CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk (december 2022).pdf

Gemeenteraad 1 december 2022, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk25.618 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Ongewenste hoogbouw: Hoogbouw zonder setbacks, dit zorgt voor valwinden en veel schaduw. Bergingen/parkeren op de begane grond, hierdoor voelen straten doods aan.

Gewenste hoogbouw: Hoogbouw met setbacks, dit vermindert windhinder en schaduw. Maatschappelijke functies/bedrijven/ wonen in de plint zorgt voor meer levendigheid op straat.

Hoogbouwprincipes Bij het toevoegen van hoogbouw is het belangrijk rekening te houden met bepaalde hoogbouwprincipes om te zorgen dat het aangenaam blijft op straat. Het ontwerp van hoogbouw past goed bij de straat en heeft geen ongewenste wind- en schaduweffecten. Dat kan bijvoorbeeld door setbacks in het gebouw toe te passen. Een setback breekt valwinden en zorgt voor minder schaduw op straat. Ook ontstaat er door deze schaalverkleining in de onderste lagen van het gebouw een menselijke maat, wat bijdraagt aan een prettig verblijfsklimaat.

De begane grond (‘plint’) van hoogbouw krijgt een levendige uitstraling, zowel qua functies als details in het ontwerp. Dit kan bereikt worden met ruim ontworpen entreelobbies en het toevoegen van (kleinschalige) maatschappelijke functies en/of bedrijvigheid. Ook woningen op de begane grond dragen bij aan een levendig straatbeeld. Parkeerlagen en bergingen moeten zoveel mogelijk uit het zicht blijven.

Belangrijk aandachtspunt bij de toepassing van hoogbouw is verder het effect op de omgeving en het effect op de woonkwaliteit van de woningen die in een hoog gebouw komen. Doordat zo’n gebouw vaak aan een infrastructuurzone ligt, is extra aandacht nodig voor het weren van geluid en voor de voor de luchtkwaliteit. Het is niet de bedoeling dat er woningen komen die alleen uitkijken op de bijvoorbeeld een belangrijke kruising.

Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk - 75

76 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

6. Wonen Leefbaarheid en menging

De waarden: in de wijken is woonruimte voor iedereen

De wijken zijn in 2040 sterk, met kansen voor iedereen omdat er een gevarieerd woningaanbod is. Er zijn woonkansen voor ouderen, jongeren, doorstromers, hulpbehoevenden en starters. Ook in de komende twintig jaar blijven de wijken betaalbaar voor mensen met een laag en middeninkomen. Daarom is het doel het aandeel sociale huurwoningen te handhaven en daarbinnen meer balans te brengen tussen de verschillende prijssegmenten en de verschillende woningtypen. Nieuwbouw en verdichten maakt het mogelijk nieuwe kwaliteit toe te voegen voor verschillende doelgroepen. Bij renovatie en nieuwbouw van flatgebouwen krijgen deze op de begane grond woningen of bedrijfs- en kantoorruimtes in plaats van bergingen, wat bijdraagt aan meer sociale veiligheid op straat. De wijken ontwikkelen zich meer tot een mix van wonen en werken.

Bestaand Utrecht streeft naar gemengde wijken, maar elke wijk heeft wel zijn eigen karakter. Kanaleneiland en Transwijk zijn vooral betaalbare wijken die goede woningen bieden in een aantrekkelijke omgeving. Vooral aan mensen met een laag en middeninkomen. In de afgelopen twintig jaar is een flinke slag gemaakt om de wijken een gemengder karakter te geven. Het aandeel sociale huur is verminderd, het aandeel middenhuur en betaalbare koop is vergroot. Er zijn meer verschillende soorten woningen gekomen door nieuwbouw van eengezinswoningen, studentenwoningen, friendswoningen en woningen met zorgvoorzieningen voor ouderen. Ook renovatie, verbouw en verkoop hebben hieraan bijgedragen. Toekomst In de komende twintig jaar blijven Kanaleneiland en Transwijk betaalbare wijken. Daarom is het de bedoeling dat het aandeel sociale huur gelijk blijft. Daarbinnen willen we wel meer variëteit aan brengen. Die is nodig om de diverse soorten huishoudens en inkomensniveaus in de wijk te kunnen bedienen. Bewoners kunnen daardoor binnen Kanaleneiland en Transwijk doorstromen, bijvoorbeeld naar een ruimere woning als je inkomen stijgt, of naar een ouderenwoning als je minder goed de trap op kunt. Meer variatie gaat

Een veel gehoord bezwaar vanuit de bewoners is dat meer menging in de woningvoorraad niet heeft geleid tot meer menging in de samenleving, maar juist tot tweedeling. Zij zien door sloop en verkoop van sociale huurwoningen en nieuwbouw van duurdere woningen nieuwe bewoners instromen – ‘yuppen’ – die zich weinig of niet verbinden met de mensen die al in Kanaleneiland wonen. Deze bewoners ervaren dat menging de segregatie eerder heeft vergroot dan verkleind. Zij zijn niet per se tegen menging, maar willen wel graag dat deze meer aansluit op de wijk zelf en op wat er nu is. Bewoners of hun kinderen die nog thuis wonen uiten ook de vrees dat zij ten gevolge van deze veranderingen uit de wijk worden verdrongen. Zij vinden daarom dat bewoners van Kanalen­ eiland en Transwijk voorrang moeten krijgen op woningen in de wijk.

dus niet alleen over de prijs, maar ook over de grootte, de indeling en het type woning of over bijzondere woonvormen als woongroepen voor ouderen en friendswoningen. Die variatie kunnen we op verschillende manieren realiseren: door (vervangende) nieuwbouw, door verbouw van bestaande woningen, door omzetting naar een ander prijssegment en door verkoop. Door toevoeging van nieuwbouw kan het aantal en aandeel sociale huurwoningen worden gehandhaafd. Nieuwbouw brengt bovendien meer variatie en nieuwe kwaliteit in de sociale huur, met name ouderen kunnen daardoor langer zelfstandig in de wijk blijven wonen. Meer variatie, betaalbaarheid en doorstroming bevorderen we met algemeen stedelijk beleid voor onder meer middenhuur, betaalbare koop, wooncoöperaties, opkoopbescherming en woningtoewijzing. We bekijken of we hierin in specifieke situaties meer maatwerk kunnen leveren als dat de gewenste ontwikkeling ten goede komt.

