CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel verordening jeugdwet gemeente Utrecht 2023 (oktober 2022).docx

Gemeenteraad 10 november 2022, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 20232.439 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorstel aan de gemeenteraad

Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2023 Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Geheim

Jeugd en Jeugdzorg Maatschappelijke Ontwikkeling Francien Wienbelt 10174225 volgt Nee

Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. De Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2023 vast te stellen met als belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2022: a. aanscherpen wat het buurtteam bespreekt met jeugdige en/of ouders; b. toevoegen dat het geheel van het gezinsplan als aanvraag wordt beschouwd; c. toevoegen dat het college een specifiek deskundig oordeel en advies kan inwinnen; d. toevoegen dat het college de meest geschikte individuele voorziening met de laagste prijs verstrekt; e. de voorgeschreven inhoud van het pgb-aanvraagformulier wijzigen; f. toevoegen wanneer het college een beslissing over een individuele voorziening kan herzien of intrekken; g. aanvullen wanneer het college een beslissing tot verlening van een pgb kan intrekken;. h. toevoegen dat het college periodiek het gebruik van individuele voorzieningen en pgb’s onderzoekt; i. de instellings-en zzp-pgb-tarieven per 1 januari 2023 indexeren met 0,9% en daarna de nieuwe tarieven per 1 januari 2023 indexeren met het gemeentebrede indexeringspercentage voor 2023 van 3,5%. j. de informele pgb-tarieven per 1 januari 2023 indexeren met 3,5%. Burgemeester en wethouders van Utrecht,

de secretaris,

de burgemeester,

Samenvatting Het is wenselijk om meer aan te sluiten bij de mogelijkheden die worden geboden in de modelverordening sociaal domein van de VNG. Daarnaast is het noodzakelijk de Verordening Jeugdwet te wijzigen vanwege ontwikkelingen in de uitvoeringspraktijk en jurisprudentie.

Context Aanleiding Gemeenten zijn verantwoordelijk voor jeugdhulp en jeugdbescherming en –reclassering. Dit is geregeld in de Jeugdwet. Deze wet verplicht iedere gemeente een verordening vast te stellen waarin onder andere staat welke voorzieningen de gemeente aan jeugdigen en ouders biedt, hoe de toegang tot deze jeugdhulpvoorzieningen is geregeld en de wijze waarop de hoogte van de pgb-tarieven wordt vastgesteld. De Verordening Jeugdwet wordt door de raad vastgesteld en gewijzigd. De Verordening wijzigt geregeld en ook voor 2023 is dit nodig om de volgende redenen: - Het is wenselijk om meer aan te sluiten bij de mogelijkheden die worden geboden in de modelverordening sociaal domein van de VNG. Een toezegging is de aanleiding hiervan: De wethouder Jeugd en Jeugdzorg heeft eind 2020 toegezegd te onderzoeken of er toegewerkt kan worden naar één leesbare en begrijpelijke verordening voor het sociaal domein.Eind 2021 heeft het college de raad geinformeerd dat de afzonderlijke wettelijke kaders te verschillend zijn om tot een integrale verordening te komen Eén verordening zou neerkomen op het samenvoegen van de verschillende verordeningen in één omvangrijk document met vele hoofdstukken. Dit heeft weinig toegevoegde waarde voor inwoners.

Het college heeft daarbij aangegeven wel een revisie van de Verordeningen Jeugdwet en Maatschapelijke Ondersteuning uit te voeren om waar mogelijk meer eenvoud in de verordeningen en samenhang tussen de verordeningen te krijgen. - Daarnaast is het noodzakelijk de Verordening Jeugdwet te wijzigen vanwege ontwikkelingen in de uitvoeringspraktijk en jurisprudentie. De Verordening is bijvoorbeeld aangescherpt in samenwerking met het buurtteam zodat het toegangsproces in de Verordening recht doet aan het stappenplan van Centrale raad van Beroep, maar ook de werkwijze van de Utrechtse buurtteams weerspiegelt. Hierdoor wordt een zo breed mogelijk gesprek gevoerd met de jeugdige en/of zijn ouders. - De Verordening is nog beter leesbaar en begrijpelijker voor jeugdigen en ouders gemaakt. Zo zijn bijvoorbeeld de beschrijvingen van de specialistische jeugdhulp en de definities verbeterd en is de inzet van de clientondersteuner en de vertrouwenspersoon verduidelijkt. Ook is er een artikelsgewijze toelichting bij de Verordening gemaakt. - De rechten en plichten van ouders zijn duidelijker beschreven, zoals de plicht om relevante documenten aan te leveren bij het buurtteam en het recht dat hun opmerkingen kunnen worden toegevoegd aan het gezinsplan.

