Motivering ETFAL zonne-eiland Nedereindse Plas
Tekst van het document
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
30/43
4 Ruimtelijke inpassing 4.1
Ladder voor duurzame verstedelijking
Op grond van artikel 5.134 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) moet bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied gemotiveerd worden of er behoefte is aan de ontwikkeling, en of deze ruimtelijk goed is ingepast. Deze regeling is een voortzetting van de eerdere Ladder voor duurzame verstedelijking onder het Besluit ruimtelijke ordening (Bro), en blijft relevant bij planvorming. In dit geval betreft het project de aanleg van een drijvend zonne-eiland op het water, met als doel het opwekken van hernieuwbare energie. Deze ontwikkeling valt niet onder het begrip 'stedelijke ontwikkeling' zoals bedoeld in artikel 5.134 Bkl. Er worden geen woningen, kantoren of andere verstedelijkende functies gerealiseerd, en het ruimtebeslag is tijdelijk, beperkt en grotendeels reversibel. Daarnaast wordt gebruikgemaakt van een bestaand waterlichaam, zonder uitbreiding van infrastructuur of verharding op het land. Daarom is de regeling voor duurzame verstedelijking in dit geval niet van toepassing. Een nadere toets of doorlopen van de regeling is dan ook niet vereist.
4.2
Ruimtelijke inpassing
Op basis van een ontwerpstudie is een definitief ontwerp opgesteld voor het zonne-eiland, met als doel dit zo optimaal mogelijk in te passen in het recreatiegebied. Gekozen is om het zonne-eiland aan te sluiten bij het bestaande natuureiland (het smalle landdeel tussen de twee plassen), met een compacte vorm en een efficiënte ligging ten opzichte van zoninstraling. De positionering zorgt voor het zo open mogelijk houden van het oostelijk en zuidelijk deel van de plas. Door de matte, anti-reflectie uitvoering van de panelen en de horizontale opbouw blijft het zonne-eiland visueel ondergeschikt in het landschap. Het zonne-eiland is vormgegeven als een heldere rechthoek met een omlijstende rand. Deze robuuste buitenrand zorgt voor een rustige, eenduidige verschijningsvorm die tegelijkertijd de samenhang van het zonne-eiland met het natuureiland versterkt. De buitenrand heeft de functie als onderhoudspad, en bestaat daarmee uit hetzelfde materiaal als de drijvende constructie van het zonne-eiland. Dit onderhoudspad faciliteert monitoring, onderhoud en mogelijk ook educatieve voorzieningen. De samenhang van het zonne-eiland met dit natuureiland wordt versterkt door op het land deze omlijsting ook door te trekken in dezelfde materialen. De omlijsting van het zonne-eiland is om veiligheidsredenen niet verbonden met het deel op land.
Het deel van de omlijsting op het natuureiland maakt geen onderdeel uit van deze aanvraag. Aan de westzijde van het zonne-eiland wordt een strook van 2.000 m² drijvend groen aangelegd. Dit vormt een natuurlijke buffer richting het natuureiland en versterkt het beeld van een beschutte kreekzone. Het drijvend groen kan dienen als schuil- en broedgebied voor vogels, amfibieën en insecten en ook als voedselbron voor verschillende dieren. Daarnaast zal het mogelijk extra luwte creëren,
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
31/43
waardoor ook insecten worden aangetrokken. Her foerageergebied van de vleermuizen wordt daarmee versterkt. Het drijvend groen zal ook beplanting bevatten die deels onder water zit, dit is voordelig voor de waterkwaliteit. De aanleg en instandhouding van deze stroken dragen zo bij aan de biodiversiteit en waterkwaliteit. Voorafgaand aan de aanleg van het zonne-eiland wordt een KLIC-melding gedaan, zodat de ligging van kabels en leidingen op en nabij de projectlocatie tijdig inzichtelijk is. Hiermee wordt voldaan aan de wettelijke verplichtingen en worden risico’s bij graaf- of verankeringswerkzaamheden geminimaliseerd.
4.3
Groenstructuurplan en groencompensatie
Het Groenstructuurplan (vastgesteld 2007, geactualiseerd in 2018) geeft aan dat menging van de hoofdgroenstructuur met andere stedelijke functies mogelijk is met als randvoorwaarde dat bij de ontwikkeling van het initiatief het groene karakter, de (potentiële) groene waarden en het gebruik van het groen worden verbeterd, zodat eventuele aantasting van (potentiële) waarden worden gecompenseerd. De hele plas en het Nedereindse park zijn deel van de hoofdgroenstructuur (zie figuur 5).
