Nota van uitgangspunten hulp en dienstverlening Het Nieuwe Zandpad (september 2021).docx
Tekst van het document
Uitvoering van Motie 471: Het Nieuwe Zandpad? Dan ook (ver-)nieuwe(nde) hulpverlening en ondersteuning
September 2021 Volksgezondheid
1
Inhoudsopgave 1. Inleiding en aanleiding 2. De hulp- en dienstverlening op Het ‘oude’ Zandpad 3. De consultatie over (ver-)nieuwe(nde) hulpverlening 4. Gemene delers uit de consultatiegesprekken 5. De gemene delers nader toegelicht 6. Uitgangspunten voor subsidieverlening voor hulp en dienstverlening op Het nieuwe Zandpad 7. Financiën 8. Planning en vervolg
3 4 4 4 5
Bijlage 1: geconsulteerde organisaties Bijlage 2: Topiclijst/vragenlijst
12 13
2
9 10 11
Uitvoering van Motie 471: Het Nieuwe Zandpad? Dan ook (ver-)nieuwe(nde) hulpverlening en ondersteuning 1. Inleiding en aanleiding Inhoud van de motie De raad heeft in december 2019 de motie: Het nieuwe Zandpad? Dan ook (ver-)nieuwe(nde) hulpverlening en ondersteuning ingediend. De raad constateert in haar motie dat intensieve inzet van VTH, hulpverlening en een vertrouwenspersoon een belangrijke randvoorwaarde voor een schone, veilige en transparante ontwikkeling van Het Nieuwe Zandpad is, wat betekent dat de combinatie van toezicht en handhaving met hulpverlening en een vertrouwenspersoon, zowel gericht is op het beschermen van potentiële slachtoffers van mensenhandel als ook op de ondersteuning en emancipatie van sekswerkers. Op die manier zijn zij in toenemende mate in staat hun werk zelfstandig en zelfredzaam uit te oefenen. In Utrecht, maar ook zeker in andere steden zijn goede voorbeelden van passende en vernieuwende vormen van hulpverlening en ondersteuning aan sekswerkers. De raad draagt het college op om in de aanloop naar de periode van nieuwe subsidieverstrekking voor de hulpverlening en ondersteuning aan het Nieuwe Zandpad, de raad de nota van uitgangspunten voor te leggen en hierover te laten besluiten.
De motie in de context van project Het Nieuwe Zandpad De motie is aangenomen in de raadsvergadering over het agendapunt: “Het Nieuwe Zandpad: een vernieuwde aanpak”. De motie bevat in de titel de term ‘(ver)nieuwe(nde) hulpverlening’. Wij hebben organisaties geconsulteerd die ieder op een eigen wijze te maken hebben met sekswerk en sekswerkers. Er is gesproken over ‘(ver)nieuwe(nde) hulpverlening’ met organisaties voor prostitutiehulp- en dienstverlening in Utrecht en in andere steden, organisaties voor belangenbehartiging voor sekswerkers, sekswerkers zelf, onderzoeksbureaus met kennis over prostitutie, gemeenten, politie, OM. Een lijst met geconsulteerde organisaties is opgenomen in bijlage 1. De motie is ingediend in een fase van het project Het Nieuwe Zandpad waarin een aantal besluiten al genomen is. In relatie tot de voorliggende motie ligt vast dat de nieuwe raamprostitutielocatie over een laagdrempelige inloopvoorziening voor hulp- en dienstverlening op het terrein zelf beschikt. Ook is in december 2019 bij de vaststelling van Het Nieuwe Zandpad: een vernieuwde aanpak al besloten dat een vertrouwenspersoon onderdeel uitmaakt van het aanbod en is hiervoor budget beschikbaar gesteld door de raad.
De motie in de context van het coalitieakkoord Het coalitieakkoord benoemt de volgende uitgangspunten voor de prostitutie die een relatie hebben met de motie: Utrecht werkt aan een sector waarin sekswerkers zelfstandig, vrijwillig en onafhankelijk kunnen werken. Het huidige barrièremodel blijft de basis voor het prostitutiebeleid in Utrecht […] Ook moet voor sekswerkers in hun directe werkomgeving hulpverlening beschikbaar zijn en moeten ze een plek hebben waar zij een luisterend oor of desgewenst ondersteuning vinden […] We komen met een voorstel voor het Nieuwe Zandpad. Hierin wordt meegenomen welke condities nodig zijn om een schone, veilige en transparante werk- en leefomgeving te creëren, mensenhandel tegen te gaan en tegelijkertijd de realisatie van werkplekken mogelijk te maken.
3
2. De hulp- en dienstverlening op Het ‘oude’ Zandpad Toen het ‘oude’ Zandpad in bedrijf was, stelde de gemeente subsidie beschikbaar via de toen geldende beleidsregel hulp- en dienstverlening prostituees. Het doel van de subsidie was: het bieden van (medische) hulp op de prostitutielocaties (Zandpad en tippelzone); het bevorderen van zelfredzaamheid van en participatie door prostitué(e)s; het bieden van ondersteuning aan prostitué(e)s die de prostitutie willen verlaten (uitstapprogramma). Tot medio 2013 was Het Zandpad in bedrijf. Op loopafstand van de boten waar de sekswerkers werkten, was (en is) de Huiskamer Aanloop Prostituees (HAP) gevestigd. De hulp- en dienstverlening werd vanuit deze locatie georganiseerd. De huiskamer beschikte over een artsenkamer met een wekelijks artseninloopspreekuur, een spreekkamer voor vertrouwelijke (niet medische) gesprekken, een zithoek met een bar waar kleine versnaperingen, werkartikelen en condooms werden verkocht, medewerkers die een luisterend oor en hulp bij enkelvoudige vragen konden bieden en die snel konden doorverwijzen naar hulp bij meer complexe vragen of uitstapwensen. Zij gaven voorlichting en advies. Er werd outreachend gewerkt, wat betekent dat de medewerkers van de huiskamer de ramen langsgingen om actief contact te leggen met de sekswerkers en eventuele hulpvragen te adresseren.
