Rapportage Ingenieursbureaus Onderzoek naar Schades in de Utrechtse Kelders
Tekst van het document
Pagina 28 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
Figuur 4-10: Overzicht van type I schades per gebied.
Wanneer in Figuur 4-10 wordt gekeken naar de getallen en percentages is te zien dat het percentage geïnspecteerde kelders met een type I scheur door overbelasting op circa 25% ligt voor het gehele Wervengebied. De verwachting vanuit deze hypothese is dat dit percentage hoger ligt voor de bevoorradingen routes zoals de Oudegracht en Nieuwegracht en lager voor bijvoorbeeld de Plompentorengracht. Dit beeld lijkt niet bevestigd te worden door de beschikbare data. De Oudegracht, de bevoorradingsroute die in het verleden het zwaarst belast zou moeten zijn geweest, scoort procentueel gezien het laagst wanneer wordt gekeken naar het aantal geïnspecteerde kelders met een type I scheur. Voor de Plompentorengracht is de verwachting juist dat deze in het verleden minder zwaar is belast en hier dus ook minder type I scheuren te zien zouden moeten zijn. Het omgekeerde is te zien wanneer naar de beschikbare data wordt gekeken, waarbij voor 30% van de geïnspecteerde kelders een type I scheur is te zien. Met ruim 61% van de kelders in dit gebied geïnspecteerd is de betrouwbaarheid voor dit gebied ook aanzienlijk hoger. Voor de geïnspecteerde kelders op de Nieuwegracht is het percentage kelders waar een type I scheur is gevonden het hoogste. Hier zijn echter wel een stuk minder kelders geïnspecteerd waardoor de betrouwbaarheid voor dit gebied een stuk lager ligt.
Conclusie Zien we meer scheuren door overbelasting van zwaar verkeer voor kelders op bevoorradingsroutes? Nee. Discussie De betrouwbaarheid van de informatie voor deze hypothese is als redelijk laag ingeschat. Dit komt met name door een gebrek aan historische data van het verkeer binnen het Wervengebied waarbij ook bekend is dat de aslastbeperkingen in het verleden slecht gehandhaafd werden. Daarnaast is ook de impact van een heel zwaar voertuig ten opzichte van meerdere iets minder zware voertuigen niet meegenomen omdat hier onvoldoende onderzoek naar is gedaan. Op basis van Tabel 4-6 en Tabel 4-7 wordt de betrouwbaarheid van de conclusie voor deze hypothese daarmee als laag ingeschat. Vanwege de lage betrouwbaarheid is de conclusie van deze hypothese niet eenduidig. Op basis van een aantal aannames is wel geprobeerd om iets te zeggen over deze hypothese. Daarbij blijkt, met een lage zekerheid, dat op basis van de geïnspecteerde kelders de bevoorradingsroutes niet meer last lijken te hebben van scheuren door overbelasting ten opzichte van niet-bevoorradingsroutes. Hierbij zijn de Oudegracht (bevoorradingsroute) en Plompentorengracht (niet-bevoorradingsroute) een goed voorbeeld waarbij voor beide het tegenovergestelde is te zien.
Met de beschikbare gegevens is dus met een lage zekerheid te zeggen dat er geen aanleiding is om te denken dat er meer scheuren door overbelasting zijn te zien voor kelders op bevoorradingsroutes.
Pagina 29 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
4.7
Hypothese 4: We zien meer scheuren bij kelders waar de werkzaamheden voor het vervangen van de walmuren of kluismuren reeds zijn uitgevoerd De inspecties voor de RAMS-analyses zijn uitgevoerd tussen 2020 en 2021. Om te oordelen of de werkzaamheden vervangen walmuren of kluismuren schades aan de kelders veroorzaakt, is gekeken of er meer schades te zien zijn in de gebieden waar deze werkzaamheden al waren uitgevoerd ten tijde van de inspecties ten opzichte van de gebieden waar dit toen nog niet het geval voor was. Hiervoor zijn de voortgangsoverzichten voor rakken 1 t/m 27 gebruikt van de gemeente Utrecht om te bepalen of de herstelwerkzaamheden reeds waren uitgevoerd voor de periode waarin de inspecties zijn uitgevoerd (2020 -2021). Omdat er geen voortgangsoverzichten beschikbaar zijn uit 2020 of 2021 is gekozen om de overzichten te gebruiken die hier het dichts op zitten. Dit zijn respectievelijk de voortgangsoverzichten uit eind 2018 [R.09, R.10] en begin 2023 [R.11], deze staan terug te vinden in Bijlage 1. Op basis van deze planningen is onderstaande voortgangsoverzicht van de werkzaamheden gemaakt ten tijde van de inspecties.
Figuur 4-11: Voortgangsoverzicht werkzaamheden vervangen walmuren medio 2020.
Pagina 30 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
In Figuur 4-13 zijn ook de kelders waar scheuren zijn aangetroffen weergegeven in het rood. Hierbij is te zien dat een groot deel van de kelders met een scheur te vinden is in de gebieden waar de werkzaamheden ten tijde van de inspecties (2020-2021) nog plaats moesten vinden, voorbeelden hiervan zijn de Plompentorengracht (RAK 23 t/m 27) en het gebied rond de Oudegracht (RAK 7W, 8 en 9W). Daarentegen was een groot deel van de herstelwerkzaamheden voor het noordelijke (RAK 1 t/m 4) en zuidelijke gedeelte (RAK 10 t/m 15) van de Oudegracht reeds uitgevoerd ten tijde van de inspecties en zijn hier relatief minder kelders met type B scheuren aangetroffen. Hierbij moet wel de kanttekening worden gemaakt dat deze gedeeltes van de Oudegracht een stuk minder goed vertegenwoordigd zijn bij de RAMS-analyse en daarmee de onzekerheid voor deze gebieden groter is. Iets wat ook opvalt is dat de gebieden waar de werkzaamheden vervangen walmuren of kluismuren nog plaats moeten vinden relatief beter vertegenwoordigd zijn in de RAMS-analyses. Ook lijken de kelders in deze gebieden vaker last te hebben van scheuren door zakking of verschilzetting, waardoor er geen directe aanleiding is om te denken dat de werkzaamheden voor het vervangen van de walmuren of kluismuren leidt tot een toename van het aantal scheuren door zakking of verschilzetting.
Dit betekent echter niet dat de werkzaamheden vervangen walmuren of kluismuren nooit tot schades kunnen leiden, zeker wanneer niet de juiste voorzorgsmaatregelen worden getroffen. In deze gevallen ligt hier dan waarschijnlijk wel een andere oorzaak aan ten grondslag zoals bijvoorbeeld de bouwkwaliteit, kwaliteit van de werkzaamheden, type kelder of een eerdere aangebrachte verzwakking van de kelder. Omdat er echter geen inspectie voor en na de werkzaamheden heeft plaatsgevonden is niet aan te tonen of dit een direct gevolg is van de werkzaamheden vervangen walmuren. Conclusie Zien we meer scheuren bij kelders waar de werkzaamheden voor het vervangen van de walmuren of kluismuren reeds zijn uitgevoerd. Nee. Discussie De betrouwbaarheid van de informatie wordt hoog ingeschat omdat bijna voor ieder rak bekend is wanneer de wal- of kluismuren zijn vervangen. Op basis van Tabel 4-6 en Tabel 4-7 wordt de betrouwbaarheid van de conclusie voor deze hypothese daarmee als redelijk ingeschat. Daarom is met redelijke zekerheid vast te stellen dat de grachten waar de walmuren of kluismuren zijn vervangen niet significant meer schades door zakking of verschilzettingen hebben. Het merendeel van de kelders met scheuren door zakking of verschilzetting ligt in de gebieden waar de walmuren of kluismuren namelijk nog vervangen dienen te worden.
