Integrale voorbereidende vergadering 3 juni 2021.doc
Tekst van het document
2021 NOTULEN INTEGRALE VOORBEREIDENDE VERGADERING 3 juni 2021 Integrale voorbereidende vergadering, gehouden op donderdag 3 juni te 10.00 uur. Voorzitter: de heer Zwanenberg. Aanwezig zijn de leden: El Abassi, Assen, Bakker, Bijsterbosch, De Boer, Bos, Van Corler, Van Dalen,
Dekker-Abdulaziz, Dekkers, Deldjou Fard, Van Deún, Van Dun, Gilissen, Heijne, Işik, Van Heuven, Te Hoonte, Kleinrensink, Koning, De Koning, Van der Marel, Meerding, Oosters, De Pagter, Peters, Podt, Saiah, Sasbrink, Schers, Schilderman, Schipper, Schreuder, Van Steeg, Streefland-Driesprong,
Sturkenboom, Sungur, Virginia, Vonk, Weistra, Wiegant, Wijmenga, Zwanenberg, Van der Zweth en Zwinkels.
Griffier: mevrouw Van Hall. 1. Opening. De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom, ook de mensen die meekijken.
Tijdens de integrale voorbereidende vergadering worden alle punten besproken die met een B-status vanuit de commissies zijn doorgeleid naar de raadsvergadering. Moties en amendementen worden in deze integrale voorbereidende vergadering aangekondigd. Vanmiddag vindt het afrondend debat plaats tijdens de raadsvergadering, waarna de stemmingen plaatsvinden in de digitale stemvergadering.
2. Vaststelling agenda. De voorzitter meldt dat alle fracties hebben aangegeven dat de B-status van agendapunt 11,
Raadsvoorstel Zienswijze ontwerpbegroting 2022-2025 Het Utrechts Archief, kan worden omgezet in een A-status. Hetzelfde geldt voor agendapunt 13, Warmteplan Beursgebied.
De agenda wordt hierna zonder stemming vastgesteld, met inachtneming van de aangebrachte wijzigingen.
12. Raadsvoorstel Rekenkameronderzoek: "Zo sterk als de zwakste schakel. Een onderzoek naar de informatieveiligheid in de gemeente Utrecht".
De voorzitter constateert dat er vooralsnog geen verbinding is met de Rekenkamer en hoopt dat deze snel tot stand komt. Hij geeft het woord aan mevrouw Zwinkels.
Mevrouw Zwinkels (CDA) merkt op dat het CDA ongeveer een jaar geleden samen met een aantal
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021 andere partijen dit punt heeft geagendeerd. Ze is blij dat de Rekenkamer hier onderzoek naar heeft
gedaan. Dat bleek ook wel nodig. In de commissie is er al veel over gesproken. Mevrouw Zwinkels zal kort de knelpunten en problemen aangeven die de Rekenkamer zag en daarnaast de problemen en verbeteringen die het CDA graag zou willen zien.
De Rekenkamer deed de volgende bevindingen. Slechts 6 van de 21 risicoanalyses waren uitgevoerd. Veel mensen klikken op phishingmails. De bewustwording is dus nog niet optimaal binnen de
gemeente. De voorlichtingscampagnes stopten vanwege het vertrek van de projectleider. De risico’s
zijn al langer bekend, maar worden niet verholpen. Tot slot is er een gebrek aan personeel, middelen
en prioriteit. Hier zet het CDA graag tegenover dat het ziet dat de gemeente beter inzet op hulplijnen voor medewerkers, de ontwikkelingen beter bijhoudt en uitgebreider gaat benchmarken dan het nu doet. De gemeente wil de achterstanden inlopen, de privacy van het eigen personeel beter
beschermen en beter samenwerken met partners, leveranciers en partijen met wie ze contracten
aangaat. De fractie wil van de wethouder weten op welke manier dit wordt meegenomen in het plan van aanpak dat de gemeente gaat opstellen. Kan de wethouder nu al een aantal toezeggingen doen op een paar van de zojuist aangestipte onderwerpen?
Mevrouw De Boer (GroenLinks) bedankt de Rekenkamer eveneens voor het onderzoek. Het heeft toch weer wat punten naar de oppervlakte gebracht. Het viel op dat de menselijke factor belangrijk is.
GroenLinks hoopt dat die in het plan van aanpak sterk terug zal komen. Hoe kunnen mensen meer bewust worden van informatieveiligheid en hoe kunnen ze daarin meer getraind worden? Dan gaat
het zowel om waar je op klikt op de computer als de vraag met wie je in een kamer zit en of ze daar thuishoren. Het is belangrijk om scherp te zijn op de contacten onderling. GroenLinks kijkt uit naar het plan van aanpak en zal hier met belangstelling en een kritische blik naar kijken. De wethouder heeft in de commissie al een aantal dingen toegezegd die daarin terugkomen.
Mevrouw Streefland-Driesprong (ChristenUnie) is blij dat het college alle aanbevelingen van het
onderzoeksrapport van de Rekenkamer overneemt en verwerkt in het plan dat ergens in juni naar de raad komt. De ChristenUnie kijkt hiernaar uit en zal, net als GroenLinks, vooral letten op het
belangrijkste onderwerp: bewustwording bevorderen en acties om menselijke fouten die kunnen
leiden tot fouten in de digitale schakel te verminderen. Mevrouw Streefland-Driesprong bedankt de Rekenkamer en wenst het college succes.
De heer Van Dalen (VVD) bedankt eveneens de Rekenkamer. Hij vindt dit extreem belangrijk. Dit is
ook wel te zien in de maatschappij aan het aantal hacks. Hoe kun je dit voorkomen? Bewustwording
is al genoemd, maar er zijn ook technische oplossingen. Hoe kijkt de wethouder hier tegenaan? Dit is heel urgent en belangrijk.
De heer Van der Zweth (PvdA) sluit zich aan bij de dankwoorden aan de Rekenkamer. Er moet een
hoop gebeuren, maar het college geeft aan daar ook mee aan de slag te gaan. De heer Van der Zweth heeft twee vragen. De wethouder gaf in de commissie aan dat de gemeente op termijn overstapt op
de apparatuur van de gemeente zelf om het veiliger te maken. Kan de wethouder toezeggen om er in
het plan van aanpak op terug te komen wanneer en hoe snel dit gebeurt? Daarnaast onderstreepte de Rekenkamer dat telefoons nu niet in het onderzoek zaten. Misschien is het een goed idee om dit in het vervolg wel mee te nemen. Kan daar in het plan van aanpak al iets over gezegd worden? Kan er serieus worden gekeken naar het gebruik van WhatsApp en dergelijke? De PvdA kijkt uit naar de uitwerking van het rapport.