Figuur 5: Uitsnede groenstructuurvisiekaart Er zijn meerdere groene waarden aan de orde, en de ontwikkeling kan verschillende effecten hebben. Voorgestelde maatregelen zullen deze effecten compenseren, en de groene waardes van het gebied versterken. Landschappelijke en cultuurhistorische waarde Het Nedereindse Park is een gemaakt landschap; de plassen zijn door de mens gegraven en de heuvels door de mens opgeworpen. Het gebied is uniek omdat er op de plas geen waterrecreatie is toegestaan,
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
32/43
wat in de plas en langs de ontoegankelijke oevers ruimte geeft aan de natuur. Het landschap wordt gekenmerkt door hoogteverschillen en zichtlijnen over de plas en in het weidse landschap. Het zonne-eiland past als artificiële constructie bij de rest van het gemaakte landschap. Belangrijk is daarbij, dat deze juist ingepast wordt, om de landschappelijke waardes van het gebied te accentueren. Hier wordt in de ruimtelijke inpassing aandacht aan besteed. Recreatieve waarde Het gebied kent verschillende recreatieve waardes. Aan de noordoosthoek is meer reuring, hier is sportaanbod bij de mountainbike routes en de skiheuvel. In de zuid- en westkant van het gebied heerst rust, er wordt veel gebruik gemaakt van het gebied als rustige wandelroute en voor natuurbeleving. Het zonne-eiland heeft invloed op de recreatieve waarde van het gebied, omdat het zichtlijnen en natuurbeleving aantast. Met de inpassing wordt daarom rekening gehouden met deze zichtlijnen en worden de vanaf bepaalde punten op de oever gestuurd door het plaatsen van folly's (onderdeel van inrichtingsplan Nedereindse Park). Ook wordt het zonne-eiland vanaf bepaalde punten verborgen achter het drijvend groen. Het drijvend groen zal ook de natuurbeleving vanaf het natuureiland verbeteren, door leefgebied te versterken van verschillende diersoorten.
Ecologische waarde De plas biedt ruimte voor vele watervogels, welke vooral in de winter het open water als rustgebied gebruiken. Daarnaast foerageren meerdere soorten vleermuizen langs de oevers en over het water. De weidegebieden in de omgeving en de dichter begroeide oostoever, bieden leefgebied aan verschillende soorten vogels, amfibieën, insecten en grondgebonden zoogdieren. Het zonne-eiland wordt geplaatst op ruime afstand van de oevers en in het diepste deel van de plas, zodat verstoring van deze ecologische functies zoveel mogelijk wordt geminimaliseerd. Als compenserende maatregel wordt 2.000 m² drijvend groen toegevoegd aan de westzijde van het zonneeiland. Hiermee worden ecologische waarden versterkt. Dit drijvend groen bestaat uit modulaire, biologisch afbreekbare drijvers, gevuld met substraat waarin water- en oeverplanten groeien. De gekozen beplanting bevat soorten die deels met hun wortels onder water staan en zo bijdragen aan zuurstoftoevoer, waterfiltratie en verkoeling. De vegetatie is specifiek gekozen vanwege de ecologische meerwaarde voor insecten, vogels en vleermuizen. Ook biedt het een beschutte broed- en rustzone. Het drijvend groen is integraal onderdeel van de aanvraag voor de omgevingsvergunning wateractiviteit bij HDSR.
