Gewijzigd Ontwikkelingskader Horeca Utrecht 2018.pdf
Tekst van het document
Ontwikkelingskader Horeca Utrecht 2018
Inhoudsopgave 1.
Inleiding .......................................................................................................................................................................... 1
2.
Marktanalyse Nederland en Utrecht .............................................................................................................................. 4
3.
Visie ................................................................................................................................................................................ 6
4.
Horecadifferentiatie ..................................................................................................................................................... 11
5.
Ruimtelijk Toetsingskader............................................................................................................................................. 16
6.
Profielen ....................................................................................................................................................................... 20
7.
Uitvoering ..................................................................................................................................................................... 45
Colofon ................................................................................................................................................................................. 58
1. Inleiding Utrecht groeit! We zien op velerlei terreinen in Utrecht een bijzondere schaalsprong. De stad groeit, bewonersaantallen nemen snel toe, bouwplannen zoals Leidsche Rijn Centrum, Stationsgebied en Merwedekanaalzone worden stap voor stap ingevuld. Daarnaast is de vraag naar allerlei
vernieuwende diensten groot, stijgt het aantal toeristische overnachtingen, nemen winkelomzetten weer toe en ook de bezoekersaantallen aan de stad en centrum groeien weer gestaag na jaren van krimp.
Het winkellandschap ondergaat ingrijpende veranderingen en vernieuwingen. Traditionele winkels die onvoldoende antwoord hebben op de groei van directe internetaankopen of veranderende consumentenwensen verdwijnen, terwijl nieuwe formules de deuren openen en nieuwe
winkelconcepten het daglicht zien. De nieuwe ondernemer vraagt om ruimte om te ondernemen
buiten de oude vergunningsruimte. Geen grenzen meer van wat kan en niet kan, maar concepten die vanuit een persoonlijke en samenhangende visie combinaties aanbieden onder één dak. Ondersteunende horeca Bij veel van dergelijke combinatiewinkels vormt de mogelijkheid voor ondersteunende horeca een
belangrijk belevingsonderdeel. Boekenclub met koffiecorner en werkplekken, een koffiebranderij met winkel en proeverijruimte, grand café in een warenhuis, de chocolaterie met workshopruimte of een creatieve banketbakkerij met expositieruimte. Allen bijzondere concepten waarin de mogelijkheid voor ondersteunende horeca een onmisbaar onderdeel in vormen.
Om de voorzieningenstructuur en beleving van winkelgebieden en winkelstraten te versterken, willen
we meer ruimte geven voor de mogelijkheden voor mengformules met ondersteunende horeca. De veranderende consument: gemak staat centraal
De grote verandering de afgelopen jaren geldt zeer zeker ook voor de Utrechtse horecasector en
verschillende voeding gerelateerde dienstverlening (ook wel foodservices genoemd). Ook hier zien we de afgelopen jaren een groei in nieuwe vestigingen en vooral ook nieuwe foodconcepten. Het aantal Utrechtse start-ups is het grootst in de horeca- en foodsector en is daarmee een bron voor nieuwe
werkgelegenheid. De toegenomen omzetten in de binnenstad worden in toenemende mate positief beïnvloed door de horeca in het centrum.
Dit sluit aan bij de veranderende behoeften van bewoners en bezoekers van de stad zoals gezond eten en vaker buiten de deur eten. Of de trend dat, vooral jongeren, minder koken maar gebruik
maken van foodservices zoals thuisbezorging, ready-to–eat formules, take-away aanbieders of kleine
foodspots, zoals specialistische aanbieders rond één product. Deze ontwikkeling van gemak, kant-
en klaar maaltijden en meerdere keren per week buiten de deur eten neemt naar verwachting de
aankomende jaren nog verder toe. Juist in een stad als Utrecht met een zeer groot aandeel jongeren van de totale bevolking. Veel ondernemers passen hun assortiment en services hierop aan. Kleinere
stadsupermarkten To-Go, nieuwe ‘moderne kruidenier’ formules, gezond eten concepten zijn enkele voorbeelden hiervan.
Horeca in woonwijken: meer ontmoeting en meer spreiding over de stad Niet alleen jongeren maken veel gebruik van horeca en foodconcepten. Ook in de woonwijken zien we dat bewoners om meerdere motieven graag een bezoek brengen aan de koffiecorner of 1
lunchroom om de hoek. We zijn veel meer dan vroeger gewend om buitenshuis af te spreken om wat te eten of te drinken. Horeca in de directe omgeving van woonwijken biedt een belangrijke sociale
functie en zorgt voor een prettige buurtbeleving en gevoel van saamhorigheid. In een stad waar een groot aantal bewoners een gevoel van eenzaamheid kent, kan horeca in de directe omgeving dit gevoel mogelijk wegnemen. Aan ondernemers om hier de handschoen op te pakken en een eigentijdse bijdrage te leveren aan de sfeer en saamhorigheid in de buurt of wijk.
In dit vernieuwde ontwikkelingskader maken we nieuwe vestiging van lichtere vormen van horeca in de wijken buiten de binnenstad mogelijk. Horecavoorzieningen zoals een gezellige lunchroom die
ook in de avonduren geopend is, kunnen juist in de wijken een belangrijke rol spelen om de sociale
cohesie en buurtfunctie te versterken. Dit zien we op meerdere plekken ontstaan. Uiteraard moet het wooncomfort hier niet onder lijden.
Belangrijk zijn ook de al in gang gezette ontwikkelingen, zoals de doorontwikkeling van het centrum over de singels heen, de opleveringen in en rond het stationsgebied en de bouw en invulling van Leidsche Rijn Centrum, Merwedekanaalzone en Werkspoorkwartier. Bijdrage aan een gezonde groei van de stad Met dit Ontwikkelingskader Horeca Utrecht 2018 willen we bijdragen aan een gezonde groei van de
stad en inspelen op nieuwe trends. Dit doen we door ruimte te bieden waar dat kan en meer sturend
te zijn waar dat wenselijk is. Daar waar noodzakelijk hanteren we regels om een prettige leefbaarheid voor bewoners te kunnen blijven waarborgen. Met deze aanpak werken we aan een aantrekkelijk, gezond en toekomstbestendig woon-, werk- en ondernemersklimaat. Daarbij wordt ingezet op
spreiding van de groei door meer ruimte te bieden aan horeca buiten de binnenstad. In de binnenstad zelf is alleen selectieve groei mogelijk en dan vooral in het lichtere segment.
Utrecht maken samen: de ontwikkeling van het horecakader Op basis van een tussenevaluatie van het Ontwikkelingskader Horeca Utrecht 2012 is in een
stadsgesprek met ondernemers, inwoners en andere belangstellenden gesproken over de rol en de
ontwikkeling van horeca in de stad. De sociale, verbindende en belevingsfunctie van de horeca werd daarbij benadrukt. Bovendien moest de horeca bij Utrecht passen, inclusief horeca in de wijk. Deze punten, samen met een juiste balans tussen levendigheid en leefbaarheid, waren de belangrijkste uitgangspunten bij de verdere uitwerking van het Ontwikkelkader.
Nadat er ook gekeken is naar vernieuwd horecabeleid bij andere steden zoals Rotterdam, Den Haag,
Eindhoven en Amsterdam zijn de aanpassingsrichtingen voor het Ontwikkelingskader Horeca Utrecht bepaald.
Omdat in de binnenstad van Utrecht veel horeca aanwezig is en deze daar een impact heeft op zowel de levendigheid als leefbaarheid, is er geregeld gesproken met de wijkraad Binnenstad over de
uitwerking van het horecakader. Belangrijke inzichten en wensen van de wijkraad zijn verwerkt in het
concept Horecakader. Vervolgens is er een goed bezochte informatiebijeenkomst georganiseerd en is het concept Horecakader ook in verschillende wijkraden toegelicht. Aan bewoners(groepen) is gevraagd om zienswijzen in te dienen.
2
Er zijn 92 zienswijzen van bewoners, wijkraden, ondernemers en (belangen)organisaties ingediend.
Het grootste deel van de zienswijzen gaat over horeca in de binnenstad. Op basis van de zienswijzen zijn enkele mogelijke uitbreidingslocaties in de binnenstad geschrapt (zoals Pausdam), in aantal
gemaximeerd (zoals Twijnstraat, Oudegracht) of wordt een lichtere vorm van horeca toegepast (zoals
Sonnenborgh). Daarnaast is ondersteunende verkoop in horecabedrijven onder voorwaarden mogelijk gemaakt.
