Rekenkamerbrief vervolg op beëindiging onderzoek Overvecht
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad en het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Utrecht
Behandeld door
Johan Snoei
Datum
10 juli 2025
Doorkiesnummer 06 – 34 61 22 80
Ons kenmerk
30586214
j.snoei@utrecht.nl
Onderwerp
Bijlagen
-
Rekenkamerbrief vervolg op beëindiging onderzoek Overvecht
Geachte leden van de raad en het college, Op 19 juni hebben wij u per brief geïnformeerd over ons besluit om het rekenkameronderzoek naar Overvecht tussentijds te beëindigen. En op 25 juni hebben wij per brief aan de hele raad antwoord gegeven op de vragen van raadslid Sungur. Vooropgesteld, we betreuren het zeer dat we het onderzoek hebben moeten stopzetten, en dat juist dat besluit tot onrust heeft geleid. Overvecht verdient een gedegen onderzoeksrapport waar de wijk wat aan heeft. We hebben dat niet geleverd. Dat vinden we enorm jammer en spijt ons zeer. Ons besluit om te stoppen was dan ook erg moeilijk, maar we hebben gemeend dat Overvecht en haar bewoners niet geholpen zijn met een discutabel rapport. We hebben ten tijde van ons besluit volstrekt niet voorzien dat de onrust die inmiddels is ontstaan zo mogelijk nog groter is dan de onrust die had kunnen ontstaan door een kwalitatief onvoldoende en onbetrouwbaar onderzoek en rekenkamerrapport. Dat is zo uiteraard niet bedoeld en ook dat spijt ons zeer. We bieden aan alle betrokkenen en anderen die door ons besluit geraakt zijn onze welgemeende excuses aan. Wij willen u met voorliggende brief graag nader informeren over onze beweegredenen bij ons besluit en over hoe wij het vervolg voor ons zien.
We hechten zeer aan transparantie en zullen zoveel als mogelijk doen om transparant te zijn, het belang van de bewoners in de wijk te dienen en hun stem te laten horen.
Een betrouwbare rekenkamer Wij willen en moeten een betrouwbare rekenkamer zijn. Dat vraagt allereerst betrouwbare en relevante onderzoeken en rapporten. Wij zijn als rekenkamer, helaas in een laat stadium, maar unaniem tot de conclusie gekomen dat van een betrouwbaar en relevant onderzoek in 1
dit geval geen sprake is geweest en dat heeft ons doen besluiten om het onderzoek te stoppen. Ons besluit om het onderzoek te stoppen is door ons zelfstandig, unaniem en zonder druk van buitenaf genomen tijdens een rekenkamervergadering op vrijdag 13 juni jongstleden. Dat besluit is genomen op grond van alle informatie uit het onderzoek die ons op dat moment ter beschikking stond. Dat omvatte onder andere de conceptnota van bevindingen die ambtelijk was voorgelegd voor een feitencheck en het ontvangen ambtelijk wederhoor op dit document. Deze stappen in het onderzoeksproces zijn wettelijke vereisten. In de brief van 19 juni gaven wij aan dat er twee redenen zijn waarom wij besloten het onderzoek te stoppen: 1. De veranderingen in het gemeentelijk beleid die hebben gemaakt dat onze onderzoeksbevindingen niet goed meer aansluiten op de huidige praktijk. 2. Onze conceptconclusies en -aanbevelingen die daarmee onvoldoende van meerwaarde zijn. Voor een goed begrip van onze beweegredenen gaan we eerst in op de gevolgde aanpak van het onderzoek. Vervolgens lichten we bovengenoemde redenen graag nader toe. Gevolgde onderzoeksaanpak Bij ons onderzoek stond het perspectief van inwoners van Overvecht centraal. De gekozen aanpak (beginnen vanuit de bewoners) startte met een groot aantal gesprekken in de wijk.
Dit was dus anders dan de klassieke, en ook onze gebruikelijke, methode voor rekenkameronderzoek (beginnen bij beleid). Deze aanpak zouden wij een volgende keer niet op deze wijze herhalen. In eerste instantie was het ons doel om persona’s1 te ontwikkelen, maar tijdens het uitvoeren van het onderzoek hebben wij moeten besluiten dit te beperken tot het opstellen van groepsbeschrijvingen. Informatie uit de gesprekken met inwoners was namelijk niet systematisch en uniform verzameld. Het was daarom onmogelijk om de verschillende ervaringen, behoeften en wensen van Overvechters te vatten in een select aantal persona’s. We hebben daarop besloten de persona’s los te laten en over te gaan op het opstellen van groepsbeschrijvingen die meer recht kunnen doen aan de diversiteit in de wijk. Maar ook voor deze groepsbeschrijvingen gingen de gesprekken voor het verzamelen van de informatie over heel veel onderwerpen. Hierdoor was een breed palet aan ervaringen, et cetera verwerkt in de groepsbeschrijvingen. Dit ging lang niet allemaal over ‘Samen voor Overvecht’. Onze vernieuwende aanpak bleek dus zeer arbeidsintensief en kende daardoor een langere doorlooptijd dan gebruikelijk in onze onderzoeken. Gedurende het onderzoek (in november 2024) werd de wijkaanpak voor Overvecht aangescherpt.
Dit is in dit onderzoek problematisch, omdat er dan bij de confrontatie met beleid appels met peren worden vergeleken. Door de mate waarin het beleid is gewijzigd, rijmen de behoeften uit de groepsbeschrijvingen en de gemeentelijke inzet hierop niet langer met het huidige beleid of 1 Een persona is een gedetailleerde beschrijving van een fictieve persoon die dan model staat voor een
hele groep. Daarmee is het een hulpmiddel om je in te leven in de behoeften, wensen, motivaties en frustraties van personen in een bepaalde groep.