De toezichthouder beoordeelt hierbij onder andere het ontwerp, de positionering, de beplantingskeuze, de wijze van aanleg en de effecten op ecologische en hydrologische parameters. Klimaat De plas dient een waterbergende functie van regenwater, en een bron van water in tijden van droogte, gezien de diepte van de plas. Zoals benoemd in 2.4 heeft de ontwikkeling geen negatieve impact op het waterbergend vermogen. Ook wordt het microklimaat verbeterd door de toevoeging van drijvend groen. De waarde wordt daarmee niet aangetast. Gezondheid
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
33/43
Als park en recreatiegebied draagt het gebied bij aan een gezonde leefomgeving voor huidige omwonenden. In de toekomst zal de woningbouw in Rijnenburg ontwikkeld worden, waardoor het gebied toegankelijker wordt en voor nog meer inwoners een functie krijgt als recreatiegebied. In het toekomstbeeld en verdere ontwikkeling van het Nedereindse park wordt aandacht besteed aan de inrichting van het park en het toekomstig gebruik. Hier zullen verbeteringen in aangebracht worden, om de waarde van het gebied voor omwonenden te vergroten, ook met de komst van het zonne-eiland. Conclusie: De inpassing van het zonne-eiland vindt plaats binnen de kaders van het Groenstructuurplan en draagt bij aan het behoud en de versterking van groene, ecologische en recreatieve waarden. Maatregelen zoals het toepassen van drijvend groen, aandacht voor zichtlijnen en natuurinclusief ontwerp zorgen ervoor dat deze ontwikkeling past binnen de doelstellingen van het beleid en dat compensatie op passende wijze plaatsvindt.
4.4
Bomenplan
Het projectgebied (het oostelijk deel van de Nedereindse Plas) betreft een waterlichaam zonder aanwezige bomen binnen het plangebied zelf. Ook langs de oevers, in de directe omgeving van het zonne-eiland, bevinden zich geen bomen die geraakt worden door de voorgenomen ontwikkeling. De gemeente Utrecht hanteert een zorgvuldig bomenbeleid, zoals vastgelegd in de regels over bomen in het omgevingsplan en voor een deel in de APV. In lijn daarmee is bij het ontwerp rekening gehouden met het uitgangspunt dat de realisatie van het zonne-eiland niet ten koste gaat van bestaande bomen of waardevolle groenelementen. Er is geen omgevingsvergunning voor het kappen nodig, en er zijn geen compenserende maatregelen vereist. De voorgenomen ontwikkeling voldoet daarmee aan het gemeentelijke beleid op het gebied van bomenbehoud en versterkt (met onder andere drijvend groen) de ecologische waarde van het gebied.
4.5
Erfgoed en archeologie
De Nedereindse Plas is een relatief jong waterlichaam, ontstaan door zandwinning en in latere jaren deels gebruikt als stortlocatie. Hierdoor is de oorspronkelijke bodem grotendeels verstoord of verdwenen. Op de archeologische waardenkaart van de gemeente Utrecht is het watergebied aangeduid met de kleur grijs, wat betekent dat er geen archeologische verwachting is. Volgens het gemeentelijk archeologiebeleid zijn in grijze zones bodemingrepen toegestaan zonder dat voorafgaand archeologisch onderzoek vereist is. Voor de oevers van de plas geldt wél een archeologische verwachting. Op de archeologische beleidskaart (zie figuur 6) zijn deze oevers deels aangeduid met een groene en deels met een gele kleur. De groene zones kennen een lage archeologische verwachting. Hier geldt een onderzoekplicht bij bodemingrepen groter dan 5.000 m² en dieper dan 50 cm. Voor de gele zones, met een middelhoge verwachting, geldt deze plicht bij ingrepen groter dan 500 m² en dieper dan 30 cm onder maaiveld.
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
34/43
Figuur 6.: Archeologische waardenkaart Het zonne-eiland wordt gerealiseerd op het water en gefundeerd met verankeringspunten (zwaartekrachtankers) op de bodem van de plas. De geplande bodemingrepen vinden uitsluitend onder water plaats in een gebied zonder archeologische verwachting, waardoor archeologisch onderzoek hiervoor niet noodzakelijk is. Voor de transformator en het inkoopstation zijn drie mogelijke locaties onderzocht, waarvan de voorkeur uitgaat naar de gekozen locaties aan de noordzijde van de oostelijke plas. Deze voorzieningen worden compact vormgegeven en zodanig gepositioneerd dat ze ruim onder de vrijstellingsgrenzen voor archeologisch onderzoek blijven. Bovendien wordt waar mogelijk gekozen voor plaatsing op bestaande ophogingen of verharde delen, zodat graafwerkzaamheden tot een minimum worden beperkt. Conclusie: De realisatie van het zonne-eiland en de bijbehorende technische voorzieningen brengt geen archeologische risico’s met zich mee. Zowel de locatie op het water als de aanleg van het transformatorhuis en inkoopstation blijven binnen de beleidsmatige vrijstellingsgrenzen van de gemeente Utrecht. Aanvullend archeologisch onderzoek is dan ook niet vereist.
