Raadsvoorstel Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2025
Tekst van het document
Voorstel aan de gemeenteraad
Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2025 Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim
Jeugd en Jeugdzorg Maatschappelijke Ontwikkeling Francien Wienbelt 12439345 Volgt Ja Nee
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. De Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2025 vast te stellen met als belangrijkste wijzigingen vergeleken met de Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2024: a. In het toegangsproces voor jeugdhulp de stap ‘melding’ vervangen door de stap ‘aanvraag’; b. Toevoegen dat bij het vaststellen van tarieven voor preventie en jeugdhulp die derden leveren of kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering die derden uitvoeren, het college gebonden is aan artikel 2.3 van het Besluit Jeugdwet; c. De pgb-tarieven per 1 januari 2025 te indexeren met het gemeentebrede indexeringspercentage zoals dat wordt vastgesteld in de voorjaarsnota 2024 en onder voorbehoud van vaststelling van de budgetten bij de programmabegroting 2025.
Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
Samenvatting iIn het toegangsproces voor jeugdhulp wordt de stap ‘melding’ vervangen door de stap ‘aanvraag’. Ook wordt toegevoegd dat bij het vaststellen van tarieven voor preventie en jeugdhulp die derden leveren of kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering die derden uitvoeren het college artikel 2.3 van het Besluit Jeugdwet volgt. Ook worden de pgb-tarieven geïndexeerd per 1 januari 2025 met het gemeentebrede indexeringspercentage. In bijgevoegde was-wordt-lijst staan alle wijzigingen inclusief toelichting.
Context Aanleiding De Verordening wijzigt geregeld. Ook voor 2025 is dit nodig door jurisprudentie (rechtszaak) afgelopen jaar en de algemene maatregel van bestuur reële prijzen Jeugdwet die per 1 juli 2024 van kracht is. Juridische context Volgens artikel 108 lid 2 van de Gemeentewet heeft de raad het recht om verordeningen vast te stellen. Artikel 2.9 van de Jeugdwet verplicht iedere gemeente een verordening vast te stellen waarin onder andere staat welke voorzieningen de gemeente aan jeugdigen en ouders biedt, hoe de toegang tot deze jeugdhulpvoorzieningen is geregeld en de wijze waarop de hoogte van de pgb-tarieven wordt vastgesteld. De raad legt met de verordening de kaders vast voor verdere invulling en uitvoering door het college van burgemeester en wethouders. Beslistermijn De Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2025 moet van kracht zijn op 1 januari 2025, zodat per 1 januari 2025 de voorgestelde wijzigingen waaronder vooral de geïndexeerde pgb-tarieven gelden. Vanwege de tijd die nodig is om de geïndexeerde pgb-tarieven administratief te verwerken is vaststelling voor 1 december 2024 noodzakelijk. Beoogd effect Jeugdigen en gezinnen krijgen passende hulp en ondersteuning en hun rechtsbescherming wordt beter. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad Raadsbesluit Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2024
Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s [ Beslispunt 1
De Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2025 vast te stellen met als belangrijkste wijzigingen vergeleken met de Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2024: a. In het toegangsproces voor jeugdhulp de stap ‘melding’ vervangen door de stap ‘aanvraag’; b. Toevoegen dat bij het vaststellen van tarieven voor preventie en jeugdhulp die derden leveren of kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering die derden uitvoeren, het college gebonden is aan artikel 2.3 van het Besluit Jeugdwet; c. De pgb-tarieven per 1 januari 2025 te indexeren met het gemeentebrede indexeringspercentage zoals dat wordt vastgesteld in de voorjaarsnota 2024 en onder voorbehoud van vaststelling van de budgetten bij de programmabegroting 2025.
Argumenten 1.1
Rechtsbescherming van ouders en jeugdigen wordt verbeterd In de Verordening staat hoe de toegang tot jeugdhulp is georganiseerd. Uit een rechtszaak in een andere gemeente blijkt dat het toegangsproces moet worden 2
gewijzigd: de stap ‘melding’ moet worden vervangen door de stap ‘aanvraag’. In de meldingsfase is er geen rechtsbescherming voor ouders/jeugdigen. Dit betekent bijvoorbeeld dat ouders/jeugdigen niet in bezwaar kunnen als het buurtteam hun melding niet oppakt. Het proces, op hoofdlijnen, in de nog geldende verordening is op dit moment: een ouder/jeugdige kan contact opnemen met het buurtteam, er vindt een gesprek/serie van gesprekken plaats over de hulpvraag, tijdens deze gesprekken kan een ouders/jeugdige melden een aanvraag voor jeugdhulp te willen doen, de uitkomsten van de gesprekken worden in een gezinsplan gezet, het gezinsplan wordt gezien als een aanvraag voor jeugdhulp, binnen 8 weken na de melding neemt het buurtteam een besluit over de aanvraag. In dit proces vindt er eerst een melding plaats, daarna wordt er een aanvraag gedaan. Dit is jaren geleden in de Verordening gezet, toen de modelverordening van de VNG deze mogelijkheid bood en we hetzelfde proces voor jeugdhulp als voor Wmo-ondersteuning wilden, omdat dit zorgt voor meer duidelijkheid voor inwoners.
