CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026 Waardering voor vakmanschap.pdf

Gemeenteraad 21 september 2023, gemeente UtrechtBij agendapunt: Afrondende besluitvorming na debat over Aanpak inclusieve stagemarkt en actieplan MBO8.261 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

Waardering voor vakmanschap

Inhoud Inleiding Terugblik mbo-uitvoeringsplan 2020 - 2022 Uitgangspunten mbo-uitvoeringsplan 2023 - 2026 Van droom naar uitvoering

3 4 5 7

Ambitie 1: Gelijkwaardige positie 1.1 De samenleving waardeert vakmanschap en heeft een positief beeld van het mbo 1.2 Mbo-, hbo- en wo-studenten hebben een gelijkwaardige positie in het Utrechtse studentenleven

8 8 9

Ambitie 2: Verbinding van jongeren, onderwijs, arbeidsmarkt en gemeente 2.1 Er is waardering en interesse bij leerlingen, ouders en docenten voor vakopleidingen en -beroepen 2.2 Elke mbo student heeft een waardevolle stageplek 2.3 Er is nauwe samenwerking in de driehoek van het onderwijs, de gemeente en de arbeidsmarkt

13

Governance en financiën Sturen en verantwoorden Organisatie Voortgangsrapportage Financiën

15 15 15 15 15

Eindnoten

16

2 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

11 11 12

Inleiding Samia Boukhizzou Waar je ook om je heen kijkt, vakmanschap zie je overal. En vakmanschap is essentieel voor Utrecht. Vakmensen, en daarmee ook het mbo en zijn studenten, hebben een grote en belangrijke rol in de Utrechtse samenleving, economie en het onderwijs. 28,2%1 van de Utrechtse inwoners heeft een afgeronde mbo-opleiding. En maar liefst 27.500 studenten volgen een opleiding aan één van de Utrechtse mbo-instellingen. Bovendien neemt de vraag naar mbo-opgeleide vakmensen steeds verder toe. Daarbij zijn onze vakmensen cruciaal om de Utrechtse samenleving uit te rusten voor de uitdagingen van de toekomst. Denk bijvoorbeeld aan de energie­ transitie of de klimaatcrisis. Maar de waarde van het mbo kenmerkt zich niet alleen door het opleiden van de vormgevers, de makers en de doeners van de stad. Het mbo is ook dé plek waar duizenden jongeren hun interesses en talenten ontdekken en ontplooien, waar ze voor het eerst kennismaken met de arbeidsmarkt en waar ze op weg worden geleid in hun persoonlijke ontwikkeling naar volwassenheid en burgerschap. Dit maakt het mbo een onwijs kansrijke plek voor Utrecht en de gehele samenleving. Ondanks de waarde van deze vakmensen, als Utrechtse burgers en als drijvende kracht van samenleving en arbeidsmarkt, voelt niet elke mbo’er de waardering die ze verdienen.

3 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

Nadat ik mijn VMBO-diploma in ontvangst had mogen nemen was ik natuurlijk erg blij. Niet alleen omdat ik mijn examens gehaald had, maar ook omdat ik eindelijk kon genieten van het echte studentenleven. Ik zou namelijk op het mbo een student zijn. Dat betekent dus ook genieten van de voordelen die daarbij komen kijken. Zoals de studentenkortingen en alle studentenverenigingen. Jammer genoeg bleek het beeld wat ik in mijn hoofd had maar een sprookje. Terwijl mijn vrienden op het hbo verwelkomd werden met leuke activiteiten tijdens de introductieweek, werden er bij mij de schoolregels besproken. Ik voelde een vorm van onrechtvaardigheid, maar ik kon het nergens plaatsen. Hoe kan het dat ik een student ben maar niet zo behandeld wordt? Ben ik dan eigenlijk wel een student? Ik had veel vragen en om antwoord te krijgen op deze vragen ben ik me gaan verdiepen in de zogenoemde mbo-wereld. Ik kwam erachter dat steeds meer mensen hun waardering uitspraken over het mbo. ‘Het is de motor van de economie’ en ‘we hebben vak­mensen nodig!’ Uitspraken die constant weer naar voren kwamen maar nooit echt gevoeld werden. Althans, door mij niet.

Dit omdat in mijn omgeving altijd verteld werd ‘Je gaat toch wel door studeren, he?’ Ik ging er daarom ook vanuit dat studeren succes was. Dat je succesvol bent als je doorstudeert. Maar is dat niet best tegenstrijdig? Dat men roept dat we gewaardeerd worden, maar dat dat eigenlijk niet zo is? Ik dacht ook altijd dat ik makkelijk aan een baan zou komen, omdat iedereen altijd roept hoe hard mbo-studenten nodig zijn. Maar dat bleek in werkelijkheid niet zo te zijn. Na het in ontvangst nemen van mijn mbo-diploma ging ik eigenlijk direct opzoek naar een baan, maar elke vacature vereiste ‘hbo-wo denkniveau’. Naar mijn gevoel worden alleen de mbo’ers die de gaten in de arbeidsmarkt vullen gewaardeerd. En alle andere mbo’ers? Die zijn verplicht om door te studeren. Volgens de maatschappij boeken zij alleen zo succes.

Dit waren de krachtige woorden waarmee Samia Boukhizzou, afgestudeerde mbo’er, voormalig JOB MBO-bestuurder en tegenwoordig gastspreker en schrijfster, op 1 november 2022 onze werkconferentie ‘Sterk Utrechts mbo’ opende. Een verhaal dat helaas de realiteit van vele studenten in het mbo weerspiegelt en ook terug te lezen is in het boek “MBO? Dan zul je wel dom zijn”2. Hierin geven twee Utrechtse mbo-​ docenten studenten van diverse opleidingen uit het hele land een podium om hun ervaringen te delen als mbo-student in de Nederlandse samenleving. Hun verhalen zijn schrijnend. Mbo-studenten zijn al sinds 2020 officieel student, maar voelen zich vanwege beperkte toegang tot het studentenleven nog altijd niet zo. Ze zien en ervaren ‘opwaartse druk’ en men neemt aan dat zij op het mbo studeren, omdat ze het ‘moeten’ en niet omdat ze vanuit interesse en passie de opleiding volgen die bij hen past. Gelukkig denkt niet iedereen zo en laat het boek juist ook de veer- en wilskracht van deze jonge mensen zien die, ondanks alle tegenslagen, zeer blij zijn met hun opleiding en juist kritisch naar de maatschappij kijken die hen onterecht als minder behandeld. En daarmee maken ze één ding pijnlijk duidelijk: het mbo wordt nog altijd ondergewaardeerd. Dat accepteren we niet in Utrecht.

Daarom gaan wij in het vervolg op ‘Sterk Utrechts mbo’ verder inzetten op meer waardering in de volle breedte – van de waardering van mbo’ers als volwaardige studenten tot aan het belang van vakmanschap voor de toekomst van onze samenleving.

4 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

Terugblik mbo-uitvoeringsplan 2020 - 2022 In Utrecht hebben wij, gemeente en de vier stedelijke mbo-instellingen, vier jaar geleden de handen ineen geslagen om de positie van het Utrechtse mbo te versterken. Met het mbo-uitvoeringsplan ‘Sterk Utrechts mbo 2020-2022’ werkten we samen aan vier ambities: 1. Het mbo meer op een podium zetten om het positieve imago van het mbo te bevorderen; 2. Het doorontwikkelen van de zorgstructuur voor studenten met ondersteuningsbehoefte; 3. Het inzetten op de positie van mbo-stagiairs; 4. Het versterken van de aansluiting van onderwijs en arbeidsmarkt.