Daarom is het aannemelijk dat achterstallig onderhoud aan de walmuren of kluismuren juist tot meer schades aan de kelders leidt. Dit betekent echter niet dat de werkzaamheden vervangen walmuren nooit tot schades kunnen leiden, zeker wanneer niet de juiste voorzorgsmaatregelen worden getroffen. In deze gevallen ligt hier dan waarschijnlijk wel een andere oorzaak aan ten grondslag zoals bijvoorbeeld de bouwkwaliteit, kwaliteit van de werkzaamheden, type kelder of een eerdere aangebrachte verzwakking van de kelder. Omdat er echter geen inspectie voor en na de werkzaamheden heeft plaatsgevonden is niet aan te tonen of dit een direct gevolg is van de werkzaamheden vervangen walmuren.
Pagina 31 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
4.8
Hypothese 5: We zien een vergelijkbaar schadepatroon voor kelders in dezelfde rakzijde omdat deze dezelfde externe invloeden (verkeer, invloeden uit de ondergrond) hebben gehad. Voor deze hypothese is gekozen om de groepen zoals bepaald hanteren, waarbij de verschillende scheurtypes op mogelijke oorzaak zijn gegroepeerd. Groep C is hierbij buiten beschouwing gelaten omdat stijfheidsverschillen in de kelder vaak worden veroorzaakt door later aangebrachte wanden of ribben in een kelder en daarmee dus te kelder specifiek zijn. In Tabel 4-10 is het aantal keren dat de scheurtypes die tot de groep behoren zijn gevonden in de verschillende gebieden. In veel gevallen liggen de percentages tussen de 25% en 75%, aangegeven met groen in de tabel. In deze gebieden is dus een aanzienlijke hoeveelheid kelders met schade gevonden maar ook een aanzienlijke hoeveelheid kelders zonder dit type schade. Dit betekent dat er veel variatie is in het type schades in deze gebieden en het daarmee lastig is om hier iets over te zeggen. Voor de Plompentorengracht zie je dat schades uit groep B in 100% van de geïnspecteerde kelders zijn gevonden, een duidelijke indicatie dat dit gebied gevoelig is voor zakkingen of verschilzettingen. Echter is dit nog niet te onderbouwen met het beschikbare grondonderzoek, zie paragraaf 4.4.
Bij de Oudegracht is juist een relatief laag percentage van 18% te zien voor het aantal keren dat een type I schade is gevonden. Dit duidt erop dat dit gebied minder gevoelig is voor scheuren door overbelasting, iets wat ook al naar voren kwam in het algemeen schadebeeld uit paragraaf 4.2. Voor de schades uit groep A en B is verder ingezoomd op de verschillende gebieden om te kijken of hier mogelijke verbanden gevonden kunnen worden. Gerapporteerd schade Geïnspecteerde kelders
Totaal Mogelijke oorzaak
1. Plompentorengracht
2. Oudegracht
3. Nieuwegracht
Aantal
Percentage
Aantal
Percentage
Aantal
Percentage
Aantal
Percentage
91
100%
33
100%
40
100%
11
100%
Groep A (type I)
Overbelasting
23
25%
10
30%
7
18%
5
45%
Groep B (type II, III, V)
Zakking, verschilzetting
63
69%
33
100%
20
50%
7
64%
Groep C (type IV)
Stijfheidsverschillen
32
35%
19
58%
12
30%
1
9%
Tabel 4-10: Scheurgroepen op basis van mogelijke oorzaak.
Pagina 32 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
Groep A – Overbelasting Figuur 4-12 geeft de locaties weer waar kelders met een scheur uit groep A (overbelasting) zijn aangetroffen. Wanneer wordt gekeken in de verschillende gebieden dan lijkt er ook op straatniveau nog een grote variabiliteit te zijn voor kelders met en zonder scheuren uit deze groep. Voor alle drie de gebieden is duidelijk te zien dat in dezelfde straten kelders met en zonder schade zijn gevonden. Enkele voorbeelden hiervan zijn te zien voor de Plompentorengracht (rechtsboven), Zadelstraat en Haverstraat (linksonder) en voor de Nieuwegracht (rechtsonder). Hiermee lijkt bevestigd te worden dat kelders die dezelfde verkeerbelasting hebben gehad niet per definitie hetzelfde schadebeeld hoeven te hebben.
Figuur 4-12: Kelders waar type I scheuren (groep A) zijn aangetroffen per gebied.
Pagina 33 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
Groep B – Zakking, verschilzetting Figuur 4-13 geeft de locaties weer waar kelders met een scheur uit groep B (zakking, verschilzetting) zijn aangetroffen. Zoals ook al eerder te zien was is het percentage waar dit type schade is aangetroffen significant hoger dan het percentage kelders met schade uit groep A. Wanneer naar de verschillende gebieden wordt gekeken is te zien dat 100% van de kelders bij de Plompentorengracht en Drift (rechtsboven) te maken hebben met scheuren uit groep B. Het gebied lijkt daarmee gevoelig voor zakkingen en verschilzettingen. Ook voor de kelders aan de Nieuwegracht (rechtsonder) komt dit schadebeeld naar voren, waarbij voor bijna alle kelders scheuren uit groep B gevonden zijn. Alleen voor de Oudegracht is een hoge variabiliteit te zien voor de verschillende kelders waarbij het aantal kelders met schade ten opzichte van het aantal kelders zonder schade op 50% ligt er hier dus geen duidelijk patroon is te zien. Voor dit gebied is wel te zien dat een groter gedeelte van de kelders uit straatkelders bestaat en daarmee verder van de gracht verwijderd is ten opzichte van de andere gebieden. 11
Figuur 4-13: Kelders waar type II, III en IV scheuren (groep B) zijn aangetroffen per gebied.
Pagina 34 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
4.8.1
Schadebeoordeling per rak/straat In spoor 3 [R.06] is gekeken naar de risicoscores per rak/straat waarbij de risicoscores zijn bepaald volgens de RAMS-methodiek beschreven in paragraaf 3.1.1. In dit onderzoek zijn hier nog een aantal kelders aan toegevoegd waarbij hetzelfde beeld naar voren komt als in spoor 3 [R.06]. In Figuur 4-14 is te zien dat de risicoscores binnen een straat/rak veel variatie laten zien waarbij in dezelfde straat kelders met een hoge en lage risicoscore kunnen liggen. Hierdoor is niet per straat aan te geven wat de te verwachten staat van een willekeurige kelder is. Deze conclusie kwam ook al naar voren in spoor 3 en wordt hier nogmaals bevestigd.