Met deze aanpassingen komt dit Ontwikkelingskader Horeca Utrecht 2018 zoveel mogelijk tegemoet aan de vele verschillende belangen die er spelen. Het Horecakader geeft hiermee ruimte aan nieuwe concepten, horeca in de wijken en biedt tegelijkertijd een goede balans tussen leefbaarheid en levendigheid.
3
2. Marktanalyse Nederland en Utrecht Horeca in Nederland: een gezonde groeiende sector Na het dieptepunt van de afgelopen recessie begin 2013, is de horeca weer explosief gegroeid. Als we kijken naar het aantal restaurants, de snelservice sector (cafetaria, ijssalons, lunchrooms e.d.) en
kantines en catering, zien we een stijgende lijn in het aantal bedrijven. Alleen het aantal cafés neemt al jaren gestaag af. In 2008 telde Nederland nog ruim 13 duizend cafés. Medio 2017 waren er dit nog maar een kleine 9.600. Tabel 1
Aantal horecagelegenheden in Nederland per bedrijfstak (exclusief hotels) 2012 – 2017 2012
2013
2014
2015
2016
2017*
Restaurants
11.485
11.690
12.480
12.950
13280
13405
Snelservice sector
10.455
10.645
11.870
12.520
13065
13165
Kantines en catering
7.005
7.180
7.325
8.015
9.060
9.370
Cafés
10.565
10.375
10.205
10.035
9.860
9.585
Totaal (exclusief hotels)
39.510
39.890
41.880
43.520
45.265
45.525
* betreft cijfers 2e kwartaal
Bron: CBS, statline (2017)
Niet alleen het totaal aantal horecabedrijven stijgt, ook de omzet en het volume stijgt sinds 2013, zoals te zien is in figuur 1.
Figuur 1 (bron CBS, Kwartaalanalyse Horeca)
Zoals is weergegeven in tabel 2, is ook de werkgelegenheid in de horeca de afgelopen jaren gestegen, zowel in het aantal personen, banen, gewerkte uren als arbeidsjaren. Tabel 2 Werkgelegenheid in horeca in Nederland Werkzame personen
Banen
Arbeidsjaren
Gewerkte uren
x 1 000
x 1 000
x 1 000
mln uren
2012
361
417
231
436
2013
364
417
231
445
2014*
374
429
236
455
2015*
390
447
246
470
Perioden
Bron: CBS, statline (2017) 4
Daarnaast zien we in tabel 3 dat de openstaande vacatures, de nieuwe vacatures en de ontstane vacatures in de horeca sinds 2013 flink zijn gestegen. Tabel 3 Vacatures in horeca in Nederland
Openstaande, ontstane en vervulde vacatures in de horeca (x1.000) Jaar
Openstaande vacatures
Ontstane vacatures
Vervulde vacatures
2010
7,8
54
52
2011
8,7
60
60
2012
7,6
56
56
2013
7,1
56
56
2014
8,4
64
62
2015
10,3
75
73
2016
13,1
84
81
Bron: CBS, statline (2017)
Horeca in Utrecht: een gezonde groeiende sector In 2016 had Utrecht 156 (eet)cafés. Dit komt neer op circa 4,5 café per 10.000 inwoners. Dat is
weliswaar meer dan Flevoland en de rest van de provincie Utrecht, maar minder dan alle andere provincies.
Tabel 4: aantal horecagelegenheden in Utrecht naar soort (2016) Grootschalige zware horeca (categorie A)
43
Zware horeca (categorie B)
178
Snelle horeca (categorie C)
163
Middelzware horeca (categorie D1)
336
Lichte horeca (categorie D2)
148
Additionele horeca
268
Ondersteunende horeca bij winkel
11 1147 Bron: gemeente Utrecht
Bij het totaal aantal van 1147 horecagelegenheden zijn niet de afhaalzaken, hotels, coffeeshops, kantines en speelhallen meegeteld. Deze vallen buiten de scope van dit horecakader (zie ook hoofdstuk 3 categorisering). In de jaren 2012 tot en met mei 2016 zijn er 316 nieuwe
exploitatievergunningen voor horecabedrijven afgegeven. September 2017 bedroeg het aantal
afgegeven exploitatievergunningen 1530. Dit aantal is inclusief nieuwe afhaalzaken, hotels, para commerciële horeca (zoals (sport)kantines), slijterijen etc.
Uitgaande van de trends en ontwikkelingen is de prognose dat er tussen 2018 en 2021 nog zo’n 140 tot 180 exploitatievergunningen worden afgegeven. Een groot deel hiervan zal bestemd zijn voor horecabedrijven in Leidsche Rijn Centrum en het Stationsgebied.
5
3. Visie Het horecabeleid is ondersteunend aan, c.q. sluit aan op onderstaande bredere stadsvisies en ontwikkelingen:
Ruimtelijke Strategie Utrecht Utrecht kiest voor een gezonde groei als koers voor de lange termijn. Utrecht groeit van een gemeente met 340.000 inwoners in 2016 naar ongeveer 410.000 inwoners in 2030. Daarom bouwen we de komende jaren duizenden woningen.
Bij het bouwen van nieuwe woningen staan gezondheid, leefbaarheid en duurzaamheid voorop. De gemeente wil de woningen binnen het stedelijke gebied bouwen en daarbij flink investeren in de
openbare ruimte en voorzieningen. Tegelijkertijd zoeken we oplossingen voor problemen. We willen
bijvoorbeeld de druk op de woningmarkt verlichten. Door drukte op de woningmarkt stijgen de prijzen van huizen waardoor een deel van de woningvoorraad onbetaalbaar wordt voor mensen met een lager inkomen.
De Merwedekanaalzone, het Jaarbeursterrein en Leidsche Rijn zijn de grote gebieden waar veel
gebouwd en ontwikkeld gaat worden. Maar er wordt ook gebouwd op kleinere plekken, zoals bij de 2e Daalsedijk en het Kruisvaartterrein. De Binnenstad, het Stationsgebied, het Utrecht Science Park en Leidsche Rijn Centrum bieden ruimte voor economische ontwikkelingen.
Economische Agenda Utrecht 2012 - 2018 Dit horecakader sluit aan bij enkele punten van de Economische Agenda: • Wijkeconomie: het bevorderen van gezonde economische ontwikkeling in de woonwijken. •
Revitalisering van werkgebieden: steeds vaker is horeca van toegevoegde waarde in
•
bedrijfsverzamelgebouwen en op bedrijventerreinen. Ondersteuning van centrumfuncties aan de randen van de binnenstad.
•
Verduurzaming van de economie. Samen met de horecabranches zullen we een programma
•
Werkgelegenheid stimuleren voor minder hoog opgeleiden, die op middellange termijn een
voor energiebesparing en verduurzaming opzetten, zoals we met de hotels ook doen.
geringere kans op werk hebben. De hotel en horecasector bieden bij uitstek werk aan minder hoog opgeleiden, zowel direct als indirect. •
Bevorderen van een klimaat van 'ontmoetingen'. Combineren van werken, wonen, vrije tijdsbesteding, voor bijvoorbeeld de grote en groeiende groep ZZP-ers.
•
Beperken van de regelgeving. De regelgeving rondom horeca is uitgebreid te noemen; het OHU is daarom sober in het stellen van extra regels en criteria.
6
Bestemmingsplan Binnenstad In het bestemmingsplan binnenstad is in 2010 de bestaande horeca vastgelegd en als volgt
opgenomen: 'indien nieuwe horeca zich wil vestigen, of bestaande horeca wil uitbreiden, dan wordt
beoordeeld of deze plannen vallen binnen het beleidskader horeca'. Op basis van het
Ontwikkelingskader Horeca Utrecht (OHU) kan dan ontheffing verleend worden. Omdat het OHU voor de binnenstad direct gelinkt is aan het bestemmingsplan, sluit de herziening van het OHU nauw aan bij de visie op toekomstige ontwikkelingen in de binnenstad. Uitgangspunten zijn: 1) Het betrekken van St. Jacobsstraat en Wijk C bij het kernwinkelgebied. 2)
Kwaliteit en differentiatie van het winkelgebied.
3)
Versterking van het Museumkwartier en het gebied richting het nieuwe station Vaartsche Rijn
4)
Gebruik van de openbare ruimte in balans tussen leefbaarheid, veiligheid en economisch
bij Rotsoord.
5)
gebruik. De ontwikkeling van een Kenniskwartier, waar zich universitaire voorzieningen clusteren.
6)
De binnenstad is meer dan het gebied binnen de singels. Het stationsgebied, Ooster- en
Westerkade, aanloopstraten, het nieuwe station Vaartsche Rijn bij Rotsoord en ook de Kop van Lombok en Zijdebalen zijn ontwikkelingen die sterke interactie hebben met stedelijke functies in het centrum.