2
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021
Mevrouw Zwinkels (CDA) heeft een vraag over de eigen apparatuur. Een van de bevindingen van de Rekenkamer was dat het niet alleen gaat over de apparatuur van de gemeente, maar ook over de
software die daarop staat en verouderd kan zijn en daardoor kwetsbaar kan zijn. Is de heer Van der Zweth het ermee eens dat de gemeente er nog niet is als ze alleen kijkt naar de apparatuur zelf? De heer Van der Zweth (PvdA) is het hiermee eens. Mevrouw Voortman (wethouder) bedankt de Rekenkamer voor het onderzoek. Het onderstreept de
urgentie van dit onderwerp. Deels heeft de gemeente al verbeteringen in gang gezet. Hier was ze al voor het onderzoek mee begonnen. Met de verbeteringen die de komende tijd worden ingezet kan de gemeente haar voordeel doen. Net als de raad is ook de wethouder blij met het rapport.
Mevrouw Zwinkels had het over samenwerking met partners. Het is inderdaad belangrijk dat software voldoet aan geldende wet- en regelgeving. Als afnemer heeft de gemeente de verplichting om goede afspraken te maken met de leveranciers. De gemeente werkt op het moment hard aan een kader
waarin de eisen op een toepasbare manier zijn uitgewerkt. Aan de hand daarvan zegt de wethouder
toe dat ze graag het gesprek aangaat met leveranciers en andere partners over de manier waarop dit geïmplementeerd kan worden. Dat vraagt wel om een andere vorm van contract- en leveranciersmanagement.
Daarnaast had mevrouw Zwinkels het over het belang van benchmarken. Het is inderdaad belangrijk om te vergelijken, zodat de gemeente ziet waar verbeteringen nodig zijn. In de praktijk is dit lastig. Dit is al zichtbaar in G4-verband, terwijl men daar toch nog redelijk op elkaar lijkt, laat staan wanneer de vergelijking gemaakt wordt met andere sectoren. Tegelijkertijd zijn er wel aanknopingspunten voor hoe je dat vergelijken goed zou kunnen doen. Met het
Rekenkameronderzoek is een goede benchmark doorgemaakt. Dat heeft veel punten opgeleverd
waar de gemeente aan kan en wil werken. Er zijn nu een aantal momenten waarop het doel van zo’n
benchmark bereikt kan worden. Volgend jaar doet de Rekenkamer een herhaalonderzoek. Dan kan er gekeken worden hoe het er voorstaat.
Daarnaast stelt de wethouder voor om over twee jaar te kijken naar een brede benchmark, eventueel met partners in de stad of het land. Op die manier kan worden bijgedragen aan een verdere
ontwikkeling. De wethouder hoopt dat tegen die tijd de huidige problematiek goed is opgelost en
dat er een stap naar volwassenheid is gemaakt. In de tussentijd zit de gemeente natuurlijk niet stil en wordt er periodiek gebenchmarkt via processen als ENSIA en de IT-audit in het kader van de
jaarrekening audit. Daarnaast kan het college het gesprek aangaan binnen de G4 over hoe er in de toekomst gebenchmarkt kan worden.
Wat betreft bedrijven zegt de wethouder dat het college bezig is om samen te werken vanuit het digitaal weerbaarheidsbeleid. Er lopen bijvoorbeeld initiatieven met ProRail, de Rabobank en de
Universiteit Utrecht om samen te werken aan digitale weerbaarheid binnen de stad. Daarbinnen wordt gekeken naar gezamenlijke dreigingen en oplossingen en wil de gemeente oefenen om gezamenlijke calamiteiten het hoofd te bieden.
De heer Van Dalen (VVD) is blij te horen dat bijvoorbeeld ENSIA, de Rabobank en de Universiteit
Utrecht langskwamen en denkt dat de samenwerking met de VNG goed is. Hij denkt dat het goed is om bij de benchmark niet alleen naar gemeenten te kijken, maar vooral ook naar het bedrijfsleven. Hierbij kan gedacht worden aan banken en accountancykantoren. Die kennen vaak een hoge mate van veiligheid. Is de wethouder bereid om daarnaar te kijken?
3
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021
Mevrouw Voortman (wethouder) antwoordt dat het moeilijk blijft om te vergelijken, maar ze is er wel toe bereid om meer samen te werken op het gebied van digitale weerbaarheid. Dan kan er verder
gekeken worden of de gemeente van die partijen iets kan leren. Het is niet hetzelfde. De wethouder
gaf al aan dat het binnen de G4 soms al moeilijk is om te vergelijken. Dit is met het bedrijfsleven nog wat meer het geval, maar ze wil zeker de samenwerking opzoeken waar dat kan.
In de commissie was bewustwording een belangrijk punt. Dit moet stevig terugkomen in het plan van aanpak. Daar moet meer aan gedaan worden. Je kunt nog zulke goede systemen inrichten, maar als de factor ‘mens’ niet goed is, heb je er maar beperkt wat aan. Er is nu een centraal meldpunt voor
alle security-incidenten via de servicedesk. Er is een apart meldpunt voor datalekken op de website. Dit is apart geregeld, zodat niet alleen medewerkers, maar ook burgers en andere externe partijen
datalekken kunnen melden. Daarnaast zijn er binnen de organisatie decentrale informatiesecurityofficers met wie medewerkers laagdrempelig kunnen spreken over bijvoorbeeld datalekken. Zo
hebben ze altijd iemand bij wie ze terecht kunnen met vragen over privacy en gegevensbescherming. Dat meldproces zal zeker meegenomen worden in het bewustwordingstraject. Mevrouw Zwinkels vroeg hiernaar.
Er waren heel veel ideeën. Student & Starter had het over buddy’s. D66 had ook een voorstel. Hier zal goed naar worden gekeken, want de bewustwording moet inderdaad beter.
De heer Van der Zweth had het over telefoons en apparatuur van de gemeente. Die worden meegenomen in het plan van aanpak. De opleverdatum is Q4. Software wordt daar ook in
meegenomen. Er loopt een intern onderzoek naar het gebruik van communicatie-apps. In het plan
van aanpak kan hier iets over gezegd worden. Een aantal beveiligingsmaatregelen die op de laptops zullen worden genomen, zijn ook al op de telefoons genomen. De wethouder komt hier in het plan van aanpak op terug.
Mevrouw Streefland-Driesprong dacht dat het plan van aanpak over twee weken zou komen. De
wethouder heeft begrepen dat zij zes weken heeft, maar ze zal het zo snel mogelijk doen. Dit is
namelijk een belangrijk en urgent onderwerp. Het college gaat snel aan de slag met dit plan van aanpak.
