ConceptverslagCommissieVBF2023-01-26.doc
Tekst van het document
Griffie Gemeenteraad Utrecht Secretariaat raadscommissie Mens & Samenleving Postadres Postbus 16200 3500 CE Utrecht Telefoon 030 - 286 10 69 Fax 030 - 286 15 18 www.utrecht.nl/gemeenteraad
VERSLAG OPENBARE VERGADERING COMMISSIE VEILIGHEID, BESTUUR EN FINANCIËN D.D. 26 JANUARI 2023 [Typ hier]
Datum verslag Locatie Verslag door Vaststelling verslag
10
20
30
2 februari 2023 Stadhuis, de raadszaal Geertjan Benus (Notutekst) 23 februari 2023
Aanwezigen: Ochtendvergadering De voorzitter, de heer H. Bakker, en van het college de burgemeester mevrouw S. Dijksma (burgemeester), wethouder mevrouw Schilderman, wethouder mevrouw L. van Hooijdonk, wethouder de heer E. Eerenberg, wethouder de heer D. de Vries, wethouder mevrouw E. Oosters, wethouder mevrouw L. Voortman, en voorts de leden: mevrouw M. Hellevoort (GroenLinks), mevrouw M. Fattal (GroenLinks), de heer M. Koning (D66), de heer R. van der Zweth (PvdA), mevrouw H. Assen (PvdA), mevrouw B. Chirino (ChristenUnie), de heer R. van der Graaf (ChristenUnie), de heer B. van Steeg (CDA), mevrouw E. Kendir (Student & Starter) de heer G. Dijkstra (EenUtrecht), de heer M. van Heuven (Partij voor de Dieren), mevrouw M. Ramaker (VVD), de heer M. de Pagter (VVD), de heer R. Maas (VOLT), mevrouw L. Bode (VOLT), mevrouw K. de Haan (Bij1), de heer C. Bos (Stadsbelang Utrecht), en van de griffie de commissiegriffier de heer J. Schueler en de commissiesecretaris. Middagvergadering De voorzitter, de heer H. Bakker, en van het college de wethouder mevrouw Schilderman en voorts de leden: mevrouw J. Kleinrensink (GroenLinks), mevrouw M. Fattal (GroenLinks), de heer M. Koning (D66), de heer R. van der Zweth (PvdA), mevrouw R. Leever (PvdA), de heer T. Compagnie (ChristenUnie), de heer D. van Bergen (ChristenUnie), mevrouw A.
Oudejans (Student & Starter), de heer van den Enk (Student & Starter), mevrouw E. Kendir (Student & Starter), de heer B. van Steeg (CDA), de heer M. de Pagter (VVD), mevrouw K. de Haan (Bij1), mevrouw M. Ramaker (VVD), de heer M. van Heuven (Partij voor de Dieren), en de heer Bos (Stadsbelang Utrecht), de heer I. Simşek (DENK), en van de griffie de commissiegriffier de heer J. Schueler en de commissiesecretaris. Verslag openbare vergadering commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
40
Aanwezigen: ............................................................................................................- 1 1. Opening en mededelingen...................................................................................- 2 1.a Heropening ........................................................................................................- 2 2. Vaststellen van de agenda van 26 januari 2023................................................- 2 3. Vaststellen van ingekomen agenderingen.........................................................- 2 3.1 zichtbaar dragen van religieuze uitingen handhavers – ervaringen in het buitenland ................................................................................................................- 2 4. Vaststellen verslagen ........................................................................................- 4 5. Toezeggingen/moties ........................................................................................- 4 Pagina 1 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
50
6. Ingekomen stukken (afdoeningsvoorstellen) onder het werkterrein van de commissie ................................................................................................................- 4 7. Verslag adviescommissie Controle en Financiën..............................................- 4 8. Raadsbrief Uitvoeringsbrief coalitieakkoord Plannng op Hoofdlijnen ................- 5 9. Raadsbrief Proces Sturen en Verantwoorden .................................................- 24 10. Raadsvoorstel zienswijze kadernota 2024 Veiligheidsregio Utrecht ...............- 27 11. Raadsbrief rapport coronalessen gemeente Utrecht.......................................- 28 12. Actieplan Straatintimidatie ...............................................................................- 39 Ochtendvergadering 26 januari 2023
1. Opening en mededelingen De voorzitter, de heer Bakker, opent de vergadering omstreeks 09.30 uur en heet iedereen welkom.
60
Mededelingen vanuit de commissie De heer Dijkstra (EenUtrecht) zal over een uur absent zijn met het oog op zijn gezondheid. Mevrouw Ramaker (VVD) vervangt mevrouw Meerding voor de behandeling van het onderwerp Straatintimidatie. Mededelingen vanuit het college Geen.
70
Middagvergadering 1.a Heropening De voorzitter, de heer Bakker, heropent de vergadering omstreeks 14.00 uur en heet iedereen welkom. 2. Vaststellen van de agenda van 26 januari 2023 Aldus vastgesteld. 3. Vaststellen van ingekomen agenderingen De voorzitter leidt de bespreking in. 3.1 Raadsbrief Regionale Veiligheidsstrategie 2023 – 2026 Het voorstel is een commissiebehandeling voor 45 minuten. De commissie gaat daarmee akkoord.
80
3.2 Raadsbrief Inhoudelijke uitgangspunten Programmabegroting en Beleidscyclus nieuwe stijl De voorzitter deelt mee dat vandaag dit onderwerp op de agenda staat om het college input mee te geven. Dit wordt ook besproken in de commissie Controle en Financiën. Om voortgang te behouden in het proces is het voorstel de raadsbrief te agenderen voor de commissie VBF van 23 februari met een behandeltijd van 90 minuten. De commissie kan zich daarin vinden. 90
3.3 Rapport Rekenkamer Utrecht “Horen zien en samen door” Het voorstel is dit rapport in de commissie te behandelen in 90 minuten. De Rekenkamer heeft een technische bijeenkomst aangeboden, voorafgaand aan de commissiebehandeling. De voorzitter vraagt of de commissie daarvan gebruik wil maken. Eerder stuurde de Rekenkamer ook een brief over het jaarplan van de Pagina 2 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
100
110
120
Rekenkamer. Het voorstel is om een technische bijeenkomst over het jaarplan te combineren met de bijeenkomst over het zojuist genoemde rapport. De voorzitter vraagt of de commissie de behoefte heeft aan een technische bijeenkomst.Hij vraagt of de commissie het eens is met de agendering. De heer Van der Zweth (PvdA) bepleit de betrokkenheid van burgers hierbij. Hij heeft dan de voorkeur aan een Raadsinformatiebijeenkomst. De voorzitter antwoordt dat een combinatie van beide mogelijk is. Hij wacht het oordeel af van de commissie over zijn vraag over of dit een Raadsinformatiebijeenkomst moet zijn of een technische bijeenkomst. De heer Dijkstra (EenUtrecht) steunt het voorstel van de PvdA. De heer Koning (D66) is voorstander van een Raadsinformatiebijeenkomst. De heer Van Steeg (CDA) is het daarmee eens. Wat hem betreft voorafgaand aan de Raadsinformatiebijeenkomst Introductie van de Rekenkamer om daarna stil te staan bij wat dit voor de stad betekent. Hij bepleit een bespreking van 90 minuten. De voorzitter constateert dat VOLT en de ChristenUnie mee agenderen. Hij concludeert dat de agenderende partijen een programma zullen maken met de Rekenkamer voor 14 februari. De heer Van der Zweth (PvdA) stelt zich beschikbaar voor het schrijven van een tekst voor de Raadsinformatiebijeenkomst. De heer Van Steeg (CDA) stelt voor hiervoor 120 minuten uit te trekken.
