Raadsbrief Uitvoering motie M299 kwijtschelden belastingen.docx.pdf
Tekst van het document
Burgemeester en wethouders Postadres Postbus 16200, 3500 CE Utrecht Telefoon 14 030 www.utrecht.nl
Aan de gemeenteraad
Behandeld door
O. Akyol
Datum
13 december 2022
Doorkiesnummer
14 030
Kenmerk
10684246
oya.akyol@utrecht.nl
Onderwerp
Uitvoering motie M299 kwijtschelden belastingen
Bijlage(n)
1
Beleidsveld
Financiën
Geachte leden van de raad, Het hebben van een buffer is een goede manier om problematische schulden te voorkomen. Als college vinden we daarom dat de kwijtscheldingsnorm verhoogd moet worden. Het kabinet heeft recent besloten tot een verhoging van de vermogensnorm. Met de nieuwe Regeling kwijtschelding belastingen medeoverheden, die op 16 september 2022, is gepubliceerd, is gekozen voor een generieke verhoging (met €2.000) van de vermogensnorm. Deze verhoging is onderdeel van het raadsvoorstel dat wij u hebben toegestuurd. Deze norm is hoger dan nu, maar wat ons betreft nog steeds te laag. Verschillende normen dragen ook niet bij de eenduidigheid van verschillende regelingen voor minima. In de vergadering van 10 november 2022 heeft uw raad de motie M2022/M299 “kwijtschelden belastingen minima” aangenomen. In deze motie draagt de raad het college op om de vermogensnorm voor kwijtschelding gelijk te trekken met de vermogensnorm van de bijstand. Zoals aangegeven in die vergadering is deze norm hoger dan de wettelijk toegestane norm voor kwijtschelding. Bij het Raadsvoorstel Verordening kwijtscheldingsregeling dat u reeds hebt ontvangen hebben wij aangegeven vóór de commissievergadering van 15 december te komen met een collegereactie op de motie, zodat u deze kunt betrekken bij de bespreking.
In deze brief willen we verder ingaan op de uitvoerbaarheid van de motie en de implicaties daarvan. Voor verdere verkenning van de mogelijkheden voor verruiming is advies gevraagd aan de VNG en de BghU en is extern juridisch advies ingewonnen over de mogelijkheden om de motie uit te voeren. Tevens is contact gelegd met het ministerie van BZK. In deze brief gaan we ook in op de versterking van de lobby voor een structurele oplossing, en perspectief voor inwoners op de kortere termijn. Nadere toelichting: juridisch kader De juridische verkenning door AKD (bijgevoegd) wijst erop dat bij uitvoering van de motie, de raad een verordening vaststelt die in strijd is met hogere regelgeving. De gemeente is bij kwijtschelding gebonden aan landelijke regels. De beslissingsruimte die lokale besturen hebben omvat niet de bevoegdheid om een verhoogde vermogensnorm te hanteren. Aan die beperking ligt bovendien een bewuste beslissing van het kabinet ten grondslag; het volledig harmoniseren met de
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
13 december 2022 10684246
vermogensnormen van de participatiewet acht zij vooralsnog, helaas, niet opportuun. Verruiming zoals bedoeld in de motie is op dit moment juridisch niet houdbaar en daarmee niet uitvoerbaar voor het college. Wat zijn de implicaties als de raad een niet-rechtsgeldige verordening vaststelt? Het vaststellen van verordeningen is een bevoegdheid van de raad. Om een goed besluit te kunnen nemen vinden we het van belang voor u te schetsen wat de implicaties zijn als de raad een verordening vaststelt die op dit punt in strijd is met de wetgeving. Inzet instrumenten Interbestuurlijk toezicht BZK Zoals in de raadsvergadering toegelicht is de kans groot dat de naleving van de hogere regelgeving in dit geval zal worden afgedwongen met toepassing van de instrumenten van interbestuurlijk toezicht. Het ministerie van BZK staat (als toezichthouder) een aantal instrumenten ter beschikking om de gemeente Utrecht alsnog te bewegen zich aan de wet- en regelgeving te houden. Dit traject zal in respectievelijke volgorde leiden tot vernietiging van het besluit en of vervolgens indeplaatsstelling bij verwaarlozing van een wettelijke taak. Voor het bestuurlijk traject worden de voorgeschreven bestuurlijke stappen - interventieladder genomen uit het beleidskader.
