CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

conceptverslagVBF2023-05-11.doc

Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën (2022-2026) 8 juni 2023, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen15.028 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De ervaringsdeskundigen kunnen nagaan waar sprake is van systeemfalen; van die input verwacht zij veel ondersteuning. Mevrouw Van der Wilt (D66) vindt dat helder. Zij legt de vraag voor of het college op sommige punten mogelijk moet aangeven dat dit de oplossing niet is, bijvoorbeeld explicieter maken dat verschillende incidentele potjes om acute problemen op te lossen, de oplossing niet is. In dat opzicht verwacht zij dat de gemeente nog kan groeien. Zij wil graag weten hoe Student & Starter dat ziet. Mevrouw Kendir (Student & Starter) noemt dit om die reden een balans. De korte termijnoplossingen zijn ook nodig; het is een kwestie van lange adem. Zij ziet dat momenteel de situatie oplossingen vergt. Voldoende oog voor de lange termijn is van belang; zij vindt het van belang dat de wethouder de raad daarop scherp houdt. Zij vervolgt haar betoog met in te gaan op de meerdere profielen in de raadsbrief als het gaat om de groep van deskundigen. Haar fractie vindt het belangrijk daarbij niet alleen te kijken naar mensen die vanuit hun expertise kunnen spreken, maar dat er ook aandacht zal zijn voor mensen die kunnen spreken vanuit hun ervaring. Haar fractie vindt dat een gouden combinatie. Als het gaat om de uitvoering van ongelijke investering voor gelijke kansen, juicht haar fractie het doelgroepenbeleid toe.

Als het gaat om de Utrecht Monitor viel haar fractie het volgende op: Zij las in die monitor dat buurten met relatief veel studenten, laag scoren op sociaal economische status. Vaak worden studenten vergeten in de overheidsaanpak wanneer het gaat om het helpen van kwetsbaren in de samenleving. Vanuit haar fractie wordt dit anders gezien; zij leest dat studenten het niet breed hebben. De ongelijkheid die studenten ervaren wordt vergroot wanneer de groep studenten wordt uitgesloten in bepaalde regelingen. Zij noemt de compensatie van de energieregelingen. Mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) deelt met Student & Starter dat binnen de groep studenten er ook grote verschillen zijn. Zij ziet daarin een groot verschil omdat studenten nu nog in een andere sociaal economische positie zitten, maar later wel vaak veel meer kansen hebben, wanneer ze worden vergeleken met andere groepen. Daarbinnen zitten nog allerlei gemiddelden waarop wat haar betreft het Pagina 18 van 27

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 11 mei 2023

890

900

910

920

930

bestuur zeker moet inzetten. Zij begrijpt dan wanneer keuzes gemaakt worden, het bestuur kijkt naar de groepen die die kansen later niet krijgen. Zij vraagt of mevrouw Kendir dit met haar deelt. Mevrouw Kendir (Student & Starter) antwoord ontkennend. Studenten hebben geen garantie dat ze later in een goed betaalde baan komen. Het is voor studenten nu veel lastiger wanneer ze hun carrière beginnen met heel veel studieschuld. Uiteindelijk moet de gemeente kijken naar het hier en nu. Zij pleit er niet voor om de studenten te vertellen dat ze maar vijf jaar moeten wachten op betere tijden. Mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) bevestigt dat er ongelijkheid bestaat op het gebied van studieschuld. Zij benadrukt dat de kansen van studenten anders zijn dan van niet studenten. Zij ziet dat die kansen structureel anders zijn, kijkende naar gemiddelden. Zij deelt met mevrouw Kendir dat binnen die gemiddelden ook goed gekeken moet worden door het stadsbestuur. Zij vindt het vreemd die groep naast andere groepen neer te zetten als zijn ze met elkaar te vergelijken. Mevrouw Kendir (Student & Starter) heeft daarom in haar betoog aangegeven dat het belangrijk is integraal te kijken en structurele oplossingen te bieden. Zij benadrukt het van belang te vinden dat de gemeente naar het hier en nu kijkt. Zij vindt dat vanuit de overheid een aanpak moet komen voor de huidige situatie van mensen.