Alle medewerkers waren ogen en oren op Het Zandpad en hadden een signalerende rol bij verdenkingen van dwang of mensenhandel. Er werden (elders) cursussen georganiseerd over bijvoorbeeld weerbaarheidsvergroting en zelfverdediging.
3. De consultatie over (ver-)nieuwe(nde) hulpverlening Tijdens de consultatiegesprekken hebben we aan organisaties met kennis van zaken de vraag voorgelegd hoe zij aankijken tegen het hulpaanbod op Het Zandpad tot medio 2013. Daarnaast zijn er, afhankelijk van de expertise van de organisaties, vragen gesteld over verbeteringen, aanvullingen, wat werkt in het bereiken van sekswerkers en wat daarin niet of averechts werkt. In bijlage 1 staat een overzicht van geconsulteerde organisaties. In bijlage 2 is een topiclist opgenomen met voorbeeldvragen. In de consultaties komt een aantal gemene delers naar voren, aspecten rond hulp- en dienstverlening die door meerdere organisaties op vergelijkbare wijze naar voren zijn gebracht. We zetten deze hieronder kort uiteen en geven aan welke organisaties deze aspecten hebben benoemd. Vervolgens worden deze nader toegelicht in de specifieke Utrechtse context. We sluiten af met de op basis hiervan geformuleerde uitgangspunten.
4. Gemene delers uit de consultatiegesprekken Zoals hierboven is vermeld, vormen onderstaande gemene delers de bondige opbrengst van de consultatie die zich lenen voor het formuleren van uitgangspunten voor hulp- en dienstverlening op Het Nieuwe Zandpad. In deze algemene uitgangspunten zullen veel deelnemers aan de consultatie zich herkennen. 1. Sekswerkers hechten in de eerste plaats aan een laagdrempelig gezondheidsaanbod: een artsenspreekuur, SOA-preventie en -curatie, voorlichting over voorbehoedsmiddelen en zwangerschap en verkrijgbaarheid van deze middelen. Benoemd door Moviera, P&G 292/de vertrouwenspersoon Amsterdam, Proud, sekswerkers, Belle Hulpverlening, GGDrU, gemeente Den Haag, gemeente Alkmaar, gemeente Rotterdam.
4
2. Alle sekswerkers hebben dienstverlening nodig; een deel van de sekswerkers heeft hulpverlening nodig. Het is wenselijk om dit aanbod ook duidelijk gescheiden aan te bieden - maar wel met een snelle doorverwijsfunctie - en te respecteren dat niet alle sekswerkers behoefte hebben aan hulp. Benoemd door: Proud, Belle Hulpverlening, Scharlaken Koord, P&G 292/de vertrouwenspersoon Amsterdam, gemeente Rotterdam, gemeente Den Haag. 3. Het hulp- en dienstverleningsaanbod op Het oude Zandpad was goed van opzet. Het zou nog verbeterd kunnen worden met een duidelijk zichtbaar aanbod op het gebied van sociaal juridische dienstverlening en een sekswerker als gastvrouw. Benoemd door Politie, OM, Proud, Scharlaken Koord, Moviera, Belle Hulpverlening 4. Nederland is onderdeel van de EU en arbeidsmigratie is een logisch gevolg van open grenzen. Dit vraagt om een cultuur-sensitieve benadering van sekswerkers, meertalige hulpverlening en een aanbod dat past bij de vragen en problematiek van deze arbeidsmigranten. Benoemd door: Scharlaken Koord, Moviera, Stichting Barka, Belle Hulpverlening, Proud, gemeente Den Haag, P&G 292/de vertrouwenspersoon. 5. Vertrouwen komt te voet en gaat te paard – deze uitdrukking geldt in versterkte mate voor sekswerkers.
Een neutraal gepositioneerde vertrouwenspersoon of een vertrouwensteam is een goede aanvulling zijn op het hulp- en dienstverleningsaanbod als aanspreekpunt voor de sekswerkers en als schakelfunctie tussen betrokken partijen (sekswerker, gemeente, politie, handhaving, hulpverlening). Benoemd door: Proud, sekswerkers, Belle Hulpverlening, gemeente Rotterdam, Scharlaken Koord, Vertrouwensvrouw Amsterdam/P&G 292. 6. Voorkom dubbelingen in aanbod (tussen exploitant en hulp- en dienstverlening) en ga na of de gemeente eventueel gesignaleerde hiaten in het aanbod (stadsbreed) kan opvullen. Ketenregisseur mensenhandel, Belle Hulpverlening 7. De inzet van een (ex-)sekswerker als gastvrouw of van een (betaalde) ervaringsdeskundige als gastvrouw werkt drempelverlagend in het contactleggen met sekswerkers. Benoemd door: Proud, Moviera, Belle Hulpverlening, Scharlaken Koord, gemeente Rotterdam. 8. Vernieuwing of innovaties liggen vooral in het bereiken van doelgroepen binnen de groep sekswerkers die nu nog vaak onder de radar blijven. Benoemd door: gemeente Rotterdam, gemeente Den Haag, gemeente Alkmaar, Belle Hulpverlening, SHOP Den Haag, Scharlaken Koord, GGDrU Hoewel de deelnemers van de consultatie niet allemaal over mensenhandel spraken, is dit door enkelen als prominent punt naar voren gebracht.
