CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Plan CDA Natuurgebied Zuilen

Gemeenteraad 26 september 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Plan CDA Natuurgebied Zuilen6.601 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Initiatiefvoorstel “Behoud de unieke kwaliteit van Natuurgebied Zuilen” Een alternatief plan dat rechtdoet aan groen en beleving van het cultuurhistorisch landschap

Voorwoord Het schrijven van een initiatiefvoorstel is een weg die je als raadslid niet zomaar bewandelt. Het vraagt veel aandacht en tijd van jezelf en anderen. Denk aan de hulp van de griffie en ambtelijke ondersteuning. Tegelijkertijd is het ook een mooi instrument waarmee je laat zien waar je als raadslid nou echt focus op wilt leggen: je maakt keuzes, prioriteert. Toen de aankondiging van het college rondom Natuurgebied Zuilen voorbij kwam, getipt door een actief lid van CDA Utrecht, wist ik dat dit voor mij zo’n onderwerp was. Met veel passie en betrokkenheid zijn we aan de slag gegaan met een mooi, multidisciplinair team. We hebben ook een participatieproces opgezet bij dit initiatiefvoorstel, inclusief twee bijeenkomsten in de Parel van Zuilen. Ik wil dan ook alle mensen bedanken die hun betrokkenheid hebben getoond bij dit initiatiefvoorstel. Door hun continue oplettendheid wisten zij mij ook scherp te houden. Want het was een proces van ‘lange adem’, waarin soms alles stilviel en soms alles heel snel ging. We waren daarbij gebonden aan het tempo van het college, dat enorm wisselde gedurende deze lange periode van bijna twee jaar. Als raadslid ben je in die periode, net als inwoners, ook met een hoop andere dingen bezig, en vraagt het telkens weer de nodige energie en inhoudelijke focus om weer aan te haken en iedereen enthousiast te maken.

De tomeloze inzet en kennis van buurtbewoners en andere belanghebbenden is goud waard. Ik heb tijdens dit proces van dichtbij gezien hoe groot het risico is dat mensen (inwoners) juist afhaken bij gemeentelijke (participatie)processen. Hun input (en soms ook weerstand) kan daarmee ook verloren gaan en/of gebagatelliseerd worden. Hoe je als stadsbestuur omgaat met honderden zienswijzen, kan daarin tekenend zijn. Ik hoop van harte dat Utrechters van zich laten blijven horen en dat er een gezonde wisselwerking ontstaat met de gemeenteraad: elkaar even inseinen wanneer er weer een nieuwe raadsbrief vanuit het college is gepubliceerd, of het delen van een andere actualiteit. Zo helpen we elkaar in de scherpte. Die afstemming en samenwerking kan onze lokale democratie (en het vertrouwen daarin) alleen maar ten goede komen. De gemeente is er namelijk voor haar inwoners en mag nooit het gevoel geven dat je daartegen moet strijden of uit het veld laat slaan. Zo’n dienstbare, responsieve gemeente handelt vanuit de kracht van de samenleving. Tel daarbij op dat je waardevolle, groene plekken wilt behouden en je begrijpt de prioriteit van het CDA Utrecht.

Nico Roozen namens de werkgroep op 6 december tijdens een participatiebijeenkomst over het plan van het college: “Vanavond maken we een tussenbalans op en dan is de politiek weer aan zet. In het proces is dit een nieuw momentum. De wethouder is nu even onze belangrijkste gesprekspartner. Zij kan bakens verzetten op weg naar een breed draagvlak in de Gemeenteraad. Wellicht breder dan de college coalitie breed is. Het zou ons een lief ding waard zijn als ook het voorstel van het CDA serieus wordt genomen in de besluitvorming. Het gebied is niet gediend met partijpolitiek.”

Uiteraard hopen wij van harte dat onze alternatieve denkrichting brede steun krijgt in de gemeenteraad, ongeacht oppositie of coalitie. We blijven op constructieve wijze en met een positieve insteek de samenwerking zoeken. Ik wens u veel leesplezier en hoop dat u onze ideeën kunt waarderen!

Jantine Zwinkels

4

5

1.

Aanleiding, nut en noodzaak

1.1 Is die er wel? Voordat wij de inhoud induiken, willen we eerst stilstaan bij de aanleiding, nut en noodzaak voor het plan om Natuurgebied Zuilen “op de schop te gooien”. Om maar met de deur in huis te vallen: wij zien geen nut en noodzaak voor dit plan van het college. Waarom de beperkte financiële middelen van de gemeente gebruiken om bestaand groen om te zetten naar openbaar groen, zodat dit cijfermatig mag meetellen in de administratie van de Ruimtelijke Strategie Utrecht (RSU)? Het gebied is al groen en belastinggeld kan beter worden uitgegeven aan het toevoegen van meer groen. Daarmee kunnen we investeren in het idee “groen groeit mee” met de groei van de stad. In tijden van financiële krapte en bezuinigingen vinden wij dit plan van het college echt niet gepast en zelfs een tikkeltje onverantwoord.

6

Het is voor ons dan ook wel gek om een initiatiefvoorstel te schrijven voor iets dat we eigenlijk niet willen realiseren. Maar als het dan tóch op de agenda staat, zien wij wel veel kansen om het gebied te versterken en verbeteren. Wij willen voortbouwen op wat er al is: “mee-ontwikkelen met het landschap”, in de woorden van onze landschapper. Dat hoeft veel minder geld te kosten dan de plannen van het college, wat we dus kunnen gebruiken om bijvoorbeeld groenarme wijken als Zuilen te vergroenen. Dat komt ook de klimaatadaptatie/hittestress in versteende woongebieden ten goede, iets waar we groot voorstander van zijn.