Wanneer mensen meer verdienen mogen ze meer betalen wat haar betreft; de sterkste schouders dragen de zwaarste lasten. Op die manier is het ook recht te trekken; Utrecht wil een schuldenvrije aanpak en het werkt volgens haar fractie niet wanneer het studenten verteld wordt dat ze dan maar moeten lenen. De Utrecht Monitor bevestigt de visie van haar fractie. Mevrouw Assen (PvdA) leest de Utrecht Monitor anders. Mogelijk is dit een vraag die doorgeleid moet worden naar de wethouder. Zij leest Utrecht Monitor als komen de studenten niet in de aanpak vanwege de tijdelijke sociaaleconomische situatie. Zij vraagt of mevrouw Kendir die Utrecht Monitor niet op die manier leest. Mevrouw Kendir (Student & Starter) verwijst naar haar antwoord op de vraag van mevrouw Kleinrensink. Zij wil herhaling voorkomen. Mevrouw Van der Wilt (D66) wil voorkomen dat studenten die binnen de groep studenten wel degelijk kwetsbaar zijn, tussen wal en schip vallen. Mevrouw Kendir (Student & Starter) schaart zich achter die opmerking. Zij vervolgt haar betoog met in te gaan op de mentale gezondheidsklachten zoals blijkt uit verschillende cijfers; zij vindt het van belang daarop voldoende inzet te hebben en niet per se alleen in het kader van ongelijk investeren voor gelijke kansen. Wat haar betreft is dit een belangrijke oproep aan de gemeente ook daarvoor zorg te hebben.

Mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) vindt het slot van het rapport treffend en heel belangrijk voor als het gaat over Ongelijk Investeren voor Gelijke Kansen:… “om echte impact te kunnen maken is het nodig …bewust te zijn van welke mensbeelden aannames en patronen keuzes gemaakt worden; sluiten die keuzes wel aan bij de mensen met wie het niet vanzelfsprekend goed gaat en voor wie het beleid gemaakt wordt.”… Zij dankt het college voor deze eerste aanzet en zij ziet uit naar de verdere uitwerking. In het rapport worden drie perspectieven beschreven die verder uitgewerkt gaan worden. Het gevaar van deze discussie is dat die filosofisch en semantisch te maken is. Als het gaat om de verhouding met deze perspectieven, wil zij hierover één opmerking maken. Die perspectieven worden naast elkaar gezet alsof ze alle drie Pagina 19 van 27

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 11 mei 2023

940

950

960

970

980

even zwaar gelden. Voor haar fractie geldt dat een basis bieden aan iedereen en de verschillen tussen die mensen het doel moet zijn; dan gaat het om de uitkomst en niet om de inzet. Perspectief 3 Het individueel maatwerk en het wegnemen van drempels, is een middel om te bereiken dat iedereen dat krijgt wat nodig is. Er zit wat haar betreft een verschil in de weging van die verschillende perspectieven. In het rapport wordt verder gezegd dat tegensturen op lokaal niveau soms lastig is. Mevrouw Kleinrensink begrijpt dat en zij ziet het ook heel vaak in de besprekingen van het bestuur. Tegelijkertijd moet met het landelijk beleid toegegeven worden dat de ongelijkheid alleen maar toeneemt in Nederland; wat haar betreft verschuilt de gemeente zich niet te snel achter dat het het bestuur niet lukt maar loopt het bestuur voorop in het tegensturen, ook als daar spannende keuzes mee gemoeid zijn. Zij bevestigt dat het ingewikkeld is maar bepleit dit niet te gebruiken als excuus. Om stappen te zetten in het beleid is het benoemen van de verschillen belangrijk; zij refereert aan de desbetreffende inbreng van mevrouw Assen. Pas wanneer die verschillen expliciet gemaakt worden, zijn die stappen te zetten. Soms is te merken dat het spannend is om ze te noemen.

Wat haar fractie betreft moet het stadsbestuur niet wegkijken van die verschillen, maar die verschillen noemen zonder met vingers te wijzen. Dat vergt iets van het totale bestuur om dat goed te doen en dit tegelijkertijd te expliciteren. Zij bepleit eerlijkheid in dat opzicht. Genoeg onderzoek toont aan dat iedereen in een gelijkere samenleving uiteindelijk gelukkiger is; toch kan dat op de korte termijn en op persoonlijk niveau betekenen dat sommige mensen moeten inleveren met de keuzes die hiermee gemaakt gaan worden. Dat betekent iets voor de gemeente, maar ook voor de raad. Verandering vraagt soms ook iets van mensen die het in het huidige systeem wel goed voor elkaar hebben. Het stadsbestuur zal zich dat moeten realiseren wanneer het hiervoor kiest. Het vervolgproces dat wordt voorgesteld is haars inziens heel mooi. Zij maakt daarover nog enkele opmerkingen. Wat haar betreft kijkt het stadsbestuur niet alleen naar het sociaal domein, maar ook naar de goede rol van ruimtelijke ordening. Dat lijkt soms minder vanzelfsprekend; daarom is het belangrijk daarop nog meer in te zetten omdat het niet altijd in de genen zit, zoals daarvan sprake is in het sociale domein. Zij vindt het in ieder geval goed dat dit mee te nemen in de expertises. Haar zorg voor het vervolgproces betreft ook het meedenken door verschillende mensen.