Hotelnota 2010 - 2020 Het hotelbeleid staat in Utrecht (zoals in veel grote steden) los van het horecabeleid, dat zich meer
focust op cafés en restaurants. Dat is bewust gedaan, omdat het twee verschillende markten betreft. De marktsituatie voor hotels wordt in Utrecht gekenmerkt door een tekort aan hotelkamers. De in 2010 vastgestelde Hotelnota en beleid 2010-2020, A room with a view streeft naar 1.000 nieuwe
kamers in 2020. In navolging hierop is in het voorjaar van 2015 de Actualisatie Marktruimte Hotelnota vastgesteld. De gemeente wil vasthouden aan de beoogde groei van 1.000 nieuwe kamers in 10 jaar tijd, met hierbij een voorkeur voor nieuwe hotelconcepten in het centrumgebied van Utrecht.
De markt voor 3- en 4-sterrenzakenhotels lijkt verzadigd. Er is marktruimte voor hostels, 0- en 1-
sterren hotels, een extra 5-sterrenhotel, kleinschalige en vernieuwende hotelconcepten en
‘doelgroephotels’ (hotels die een eigen, aanvullende markt weten te bedienen). Omdat hotels voor de
exploitatie vaak (sterk) afhankelijk zijn van een ondersteunende horecafunctie is, zoals in de hotelnota opgenomen, bij ieder hotel (>5 kamers of 10 bedden) horeca (D1 of D2) toegestaan ter ondersteuning van de hotelfunctie.
Ontwikkeling Stationsgebied en Leidsche Rijn Centrum Zowel Leidsche Rijn Centrum als het Stationsgebied staan aan de vooravond van grootschalige
ontwikkelingen. Beiden ontwikkelen een verblijfsgebied waar detailhandel, leisure, wonen en werken
bij elkaar komen. Daar past een diverse horecastructuur bij. Alle horecacategorieën kunnen een plek
krijgen in de twee grote ontwikkellocaties (ca. 15.000 m2 in Leidsche Rijn Centrum en 8.000 – 12.000 m2 in het Stationsgebied), maar vooral voor de zwaardere horecacategorieën zijn dit de ontwikkellocaties bij uitstek.
7
Wonen De gemeente zet zich in om van Utrecht een fijne woonplaats te maken. Ook ondersteunen we
bewoners die extra hulp nodig hebben op de woningmarkt. Dit doen we samen met verschillende organisaties.
De afgelopen jaren is de woningmarkt erg veranderd. Onder andere door de economische crisis en door nieuwe landelijke regels. In juni 2015 hebben we onze ideeën over wonen in Utrecht
opgeschreven in de Actualisering Woonvisie Utrecht. We hebben deze visie (ideeën en plannen) gemaakt na overleg met de Utrechtse woningcorporaties, een groep van huurders
(huurdersvertegenwoordiging) en de gemeentes in de regio. Ook hebben we een stadsgesprek gevoerd met verschillende Utrechtse organisaties en bewoners.
In de woonvisie staat hoe we de komende jaren de woningmarkt in Utrecht gaan verbeteren. We concentreren ons op: • (sociale) huurwoningen in Utrecht
• • •
betaalbare huurprijzen
kwaliteit en duurzaamheid van woningen meer middeldure huurwoningen.
Aanpassingen Ontwikkelingskader Horeca Utrecht Horeca en gezondheid
In 2018 wordt het horecakader op een aantal belangrijke uitgangspunten gericht aangepast. Een
gezonde stad is een van deze uitgangspunten. Bij de afwegingen die gemaakt zijn om de Utrechtse horeca toekomstbestendig te maken en ruimte te geven aan nieuwe belangrijke ontwikkelingen, is nadrukkelijk oog gehouden voor het welzijn van bewoners en bezoekers van de stad en centrum.
Horeca en gezondheid raken elkaar namelijk op verschillende onderwerpen: • Ontmoetingsplek • • • • • • • • •
Zitplekken
Ontspanning
Voedsel (gezond en ongezond)
Alcohol Geluid Geur
Afval
Werkgelegenheid
Beschikbaarheid van toiletten.
Dit zijn zowel positieve als negatieve aspecten. In het Utrechtse horecabeleid is getracht de positieve
aspecten zoveel mogelijk te benutten en de negatieve aspecten zoveel mogelijk te beperken. Dat doen we op verschillende manieren.
Aanpassen horecacategorisering De beschreven activiteiten van de verschillende horecacategorieën zijn bijna niet aangepast. Alleen de
beschrijving van categorie C (snelle horeca) is uitgebreider geworden. Dit vanwege jurisprudentie. Wel aan de categorisering een hindercategorisering toegevoegd. Hierdoor kan een betere koppeling met de handhavingsstrategie worden gelegd en door het gemeentelijke handhavingsteam gemakkelijker worden opgetreden tegen mogelijke overlast. Daarnaast zijn de beschrijvingen van de inrichtingen 8
(zoals lunchroom, bistro, brasserie en snelbuffet) verwijderd. Deze beschrijving voldeed in de praktijk al niet meer en veroorzaakte verwarring.
Toevoegen van profiel Wijkhoreca Met dit profiel wordt de wijkfunctie versterkt en zorgen we voor een betere spreiding van horeca over de stad. Utrechters kunnen in hun eigen wijk een hapje eten, in hoekpanden, vrijstaande panden of panden die grenzen aan andere retailpanden die geen woningen zijn, indien dit past bij de
leefbaarheid in de omgeving. Buurtgenoten komen elkaar daar tegen. Dit draagt bij aan de sociale
cohesie in de wijk. Voor ouderen kan een kopje koffie in de wijk reden zijn om er even uit te gaan. En een open, naar buitengerichte en gastvrije onderneming zorgt voor meer sociale controle en toezicht op straat.
Een ruimere beschikbaarheid van toiletten verspreid over de stad maakt het voor mensen die een toilet nabij nodig hebben (en dat zijn er meer dan men denkt) mogelijk om er wat verder op uit te gaan.
Of horeca bijdraagt aan gezonde of ongezonde voeding zal verschillen per ondernemer. Het gebruik van duurzame materialen en biologische (streek) producten is wel een duidelijke trend en
ontwikkeling, die door steeds meer ondernemers (en gasten) wordt omarmd en toegepast. En tot slot kan een nadeel zijn dat er mogelijke hinder door geluid, geur en afval bij horeca-activiteiten kunnen ontstaan. Deze zaken moeten echter voldoen aan het Activiteitenbesluit milieubeheer.
Toevoegen van categorie Lichte Horeca Plus (D3) Met het toevoegen van categorie Lichte Horeca Plus (D3) wordt voorkomen dat restaurants in
woonwijken tot (na) middernacht open zijn. Wijkrestaurants met een D3 vergunning mogen tot 23.00 uur open zijn. Dit moet de nachtrust van de buurtbewoners garanderen.
In de nieuwe indeling van horecacategorieën naar hinderprofiel stellen we nu de te verwachten hinder centraal en veel minder welke horecavormen mogelijk zijn.
Geen uitbreiding horeca in binnenstadstraten met dominant woonkarakter Binnen de nieuwe horecaprofielen van de vijf centrumkwartieren is zoveel mogelijk rekening gehouden met belangrijke leefbaarheidsafwegingen. In straten waar het woonkarakter dominant is, en waar dat naar alle waarschijnlijkheid de aankomende tijd ook zo blijft, is geen ruimte voor uitbreiding van horeca.
Koppeling met terrasreglement Een terras bepaalt in grote mate hoe horeca beleefd wordt. Het terras zorgt voor levendigheid, sociale controle en voor prettige zitplekken, maar soms ook voor enige hinder. De hinder proberen we te
beperken door bepalingen over terrasafmetingen op te nemen, zodat de looproute breed genoeg blijft en er voldoende doorstromingsmogelijkheden zijn voor bezoekers en hulpverlenende instanties. Dit wordt geregeld in het terrasreglement, dat gelijktijdig met het horecakader wordt aangepast.
Toestaan gevelbankje bij ondersteunende horeca Om de bezoeker aan winkelstraten meer rustplekken aan te bieden, is het voorstel gedaan om bij
winkels met ondersteunende horeca een gevelbankje te mogen plaatsen. Dergelijke bankjes moeten publiek toegankelijk zijn en uitnodigend zijn voor passanten om even te kunnen zitten. Hier vindt
geen bediening plaats, maar klanten én passanten kunnen hier zitten, al dan niet met consumptie.