1.2 Coalitieakkoord, RSU & plannen van het college In het coalitieakkoord staat: “Onze ambitie is om de komende tien jaar de volgende parken aan de stad toe te voegen: Moreelsepark, Smakkelaarspark, Lombokpleinpark, Rondje stadseiland, Natuurgebied Zuilen en Lunettenpark. Ook zoeken we naar ruimte voor extra plantsoenen bijvoorbeeld bij de herinrichting van de Amsterdamsestraatweg, Oudenoord en Maliebaan. Door parken toe te voegen zorgen we voor spreiding van recreanten. Voldoende toiletvoorzieningen, afvalbakken en fietsenstallingen voorkomen overlast”. Eerder is vanuit de Ruimtelijke Strategie Utrecht (RSU) 2040 ook al eens melding gemaakt van plannen voor Natuurgebied Zuilen. Zo staat op pagina 149 het gebied vermeld in het programma “groen” en staat op pagina 150 onder het kopje “belangrijkste ruimtelijke ingrepen”: “Nr. 15 - Natuurgebied Oud Zuilen inrichten als toegankelijk landschapspark met groen/sport/recreatief programma.”

7

Daarna ontstond het plan van het college om een Visie op te stellen voor het gebied. Gaandeweg het proces heeft het college eigenhandig besloten dat het een Startdocument zal gaan worden.

1.3 Participatieproces en context Het college is begin 2022 gestart met een participatieproces. Dat begon met een wijkbericht, wat tot veel ophef en verontwaardiging leidde. Daarna kwam er een soort startnotitie met uitgangspunten voor de visie. Deze waren echter redelijk concreet uitgewerkt en hadden weinig weg van een visie. Daarover ontstond ook weer ophef, vooral vanwege de inhoud. Het leidde tot honderden zienswijzen op de concept visie.

8

Toen heeft het college besloten om een pas op de plaats te maken en samen met inwoners een nieuwe fase in te gaan waarmee een intensiever participatietraject ontstond. Antwoord op de vraag of de “oude” uitgangspunten van tafel gingen, kwam er echter niet. Gedurende dit proces hebben wij ook nooit een onderbouwing gehoord van nut en noodzaak. Wel heeft het college gepoogd om in deze laatste fase dichterbij de ideeën en wensen van de participanten te komen. Op een aantal punten is dit ook gelukt en is het voorstel van het college veel minder vergaand dan in de concept visie bedacht. Toch zijn er tegelijkertijd nog een aantal cruciale verschilpunten in de uitgangspunten voor dit waardevolle gebied.

9

2.

Wat is onze visie op het gebied?

Zoals eerder gezegd, willen wij de aanwezige waarden en kwaliteiten vooral versterken en “met het landschap mee ontwikkelen”. Utrecht wordt drukker, het grondwater daalt, biodiversiteit verdwijnt en sociale cohesie neemt af. Groene oases zoals landschap Oud-Zuilen worden daarom steeds belangrijker. Wij pleiten voor gezonde groei. Een kwaliteitssprong op basis van een al bestaand, waardevol cultuurlandschap. Het huidige landschap is het resultaat van natuurlijke processen én voortdurend menselijk beheer en ingrijpen. Beide met een eigen logica, maar ook innig met elkaar; de bodem en de waterhuishouding verstrengeld. Dat heeft door de eeuwen heen een gebied opgeleverd met een heldere en unieke Utrechtse signatuur, waarin rust, cultuurhistorie en landschapsbeleving centraal staan. Juist in zo’n sterk groeiende stad zijn dit soort rustpunten broodnodig. Dat is ook een vorm van ‘gezond stedelijk leven in een groeiende stad’.

10

Natuurgebied Zuilen is als rustgebied een geschenk voor de stad. De historisch gegroeide kernwaarden moeten leidend blijven bij beslissingen over de toekomst. Dus geen toevoeging van gebiedsvreemde functies, maar investeren in versterking en vernieuwing van het, door de eeuwen heen gegroeide, waardevolle karakter. Met Natuurgebied Zuilen kan Utrecht zich ontwikkelen tot koploper in de koppeling van natuurwaarden en klimaatadaptatie aan een uniek cultuurhistorisch kader. Een kans die Utrecht niet mag laten liggen!

11

2.1 Kenmerken en kwaliteiten van het gebied Wij zien dat Natuurgebied Zuilen waardevol is, op verschillende manieren. Dat heeft te maken met de mooie ligging aan de Vecht, aan de rand van de stad. Je bent eigenlijk al de stad uit en kunt onthaasten. Het heeft ook te maken met de diverse functies en activiteiten in het gebied: er wordt veel gewandeld en hardgelopen, er grazen koeien, in de boomgaard staan zo nu en dan paarden en er zijn veel andere dieren (zoals kieviten, ganzen, hazen, ooievaars, amfibieën). Het Slot Zuylen geeft het gebied ook nog eens een statige, rijke historische allure mee. En dan hebben we het nog niet gehad over de tuindersverenigingen (volkstuinen) en nabij gelegen sportclubs. Door de jaren heen is het gebied altijd een mooi, ruimtelijk landschap geweest waar betrokken partijen met elkaar samenwerkten.

12

13

Open landschap in de stad Historisch erfgoed (aanwijzing NHW als UNESCO-monument) Prachtig gelegen aan de Vecht Autoluwe omgeving met veel fiets- en wandelpaden Biodiversiteit, kraamkamer voor stadsnatuur Broedplaats voor 31 soorten vogels Ooievaar en haas als iconen Betrokkenheid van het aanwezige boerenbedrijf bij (beheer) van het gebied Waterkwaliteit in potentie hoog

Het plangebied ligt in de ‘Vechtscheg’, een aaneengesloten groengebied langs de Vecht, die de binnenstad verbindt met het omringende landschap aan de noordkant van de stad. De belangrijke doorgaande wandel- en fietsroute ligt langs de oostoever van de Vecht. Al aan de rand van de binnenstad kondigen recreatieve wegwijzers de route naar Fort Aan de Klop en groengebied Oud Zuilen aan. Deze Vechtkade begint in de stad smal en stedelijk, en wordt stapsgewijs opener en minder stedelijk, met groenere oevers en lossere, vrijstaande bebouwing. Vervolgens komt hét grote moment van de route, komend vanuit de stad: het eerste vrije zicht breeduit over open landschap. Met links de Vecht en Vechtdijk, recht vooruit de ruime akkers en het landgoed Oud Zuilen en rechts in de verte de bomen aan de noordzijde van de Polderweg.

