CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Programma water en riolering Utrecht 2023-2027.pdf

Gemeenteraad 7 juli 2022, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Programma Water en Riolering Utrecht 2023-20278.877 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

Aanleg hemelwaterriool Zeeheldenbuurt April 2022 Kenmerk: 9952301

Utrecht.nl

Colofon

In opdracht van Gemeente Utrecht, Stadsbedrijven-BOR-groep Water, Riolering en Gemalen

Internet Visie water en riolering | Gemeente Utrecht - Omgevingsvisie

Fotografie Gemeente Utrecht

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

2/31

Inhoud Samenvatting

5

1

7

Inleiding 1.1

Aanleiding

7

1.2

Ambitie

8

1.3

Leidende principes

8

1.4

Proces

9

1.5

Leeswijzer

9

2

Afvalwater

10

2.1

Belangrijkste ontwikkelingen

10

2.2

Financiën

13

3

Hemelwater

14

3.1

Belangrijkste ontwikkelingen

14

3.2

Financiën

16

4

Grondwateroverlast

18

4.1

Belangrijkste ontwikkelingen

18

4.2

Financiën

19

5

Oppervlaktewater

20

5.1

Belangrijkste ontwikkelingen

20

5.2

Financien

22

6

Middelen

23

6.1

Personeel

23

6.2

Kostenontwikkeling 2023-2027

23

6.3

Ontwikkeling rioolheffing

24

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

3/31

6.3.1

Ontwikkeling eigenaren en grootverbruik

24

6.3.2

Indicatie ontwikkeling eigenaren en gebruikersheffing

25

Bijlagen

27

Bijlage 1 Investeringsplanning riolering 2023 – 2027

28

Bijlage 2 Beleid en onderzoek

30

Afvalwater

30

Hemelwater

30

Grondwateroverlast

30

Oppervlaktewater

31

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

4/31

Samenvatting De gemeente heeft vanuit de wet een aantal specifieke zorgplichten en daarmee taken op het gebied van het stedelijk waterbeheer. De Visie Water en Riolering bevat het gemeentelijke beleidskader voor de invulling van deze zorgplichten. Bij de Visie hoort een Programma Water en Riolering, waarin wij jaarlijks de voorgenomen activiteiten en bijbehorende kosten en kostendekking beschrijven voor een periode van vijf jaar. Met de indeling sorteren we voor op de invoering van de Omgevingswet. Het Programma Water en Riolering 2023-2027 beschrijft de activiteiten waarmee we invulling geven aan de gemeentelijke zorgplichten op het gebied van afvalwater, hemelwater en grondwater. Ook beschrijft het programma de activiteiten die wij uitvoeren om het oppervlaktewater gezond te houden dat bij de gemeente in onderhoud is. Tot slot geeft het programma de gevolgen van alle activiteiten aan voor de ontwikkeling van de gemeentelijke rioolheffing die jaarlijks door de gemeenteraad wordt vastgesteld bij de programmabegroting. De sterk gestegen inflatie is de belangrijkste ontwikkeling t.o.v. het programma Water en Riolering 20222026. Het betreft hier de verwachte inflatie tussen 1 januari 2022 en 2023 en de daadwerkelijke inflatie die met name in het tweede deel van 2021 heeft plaatsgevonden. Voor de verwachte inflatie van 2022 naar 2023 zijn we uitgegaan van 3,5%.

Deze inflatie bestaat uit een samenvoeging van 2,5% verwachte loonkostenstijging en 4,1% stijging van de kosten in de grond-, weg- en waterbouw (zie raadsbrief over de stand van zaken (bouw)kostenstijging van 1 april jl.). Daarnaast zien we dat in de grond-, weg- en waterbouw in heel 2021 zich een kostenstijging heeft voorgedaan van ruim 11%, waar we op het moment van het opstellen van het Programma 2022-2026 nog geen zicht op hadden. Deze werkt vooral door in de posten waar het aandeel materieel en materiaal groot is en de personeelskosten relatief gering, te weten de investeringen en het groot onderhoud. Als gevolg daarvan hebben we: 1. De eenheidsprijs voor het baggeren verhoogd van € 37 naar € 45 per m3, naast de inflatiecorrectie ook door strengere eisen aan af te zetten bagger en het steeds lastiger te vinden van beschikbare verwerkingslocaties. 2. De eenheidsprijs voor rioolvervangingen verhoogd van € 1.720,- naar € 2.000,- per meter te vervangen rioolbuis, naast de inflatiecorrectie ook omdat in de lopende projecten het gemiddelde, af te koppelen straatprofiel breder blijkt dan voorzien. Dit alles leidt tot een verwachte kostenstijging van 2022 naar 2023 van 2,6 miljoen ofwel 5,9%.

Exclusief de gemiddelde inflatiecorrectie van 3,5% blijven we met een kostenstijging van 2,4% ruim binnen de in de Visie Water en Riolering afgesproken bandbreedte voor de jaarlijkse kostenstijging (exclusief inflatiecorrectie). Omdat het aantal rioolheffing betalende eigenaren ook van 2022 naar 2023 weer met circa 3.000 stijgt, kunnen we volstaan met een lagere procentuele stijging van de rioolheffing. Op basis van de hiervoor genoemde uitgangspunten voor de inflatiecorrectie volstaat voor 2023 een tariefstijging van 3,8% om kostendekkend te blijven. Op basis van de nieuwe eenheidsprijzen voor rioolvervangingen en de huidige vervangingsplanning zien we dat na 2023 de kosten jaarlijks met 5-6 % (exclusief inflatiecorrectie) blijven stijgen. Dit leidt voor

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

5/31

2024 en verder bij ongewijzigd beleid tot een jaarlijkse tariefstijging van circa 4% (exclusief inflatiecorrectie), waarmee we hoger uitkomen dan de in de Visie Water en Riolering afgesproken jaarlijkse stijging van 1,5 – 2,5% (exclusief inflatiecorrectie). Conform het gemeente brede beleid nemen we de tijd om de gevolgen goed in beeld te brengen en komen we bij het Programma 2024-2028 met een voorstel hoe hiermee om te gaan.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

6/31

1

Inleiding

Het Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027 beschrijft welke activiteiten in de periode 2023-2027 gepland staan om invulling te geven aan de gemeentelijke zorgplichten en het beleid zoals verwoord in de Visie Water en Riolering Utrecht. Ook geeft het Programma aan welke kosten hiervoor nodig zijn en wat de verwachte gevolgen zijn voor de ontwikkeling van de gemeentelijke rioolheffing 1.1

Aanleiding

De gemeente heeft vanuit de wet een aantal specifieke zorgplichten en daarmee taken op het gebied van water en riolering. Dit Programma Water en Riolering 2023-2027 bevat de voorgenomen activiteiten voor de periode 2023-2027 om invulling te geven aan de zorgplichten. Het programma komt voort uit de Visie Water en Riolering, waarin het gemeentelijke beleidskader voor de invulling van deze zorgplichten is vastgelegd. De Visie Water en Riolering en het Programma Water en Riolering vormen samen het wettelijk verplichte Gemeentelijk Rioleringsplan. De planverplichting voor het hebben van een Gemeentelijk Rioleringsplan vervalt met de invoering van de Omgevingswet (naar verwachting per 1 januari 2023). Vanaf dat moment moet het beleid een plek krijgen in de gemeentelijke omgevingsvisie, maatregelen en middelen in het omgevingsprogramma en de regels in het omgevingsplan. Met het vastleggen van het beleid in een visie en de maatregelen en middelen in een programma geven we al invulling aan de systematiek van de Omgevingswet. Ook geeft het programma invulling aan artikel 2 en 17.2 van de gemeentelijke financiële verordening, waarin is vastgelegd dat de gemeente beschikt over een programmabegroting en minimaal om de vier jaar een nota rioleringsplan vaststelt.

