Raadsvoorstel Verordening Rioolheffing 2024
Tekst van het document
Voorstel aan de gemeenteraad
Verordening rioolheffing 2024 Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim
Financiën Stadsbedrijven J. Mast 11546781 Volgt Nee (artikel 3 lid 2 onder e Verordening raadgevend referendum) Nee
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. De verordening van de rioolheffing 2024 vast te stellen, met daarin de volgende aanpassingen: a. de tarieven conform het Programma Water en Riolering 2024-2028 met 3,7% te verhogen ten opzichte van 2023, b. juridisch technische en/of redactionele wijzigingen aan te brengen zonder dat een inhoudelijke wijziging wordt aangebracht.
Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
Samenvatting Met dit raadsvoorstel wordt de raad voorgesteld om de tarieven voor 2024 vast te stellen. De tariefstijging van 3,7% is conform de eerdere besluitvorming bij het vaststellen van het Programma Water en Riolering 2024-2028.
Context Aanleiding Jaarlijks worden, tegelijk met de programmabegroting, de belastingverordeningen voor het komende kalenderjaar aan de raad aangeboden, waarmee de nieuwe tarieven worden vastgesteld. Jaarlijks wordt de verordening rioolheffing geactualiseerd op basis van het beleid zoals verwoord in de Visie Water en Riolering en het bijbehorende Programma Water en Riolering 2024-2028. Juridische context Artikel 216 van de Gemeentewet bevat de bevoegdheid van de gemeenteraad om belastingverordeningen vast te stellen. De rioolheffing wordt geheven op grond van artikel 228a van de Gemeentewet. Beslistermijn Voor inwerkingtreding van de verordening per 1 januari 2024 is besluitvorming door de gemeenteraad uiterlijk eind december 2023 nodig. Beoogd effect Hiermee wordt invulling gegeven aan de ambities in de Visie Water en Riolering met als hoofddoel het realiseren van gezond, robuust en toekomstbestendig water- en rioleringssysteem. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad De verordening rioolheffing wordt jaarlijks vastgesteld, conform de Nota lokale heffingen en - Raadsbesluit Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027 - Visie Water en Riolering Utrecht
Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1
De verordening van de rioolheffing 2024 vast te stellen, met daarin de volgende aanpassingen: a. de tarieven conform het Programma Water en Riolering 2024-2028 met 3,7% te verhogen ten opzichte van 2023, b. juridisch technische en/of redactionele wijzigingen aan te brengen zonder dat een inhoudelijke wijziging wordt aangebracht.
Argumenten 1.1
Conform de Nota lokale heffingen worden de tarieven aangepast tot maximaal 100% kostendekkenheid. De rioolheffing is een kostendekkende belasting. De kostenontwikkelingen bepalen daarmee de ontwikkeling van het tarief. De verwachte kostenstijging van 2023 naar 2024 bedraagt inclusief inflatiecorrectie 2,3 miljoen ofwel 5,2%. Deze stijging bestaat voor 3,2% uit inflatie en voor 2% uit overige kostenstijgingen. Bij het Programma Water en Riolering 2023-2027 zijn nieuwe eenheidsbedragen vastgesteld die nog steeds toereikend zijn. Daarom hebben we geen inflatiecorrectie op deze posten doorgevoerd en blijven de gevolgen van de inflatie beperkt. Omdat we verwachten dat het aantal rioolheffing betalende eigenaren van 2023 naar 2024 met circa 3.000 stijgt nemen onze inkomsten toe en kunnen we volstaan met 2
een lagere procentuele stijging van de rioolheffing. Op basis van de hiervoor genoemde uitgangspunten volstaat behoudens grote onvoorziene ontwikkelingen voor 2024 een tariefstijging van 3,7% om kostendekkend te blijven. 1.2
Hiermee wordt de verordening technisch bijgesteld conform de VNGmodelverordening. Jaarlijks wordt de verordening geredigeerd overeenkomstig aan wettelijke vereisten. Naar aanleiding van deze zogenoemde juridische toets zijn teksten en verwijzingen naar achterliggende artikelen uit wet- en regelgeving aangescherpt. Artikelen in de verordening die niet meer van toepassing zijn, zijn geschrapt. Waar nodig is de leesbaarheid verbeterd. Aanpassingen conform VNG-modelverordening - Artikel 11 (oud) Nadere regels met betrekking heffing en invordering is komen te vervallen. - Artikel 12 (oud) Vangnetregeling wordt nu artikel 11. - Artikel 13 (oud) Inwerkingtreding, overgangsbepaling en citeertitel is vervangen door artikelen 12, 13 en 14. Overgangsbepaling, Inwerkingtreding en Citeertitel zijn nu afzonderlijk benoemd. Dit betreffen geen inhoudelijke wijzigingen.
Financiën De uitvoering van de rioolheffing vindt door de Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht (BghU) plaats. De gemeente betaalt een jaarlijkse vergoeding aan de BghU voor deze dienstverlening. De baten en lasten van deze heffing zijn in de paragraaf lokale heffingen opgenomen. Mogelijkheid tot kwijtschelding Voor de rioolheffing kan kwijtschelding aangevraagd worden. In aanmerking komen voor kwijtschelding hangt af van de persoonlijke en financiële omstandigheden (zoals inkomen, vermogen en woonlasten). Elk verzoek tot kwijtschelding wordt individueel beoordeeld door BghU aan de hand van de persoonlijke situatie.
Vervolg Nadat de raad de verordening heeft vastgesteld wordt deze gepubliceerd op overheid.nl. Het nieuwe tarief wordt met ingang van 1 januari 2024 in rekening gebracht.
Participatie Over dit voorstel heeft geen participatie plaatsgevonden.
Communicatie De nieuwe tarieven worden naast publicatie op overheid.nl gemeld op de website van de Belastingsamenwerking.
Niet-Referendabel Op dit raadsvoorstel is de Verordening raadgevend referendum niet van toepassing, omdat het een raadsvoorstel betreft over de vaststelling van gemeentelijke tarieven en belastingen (artikel 3 lid 2 onder e Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht).
Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Verordening rioolheffing 2024
3
Bijlagen informatief
-
4