Schriftelijke vragen Veiligheid onder de Utrechtse jeugd en op scholen
Tekst van het document
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE RAADSVRAGEN 2024, NUMMER 116 Datum Van Behandeld door Doorkiesnummer E-mailadres Kenmerk Beleidsveld
9 juli 2024 College B&W Renée van der Meulen (MO) en Onno Blok (OOV) 0302862888
renee.van.der.meulen@utrecht.nl 12550544 Onderwijs
Geachte leden van de raad, Hierbij ontvangt u de beantwoording van de schriftelijke raadsvragen jaargang 2024 nummer 116 van Venita Dada-Anthonij (D66), Mariam Al-Saqaff (VVD), Maartje Vermeulen (GroenLinks) en Bert van Steeg (CDA) van 13 juni 2024 over (Sociale) Veiligheid onder de Utrechtse jeugd en op scholen. De gestelde vragen zijn onderaan bijgevoegd. Vraag 1 Heeft het college een goed beeld van de veiligheid op Utrechtse scholen en herkent zij dit beeld van de toename en groter wordende ernst van incidenten? Zo ja, kan het college een overzicht delen van wat voor incidenten dit betreft? Antwoord 1 Wij staan in goed contact met de Utrechtse scholen en is op de hoogte van incidenten op de scholen waarbij ook politie betrokken is. Scholen signaleren een lichte toename van het aantal incidenten, met name rond agressie en online pesten. De gemeente houdt geen overzicht van incidenten bij en ook de politie registreert geen incidenten specifiek op het niveau van de scholen. We kunnen niet stellen dat de ernst van de incidenten in algemene zin groter wordt. Wel zien we dat maatschappelijke ontwikkelingen en de groeiende polarisatie in de samenleving ook de scholen binnenkomt. Reden om een ronde langs de scholen te maken en te bespreken hoe de gemeente de scholen kan ondersteunen bij het signaleren en handelen rond incidenten en onveilige situaties.
Het is afgelopen periode een aantal keer voorgekomen dat er online bedreigingen werden geuit. Dat is niet specifiek voor scholen maar komt ook soms op scholen voor. Daar waar het zich heeft voorgedaan, zijn er nauwe contacten met scholen politie en OM geweest. Vraag 2 Is het college bekend met andere, anders dan de op het Leidsche Rijn college circulerende bangalijst, ernstige incidenten zoals beschreven in het onderzoek? Worden deze gemonitord en bijgehouden?
Antwoord 2 De gemeente is bekend met een aantal incidenten dit schooljaar en betrokken bij de afhandeling en nazorg voor leerlingen en medewerkers van scholen. De wijkagenten en de gebiedsmanagers veiligheid zijn daarvoor het eerste aanspreekpunt. De politie registreert uiteraard alle incidenten in onze stad maar er wordt niet per school of op het thema scholen geregistreerd, de systematiek van registratie is anders. Schoolbesturen zijn in het kader van de wet Veiligheid op school (2015) verplicht de sociale veiligheid op de school te verbeteren en een veilige omgeving voor leerlingen en personeel te waarborgen. Bij deze zorgplicht hoort ook een jaarlijkse veiligheidsmonitor waarmee de veiligheidsbeleving van leerlingen wordt gemonitord. De Onderwijsinspectie houdt toezicht op het veiligheidsbeleid van de scholen. In de nieuwe wet `vrij en veilig onderwijs’ die naar verwachting in 2025 van kracht wordt is de monitoring en melding van incidenten bij de onderwijsinspectie opgenomen. Vraag 3 Tijdens een aantal werkbezoeken kwam aan bod dat leerkrachten en docenten op het funderend onderwijs de verharding in de maatschappij terugzagen in de veranderde verhouding tussen henzelf in relatie tot ouders. Hierbij werd ervaren steeds vaker tegenover ouders te staan in plaats van naast ouders.
Is het college ook van deze signalen op de hoogte en welke rol ziet zij in het tegengaan van deze ontwikkeling? Antwoord 3 Wij zijn op de hoogte van deze signalen van de scholen. Scholen zijn de maatschappij in het klein waarbij toenemende polarisatie tussen groepen onderling of richting instituties, zichtbaar is. Die spanningen kunnen zich ook uiten in incidenten tussen leerlingen onderling of tussen leerling, ouders en de school. Zowel bij leerlingen als bij ouders is soms sprake van intimiderend of agressief gedrag. In februari van dit jaar is een bijeenkomst georganiseerd waar scholen hun ervaringen over grensoverschrijdend gedrag van ouders en leerlingen konden bespreken. De gemeente ondersteunt deze scholen onder meer door de inzet van Tienerwerk dat door medewerkers van stichting JOU en Dock wordt georganiseerd. Zij dragen bij aan een gezond pedagogisch klimaat waarin leerlingen maar ook ouders worden meegenomen in de vreedzame school aanpak. We zijn met de basisscholen in Leidsche Rijn in gesprek om te onderzoeken hoe we met een gezamenlijke aanpak grensoverschrijdend gedrag verder kunnen terugdringen. Vraag 4 Eerder zijn er door EenUtrecht al vragen gesteld over pesten en door D66 een overgenomen motie ingediend over de online weerbaarheid bij de Utrechtse jeugd.