6.1 Sociale huur De huidige voorraad sociale huur In Kanaleneiland en Transwijk staan nu ongeveer 4.600 sociale huurwoningen; dat is ongeveer 48% van het totaal aantal woningen in beide wijken (stand 1-1-2020). Het grootste deel hiervan zijn

78 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

Stand 2020

Kanaleneiland

Transwijk

Totaal

Inwoneraantal

ca. 16.700

ca. 5.400

ca. 22.100

Woningaantal

ca. 6.900

ca. 2.700

ca. 9.600*

*Excl. onzelfstandige eenheden

Waarvan sociale huur

ca. 3.600

ca. 1.000

ca. 4.600

= ca. 48%

Bestaande woningvoorraad

woningen van de woningcorporaties (ruim 4.300). Daarvan behoort ca. 93% tot de ‘kernvoorraad’: woningen die toegankelijk zijn voor huishoudens met een laag inkomen. Toekomst sociale huur Stadsbreed is het streven dat in 2040 de woningvoorraad voor 35% uit sociale huurwoningen bestaat. Dat percentage kan per wijk of buurt verschillen. Het richtpercentage voor het aandeel sociale huur is 48% en geldt voor Kanaleneiland en Transwijk als geheel. Als het beter is voor de diversiteit van woningen in prijs, type en grootte in de wijk of delen daarvan, dan kan in afzonderlijke projecten het percentage hoger of lager zijn. Dat moet dan met argumenten worden onderbouwd. Daarbij gelden de uitgangspunten van het woonbeleid voor de gehele stad. De ontwikkeling in de bestaande voorraad dient daarin te worden meegenomen. Ook de kwaliteit en het prijsniveau

zijn van belang. Door in een nieuwbouwproject wat meer duurdere woningen op te nemen kan de opbrengst daarvan gebruikt worden om de kwaliteit van de sociale huur te verhogen of de huurprijzen laag te houden. Bijvoorbeeld om aantrekkelijke en betaalbare woningen voor ouderen te realiseren of goedkope wooneenheden voor jongeren. Gevarieerd aanbod, ook binnen de sociale sector In de sociale huur bestaan verschillende huurniveaus. Inkomen, leeftijd en huishoudensgrootte bepalen tot welk huurniveau een huishouden kan gaan. Daarom is het van belang om in de toekomst in de sociale huur een evenwichtig aanbod in huurniveaus te hebben. We kunnen dit realiseren door het aandeel duurdere sociale huurwoningen te vergroten waardoor mensen die wat meer gaan verdienen in de wijk kunnen doorstromen. Voor mensen met een wat hoger inkomen is er in de sociale huur nu weinig

beschikbaar in Kanaleneiland en Transwijk (ongeveer 300 woningen ofwel 7% van het aantal sociale huurwoningen). Het aantal en aandeel duurdere sociale huur willen we daarom vergroten. Er kan ook meer variatie komen door bijvoorbeeld juist voor ouderen in te zetten op het goedkopere segment in de sociale huur. Bij veel ouderen gaat het inkomen immers naar beneden. Aan de andere kant is er ook vraag naar woningen voor jongeren met een laag inkomen. Jongeren zijn gebaat bij woningen in het goedkoopste segment. Onder de 23 jaar kunnen zij alleen terecht in de goedkoopste huurwoningen, anders kunnen zij geen huurtoeslag krijgen. Kleine woningen voor jongeren zijn er momenteel nauwelijks in dat prijssegment. Binnen de sociale huur moet er niet alleen een gevarieerd aanbod zijn in prijs, maar ook in type, grootte en andere kwaliteiten van de woning. We willen dat dit aansluit op de verscheidenheid aan huishoudens die in Kanaleneiland en Transwijk willen wonen. Het betreft bijvoorbeeld de grootte en samenstelling van het huishouden, het inkomen en de leeftijd. Renovatie, verbouw, een extra woonlaag, splitsing, sloop/nieuwbouw zijn middelen om die variëteit in de loop der jaren te bereiken. Zo zorgen we voor een in prijs en kwaliteit gevarieerd en evenwichtig aanbod aan sociale huurwoningen

in samenhang met de behoefte van de verschillende doelgroepen.

6.2 Middensegment nu en over 20 jaar

Het middensegment bestaat uit woningen in de middenhuur en de goedkope en betaalbare koop. Het aandeel van het middensegment is vooral in Kanaleneiland de afgelopen jaren sterk gegroeid, met name door (vervangende) nieuwbouw en verbouw. Ongeveer 40% van de woningvoorraad behoort nu tot het middensegment, waarvan de helft huur en de helft koop. De middenhuur is voor veel huishoudens een tussenstap. Zij willen vervolgens doorstromen naar koop. Betaalbare koop biedt perspectief voor wie in de wijk wooncarrière wil maken Door de grote druk op de woningmarkt lopen huur- en koopprijzen echter sterk op. Daarom stelt de gemeente eisen aan de huurprijs en de huurprijsstijging bij nieuwe woningen in de middenhuur. Ook aan nieuwe koopwoningen in het middensegment wil de gemeente meer voorwaarden stellen om ervoor te zorgen dat deze woningen voor middeninkomens betaalbaar blijven. Wooncoöperaties zouden voor het middensegment eveneens oplossingen kunnen bieden. Daarmee kunnen we inspelen op de ontwikkelingen in de woningmarkt.

Betaalbaarheid en woonwensen Over de betaalbaarheid van de woningen, nu en in de toekomst, hebben veel mensen hun zorgen geuit. Zij hebben die zorgen vanuit verschillende motieven: vanuit hun eigen woon­perspectief of dat van hun kinderen (‘kan ik hier nog wel blijven wonen, of kunnen mijn kinderen hier wel een huis krijgen?’) of vanuit de vrees vervreemd te raken van de eigen buurt (‘er wonen hier straks alleen rijke yuppen’) of vanuit een mantel­zorg­situatie. Het vraag­ stuk heeft daarom een directe relatie met de andere vraagstukken. Een breed geuite wens vanuit de wijk is, dat er meer geschikte woningen voor ouderen komen, bijvoorbeeld door liften bij te plaatsen. Andere voor­stellen die bewoners hier­voor inbrachten zijn kangoeroe­woningen, woning­ruil, voor­rangs­regelingen voor ouderen en mantel­zorgers en vormen van samen­ wonen. Denk aan woon­groepen of friends­woningen. Er moet dan ook een oplossing komen voor de kosten­delers­ norm. Ook voor jongeren kunnen deze woon­vormen een oplossing bieden.

Recent gerenoveerde appartementen van Mitros langs het Amsterdam-Rijnkanaal

6.3 Het dure segment

Het dure segment (huur en koop) is in Kanaleneiland en Transwijk beperkt aanwezig (5%). Dit segment kan voor de wijk en de stad een functie hebben voor doorstroming van met name ouderen uit eengezinswoningen. Daarvoor dient het aanbod aantrekkelijk te zijn waar het gaat om de kwaliteit van de woning, de woonomgeving en eventuele woon- en zorgdiensten. Het dure segment draagt er bovendien aan bij om het hoge aandeel sociale huur mogelijk te maken.