Ondanks de druk die corona legde op de Utrechtse mbo’s en daarmee ook op de uitvoering van ‘Sterk Utrechts mbo’ zijn we trots op wat het mbo-uitvoeringsplan 2020-2022 heeft opgeleverd. Onze samenwerking van de afgelopen jaren heeft zowel de onderwijsinstellingen onder elkaar, als ook met de gemeente dichter bij elkaar gebracht en is gegroeid tot een hecht partnerschap. Als collectief komen we op voor de Utrechtse mbo-student en we versterken de positie van het mbo in de stad – en dat met succes. Dankbaar en trots blikken we terug op een aantal hoogtepunten van de afgelopen jaren en het mbo-uitvoeringsplan 2020-2022: ࢟

Een belangrijke doelstelling van het mbouitvoeringsplan was om in Utrecht een groter podium aan het mbo te geven. Hiervoor zijn we in 2021 met de campagne ‘Mede mogelijk gemaakt door de Utrechtse mbo’ers’ gestart. Midden in Utrecht, en daarmee zichtbaar voor alle bewoners en bezoekers, hebben we deze campagne op 30 juni 2021 afgetrapt door de Voorstraat in de binnenstad om te toveren tot de eerste mbo-

straat in Nederland. Tijdens deze dag hebben studenten het belang van vakmanschap voor onze samenleving in het licht gezet en de diversiteit laten zien die het mbo en zijn mensen te bieden heeft. Waar we met de mbo-straat specifiek het Utrechtse vakmanschap in de schijnwerpers hebben gezet, hebben we in het voorjaar van 2022 tijdens Skills the Finals studenten uit het hele land een podium geboden om hun excellente vakmanschap te demonstreren. Met zijn vijven deden we een voorstel om dit evenement naar Utrecht te halen en in nauwe samenwerking tot een groot succes uitgevoerd. ࢟

Het mbo-uitvoeringsplan heeft daarnaast ook voor het ontstaan van de mbo-SR030 gezorgd: een mbo-studentenraad met vertegenwoordigers van de (centrale) studentenraden van alle vier mbo-instellingen in Utrecht. Samen zetten deze studenten zich in voor de belangen van álle mbo-studenten in Utrecht en voorzien zij ons van feedback en input voor plannen en activiteiten. De studenten van de SR030 worden in hun ambities door ons gefaciliteerd en waar nodig begeleid. Daarbij hebben zij in korte tijd al indrukwekkende resultaten behaald en voor landelijke aandacht gezorgd voor de positie van mbo’ers in het studentenleven. Door hun initiatief en inzet deelden eerstejaars mbo-studenten in 2022 voor het eerst mee aan de Utrechtse introductietijd (UIT). Enkele weken later is ook een pilot van twee jaar gestart waardoor mbo-studenten zich kunnen opgeven voor de Utrechtse studentensport bij Olympos onder dezelfde voorwaarden als studenten van het hbo en wo. Tegenwoordig is de vraag rondom de mogelijkheid tot deelname van mbo’ers aan het studentenleven uitgegroeid tot een landelijk gesprek.

࢟

Naast podium en studentenleven hebben wij ook op het gebied van studentenwelzijn belangrijke stappen gezet. Door onderzoek te laten doen naar de prevalentie van stagediscriminatie3 hebben wij gehoor gegeven aan onze studenten die vanwege hun achtergrond en kenmerken ongelijk behandeld worden in het sollicitatieproces en op de werkvloer. We zijn geschrokken van de resultaten: een kwart van onze studenten ervaart discriminatie tijdens het solliciteren en een achtste tijdens het stagelopen. En toch geeft de impact van het onderzoek hoop voor de toekomst. De bevindingen van het VerweyJonker Instituut onderstrepen de urgentie van een inclusievere stagemarkt en samenleving en geven richting aan iedereen die zich hiervoor wil inzetten. We zijn blij om te zien dat deze noodzaak ook door andere partijen in het hele land onderschreven en aangepakt wordt. Inmiddels zijn wij in Utrecht begonnen met de implementatie van onze aanpak ‘inclusieve stagemarkt’ en staan in nauwe uitwisseling met het ministerie, de G4 en andere partners over onze ontwikkelingen.

Het nieuwe bestuur van de gemeente Utrecht heeft besloten om opnieuw te investeren in de extra inzet en aandacht voor het mbo en heeft dit vastgelegd in het coalitieakkoord4. Met een nieuwe mbo-wethouder zetten wij onze samenwerking voort. En met dit nieuwe mbo-uitvoeringsplan geven we onze gezamenlijke ambities vorm. Daarbij blijven we inzetten op de bovenstaande successen uit het vorige uitvoeringsplan en verbreden we ons perspectief naar meer waardering voor vakmanschap.

5 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

Uitgangspunten mbo-uitvoeringsplan 2023 - 2026

Voor de volgende fase van het mbo uitvoeringsplan trekken we lessen uit de eerste periode en gaan aan de slag aan de hand van de volgende uitgangspunten. Lessen uit het verleden als basis voor het vervolg van onze samenwerking Het mbo-uitvoeringsplan 2020-2022 heeft laten zien hoe belangrijk het is om ons werk niet alleen te doen vóór onze doelgroep, de mbo-studenten, maar juist met hen. De hoogtepunten van de ambitie ‘Podium voor het mbo’ zijn namelijk dankzij de inzet en het initiatief van onze studenten ontstaan en tot successen uitgegroeid. Hier willen we in het vervolg opnieuw op inzetten en onze ambities ook richten op wat zij nodig en wenselijk vinden voor de Utrechtse mbo-student. De kracht van het Utrechtse mbo-uitvoeringsplan ligt in de gezamenlijkheid. Zowel instellingen als gemeente werken ieder aan eigen doelstellingen en opdrachten van bijvoorbeeld het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). Echter, door daarnaast ook nog aan gezamenlijke doelen te werken en daarvoor onze krachten bundelen, hebben wij de kans om daadwerkelijk verschil te maken voor mbo’ers – niet alleen voor studenten op school, maar ook voor hun plek in de samenleving en op de arbeidsmarkt.

Voor het mbo-uitvoeringsplan 2023-2026 gebruiken we dit als vertrekpunt: we zetten ons in voor doeleinden waarbij we als collectief meer kunnen bereiken en aanvullend op alles dat nu al gebeurt. Bovendien heeft de samenwerking van de afgelopen jaren ons geleerd dat flexibiliteit nodig is om de gezamenlijke doelstellingen van gemeente en mbo-instellingen te behalen. Wij willen ons daarom niet vooraf al vastleggen op de concrete acties die uit onze ambities voortvloeien, maar bepalen de

randvoorwaarden en inspanningen waarmee we de positie van het mbo in de Utrechtse samenleving verder versterken. Door deze dynamische werkwijze geven we onszelf met dit plan richting voor nieuwe opgaven en daarmee ruimte om te kunnen reageren op mogelijke ontwikkelingen en nieuwe inzichten. Jaarlijks rapporteren we over de voortgang en de acties die wij uiteindelijk hebben uitgevoerd voor het behalen van onze doelen. Bij de totstandkoming van dit uitvoeringsplan hebben we een uitgebreid en zorgvuldig proces doorlopen. Met studenten en alle waardevolle partners die in de eerste fase belangrijke rol hebben gespeeld. De belangrijkste stap hierin was onze werkconferentie ‘Sterk Utrechts mbo’ in november 2022. Tijdens deze conferentie gingen we met diverse deelnemers (van Utrechtse werkgevers en SBB tot VIDIUS en JOB MBO) in gesprek over onze nieuwe plannen. De opbrengsten van deze conferentie hebben wij gebruikt om de voorliggende plannen invulling te geven en een prioritering aan te brengen voor betere focus.