2.2 Onze uitgangspunten CDA Utrecht zet zich in voor veel onderwerpen, maar hanteert daarin vaak dezelfde uitgangspunten. Hieronder volgt een opsomming die waarschijnlijk wel herkenbaar is voor u: De basis op orde: mensen moeten kunnen rekenen op een betrouwbare overheid die haar afspraken nakomt. Of het nu gaat om participatie, het tijdige baggeren van sloten of de financiën. Samen verantwoordelijk: we vinden dat de gemeente faciliterend zou moeten zijn aan de samenleving die zelf ook kan bijdragen aan oplossingen. En dat doen we in dialoog, bijvoorbeeld als het gaat om een eerlijke pacht- en beheerovereenkomst met partijen in het gebied. Een stad op mensenmaat: we zien hoe belangrijk het is dat mensen zich thuis kunnen voelen in hun omgeving, waarbij ruimte is voor hun belevingswereld. Buurtbewoners waarderen het gebied enorm en delen op Facebook de mooiste plaatjes en leukste activiteiten die er plaatsvinden, of het nu gaat om de aanwezig ooievaars en kieviten of het halen van een ijsje bij de boer. Behoud van dit karakter vraagt meestal om proportionaliteit en vaak ook dus kleinschaligheid. 14

Het collectief boven het individu: willen investeren en onderdeel zijn van een groter geheel, vraagt om beleid dat individualisme (eigen behoeften en belangen vooral opstellen, niet omkijkend naar de ander) tegengaat. Dat vraagt rekening houden met elkaar, en nee, je kunt niet altijd alles overal doen en laten. Dus picknicken doe je even verderop, als de situatie daarom vraagt. Zorgdragen voor ons gezamenlijk huis: schoonhouden van onze natuur, parken en straten. Maar ook versterken van de ecologie zodat we het gebied kunnen doorgeven naar volgende generaties. Het unieke karakter van dit mooie gebied vraagt erom dat we hier aandacht en respect voor hebben. Tot slot zijn er nog een aantal inhoudelijke onderwerpen die bij ons hoog op het prioriteitenlijstje staan. Deze komen allemaal op enige manier wel terug in het Natuurgebied Zuilen. Het gaat hierbij om: Verkeersveiligheid waarborgen Participatie van inwoners Cultuurhistorie respecteren Vergroening stimuleren

15

3.

Alternatieve voorstellen die wij doen

In dit hoofdstuk geven we aan wat wij anders willen, in afwijking van de ‘startnotitie’ van het College. Ons voornemen is om in de raadsvergadering over het voorstel van het College onze wijzigingsvoorstellen als aparte amendementen in te dienen, zodat de raad kan aangeven op welke onderdelen ze het eens is met onze visie op het gebied.

3.1 Ongewenste paden en brug schrappen

16

Wij constateren dat het college inzet op uitbreiding van de padenstructuur in het gebied. In onze ogen gaat dit ten koste van het leefgebied van de aanwezige flora en fauna. De natuur wordt verjaagd en op afstand gezet. Het college wil de maat en schaal van een stadspark introduceren op deze plek. Wij denken dat we al stadsparken genoeg hebben en dat het unieke, weidse karakter van het landgoed geen geweld moet worden aangedaan. Wij willen dat juist koesteren. We willen de (relatieve) rust in het gebied behouden en vooral de kwaliteit van bestaande verbindingen voor voetgangers en fietsers verbeteren. Juist het vermijden van extra routes door het gebied draagt bij aan het echt ín de stad zichtbaar, toegankelijk en bereikbaar houden van kwaliteiten zoals de ooievaar, de bosanemoon en de integrale landschapservaring. Dus wij stellen voor geen pad over de grote akker aan te leggen, dat verstoort teveel. Bovendien, zodra er afval in het gras terecht komt, of hondenpoep, is het kruidenrijke gras niet meer goed bruikbaar als voeder voor de koeien. Uit ervaringen elders blijkt dat dit voor boeren grote problemen oplevert in de vorm van overdraging van ziektekiemen (Neospora) die koeien ziek en uiteindelijk onvruchtbaar kunnen maken.

Brug? De verbinding over de Vecht met Zuilen is nu niet meegenomen in de bijhorende begroting van het college, maar wel tekent het college op 3 plekken onderzoekslocaties hiervoor (hoofdstuk 4, “Gemaakte keuzes”, plattegrond “Toekomstbeeld” op pagina 57; 3 keer pijltjes “onderzoek nieuwe oeververbinding”). Het college wil de mogelijkheid tot een brug nader onderzoeken. Waarom? Er is geen geld voor en inwoners uit Zuilen hebben helemaal niet die wens uitgesproken. Zij vinden het gebied nu al prima bereikbaar. Je zou dan eerder wat aan de Franciscusdreef moeten doen, als je de bereikbaarheid van het gebied zou willen verbeteren.

Flora

18

Ook wil het college een jaagpad aanleggen langs de Vecht. Vanuit cultuurhistorisch oogpunt een interessant idee, maar er staan nu tientallen bomen en struiken langs de Vecht die beschutting en biodiversiteit geven. Wil het college deze bomen en struiken kappen? Dat lijkt ons toch niet de bedoeling, tenzij het college een ingrijpende aanpassing van de oever voornemens is, maar daar zijn de middelen niet voor gereserveerd. Dus aardig idee, maar zonder nadere onderbouwing, zeggen wij: “Niet doen. Besteed het geld liever aan verbetering van de watergangen en oevers in het plangebied.”