Voor de gemeente Utrecht is het essentieel om bestrijding van mensenhandel op te nemen in het beleid. Zie verder hoofdstuk 6.
5. De gemene delers nader toegelicht 1. Sekswerkers hechten in de eerste plaats aan een laagdrempelig gezondheidsaanbod: een artsenspreekuur, SOA-preventie en -curatie, voorlichting over voorbehoedsmiddelen en zwangerschap. Het gezondheidsaanbod houdt direct verband met hun werk. De ervaring van P&G 292, een Amsterdamse aanbieder van prostitutiehulp- en dienstverlening, is dat van alle activiteiten die vanuit hun locatie worden aangeboden, het gezondheidsaanbod van de GGD op de P&G-locatie in de 5
Amsterdamse binnenstad verreweg de meeste sekswerkers bereikt. Alhoewel het onderzoek van Regioplan over de sociale positie van sekswerkers inmiddels al wat ouder is (2014), wordt de Amsterdamse ervaring hierin bevestigd: “Sekswerkers hebben het afgelopen jaar met tal van instanties te maken gehad, het vaakst met de GGD” (p. 59). Een dergelijk laagdrempelig artsenspreekuur speciaal voor sekswerkers wordt weliswaar niet door de GGD regio Utrecht aangeboden, maar de GGDrU beschouwt dit wél als een belangrijk aanbod. Sekswerkers met werkgerelateerde klachten willen of kunnen vaak niet naar hun eigen huisarts. De aard van dit type klachten vraagt doorgaans om opvolging door de arts. Deze kan via een artsenspreekuur op de werklocatie laagdrempelig gemonitord worden. Aanvullend kan een arts naast de fysieke gezondheid ook de mentale gezondheid betrekken in zijn/haar consult en is hij/zij bevoegd om te verwijzen naar de tweedelijns gezondheidszorg, aldus de GGDrU. Sekswerkers zijn niet altijd makkelijk te bereiken en hebben doorgaans een zakelijke benadering van hun werk, herkent ook de vertrouwensvrouw in Amsterdam. Het gezondheidsaanbod maakt onderdeel uit van hun zakelijke benadering: dit staat voor hen op 1. Het overige aanbod op het gebied van hulp- en dienstverlening kan gebruik maken van de populariteit van het gezondheidsaanbod op die locatie.
Door een praktische insteek en een slimme combinatie van gezondheids- en overig aanbod, kan de sekswerker ook hiermee laagdrempelig bekend raken. Dit is ook van belang voor sekswerkers die pas kort in Nederland zijn of nog onvoldoende bekend met de Nederlandse maatschappij. Voor hen is voorlichting over rechten en plichten en kennis van ‘hoe het in Nederland werkt’ van belang. Dit wordt door Stichting Barka genoemd, die ervaring heeft met Oost-Europese arbeidsmigranten, waaronder sekswerkers. Het is ook een manier om werkers die seksuele handelingen verrichten, maar zich niet zien als sekswerkers te bereiken, blijkt uit ervaring van de GGDrU. 2. Alle sekswerkers hebben dienstverlening nodig; een deel van de sekswerkers heeft hulpverlening nodig. Het is wenselijk om dit aanbod ook duidelijk gescheiden aan te bieden maar wel met een snelle doorverwijsfunctie - en te respecteren dat niet alle sekswerkers behoefte hebben aan hulp. Onder dienstverlening vallen activiteiten of werkzaamheden die de sekswerker nodig heeft voor een professionele uitoefening van het beroep. Denk aan het bijhouden van een boekhouding, het doen van belastingaangifte en het regelen van een inschrijving bij de Kamer van Koophandel, noodzakelijk als men als raamprostituee gaat werken. Ook voorlichting over de rechten en plichten in Nederland valt onder deze noemer.