De commissie gaat daarmee akkoord. Mevrouw Chirino (ChristenUnie) schaart zich daar achter. De commissie gaat akkoord met 120 minuten. Mevrouw Ramaker (VVD) denkt dat haar fractie wil aansluiten en zal hierover terugkoppelen. De voorzitter concludeert dat een modus gevonden zal worden voor een combinatie met het jaarplan. De heer Van der Zweth (PvdA) bepleit de twee onderwerpen los van elkaar te bespreken; die hoeven niet in één vergadering aan de orde te komen. Hij bepleit een planning die logisch is. De voorzitter concludeert aldus. 3.4 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven 3.4.1 Het afgelaste Stadsgesprek over over jongeren en politiek met een migratieachtergrond. Mevrouw Kendir (Student & Starter) bepleit deze agendering voor 14 februari voor anderhalf uur. De voorzitter gaat hiermee akkoord.
130
140
3.4.2 Een initiatiefvoorstel in de plaats van de ooit afgeschafte wijkraden. De heer Dijkstra (EenUtrecht) bepleit de behandeling ervan in de commissie van 23 februari. De voorzitter merkt op dat die datum al behoorlijk volgepland is. Hij vraagt de heer Dijkstra of het mogelijk is hierover separaat een gesprek te voeren. Hij legt de vraag voor of dit nu al in de commissie besproken moet worden. De heer Dijkstra (EenUtrecht) bevestigt dit te willen bespreken in de commissie. Hij wil dit in het publieke debat brengen. De heer Van Steeg (CDA) vindt het goed om te spreken over de wijkplatforms en hoe dat te organiseren. Hij verwacht daarover nog een brief van het college. Hij stelt voor de brief over de wijkplatforms daarbij te betrekken. De heer Dijkstra (EenUtrecht) neemt hierin graag initiatief als oppositie. Hij hoopt met het initiatief de wethouder uit te dagen om daarin mee te denken. Hij heeft al een eerste gesprek met de wethouder gehad. Mevrouw Ramaker (VVD) had begrepen dat een initiatiefvoorstel eerst via de raad gaat. Dat het aangekondigd wordt in de raad en daarna doorgaat naar de commissie. Pagina 3 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
150
160
170
De voorzitter had begrepen dat heer Dijkstra nog wel een voortraject wil. De raad gaat hierover inhoudelijk. Hij voorziet dat het in ieder geval 30 maart wordt. De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) begrijpt dat de heer Dijkstra dit op deze wijze wil doen. Hij voelt de behoefte niet om een conceptinitiatiefvoorstel in de commissie te bespreken omdat de commissie al weinig tijd heeft. Hij vindt het interessant hierover te spreken met de heer Dijkstra. De heer Koning (D66) schaart zich achter de inbreng van de heer van Heuven. Mevrouw Kendir (Student & Starter) sluit zich daarbij aan. De voorzitter concludeert dat de meerderheid in deze commissie bepleit het officiële initiatiefvoorstel proces te doorlopen. Het voorstel is om in onderlinge afstemming samen met de commissiegriffier na te gaan hoe dit al dan niet gecombineerd met de andere raadsbrief in het vat te gieten. Hij verneemt dat de heer Dijkstra (EenUtrecht) daarmee akkoord gaat. 3.4.3 Raadsbrief over het Onderdak De heer Van Steeg (CDA ) stelt voor dit te agenderen voor de commissie samen met de PvdA, met de VVD en Student & Starter en stelt voor 90 minuten daarvoor te reserveren. Hij verwijst in dit verband naar de Raadsinformatiebijeenkomst hierover. Mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) sluit zich daarbij graag aan. De voorzitter constateert dat de ChristenUnie en Bij1 zich aansluiten.
De heer Van Steeg (CDA) deelt mee dat de behoefte bestaat om dit te bespreken samen met de burgemeester en de wethouder asiel en maatschappelijke opvang. De voorzitter deelt mee dat dit meegenomen wordt in de puzzel. Het Utrechts planproces De heer Dijkstra (EenUtrecht) verneemt na ampel beraad dat de commissie de voorkeur geeft aan de behandeling van het Utrechtsplanproces in de Raadsinformatiebijeenkomst vanuit de commissie ROG omdat dat onderwerp daar geagendeerd is. Hij zal de commissieleden in deze commissie uitnodigen om aan de bespreking in de Raadsinformatiebijeenkomst georganiseerd vanuit ROG. De voorzitter concludeert dat daarmee alle agendering zijn besproken. 4. Vaststellen verslagen Conceptverslag vergadering 15 december 2022 Het verslag wordt conform vastgesteld.
180
5. Toezeggingen/moties Lijst toezeggingen-moties-brieven VBF d.d. 15 december 2022. Geen opmerkingen; aldus vastgesteld. 6. Ingekomen stukken Openbare lijst van ingekomen stukken voor de commissie VBF d.d. 26 januari 2023. Geen opmerkingen; conform het afdoeningvoorstel: Petitie drugsoverlast Lucas Bolwerk en omgeving: het voorstel is de petitie in handen te stellen van het college voor advies. Hiermee is deze lijst vastgesteld.
190
7. Verslag adviescommissie Controle en Financiën Verslag van 17 november 2022 . Is ter kennisname aangenomen.
Pagina 4 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
Schorsing en heropening van de vergadering. 8. Raadsbrief Uitvoeringsbrief Coalitieakkoord Plannng op Hoofdlijnen.
200
Burgemeester, Beleidsterrein: Bestuurlijke Zaken Geagendeerd door: (VOLT), (VVD), (CDA), (EenUtrecht) De Rekenkamer heeft op 19 oktober 2022 een brief naar de gemeenteraad en het college gestuurd met haar zienswijze op het Coalitieakkoord in relatie tot de navolgbaarheid van de uitvoering en de Verantwoording hierover. De conclusies zijn een herhaling uit eerdere rapporten: er wordt onder meer geconstateerd dat de concreetheid van ambities en doelen beter kan en dat de aansluiting van ambities en maatregelen niet volledig is. Het is van belang om de ontwikkeling en uitvoering van (nieuw) beleid goed te kunnen volgen. Het stelt de raad in staat om de voortgang op dossiers inzichtelijk te hebben, na te gaan of de doelen met deze inzet behaald kunnen worden en waar nodig op tijd bij te sturen. Volt, VVD, EenUtrecht en CDA willen graag het debat voeren op hoe dit structureel te verbeteren.
De voorzitter leidt de bespreking in aan de hand van de annotatie bij de agenda. (zie hierboven). De bespreking vindt plaats in een termijn.
210
220
230
240
De commissie Mevrouw Bode (VOLT) geeft dit onderwerp graag de tijd die het nodig heeft. Zij spreekt haar zorg uit over de uitvoering. Zij ziet na een jaar in de raad patronen en zij omschrijft ze. Ook het rekenkamerrapport laat die patronen zien. Het meest recente rapport was voor haar fractie de druppel: de bevestiging dat ambities en doelen concreter moeten, zo dat duidelijker is wat het college precies wil bereiken. Het is voor haar onduidelijk wat de huidige acties precies opleveren. Ongeveer een uur geleden werd een nieuw Rekenkamerrapport gepubliceerd over middenhuur. Zij citeert de conclusies:”niet kan worden vastgesteld op welke manier het gemeentelijk beleid bijdraagt aan het bereiken van het doel van een vergroot middenhuur segment om beter te waarborgen dat de geambieerde groei van het segment in de toekomst ook daadwerkelijk wordt gerealiseerd acht” de Rekenkamer “het noodzakelijk dat de gemeente meer specifieke doelen stelt voor middenhuur, meer zicht heeft op de realisatie, en meer structuur aanbrengt in de wijze van sturen.” VOLT vindt het belangrijk dat de raadsleden kunnen sturen op resultaat en de fractie verwacht dat het college helder en transparant is over de doelen, over de voortgang en de acties en dat de begroting daarop aansluit. Om die reden heeft VOLT deze discussie groots neergezet met het hele college aanwezig.