Alle vormen van onderwijs zijn gelijkwaardig De afgelopen tijd heeft Robbert Dijkgraaf, minister van OCW, zich sterk gemaakt voor de herwaardering van het Nederlandse onderwijssysteem: waar velen het nog beschouwen als een ladder, die jongeren stimuleert maar ook onder druk zet om zo ver mogelijk naar ‘hogere’ onderwijsvormen te klimmen, gaat hij uit van onderwijs als waaier, waarin de ene vorm niet hoger of lager is dan een andere maar simpelweg anders. Wij onderstrepen deze opvatting en gebruiken dit als basis voor dit mbo-uitvoeringsplan en voor onze samenwerking met andere kennisinstellingen en partners. Jongeren gaan in Utrecht niet naar school op de ‘ladder naar boven’ maar zijn onderweg in en tussen verschillende vormen van onderwijs. Om deze gelijkwaardigheid in het onderwijs en van leerlingen en

studenten ook in de maatschappij te bereiken, hebben we als samenleving nog een lange weg te gaan. Daarom zetten we ons met ambitie 1 maximaal in voor een waardevolle positie van vakmanschap en -mensen in Utrecht. De student staat centraal in onze samenwerking Studenten zijn de essentie van het mbo en ook van onze samenwerking. Daarbij kijken we in onze doelstellingen niet alleen naar de huidige mbo-studenten maar ook naar leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs – en daarmee de toekomstige mbo-studenten – en naar afgestudeerden die de arbeidsmarkt betreden. Studenten staan niet alleen centraal in onze doelstellingen en werkwijze, maar waren ook onmisbaar in de totstandkoming van dit uitvoeringsplan. Zo hebben wij in september 2022 een ‘spreek je uit’ sessie georganiseerd waarin minister Dijkgraaf met ruim 100 studenten van alle vier mbo-instellingen in Utrecht heeft gesproken over hun belangen en behoeften voor nieuw beleid. En ook tijdens de werkconferentie ‘Sterk Utrechts’ mbo’ zijn onze studenten in gesprek gegaan met beleidsmedewerkers, docenten, werkgevers en andere partners. De input uit beide sessies verwerkten wij in de voorliggende plannen. Bovendien zijn de doelstellingen rondom de deelname van het mbo aan het studentenleven onmiddellijk ontstaan op initiatief van Utrechtse mbo-studenten.

Voor deze plannen (ambitie paragraaf 1.2) hebben wij daarom een werkgroep, voornamelijk bestaande uit studenten en medewerkers van de mbo-instellingen en de gemeente, direct betrokken bij het opstellen van ons beleid. De mbo-studentenraad SR030, die bij al deze sessies en samenstellingen vertegenwoordigd was, hebben wij bovendien ingezet om dit uitvoeringsplan en onze ambities te toetsen en zullen we waar mogelijk ook in de uitvoering betrekken. De SR030 blijft ook

6 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

de komende jaren een belangrijke partner in de stad en voor onze samenwerking. We zullen deze jongerengroep daarom ook in het vervolg inzetten en faciliteren als belangenorganisatie voor mbo-studenten en adviesorgaan voor onze aanpak. Tot slot is het uitvoeringsplan voorgelegd en besproken met JOB MBO. Theory of Change als werkmethode In de totstandkoming van dit mbo-uitvoeringsplan hebben wij de Theory of Change5 gebruikt voor het ontwikkelen van ambities en inspanningen. Met deze theorie als basis werken we toe naar verandering in de samenleving. Daarbij gaan we uit van een maatschappelijke droom: een ideaalbeeld van de Utrechtse samenleving waarin mbo’ers gelijkwaardig zijn aan anderen en deze waardering ook zo ervaren. De maatschappelijke droom geeft richting om keuzes te maken voor de doeleinden waarop wij invloed kunnen uitoefenen en tegen zaken die buiten ons bereik liggen. Dit betekent dat we op sommige aspecten ook juist niet zullen inzetten, omdat de gewenste impact niet in onze macht ligt of we hierop met de beschikbare middelen niet het gewenste effect kunnen bereiken. We hebben de Utrechtse droom vertaald in twee ambities, waarbinnen we samenwerken om impact te creëren en waarmee wij uiteindelijk bijdragen aan de overkoepelende maatschappelijke droom. Met onze droom en ambities in het vizier bepalen we de randvoorwaarden om deze bijdrage te kunnen leveren.

Het vorige mbo-uitvoeringsplan 2020-2022 heeft ons geleerd niet al aan de voorkant de activiteiten voor de hele periode van onze samenwerking vast te leggen, omdat het in de praktijk niet werkbaar bleek om acties voor vier jaar vooruit te kunnen bepalen. Daarom gaan we door middel van de Theory of Change dynamisch aan de slag met een werkwijze die ruimte biedt voor groei en ontwikkeling. In plaats van ons vooraf vast

te pinnen op een aantal acties en projecten, werken we aan dit plan door te doen, te experimenteren, te reflecteren, te leren en onze volgende stappen daarop te baseren. Om sturing te borgen bieden we naast dit plan een jaarlijkse raadsbrief aan de gemeenteraad waarin we over de voortgang van het uitvoeringsplan rapporteren en de acties voor het komende jaar verder toelichten.

Van droom naar uitvoering

Met de Theory of Change als basis voor dit uitvoeringsplan werken we toe naar onze droom voor Utrecht: een nieuwe werkelijkheid waarnaar we als samenleving streven en waarvoor wij ons willen inzetten. Deze droom geeft ons een ideaalbeeld van de Utrechtse maatschappij en wij willen met onze inzet veranderingen bewerkstelligen die aan dat beeld gaan bijdragen. Daarbij blijven we realistisch door deze verandering niet alleen te willen bereiken, maar vragen ook onze partners in de stad en het land om zich hiervoor samen met ons in te zetten. In dit mbo-uitvoeringsplan 20232026 werken we in het kader van ‘Waardering voor Vakmanschap’ aan de volgende Utrechtse droom:

Utrecht is een stad waarin iedereen gelijkwaardig is en gebruik kan maken van dezelfde rechten en voorzieningen – ongeacht opleiding. Er is dan ook geen verschil in waardering van de opleidingen en studenten van het mbo, hbo en wo. Alle studenten krijgen en ervaren evenveel waardering en hebben toegang tot alle facetten van het studentenleven. Zowel jongeren als hun omgeving omarmen de keuze voor het (v)mbo. Jongeren in Utrecht zijn enthousiast over en kiezen voor vakopleidingen en de beroeps­opgeleide arbeidsmarkt. Het mbo biedt hen een doorlopende ontwikkeling en soepele transities tussen onderwijs en arbeidsmarkt.