Onder hulpverlening vallen activiteiten zoals schuldhulpverlening, uitstapbegeleiding of begeleiding bij psychosociale problematiek. Stichting Proud wees op dit onderscheid in de behoefte van sekswerkers. Ook benadrukte Proud dat sekswerkers wekelijks veel met verschillende outreachend werkende organisaties te maken krijgen, terwijl zij gewoon aan het werk zijn. Hun ‘nee, ik heb geen behoefte aan een gesprek’ wordt niet altijd gerespecteerd en beperking van het aantal organisaties dat aanklopt, is wenselijk. Proud en hulp- en dienstverlenende organisaties benadrukken het belang van een scheiding van het hulp- en dienstverleningsaanbod. De kern is dat sekswerkers die met een zakelijke vraag over bijvoorbeeld belastingaangifte of boekhouding komen, niet automatisch benaderd moeten worden over psychosociale problematiek. Een snelle doorverwijzing tussen dienst- en hulpverlening vinden alle partijen zeker wenselijk, dus alleen als het nodig is. 3. Het hulp- en dienstverleningsaanbod op Het oude Zandpad was goed van opzet. Behoud het laagdrempelige karakter daarvan. Het zou nog verbeterd kunnen worden met een duidelijk zichtbaar aanbod op het gebied van sociaal juridische dienstverlening en een sekswerker of ervaringsdeskundige als gastvrouw. 6
Tot nu toe is prostitutiehulp- en dienstverlening met uitzondering van het uitstapprogramma in Utrecht volledig locatiegebonden aangeboden. Dat betekent dat dit aanbod alleen op de werklocaties (tippelzone en de ramen aan Het Zandpad) beschikbaar werd gesteld. De mogelijkheden tot de bij punt 2 genoemde fysieke scheiding tussen deze disciplines zijn minimaal, daarvoor zijn deze locaties te klein. Met de sluiting van de tippelzone per 1 juli 2021 inclusief de daar gevestigde locatie voor hulp- en dienstverlening, werd het mogelijk om het budget in te zetten voor stedelijk (nietlocatiegebonden) hulp- en dienstverleningsaanbod. Zo wordt aangesloten bij een ontwikkeling in de prostitutie waarbij een groeiend aantal sekswerkers onvergund en vanuit wisselende locaties (woning, hotel, auto) de diensten aanbiedt. Dit biedt de mogelijkheid om keuzes te maken welke activiteiten het beste op Het nieuwe Zandpad worden georganiseerd, en wat vanuit de locatie in de stad wordt aangeboden. Een snelle mogelijkheid tot doorverwijzing is daarbij cruciaal. Het stedelijk aanbod, de uitstapprogramma’s en het aanbod op Het Nieuwe Zandpad is complementair. 4. Nederland is onderdeel van de EU en arbeidsmigratie is een logisch gevolg van open grenzen.
Dit vraagt om een cultuur-sensitieve benadering van sekswerkers, meertalige hulpverlening en een aanbod dat past bij de vragen en problematiek van deze arbeidsmigranten. Sekswerkers met een niet-Nederlandse nationaliteit zijn niet meer weg te denken in de Nederlandse prostitutie. In elke grotere stad met prostitutielocaties zijn verschillende nationaliteiten werkzaam en iedere stad beschikt over grotere groepen van een bepaalde nationaliteit of regio. In Utrecht waren op Het oude Zandpad veel Oost-Europese sekswerkers uit Roemenië en Bulgarije werkzaam. Ook sekswerkers uit Zuid-Amerika waren goed vertegenwoordigd. De verwachting is, mede ingegeven door Oost- Europese vertegenwoordiging in de Klankbordgroep voor Het nieuwe Zandpad, dat (een deel van) deze sekswerkers weer in Utrecht willen werken. Stichting Barka, gespecialiseerd in begeleiding van MOE-landers (mensen afkomstig uit Midden en Oost Europa) en Moviera signaleren dat een deel van deze groep potentieel kwetsbaar is, omdat zij hun talen niet goed spreken, vaak onvoorbereid naar Nederland komen en niet weten aan welke rechten en plichten zij moeten voldoen. Op sekswerk ligt in deze landen een groot taboe en sekswerkers vragen om die reden alleen om hulp als hun situatie zeer schrijnend is.
De politie is in de landen van herkomst niet altijd betrouwbaar en sekswerkers, met name de transgendersekswerkers worden gediscrimineerd. Deze toename van andere nationaliteiten vraagt om een cultuur-sensitieve benadering van sekswerkers. Meer kennis van de cultuur leidt naar verwachting tot een groter bereik. 5. Vertrouwen komt te voet en gaat te paard – deze uitdrukking geldt in versterkte mate voor sekswerkers. Een neutraal gepositioneerde vertrouwenspersoon of een vertrouwensteam is een goede aanvulling op het hulp- en dienstverleningsaanbod als aanspreekpunt voor de sekswerkers en als schakelfunctie tussen betrokken partijen (sekswerker, gemeente, politie, handhaving, hulpverlening). Vertrouwen van sekswerkers in professionals is cruciaal om sekswerkers te bereiken. Deze uitspraak horen wij van veel partners terug en wordt ook bevestigd door de wetenschappelijke literatuur. Sekswerkers hebben te maken met stigma, wat bijvoorbeeld merkbaar wordt als zij zich tot dienstverlenende beroepen en de overheid wenden. Deze ervaringen maken dat zij ook professionele krachten in het prostitutiemaatschappelijk werk ‘testen’ alvorens zij met serieuze hulpvragen over de brug komen. Liever regelen zij hun zaken zelf. De vertrouwenspersoon kan dit probleem niet geheel oplossen. Dat kan ook niet verwacht worden.