3.2 Versterken van de ecologie De natuurwaarden binnen het landgoed zijn waardevol. Een combinatie van bos en graslanden zorgt voor een landschap met bijzondere biodiversiteit. Er is variatie in boomsoorten en bij de vele oudere bomen zijn holtes aanwezig die zeer waardevol zijn voor vleermuizen en broedvogels. Binnen het landgoed ontbreekt echter een gradiënt tussen het bos en de weilanden. Zo’n overgangszone is zeer waardevol voor de biodiversiteit. Ook de oevers van de sloten zijn hard, waardoor de natuurwaarde hier beperkt is. De bossen en een deel van de graslanden maken deel uit van het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Een ander deel van het gebied is aangewezen als Groene Contour; dit zijn gronden waar kansen liggen voor natuurontwikkeling, om zo bij te dragen aan uitbreiding en versterking van het NNN. De groenstrook tussen sportpark Overvecht, het industrieterrein en de Slotboerderij is een belangrijke verbindingszone voor fauna. Zo kunnen soorten zich verplaatsen van Oud Zuilen naar de natuurgebieden ten noordwesten van de ring Utrecht. Oud Zuilen is een belangrijk ecologisch onderdeel van de Vechtscheg. Samen met de natuur rondom Fort aan de Klop en stadspark Vechtzoom vormt het een belangrijke ecologische verbinding tussen de binnenstad en het buitengebied.

Langs de Vechtdijk staat een waardevolle laan, beplant met essen en canadapopulieren. Binnen het park is een gemengd bosplantsoen aanwezig met voornamelijk inheemse [zomereik, beuk] en oude bomen [1920-1970] die zeer waardevol zijn voor de biodiversiteit. Langs de 2e Polderweg staan witte paardenkastanjes en schietwilgen. Er is geen onderzoek uitgevoerd naar de flora, waardoor het niet mogelijk is om een gedetailleerde beschrijving te geven van de aanwezige flora, met uitzondering van de bomen. Op basis van waarnemingen kan gesteld worden dat er enkele rode lijst soorten aanwezig zijn, zoals de wilde kievitsbloem, kamgras, oosterse morgenster en gewone agriomonie. Er zijn ook enkele Utrechtse plantensoorten aanwezig, zoals de brede bijenorchis, grote kattenstaart, grote keverorchis en wilde marjolein. De agrarische percelen bestaan uit grasland met enkele kruiden. Fauna In 2020 heeft ecologisch adviesbureau Viridis een Natuurwaardenonderzoek uitgevoerd op het landgoed. Daarbij zijn vleermuizen, broedvogels en overige zoogdieren gemonitord. Uit het onderzoek bleek dat het landgoed waardevol is voor een groot aantal vleermuizen. Er zijn verblijfplaatsen gevonden van rosse vleermuis, ruige dwergvleermuis, gewone dwergvleermuis en gewone grootoorvleermuis. Vooral voor de boombewonende rosse vleermuis en ruige dwergvleermuis heeft het gebied een grote waarde.

Er zijn vier kraamverblijfplaatsen van de rosse vleermuis vastgesteld. Uit het onderzoek komt naar voren dat het gebied hoge dichtheden aan broedvogels kan herbergen en de huidige waarde groot is voor vogels in een stedelijke omgeving. Tijdens de veldbezoeken zijn in totaal 36 vogelsoorten waargenomen, waarvan 31 soorten broedvogels met territoria. Uit het onderzoek blijkt dat de huidige waarde van park Oud Zuilen beperkt is voor grondgebonden zoogdieren. Er zijn in totaal acht soorten waargenomen tijdens het veldonderzoek. Deze soorten komen allemaal algemeen voor in Nederland. Groenbeleid Het Groenstructuurplan Utrecht presenteert de beoogde groene en recreatieve hoofdstructuur in 2030. Oud Zuilen is een omvangrijke en belangrijke schakel in die beoogde groenstructuur. Het ligt op de kruising tussen de Vechtscheg enerzijds en het groene

19

gebied tussen de oostelijke Vechtplassen en Lage Weide-Leidsche Rijn anderzijds. Het vergroten van de kwaliteit voor mens en natuur is één van de doelen van het Groenstructuurplan. De Vecht is een belangrijke ecologische verbinding tussen stad en het groene buitengebied. Deze visie op Landschap Oud Zuilen verhoogt de ecologische waarde en bioversiteit op en om het landgoed door gerichte landschappelijke ingrepen. Het ontwikkelt en verhoogt de kwaliteit van de groenstructuur. Meer ruimte voor natuur Uitgangspunt is het verbeteren van het ecosysteem en vergroten van de biodiversiteit. Daarvoor zijn meer gradiënten nodig tussen bos en open landschap, en tussen water en land. Voor het toevoegen van echt natuurlijke bosranden ontbreekt de ruimte. Het botst bovendien incidenteel met het historische landschapsbeeld. De voorkeur gaat daarom uit naar houtwallen of hagen, op de grenzen tussen paden, bospercelen en akkers. Natuurvriendelijke oevers van verschillende breedtes bieden niet alleen een extra en rijk leefmilieu voor plant en dier, maar verbeteren ook de waterkwaliteit.

20

Extensiever beheer bevordert de biodiversiteit eveneens. Een gebied dat gedurende [een deel van] het jaar echt voor honden en mensen ontoegankelijk is, zou de biodiversiteit ten goede komen. Dit ten behoeve van vogels en overige diersoorten. Een mogelijkheid hiervoor is het gebied van en rond de oostelijke kop van het Wandelbos. Acties: Toevoegen van nieuwe hagen, ook ter vervanging van bestaande hekken; Natuurvriendelijker maken van bestaande oevers, met name langs de noordzijde van Vechtdijk, de zuidzijde van de Polderweg en langs de voormalige Vechtloop in het midden; Streven naar kruidenrijk grasland; Minder frequent maaien en dood hout, waar mogelijk, laten liggen; Maak in ieder geval één gebied ontoegankelijk voor mensen en honden. Maak ook enkele secundaire wandelpaden in het bosperceel ontoegankelijk.

