Raadsbrief start voorhangprocedure overdracht Merwedekanaal
Tekst van het document
Burgemeester en wethouders Postadres Postbus 16200, 3500 CE Utrecht Telefoon 14 030 www.utrecht.nl
Aan de gemeenteraad
Behandeld door
E.W. Rebergen
Datum
10 oktober 2025
e.rebergen@utrecht.nl
Kenmerk
30570918
Type brief
Voortgangsbrief
Onderwerp
Start voorhangprocedure overdracht Merwedekanaal
Bijlage(n)
1 (onderaan)
Beleidsveld
Openbare Ruimte
Geachte leden van de raad, Met deze brief informeren we u over de uitgangspunten voor de overdracht van het Merwedekanaal, waar wij met het Rijk en Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) overeenstemming over hebben. Voordat wij starten met de uitwerking in een bestuursovereenkomst en een koopovereenkomst geven we u graag de gelegenheid om u hier via een voorhangprocedure uiterlijk op 3 november aanstaande uw wensen en bedenkingen op mee te geven. In de bijlage zijn de uitgangspunten opgenomen, en in deze brief worden ze nader toegelicht. Aan het eind van de brief kunt u meer lezen hoe we de wensen en bedenkingenprocedure praktisch voor ons zien. Belangrijke stap naar overdracht Wij zijn verheugd u te kunnen meedelen dat we samen met het Rijk en het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) een belangrijke stap hebben gezet om te komen tot de overdracht van het Merwedekanaal en de aangrenzende eigendommen van het Rijk naar gemeente en waterschap. Naast de overdracht van het kanaal en de eigendommen is het voornemen ook de bijbehorende beheer- en onderhoudstaken over te dragen van Rijk naar gemeente en HDSR. Voordelen overdracht Met de overdracht krijgt de gemeente de zeggenschap over het Merwedekanaal. Dat is belangrijk omdat de stad groeit en er de komende jaren langs het Merwedekanaal veel woningen en daarmee gebruikers van oever en water bij komen.
Door de overdracht wordt het eenvoudiger om het oeverpark Rondje Stadseiland en de benodigde bruggen over het kanaal te realiseren ten behoeve van alle (nieuwe) bewoners. Kansrijke bewonersinitiatieven op en langs het Merwedekanaal kan de gemeente gemakkelijker mogelijk maken. Ook wordt het gemakkelijker om de regie te voeren en regels te stellen over het gebruik op het kanaal, bijvoorbeeld voor roeien, varen, zwemmen en de winning van warmte uit het kanaal. Voor alle omwonenden en gebruikers van het kanaal worden de verantwoordelijkheden over het kanaal eenvoudiger en duidelijker. Vanuit vergunningverlening en handhaving worden processen vereenvoudigd en leidt de overdracht tot meer duidelijkheid over wie verantwoordelijk en aanspreekbaar is. Met de overdrachtsvergoeding komen er voldoende middelen beschikbaar om de komende 30 jaar het noodzakelijke beheer en onderhoud aan het kanaal te verrichten. Tot slot kunnen we door het combineren van noodzakelijke vervangingen en groot onderhoud aan (oever-) constructies en
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
10 oktober 2025 30570918
waterbodem de gewenste natuurvriendelijke oevers bij het oeverpark Rondje Stadseiland realiseren en de waterkwaliteit verbeteren. Met deze nieuwe afspraken is een daadwerkelijke overdracht een stap dichterbij en kunnen we een zeer lang lopende discussie van 70 jaar afronden. Het streven van partijen is om de bestuursovereenkomst en koopovereenkomst komend jaar nader uit te werken het kanaal in 2027 daadwerkelijk over te dragen. Tot die tijd blijft Rijkswaterstaat verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud en blijven zij voor woonbooteigenaren en gebruikers van het kanaal het eerste aanspreekpunt. We hebben u eerder geïnformeerd over de mogelijke overdracht. De laatste Raadsbrief hierover hebben wij u in maart 2022 gestuurd. De nu geformuleerde uitgangspunten zijn een vervolg op de BO MIRT afspraken uit november 2024 zoals met u gedeeld op 12 november 2024 via de Raadsbrief uitkomsten BO Leefomgeving en BO MIRT 2024. In deze (nu voorliggende) brief gaan we in op de voordelen van de overdracht, de historie, het over te dragen areaal en de bijbehorende taken, de gemaakte afspraken over de overdrachtsvergoeding, onze overwegingen en het vervolgtraject. Hiermee geven we invulling aan de toezegging in de commissie MGOR van 17 oktober 2024, dat we u in 2025 zouden informeren over de actuele stand van zaken.
