persoon. Mulier Instituut. Cremers R., & Elling, A. (2021). Homoacceptatie op de sportvereniging [Factsheet 2021/29]. Mulier Instituut. Cremers, R., & Elling, A. (2022). Lhbti+-acceptatie op de sportvereniging, horen daar grappen bij? In V. Stevens, & J. Steenbergen (Reds.) Samenwerking, dialoog en zelforganisatie als kiemen van een positieve sportcultuur (pp. 62-72). Mulier Instituut. De Jong, M., Ghorashi, H., Lovert, T., Mars, K., de Rooij, E., & Ustuner, E. (2021). Naar een inclusieve werkomgeving!: Inzichten vanuit werk- en levenservaring en paradoxen uit de praktijk. Hogeschool Inholland/Vrije Universiteit Amsterdam. De Kwaasteniet, R., Cremers, R., & Elling, A. (2023). Ons-kent-ons-mentaliteit viert hoogtij in sporttechnisch topkader. Mulier Instituut. Elling, A., Anselma, M., & Cremers, R. (2023). Monitor ‘Ons voetbal is van iedereen’- Aanvalsplan tegen racisme en discriminatie in het voetbal. Verdiepende opbrengstenrapportage 2022. Mulier Instituut. Elling, A., & Cremers, R. (2022). Diversiteit in kaderfuncties sportbonden en clubs. Mulier Instituut. Felten, H., Taouanza, I., Broekroelofs, R., Vijlbrief, A., & Cankor, E. (2019). Wat werkt bij het verminderen van discriminatie. Kennisplatform Integratie & samenleving.

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

31

Gemeente Utrecht (2022). Bevolking naar leeftijd en geslacht [BRP]. Geraadpleegd op 15 oktober 2022, van https://utrecht.incijfers.nl/dashboard/dashboard2020/bevolking Gemeente Utrecht (2019). Utrechts sportakkoord. Geraadpleegd op 15 oktober 2022, van https://www.sportakkoordutrecht.nl/ Harmsen. F., Elling, A., & Van Sterkenburg, J. (2019). Racisme, sociale kramp en innerlijke drijfkrachten in het betaald voetbal. Be.People/Mulier Instituut/Erasmus Universiteit Rotterdam. KNVB (2022). Twee jaar Ons Voetbal Is Van Iedereen. 20 extra of aangescherpte maatregelen tegen discriminatie in het voetbal. Movisie (2022). Geen ruimte voor discriminatie. Handreiking voor gemeenten voor het tegengaan van anti-Zwart racisme, antisemitisme, anti-moslim racisme, antiziganisme en lhbti+ discriminatie. Wezenberg-Hoenderkamp, K., & Ruikes, D. (2022). Ruimte voor zaalsport in Utrecht. Een onderzoek naar de (ontwikkeling van de) Utrechtse zaalsport en de bruikbaarheid van het planologische kerngetal. Mulier Instituut.

32

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

Verenigingsgrootte

Type sport

Genderidentiteit

Leeftijd

Seksuele voorkeur

Beperking en/of chronische aandoening

Opleidingsniveau

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

33

Zichtbare migratieachtergrond (zelfdefinitie)

Geloofsovertuiging

Rol(len) binnen de sport

Sportfrequentie 2021

Sportverenigingslidmaatschap

Lidmaatschap fitness/commerciële aanbieder

Te maken gehad met ongelijke behandeling/uitsluiting in de sport

34

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

Jeugdleden

Vrouwelijke leden

Leden met beperking/chronische ziekte -

Leden met zichtbare migratieachtergrond

Lhbti+-leden

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

35

36

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

<36 jaar*

Vrouwen

Mensen met een migratieachtergrond

Mensen met een beperking/chronische ziekte

LHBTI+

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

37

38

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

‘Ik ben zelf een blanke vrouw die goed haar mannetje staat. Vroeger vooral vervelende opmerkingen van mannen die toen dachten het alleenrecht hebben. Nu veel minder. Maar ja ik ben blank.’ ‘Ik wilde heel graag wedstrijdroeien en trainde daar keihard voor, maar op mijn lengte werd ik uitgesloten, terwijl ik wel beter (sterker, sneller) was dan anderen op het moment van selectie, maar dan werd ik toch niet geselecteerd omdat er bij langere mensen mogelijk meer potentie in zat.’ ‘Vooral elftallen met veel spelers met Turkse of Marokkaanse wortels hebben de neiging veel te discrimineren of pesten.’

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

39

40

Discriminatie en inclusie bij Utrechtse sportclubs | Mulier Instituut

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=c0402937-73ea-4232-9d26-368d15176c74