Ze dankt het college voor zijn aanwezigheid. Dit debat beschouwt zij als een debat vanuit de eigen rollen; zij vindt dat de rol van de raad onvoldoende is in te vullen. Het is lastig sturen wanneer het beoogde resultaat niet duidelijk is. Zij verneemt vaak het antwoord dat het niet goed meetbaar is, of dat het gaat om een crisissituatie en dat direct gehandeld moet worden, of “het college doet al zoveel, wat vindt VOLT wat het college nog meer moet doen?” Dergelijke antwoorden slaan haars inziens het leven uit het debat. Zij vraagt het college hoe het beoordeelt of de inzet voldoende bijdraagt. De heer Koning (D66) denkt dat het in dit debat heel belangrijk is de rollen scherp te krijgen. Hij legt de vraag terug wat mevrouw Bode als háár rol ziet. Hij vraagt of zij het eens is dat zij in de positie is om iets te zeggen over de inbreng van het college, bijvoorbeeld om doelen bij te stellen, om daarop te amenderen of voorstellen te doen. Mevrouw Bode (VOLT) zet uiteen dat iedereen iets kan vinden over keuzes die gemaakt worden door de coalitie. Alle partijen kunnen daarvan iets vinden. Het gaat haar erom dat zij wil weten wat gedaan wordt op de keuzes die gemaakt worden, welke doelen er opgesteld worden en of die worden bereikt. Dat blijft haars inziens Pagina 5 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
250
260
270
280
290
vaak vraag. Zij herhaalt haar argumenten als het gaat om het karakter van de debatten die dan volgen. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) deelt met de heer Koning dat de raad soms aan zet is om na te gaan hoe ervoor te zorgen dat het doel dat wordt nagestreefd zo concreet mogelijk meetbaar gemaakt wordt. De raad kan het college daarop scherp houden. Hij legt de vraag voor of de raad daarin zelf ook een rol heeft. Mevrouw Bode (VOLT) kan daarin deels meegaan. Het is haars inziens niet de taak van de raad om de doelen SMART te maken: meetbaar realistisch et cetera. Daarop wil zij graag de resultaten en voortgang terug kunnen zien en kan de raad beoordelen of het al dan niet snel genoeg gaat en een eventuele versnelling kan voorstellen of een andere richting. Mevrouw Ramaker (VVD) is benieuwd of VOLT zelf voorbeelden kan noemen waarin de fractie actief heeft gevraagd aan het college het Smart, concreter en meetbaarder te maken. Mevrouw Bode (VOLT) attendeert op de motie van haar fractie over het meten van klimaatneutraal. De fractie heeft een voorbeeld gehaald uit de global goals en voorgesteld daarop te gaan sturen en te meten. Die motie is afgewezen. Zij vervolgt haar bijdrage in haar termijn met in te gaan op drie voorbeelden.
Allereerst noemt zij het klimaat en de klimaatboom voor het stadhuis die in 2009 geplant is met de tekst “geplant ter gelegenheid van het klimaatbos in Leon en de Utrechtse doelstelling Utrecht CO2 neutraal in 2030”. 12 juni 2019 riep Utrecht de klimaatnoodtoestand uit. De Europese commissie heeft op 28 april 2022 verkondigd dat 100 Europese steden zullen deelnemen aan de missie om uiterlijk 2030 klimaatneutraal te zijn. Ook in het Coalitieakkoord staat dat Utrecht de klimaatcrisis tegengaat. Utrecht wil voorloper zijn op duurzaam en daarop veel publiciteit krijgen. De wethouder stelt dat Utrecht niet klimaatneutraal kan worden. Er is onduidelijkheid over waar Utrecht nu staat, en welke maatregelen positief en negatief daaraan bijdragen. Zij noemt nieuwbouwprojecten die niet klimaatneutraal zijn, laat staan klimaatpositief. Dat wordt verklaard met dat de plannen al ouder zijn. Zij is ervan overtuigd dat het wel kan, maar dat het een kwestie is van keuzes. Keuzes hebben gevolgen voor andere opgaven in de stad. Nu zit Utrecht in de situatie waarin geen keuzes worden gemaakt en dat het debat ook niet goed te voeren is. De heer Van Steeg (CDA) is het er over eens de aanbevelingen van de Rekenkamer serieus te nemen. Wat vindt VOLT van het uitroepen van de klimaatnoodtoestand door de raad? Mevrouw Bode (VOLT) vindt dat symbolisch.
In een crisistoestand zouden er extreme maatregelen nodig zijn om de noodtoestand af te wenden. Nu een paar jaar later ziet ze daarvan niets terug. De heer Van Steeg (CDA) beschouwt de uitroep als een mogelijke algemene oproep tot heel veel maatregelen die moeilijk concreet te maken zijn. Hij vraagt of het in die zin ook een rol van de raad is om daarmee iets voorzichtiger te zijn. Mevrouw Bode (VOLT) zou een lawine aan maatregelen verwachten bij het uitroepen van de klimaatnoodtoestand. Zij mist die lawine aan maatregelen. Zij ervaart die klimaatnoodtoestand niet. De heer Van Steeg (CDA) legt de vraag voor of dat juist ook een reden is om te zeggen dat de klimaatnoodtoestand mogelijk ook wel een te grote sticker is die op de vraag aan het college is geplakt. Mevrouw Bode (VOLT) is het daarmee niet eens. Het gaat dan om het politieke standpunt van waaruit de raad naar de situatie kijkt. Pagina 6 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
300
310
320
330
De heer Koning (D66) vraagt of hiermee het Rekenkamerrapport en het Coalitieakkoord ter discussie staan of de klimaatdiscussie. Mevrouw Bode (VOLT) verheldert door de eerste van drie voorbeelden aan te geven om te duiden waar het volgens haar fractie niet goed gaat. De voorzitter doet de suggestie VOLT in de gelegenheid te stellen haar drie voorbeelden te geven. Mevrouw Bode (VOLT) benadrukt dat het een kwestie is van keuzes. Wanneer het de koers is niet klimaatneutraal te worden, staat zij op standpunt dat dan ook publiekelijk bekend te maken en te vertellen waarom dat niet mogelijk is. Zij is er dan voorstander van zich terug te trekken uit de EU-stedenmissie. Kap de klimaatboom ritueel, als “sorry dit kunnen we niet waarmaken”. Zij krijgt hierop graag de reflectie van het college. Het tweede voorbeeld betreft Wonen. Zij leest in het Coalitieakkoord dat het college de woningnood gaat aanpakken. Een stad als Utrecht zal nooit voldoende woningen hebben door de aanzuigende werking die de stad heeft. Zij legt de vraag voor wanneer het gemeentebestuur tevreden is en wat de ambitie van het stadsbestuur is met de beoogde stand van zaken in 2026. Zij weet dat er aandacht is voor de tekorten van wachttijden, maar zij weet ook dat het bestuur niet goed weet wat het effect is van maatregelen op de wachttijden. Zij legt de vraag voor waarop het stadsbestuur dan stuurt.
Zij vraagt naar de prioriteiten van het college: wat is belangrijk het klimaat of wonen? Wat is belangrijker wonen of groen? Haar derde voorbeeld betreft armoede. In het Coalitieakkoord leest zij dat het college zich hard maakt voor kansengelijkheid. Ontzettend veel wordt gedaan om mensen met weinig inkomen te helpen. Het percentage kinderen dat opgroeit in armoede neemt af; dat komt niet door de maatregelen maar omdat meer mensen in de Utrecht komen wonen die iets rijker zijn. Zij vraagt naar het effect van de maatregelen gericht op kansengelijkheid en alle inspanningen en goede bedoelingen om mensen te helpen. Daarmee heeft zij haar bruggetje naar het laatste punt: de uitvoering. VOLT maakt zich ook zorgen over de uitvoering. Bij alle acties en plannen ziet zij de vraag vanuit de ambtelijke organisatie om meer mensen en middelen. Zij vindt dat logisch vanuit de gedachte dat er steeds meer werk bijkomt. De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt of VOLT het eens is met de PvdA dat wanneer het bestuur het Smart zou willen hebben of wanneer het bestuur het concreet wil hebben, dat het dan niet alleen gaat om de uitkomsten maar ook om de inzet. Mevrouw Bode (VOLT) merkt op dat de inzet publieke middelen zijn. Die zijn maar één keer uit te geven, of één keer in de tijd te besteden. Dat moet dan wel aan zaken die het meeste gaan bijdragen.