Mevrouw Streefland-Driesprong (ChristenUnie) dacht inderdaad dat het plan zes weken na de
behandeling in de commissie zou komen. Maar als er over zes weken een goed plan komt, is dat ook goed.
Mevrouw Voortman (wethouder) zal zo snel mogelijk met het plan komen. Ze bedankt nogmaals de Rekenkamer en de raad voor haar opmerkingen.
De voorzitter constateert dat de verbinding met de heer Keulen van de Rekenkamer tot stand is gebracht en geeft hem het woord.
De heer Keulen (Rekenkamer) wacht eveneens met smart op het plan van aanpak. Dat is voorzien zes weken na raadsbehandeling. De focus die zowel de raad als de wethouder aangeeft ziet ook de
Rekenkamer. Bewustwording is heel belangrijk. De Rekenkamer is erg blij dat over twee jaar in ieder geval de gemeentelijke benchmark komt en hij kijkt uit naar het vervolgonderzoek, dat ook het
karakter van een benchmark heeft. Deze verwacht de Rekenkamer over ongeveer een jaar te kunnen doen, maar er moeten dan wel vorderingen gemaakt zijn. Andes wordt het onderzoek een herhaling van zetten en hier is niemand bij gebaat. De heer Keulen is blij dat de publiekssamenvatting
4
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021 gewaardeerd wordt door de raad en dat het harde werken van de medewerkers van de Rekenkamer z’n vruchten heeft afgeworpen en dat het zo uitgebreid is behandeld door de raad.
Mevrouw Zwinkels (CDA) merkt op dat er is gesproken over een vervolgonderzoek dat over een jaar
gedaan zou worden. Er zijn een aantal suggesties meegegeven tijdens de commissie. Er zouden in de komende tijd nog suggesties kunnen komen over de scope van het onderzoek. Hoe wil de Rekenkamer dat organiseren en van de raad ontvangen?
De heer Keulen (Rekenkamer) is blij dat mevrouw Zwinkels hierop terugkomt, want dit was hij
vergeten in zijn beantwoording. De heer Van der Zweth had het onder andere over telefonie. Voor de Rekenkamer is de basis om te bekijken hoe de stand van zaken is naar aanleiding van de gedane
aanbevelingen. Het is vooral een herhaling om te bekijken of de aanbevelingen werken. Aanvullend
kan er gekeken worden naar zaken als telefonie, die logischerwijs binnen de scope passen. De heer
Keulen zegt toe dat de Rekenkamer, voor hij met het onderzoek start, de raad zal informeren dat het onderzoek start. Eventuele inbreng kan hierin meegenomen worden, als het binnen de scope past. De voorzitter dankt de heer Keulen voor zijn aanwezigheid. De voorzitter schorst daarop de vergadering. Na heropening van de vergadering stelt de voorzitter aan de orde. 14. Transitievisie Warmte deel I. Mevrouw Heijne (GroenLinks) benoemt dat in het Klimaatakkoord is afgesproken dat men van het gas af gaat. Dat is een flinke omslag die iedereen raakt. In de commissie heeft een goede bespreking
plaatsgevonden. Daarin zijn verschillende toezeggingen gedaan die voor GroenLinks belangrijk zijn. Betaalbaarheid was voor GroenLinks en voor vele fracties een belangrijk onderwerp. De wethouder gaf aan dat dit met name op landelijk niveau geregeld wordt. Het werd duidelijk dat de wethouder daarbovenop zit. Dit is voor GroenLinks een geruststelling. De fractie blijft dit traject volgen. Voor GroenLinks was ook belangrijk dat ingezet werd op isolatie. Na doorvragen door de Partij voor de Dieren is toegezegd dat er een actieplan isolatie komt. Ook daar is GroenLinks heel blij mee.
Er zijn nog twee onderwerpen die GroenLinks nader wil onderstrepen. Het eerste is dat de partij wil voorkomen dat pelletketels worden gekwalificeerd als een duurzaam alternatief. Daarom zal de
fractie samen met de ChristenUnie en de Partij voor de Dieren een motie indienen waarin het college gevraagd wordt te verkennen op welke manier voorkomen kan worden dat pelletketels worden ingezet als alternatief voor aardgas en de resultaten van die verkenning te verwerken in de wijkuitvoeringsplannen.
Verder vindt GroenLinks het belangrijk dat de gemeente de regie houdt bij de ontwikkeling van
warmtenetten. De partij ziet graag dat bewoners zeggenschap krijgen of zelfs gedeeld eigenaar
kunnen worden, net als bij zonne- en windenergie. Daarom heeft GroenLinks samen met de Partij
van de Arbeid, D66 en Student & Starter een motie waarin het college gevraagd wordt te verkennen welke rollen de gemeente, de warmtebedrijven en bewoners kunnen spelen, zodat die publieke
waarden verzekerd zijn en bewoners mogelijkheden hebben tot zeggenaarschap of eigenaarschap.
Tot slot dient GroenLinks nog twee moties in samen met andere partijen. Met D66 dient de partij de motie in over de uitwerking hoe broeikasgassen teruggebracht kunnen worden. Dat zal D66 verder
5
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021 toelichten. Met de Partij voor de Dieren dient GroenLinks een motie in die eerstgenoemde partij
verder zal toelichten. Verder zijn er nog meerdere voorstellen die de fractie niet mede-indient, maar waar ze waarschijnlijk wel voor zal stemmen.
De heer Işik (PvdA) vindt dat zijn generatie het aan zijn stand verplicht is om een goede wereld
achter te laten voor de volgende generatie. Het is daarom goed dat men de klimaatproblemen onder ogen ziet en de juiste maatregelen kan treffen. Tegelijkertijd roept hij het college op om alles op
alles te zetten om ervoor te zorgen dat de aanpak van klimaatproblemen geen zaak wordt van de
hoogopgeleide elite. Die heeft men hard nodig, maar de urgentie moet ook gevoeld worden in de
hele samenleving. Het moet een gemeenschappelijke opdracht worden. Hoe gaat het college dit voor elkaar krijgen?
Net als GroenLinks vindt de Partij van de Arbeid de betaalbaarheid en beschikbaarheid ook
belangrijk. De fractie hoopt dat het college streng toezicht houdt en ervoor zorgt dat het betaalbaar
blijft voor iedereen. De PvdA hecht ook grote waarde aan initiatieven van bewoners. De fractie hoopt dat er in het kader van de wijkgerichte aanpak maatwerk georganiseerd wordt en dat het college de regie pakt. Daarom kondigt de fractie samen met de PvdD een motie aan. D66 en CDA staan er ook
positief tegenover. Het college wordt hierin opgedragen vorm te geven aan de eigen regierol, zodat bewonersinitiatieven meer ruimte krijgen en men komt tot kleinschalige wijkgerichte energieplannen. Zo wordt de monopolypositie van grote bedrijven geminimaliseerd.