9
Geen horeca toestaan op verdiepingen waar naast wordt gewoond In de binnenstad is vanuit bestaande horeca veel vraag naar uitbreiding naar bovenliggende
verdieping(en). Indien die verdieping buren kent, waar wordt gewoond, wordt deze uitbreiding niet
toegestaan. Dit is om geluidoverlast naar de buren te voorkomen. We staan in de regel alleen positief tegenover initiatieven om:
a.
Horeca uit te breiden op verdiepingen als de direct naastgelegen panden geen woonbestemming
b.
hebben, of er sprake is van langdurige leegstand. Horeca uit te breiden op verdiepingen in vrijstaande panden.
d.
Op de horecapleinen (Neude, Janskerkhof, Domplein, Wed, Ledig Erf) staan we daghoreca en
c.
Facilitaire voorzieningen en keuken op de eerste verdieping te houden. restaurants (D1/ D2) toe, voor zover dat overeenkomt met de bestemming op de begane grond.
Uiteraard is altijd nadere beoordeling door het toetsteam noodzakelijk en is het niet zo dat
bovenstaande zondermeer mogelijk is. En uiteraard moet de milieuwetgeving altijd goed nageleefd worden. Daar is ook een taak voor Koninklijke Horeca Nederland weggelegd in voorlichtende zin.
Als het om zelfstandige woonfunctie gaat op de verdieping, is de compensatieregeling in verband met de onttrekkingsvergunning van toepassing (het onttrekken van m2 woonbestemming zal dan door de ondernemer in beginsel gecompenseerd moeten worden).
In Kanaalstraat groei van horeca middels pilots Voor het horecaprofiel Kanaalstraat is gekozen om, in overleg met bewoners en ondernemers, een
geleidelijke groei van lichte horeca toe te staan in de vorm van pilots. Dit betreffen dan ook tijdelijke
vergunningen. De positieve en negatieve effecten worden geëvalueerd en meegewogen bij besluit tot definitieve vergunning.
Handhaving drank- en horecawet Alle ondernemers in Utrecht worden gehouden aan de drank- en horecawet. Wanneer een
horecabedrijf alcohol verkoopt aan een jongere, van wie niet is vastgesteld dat hij 18 jaar of ouder is, krijgt het bedrijf een waarschuwing. Bij herhaalde overtreding volgt een boete en bij meerdere overtredingen kunnen verdergaande sancties worden opgelegd, zoals een schorsing van de vergunning voor horecabedrijven.
Convenant Veilig Uitgaan De gemeente, politie, het Openbaar Ministerie, Veiligheidsregio Utrecht en Koninklijke Horeca
Nederland ondertekenden in 2016 het Convenant Veilig Uitgaan 2016-2021. Tijdens uitgaansavonden en speciale evenementen volgt de politie met camera's live wat er gebeurt in de binnenstad. Extra agenten op straat houden de veiligheid van bewoners en bezoekers in de gaten. Zij pakken bijvoorbeeld wildplassers en mensen die overlast veroorzaken aan.
10
4.
Horecadifferentiatie
Hoewel het OHU 2018 op hoofdlijnen gelijk is gebleven aan het OHU 2012, is een aantal aanpassingen doorgevoerd. Er is een extra categorie Lichte Horeca Plus (D3) toegevoegd om meer (ruimtelijke) mogelijkheden voor horeca in de wijk toe te staan. Daarnaast is per categorie een hinderprofiel
opgenomen en is de omschrijving waar mogelijk globaler weergegeven (minder beperkend qua vorm).
Type
Horeca categorieën en hinderprofielen Globale Beschrijving Activiteiten
Lichte horeca (Categorie D2)
Lichte horeca plus
Hinderprofiel
Daghoreca waarbij de bedrijfsactiviteit is gericht op het al dan niet ter plaatse verstrekken van etenswaren en dranken en is gebonden aan de openingstijden zoals die gelden voor detailhandel, conform de winkeltijdenwet en de gemeentelijke regelgeving aangaande winkeltijden.
Weinig hinder verwacht
Dag- en avondhoreca voor consumptie ter plaatse, waarbij de sluitingstijd om 23.00 uur is.
Weinig hinder verwacht Horeca die zich richt op verstrekken van eten en drinken gedurende de dag en/of avond en daarmee weinig overlast veroorzaakt. Doordat deze een uur later sluit dan de normale lichte horeca (D2) is de overlast groter dan normale lichte horeca.
(Categorie D3)
Middelzware horeca
Een horecabedrijf dat tot hoofddoel heeft het verstrekken van maaltijden, en serveren van dranken en kleine consumpties voor consumptie ter plaatse. Geen activiteiten na restauranttijden*.
Enige hinder verwacht
Een horecabedrijf dat tot hoofddoel heeft het verstrekken van (al dan niet voor consumptie ter plaatse) bereide kleine etenswaren, met als nevenactiviteit het verstrekken van alcoholvrije dranken. Geen actieve bediening aan tafel, het eten kan snel bereid worden en de gast verblijft gemiddeld 30 minuten in deze horecagelegenheid. .
Hinder verwacht
(Categorie D1)
Snelle horeca (Categorie C)
Horeca die zich richt op verstrekken van eten en drinken gedurende de dag en/of avond en daarmee weinig overlast veroorzaakt.
Enige hinder door piek van komende bezoekers aan het begin van de avond. Gaande bezoekers vertrekken in het algemeen gespreid aan het eind van de avond.
Hinder door hoge frequentie van komende en gaande gasten en klanten (afhaal) inclusief verkeers- en parkeerbewegingen. Buiten het centrum en doorgaande wegen neemt overlast in de nacht af door lagere frequentie van bezoekers.
Zware horeca
Een horecabedrijf dat tot hoofddoel heeft het verstrekken van dranken voor consumptie ter plaatse, al dan niet met als nevenactiviteit het verstrekken van maaltijden. Mogelijkheid tot dansen in het weekend.
(Categorie B)
.
Een horecabedrijf dat voorziet in zaalverhuur voor grootschalige, besloten feesten, zoals bruiloften. Al dan niet met muziek, verstrekking van dranken en etenswaren.
Veel hinder verwacht
Grootschalige zware horeca
Een horecabedrijf dat tot hoofddoel heeft het bedrijfsmatig ten gehore brengen van muziek en het geven van gelegenheid tot dansbeoefening, al dan niet met levende muziek en al dan niet met de verstrekking van dranken en kleine etenswaren, alsmede de verstrekking van dranken ter plaatse, al dan niet met levende muziek en al dan niet met kleine etenswaren. Het accent ligt op het ten gehore brengen van muziek en het gelegenheid geven tot dansen.
veel hinder verwacht
(Categorie A2) Grootschalige zware horeca (Categorie A1)
Hinder verwacht Hinder door hoge re frequentie van komende en gaande bezoekers, ook 's nachts. Door consumptie van alcohol kan overlast hoger zijn dan snelle horeca.
Grote aantallen van bezoekers, inclusief verkeersbewegingen en (fiets)parkeren met veel dynamiek, ook de nachtelijke uren.
Grote aantallen van bezoekers, inclusief (fiets)parkeren met veel dynamiek, vooral in de nachtelijke uren.
* Met uitzondering van eventuele vergunde vrijstelling voor Vermaakje (zie hieronder). 11
Waterpijpen (shisha) In toenemende mate wordt er in horeca-inrichtingen gelegenheid geboden om waterpijp te roken.
Voor sommige horecaondernemingen is dit een zelfstandige en/of de belangrijkste activiteit
geworden. Omdat de aanloop van bezoekers op dergelijke inrichtingen effect heeft op het woon- en
leefklimaat, kan deze activiteit alleen onder categorie Zware Horeca (B) worden uitgevoerd en valt deze niet onder een eventuele vergunde vrijstelling voor vermaak.
Specifiek aandachtspunt bij het roken van waterpijp verdient de ventilatie van de ruimte in verband
met het ontstaan van koolmonoxide (CO) als gevolg van de onvolledige verbranding van de kooltjes.
Beperkte extra activiteiten voor restaurants met aandacht voor de buurt (‘Vermaakjes’) Het komt voor dat restauranthouders speciale activiteiten willen organiseren, die verder gaan dan het verstrekken van eten en drinken. Bijvoorbeeld door het aanbieden van entertainmentactiviteiten, zoals een optreden van een muziekgroep of een DJ. Hiervoor willen we ruimte bieden voor ondernemers in de middelzware horeca, zonder dat het woon- en leefklimaat hierdoor wordt aangetast. Soms zal dit
moeten worden aangetoond met een akoestisch onderzoek. Ondernemers die actief rekening houden met hun omgeving en waarvan geen klachten van bekend zijn, komen voor deze mogelijkheid in aanmerking. Om dit te waarborgen gelden de volgende randvoorwaarden: •
In beginsel kan er voor 4 dagen per jaar een vergunning voor vermaak activiteiten worden gegeven.
