Raadsvoorstel Zienswijze ontwerp wijzigingsbesluit gemeenschappelijke regeling GGDrU
Tekst van het document
Voorstel aan de gemeenteraad
Raadsvoorstel Zienswijze ontwerp wijzigingsbesluit gemeenschappelijke regeling GGDrU Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim
Volksgezondheid Volksgezondheid Ellen van den Berg 12069822 Volgt Nee (artikel 1:2 lid 2 onder i Verordening raadgevend referendum) Nee
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. Akkoord te gaan met de zienswijze op het ontwerp wijzigingsbesluit gemeenschappelijke regeling GGDrU zoals geformuleerd in de bijgevoegde concept collegebrief aan de GGDrU, waarin het college tevens aangeeft niet in te stemmen met het ontwerp wijzigingsbesluit, met als belangrijkste opmerkingen dat: a. De raad belang hecht aan periodieke evaluatie en de GGDrU verzoekt indien nodig een kortere periode te hanteren. b. De raad tevreden is met de huidige frequenties en mogelijkheden tot het indienen van zienswijzen. c. De raad burgerparticipatie belangrijk vindt, maar wel binnen redelijkheid en haalbaarheid hiervan.
Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
Samenvatting De GGDrU heeft het college van b&w verzocht de raad om een zienswijze te vragen op de voorgestelde wijziging van de gemeenschappelijke regeling (GR) van de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht (GGDrU). De aanleiding hiervoor is de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen die op 1 juli 2022 in werking is getreden. Belangrijke inhoudelijke punten voor de zienswijze zijn de mogelijkheid van evaluatie, burgerparticipatie en momenten voor zienswijze. Op basis van de zienswijze van de raad, neemt het college van b&w een besluit om al dan niet in te stemmen met de voorgestelde wijziging. Het college van b&w heeft al geconstateerd dat de voorgestelde wijziging op punten (met name van juridische aard) niet voldoet aan de eisen van de gewijzigde Wgr en zij niet met het huidige voorstel kan instemmen.
Context Aanleiding De Eerste Kamer heeft op 14 december 2021 ingestemd met een wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) en de Gemeentewet met betrekking tot de gemeenschappelijke regelingen. Deze wijziging is op 1 juli 2022 in werking getreden. Deze wijziging beoogt een versterking van de democratische legitimatie van de gemeenschappelijke regelingen met betrekking tot de invloedsmogelijkheden van de raden. De doelstelling van de wetswijziging is dat gemeenteraden hiermee meer mogelijkheden krijgen om hun kaderstellende en controlerende rol binnen deze samenwerkingsverbanden te versterken. Voor de verwerking van de wetswijzigingen van de Wgr geldt een overgangstermijn tot 1 juli 2024. Deze termijn gaat de GGDrU niet halen. Het Algemeen Bestuur van de GGDrU heeft ingestemd met een vertraging vanwege de impact van het ICT project rondom het digitale JGZ-dossier GGiD1 op de organisatie. Daarbij heeft de GGDrU ervoor gekozen een zorgvuldig voorbereidingstraject te doorlopen met enquêtes richting de gemeenteraden, ambtenaren en bestuurders. Er zijn geen sancties gekoppeld aan het later dan 1 juli 2024 wijzigen van de GR. Voorafgaand aan het opstellen heeft de GGDrU een enquête uitgezet onder bestuurders, ambtenaren, raadsleden en griffiers. Op basis van die resultaten hebben zij bijgevoegd voorstel voor de gewijzigde GR opgesteld.
Juridische context Gemeente Utrecht vormt onderdeel van de gemeenschappelijke regeling GGDrU. Gemeenteraden van deelnemers aan de gemeenschappelijke regeling worden conform artikel 1 Wet gemeenschappelijke regelingen in de gelegenheid gesteld een zienswijze te geven over een ontwerp wijzigingsbesluit. Daarna neemt het college van b&w het besluit om al dan niet in te stemmen met het ontwerp wijzigingsbesluit en deelt dit gemotiveerd met de gemeenschappelijke regeling. Op basis van de zienswijzen stelt de gemeenschappelijke regeling een definitieve tekst op voor het wijzigingsbesluit. Instemmen met een wijziging van de gemeenschappelijke regeling is, nadat de gemeenteraad toestemming heeft verleend, een bevoegdheid van de colleges van b&w van de deelnemende gemeenten. Beslistermijn De zienswijze van de gemeenteraad moet uiterlijk 14 april 2024 met de GGDrU gedeeld zijn. Beoogd effect De GGDrU betrekt de zienswijze bij het opstellen van het definitieve wijzigingsbesluit. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad Raadsbrief Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen Utrecht - iBabs RIS (bestuurlijkeinformatie.nl) In de raadsbrief van 15 maart 2022 met kenmerk 9831682 is uw raad door het college geïnformeerd over de wijziging van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen.