Het Programma Water en Riolering 2023-2027 beschrijft de activiteiten waarmee we invulling geven aan de gemeentelijke zorgplichten op het gebied van afvalwater, hemelwater en grondwater. Ook beschrijft het programma de activiteiten die wij uitvoeren om het oppervlaktewater gezond te houden dat bij de gemeente in onderhoud is. Tot slot geeft het programma de gevolgen van alle activiteiten aan voor de ontwikkeling van de gemeentelijke rioolheffing die jaarlijks door de gemeenteraad wordt vastgesteld bij de programmabegroting. Het eerste Programma Water en Riolering 2022-2026 was uitgebreid van opzet en bevatte naaste een vooruitblik ook een terugblik op de planperiode 2016-2020. Het voorliggende Programma Water en Riolering 2023-2027 is korter qua opzet. Dit is gedaan omdat het Programma al binnen een half jaar volgt na vaststelling van het Programma Water en Riolering 2022-2026 en de ontwikkelingen in die periode zeer beperkt zijn. Ook is het niet meer nodig om 4-5 jaar terug te blikken, omdat het Programma voortaan jaarlijks wordt geactualiseerd en de jaarlijkse Verantwoording voortaan volstaat voor de terugblik.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

7/31

Het Programma Water en Riolering wordt jaarlijks geactualiseerd en als onderdeel van de Voorjaarsnota door de gemeenteraad vastgesteld.

1.2

Ambitie

Utrecht wil een gezonde stad zijn voor iedereen. Voor het water- en rioleringssysteem in Utrecht is daarbij onze ambitie om dit gezond, robuust en toekomstbestendig voor iedereen te houden. Dit betekent dat we streven naar:  De basis op orde, door het borgen van een robuust water- en rioleringssysteem.  Het realiseren van een toekomstbestendige stad via een klimaatbestendig en circulair water- en rioleringssysteem.  Het realiseren van een gezonde leefomgeving, door het realiseren van een gezond water- en rioleringssysteem voor zowel mens, plant als dier. Daarbij willen we dat iedereen (bewoners, bedrijven, gebruikers) hiervan profiteert en aan bijdraagt. Voor de verdere uitwerking van onze ambitie en de bijbehorende beleidskeuzes verwijzen we naar de Visie Water en Riolering Utrecht.

1.3

Leidende principes

Voor dit programma hanteren we de leidende principes uit de gemeentelijke Visie Klimaatadaptatie, de Visie Water en Riolering en de Nota Beheer Openbare Ruimte. Dit betekent dat we bij ingrepen in de openbare ruimte de volgende principes hanteren:  We houden stromen apart, ofwel we ontvlechten het afval- en hemelwatersysteem waar het kan.  We vergroten de sponswerking van de stad door hemelwater te verwerken waar het valt. Dit doen we via het principe “Groen tenzij”, ofwel inzet op bovengrondse verwerking van hemelwater door zo min mogelijk verharding en zo veel mogelijk groene maatregelen. We volgen hierbij de voorkeursvolgorde voor de verwerking van hemelwater.  We benutten alle ruimte. We streven ernaar zoveel mogelijk functies te combineren om de beschikbare ruimte zo goed mogelijk te benutten. Denk hierbij aan het combineren van groen, isolatie en waterberging op een groen dak, waterinfiltratie en parkeerplekken via waterpasserende verharding, waterinfiltratie en groen via wadi’s, waterberging, natuur en recreatie via de aanleg van vijvers en andere waterpartijen.  We respecteren het natuurlijke systeem en zorgen conform de doelstelling van de Kaderrichtlijn Water ervoor dat bij ingrepen het natuurlijke systeem niet verslechterd.

Om de door ons gewenste situatie te bereiken hanteren we de volgende leidende principes voor de realisatie;  We geven als gemeente het goede voorbeeld, ofwel we beginnen met de openbare ruimte en het eigen vastgoed.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

8/31

 

We gebruiken zoveel mogelijk de natuurlijke momenten van nieuwbouw, grootschalige renovatie, herinrichting en vervanging om de gewenste systeemwijzigingen door te voeren. We gebruiken het moment van rioolvervanging zoveel mogelijk om de openbare ruimte klimaatbestendig in te richten en via werk met werk maken andere maatschappelijke ambities te realiseren (principe van ontwikkelend beheer). We stimuleren bestaande bouw en openbare ruimte door voorlichting, facilitering en subsidiering om de gewenste transities te realiseren. Verplichting is alleen aan de orde bij nieuwbouw en ingrijpende verbouwingen.

1.4

Proces

Het Programma Water en Riolering wordt opgesteld door de groep Water, Riolering en Gemalen. Voor het bepalen van de investeringsprojecten wordt nauw samengewerkt en afgestemd met de andere belangrijke gemeentelijke programma’s die invloed hebben op de openbare ruimte, zoals het Meerjarenperspectief Ruimte (MPR) en het programma Beheer Openbare Ruimte. Daar waar het gaat om het beïnvloeden van de andere eigenaren in Utrecht werken we vooral samen met de programma’s energie, circulair, groen en vastgoed. Daarnaast worden relevante activiteiten uit het programma afgestemd met de zuiveringsbeheerder (Het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden) en de waterkwaliteitsbeheerders (Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, Waterschap Amstel, Gooi en Vecht en Rijkswaterstaat). Conform de gemeentelijke Participatie- en inspraak Verordening 2019 is de Visie Water en Riolering ter inzage gelegd, waarbij tevens voldaan is aan de procedure voor vaststelling Omgevingsvisie onder de toekomstige Omgevingswet (3.4 Awb). Omdat het Programma Water en Riolering uitwerking is van de Visie en geen grote eigen beleidskeuzes bevat wordt het programma niet ter inzage gelegd.

1.5

Leeswijzer

In de hoofdstukken 2 t/m 5 worden achtereenvolgens de belangrijkste activiteiten op afvalwater, hemelwater, grondwateroverlast en oppervlaktewater en de daarvoor benodigde middelen beschreven. Hoofdstuk 6 gaat in op de benodigde middelen (personeel en financiën) en de gevolgen voor het rioolheffingstarief. De bijlagen bevatten een overzicht van de geplande rioleringsinvesteringen en het beleid- en onderzoeksprogramma.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

9/31

2

Afvalwater

De gemeente heeft een wettelijke zorgplicht om afvalwater in te zamelen en te transporteren naar de zuivering. Onder afvalwater verstaan we huishoudelijk afvalwater of een mengsel daarvan met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater. In dit hoofdstuk beschrijven we de belangrijkste ontwikkelingen voor de komende vijf jaar en de financiële gevolgen daarvan. 2.1

Belangrijkste ontwikkelingen

De basis op orde We zetten het beleid door om via risicogestuurd beheer en het gebruik van data het beheer en onderhoud van onze riolen en rioolgemalen te optimaliseren. Hiertoe hebben we in 2020 het Water- en rioleringsinformatiesysteem (WRIS) in gebruik genomen. Hiermee kunnen we het beheer en onderhoud beter baseren op alle beschikbare data en daarmee ons assetmanagement beter vormgeven. Als volgende stap stellen we voor alle assets beheer- en onderhoudsplannen op die de basis vormen voor het onderhoudswerk wat moet worden uitbesteed. In 2021 hebben we besloten het onderhoud aan de rioolgemalen voortaan volledig uit te besteden. Met name omdat het niet meer lukte om zelf voldoende goede geschoold personeel aan te trekken. Met deze keuze besteden we voortaan al het dagelijks en groot onderhoud op het gebied van water en riolering uit aan de markt. Voor 2023 levert het aanbesteden van het gemaalonderhoud een beperkt kostenvoordeel op, waardoor de kosten voor het dagelijks onderhoud aan de riolering en de rioolgemalen ondanks de inflatiecorrectie iets lager uitkomen dan in 2022. De keuze om al het onderhoudswerk uit te besteden heeft gevolgen voor het betrokken personeel. Ze worden bijgeschoold zodat ze voortaan in staat zijn om de kwaliteit te waarborgen van de werkzaamheden die worden uitgevoerd door onze aannemers.

