Raadsvoorstel Jaarstukken 2024
Tekst van het document
Voorstel aan de gemeenteraad
Jaarstukken 2024 Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim
Financiën Bedrijfsvoerings- en Strategienetwerk Simcha Anker 30268390 volgt Nee (artikel 1 lid 2 onder e Verordening raadgevend referendum) Ja, een of meer bijlage(n)
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1.
De Jaarstukken 2024 vast te stellen en het college décharge te verlenen.
2. Het positieve jaarrekeningresultaat 32,6 miljoen euro toe te voegen aan de algemene dekkingsreserve en verdere besluitvorming hierover te betrekken bij het voorstel Resultaatbestemming 2024. 3. De bovengrens van onderstaande reserves bij de jaarrekening 2024 te verhogen: a. Reserve Gebruikersinvesteringen culturele voorziening Leidsche Rijn: maximale hoogte te verhogen van 2,5 miljoen euro naar 5,4 miljoen euro b. Reserve ICT Investeringsprogramma: maximale hoogte eenmalig voor één jaar te verhogen van 10 miljoen euro naar 13,696 miljoen euro: c. Egalisatiereserve bouwleges: maximale hoogte eenmalig te verhogen van 2,3 miljoen euro naar 4,872 miljoen euro 4. De financiële effecten van het opheffen van onderstaande reserves te betrekken bij de integrale afweging bij de Voorjaarsnota 2025. a. Revolverend fonds woningrenovatie b. Reserve energiemaatregelen Utrechtse scholen c. Reserve geactiveerde investeringen vastgoed (onderdeel vaste activa reserve): d. Reserve revolverend fonds jongeren schulden 5. De reserve onderhoud en kapitaallasten BSO te handhaven ondanks het feit dat deze reserve gedurende vier opeenvolgende jaren niet gebruikt is.
Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
Geheimhouding Het college heeft permanente geheimhouding opgelegd op de bijlagen ‘Investeringsstaten bij de Jaarstukken 2024’ op grond van artikel 87 Gemeentewet om redenen genoemd in artikel 5.1 lid 2 sub b van de Wet open overheid. In de investeringsstaten staan gespecificeerde bedragen voor investeringen voor de diverse programma’s. Openbaarheid van de bedragen kan bij lopende en nieuwe aanbestedingen de gemeentelijke financiële belangen raken. Marktpartijen kunnen deze informatie strategisch gebruiken bij het uitbrengen van offertes en voeren van onderhandelingen.
2
Samenvatting Het college legt aan de raad over ieder begrotingsjaar verantwoording af over het door hen gevoerde bestuur door middel van het overleggen van de Jaarstukken. Met dit voorstel stelt u de Jaarstukken 2024 vast en verleent u het college décharge voor het gevoerde beleid en besluit u het resultaat 2024 toe te voegen aan de Algemene dekkingsreserve en te betrekken bij de resultaatbestemming 2024. Na vaststelling van deze stukken sturen wij deze naar de Provincie Utrecht.
Context Aanleiding De Jaarstukken bestaan uit het jaarverslag en de jaarrekening. Bij het maken van de Jaarstukken volgt de gemeente de regelgeving en richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) en de financiële verordeningen. In de jaarstukken laat de gemeente zien wat in 2024 is bereikt, wat de gemeente daarvoor heeft gedaan en wat dat heeft gekost. Het college geeft ook een rechtmatigheidsverantwoording af. Deze verantwoording is opgesteld overeenkomstig de richtlijnen van de commissie BBV. Het resultaat van de rechtmatigheidscontrole, is dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten, lasten en de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor door de raad gestelde grens. Na besluitvorming over de Jaarrekening 2024 vindt apart besluitvorming over de resultaatbestemming plaats. Voor een deel van het resultaat 2024 geldt dat deze incidentele middelen beschikbaar moeten blijven voor het eerder bestemde doel, omdat hier een specifieke bestedingsplicht tegenover staat. Alle extra detailinformatie, zoals onder andere per programma een financieel overzicht per doelstelling of de oorsprong en de toelichting van de indicatoren, is niet opgenomen in de pdf-versie, maar is terug te vinden in de onlineversie van de Jaarstukken.
Vorig jaar is de eerste Programmabegroting nieuwe stijl opgesteld met als doel kernachtiger de ambities te verwoorden. In overleg met de accountant en de raad is gekomen tot deze opzet om zo de leesbaarheid te vergroten, zodat de raad beter in staat moet worden gesteld om haar controlerende rol uit te voeren. De wijze van rapporteren (per programma de hoofdaken en later de bijzaken) vormt hierbij wel een dilemma. De mogelijkheid om beleid dat conform begroting is gerealiseerd met de raad te delen wordt hierdoor beperkt. In de voorliggende Jaarstukken is ervoor gekozen om het volledige beeld met de raad te delen, inclusief de realisatie van de beleidsvoornemens uit de Programmabegroting 2024. Het kan een keuze zijn om hiervan af te zien en alleen die activiteiten te benoemen, die anders zijn verlopen of ten opzichte van de Programmabegroting 2024 nieuw zijn. Juridische context De gemeenteraad is bevoegd de gemeentelijke Jaarstukken vast te stellen. Provincies hebben de wettelijke taak om financieel toezicht te houden op gemeenten. Beslistermijn De Jaarstukken 2024 dienen vóór 15 juli 2024 bij de provincie te worden aangeleverd. Beoogd effect De functie van de jaarstukken is vooral gelegen in verantwoording, controle en décharge. Met het voorleggen van de jaarstukken en het geven van toelichtingen daarbij legt het college verantwoording af over het gevoerde beleid.
