CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbrief Visie Klimaatadaptatie en Visie Water en Riolering.docx.pdf

Gemeenteraad 3 februari 2022, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsbrief Visie Klimaatadaptatie en Visie Water en Riolering4.467 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Burgemeester en wethouders Postadres Postbus 16200, 3500 CE Utrecht Telefoon 14 030 www.utrecht.nl

Aan de gemeenteraad

Behandeld door

E.W. Rebergen

Datum

19 januari 2022

Doorkiesnummer

030-2864332

Kenmerk

9666879

E-mail

e.rebergen@utrecht.nl

Onderwerp

Visie Klimaatadaptatie en Visie Water en Riolering

Bijlage(n)

-

Beleidsveld

Openbare Ruimte

Geachte leden van de raad, Op 16 december jl. zijn de Visies Klimaatadaptatie en Water en Riolering in de Commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte (MGOR) behandeld. Zoals toegezegd, ontvangt u met deze brief een antwoord op een aantal vragen die toen niet beantwoord konden worden. Daarnaast gaan wij nader in op de gedane toezeggingen. Met deze raadsbrief geven we tevens invulling aan de toezegging over het toesturen van een raadsbrief met de kaders van de nieuwe subsidieregeling watervriendelijk maatschappelijk vastgoed. Tot slot bevat deze brief een overzicht van de wijzigingen die wij naar aanleiding van de commissie doorvoeren in de Visie Water en Riolering Utrecht en het Programma Water en Riolering 2022-2026, waarvoor u een Strekt ter vervanging ontvangt. We behandelen de vragen en toezeggingen thematisch, omdat de meeste vragen door meerdere raadsfracties zijn ingebracht. Uitvoeringsprogramma Regionale Adaptatie Strategie Gelijktijdig met deze brief sturen wij u via een separate brief het eerder toegezegde uitvoeringsprogramma en bijbehorend actieplan van de Regionale Adaptatie Strategie toe (toezegging 21T82). In het regionale uitvoeringsprogramma vindt u een overzicht van alle projecten die wij samen met onze partners in het regionale Netwerk Water & Klimaat uitvoeren.

Enerzijds gaat het hier om regionale vraagstukken, zoals het onderzoek naar de toekomstige afvoercapaciteit van het Amsterdam-Rijnkanaal en het Noordzeekanaal en het preventief anticiperen op een mogelijke dijkdoorbraak van de Lekdijk. Anderzijds gaat het om vraagstukken waar alle gemeenten mee te maken hebben en waarbij het efficiënter is om de krachten te bundelen in bijvoorbeeld uitvoering en kennisontwikkeling. Denk hierbij aan het maken van afspraken over klimaatbestendig bouwen, het met succes aanvragen van nationale en Europese subsidies, het uitvoeren van stresstesten en het uitvoeren van de ecoscans voor het oppervlaktewater. De daadwerkelijke implementatie van de uitkomsten en resultaten van deze activiteiten in lokaal beleid en regelgeving blijft onze eigen verantwoordelijkheid waarvoor onze eigen Visie Klimaatadaptatie leidend is.

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

19 januari 2022 9666879

Ambitie en doelstellingen Visie Klimaatadaptatie Diverse fracties hebben vragen gesteld of ons ambitieniveau hoog genoeg is en hoe de ambities voor de openbare ruimte zich verhouden tot die voor het particulier terrein. Dit laatste ook specifiek voor de doelstellingen met betrekking tot waterberging bij nieuwbouw mede n.a.v. de inbreng van waterschap Amstel, Gooi en Vecht in de raadinformatiebijeenkomst (RIB). Wij gaan hier in de volgende alinea’s nader op in. Ambities en doelstellingen Het uitgangspunt is dat we streven naar een gezond stedelijk leven voor iedereen, nu en in de toekomst. Dit uitgangspunt geldt voor zowel de openbare ruimte als voor particulier terrein. Voorwaarde voor gezond stedelijk leven voor iedereen is een klimaatbestendige stad. Dit betekent in de eerste plaats dat we maatschappelijke ontwrichting en onomkeerbare schade door extreem weer zoveel mogelijk voorkomen. En in de tweede plaats dat onze stad ook bij gemiddeld hogere temperaturen een gezonde en aangename stad blijft om in te wonen en te verblijven. Deze ambitie hebben we in de Visie Klimaatadaptatie vertaald naar doelstellingen die voor alle nieuwe projecten en ruimtelijke ontwikkelingen gelden. In huidige plannen van de gemeente wordt hier al mee geëxperimenteerd.