•
Deze vergunning moet vooraf worden aangevraagd. Bij de aanvraag dient een plan te worden ingediend, waarin wordt aangegeven: o Voor welke dag(en) deze vergunning wordt aangevraagd. o
Dat er met de buurt is gecommuniceerd en op welke wijze dit is gebeurd. De buurt betreft in ieder geval: de drie naastgelegen panden aan beide zijden van het horecabedrijf, de
direct aansluitende achtergelegen panden en het direct aan de voorzijde gelegen pand en de drie panden aan weerszijde daarvan, tenzij de afstand meer is dan 50 meter. o
Op welke wijze de buurt op de dag zelf direct contact kan opnemen met de aanvrager en/of leidinggevende over mogelijke overlast.
•
Dat er tegelijkertijd of binnen een te korte periode binnen een buurt niet dusdanig veel vergunningen worden verleend, waardoor de woon- en leefbaarheid wordt aangetast.
Bij aangeven van overlast door omwonenden kan de vergunning worden ingetrokken. De vergunning betreft nadrukkelijk een mogelijkheid voor het uitvoeren van extra activiteiten en niet voor
overschrijding van de geluidsnormen. Voor dit laatste kan ook nu al voor twee keer per jaar een aparte vergunning worden aangevraagd.
Additionele Horeca Bij additionele horeca gaat het om horeca-activiteiten die ondergeschikt zijn aan de hoofdfunctie die
ter plaatse is toegestaan. Deze additionele activiteiten worden juridisch-planologisch gezien niet on-
der de afzonderlijke functie 'horeca' geschaard, maar gerekend tot de bestemming van de
hoofdfunctie van de instelling (sociaal-culturele / culturele / maatschappelijke / sport- / recreatieve doeleinden). Hiermee worden onder meer bedoeld de kantines bij buurthuizen, scholen en sportfaciliteiten, of horecavoorzieningen bij musea en dergelijke.
12
Bij additionele horeca gaat het erom dat: •
De uitstraling van deze horeca moet passen bij de hoofdfunctie. Passend betekent dat deze horeca hoort bij de hoofdfunctie en open is tijdens de openingstijden van de hoofdfunctie.
Daarbij is het niet toegestaan dat de additionele horecaruimte wordt verhuurd of anderszins in
gebruik wordt gegeven aan derden ten behoeve van feesten en andere partijen. •
De horecagelegenheid moet ondergeschikt zijn aan en aanvullend zijn op de hoofdfunctie en moet de hoofdfunctie ondersteunen. Aanvullend wil zeggen dat de additionele horeca de
kwaliteit van de hoofdfunctie vergroot of completeert. Ondergeschikt betekent dat er duidelijk sprake is van een waarneembare ondergeschiktheid van de horecafunctie, waarbij een
percentage van 30% van de bebouwde vloeroppervlakte van de hoofdfunctie als absoluut
maximum geldt. Dit maximum geldt voor kleinschalige functies; voor grootschalige functies kan door de gemeente een maximumomvang in m2 worden vastgesteld. Er moet duidelijk sprake zijn van een waarneembare ondergeschiktheid van de horecafunctie, qua vloeroppervlak, inzet van personeel en onderdeel van de begroting.
•
De horeca niet zelfstandig mag worden uitgeoefend of toegankelijk is los van de hoofdfunctie. Wanneer er sprake is van zelfstandige toegankelijkheid of van uitoefening los van de hoofdfunctie is er geen directe relatie meer met de hoofdfunctie, maar gaat het om
zelfstandige horeca-activiteiten. Deze vallen dan onder één van de horecacategorieën. In bestemmingsplannen gaat de gemeente in de doeleindenomschrijving van de relevante
bestemmingen (bijvoorbeeld kantoordoeleinden, bedrijfsdoeleinden, sport- en recreatiedoeleinden,
maatschappelijke doeleinden) ook 'additionele horeca' benoemen. Dan is direct duidelijk dat er in die gevallen kantines, bedrijfsrestaurants en dergelijke zijn toegestaan. Voor additionele horeca is geen vrijstelling vereist: indien voldaan wordt aan de criteria, past deze vorm van horeca binnen de hoofdfunctie.
Detailhandel met ondersteunende horeca In de detailhandel is er een groeiende behoefte aan mengmogelijkheden van allerlei functies en ondersteunende horeca. Vooral bij ondernemers die vanuit een bijzonder of onderscheidend
winkelconcept willen ondernemen. Dat is van belang voor de kwaliteit en aantrekkelijkheid van de
detailhandelsstructuur, die door onder meer internetverkoop sterk onder druk staat. Daarom zal bij de bestemming detailhandel de horecaruimte voor kleinere winkels verhoogd worden, waarbij
ondergeschikte horeca wordt toegestaan. Daarbij hanteert de gemeente de volgende criteria: •
De horeca is ondergeschikt aan de andere verkopen. De winkel is de belangrijkste activiteit – ook qua omzet - en de horeca-activiteit is bijzaak.
•
De winkelbestemming verandert niet; het ziet er bijvoorbeeld niet uit als een cafetaria. De winkel wordt ook niet verhuurd voor feesten, partijen enzovoorts.
•
De horecaruimte neemt maximaal 40% (bij bedrijven tot 250 m2) of maximaal 30% (bij bedrijven vanaf 250m2 tot 1000 m2) van het netto vloeroppervlak van de winkel in beslag. Tot het netto
vloeroppervlak wordt het deel van de winkel gerekend, dat voor het publiek toegankelijk is.
Ruimten voor opslag, privégebruik, toiletten of buitenruimten tellen niet mee. De ruimte achter de toonbank valt niet onder de winkelruimte. •
De horecaruimte is uitsluitend bereikbaar via de ingang van de winkel. Een hoekje met tafels en stoelen mag. Een aparte ingang mag niet.
•
Het horecagedeelte in de winkel moet een aaneengesloten gedeelte zijn. Fragmentatie - binnen
één winkelpand - waarbij het horecagedeelte is opgedeeld in verschillende horecahoekjes - is niet toegestaan.
•
Er mag geen reclame voor het horecagedeelte worden gemaakt. Dit betekent geen posters met bijvoorbeeld 'Broodje bal' of 'Turkse pizza' op het raam, geen reclamebord op straat en geen vermelding op maaltijdbezorgsites.
13
•
De regelgeving voor winkeltijden is leidend. Er vindt geen verkoop plaats (inclusief bezorgen)
buiten de normale winkeltijden. De horecagelegenheid in de winkel mag niet langer open zijn dan •
de winkel. De winkel en de horeca-activiteit worden door dezelfde ondernemer geëxploiteerd.
•
Er is geen geluidsoverlast. Alleen zachte achtergrondmuziek is toegestaan. Livemuziek is
•
verboden. Er moet een toilet voor bezoekers aanwezig zijn.
•
Het Activiteitenbesluit milieubeheer is van toepassing. Zo is bijvoorbeeld een goede
afzuiginstallatie nodig voor het bakken, en bij gebruik van bestek en servies dat moet worden
afgewassen, is een vetafscheider vereist. Kijk voor meer informatie over het Activiteitenbesluit op overheid.nl. •
Voor winkels boven de 1.000 m2 bvo geldt dat een ondersteunende horecafunctie kan worden toegestaan op maximaal 20% van het bebouwd oppervlak.
Tot slot is het belangrijk te vermelden dat de Drank en Horecawet detailhandel met alcohol uitsluit.
Ondersteunende verkoop in horecazaken
Naast een sterkere detailhandelsstructuur door ondersteunende horeca in winkels, kan het
voorzieningenniveau ook stijgen door ondersteunende verkoop in horecabedrijven toe te staan. Op
deze manier ontstaat een gelijk speelveld voor detailhandel en horeca. Daarbij hanteert de gemeente de volgende criteria: •
De verkoopruimte neemt maximaal 40% (bij bedrijven tot 250 m2) of maximaal 30% (bij
bedrijven vanaf 250m2 tot 1.000 m2) van het netto vloeroppervlak van het horecabedrijf in •
beslag. Geen ter plaatse en vers bereide etenswaren (dus geen afhaalzaakfunctie).
•
De winkelruimte is uitsluitend bereikbaar via de ingang van het horecabedrijf. Een hoekje met tafels en stoelen mag. Een aparte ingang mag niet.