Zij sluit dan aan op waarmee zij begon en ook op wat al eerder is genoemd; ook in de raad en bij de gemeente werken veel mensen die theoretisch zijn opgeleid en vermoedelijk ook een net iets groter vertrouwen hebben in de overheid omdat ze die overheid goed kennen. Zij zegt dit in het besef dat de raad soms ook andere groepen wil bereiken. Zij juicht de inzet van ervaringsdeskundigheid toe. In de brief leest zij dat vier experts meedenken en één ervaringsdeskundige. In haar beleving kan een expert soms ook ervaringsdeskundig zijn. Zij vraagt of de wethouder het met haar fractie eens is dat die scheiding niet zo strikt is en dat het ook mogelijk is de voorkeur te geven aan deskundigen met ervaringskennis. Dat betekent dat experts niet altijd alleen universitair geschoolde onderzoekers zijn; zij bepleit ook de hoge school en het MBO hierbij te betrekken zo dat het gemeentebestuur die verschillende kanten laat zien en dit niet alleen theoretisch aanvliegt. Zij kijkt uit naar het vervolg.

Pagina 20 van 27

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 11 mei 2023

990

1000

1010

1020

1030

Mevrouw Van der Wilt (D66) dankt het college en de ambtenaren voor het onderzoek. Zij gaat graag in op de vraag expliciet in te gaan op de afwegingen. Zij benadrukt daarbij het volgende. Inhoudelijk zet het college in het raamwerk fors in op de focus op een goede basis als het gaat om de investering in de jeugd. Dat wordt onderschreven door Kansrijke Start, Stevige Voorschool, Kinderopvang, Kans voor de jeugd. Van een goede start heeft een mens een leven lang profijt. Zij refereert aan de desbetreffende inbreng van mevrouw Kendir over dat andersom mensen met een slechte start een grote achterstand hebben. Zowel de wetenschap als de praktijk onderschrijft dat. In het rapport scheidslijnen komt onder andere ook aan de orde hoe groot de verschillen al zijn bij kinderen, ook als het gaat om overgewicht, schooluitval, et cetera. D66 ziet heel graag dat deze ambitie veel meer accenten krijgt in de uitwerking die later dit jaar zal volgen. Wat haar fractie betreft wordt dit nummer 1 prioriteit. Zij verwacht dit terug te zien in de debatten rondom de Voorjaarsnota waarin het stadsbestuur een integrale afweging maakt. Zij vraagt hoe de wethouder dit ziet. Zij vraagt of de wethouder deze urgentie onderschrijft.

In het raamwerk wordt gewaarschuwd voor het risico dat bij een aanpak op ongelijk investeren gestuurd wordt op een maakbare samenleving waarin de overheid alles kan oplossen met kleine opgestapelde maatregelen zonder dat dat bijdraagt aan langdurig perspectief of zonder dat dat bijdraagt aan meer regie van mensen die het zelf kunnen regelen. In het huidige voorstel komt het wel naar voren, maar lijkt het erop alsof het college daarmee worstelt, ook als het gaat om ondersteuning. Zij vraagt of de wethouder kan bevestigen dat het college er naar streeft om ook in het bieden van ondersteuning er wel gericht op te zijn dat mensen uiteindelijk zelf meer regie krijgen of meer kansen krijgen om hieraan bij te dragen. Dit staat nu nog in een bijzin. Voor haar fractie is het heel erg belangrijk. Juist in de meest kwetsbare wijken ervaren de mensen het minst regie op hun leven, terwijl juist de regie kan bijdragen aan meer zelfsturing. Mevrouw Assen (PvdA) vindt dit punt spannend. Zij kan zich de debatten herinneren in de afgelopen jaren; daarbij komen nu ook de eerste onderzoeken die aangeven dat de focus op eigen regie te vaak doorslaat naar dat de hulp er niet meer altijd is voor de mensen die niet het meest zitten te wachten op de eigen regie, maar op de ondersteuning en de hulp.