Ook investeren we samen met onze aannemers in data- en systeemanalyse, zodat we nog meer inzicht krijgen in de oorzaak van meldingen en het effect van onderhoudsmaatregelen. Inspelen op de groei van de stad Naar verwachting blijft de stad minimaal tot 2040 met 3.000 woningen per jaar groeien. Dit betekent dat het aanbod aan huishoudelijk afvalwater de komende 20 jaar met circa 30% zal toenemen. Hoewel we in de Visie Water en Riolering hebben besloten om deze groei zoveel mogelijk op te vangen door hemelwater los te koppelen en lokaal te verwerken, moeten we bij elk groot onderhoud en vervanging de afweging maken in hoeverre we rekening moeten houden met toekomstige groei. Met name voor het geplande groot onderhoud aan de grote rioolgemalen kan de groei grote gevolgen hebben, omdat het de vraag is of het technisch mogelijk is met de huidige rioolgemalen in de toekomst veel meer afvalwater te

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

10/31

verpompen. Gevolg kan zijn dat we in plaats van renoveren een gemaal beter volledig kunnen vervangen. We gaan door met de al in voorbereiding genomen renovatie van 4 hoofdgemalen. Voor de jaren daarna kijken we kritisch naar ons gemalenprogramma om te bepalen wat nodig is. Dit kan zijn volledige vervanging maar ook een deelrenovatie van alleen de pompen. Ook beoordelen we opnieuw de noodzaak van voorgenomen vervanging van ons mechanische drukrioleringsstelsel. Vooralsnog hebben we onze meerjarenbegroting voor 2023-2027 hierop nog niet aangepast, maar het kan zijn dit we dit de komende jaren alsnog moeten doen. Bij het vaststellen van de Visie Water en Riolering hebben we besloten om de groei van het afvalwateraanbod zoveel mogelijk te compenseren door vermindering van het aanbod aan hemelwater op de zuiveringen. Mocht door de groei van het afvalwater tot aan de volgende renovatie van de Hoofdrioolgemaal De Lange Hagel zuivering toch uitbreiding van de zuiveringscapaciteit nodig zijn, dan bekijken we samen met HDSR of we afvalwater tijdelijk elders of via tijdelijke verwerkingscapaciteitsuitbreiding kunnen opvangen. Specifiek voor de zuivering in Utrecht geldt dat het bij de volgende noodzakelijke renovatie van de zuivering onze intentie is de zuivering te verplaatsen naar een locatie die niet grenst aan woongebied.

Tot die tijd doen we geen investeringen in ons rioleringssysteem die volledige verplaatsing onmogelijk maken. Vervangingsinspanning opvoeren en integraal uitvoeren Zoals beschreven in de Visie Water en Riolering is het noodzakelijk om de komende jaren de vervangingsinspanning te verhogen om het gemeentelijke rioolstelsel op orde te houden. In de visie hebben we ervoor gekozen de jaarlijkse vervangingsinspanning in 15 jaar van 5 naar 18 km per jaar te laten gaan. Hierbij streven we ernaar om bij elke rioolvervanging zoveel mogelijk werk met werk te maken en gelijktijdig een impuls geven aan de integrale vernieuwing van de openbare ruimte. Hiertoe plannen we de rioolvervangingen sinds 2020 veel verder vooruit, omdat integrale vernieuwing van de openbare ruimte een langere voorbereidingstijd vraagt. De ervaring van de afgelopen jaren leert dat de planvorming van integrale projecten minimaal 3 tot 4 jaar vraagt. We verwachten dat vanaf 2024 de toename van de rioolvervangingen in de stad daadwerkelijk zichtbaar zal worden als projecten als Taagdreef, Amazonekwartier en Maliebaan in uitvoering gaan.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

11/31

De vervangingsdoelstelling is weergegeven in tabel 2.1. Tabel 2.1 Geprogrammeerde lengte te vervangen riolering periode 2023-2027

Geprogrammeerde lengte te vervangen riolering (km)

2023

2024

2025

2026

2027

Totaal

7,1

8,2

9,3

10,7

11,6

46,9

Voor de vertaling van het vervangingsprogramma in concrete projecten stemmen we vanuit het principe van ontwikkelend beheer uitgebreid af met de programma’s stedelijke ontwikkeling, mobiliteit, groen en groot onderhoud openbare ruimte. Een overzicht van alle projecten is opgenomen op de kaart en in de tabel in bijlage 1. Ook presenteren we onze we investeringsprojecten in het Meerjareninvesteringsprogramma (MJIP) Openbare Ruimte 2023-2027. Sinds 2020 volgen we voor nieuwe integrale projecten het Utrechts Plan Proces 4 inclusief een bestuurlijk vastgestelde Startnotitie. De rioolvervangingen in het Rubenskwartier, het Amazonekwartier en Welgelegen zijn hiervan de eerste voorbeelden. Momenteel werken we aan de startnotities voor de Vasco da Gamalaan (Kanaleneiland) en Tuindorp-Oost. Onze intentie is om de komende collegeperiode samen met het Meerjarenperspectief Ruimte (MPR) en het MJIP Openbare Ruimte te komen tot integrale gebiedsprogrammeringen voor de wijken waar de komende jaren alle riolering vervangen moet worden, te weten Overvecht, Kanaleneiland en Hoograven. Ten opzichte van het Programma Water en Riolering 2022-2026 hebben we de eenheidsprijs in de begroting fors moeten verhogen van gemiddeld € 1.720,- naar € 2.000, - per strekkende meter riolering. Dit is hoofdzakelijk het gevolg van de inflatie, die met name in de laatste maanden van 2021 bijzonder hoog was.

De vervangingsprijs van € 1.320 per strekkende meter in het programma Water en Riolering 2022-2026 was nog gebaseerd op het prijspeil 2019. De inflatie tussen 2019 en 2022 bedroeg ruim 15%, waarvan ruim 11% in 2021. Gevolg is dat we genoodzaakt zijn de reguliere vervangingsprijs te verhogen naar € 1.500,- per strekkende meter. Daarnaast hebben we ook de toeslag per strekkende meter om de riolering en de openbare ruimte klimaatbestendig te maken moeten verhogen van € 400,- naar € 500 m2. De nieuwe toeslag is gebaseerd op een eenheidsprijs van € 40,- per af te koppelen m2 verhard oppervlak en gemiddeld 12,5 m2 aangesloten verharding per strekkende meter te vervangen riool. In het vorige Programma 2022-2026 gingen we nog uit van 10 m2 aangesloten verharding per strekkende meter te vervangen riool, maar in de lopende projecten blijkt dit de naoorlogse wijken te weinig te zijn. Het actualiseren van de te hanteren eenheidsprijs blijft onderdeel van de jaarlijkse actualisatie van het programma. Het geprogrammeerde budget voor de rioolvervangingen is weergegeven in tabel 2.2. Inspelen op maatschappelijke opgaven Zowel in ons dagelijks beheer en onderhoud als het groot onderhoud en de investeringen blijven we inspelen op maatschappelijke opgaven als de energietransitie, de circulaire opgave en de vergroeningsopgave.

De belangrijkste activiteiten die we hiervoor ondernemen zijn: - We voeren onderzoeken uit naar de haalbaarheid van riothermie (energie uit rioolwater). We brengen de potentie in beeld door te kijken waar er voldoende warmte gewonnen kan worden en

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

12/31

-

-

-

verkennen we of er eventuele afnemers in de buurt zijn. Ook onderzoeken we of het kansen biedt als we riothermie meekoppelen met rioolvervangingsprojecten. We volgen het gemeentelijke energie- en inkoopbeleid t.a.v. de energievoorziening voor ons wagenpark en onze rioolgemalen. We streven naar het volledig ontvlechten van de afvalwater- en hemelwaterstroom bij de vervanging van onze rioolbuizen bij herinrichtingsprojecten (zie onderdeel groot onderhoud en vervanging riolering en hoofdstuk 3 over hemelwater) We streven ernaar om op termijn alleen nog maar huishoudelijk afvalwater (of afvalwater wat qua samenstelling hiermee vergelijkbaar is) via het riool naar de zuivering af te voeren. Hemelwater houden we zoveel mogelijk vast op de plek waar het gevallen is en gebruiken we daar nuttig. Hiermee sluiten we zowel de afvalwater als hemelwaterkringloop. Dit doen we vooral door zoveel mogelijk niet functionele verharding te vervangen door groen (zie hoofdstuk 3). We volgen het gemeentelijke inkoopbeleid op het gebied van circulariteit en biodiversiteit. We onderzoeken samen met zuiveringsbeheerder HDSR hoe we afvalwater zo goed mogelijk circulair kunnen verwerken.