•
Het winkelgedeelte in het horecabedrijf moet een aaneengesloten gedeelte zijn. Fragmentatie,
•
Er mag geen reclame voor het winkelgedeelte worden gemaakt.
waarbij het winkelgedeelte is opgedeeld in verschillende hoekjes, is niet toegestaan.
Belangrijk is te vermelden dat de Drank en Horecawet verkoop in combinatie met het schenken van alcohol uitsluit.
Gevelbankje
Voldoende levendigheid, gastvrijheid en bezoekerscomfort zijn belangrijke voorwaarden voor een
aantrekkelijke winkelstraat. Zeker in een tijd waarin winkelen steeds meer beleven wordt in plaats van
alleen een product kopen. Om de aantrekkelijkheid en gastvrijheid van een winkelstraat te bevorderen, kunnen winkeliers bij ondersteunende horeca het winkelend publiek een zitplaats aanbieden in de
vorm van gevelbankjes. Dergelijk bankjes mogen maximaal 0,6 meter uitsteken van de eigen gevel en in totaal maximaal 4 meter breed zijn. Inclusief de benodigde beenruimte is de diepte van een
gevelbankje dan maximaal 1 meter. Een gevelbankje mag alleen worden geplaatst indien de vrije
doorgang minimaal 1,5 meter bedraagt, zodat er voldoende loopruimte overblijft voor passanten. Om te voorkomen dat gevelzitjes verworden tot plekken van hinder, moeten de gevelzitjes na winkelsluiting worden opgeklapt of binnengezet.
14
Naast het vergroten van de levendigheid in de (winkel)straat, bieden de gevelbankjes ook rustplekken voor de bezoekers en vergroten ze de sociale controle en veiligheid op straat.
De gevelbankjes zijn dan ook publiek toegankelijk en dus niet uitsluitend beschikbaar voor de klant
van de winkel. Actieve bediening is niet toegestaan. Gezien het publieke karakter van een gevelbankje
en het feit dat deze niet alleen voor klanten is, wordt deze niet als terras beschouwd. Er hoeft dus ook geen exploitatievergunning voor worden aangevraagd. Op een gevelbankje mag - net als bij ondersteunende horeca - geen reclame worden gemaakt.
Ook horecabedrijven mogen een gevelbankje plaatsen. Hiervoor gelden dezelfde voorwaarden en verplichtingen.
Afhaalzaken
Afhaalzaken – zonder horeca - zijn een bijzondere vorm van detailhandel. In die zin vallen ze buiten
de scoop van dit horecakader. Door gebleken kans op hinder zoals afval en parkeerproblemen – is hier
wel een exploitatievergunning voor nodig. Het hierna beschreven ruimtelijke toetsingskader is ook op afhaalzaken van toepassing. Van de hierboven beschreven horecacategorieën kennen alleen snelle
horeca (C) en lichte horeca (D2) afhaalmogelijkheden. Vanwege de kans op overlast zoals afval, zijn gevelbankjes bij afhaalzaken niet toegestaan.
15
5. Ruimtelijk Toetsingskader Uitgangspunten Het voorliggende Ontwikkelingskader geeft aan hoe de gemeente Utrecht om wil gaan met de
vestiging van horeca in de stad. De horeca krijgt hiermee meer ruimte, waarbij de gemeente de mogelijkheid wil behouden om individuele aanvragen van ondernemers te beoordelen.
In de bestemmingsplannen die de gemeente actualiseert, worden de bestaande horecavestigingen
bestemd conform de bestaande situatie. Ontwikkelingen in de zin van nieuwe horecavestigingen of
uitbreiding van horecavestigingen worden daarin niet meegenomen, tenzij ze voldoende concreet en gewenst zijn. Wijziging van een bestemmingsplan is voor een horeca ontwikkeling niet het meest geschikte instrument, gezien de lange doorlooptijd en hoge kosten.
Nieuwe ontwikkelingen op het gebied van horeca kunnen daarom, mits voldoende concreet en
gewenst, beter gefaciliteerd worden met een aanvraag om omgevingsvergunning voor de activiteit
"afwijken van het bestemmingsplan" (artikel 4, bijlage 2 van de Bor). De procedure voor deze
omgevingsvergunning is beperkt qua tijd en kosten. De voorliggende nota Ontwikkeling Horeca Utrecht 2018 geldt als onderliggend beleid voor het verlenen van de omgevingsvergunning.
Profielen voor deelgebieden Basis voor het horecabeleid zijn de profielen per deelgebied. Bij initiatieven wordt beoordeeld of het initiatief past binnen het profiel van het deelgebied. Vervolgens wordt specifiek gekeken naar de
locatie (pand, situatie, omgeving) en naar de actuele situatie in het deelgebied. Zo kan het voorkomen dat na een aantal nieuwe ontwikkelingen in een deelgebied een situatie is ontstaan die verdere groei
van horeca onwenselijk maakt, ook als dat wel past in het profiel.
Blauwe zones in binnenstad: ja mits en nee tenzij Voor de binnenstad zijn deze profielen nader uitgewerkt met zoneringen (blauwe lijnen). De zones
geven de preferente ontwikkelingsgebieden aan. Voor initiatieven binnen een deelgebied, maar buiten de zone, kan slechts bij uitzondering een omgevingsvergunning worden verleend. Kortweg gesteld
geldt voor horeca-initiatieven binnen een blauwe lijn "Ja, mits", terwijl voor de overige delen van het
benoemde deelgebied het uitgangspunt is "Nee, tenzij”.
Criteria Hieronder zijn de criteria opgenomen waaraan initiatiefnemers moeten voldoen, wil men kans maken op het succesvol doorlopen van een vergunnings- of wijzigingsprocedure. De criteria zijn indicatief.
Het college moet namelijk alle relevante belangen tegen elkaar afwegen. Bovendien kunnen belanghebbenden in de procedure hun zienswijze bij het college kenbaar maken zodat een heroverweging kan plaatsvinden.
Aan de hand van de volgende criteria vindt een afweging plaats of de horeca zich mag vestigen of niet: 1.
De aanvraag moet passen binnen het opgestelde ruimtelijk profiel. De mogelijke
ontwikkelingslocaties zijn geconcretiseerd in de profielen. Daar waar binnen het deelgebied 16
blauwe zones zijn gemarkeerd, geldt het profiel uitsluitend voor de blauwe zones. Daar waar geen zones zijn aangegeven, geldt het profiel voor het gehele omschreven gebied. 2.
Daarnaast wordt getoetst aan de volgende ruimtelijke criteria: •
Het profiel van de straat of de weg waaraan het nieuw te vestigen horecabedrijf is gelegen en de functie van die weg, doorgaand of niet. In smalle, doorgaande straten is in principe concentratie van horeca A, B en C niet toegestaan.
•
De bereikbaarheid van het gebied of pand en toegankelijkheid van het horecabedrijf zelf (vooral bevoorrading) mede in relatie tot de venstertijden voor het bevoorraden;
•
Mogelijkheden voor parkeren in de omgeving (noodzaak is afhankelijk van het horecatype). De parkeernormen worden indicatief gehanteerd, omdat in sommige gevallen (bijvoorbeeld bij grotere doorgaande wegen met veel gemengde functies en in de binnenstad) andere
(economische) belangen kunnen prevaleren. Dit speelt vooral een rol in relatie tot de
kenmerken van bepaalde horecacategorieën, zoals: verkeersaantrekkende werking en
bezoekersfrequentie in relatie tot openingstijden van het horecabedrijf. Naast autoparkeren, kan ook fietsparkeren hierbij in beschouwing worden genomen. Indien ook wordt bezorgd, moet er voldoende ruimte op de openbare weg zijn om de bezorgvoertuigen te stallen.
•
De schaal van de beoogde functie moet passend zijn binnen de directe omgeving. Hierbij dient ook te worden gekeken naar het effect van de achterkant van de horecagelegenheid op de woonomgeving.
3.
De vestiging mag er niet toe leiden dat de looproutes naar en voorlangs winkels of binnen andere concentraties worden aangetast. Het gaat daarbij om het straatbeeld van winkelconcentraties, geen onaanvaardbare doorbrekingen van de winkelpuien, geen aantasting van het
winkelconcentratiegebied en of het woon- en leefklimaat van het betreffende gebied. 4.
Het behoud van het monumentale karakter van het pand of het beeldbepalend karakter van het
pand of het straatbeeld. Hierbij wordt onder meer beoordeeld of het pand met inachtneming van
de monumentale status zodanig kan worden verbouwd, dat het ook kan voldoen aan normering op het gebied van geluid en geur.
5.