- Er is toegevoegd dat het college de Sociale Verzekeringsbank (SVB) gemotiveerd kan verzoeken te beslissen tot een gehele of gedeeltelijke opschorting van de betalingen uit het pgb als er sprake is van een opname in een Wet langdurige zorg-of Zorgverzekeringswet-instelling voor de duur van minimaal twee maanden. - Artikelen zijn juridisch gecorrigeerd en verbeterd zodat in de verordening, conform de Jeugdwet en de praktijk, staat dat wordt beschikt 8 weken na de melding in plaats van 8 weken na de aanvraag. Ook is het lid dat een pgb kan worden geweigerd als 3 jaar voorafgaand aan het gesprek een pgb is verleend en jeugdigen en/of ouders niet voldeden aan de voorwaarden van een pgb, geschrapt omdat dit lid niet in lijn met de wet is. Daarnaast zijn de voorwaarden die worden gesteld aan instellings-en zzp-tarieven aangescherpt en de overgangsbepalingen afgestemd op de modelverordening van de VNG. - Er wordt gewijzigd op welke grond het college de SVB kan verzoeken tot een geheel of gedeeltelijke opschorting van betalingen. In bijgevoegde was-wordt-lijst staan alle wijzigingen inclusief toelichting. Juridische context Op grond van artikel 108 lid 2 van de gemeentewet is de raad bevoegd om verordeningen vast te stellen. De Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2023 is een uitwerking van onder andere artikel

2

2.9 van de Jeugdwet. De raad legt via de Verordening de kaders vast voor verdere invulling en uitvoering door het college van de burgemeester en wethouders. Beoogd effect Jeugdigen en gezinnen krijgen passende hulp en ondersteuning. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad Raadsbesluit Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2022

Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1

De Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2023 vast te stellen met als belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2022: a. aanscherpen wat het buurtteam bespreekt met jeugdige en/of ouders.; b. toevoegen dat het geheel van het gezinsplan als aanvraag wordt beschouwd; c. toevoegen dat het college een specifiek deskundig oordeel en advies kan inwinnen; d. toevoegen dat het college de meest geschikte individuele voorziening met de laagste prijs verstrekt; e. de voorgeschreven inhoud van het pgb-aanvraagformulier wijzigen; f. toevoegen wanneer het college een beslissing over een individuele voorziening kan herzien of intrekken; g. aanvullen wanneer het college een beslissing tot verlening van een pgb kan intrekken; h. toevoegen dat het college periodiek het gebruik van individuele voorzieningen en pgb’s onderzoekt; i. de instellings-en zzp-pgb-tarieven per 1 januari 2023 indexeren met 0,9% en daarna de nieuwe tarieven per 1 januari 2023 indexeren met het gemeentebrede indexeringspercentage voor 2023 van 3,5%; j. de informele pgb-tarieven per 1 januari 2023 indexeren met 3,5%.

Argumenten 1.1. Met de wijzigingen wordt toegewerkt naar meer eenduidigheid en samenhang met de Verordening Maatschappelijke Ondersteuning. Met dit raadsvoorstel is een revisie van de Verordening Jeugdwet uitgevoerd. Als het van meerwaarde is, zijn artikelen uit de modelverordening verwerkt in de Verordening Jeugdwet. Dit doen we op termijn ook voor Verordening Maatschappelijke Ondersteuning, zodat er zoveel mogelijk eenduidigheid en samenhang tussen de Verordening Jeugdwet en Verordening Maatschappelijke Ondersteuning is 1.2.