Zij legt de vraag voor hoe te voorkomen dat in dit opzicht het stadsbestuur doorslaat naar de focus op eigen regie. Mevrouw Van der Wilt (D66) is blij met die vraag. Wat haar betreft is pas na te denken over regie wanneer de basis op orde is en er ademruimte is en voldoende bestaanszekerheid. Dat is het vangnet waarop wat haar betreft gestuurd moet worden. Heel veel mensen die zelf in een afhankelijke situatie leven, willen vaak graag ook weer zelf de regie hebben. Zij is ermee eens dat daarvoor eerst het vangnet nodig is. Het gaat haar om de visie van de gemeente op de lange termijn. Zij vervolgt haar inbreng. In het raamwerk benoemt het college dit als een risico. Zij leest niet zo goed hoe het college dit wil ondervangen of hoe dit wordt uitgewerkt. Zij is daar benieuwd naar. Zij sluit zich aan bij Student & Starter waar die fractie sprak over structurele oplossingen. Wat is voor de gemeente Utrecht en wat moet landelijk worden opgelost? Waarop kan de gemeente Utrecht steviger sturen? Zij refereert aan de inbreng van de PvdA als het gaat om de aard van Ongelijk Investeren voor Gelijke Kansen: wat haar betreft is dat geen kaalslagactie. In het debat over de bibliotheek raakte de raad dat even aan. Zal dan geschuurd worden Pagina 21 van 27

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 11 mei 2023

1040

1050

1060

1070

1080

aan de basisvoorzieningen? Wat haar betreft haalt het gemeentebestuur niet de basisvoorzieningen weg waar het goed gaat; wat haar betreft gaat de gemeente mensen extra helpen in wijken waar de bibliotheek minder goed benut wordt. Wat haar betreft focust het stadsbestuur op het bereik en of de voorziening bij de mensen terecht komt voor wie die bedoeld is. Mevrouw Assen (PvdA) merkt op dat voor haar fractie de hoog- of laagdrempeligheid van voorzieningen voorop staat. Wat haar betreft ervaren mensen zo min mogelijk drempels in het gebruik te maken van voorzieningen. Die drempel wordt niet door iedereen gelijk ervaren. Zij vraagt of mevrouw Van der Wilt met haar deelt dat dat ook onderdeel is van dat aan bepaalde bewoners wel te vragen is voor een voorziening iets langer te fietsen omdat ze dat graag doen en dat niet als een drempel ervaren, terwijl dat voor anderen te hoogdrempelig zou zijn. Mevrouw Van der Wilt (D66) antwoordt met ja en nee. Wat haar betreft denkt het bestuur niet in termen van locaties, maar haalt het bestuur geen voorzieningen weg uit wijken waar het goed loopt. Dat zijn dragende krachten waardoor mensen zijn mee te nemen. Zij merkt op dat het college zegt in de aankomende tijd het principe van het raamwerk uit te werken in heldere scenario's, ook bij de grote beleidskeuzes.

Dat lijkt haar heel waardevol waarbij ook de ogen gericht zijn op de effecten op de langere termijn. Haar fractie ziet uit naar de uitwerking. Niet-agenderende partijen Mevrouw Ramaker (VVD) vindt de monitor heel interessant. De crux zit voor de VVD in dat 19% zich te ongezond voelt om kansen te kunnen grijpen. Niet iedereen heeft het vermogen hulp te willen aanvaarden. Dat zit deels in het vertrouwen in de overheid. Zij legt de vraag voor hoe het er voor staat met dat vertrouwen. De monitor laat zien dat vooral bewoners in de wijken Wilhelminapark, Binnenstad, het meeste vertrouwen hebben. Die zijn vaak ook hoog opgeleid, goed verdienend, mooi wonend, en gezond. Deze mensen weten vaak de weg goed te vinden. Zij zegt met nadruk hoe het stadsbestuur het vertrouwen kan oppakken. Werkt dan alleen de focus op die 19%? Heeft de gemeente zoveel invloed? Zij vraagt de wethouder wanneer het college tevreden is; als die 19% aan het einde van het college periode 15% is of 10%. Of wil het college zich liever daar niet aan vastpinnen? Er zijn zoveel redenen; het is vrij complex. Zij verwacht niet dat de almachtige overheid alles kan doen. Zij vond het rapportcijfer over de eigen woning heel opvallend. De vraag was welk rapportcijfer de inwoners hun eigen woning gaven; in de wijk met het grootste aandeel koopwoningen (Vleuten de Meern) worden de woningen gemiddeld het best beoordeeld: 8.