De jaarstukken bieden de gemeenteraad de gelegenheid haar controlerende taak uit te voeren. De raad kan op grond van art. 199 Gemeentewet overgaan tot décharge van de leden van het college ten aanzien van het gevoerde financiële beleid. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad Programmabegroting 2024; 9 november 2023 Voorjaarsnota 2024 / Eerste Bestuursrapportage 2024; 11 juli 2024 Tweede Bestuursrapportage 2024; 7 november 2024 Eindejaarswijziging Programmabegroting 2024; 12 december 2024
3
Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1
De Jaarstukken 2024 vast te stellen en het college décharge te verlenen.
Argumenten 1.1
Met de Jaarstukken 2024 legt het college verantwoording af over de uitvoering van de programmabegroting 2024 In de Programmabegroting 2024 staat wat de gemeente wilde bereiken in 2024 en wat de gemeente/het college daarvoor zou gaan doen met de bijbehorende financiële kaders. Tijdens het begrotingsjaar heeft het college de raad geïnformeerd over de voortgang in de Eerste Bestuursrapportage 2024 en de Tweede Bestuursrapportage 2024. Verder heeft het college een eindejaarswijziging Programmabegroting 2024 medio december aan de raad ter besluitvorming voorgelegd. De begroting 2024 is op basis van de rapportages en de eindejaarswijziging aangepast. Met de Jaarstukken 2024 legt het college verantwoording af en laat het zien wat de gemeente in 2024 heeft bereikt, wat de gemeente daarvoor heeft gedaan en wat dat heeft gekost.
Beslispunt 2
Het positieve jaarrekeningresultaat toe te voegen aan de algemene dekkingsreserve en verdere besluitvorming hierover te betrekken bij het voorstel Resultaatbestemming 2024.
Argumenten 2.1
Beslispunt 3
3.1
Een deel van het resultaat 2024 bestaat uit posten waar een specifieke bestedingsplicht tegenover staat of reeds verplichtingen voor zijn aangegaan. Diverse projecten zijn niet conform ambitie c.q. gestelde doelen gerealiseerd. Dit is onder andere veroorzaakt door onvoldoende beschikbare capaciteit door de krappe arbeidsmarkt. Te denken valt hierbij aan diverse projecten binnen bereikbaarheid, onderwijs, openbare ruimte en ICT-projecten. Daarnaast zorgt bijvoorbeeld een vertraging in de besluitvorming voor het later aanvangen van activiteiten. Hierdoor is het daarvoor bestemde budget niet volledig besteed in 2024. Deze projecten verschuiven naar 2025 waardoor deze budgetten alsnog noodzakelijk zijn.
De bovengrens van onderstaande reserves bij de jaarrekening 2024 te verhogen: a. Reserve Gebruikersinvesteringen culturele voorziening Leidsche Rijn: de maximale hoogte te verhogen van 2,5 miljoen euro naar 5,4 miljoen euro b. Reserve ICT Investeringsprogramma: de maximale hoogte eenmalig voor één jaar te verhogen van 10 miljoen euro naar 13,7 miljoen euro: c. Egalisatiereserve bouwleges: de maximale hoogte eenmalig te verhogen van 2,3 miljoen euro naar 4,872 miljoen euro. Met de ophoging van de bovengrens wordt de Reserve Gebruikersinvesteringen culturele voorziening Leidsche Rijn in lijn gebracht met de verwachte uitgaven Door de raad is voor de reserve Gebruikersinvesteringen culturele voorziening Leidsche Rijn een bovengrens (de maximale hoogte) ingesteld van 2,5 miljoen euro. Om de reserve in lijn te brengen met de geraamde gebruikersinvesteringen voor de culturele voorziening in Leidsche Rijn is een verhoging van de bovengrens nodig naar 5,4 miljoen euro. Volgens de huidige planning wordt de culturele voorziening in 2028 opgeleverd, de verwachting is dat dan ook (het grootste deel 4
van) de reserve wordt aangesproken. 3.2
3.3
3.4
Beslispunt 4
4.1
Beslispunt 5 5.
