Jaarplan Utrechtse Onderwijsagenda UOA 2025
Tekst van het document
Inleiding De partners van de Utrechtse onderwijsagenda werken samen aan een doorlopende ontwikkellijn voor kinderen in de stad, waarin ieder kind gewaardeerd wordt en wordt voorbereid op een waardevolle plek in de samenleving. Eén lijn betekent niet dat er één dezelfde lijn is voor alle kinderen, maar dat kinderen hun eigen ontwikkeling ervaren als een consistent, op een elkaar voortbouwend geheel, dat aansluit bij hun talenten. Deze doorlopende ontwikkeling heeft betrekking op de gehele onderwijswaaier, van praktisch tot theoretisch geschoold, van kinderopvang tot vervolgonderwijs, voor alle leerroutes en onderwijsrichtingen. Onze vierjarige UOA werkagenda 2024 - 2027 vertaalt de grote lijnen van de koers naar ambities voor de komende jaren en laat zien wat de partners van de UOA doen om de doelen te bereiken. Dat leidde tot een werkagenda met vijf thema’s: sociaal-emotionele ontwikkeling, een stevige basis voor ontwikkeling, flexibel samenwerken en huisvesten, het versterken van de professional en een doorlopende ontwikkellijn. Overstijgend aan deze thema’s staan in de UOA werkagenda 2024 -2027 nog drie overkoepelende ambities: -
We zetten ons gezamenlijk in voor het creëren van meer gelijke kansen voor ieder kind; We bouwen aan een inclusief onderwijssysteem; En we zorgen dat onderwijsprofessionals1 voldoende ondersteund worden om kwalitatief goed onderwijs te bieden.
In april 2024 werd het raadsvoorstel bij de UOA werkagenda door de raad aangenomen. In dit jaarplan 2025 wordt concreet gemaakt welke resultaten er sindsdien geboekt zijn en wat we gaan realiseren in 2025. Ook wordt in de uitwerking van de plannen in het jaarplan rekening gehouden met de wensen en toezeggingen die tijdens het debat zijn gedaan.
Koersdocument Utrechtse Onderwijs Agenda 2040
Utrechtse Onderwijs Werkagenda 2024 - 2027
Jaarplan Utrechtse Onderwijsagenda 2025
1 In dit stuk schrijven we meermaals over ‘onderwijsprofessionals’. Hiermee doelen we op alle professionals die met kinderen en jongeren
werken, zoals leerkrachten, pedagogisch medewerkers, jongerenwerk en jeugdhulpverleners. Voor de leesbaarheid beperken we ons echter tot de term ‘onderwijsprofessionals’
1
Verantwoordelijkheden voor de realisatie van de UOA werkagenda De ambities uit de UOA zijn groot en reiken verder dan wat wettelijk vereist is voor een Lokaal Educatieve Agenda (LEA). De doelen vragen om sectoroverstijgende samenwerking binnen het onderwijs en de kinderopvang en met andere domeinen zoals het domein van jeugdhulp, volksgezondheid en de sociale basis. Dit vraagt lef en betrokkenheid van alle partners van de UOA, waar de gemeente Utrecht er één van is. De UOA kan hierbij gezien worden als een netwerk van partijen die zich committeren aan de gezamenlijke ambities in de werkagenda. De UOA is daarom geen typische gemeentelijke beleidsnota, maar een basis voor samenwerking in de stad. De verschillende organisaties behouden daarbij hun eigen verantwoordelijkheden en mandaat om besluiten te nemen die hun eigen bedrijfsvoering betreft. Om resultaten te boeken en daarop te sturen zijn per UOA-thema trekkers aangesteld: bestuurders (van onderwijs, kinderopvang- en jeugdpartners en de gemeente) die het voortouw nemen in het aanjagen van de realisatie van ambities op dat thema. De feitelijke verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de ambities verschilt. Sommige ambities vallen onder het mandaat van onderwijsbesturen, bijvoorbeeld als het gaat over onderwijs geven aan leerlingen.
Andere ambities zijn een gemeentelijke verantwoordelijkheid, zoals het opdrachtgeverschap aan de bibliotheek of zorgen voor onderwijshuisvesting. Waar deze gemeentelijke verantwoordelijkheid precies ligt, staat helder aangegeven in de begroting van de UOA werkagenda 2024 – 2027. Dit jaarplan geeft inzicht in de resultaten van 2024 en de beoogde resultaten voor 2025 van de volledige UOA werkagenda waarvoor alle UOA-partners2 zich gezamenlijk, maar ieder binnen hun eigen verantwoordelijkheid inzetten.
2
Binnen de UOA werken we als partners in de stad samen. Partners hierin zijn in ieder geval besturen in de kinderopvang, primair onderwijs, voortgezet onderwijs, samenwerkingsverbanden, lerarenopleidingen, jeugdhulp en de gemeente.