Het is eerder een waardevolle aanvulling: een professional, in dienst van een hulpverleningsorganisatie maar geen hulpverlener. Een spin in het netwerk van partijen die betrokken zijn bij sekswerkers, die het belang van de sekswerker voorop stelt en goed weet wat een sekswerker kan verwachten als hij/zij naar de politie gaat voor een aangifte, naar prostitutiemaatschappelijk werk 7
voor hulp- of dienstverleningsvraagstukken of een luisterend oor kan bieden als de sekswerker (nog) geen stappen wil of kan zetten. De vertrouwelijke aard van het contact staat voorop. Als de sekswerker dat wil, is anonimiteit gewaarborgd. Aandachtspunten die zijn meegegeven door geconsulteerde partijen zijn: Het leren kennen van het netwerk en het vertrouwen opbouwen binnen het netwerk en bij sekswerkers kost veel tijd; Het effect van de inzet van een vertrouwenspersoon is niet goed meetbaar. De vertrouwenspersoon moet het geschonken vertrouwen waard zijn: dat betekent dat deze er moet zijn als het nodig is. Ook buiten kantooruren. Gesprekken met de vertrouwenspersoon moeten vertrouwelijk en anoniem kunnen plaatsvinden. Dit geldt natuurlijk in het algemeen ook voor gesprekken met de hulpverlening. 6. Voorkom dubbelingen in aanbod (tussen exploitant en hulp- en dienstverlening) en ga na of de gemeente eventueel gesignaleerde hiaten in het aanbod (stadsbreed) kan opvullen. De exploitanten op Het Nieuwe Zandpadkunnen zelf een aanbod voor sekswerkers op Het Nieuwe Zandpad organiseren. Denk aan een huiskamer, een wasruimte, verkoop van werkartikelen. Dubbelingen hierin ten opzichte van de huiskamer van de partij die prostitutiehulp- en dienstverlening aanbiedt, moeten voorkomen worden.
Goede afspraken hierover tussen beide partijen zijn belangrijk en moeten gemaakt worden als de partijen bekend zijn. Bovendien moet de hulp- en dienstverlening uitgevoerd worden door een onafhankelijke en professioneel geschoolde organisatie op het gebied van prostitutiehulp- en dienstverlening, waaronder kennis van signalen van mensenhandel. Dit kan nooit de exploitant of de gemeente zelf zijn. Het landelijk prostitutielandschap is veranderd van voornamelijk locatiegebonden prostitutie zoals ramen, clubs en tippelzone naar locatie-ongebonden prostitutie zoals thuiswerk, hotelontvangst en cardates. De gemeente Utrecht heeft hierop ingespeeld door met ingang van de sluiting van de tippelzone per 1 juli 2021 een stedelijk aanbod van hulp- en dienstverlening te subsidiëren via de nadere regel Stedelijke prostitutiehulp- en dienstverlening. Als Het Nieuwe Zandpad in bedrijf genomen wordt, betekent dit dat er een locatiegebonden hulp- en dienstverleningsaanbod op Het Nieuwe Zandpad is voor daar werkzame sekswerkers, en een niet-locatiegebonden stedelijk aanbod voor de groeiende groep van o.a. thuiswerkers. Ook hierin is de uitdaging om complementair aanbod te organiseren. Uit de consultatie komt naar voren dat de grote steden in het aanbod een onderscheid hebben aangebracht tussen enerzijds dienstverlening/informatie en advies en anderzijds hulpverlening.
Dit doet volgens hen recht aan de diversiteit binnen de brede groep sekswerkers. Een dergelijk onderscheid kan verder worden uitgewerkt in Utrecht. Belle ondersteunt dit voor Het Nieuwe Zandpad door aan te geven dat een scheiding tussen werk en hulp wenselijk is: sekswerkers nemen een rol of een houding aan in hun werk, die zich lastig laat combineren met een persoonlijke hulpvraag. Een fysieke scheiding tussen werk en privé van de sekswerkers is van belang. 7. De inzet van een (ex-) sekswerker als gastvrouw of van een (betaalde) ervaringsdeskundige als gastvrouw werkt drempelverlagend in het contact met sekswerkers Laagdrempelig aanbod vinden de geconsulteerde partijen belangrijk. Laagdrempeligheid wordt ook bevorderd door de inzet van ervaringsdeskundigen. Proud geeft aan dat een ervaringsdeskundige gastvrouw zorgt voor een veilige plek voor sekswerkers. Moviera en Belle zien dat ervaringsdeskundigen goed aansluiten bij de belevingswereld van de sekswerkers en daarmee een betere verbinding met de sekswerker kunnen maken. Ervaringsdeskundigen brengen binnen het team van prostitutiehulpverleners een verdieping aan, ziet Belle. Deze ervaringsdeskundigheid is ook van belang bij het ontsluiten van andere communities binnen het sekswerk. Denk bijvoorbeeld aan de doelgroep mannen en transgenders.
Kennis van de doelgroep is van belang om aan te kunnen sluiten bij vragen en behoeften van de doelgroepen. 8
8. Vernieuwing of innovaties liggen vooral in het bereiken van doelgroepen binnen de groep sekswerkers die nu nog vaak onder de radar blijven. ‘Sekswerkers zijn vrouwen’ – dit beeld is inmiddels wel achterhaald. Er komt steeds meer kennis over de diversiteit binnen de groep sekswerkers. Deze kennis gaat niet een-op-een gepaard met inzicht in hoe zij bereikt kunnen worden en wat hun eventuele hulp- en dienstverleningsvragen zijn. Professionals komen ook steeds meer mensen tegen (jongens, jonge meiden met ‘sugar daddies’) die volgens de definitie voldoen aan sekswerk (seksuele handelingen verrichten in ruil voor geld of goederen), maar zichzelf absoluut niet zo zien – en zich dus ook niet aangesproken voelen door organisaties met een medisch, hulp- of dienstverleningsaanbod. Andere, meer algemeen bekende groepen binnen sekswerk zijn de thuiswerkers, mannen en transsekswerkers. Met uitzondering van de vaak solistische thuiswerkers lijken de mannen, transsekswerkers en sugardaddy’s hun eigen communities te vormen. NB: verschillende partijen vinden de samenwerking tussen VTH en Belle (bij de constatering van illegaal thuiswerken) innovatief. Het betreft een project waar een hulpverlener van Belle met VTH meegaat bij een overlastmelding over thuisprostitutie. Sekswerkers in een kwetsbare positie hebben zo direct contact met de hulpverlening.