In de wijk met het kleinste aandeel koopwoningen (Overvecht) worden woningen het slechtst beoordeeld: 6,9. Utrecht is toch een welvarende stad. Zij vindt dat oordeel in een wijk met veel problemen erg hoog. Zij vindt dat het bestuur van Utrecht daar trots op mag zijn. Dan komt bij haar de vraag op of Utrecht het hiermee goed doet. Waar zit de verbeterslag? Zij vraagt of de wethouder daarop een reflectie wil geven. De heer Van Steeg (CDA) kan zich grotendeels vinden in het betoog van mevrouw Ramaker en in het betoog van mevrouw Van der Wilt waar zij sprak over dat het hier niet alleen over geld gaat. Hij zei dit eerder al. Het gaat hier ook om netwerken en vertrouwen, en zeker om vertrouwen in de overheid. Daarom vindt hij het heel bePagina 22 van 27

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 11 mei 2023

1090

1100

1110

1120

langrijk ervoor te zorgen dat het vertrouwen wordt verhoogd juist in de wijken waar het niet goed gaat en waar het vertrouwen in de overheid heel laag is, waar nauwelijks wordt gestemd. Hij bevestigt dat het ingewikkeld is. Dat is ook in dit debat vandaag te merken. Dit is in zijn visie een grote uitdaging voor de wethouder. Hij benadrukt dat het startpunt goed is. Ook zijn fractie steunde het initiatiefvoorstel. Ook zijn fractie ziet de problemen in de stad en dat de verschillen in de stad groot zijn en dat het stadsbestuur daaraan iets moet doen. Het stadsbestuur kan niet alles. Hij roept het college ertoe op om dat wat het doet, goed te doen en het resultaat in kaart te brengen. Hij noemde het risico dat de coalitie ervoor kiest om juist op een aantal zaken niet ongelijk te investeren voor gelijke kansen. Hij refereert aan de inbreng van mevrouw Assen die zei dat de coalitie probeert te voorkomen dat dit negatieve effecten heeft; soms heeft beleid die negatieve effecten wel. Hij geeft als voorbeeld de harddrugs. Ook daarover moet het stadsbestuur spreken. Hij wenst de wethouder veel succes met het specifiek benoemen op welke thema's het bestuur van de stad Utrecht vooruitgang boekt, en juist dan in de wijken waar de problemen zijn. Hij noemt in dat opzicht de bestrijding van het lerarentekort om de vooruitgang daarmee ook inzichtelijk te maken.

Mevrouw Van der Wilt (D66) merkt op de grote crux te zien waar jongeren die een gebrek aan perspectief ervaren en daardoor op een andere manier geld gaan verdienen in de drugshandel. Zou dan niet gezegd moeten worden dat ook als het gaat om de aanpak van drugshandel, dat het dan gaat om het bieden van perspectief aan jongeren en dat dit vraagstuk op een andere manier georganiseerd moet worden. De heer Van Steeg (CDA) bevestigt dat het daarover ook gaat. Het gaat ook over criminaliteitsbestrijding en ook over het bewustzijn dat drugsgebruik gevolgen heeft voor kwetsbare wijken in de stad. Hij pleit ervoor dat te durven zeggen, juist ter voorkoming van ongelijkheid. Mevrouw Van der Wilt (D66) merkt op dat dit zit in de wijze waarop de toegang tot drugs en het gebruik ervan wordt georganiseerd. Zij zou willen voorstellen dat tegen te gaan en refereert aan de inbreng van D66 op dat gebied. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat haar fractie strijdt voor liberalisering van drugsgebruik omdat het prima is om drugs te gebruiken. Juist die mentaliteit zorgt ervoor dat de ongelijkheid in de stad groter wordt.

Mevrouw Assen (PvdA) merkt op dat het CDA tussen de regels door eigenlijk zei dat veiligheid een terrein is waar de meeste oorzaken zijn te zien van ongelijkheid, terwijl de cijfers aantonen dat die zitten op het gebied van Werk en Inkomen en in de armoede; wat haar betreft is het van belang om de grond onder de voeten van criminelen weg te halen. De heer Van Steeg (CDA) bevestigt dat ook dat waar is. Hij herhaalt zijn uitspraak over drugsgebruik en de consequenties daarvan voor de kwetsbare wijken in de stad. Wat hem betreft moet het stadsbestuur dat onder ogen zien. De voorzitter constateert dat hiermee alle partijen die inbreng wilden geven, aan het woord zijn geweest.