7 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

Voor de stap van dromen naar uitvoeren formuleren we twee ambities als subdoelstellingen van de Utrechtse droom die ons richting geven om de droom te realiseren. In de eerste ambitie richten we ons op de gelijkwaardige positie van de mbo’er in de stad en samenleving. Hierbij zien we kansen voor de positieve beeldvorming van het mbo en vakmanschap, in de maatschappij en de omgeving van jongeren, maar ook voor wat wij zelf uitstralen als grote partijen in de stad. We willen toewerken naar een maatschappij die waarderend kijkt naar het mbo en vakmanschap en geven daarbij zelf het goede voorbeeld. Mbo-studenten staan daarbij centraal. Een gelijkwaardige positie naast hbo- en wo-studenten impliceert ook de toegang tot voorzieningen en de mogelijkheid tot deelname aan het studentenleven in zijn geheel. Deze gedachtegang vertalen we naar onze eerste ambitie:

2. Jongeren, onderwijs, de arbeidsmarkt en de gemeente zijn goed met elkaar verbonden. Vervolgens bepalen wij de nodige condities om deze twee ambities te behalen. We kijken daarbij kritisch naar de randvoorwaarden per ambitie die haalbaar zijn en die binnen ons invloed en controle liggen. In het volgende hoofdstuk lichten wij deze condities verder toe en omschrijven daarbij ook onze inspanningen voor de komende jaren. Zoals eerder aangegeven willen wij geen verzameling van acties maar waarborgen we met de benoemde inspanningen flexibiliteit in de uitvoering.

1. Mbo’ers maken gelijkwaardig deel uit van de Utrechtse samenleving. Tegelijkertijd draait waardering voor vakmanschap om meer dan de maatschappelijke positie en het respect voor de mbo’ers. Het gaat ook om de waarde van vakberoepen en de opleidingen die daarnaartoe leiden. En – ook met oog op de tekorten aan vakmensen – dat uiteindelijk meer jongeren zich verbonden voelen met en kiezen voor de beroepsopgeleide arbeidsmarkt. Daarom is het essentieel dat zij degelijk hun weg kunnen vinden naar een passende opleiding en de voor hen juiste plek op de arbeidsmarkt. We willen daarom stappen zetten op het gebied van de beroepsgerichte LOB in het primair en voortgezet onderwijs en ervoor zorgen dat meer leerlingen enthousiast worden over vakopleidingen en –beroepen. En dat hun omgeving waarderend naar de route naar het (v)mbo kijkt. Voor de mbo-studenten, voor wie het raakvlak van onderwijs en arbeidsmarkt het meest zichtbaar is tijdens het stagelopen, gaan we voor verandering zorgen in het aantal stageplekken en de diversiteit en inclusie bij

De twee ambities zijn met oog op waardering sterk met elkaar verbonden: wanneer de omgeving waarderender naar opleidingen op het (v)mbo kijkt zal een jongere sneller geneigd zijn om daarvoor te kiezen. Wanneer stagiairs en afgestudeerden beoordeeld worden op basis van hun competenties en niet vanwege het papiertje waarmee ze solliciteren, verbetert de positie van het mbo ten opzichte van andere opleidingsvormen op de arbeidsmarkt en in de samenleving. Desondanks willen we benadrukken dat de twee ambities – de gelijkwaardige positie van het mbo enerzijds en de waardevolle route naar de beroepsopgeleide arbeidsmarkt anderzijds – in dit uitvoeringsplan naast elkaar staan. We willen de positie van het mbo en de waardering voor vakmanschap niet verbeteren omdat we ze op de arbeidsmarkt nodig hebben. Maar omdat een opleiding op het (v)mbo daadwerkelijk gelijkwaardig staat aan een opleiding elders. Daarom gaan we nu aan alle vakmensen de waardering toekennen die zij verdienen: aan de vmbo-leerling, de mbo-student en de afgestudeerde vakkracht op de arbeidsmarkt.

leerwerkbedrijven. Ook gaan we meer investeren in de samenwerking binnen de driehoek van onderwijs, werkgevers en gemeente. En daarmee inzetten op kansen voor de toekomst. Dit vatten we samen in een tweede ambitie voor dit mbo-uitvoeringsplan:

Ambitie 1: Gelijkwaardige positie

Mbo’ers maken gelijkwaardig deel uit van de Utrechtse samenleving We streven naar een verbeterde positie van vakmanschap in de samenleving, waarin het mbo gelijkwaardig staat aan andere opleidingsvormen. Om deze gelijkwaardige positie te bevorderen is het nodig om aan twee randvoorwaarden te voldoen. Enerzijds vragen we ouders, docenten en de samenleving in zijn geheel om waarderend te kijken naar het mbo en dat ook uit te stralen. Hierin geven wij zelf het goede voorbeeld. Anderzijds gaan we deze waardering voor het mbo en zijn studenten ook praktisch toekennen door het Utrechtse studentenleven voor hen toegankelijk te maken. Fotogr aa f: Joni Israëli

1.1 De samenleving waardeert vakmanschap en heeft een positief beeld van het mbo

Als gemeente en mbo-instellingen weten we al lang hoe mooi en veelzijdig vakmanschap is. En welke mooie toekomstkansen zich aanbieden voor iemand die een loopbaan in vakmanschap kiest. Helaas geldt dit nog niet voor de hele samenleving. We gaan daarom het beeld over vakmanschap verder kantelen en juist het waardevolle imago van het mbo versterken. Daarvoor zetten wij ons in voor een positief beeld van vakmanschap en -opleidingen. Met trots op het succes van het vorige mbo-uitvoeringsplan gaan we enerzijds opnieuw inzetten op ‘Mede mogelijk gemaakt door Utrechtse mbo’ers’ en zorgen voor een herhaling van de mbo-straat. Deze campagne gaan we uitbreiden door Utrechtse mbo’ers in het licht te zetten en hun verhalen en successen te delen. Anderzijds willen we inzetten op meer bewustwording en waardering van ouders en docenten vanwege hun cruciale rol in de beeldvorming van jongeren. Hiervoor willen we onder andere de aansluiting en het gesprek zoeken met de Utrechtse aanpak tegen prestatiedruk.

8 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

Door ons zowel op deze specifieke groepen als ook op het algemene beeld te richten, doelen wij op een brede herwaardering van het mbo in alle lagen van de Utrechtse samenleving. Waardering, beeldvorming en verwachtingen rondom vakmanschap worden ook beïnvloed door het taalgebruik en de algemene houding in de maatschappij. Er wordt al langer gesproken over de impact van de officiële terminologie die expliceert dat opleidingen op het hbo en wo ‘hoger’ zijn en daarmee impliceert dat ze ook beter of waardevoller zijn dan het mbo. Dit vormt niet alleen het beeld van de samenleving over het mbo, maar heeft ook directe invloed op het individu zelf – en daarmee ook op onze mbo-studenten in Utrecht. We zijn in afwachting van wat het Rijk doet met betrekking tot een mogelijke herbenoeming van het beroepsonderwijs en daarmee ook de naam ‘middelbaar beroepsonderwijs’. In de tussentijd maken we in Utrecht nu al afspraken met elkaar over wat wij zelf uitstralen. We nemen afstand van waarde-geladen terminologie, zoals ‘hoog of laag opgeleid’ en zetten

het mbo niet langer af tegen het ‘hoger’ onderwijs. De gemeente heeft hier al eerste stappen in gezet. Het organisatieonderdeel Onderzoek en Advies laat deze terminologie niet meer toe in publicaties en onderzoeken en schrijft het opleidingsniveau in plaats daarvan volledig uit als mbo-, hbo- of wo-opgeleid. Nu hebben we met het hele college de afspraak gemaakt om dit uit te vergroten en ook gemeentebreed waardering uit te stralen voor het mbo en vakmanschap. We kiezen hierbij bewust niet voor ‘praktisch en theoretisch onderwijs’, omdat dat niet aansluit bij hoe onderwijs in het mbo, hbo en wo vorm wordt gegeven. In plaats daarvan spreken we over het ‘vervolgonderwijs’ voor mbo, hbo en wo samen. Waar onderscheiding tussen opleidingsvormen in het vervolgonderwijs nodig is, gebruiken we geen waarde-geladen terminologie maar spreken simpelweg over mbo, hbo of wo. Dit laten wij ook blijken in de gesprekken die wij voeren. Waar mogelijk stimuleren we onze partners om zich hierbij aan te sluiten. Als we neerbuigendheid naar (v)mbo’ers of vernederend taalgebruik tegenkomen gaan we het gesprek aan.