De toezichthouder beoordeelt echter zelf of het noodzakelijk is dat alle stappen worden doorlopen en in welk tempo dit gebeurt, aan de hand van de concrete omstandigheden van het geval. Dit betekent dat ook in een kortere periode tot vernietiging of indeplaatsstelling kan worden overgegaan. Het vernietigingstraject kan op drie manieren starten. Op eigen initiatief van de minister (al dan niet ingegeven door externe signalen), na melding door Gedeputeerde Staten (GS) of na melding door een burgemeester. Op grond van artikel 273 Gemeentewet heeft de burgemeester de taak, via tussenkomst van gedeputeerde staten, binnen twee dagen nadat zij kennis heeft genomen van het besluit mededeling van een besluit van het gemeentebestuur dat naar haar oordeel voor vernietiging in aanmerking komt. In dit geval zou dat zijn omdat een besluit in strijd is met het recht. Van 'strijd met het recht' is sprake als een besluit in strijd is met de wet (Grondwet, wetten in formele zin, lagere regelgeving, Europees recht, verdragen) en de algemene rechtsbeginselen. Vervolgens wordt het besluit in eerste instantie van rechtswege voor vier weken geschorst. Gedurende die termijn beoordeelt de betrokken minister of aanleiding bestaat het besluit langer te schorsen. Schorsing is enkel bedoeld om te voorkomen dat onomkeerbare gevolgen optreden of schadelijke risico’s ontstaan.
Deze schorsing kan dus ook langer duren dan vier weken. De bestuurlijke stappen uit het beleidskader op weg naar een formeel verzoek tot vernietiging worden vervolgens, al dan niet versneld, doorlopen. Op de oude verordening kan niet worden teruggevallen, omdat die verwijst naar de dan niet meer rechtsgeldige rijksregeling. Na een vernietiging van het besluit zal dus herstellende besluitvorming door de raad moeten plaatsvinden om kwijtschelding te kunnen verlenen aan inwoners. Uitvoering door invorderingsambtenaar De invorderingsambtenaar is een zelfstandig bestuursorgaan dat volgens de gemeentewet bevoegd is om kwijtschelding te verlenen. De directeur van de BghU is in ons geval aangewezen als invorderingsambtenaar. De gemeenteraad stelt zoals toegelicht in de raadsvergadering weliswaar regels voor kwijtschelding vast, maar bij het opstellen dient de rijksregelgeving in acht genomen te worden. De invorderingsambtenaar heeft in reactie op de aangenomen motie aan ons laten weten ook gehouden te zijn aan de rijksregelgeving, en daarom geen uitvoering te mogen geven aan een regeling van de raad die in strijd is met hogere regelgeving. Als na de vier weken schorsingsperiode nog geen vernietiging of verlenging van schorsing heeft plaatsgevonden, is de verwachting dat dus
2/4
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
13 december 2022 10684246
ook nog geen kwijtschelding zal kunnen worden verleend. In het geval de gemeente zelf de belasting zou heffen, en de bevoegd invorderingsambtenaar intern zou zijn aangewezen, zou die overigens ook aan dezelfde eisen gehouden zijn. Daarbij zou een separaat uitvoeringsproces moeten worden ingericht voor kwijtschelding. Omdat geen uniforme kwijtscheldingsregels meer worden toegepast moet het combibiljet (gemeente, waterschappen) worden losgelaten. Dit kan tot vragen leiden bij inwoners. BghU heeft tevens laten weten dat deze werkwijze zou leiden tot extra kosten in de uitvoering, omdat geen uniforme kwijtschelding meer wordt gevoerd. Deze kosten zijn voor rekening van de Gemeente Utrecht. Effect op kwijtschelding voor inwoners Voor de meeste inwoners worden de aanslagen (en in eerste instantie de automatische kwijtscheldingen) opgelegd in januari. Afwijkende besluitvorming (met als gevolg schorsing, vernietiging en noodzakelijke herstelbesluitvorming) leidt er toe dat er niet tijdig een geldige of in werking zijnde verordening is om automatisch kwijtschelding te verlenen. Immers de oude kwijtscheldingsregeling kunnen we niet meer toepassen omdat de (landelijke) regeling waar die naar verwijst is vervallen.