2
werden behoeften met beleid geconfronteerd dat buiten de opgestelde beleidsbeschrijving van de wijkaanpak lag. Al met al was onze inschatting dat dit zou leiden tot veel verwarring bij de wijk, bij de gemeenteraad en bij het college. Wij concluderen dat onze conceptconclusies en conceptaanbevelingen onvoldoende van meerwaarde zijn. Dit heeft twee redenen: ▪ Ten eerste richten de conceptaanbevelingen zich met het huidige feitenmateriaal op gemeentelijke beleidswijzigingen die ook worden aangekondigd in de aanscherping van de wijkaanpak. Zij zouden daarmee een bevestiging zijn van de gekozen route waarvan de effecten op dit moment nog niet waarneembaar kunnen zijn. De conceptaanbevelingen zouden daarom van onvoldoende meerwaarde zijn. Enerzijds is onze missie om van toegevoegde waarde te zijn voor de gemeenteraad en voor de Utrechters. Anderzijds concludeerden we toen dat publicatie ervan zou leiden tot veel verwarring en een methodisch niet uitlegbaar verhaal. Dat schaadt de betrouwbaarheid van ons onderzoek. ▪ Ten tweede bleek uit het ambtelijk wederhoor dat wij de onderzoeksmethode onvoldoende zorgvuldig hebben uitgevoerd. Dit geldt ook voor de confrontatie van behoeften van de groepen inwoners met het gemeentelijk beleid. Zo bleek uit het ambtelijk wederhoor dat documentatie en gesprekken met medewerkers van het programma niet verwerkt waren.
Daarnaast is de confrontatie met het beleid niet navolgbaar te herleiden naar voldoende inwoners. Daarmee is de feitenbasis, en dus de conceptnota van bevindingen in zijn geheel, onbetrouwbaar en vonden we het onverantwoord op basis daarvan conclusies en aanbevelingen te doen. De gebreken in het huidige onderzoek zijn niet te repareren, tenzij er een nieuwe ronde veldwerk in de wijk wordt gedaan. Met een nieuwe ronde gesprekken en een nieuwe confrontatie met huidige beleid zou dit feitelijk een vrijwel nieuw onderzoek betekenen. Wij zagen en zien alles overwegend voor de verdere afronding van het onderzoek en de beoogde publicatie een groot risico op ongefundeerde of zelfs foutieve conclusies en verwarring over de inhoud. Dit zou tot onrust en mogelijks zelfs tot schade kunnen leiden in de wijk.
Zorgen voor transparantie Jongstleden 3 juli hebben wij een informatiebijeenkomst voor de gemeenteraad gehouden waar wij ons besluit nader hebben toegelicht. In de bijeenkomst werd ons ook verzocht te heroverwegen om (een deel van) de conceptnota van bevindingen alsnog te delen. Vergelijkbare signalen krijgen wij uit de wijk. De aan de aanwezige raadsleden toegezegde heroverweging brengt ons tot de conclusie dat we de opgestelde groepsbeschrijvingen van de bewoners van Overvecht aan u zullen toesturen, ten behoeve van uw commissievergaderingen over Samen voor Overvecht in de Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen (EDVW) op 18 september aanstaande. Dat zullen wij ruim van tevoren doen. 3
In de groepsbeschrijvingen schetsen wij een beeld van de behoeften die door de geïnterviewde inwoners en wijkorganen - in hoofdzaak in de periode september tot en met december 2024 - zijn geuit. Dit is ook het onderdeel van het onderzoek waarnaar het meest wordt uitgekeken door partijen die ons hebben benaderd. Als rekenkamer vinden wij verantwoording en transparantie belangrijk. Wij zitten echter met het dilemma dat wij wettelijk gezien alleen bestuurlijk vastgestelde rapporten openbaar mogen maken. Om toch zoveel mogelijk tegemoet te komen aan de gevraagde transparantie leggen wij de stukken tot 1 september 2025 ter inzage waarover wij ten tijde van ons besluit op 13 juni beschikten. Het gaat dan om de conceptnota van bevindingen, de ambtelijke reactie daarop, en het conceptbestuurlijk rapport. Raads- en commissieleden kunnen van het inzagerecht gebruikmaken, alsook andere personen die bij het onderzoek betrokken waren. Dat kan door een afspraak te maken met onze secretaris (Johan Snoei; rekenkamer@utrecht.nl). We hopen dat dit bijdraagt aan uw begrip voor ons besluit. Ook organiseren wij op maandag 21 juli 20252 een bijeenkomst in Overvecht om ons besluit en ons voornemen om de groepsbeschrijvingen met u te delen aan inwoners en organisaties uit de wijk toe te lichten en daarover in gesprek te gaan.
De bijeenkomst wordt gehouden in ZIMIHC theater Stefanus, inloop vanaf 19.30 uur. Vanzelfsprekend reageren wij schriftelijk of in een gesprek op de brieven van burgers en organisaties die wij over dit onderzoek ontvingen. Tot slot hopen wij dat u ons de ruimte biedt om ons onderzoeksproces en onze kwaliteitsborging zorgvuldig uit te voeren.
Met vriendelijke groet, drs. P.W.D. Venhoeven Voorzitter Rekenkamer Utrecht
Stadhuisbrug 1 Utrecht Postbus 16200, 3500CE Utrecht 030-286 13 91 | utrecht.nl/bestuur-en-organisatie/rekenkamer
2 Oorspronkelijk was 14 juli de beoogde datum, maar het bleek niet mogelijk om voor deze avond een
geschikte locatie te vinden.
4