Kennis van signalering van mensenhandel, gegevensuitwisseling tussen politie en hulpverlening, doen van aangifte, mogelijkheid voor opvang van slachtoffers. In de consultatie is dit onderwerp zijdelings aan de orde gekomen, omdat de focus lag op vernieuwing/nieuw aanbod. Zowel op Het (oude) Zandpad als op de tippelzone is aandacht voor signalering van dwang en mensenhandel een belangrijk onderwerp geweest. De hulp- en dienstverlenende partij (Belle, De Tussenvoorziening) is zeer ervaren in het herkennen van signalen en het bespreekbaar maken hiervan. Ook is de mogelijkheid om ter plaatse te zien wie er werken en wat er gebeurt, een van de belangrijke redenen om het hulpaanbod lokaal, dus op de zone zelf, te organiseren. Op het toekomstige Nieuwe Zandpad is de aandacht hiervoor onverminderd hoog. Dit vertaalt zich in de nadere regel Hulp- en dienstverlening op Het Nieuwe Zandpad in kwaliteitseisen/criteria als: de organisatie moet aantoonbaar kennis van het signaleren van mensenhandel hebben, beschikken over competenties om signalen bespreekbaar te maken met de sekswerker, kennis en contacten hebben om signalen zo nodig door te zetten en hulp bieden bij (of warm doorverwijzen voor) het doen van een aangifte.
Voor Het Nieuwe Zandpad in bedrijf genomen wordt, maken alle betrokken partijen (hulp- en dienstverlening, VTH, politie, ketenregisseur mensenhandel, vertrouwenspersoon, Moviera) hier uitgebreide afspraken over. In het maatregelenpakket voor Het Nieuwe Zandpad staan diverse maatregelen om mensenhandel te voorkomen en op te sporen.
6. Uitgangspunten voor subsidieverlening voor hulp en dienstverlening op Het nieuwe Zandpad De bovenstaande gemene delers uit de consultatiegesprekken zijn vertaald in uitgangspunten. Alle gemene delers komen terug in deze uitgangspunten, soms bevat een uitgangspunt meerdere gemene delers. Uitzondering is uitgangspunt 6: signalering van mensenhandel en dwang. Dit is vooral genoemd door politie en OM. Dit betekent niet dat andere partijen dit onderwerp niet belangrijk vinden: de focus lag in de vraagstelling op (ver)nieuwe(nde) hulpverlening. Aandacht voor hulpverlening bij mensenhandel is al onderdeel van de werkwijze en actuele inzichten en ontwikkelingen nog tot kort voor de start van Het Nieuwe Zandpad meegenomen in de ketensamenwerking. Dit is onderdeel van het maatregelenpakket Het Nieuwe Zandpad. Het is evident dat dit niet mag ontbreken in de 9
uitgangspunten. Omdat de motie concreet gericht is op de hulp- en dienstverlening op Het Nieuwe Zandpad, hebben deze uitgangspunten een specifiek karakter. 1. Ketensamenwerking: uit de bovengenoemde gemene delers blijkt hoe belangrijk samenwerking in de keten is. Alle organisaties moeten zich inspannen voor een sluitende keten voor goede hulp- en dienstverlening. De sekswerker maakt ook deel uit van de ketenaanpak. 2. Complementair aanbod: zorg dat hulp- en dienstverleningsaanbod op verschillende locaties in de stad complementair is en aansluit bij wat de sekswerkers nodig hebben, maar voorkom dubbelingen. Houd hierbij rekening met de diversiteit binnen de groep en de zogenoemde ‘nieuwe groepen’. 3. Drieledig aanbod: de doelgroep maakt in eerste instantie vooral gebruik van laagdrempelig aanbod op het gebied van medische zorg, vervolgens van dienstverlening (ook wel informatie en advies genoemd) en dan van hulpverlening. Richt het aanbod daarop in en zorg dat de verbinding tussen deze onderdelen laagdrempelig is, maar dring geen hulp op. 4. Cultuur-sensitieve aanpak: de doelgroep op Het Nieuwe Zandpad krijgt naar verwachting een bepaalde samenstelling, bijvoorbeeld qua nationaliteit.
Zorg voor een hulp- en dienstverleningsaanbod en een contact dat oog heeft voor de culturele achtergronden en taal van de sekswerkers en de houding ten opzichte van prostitutie in het land van herkomst. 5. Ervaringsdeskundigheid: vertrouwen is voorwaarde voor het bereiken van sekswerkers met een medische, hulp- of dienstverleningsvraag, (opgeleide) ervaringsdeskundigen weten goed aan te sluiten bij de sekswerkers. In de begeleiding staat de wens van de sekswerker centraal en (geschoolde) ervaringsdeskundigheid maakt onderdeel uit van het team. 6. Hulpverleningsaanbod is laagdrempelig beschikbaar, maar is op basis van vrijwilligheid. Hulp wordt niet opgedrongen. 7. Kennis van signalen mensenhandel: de hulp- en dienstverlenende organisatie op Het Nieuwe Zandpadmoet signalen van mensenhandel kunnen herkennen, bespreekbaar maken, moet kennis hebben hoe met signalen om te gaan en kennis hebben van het netwerk voor mogelijke slachtoffers van mensenhandel.