Historie Met de opening van het Amsterdam-Rijnkanaal in 1952 verloor het Merwedekanaal haar functie als nationale route voor de beroepsvaart tussen de Rijn en Amsterdam. Daarmee verdween ook de noodzaak om het kanaal en de aangrenzende Rijkseigendommen in eigendom en beheer te houden bij het Rijk. Sinds die tijd hebben Rijk, gemeente en waterschap meerdere malen geprobeerd het kanaal en de aangrenzende Rijkseigendommen over te dragen, echter zonder resultaat. De belangrijkste discussiepunten betroffen de waarde van de over te dragen percelen en de noodzakelijke vergoeding voor beheer en onderhoud. In 2020 startten Rijk, gemeente en HDSR nieuwe gesprekken over een mogelijke overdracht van het eigendom en beheer van het Merwedekanaal en de aangrenzende eigendommen van Rijk naar gemeente en waterschap. In 2022 spraken we bij het bestuurlijk Rijk-regio overleg over infrastructuur (BO-MIRT) af dat we inzetten op een overdracht in de huidige staat tegen een daarvoor nog vast te stellen overdrachtsvergoeding (zie raadsbrief uitkomsten BO MIRT 2022). In 2023 hebben we afgesproken dat we voor het bepalen van de overdrachtsvergoeding uitgaan van de landelijk vastgestelde methode bij overdracht van Rijkseigendommen, de methode Brokx (genoemd naar de voorzitter van de commissie die destijds deze methode heeft uitgewerkt).
Belangrijkste kenmerk van deze methode is dat de overdrachtsvergoeding gemeente en HDSR in staat stelt om gedurende een periode van 30 jaar het noodzakelijke beheer en onderhoud uit te kunnen voeren (zie raadsbrief uitkomsten BO MIRT 2023). De afgelopen twee jaar werkte een projectgroep met vertegenwoordigers van alle partijen en met ondersteuning van adviesbureau Haskoning aan deze overdracht. Het doel was om een gedeeld beeld te krijgen over het over te dragen areaal, de waarde van de over te dragen eigendommen, het omgaan met lopende contracten zoals met woonbootbewoners, de over te dragen beheer- en onderhoudstaken en de actuele toestand van zowel oevers als het water. Ook is er onderzoek gedaan naar de specifieke uitgangspunten voor de berekening van de overdrachtsvergoeding en de noodzakelijke maatregelen om bij overdracht ook te kunnen voldoen aan de waterkwaliteitsdoelstellingen volgens de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). Dit werk heeft erin geresulteerd dat we het nu in principe eens zijn geworden over de benodigde overdrachtsvergoeding en de onderliggende voorwaarden, waarmee aan een belangrijke voorwaarde voor overdracht is voldaan.
Over te dragen areaal en taken Het in eigendom over te dragen areaal betreft het Merwedekanaal binnen de gemeentegrenzen van Utrecht, aan de noordzijde vanaf 250 meter noordwestelijk van de Spinozabrug tot en met de Noordersluis aan de zuidzijde, inclusief alle aangrenzende Rijkseigendommen op de oevers. Zie onderstaande figuur.