4.6 4.6.1
Ruimtelijke kwaliteit/omgevingskwaliteit Toetsing aan ruimtelijke kwaliteit
Voor het zonne-eiland op de Nedereindse Plas is getoetst aan de relevante uitgangspunten voor ruimtelijke kwaliteit, zoals vastgelegd in het gemeentelijke welstandsbeleid. Hoewel het project zich grotendeels op het water bevindt en dus niet onder traditionele bebouwing valt, zijn er wel degelijk onderdelen die invloed hebben op het visuele beeld en de landschappelijke inpassing.
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
35/43
4.6.2
Ontwerp en inpassing
Het ontwerp van het zonne-eiland is zorgvuldig afgestemd op de kenmerken van het omliggende landschap. Het eiland is laag en horizontaal van opbouw, waardoor het visueel ondergeschikt blijft aan de openheid van het water en het omringende groen. Door het toepassen van 2.000 m² drijvend groen aan de westzijde wordt het zonne-eiland op een natuurlijke wijze geïntegreerd in de omgeving en wordt het zicht vanaf de oevers bewust beperkt. De locatie van het zonne-eiland – nabij het bestaande natuureiland – is gekozen met oog voor landschappelijke verhoudingen en zorgt ervoor dat het eiland uit het directe zicht ligt van recreatieve routes en gevoelige zichtlijnen. 4.6.3
Vooroverleg Commissie Omgevingskwaliteit
In een drietal vooroverleggen is het ontwerp besproken met de Commissie voor de Omgevingskwaliteit. De aanbevelingen van de commissie zijn verwerkt in het definitieve ontwerp. De hoofdvorm is hersteld tot een heldere rechthoek. De afwerking van de randen is verbeterd door het toevoegen van een omlijsting van het zonne-eiland in de vorm van een omloop die kan terugkomen op het natuureiland. De panelen aan de noord- en zuidzijde zijn nu minder visueel aanwezig zijn.
4.7
Toegankelijkheid van de gebouwen en openbare ruimte
Het zonne-eiland op de Nedereindse Plas is om veiligheidsredenen niet toegankelijk voor het publiek. Dit geldt zowel voor het drijvende zonne-eiland zelf als voor de bijbehorende technische installaties, waaronder het transformatorgebouw op de oever. De niet-openbare toegankelijkheid is een bewuste keuze vanuit veiligheids- en beheerperspectief. De installaties bevatten hoogspanningscomponenten en vereisen daarom gecontroleerde toegang, uitsluitend voor bevoegde onderhouds- en beheerpartijen. De aanleg van het zonne-eiland heeft geen invloed op de bestaande openbare ruimte rondom de Nedereindse Plas. Bestaande recreatieve voorzieningen, fietsroutes en wandelpaden blijven volledig intact en toegankelijk voor publiek gebruik. In die zin wordt de bereikbaarheid en toegankelijkheid van de omgeving niet beperkt door de ontwikkeling.
4.8
Civieltechnische werken
Bouwperiode In de bouwperiode zal een bouwplaats worden ingericht, waar de faciliteiten worden geplaatst om het zonnesysteem te bouwen. De bouwplaats is een omheind terrein waar opslagcontainers, voorzieningen voor het bouwpersoneel, machines voor de bouw en andere benodigdheden worden geplaatst. De bouwplaats is tijdelijk en de locatie zal worden teruggebracht naar de oorspronkelijke staat (situatie één dag voor de start van de werkzaamheden op deze locatie) nadat de bouwperiode is afgerond. De bouwplaats wordt omheind met tijdelijk hekwerk en camerabeveiliging om het risico van diefstal van componenten te minimaliseren.
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
36/43
Kabels De geproduceerde elektriciteit wordt met kabels getransporteerd. De kabels worden op het drijvende zonnesysteem gebundeld tot een enkele bundel. Deze bundel wordt van het zonnesysteem aan land gebracht in één buis. Door deze buis te laten verzinken tot onder het wateroppervlak en de buis verdekt door struikgewas of andere natuurlijke maatregelen in de oever aan te brengen, is de kabelbuis nauwelijks zichtbaar vanaf de wal. Vanaf het aanlandingspunt wordt de kabelbuis op 0,5 meter tot 1 meter ingegraven en aangelegd naar het transformatorstation. Tussen het transformatorstation en het inkoopstation wordt een soortgelijke kabelbuis aangelegd op gelijke diepte. Transformator- en inkoopstation Het transformatorstation en het inkoopstation worden beide verdiept aangelegd. Inclusief fundering worden de stations maximaal 60 centimeter diep gerealiseerd. De kabelbuizen die worden aangesloten op het transformator- en het inkoopstation worden eveneens verdiept aangelegd, waardoor deze niet zichtbaar zijn boven het maaiveld. Verharding Aan de voor- en achterzijde van zowel het transformatorstation als het inkoopstation wordt verharding aangebracht voor het uitvoeren van onderhoud. De verharding is maximaal 4 m2 per zijde (voor en achter) van beide stations. Aanlegplek onderhoudsboot Op de noordoever wordt ruimte gecreëerd om een onderhoudsboot te water te laten.