3.3 Perspectief van natuurinclusieve landbouw De boer (pachter) in het gebied werkt samen met Wij.land, een bureau gespecialiseerd in de ontwikkeling van natuurinclusieve landbouw. Ze maken plannen (en doen proeven) om naar een ander, toekomstbestendig model te gaan voor het agrarisch gebruik. Daarbij wordt rekening gehouden met de bodemsoort, een variatie in gewassen, het regeneratief bewerken van het land (bemesting, maaibeheer) en de rol van de koeien hierin. We willen daarom een lange-termijnperspectief zodat deze boer de kans krijgt om te laten zien hoe de transitie in de landbouw eruit kan zien.

Daarbij horen diverse actiepunten: Gezonde bodem: holistische kringloop, zodat er minder veevoeder hoeft te worden ingekocht; Behoud van ruim voldoende hectares zodat het vee in de weide kan staan en de grond gebruikt kan worden volgens circulaire principes; Het kunnen (en mogen) inzaaien andere mengsels en mogen “scheuren van gras” (eerder mocht volgens het pachtcontract van de gemeente niets anders dan Engels raaigras); Mogelijkheden bieden om akkerbouw te bedrijven op de zavelgronden, zoals de Grote Akker; Ook voor 1 juni mogen maaien (want op dit moment vormt het hoge gras een gevaar voor de kievitsnesten die worden leeggeroofd), de boer werkt nu al aan het afzetten en beschermen van nesten in samenwerking met een faunabeheerder; Kruidenrijke graslanden en graanakkers (insecten en vogels, verbeteren resistentie bodem) Soortenrijke voederhagen als afrastering; Betalen voor onderhoud en natuurbeheer; Alternatieve inkomsten toestaan en stimuleren: melktap, ruimteverhuur, softijs, lammetjesdag, etc.; Niet afplaggen van een goed stuk agrarisch land; dit levert een postzegel voor natuurontwikkeling op, die veel beter langs de zomen en sloten kan worden gecreëerd. Het college spreekt over ‘maximale natuurontwikkeling’, wat hoogstwaarschijnlijk neerkomt op het nastreven van een specifiek ‘natuurdoeltype’ dat agrarisch gebruik uitsluit.

Het uitsluiten van agrarisch gebruik op Perceel D bemoeilijkt de toekomstige bedrijfsvoering van de pachter en maakt kringlooplandbouw, dat juist vraagt om meer ruimte (extensiever, niet intensiever) praktisch onmogelijk. Wij vinden dit nogal vreemd, omdat provinciale regels voor de NNN het continueren van agrarisch [mede-]gebruik gewoon toestaan. Wij voorzien dat Perceel D het meest kansrijke perceel is voor een uitgebalanceerd beheer waarin landbouw en natuur op moderne wijze hand in hand gaan. Juist aan de rand van de stad is dit interessant, waarbij we ook ervaringen in natuurinclusieve landbouw kunnen opdoen waar andere stedelijke gebieden van kunnen leren.

21

d ar ga ] m euw o Bo e e 7e ot . 1 Gr in [m

K [p ast ré an -1 je 65 la 0] an

Grote Akker [min. 17e eeuw]

Wandelbos [1907-1912]

e nd wa nd 0] Ro 193 [± g

lin

ok ro ] st 69 en -19 m 3 Bo 95 [1

Kansen voor natuur Bosranden, houtwallen of hagen [indicatief] Natuurlijke oevers [indicatief] Hondenvrije zone [indicatief]

3.4 Samenwerking & positie van de boer als pachter 22

23

Zoals hierboven al besproken zijn er veel onwerkbare afspraken vastgelegd in het pachtcontract op initiatief van de gemeente, die de biodiversiteit in de weg zitten. Afspraken rond Engels Raaigras zijn hier een voorbeeld van. De boer heeft al vaker aangegeven zich hier niet toe te willen beperken, maar dit werd hem opgelegd door de gemeente. Wat wij ook zien gebeuren, is dat de gemeente alleen zeer korte pachtcontracten, recentelijk maar met een duur van 1 jaar, wil afsluiten met de boer. Dit zit de continuïteit en het langetermijn denken en investeren van het bedrijf enorm in de weg en vergroot de onzekerheid. Voor een boer die al zo lang in het gebied actief is, willen wij een betrouwbare, respectvolle partner zijn. De familie van deze boer zorgt al langer dan 100 jaar voor dit gebied. De pachter van het agrarisch gebied toont zich als een boer die graag innoveert en zoekt naar een vorm van natuurinclusief werken die niet alleen ruimte biedt aan een biologisch bedrijf, maar ook rekening houdt met de cultuurhistorische en natuurwaarden van het gebied. Daarmee heeft de gemeente een exploitant die een belangrijke bijdrage kan leveren aan de ambities die we als stad hebben. En bovendien heel veel kennis van het gebied heeft en gedragen wordt door de andere gebruikers van het gebied.

Echter, het startdocument van het college reduceert de rol van de pachter tot uitvoerder van per individueel perceel in detail opgelegd gebruik. Maak gebruik van de kennis en inzet van deze boer om tot een beheeren exploitatieplan te komen voor het gebied, niet alleen voor de agrarische percelen. Werk samen het nader plan (IPvE/FO) uit, met ondersteuning van de adviseur Wij.land en ga niet als gemeente vanachter de tekentafel bepalen wat de boer waar moet planten.

Bij Slot Zuylen zal vanaf het begin een ‘slotboerderij’ aanwezig geweest zijn, van waaruit de omliggende grond werd bewerkt en beheerd. Tenminste sinds de 17e eeuw is het gebruik van de agrarische percelen eeuwenlang afwisselend akkerbouw en weide geweest. Op de hiernaast afgebeelde plattegrond van het landgoed in 1650 is goed te zien hoe graslanden (in groen) en akkerbouwgronden [geel gestreept] elkaar afwisselden. Nabij het Slot is ook de Grote Boomgaard (in groen gestippeld) nog in zijn oorspronkelijke omvang zichtbaar. Na 1963 is de akkerbouw verdwenen; van de Grote Boomgaard resteert minder dan éénderde. Vanaf de 17e eeuw is in een aantal stappen ‘bovenop’ dit agrarische landschap een landgoed gerealiseerd, zonder de landbouw te verdrijven. Dit maakt nu een prettige, landschappelijke rondwandeling door het in oorsprong agrarische gebied mogelijk.