2
1. Sociaal emotionele ontwikkeling Een belangrijk doel van het onderwijs is om leerlingen te ondersteunen bij hun sociaal-emotionele ontwikkeling: de pedagogische opdracht van het onderwijs is om bij te dragen aan de ontwikkeling van een persoonlijke identiteit, het opbouwen van relaties met anderen en het hanteren van verwachtingen van hun omgeving. Binnen dit thema gaan we aan de slag met ambities op het gebied van onder andere mentale weerbaarheid, prestatiedruk, ouderpartnerschap en de kernpartneraanpak ●
Behaalde resultaten in 2024 ○ We hebben een akkoord op het ontwikkelen van wijkportretten voor de gehele stad en deze zijn naar verwachting eind 2024 gereed. Hierbij bouwen we voort op het eerste wijkportret dat ontwikkeld is door het samenwerkingsverband PO en de gemeente. Deze wijkportretten gebruiken we om per wijk in kaart te brengen welke kansen en uitdagingen er liggen met betrekking tot mentale gezondheid. ○ Het initiatief tot het komen van een solidariteitsfonds is genomen, op die manier verdelen we de ouderbijdragen eerlijker en bieden daarmee gelijke kansen aan alle kinderen. ○ Vanuit Vleuten Versterkt starten we met een kick-off om te onderzoeken hoe we tot oplossingen kunnen komen die de positieve aspecten van prestatiedruk behouden en de negatieve effecten laten verdwijnen.
●
Beoogde resultaten in 2025 ○ We hebben een analyse op de uitdagingen rondom mentale gezondheid op wijkniveau. Deze analyse maken we in samenwerking met professionals uit de wijk van onder andere scholen en jeugdhulp. Op basis van de analyse ontwikkelen we een prioritering en aanpak. ○ We willen negatieve prestatiedruk tegengaan door een verdere impuls te geven samen met VG, Jeugd en Onderwijs aan initiatieven zoals Vleuten Versterkt en gaan aan de slag met de implementatie van deze initiatieven in 3 andere Utrechtse wijken. ○ Gelijkwaardig partnerschap met ouders is een belangrijke pijler en willen we verder versterken door lessen te trekken uit succesvolle initiatieven en deze te delen met het brede UOA netwerk. ○ We realiseren de komst van het solidariteitsfonds om te komen tot een eerlijke verdeling van middelen om daarmee kansengelijkheid in de stad te bevorderen. ○ De kernpartneraanpak wordt verstevigd, waarbij we focussen op het verduidelijken van taken en rollen van de verschillende partners.
3
2. Een stevige basis voor ontwikkeling Basisvaardigheden op het gebied van taal, rekenen-wiskunde, digitale geletterdheid en burgerschap zijn nodig om mee te kunnen doen in de samenleving. Uit verschillende onderzoeken blijkt echter dat de beheersing van deze basisvaardigheden sterk onder druk staat. Binnen dit thema gaan we aan de slag met ambities omtrent deze basisvaardigheden, zoals lezen en rekenen, maar ook met bredere vaardigheden, zoals sociaal-emotionele competenties en digitale geletterdheid.
●
Behaalde resultaten in 2024 ○ Goed voorbeeld doet goed volgen: om leesplezier bij professionals en dus ook bij kinderen te bevorderen hebben we aan Utrechtse onderwijsprofessionals (inclusief VE) een gratis bibliotheekabonnement aangeboden. Daar hebben inmiddels 1090 (peildatum juli 2024) onderwijsprofessionals gebruik van gemaakt. ○ We maakten een inventarisatie van projecten en initiatieven omtrent de vrije leesruimte, het rijke taalaanbod op de voorschool en projecten die leesplezier bevorderen.
●
Beoogde resultaten in 2025 ○ We gaan aan de slag met een uitbreiding van de bibliotheek op school. Hierbij leggen we ook de verbinding met de kinderopvang en VE. ○ We onderzoeken of de doelgroep voor het gratis biebabonnement uitgebreid kan worden naar pedagogisch medewerkers, onderwijsassistenten en/of studenten op de lerarenopleiding. ○ We inventariseren de subsidieregeling waarin scholen een impuls ontvangen voor het introduceren van ‘het vrije leesuur’ ○ Ook bekijken we welke initiatieven om de samenwerking met ouders te versterken kansrijk zijn om in Utrecht op te starten of te versterken. We kijken welke kennis we hier logischerwijs bij kunnen gebruiken en inzetten. ○ We onderzoeken op welke manier we data over referentieniveaus kunnen gebruiken om basisvaardigheden op peil te houden en te beheersen. ○ We onderzoeken hoe we de projecten die leesplezier bevorderen kunnen versterken en uitbreiden. ○ De eerste 1000 dagen zijn cruciaal voor de taalontwikkeling van kinderen. In 2025 bespreken we de huidige aanpak en kijken naar versterking van het informele aanbod. ○ Als UOA onderschrijven we de doelstellingen van Utrecht Mensenrechtenstad en benadrukken dit belang op onze website. Ook zoeken we actief de samenwerking met Utrecht voor Iedereen.