De boot kan vanaf de oever te water worden gelaten. Vooralsnog wordt een formele aanlegplek niet nodig geacht.
4.9
Onttrekking aan de openbare weg
Voor de realisatie van het zonne-eiland en de bijbehorende voorzieningen is geen sprake van onttrekking van bestaande openbare wegen. Het zonne-eiland wordt gerealiseerd op het water van de Nedereindse Plas, en de bijbehorende installaties, waaronder het transformatorstation, worden geplaatst op gronden die reeds in eigendom zijn van de gemeente Utrecht en niet openbaar toegankelijk zijn of worden.
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
37/43
5 Overige aspecten 5.1
Aanvaardbaar woon-leef-ondernemersklimaat
De ontwikkeling van het zonne-eiland op de Nedereindse Plas heeft geen negatieve effecten op het woon-, leef- of ondernemersklimaat in de directe omgeving. Doordat het project zich op het water bevindt en op ruime afstand ligt van omliggende woonwijken en bedrijvigheid, is er geen sprake van fysieke inbreuk op de leefomgeving van omwonenden of ondernemers. Overlast en hinder worden zoveel mogelijk voorkomen: • •
•
Geluid: Het zonne-eiland produceert geen geluid tijdens de exploitatie. Incidenteel onderhoud vindt plaats met lichte middelen en veroorzaakt slechts tijdelijke en beperkte geluidsemissies. Lichthinder en reflectie: Er is gekozen voor panelen met een lage reflectiewaarde om hinder door zonlicht of schittering naar de omgeving te minimaliseren. De opstelling is laag en vlak, waardoor de impact op de omgeving visueel beperkt blijft. Bouwfase: Eventuele overlast tijdens de realisatiefase wordt beperkt door goede planning van werkzaamheden, het gebruik van bestaande transport- en aanvoerroutes, en duidelijke afspraken over werktijden en uitvoeringsmethoden.
Er worden geen recreatieve functies verdrongen en de toegankelijkheid van omliggende gebieden blijft gewaarborgd. Sterker nog, het project draagt bij aan de verduurzaming van de stad, wat op de lange termijn ook gunstig is voor het ondernemers- en leefklimaat. Conclusie: Het zonne-eiland veroorzaakt geen substantiële hinder of overlast voor de omgeving en past binnen een aanvaardbaar woon-, leef- en ondernemersklimaat.
5.2
Privaatrechtelijke belemmering
Voor het zonne-eiland op de Nedereindse Plas zijn geen privaatrechtelijke belemmeringen van toepassing. Het gehele project wordt gerealiseerd op gronden die in eigendom zijn van de gemeente Utrecht. Er is geen sprake van erfpachtconstructies of betwiste eigendomssituaties. Omdat het zonne-eiland op open water wordt aangelegd, is er geen sprake van aangrenzende percelen van derden die geraakt worden door het initiatief. Het burenrecht is daarmee niet van toepassing. Ook het bijbehorende transformatorgebouw en het inkoopstation worden geplaatst op gemeentelijke grond, wat betekent dat ook daar geen privaatrechtelijke belemmeringen gelden. De gemeente Utrecht treedt in dit project op als zowel initiatiefnemer als grondeigenaar. Hierdoor zijn aanvullende privaatrechtelijke afspraken of overeenkomsten met derden niet noodzakelijk. Er zijn dan ook geen juridische belemmeringen die de uitvoering van het project in de weg staan. Conclusie: het zonne-eiland kan zonder privaatrechtelijke obstakels gerealiseerd worden.