Figuur 4-14: Risicoscores gesorteerd per straat [R.06].
Conclusie Zien we een vergelijkbaar schadepatroon voor kelders in dezelfde rakzijde omdat deze dezelfde externe invloeden (verkeer, invloeden uit de ondergrond) hebben gehad? 5.1. Schade door overbelasting 5.2. Schade door zakkingen of verschilzetting 5.3 Risicoscore
Nee Deels Nee
Discussie De betrouwbaarheid van de informatie is voor deze hypothese als redelijk ingeschat op basis van het aantal kelders waarop een RAMS-analyse is uitgevoerd. Hiervoor kan dezelfde redenatie worden gebruikt zoals beschreven in paragraaf 4.3. Op basis van Tabel 4-6 en Tabel 4-7 wordt de betrouwbaarheid van de conclusie voor deze hypothese daarmee ook als redelijk ingeschat. Daarom is met redelijke zekerheid vast te stellen dat voor het grootste gedeelte van de kelders op basis van de ligging geen duidelijk schadepatroon is terug te vinden. Binnen een straat of rak zijn grote verschillen te zien in de typen schades die zijn aangetroffen. De uitzonderingen hier zijn de kelders aan de Plompentorengracht/Drift en Nieuwegracht waarbij deze allen gevoelig lijken voor scheuren door zakking of verschilzetting. De schadebeoordeling per straat/rak toont een hoge variatie van de risicoscore en dus in het schadepatroon. De oorzaak hiervoor lijkt de bouwkwaliteit in combinatie met externe factoren. Kelders met een relatief lage risicoscore (<20) dus met weinig schade, komen in nagenoeg alle straten/rakken voor met verschillende typen kelders. Kelders met een relatief hoge risicoscore komen voor bij straatkelder, kluiskelders en werfkelders.
Pagina 35 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
4.9
Hypothese 6: We zien een vergelijkbaar schadepatroon voor kelders van hetzelfde type In de voorgaande hypotheses zijn een aantal externe invloeden al (deels) uitgesloten als mogelijke oorzaak waarbij vaak naar voren kwam dat het type kelder een mogelijke alternatieve oorzaak was. Om die reden wordt voor deze hypothese gekeken naar het type kelder en of deze van invloed is op het schadepatroon dat is terug te vinden. Hiervoor is onderscheid gemaakt tussen de vier type kelders zoals beschreven in paragraaf 2.2: werf-, straat-, kluis-, en brugkelders. Voor deze types is gekeken naar het aantal scheuren door overbelasting (groep A) en door zakking, verschilzetting (groep B) ten opzichte van het totaal aantal geïnspecteerde kelders. Groep A (Scheurtype I) – Overbelasting Voor de schades uit groep A is te zien dat deze percentages relatief laag liggen voor de verschillende type kelders. De straatkelders hebben het laagste percentage, waarbij voor slechts vijf van de 32 kelders een Type I scheur is aangetroffen. De straatkelder grenst als enige niet aan een gracht en wordt daarnaast vaak aan beide kanten ondersteund door de naastgelegen panden, voorbeelden hiervan zijn de Choorstraat en de Lijnmarkt. Hierdoor worden de kelders aan beide kanten goed ondersteund en lijken hierdoor ook beter bestand tegen zware belastingen.
Brugkelders scoren hier een stuk minder goed, waarbij voor drie van de zes brugkelders een type I scheur is aangetroffen. Bij een brug worden de kelders relatief zwaarder belast door verkeer omdat hier vaak een extra drukkende kracht optreedt wanneer zwaar verkeer over de bolling van de brug moet. Hierbij moet wel vermeld worden dat er slechts zes brugkelders zijn meegenomen in dit onderzoek wat mogelijk tot voorbarige conclusies kan leiden.
Figuur 4-15: Kelders met een scheur door overbelasting ten opzichte van het aantal geïnspecteerde kelders.
Pagina 36 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
Groep B (Scheurtype II, III, V) – Zakking, Verschilzetting De scheuren uit groep B komen relatief gezien vaker voor bij de verschillende kelders ten opzichte van scheuren door overbelasting uit groep A. Kluiskelders lijken hierbij het gevoeligste voor scheuren door zakking en verschilzetting waarbij voor 86% van de kluiskelders dit type schade is teruggevonden. Dit komt overeen met de inzichten uit de voorgaande sporen en is ook te verwachten omdat deze kelders direct aan de gracht grenzen en daarmee het minste worden ondersteund aan die kant. Hierdoor is dit type kelder ook het meest onderhevig aan variërende randvoorwaarden zoals een variërende waterstand, verschillen in waterbodemdiepte, droogzettingen of baggerwerkzaamheden. Ook voor de werfkelders zijn voor een groot deel van de geïnspecteerde kelders scheuren uit groep B gevonden. Het percentage waarvoor dit het geval is ligt met 76% iets lager, wat zou kunnen komen omdat dit type kelder een horizontale tegendruk krijgt van de werf en daarmee beter wordt ondersteund. Voor de Oudegracht en Nieuwegracht zijn procentueel gezien een stuk minder kelders geïnspecteerd dan voor de Plompentorengracht.
Het vermoeden is dat keldereigenaren waarvan de kelders in relatief slechte staat zijn eerder geneigd zijn om hun kelders te laten inspecteren en dat deze waarden dus aan de hoge kant van het spectrum zitten wanneer naar het gehele gebied rond de Oudegracht wordt gekeken. Voor straat- en brugkelders ligt dit percentage lager dan voor de kluis- en werfkelders en is bij circa de helft van de kelders een scheur uit groep B gevonden. Dit type kelders wordt beter ondersteund door respectievelijk de naastgelegen panden of brug. Hierbij zorgt de fundering van de panden of brug voor een opsluitend effect en geeft daarmee een betere horizontale tegendruk aan de kelders. Deze horizontale tegendruk zorgt voor een betere ondersteuning van de kelder waarmee dit type kelders minder gevoelig is voor variërende externe invloeden.
Figuur 4-16: Kelders met een scheur door zakking/verschilzetting voor de verschillende type kelders.
Pagina 37 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
Afstand tussen kelder en gracht De data toont het hoogste percentage voor scheuren door zakkingen of verschilzetting voor kluiskelders (86%) en werfkelders (76%). Om die reden is er gekeken of er een correlatie is tussen het percentage kelders waarvoor zakkingschade is gevonden en de afstand tussen kelder en gracht. Deze kelders zouden namelijk meer last moeten hebben van eventuele verlaging van het grachtpeil of baggerwerkzaamheden omdat het effect hiervan afneemt naarmate de kelders zich verder van de gracht bevinden. In Figuur 4-17 is voor de verschillende gebieden het aantal keer dat schades uit groep B voorkomen weergegeven ten opzichte van de afstand tussen de kelders en de dichtstbijzijnde gracht. Voor het Wervengebied lijkt de afstand tussen de kelders in het eerste opzicht van invloed te zijn. Er is namelijk een procentuele stijging van het aantal schades te zien wanneer de kelder dichter bij een gracht ligt (linksboven). Wanneer naar de losse gebieden wordt gekeken blijkt dat dit hoofdzakelijk wordt veroorzaakt door het gebied rond de Plompentorengracht en Drift. Hier liggen bijna alle kelders direct aan de gracht en zijn voor alle kelders scheuren aangetroffen. Het lijkt er dus op dat kelders die direct aan de gracht liggen meer last hebben van scheuren door zakkingen of verschilzettingen.
