Raadsvoorstel Toestemming wijziging Gemeenschappelijke Regeling BghU
Tekst van het document
Voorstel aan de gemeenteraad
Toestemming wijziging Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht (BghU) Beleidsveld Organisatieonderdeel Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim
Financiën Bedrijfsvoerings- en Strategienetwerk 34186323 Volgt Nee, artikel 1:2 lid 2 onder i Verordening raadgevend referendum Nee
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. Het college toestemming te verlenen voor het wijzigen van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht conform bijgevoegd voorgenomen Wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht 2027, met als belangrijkste wijzigingen: a. de omvorming naar een openbaar lichaam met een tweeledige bestuursstructuur (Algemeen en Dagelijks Bestuur), b. het aanwijzen van Utrecht en HDSR als vaste leden van het Dagelijks Bestuur; en c. het aanpassen van de stemverhoudingen.
Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
Samenvatting De Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht (BghU) werkt aan een wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling. Hierdoor wordt de gemeenschappelijke regeling aangepast van een bedrijfsvoeringsorganisatie naar een openbaar lichaam met een nieuwe bestuursstructuur. Dit is ter verbetering van de bestuurlijke aansturing, een duidelijke rolverdeling en meer nabijheid. De beoogde inwerkingtreding hiervan is per 1 januari 2027.
Context Aanleiding Op 30 april 2026 is het voorstel voor wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht aan het college van B&W aangeboden. Daarbij is het college gevraagd om uiterlijk 2 september 2026 te laten weten of wordt ingestemd met de wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling. De aanleiding voor de huidige wijziging is de behoefte om de bestuurlijke structuur en governance van de BghU te versterken, omdat de huidige vorm (bedrijfsvoeringsorganisatie) in de praktijk onvoldoende mogelijkheden biedt voor effectieve en structurele bestuurlijke sturing. Daarvoor moet de Gemeenschappelijke Regeling van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht gewijzigd worden. Voorgeschiedenis/proces Het wijzigen van een Gemeenschappelijke Regeling gaat in twee stappen. Eerst vragen alle deelnemende colleges van B&W hun gemeenteraden om zienswijze op het ontwerpwijzigingsbesluit. Deze zienswijze neemt het college vervolgens mee in haar besluit om wel of niet in te stemmen met het ontwerpwijzigingsbesluit. Vervolgens stelt de Gemeenschappelijke Regeling een definitief wijzigingsbesluit op waar het college mee kan instemmen als zij toestemming hebben gekregen van de gemeenteraad. De gemeenteraad van Utrecht heeft op 26 februari 2026 een zienswijze ingediend op het wijzigingsbesluit.
Daarbij is M101/2026 aangenomen, waarin het college wordt verzocht zich in te spannen voor het voorzitterschap in het Dagelijks Bestuur. De eerste inzet op het voorzitterschap heeft plaatsgevonden richting het opstellen van de gemeenschappelijke regeling van de Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht. Conform de Wgr wordt een keuze voor het voorzitterschap gemaakt nadat de gemeenschappelijke regeling is vastgesteld en nadat het nieuwe bestuur van de Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht is gevormd. Op dat moment wijst het Algemeen Bestuur een voorzitter aan. Zoals de motie opdraagt, zullen we ons er dan verder voor inzetten dat Utrecht de rol van voorzitter kan vervullen en zullen we richting uw raad over de uitkomst hiervan rapporteren. Op basis van de reacties en zienswijzen van alle deelnemende partijen op het ontwerp Wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht, is het voorgenomen wijzigingsbesluit niet gewijzigd. De aangepaste tekst voldoet aan de specifieke eisen die de Wgr stelt aan openbare lichamen (bijvoorbeeld de eis dat er een DB, een AB en een voorzitter moeten zijn en hoe elk bestuursorgaan moet worden samengesteld en aangewezen). Daarmee is het voorgenomen wijzigingsbesluit niet in strijd met het recht of met het algemeen belang.
Het college kan zich vinden in de voorgestelde wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht en vraagt met dit voorstel om toestemming van de gemeenteraad. Juridische context Conform artikel 50, lid 3 van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht stelt het algemeen bestuur aan alle deelnemers voor om de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht te wijzigen. Voor wijziging van een Gemeenschappelijke Regeling heeft het college op grond van artikel 1, vierde en vijfde lid, Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) toestemming nodig van de raad.
2
Gedeeltelijke toestemming of het amenderen van het wijzigingsbesluit zijn niet mogelijk. Ook het verbinden van voorwaarden aan de toestemming is niet mogelijk. De raad beslist uitsluitend over de vraag of toestemming wordt verleend of niet. Volgens de Wgr kan de raad deze toestemming alleen weigeren op
grond van strijd met het recht of strijd met het algemeen belang. Beslistermijn Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht heeft verzocht om uiterlijk 2 september 2026 kenbaar te maken of de gemeente Utrecht instemt met de voorgenomen wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht. In afstemming met BghU zullen een aantal gemeenten, waaronder de gemeente Utrecht, de besluitvorming op een later moment aanleveren. Voor inwerkingtreding van de wijziging is instemming van alle deelnemende partijen vereist. Beoogd effect Na doorvoering van de voorgestelde wijzigingen uit het voorgenomen Wijzigingsbesluit ontstaat een versterkte governance met meer bestuurlijke nabijheid, een duidelijke rolverdeling tussen opdrachtgever en eigenaar en een effectievere en structurele bestuurlijke sturing van de BghU. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad - De raad heeft op 26 februari 2026 een positieve zienswijze over de ontwerpwijziging van Gemeenschappelijke Regeling ingediend bij het college: Raadsvoorstel Zienswijze Wijzigingsbesluit gemeenschappelijke regeling BghU Utrecht.
Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1
Het college toestemming te verlenen voor het wijzigen van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht conform bijgevoegd voorgenomen Wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht 2027, met als belangrijkste wijzigingen: a. de omvorming naar een openbaar lichaam met een tweeledige bestuursstructuur (Algemeen en Dagelijks Bestuur), b. het aanwijzen van Utrecht en HDSR als vaste leden van het Dagelijks Bestuur; en c. het aanpassen van de stemverhoudingen.
Argumenten 1.1
Er is geen strijd met het recht of met het algemeen belang. Voor wijziging van een Gemeenschappelijke Regeling heeft het college op grond van artikel 1, vierde en vijfde lid, Wet Gemeenschappelijke Regelingen (Wgr) toestemming nodig van de raad. Volgens de Wgr kan de raad deze toestemming alleen weigeren wegens strijd met het recht of het algemeen belang. De raad heeft op 26 februari 2026 een positieve zienswijze ingediend bij het college. Het college heeft deze zienswijze meegenomen in de reactie richting de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht. Het bestuur van de BghU heeft de zienswijze van de gemeente Utrecht grotendeels overgenomen. De belangrijkste aandachtspunten ten aanzien van governance, rolverdeling, bestuurlijke nabijheid en stemverhoudingen zijn verwerkt in het voorgenomen wijzigingsbesluit. In reactie op de M101/2026 is het voorstel om het voorzitterschap niet structureel te beleggen bij een deelnemer. In plaats daarvan is gekozen om het
3
voorzitterschap te laten aanwijzen door het Algemeen bestuur (artikel 18), zodat dit per bestuursperiode, op basis van actuele verhoudingen, expertise en draagvlak, kan worden ingevuld. Daarmee blijft het mogelijk dat de gemeente Utrecht alsnog het voorzitterschap bekleedt, zonder dat er sprake is van een vooraf vastgelegde dominante positie. Zo wordt zowel bestuurlijke flexibiliteit als een evenwichtige samenwerking tussen de deelnemers gewaarborgd. Het college kan zich vinden in de aangepaste Regeling en heeft hiermee in principe ingestemd om de volgende redenen: - De omvorming naar een openbaar lichaam versterkt de governance door een heldere scheiding tussen het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur, waardoor verantwoordelijkheden duidelijker zijn belegd en sturing effectiever wordt. De gemeente Utrecht neemt als vast lid deel aan het Dagelijks Bestuur en staat daardoor dichter op de uitvoering. - De rolverdeling tussen kaderstelling (Algemeen Bestuur) en uitvoering (Dagelijks Bestuur) wordt hiermee verduidelijkt, wat de transparantie en onderlinge aanspreekbaarheid vergroot. - De positie van Utrecht blijft geborgd door vaste vertegenwoordiging in het Dagelijks Bestuur en stemweging op basis van financiële bijdrage, waardoor Utrecht relatief de zwaarste stem behoudt.
De aangepaste tekst voldoet aan de specifieke eisen die de Wgr stelt aan openbare lichamen (bijvoorbeeld de eis dat er een DB, een AB en een voorzitter moeten zijn en hoe elk bestuursorgaan moet worden samengesteld en aangewezen). Daarmee is het voorgenomen wijzigingsbesluit niet in strijd met het recht of met het algemeen belang.
Financiën Dit voorstel heeft geen financiële consequenties voor de gemeente. De omzetting van een bedrijfsvoeringsorganisatie naar een openbaar lichaam leidt niet tot een stijging van de bijdragen van de deelnemers. De hiermee samenhangende kosten worden volledig opgevangen binnen de bestaande begroting van de BghU.
Vervolg Na toestemming van de raad kan het college een definitief besluit nemen om in te stemmen met de wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht. De wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling komt tot stand indien alle deelnemers hebben ingestemd met het voorgenomen wijzigingsbesluit.
Samen stad maken ‘Gemeente aan zet’ is van toepassing, er is niet samengewerkt met Utrechters voor dit voorstel.
Communicatie De Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht wordt door het college geïnformeerd over de besluitvorming. De gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling wordt de gemeente gepubliceerd waarin de betreffende organisatie is gevestigd. In dit geval zal de gemeente Utrecht de gewijzigde gemeenschappelijke regeling publiceren op overheid.nl.
(Niet)Referendabel Dit raadsbesluit is niet referendabel op grond van de Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht, omdat het een raadsbesluit betreft over stukken van een Gemeenschappelijke Regeling (artikel 1:2, tweede lid onder i van de Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht).
4
Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht 2027 Bijlagen informatief - Brief Weging zienswijzen GR BghU
5