We werken hierbij aan de volgende inspanningen: Inzetten op het positieve imago van het mbo en vakmanschap; ● Herhalen campagne ‘Mede mogelijk gemaakt door Utrechts mbo’ers’ en mbo-straat; ● Campagne voor Utrechts vakmanschap; ● Extra inzetten op beeldvorming ouders en docenten. Het goede voorbeeld geven en waardering uitstralen ● Waarderende terminologie gebruiken • Loslaten ‘hoog tegen laag opgeleid’ ● ‘Vervolgonderwijs’ en ‘mbo, hbo en wo’ in plaats van ‘mbo en hoger onderwijs’ • Partners stimuleren om zich hierbij aan te sluiten

Bij het werken aan deze conditie staan wij erbij stil dat het beeld dat we schetsen niet overal zo rooskleurig is. Het streven naar gelijkwaardigheid doet namelijk niet af aan het feit dat er wel verschillen zijn in de samenleving tussen burgers met verschillende opleidingsvormen. Denk aan salaris, gezondheid en welvaart in de bredere zin en problematieken waarmee de verschillende studentenpopulaties geconfronteerd zijn. We erkennen dat deze kwesties spelen en kijken niet weg. Als gemeente en mbo-instellingen blijven we ons uiteraard inzetten om de problematieken van mbo-studenten tegen te gaan. Het welzijn van onze studenten staat voor ons altijd voorop. Dat betekent dat we ons daarop niet in gezamenlijkheid vanuit dit tijdelijke uitvoeringsplan richten. In plaats daarvan blijven we op de instellingen zelf structureel inzetten, waar we veel beter en gerichter kunnen ingaan op de behoeften en leefwereld van de individuele student. Het studentenwelzijn is daarmee

9 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

ook niet afhankelijk van tijdelijke middelen, maar krijgt structureel onze aandacht. Uiteraard zouden we de welvaart van vakmensen in de huidige samenleving graag verbeterd willen zien en voor volledige gelijkwaardigheid willen zorgen in de hele maatschappij. Maar we moeten ook realistisch blijven en we zien in dat we Nederland niet in één keer kunnen veranderen. Daarom hebben we kritisch gekeken naar wat we wél kunnen; namelijk impulsen geven voor maatschappelijke verandering. Met dit uitvoeringsplan doen we daarom wat in onze macht staat en met de beschikbare middelen en capaciteiten haalbaar is om voor meer gelijkwaardigheid te zorgen in de Utrechtse samenleving. In de hoop dat anderen zich hierbij aansluiten, dat het gesprek ook in andere steden en aan andere tafels gevoerd wordt en dat de vakmensen in het hele land de waardering krijgen die ze verdienen.

1.2 Mbo-, hbo- en wo-studenten hebben een gelijkwaardige positie in het Utrechtse studentenleven

Utrechtse mbo-studenten hebben het afgelopen jaar zowel in de stad als in het hele land voor opschudding gezorgd door zich uit te spreken tegen discriminatie in het nachtleven en pilots te organiseren voor de deelname van mbo-studenten aan het studentenleven. Daarmee hebben ze niet alleen ons in Utrecht, maar heel Nederland stof tot nadenken gegeven rondom de positie van het mbo. We zijn trots op onze studenten die zich hiervoor sterk maken en geven met de voorliggende plannen gehoor aan hun wens om het studentenleven toegankelijk te maken voor mbo’ers. Zo willen we hun pilots uitbreiden en stappen zetten op het gebied van diverse facetten in het Utrechtse studentenleven. Naast de introductieweek en studentensport willen we daarom ook inzetten op het nachtleven, studentenhuisvesting en het

verenigingsleven. Daarvoor is een cultuurverandering in het studentenleven essentieel. Hiervoor zoeken we de samenwerking op met partners van het hbo en wo. Omdat deze doelstellingen zijn ontstaan op initiatief van onze studenten – met de mbo SR030 in een trekkersrol – werkten we onze ambities voor het studentenleven samen met studenten verder uit. In een werkgroep hebben we samen met leden van de SR030, de mbo-studentenvereniging R.S.V.H en bestuursleden van belangenbehartiger VIDIUS (‘Voor Iedereen die in Utrecht Studeert) een integrale aanpak voor het mbo-studentenleven opgesteld6. Hun inspanningen hebben geleid tot een gezamenlijke missie dat mbo-studenten in 2026 volwaardig kunnen deelnemen aan het Utrechtse studentenleven en de studentengemeenschap verrijken. Daarvoor zoeken we primair de samenwerking op met de hogeschool en de universiteit die samen een cruciale sleutelrol spelen voor de organisatie en toezicht in het Utrechtse studentenleven. Ook willen we een cultuuromslag stimuleren, zodat mbo-studenten niet alleen toegang krijgen tot het studentenleven, maar daar ook daadwerkelijk welkom zijn en dat voelen. Hierbij is het aantal van deelnemende mbo-studenten geen doel op zich, maar zetten we vooral in op het mogelijk maken van de deelname voor wie dat wél wil. En dat mbo’ers in het studentenleven vriendelijk en gelijkwaardig worden ontvangen en behandeld.

Daarnaast ligt het realiseren van de deelname aan het studentenleven niet volledig binnen het Utrechtse bereik. Hiervoor zijn ook landelijke veranderingen nodig, bijvoorbeeld met betrekking tot financieringsstromen, voorzieningen en regelingen voor verenigings­activiteiten. We gaan daarom het gesprek aan met partners zoals de G4, MBO Raad, OCW en JOB MBO. Als bijlage van dit uitvoeringsplan sturen we een nadere uitwerking mee van de integrale aanpak mbo-studentenleven. Door uitvoering te geven aan deze aanpak werken wij er concreet naartoe dat mbo-studenten een gelijkwaardige positie hebben ten opzichte van hbo- en wo-studenten in de stad. Het is onze wens en ons doel om mogelijk te maken dat iedereen die dat wil kan deelnemen aan het studentenleven. Zodat onze mbo-studenten niet alleen student genoemd worden, maar dat ook daadwerkelijk in de volle breedte kunnen zijn en voelen. Dit vergroot ook de kansen voor mbo-studenten om een groot en breed netwerk op te bouwen wat nuttig is voor hun toekomst en ook bijdraagt aan hun persoonlijke ontwikkeling. Tenslotte hopen we dat de vraag of ze wel of niet aan het studentenleven kan deelnemen voor leerlingen op de middelbare school niet langer een factor hoeft te zijn voor de keuze van een vervolgopleiding.