○ Projecten die ‘levensecht leren’ bevorderen worden in 2025 verstevigd en uitgebreid, onder andere door actief toenadering te zoeken met het bedrijfsleven, het MKB en maatschappelijke organisaties.
4
3. Flexibel samenwerken en huisvesten In Utrecht weten de meeste kinderen, jongeren en ouders de weg naar school goed te vinden. Dat geldt echter in mindere mate voor het andere, ontwikkelingsgerichte aanbod voor kinderen en jongeren zoals voorschoolse educatie, cultuur of sport, zorg en ondersteuning van jeugdhulp, het consultatiebureau of het jongerenwerk. Mede hierdoor zijn er (te) veel Utrechtse kinderen en jongeren die niet de kans krijgen om te sporten, muziek te maken, naar het consultatiebureau te gaan of na schooltijd met andere kinderen af te spreken. Daarom zetten we met dit thema in op meer gezamenlijke, flexibele en multifunctionele huisvesting. Daarbij zijn samenwerking binnen de wijk en inclusiviteit belangrijke peilers. ●
●
Behaalde resultaten in 2024 ○ We hebben waardevolle onderzoeken afgerond naar inclusief en multifunctioneel ruimtegebruik, die een funderende basis vormen voor het realiseren van inclusief onderwijs. ○ Een concreet plan van aanpak is gestart voor de uitwerking van drie nieuwe buurtscholen. Een buurtschool is een centrale, bekende en laagdrempelige plek in de wijk, waar verschillende organisaties samen met de school/scholen, kinderopvang en ouders werken aan de ontwikkeling van kinderen. Bijvoorbeeld sportverenigingen, culturele instellingen, de bibliotheek of het jongerenwerk. Beoogde resultaten in 2025 ○ Het Integraal Huistvestingsplan (IHP) vormt de basis van de uitwerking van gestelde ambities: gezamenlijk, flexibel en inclusief bouwen is het uitgangspunt. ○ Op basis van wijkprofielen, behoeften en gesprekken starten we met de realisatie van drie buurtscholen, afgestemd op de wensen van de wijk en de gemeenschap, ambitie van de wijkprofessionals en de noodzaak om te bouwen of renoveren. ○ In 2025 stellen we een inclusiviteitspanel samen dat meedenkt over kansen en drempels ten aanzien van inclusief onderwijs. ○ Bezuinigingen vragen om een creatieve blik hoe we onze ambities kunnen vasthouden.
5
4. Versterking van de professional Het vergroten van kansengelijkheid in het onderwijs hangt nauw samen met de kwaliteit van het onderwijs. Daarvoor zijn voldoende, bekwame professionals nodig in de kinderopvang en op scholen. Juist op dat punt ligt er een enorme opgave. Er is een tekort aan professionals waardoor scholen minder keuze hebben en onderwijstijd soms verkort wordt, wat een zware last legt op de schouders van het onderwijspersoneel. In Utrecht-stad werken we als onderwijspartners intensief samen binnen Utrecht Leert. Hier vertalen we landelijke lijnen naar Utrechtse plannen, acties en afspraken. ●
Behaalde resultaten in 2024 ○ Er is verbinding gelegd met het project Utrecht Leert Vernieuwend Opleiden en besproken hoe we vanuit de UOA van toegevoegde waarde kunnen zijn voor dit project. ○ In 2023-2024 hebben scholen en opleidingen samen drie opleidingsroutes ontworpen; 1) interdisciplinair opleiden in PO en VO; 2) interdisciplinair opleiden in Gespecialiseerd Onderwijs, en 3) doorstroomroutes van MBO naar Associate Degree en pabo/lerarenopleiding. ○ De meerwaarde van een gezamenlijke flexpool is breed onderzocht, en zal verder worden verkend voor het gespecialiseerd onderwijs.
●
Beoogde resultaten in 2025 ○ De uitvoering van de drie opleidingsroutes routes toetsen we in 2024-2025 in de praktijk. Als proeftuin voor route 1 is gekozen voor Leidsche Rijn. We verkennen of het mogelijk is dit op korte termijn uit te breiden naar Overvecht. ○ Een in de praktijk getoetst beeld en werkwijze voor het (leren) werken met multi- of interdisciplinaire teams. ○ We creëren een breder aanbod van toekomstig personeel ○ We verrijken loopbaanpaden van onderwijsprofessionals en jeugdprofessionals door meer verbindingen en samenwerkingen te leggen binnen en tussen sectoren. ○ Schoolse structuren zijn beter verbonden aan de omgeving en ondersteuningsnetwerken om de school heen.