Voor de Oudegracht en Nieuwegracht blijkt de afstand een stuk minder van invloed, waarbij de percentages in orde grote redelijk gelijk blijven naarmate de afstand tussen de kelder er gracht toeneemt. Het lijkt er dus op dat de afstand tussen de kelder en gracht van invloed is op het aantal scheuren door zakking/verschilzetting al wordt dit beeld niet voor ieder gebied bevestigd.
Figuur 4-17: Kelders met een scheur door zakking/verschilzetting ten opzichte van de kelderafstand tot de gracht.
Pagina 38 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
Diepte naastgelegen gracht Ook is gekeken naar de waterdiepte omdat ook hiervoor geldt dat hoe dieper het water is, hoe verder de invloed van een eventuele droogzetting reikt. De verwachting is dan ook dat voor de kelders aan diepere grachten meer zakking/verschilzetting te zien moet zijn dan voor kelders aan ondiepere grachten. In Figuur 4-18 zijn de kelders weergegeven ten opzichte van de diepte van de gracht gefilterd op 1m, 2m en 3m diepte. Er is duidelijk te zien dat de gracht aan de Oudegracht het diepste is, en voor de Drift en stukken van de Kromme Nieuwegracht het ondiepst met grachten van minder dan 1m diep. De Plompentorengracht en Nieuwegracht hebben beide dieptes tussen de 1m en 2m. Kijken we vervolgens naar het aantal keer dat scheuren uit groep B (zakking, verschilzetting) worden gevonden dan zien we precies het omgekeerde: De ondiepe Plompentorengracht/Drift scoort het slechts en de relatief diepere Oudegracht het beste. De diepte van de gracht lijkt dus niet de (hoofd)oorzaak voor het ontstaan van scheuren door zakking en verschilzetting.
diepte ≤ 1,0m
diepte ≤ 2,0m
diepte ≤ 3,0m
Figuur 4-18: Aantal kelders voor verschillende maximale dieptes van de voorliggende gracht.
Conclusie Zien we een vergelijkbaar schadepatroon voor kelders van hetzelfde type? 6.1. Schade door overbelasting 6.2. Schade door zakkingen of verschilzetting 6.3. Afstand tussen kelder en gracht 6.4. Diepte naastgelegen gracht
Deels Ja Ja Nee
Discussie De betrouwbaarheid van de informatie is voor deze hypothese als redelijk ingeschat op basis van het aantal kelders waarop een RAMS-analyse is uitgevoerd. Hiervoor kan dezelfde redenatie worden gebruikt zoals beschreven in paragraaf 4.3. Op basis van Tabel 4-6 en Tabel 4-7 wordt de betrouwbaarheid van de conclusie voor deze hypothese daarmee ook als redelijk ingeschat. Daarom is met redelijke zekerheid vast te stellen dat het type kelder van invloed lijkt op het schadepatroon voor die kelder. Kluiskelders lijken door hun kleine afstand tussen de gracht en kelder gevoelig voor scheuren door zakking of verschilzetting. De diepte van de gracht lijkt hier juist weer niet van invloed te zijn. Hetzelfde geldt voor werfkelders waar hetzelfde effect is te zien maar in mindere mate. Brugkelders lijken daarentegen gevoeliger voor zwaar verkeer doordat deze door extra drukkende kracht extra worden belast. De betrouwbaarheid voor deze brugkelders is echter laag vanwege het lage aantal kelders dat is geïnspecteerd van dit type. De straatkelders lijken het minst gevoelig voor scheuren door zowel overbelasting als zakking en verschilzetting.
Pagina 39 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
5.
Conclusies, Discussie en Aanbevelingen
5.1
Conclusies In voorliggende rapport is getracht om antwoord te geven op onderstaande hypotheses. Hierbij is gekozen om alleen voor de hypotheses met een redelijke betrouwbaarheid of hoger (betrouwbaarheidsscore ≥ 3 in Tabel 4-7) een conclusie te geven. De hypotheses met een lagere betrouwbaarheid geven onvoldoende zekerheid om duidelijke conclusies te trekken en zijn als niet eenduidig beantwoord. Hieronder is een samenvatting gegeven: Nr. Hypothese
Bevestigd
1.
Zien we meer scheuren door zakking of verschilzetting voor kelders in gebieden met een slappere ondergrond?
Niet eenduidig
2.
Zien we meer scheuren door zakking of verschilzetting voor kelders in gebieden waar baggerwerkzaamheden of droogzettingen hebben plaatsgevonden?
Niet eenduidig
3.
Zien we meer scheuren door overbelasting van zwaar verkeer voor kelders op bevoorradingsroutes?
Niet eenduidig
4.
Zien we meer scheuren bij kelders waar de werkzaamheden voor het vervangen van de walmuren of kluismuren reeds zijn uitgevoerd?
Nee
5.
Zien we een vergelijkbaar schadepatroon voor kelders in dezelfde rakzijde omdat deze dezelfde externe invloeden (verkeer, invloeden uit de ondergrond) hebben gehad?
6.
5.1. Schade door overbelasting
Nee
5.2. Schade door zakkingen of verschilzetting
Deels
5.3 Risicoscore
Nee
Zien we een vergelijkbaar schadepatroon voor kelders van hetzelfde type? 6.1. Schade door overbelasting
Deels
6.2. Schade door zakkingen of verschilzetting
Ja
6.3. Afstand tussen kelder en gracht
Ja
6.4. Diepte naastgelegen gracht
Nee
Op basis van de analyse op de 91 kelders in dit onderzoek en het beantwoorden van bovenstaande hypotheses kunnen de volgende (deel)conclusies worden getrokken: 01. We zien niet meer scheuren bij kelders waar de werkzaamheden vervangen walmuren al hebben plaatsgevonden. Het is juist aannemelijk dat achterstallig onderhoud aan de walmuren of kluismuren tot meer schade aan de kelders leidt; 02. Voor kelders in het Wervengebied zien we vaker scheuren door zakking of verschilzetting in vergelijking met scheuren door overbelasting door te zwaar verkeer; 03. Het gehele Wervengebied heeft met redelijke zekerheid te maken gehad met baggerwerkzaamheden en/of droogzettingen en verklaart daarmee niet waarom bepaalde gebieden meer last hebben van scheuren door zakking of verschilzetting. Baggerwerkzaamheden en droogzettingen kunnen daarmee overigens niet worden uitgesloten als mogelijke oorzaak aangezien het percentage kelders met scheuren door zakking of verschilzetting voor het hele Wervengebied hoog ligt; 04. Kluis- en werfkelders gevoeliger lijken voor scheuren door zakking of verschilzetting. De meest waarschijnlijke oorzaak hiervan is de kleine afstand tussen gracht en kelder en daarmee een mindere horizontale tegendruk die de kelder ondersteund; 05.