Die inzet is belangrijk maar het effect daarvan is nog belangrijker, omdat het effect ertoe kan leiden dat de middelen anders worden ingezet. De heer Van der Zweth (PvdA) bedoelt de inspanning die gepleegd wordt. VOLT noemt voorbeelden waarbij de uitkomsten ter discussie staan. Hij leest in het Coalitieakkoord “we gaan met alle energie productielocatie uit de MER aan de slag; het gevolg daarvan is later te checken. Wachtlijsten inkorten of niet? Ook is iets te zeggen over de productie van sociale huurwoningen. Dat is zijns inziens ook smart en navolgbaar. Daarop is ook de toets mogelijk of het college met zijn beleid zijn beloftes nakomt.
Pagina 7 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
340
350
360
370
380
Mevrouw Bode (VOLT) werpt tegen dat dan niet als effectindicator de wachttijden op woningen verlaagd gaat worden als daarop niet te sturen is. Het gaat haar er om of wat gedaan wordt bijdraagt aan de beoogde uitkomsten. De goede intenties beschouwt zij als start; daarmee is het bestuur er nog niet; iedereen heeft goede intenties. De heer Van der Zweth (PvdA) merkt op dat het ook gaat om afbreekbaarheid van het gemeentebeleid, van de keuzes die daarin gemaakt worden. De ontwikkeling van wachtlijsten heeft ook invloeden van buiten. Hij vraagt of VOLT het met de PvdA eens is dat ook gekozen kan worden om te sturen op aantallen woningen die gebouwd worden, het aandeel sociaal, en dat dat dan het doel is en dat dan de hoop gevestigd is op het slinken van de wachtlijsten. Ook dat is een manier om controle te houden op het beleid en het bestuur. Mevrouw Bode (VOLT) vindt dat een goed voorbeeld. Zij vindt het uitgangspunt “aan de slag gaan met” onvoldoende. Dat moet wat haar betreft uitgewerkt worden in wat er concreet gedaan gaat worden omdat het college bepaalde doelen wil bereiken. Zij vervolgt haar inbreng met de zorgen die zij heeft over de uitvoering. Heel veel werk, taken, opdrachten komen erbij. Dat heeft allemaal prioriteit en moet allemaal gedaan worden.
Zij ziet dat dat leidt tot een uitdijing, ook vanuit de gedachte dat de mens steeds iets toevoegt en dat die mens het lastig vindt om ergens iets weg te halen: wat zijn de criteria om te stoppen met iets? Zij ziet dat overal tekorten zijn aan mensen. Zij is er benieuwd naar te vernemen of het college met een visie kan komen op de inzet van mensen. De vacatures die nu openstaan maken ook dat nagedacht moet worden over waarop het stadsbestuur mensen inzet. Het kan niet steeds op nieuwe dingen omdat er een structureel tekort is. Te zien is dat er sprake is van onderbesteding. Zij pleit voor transparantie in dezen en betrokkenheid van de raad. Zij ziet dat het gebrek daaraan leidt tot micromanagement vanuit de raad: soms worden moties ingediend over kleine uitvoeringsdingen, zoals iets plakken, iets uitdoen. Met alle goede bedoelingen is dat niet wat de raad zou moeten doen. Zij geeft graag ruimte aan de plek waar die dingen gedaan worden. Wanneer de raad gaat micromanagen, is de raad niet bezig met het grote geheel. De heer Dijkstra (EenUtrecht) hoopt dat VOLT hiermee niet zegt dat de raad niet meer moet sturen op belangrijke details. Mevrouw Bode (VOLT) antwoordt ontkennend. Zij pleit ervoor ook niet de ideeënmachine te zijn om ergens het licht uit te doen of het zwembadwater een paar graden kouder te laten worden. Dat mag wat haar betreft ergens anders bedacht worden.
Daarover hoeft de raad geen moties in te dienen wat haar betreft. Mevrouw Ramaker (VVD) merkt op dat VOLT aangeeft dat een en ander concreter moet, et cetera. Zij vraagt of VOLT voorbeelden kan geven van keuzes die die fractie zou maken wanneer zij in het college zou zitten. Mevrouw Bode (VOLT) pakt dan een eigen stokpaardje. Zij gaat in op alle maatregelen gericht op mensen met weinig geld. De keuze van haar fractie zou dan zijn hen geld te geven. Dan komt daar een heel pakket bij aan vragen hoe dat is uit te voeren; maar dat is dan de richting. Zij ziet daarmee besparing in de uitvoering. Ze geeft dit als voorbeeld en heeft niet de intentie hierover een debat te voeren. De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt hoe daarvan het effect te meten is, uitgaande van het pleidooi van VOLT zojuist.
Pagina 8 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
390
400
410
420
430
Mevrouw Bode (VOLT) vergelijkt die meting met de meting van het effect van passen waarmee mensen goedkoper uit kunnen zijn en middelen op andere manieren. Te meten is dat er geen kwijtschelding van belastingen meer nodig zijn, dat allerlei noodmaatregelen niet meegenomen hoeven te worden omdat iedereen voldoende inkomen heeft om mee te draaien bij alles wat er is. Dat zal gemerkt worden aan minder druk op Buurtteams, aan minder druk op de gezondheidszorg. De heer Van der Zweth (PvdA) herhaalt zijn vraag en schetst wat hij aan gevolgen van het geven van geld ziet. Mevrouw Bode (VOLT) kan de gedachtegang van de heer Van der Zweth niet volgen. Hij ging te snel. De heer Van der Zweth (PvdA) bedoelt dat er een maatregel wordt genomen met een onduidelijke impact. Vervolgens voorziet hij dat alles tegenzit: andere armoederegelingen worden versoberd. De werkloosheid loopt op. De armoede neemt toe breed in het land. Hij herhaalt zijn vraag aan mevrouw Bode over hoe te meten wat de maatregel van geld geven heeft gedaan. Mevrouw Bode (VOLT) kijkt naar hoe mensen kunnen meedoen. Er zijn ook andere effecten van invloed. De kern is hoe geld verdeeld wordt; de kern van dit voorstel van “het college VOLT” is dat heel veel maatregelen die nu geld en tijd kosten waarvan niet goed te zien is wat het effect is, en die dan niet meer nodig zijn. Zij houdt het graag simpel.
Er zijn voorbeelden van het gevolg van wanneer mensen geld krijgen. De heer Van der Zweth (PvdA) begrijpt het pleidooi van mevrouw Bode, dat het hier dan ook gemeten moet worden en getoetst. Hij beschouwt de inbreng van haar als de omschrijving van het dilemma; het is mogelijk op de inpanning de check te doen: wordt daadwerkelijk geld gegeven inplaats van andere armoederegelingen. Als het gaat om de vraag welk effect het heeft, is dat zijns inziens lastig te meten, omdat daar allerlei andere facetten en dingen bij komen kijken. Het stadsbestuur is geen bedrijf; het stadsbestuur is een overheid en gaat over van alles. Het voorbeeld van mevrouw Bode zelf is niet goed te meten. Hij is benieuwd te vernemen of mevrouw Bode dat deelt. Mevrouw Bode (VOLT) is het daarmee niet eens. Zij benadrukt dat het minder tijd en minder geld kost, ook van de organisaties om de gemeente heen. De voorzitter stelt voor dat mevrouw Bode haar betoog voortzet. Mevrouw Bode (VOLT) is aanbeland bij het onderwerp micromanagement. Zij stelt voor te laten zien wat het voor consequenties heeft voor de leden van de raad; zij vraagt of het college daarvoor openstaat.