2/8
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
10 oktober 2025 30570918
Het Rijkseigendom op de oever is een strook van gemiddeld circa 25 meter breed op beide oevers. Het betreft een areaal van in totaal 43,7 hectare aan eigendommen waaronder 10,4 km oeverconstructies, 6 bruggen en 3 sluiscomplexen (Muntsluis, Noordersluis en sluis Den Hommel). Het voornemen is al het eigendom van het Rijk (ook het water) over te laten gaan naar de gemeente. Met het eigendom gaan ook de 127 contracten met woonbooteigenaren over naar de gemeente. Naast het eigendom nemen wij ook het beheer en onderhoud van de openbaar toegankelijke oevers inclusief de oeverconstructies over van het Rijk. HDSR neemt het beheer en onderhoud van het water over met uitzondering van de regulering van de scheepvaart en de ligplaatsen. Deze verantwoordelijkheid komt, zoals in de rest van de stad, over naar de gemeente. Hiermee wordt de toekomstige beheerverdeling identiek aan de rest van de grotere wateren in de stad Utrecht. Het kwantiteitsbeheer en vaarwegbeheer van de Vaartsche Rijn en de Catharijnesingel Zuid - dat formeel ook nog bij het Rijk zit, wordt op dezelfde manier overgedragen. Het eigendom van deze watergangen ligt al bij de gemeente. Tot slot is de sluis Den Hommel onderdeel van de overdracht. Deze is gelegen in de Leidse Rijn nabij het zwembad Den Hommel, en komt uit op het AmsterdamRijnkanaal.
Afwaardering scheepvaartklasse Onderdeel van de overdracht is een afspraak om de vaarklasse van het Merwedekanaal ten noorden van Liesboschbrug te verlagen van beroepsvaart klasse 1 (klasse CEMT 1) naar recreatievaart (Am) met bijbehorende dieptes en inrichting. De verlaging van de scheepvaartklasse is in lijn met het huidige gebruik van het Merwedekanaal en biedt voor gemeente en waterschap als belangrijkste voordeel een lichter onderhoudsregime. Voor de huidige gebruikers verandert er met de verlaging van
3/8
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
10 oktober 2025 30570918
de scheepvaartklasse in de praktijk niets. Het traject Liesboschbrug – Noordersluis blijft geschikt voor scheepvaartklasse (CEMT Va) omdat de aangrenzende Liesboschhaven wordt gebruikt door beroepsvaart. Rijkswaterstaat heeft het voornemen om deze procedure voorafgaand aan de overdracht te doorlopen. Verbetering waterkwaliteit en aanleg natuurvriendelijke oevers langs het Rondje Stadseiland We hebben ook afspraken gemaakt over de noodzakelijke maatregelen om de ecologische waterkwaliteitsdoelen in het Merwedekanaal te halen. Uit gezamenlijk uitgevoerde onderzoeken blijkt dat deze doelen uit de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) het meest doelmatig gehaald kunnen worden door een combinatie van baggeren tot onderhoudsdiepte en het verbeteren van de inrichting door de aanleg van circa 5 km aan natuurvriendelijke oevers. Door de natuurvriendelijke oevers aan de zijde van de Kanaalweg te realiseren geven we tevens invulling aan het ontwikkelkader voor het Rondje Stadseiland. De kosten voor het baggeren zijn onderdeel van de huidige beheertaak van het Rijk en daarmee volledig voor rekening van het Rijk en onderdeel van de overdrachtsvergoeding. Dit geldt niet voor de aanleg van de natuurvriendelijke oevers. Hiervoor is landelijk afgesproken dat dit een gezamenlijke verantwoordelijkheid is van het waterschap als waterkwaliteitsbeheerder en gemeente.