6.4 Ouderen

De bevolking vergrijst: er komen steeds meer ouderen en zij vormen een steeds groter deel van de bevolking. Bovendien worden ouderen steeds

80 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

ouder en daardoor ook steeds meer afhankelijk van zorg. In Kanaleneiland en Transwijk is dat niet anders. Het aantal 65-plussers neemt naar verwachting tussen nu en 2040 met een derde toe (van ruim 1.200 naar ruim 1.600). De vraag naar zorg is in Kanaleneiland en Transwijk relatief groot (16-20% van de 65-plussers maakt gebruik van Wmo-zorg). Kanaleneiland en Transwijk zijn echter wijken met een woningvoorraad die weinig is ingesteld op ouder worden en op zorgvragen. Ondanks aanpassingen in het (recente) verleden zijn er veel flatwoningen zonder lift. Is die lift er wel dan is de indeling van de woningen niet altijd geschikt voor mensen die minder mobiel zijn en die zorg aan huis nodig hebben. Verhuizen naar een geschiktere woning is dan de enige oplossing, maar die

woningen moeten er dan wel zijn, liefst in de eigen vertrouwde omgeving. Daar ligt nog een forse opgave. Die opgave betreft niet alleen de woningen, maar ook de woonomgeving en de nabijheid van voorzieningen. Uitgangspunt is vooral in de directe omgeving van voorzieningen de nieuw- en verbouw vooral te richten op huisvesting voor ouderen. Voor kwetsbare ouderen staat 10 minuten lopen gelijk aan een afstand van 500 meter. Dat kunnen ‘gewone’ appartementen zijn die ook voor anderen aantrekkelijk zijn, maar wel geschikt zijn of makkelijk geschikt te maken zijn om er te blijven wonen, ook als er meer zorg nodig is. Daarnaast zijn er ook woningen en woonvormen die specifiek

Zoekzone verdichtings­ locaties die geschikt zijn voor woonvormen voor ouderen

Legenda zoekzone verdichten met woningen zoekzone specifieke woonzorgwoningen

voor ouderen bedoeld zijn, bijvoorbeeld woon- en leefgemeenschappen voor ouderen in allerlei vormen en voor allerlei doelgroepen. Denk bijvoorbeeld aan een woongroep voor ouderen met een bepaalde sociaal-culturele achtergrond. Daarbij horen ook ontmoetingsruimten. Kanaleneiland en Transwijk zijn op dit moment goed voorzien van woonzorgcentra voor ouderen die intensieve zorg nodig hebben. Deze woonzorgcentra hebben een functie voor de gehele stad. De vraag naar intensieve zorg zal de komende jaren door de vergrijzing flink toenemen. Bij het aanbod zal daarbij de nadruk steeds meer

komen te liggen op woonzorgvormen waar ouderen zelfstandig kunnen blijven wonen. Belangrijk is dat de woningen voor ouderen aantrekkelijk en betaalbaar zijn. Veel ouderen in Kanaleneiland en Transwijk hebben een laag inkomen. Zij kunnen alleen verhuizen naar woningen in de kernvoorraad van de sociale huur. In de nieuwbouw moeten we daarmee rekening houden. Dat is niet alleen voor de ouderen en de zorg van belang, maar ook voor de doorstroming waardoor grote betaalbare woningen voor gezinnen vrijkomen.

Er is overigens ook aanbod nodig voor ouderen met een hoger inkomen of vermogen, in het midden en het dure segment. Dat kan de doorstroming uit koopwoningen bevorderen.

Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk - 81

Appartementencomplex Churchilllaan met op de begane grond de bibliotheek en wijkbureau Zuidwest. Wonen en werken in hetzelfde gebouw.

In deze omgevingsvisie geven we in bijgevoegde kaart (zie pagina 81) een aantal locaties aan die geschikt zijn voor het realiseren van een nieuwbouw woon-zorgcomplex. Het gaat om locaties die aan twee voorwaarden voldoen: • De locatie komt stedenbouwkundig gezien in aanmerking transformatie of vernieuwing • De locatie ligt binnen 10 minuten (langzaam) lopen van een winkelcentrum/voorzieningen centrum.

82 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

Recent opgeleverde woningbouw op het voormalige ziekenhuisterrein Oudenrijn

6.5 Ontwikkeling mix wonen en werken

Het groeiende aantal ZZP’ers en de toename van flexwerken heeft ertoe geleid dat wonen en werken in de wijken steeds meer samengaan. Meer wijkbewoners werken vanuit huis of zoeken plekken waar faciliteiten gedeeld kunnen worden. Naast zelfstandige bedrijfs- en kantoorruimtes en bedrijfsverzamelgebouwen voor (creatieve) ondernemers kunnen er verschillende woonwerkconcepten gerealiseerd worden waar in hetzelfde gebouw gewoond en gewerkt wordt.

Ook is er ruimte voor het realiseren van zelfstandige kantoor- en bedrijfsruimtes op de begane grond van appartementsgebouwen.

Voorbeeld plintaanpak stempels Een voorbeeldproject voor de plintaanpak is in Kanaleneiland-Noord te vinden, tussen de Rooseveltlaan, Trumanlaan, het Attleeplantsoen en de Van Heuven Goedhartlaan. In deze stempels heeft Mitros een transformatie uitgevoerd waarbij garages op de begane grond omgevormd zijn tot nieuwe woningen.

Kanaleneiland-Noord voormalige situatie

Kanaleneiland-Noord nieuwe situatie Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk - 83

84 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

7. Werken en voorzieningen De waarden: passende voorzieningen en voldoende werkruimte bij de veranderende stad en wijken

Kanaleneiland en Transwijk hebben in 2040 een groot en gevarieerd publiek dat van voorzieningen gebruik wil maken. Deze mensen wonen of werken in Kanaleneiland en Transwijk, of in de omliggende wijken die zich hebben ontwikkeld tot stedelijke woonwerkgebieden. Zij maken gebruik van de voorzieningen voor zorg, onderwijs, informatie, werk, recreatie, sport, ontmoeting en ontspanning. De voorzieningen die er nu zijn, blijven. De huidige voorzieningen voldoen voor de toekomst, maar er is behoefte aan meer sport, recreatie, horeca en ruimte voor gemeenschappen. Waar nodig, groeien ze mee met de bevolkingsgroei. Sportvoorzieningen worden zo snel mogelijk uitgebreid, want er is nu al een tekort. Veel verschillende mensen, dus veel verschillende voorzieningen. Een combinatie van algemene voorzieningen en maatwerk maakt het aanbod passend. Dat brengt een divers aanbod met zich mee bij de commerciële voorzieningen. De maatschappelijke voorzieningen zijn deels

algemeen, zoals sport, deels voor specifieke doelgroepen, zoals jongerenwerk. In Kanaleneiland en Transwijk is in 2040 voldoende fysieke ruimte voor maatschappelijke voorzieningen en gemeenschappen zoals bijvoorbeeld kerken, moskeeën en buurtorganisaties, waarbij mogelijkheden worden geschept voor zelfbeheer. De groei van de stad vertaalt zich ook in Kanaleneiland en Transwijk in een stedelijke dynamiek van wonen en werken. Het aantal werklocaties in de wijken groeit mee met het aantal inwoners. 7.1 Locaties, draagvlak en doelgroepen Locaties Alle voorzieningen, commercieel dan wel maatschappelijk, zijn in principe ondergebracht in de voorzieningenstroken die van oudsher in de wijk bestonden en in het winkelcentrum Nova. Het is belangrijk voor de leefbaarheid van de wijkbewoners om de voorzieningen te behouden. Bovendien zijn alle voorzieningen voor iedereen in de wijk binnen 10 minuten wandelen of fietsen bereikbaar. Nieuwe doelgroepen, grote draagkracht Doordat er meer en gevarieerdere woningen en werklocaties in de wijken beschikbaar komen, zijn