Haar fractie is erg benieuwd naar de reflectie en ideeën van het college om betere doelen te stellen, daar acties aan te koppelen en resultaten te laten zien: welke keuzes worden gemaakt, wat heeft prioriteit? Zij stelt voor dat tot uiting te laten komen in lovende conclusies en in volgende rekenkamerrapporten en levendige debatten in de raadszaal opdat het stadsbestuur gezamenlijk de stad verbetere. De heer Dijkstra (EenUtrecht) stelt een vervolgvraag op het micromanagement. Hij betreurt het dat VOLT daaraan zo'n negatieve smaak heeft. Hij krijgt graag de reactie van VOLT op zijn stelling dat wanneer de raad stuurt, de raad niet blijft hangen op de abstracties en de hoofdlijnen, maar juist op een aantal details. Hij bepleit op details te gaan zitten wanneer zich herhalingen voordoen van zaken waarop kritiek is. Hij wil niet uit deze discussie komen met de idee dat het micromamnagement niet gedaan moet worden. Hij vraagt of VOLT die opvatting deelt.
Pagina 9 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
440
450
460
470
480
Mevrouw Bode (VOLT) staat in contact met bewoners. Wanneer dat het microniveau is, antwoordt zij bevestigend op de vraag van de heer Dijkstra. Daar is de raad voor. Dat betekent nog niet dat de raad op microniveau moet sturen; de raad moet de kaders kunnen stellen en richting kunnen geven. Dat moet niet plaatsvinden op ieder detail. De heer Dijkstra (EenUtrecht) antwoordt dat vandaag gesproken wordt over hoe te sturen is, hoe zaken SMART te krijgen. Dan laat de raad zich ook leiden door wat er plaatsvindt op microniveau. Mevrouw Bode (VOLT) vindt dat het abstract wordt dat het niet zo zou hoeven zijn. Wanneer gesproken wordt over het klimaat hoeft de raad niet bij elke grasspriet na te gaan wat de effecten zijn. Zij wil op een hoger niveau daarover het gesprek aangaan met het college. De voorzitter merkt op dat de beide raadsleden iets anders in de wedstrijd zitten. Hij geeft het woord aan GroenLinks. Mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) betreurt het van VOLT dat die fractie de rol van de raad heel klein maakt. VOLT legt de nadruk op bijvoorbeeld de doelen van het college, hoe daarop te sturen is; de rol van de raad is het stellen van de kaders vooraf. Wanneer de doelen niet goed genoeg zijn, kan de fractie daarvoor voorstellen doen. De kunst is dan een meerderheid te vinden. Zij is heel benieuwd naar de voorstellen waarmee VOLT in de komende tijd zal komen.
Mevrouw Bode (VOLT) merkt op dat de raad ook een controlerende taak heeft. Keer op keer is vast te stellen dat niet goed te beoordelen is of het beleid aansluit op de doelen die worden gesteld, en dat doelen ook niet scherp zijn. Zij vindt het prima om een reflectie op de rol van de raad te hebben. Zij ziet ook dat de raad iets te doen heeft. Nu gaat het om de rol vanuit het college en het gaat om de raadsvoorstellen die te verwachten zijn en hoe bepaalde zaken worden uitgevoerd en de conclusies die daaraan verbonden worden door de Rekenkamer. . Mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) bevestigt dat de raad een controlerende taak heeft. De raad moet die taak ook goed uitvoeren. Dat betekent dat de raad aan de voorkant duidelijk moet zeggen wat hij wil in de zin van de kaders die hij meegeeft zo dat de raad daarop kan controleren. Er zit ook een taak voor de raad in de kaders en in de doelstellingen. Die zijn op sommige punten ook heel helder wat haar betreft. Wanneer mevrouw Bode vindt dat dat niet helder genoeg is zo dat de raad daar later niet goed op kan sturen, staat het de fractie vrij daarop voorstellen te doen. Nu wordt iets bij het college gelegd dat aan de raad is waarbij het aan de raad is om daarin een goede rol te nemen. Zij voert graag het gesprek met mevrouw Bode over hoe daarop beter te sturen. Daarop lopen ook processen momenteel.
De heer Koning (D66) had dezelfde vraag als mevrouw Kleinrensink. De raad heeft niet alleen een controlerende maar ook een kaderstellende en een volkstegenwoordigende rol. De raad staat continu aan de lat als het gaat om de kaderstellende rol. Wanneer hij een begroting of een Voorjaarsnota vaststelt, moeten de kpi’s SMART zijn. Wanneer VOLT van mening is dat die niet voldoende SMART zijn en dat die anders moeten, heeft de fractie alle ruimte om daarvoor voorstellen aan te dragen en ook om het college daarop scherp te houden in de desbetreffende debatten. Hij vraagt of mevrouw Bode daarvan meer gebruik wil maken. Hij roept haar op zich uit te leven bij de Voorjaarsnota.
Pagina 10 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
490
500
510
520
530
Mevrouw Bode (VOLT) zal dat zeker doen. Zij benadrukt dat die gesprekken nog steeds gaan over of wat gedaan wordt navolgbaar/meetbaar is, onafhankelijk van of de raad met de acties al of niet eens is. De heer Koning (D66) benadrukt dat dat zijn punt is. Hij adviseert VOLT het gesprek aan te gaan wanneer die onvoldoende meetbaar zijn. Hij merkt op dat in de afgelopen jaren veel discussies geweest zijn over welke zaken gemeten worden in de begroting en hoe verantwoord wordt. Hij attendeert op de commissie waaraan ook VOLT kan deelnemen waar de begrotingstructuur wordt aangepast een hoe nu gewerkt wordt aan de actuele thema's. Hij vraagt of VOLT ook die verbeteringen ziet. Mevrouw Bode (VOLT) antwoord ontkennend. Het stadsbestuur doet het niet goed zo lang zij Rekenkamerrapporten leest waarvan zij de conclusies al kan schrijven zonder ze te hebben gelezen. Zij vindt dat dat anders moet. Daarom gaf zij in haar betoog aan hoe dat te kunnen verbeteren. Die hoop koestert zij richting de toekomst. Terugkijkend ziet zij de verbeteringen niet. De heer Koning (D66) concludeert dat de uitnodiging aan mevrouw Bode blijft staan om op de specifieke onderwerpen voorstellen in te dienen. Hij vindt het te gemakkelijk om de bal bij alleen het college neer te leggen, terwijl de raad de kaderstellende rol heeft. De heer Van Steeg (CDA) bevestigt dat de raad de kaderstellende rol heeft.
Hij merkt op dat dit debat gaat over de uitvoering van het Coalitieakkoord. De Rekenkamer maakte daarover opmerkingen. De raad mag van de coalitie vragen daarover duidelijk te zijn. Hij had gehoopt dat VOLT ook daarop zou ingaan: hoe dat nadrukkelijker terug te kunnen laten komen in het vervolg hierop. Hij hoopt dat de coalitie dat gaat doen en dat mevrouw Bode de oppositie daarin steunt. Mevrouw Bode (VOLT) vindt dat een mooie aanvulling van het CDA. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat de vraag wel concreet is hoe ervoor te gaan zorgen dat al die maatregelen die in het Coalitieakkoord staan in het proces van de raad meer borging krijgen en dat de raad duidelijker kan sturen op dat het daadwerkelijk gebeurt. Mevrouw Bode (VOLT) merkt op dat het hier te maken heeft met keuzes maken en prioriteiten stellen. Wanneer alles een beetje gedaan wordt redt het stadsbestuur het niet. Daarin moeten stappen gezet worden. De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) herkent wat VOLT zegt over het ontbreken van overkoepelende doelen en over het hebben van parallelle doelen en dat de raad dan niet kan controleren. Hij is benieuwd te vernemen wat mevrouw Bode vindt van zijn perceptie dat het college het vaak onmogelijk maakt om beleid aan te scherpen. In hoeverre kan de raad beter opereren gericht op het aanscherpen van het Coalitieakkoord en te verbeteren.