10 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

We werken hierbij aan de volgende inspanningen: De deelname aan het studentenleven realiseren ● Introductieweek ● Studentensport ● Publieke studentenhuisvesting ● Nachtleven ● Verenigingsleven Cultuurverandering in het verenigingsleven bevorderen en daarvoor bewustwording en bekendheid gericht stimuleren bij: ● Studenten van het hbo en wo ● Studenten in het mbo ● Leerlingen in het voortgezet onderwijs Lobby en agendering in landelijke gesprekken met belangrijke partners (zoals OCW, G4, MBO Raad, JOB MBO) over o.a.: ● Financieringsstromen ● Bestuursjaar en andere verenigingsactiviteiten ● Kortingen, voordelen en voorzieningen ● Opleiding als discriminatie grond

Ambitie 2: Verbinding van jongeren, onderwijs, arbeidsmarkt en gemeente Jongeren, onderwijs, de arbeidsmarkt en de gemeente zijn goed met elkaar verbonden Het valt op dat het algemene beeld in de samenleving over vakmanschap aan het kantelen is en we zien kansen om ook de positie van vakopgeleiden op de arbeidsmarkt te bevorderen. De beeldvorming van het mbo en de interesse aan vakmanschap beginnen al op jonge leeftijd. Daarbij speelt de sociale omgeving een grote rol. We zien daarom veel kansen om de mooie kanten van vakmanschap in de schijnwerpers te zetten en waardering te stimuleren al vóórdat een jongere op het mbo belandt: meer zichtbaarheid van de beroepsopgeleide arbeidsmarkt in het primair en voortgezet onderwijs, meer bekendheid met baanperspectieven en arbeidsmarktkansen en uiteindelijk daardoor meer enthousiasme over vakopleidingen en -beroepen. In Utrecht willen we jongeren inspireren en diverse mogelijkheden bieden om hun eigen weg te vinden naar de plek die voor hen het meest waardevol is. Daarbij herkennen we de opgaven van de stad en op de arbeidsmarkt. En kennen we de belangrijke en kansrijke rol van het mbo om deze uitdagingen het hoofd te bieden. We ontwikkelen daarom de vierde ambitie van het vorige mbo-uitvoeringsplan ‘voorbereid op de toekomst’ door en zetten nu in op de verbinding van jongeren, het onderwijs, de gemeente en de arbeidsmarkt met elkaar.

Zodat enerzijds meer Utrechtse jongeren geënthousiasmeerd raken over

11 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

een loopbaan in vakmanschap en vervolgens voor een opleiding op het mbo kiezen. Door het aantal en de kwaliteit van stageplekken te bevorderen willen we anderzijds hun introductie op de arbeidsmarkt versoepelen. Tot slot zien we kansen om ook de Utrechtse werkgevers een grotere rol te geven in onze samenwerking en daarmee de samenwerking in de driehoek van de gemeente, het onderwijs en de arbeidsmarkt te verstevigen. Als grote Utrechtse werkgever laten wij zelf het goede voorbeeld zien.

2.1 Er is waardering en interesse bij leerlingen, ouders en docenten voor vakopleidingen en -beroepen Om meer jongeren te enthousiasmeren voor een loopbaan in vakmanschap, gaan we ons al in een vroeg stadium richten op het vergroten van zichtbaarheid. Vanuit de loopbaanoriëntatie en begeleiding (LOB) is er al een stevige basis voor ondersteuning in het keuzeproces van jongeren in het primair en voortgezet onderwijs. We willen dit uitbreiden door meer focus aan te brengen voor het aanbod dat gericht is op mbo en vakmanschap. Zodat jongeren in Utrecht meer en eerder in hun onderwijsloopbaan in aanraking komen met vakmanschap en enthousiast worden over een beroepsopleiding en loopbaan in het vakmanschap.

De komende jaren zetten we daarom in op het versterken van het keuzeproces om meer jongeren naar het mbo te leiden. Dit vraagt om zorgvuldig, en met de juiste kennis en expertise, de motivatie voor vakmanschap te verhogen en de omstandigheden aan te pakken die drempels in dit keuzeproces opleveren. Daarom staan we in de uitvoering eerst stil bij een verkennend onderzoek van het keuzeproces en -aanbod. We willen begrijpen welke factoren jongeren beïnvloeden bij het maken van een (succesvolle) keuze voor een studie op het mbo – denk aan interesse of baankansen – en welke rol ouders en docenten in dit proces spelen. Daarbij onderzoeken we ook op welke manier het huidige LOB aanbod daar nu al op inspeelt. Vervolgens gaan we deze kennis gebruiken voor initiatieven die de keuze voor het mbo bevorderen en jongeren zo leiden naar een plek op het mbo die beter aansluit bij hun behoeften. We richten onze interventies zowel op jongeren, als op ouders én docenten. Hierbij zijn gelijke kansen en keuzevrijheid voor ons essentieel en zullen we jongeren niet duwen naar specifieke sectoren. Wel gaan we bij onze inzet voor het keuzeproces interesse stimuleren voor de kansen en mogelijkheden op de Utrechtse arbeidsmarkt binnen sectoren die jongeren een duurzaam arbeidsmarktperspectief bieden (ICT, zorg en bouw, techniek en energietransitie). Hiermee bereiken

we samen dat leerlingen zelf meer ruimte krijgen en nemen om een weloverwogen keuze te maken voor een vervolgopleiding die aansluit bij hun interesses, kwaliteiten, potentieel en kansen op de Utrechtse arbeidsmarkt. In het kader van ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ zullen we eerst inzetten op wijken met veel ontwikkelpotentie. We omarmen initiatieven die hier nu al mee bezig zijn en de beroepsopgeleide arbeidsmarkt op toegankelijke manier zichtbaar maken voor jongeren in deze wijken. Zo kijken we bijvoorbeeld positief terug op de beroepenmarkt die Stichting Durf te Dromen in december 2022 organiseerde voor leerlingen in Overvecht. Voor deze verkenning, en om vervolgens op met succesvolle maatregelen structureel in actie te komen, versterken we de samenwerking met partners in het PO en VO en LOB-gerichte aanbieders, zoals SterkVO, Jinc, decanenkring VO, het bedrijfsleven en het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS). Hiervoor zien we de Utrechtse Onderwijs Agenda (UOA) als belangrijk middel voor het versterken van onze banden en het bereiken van gezamenlijke doelstellingen. In onze samenwerking kijken we ook naar de successen die de afgelopen jaren door onze partners van LOB in Overvecht zijn behaald en leren van hun ervaringen.