We hebben de doelstellingen dusdanig concreet gemaakt dat ze ook op straat en buurtniveau toegepast kunnen worden, zodat we hiermee direct handelingsperspectief bieden aan alle gebiedsontwikkelingen, herinrichtingen, vervangingsprojecten en nieuw- en verbouw. Het betreft de doelstellingen minimaal 40% groenbedekking per buurt, minimaal 30% schaduw per straat op een zomerdag en minimaal een koele verblijfplek binnen 200 meter van elke woning. Maar ook het voorkomen van schade tot aan een bui van 80 mm in één uur of het vasthouden en lokaal verwerken van 90% van de jaarlijkse neerslag om droogteschade te voorkomen. Met het vaststellen van de Visie Klimaatadaptatie wordt klimaatbestendig bouwen, herontwikkelen, herinrichten en vervangen het “nieuwe normaal”. Zoals u in de RIB hebt vernomen lopen we met de concrete doelstellingen voor op veel andere gemeenten. Ook qua ambitieniveau van de doelstellingen leggen we de lat hoog. Dit blijkt uit de kosten die hiermee gemoeid zijn. Zoals u kunt lezen in de Visie Klimaatadaptatie hebben we de maatregelen om de watergerelateerde doelstellingen te realiseren financieel geborgd via de rioolheffing in de Visie Water en Riolering en het bijbehorende programma.

Voor de groene klimaatadaptatiemaatregelen (minimaal 40% groenbedekking per buurt, minimaal 30% schaduw per straat en een koele verblijfplek binnen 200 meter van elke woning) hebben we nog maar een deel van de kosten gedekt via de rioolheffing en het meerjarengroenprogramma. De opgave van de groene schaalsprong en dus ook klimaatadaptatie is dermate groot dat aanvullende financiële dekking nodig is. Dit financieringsvraagstuk is ook in de RSU2040 benoemd. Het is een urgent vraagstuk, want we merken nu al in veel lopende gebiedsontwikkelingen en herinrichtingsprojecten dat we extra financiële middelen nodig hebben om met name de groene ambities te realiseren. Projecten waar dit speelt zijn Welgelegen-Den Hommel, Amazonekwartier, Rubenskwartier en de Taagdreef. In al deze projecten merken we dat de kosten 10-35% hoger komen te liggen bij een rioolvervangings- en herinrichtingsproject. Wij adviseren eerst bij de uitvoeringsstrategie van de RSU de discussie te voeren over het generen van de nog benodigde extra middelen, dan om nu te besluiten de ambities nog hoger te leggen. Particulier versus openbaar terrein We hebben bij het formuleren van de ambities als uitgangspunt gekozen dat deze bij het openbaar gebied en het particulier terrein bij voorkeur gelijk op moeten lopen.

Wij zijn van mening dat wij particulieren op het gebied van klimaatadaptatie niet een ambitie kunnen opleggen, die wij onszelf