Mevrouw Bode (VOLT) houdt dat voor mogelijk en ziet dan een splitsing van twee zaken; dat gaat het enerzijds om het aanscherpen van doelen en anderzijds om de politieke overtuiging en de ideeën over wat de raad zou willen bereiken. Dat vraagt soms van de oppositie dat zij over haar eigen schaduw heen stapt door na te gaan welke keuze de coalitie heeft gemaakt en helpt het om daarop de doelen aan te scherpen al zijn het niet de doelen van de raad en al gaan de doelen niet zo ver als de raad zou willen. De voorzitter concludeert dat hiermee de bijdrage van VOLT is afgerond. Hij brengt voor het voetlicht dat vandaag het Coalitieakkoord op de agenda staat en de raadsbrief die daarop heeft gevolgd en het rekenkamerrapport. Hij vraagt de discussie daarop toe te spitsen en de scherpte daarin op te zoeken. Pagina 11 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
540
550
560
570
Voortzetting debat Mevrouw Ramaker (VVD) gaat in op de disbalans tussen ambities en maatregelen, die resulteert in onderbesteding, in het doorschuiven van ambities. Zij heeft nagedacht over kaderstellende en volksvertegenwoordigende rol die de raad heeft en hoe de raadsleden elkaar daarin kunnen versterken, los nog van de scheiding tussen coalitie en oppositie. Alle raadsleden worden aangesproken door de vraag hoe de stad het beste te vertegenwoordigen. Vanuit dat perspectief ziet zij dat het stadsbestuur veel programma's heeft en opgaven en dat er een verhaal richting de raad komt en dat de VVD dan weleens vindt ontbreken hoe het zit wanneer het programma stopt. Dan zijn er nog steeds de kosten die voortkwamen uit het programma. Het zou dan wat haar betreft goed zijn wanneer in de raadsvoorstellen meer inzichten komen over de in standhoudingskosten en over de doorlooptijden. Zij krijgt hierop graag de reactie van het college, van de wethouder financiën. Zij was geschrokken over de 1 miljoen aan dwangsommen; de raad ontvangt brieven over risicovolle projecten. Van bepaalde andere programma's weet het stadsbestuur dat nog niet maar verwacht het wel. Zij zou het goed vinden wanneer duidelijker in de kanttekeningen de juridische financiële implicaties aangegeven zouden worden. Zij pleit ervoor de rol van de randvoorwaarden duidelijker te laten uitkomen in het raadsvoorstel.
Als voorbeeld noemt zij de gespannen arbeidsmarkt. Die is gespannen voor iedereen in Nederland. De vraag is dan wat het stadsbestuur gaat doen in de mogelijkheden die er zijn of wat het college aan risico’s verwacht zo dat de raad daarop beter kan anticiperen of daarover kan discussiëren en prioriteiten kan stellen. Zij zou dat veel duidelijker en inzichtelijker willen krijgen. Zij zou over de versterking van de randvoorwaarden in de raad voorstellen willen afspreken samen met de raad of met een adviescommissie. Zij spreekt dan ook over de personele consequenties. Hiermee rondt zij haar bijdrage af. De heer Koning (D66) kan op een aantal punten meekomen met mevrouw Ramaker. De vraag blijft wel hangen wat VOLT en de VVD concreet willen. Wat is de vraag aan het college als het gaat om wat het college morgen anders gaan doen. Mevrouw Ramaker (VVD) zet uiteen dat een raadsvoorstel een snelle en gemakkelijke manier voor de raad is om snel een overzicht te krijgen van wat dit betekent; de raad heeft een visie, een programma. Zij legt de vraag voor wat dit voor daarna betekent. Zij ziet dat wel eens vergeten wordt dat er een exploitatie zit achter het gekozen beleid en een instandhouding. Zij zou de juridische financiële en personele consequenties meer inzichtelijk willen hebben.
De heer Koning (D66) merkt op dat in het raadsvoorstel een opsomming staat van kanttekeningen, van risico's, een deel over de financiële consequenties. Voor de raadsleden zijn er mogelijkheden om daarover aanvullend vragen te stellen. Daarover is een commissiedebat. Op die manier haalt de raad informatie op die nodig is voor het maken van afwegingen. Hij vraagt zich dan af wat niet goed gaat en wat dan concreet anders moet. Mevrouw Ramaker (VVD) merkt op dat heel veel zaken wel goed gaan. De raad moet niet worden overvallen met de noodzaak extra geld aan een genomen besluit toe te voegen of dat het niet gelukt is, omdat het personeel niet te vinden is. Zij noemt als concreet voorbeeld de digitalisering van de stad met daarover een visie geschreven, en tegelijkertijd heeft deze gemeente ook een datawarehouseteam bestaande uit niet al teveel mensen om een dergelijk beleid te kunnen maken - in die Pagina 12 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
580
590
600
610
620
zin ziet zij een disbalans tussen ambities en de uitvoering. Zij roept ertoe op de balans daarin aan te brengen. De heer Van der Zweth (PvdA) bevestigt dat bij veel raadsvoorstellen de risico's niet goed genoeg zijn ingedekt. Hij vraagt of de VVD het met de PvdA eens is dat er meer aandacht nodig is voor arbeidskracht omdat bekend is dat die een knelpunt kan zijn. Mevrouw Ramaker (VVD) ziet dat ook zo. Bij de visie op personeel en organisatie zal de raad goed moeten nagaan hoe het met de uitvoeringskracht gesteld is. Zij ziet in dat opzicht ook een disbalans tussen staf en lijn. Dat is ook terug te zien in de raadsvoorstellen. Het financieel juridische kan wat haar betreft sterker. Zij sluit zich aan bij deze inbreng van de PvdA. De heer Dijkstra (EenUtrecht) beperkt zich tot twee waarnemingen en doet daar twee voorstellen bij. Hij bepleit een onderscheid te maken tussen aan de ene kant ambities en aan de andere kant doelen. Ambities kunnen wat hem betreft niet hoog genoeg gegrepen zijn. Maar wat als doel benoemd wordt, moet SMART zijn. De doelen moeten realistisch zijn, financieel onderbouwd et cetera en controleerbaar door de raad. Dat gaat niet altijd goed. Hij ziet regelmatig ambities en doelen door elkaar heen lopen. Ambities zijn vergezichten, die geven richting. De raad en college moeten die vergezichten willen.
Mevrouw Kendir (Student & Starter) vraagt of een doel dan naar beneden bijgesteld moet worden wanneer een hoger doel niet realistisch is. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vindt dat op weg naar de 8 het bestuur binnen twee jaar op een 7 moet zitten. Hij wil bij doelen dan ook voldoende geld zien en voldoende mensen. Dat mogen wat hem betreft ook mensen uit de gemeenschap zijn. De heer Koning (D66) vindt het nu een semantische of een bestuurskundige discussie worden over of het woord ambities op doelen gebruikt moet worden; de raad zit wat hem betreft hier om afspraken te maken. Hij vindt het onnodig om het hele college uit te nodigen bij een dergelijke discussie. De heer Dijkstra (EenUtrecht) betreurt deze inbreng van D66. Hij hoopt er op dat ambities gesteld durven te worden. Hij herhaalt zijn stellingname. De heer Koning (D66) vindt de ambities heel helder. De oppositie kan de coalitiepartijen aanspreken op het Coalitieakkoord. In het Coalitieakkoord staat een aantal zaken, dat sindsdien onvoldoende concreet is om er direct mee aan de slag te kunnen. Hij refereert aan de desbetreffende kritiek van de Rekenkamer; hij neemt zich die ter harte.