De Boomgaard De historische Grote Boomgaard weer als (al dan niet publieke) fruittuin in gebruik nemen. Behoud het gebruik van de boomgaard als paardenweide voor een deel van het jaar, zolang het niet conflicteert met het bovenstaande punt

3.5 Verbetering van de watergangen Watersturend De geologische ondergrond van water en bodem moet weer de basis gaan vormen voor gebruik en inrichting. Water Het peilgebied omvat, behalve landschap Oud Zuilen, tevens een deel van de wijk Overvecht. Het is in beheer bij waterschap De Stichtse Rijnlanden. Het vigerende streefpeil is in de zomer -0,60m NAP en in de winter -0,75m NAP. Gemaal De Klop loost vooral ‘s winters water op de Vecht. Bij droogte kan het gemaal geen water het gebied binnen laten. De waterbeheerder stelt dat de waterkwaliteit momenteel laag is (‘zichtbaar’), maar in potentie juist hoog (‘natuurlijk’). Verbetering van de waterkwaliteit is daarom een cruciale opgave. Afkoppelen van het Landschap van de rest van de wijk kan in het Landschap het gewenste natuurvriendelijke peilbeheer mogelijk maken

24

Een dergelijke ingreep is relatief eenvoudig uit te voeren. Er is geen (dure) investering in gemaal De Klop noodzakelijk; een bescheiden voorziening aan de 2e Polderweg volstaat. Om funderings-problematiek te voorkomen is op de kaart het gebied voor natuurvriendelijk peilbeheer buiten alle bebouwing om getekend. Het tijdig baggeren van de watergangen is ook een belangrijk aandachtspunt. De gemeente doet dit nu niet, blijkt uit een melding van een bewoner. Die kreeg het antwoord: “Deze watergang staat in de planning om gebaggerd te worden in 2028. Op dit moment kunnen wij niks doen.” En van de boer horen wij dat de (vuile) bagger op de weidegrond wordt gedumpt/gespoten.

3.6 Kleinschalige evenementen & horeca Evenementen Wij constateren dat er consensus is dat in het gebied alleen plaats is voor passende evenementen. Dit lijkt in het nieuwe plan van het college al wel beter, maar wat zijn “passende” evenementen? Wij vinden het onhandig dat dit begrip, “passend”, in het startdocument niet nader wordt toegelicht. We hebben gezien hoeveel discussie de locatieprofielen kunnen opleveren wanneer je in detail de regels probeert vast te leggen. Het lijkt ons een goed idee om een locatieprofiel op te stellen dat evenementen, anders dan kleinschalig en lokaal geïnitieerd of gericht, uitsluit. Wat willen wij? Echt kleinschalig. Wij denken aan: een oogstfeest, een keertje een ijscoman, activiteiten rondom Slot Zuylen en de boerderij, maar dus geen festivals. Horeca Er is reeds bestaande horeca. Deze vestigingen liggen vooral in een ‘banaanvorm’ om het gebied heen, zonder direct zicht op het landgoed. Alleen de Parel van Zuilen biedt dat zicht, maar deze ligt aan de overzijde van de Vecht. Het startdocument besteedt verder geen enkele aandacht aan het fenomeen horeca. Daarmee blijft het in het ongewis of en welke mogelijkheden het college wil bieden voor uitbreiding van horeca in het gebied. Er bestaat bij bewoners juist een zorg hierover. Wij bakenen het wel af.

Het enige dat wij willen toevoegen, is iets kleinschaligs voor passerende recreanten en bewoners bij de “entree” van het gebied. Wij stellen daarom voor om een onderzoek te doen naar de wenselijkheid en aard van een nieuwe kleinschalige horecalocatie bij de De Muinck Keizerbrug.

25

Verblijfsmogelijkheden Fruitboomgaard weer in gebruik nemen Bestaande en mogelijk nieuwe horeca Zones voor plaatsing extra bankje

26

3.7 Bevorderen van de (cultuurhistorische) beleving Slot, slotboerderij, landgoed en Fort Aan de Klop zijn beschermd rijksmonument. Bovendien zijn ze gelegen in het UNESCO werelderfgoed Hollandse Waterlinies. De kernwaarden van de Nieuwe Hollandse Waterlinie moeten worden behouden en zo mogelijk beleefbaar gemaakt worden. De cultuurhistorische waarden van het slot en het landgoed moeten worden behouden. Eén van de uitgangspunten voor de RSU is dat de historie en het cultureel erfgoed zijn beschermd en versterkt.

Slot Zuylen Slot Zuylen is de naamgever van het gebied. Rond 1250 bouwde Steven van Zuylen op de plaats van het huidige kasteel een stenen woontoren. Het speelde een rol in diverse aanvallen op de stad Utrecht en werd daarbij verschillende malen verwoest. In 1525 werd het slot opnieuw herbouwd en kreeg het de huidige omvang. De bekende architect Jacob Marot gaf het in 1752 het huidige uiterlijk. De bijbehorende slotboerderij dateert in zijn huidige vorm uit 1862. Het Slot ligt net over de Utrechtse gemeentegrens in Stichtse Vecht en is een beschermd Rijksmonument. Bij het Slot hoort een landgoed, dat grotendeels wél op Utrechts grondgebied ligt. Een deel van dit landgoed is eveneens beschermd rijksmonument.

Fort Aan de Klop Fort Aan de Klop markeert de zuidoostpunt van het landgoed. In 1819 ontstond tussen het departement van oorlog en de landheer een conflict over de aanleg van dit fort, als onderdeel van de Linie van Utrecht. Het fort kwam er toch. Het fort beschermde de Vecht, de 1e en 2e Polderweg, de Klopdijk en -vaart en de inundatiesluis in die vaart. De Polderweg vormde de grens tussen het veilige en het onveilige, geïnundeerde gebied, de zogenaamde hoofdweerstandslijn. Dit beperkte de bebouwingsmogelijkheden langs de Polderweg en voor het landgoed, omdat deze deels binnen de ‘verboden kringen’ kwamen te liggen. De relatie met het open schootsveld, de 2e Polderweg en de Vecht is door de aanleg van de Franciscusdreef verbroken. Het fort en het gebied ten noorden, waaronder het landgoed, is aangewezen als UNESCO werelderfgoed. Het fort is ook een beschermd Rijksmonument.