1130

De beantwoording Wethouder Eerenberg merkt op dat wanneer het gemeentebestuur Ongelijk Investeren voor Gelijke Kansen overal wil toepassen, het bestuur op heel veel onderwerpen afwegingen heeft te maken. Het gaat ook om de vraag welke maatschappij de gePagina 23 van 27

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 11 mei 2023

1140

1150

1160

1170

meente Utrecht wil zijn. Hij prijst zich gelukkig met het verschil van mening daarover in de raad, en ook niet; dat vindt hij het mooie van het initiatiefvoorstel dat in de vorige periode is aangenomen, dat heel breed juist in deze stad en in deze raad dat ondanks de verschillen en ondanks de ingewikkeldheid van dit thema, algemeen wordt ervaren dat meer gelijkheid meer geluk is zoals verwoord door de PvdA. Dat in ieder geval gestreefd moet worden naar meer gelijkheid. Dan is nog te discussiëren over de weg daar naartoe en de mate waarin. Dit wordt vrij breed zo gevonden in de raad. De wethouder vindt dat een groot goed. Hij hoopt dat de raad dit zo volhoudt. Hij beperkt zich tot wat uit de analyse blijkt en hoe de aanpak van het college is. Hij stelt voor bij de desbetreffende onderwerpen te spreken over de daadwerkelijke afweging van hoe dit zit bij de bibliotheek en hoe dit zit bij de bestrijding van drugs als gevolg van de voorgestelde aanpak. Als het gaat om het onderzoek is geconcludeerd dat om meer integraal en breder te kunnen gaan werken aan gelijkheid, een kader nodig is (wat is gelijkheid en hoe is daaraan te werken). Dat is de aanpak waaraan een aantal keren is gerefereerd. En het stadsbestuur heeft een goede foto nodig van de stad: waar zit de ongelijkheid? “Waar” kan zitten in de wijken, in doelgroepen, of in de problematieken.

Hij prijst de gemeentelijke organisatie in dit opzicht. De gemeente heeft goede statistici in huis die dergelijke analyses zelf kunnen doen. Het college ziet veel scherper dan ooit waar het zit. Naast dat het ook gaat om de klassieke verdeling van de problematieken zoals die vaker te zien zijn. Wanneer het bestuur de aanpak heeft en de foto, gaat het college aan de slag. Dat is een derde deel van de drietrapsraket Ongelijk Investeren voor Gelijke Kansen. De wethouder gaat in op de foto (het onderzoek). Hij is het eens met iedereen die wijken met een lage score noemen. Hij is het ook eens met diegenen die het verhullende effect opmerken over gemiddelden. Hij roept het bestuur op door gemiddelden heen te kijken; ook rondom het Wilhelminapark zullen mensen wonen met wie het minder goed gaat. Of zullen mensen wonen die echt de overheid nodig hebben om een volgende stap te zetten, of die juist helemaal geen vertrouwen hebben in het gemeentebestuur. Gemiddelden kunnen problematieken verhullen. Wat hem betreft geeft het gemiddelde een eerste richting en dat het bestuur daar steeds doorheen durft te blijven kijken ook als het gaat om die studenten waarvan het stadsbestuur denkt dat ze er wel komen, terwijl de praktijk het tegendeel kan bewijzen. Uit de foto blijkt ook dat de verschillen heel groot zijn. De wethouder is het daarover eens met de VVD.

Kijkend naar de absolute ondergrens gaat het met heel veel mensen en met heel veel wijken in de stad goed, gemiddeld genomen. Het college vindt de verschillen tussen de wijken in bijvoorbeeld gezondheid in toenemende mate moeilijk uitlegbaar. Op de vraag wat het college daaraan gaat doen is eerlijk zijn; het college kan niet zeggen dat er volgende week een plan van aanpak ligt om bijvoorbeeld de 19% naar 15% terug te brengen. Het zou ook niet helpen wanneer het college dat zo zou doen. Het college kan alleen het verschil maken wanneer het stadsbestuur zichzelf gunt dit één generatie lang vol te houden. Veel van deze problematiek is ook generationeel. De overheid in zijn algemeenheid is daarin niet zo goed. Utrecht heeft veel incidentele projecten. De wethouder noemt met name het onderwijs in dat opzicht. De wethouder gunt zichzelf minder op zoek te gaan naar het volgend pilot dat iets interessants laat zien, maar meer op zoek te gaan naar hoe te kunnen versterken, hoe te kunnen opschalen, hoe het bestuur bijvoorbeeld de veerkrachtsubsidie in het reguliere te kunnen laten landen. Pagina 24 van 27