2.2

Financiën

De begroting voor het thema afvalwater is opgenomen in tabel 2.2. Tabel 2.2 Kosten thema afvalwater 2023-2027 (bedragen in miljoenen euro’s, prijspeil 2023) Afvalwater Activiteit

2022

2023

2024

2025

2026

2027

Dagelijks onderhoud afvalwater

6,5

6,4

6,5

6,6

6,7

6,8

Vervangingsinvesteringen riolering

14,2

15,0

16,9

18,6

21,4

23,2

Vervangingsinvesteringen gemalen

1,5

1,5

1,5

1,5

1,5

1,5

Totaal

22,2

22,9

24,9

26,7

29,6

31,5

De kosten voor het dagelijks onderhoud nemen van 2022 naar 2023 iets af als gevolg van de gunstige aanbesteding van het gemaalonderhoud. Daarnaast hebben we de kosten voor het onderhoud van de duikers overgeheveld naar de begroting voor oppervlaktewater. De kosten voor de vervanging van de riolering stijgen sterk ten opzichte van het vorige Programma 2022-2026 als gevolg van de nieuwe eenheidsprijs voor vervanging.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

13/31

3

Hemelwater

De gemeente heeft een wettelijke zorgplicht voor de inzameling en verwerking van overtollig hemelwater. Hiertoe richten we ons zowel op het voorkomen van wateroverlast als het vasthouden van hemelwater waar het valt om schade door droogte te voorkomen. In dit hoofdstuk gaan we hier nader op in.

3.1

Belangrijkste ontwikkelingen

Voorkomen wateroverlast Met de aanleg van het nieuwe hemelwaterriool in de Zeeheldenbuurt zijn alle maatregelen uitgevoerd die voortkwamen uit de grootschalige wateroverlast als gevolg van de zware buien in de zomer van 2014. Sindsdien hebben zware buien niet meer geleid tot grootschalige wateroverlast door afstroming van neerslag uit de openbare ruimte richting woningen, al halen de buien die sindsdien gevallen zijn het qua intensiteit en duur niet bij de buien uit de zomer van 2014. De focus verschuift hiermee naar het nemen van preventieve maatregelen om de kans op wateroverlast door toekomstige zware buien te voorkomen. De uitgevoerde klimaatstresstest wateroverlast toont aan dat de openbare ruimte en het onderliggende hemelwatersysteem nog niet overal voldoen aan de nieuwe doelstellingen voor wateroverlast zoals geformuleerd in de Visie Klimaatadaptatie en Visie Water en Riolering. De komende jaren gaan we voor de aangewezen prioriteitsgebieden nader onderzoek uitvoeren om te bepalen of de modelmatig aangetoonde kwetsbaarheid ook in praktijk ervaren wordt en de modellering dus representatief is. Mocht dit zo zijn dan onderzoeken we of doelmatige maatregelen mogelijk zijn om het risico op wateroverlast sterk te verminderen.

Daarnaast toetsen we bij elke rioolvervanging en andere ingrepen in de openbare ruimte of de kans op wateroverlast niet toeneemt en kijken we of we door een andere inrichting of het verminderen van verharding de kans op wateroverlast kunnen verminderen. Om die reden stimuleren we openbare ruimte projecten waarbij geen riolering wordt vervangen ook financieel om verharding te vervangen door groen en om meer ruimte voor hemelwaterberging te realiseren. We hebben hier jaarlijks 1 miljoen euro voor beschikbaar. De kaders voor deze regeling zijn vastgesteld bij het Programma Water en Riolering 2022-2026 en blijven van kracht. Ook participeren we sinds 2021 vanuit het thema water en riolering actief in alle gebiedsteams om te borgen dat bij gebiedsontwikkelingen voldoende ruimte wordt vrijgemaakt om wateroverlast door zware buien te voorkomen. De ambitie is om in 2023 bij de invoering van de Omgevingswet de doelstellingen uit de Visie Klimaatadaptatie te vertalen in bindende regels in het gemeentelijke omgevingsplan. Hemelwater vasthouden waar het valt Conform de doelstellingen in de Visie Klimaatadaptatie en de Visie Water en Riolering zetten we in op het vasthouden van minimaal 90% van de jaarlijkse neerslag op de plaats waar het valt. Hiermee

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

14/31

ontlasten we het bestaande rioleringssysteem, vergroten we de sponswerking van de bodem en voorkomen we schade door droogte. Openbare ruimte In de openbare ruimte willen we dit doel bereiken door bij alle rioolvervangingen het volledig ontvlechten van het afvalwater- en hemelwatersysteem als uitgangspunt te nemen. Door dit buurtgewijs te doen en zoveel mogelijk werk met werk te maken kunnen we gelijk de openbare ruimte hemelwaterbestendig inrichten (zie hoofdstuk 2 over hoe we dit doen bij rioolvervangingen). Daarnaast hebben we een bijdrageregeling om bij herinrichtingen in de openbare zonder rioolvervanging te stimuleren dat zoveel mogelijk verhard oppervlak wordt afgekoppeld of onthard. De voorkeursvolgorde voor de verwerking van hemelwater is leidend in de hoogte van de bijdrage. Maatregelen waarbij het hemelwater verwerkt wordt via natuurlijke weg (vergroening, infiltratie in groenstroken of aanleg van extra oppervlaktewater) krijgen de hoogste bijdrage per m2 af te koppelen oppervlak. Het beschikbare budget is opgenomen in tabel 3.2. Grote projecten die gebruik maken van de regeling zijn de vergroening van de Rivierenwijk, het ontharden van de Maliebaan en het terugbrengen van de Leidsche Rijn in het Stationsgebied.

De bijdrage van € 4 miljoen verspreid over 4 jaar aan het terugbrengen van de Leidsche Rijn overstijgt het jaarlijks beschikbare budget voor de regeling, vandaar dat we deze apart in de begroting hebben opgenomen (zie tabel 3.2). Particulier terrein We verwachten dat ook particulieren een bijdrage leveren aan het vasthouden en verwerken van hemelwater. Zoals in de Visie Water en Riolering beschreven is verplichting alleen aan de orde bij nieuwbouw en ingrijpende verbouwingen. Bij bestaande gebouwen stimuleren we particulieren door voorlichting, facilitering en subsidiering om het hemelwater voortaan lokaal te verwerken. Hiertoe ondernemen we de volgende activiteiten: 

We stellen omgevingsplanregels op om bij nieuwbouw en grootschalige renovatie voortaan niet alleen te kunnen verplichten dat de inzameling van afval- en hemelwater wordt gescheiden, maar ook dat het hemelwater wordt afgevoerd via de voorkeursvolgorde, waarbij minimaal 90% van de neerslag wordt vastgehouden en nuttig wordt gebruikt op het perceel of binnen de planlocatie.

We onderzoeken in het kader van het Dakenplan hoeveel waterberging op de bestaande Utrechtse daken mogelijk is, hoe we dit kunnen combineren met vergroening van daken en de aanleg van zonnepanelen en hoe we dit realiseren. We doen dit onder andere voor onze gemalen aan de Lange Hagelstraat en de Den Hamstraat in Vleuten.

We gebruiken onze bewustwordingscampagne Waterproof030 (o.a. onze eigen invulling van operatie Steenbreek) om alle andere eigenaren in Utrecht te stimuleren en te faciliteren maatregelen te nemen om verharding terug te dringen en hun eigen percelen hemelwaterbestendig in te richten. Bij voorlichting zetten we in op informeren en inspireren, zoals het NK Tegelwippen. Bij het faciliteren is er bijvoorbeeld de tegel-ophaalservice en acties om de aanleg van geveltuinen te promoten. Conform de Visie Klimaatadaptatie onderzoeken we of we de campagne kunnen verbreden tot alle klimaatadaptatie doelstellingen.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

15/31

We geven subsidies voor de aanleg van groene daken en het ontharden en vergroenen van en het vasthouden van hemelwater op percelen van maatschappelijke voorzieningen, de regeling Watervriendelijk Maatschappelijk Vastgoed.