De heer Wijmenga (ChristenUnie) had eerder een discussie met de heer Te Hoonte over kleinschalige initiatieven. Hij vroeg hem toen of de transitie niet te duur zou worden als er veel ruimte is voor kleine initiatieven. Hoe ver wil de heer Işik gaan? Hoeveel ruimte moeten bewonersinitiatieven krijgen? Is er in de visie van de PvdA ook nog een rol voor grote bedrijven?
De heer Van Steeg (CDA) vindt het belangrijk om de hele stad en alle bewoners te betrekken bij wat
er gebeurt. Het moet niet alleen een initiatief van de gemeente worden. Toch is een bedrijf als Eneco ook nodig. In de motie wordt verzocht om de monopolypositie van Eneco zo klein mogelijk te maken? Hoe ziet de heer Işik dit?
De heer Işik (PvdA) antwoordt dat hij eerder zei dat de stad ook Eneco nodig heeft om de
duurzaamheidsdoelstellingen te bewerkstelligen, maar het mag geen permanente doorslaggevende rol hebben bij de bewonersinitiatieven. Daar moet echt ruimte zijn. In het gebied van het
Veemarktterrein houden bewoners zich bijvoorbeeld bezig met duurzaamheidsvraagstukken. De
heer Işik wil Eneco niet weg hebben, maar zijn positie iets kleiner maken, zodat er ruimte ontstaat voor initiatieven vanuit de samenleving. Tegen de ChristenUnie zegt de heer Işik dat de gemeente
bijvoorbeeld initiatieven kan clusteren. De regierol moet zodanig ingevuld worden dat de bewoners het gevoel hebben dat ze ondersteund worden en gefaciliteerd worden om de volgende stap te zetten.
De heer Te Hoonte (VVD) kan de heer Işik een heel stuk volgen, maar heeft alleen wat moeite met de regierol van de gemeente. Straks is er een nieuwe monopolist of komt er een partij die zich met
steun van de gemeente als vertegenwoordiger van de bewoners presenteert. Juist bij warmte ziet de heer Te Hoonte wel kansen. Dat soort initiatieven moeten niet dwarsgezeten worden. Als de
wethouder de motie op die manier kan uitleggen, is de VVD wel voor die kleine initiatieven, maar de achtervang van een groot net heeft de gemeente wel nodig. Ook bij Leeuwesteyn, waar Eneco
6
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021 eigenlijk buitenspel is gezet, kunnen ontwikkelaars als ze dat willen alsnog wel kiezen voor warmte van Eneco en dat is wel goed.
De heer Işik (PvdA) wil dat de bewoners een partner worden in deze kwestie, omdat zij ook
meebetalen aan de transitie. Op dit punt verschilt hij niet met de VVD. Hij wil ook niet dat de
gemeente de monopolypositie van Eneco overneemt. Hij wil dat de gemeente twee dingen concreet doet. Het eerste is ruimte verschaffen aan bewonersinitiatieven en deze faciliteren zodat ze
zelfstandig de volgende stap kunnen zetten. Het tweede is dat de gemeente niet altijd de bepalende macht is. De gemeente kan de bewoners volgen in plaats van dat het de gemeente is die bepaalt. Kort samengevat wil de PvdA dat de bewoners een serieuze partner worden in de wijken bij het
maken van warmteplannen. Als het college dat toezegt en de motie overneemt, zal de PvdA heel blij zijn.
De heer Schreuder (D66) merkt op dat aardgasvrij worden de grootste opgave is sinds het invoeren van het aardgas. Jaren heeft men kunnen interen op de erfenis van de aarde die miljoenen jaren
energie had opgeslagen onder de grond. Het was energie die er eenvoudig uitgehaald kon worden
zonder haar op te wekken, praktisch gratis. Dat klinkt te goed om waar te zijn, want dat is het ook.
Bij deze gratis energieborn rekende men even niet mee, dat men ook schade aanbracht door hem te verbranden. Inmiddels wordt dat wel ingezien. Wereldwijd en landelijk zijn afspraken gemaakt, het
Klimaatakkoord, om hiermee aan de slag te gaan. De gemeente gaat nu richting geven aan de eerste stap daarin.
Duurzaamheid, betaalbaarheid, betrouwbaarheid, transparantie en een open net met keuzevrijheid: in deze publieke randvoorwaarden voor warmtenetten ziet D66 een heel goed richting om die
collectieve oplossingen verder uit te werken. Ook op het gebied van de praktische uitwerking in deel II is betaalbaarheid, betrouwbaarheid en zo min mogelijk gedoe als goede voorwaarden om
Utrechters de zekerheid te geven die zij nodig hebben om mee te kunnen in deze grote transitie. Met de kennis dat dit een doorlopende herijking zal krijgen als geheel en in de wijkuitvoeringsplannen kan D66 dan ook instemmen met de hoofdlijnen in dit plan.
Dat D66 de globale richting steunt, wil niet zeggen dat de fractie niet met vraagtekens zit en ze is
niet de enige. In een opgave als deze zullen vele vragen gaandeweg beantwoord moeten worden en
tot aanpassingen leiden. De grootste zorg is de rol van de Utrechters zelf in de transitie. D66 steunt graag het voorstel van GroenLinks over de regierol van de gemeente. De heer Schreuder kijkt ook
met zeer veel interesse naar het voorstel van de PvdA. Ook het voorstel van het CDA om bedrijven te betrekken is zeer interessant. De heer Schreuder hoort graag een duiding van de wethouder. Mede namens Student & Starter zal hij zo de motie “Wat groot gegroeid is, is klein begonnen” in. Hierin
wordt beoogd om meer ruimte te geven aan bewoners die zelf al kleinschaliger eerder aan de slag willen dan hun wijkuitvoeringsplan voorschrijft en dit mee te nemen richting deel II van de Transitievisie Warmte.
Daarnaast heeft D66 zorgen over de keuzes binnen de transitie en hoe deze de uiteindelijke broeikasgassenuitstoot in de stad beïnvloeden.
De heer Te Hoonte (VVD) vraagt wat het verschil is tussen de eerste motie van D66 en die van de
PvdA. Of is een toezegging van de wethouder dat kleinschalige initiatieven ondersteund gaan worden voldoende voor beide fracties?