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 11 mei 2023

1180

1190

1200

1210

1220

Als het gaat om de aanpak is de wethouder het helemaal eens met GroenLinks; die drie modellen zijn geen absolute wetenschap. Ze zijn allemaal ongeveer éénderde van het probleem. Toen het college bezig was met het kader merkte het college dat ambtelijke collega's en partners moesten helpen; mensen hebben ook hun eigen aanname in van wat Ongelijk Investeren is voor Gelijke Kansen. Er is niet één manier om dat te doen; soms is een hele goede collectieve basisvoorziening een hele effectieve manier. Dit omdat de mate waarin mensen ervan profiteren ongelijk is. Dan is het toch een investering die daaraan bijdraagt. De vraag is welke van de mogelijkheden te kiezen om de ongelijkheid aan te pakken: (1) een collectieve voorziening, (2) een aanbod gericht op de problematiek of (3) moet het gemeentebestuur iedereen het zijne geven (maatwerk). Dat laatste is buitengewoon ingewikkeld. En dit brengt risico's met zich mee in termen van bureaucratie, uitvoeringskosten, of het zo ingewikkeld maken dat van die ingewikkeldheid mensen weer het slachtoffer worden. Bij de afweging tussen die drie modellen, is het steeds de vraag hoe ervoor te zorgen dat de randvoorwaarden goed op orde zijn. Die randvoorwaarden gaan over draagvlak, over bureaucratie/efficiency/ uitvoeringskosten en die gaan ook over effectiviteit. Hiermee beantwoordt de wethouder de vraag van mevrouw Assen.

Mevrouw Van der Wilt (D66) merkt op dat de wethouder enerzijds zegt dat een goede basisvoorziening ook een vorm van investeren is en werken aan gelijke kansen. Daarna hoort zij de wethouder spreken over dit af te zetten tegen maatwerk. Zij vraagt wat het standpunt is van de wethouder. Zij hoort meerdere partijen zeggen niet te veel te morrelen aan de basisvoorzieningen. Wethouder Eerenberg antwoordt te zeggen dat hij daarover geen algemene uitspraak kan doen welke van deze drie modellen altijd bovenliggend is in elk vraagstuk. Goede basisvoorzieningen zijn het college zeker iets waard. Dan gaat het ook over het draagvlak en het vertrouwen in de overheid. Het bestuur kan niet zeggen het altijd zus of zo te doen. Hij zou namens het college de ondergrens niet ter discussie willen stellen. Mevrouw Assen (PvdA) vraagt of hierin meegenomen wordt dat alles aan alles raakt. Wethouder Eerenberg antwoordt bevestigend. Mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) begrijpt dat alle drie de perspectieven nodig zijn. Maar wanneer het stadsbestuur wil sturen op een goede basis en op kleinere verschillen, is maatwerk daarvoor uiteindelijk een middel. Zij vindt dat er een verschil zit. Haar fractie zegt voor de doelen te kiezen. Zij is benieuwd of de wethouder dit met haar deelt, of dat de wethouder zegt dat maatwerk een doel is om op te sturen.

Dat laatste deelt zij dan niet, die drie perspectieven lezende. Wethouder Eerenberg is dat eens met GroenLinks. Die drie modellen zouden alle drie afzonderlijk zo gezien moeten worden. Het doel is meer gelijkheid of minder ongelijkheid of betere toegang, of meer vertrouwen; dat is te bewerkstelligen op drie verschillende manieren. Ook kiezen voor een excellente basisvoorziening waardoor de mensen die daarvan het meeste nut hebben het meest van profiteren, is ook een middel voor betere toegankelijkheid et cetera. Ze zijn alle drie bedoeld als middel, maar ze zijn ook geen dictaat. Die drie modellen werken heel goed om het gesprek te starten en soms komt het stadsbestuur op nevendoelen uit; deze benadering maakt het mogelijk doelen te bereiken op andere beleidsterreinen dan waarvoor aanvankelijk gewerkt wordt. Het is ook de bedoeling van de raad het gesprek consequent te entameren en daarop terug te koppelen. Het college zegt ook dat dit integraliteit vergt. De wethouders nemen de tijd om dilemma's op dit thema in groepjes te beslechten waarbij fysiek en sociaal door Pagina 25 van 27