We stellen omgevingsplanregels op om bij rioolvervangingen, waarbij een nieuw hemelwatervoorziening wordt aangelegd, de mogelijkheid te hebben eigenaren van zowel bestaande als nieuwbouw te verplichten om de regenpijpen aan voorzijde van het pand aan te sluiten op de nieuwe hemelwatervoorziening.

Aanleg geveltuin op geveltuinburendag 10 april 2022

Doelstelling afkoppelen We verwachten via de bijdrageregeling en de subsidieregelingen jaarlijks 5 ha te kunnen afkoppelen, bij voorkeur via vergroening. Daarnaast streven we ernaar om per meter rioolvervanging minimaal 12,5 m2 (voorheen 10 m2) verharding af te koppelen. Voor het afkoppelen via sloop-nieuwbouw hebben we nog geen concrete doelstelling opgenomen, omdat momenteel het inzicht ontbreekt om hiervoor een goede inschatting te maken. Dit leidt tot de jaarlijkse afkoppeldoelstelling zoals weergegeven in tabel 3.1. Tabel 3.2 Doelstelling af te koppelen oppervlak 2023-2027 2023

2024

2025

2026

2027

Totaal

Via rioolvervangingen (ha) Via bijdrageregeling en subsidieregelingen (ha)

8,9

10,3

11,6

13,4

14,5

58,6

5,0

5,0

5,0

5,0

5,0

25,0

Totaal (ha)

13,9

15,3

16,6

18,3

19,5

83,6

3.2

Financiën

De begroting voor het thema hemelwater is opgenomen in tabel 3.2.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

16/31

Tabel 3.2 Kosten thema hemelwater 2023-2027 (bedragen in miljoenen euro’s, prijspeil 2023) Hemelwater Activiteit

2022

2023

2024

2025

2026

2027

Waterproof030

0,2

0,3

0,3

0,3

0,3

0,3

Subsidie groene daken

0,7

0,7

0,7

0,7

0,7

0,7

Subsidie watervriendelijk maatschappelijk vastgoed

0,3

0,3

0,3

0,3

0,3

0,3

Bijdrageregeling niet rioleringsprojecten openbare ruimte

1,0

1,0

1,0

1,0

1,0

1,0

Bijdrage terugbrengen Leidsche Rijn

1,0

1,0

1,0

1,0

0,0

0,0

Totaal

3,2

3,3

3,3

3,3

2,3

2,3

De kosten voor het dagelijks onderhoud van de hemelwatervoorzieningen zijn dermate beperkt dat ze niet apart zijn toegedeeld. Ze zijn onderdeel van de begroting voor dagelijks onderhoud bij het thema Afvalwater. De kosten voor de genoemde onderzoeken worden gedekt uit het budget voor beheer en onderzoek.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

17/31

4

Grondwateroverlast

De gemeente heeft een wettelijke zorgplicht om structurele grondwateroverlast te voorkomen. Onder structurele grondwateroverlast verstaan we zowel grondwateroverlast door te hoge als door te lage grondwaterstanden. 4.1

Belangrijkste ontwikkelingen

Grondwateroverlast door te hoge grondwaterstanden Het optreden van grondwateroverlast wordt sterk bepaald door het weer. De grondwaterstanden komen het hoogst in winters met veel neerslag. Dit is terug te zien in het aantal meldingen. Van de meldingen wordt maar een beperkt deel veroorzaakt door te hoge grondwaterstanden in de openbare ruimte. Veelal zijn bouwkundige gebreken of de waterhuishouding op het particuliere perceel de oorzaak en is de eigenaar zelf aan zet. Het aantal meldingen waarbij de grondwateroverlast veroorzaakt wordt door te hoge grondwaterstanden in de openbare ruimte fluctueert mee en ligt meestal rond de 5 per jaar. Conform het beleid in de Visie Water en Riolering nemen we bij voorkeur alleen preventieve maatregelen als we de aanleg van drainage kunnen combineren met rioolvervanging zoals in Hoograven, De Meern en Veldhuizen, tenzij sprake is van onomkeerbare schade. In die laatste categorie vallen een aantal parken, waar te hoge grondwaterstanden invloed hebben op de gebruiksmogelijkheden en de gezondheid van bomen aantasten. Parken waarbij dit speelt zijn het Julianapark, het Hamerplantsoen in Hoograven, Park Oog in Al, het Archeologiepark, park de Hoge Weide en het Amaliapark. De invoering van de Omgevingswet maakt het mogelijk om de criteria voor grondwateroverlast ook vast te leggen in omgevingsplanregels.

We gaan na of het zinnig is ten behoeve van nieuwbouwontwikkelingen om regels vast te leggen die ervoor zorgen dat bij nieuwbouw zodanig gebouwd en bouwrijp gemaakt wordt dat de kans op grondwateroverlast minimaal wordt. Verder onderzoeken we de mogelijkheden en noodzaak om een gemeentelijk grondwatermodel te bouwen waarmee we toekomstige gevolgen van nattere winters op de grondwaterstand kunnen voorspellen. Grondwateroverlast door te lage grondwaterstanden Grondwateronderlast ofwel schade en overlast door te lage grondwaterstanden is in Utrecht tot op heden geen groot probleem. De zomer van 2018 heeft duidelijk gemaakt dat vooral het groen schade kan oplopen als de grondwaterstanden te ver uitzakken en de toplaag van de bodem uitdroogt. Daarnaast zijn bij de gemeente de afgelopen jaren een handvol meldingen binnen gekomen over scheurvorming in panden als gevolg van de extreme droogte. Via het beleid om hemelwater vast te houden waar het gevallen is en het afkoppelen en ontharden door bijvoorbeeld de aanleg van infiltratieriolen en wadi’s stimuleren we de sponswerking van de stad.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

18/31

Hiermee bouwen we meer buffer op voor droge periodes. Het uitgebreide grondwatermeetnet helpt ons om dit te kunnen onderzoeken. Daarnaast onderzoeken we of we analoog aan de maximaal toelaatbare grondwaterstand een minimaal toelaatbare grondwaterstand moeten vastleggen in omgevingsplan regels waarbij panden en bomen nog geen onomkeerbare schade oplopen. Hiermee kunnen we bij nieuwbouwplannen nieuw aan te planten bomen en groen toetsen of deze voldoende droogte bestendig zijn. Omgaan met functies die invloed hebben op de grondwaterstand Functies die invloed hebben op de grondwaterstand zijn bemalingen, warmte koude opslag (wko), infiltratievoorzieningen en ondergrondse bouwwerken. Het beleid ten aanzien van de gevolgen van bemalingen en wko ligt bij respectievelijk de waterschappen en de provincie. De provincie is de vergunningverlenende instantie voor de wko systemen, de waterschappen voor bemalingen. Dit maakt het ingewikkeld om invulling te geven aan onze zorgplicht om structurele grondwateroverlast te voorkomen. We werken daarom actief mee aan de Visie Ondergrond, waarin beleid wordt opgenomen waarbij de belangen van alle functies in de ondergrond ten opzichte van elkaar worden gewogen.

Met name het belang van infiltratie van hemelwater en het tijdelijk kunnen bemalen om riolering te kunnen vervangen versus het functioneren van ondiep geplaatste wko systemen is hierbij van groot belang.