We werken hierbij aan de volgende inspanningen: Versterken LOB en keuzeproces ● Onderzoek naar motivaties voor en tegen mbo/ vakmanschap • Verkennen van aspecten die mbo keuze bevorderen, verzachten van omstandigheden die keuze demotiveren (o.b.v. analyse) ● Mbo’s en gemeente zetten gezamenlijk in op LOB-initiatieven naar jongeren, ouders en docenten ● Versterken banden van het mbo met PO en VO • Inzetten op samenwerking via UOA • Samenwerking met LOB partners zoals SterkVO, Jinc, decanenkring VO, bedrijfsleven, Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS) ● Leren van aanpak LOB voor Overvecht

2.2 Elke mbo student heeft een waardevolle stageplek Voor de overgang van studie naar werk zijn ervaringen tijdens het stagelopen essentieel voor studenten. Hier komen jongeren voor het eerst écht in aanraking met de arbeidsmarkt en doen belangrijke competenties op voor hun toekomst als werknemer: ze ontwikkelen meer zelfvertrouwen, bouwen aan hun professioneel netwerk en kunnen met plezier aan de slag in hun vak. Maar de impact van stagelopen is ook kwetsbaar. Als deze introductie in het bedrijfsleven niet prettig verloopt kan dit voor de individuele student tot ontmoediging leiden en gevolgen hebben voor toekomstige praktijkerva­ ringen. Dit is ook het geval wanneer studenten geen stageplaats kunnen vinden of door discriminerende werkgevers worden afgewezen. Het tekort aan stage­ plekken en ervaringen met stagediscriminatie zijn helaas ook in Utrecht een belemmering voor mbo-studenten.

Fotogr aa f: Thomas Endeman

Daarom besteden we opnieuw aandacht aan deze punten en werken we naar een inclusieve stagemarkt waarin genoeg plek is voor álle mbo-studenten. We blijven ons inzetten tegen stagediscriminatie en voor een inclusieve stagemarkt. Inmiddels zijn we gestart met de implementatie van ons plan van aanpak7 en geven de uitvoering vorm binnen ons lerend netwerk. Ook voeren we gesprekken met de G4 en het ministerie van OCW en betrekken we partners zoals de Samenwerkingsorgani­ satie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB). Het voort­ zetten van deze inzet waarborgen we ook met dit mbo-uit­ voeringsplan en rapporteren jaarlijks over de voortgang. Toen de tekorten aan mbo stages in 2020 flink opliepen door de coronapandemie zijn we in gezamenlijkheid een tijdelijke aanpak gestart om extra stageplaatsen te realiseren. Toen de maatschappij weer openging en de stagetekorten terugliepen hebben we deze extra inzet weer afgebouwd. Inmiddels zijn de ambities flink naar boven bijgesteld en we streven collectief naar een waardevolle stageplek voor alle studenten. Met een hernieuwde aanpak werken we toe naar de doelstelling van een dekkend aanbod voor de vraag naar mbo-​ stageplaatsen. Hierbij hebben we ook aandacht voor een passende stagevergoeding.

We werken hierbij aan de volgende inspanningen: Realiseren van een inclusieve stagemarkt ● Implementatie aanpak inclusieve stagemarkt ● Monitoring en evaluatie Elke student helpen aan een waardevolle stageplek ● Gezamenlijke aanpak voor voldoende en uitdagende stageplekken ● Bevorderen van begeleiding en kwaliteit stages

12 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

2.3 Er is nauwe samenwerking in de driehoek van het onderwijs, de gemeente en de arbeidsmarkt

Meer waardering voor vakmanschap is niet alleen nodig om de instroom bij de mbo-instellingen te verhogen. Ook de maatschappij en de arbeidsmarkt hebben het mbo en mbo-opgeleiden zeer nodig om uitdagingen als de energietransitie en de klimaatcrisis aan te pakken. Hetzelfde geldt voor arbeidsmarktsectoren die specifiek voor Utrecht cruciaal zijn en waar de tekorten aan mbo-opgeleiden steeds verder toenemen, zoals de zorg, de bouw, ICT en de kinderopvang. Bij de aanpak van deze stedelijke uitdagingen hebben we als gemeente en mbo’s baat bij kortere lijntjes met de werkgevers in de stad om de aansluiting van onderwijs en arbeidsmarkt te verstevigen en om afgestudeerden zo goed mogelijk aan een passende baan te helpen. Daarom gaan we de samenwerking in de driehoek van onderwijs, gemeente en arbeidsmarkt verder versterken. We gaan het mbo beter vertegenwoordigen en aanhaken aan bestuurlijke tafels. En we zijn proactief in het aansluiten van het mbo bij ontwikkelingen in de regio en creëren ruimte voor deze verbinding. Door de versterkte samenwerking bevorderen we dat het

13 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

bedrijfsleven, het onderwijs en de gemeente elkaar sneller en makkelijker weten te vinden om gezamenlijk te werken aan de opgaven van de stad. Hierbij vragen we ook onze partners van het Utrecht900 om met ons op te trekken en de regionale samenwerking te verstevigen. Een voorbeeld hiervan is een grotere rol voor het mbo bij de oprichting van het Regionaal Werk Centrum: een opdracht vanuit het Rijk voor regionale samenwerking waar gemeente en arbeidsmarkt zeer gebaat zijn bij de inbreng van het mbo. Het bundelen van krachten kan een cruciaal verschil maken in de totstandkoming van dit centrum. En ook voor de mbo-instellingen bieden zich hierdoor kansen om invulling te geven aan de regionale doelstellingen in de mbo-werkagenda van het ministerie van OCW8. Daarin is het verbeteren van de aansluiting van onderwijs en arbeidsmarkt als prioriteit opgenomen (prioriteit 2) en wordt samenwerking met de regio expliciet aangedragen voor uitvoering en sturing. De samenwerking die we in de vorige periode van het mbo-uitvoeringsplan zijn aangegaan vanuit de Utrechtse marktgroepenaanpak zetten we voort en breiden we uit naar een meer thema-gerichte samenwerking. Deze insteek helpt ons om gerichter met elkaar het gesprek te voeren over de opgaven

van de stad Utrecht, bijvoorbeeld de toeleiding van onderwijs naar werk in kansrijke sectoren. We gaan deze gesprekken inzetten om punten te adresseren die raken aan de hele driehoek en belangrijk zijn voor een vruchtbare en duurzame verbinding van onderwijs, arbeidsmarkt en gemeente. We willen bijvoorbeeld in gesprek gaan met werkgevers in de stad over inclusieve werving en selectie; een cruciale stap in de overstap van onderwijs naar werk. Mbo-opgeleiden vertellen ons dat ze hierbij vaak te maken hebben met uitsluiting, omdat selectie niet plaatsvindt op basis van de benodigde competenties en kwaliteiten maar met het idee van bepaald ‘werk- en denkniveau’ dat aan verschillende vormen van opleidingen wordt verbonden. In de gesprekken met deze driehoek zitten we als gemeente niet alleen als samenwerkingspartner aan tafel, maar ook als grote werkgever en leerwerkbedrijf. We vinden het belangrijk om zelf het goede voorbeeld te geven als inclusieve werkgever voor mbo’ers. We richten ons hierbij op twee speerpunten: stages en inclusief werven. In de rol als leerwerkbedrijf continueren we de in het vorige mbo-uitvoeringsplan geformuleerde norm van minimaal 150 mbo-stageplekken per jaar. Een norm waar we vanwege de coronapandemie tijdelijk niet aan

hebben kunnen voldoen. Vanuit de ambitie om voor alle Utrechtse mbo studenten een passende stageplek te realiseren, zetten we ons als gemeente extra in om deze norm snel weer te realiseren. Ook zijn er naast stagiair(e)s ongeveer 1200 mbo-​ opgeleide medewerkers in dienst bij de gemeente. Als werkgever willen we inclusief en toegankelijk zijn voor alle werknemers en werkzoekenden. We omarmen en waarderen de diversiteit van de werkende Utrechters en daarmee ook alle opleidingen, kennis en ervaringen die hen hebben gevormd. Juist ook van mbo-opgeleiden. In onze gesprekken met mbo-studenten over waardering op de arbeidsmarkt blijkt dat dit door hen nog niet altijd en overal ook zo wordt ervaren, zeker niet in de publieke sector. Mbo-opgeleiden ervaren onder andere onderwaardering, door de boven omschreven focus in werving en selectie op concepten zoals “werk- en denkniveau” in plaats van de benodigde competenties – ook als zij over die vaardigheden wél beschikken. Als gevolg daarvan kan het voor mbo’ers moeilijk zijn om een ingang te vinden in organisaties, terwijl ze in veel gevallen qua bekwaamheid en ervaring wel in aanmerking zouden komen als hoogwaardige professional. Mogelijk lopen ook wij als gemeente talenten mis als werknemers door vergelijkbaar taalgebruik in onze vacatures.