2/9

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

19 januari 2022 9666879

voor het openbaar terrein niet kunnen en willen opleggen. Voor alle doelstellingen geldt daarom dat deze voor zowel openbaar terrein als particulier terrein gelden. Dus ook voor de ambities voor waterberging bij nieuwbouw, waar we nu nader op ingaan. Ambities waterberging Er zijn twee doelstellingen op waterberging, die in de discussie over ambities vaak door elkaar heen lopen: 1. Waterberging om tijdelijk extreme neerslag te kunnen bufferen en vertraagd af te kunnen voeren naar de riolering en het oppervlaktewater. Waarbij we kijken naar een piekgebeurtenis. Hierbij stellen wij het doel dat bij een maatgevende bui tot 80 mm per uur vanuit de openbare ruimte, geen schade op mag treden in aangrenzende bebouwing en dat wegen niet gestremd raken bij deze bui. Deze doelstelling geldt ook voor particulier terrein. 2. Waterberging om neerslag vast te houden en te infiltreren voor periodes met langdurige droogte, zodat het aanwezige groen niet verdroogt. Hierbij kijken we naar de jaarlijkse of seizoensneerslag. Wij hebben als doelstelling opgenomen om minimaal 90% van de jaarlijkse neerslag vast te houden en te infiltreren voor zowel de openbare ruimte als het particuliere terrein. Voor het infiltreren van 90% van de jaarlijkse neerslag (bijna 900 mm) moet je door het jaar heen dus ongeveer 800 mm neerslag tijdelijk vasthouden en infiltreren in de bodem.

Het infiltreren in de bodem van Utrecht gaat relatief langzaam omdat de bodem in Utrecht veel klei bevat. Je moet daarom een deel van de neerslag eerst tijdelijk bufferen op het dak, in een greppel, wadi, regenton of in een ondergrondse infiltratievoorziening voordat je het kan infiltreren. Modelberekeningen met regenreeksen maken duidelijk dat de inhoud van deze buffer minimaal 15 mm ofwel 15 liter per aangesloten m2 verharding moet zijn om 90% van de jaarlijkse neerslag te kunnen infiltreren. Vandaar dat wij uit praktisch oogpunt de doelstelling vertalen in een waterberging van 15 mm. Ter vergelijking, dit is ook ongeveer de hoeveelheid waterberging die aanwezig is in een groen dak van sedumplanten, zoals aangelegd op onze bushokjes. Ook de bekende wadi’s in de wijk Leidsche Rijn hebben ongeveer deze inhoud en zijn op deze doelstelling gebaseerd. Zoals u kunt lezen in de Visie Klimaatadpatatie stellen wij voor om vooralsnog alleen de benodigde waterberging van 15 mm voor het voorkomen van schade aan groen bindend op te leggen aan particuliere eigendommen. Zoals in de RIB door het waterschap Amstel, Gooi en Vecht werd aangegeven, legt Amsterdam in haar nieuwe hemelwaterverordening voor nieuwbouw de eis voor waterberging op particulier terrein hoger dan wat wij u voorstellen, namelijk 60 mm in plaats van 15 mm.

Dit komt omdat die extra waterberging op particulier terrein niet is bedoeld om droogteschade tegen te gaan (doelstelling 2), maar om ervoor te zorgen dat bij extreme buien het hemelwater van de nieuwbouw het riolerings- en oppervlaktewatersysteem in Amsterdam niet extra belast (doelstelling 1). Gezien de ligging van Amsterdam in een natter deel van Nederland met een kwetsbaarder oppervlaktewatersysteem en een andere bodemopbouw dan in Utrecht is het ook verklaarbaar dat Amsterdam hierin een andere afweging maakt dan wij. Wij stellen in de Visie Klimaatadaptatie voor om de extra buffercapaciteit voor het afvangen van extreme buien vooral te realiseren in de openbare ruimte. Wij leggen de lat voor de openbare ruimte op dit punt hoog. Wij willen een bui van 80 mm in één uur kunnen verwerken in de openbare ruimte zonder dat er schade optreedt. Extreme buien vooral verwerken in de openbare ruimte is wat ons betreft een robuuste oplossing, omdat we als gemeente dan beter kunnen garanderen dat de benodigde waterberging beschikbaar blijft dan op particulier terrein. Ook kan je in de openbare ruimte gemakkelijker meerdere doelen mee dienen. Zo levert het terugbrengen van de singels ook een