De heer Schreuder (D66) antwoordt dat beide fracties in dezelfde richting werken. In details is de
7
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021 richting net iets anders. In de ogen van de heer Schreuder zijn de voorstellen complementair. Hij richt zich ook minder op de marktrol van Eneco, die net even tot een debat leidde. In Expeditie Warmte heeft de gemeente een aantal heel waardevolle lessen geleerd. De deelnemers waren
enthousiast. Deze les moet meegenomen worden naar deel II en moet hier echt onderdeel van worden.
De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of de heer Schreuder de raad adviseert om zowel de motie van de
PvdA als die van hemzelf te ondersteunen of dat hij alleen zijn eigen motie zal ondersteunen en die van de PvdA niet.
De heer Schreuder (D66) adviseert uiteraard om zijn eigen motie te steunen. Daarnaast zal hij met
zeer veel interesse kijken naar de motie van de PvdA. Hij wil nog even horen wat de wethouder ervan denkt, maar hij kan zich zomaar voorstellen dat D66 ervoor stemt.
De tweede motie van D66 gaat over hoe de keuze in de volgorde en de keuze van de bronnen de uiteindelijke hoeveelheid broeikas die de stad uitstoot beïnvloedt. Dit is de motie “Onderbouw
terugbrengen van broeikasgasuitstoot in warmtetransitie”, mede ingediend door GroenLinks en de PvdA. Hierin wordt gevraagd om de consequenties van de keuzes in beeld te brengen bij deel II.
De heer Wiegant (SP) staat in de basis positief tegenover deze Warmtevisie. De belangrijkste gevaren zijn de vraag hoe blijvende betaalbaarheid gegarandeerd kan worden, hoe draagvlak bereikt wordt, het gebruik van biomassa en de monopolypositie van Eneco. Hij zal dan ook moties en amendementen indienen die hier verbeteringen in aanbrengen steunen.
De heer Te Hoonte (VVD) denkt dat de raadsleden op het gebied van warmte dichter bij elkaar zitten dan op het gebied van elektriciteit. Ook de VVD staat in beginsel positief tegenover deze
Transitievisie. De heer Van Dalen heeft namens de VVD in de commissie aangegeven dat de fractie wat moeite heeft met de omzetting van hoge-temperatuur-stadsverwarming naar middentemperatuur-stadsverwarming om vervolgens in een andere wijk weer hoge-temperatuur-
stadsverwarming aan te leggen, zonder garantie dat het de stadsverwarming verduurzaamt. Hiervoor
heeft de heer Te Hoonte een motie en een amendement gemaakt dat hij ambtelijk al heeft afgestemd met de wethouder. Hij hoopt dus op een positief advies. In de motie wordt opgeroepen om nader onderzoek te doen naar specifieke consequenties van het omzetten van hoge-temperatuur naar
midden-temperatuur of lage-temperatuur op gebouwniveau. Als de wethouder kan toezeggen dat ze voor de besluitvorming van de Transitievisie deel II de raad hierover kan informeren, dan is dit voor de heer Te Hoonte voldoende en hoeft hij niet over de motie te stemmen.
De heer Schreuder (D66) had de indruk dat deel II nog verdere richting gaf, waarna er periodiek herijkt gaat worden en er wijkuitvoeringsplannen gemaakt gaan worden. In hoeverre is deze
tussenstap specifiek nodig? De heer Schreuder heeft namelijk zorgen bij heel veel wijken. Hij was juist enigszins gerustgesteld door deze grondige doorlopende uitwerking en tussenstappen.
De heer Te Hoonte (VVD) antwoordt dat er modelwoningen in Overvecht staan die van aardgas naar
volledig aardgasvrij zijn gegaan. Daar is specifiek onderzoek naar gedaan. De heer Te Hoonte heeft het idee dat er ook in de modellen van het Rijk een soort aanname is dat de omzetting van hogetemperatuur naar een andere temperatuur makkelijk en goedkoop is. Maar de huizen zijn
verschillend van elkaar, dus de heer Te Hoonte zou meer informatie willen hebben voor dit
8
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021 daadwerkelijk gedaan gaat worden. Er kunnen wat huizen als voorbeeld bekeken worden, zodat de raad wat onderbouwing heeft voor ze beslist om het te gaan doen. Hij gaat voorlopig mee met de wethouder dat het makkelijk te doen is, maar zou nog wat meer voorbeelden willen zien voor het definitief uitgevoerd wordt. Dan past het om dat voor deel II te doen.
Dit sluit aan op het amendement van de VVD. De fractie vindt het ook nog wel belangrijk dat die
stadsverwarming verduurzaamt. Als er hoge-temperatuur wordt aangelegd, zonder dat er zicht is op verduurzaming daarvan, is dat a priori niet de beste oplossing. Als men niet weet hoe die midden-
temperatuurbronnen in die wijken gemaakt kunnen worden, is het ook geen oplossing om hen naar midden-temperatuur om te zetten. De fractie wil dus dat de gemeente echt zicht heeft op die
bronnen en verder is in de onderzoeken naar geothermie voor er besluitvorming plaatsvindt. Dit wil de VVD per amendement toevoegen aan het besluit.
Mevrouw Heijne (GroenLinks) deelt de zorg van de VVD over het uitbreiden van het hoge-
temperatuurnet, maar begreep in de commissie, waar de heer Te Hoonte niet bij was, dat het niet de bedoeling was om dat net uit te breiden en dat men zich juist ging richten op midden- en lage-
temperatuur. De hoge-temperatuur wordt alleen gebruikt in gebouwen waar die midden- en lagetemperatuur niet kan. Hoe heeft de heer Te Hoonte dat geïnterpreteerd?
De heer Te Hoonte (VVD) antwoordt dat hij zeker heeft meegekeken naar de commissie. Uit de
kaarten krijgt hij het beeld dat in de wijken waar nu geen stadsverwarming is maar gas wordt ingezet op hoge-temperatuur, omdat laag- en midden-temperatuur daar heel moeilijk gaat worden. Andere wijken worden juist van hoge-temperatuur afgehaald, omdat gezegd wordt dat het geen duurzame bron is. De raad moet dan als stok achter de deur bij de monopolist die de stad nog heeft in het
besluit opnemen dat er zicht is op de bronnen. Dit moet gezien worden als ondersteuning van het
hele transitieplan dat Eneco moet aanleveren voor de hoge-temperatuur-stadsverwarming. Het kan niet zo zijn dat de stad eindigt met een extra biomassacentrale en een extra gascentrale.
Mevrouw Heijne (GroenLinks) antwoordt dat ze zich in het laatste natuurlijk kan vinden. Voor de
oudere wijken wordt er inderdaad gekeken naar hoge-temperatuur. Ze deelt ook het idee om aan te dringen op verduurzaming van de stadsverwarming.