Jongeren op één Tijdens de participatiegesprekken noemden de bewoners dat bestaande ruimtes en gebouwen voor jongeren veel vaker en langer open zouden moeten zijn. Over hoe lang en tot hoe laat verschillen de meningen. Je kan hierbij denken aan scholen die veel leeg staan en aan buurthuizen die hun openingstijden zouden kunnen verruimen. Ook zou de gemeente voor jongeren­ voorzieningen een vast en duidelijk aanspreekpunt/loket moeten hebben dat makkelijk te vinden is en er is behoefte aan meer voorzieningen voor jongeren. Bewoners over sport: Bewoners willen graag meer sport­ voorzieningen, vooral voor jongeren. Een concreet voorbeeld is een crossbaan voor fietsers.

er in 2040 ook meer en nieuwe bewoners, nieuwe werkplekken en gebruikers van voorzieningen. Dit leidt tot een verbreding en vergroting van het draagvlak voor maatschappelijke, culturele, sociale en economische voorzieningen. Er ontstaat bijvoorbeeld meer behoefte aan voorzieningen voor horeca, recreatie en creativiteit. Ook de omliggende wijken (Merwede, Groenewoud, Papendorp, A12-zone) en de regio zorgen voor meer draagvlak. Andersom geldt dat ook; deze nieuwe wijken bieden voorzieningen waarvan de bewoners uit de wijken Kanaleneiland en Transwijk gebruik kunnen maken, zoals een wijkcultuurhuis, zorg en commerciële voorzieningen. Met de groei van het aantal inwoners in Utrecht moet de werkgelegenheid mee kunnen groeien. Een belangrijk deel van deze nieuwe arbeidsplaatsen moet een plek vinden in Utrechtse

86 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

wijken zoals Kanaleneiland en Transwijk. Dit betekent de noodzaak van meer vierkante meters voor werkfuncties. Voor specifiek deze wijken gaat het voornamelijk om de volgende type werklocaties.

aan nieuwe vormen van stedelijk bouwen waar wonen en werken in nieuwe bouwvormen samengaan. Op zulke plekken kunnen soms ook activiteiten van en voor wijkbewoners plaatsvinden.

Vanuit de wijk is er behoefte en vraag naar betaalbare bedrijfsruimtes en werkplaatsen waar (jonge) ondernemers en creatieve makers zich kunnen vestigen en doorgroeien. Het gaat dan om kleine, zelfstandige bedrijfsruimtes en bijvoorbeeld werkunits op de begane grond van flats, met als uitgangspunt dat het past bij de directe (woon) omgeving.

Effect op de omgeving De toename van flexwerken en thuiswerken zorgt er voor dat ook in wijken met een sterk woonprofiel overdag meer mensen thuis of in de directe omgeving van hun huis werken. Met nieuwe woon-werk concepten komen de wijken tegemoet aan de veranderende behoeften van onder andere zzp’ers, kleine (creatieve) ondernemingen en thuiswerkers. De openbare ruimte kan met groen en openbare voorzieningen tegemoet komen aan de behoefte voor ontmoeting en ontspanning tijdens werkpauzes. Het Rondje Stadseiland vormt hiervoor ook een aantrekkelijke (recreatieve) parkomgeving die met functies als horeca ook bovenwijkse aantrekkingskracht kan genereren.

Vanwege de ligging van de wijken ten opzichte van het stadscentrum, de Merwedekanaalzone en Papendorp is er een groeiende vraag naar bedrijfsverzamelgebouwen voor creatieve en innovatieve ondernemers. Deze kunnen gerealiseerd worden in bestaand vastgoed dat wordt herontwikkeld, maar ook kan worden gedacht

7.2 Commerciële voorzieningen Winkels Voor de economische vitaliteit van winkels en overige publieksgerichte voorzieningen is door het veranderende consumentengedrag – minder fysieke bestedingen, meer online aankopen – clustering in een beperkt aantal gebieden nodig. Dit vergroot de kansen en mogelijkheden voor een rendabele bedrijfsvoering voor ondernemers ten opzichte van solitaire vestigingen en het draagt bij aan een aantrekkelijke mix van functies voor bezoekers en consumenten. In Kanaleneiland en Transwijk zijn meerdere voorzieningenclusters gelegen. Twee voorbeelden: Winkelcentrum Nova heeft als stadsdeelcentrum een groot verzorgingsgebied en kan zijn aantrekkingskracht op een breed publiek versterken in combinatie met andere publieksgerichte functies

zoals horeca, cultuur, sport, wonen boven winkels en maatschappelijke voorzieningen. Winkelcentrum Vasco da Gamalaan is een buurtcentrum en heeft een belangrijke functie voor het direct omliggende verzorgingsgebied. Gelet op het belang van gezonde economische vitaliteit van winkelcentra en voorzieningenclusters in de wijken, wordt uitbreiding van het aantal winkelgebieden niet voorzien. Horeca Ondernemers kunnen met een diversiteit aan horeca-concepten inspelen op ontwikkelingen, zoals de toe­genomen mix van wonen en werken in de wijken, eten en drinken in de wijken, de boven­wijkse aantrekkings­kracht van het Rondje Stads­eiland, de komst van bewoners en bedrijven in de nieuwe omliggende gebieden Merwede­kanaal­zone en Papen­dorp en de veranderende vrijetijdsbesteding.

In planontwikkelingen wordt ruimtelijk rekening gehouden met horeca-initiatieven waarbij de locatie en het concept bepalend zijn voor de mate van betekenis voor de omliggende omgeving. Verbondenheid van horeca met de wijken en haar bewoners, passend bij het nieuwe werken en het wonen in de stad verdient ruimte om zich in de wijken te vestigen. Ook biedt de horeca werk­gelegenheid. Horeca kan zich vestigen in of rond­om de winkel­centra, bij werk­locaties en afhankelijk van de functies ook in de voorziening­ stroken of in de Kanaalzone.

Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk - 87

Nieuwe trekpleister Om de trots op de wijk, ook wel de factor T genoemd, te vergroten opperden bewoners om een bazaar te huisvesten in de wijk. De vraag is of dat een levensvatbaar initiatief is en welke effecten iets dergelijks in de wijken heeft. De andere detailhandel komt wellicht onder druk te staan en het is de vraag hoe de bazaar vorm kan krijgen; als één groot gebouw (foodhal) of door het clusteren van individuele winkels rondom een supermarkt. Het realiseren van een tokkelbaan of abseilmuur werden ook genoemd voor factor T. Het zijn niet de belangrijkste trotsmakers maar wel aantrekkelijke. Ze komen ook in andere grote steden voor (Rotterdam: abseilen van de Euromast, Amsterdam: mega-schommelen boven op voormalig shell-gebouw). De attractie zou in Kanaleneiland vorm kunnen krijgen door gebruik te maken van de typische eigenschappen van die wijken: hoge bebouwing en veel ruimte daartussen.