3/9

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

19 januari 2022 9666879

enorme bijdrage aan de capaciteit van de stad om extreme buien te kunnen verwerken. Om die reden financieren we ook een deel van het terugbrengen van de Leidsche Rijn uit de gemeentelijke rioolheffing. Vervolg Na vaststelling van de visies werken wij de doelstellingen voor nieuwbouw en grootschalige verbouw verder uit en vertalen die in bindende regels voor het omgevingsplan. Hierbij kijken we nadrukkelijk hoe wij hierop kunnen handhaven. Wij verwachten u die regels eind 2022 bij de 1e wijziging van het Omgevingsplan ter besluitvorming voor te kunnen leggen. Tussendoelen en indicatoren klimaatadaptatie Veel partijen vinden het een gemis dat in de Visie Klimaatadaptatie tussendoelen tussen nu en 2050 ontbreken en er geen indicatoren zijn opgenomen waarmee we jaarlijks de voortgang kunnen meten. Bij het opstellen van deze visies was het nog niet haalbaar deze tussendoelen en indicatoren te formuleren. Wel willen we hier invulling aangeven. Daarom hebben wij in het raadsvoorstel aan u gevraagd ons opdracht te geven om tussendoelen en indicatoren op klimaatadaptatie (hitte, droogte en biodiversiteit) uit te werken en hier uiterlijk bij de Voorjaarsnota 2023 op te rapporteren. De belangrijkste indicatoren om de voortgang te meten zijn momenteel weergegeven op onze stresstest kaarten, waarvan we de belangrijkste hebben toegevoegd in de Visie Klimaatadaptatie.

Deze zijn echter niet geschikt om jaarlijks de voortgang mee te monitoren, omdat de gegevens die ten grondslag liggen aan de kaarten niet jaarlijks worden vernieuwd. De zoektocht, die ook landelijk nog niet tot een set bevredigende indicatoren heeft geleid, is daarom om te komen tot indicatoren die we enerzijds jaarlijks kunnen actualiseren en anderzijds jaarlijks inzicht geven in de voortgang die we boeken. In het Programma Water en Riolering 2022-2026 doen wij u al een voorstel voor de te hanteren waterindicatoren. Daarnaast bevat het Duurzaamheidsverslag al een aantal relevante groenindicatoren, zoals verdeling groen/water/verharding, aantal m2 openbaar groen per huishouden en aantal m2 groene daken. Het nog ontbreken van goede indicatoren en het nog ontbreken van de financiële dekking om de vergroeningsdoelen te halen zijn de belangrijkste reden dat wij nu nog geen tussendoelen hebben opgenomen. In de aan u in Q1 2022 toegezegde raadsbrief over de groenstrategie van onze gemeente gaan wij nader in op het financiële vraagstuk en presenteren wij u een of meerdere scenario’s om invulling te geven aan de vergroeningsopgave. De ambities van het nieuwe college en de nieuwe raad en de daarbij horende investeringsstrategie vertalen wij vervolgens in realistische tussendoelen.

Onze intentie is u eind 2022 een voorstel te doen voor de tussendoelen en een complete set te hanteren indicatoren met als doel deze bij de Voorjaarsnota van 2023 in te voeren. Koele verblijfsplekken U constateerde terecht in de commissievergadering dat de kaart met koele verblijfsplekken in de Visie Klimaatadaptatie mogelijk een te optimistisch beeld schetst van de huidige situatie. Zoals aangegeven komt dit door de door ons gehanteerde definitie van een koele plek, waarbij we alleen hebben gekeken naar de hoeveelheid schaduw, maar niet hebben meegenomen of een koele plek ook een prettige verblijfsplek is. We zijn al een onderzoek gestart om te bepalen aan welke criteria een koele plek moet voldoen om ook een prettige verblijfsplek te zijn. De resultaten van het onderzoek nemen we mee bij het behalen van de indicatoren en zullen deze meenemen in het voorstel van de tussendoelen en indicatoren. De criteria voor een buurtspeelplek, zoals opgenomen in de ook nog door u vast te stellen Visie Speelruimte: Spelen in je eigen buurt bieden hiervoor al goede handvaten.