4.2

Financiën

Voor het thema grondwateroverlast zijn de kosten voor dagelijks onderhoud en investeringen dermate beperkt dat ze niet apart worden toegedeeld. Ze zijn onderdeel van de begroting voor dagelijks onderhoud en de investeringen bij het thema Afvalwater. De kosten voor de genoemde onderzoeken worden gedekt uit het budget voor beheer en onderzoek.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

19/31

5 Oppervlaktewater De gemeente heeft circa 250 km aan watergangen en 40 km aan duikers in onderhoud. We ondernemen een aantal activiteiten om de toestand van deze watergangen op orde te houden, te weten dagelijks beheer en onderhoud, groot onderhoud (baggeren), vervanging en verbetering van duikers en het verbeteren van de waterkwaliteit. Daarnaast verkennen we de mogelijkheid om energie uit oppervlaktewater te halen. In dit hoofdstuk gaan we hier nader op in. 5.1

Belangrijkste ontwikkelingen

Dagelijks onderhoud, maaien en schonen Het maaionderhoud is in 2020 opnieuw voor meerdere jaren aanbesteed. Dit contract loopt ook de komende jaren door. Financieel is er alleen sprake van inflatiecorrectie. Het gemeentelijke maaibeleid richt zich op het in stand houden en verbeteren van de biodiversiteit en het meer betrekken van de burgers bij het maaibeleid. Deze ambitie geldt ook voor de oevers van watergangen en de watergangen zelf. Met name bij rietoevers zien we dat de wensen van bewoners en gebruikers sterk kunnen verschillen en om maatwerk vragen. Vooralsnog kunnen we hierop inspelen binnen de financiële kaders. Op de langere termijn willen we nog steeds samen met HDSR komen tot één aannemer in een wijk voor het maaionderhoud van alle watergangen. Dit verhoogt de kwaliteit en uniformiteit van het onderhoud, vermindert de overlast voor burgers en zorgt naar verwachting voor totaal lagere kosten. Groot onderhoud: baggeren Het meerjaren baggerplan voorziet in het jaarlijks baggeren van 30 km aan watergangen (een achtste van het beheerareaal) met jaarlijks gemiddeld 30.000 m3 aan bagger. Het verwerken van bagger wordt steeds duurder door de strengere regelgeving en het beperkte aantal verwerkingslocaties, waardoor we de eenheidsprijs voor het baggeren van een kubieke meter slib verder hebben moeten verhogen van € 37,- naar € 45,- per m3.

Hierdoor stijgt het jaarlijks benodigde budget voor het baggeren met ingang van 2023 van 1,14 miljoen euro naar 1,40 miljoen euro. We onderzoeken in hoeverre het voordelig is om zelf te beschikken over een nieuwe baggerverwerkingslocatie in plaats van de verwerking volledig aan de markt over te laten. Mogelijk liggen er kansen om het herstel van de instabiele westoever van de Nedereindseplas te combineren met verondieping van de plas voor natuurontwikkeling. Uitwerking vindt plaats als onderdeel van de toekomstverkenning voor de Nedereindseplas.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

20/31

Investeringen De belangrijkste investeringen zijn de vervanging van duikers. Hierbij richten we ons zowel op de vooroorlogse als de naoorlogse duikers. We proberen hier conform het principe van ontwikkelend beheer zoveel mogelijk aan te sluiten op andere initiatieven en die te versterken. Zo participeren in we in het opknappen van het Zuilense Bos, park Nijevelt en het Lunettenpark. Met de vervanging proberen we het oppervlaktewatersysteem meteen robuuster en natuurvriendelijker te maken en de waterkwaliteit te verbeteren, door bijvoorbeeld duikers te vergroten of zelfs te vervangen door een brug. Verbeteren oppervlaktewaterkwaliteit Met de vaststelling van de Visie Water en Riolering hebben we nieuwe doelen vastgesteld voor de oppervlaktewaterkwaliteit in de stad. Als eerste stap werken we samen met het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) aan een maatregelenprogramma om deze doelen te realiseren. Daarbij constateren we dat het ontbreken van voldoende en gevarieerde waterplanten in onze watergangen het grootste knelpunt is. Om hier verbetering in te krijgen moeten we de groeiplaatsen voor waterplanten verbeteren door het aanbrengen van meer onderwaterstructuur, meer lichtinval en flauwere taluds onder en boven water. Ook dan is het nog niet zeker dat planten spontaan gaan groeien.

We gaan ervan uit dat we op een aantal locaties actief zullen moeten aanplanten om binnen enkele jaren effect te zullen zien en de waterkwaliteitsdoelen in het streefjaar 2027 te realiseren. We zijn hiervoor diverse proeven in de Binnenstad gestart, zoals in de Vaartsche Rijn bij Rotsoord en in de Catharijnesingel ter hoogte van de passantenhaven. De komende jaren breiden we dit verder uit in de stad. Het aanbrengen van meer onderwaterstructuur heeft meer voordelen. Zo zorgt het ook voor meer schuilmogelijkheden voor vissen en vestigingsplekken voor schelpen en andere onderwaterdieren en planten. We verwachten dat we de jaren 2022 en 2023 nodig hebben voor de planvorming en de verdere voorbereiding. Daarom laten we het investeringsbudget in die jaren groeien van 0,8 miljoen in 2022 tot 1,8 miljoen in 2024. Vooralsnog hebben we het budget vanaf 2024 constant gehouden. Bij de voorbereiding van het programma Water en Riolering 2024-2028 hebben we naar verwacht een goed zicht op het daadwerkelijke budget wat we vanaf 2024 nodig hebben en zullen we de begroting op dit punt bijstellen.

Aanleg onderwaterstructuur Catharijnesingel

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

Voor het toetsen van de waterkwaliteit gebruiken we voor de kleinere wateren sinds 2015 de ecoscan methode. Hiermee wordt eenmaal per drie jaar getoetst of het gewenste streefbeeld, minimaal zichtbaar, wordt bereikt. De ecoscan meting betreft

21/31

kroos, doorzicht, waterplanten en zwerfvuil. In 2019 hebben we de metingen samen met HDSR uitgebreid met een participatief burgermeetnet (schoon water experiment). Bewoners meten hierbij de kwaliteit van het water. Omdat de ecoscan metingen maar eens per drie jaar plaats vinden, hanteren we als jaarlijkse indicator het aantal urgente oppervlaktewaterkwaliteitsmeldingen. Dit zijn meldingen die per direct om een actie vragen vanuit gemeente of waterschap. Denk aan blauwalg, vissterfte, botulisme, stank en zeer overmatig kroos. Hoewel het aantal meldingen een sterke relatie heeft met hoe warm de zomer is en in hoeverre hete periodes en zware buien elkaar afwisselen is en blijft onze ambitie om het jaarlijks aantal meldingen op vijf of lager te houden. Energie uit oppervlaktewater We zetten het onderzoek naar thermische energie uit oppervlaktewater (TEO) voort samen met HDSR en Rijkswaterstaat. Zeer kansrijke locaties zijn delen van de Merwedekanaalzone en het Beurskwartier. Daarnaast blijven we op een groot aantal locaties de oppervlaktewatertemperatuur meten om meer inzicht te krijgen in de mate en snelheid van opwarming van het oppervlaktewater als gevolg hete periodes. Hiermee krijgen we meer inzicht welke wateren gevoelig zijn voor opwarming als gevolg van klimaatverandering.

5.2

Financien

De begroting voor het thema oppervlaktewater is opgenomen in tabel 5.1. Tabel 5.1 Kosten thema oppervlaktewater 2023-2027 (bedragen in miljoenen euro’s, prijspeil 2023) Oppervlaktewater Activiteit

2022

2023

2024

2025

2026

2027

Dagelijks onderhoud oppervlaktewater (maaien en schonen)

0,4

0,5

0,5

0,5

0,5

0,5

Groot onderhoud (baggeren)

1,1

1,4

1,4

1,4

1,4

1,4

0,8

1,3

1,8

1,8

1,8

1,8

2,3

3,2

3,7

3,7

3,7

3,7

Vervangings- en verbeteringsinvesteringen oppervlaktewater Totaal

In 2022 en 2023 ligt het accent op het opstellen en voorbereiden van een nieuw maatregelenprogramma voor het verbeteren van de waterkwaliteit. Vandaar dat de investeringen in die jaren lager liggen. De kosten voor het opstellen van het maatregelenprogramma en de genoemde onderzoeken worden gedekt uit het budget voor beheer en onderzoek en zijn niet apart benoemd in tabel 5.1.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