Met redelijke zekerheid is vastgesteld dat de kelders rond de Plompentorengracht, Drift en Nieuwegracht gevoeliger lijken voor scheuren door zakking of verschilzetting. Voor de overige straten en grachten in het Wervengebied, en voor andere type scheuren, is geen duidelijk schadepatroon gevonden. Hierbij kunnen in dezelfde straat kelders met een hoge risicoscore of juist lage risicoscore vlakbij elkaar liggen. Dit wijst er mogelijk op dat de bouwkwaliteit van de kelders, de conditie van de kluismuren, het type kelder en de funderingsopbouw meer van invloed is op het schadepatroon van de kelder dan de externe invloeden die hierop hebben gewerkt.
Pagina 40 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
5.2
Discussie Hieronder worden de conclusies en beperkingen van dit onderzoek toegelicht: 01. Iedere kelder is uniek. Daarbij kennen de kelders een rijke historie waarin heel veel (externe) factoren van invloed zijn geweest. Dit maakt het schadebeeld tot een complexe optelsom van gebeurtenissen waarbij de volgordelijkheid van de schades in de meeste gevallen niet is te achterhalen. Dit unieke karakter van de kelders maakt het erg lastig om deze generiek te kunnen beoordelen op basis van bijvoorbeeld locatie of externe invloeden. 02. Het percentage geïnspecteerde kelders in deze analyse ligt rond de 10% van het totaal aantal kelders. Hierdoor zit er een bepaalde onzekerheid in de conclusies van de hypotheses zoals al beschreven in paragraaf 4.3. Er is echter gebleken dat een groot gedeelte van de onbetrouwbaarheid in de conclusies op de hypotheses komt door een lage betrouwbaarheid van de informatie. Informatie die, om meerdere redenen zoals hierboven al benoemd, niet meer of heel lastig is te achterhalen. Daarbij is de verwachting dat het doen van meer inspecties en aanvullend onderzoek niet zal leiden tot andere conclusies. 03. Voor de inspecties van de kelders moeten de keldereigenaren toestemming geven om deze uit te laten voeren. Het vermoeden is dat dit vooral is gedaan door keldereigenaren die schades aan hun kelder ervaren.
Keldereigenaren die namelijk geen schade aan hun kelder ondervinden hebben waarschijnlijk ook minder de noodzaak om hun kelder te laten inspecteren. Hierdoor kan op basis van de 10% van de kelders waarvoor een inspectie is uitgevoerd een vrij negatief beeld ontstaan voor het gehele Wervengebied terwijl dit in werkelijkheid misschien een stuk minder het geval is. 04. Omdat de kelders langs de verschillende grachten gedurende een lange periode zijn ontstaan op particuliere percelen en later vaak weer werden aangepast, zijn de afmetingen van iedere kelder, de bouwstijl en de vormgeving van de werf- en kluismuren veelal verschillend. Dit heeft ervoor gezorgd dat iedere kelder uniek is en maakt het lastig om iets te zeggen over een bepaald gebied, straat of rak. 05. De conclusies en analyse zijn gebaseerd op de door Iv-Infra uitgevoerde inspecties. De informatie uit de uitgevoerde toestand-inspecties is voor de constructieve beoordeling van de kelders onvolledig. Voor de kelders is er geen informatie beschikbaar m.b.t. geometrie, opbouw, materiaaleigenschappen, etc. uit archiefonderzoek of uit inspectie/materiaal onderzoek. Ook is voor slechts twintig kelders die in 2023 en 2024 zijn gerenoveerd de buitenzijde onderzocht.
Voor de overige kelders is enkel de binnenzijde geïnspecteerd waardoor de schades die niet zichtbaar zijn of welke niet zijn opgenomen in de inspectierapportages buiten de analyse van dit rapport vallen. 06. Door een gebrek aan goede sonderingen onder de kelders is het niet mogelijk om tot conclusies te komen voor de grondgesteldheid onder de kelders. Ook is onbekend hoe de fundering onder de kelders eruitziet of in welke mate grondverbetering is toegepast voor de kelders in de verschillende gebieden. De verwachting is dat deze factoren van invloed zijn op de gevoeligheid voor scheuren door zetting of verschilzakking. 07. De kelders zijn op leeftijd en hebben gedurende de levensduur een grote variatie aan externe invloeden gezien waarbij deze niet allemaal zijn uit te sluiten als mogelijke oorzaak voor het schadebeeld. Er dient hier echter ook rekening gehouden te worden met de leeftijd van de constructie waarbij over een periode van enkele honderden jaren autonome bodemdaling heeft plaatsgevonden tussen de kelder, gracht en de naastgelegen gebouwen. Met de huidige kennis en inzichten is (nog) geen duidelijke externe oorzaak gevonden voor het hoge percentage kelders met scheuren door zakking of verschilzetting. Het is mogelijk dat dit is te wijten aan de leeftijd van de constructie zelf en dat het daarmee lastig is om dit type scheuren te voorkomen.
Pagina 41 van 45
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
Bijlage 1 : Planning werkzaamheden rakken
Pagina 42 van 45
OU T
SINGEL
PLOMP
RAK 26
BILTSTRAAT
EN
-
RAK 24 RAK 23
NA CH TE G KROMME AALST
KRO MM E
RAK 22
RA NIEUWEGRACHT AT
EGR
W EU AC
RAK 7
HT
AL IE BA AN
R HA
RAK 20
EIJN
RAK 9
RAK 19
A BA
RAK 10
N
UW
RAK 18
E
STAD
E NI
RAK 11
SBUIT
NIEUWEGRACHT RAK 17
GR
IJN
AR
TH
RAK 13
S
CA
RAK 16
E ING
L
HT
GRAC
HT
ACHT ENGR
AC
OUDE
RAK 12
M
T CA
RAK 8
L
RAK 21
NG EL
RAK 5
IN ES
IE
AL
RAK 14
L GE
OM RO NST MI
M
KR AR
GE L
VA
UIS
SIN
T
T ACH
E-
ARIJN
ENGR
CATH
BUIT S
STE
D STA
N AA
EG-
EL
TOL
S OE CR
RAK 15
L
S
UITGEVOERD IN UITVOERING /IN DEFINITIEVE OPDRACHT AANNEMER NOG TE DOEN/IN OPCRACHT TE GEVEN
GE IN
GA
NS -
Stadsingenieurs Bezoekadres Postadres Telefoon
Stadsplateau 1 Utrecht Postbus 8375, 3503 RJ Utrecht 030 - 286 4323
Opdrachtgever
Gemeentebestuur van Utrecht
Stadsbedrijven Gemeente Utrecht Schaal
N.v.t.