88 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

7.3 Maatschappelijke voorzieningen Zorg- en ondersteuning In de van oorsprong bestaande voorzieningenstroken zitten nu gezondheidscentra en zorgvoorzieningen en deze willen we behouden. In de Marco Pololaan komt een (vervangende) zorgvoorziening met apotheek, huisartsen, fysiotherapie en andere zorgaanbieders. Dit behoudt de zorgvoorzieningenstructuur in Kanaleneiland-Zuid. Bij eventuele herontwikkeling van winkelcentrum Nova is het behouden van het zorgcenrum belangrijk. Cultuur Uit recent stadsonderzoek en de participatie blijkt dat de bewoners van Kanaleneiland en Transwijk relatief weinig gebruik maken van culturele voorzieningen in de binnenstad. Ook blijken zij minder tevreden over het huidige aanbod in de eigen wijk. Tegelijkertijd is het in heel Utrecht voor wijkbewoners, organisaties en ondernemers lastig om ruimtes te vinden voor hun culturele activiteiten, ook buiten het stadscentrum. Vanuit die gedachte is het gewenst in de voorzieningenstroken voldoende passende en betaalbare ruimte aan te bieden voor het genieten van en deelnemen aan cultuur. Het BOKS Jongerencultuurhuis kan als inspiratiebron dienen in de manier waarop zij vanuit haar standplaats op de Peltlaan aansluit bij de creatieve behoeftes en talenten van een specifieke groep wijkbewoners. Kanaleneiland en Transwijk

verdienen in 2040 een groter en diverser aanbod van zulke plekken waar bewoners op loopafstand terecht kunnen voor ontmoeting en creativiteit. Onderwijs Er zijn in 2021 genoeg basisscholen en middelbare scholen in de wijken. De bestaande huisvesting voldoet. Op grond van de verwachte groei van de bevolking, vooral door het bouwen van extra woningen, hoeft het aantal basisscholen niet te groeien. Deze blijven waar ze nu zitten. Als dat nodig is wordt de groei van het aantal leerlingen opgevangen door renovatie of uitbreiding van de bestaande basisscholen. Voor middelbare scholen en scholen voor beroepsonderwijs geldt dezelfde situatie, met een verschil in plaatsingsbeleid: in het nieuwe plaatsingsbeleid spelen de adressen van de leerlingen een rol. Dat betekent dat ze minder uit andere wijken zullen komen. De verwachting is dat het aantal scholen volstaat. Welzijn Voor jongeren is vooral een buurthuis of jongerenhuiskamer van belang dat ruime openingstijden heeft en sociaal veilig is. Naast het centrum dat in Kanaleneiland-Noord gehuisvest is zoeken we een locatie voor een jongerenhuiskamer in Kanaleneiland-Zuid. Naast een jongerenhuiskamer zijn ook veilige ontmoetingsplekken voor jongeren buiten van

De bewoners willen graag een trekpleister; en dit beeld toont een impressie van een voorbeeld van zo’n voorziening

belang. We denken aan buitensportfaciliteiten zoals bootcamptoestellen. Bij de aanpassing van de (groene) buitenruimtes krijgen deze een plek.

en de versterking van de belevingswaarde van deze voorzieningen. Hierdoor gaan meer mensen er gebruik van maken.

De voorzieningen voor kinderen tussen 0-12 jaar bestaan vooral uit speelplekken. Daar zijn er in Kanaleneiland veel van, maar in Transwijk zijn er te weinig. Bij herinrichtingen binnen de stempels zorgen we voor speelplekken dichtbij huis voor de allerjongsten. Ook is er behoefte aan meer avontuurlijke speelplekken. Onderdeel van het verbeteren van het Marco Poloplantsoen en Park Transwijk is de inrichting van speelvoorzieningen

Spelen, sport en bewegen Er is in de wijken een breed aanbod aan sporten. Op Sportpark Nieuw Welgelegen kun je bijvoorbeeld tennissen, voetballen en hockeyen. Daarnaast is er een grote sporthal, de turnhal en een sportzaal in Hart van Noord. Met het groeiend aantal bewoners in de stad neemt ook de druk op deze voorzieningen toe. Daarom maakt de gemeente plannen om Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk - 89

Sportpark Nieuw Welgelegen

sportaccommodaties uit te breiden. De omgeving wordt ingericht met een divers en toegankelijk aanbod om te sporten (georganiseerd en ongeorganiseerd), spelen, bewegen & recreëren. Voor binnensport wordt er ingezet op uitbreiding met sporthallen bij te realiseren onderwijsvoorzieningen zoals op de Bontekoelaan. Er is in de huidige situatie al een tekort aan sportvelden. De wachtlijsten bij verenigingen zullen oplopen als gevolg van de nieuwe woonwijken in de Merwedekanaalzone en het Beurskwartier. Dit tekort zal naar verwachting oplopen tot twee

90 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

hockeyvelden en twee voetbalvelden. Voor de uitbreiding van sportvelden loopt een onderzoek naar sportpark Nieuw Welgelegen en zijn directe omgeving, bijvoorbeeld door: • •

Het intensiveren van de bestaande sportvelden/ sportvoorzieningen Nieuw Welgelegen. Te onderzoeken of ergens in de zone tussen Sportpark Nieuw Welgelegen en de Van Bijnkershoeklaan het sportpark uitgebreid kan worden in het deel van de voorzieningenstrook ten noorden van de Grebbeberglaan. In deze voorzieningenstrook blijven verder (overige) voorzieningen en woningbouw als invulling mogelijk.

Daarnaast zijn er ook diverse particuliere sportvoorzieningen en ook veel nieuwe sporten zoals padel of boulderen. Die mix van publiek en particulier is belangrijk voor een divers en vitaal sportaanbod. Sporten en bewegen is steeds belangrijker voor een gezonde levensstijl. Het aandeel sporters in georganiseerd verband (zoals bij de voetbalverenigingen) neemt in Utrecht nog steeds toe. Ook het (individueel) sporten in de openbare ruimte zoals hardlopen en wielrennen neemt toe en daarmee de vraag naar die bewegingsruimte.

7.4 De voorzieningstroken in de toekomst

Van oudsher bevonden alle voorzieningen zich in de voorzieningenstroken. Recent is er in deze stroken veel veranderd en zijn er op verschillende

plekken woningen bij gekomen. Voor een belangrijk deel zitten de voorzieningen (zowel commercieel, maatschappelijk als onderwijs) ook in de toekomst in deze stroken, maar op sommige plekken aangevuld met wonen. Voor de voorzieningenstroken kennen we daarom de volgende principes in de omgevingsvisie: •

•

•

In de voorzieningenstroken zijn gebieden aangeduid waar voorzieningen daar waar nodig verbeterd worden en gehandhaafd blijven. Indien gewenst kunnen deze voorzieningen aangevuld worden met woningen. In de voorzieningenstroken zijn gebieden aangeduid waar extra woningen kunnen komen en waar voorzieningen gecombineerd kunnen worden hiermee (bijvoorbeeld op de begane grond van nieuwe hoogbouw). Daarnaast zijn er gebieden in de voorzieningenstroken die goed op orde zijn en waar we geen ontwikkelingen verwachten in de komende jaren.