1 GGiD traject is niet van toepassing voor de gemeente Utrecht omdat wij de JGZ in eigen beheer
uitvoeren. 2
Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1
Akkoord te gaan met de zienswijze op het ontwerp wijzigingsbesluit gemeenschappelijke regeling GGDrU zoals geformuleerd in de bijgevoegde concept collegebrief aan de GGDrU, waarin het college tevens aangeeft niet in te stemmen met het ontwerp wijzigingsbesluit, met als belangrijkste opmerkingen dat: a. De raad belang hecht aan periodieke evaluatie en de GGDrU verzoekt indien nodig een kortere periode te hanteren. b. De raad tevreden is met de huidige frequenties en mogelijkheden tot het indienen van zienswijzen. c. De raad burgerparticipatie belangrijk vindt, maar wel binnen redelijkheid en haalbaarheid hiervan.
Argumenten 1.1
De voorgestelde termijn in het ontwerp wijzigingsbesluit voor evaluatie van de taakuitvoering van de GGDrU is nu eens in de 6 jaar met de mogelijkheid tot eerder De GGDrU hanteert dezelfde evaluatiefrequentie als bijvoorbeeld de VRU. Dat betekent dat bij de evaluatie zowel gekeken wordt naar de lopende bestuursperiode als naar de vorige. Een evaluatie is echter een tijdrovende procedure waarbij er balans gezocht moet worden tussen de opbrengst en de bijbehorende tijdsinvestering. Elk jaar stelt het AB de jaarrekening vast wat beschouwd kan worden als een jaarlijks evaluatie moment. Daarnaast biedt de formulering van het artikel over de evaluatie ruimte aan het AB om indien gewenst vaker of op onderdeel te verzoeken om een evaluatie. Over het algemeen is de GGDrU een stabiele organisatie met een duidelijk omschreven wettelijke taak.
1.2
De zienswijze mogelijkheden van de GGDrU zijn uitgebreider dan de minimale wettelijke verplichting De gewijzigde Wgr schrijft gemeenschappelijke regelingen voor een bepaling op te nemen over extra mogelijkheden voor zienswijzen (artikel 10, lid 5 en 6) voor zo ver dat niet al op een andere manier besloten is. De GGDrU is bij wet verplicht zienswijzen op de begroting en wijzigingen van de gemeenschappelijke regelingen al voor te leggen aan de raden. Daarnaast kan het AB altijd nog besluiten een onderwerp voor te leggen ter zienswijze. Daarmee is er in de basis voldoende gelegenheid voor de raden om zienswijzen in te dienen of om maatwerk toe te passen. De GGDrU heeft ook in de huidige gemeenschappelijke regeling vastgelegd dat het DB de gemeenteraden vraagt om zienswijze op de algemene financiële en beleidsmatige kaders (via de kaderbrief). Dat blijft behouden in de gewijzigde GR (artikel 43 lid 2 van de GR GGDrU).
1.3
Burgerparticipatie is belangrijk maar moet wel een meerwaarde hebben Volgens de gewijzigde Wgr moet er een bepaling komen over burgerparticipatie (artikel 10, lid 7 en 8) met minimaal de strekking dat inwoners van de deelnemende gemeenten en of belanghebbenden betrokken worden als dat wettelijk verplicht is of het bestuur hier voor kiest. Voor een groot deel voert de GGDrU een wettelijke opdracht en taak uit waarvan de omschrijving vast ligt. Het niveau is daarbij voor alle inwoners van de regio gelijk. Daarbij geeft de GGDrU aan veel gebruik te maken van ervaringsdeskundigen en regelmatig klanttevredenheidsonderzoeken uit te voeren. Los van de burgerparticipatie die al bij wet geregeld is, is er altijd nog een mogelijkheid voor het AB om op onderdelen alsnog hiervoor te kiezen. De GGDrU geeft in de enquête aan dezelfde principes als de andere GR’en waar de Gemeente Utrecht aan deelneemt, zoals de VRU, te willen hanteren door op voorhand geen extra mogelijkheden voor burgerparticipatie vast te willen leggen.
Financiën Dit voorstel heeft geen financiële consequenties. 3
Vervolg Na vaststelling van deze zienswijze deelt het college van b&w in een collegebrief de zienswijze van de gemeenteraad met de GGDrU. De GGDrU stelt op basis van deze zienswijzen de definitieve tekst voor de GR op. Deze legt de GGDrU vervolgens weer voor aan de colleges van b&w van de deelnemende gemeenten. Het college van b&w zal uw raad dan om toestemming vragen om met de wijziging in te stemmen. Het uiteindelijke instemmen met de wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling is een collegebevoegdheid.
Participatie De GGDrU heeft een enquête uitgezet onder deelnemende gemeenten. Deze enquête is ingevuld door raadsleden, ambtenaren, bestuurders en griffiers. Er heeft geen verdere participatie plaatsgevonden.
Communicatie Na vaststelling van de zienswijze, deelt het college van b&w in een collegebrief de zienswijze met de GGDrU.
(Niet)Referendabel De Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht is niet van toepassing omdat het een raadsbesluit betreft over stukken van een gemeenschappelijke regeling (artikel 1:2 lid 2onder i Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht).
Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Collegebrief gemeente Utrecht over de wijziging GR GGDrU Bijlagen informatief - Brief GGDrU aan colleges over ontwerp wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke regeling GGDrU - Samenvatting uitkomsten enquête - Ontwerp wijzigingsbesluit wijziging GR-GGDrU - Toelichting op geel gearceerde wijzigingen uit het ontwerp wijzigingsbesluit GR GGDrU
4