De komende jaren gaan we daarom stappen zetten om in inclusief werving- en selectiebeleid de waardering van opleiding mee te nemen.

14 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

Daarom maken we het vraagstuk rondom opleidingseisen onderdeel van de organisatiebrede aanpak ‘Inclusie en Diversiteit’. Daarbij verkennen we hoe we mbo-opgeleiden een stevigere positie in onze organisatie kunnen bieden en hoe zich dat vertaalt naar werving en selectie en daarmee het gebruik van inclusief taalgebruik en wervingsmethodieken. Naast dat we hier zelf aan werken, bespreken we ook met onze partners hoe ze hier stappen in kunnen maken. Zo gaan we bijvoorbeeld samen met de buurtteams sociaal werken aan een pilot hoe het selectieproces van buurtteammedewerkers meer kansen bieden voor mbo-opgeleiden.

We werken hierbij aan de volgende inspanningen: Versterken van samenwerking in de driehoek voor betere aansluiting onderwijs en arbeidsmarkt ● Verstevigen netwerk en vertegenwoordiging van het mbo in regionale ontwikkelingen op de arbeidsmarkt ● Voortzetten en uitbreiden van opgave- en themagerichte samenwerking Gemeente Utrecht als inclusieve werkgever voor mbo’ers ● Minimaal 150 mbo-stageplekken ● Opleidingseisen en terminologie onderdeel van organisatiebrede aanpak ‘Inclusie en Diversiteit’

Governance en financiën Sturen en verantwoorden

In navolging van de inzet de afgelopen jaren blijft het uitgangspunt van dit uitvoeringsplan dat de gemeente samen met de Utrechtse mbo’s en betrokken partners uitwerking geven aan de geformuleerde ambities en inspanningen. Alle partners doen dat vanuit hun eigen rol. De gemeente treedt op als opdrachtgever, subsidieverstrekker, projectleider en actief partner van het Utrechts mbo. We sturen vanuit partnerschap, waarbij de droom en de uitwerking van de twee ambities centraal staan. Met elkaar zetten we de beweging voort die we met de eerste fase in gang hebben gezet, waarmee we het Utrechtse mbo nog steviger op de kaart zetten. We houden de voortgang nauwgezet in de gaten, stellen jaarlijks nieuwe acties en zullen verhalen en ervaringen rondom de ambities blijven delen.

Organisatie

De realisatie van het uitvoeringsplan vraagt om een goede samenwerking tussen gemeente, Utrechtse mbo instellingen en andere partners. Hiermee bouwen we voort op onze werkwijze de afgelopen jaren. Net als bij de uitvoering van de eerste fase en de totstandkoming van dit plan, ligt de regie op de uitvoering bij een kerngroep en een bestuurlijk overleg. De kerngroep bestaat uit een vertegenwoordiging vanuit de gemeente en de vier mbo’s, waarbij de leden van de kerngroep mede richting en sturing geven aan de inhoud en uitwerking van het plan. Het bestuurlijk overleg bestaat uit de wethouder mbo en de colleges van bestuur van de Utrechtse mbo’s en komt minstens twee keer per jaar bij elkaar op initiatief van de gemeente. Voor de daadwerkelijke uitvoering van de inspanningen

15 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

zijn en worden werkgroepen opgericht, waarin iedere partner vanuit zijn eigen rol een bijdrage levert. De overkoepelende mbo studentenraad SR030 is een belangrijke partner en klankbord voor de uitvoering van het plan. We streven ernaar zo veel en vaak mogelijk studenten te betrekken in de implementatie. De belangrijkste samenwerkingspartners zijn: ࢟ Grafisch Lyceum Utrecht, MBO Utrecht, Nimeto, ROC Midden Nederland; ࢟ Studentenraad SR030; ࢟ regionaal bedrijfsleven; ࢟ ondersteuningspartners.

Voortgangsrapportage

In de uitvoering van dit nieuwe plan werken we volgens de ’Theory of change’. Met deze werkwijze gaan we dynamisch aan de slag met een werkwijze die ruimte biedt voor groei en ontwikkeling. In plaats van ons vooraf vast te pinnen op een aantal acties en projecten werken we aan dit plan door te doen, te experimenteren, te reflecteren, te leren en onze volgende stappen daarop te baseren. Om sturing te borgen bieden we naast dit plan jaarlijks een raadsbrief aan de gemeenteraad aan waarin we over de voortgang van het uitvoeringsplan rapporteren en de acties voor het komende jaar verder toelichten.

Financiën

Met het coalitieakkoord ‘Investeren in Utrecht: kiezen voor gelijke kansen, betaalbaar wonen en klimaat’ is jaarlijks € 300.000 beschikbaar gesteld voor de realisatie van dit plan voor de periode 2022-2026.

De middelen worden toegewezen aan de twee ambities, enerzijds om randvoorwaarden beter in te vullen en anderzijds door de Utrechtse mbo’s de mogelijkheid te bieden extra investeringen te doen. De Utrechtse mbo’s kunnen daarvoor gebruik maken van de subsidieregeling ‘Waardering van vakmanschap'. De gemeente Utrecht stelt jaarlijks € 175.000 beschikbaar voor deze subsidieregeling. De nadere regel voor deze subsidieregeling wordt gelijktijdig met dit uitvoeringsplan aangeboden. Daarin zijn de randvoorwaarden uitgewerkt. Voor het uitvoeren van de plannen van SR030 stelt de gemeente Utrecht jaarlijks €5000 beschikbaar. Daarnaast sluiten de middelen van de mbowerkagenda van het ministerie van OCW, waaraan de kwaliteitsagenda’s van de Utrechtse mbo’s gekoppeld zijn, deels aan bij de ambities uit dit uitvoeringsplan.

Eindnoten 1

https://allecijfers.nl/gemeente/utrecht/

2

Stolk, R. & Verkley, H. (2022): MBO? Dan zul je wel dom zijn! Portretten van mbo-studenten.

3

Verweij - Jonker (2021) MBO-studenten Utrecht hebben te maken met stagediscriminatie

4

Coalitieakkoord 2022 - 2026 | Gemeente Utrecht

5

Impactwijzer – Theory of Change

6

Bijlage ‘Integrale aanpak mbo-studentenleven’

7

Aanpak inclusieve stagemarkt, Gemeente Utrecht 2022

8

Tweede Kamer der Staten Generaal (2023) Werkagenda en stagepact mbo

Fotogr aa f cover: Joni Israëli

16 | Mbo-uitvoeringsplan 2023-2026

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=da382e85-8481-402d-9343-6e2d4007d08b