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
38/43
6 Verantwoording van de economische uitvoerbaarheid 6.1
Financieel uitvoerbaarheid
Het project is economisch haalbaar gebleken op basis van een uitgevoerd haalbaarheidsonderzoek. Hierin is onder andere gekeken naar investeringskosten, jaarlijkse exploitatiekosten, terugverdientijd, verwachte opbrengst en financiële risico’s. Uit het onderzoek blijkt dat het zonne-eiland voldoende rendabel is bij de huidige subsidie-instrumenten (zoals SDE++), zelfs wanneer rekening wordt gehouden met de investering in drijvend groen. De investering bedraagt naar verwachting inclusief het drijvend groen circa 6 miljoen euro. In het businessmodel wordt uitgegaan van jaarlijkse energielevering aan het net, met een verwachte terugverdientijd van circa 13 tot 15 jaar. Het eigenaarschap ligt bij de gemeente, maar het project kan ook in de markt worden gezet via een tender. In beide scenario’s is het project financieel uitvoerbaar. Indien de gemeente-eigenaar blijft, wordt eventuele winstuitkering gebruikt voor versterking van het recreatiegebied. Conclusie: Het project is financieel haalbaar en kent een robuust verdienmodel. Zowel publieke als private ontwikkeling is mogelijk en passend binnen de gemeentelijke duurzaamheidsstrategie.
6.2
Kostenverhaal
Zolang het eigenaarschap bij de gemeente ligt is kostenverhaal niet aan de orde. Op het moment dat een ontwikkelaar gevonden wordt om het zonne-eiland te realiseren, dan zullen er afspraken worden gemaakt over het verhalen van gemaakte kosten.
6.3
Nadeelcompensatie
Voor de realisatie van het zonne-eiland op de Nedereindse Plas wordt geen nadeelcompensatie voorzien. De afstand tot de dichtstbijzijnde woningen is aanzienlijk, waardoor hinder of waardevermindering van omliggende percelen niet wordt verwacht. Ook op het omliggende gebruik van gronden – zoals recreatief of agrarisch gebruik – heeft het project geen direct beperkende invloed. Mocht er onverhoopt toch sprake zijn van aantoonbare schade als gevolg van de uitvoering of aanwezigheid van het zonne-eiland, dan kan een verzoek tot nadeelcompensatie worden ingediend bij de gemeente Utrecht. De gemeente handelt dergelijke verzoeken af conform het geldende nadeelcompensatiebeleid, zoals vastgelegd in de Omgevingswet en de Verordening nadeelcompensatie.
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
39/43
Het project is daarmee voldoende afgedekt tegen mogelijke financiële claims en kent op voorhand geen voorzienbare risico’s die aanleiding geven tot compensatie.
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
40/43
7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 7.1
Participatie
Doel van de participatie De participatie rondom het zonne-eiland Nedereindse Plas heeft als doel om belanghebbenden vroegtijdig te betrekken bij het ontwerpproces, maatschappelijke acceptatie te vergroten en relevante lokale kennis te benutten voor het verbeteren van de plannen. De participatie richtte zich op inwoners, energiecoöperaties, natuurorganisaties, recreatieve gebruikers en omliggende gemeenten. Aanpak en middelen De gemeente Utrecht heeft meerdere vormen van participatie ingezet. Dit betrof onder andere informatiebijeenkomsten, een online consultatie via DenkMee, fysieke klankbordgroep bijeenkomsten en gezamenlijke overleggen in het kader van de gebiedsontwikkeling van het Nedereindse Park. Input is opgehaald over thema’s als ecologie, landschappelijke inpassing, recreatie, zichtlijnen en eigendom. Bijeenkomsten in kader van doorontwikkeling Nedereindse Park Het zonne-eiland is gepositioneerd binnen het bredere plan voor het Nedereindse Park. Gedurende de planvorming zijn gezamenlijke participatiebijeenkomsten georganiseerd waarin het zonne-eiland werd besproken in relatie tot recreatie, landschap en natuur. Klankbordgroep zonne-eiland In 2023 is een klankbordgroep ingesteld met als doel om mee te denken over de verdere uitwerking van het plan en het ontwerp van het zonne-eiland.