Door aanscherping van de onderwerpen in het gesprek van jeugdige en/of ouders met de medewerker van het buurtteam, is voor jeugdigen en ouders duidelijker wat er wordt besproken en is de Verordening meer in lijn met het stappenplan van de Centrale Raad van Beroep. In artikel 3 lid 4 staat verduidelijkt dat, zoals het in de praktijk al het geval is, in het gesprek samen met de jeugdige en/of zijn ouders de behoefte aan jeugdhulp wordt verhelderd, zij worden gewezen op de mogelijkheid van het maken van een familiegroepsplan en de mogelijkheid om zich te laten bijstaan door een onafhankelijke clientondersteuner of vertrouwenspersoon. De toevoeging over de vertrouwenspersoon is gebaseerd op het oude artikel 10. In het nieuwe artikel 4 lid 1 is aangescherpt welke onderwerpen verder in ieder geval aan de orde komen in het gesprek Deze wijzingen zijn in lijn met het stappenplan van de Centrale Raad van Beroep en gebaseerd op de modelverordening sociaal domein van de VNG.

3

1.3.

Door de toevoeging dat het gezinsplan als aanvraag wordt beschouwd, is dit duidelijker voor jeugdigen en ouders. Met deze aanvulling in het nieuwe artikel 4 lid 3 is het voor jeugdigen en ouders duidelijker dat het gezinsplan wordt beschouwd als aanvraag. Dit is lijn met de modelverordening.

1.4.

Door de toevoeging dat het college een specifiek deskundig oordeel en advies kan inwinnen als het onderzoek of de beoordeling van een aanvraag dit vereist, wordt deze mogelijkheid juridisch geborgd. De medewerkers van de buurtteams zijn voldoende deskundig om aanvragen voor jeugdhulp te behandelen. Als er aanvullend toch specifieke expertise nodig is, dan kunnen zij deze specifieke expertise inschakelen voor oordeel of advies. Met artikel 4 lid 4 wordt deze mogelijkheid juridisch geborgd.

1.5.

Door de toevoeging dat het college de meest geschikte individuele voorziening met de laagste prijs verstrekt, kan het college beter motiveren waarom er voor een bepaalde individuele voorziening wordt gekozen. Op het moment dat er een individuele voorziening noodzakelijk is, dient er een passende (adequate) voorziening te worden gekend. Het college mag bij de toekenning rekening houden met het kostenaspect als er bijvoorbeeld meerdere aanbieders passende hulp kunnen verlenen. Er kan gedacht worden aan de situatie dat de rechter aangeeft dat er bepaalde jeugdhulp moet worden ingezet en er verschillende aanbieders zijn die de jeugdhulp op passende wijze kunnen leveren.

1.6

Door de wijziging van de voorgeschreven inhoud van het pgb-aanvraagformulier sluit de Verordening beter aan bij de wettelijke bevoegdheden van de raad en het college. In de Jeugdwet staat dat bij verordening kan worden bepaald onder welke voorwaarden de persoon aan wie een pgb wordt verstrekt de jeugdhulp kan betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk (Jeugdwet artikel 8.1.1.). Daarom wordt nieuw artikel 8 lid 1 sub b toegevoegd: op het aanvraagformulier wordt opgenomen welke jeugdhulp de jeugdigen en/of ouders willen betrekken uit het sociale netwerk. Daarnaast blijft sub a ongewijzigd: op het aanvraagformulier staat welke jeugdhulp de jeugdige en/of ouders willen inkopen en wat het beoogde resultaat is. De overige leden in de verordening die gaan over de inhoud van het aanvraagformulier zijn verwijderd, omdat deze conform de Jeugdwet niet onder de bevoegdheid van de raad vallen en beter in de Nadere regel passen.

1.7

De wijzigingen genoemd onder f, g en h bevorderen de recht- en doelmatigheid - Toevoeging van de gronden waarop het college een beslissing over een individuele voorziening kan herzien of intrekken: In het nieuwe artikel 10 lid 2 wordt toegevoegd dat het college in plaats van enkel een beslissing over een pgb ook een individuele voorziening kan herzien of intrekken als onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt, de jeugdige en/of ouders niet meer zijn aanwezen op de individuele voorziening, de individuele voorziening niet meer voldoet, de jeugdige en/of ouders niet meer voldoen aan de voorwaarden van de individuele voorziening, de jeugdige langer dan twee maanden verblijft in en Wlz-of Zvw-instelling of niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden in de Verordening. Dit sluit aan op de modelverordening. -