Legenda opwaarden voorzieningen, zoekzone verdichting met woningen handhaven bestaande voorzieningen, eventueel verdichten met woningen zoekzone intensiveren sportvoorzieningen zoekgebied jongerencentrum zoekgebied restaurant ter versterking van Rondje Stadseiland nieuw gezondheidscentrum bestaand jongerencentrum bestaande voorzieningstrook Voorzieningen

Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk - 91

92 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

8. Een duurzame toekomst Iedereen doet mee

Duurzaam – voor ons en onze volgende generatie

Voor de bewoners staan jongeren op 1. Juist voor de toekomstige generaties is van belang om te zorgen dat de leefomgeving is ingericht op het omgaan en tegengaan van klimaatverandering. Het gaat tenslotte om hun toekomst. Meer groen in de openbare ruimte draagt bij aan het voorkomen van wateroverlast, droogte en hitteoverlast. Zo dragen bomen bij aan fijne schaduwplekken wanneer het echt warm is. ‘Hittestress’ is slecht voor de gezondheid en wordt daardoor tegengegaan. Duurzame energie is van belang voor de hele stad en de planeet. Door een geleidelijke overgang van de oude (fossiele) bronnen naar de nieuwe bronnen zorgen we ervoor dat de aarde niet uitgeput raakt en de energievoorziening toekomstbestendig is. Deze verandering heet ook wel de energietransitie. Ook in Kanaleneiland en Transwijk wordt gewerkt aan de energietransitie, in nieuwbouwprojecten en bij renovaties. Energieneutrale woningen worden meer en meer gemeengoed in de wijken. De warmtevoorziening (via het warmtenet) van de wijken is klimaatneutraal gemaakt. Voor veel mensen in Kanaleneiland en Transwijk is de

betaalbaarheid van de energierekening een aandachtspunt. 8.1 Klimaatbestendig

Het klimaat verandert. De komende jaren gaat het harder en vaker regenen. Het wordt heter, droger en tegelijkertijd natter. We willen dat Kanaleneiland en Transwijk klimaatbestendig zijn: voorbereid op het klimaat dat we in de toekomst verwachten. De komende jaren werken we daar aan. Dat doen we door verharding te vervangen door groen en de buitenruimte duurzamer in te richten. Er komen bijvoorbeeld meer verschillende planten voor een betere biodiversiteit. Open waterafvoer wordt ingepast voor vertraagde waterafvoer. Ook komen er extra bomen; dit helpt tevens tegen hittestress. In de wijken worden de volgende voorstellen doorgevoerd: • Minder wateroverlast door minder verharding. Door minderverharding komt er meer groen en de buitenruimte wordt duurzamer ingericht. • Verbeteren van water- en groenkwaliteit. • Zoveel mogelijk voorkomen van effecten van droogte. Het regenwater loopt niet direct in het riool. Een open waterafvoer kan worden ingepast en deze zorgt voor vertraagde waterafvoer.

Bewoners maken zich zorgen over de betaalbaarheid van duurzame energie. Men wil geen ‘energie-armoede’. Bewoners zien het klimaatneutraal maken van de wijken ook als een kans, die werk kan opleveren voor de wijk. Is het mogelijk om werk aan wijkbewoners te gunnen? De opwekking van elektriciteit in de wijken – het potentieel is groot in ver­ gelijking met andere Utrechtse wijken door de vele platte daken – zou benut moeten worden. Bijvoorbeeld door bewoners uit andere wijken waar weinig mogelijkheden zijn, financieel mee te laten doen, zoals binnenstadbewoners.

Hittestress en gezondheid De vervanging van tegels door groen heeft ook in andere opzichten een positieve invloed op het leefklimaat in de stad. Groen draagt bij aan de vermindering van hittestress. De inrichting van de stad bepaalt het stadsklimaat. De temperatuur in de stad ligt gemiddeld hoger dan in het buitengebied, doordat de bebouwing en bestrating warmte opnemen en weer uitstralen naar hun omgeving. ’s Nachts kan dit verschil oplopen tot 8 graden. Deze hoge temperaturen kunnen met name voor mensen met longaandoeningen, ouderen en kinderen de gezondheid in gevaar brengen. De meest gevoelige mensen voor hittegerelateerde ziekten en sterfte zijn ouderen boven de 75 en chronisch zieken, met name als zij hart-, ademhaling- en nieraandoeningen hebben. In Kanaleneiland en Transwijk zijn relatief veel ouderen en daarom is het tegengaan van hittestress in deze wijken extra van belang. Beplanting maakt de leefomgeving prettiger en uitnodigend om te wandelen, sporten en spelen. Verschillende wetenschappelijke studies wijzen uit dat het kijken naar groen en bewegen in een groene omgeving goed is voor de gezondheid. Het werkt stressverlagend en bevordert het concentratievermogen en het herstel bij ziekte. Het vervangen van verharding door groen en het planten van extra bomen tegen hittestress heeft dan ook een positief effect op de gezondheid van de wijkbewoners.

Het planten van bomen heeft een groot effect op de temperatuur: 1 boom staat gelijk aan 10 airco’s. 94 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

• • •

•

Extra bomen (groen) aanplanten. Door onder andere asfalt te vervangen door klinkers en waterdoorlatende bestrating zakt water makkelijker in de bodem. De ambitie is om alle platte daken te benutten voor wateropvang, groen of voor energie, afhankelijk van de hoogte. Bij nieuwbouw is dit het uitgangspunt. Als bestaande en nieuwe gebouwen dat aan kunnen voegen we ook verticaal groen (gevelgroen) toe.

8.2 Energie

Het doel van de energietransitie is om de klimaatverandering zoveel mogelijk af te remmen. Een stad met zoveel inwoners, bezoekers en bedrijven heeft een grote vraag naar energie. Het is tijdens de omschakeling van belang dat energie

voor iedereen beschikbaar en betaalbaar blijft. In Utrecht stappen we over op duurzame energie. De aanpak in Utrecht kent daarin drie onderdelen. De eerste is energie besparen. Hoe minder energie we gebruiken, hoe minder energie we hoeven op te wekken. Het tweede onderdeel is het verduurzamen van de bronnen die we nog wel gebruiken. Het laatste onderdeel is het aanpassen van de infrastructuur. Hiermee zorgen we ervoor dat de duurzame bronnen geleverd kunnen worden aan de duurzame gebouwen. Op dit moment staan we pas aan het begin van een grote omwenteling als het gaat over het verduurzamen van de energievoorziening in de stad. Voor Kanaleneiland en Transwijk zijn drie prioriteiten vastgesteld: het IRIS project Kanaleneiland-Zuid (zie verderop in dit hoofdstuk),

de nieuwbouw tussenspanningsstation Kanaleneiland/Transwijk en de overstap naar duurzame warmte. Nieuwbouw tussenspanningsstation Kanaleneiland en Transwijk De woningbouwopgave en de overstap naar duurzame energie vragen de komende jaren intensieve uitbreidingen van het elektriciteitsnet in de stad Utrecht. Dat speelt ook in Kanaleneiland en Transwijk. Deze wijken, de Merwedekanaalzone en een deel van Utrecht Centrum worden op dit moment gevoed vanuit verdeelstation Utrecht-Zuid. Om de ontwikkeling van Merwedekanaalzone, woningbouw en verduurzaming mogelijk te maken, is onder meer een nieuw 50kV transformatorstation in Kanaleneiland noodzakelijk.

Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk - 95

IRIS project Kanaleneiland-zuid

In het Europese IRIS-project werken zeven steden samen om van stedelijke gebieden gezonde, betaalbare en fijne plekken te maken. In het project IRIS investeren een groot aantal Utrechtse partners. Samen met de bewoners gaan zij de uitdaging aan om de sociale huisvesting, energievoorziening en mobiliteit te verduurzamen. De IRIS-partners nemen maatregelen als: • Renovatie en verduurzamen van 12 flats van woningcorporatie Bo-Ex in Kanaleneiland-Zuid. • Plaatsing van buurtbatterijen. Een buurtbatterij is een serie batterijen die wordt gebruikt voor opslag en uitwisseling van energie met het elektriciteitsnet. Introductie van elektrische deelauto’s en elektrische bussen, die rijden op lokaal opgewekte energie. Ook worden de batterijen in elektrische deelauto’s ingezet als opslag van duurzame energie.

• •

Ontwikkeling van een ICT platform met open data, waarop data-uitwisseling plaatsvindt ter ondersteuning van het project. Organiseren van co-creatie sessies met bewoners en betrekken van scholen in het verduurzamen van de wijk. Een voorbeeld hiervan is het proefproject, Slimme Straatverlichting Utrecht. Sinds juni kunnen voetgangers oversteken via een nieuw zebrapad dat oplicht wanneer iemand er wil oversteken terwijl er een auto komt aanrijden. Het slimme zebrapad is een uniek idee van bewoners, uitgewerkt en gerealiseerd met de gemeente Utrecht.

In het IRIS project is de renovatie van flats (bijna) energieneutraal. Het principe van de ervaringen die wij hebben opgedaan in het IRIS project willen we doorzetten in de rest van de wijken.

8.3 Warmte

De gemeente Utrecht heeft een plan gemaakt hoe en wanneer de stad tot 2050 aardgasvrij wordt. Dit is de Transitievisie Warmte. Hierin staat per buurt wat het meest logische alternatief is voor aardgas, op de WAT-kaart. Voor sommige buurten is dit een warmtenet, voor andere buurten is het alternatief nog onzeker. Vervolgens is er berekend wat een logische volgorde is om de buurten te laten overstappen. Dit is gedaan op basis van drie criteria: • Robuustheid van de geplande oplossing; • Zo min mogelijk overlast en gedoe voor gebouweigenaren en -gebruikers; • Betaalbaarheid voor de eindgebruiker. Om tot een globale planning te komen, verdelen we buurten in drie blokken. We starten in 2022 in blok 1. Blok 3 is als laatste gereed, uiterlijk in 2050. De planning staat op de WANNEER-kaart.

96 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

Warmteprofiel per buurt

Utrecht aargasvrij 2050: WAT-kaart

Als in een buurt een warmtenet komt of uitbreidt, gelden er een aantal voorwaarden: 1. Duurzaamheid: de bron die zorgt voor de warmte in het warmtenet moet (op termijn) duurzaam zijn. 2. Betaalbaarheid: iedereen in Utrecht moet een comfortabel en duurzaam verwarmd gebouw hebben, zonder meer te betalen dan bij het gebruik van aardgas. 3. Betrouwbaarheid: mensen kunnen erop vertrouwen dat ze altijd kunnen verwarmen. Nu en in de toekomst. 4. Transparantie: het moet voor iedereen duidelijk zijn hoe de kosten voor de warmte worden vastgesteld. 5. Open net: er moet een mogelijkheid zijn voor nieuwe partijen om ook warmte te leveren aan het bestaande net. 6. Keuzevrijheid: mensen moeten kunnen kiezen voor een warmteoplossing, warmtebron of leverancier.

Planning buurtaanpak aardgasvrij

Utrecht aargasvrij 2050: WANNEER-kaart

Open net en keuzevrijheid vinden we belangrijk, maar deze mogen niet ten koste gaan van de eerste 4 voorwaarden. Omdat een groot deel van Kanaleneiland en Transwijk al warmtenetten heeft, lijkt het aansluiten van het gehele gebied de meest logische, robuuste en betaalbare vorm van verwarming als alternatief voor aardgas van de bestaande bebouwing. Dit betekent niet dat het zeker is dat de hele buurt op een warmtenet wordt aangesloten. Er kunnen altijd gebouwen of delen van de buurt een uitzondering zijn. Dit onderzoeken we als we aan de slag gaan met de buurtaanpak aardgasvrij. De ontkoppeling van het aardgas vindt in Kanaleneiland en Transwijk gefaseerd plaats (zie WANNEER-kaart). In blok 1 wordt er gestart met de buurtaanpak in Kanaleneiland-zuid. Het opstellen van een Wijkuitvoeringsplan (WUP) zal uiterlijk in 2026 klaar zijn. Daarna duurt de uitvoering ongeveer 8 jaar. Transwijk-Noord en Zuid zijn in

blok 2 aan de beurt. Hier is het WUP uiterlijk in 2032 gereed en duurt de uitvoering vervolgens ook ongeveer 8 jaar. Tot slot is in blok 3 Kanaleneilandnoord aan de beurt. Hier moet het WUP uiterlijk 2042 gereed zijn, waarna de uitvoering van 8 jaar volgt. De warmtevoorziening van de woningen, voorzieningen en bedrijfsruimten die van het aardgas zijn losgekoppeld, bestaat voornamelijk uit collectieve warmtenetten. Bij renovatie wordt het proces door de corporaties afgestemd met de bewoners. Als op bepaalde locaties in de wijken andere vormen van duurzame warmte logischer zijn, dan krijgen die voorrang, in overleg met eigenaren van woningen en eventuele huurders. Waar inwoners dat individueel willen is er soms ook een andere vorm van warmte-opwekking mogelijk, bijvoorbeeld met warmtepompen. Dit kan ook eerder dan in de rest van de wijken plaatsvinden. Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk - 97