Formaat
A3
Beheer
Bestek
Projectnummer
Status
Herstel walmuren Oudegracht, Nieuwegracht, Kromme Nieuwegracht, Drift en Plompetoerengracht. Rakken 1 t/m 27
Tekeningnummer
Onderdeel
Datum 8-3-2023 Versie i
Getekend
M. Ghidini
Getoetst
W.F. Schuijtvlot
Project
Voortgangsoverzicht rakken gereed Visie maart 2023
147.0002
C&B-040-801
Vrijgegeven B. v. Stratum
Concept
W:\SW\IBU\Proj\141 SW-Stedelijk Beheer\141.2002.99 Alg. Walmuren Comm\06 Besteksfase\147.0002 Voortgangsoverzicht rakken gereed Oudegracht_Nieuwegracht en Kromme Nieuwegracht visie mei 2019_i 1 t_m 27.dwg
NG EL
RAK 6
VR
NI
AN
RAK 4
TE
SINGE MALIE
BA
OUDEGRACHT
IT
OU W
DRIFT RAK 3
W
SI
E-
IJN AR
STRAAT
TH
RAK 27
RAK 25
MAL IES I
CA
RAK 2
DRIFT
-
GRACHT
OBS
RAK 1
PLOMPETORENGRACHT O UDE
C -JA S T.
GE SIN ADE D ER EK WE IEUW N
ETORE NGR ACH
PLEIN
WITTEV RO
RD WEERD-
WEERD-
SI
ING EL
D-
UW ENS
WE ER
O .Z .
O NO DE Z.
. LW
CHT
GRA
TEN .Z. DSBUI O A EL ST NG
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
Bijlage 2 : Sonderingsdata
Pagina 43 van 45
Bron doc Type Sondering ID GEF-Bestand Datum x y Gracht Gebied Sondering ID WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 1 19396_1.GEF okt-09 136625.529 455980.202 Oudegracht Magazijn de Zon 1 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 2 19396_2.GEF okt-09 136630.877 455977.454 Oudegracht Magazijn de Zon 2 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 3 19396_3.GEF okt-09 136637.651 455974.090 Oudegracht Magazijn de Zon 3 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 4 19396_4.GEF okt-09 136683.620 455937.365 Oudegracht Magazijn de Zon 4 5 19396_5.GEF okt-09 136688.342 455932.249 Oudegracht Magazijn de Zon 5 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 6 19396_6.GEF okt-09 136692.104 455925.172 Oudegracht Magazijn de Zon 6 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 7 19396_7.GEF okt-09 136696.560 455918.244 Oudegracht Magazijn de Zon 7 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 8 19396_8.GEF okt-09 136700.623 455910.840 Oudegracht Magazijn de Zon 8 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 9 19396_9.GEF okt-09 136703.733 455804.649 Oudegracht Magazijn de Zon 9 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 10 19396_10.GEF okt-09 136588.141 455978.013
Oudegracht Magazijn de Zon 10 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 11 19396_11.GEF okt-09 136600.201 455983.547 Oudegracht Magazijn de Zon 11 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 12 19396_12.GEF okt-09 136616.552 455985.233 Oudegracht Magazijn de Zon 12 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 13 19396_13.GEF okt-09 136590.896 455961.539 Oudegracht Magazijn de Zon 13 14 19396_14.GEF okt-09 136612.571 455962.771 Oudegracht Magazijn de Zon 14 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 15 19396_15.GEF okt-09 136630.248 455965.369 Oudegracht Magazijn de Zon 15 16 19396_16.GEF okt-09 136863.618 454980.770 Oudegracht Magazijn de Zon 16 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 17 19396_17.GEF okt-09 136762.877 454963.545 Oudegracht Magazijn de Zon 17 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 18 19396_18.GEF okt-09 136863.013 454941.077 Oudegracht Magazijn de Zon 18 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 19 19396_19.GEF okt-09 136868.749 454919.603 Oudegracht Magazijn de Zon 19 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 20 19396_20.GEF okt-09 136879.660 454901.948 Oudegracht Magazijn
de Zon 20 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 21 19396_21.GEF okt-09 136891.293 454887.858 Oudegracht Magazijn de Zon 21 WN-19396 Sondeerrapport Oudegracht dd 16-10-2009.pdf Sondering 22 19396_22.GEF okt-09 136901.710 454873.973 Oudegracht Magazijn de Zon 22 DINO loket Sondering CPT000000217248 CPT000000217248 mei-23 136889.339 456166.043 Drift 48 DINO loket Sondering CPT000000217250 CPT000000217250 mei-23 136890.681 456174.733 Drift 49 DINO loket Sondering CPT000000217249 CPT000000217249 mei-23 136892.726 456187.858 Drift 50 8G0017_sonderingen rioolkoffer.pdf Sondering Sondering 51 nov-85 Drift 51 8G0017_sonderingen rioolkoffer.pdf Sondering Sondering 52 nov-85 Drift 52 Sondering Sondering 53 nov-85 Drift 53 8G0017_sonderingen rioolkoffer.pdf 8G0017_sonderingen rioolkoffer.pdf Sondering Sondering 54 nov-85 Drift 54 8G0017_sonderingen rioolkoffer.pdf Sondering Sondering 55 nov-85 Plompentorengracht 55 8G0017_sonderingen rioolkoffer.pdf Sondering Sondering 56 nov-85 Plompentorengracht 56 8G0017_sonderingen rioolkoffer.pdf Sondering Sondering 57 nov-85 Plompentorengracht 57 8G0017_sonderingen rioolkoffer.pdf Sondering Sondering 58 nov-85 Plompentorengracht 58 Sondering Sondering 59 nov-85 Plompentorengracht 59 8G0017_sonderingen rioolkoffer.pdf 8G0017_sonderingen rioolkoffer.pdf Sondering Sondering 60 nov-85 Plompentorengracht 60 8G0017_sonderingen
rioolkoffer.pdf Sondering Sondering 61 nov-85 Plompentorengracht 61 8G0017_sonderingen rioolkoffer.pdf Sondering Sondering 62 nov-85 Plompentorengracht 62 DINO loket Sondering CPT000000049641 CPT000000049641 jun-97 137056 455518.000 Nieuwegracht 63 DINO loket Sondering S31H00984_00 S31H00984_00 jun-94 136794 455454 Oudegracht Weesbrug 1 DINO loket Sondering S31H01121_00 S31H01121_00 jun-88 136895 454934 Oudegracht Nauwe watersteeg 2