Voor sommige bedrijven is volgens de Wet milieubeheer een akoestisch onderzoek en een extern veiligheidsonderzoek vereist. De rapportage hiervan wordt bij de omgevingsvergunning beoordeeld. Een nieuw te vestigen restaurant, met woningen binnen 30 meter, dient onder andere aan te geven op welke wijze de keukendampen worden afgevoerd. Indien een bij dat horecabedrijf behorend terras niet past in het bestemmingsplan, zal op basis van een geluidsonderzoek (stemgeluid) moeten worden vastgesteld hoeveel overschrijding van de geluidsnorm in dat gebiedsdeel acceptabel is. Op het Neude is bijvoorbeeld een hogere overschrijding acceptabel dan in een typische woonomgeving. Stemgeluid is overigens niet geregeld in de Wet milieubeheer, maar speelt een rol bij het aantonen van een goede ruimtelijke ordening bij afwijken van het bestemmingsplan.
Bij een aanvraag voor de vestiging van een horecabedrijf spelen de volgende aanvullende aandachtspunten: •
Een pand moet, al dan niet na verbouwing, voldoen aan de eisen inzake de Brandveiligheid (melding brandveilig gebruik is noodzakelijk).
17
•
Bij het schenken van alcohol zijn de inrichtingseisen van de Drank- en Horecawet van
toepassing. •
Bij afwijking van het bestemmingsplan dient er een planschadeovereenkomst te worden gesloten door de aanvrager met de gemeente.
6.
Indien de woonomgeving en de openbare ruimte het toelaat, is in de regel bij een horecavestiging een terras mogelijk. Het bestemmingsplan en het terrassenreglement zijn daarvoor het toetsingskader. Daarbij geldt dat: •
In typische winkelstraten in het stadscentrum wordt de toegankelijkheid en het karakter
van deze straten beschermd. Het toestaan van terrassen op de openbare weg zal hier niet, dan wel terughoudend, worden toegestaan.
•
Door het toegenomen aantal bezoekers aan de Utrechtse binnenstad (inmiddels 29
miljoen per jaar) zal op termijn niet kunnen worden ontkomen aan maatregelen die de doorstroming van deze bezoekers kunnen waarborgen. Dit kan consequenties hebben voor alle uitstallingen, terrassen en standplaatsen in de voetgangersgebieden en / of
gebieden waar de positie van en ruimte voor de voetganger en het ruimtelijk economisch functioneren aanzienlijk onder druk staat.
18
Stappenplan aanvragen horeca Aanvraag nieuwe vestiging horeca
De aanvraag wordt getoetst aan het bestemmingsplan: Is er sprake van een wijzigingsbevoegdheid of een ontheffingsbevoegdheid? Ja Nee
Toetsen aan Ontwikkelingskader Horeca Utrecht 2018: is de vestiging mogelijk op grond van de profielen?
Ja, mits..
Nee, tenzij.. (zwaarwegend argument voor afwijking van profiel)
Ja
Nee
Nadere stedenbouwkundige en functionele beoordeling Toetsteam: voldoet aanvraag aan de toetsingscriteria? Ja
Nee
Gemotiveerd positief advies Gemotiveerd negatief advies
Besluitvorming College (hierop volgt mogelijkheid tot inspraak en bezwaarprocedure cf Algemene Wet Bestuursrecht
Positief besluit
Gemotiveerde afwijzing
Initiatiefnemer moet overige vergunningen regelen, zoals: omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen, reclamevergunning,
Bezwaarprocedure mogelijk
gebruiksmelding, drank- en horecavergunning / exploitatievergunning kansspel e/o behendigheidsautomaatvergunning Melding op grond van Activiteitenbesluit, milieubeheer etc
19
6. Profielen Bij het herzien van de profielen voor het OHU 2018 zijn het algemene principe en werking van de profielen van het OHU 2012 gehandhaafd en aangepast aan de voorgaande beleidslijnen.
Bij de aanpassing van het horecakader is gekozen om de 8 binnenstadprofielen uit het OHU 2012 om te zetten naar 5
centrumkwartieren: Domkwartier, Stadhuiskwartier, Vredenburgkwartier, Universiteitskwartier en Museumkwartier. Het gebruik van kwartieren vergroot de vindbaarheid en herkenbaarheid van onderscheidende gebieden in de binnenstad. Bijvoorbeeld in de bewegwijzering naar het centrum en op de nieuwe plattegronden in en rond de binnenstad. De
verdere ontwikkeling en uitwerking van deze kwartieren door de partners van Centrum Management Utrecht (CMU) en andere direct betrokkenen wordt door de gemeente Utrecht ondersteund en moet er toe leiden dat er voor ieder
kwartier een eigen profiel of identiteit ontstaat, waardoor doelgroepen meer gebonden worden. Dit geldt zowel voor bezoekers als voor ondernemersdoelgroepen. Dit betekent dat : •
Voormalig profiel 1’Binnenstad Centrum’ grotendeels is opgegaan in het nieuwe profiel Stadhuiskwartier. Vismarkt en Domstraat zijn opgenomen in het nieuwe profiel Domkwartier.
•
Voormalig profiel 2 ‘Kernwinkelgebied’ is grotendeels opgegaan in het Vredenburgkwartier. Zadelstraat en
Lijnmarkt zijn opgenomen in Domkwartier en Oudegracht Oostzijde is opgenomen in het Stadhuiskwartier. •
Voormalig profiel 3 ‘Stationsgebied Jaarbeurs’ is opgenomen in het Vredenburgkwartier. Voor het Beurskwartier geldt nog geen eigen profiel maar is vastgelegd in ontwikkelovereenkomsten.
•
Voormalig profiel 4 ‘Kenniskwartier’ is opgegaan in het Universiteitskwartier.
•
Voormalig profiel 5 ‘Tolsteegbrug, Oosterkade en Westerkade’ is opgegaan in het Museumkwartier.
• •
Voormalig profiel 6 ‘Mariaplaats’ is opgegaan in het Domkwartier. Voormalig profiel 7 ‘Wijk C en Oudegracht Noordwest’ is grotendeels opgegaan in
Vredenburgkwartier. Oudegracht Noordoostzijde valt nu in het Universiteitskwartier. •
Voormalig profiel 8 ‘Domplein, Wed en Museumkwartier’ is nu verdeeld over Domkwartier en Museumkwartier.
Nader in te vullen: mogelijke toevoeging ontwikkellocaties concept profielen binnenstad
Voor de binnenstad zijn nieuwe conceptprofielen gemaakt om de in hoofdstuk 1 en 2 genoemde trends, ontwikkelingen en groei van de stad beter te kunnen faciliteren. Bewoners gaven echter aan dat zij veel overlast in de binnenstad ervaren, onder andere van horeca. Er is dan ook voor gekozen om eerst met bewoners, ondernemers en ander
geïnteresseerden in gesprek te gaan om deze overlast te inventariseren. Daarna wordt bekeken of, en zo ja welke
locaties en categorieën in aanmerking komen voor nieuwe ontwikkellocaties. Daarbij is een balans tussen levendigheid en leefbaarheid van groot belang. Uitgangspunt voor mogelijke nieuwe locaties zijn de concept profielkaarten en – tabellen zoals weergegeven in bijlage 1.
20
Profiel 1: Domkwartier Ontwikkelingsvisie Belangrijke kenmerken van het Domkwartier zijn: historisch, persoonlijk, kleinschalig en bezinning. Belangrijke uitgangspunten voor de ontwikkeling van horeca in dit kwartier zijn de effecten van de
nieuwe verbeterde centrale looproute Station/ Moreelsebrug – Mariaplaats - Zadelstraat - Domplein
en de mogelijke uitbreidingen van het voetgangersgebied in dit kwartier van de Stadhuisbrug tot aan de Hamburgerstraat. Door meer ruimte en prioriteit te geven aan de voetganger verbetert het
verblijfsklimaat enorm. De verdeling en clustering van de belangrijkste voorzieningen in dit kwartier zijn de afgelopen jaren duidelijker geworden en worden met deze looproute verder versterkt. De
horecaplekken zijn geconcentreerd op Mariaplaats, ’t Wed, (westhoek), Domplein en (in mindere mate) de Vismarkt. Winkelfuncties zijn geconcentreerd in de Zadelstraat, Mariastraat en de Lijnmarkt. In het
Domkwartier kiezen we bewust voor verdere concentratie van functies: geen uitbreiding van horeca op de Lijnmarkt en Zadelstraat. Aangezien de woonfunctie aan de Korte Nieuwstraat Westzijde dominant is, zijn de uitbreidingslocaties hier weggehaald.