6
5. Doorlopende ontwikkellijn De ontwikkeling van kinderen moet leidend zijn, niet het systeem of de route die is uitgestippeld. Binnen dit thema zetten we daarom in op het verlagen en verminderen van drempels. Dit doen we met ambities op het gebied van het versoepelen van overgangen, het opzetten van 0-18 leergemeenschappen en het halen van maatwerkdiploma’s. Ook waarderend taalgebruik en focus op aanwezigheid (in plaats van verzuim) zijn belangrijke pijlers binnen dit thema.
●
Behaalde resultaten in 2024 ○ In 2024 startten we met de inventarisatie van Utrechtse uitdagingen in de overgangen tussen kinderopvang, PO, VO, MBO, HBO en WO en onderzochten we de wens om verzuimaanpakken door te ontwikkelen naar een aanpak rondom aanwezigheid. ○ Dankzij het MBO-manifest past zowel het ministerie van OCW als het CBS hun terminologie aan: we vermijden termen als ‘hoog’ en ‘laag’ opgeleid in het dagelijkse taalgebruik over het vervolgonderwijs.
●
Beoogde resultaten in 2025 ○ We ontwikkelen een visie op het tegengaan van segregatie op meerdere terreinen. In het plan van aanpak nemen we meetbare doelstellingen op. ○ We onderzoeken de behoefte om te komen tot meer brede schoolgemeenschappen en onder welke omstandigheden in de Utrechtse context dit helpend is in het tegengaan van segregatie. ○ We gaan in gesprek met medewerkers van reeds bestaande 0-18 leergemeenschappen in het land over ervaringen in relatie tot het bevorderen van kansengelijkheid en het tegengaan van segregatie. ○ Brede brugklassen kunnen een passend middel zijn om leerlingen langer de kans te geven om in te stromen in de meest passende onderwijssoort. In 2025 bespreken we of de wens tot uitbreiding van brede schoolgemeenschappen of brede brugklassen ook leeft bij schoolbesturen en indien passend maken we afspraken met schoolbesturen. ○ We organiseren een bijeenkomst om best practices te delen en kinderopvang en VE-partners in de stad mee te nemen in reeds bestaande aanpakken om de overgang van kinderopvang naar het PO te stroomlijnen. ○ In het kader van gelijkwaardige samenwerking blijven we het belang van ouderpartnerschap agenderen. Zo werken we samen met ouders in de verschillende fasen in het onderwijsproces en denken zij mee en dragen bij aan het bieden van een drempelloze schoolervaring.
○ Op basis van de inventarisatie uit 2024 stellen we in 2025 een plan van aanpak op om de overgang te verbeteren. ○ We onderzoeken wat er nodig is voor de realisatie van maatwerk diploma's en brengen landelijk beleid en Utrechtse wensen samen. ○ In het kader van het versterken van de verbinding tussen het onderwijs, studenten, de arbeidsmarkt en de gemeente volgen we de plannen uit het mbo uitvoeringsplan 2023 – 2026: waardering voor vakmanschap.
7
○
Met de uitbreiding van het regionaal programma voortijdig schoolverlaten naar de doelgroep 23-27 jaar en de samenwerking met de arbeidsmarktregio, gaan we vanuit het regionaal programma de verbinding zoeken met SBB.
Vervolg
De komende tijd gaan we als UOA-partners met veel enthousiasme aan de slag met de thema’s en ambities uit onze werkagenda. Hierbij zoeken we vanzelfsprekend de verbinding met ontwikkelingen in de stad en het bredere netwerk. Zo zien we dat bepaalde ambities in de UOA werkagenda direct verbinding hebben met maatregelen en ontwikkelingen in het jeugddomein, zoals het collectief werken. Als we willen zorgen dat Utrechtse kinderen en jongeren zich kansrijk kunnen ontwikkelen en beschikken over een sterke pedagogische basis, hebben we de inzet nodig van partners in de sociale basis en de jeugdhulppartners. We willen in Utrecht domein overstijgend samenwerken door vraagstukken op het snijvlak van jeugdhulp en onderwijs samen te brengen om de context rondom kinderen en jongeren te versterken. Ook in 2025 blijven we ons gezamenlijk inspannen om de gehele keten rondom het kind langs de lijnen van de UOA te versterken. In het kader van monitoring organiseren we een midtermreview en een eindevaluatie aan het einde van de looptijd van de werkagenda. De uitkomsten hiervan worden gebruikt om tussentijds bij te sturen en om te verantwoorden. De uitkomsten worden gedeeld met de raad.
8