4/9

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

19 januari 2022 9666879

Wij hebben bij het tot stand komen van beide visies de afstandsnorm van 200 meter al op elkaar afgestemd. De afstandsnorm van 200 meter is tevens opgenomen in de RSU, waar op pagina 80 de ambitie is opgenomen dat iedere woning op loopafstand (binnen 200 meter) ligt van een plantsoen of buurtparkje. Uitwerkingsagenda biodiversiteit We gaan aan de slag met de uitwerkingsagenda biodiversiteit en klimaatverandering. We leggen hierbij de prioriteit bij beheer- en inrichtingsmaatregelen waarvan we weten of redelijkerwijs kunnen vermoeden dat ze bijdragen aan het verzachten van de gevolgen van klimaatverandering en brengen in kaart welke maatregelen op korte of lange termijn noodzakelijk zijn. Wij verwachten u de uitwerkingsagenda uiterlijk Q4 2022 te kunnen toesturen. Benadering particulieren Diverse partijen hebben gevraagd om bij het stimuleren van particulieren om klimaatbestendige maatregelen te nemen ons vooral te richten op maatregelen die ook sociaal versterkend zijn, zoals het samen aanleggen van geveltuinen. Daarnaast vraagt u aandacht voor de draagkracht van financieel kwetsbaren bij de inzet van subsidies en vraagt u om nadrukkelijk de verbinding te zoeken met de bewonersaanpak voor de energietransitie, zoals de Energie-box.

Wij delen uw mening dat klimaatbestendige maatregelen die meerdere doelen dienen de voorkeur hebben, waarbij het versterken van sociale binding in straat en buurt één van deze doelen kan zijn. Daarom hebben wij ons het afgelopen jaar vanuit Waterproof030 ook specifiek gericht op Burendag om de aanleg van geveltuinen te stimuleren. Dit heeft geleid tot 180 nieuwe geveltuinen, 16 vergroende boomspiegels en zeer veel enthousiaste bewoners. Wij zullen bij nieuwe acties hier ook zeker weer op in zetten. Ook bij het beheer en onderhoud van al dat nieuwe groen stimuleren we de sociale binding via het nieuwe zelfbeheerplatform BuurtNatuur030. We zijn hierbij ook permanent in gesprek met organisaties als Utrecht Natuurlijk, NMU en MCU om te kijken wat wij hierin gezamenlijk kunnen ontwikkelen. Ook onze subsidieregelingen zijn gericht op maatregelen die meerdere doelen dienen. Vandaar dat wij groene daken subsidiëren en wij ons voor de vergroening en het watervriendelijk maken van particulier terrein in eerste instantie richten op maatschappelijk vastgoed (zie ook hieronder bij Kaders nieuwe subsidieregeling watervriendelijk maatschappelijk vastgoed). Bij de subsidie voor de groene daken zien wij de sociale component ook duidelijk terug, omdat we veel aanvragen krijgen van meerdere eigenaren tegelijk. In sommige gevallen zelfs van hele straten.

De mogelijkheid van de verzamelaanvraag in de subsidieregeling versterkt hiermee ook duidelijk de sociale binding in de straat. Ook denken wij dat we het kwetsbare groepen met deze optie zo gemakkelijk mogelijk maken om toch te profiteren van de subsidieregeling. Zij kunnen bij de verzamelaanvraag gemakkelijk meeliften op de inspanning van buurtgenoten. Wij delen uw mening dat het als volgende stap goed is om te kijken hoe we particulieren vanuit één loket nog beter kunnen informeren over alle maatregelen die zij kunnen nemen op het particulier terrein. We werken momenteel aan het samenvoegen van alle informatie op de gemeentelijke website over mogelijke maatregelen op particulier terrein op het gebied van groen, water en klimaatadaptatie. Als vervolgstap kijken we nadrukkelijk ook hoe we alle bewonersacties vanuit groen en water kunnen combineren, waarbij we één integrale boodschap uitdragen. Ondertussen onderzoeken we wat we kunnen leren van de energieaanpak, maar ook van de circulaire aanpak en waar we samen kunnen optrekken. Zo zijn we samen gestart met het uitwerken van een dakenvisie om te voorkomen dat in de