22/31

6 Middelen De uitvoering van het Programma Water en Riolering is sterk afhankelijk van de beschikbare middelen. De belangrijkste zijn ons personeel en de benodigde en beschikbare financiële middelen. Dit hoofdstuk gaat hier nader op in. 6.1

Personeel

De komende jaren voorzien we een verdere stijging van de personeelsformatie, met name voor het voorbereiden en aansturen van alle rioolvervangingen en het borgen van de inbreng vanuit water en riolering in gebiedsontwikkelingen en activiteiten richting particulieren. De extra personeelskosten zijn onderdeel van de post personeelskosten in de meerjarenbegroting (zie tabel 6.1) met uitzondering van de personeelskosten voor het voorbereiden, het directie voeren en het houden van toezicht bij de vervangingen. Deze zijn niet apart zichtbaar in de begroting, ook omdat het per project kan verschillen of deze taken worden ingehuurd of worden uitgevoerd door eigen personeel. De kosten zijn daarom meegenomen in de investeringen voor de rioolvervangingen. Ook voor het vakgebied water en riolering geldt dat het lastig is om geschikte mensen te vinden. Momenteel beschikken we al over diverse vacatures die lastig in te vullen zijn. Het vinden van voldoende en geschikt personeel is dan ook een belangrijke voorwaarde om invulling te kunnen geven aan alle ambities uit de Visie Water en Riolering. Het streven is om eind 2023 alle 45 formatieplaatsen bij de groep Water, Riolering en Gemalen te hebben ingevuld, bij voorkeur via vaste formatie en in de twee jaar daarna door te groeien tot 50 fte.

6.2

Kostenontwikkeling 2023-2027

De verwachte kostenontwikkeling in de periode 2023-2027 is weergegeven in tabel 6.1. Ter vergelijking is ook het jaar 2022 toegevoegd. Tabel 6.1 Verwachte kostenontwikkeling in de periode 2023-2027 Activiteit

2022

2023

2024

2025

2026

2027

Dagelijks onderhoud afvalwater (inl. hemelwater en grondwateroverlast)

6,5

6,4

6,5

6,6

6,7

6,8

Dagelijks onderhoud oppervlaktewater

0,4

0,5

0,5

0,5

0,5

0,5

Personeelskosten

6,1

6,5

6,6

6,9

7,2

7,2

Waterproof030

0,2

0,3

0,3

0,3

0,3

0,3

Subsidie groene daken

0,7

0,7

0,7

0,7

0,7

0,7

Subsidie watervriendelijk maatschappelijk vastgoed

0,3

0,3

0,3

0,3

0,3

0,3

Groot onderhoud (baggeren)

1,1

1,4

1,4

1,4

1,4

1,4

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

23/31

Vervangingsinvesteringen riolering

14,2

15,0

16,9

18,6

21,4

23,2

Vervangingsinvesteringen gemalen

1,5

1,5

1,5

1,5

1,5

1,5

Vervangingsinvesteringen oppervlaktewater

0,8

1,3

1,8

1,8

1,8

1,8

Bijdrageregeling interne openbare ruimte projecten

1,0

1,0

1,0

1,0

1,0

1,0

Bijdrage terugbrengen Leidsche Rijn

1,0

1,0

1,0

1,0

0,0

0,0

Beleid, beheer & onderzoek

1,0

1,0

1,0

1,0

1,1

1,1

Compensabele BTW

3,7

4,1

4,2

4,6

4,9

5,2

Bijdrage bedrijfsvoering gemeente

1,1

1,1

1,1

1,1

1,1

1,1

Bijdrage straatreiniging

4,2

4,3

4,4

4,4

4,5

4,6

Totaal

43,8

46,4

49,2

51,8

54,4

56,7

De verwachte kostenontwikkeling voor de komende 5 jaar. Bedragen x € 1 miljoen in prijspeil 2023, met uitzondering van 2022.

De verwachte kostenstijging van 2022 naar 2023 bedraagt 2,6 miljoen ofwel 5,9%. Hiervan is circa 3,5% de correctie van de verwachte inflatie in 2022 (situatie begin maart). De kostenstijging als gevolg van de toegenomen vervangingsinspanning, de aanpassing van de eenheidsprijzen voor vervanging en baggeren zorgen voor de resterende 2,4% kostenstijging. Hiermee blijven we aan de ondergrens van de in de Visie Water en Riolering afgesproken bandbreedte voor de jaarlijkse kostenstijging (exclusief inflatiecorrectie) van 2-4%. We zien dat de kostenstijging voor de periode 2024-2027 als gevolg van de nieuwe eenheidsprijs voor rioolvervangingen richting de 5-6 % per jaar gaat en daarmee boven de afgesproken bandbreedte komt. We zullen bij het opstellen van het Programma Water en Riolering 2024-2028 bepalen of we hiervoor een correctie willen en moeten doorvoeren.

6.3 6.3.1

Ontwikkeling rioolheffing Ontwikkeling eigenaren en grootverbruik

De rioolheffing is in Utrecht opgebouwd uit een heffing voor eigenaren en een heffing voor gebruikers. De eigenarenheffing betreft een vast bedrag per jaar per aangesloten perceel (in 2022 € 228,32). De gebruikersheffing betreft een bedrag per kubieke meter water en wordt aanvullend op de eigenarenheffing opgelegd aan grootverbruikers die jaarlijks meer dan 250 m3 afvalwater op de riolering lozen (in 2022 gemiddeld € 1,67 per m3). De huidige toedeling van de kosten tussen eigenaren- en grootverbruikersheffing is gebaseerd op de jaarlijkse verdeling in hoeveelheid afgevoerd afvalwater door eigenaren en grootverbruikers. Daarbij worden alleen de kostenposten waarbij de kosten daadwerkelijk afhankelijk zijn van de hoeveelheid afgevoerd afvalwater naar rato toegerekend aan de grootverbruikersheffing. Dit zijn de posten dagelijks onderhoud, vervangingsinvesteringen en de BTW. Kosten die geen relatie hebben met de hoeveelheid afvalwater, zoals de posten beleid, beheer en onderzoek, personeelskosten, bijdrage straatreiniging en bijdrage bedrijfsvoering gemeente worden volledig toegerekend aan de eigenarenheffing. De

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

24/31

verdeelsleutel wordt jaarlijks aangepast op basis van het aantal inwoners, het gemiddelde jaarlijkse drinkwaterverbruik per inwoner en het verwachte grootverbruik. De verwachte ontwikkeling van het aantal aangesloten eigenaren en het verwachte grootverbruik is weergegeven in onderstaande tabel. Tabel 6.2 Verwachte ontwikkeling lozingen in de periode 2023-2027 2022

2023

2024

2025

2026

2027

Aansluitingen

169.900

173.900

176.900

179.900

182.900

185.900

Lozing bewoners (m³)

16.030.000

16.220.000

16.500.000

16.780.000

17.050.000

17.330.000

Lozing grootverbruik (m³)

3.000.000

3.000.000

3.000.000

3.000.000

3.000.000

3.000.000

Lozing totaal (m³)

19.030.000

19.220.000

19.500.000

19.780.000

20.050.000

20.330.000

Voor de groei van het aantal aansluitingen is uitgegaan van 3.000 extra aansluitingen per jaar op basis van de meest recente bouwprognoses. Het aantal aansluitingen in 2023 is naar boven bijgesteld op basis van de rapportage van de BGhU over 2021. De omvang van het grootverbruik is gelijk gebleven op 3,0 miljoen m³ per jaar. 6.3.2

Indicatie ontwikkeling eigenaren en gebruikersheffing

Bij volledige kostendekking en bij toepassing van de huidige verdeelsleutel tussen klein- en grootverbruik ontwikkelen de eigenaren- en gebruikersheffing zich conform tabel 6.3. De genoemde bedragen voor 2024 en verder zijn exclusief inflatie. Tabel 6.3 Indicatie ontwikkeling eigenaren- en grootverbruikerstarief in de periode 2023-2027 2022

2023

2024

2025

2026

2027

Eigenarentarief

€ 228,32

€ 237,95

€ 248,01

€ 256,79

€ 265,41

€ 271,98

Verschil tov vorig jaar (in %)