Soms zijn zaken in het Coalitieakkoord met een intensieve vraag geformuleerd, namelijk omdat het uitwerking vereist, omdat het soms onderzoek nodig heeft zo dat de raad uiteindelijk beleid voorgelegd krijgt dat de raad kan aanscherpen, bijstellen en vaststellen. Wanneer de doelen nog te vaag zijn, kan de raad zijn zegeningen tellen; dan is er ruimte voor de raad om daarover iets te zeggen om daarop te sturen. Hij legt de vraag voor of de heer Dijkstra daarvan de meerwaarde ziet. De heer Dijkstra (EenUtrecht) benadrukt zijn stellingname over het verschil tussen doelen en ambities en stelt specifieke eisen aan doelen. Hij zegt niet veel anders dan wat in de Rekenkameraanbevelingen is opgenomen. Zijn tweede voorstel is ook gerelateerd aan de inhoud van het Rekenkamerrapport; hij stelt voor te stoppen met gestapelde en tegenstrijdige doelen. Datzelfde geldt voor de ambities. Hij geeft als voorbeeld dat in de NRU staat dat het stadsbestuur voor Pagina 13 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
630
640
650
660
670
meer groen gaat en meer woningen. En dat terwijl iedereen ziet dat dat niet samengaat. Het bouwen van woningen gaat gepaard met verlies van groen. Hij stelt voor daarmee te stoppen. Hij deelt met de voorgaande sprekers dat de raad een belangrijke rol heeft. Wat hem betreft mogen de coalitiepartijen daarop ook scherp zijn. Hij krijgt graag hierop ook een reactie van een van de wethouders. De heer Van Steeg (CDA) focust op de uitvoering van het Coalitieakkoord. Het Rekenkamerrapport gaat daarover. Hij is het zeer eens met de fractie van VOLT dat het bestuur van de Rekenkamer vaak dezelfde soort aanbevelingen krijgt en dat het bestuur er onvoldoende in slaagt om de uitvoering concreet te maken. Ook in die zin heeft de Rekenkamer een korte en krachtige analyse gemaakt van het Coalitieakkoord en op welke manier de plannen in praktijk worden gebracht. In de aansluiting tussen ambitie en uitvoering zit veel ruimte. De heer Koning (D66) benadrukt de meerwaarde van plannen die nog nader uit te werken zijn door de raad. Hij vraagt of de heer Van Steeg die meerwaarde ook ziet. De heer Van Steeg (CDA) hoopt dat dat zo is; dat de raad die ruimte krijgt. Veel plannen worden gemaakt door de coalitie, en dan is er weinig ruimte voor de oppositie om daarin verandering te brengen.
De heer Koning (D66) is er dan benieuwd naar of de heer Van Steeg een voorbeeld heeft van een onderwerp waarvan hij nu denkt dat dat wellicht niet ten uitvoer gebracht gaat worden. De heer Van Steeg (CDA) refereert aan de uitspraken van de Rekenkamer over onvoldoende concreet zijn van plannen. Als voorbeeld geeft hij dat het nu onduidelijk is hoe het plan ten uitvoer gebracht zal worden om leraren meer ruimte te geven om te parkeren. De heer Koning (D66) twijfelt daarover niet. Hij stelt voor dat partijen elkaar blijven vinden op dit soort onderwerpen en dat partijen elkaar scherp houden en dat zij het college daarop uitdagen. Het gaat in dit geval om het wegwerken van het lerarentekort. De heer Van Steeg (CDA) zou willen dat het Coalitieakkoord zo helder was. Hij benadrukt zijn standpunt en refereert aan de teksten in het Coalitieakkoord. Het zou de raad helpen wanneer de coalitie helderheid schept zo dat de raad daarover een uitspraak kan doen. De heer Van der Zweth (PvdA) bepleit dat de raad te allen tijde die ruimte pakt om de helderheid te krijgen en dat de oppositie zich daarvan niet afhankelijk stelt. De heer Van Steeg (CDA) bevestigt dat hij die rol zal nemen. Het gaat vandaag over de uitvoering van het Coalitieakkoord; dan is het in eerste instantie aan het college te zeggen hoe dat te gaan doen.
De heer Van der Zweth (PvdA) vindt dat de rol van de raad groter is dan sommige van de oppositiepartijen die nu maken. De heer Van Steeg (CDA) verwacht inderdaad dat de raad de ruimte neemt die er is. Hij constateert dat op sommige onderwerpen de coalitie de oppositie die ruimte niet laat. De heer Van der Zweth (PvdA) verneemt desgevraagd van de heer Van Steeg (CDA) dat op sommige punten de coalitiepartijen de ruimte om zaken aan te scherpen niet laten doordat zij het onderling eens zijn; dan is zijns inziens die ruimte ook niet te nemen.
Pagina 14 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
680
690
700
710
720
Mevrouw Ramaker (VVD) vraagt of de heer Van Steeg het soms lastig vond om een goed debat te kunnen voeren vanwege het hebben van minder informatie dan de coalitiepartijen. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat de brief van het college over de uitvoering van het collegeakkoord en de analyse van de Rekenkamer hem bevestigen dat het nog onduidelijk is hoe de uitvoering van het Coalitieakkoord vorm zal krijgen. Dat zou wat hem betreft nadrukkelijk terug moeten komen in de Voorjaarsnota en in de Programmabegroting. Mevrouw Ramaker (VVD) kreeg de indruk dat zaken waren afgestemd bij de bespreking van de programmabegroting waardoor de oppositiepartijen op achterstand stonden. Zij vraagt hoe de heer Van Steeg dat ziet. De heer Van Steeg (CDA) aanvaardt dat sommige dingen afgestemd zijn. Zijn fractie heeft ook een tegenbegroting gemaakt; daarbij was te zien hoe lastig het was om inzicht te krijgen in waar de ruimte zit om door de oppositie wijzigingen aan te brengen. Dat is voor hem een andere discussie. Dat kan wat hem betreft beter en is ingewikkeld. Zijn fractie wil graag dat de plannen weer terugkomen in de programmabegroting en dan veel concreter; zoals de Rekenkamer aangeeft. Hij betreurt het dat het college een voorbehoud maakt bij alle voorstellen die het naar de raad stuurt: dat er een arbeidsmarktprobleem is en dat dat kan leiden tot problemen in de uitvoering.
De vraag is dan voor welke plannen dat consequenties heeft. Hij merkt op dat alle belastingen die aangekondigd zijn, ingevoerd zijn. Hij zou verwachten dat zaken die leiden tot een onderbesteding op de lange termijn gesteld worden wanneer die te maken hebben met een gebrek aan uitvoeringskracht. Hij vraagt het college of dat een optie kan zijn. Hij wil voorkomen dat het stadsbestuur een slecht verhaal heeft richting de burgers. Het zou behulpzaam zijn wanneer de brief die de raad heeft ontvangen verder uitgewerkt wordt en veel meer gefocust op het Coalitieakkoord en de uitvoering daarvan. Dat kan in de programmabegroting. Hij verwacht dat die aanscherping komt op basis van de adviezen van de Rekenkamer en dat het college dit ter hand wil nemen bij de komende programmabegroting. De niet-agenderende partijen De heer Van der Zweth (PvdA) dankt de Rekenkamer voor zijn brief over het Akkoord en het college voor de Uitvoeringsplanning. Hij benadrukt dat het wat zijn fractie betreft het Coalitieakkoord een politiek document is; het is geen beleidsstuk. Dat vindt hij in de brief en in het debat ontbreken. Dat zou anders gewogen kunnen worden. Hij herhaalt zijn standpunt over de ruimte die raad heeft omdat niet alles is dichtgetimmerd.