7. Financiën In het onderstaande wordt inzichtelijk welke activiteiten en hieraan gekoppelde budgetten (dekking) ten goede komen aan de hulp- en dienstverlening op Het Nieuwe Zandpad. De Huiskamer op Het Zandpad was tot de sluiting medio 2013 vier dagdelen per week geopend (4x6 uur). In de voorbereidingen voor Het Nieuwe Zandpad is tot nu toe gecommuniceerd dat er dekking voor vier dagen beschikbaar is uit reguliere middelen van het programma Volksgezondheid. Recent bleek dat een structurele bezuiniging bij de Voorjaarsnota 2014 (Berenschot) niet is verwerkt in de planvorming voor prostitutiehulp- en dienstverlening op Het Nieuwe Zandpad. Er is ten onrechte in relevante stukken uitgegaan van dekking voor 24 uur openstelling van de huiskamerinloop per week, terwijl door de bezuiniging slechts voor 18 uur per week openstelling dekking is. Voor het tekort van 6 uur per week is jaarlijks EUR 72.500 nodig. Dit tekort wordt in 2021/2022 structureel gedekt door binnen de begroting van het programma Volksgezondheid het totaal beschikbare subsidiebedrag 10
voor prostitutie anders te verdelen. Daarmee zijn de financiële middelen voor 24 uur openstelling van de inlooplocatie voor de hulp- en dienstverlening op Het Nieuwe Zandpad geregeld. Dit resulteert dan in een nadere regel subsidie prostitutiehulp- en dienstverlening op Het Nieuwe Zandpad die tegemoet komt aan de verwachting voor openstelling van 4 dagdelen per week, ongeveer EUR 275.000 per jaar, en aanvullend de inzet van de arts, de klankbordgroep, de vertrouwenspersoon en met gebruikmaking van het stedelijke uitstapprogramma. Begroting hulp- en dienstverlening Het Nieuwe Zandpad in bedrijf (prijspeil 2021) aangevuld met inzicht in stedelijk aanbod Het Nieuwe Zandpad
Dekking
Bedrag per jaar
Hulp en dienstverlening Het
Programma Volksgezondheid, budget prostitutie
275.000
Artsenspreekuur Zandpad
Programma Volksgezondheid, budget prostitutie
25.000
Klankbordgroep Het Nieuwe
Programma Volksgezondheid, budget prostitutie
13.000
Voor de vertrouwenspersoon zijn bij het raadsbesluit
125.000
Nieuwe Zandpad: 24 uur per week openstelling laagdrempelige inloop (huiskamer)
Zandpad Vertrouwenspersoon
(december 2019) over het Nieuwe Zandpad de middelen beschikbaar gesteld Uitstapprogramma stedelijk*
Programma Volksgezondheid, budget prostitutie
187.000
*Dit programma is ook (maar niet uitsluitend) bedoeld voor sekswerkers op Het Nieuwe Zandpad.
8. Planning en vervolg Op basis van de door de raad vastgestelde uitgangspunten voor de subsidieverlening voor hulp- en dienstverlening op Het nieuwe Zandpad, stelt het college een nadere regel prostitutiehulp- en dienstverlening Het Nieuwe Zandpad op. Deze nadere regel stelt alle partijen die dit willen in de gelegenheid om een aanvraag in te dienen. De aanvragen worden volgens een vaste procedure voor subsidieverlening beoordeeld en de hoogst scorende partij krijgt de subsidie verleend. De activiteiten zijn gereed voor uitvoering als Het Nieuwe Zandpad in bedrijf wordt genomen. Het aanbod en de uitvoering van de hulp en dienstverlening monitoren en evalueren we jaarlijks. September 2021: vaststellen nota van uitgangspunten door de raad Eerste kwartaal 2022: vaststellen nadere regel door het college en publicatie Met deze planning staat het aanbod op het moment dat Het Nieuwe Zandpad in bedrijf gaat.
Bijlage 1: Geconsulteerde organisaties De consultatie prostitutiehulp- en dienstverlening is uitgevoerd in twee fasen met elk een eigen zwaartepunt. In de eerste fase (september t/m oktober 2020) richtte de consultatie zich hoofdzakelijk op stedelijke prostitutiehulp- en dienstverlening. In de tweede fase (februari-maart 2021) stond
11
prostitutiehulp- en dienstverlening op de raamprostitutielocatie centraal. Onderstaande lijst bevat de organisaties die hebben deelgenomen aan de consultaties. Consultatie ronde 1 Leger des Heils Belle – De Tussenvoorziening
El Roi
Pretty Woman
Lister
De ParticipatieFormule SHOP / Spot 46 Scharlaken Koord
Intraval Regioplan IVO Universiteit van Amsterdam Gemeente Amsterdam Gemeente Utrecht Stichting GOUD
Sekswerkers Utrecht
Belle hulpverlening is er voor mannen, vrouwen en transpersonen die als sekswerker werkzaam zijn, of zijn geweest. Zij zijn er ook voor slachtoffers mensenhandel en voor mensen die zich niet herkennen in de term sekswerker, maar wel vragen hebben. Belle biedt advies en hulp. El Roi is een stichting die zich inzet voor vrouwen in de prostitutie die werken in Utrecht, Amersfoort e.o. Hun doel is: de vrouwen een plek bieden waar ze zich welkom voelen, waar ze gezien worden in plaats van bekeken. Pretty Woman en Best Man bieden hulpverlening aan jongens en meiden tussen de 11 en 23 jaar die te maken hebben met seksueel grensoverschrijdend gedrag. Daarbij staat de vraag centraal: hoe bewaak je je eigen wensen en grenzen en respecteer je die van de ander? Zij helpen jongeren om zichzelf beter te leren kennen, gezonde relaties op te bouwen, van seks een fijne ervaring te maken en trauma’s te verwerken. Lister begeleidt mensen van wie het leven ontwricht is geraakt door een psychische kwetsbaarheid. Zij bieden ondersteuning en als het nodig is ook huisvesting. De begeleiding is herstelondersteunend. Deze organisatie ondersteunt de sekswerkers van de tippelzone bij het maken van een toekomstplan. Prostitutiehulpverlening (SHOP) en prostitutiedienstverlening (Spot 46) in Den Haag.