5/9

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

19 januari 2022 9666879

toekomst de aanleg van zonnepanelen en groene daken met elkaar gaan concurreren. Onze intentie is om in Q3 met een integraal plan van aanpak op communicatie te komen voor het benaderen van inwoners, waarbij we de klimaatadaptieve, groene en watergerelateerde aanpak bundelen. De samenwerking met energie en circulair zal hierin worden opgenomen, net zoals de samenwerking met organisaties als MCU, NMU, Utrecht Natuurlijk en de sociaal makelaars. Systematiek nieuwe subsidieregeling watervriendelijk maatschappelijk vastgoed De nieuwe subsidieregeling watervriendelijk maatschappelijk vastgoed heeft als doel eigenaren, huurders en gebruikers van bestaand maatschappelijk vastgoed te stimuleren om hemelwater vast te houden en te verwerken op eigen terrein conform de voorkeursvolgorde hemelwater in de Visies Klimaatadaptatie en Water en Riolering. Hierbij hebben maatregelen waarbij verharding wordt vervangen door groen de voorkeur boven technische maatregelen waarmee hemelwater wordt vastgehouden en geïnfiltreerd. Het voornemen is voor de subsidie dezelfde systematiek te hanteren als voor de interne bijdrageregeling voor niet rioleringsprojecten in de openbare ruimte, zoals opgenomen in bijlage 3 van het Programma Water en Riolering 2022-2026.

Ofwel maatregelen waarbij verharding wordt vervangen door groen krijgen een hoger subsidiebedrag dan maatregelen waarbij hemelwater wordt opgevangen in een technische voorziening. De subsidieregeling richt zich specifiek op maatschappelijk vastgoed omdat hiermee een breed publiek wordt bereikt, waarmee wordt bijgedragen aan de bewustwording van klimaatverandering en klimaatadaptatie. Communicatie over de maatregelen is daarbij een voorwaarde. Scholen krijgen met deze subsidie een extra gemeentelijke subsidie naast de al bestaande regeling vanuit MO-Onderwijs om hun schoolpleinen te vergroenen. De intentie is om de subsidieregeling zo snel mogelijk na vaststelling van de Visie Klimaatadaptatie en de Visie Water en Riolering te laten vaststellen door het college en in te voeren. Voor 2022 en verdere jaren hebben we voor deze regeling een bedrag van € 300.000,- gereserveerd in het Programma Water en Riolering 2022-2026. Onderzoek rioolheffing Wij hebben in de commissie toegezegd in Q2 2022 met een brief te komen over het onderzoek naar een toekomstbestendige grondslag van de rioolheffing. Met dit onderzoek geven wij invulling aan de motie M382 Eerlijkere verdeling woonlasten waarin u gevraagd heeft om onderzoek te doen naar een meer gedifferentieerde opzet van de afvalstoffenheffing en indien mogelijk de rioolheffing.

Over de mogelijkheden voor de afvalstoffenheffing bent u reeds geïnformeerd in de raadsbrief van 12 oktober 2021. In deze brief is ook aangegeven dat het onderzoek naar een meer gedifferentieerde opzet van de rioolheffing wordt gekoppeld aan de voorliggende Visie Water en Riolering. Ons streven is u met de raadsbrief eind Q2 2022 een startnotitie voor het onderzoek ter vaststelling aan te bieden. Vervolgens presenteren wij in een later stadium de resultaten van de uit te werken scenario’s. Daarna volgt een definitief voorstel. De reeds door u ingebrachte denkrichtingen zoals de vervuiler betaalt nemen wij mee in het opstellen van de startnotitie.