98 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

9. Ontwikkelstrategie Functies van de omgevingsvisie

Alles wat we in Kanaleneiland en Transwijk doen staat in het teken van de verbetering van de leefbaarheid; dat is de belangrijkste opgave, ook wel ‘kernopgave’ genoemd. De omgevingsvisie vertaalt dit in ambities gericht op de verbetering van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving: de openbare ruimte en de gebouwen. Daarvoor geldt dat de basis eerst op orde moet komen. Daarna is verbetering mogelijk. In dit deel van de omgevingsvisie staat hoe de diverse partners in de stad, samen met de gemeente de ambities tot werkelijkheid maken. De omgevingsvisie is een: 1. Afwegingskader: - Toetsingskader voor in- en externe initiatieven; - Voor het stellen van prioriteiten op korte en (middel)lange termijn. 2. Perspectief voor samenwerking: - Om helderheid te geven over de ambities en verwachtingen voor de wijken, zowel intern als extern; - En daarmee richting eigenaren en mogelijke investeerders in het gebied een verleidelijk perspectief te bieden waarbinnen zij hun investeringen kunnen afwegen; - Om verschillende gebieden en programma’s met elkaar in verband te brengen;

Samenwerking met de stad en sturing

Voor het functioneren van de wijken is het belangrijk dat er een gedeeld gevoel bestaat van ‘dit is onze wijk!’. Een gedeelde verantwoordelijkheid: gemeente, bewoners, ondernemers, organisaties en instellingen streven niet alleen hun individuele belang na, maar zetten zich gezamenlijk in voor de inrichting, gebruik en beheer van de wijken als geheel. De gemeente kan sturen, als opsteller van kaders, ontwikkelaar, uitvoerder, vergunningverlener en handhaver. De gemeente kan bijvoorbeeld functies van panden bestemmen, overgaan tot strategisch behoud, tot aankoop of verkoop van vastgoed, de openbare ruimte inrichten en beheren en natuurlijk vergunningen verlenen rond wonen, ondernemen en ander gebruik, toezicht houden, handhaven en overlast aanpakken. In het omgaan met haar eigen vastgoed en de openbare ruimte heeft de gemeente een voorbeeldfunctie. De gemeente is niet de enige partij die een sturende rol heeft. Ook andere partijen, zoals bewoners(organisaties), vastgoedeigenaren (particulieren, woningcorporaties, beleggers), ondernemers(organisaties) en andere (maatschappelijke) partijen en instellingen nemen sturende beslissingen en zijn daarmee van belang voor de uitvoering van de omgevingsvisie. Deze initiatieven juichen we van harte toe. De omgevingsvisie geeft daarbij houvast.

Basiskwaliteit maakt trots en geeft vertrouwen In gesprekken gaven bewoners aan wat hen trots op de wijken zou maken. Dat was bijvoorbeeld: ƒ Je veilig voelen als je buiten bent ƒ Netjes gerenoveerde flats ƒ Schone straten ƒ Goed geparkeerde auto’s ƒ Geen rattenoverlast ƒ Goed onderhouden parken en plantsoenen ƒ Veilige speelplaatsen voor kinderen ƒ Een jongerenhuiskamer met ruime openingstijden ƒ De winkeltjes in de wijk samen een bazaar laten zijn ƒ Schilderingen op de blinde, kale muren ƒ En daarnaast: meer en betere horeca.

Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk - 99

Om te zorgen dat alle initiatieven bijdragen aan de kernopgave (zie vorige pagina) is er behoefte aan coördinatie vanuit de gemeente. De gemeente heeft vanuit haar verschillende rollen het beste zicht op de fysieke leefomgeving in de wijken. De gecoördineerde aanpak is niet nieuw binnen de gemeente. De huidige werkwijze is al gericht op zoveel mogelijk coördinatie in de vorm van de gebiedscoördinator Kanaleneiland en Transwijk, het gebiedsteam Zuidwest en de specifieke projectteams, in samenwerking met het wijkbureau. Met deze omgevingsvisie krijgt de gecoördineerde aanpak er een sturingsinstrument bij en wordt de positie versterkt.

Relatie met lopende projecten en huidig gebruik

Hoewel de geschiedenis van Kanaleneiland en Transwijk relatief jong is in de historie van Utrecht, zijn het natuurlijk al geruime tijd functionerende wijken in Utrecht waar al het nodige in de fysieke leefomgeving gebeurt. De omgevingsvisie verbetert het perspectief van de wijken. Het vaststellen van de omgevingsvisie kan effect hebben op verdere planvorming, afhankelijk van de fase van besluitvorming van lopende projecten en nieuwe initiatieven. De projecten waar al besluitvorming

100 - Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk

heeft plaatsgevonden, gaan uiteraard door. Nieuwe initiatieven die gelijktijdig lopen met de besluitvorming over de omgevingsvisie krijgen al zoveel mogelijk van het gedachtengoed mee. Voor initiatieven die na vaststelling van de omgevingsvisie in beeld komen, geldt de omgevingsvisie als concreet afwegingskader. Naast Kanaleneiland en Transwijk zijn in de directe omgeving ontwikkelingen met een grotere context. De komende jaren worden ook de ontwikkelingen van de Merwedekanaalzone, Beurskwartier, Jaarbeurs en Papendorp concreet. Deze ontwikkelingen hebben impact op Kanaleneiland en Transwijk. Met name op het gebied van verkeer en bereikbaarheid verandert er waarschijnlijk veel.

Milieueffectrapportage (m.e.r.)

De Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk is kaderstellend voor activiteiten van Besluit m.e.r. Omdat de drempelwaarden niet worden overschreden en er sprake is van ‘een klein gebied’, volstaat een informele plan-m.e.r.-beoordeling. Op basis van kwalitatief onderzoek is te stellen dat er geen belangrijk nadelige milieugevolgen worden verwacht met de ontwikkelingen die deze Omgevingsvisie mogelijk

maakt die het doorlopen van planm.e.r.-procedure noodzakelijk maakt. De omgevings- en milieueffecten die in deze m.e.r.-beoordeling zijn beschreven, sluiten aan bij het globalere karakter van deze Omgevingsvisie. Als de ontwikkelingen die de Omgevingsvisie mogelijk maakt, later nader worden uitgewerkt in een bestemmingsplan(wijziging), omgevingsplan of bij een aanvraag voor omgevingsvergunning, dan kunnen de beschreven effecten in meer detail worden beschreven. Als deze invullingen passen binnen de Omgevingsvisie dan zullen de effecten ook passen binnen de bandbreedte van deze m.e.r.-beoordeling. Als concrete ruimtelijke ontwikkelingen afwijken van de Omgevingsvisie dan is het mogelijk dat een aanvullend onderzoek nodig is om te bepalen of er sprake is van belangrijk nadelige milieugevolgen.

Uitvoerbaarheid

De omgevingsvisie geeft de hoofdlijnen weer van de ontwikkeling van de wijken richting 2040. Een omgevingsvisie is geen uitvoeringsplan met daarbij een budget van de gemeente of van anderen. De verwezenlijking van de omgevingsstrategie vindt plaats aan de hand van vele projecten en

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=ac3b909f-b8a4-461e-8464-a98f4548a014