De heer Te Hoonte (VVD) had in het debat over Rijnenburg gevraagd om in te zetten op zonthermie, omdat dit hoge-temperatuur kan opleveren en er duurzame bronnen worden gezocht. Hij had de
wethouder gevraagd hoe het staat met de ontwikkeling daarvan. Hij herhaalt die vraag hier en vraagt om een toezegging dat er in de breedte van de stad gezocht wordt naar daken en plekken voor
hoge-temperatuur-zonthermieprojecten, zeker in de buurt van warmtebuffers die Eneco toch al gaat bouwen. Hier zou Utrecht een voortrekkersrol in Nederland kunnen pakken, om te laten zien dat je met zon stadsverwarming kunt opwekken.
De heer Van Heuven (PvdD) stelt dat de toekomst fossielvrij is. Met een visie red je de wereld niet en dat is wat de PvdD betreft wel het uitgangspunt van deze Transitievisie Warmte. De fractie
onderschrijft dat er gestopt wordt met gas als bron van warmte en vindt de gekozen uitgangspunten, betaalbaarheid, robuustheid en geen gedoe, erg goed. De fractie mist wel de nodige actie. De
klimaatcrisis vraagt erom dat de uitstoot van broeikasgassen zo snel mogelijk en zo veel mogelijk
beperkt wordt. Daarom is de partij blij dat de wethouder in de commissie toezegt met een actieplan besparen te komen. Het duurt nog een jaar, maar daar kan dan in ieder geval verder over gepraat
9
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021 worden. Ondertussen heeft de fractie twee problemen met de Transitievisie Warmte. Het eerste is het sturen van de ideale mix van bronnen. Er worden een hoop bronnen genoemd, maar er wordt geen keuze gemaakt tussen die bronnen en de fasering van die bronnen. In de commissie zei de wethouder dat ze niet kan sturen, omdat ze geen instrumenten heeft. Ze wilde geen
bronnenstrategie maken, omdat ze dat zonde van de tijd vond. De heer Van Heuven vindt dit
jammer. Het college moet gewoon voorkeuren hebben voor bepaalde duurzame bronnen. De PvdD kan het warmteplan op dit punt niet op waarde schatten en zou graag willen dat de wethouder
alsnog komt met een onderbouwde bronnenstrategie of in ieder geval nog iets toevoegt in deel II van de Transitievisie Warmte. De heer Van Heuven hoort graag een toezegging.
Het tweede punt is dat de stad met deze Transitievisie steeds afhankelijker wordt van
stadsverwarming en van één exploitant. Dit bedrijf kiest nu nog volop voor biomassa. Hiermee
creëert de stad een lock-in voor zichzelf. De wethouder erkende dit risico in de commissie, maar
leek niet echt in actie te komen om hier iets tegen te doen. Kan de wethouder toezeggen om in deel II met een soort strategie komen om de afhankelijkheid van stadsverwarming verder te beperken en meer te sturen op lokale buurtnetten? De PvdA komt met een goede motie hierover. Ook D66 gaat iets interessants indienen.
Eerder is in de commissie een mooi debat gevoerd over biomassa en de kwaliteitsverklaring inzake stadsverwarming. Bij dit debat had de heer Van Heuven twee moties aangekondigd. De commissie verzocht toen om die niet als actuele motie in te dienen, maar om dat hier te doen. Hier geeft de
heer Van Heuven gehoor aan. Hij heeft dus twee moties. De eerste is “Nieuwe biomassacentrales zijn niet wenselijk”. Vier andere partijen hebben deze al medeondertekend. De tweede motie is
“Accepteer de kwaliteitsverklaring niet langer”. Hier zijn drie medeondertekenaars. Het debat is hier al over gevoerd, dus de moties hoeven niet geïntroduceerd te worden.
De heer Van Steeg (CDA) sluit zich aan bij de verschillende partijen die al hebben gezegd hoe groot
de opdracht is om van het gas af te gaan. Juist omdat de opdracht zo groot is, is het risico ook groot dat het een initiatief van de overheid was en niet van de bewoners. Daarom vindt de heer Van Steeg
de motie van de heer Işik sympathiek. Buiten de raad om heeft de heer Van Steeg contact gehad met een bewonersinitiatief dat tegen de verschillende afdelingen van de gemeente opliep. Dit laat wel
zien dat er een proactieve houding van de gemeente nodig is. De heer Van Steeg vindt de moties op dit vlak dan ook positief.
In de commissie kwam de betrokkenheid van het bedrijfsleven heel weinig aan de orde, terwijl er een heel goede analyse van de TU Delft lag. De heer Van Steeg roept de wethouder op daar meer mee te
doen en dit concreet te maken. Bedrijven hebben veel energie om dit op te pakken. Er zijn ideeën. De raadsbrief hierover was echter vrij teleurstellend. Er kan bijvoorbeeld een werkgroep ingesteld
worden, zoals de TU Delft voorstelt, om te bekijken welke innovaties en mogelijkheden er zijn. De
heer Van Steeg is van plan een motie in die richting in te dienen, met steun van de PvdA en Student & Starter en sympathie van D66. Hij is benieuwd hoe de wethouder hiernaar kijkt.
De heer Wijmenga (ChristenUnie) vindt dat er een goed debat is geweest. Alle punten die hij in de
commissie had ingebracht zijn afdoende behandeld. De ChristenUnie blijft de betaalbaarheid in de
gaten houden. Bij het Warmteplan Beursgebied is dit stevig verwerkt in de strekt ter vervanging. De heer Van Steeg had een goede opmerking over het bedrijfsleven. Wellicht doet de ChristenUnie ook mee met die motie. De partij staat ook onder de motie over de pelletkachels. Verder wacht de heer
Wijmenga de beantwoording af om te bepalen of zijn fractie mede-indiener wordt van moties of deze zal steunen.
10
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) houdt het vandaag rustig en heeft geen moties of
amendementen. Ze zal sommige wel steunen en bekijkt of haar fractie van sommige nog mede-
indiener wordt. Iedereen weet dat het een flinke opgave is. In het nieuws heeft men kunnen zien dat je, als je voorop wilt blijven lopen, tegen regels op moet blijven boksen. Niemand is blij dat de gasleidingen weer vervangen moeten worden. Juist mede daarom steunt Student & Starter dit raadsvoorstel. Het geeft de urgentie aan dat er doorgepakt moet worden.