27

De afgelopen 50 jaar is de historische eenheid tussen gebouwd en onbebouwd erfgoed deels verloren gegaan. De gemeentegrens tussen Stichtse Vecht en Utrecht ligt sinds 1963 dwars door het landgoed. De Franciscusdreef doorsnijdt sinds 1970 het landgoed en vormt een forse fysieke barrière. Zowel Fort Aan de Klop als het Slot zijn zo hun binding met het omliggende landschap deels kwijt geraakt. Maar veel daarvan is nog te repareren.

Belangrijkste principe is het zo goed als redelijkerwijs mogelijk accommoderen van de verwachte autonome groei van gebruikers van het gebied, zonder dat met nieuwe trekkers verder te stimuleren. Dat betekent niet dat er niets hoeft te veranderen. Op sommige punten voldoet de huidige situatie niet, ook voor de huidige [potentiële] gebruikers. De meest in het oog springende kwestie is wat dat betreft de noordoosthoek van het gebied, waar de toegankelijkheid tekort schiet. Wie van die kant het gebied betreedt, kan het centrale Wandelbos slechts via een flinke omweg bereiken. Dit vereist het toevoegen van één voetpad van circa 100 tot 200 meter lengte, bij voorkeur parallel aan de Polderweg. In de rest van het gebied vormt het relatief grofmazige padenstelsel geen probleem en vraagt niet de enorme investeringen die het college hier wil doen.

Herstel van de zichtlijn Slot Zuylen-Vechtdijk Herstel van de Grote Boomgaard als Fruittuin; Herbouw van de duiventil langs de Slotlaan in moderne vorm, ten behoeve van vleermuizen; Onderzoeken van het in het landschap zichtbaar maken van de Verboden Kringen van het Fort; Onderzoeken van de mogelijkheden voor het versterken van de eenheid van het gebied met het grotere geheel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, met als mede-doel om Oud Zuilen beter te laten functioneren als ‘toegangspoort’ naar het Utrechtse buitengebied.

28

Een aantal eenvoudige maatregelen volstaan om fijn te kunnen hardlopen en wandelen zonder gevaar voor auto’s (verkeersveiligheid). Denk aan houtwallen langs de paden, mooie zichtlijnen en het verbeteren van het bestaande jaagpad. Enkele strategisch ten opzichte van routes en zichtlijnen geplaatste bankjes kunnen het gebruik van het landgoed, onder andere door de groter wordende doelgroep van ouderen, stimuleren. Toevoeging van meerdere bankjes met prullenbak, bijvoorbeeld aan de Vechtdijk tegenover de nieuwe zichtlijn op het Slot.

Fietsers, hardlopers en wandelaars Goed te zien is dat de gebieden Oud Zuilen en de Maarsseveense Plassen een duidelijke relatie met elkaar hebben. Met name voor wandelaars, wat minder voor hardlopers. Beide groepen gebruiken in grote meerderheid het tunneltje vanaf de Groeneweg, richting de westzijde van de Grote Plas. De gelijkvloerse kruising met de Karl Marxdreef bij het Gagelbos aan de oostzijde van de Plas functioneert minder goed. Een echt rondje wandelen of hardlopen is daardoor klaarblijkelijk niet aantrekkelijk genoeg. De fietsroute langs de Vecht hoort, samen met de Koningsweg en de Biltsestraatweg aan de andere kant van de stad, tot de drie best gebruikte recreatieve fietsroutes van Utrecht. Ook is zichtbaar dat de Zuilense Ring voor fietsers geen al te grote hindernis is.

De meeste paden zijn rolstoeltoegankelijk. Onverharde paden kunnen tijdens of vlak na een langdurige regenachtige periode wel verminderd toegankelijk zijn voor mensen met een beperking. Ontwerponderzoek moet uitwijzen of het Jaagpad rolstoeltoegankelijk gemaakt kan worden, zonder gezonde bomen op te offeren. Aanvullend kunnen bij de entrees van het gebied fietsenrekken komen.

opties nieuw wandelpad

wandelpad laten vervallen

als wandelpad aanhelen van 1e en 2e Polderweg

Toegankelijkheid Fietsstraten [auto toegestaan] Fiets- en wandelpaden Wandelpaden 219

218

245

Jaagpad als wandelpad opwaarderen

tezijnertijd één van beide afritten verwijderen

29

Essentaksterfte en het wel/niet kappen van bomen Helaas is in dit gebied flink sprake van de essentaksterfte. Wij willen stervende essen verwijderen en elders in het gebied 1-op-1 vervangen, zodat op de oorspronkelijke plek een ruimtelijke kwaliteitsverbetering haalbaar wordt. Dit speelt op twee locaties: Het verwijderen van 15 tot 20 essen aan de zuidoostzijde van de Grote Akker helpt bij het herstellen van de zichtlijn tussen Slot en Vecht. Het plaatselijk uitdunnen van de rij zieke essen op de Vechtoever kan ruimte vrij spelen voor zicht op de Vecht, zicht op het landgoed vanaf de overkant en wandelen en verblijven langs de Vecht. Het college zet in op het herstel van het Jaagpad langs de Vechtdijk, waar nu nog circa 130 bomen staan. Deze bomen zijn cruciaal voor de landschapsbeleving, omdat ze de bebouwing aan de overzijde van de Vecht aan het zicht onttrekken. Wij willen daarom een groot deel van de bomen zien te behouden, zolang ze niet getroffen worden door de essentaksterfte.