6/9

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

19 januari 2022 9666879

Ambities oppervlaktewaterkwaliteit Er waren vragen van de raad over de nieuwe ecologische waterkwaliteitsdoelstellingen die wij met de Visie Water en Riolering laten vaststellen (beslispunt 1f in het raadsvoorstel verwijzend naar beleidskeuze 13 in de Visie Water en Riolering). De doelstellingen gaan met ingang van het vaststellen van de Visie Water en Riolering gelden. Het streven is om de doelstellingen uiterlijk in 2027, het doeljaar van de Europese Kaderrichtlijn Water, te realiseren. Naast de vast te stellen ecologische doelstellingen in beleidskeuze 13 hebben we in beleidskeuze 14 in de Visie Water en Riolering (zie ook argument 1.4 in het raadsvoorstel) als doel opgenomen om ons samen met de waterschappen in te spannen om in alle wateren in de stad de bacteriologische zwemwaternorm te halen, zodat de bacteriologische waterkwaliteit nooit een reden kan zijn dat ergens niet gezwommen kan worden. Momenteel zijn de belangrijkste vervuilingsbronnen de nog aanwezige gemengde riooloverstorten en de lozing van de zuiveringen van Bunnik en Zeist op de Kromme Rijn. Deze ambitie is daarmee voor de korte termijn lastig te realiseren. Maar wij verwachten dat door vanaf nu bij vervanging van gemengde riolering het vuilwater en het hemelwater te scheiden, het aantal riooloverstorten en daarmee de verontreiniging de komende jaren steeds minder zal worden.

De keuze of en waar we extra officieel zwemwater nastreven maken we in de Visie Stadswater die momenteel in voorbereiding is. Vervolgens kunnen we een aanvraag indienen bij de provincie voor het laten aanwijzen van officieel zwemwater. Duikers In de Visie Water en Riolering hebben wij onderaan bladzijde 47 de uitgangspunten opgenomen waaraan we willen dat duikers voldoen om de veiligheid voor dieren te waarborgen. Zo hanteren we voor duikers in kleinere wateren een minimale doorsnede van 0,5 meter en in de hoofdwatergangen minimaal 0,8 meter in doorsnede. Uitgangspunt is dat de duiker tussen de 50 en 80% met water gevuld is. Door de duiker niet helemaal onder water te leggen verbetert de doorstroming voor kroos en kunnen watervogels niet klem komen te zitten en gemakkelijker passeren. Daarnaast onderzoeken we bij vervanging altijd of we de duiker tegen beperkte meerkosten kunnen vervangen door een brug. Helaas zijn er momenteel nog duikers waarvan de bovenzijde net boven de waterspiegel uitsteekt. Hoewel de kans klein is, kunnen hier mogelijk kleine watervogels klem komen te zitten. Als vervanging nog niet aan de orde is, bekijken we waar het mogelijk is om een rooster voor de duiker te plaatsen om dit te voorkomen. Wij zijn hier echter terughoudend mee omdat een rooster extra kans geeft op verstopping van de duiker door vuil wat achter het rooster blijft hangen.

Zie ook de raadsbrief beantwoording diverse toezeggingen naar aanleiding van commissiebehandeling Voorjaarsnota 2021 waar op dit onderwerp wordt ingegaan. Natuurwaarde oever versus natuurwaarde oppervlaktewater Bomen/struiken op de oever zijn belangrijk omdat ze zorgen voor leefgebied voor op het land levende dieren (slaapplek voor de egel of overhangende tak voor de ijsvogel) en structuur bieden onder water (jonge vissen verschuilen zich tussen wortelpakketten die in het water groeien). Een teveel aan bladval en schaduwwerking heeft echter een negatief effect op de waterkwaliteit en kan leiden tot zuurstofgebrek in het water voor vissen. Per locatie zal een afweging gemaakt moeten worden welke natuurwaarde prioriteit krijgt. Wij hebben bij de bepaling van de ambities voor het oppervlaktewater de bestaande bomen als uitgangspunt genomen en daar de ambitie voor het oppervlaktewater op aangepast. Voor een onderbouwing van onze afweging verwijzen we naar de kaarten en documenten op onze website. Wel blijft het cruciaal om bij bestaand struweel op de oever regelmatig groot onderhoud uit te voeren om onder meer de waterkwaliteit te kunnen waarborgen. Er is dus per locatie