In de commissie bracht mevrouw Sturkenboom al de betaalbaarheid op. Ze is blij dat hier een
raadsbrief over komt. Het is goed dat er in het Actieplan energiebesparing en isolatie ook aandacht is voor gedragsbeïnvloeding. Wellicht kan er ook een charmeoffensief komen voor warmtepompen. Dit was voor Student & Starter voldoende om geen moties of amendementen in te dien. De fractie
heeft nog wel een aantal kleine punten, bijvoorbeeld over de routekaarten. Het Utrechts planproces is voor de bewoners niet echt te begrijpen. Zo’n routekaart is voor veel mensen die de raad niet
nauwkeurig volgen een eerste handvat om te weten te komen hoe ze duurzamer kunnen wonen en
leven. Mevrouw Sturkenboom wil graag een toezegging dat die aantrekkelijker gemaakt worden en in verschillende talen gepubliceerd worden, zodat iedereen in de stad er notie van kan nemen.
Daarnaast deelt ze het punt van de Partij voor de Dieren over de bronnenstrategie. Is er niet toch iets van een afwegingskader wenselijk? Als een bedrijf of een initiatief mee wil doen, dat een mix van
bronnen heeft, ontstaat er scheefheid omdat deze bronnen allemaal als duurzaam zijn aangemerkt terwijl de ene duurzamer is dan de andere.
Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder) kent grotendeels de dicta nog niet van de aangekondigde
moties en amendementen. Ze zal beginnen met een blokje rolverdeling en ordening van de markt. Vervolgens komt ze met een blokje over alles rondom duurzaamheid en tot slot behandelt ze een paar nagekomen dingen.
Ze begint met de ordening. Vanochtend heeft de wethouder een ingewikkeld gesprek gehad over de nieuwe Warmtewet, die juist op dit punt voor de gemeente een enorm dilemma oplevert, omdat de wet de gemeente te weinig gelegenheid geeft om iets te vinden van die ordening en van de positie
van een warmtebedrijf. Er kan te weinig gestuurd worden op de keuze van partners. De raad moet in meerderheid tot een mening komen en vervolgens is het de vraag of er wettelijk voldoende mogelijkheden zijn om te sturen.
De heer Işik vroeg hoe ervoor gezorgd kon worden dat dit een opdracht voor iedereen is. De
wethouder heeft hier wel vertrouwen in, omdat de gemeente na deel II van de Warmtevisie letterlijk
bij iedereen aan de deur komt. Dan gaat het niet alleen meer over de mensen die geïnteresseerd zijn
en die zichzelf hebben georganiseerd. Dan valt er uiteindelijk, in de loop van 30 jaar, een brief op de mat. De gemeente zal met alle bewoners in gesprek moeten gaan over wat het voor hen betekent en hoe zij geholpen kunnen worden met de overstap. Er komt dus echt een andere fase. Dat het daardoor ook heel ingewikkeld wordt, mag ook helder zijn.
Mevrouw Heijne heeft een motie die oproept om de rolverdeling tussen gemeente, bedrijven en
bewonersinitiatieven te verkennen. Het lijkt de wethouder zeer wijs om dit te doen. De gemeente zal zich vervolgens moeten verhouden tot wat er wettelijk mogelijk is. Hierbij zijn de demissionaire
status van het kabinet en de wisselingen bij het ministerie van EZK niet heel behulpzaam. Het debat moet hier ook over gevoerd worden, want de marktordening zou een politiek-bestuurlijk vraagstuk moeten zijn. Ook de heer Işik diende een motie in deze lijn in. Ze kent het dictum nog niet. Er
ontstond een debatje over de vraag of je ook kleinere systemen van bewoners moet willen hebben
naast het systeem van Eneco. Het is goed om te beseffen dat het, wie ook de exploitant is, altijd een
11
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021 monopolie is. Dat kunnen bewoners zijn, maar ook een ander bedrijf, bewoners of de gemeente. In Overvecht-Noord wordt er nu onderzoek gedaan met een paar bewonersinitiatieven. De overheid
heeft de rol om altijd de publieke belangen goed te organiseren. Dit zegt de wethouder expliciet, omdat in een buurt een aantal mensen enthousiast kan zijn, maar een aantal mensen ook geen
onderdeel van het initiatief kan zijn. Die mensen moeten kunnen rekenen op de publieke rol van de overheid. Je kunt namelijk wel degelijk in een situatie komen waarin een eigen net duurder is dan
meedoen aan een groter net. De wethouder staat er open voor, maar de overheid moet de hoeder zijn van de belangen van alle mensen. Ook hierop zal de wethouder de motie dus beoordelen.
Ook de heer Schreuder had een motie over de initiatieven. Die ging meer over de facilitering en de
ruimte die de gemeente hieraan biedt. De gemeente is zeker welwillend, altijd binnen de bestaande
financiële mogelijkheden. Als de gemeente vindt dat het niet ten koste gaat van het publieke belang, dan is het fantastisch als mensen eigenaarschap en zeggenschap ervaren over hun eigen warmtesysteem.
De wethouder komt bij het blokje over duurzaamheid. De heer Te Hoonte vroeg naar zonthermie. Dit borrelt nu op, onder andere in de Expeditie Warmte in Tuinwijk. Ook in Overvecht-Noord is dit een van de onderzochte varianten. De gemeente heeft er zelf al mee gewerkt bij zwembaden en
dergelijke. Met Eneco wordt besproken of dit onderdeel kan worden van hun routekaart. Dit is dus zeker in beeld als een optie.
De heer Van Heuven vroeg er of een bronnenstrategie in de Transitievisie Warmte kon komen. In de commissie heeft de wethouder toegezegd een bijsluiter, een appreciatie, te leveren bij de
bronnenstrategie van Eneco. De wethouder snapt de wens en de relevantie, maar de gemeente gaat
niet over een bronnenstrategie en kan er niet op sturen. Het zou een gefnuikte ambitie zijn die leidt
tot teleurstelling. De wethouder kan de marktordening niet anders maken dan ze is. De gemeente is in dialoog met Eneco en probeert hierop te sturen, maar dit gaat niet verder dan het gaat.
Mevrouw Sturkenboom vroeg of de routekaart van Eneco begrijpelijker gemaakt kon worden. Dit kan het college aan Eneco meegeven. De wethouder begrijpt dat Eneco iets maakt dat niet alleen voor de raad gemaakt wordt, maar ook bedoeld is als bewonerscommunicatie. Hier kan de gemeente feedback op geven.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) merkt op dat haar verzoek ook ging over de routekaarten die de gemeente zelf zal maken. In de commissie had de wethouder gezegd dat er op het moment
honderden routekaarten voor Utrechters in de maak zijn waarop zij kunnen zien hoe ze duurzamer kunnen leven.
Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder) antwoordt dat dit niet zozeer routekaarten zijn, als wel het
handelingsperspectief. De gemeente werkt eraan om dat dit jaar veel specifieker te maken, ook op basis van de landelijke standaard- en streefwaarde. Dit zal zeker onderdeel worden van het
besparingsplan waar de heer Van Heuven het over had. Overigens kan de wethouder de heer Van Heuven geruststellen: het is al bijna zomer. Q1 is niet over een jaar. De tijd gaat heel snel.
Mevrouw Heijne had een motie over de pelletkachels. De wethouder deelt het idee dat het gevolg niet mag zijn dat mensen massaal pelletkachels kopen. De wethouder zal dus met interesse het dictum lezen.
De heer Schreuder had een motie over CO2. Alles wat de gemeente hier doet, gaat over
klimaatemissies. Tegelijkertijd moet niet alle heil verwacht worden van de infrastructurele aanpassing. Een groot deel van het heil zit in de bron en in het vastgoed. Het is dus een
meervoudige strategie, maar het is helder dat je dit in elkaars verband moet zijn. Het college zal
12
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021 proberen dit duidelijk te maken in de Transitievisie Warmte deel II. De wethouder zal dus met interesse de motie lezen.
De Partij voor de Dieren had de biomassamotie. Dit is een bekend punt. Hier denkt men grotendeels
hetzelfde over. Het is een transitiebrandstof. De wethouder noemt het het minst favoriete duurzame alternatief. Het is beter dan fossiel, maar je wilt er ook zo snel mogelijk van af. Als dit de uitstraling is van de motie, kan de wethouder deze positief beschouwen.
De kwaliteitsverklaring is niet echt aan de orde geweest in de commissie, maar het is wel een oud
discussiepunt. Het college heeft altijd gezegd dat het dat niet kan. Er is nooit een andere indicatie
geweest, want het geval in Nieuwegein zat net wat anders. De wethouder vreest dat deze motie niet uitvoerbaar is, omdat de gemeente de kwaliteitsverklaring niet kan weigeren als ze geen indicatie heeft dat hij niet deugt. En tot op heden is die indicatie er niet.
Tot slot nog twee onderwerpen die niet in de blokjes pasten. Het eerste was de vraag van de heer Te Hoonte over de transitie van hoge-temperatuur naar midden- of lage-temperatuur. De wethouder wil hem geruststellen: ze denkt hier niet makkelijk over. Het is een serieuze transitie. Er is geen
verandering van aansluiting, maar het betekent wel wat voor het systeem in je woning. Hier is het college zich terdege van bewust. Hier kwam de gemeente op uit, omdat men juist in Utrecht, dus
meer dan in Amsterdam en Rotterdam, waar men meer restwarmte heeft, voor hoge-temperatuur
meer afhankelijk van geothermie. Als die er niet is, wat het slechtste scenario is, dan zullen er lagetemperatuurbronnen gealloceerd moeten worden. Bepaalde delen van de stad zijn hier qua schil het
meest geschikt voor. Hier is dus niet voor gekozen omdat het makkelijk is. Met Eneco is de afspraak gemaakt dat er bij deze transitie, waarbij een temperatuurwisseling komt, die overigens nog op
allerlei niveaus kan plaatsvinden, goed onderzoek gedaan wordt wat dit betekent. Wie doet wat, waar liggen de verantwoordelijkheden en welke aanpassingen moeten er gedaan worden? Zo’n onderzoek
komt er. De heer Te Hoonte vroeg of dit voor de Transitievisie Warmte II gedaan kon worden. Dit kan voor de besluitvorming gebeuren. Het zal er nog niet in zitten en komt ook niet heel ruim van tevoren. Daar is de doorlooptijd te kort voor.
De heer Te Hoonte (VVD) hoort graag dat de wethouder dit toezegt. Dan kan straks een motie schelen.
Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder) vindt dit een aantrekkelijk bod. Ze zegt toe dat de raad beschikt over de uitkomsten van het onderzoek voor ze beslist over Transitievisie Warmte II.
Onder het kopje duurzaamheid viel nog het amendement van de heer Te Hoonte over de combinatie van bronnen. Het college is het met hem eens dat de combinatie er is. Aan het eind van de rit moet de puzzel in elkaar passen. Dit wil niet altijd zeggen dat het gelijktijdig te regelen is of er vooruit gewerkt kan worden. De wethouder zal goed naar de tekst kijken, maar is het eens met het
basisprincipe. Uit het rapport van Greenvis kwam dat juist de lage-temperatuurbronnen met de meeste zekerheid beschikbaar zijn. De hoge-temperatuurbronnen zijn het meest onzeker. Tegelijkertijd zijn die het moeilijkst te verwerken in het vastgoed. Daar zit de paradox.
Tot slot komt de wethouder op de motie van de heer Van Steeg over het bedrijfsleven. Het is helder dat de gemeente hiermee door moet en wil. Het college zal samen met verenigingen van
bedrijventerreinen, andere organisaties en koepels en individuele bedrijven op zoek gaan naar waar men begint. Het is niet gelukt om een heel bedrijventerrein aan te wijzen, zoals in het meer
bewoonde deel van de stad. Er moet dus gezocht worden naar een cluster waar men mee aan de slag kan. Hier komt het college op terug in de Transitievisie Warmte II.
13
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021 De heer Te Hoonte (VVD) zal zijn amendement wel indienen en de motie niet. Hij is benieuwd of andere raadsleden al hun moties nog zullen indienen.
De voorzitter sluit hierop, te 11.13 uur, de integrale voorbereidende vergadering.
{{Signer1}}
{{Signer2}}
14
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021
Lijst van toezeggingen, gedaan tijdens de integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021.
Raadsvoorstel Rekenkameronderzoek: "Zo sterk als de zwakste schakel. Een onderzoek naar de informatieveiligheid in de gemeente Utrecht". Wethouder Voortman zal in het plan van aanpak terugkomen op de beveiligingsmaatregelen rond telefoons en andere apparatuur van de gemeente. Transitievisie Warmte deel I. Wethouder Van Hooijdonk zal Eneco meegeven dat de routekaart van Eneco begrijpelijker gemaakt zou moeten worden. deelt mee dat met Eneco de afspraak is gemaakt dat er een onderzoek zal worden gedaan naar de transitie van hoge-temperatuur naar midden- of lage-temperatuur. zal in de Transitievisie Warmte II terugkomen op het meer betrekken van het bedrijfsleven bij de transitie.
15
Integrale voorbereidende vergadering van 3 juni 2021
16
INHOUD
1.
Opening
Pag.
1
2.
Vaststellen agenda
Pag.
1
Pag.
1
Pag.
5
12. Raadsvoorstel Rekenkameronderzoek: "Zo sterk als de zwakste schakel. Een onderzoek naar de informatieveiligheid in de gemeente Utrecht"
14. Transitievisie Warmte deel I