Partijen hebben afgesproken dat zowel Rijk, gemeente als het waterschap ieder een derde deel van de kosten voor de aanleg van natuurvriendelijke oevers betaalt. De bijdrage van het Rijk betreft een vaste bijdrage en is onderdeel van de overdrachtsvergoeding. HDSR en gemeente maken bij de uitwerking van de maatregelen nadere afspraken over de financiering van hun deel. Ons voornemen is om de gemeentelijke bijdrage te financieren uit de rioolheffing, net zoals we nu doen met de financiering van de waterkwaliteitsmaatregelen in de kleinere wateren in Utrecht (het Programma Gezond Water). Voor meer informatie over het onderzoek naar natuurvriendelijke oevers langs de westzijde van het Merwedekanaal als onderdeel van het Rondje Stadseiland, verwijzen we u naar de raadsbrief ‘Natuurvriendelijke oevers en biodiversiteit Rondje Stadseiland’ die binnenkort naar uw raad wordt verstuurd. Deze brief gaat ook in op het onderzoek naar biodiversiteit en natuurvriendelijke oevers dat het afgelopen jaar is uitgevoerd als antwoord op raadsmotie M255. Overdrachtsvergoeding Met het Rijk en waterschap hebben we een totale overdrachtsvergoeding afgesproken van 136,6 miljoen euro inclusief BTW. Hiervan is ongeveer driekwart voor de gemeente en één kwart voor HDSR. Bij de uitwerking van uitgangspunten in de bestuursovereenkomst volgt de exacte verdeling tussen partijen.
De gehanteerde discontovoet is 4,5% conform de Brokx-methode zoals partijen hebben afgesproken (zie deze raadsbrief inzet BO-MIRT 2023). In deze discontovoet is de inflatie al meegenomen. Het basisjaar is gelijk aan het jaar van het prijspeil 2024. De einddatum is 2054 (verrekenperiode 30 jaar). Voor risico-opslag is een aparte risicoreservering opgenomen. De huidige overdrachtsvergoeding verandert bij ongewijzigde uitgangspunten dus niet meer tot het afsluiten van de bestuursovereenkomst. De vergoeding voor de gemeente is voor een groot deel bedoeld voor de financiering van de noodzakelijke vervangingen en onderhoud aan oeverconstructies en sluizen en bruggen. Maar ook voor het dagelijks beheer en onderhoud, zoals het maaien van oevers en het snoeien van bomen en de bediening van de sluizen. Met name de Noordersluis wordt intensief gebruikt door de recreatievaart. Ook is een deel van het geld bedoeld voor de werkzaamheden behorend bij het contractbeheer met bijvoorbeeld woonbooteigenaren. De vergoeding voor het waterschap is voor een groot deel bedoeld voor het noodzakelijke onderhoud aan het Merwedekanaal, de Vaartsche Rijn en de Catharijnesingel-Zuid, zoals het baggeren en het maaien van waterplanten. Een deel van de vergoeding is bedoeld voor de vergunningverlening, toezicht en handhaving die is gekoppeld aan het waterkwantiteitsbeheer.
De exacte verdeling van de vergoeding tussen gemeente en HDSR wordt de komende tijd nader uitgewerkt en volgt in de definitieve overeenkomst.
4/8
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
10 oktober 2025 30570918
De vergoeding van 136,6 miljoen is hoger dan de 125 miljoen waarover we u bij het BO MIRT 2024 (zie raadsbrief uitkomsten BO MIRT 2024). Een belangrijke reden hiervoor is dat we sindsdien aanvullende afspraken hebben gemaakt over maatregelen voor verbetering van de waterkwaliteit en de financiering daarvan (zie de passage over verbetering waterkwaliteit). Om een soepele overdracht van het Rijk naar de gemeente en HDSR te bewerkstelligen en een goede start van de beheerorganisatie te waarborgen, heeft de gemeente aangedrongen op extra middelen voor tijdelijke personele inzet. Hiervoor is een bedrag van circa 4,5 miljoen euro opgenomen in de overdrachtsvergoeding. Van dit bedrag zal een gedeelte, naar huidige inzicht 1,5 miljoen euro, gebruikt worden om al voorafgaand aan de overdracht de tijdelijke organisatie te kunnen opzetten. Om die reden ligt het voor de hand om deze kosten te dekken uit de nog te ontvangen overdrachtsvergoeding. Financieel technische verwerking vindt dan plaats in de 1e bestuursrapportage 2026. Risico’s en kanttekeningen bij overdracht De overdracht van het Merwedekanaal biedt niet alleen voordelen. Zo krijgen we een kanaal waar op grote schaal onderhoud noodzakelijk is aan met name oeverconstructies en ook aan de bruggen en sluizen. Ook het dagelijks beheer en onderhoud zal een aanzienlijke personele inzet van gemeente vragen.