Sondering ID
Onderzoek naar schades in de Utrechtse kelders Op basis van hypotheses en trendanalyse Projectnummer: 0485773 13 juni 2024 revisie 1.0
Bijlage 3 : Overzicht kelders waarvoor een RAMS analyse is gedaan
Pagina 44 van 45
Kelder ID ADD14
Schade ID
referentie, datum en versie WK Achter de Dom 14-2020-RAP001.pdf
Straat Achter de Dom
Huisnr. 14
ADD30 CHS10+12 CHS14 CHS16+18 CHS2+4 CHS2+4(1) CHS2+4(2) CHS2+4(3) CHS20 CHS32 CHS34+36 CHS38+40 CHS6 CHS8 DGA5+7 DRI13 DRI15 DRI19 DRI21A DRI21B DRI23 DRI25 DRI27 DRI29A DRI29B DRI3 DRI31A DRI31B DRI31C DRI31D GZM10 HOO4 HVS14 HVS2 HVS6 LNM12 LNM18 LNM19 LNM22 LNM46 LNM6 LNM7 MRS47 NGR159 NGR181 NGR195 NGR2 NGR6 NGR85 NGR92 OGR135 OGR203 OGR247 OGR274 OGR304 OGR381 OGR92 OGW29A PTG1+3 PTG10 PTG13 PTG14+16 PTG15A PTG17 PTG19 PTG2 PTG21 PTG23 PTG26 PTG7 PTG9 TWS2 VRS110 VRS89 WVS2+4 ZDS19 ZDS23 ZDS45
Achter de Dom 30 ADD30(1a)-SCH-001 WK Achter de dom 30-2020-RAP001 WA.pdf CHS10+12-SCH-001 WK Choorstraat 10-12-2020-RAP002.pdf Choorstraat 10+12 CHS14-SCH-001 WK Choorstraat 14-2020-RAP002.pdf Choorstraat 14 CHS16+18-SCH-001 WK Choorstraat 16-18-2020-RAP002.pdf Choorstraat 16+18 CHS2+4-SCH-002 WK Choorstraat 20-2020-RAP002.pdf Choorstraat 2+4 Choorstraat 2+4 CHS2+4-SCH-001 WK Choorstraat 20-2020-RAP002.pdf CHS2+4-SCH-001 WK Choorstraat 20-2020-RAP002.pdf Choorstraat 2+4 CHS2+4-SCH-001 WK Choorstraat 20-2020-RAP002.pdf Choorstraat 2+4 CHS20-SCH-001 WK Choorstraat 20-2020-RAP002.pdf Choorstraat 20 CHS32-SCH-001 WK Choorstraat 32-2020-RAP002.pdf Choorstraat 32 CHS34+36(3)-SCH-001WK Choorstraat 34-36-2020-RAP002.pdf Choorstraat 34+36 CHS38+40-SCH-001 WK Choorstraat 38-40-2020-RAP002.pdf Choorstraat 38+40 WK Choorstraat 6-2020-RAP002.pdf Choorstraat 6 CHS8-SCH-002 WK Choorstraat 8-2020-RAP002.pdf Choorstraat 8 Donkere Gaard 5+7 DGA5+7(2)-SCH-003 WK Donkere Gaard 5-7-2020-RAP001.pdf DRI13-SCH-001 WK Drift 13-2021-RAP001.pdf Drift 13 DRI15-SCH-001 WK Drift 15-2021-RAP002.pdf Drift 15 DRI19-SCH-001 WK Drift 19-2021-RAP001.pdf Drift 19 21A DRI21A-SCH-001 WK Drift 21A-2021-RAP002.pdf Drift DRI21B-SCH-001 WK Drift 21B-2021-RAP001.pdf Drift 21B DRI23-SCH-001 WK Drift 23-2021-RAP001.pdf Drift 23 DRI25-SCH-001 WK Drift 25-2021-RAP001.pdf Drift 25 DRI27-SCH-001 WK Drift 27-2021-RAP001.pdf
Drift 27 DRI29A-SCH-001 WK Drift 29A-2021-RAP002.pdf Drift 29A DRI29B-SCH-001 WK Drift 29B-2021-RAP001.pdf Drift 29B DRI3(1)-SCH-001 WK Drift 3-2021-RAP001.pdf Drift 3 DRI31A-SCH-001 WK Drift 31A-2021-RAP001.pdf Drift 31A DRI31B-SCH-001 WK Drift 31B-2021-RAP001.pdf Drift 31B DRI31C-SCH-001 WK Drift 31C-2021-RAP001.pdf Drift 31C DRI31D-SCH-001 WK Drift 31D-2021-RAP001.pdf Drift 31D GZM10-SCH-001 WK Ganzemarkt 10-2020-RAP001.pdf Ganzemarkt 10 HOO4-SCH-001 WK Hoogt 4-2021-RAP001.pdf Hoogt 4 WK Haverstraat 14-2020-RAP001.pdf Haverstraat 14 HVS2-SCH-001 WK Haverstraat 2-2021-RAP001.pdf Haverstraat 2 WK Haverstraat 6-2020-RAP001.pdf Haverstraat 6 Lijnmarkt 12 LNM12-SCH-001 WK Lijnmarkt 12-2021-RAP001.pdf Lijnmarkt 18 WK Lijnmarkt 18-2020-RAP001.pdf Lijnmarkt 19 LNM19-SCH-001 WK Lijnmarkt 19-2021-RAP001.pdf 22 LNM22-SCH-001 WK Lijnmarkt 22-2021-RAP001 WA.pdf Lijnmarkt Lijnmarkt 46 WK Lijnmarkt 46-2020-RAP001.pdf LNM6-SCH-001 WK Lijnmarkt 6-2021-RAP002.pdf Lijnmarkt 6 LNM7-SCH-001 WK Lijnmarkt 7-2021-RAP001.pdf Lijnmarkt 7 WK Mariastraat 47-2021-RAP001.pdf Mariastraat 47 MRS47-SCH-001 WK Nieuwegracht 159-2020-RAP001.pdf Nieuwegracht 159 NGR159-SCH-001 WK Nieuwegracht 181-2021-RAP001.pdf Nieuwegracht 181 NGR181-SCH-001 Nieuwegracht 195 WK Nieuwegracht 195-2020-RAP001.pdf NGR2-SCH-001 WK Nieuwegracht 2-2020-RAP001.pdf Nieuwegracht 2 NGR6-SCH-001 WK Nieuwegracht 6-2021-RAP001.pdf
Nieuwegracht 6 NGR85-SCH-001 WK Nieuwegracht 85-2020-RAP001.pdf Nieuwegracht 85 NGR92-SCH-001 WK Nieuwegracht 92-2020-RAP001.pdf Nieuwegracht 92 WK Oudegracht 135-2020-RAP001.pdf Oudegracht 135 OGR203-SCH-001 WK Oudegracht 203-2021-RAP001 WA.pdf Oudegracht 203 OGR247-SCH-001 WK Oudegracht 247-2020-RAP001.pdf Oudegracht 247 OGR274-SCH-001 WK Oudegracht 274-2020-RAP001.pdf Oudegracht 274 OGR304(1)-SCH-001 WK Oudegracht 304-2021-RAP001.pdf Oudegracht 304 OGR381-SCH-001 WK Oudegracht 381-2020-RAP003.pdf Oudegracht 381 OGR92-SCH-001 WK Oudegracht 92-2020-RAP002.pdf Oudegracht 92 OGW29A-SCH-001 WK Oudegracht aan de Werf 29A-2021-RAP001.pdf Oudegracht aan de Werf 29A PTG1+3-SCH-001 WK Plompetorengracht 1-3-2020-RAP002.pdf Plompetorengracht 1+3 PTG10-SCH-001 WK Plompetorengracht 10-2020-RAP002.pdf Plompetorengracht 10 PTG13-SCH-001 WK Plompetorengracht 13-2021-RAP001.pdf Plompetorengracht 13 PTG14+16-SCH-001 WK Plompetorengracht 14-16-2021-RAP001.pdf Plompetorengracht 14+16 PTG15A-SCH-001 WK Plompetorengracht 15A-2021-RAP001.pdf Plompetorengracht 15A PTG17-SCH-001 WK Plompetorengracht 17-2021-RAP001.pdf Plompetorengracht 17 Plompetorengracht 19 PTG19-SCH-001 WK Plompetorengracht 19-2021-RAP001.pdf PTG2-SCH-001 WK Plompetorengracht 2-2021-RAP001.pdf Plompetorengracht 2 PTG21-SCH-001 WK Plompetorengracht 21-2021-RAP001.pdf Plompetorengracht 21 Plompetorengracht 23 PTG23-SCH-001 WK