Verlichting Een natuurvriendelijk verlichtingsplan opstellen, waarin onder andere de genoemde opties onderzocht worden; Hiervoor een investeringsbudget reserveren. De randen van het landschap zijn grotendeels verlicht; daarbinnen is kunstlicht afwezig. Dit maakt het mensen mogelijk om ’s avonds veilig een rondje te lopen, terwijl de natuur grotendeels verschoond blijft van hinderlijk kunstlicht. Dit is een juiste afweging tussen menselijk gebruik en natuurbelang. Maar het kan beter. Drie mogelijk toepasbare, effectieve strategieën daarvoor zijn: Armaturen zodanig aanpassen dat licht uitsluitend gericht op het wegdek en een smalle strook daarnaast valt; Verlichting dynamisch maken, zodat deze ‘s nachts afschakelt als er niemand loopt of fietst; Natuurvriendelijk licht toepassen, waarin bepaalde frequenties zijn weggefilterd. De als laatst genoemde optie lijkt op het eerste gezicht de beste, omdat deze geen consequenties voor de sociale veiligheid heeft.

Aan de herplantplicht moet dan elders in het gebied voldaan worden. Op de kaart hieronder zijn daarvoor compensatiezones aangeduid.

31

Ma

nit ob

ad

re e

f

30

k tdij

h Vec er kk

nd

ra st

eA ot Gr

Athletiekbaan

oo

Essentaksterfte Essen [weghalen en elders compenseren] Essen [behouden of ter plekke vervangen] Mogelijke compensatiezones

Vechtdijk

32

33

4.

4. Financiën en uitvoerbaarheid

Begroting van ons initiatiefvoorstel versus startdocument van het college Het college wil een kleine 5 miljoen uitgeven om Natuurgebied Zuilen op de schop te gooien. Wij vinden dit echt zonde van het geld. Zeker in tijden van financiële krapte zien wij liever geld besteed worden aan het toevoegen van nieuw groen, zodat er daadwerkelijk groen wordt toegevoegd aan de stad. En dus niet voor het symbolisch omzetten van bestaand groen naar openbaar groen. Geld vrijspelen voor vergroening van groenarme buurten zoals Zuilen is veel belangrijker, daar geven we liever prioriteit aan. Natuurlijk willen wij wel kijken hoe we de kwaliteiten van het gebied kunnen versterken, want het is een mooi, uniek stukje Utrecht. In ons alternatieve plan zitten een aantal financiële keuzes waardoor er een verschil optreedt van 2,1 miljoen euro (minder kosten dan het plan van het college).

34

Per thema uit het startdocument hier de belangrijkste verschillen: 1 Maatregelen erfgoed In ons initiatiefvoorstel kiezen we voor herstel van de boomgaard en schuur, herstellen van de zicht-lijn naar het slot, verbeteren vechtoever en realiseren van een verblijf voor vleermuizen (‘duiventil’). We investeren daarmee extra in verbetering van cultuurhistorie t.o.v. collegevoorstel. 2 Maatregelen natuur Niet: het afplaggen van een agrarisch perceel. Dat levert nauwelijks natuurwaarden op en vermindert de mogelijkheid voor de boer om te schakelen naar natuurinclusieve landbouw; Wel: afspraken maken over natuurinclusieve landbouw meer investeren in natuurvriendelijke oevers, verbeteren van het waterpeil, baggeren watergangen en ander achterstallig onderhoud (deels met vrijwilligers), hagen en heggen planten, diervriendelijke LED-verlichting waar nodig. 3 Maatregelen natuurinclusieve landbouw Niet: pachter voorschrijven wat waar wel en niet mag worden geteeld; Wel: Samenwerken in het beheer met de pachter van bospercelen/watergangen die ook zorg-vuldig en tijdig gebaggerd moeten worden. In ons voorstel krijgt de boer (pachter) een duidelijke rol in het beheer van het gebied. Eigenlijk is dit nu al het geval, maar is hier nog weinig erken-ning voor.

We zien dat de gemeente de basis niet op orde heeft in haar eigen beheertaken en de boer, die het gebied goed kent en er elke dag aanwezig is, nu al positief bijdraagt aan het beheer en vergoedingen kan ontvangen (dankzij landelijke regelingen voor agrarisch natuurbe-heer) voor zijn werkzaamheden.

35

4 Maatregelen wandelen, sport, spelen Niet: rondwandeling rondom sportpark; en minder struin- en wandelpaden (ca. -75%) / bruggetjes; Wel: verbeteren bestaande paden (door toevoegen van houtwallen en voedselhagen), bomenpad en natte voetenpad, 2 speelplekken. 5 Maatregelen zonering Niet of minder: investeren in de entreezones; Wel: afmeervoorziening kano’s, bankjes en fietsparkeren. 6 Maatregelen toegankelijk, bereikbaar, vindbaar Niet: aanpassen Vechtdijk, geen onderzoek naar een brug over de Vecht; Wel: verbeteren van het bestaande jaagpad en de onderdoorgang J.M de Muinckbrug. Dit leidt tot het volgende (vergelijkende) kostenplaatje:

36

Tot slot kunnen we samengevat de volgende drie punten concluderen: 1. Wij geven minder geld uit, door sommige ingrijpende maatregelen niet uit te voeren, en tegelijkertijd weten we belangrijke andere maatregelen uit te voeren die de kwaliteiten van het gebied versterken; 2. Wij kiezen voor samenwerken met derden, die reeds (lange tijd) betrokken zijn in het gebied; 3. Wij vragen aandacht voor het structurele beheer van het gebied, dat niet vergeten moet worden.

Investeringen

Startdocument B&W Maatr. erfgoed 156 Maatr. natuur 741 Maatr. natuurinclusieve landbouw 265 Maatr. wandelen, sporten, spelen 2.022 Maatr. zonering 573 Maat. toegankelijk, bereikbaar, vindbaar 962

Intiatiefvoorstel CDA 352 957 95 617 455 114

Verschil 196 216 -170 -1405 -118 -848

Totaal (*1.000 €)

4.721

2.590

-2.129

Afgerond (in mln. euro’s)

4,7

2,6

-2,1

37

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=783e3490-fe50-4987-acc0-d26aaaa65d4a