Denk bijvoorbeeld aan de bediening van de Noordersluis en het overzetten en waar nodig aanpassen van lopende contracten voor bijvoorbeeld groenonderhoud. Hoewel we vanuit de overdrachtsvergoeding voldoende middelen krijgen het benodigde personeel aan te trekken, leert de ervaring dat het in de huidige markt niet eenvoudig is om personeel met specifieke kennis te vinden. Aan de andere kant is het vakinhoudelijk een interessante klus, waardoor we verwachten het benodigde personeel en de benodigde deskundigheid te kunnen aantrekken. Voorwaarde is wel dat we voor dit project flexibel omgegaan met het inhuurplafond en inzet van extra inzet op recruitment. De overdrachtsvergoeding is gebaseerd op een periode van 30 jaar en een discontovoet van 4,5%. Na die periode van 30 jaar moeten we het beheer en eigendom vanuit onze eigen middelen financieren. Dit vraagt dat we borgen dat de overdrachtsmiddelen beschikbaar blijven voor deze belangrijke opgave, bijvoorbeeld door de middelen onder te brengen in een reserve en een voorziening. Dit werken we uit in de vervolgfase. Een kanttekening bij de bepaling van overdrachtsvergoeding is de gehanteerde discontovoet van 4,5%. Deze wijkt af van het financieel beleid van gemeente waar een discontovoet van 4% gangbaar is voor toekomstige kasstromen van meer dan 10 jaar.
Dit leidt ertoe dat de ontvangen middelen eerder uitgeput kunnen raken dan de beoogde periode van 30 jaar. Voor het Rijk was het onbespreekbaar om af te wijken van de landelijk geldende uitgangspunt. Tenslotte is er het risico op onvoorziene gebreken. Hoewel we uitgebreid onderzoek hebben gedaan naar de toestand van het over te dragen areaal, we risico’s hebben afgeprijsd en deze onderdeel hebben gemaakt van de overdrachtsvergoeding, kan het zijn dat we op onvoorziene tegenvallers stuiten. Het huidige beeld is dan ook dat het wenselijk is om het Merwedekanaal gedurende enkele jaren na overdracht onder te brengen in de regeling risicovolle projecten. Indien dit beeld onveranderd blijft, zullen wij u hiertoe t.z.t. een voorstel toesturen. Desalniettemin zijn we positief gestemd over het nu bereikte onderhandelingsresultaat. Want ook het niet overdragen van het kanaal en de Rijkseigendommen heeft aanzienlijke risico’s voor onze stad en gemeente. Zo heeft de Rijksoverheid een aanzienlijke beheer- en onderhoudsopgave op de nationale infrastructuur. Gevolg is dat het noodzakelijke onderhoud aan het Merwedekanaal vanwege het ontbreken van de nationale functie de laagste prioriteit zal hebben. Het is daarbij denkbaar dat in de toekomst oevers en infrastructuur langdurig in de hekken komen te staan omdat bij het Rijk de capaciteit en middelen ontbreken om dit op te knappen.