0,0%

4,2%

4,2%

3,5%

3,4%

2,5%

Grootverbruikstarief

€ 1,67

€ 1,67

€ 1,79

€ 1,87

€ 1,96

€ 2,04

Verschil tov vorig jaar (in %)

2,9%

0,2%

6,7%

4,6%

4,8%

4,1%

Uit de tabel blijkt hoe lastig het is om met de huidige systematiek van toedeling de tarieven van het grootverbruikerstarief en eigenarentarief met dezelfde percentages te laten stijgen. Dit lukt in de praktijk alleen door elk jaar verschillen op te vangen via de egalisatiereserve. Wij stellen voor dit voor 2023 ook te doen, waardoor de benodigde tariefstijging voor beide tarieven uitkomt op 3,8%, inclusief inflatiecorrectie. Voor de jaren 2024 en verder zien we bij ongewijzigd beleid een jaarlijkse tariefstijging aankomen van circa 4% (exclusief inflatiecorrectie), waarmee we hoger uitkomen dan de afgesproken jaarlijkse stijging van 1,5 – 2,5% in de Visie Water en Riolering Utrecht. Conform het gemeente brede beleid nemen we de tijd om de gevolgen goed in beeld te brengen en komen we bij het Programma 2024-2028 met een voorstel hoe hiermee om te gaan.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

25/31

Hierbij valt te denken aan het minder snel laten stijgen van de vervangingsinspanning waardoor de kosten dalen. Maar een andere optie is om dit niet te doen en eerst de voorziening en de egalisatiereserve in te zetten om de tarieven minder te laten stijgen. Een derde optie is natuurlijk het sneller laten stijgen van het rioolheffingstarief. Daar komt bij dat we conform besluit in de Visie Water en Riolering de komende jaren samen met de BghU onderzoek gaan doen naar een nieuwe systematiek voor de rioolheffing die robuuster en toekomstbestendiger is dan het huidige systeem, maar toch recht doet aan het beginsel de vervuiler betaalt. Het is daarom nu niet wenselijk een besluit te nemen over de gewenste tariefontwikkeling voor de periode 2024 en verder.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

26/31

Bijlagen Bijlage 1: Kaart en tabel Investeringsprogramma riolering 2023-2027 Bijlage 2: Beleid en onderzoeksprogramma

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

27/31

Bijlage 1 Investeringsplanning riolering 2023 – 2027

https://gemu.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/index.html?id=5a9fa4347e504fd3a52d8b4961f7d206

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

28/31

Aantal km te vervangen Waarvan 2023 t/m riolering in totaal 2027

Gebied

Wijk

Start planvorming

Start uitvoering

Kanaalstraat / Damstraat

West

1,7

Welgelegen

West

2,7

1,3

2015

2022

2,7

2020

2024

Lage Weide

West

4,0

3,0

2023

2026

Overige projecten West

West

1,7

1,7

2021

2023

Omloop e.o.

Noordwest

1,5

1,3

2021

2022

Taagdreef e.o.

Overvecht

2,4

2,4

2017

2024

Amazonekwartier

Overvecht

3,5

3,5

2020

2024

Theemsdreef e.o.

Overvecht

6,5

2,2

2023

2026

Rubicondreef e.o.

Overvecht

4,5

1,5

2023

2026

Overige projecten Overvecht

Overvecht

0,5

0,5

2025

2026

Tuindorp-Oost

Noordoost

7,0

4,0

2021

2025

Overige projecten Noordoost

Noordoost

3,0

3,0

2020

2023

Rubenskwartier

Oost

2,7

1,8

2020

2025

Breitnerlaan e.o.

Oost

2,0

1,4

2022

2026

Maliebaan / Snellenlaan

Oost

1,7

1,7

2019

2023

Overige projecten oost

Oost

1,0

1,0

2020

2023

Projecten Binnenstad

Binnenstad

0,9

0,9

2023

2024

Oudegeinlaan e.o.

Zuid

1,3

1,3

2020

2023

Oud Hoograven incl. Diamantweg

Zuid

12,0

7,2

2021

2023

Rotsoord

Zuid

0,5

0,5

2020

2023

Kanaleneiland Bernadottelaan e.o

Zuidwest

2,6

2,6

2019

2023

Eisenhowerlaan e.o.

Zuidwest

2,5

2,0

2024

2026

Vasco da Gamalaan e.o.

Zuidwest

0,9

0,9

2021

2024

Overige projecten Zuidwest

Zuidwest

3,0

3,0

2023

2025

Meerndijk e.o.

Vleuten – De Meern

4,8

1,6

2017

2021

Odenveltlaan

Vleuten – De Meern

2,5

1,8

2023

2025

Overige projecten VDM

Vleuten – De Meern

0,5

0,5

2022

2024

77,9

55,3

Totaal

NB. Voor de periode 2023-2027 is in deze tabel circa 20% meer geprogrammeerd dan waar we in de begroting rekening mee houden. Dit zijn deels projecten die voor 2021 en 2022 geprogrammeerd waren maar vertraagd zijn. De kosten voor deze projecten zijn al gereserveerd in de voorziening. Ook is een deel overprogrammering om te voorkomen dat bij vertraging de begrote kilometers rioolvervanging niet worden gerealiseerd.

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

29/31

Bijlage 2 Beleid en onderzoek Afvalwater Nummer

Activiteit

1

Inventarisatie toekomstig afvalwateraanbod

2

Risicogestuurd beheer: Doorontwikkeling water- en rioleringsinformatiesysteem inclusief monitoring riooloverstorten

3

Onderzoek rioolvreemd water

4

Onderzoek naar de haalbaarheid van riothermie (energie uit rioolwater).

5

Beleid circulair en fossielarme energie doorontwikkelen.

6

Opstellen verlegregeling riolering

Hemelwater Nummer

Activiteit

1

Onderzoek prioritaire gebieden hemelwateroverlast

2

Omgevingsplanregels uitwerken om bij invoering Omgevingswet afkoppelen regenpijp voorzijde gebouw af te kunnen dwingen.

3

Omgevingsplanregels uitwerken om bij invoering Omgevingswet vasthouden hemelwater op eigen perceel af te kunnen dwingen.

4

Nieuwe subsidieregeling voor watervriendelijk maatschappelijk vastgoed

5

Uitwerken ontwerprichtlijnen voor hemelwaterbestendige openbare ruimte

6

Uitbreiden bewustwordingscampagne Waterproof030 naar alle klimaatadaptatie thema’s

7

Doorontwikkelen modelinstrumentarium

8

Doorontwikkelen Water- en Rioleringsinformatiesysteem (WRIS)

Grondwateroverlast Nummer

Activiteit

1

Inventarisatie kwetsbare panden en kwetsbaar groen voor droogte

2

Vaststellen een minimaal toelaatbare grondwaterstand voor stedelijk gebied

3

Ontwikkeling grondwatermodel

4

Juridisch verankeren maximaal en minimaal toelaatbare grondwaterstand in de Omgevingswet

5

Uitbreiden en aanpassen grondwatermeetnet om effecten droogte, bemalingen en wko’s beter in beeld te krijgen

6

Onderzoek interactie en bepalen afwegingskader infiltratie-rioolvervanging wko’s binnen Visie Ondergrond

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

30/31

Oppervlaktewater

Nummer

Activiteit

1

Onderzoek naar haalbaarheid nieuwe, eigen verwerkingslocatie bagger

2

Klimaatgevoelige wateren in beeld brengen samen met waterschappen en ambities daarop bijstellen

3

Gebruiksfuncties gerelateerd aan waterkwaliteit vastleggen in de Visie Stadswater

4

Ontwikkelen maatregelenprogramma om ambities te realiseren samen met HDSR

5

Voortzetten ecoscan o.a. via burgermeetnet samen met HDSR

6

Aanpak exoten samen met Provincie en waterschappen

7

Onderzoek naar thermische energie uit oppervlaktewater samen met HDSR en Rijkswaterstaat

Programma Water en Riolering Utrecht 2023-2027

31/31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=0d8bddc6-8620-41d9-b093-5387314994b9