Plompetorengracht 23-2021-RAP001.pdf Plompetorengracht 26 PTG26-SCH-001 WK Plompetorengracht 26-2020-RAP002.pdf PTG7-SCH-001 WK Plompetorengracht 7-2021-RAP001.pdf Plompetorengracht 7 PTG9-SCH-003 WK Plompetorengracht 9-2021-RAP001.pdf Plompetorengracht 9 TWS2-SCH-001 WK Twijnstraat 2-2020-RAP001.pdf Twijnstraat 2 Wk Voorstraat 110-2021-RAP001.pdf Voorstraat 110 VRS110-SCH-001 Voorstraat 89 WK Voorstraat 89-2021-RAP001.pdf WVS2+4-SCH-001 WK Wittevrouwenstraat 2-4-2021-RAP001.pdf Wittevrouwenstraat 2+4 ZDS19-SCH-001 WK Zadelstraat 19-2021-RAP002.pdf Zadelstraat 19 ZDS23-SCH-001 WK Zadelstraat 23-2021-RAP001.pdf Zadelstraat 23 ZDS45-SCH-001 WK Zadelstraat 45-2020-RAP001.pdf Zadelstraat 45
Locatie
Zuidelijke werfkelder, westzijde Onder de Choorstraat Onder de Choorstraat Onder de Choorstraat Choorstraatzijde Choorstraatzijde Onder Stadhuisplein Choorstraatzijde Onder de Choorstraat Onder de Zoutmarkt
Type Kelder Geen kelder
Werfkelder Straatkelder Straatkelder Straatkelder Kluiskelder Kluiskelder Kluiskelder Kluiskelder Straatkelder Kluiskelder Kluiskelder Onder de Zoutmarkt Kluiskelder Geen kelder Onder de Choorstraat Kluiskelder Kluiskelder Werfkelder Onder de weg Drift 13 Werfkelder Onder de weg Drift 15 Werfkelder Werfkelder Onder de weg Drift 21 (zuidzijde) Onder de Drift 21 (noordzijde) Werfkelder Onder de Drift 23 Werfkelder Kelder onder de weg Drift 25 Werfkelder Onder de weg Drift 27 Werfkelder Onder de weg Drift 29 Werfkelder Onder de weg Drift 29 Werfkelder Onder de weg Drift 3 Werfkelder Onder de weg Drift 31 Werfkelder Onder de weg Drift 31 Werfkelder Onder de weg Drift 31 Werfkelder Onder de weg Drift 31 Werfkelder Kluiskelder Onder de Ganzenmarkt Straatkelder Onder de weg bij Hoogt 4 Geen kelder Onder de Haverstraat Straatkelder Geen kelder Straatkelder Geen kelder Straatkelder Wegkelder onder de Lijnmarkt Straatkelder Onder de Lijnmarkt Onder de Lijnmarkt Werfkelder Onder de Lijnmarkt Straatkelder Onder de Lijnmarkt Straatkelder Onder de mariastraat Straatkelder Onder de Nieuwegracht Werfkelder Onder de Nieuwegracht Werfkelder Onder de Nieuwegracht Werfkelder Onder de Nieuwegracht 2 Werfkelder Onder de Nieuwegracht Werfkelder Onder de Nieuwegracht Werfkelder Onder de Nieuwegracht Werfkelder Onder Oudegracht Werfkelder Onder Oudegracht Werfkelder Onder Oudegracht Werfkelder Onder
de weg voor Oudegracht 274 Werfkelder Werfkelder Oudegracht 381 Werfkelder Werfkelder Onder de weg Oudegracht a/d Werf 29 Werfkelder Onder Plompetorengracht Werfkelder Werfkelder Onder Plompetorengracht Onder Plompetorengracht Werfkelder Onder Plompetorengracht Werfkelder Onder Plompetorengracht Werfkelder Onder Plompetorengracht Werfkelder Werfkelder Onder Plompetorengracht Onder de weg Plompetorengracht Werfkelder Onder Plompetorengracht Werfkelder Werfkelder Onder Plompetorengracht Werfkelder Onder Plompetorengracht Onder de weg Plompetorengracht Werfkelder Onder de Plompetorengracht 9 Werfkelder Onder de Twijnstraat Werfkelder Werfkelder Werfkelder Werfkelder Onder de Zadelstraat Straatkelder Straatkelder Onder de Zadelstraat Straatkelder
Over Antea Group Antea Group is het thuis van 1500 trotse ingenieurs en adviseurs. Samen bouwen wij elke dag aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Je vindt bij ons de allerbeste vakspecialisten van Nederland, maar ook innovatieve oplossingen op het gebied van data, sensoring en IT. Hiermee dragen wij bij aan de ontwikkeling van infra, woonwijken of waterwerken. Maar ook aan vraagstukken rondom klimaatadaptatie, energietransitie en de vervangingsopgave. Van onderzoek tot ontwerp, van realisatie tot beheer: voor elke opgave brengen wij de juiste kennis aan tafel. Wij denken kritisch mee en altijd vanuit de mindset om samen voor het beste resultaat te gaan. Op deze manier anticiperen wij op de vragen van vandaag en de oplossingen voor morgen. Al 70 jaar.
Contactgegevens Monitorweg 29 1322 BK Almere Postbus 10044 1301 AA Almere
Copyright © Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs. De informatie die in dit rapport is opgenomen is uitsluitend bestemd voor geadresseerde(n) en kan persoonlijke of vertrouwelijke informatie bevatten. Gebruik van deze informatie, door anderen dan de geadresseerde(n) en gebruik door hen die niet gerechtigd zijn van deze informatie kennis te nemen, is niet toegestaan. De informatie is uitsluitend bestemd om te worden gebruikt door de geadresseerde, voor het doel waarvoor dit rapport is vervaardigd. Indien u niet de geadresseerde bent of niet gerechtigd bent tot kennisneming, is openbaarmaking, vermenigvuldiging, verspreiding en/of verstrekking van deze informatie aan derden niet toegestaan, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group en wordt u verzocht de gegevens te verwijderen en direct een melding te maken bij security@antegroup.nl. Derden, zij die niet geadresseerd zijn, kunnen geen rechten aan dit rapport ontlenen, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group.
www.anteagroup.nl