De situatie bij de Muntbrug en de Muntkade van vijf tot tien jaar geleden is daar een treffend voorbeeld van. Ook biedt het Rijk in deze tijden van schaarste wat ons betreft een zeer acceptabele overdrachtsvergoeding, waarvan maar de vraag is of we een dergelijk aanbod in de toekomst ooit nog zullen krijgen. Een vergoeding waarmee we zeggenschap krijgen over het Merwedekanaal, het noodzakelijk beheer en onderhoud kunnen uitvoeren en de kwaliteit van de openbare ruimte kunnen verbeteren zoals de aanleg van
5/8
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
10 oktober 2025 30570918
natuurvriendelijke oevers bij het oeverpark Rondje Stadseiland. Tevens vervalt met de overdracht de huidige structurele afstemming tussen Rijk en gemeente over het gebruik van het kanaal en oevers. Afstemming die de komende tijd anders alleen maar intensiever wordt en meer capaciteit zou vragen vanaf het moment dat we Beurskwartier en Merwedekanaalzone ontwikkelen en de recreatieve druk op het kanaal verder toeneemt. Tot slot creëren we met de overdracht duidelijkheid voor nu en later voor alle omwonenden en gebruikers van het kanaal. Bestuursovereenkomst, koopovereenkomst en startnotitie Zoals eerder aangegeven moeten de uitgangspunten over de overdracht nog worden uitgewerkt in een bestuursovereenkomst die bestuurlijk wordt bekrachtigd. De gemeente is pas gebonden als zij instemt met het aangaan van deze bestuursovereenkomst waarin de uitgangspunten uit deze raadsbrief zijn uitgewerkt. Komend jaar werken partijen toe naar deze overeenkomst, waarin we definitieve afspraken maken over onder andere de over te dragen assets en Rijkseigendommen, de overdrachtsdatum, de verdeling van de overdrachtsvergoeding tussen HDSR en gemeente, het betalingsmoment na overdracht, nadere BTW afspraken en de resterende risicoverdeling rond bodemverontreiniging. De nu afgesproken overdrachtsvergoeding is daarbij het uitgangspunt.
Naast de afspraken in de bestuursovereenkomst, stellen we een koopovereenkomst op voor de juridische overdracht van eigendommen en bereiden we de aanpassingen voor van de publiekrechtelijke regelgeving waar de taakverdeling tussen overheden en de scheepvaartklasse van het kanaal is geregeld. Zo moeten onder andere de nationale en provinciale vaarregelgeving en de overeenkomst waar de taakverdeling tussen gemeente en waterschap over het oppervlaktewater in de stad is geregeld worden aangepast. Tot slot stellen we komend jaar als gemeente een startnotitie op waarin we vastleggen hoe we het toekomstige beheer en onderhoud willen uitvoeren en hoe we de aanleg van de natuurvriendelijke oevers hierin kunnen combineren. De startnotitie beschrijft daarnaast de aanpak voor de eerste maatregelen na overdracht. Daarnaast starten we komend jaar met de opbouw van een uitvoeringsorganisatie die de noodzakelijke beheer- en onderhoudsmaatregelen prioriteert, voorbereidt en uitvoert. De gemeente bespreekt hierbij met het waterschap in hoeverre het wenselijk is een gezamenlijke uitvoeringsorganisatie op te zetten of dat het volstaat om werkzaamheden en planning goed op elkaar af te stemmen en maatregelen los van elkaar uit te voeren.
Met de startnotitie geven we u inzicht in de uitvoeringsplanning, de organisatievorm, de participatieaanpak en de beheersing van de belangrijkste uitvoeringsrisico’s. Met de startnotitie kunnen we u ook verder informeren hoe we de overdrachtsvergoeding structureel gaan financieren. Indien gewenst kun u hierop nog bijsturen. We streven ernaar om de bestuursovereenkomst, koopovereenkomst en de startnotitie in Q1 2027 af te ronden waarna we uw raad verder zullen informeren. Het halen van deze planning is mede afhankelijk van het Rijk die penvoerder is van zowel de bestuursovereenkomst als de koopovereenkomst. Communicatie omwonenden en gebruikers De woonbootbewoners en -eigenaren krijgen tegelijkertijd met publicatie van deze raadsbrief een gezamenlijke brief van Rijk en gemeente. In deze brief staat de stand van zaken en een uitnodiging voor een inloopmoment op het wijkbureau West. Daarnaast informeren we dit najaar vertegenwoordigers van de woonbooteigenaren, de roeiverenigingen en andere gebruikers van het Merwedekanaal tijdens het reguliere gebruikersoverleg Merwedekanaal over de gemaakte afspraken. We blijven met deze belanghebbenden in gesprek over het vervolg. Voorhangprocedure: wensen en bedenkingen Het college is op grond van artikel 160 lid 1d Gemeentewet bevoegd tot privaatrechtelijke rechtshandelingen te besluiten.