Afgezien van het feit dat deze verschijnselen brede prestatiedruk verhogen, is het ook aannemelijk dat zij bijdragen aan een sfeer of cultuur waarin incidenten zoals beschreven in het onderzoek zich makkelijker voor kunnen doen. Kan het college aangeven welke stappen er al op de eerdergenoemde stukken ondernomen zijn en of er daarnaast andere stappen zijn genomen in samenwerking met scholen en jongerenorganisaties om de (sociale) veiligheid onder de jeugd en op scholen te vergroten? Antwoord 4 Wij hebben een aantal stappen gezet naar aanleiding van de motie en maatschappelijke signalen over online pestgedrag. Het Uitvoeringsprogramma Vergroten digitale weerbaarheid is dit voorjaar met uw raad gedeeld. Hierin wordt verder ingegaan op de interventies die we samen met andere betrokken partijen ondernemen om kinderen en jongeren digitaal weerbaarder te maken. Op 19 november van dit jaar organiseren we een congres voor zorgprofessionals en scholen waar de samenwerking rond de online leefwereld van onze jeugd verder versterken en een gezamenlijke visie ontwikkelen. In afstemming met de scholen en in aansluiting op hun behoefte doet de gemeente bovendien het nodige om de aanpak van sociale veiligheid in en rond scholen te ondersteunen.
De gemeente biedt een lesaanbod veilig en weerbaar voor de scholen met onder andere aandacht voor de online leefwereld van leerlingen en een module straatintimidatie. Organisaties als het jongerenwerk van stichting JOU en het mediateam van de Bibliotheek bieden programma’s aan voor digitale geletterdheid en mediawijsheid voor leerlingen op de scholen. Vraag 5 Heeft het college in beeld welke behoefte scholen hebben wat betreft de ondersteuning vanuit de gemeente? Zo ja, wat dan? Zo nee, gaat het college dat gesprek voeren? Vraag 5 Er is een korte lijn tussen de scholen, de gebiedsmanagers veiligheid in de wijken en de wijkagenten in de aanpak van de veiligheid in en rond de scholen. Afspraken over deze samenwerking zijn vastgelegd in het convenant school en veiligheid van 2021. Op dit moment maken medewerkers van de gemeente een ronde langs alle vo scholen en mbo-instellingen om in gesprek te gaan over sociale veiligheid en jeugdcriminaliteit. De inzet vanuit het programma Grenzen Stellen, Perspectief Bieden en de samenwerking met partners rond de school zoals de politie, gebiedsmanagers veiligheid en het jongerenwerk maakt daar onderdeel van uit. De eerste behoeften van scholen zitten met name op een betere signalering van risicoleerlingen en handelingsperspectief voor schoolmedewerkers bij (dreigende) criminaliteit.
Er is een vraag naar deskundigheidsbevordering voor schoolmedewerkers en extra begeleiding voor risicoleerlingen. Een goede verbinding van de zorgstructuur op scholen met veiligheidspartners, zoals de wijkagenten en het jongerenwerk is daarbij een belangrijke voorwaarde.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
Schriftelijke vragen:(Sociale) Veiligheid onder de Utrechtse jeugd en op scholen 13 juni 2024
Vragen: 3 juni j.l. publiceerde RTL Nieuws een onderzoek1 over de veiligheid op scholen, met zorgwekkende uitkomsten. Volgens de Onderwijsinspectie is het aantal meldingen van heftige incidenten (variërend van drugsverkoop tot vechtpartijen en prostitutie) op middelbare scholen aanzienlijk gestegen. Deze toename weerspiegelt de maatschappelijke verharding en baart grote zorgen over zowel de sociale veiligheid als de algemene veiligheid onder de jeugd, binnen én buiten de school. Daarom de volgende set vragen van D66,VVD, GroenLinks en CDA: 1. Heeft het college een goed beeld van de veiligheid op Utrechtse scholen en herkent zij dit beeld van de toename en groter wordende ernst van incidenten? Zo ja, kan het college een overzicht delen van wat voor incidenten dit betreft? 2. Is het college bekend met andere, anders dan de op het Leidsche Rijn college circulerende bangalijst, ernstige incidenten zoals beschreven in het onderzoek? Worden deze gemonitord en bijgehouden? Tijdens een aantal werkbezoeken kwam aan bod dat leerkrachten en docenten op het funderend onderwijs de verharding in de maatschappij terugzagen in de veranderde verhouding tussen henzelf in relatie tot ouders. Hierbij werd ervaren steeds vaker tegenover ouders te staan in plaats van naast ouders. 3.
Is het college ook van deze signalen op de hoogte en welke rol ziet zij in het tegengaan van deze ontwikkeling? Eerder zijn er door EenUtrecht al vragen gesteld over pesten2 en door D66 een overgenomen motie ingediend over de online weerbaarheid bij de Utrechtse jeugd3. Afgezien van het feit dat deze verschijnselen brede prestatiedruk verhogen, is het ook aannemelijk dat zij bijdragen aan een sfeer of cultuur waarin incidenten zoals beschreven in het onderzoek zich makkelijker voor kunnen doen. 4. Kan het college aangeven welke stappen er al op de eerdergenoemde stukken ondernomen zijn en of er daarnaast andere stappen zijn genomen in 1
samenwerking met scholen en jongerenorganisaties om de (sociale) veiligheid onder de jeugd en op scholen te vergroten? 5. Heeft het college in beeld welke behoefte scholen hebben wat betreft de ondersteuning vanuit de gemeente? Zo ja, wat dan? Zo nee, gaat het college dat gesprek voeren?
Gesteld door: • • • •
Venita Dada-Anthonij, D66 Mariam Al-Saqaff, VVD Maartje Vermeulen, GroenLinks Bert van Steeg, CDA