5.1
Met de eenmalige ophoging van de bovengrens kunnen de gelden voor de vertraagde activiteiten gereserveerd blijven in de egalisatiereserve ICT Door de raad is voor de egalisatiereserve ICT Investeringsprogramma een bovengrens ingesteld van 10 miljoen euro. Door uiteenlopende redenen heeft er een verschuiving in de uitgaven van het ICT-budget plaatsgevonden van 2024 naar 2025. Door de hogere storting van dit resterend budget in 2024 overschrijdt de reserve incidenteel de bovengrens. De storting in de reserve maakt het mogelijk dat de verschoven activiteiten alsnog kunnen plaatsvinden. Met het eenmalig verhogen van de bovengrens van de Egalisatiereserve bouwleges bij de Jaarrekening 2024 kan het surplus meegenomen worden in de integrale afweging bij de Voorjaarsnota 2025 Door de raad is voor de Egalisatiereserve bouwleges een bovengrens ingesteld van 2,3 miljoen euro. Het saldo van de Egalisatiereserve bouwleges bedraagt per 31 december 2024 4,872 miljoen euro. Vooralsnog is dit toegevoegd, maar dit bedrag wordt meegenomen bij de integrale afweging bij de Voorjaarsnota 2025. Met het (eenmalig) verhogen van de bovengrenzen van de genoemde reserves voldoen we aan de nota reserves De nota reserves geeft aan dat bij het instellen van een bestemmingsreserve de maximale omvang van de reserve wordt bepaald.
Via het besluit dat hier nu voor ligt worden van de bovenstaande reserves de maximale hoogte (incidenteel c.q. structureel) opgehoogd. Bij de voorjaarsnota 2025 is er extra aandacht voor de reserves, dit omdat dan er opnieuw een brede integrale afweging plaatsvindt. Het kan zijn dat het financieel noodzakelijk is om toch een ophoging terug te draaien.
De financiële effecten van het opheffen van onderstaande reserves te betrekken bij de integrale afweging van bij de Voorjaarsnota 2025. a. Revolverend fonds woningrenovatie b. Reserve energiemaatregelen Utrechtse scholen c. Reserve geactiveerde investeringen vastgoed (onderdeel vaste activa reserve): d. Reserve revolverend fonds jongeren schulden
Met het meenemen van de in dit beslispunt genoemde reserves naar 2025 wijken we af van de nota reserves De nota reserves geeft aan dat indien een bestemmingsreserve gedurende vier opeenvolgende jaren niet is gebruikt, de reserve na afloop automatisch wordt opgeheven, tenzij de raad opnieuw besluit om de reserve langer aan te houden. In afwijking van deze nota wordt hier voorgesteld om deze reserves niet bij de jaarrekening op te heffen, maar bij de voorjaarsnota 2025. De reden hiervoor is dat op dat moment een brede integrale afweging plaatsvindt, dit in tegenstelling tot de jaarrekening waar met name voornamelijk wordt gereflecteerd naar 2024 en de activiteiten en risico's die gekoppeld zijn aan 2024.
De reserve onderhoud en kapitaallasten BSO te handhaven ondanks het feit dat deze reserve gedurende vier opeenvolgende jaren niet gebruikt is. De Reserve onderhoud en kapitaallasten BSO is een systeemreserve die gelet op de aard van de reserve gehandhaafd moet blijven. De nota reserves geeft aan dat indien een bestemmingsreserve gedurende vier opeenvolgende jaren niet is gebruikt, de reserve na afloop automatisch wordt opgeheven, tenzij de raad opnieuw besluit om de reserve langer aan te houden. 5
Financiën De Jaarrekening 2024 heeft een voordelig resultaat van 32,6 miljoen euro. De belangrijkste voordelen bestaan uit de meeropbrengsten OZB-woningen en niet woningen uit voorgaande jaren, de vrijval van een aantal stelposten als bijvoorbeeld de stelpost loon-en prijscompensatie en de productiviteitsnorm, het positieve financieringsresultaat, de nacalculatie september-en decembercirculaire Gemeentefonds, de ontvangsten van de SPUK-woonplaatsbeginsel en proeftuin waar in de begroting geen rekening mee gehouden was. Dit voordeel wordt gedempt door de hogere onderhoudskosten (dan begroot) bij wegen; civiele constructies buitensportaccomodaties, parkeergarages, onderhuisvesting, sport-en ander vastgoed. De eenmalige afschrijving grondstoffendepot (om zo te voldoen aan BBV-wetgeving) en de riolering (waarbij de uitgaven afwijken qua indexering ten opzichte van de gemeentelijke uitgangspunten) zorgen beide eveneens voor een verslechtering.
Vervolg Na vaststelling van de Jaarstukken 2024 zenden wij deze stukken naar de Provincie.
Samen stad maken (voorheen: Participatie) ‘Gemeente aan zet’ is van toepassing, er is niet samengewerkt met Utrechters voor dit voorstel.
Communicatie De Jaarstukken 2024 en bewonerssamenvatting worden online gepubliceerd.
Niet Referendabel De Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht is niet van toepassing omdat dit een raadsvoorstel betreft over de vaststelling van de gemeentelijke rekening (artikel 1:2 lid 2 onder e Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht).
Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Jaarstukken 2024 Bijlagen informatief - Bewonerssamenvatting 2024 - GEHEIM Investeringsstaten bij Jaarstukken 2024 - Subsidiemonitor
6