Toevoeging dat het college een beslissing tot verlening van een pgb kan intrekken als blijkt dat het pgb binnen 6 maanden na beslissing tot het verstrekken niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden: Als jeugdige en/of ouders niet binnen 6 maanden met het pgb de zorg hebben ingekocht, dan is het wenselijk dat de medewerker van het buurtteam hierover in gesprek gaat met de jeugdige en/of ouders. Het is in die gevallen de vraag waarom het ouders niet lukt zelf de zorg in te kopen met een pgb, ofde verstrekte

4

individuele voorziening wel nodig is en (nog steeds) het meest passend is.Dit wordt mogelijk met het nieuwe artikel 10 lid 3. . -

Toevoeging dat het college periodiek het gebruik van individuele voorzieningen en pgb’s onderzoekt: Met het nieuwe artikel 11 lid 2 wordt dit mogelijk gemaakt. Dit artikel is in lijn met de modelverordenig. De laatste woorden van het nieuwe artikel 11 lid 1 worden geschrapt vanwege het nieuwe lid 2.

1.8.

De indexering van de instellings- en zzp-pgb-tarieven doet recht aan het uitgangspunt in de Verordening dat zo mogelijk en nodig jaarlijks de beschikbare loon-en prijsindexaties worden vertaald naar indexering van de tarieven, In artikel 8 lid 10 staat dat het uitgangspunt is dat, zo mogelijk en nodig, jaarlijks per 1 januari de beschikbare loon-en prijsindexaties worden vertaald naar indexering van de tarieven. Conform de verordening passen we elk jaar het gemeentebrede indexeringspercentage toe, 3,5% voor 2023. Dit jaar komt daar een motie van de tweede kamer bij. Gemeenten hebben bij de decembercirculaire (verwerkt in de voorjaarsnota 2023) middelen ontvangen om zorgsalarissen met 1,13% te indexeren. We hebben in de 2e bestuursrapportage 2022 en begroting 2023 voorgesteld om de salarissen ook daadwerkelijk structureel met 1,13% te verhogen. Voor de pgb-tarieven geldt dat het deel van het tarief dat uit loon bestaat 80% is. Dit betekent dat we de tarieven met 0,9% verhogen. Daarnaast worden deze geindexeerde tarieven per 1 januari 2023 geindexeerd met 3,5%. De geïndexeerde tarieven staan in de bijlage bij de Verordening.

1.9

De informele pgb-tarieven worden per 1 januari 2023 geïndexeerd met 3,5% om tegemoet te komen vanwege de bijzonder hoge inflatie en koopkrachtdaling. In 2022 is er sprake van een bijzonder hoge inflatie en grote koopkrachtdaling. Daarom worden ook de informele tarieven per 1 januari 2023 geïndexeerd met 3,5%. Dit wijkt af van de verordening. De informele tarieven worden normaal niet geïndexeerd. De geïndexeerde tarieven staan in de bijlage bij de Verordening.

Financiën De indexering van de pgb-tarieven kan worden gedekt binnen de beschikbare indexering jeugd.

Vervolg Na het raadsbesluit wordt de verordening bekend gemaakt op www.overheid.nl.

Participatie De gehele verordening is inclusief wijzigingen afgestemd met de buurtteams jeugd en gezin. Ook zijn de teksten over de individuele voorzieningen afgestemd met KOOS Utrecht, Spoor030 en Yeph. Daarnaast is de nieuwe Verordening besproken met jongeren van U-2B Heard! en het jeugdpanel Young Minds Utrecht. Zij hebben onder andere meegedacht over de leesbaarheid van de Verordening. Zij vinden het belangrijk dat de inhoud van de Verordening (de rechten en plichten en keuzes) op een meer begrijpelijke wijze (bijvoorbeeld visueel en/of in meer eenvoudige taal) voor kinderen, jongeren en ouders bekend wordt gemaakt. Op welk wijze dit kan worden gedaan, werken we verder uit met betrokkenheid van de jongeren zelf.

Communicatie Er is geen aanvullende communicatie voorzien. Als ouders vragen hebben over hun persoonlijke situatie, dan kunnen zij terecht bij de buurtteams jeugd en gezin.

Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2023. 5

Bijlagen informatief - Was-wordt-lijst met alle wijzigingen inclusief toelichting.

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=4190ad0e-ddb7-41df-8825-8b8a2d075214