Gericht op prostitutiehulpverlening en uitstap in de regio’s Amsterdam, Zaanstreek & waterland, Haarlem & Kennemerland, Gooi & Vechtstreek, Flevoland en Overijssel. Onderzoeksbureau Onderzoeksbureau Onderzoeksbureau Onderzoeker Beleidsadviseur Prostitutie Veiligheid, VTH, MO-Jeugd Stichting Goud is een laagdrempelige organisatie die opkomt voor de belangen van dak- en thuislozen in de gemeente Utrecht. Via Klankbordgroep raamprostitutie, via Belle
Consultatie ronde 2 Stichting Proud
PROUD is de belangenvereniging voor en door sekswerkers in Nederland. PROUD is er voor alle sekswerkers en ex12
Belle – De Tussenvoorziening
Scharlaken Koord
Stichting Barka
P&G 292
Moviera GGD regio Utrecht Gemeente Den Haag Gemeente Alkmaar Gemeente Rotterdam Politie OM Gemeente Utrecht
sekswerkers ongeacht gender, seksuele oriëntatie, legale status, leeftijd, gezondheid, nationaliteit of werkvorm. Belle hulpverlening is er voor mannen, vrouwen en transpersonen die als sekswerker werkzaam zijn, of zijn geweest. Zij zijn er ook voor slachtoffers mensenhandel en voor mensen die zich niet herkennen in de term sekswerker, maar wel vragen hebben. Belle biedt advies en hulp. Gericht op prostitutiehulpverlening en uitstap in de regio’s Amsterdam, Zaanstreek & waterland, Haarlem & Kennemerland, Gooi & Vechtstreek, Flevoland en Overijssel. Van oorsprong Poolse organisatie, gericht op wegwijs maken van arbeidsmigranten in het gastland en ervaren in het begeleiden naar landen van herkomst (met name in OostEuropa). P&G 292 biedt informatie, advies en hulp aan sekswerkers in de regio Amsterdam. Bij ons werken zowel verpleegkundigen als maatschappelijk werkers. Coördinator Mensenhandel Medewerkers Seksuele gezondheid Beleidsadviseur Prostitutie Volksgezondheid Beleidsadviseur Prostitutie Beleidsadviseur Prostitutie Veiligheid Beleidsadviseur Prostitutie Zorg Adviseur EL/district Stad-Utrecht Wijkagent Beleidsadviseur Ketenregisseur Mensenhandel
13
Bijlage 2: Topiclijst – vragenlijst Onderstaande vragenlijsten vormden geen volledige lijst. Deze vragen dienden als hoofdonderwerpen aan de hand waarvan de consultatiegesprekken verder vorm kregen, al naar gelang de expertise van de organisatie. Consultatieronde 1 gericht op hulp- en dienstverlening na sluiting van de tippelzone Welke stedelijke ontwikkelingen in het ‘prostitutielandschap’ ziet u? Waar moet een nieuw pakket niet-locatiegebonden hulp- en dienstverlening uit bestaan? Is er speciaal aanbod nodig voor de verschillende vormen van sekswerk? Welke hulp- en dienstverlening is specifiek voor de sekswerkers van de tippelzone nodig na de sluiting van 1 juli 2021? Consultatieronde 2 gericht op (ver)nieuwe(nde) hulpverlening op Het Nieuwe Zandpad 1. Waaruit moet een aanbod van prostitutiehulp- en dienstverlening volgens u bestaan in een stad met enkele clubs, thuiswerkers en een raamprostitutiezone? 2. Waar zou u de balans of accenten leggen? Is het wenselijk de (nadruk op) hulpverlening en/of dienstverlening te leggen? Is een scheiding tussen die twee aan te raden, of juist niet? 3. Utrecht zou wellicht een ‘urenhotel’ onderdeel laten zijn van de raamprostitutiezone. Dit houdt in dat sekswerkers hun klanten werven via internet, en vervolgens een kamer in het urenhotel boeken om de klanten te ontvangen.
Leidt dit soort nieuw aanbod volgens u tot het formuleren van een speciaal aanbod nodig? Zo ja welk aanbod? 4. Het aanbod op de raamprostitutielocatie zoals dit tot medio 2013 bestond, betrof een huiskamer met bar voor kleine versnaperingen, verkoop van werkartikelen, een luisterend oor, voorlichting en hulp bij enkelvoudige vragen, doorverwijzing bij complexere hulpvragen/uitstapwensen, outreachend werk, een artsenspreekuur. Hoe kijkt u aan tegen dit aanbod? Zou dit volgens u ook het aanbod op de nieuwe zone moeten zijn of zijn er redenen voor aanpassingen? Zo ja, welke?
14