Indien er voor de gemeente ingrijpende gevolgen zijn, wordt de raad in de gelegenheid gesteld wensen en bedenkingen kenbaar te maken alvorens het college een besluit neemt. Om die reden willen wij u overeenkomstig artikel 169 lid 4 van de gemeentewet in de gelegenheid stellen wensen en bedenkingen te uiten over de uitgangspunten voor de
6/8
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
10 oktober 2025 30570918
bestuursovereenkomst en de koopovereenkomst voor de overdracht van het Merwedekanaal, zodat we deze wensen en bedenkingen kunnen meenemen in de nadere uitwerking. Wij vragen u – rekening houdend met het herfstreces - eventuele wensen en bedenkingen uiterlijk op maandag 3 november kenbaar te maken aan ons college (p/a Stafbureau Gemeentesecretaris, sg@utrecht.nl). Aangezien de gemaakte afspraken met het Rijk en het waterschap in 2026 worden uitgewerkt, wordt de uitkomst van de voorhangprocedure met hen besproken. Vervolgens informeren we u begin 2026 met een brief hoe we omgaan met uw wensen en bedenkingen in de verdere uitwerking naar de bestuursovereenkomst. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
7/8
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
10 oktober 2025 30570918
Bijlage uitgangspunten voorgenomen overdracht Merwedekanaal De uitgangspunten bij het voornemen om het eigendom en beheer van het Merwedekanaal van het Rijk over te nemen zijn: 1. Overdracht van Rijkseigendommen aan de gemeente Utrecht in en langs het Merwedekanaal van totaal circa 43,7 hectare waaronder 10,4 km oeverconstructies, 6 bruggen en 3 sluiscomplexen van het Merwedekanaal en 127 contracten met woonbooteigenaren. 2. Overdracht van de wettelijke taken rond het waterstaatkundig beheer van Rijk naar gemeente Utrecht voor het Merwedekanaal, de Vaartsche Rijn en het zuidelijk deel van de Catharijnesingel. 3. Onderdeel van de overdracht is: o een nader uit te werken afspraak over de benodigde maatregelen voor de realisatie van de waterkwaliteitsdoelstellingen in het waterlichaam Merwedekanaal en de financiering daarvan. o de afspraak om de vaarklasse van het Merwedekanaal te verlagen van beroepsvaart klasse 1 (klasse CEMT 1) naar recreatievaart (Am) met bijbehorende dieptes en inrichting. o een garantstelling van het Rijk voor mogelijke bodemverontreiniging van maximaal 10 miljoen euro voor de eerste 10 jaar na overdracht. 4. Het Rijk stelt een overdrachtsvergoeding van 136,6 miljoen euro inclusief BTW beschikbaar waarvan orde grootte 75% voor gemeente Utrecht is en 25% voor HDSR ter dekking van de noodzakelijke beheer en onderhoudskosten voor de komende 30 jaar. 5.
Onderdeel van de overdrachtsvergoeding is: o De gehanteerde discontovoet is 4,5% conform de Brokx-methode. In deze discontovoet is de inflatie al meegenomen. o Het basisjaar is gelijk aan het jaar van het prijspeil 2024. De einddatum is 2054 (verrekenperiode 30 jaar). o Voor risico opslag is een aparte risicoreservering opgenomen. o Een bedrag voor een tijdelijke uitvoeringsorganisatie voor de komende 10 jaar. Deze organisatie richt zicht op zowel het maken van de nadere afspraken in verschillende overeenkomsten als voor de eerste periode na overdracht. o De afspraak dat alle Rijkseigendommen overgaan naar gemeente. 6. Streven is een overdracht in 2027.
8/8