1.2
1.3
Het proces zoals dat nu wordt voorgesteld: een ouder/jeugdige kan contact opnemen met het buurtteam, dit wordt gezien als een aanvraag voor jeugdhulp, er vindt een gesprek/serie van gesprekken plaats over de hulpvraag, de uitkomsten van de gesprekken worden in een gezinsplan gezet, binnen 8 weken na de aanvraag neemt het buurtteam een besluit over de aanvraag. Als het buurtteam de aanvraag onverhoopt niet oppakt dan kan de ouder/jeugdige het buurtteam bijvoorbeeld een ingebrekestelling sturen waardoor zij binnen twee weken een besluit moeten afgeven. Met de wijziging wordt de wijziging van het Besluit Jeugdwet opgevolgd. Per 1 juli 2024 is de algemene maatregel van bestuur (amvb) reële prijzen Jeugdwet van kracht. Hiermee wordt beoogd dat gemeenten meer gaan differentiëren in tarieven. De amvb bepaalt de kostprijselementen die gemeenten ten minste in een reële prijs voor jeugdzorg dienen te verdisconteren. De amvb wordt verwerkt in artikel 2.3 van het Besluit Jeugdwet. Dat wat in de wet staat, noemen we niet ook nog in de Verordening. Daarom worden artikel 12 lid 1 sub a t/m e (waar de kostprijselementen genoemd staan) verwijderd en wordt benoemd dat het college is gebonden aan artikel 2.3 in het Besluit Jeugdwet. Daarnaast gaat artikel 2.3 van het Besluit Jeugdwet ook over aanbieders die preventie bieden, daarom wordt in artikel 12 lid 1 preventie toegevoegd.
De indexering van de pgb-tarieven doet recht aan het uitgangspunt in de Verordening dat zo mogelijk en nodig jaarlijks de beschikbare loon-en prijsindexaties worden vertaald naar indexering van de tarieven. In artikel 8 lid 10 staat het uitgangspunt dat, zo mogelijk en nodig, jaarlijks per 1 januari de beschikbare loon-en prijsindexaties worden vertaald naar indexering van de pgb-tarieven. Daarom worden per 1 januari 2025 de pgb-tarieven geïndexeerd met het gemeentebrede indexeringspercentage conform besluitvorming over voorjaarsnota 2024. Hiermee wordt voor zowel de instellings-en zzp-tarieven als de informele tarieven dezelfde consequente lijn gevolgd. Dit is onder voorbehoud van vaststelling van de budgetten bij de programmabegroting 2025. In de bijlage bij de verordening staan de tarieven 2024 zonder indexering. Na besluitvorming over de programmabegroting 2025 worden de tarieven in de bijlage gewijzigd conform besluitvorming.
Financiën Het indexatiepercentage dat toegepast zal worden op de pgb-tarieven jeugd 2025 is gelijk aan het indexatiepercentage dat toegepast zal worden op het beschikbare begrote budget van 2025 voor de pgb's jeugd. Dit is onder voorbehoud van vaststelling van het budget bij de programmabegroting 2025. Dit maakt dat deze ontwikkeling financieel budgetneutraal is. De indexering per 1 januari 2025 bedraagt naar verwachting 2,89%. Besluitvorming over het indexatiepercentage vindt plaats bij het vaststellen van de voorjaarsnota 2024.
3
Vervolg Na besluitvorming over de programmabegroting 2025 worden de pgb-tarieven in de bijlage bij de verordening gewijzigd conform besluitvorming. Daarna wordt de verordening bekend gemaakt op www.overheid.nl.
Participatie Het vervangen van de stap ‘melding’ door de stap ‘aanvraag’ is relevant voor de buurtteams jeugd en gezin. We hebben dit daarom met de buurtteams afgestemd. Zij zijn akkoord met de wijziging. . Daarnaast lopen we een traject met partners, ouders en jongeren om de communicatie over jeugdhulp te verbeteren (zie Raadsbrief Communicatie jeugdhulp).
Communicatie Als jeugdigen of ouders vragen hebben over hun persoonlijke situatie, dan kunnen zij terecht bij de buurtteams.
Referendabel De Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht is van toepassing.
Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2025 Bijlagen informatief - Was-wordt-lijst
4