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 11 mei 2023

1230

1240

1250

1260

1270

elkaar heen gebruikt worden zo dat bijvoorbeeld de wethouder mobiliteit meedenkt over de kansenongelijkheid in de voorschool. Daarnaast beschikt het college over de expertgroep. Ook daarover zijn enkele vragen gesteld. De expertgroep is heel divers samengesteld. Vier van de zeven leden hebben ervaringsdeskundigheid. De expertgroep zou het buitengewoon waarderen wanneer de raad een Raadsinformatiebijeenkomst zou organiseren. De groep is net begonnen. Dan is het mogelijk om inzichten te delen en eventueel te spiegelen. In de expertgroep zit ook een goede afspiegeling van de stad, langs alle lijnen van diversiteit. De wethouder was zeer onder de indruk van de kennis en kunde in deze expertgroep. Hij koppelt de vraag van de PvdA hieraan: de gevraagde reflectie op het ongemak over Utrecht is koploper. Hij bevestigt dat het soms zo is. Soms is het college trots op dingen die in deze stad gebeuren waarvan niet iedereen profiteert. Hij pleit ervoor het stadsbestuur die trots te gunnen. Ook als het gaat om schone lucht is Utrecht koploper. Daarvan profiteren heel veel mensen. De vraag waar dit onderwerp thuishoort om te bespreken, is een moeilijke vraag om aan het college te stellen. In de huidige aanpak stelt het college dat deze aanpak in ieder individueel beleidsvoornemen terug te vinden is.

Hij hoopt dat de raad dit debat heel vaak voert met zijn collega’s, ook in de andere commissies, om juist ook integraliteit te bewaken. Wanneer de raad dit op een andere manier wil organiseren, laat de wethouder dat aan de raad. Hij is het eens met de uitspraak over mentale gezondheid; het college zet daar enorm op in. Dit is een mooi voorbeeld van een collectief aanbod maar waarvan bekend is dat de gebruikers een selectie toepassen waardoor het ongelijk investeren in gelijke kansen is. Hij is het eens met GroenLinks dat tegensturen lastig is, waarachter het bestuur zich niet mag verschuilen; hij gaat ervan uit dat de raad het college op die manier (zich verschuilen) niet kent. D66 vroeg naar de reflectie van de wethouder op het belang van het jonge kind en is het daarmee zeer eens. Hij refereert aan het theoretisch kader in dat opzicht. Hoe meer interventies ontworpen worden voor jonge kinderen, hoe effectiever het bestuur is. Als het gaat om de vraag hoe daarmee om te gaan, is het debat politiek. Het is altijd gemakkelijker wanneer het gaat om iets extra's dan om een bezuiniging. De analyse vindt hij in ieder geval juist. De vraag over het risico van maatwerk onderschrijft de wethouder; de meer collectieve aanpak in de zorg is dan ook de insteek van het college. Reflectie is gevraagd op of de ondersteuning gericht moet zijn op eigen regie.

Wat hem betreft ligt de waarheid in het midden; de wethouder geeft als voorbeeld de PGB die soms effectief is, en soms juist niet. Iedereen ziet uit naar de uitwerking. Die brief komt in het vierde kwartaal naar de raad. De wethouder hoopt dan eerste beelden te kunnen tonen van de expertgroep. Die stonden al in de planning. Dan zal het college ook laten zien welke onderwerpen in de planning zitten en op welke manier het adagium toegepast zal worden en wat alle interne gesprekken in de eigen club opgeleverd hebben en hoe daarmee door te gaan. Hiermee rondt hij zijn beantwoording af. Interruptie Mevrouw Van der Wilt (D66) vraagt of het bestuur van de stad dit onderwerp kan betrekken bij de Voorjaarsnota om het college daarop te bevragen. Pagina 26 van 27

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 11 mei 2023

Wethouder Eerenberg antwoordt bevestigend. Bij alle debatten over de Voorjaarsnota kan de raad dit adagium hierop plakken. Daarop volgt dan een politieke weging. 1280

Gemiste vragen De voorzitter constateert dat die er niet zijn. De voorzitter vraagt naar het vervolg. Mevrouw Assen (PvdA) geeft vooralsnog hieraan geen vervolg in de raad; het uitvoeringskader komt nog naar de raad. De overige agenderen de fracties zijn het daarmee eens. 1290

Conclusie De voorzitter concludeert dat de commissie tevreden is met het resultaat van dit debat. Hij sluit de vergadering om 16.56 uur.

Pagina 27 van 27

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=db2ec02c-6ebb-4357-b989-7cbafc8184d4