In dit gebied zijn terrasbeperkingen van toepassing voor het meest zuidelijke deel van de Oudegracht
aan de Werf.
Ontwikkelingsrichting Domkwartier
21
Ontwikkelingsrichting Domkwartier
Ontwikkellocaties gelijk aan OHU 2012: 1.
Toegestane categorie
Mariaplaats
D1, D2
2. Springweg Oostzijde
D1, D2
3. Oudegracht Oostzijde (m.u.v. deel Vismarkt)
D1, D2
5. Domstraat Oostzijde
D1, D2
6. Korte Nieuwstraat Oostzijde
D1, D2
4. Domplein Westhoek en Noordzijde
Ontwikkellocaties verwijderd t.o.v. OHU 2012 Korte Nieuwstraat Westzijde Domplein hoek Domstraat Zadelstraat
Lijnmarkt Oostzijde Vismarkt
22
D1, D2
Profiel 2: Stadhuiskwartier Ontwikkelingsvisie Het Stadhuiskwartier kenmerkt zich door twee levendige horecapleinen de Neude en Stadhuisplein en
bijzondere winkelstraten, zoals Oudkerkhof en Schoutenstraat. De Oudegracht Oostzijde met een mix van (nieuwe) winkels en horeca en het Stadhuis fungeren als icoon voor dit kwartier. Een druk en
gezellig kwartier, waarbij zich in de aanpalende straten in toenemende mate winkels, bedrijfjes en foodconcepten met een licht profiel vestigen. Ook hier kiezen we voor een concentratie van
winkelfuncties in de winkelstraten, met voldoende ruimte voor de voetgangers. In deze typische
winkelstraten in de binnenstad wordt de toegankelijkheid voor bezoekers en zichtbaarheid van de
winkels beschermd. Terrassen op de openbare weg zullen hier niet dan wel terughoudend worden toegestaan.
De ontwikkeling van een gastvrij en toegankelijk Stadhuis kan o.a. door ruimte te bieden aan additionele lichte horeca passend bij het karakter van het Stadhuis. Hierdoor zijn
uitbreidingsmogelijkheden voor horeca in het Stadhuis in dit Ontwikkelingskader niet meer nodig. Tot slot zal de aankomende jaren het Postkantoor worden opgeleverd, waardoor onder andere de horecaruimte op de Neude wordt vervolmaakt en er meer ruimte is voor zelfstandige horeca. Dit
laatste geldt ook voor de bibliotheek met aanverwante programmering, zoals het Auditorium. Ook hier is ruimte voor zelfstandige horeca binnen de schaal van de activiteiten van de Bibliotheek. De blauwe
zonering voorlangs de Potterstraat uit het OHU 2012 is verlengd over de gehele plint, en om de hoek
Oudegracht als mogelijke entree naar Auditorium. In tegenstelling tot het gedeelte van het
Postkantoor aan de Neudezijde (hier is maximaal B mogelijk) is aan de zijde Oudegracht/ Potterstraat maximaal D1 mogelijk.
B ij het nieuwe winkeldeel aan Oudegrachtzijde is alleen ondersteunende horeca mogelijk.. Aan de werfzijde is wel uitbreiding van horeca toegestaan, op basis van de huidige mogelijkheden.
23
Ontwikkelingsrichting Stadhuiskwartier
Ontwikkelingsrichting Stadhuiskwartier Toegestane categorie
Ontwikkellocaties gelijk aan OHU 2012 1.
Neude (inclusief Postkantoor Neudezijde)
2.
Postkantoor Oudegrachtzijde
B, D1, D2 D1, D2
3. Oudegracht aan de werf
D1, D2
4. Vinkenburgstraat aan oneven zijde tot en met
D2
5. Ganzenmarkt/ Korte Minrebroederstraat
B, C, D1, D2
6. Hoek Lange Janstraat - Janskerkhof
D1, D2
7. Korte Janstraat Oostzijde
D1, D2
huisnummer 15
Ontwikkellocaties verwijderd t.o.v. OHU 2012 Oudkerkhof
Hoek Lange Janstraat - Slachtstraat
24
Profiel 3: Vredenburgkwartier Ontwikkelingsvisie Het Vredenburgkwartier kenmerkt zich door het belangrijkste en meest uitgebreide winkelaanbod van de stad en regio. Dominant is de winkelfunctie, die de aankomende jaren verder zal versterken. In dit
gebied bevinden zich de belangrijkste winkelformules op het gebied van mode. De huurprijzen liggen
hier relatief hoog, structurele leegstand komt niet voor en hier verblijven de meeste bezoekers aan het centrum. Hier ligt de kern van het winkelgebied waar het aantal bezoekers sinds jaren weer toeneemt en met de opening van Hoog Catharijne zal doorgroeien van 26 miljoen bezoekers in 2016 naar 37
miljoen bezoekers in 2025. Rondom dit kerngebied bevinden zich horecavoorzieningen. Uitbreiding van horeca in het kernwinkelgebied is in veel straten niet meer mogelijk. Concentratie op de lokale, regionale en nationale winkelfunctie is hier de prioritaire ontwikkelrichting. In deze typische
winkelstraten in de binnenstad wordt de toegankelijkheid en zichtbaarheid van de winkels beschermd. Het toestaan van terrassen op de openbare weg zal hier niet dan wel terughoudend worden
toegestaan. Terrassen zullen in het voetgangersgebied enkel in overleg met de gemeente worden
gerealiseerd, ook in de straten die vanaf 2018 deel gaan uitmaken van het voetgangersgebied. Daarbij weegt een goede doorstroom van bezoekers zeer zwaar mee. Horecaontwikkeling kan alleen
plaatsvinden op de huidige concentratie plekken, zoals Drieharingstraat, Voor Clarenburg, Mariaplaats Wijk C vormt in dit kwartier een bijzondere locatie. Was hier in het verleden nog veel ruimte voor
uitbreiding van horeca, in het nieuwe kader 2018 zal die ruimte sterk ingeperkt worden naar alleen de huidige winkelstraten of straten met reeds aanwezige horeca. In straten waar het woonkarakter
dominant is, is uitbreiding van horeca niet toegestaan. In het Vredenburgkwartier zal dit ook gelden
voor het noordelijk deel van de Oudegracht Westzijde. Bij de sluizen aan de Bemuurde Weerd
Oostzijde blijft de vergunningenruimte uit het OHU 2012 van kracht.
25
Ontwikkelingsrichting Vredenburgkwartier
26
Ontwikkelingsrichting Vredenburgkwartier Toegestane categorie
Ontwikkellocaties gelijk aan OHU 2012 1. Paardenveld Nieuwekade 2. 3.
D1, D2
Kroonstraat Willemstraat
D1, D2 D1, D2
4. St Jacobstraat
B, C, D1, D2
5. Vredenburg Noordzijde
B, C, D1, D2
7. Bemuurde Weerd Oostzijde bij sluizen
D1, D2
9. Drieharingstraat en hoek Vredenburg
B, D1, D2
10. Voor Clarenburg
D2
12. Mariaplaats Noordzijde
D1, D2
6. Lange Koestraat hoek Korte koestraat
D1, D2
8. Oudegracht aan de werf
D1, D2
11. Achter Clarenburg hoek Vredenburg
D2
Ontwikkellocaties verwijderd t.o.v. OHU 2012 Kroonstraat noord
Nieuwe kade noord- en oostzijde Varkensmarkt Lange Koestraat Waterpoort Jacobskerkhof
Oudegracht Noordzijde en aan de werf Achter Clarenburg Hamsteeg
Hekelsteeg Massegat
Oudegracht van Bakkersbrug richting stadhuis Steenweg
Mariastraat
27
Profiel 4: Museumkwartier Ontwikkelingsvisie Binnen het Museumkwartier is een aantal bijzondere ontwikkelingen gaande, die gevolgen hebben
voor het ruimtelijk en economisch functioneren en de voorzieningen binnen dit kwartier. De opening
van Station Vaartsche Rijn met nieuwe bezoekersstromen van en naar de binnenstad hebben op korte termijn al direct effect op de voorzieningen aan het Ledig Erf, de Westerkade, de Tolsteegbarrière, Twijnstraat, Oudegracht Zuidzijde en het Nicolaaskerkhof. Het Nijntjemuseum groeit door als publiekstrekker van formaat en ook de nieuwe programmering van Oudegracht 245 zal een
belangrijke stepstone worden voor bezoekers aan het centrum. We verwachten hier een verdere toename van bezoekers, die zich lopend of op de fiets van en naar het centrum bewegen. De Twijnstraat zal hiervan profiteren en haar profilering als foodwinkelstraat met een sterke