7/9

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

19 januari 2022 9666879

maatwerk nodig om zoveel mogelijk natuurwaarde te behouden. Mogelijk dat de eerder genoemde uitwerkingsagenda biodiversiteit en klimaatverandering op termijn op locaties tot afwegingen leidt. Amerikaanse rivierkreeft De Amerikaanse rivierkreeft is een zoetwaterkreeft die het ecologisch evenwicht in het water kan verstoren, doordat de kreeft alle waterplanten opeet en de grond omwoelt. Gevolg is een troebel water zonder begroeiing. Een effectieve aanpak van deze rivierkreeft is momenteel nog niet voorhanden. We zetten conform uw suggestie in op maatregelen om de stad verder te vergroenen en de natuur te versterken zodat de kreeften meer natuurlijke vijanden, zoals futen en meerkoeten, krijgen, zie ook de raadsbrief van 1 juli 2021. Benodigd personeel Het is zoals diverse partijen aangeven niet gemakkelijk om voldoende en goed personeel te vinden. We proberen hier zo goed mogelijk op te anticiperen door ons eigen personeel op te leiden. Zo hebben we de afgelopen jaren meerdere trainees een werkplek geboden die na afloop van hun traineeship nu blijvend ons team versterken.

Daarnaast verwachten wij dat de verbetermaatregelen vanuit het programma “De Utrechtse Standaard” om de realisatiekracht van de gemeente Utrecht te vergroten, ons zullen helpen om de grote vervangingsopgave van de riolering en de groene schaalsprong met een beperkte groei van ons eigen personeel te kunnen uitvoeren Rioolwaterzuivering Utrecht Zoals in de Visie Water en Riolering aangegeven zal bij ongewijzigd beleid de Rioolwaterzuivering aan de Brailledreef de komende 30 jaar mogelijk moeten uitbreiden om de groeiende stroom afvalwater als gevolg van de groei van de stad te verwerken. Met onze nieuwe strategie om bij rioolvervanging standaard zoveel mogelijk afvalwater en hemelwater te scheiden verwachten wij de hoeveelheid hemelwater die naar de zuivering gaat zodanig terug te dringen dat de groei van het afvalwater wordt gecompenseerd. Of we hiermee volledig kunnen voorkomen dat de capaciteit van de huidige zuivering de komende 30 jaar toch niet hoeft uit te breiden blijft de komende jaren onderwerp van gesprek met het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR). Daarnaast zijn wij, zoals vermeld in de antwoorden op de schriftelijke vragen SV 2021 nr 173 nog in gesprek met de HDSR over het tijdelijk gebruik van braakliggende gronden op de RWZI en over het verplaatsen van de RWZI naar buiten de stad als de huidige zuivering rond 2050 vernieuwd moet worden.

Doorgevoerde tekstuele aanpassingen Visie Water en Riolering Een aantal fracties had bezwaar tegen de tekst op bladzijde 54 van de Visie Water en Riolering, waarbij wij aangeven dat het een nadeel van de huidige systematiek is dat grootverbruikers in Utrecht relatief veel rioolheffing betalen ten opzichte van wat ze in andere grote gemeenten zouden betalen. Wij delen uw mening dat wij aan deze constatering geen waardeoordeel hadden moeten hangen en hebben dit argument in de strekt ter vervanging weggehaald bij de motivatie om over te gaan naar een nieuwe grondslag. Ook hebben we schrijffouten gecorrigeerd op bladzijde 18 en 24. Tekstuele aanpassingen in het Programma Water en Riolering 2022-2026 In de commissievergadering werd terecht opgemerkt dat bij een aantal tabellen in het Programma Water en Riolering 2022-2026 de kopteksten in de tabellen niet klopten. Separaat ontvangt u een aangepast raadsvoorstel met vervanging van de kopteksten in de tabellen op bladzijde 10, 18, 27 en 44 aangepast. Ook zijn in bijlage 4 de tabellen met doelstellingen uitgebreid met het jaar 2026. Tot is een spelfout gecorrigeerd op bladzijde 28.

8/9

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

19 januari 2022 9666879

Wij vertrouwen erop hiermee alle nog openstaande vragen over de Visie Klimaatadaptatie, de Visie Water en Riolering Utrecht en het Programma Water en Riolering 2022-2026 te hebben beantwoord.

Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,

de secretaris,

de burgemeester,

9/9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=71c4bfd1-0601-4f37-b76a-a1663b886d0d