De klankbord bestaat uit omwonenden, vertegenwoordigers van energiecoöperaties, natuurorganisaties en recreatieve belangen. De klankbordgroep heeft bijeenkomsten gehad op de volgende momenten: 23 november 2023 18 april 2024 17 september 2024 22 januari 2025 12 maart 2025 Tijdens deze bijeenkomsten zijn onder meer de ontwerprichtingen, ecologische inpassing, zichtlijnen en lokaal eigendom besproken. Ook is gereflecteerd op de keuze voor de voorkeursvariant. Resultaat Omwonenden, natuurorganisaties en andere betrokkenen hebben op verschillende momenten actief meegedacht over de ontwikkeling van het zonne-eiland op de Nedereindse Plas. Er zijn inhoudelijke bijdragen geleverd over het ontwerp, ecologie, zichtlijnen en participatievormen. De dialoog is open en respectvol gevoerd en heeft geleid tot diverse bijstellingen in het ontwerp. Zo is het zonne-eiland compacter vormgegeven, is gekozen voor een locatie op afstand van de oevers, en is drijvend groen toegevoegd om de biodiversiteit te versterken en het eiland landschappelijk beter in te passen.
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
41/43
Daarnaast zijn zorgen geuit over mogelijke effecten op waterkwaliteit, natuur en recreatie. Deze zorgen zijn meegenomen in de ontwerpstudie, het ecologisch onderzoek en de waterkwaliteitsafwegingen in samenwerking met HDSR. Op verzoek van deelnemers is ook de optie van lokaal eigendom onderzocht. Hoewel dit vanwege de schaal van het project complex is, blijft dit onderwerp open voor verdere uitwerking in samenwerking met lokale energiecoöperaties. Ook zijn suggesties opgehaald over het inzetten van opbrengsten uit het zonne-eiland voor het verbeteren van de natuur- en recreatieve kwaliteit van het park. Conclusie: De maatschappelijke uitvoerbaarheid van het project is voldoende geborgd door een zorgvuldig en meerjarig participatietraject, een goed functionerende klankbordgroep en integratie met de bredere gebiedsontwikkeling van het park.
7.2
Omgevingstafel
Voor het project Zonne-eiland Nedereindse Plas hebben twee omgevingstafels plaatsgevonden: op 3 maart 2025 en op 15 april 2025. De omgevingstafel is een overleg in de voorbereiding op de aanvraag van de omgevingsvergunning waar alle betrokken overheden, organisaties en belanghebbenden zijn vertegenwoordigd. Tijdens deze bijeenkomsten is het ontwerp besproken en afgestemd. De omgevingstafel biedt ruimte voor het vroegtijdig signaleren van knelpunten en het gezamenlijk zoeken naar oplossingen. Door de brede samenstelling kunnen relevante kwesties snel en integraal worden opgepakt. De uitkomsten van de omgevingstafels zijn meegenomen in de verdere planvorming en dragen bij aan een breed gedragen ontwerp en zorgvuldige ruimtelijke inpassing.
7.3
Bestuurlijk vooroverleg
De Nedereindse Plas is grondgebied van gemeente Utrecht. Besluitvorming over de vergunning ligt primair bij het college. In het verleden zijn er meerdere besluiten geweest over dit project. De belangrijkste besluiten zijn: • Juli 2020 (gemeenteraad): Nedereindse Plas aangewezen als zoekgebied voor zonne-energie in het Energielandschap Rijnenburg en Reijerscop • Juni 2023 (college B&W): Vaststelling Integraal Programma van Eisen (verkleining zoekgebied tot de oostelijke plas) • Oktober 2023 (college B&W): Gemeente Utrecht gaat het zonne-eiland zelf ontwikkelen • December 2024 (gemeenteraad): Nedereindse Plas aangewezen als focusgebied voor zonneenergie in de Beleidsnota opwekgebieden voor schone energie. Besluiten over het recreatiegebied inclusief het zonne-eiland worden voorbereid in het bestuurlijk overleg Nedereindse Plas met aanwezigheid van gemeente Utrecht, provincie Utrecht, recreatieschap Stichtse Groenlanden en Hoogheemraadschap Stichtse Rijnlanden. Dit bestuurlijk overleg heeft ingestemd met
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
42/43
het Integraal Programma van Eisen, het maximaliseren van de bedekking van de plas met 5ha zonnepanelen en het voorliggende definitieve ontwerp.
7.4
Bindend advies gemeenteraad
De gemeenteraad heeft gevallen aangewezen waarbij zij bindend advies mogen geven. Dat is het geval bij de aanleg van zonnevelden. Het college blijft bevoegd gezag voor de vergunning.
Ruimtelijke Onderbouwing | 22 juli 2025
43/43