Dit zou betekenen dat in januari inwoners een reguliere belastingaanslag gaan ontvangen, en daarmee ook die inwoners die normaal gesproken een bericht van geautomatiseerde kwijtschelding (een zogenaamde 0-aanslag) zouden ontvangen. Dit gaat om een groep van naar schatting 8000 aanslagen. Gevolgen voor rechtmatigheid Het onrechtmatig verlenen van kwijtschelding heeft naast deze gevolgen ook consequenties voor de accountantscontrole en de rechtmatigheidsverantwoording. Wij lopen als gemeente hierdoor het risico dat de onrechtmatig verleende kwijtscheldingen leiden tot een afkeurend oordeel van de accountant op het aspect rechtmatigheid. Vervolg Versterkte inzet op structurele oplossing We willen toe naar een structurele oplossing voor deze inwoners. Uw motie is opnieuw een sterk signaal aan de landelijke wetgever dat de norm gelijk zou moeten zijn aan die van de bijstand. De minister van BZK heeft een eerste stap gezet in de ophoging van de regeling met €2.000. We zien ook dat de minister voor Armoedebeleid recent in debat heeft aangegeven het van belang te vinden te kijken hoe we deze harmonisatie gaan regelen. Daarbij liggen er al een aantal uitspraken vanuit de Tweede Kamer om dit te doen. Dat geeft aanleiding om naar wij hopen samen met u de schouders te zetten onder de volgende stap in de bestuurlijke lobby voor deze gelijktrekking.
We gebruiken hiervoor alle middelen die wij hebben: de samenwerking in de G4 en via de VNG maar ook het directe contact met ministeries (zowel BZK als SZW), bewindspersonen en kamerleden. Omdat wij vinden dat harmonisatie, zeker voor inwoners die in een tijd van stijgende prijzen moeten sparen voor hun energierekening, zo snel mogelijk geregeld moet worden. Concreet perspectief voor inwoners We zien echter ook dat vanwege de stijging van de energierekening sommige bewoners deze winter in de knel kunnen gaan komen. Bijvoorbeeld inwoners die extra sparen voor hun energierekening, en met dat spaargeld boven de kwijtscheldingsgrens van de gemeentelijke belastingen zouden uitkomen. We onderzoeken daarom op korte termijn welke mogelijkheden we zien om bewoners daarmee deze winter te ondersteunen. Die mogelijkheden bekijken we in het licht van juridische haalbaarheid en praktische uitvoerbaarheid, maar centraal staat dat het gaat om iets waar bewoners nu concreet mee geholpen zijn.
3/4
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
13 december 2022 10684246
Tot slot Het hebben van een buffer is een goede manier om problematische schulden te voorkomen. Wij hebben in deze brief proberen te schetsen dat het nu vaststellen van een aangepaste verordening in de praktijk niet zal leiden tot kwijtschelding op korte termijn voor onze inwoners. Daarom stelt het college voor op dit moment de voorliggende verordening (met de maximale ophoging €2.000 van de vermogensgrens) ongewijzigd vast te stellen. Het signaal is duidelijk: we blijven de strijd voor een structurele oplossing voeren, samen met de andere g4-steden en hopelijk ook samen met u. Daarnaast kijken we of er op korte termijn mogelijkheden zijn om de inwoners in onze stad perspectief te bieden voor de korte termijn. Wij vertrouwen erop u hiermee voor nu voldoende te hebben geïnformeerd.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
4/4