De heer Van Steeg (CDA) vindt dat de heer Van der Zweth gemakkelijk voorbijgaat aan wat de Rekenkamer zegt; in het Coalitieakkoord staat een aantal voorstellen wat hem betreft die vrij klein zijn waarvan de uitvoering op dit moment onduidelijk is. Hij vraagt of de heer Van der Zweth dat met hem deelt. De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt bevestigend. In het kader van de Financiën wil hij graag de koppeling duidelijker hebben bij de Voorjaarsnota en bij de Programmabegroting en veel liever ook bij de raadsvoorstellen: wat die in financieel opzicht betekenen, hoe het samenhangt met het Coalitieakkoord, hoe het later weer terugkomt bij de P&C-cyclus. Hij is benieuwd te vernemen hoe de wethouder Financiën daarmee aan de slag gaat.
Pagina 15 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
Richting de heer Van Steeg bevestigt hij dat er punten staan in het Coalitieakkoord die de raad heel serieus moet nemen en dat planning en zicht op de beleidsstukken en de financiën en de P&C-cyclus goed moeten doorwerken en dat de raad aan het stuur zit. Hij stipt aan dat de Rekenkamer zegt dat er onvoldoende meegroei is met de groei van de stad. Wat hem betreft moet in dat opzicht er een been bijgetrokken worden. 730
740
750
760
770
Mevrouw Kendir (Student & Starter) leest goede aanbevelingen in de brief van de Rekenkamer die de uitvoering van het Coalitieakkoord kunnen versterken. Eén punt heeft de aandacht van haar fractie zoals ook aangestipt door de PvdA, namelijk dat werd aangegeven in het Overdrachtsdossier dat de organisatie op veel plekken onvoldoende meegroeit met de groei van de stad en dat in de afgelopen jaren veel ambities zijn geformuleerd zonder dat daarvoor structureel mensen en middelen zijn geregeld. In de brief van de Rekenkamer las zij dat die aandachtspunten niet waren meegenomen in het Coalitieakkoord. Ze noemt in dit verband de aandacht die uitgaat van haar fractie naar de middelen uit het investeringspakket “Groei in balans”. Zij kijkt uit naar de uitwerking van de aanbevelingen van de Rekenkamer. De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) herkent het beeld uit de Rekenkamerbrief dat overkoepelende en afrekenbare doelen ontbreken in het Coalitieakkoord. Dat is wat zijn fractie betreft goed te zien bij het klimaat; dat heeft zijn fractie ook ingebracht bij het debat over het Coalitieakkoord: de overkoepelende ambitie klimaatneutraal is geschrapt. Er zijn nu ambities en doelen die naast elkaar uitgewerkt worden; het is niet te controleren daarbij hoe die parallelle ambities bij elkaar optellen aan CO2-reductie.
Hij noemt het woord “onnavolgbaar” zoals gebruikt door de Rekenkamer; hij herkent dat. Los van het debat heeft hij een aanvullende vraag over de planning op hoofdlijnen: wil de raad het werk van het college goed kunnen controleren, is daarvoor een bepaalde kwaliteit nodig. Daarover heeft hij zojuist gesproken. Ook een bepaalde kwantiteit. Het aantal voorstellen uit het college is op dit moment vrij laag. Hij vreest een oncontroleerbare lawine aan raadsvoorstellen en stukken. Hij vraagt hoe het college gaat voorkomen dat de raad daadwerkelijk gaat ondersneeuwen waardoor de raad niet meer in staat is zijn controlerende werk te doen. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vindt het goed dit debat te voeren. Ook hij pleit voor concretere doelen. Des de concreter de doelen des te beter de uitvoering en de Verantwoording daarover. Hij dankt VOLT voor diens uitgebreide bijdragen daarover. Tegelijkertijd is in het debat te zien hoe ingewikkeld het is. Het trekt graag als ChristenUnie zelf de lessen. Het Coalitieakkoord is niet altijd concreet en daarmee stuurbaar en controleerbaar. Hij herkent daarin zijn eigen rol als onderhandelende partij. Hij dankt de Rekenkamer voor het onderzoek. Hij vernam dat het college heeft aangegeven hiermee geholpen te zijn. Hij is benieuwd naar de concrete uitwerking daarvan.
Wat hem betreft is een goede stap gezet door aan de slag te gaan met de uitvoeringsbrief en een planning op hoofdlijnen. Hij blijft het college oproepen in de voorstellen richting de raad zo concreet mogelijk te zijn over de stappen die gezet gaan worden in het kader van het Coalitieakkoord.
Pagina 16 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
780
790
Mevrouw Ramaker (VVD) werd getriggerd door de zinsnede “Hij herkent daarin zijn eigen rol als onderhandelende partij”. Zij vraagt of de ChristenUnie daarmee zegt dat tijdens de onderhandelingen discussie is gevoerd over de meetbaarheid van de doelen. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) zegt daarmee daarin de verantwoordelijkheid te willen nemen als onderhandelende partij. Hij ziet dat er doelen zijn in het Coalitieakkoord die niet concreet zijn. Hij vindt het goede aan het debat dat de raad ook aan zet is om de doelen gezamenlijk concreet te maken. Het is ook niet aan de coalitiepartijen om alles dicht te timmeren en gezamenlijk te bedenken hoe dit te doen in de komende vier jaar. De raad moet dat wat hem betreft gezamenlijk doen. Tegelijkertijd ziet hij dat daarin ook andere manieren te vinden zijn. Een Coalitieakkoord kan ook meer tot stand komen samen met de stad, met de oppositiepartijen. Daarover is altijd te spreken wat hem betreft. De onderhandelende partijen moeten dan ook naar zichzelf kijken en ook de raad over een paar jaar wanneer het bestuur weer op dat punt staat. Mevrouw Ramaker (VVD) vraagt of dit onderwerp van gesprek was tijdens de coalitieonderhandelingen: hoe de doelen te bereiken? De heer Van der Graaf (ChristenUnie) antwoordt bevestigend. Hij vindt het altijd goed daarover te spreken.
Hij roept het college op om in de voorstellen die richting de raad komen en die een uitwerking zijn van het Coalitieakkoord zo concreet mogelijk te zijn over te stappen die gezet worden. Het is aan de raad om daarover scherp te zijn en te blijven. De raadsleden en het college zijn gezamenlijk aan zet om concrete invulling te geven aan de doelen. Hiermee rondt hij zijn bijdrage af. De voorzitter schorst de vergadering enkele minuten en hervat die voor de beantwoording.
800
810
820
De beantwoording Wethouder Schilderman merkt op dat door dit debat heen drie thema’s spelen. De eerste gaat over de rol van de gemeenteraad. Het is aan de raad om het gesprek daarover te voeren. Daarnaast heeft de wethouder veel gehoord over wat het college het proces van sturen en verantwoorden heeft genoemd. In het verleden heeft deze raad ook verschillende moties ingediend in dat kader; dat die afwegingen helderder moeten worden, ook in de begroting. Dat wordt momenteel uitgewerkt. Dat was ook de aanleiding om het op te nemen in het Coalitieakkoord, dat het juist een onderwerp is waaraan gewerkt wordt. Dat vindt nu ook plaats. Dat vindt ook plaats in de adviescommissie. De procesbrief daarover wordt vanmiddag besproken. De uitgangspuntenbrief over hoe daaraan invulling te geven, wordt in de volgende commissievergadering besproken zo besloot de commissie zojuist. Het college verwacht die brief in de tweede week van februari naar de raad toe te sturen. Het raadsvoorstel daarvoor komt in het voorjaar. Veel van de onderwerpen gaan over de vraag wat navolgbaar is, hoe worden doelen opgesteld, hoe ervoor te zorgen dat wat in de beleidcyclus wordt besproken in de begroting terugkomt. Aan die onderwerpen wordt gewerkt; in dat kader was het voorstel om dat te bespreken. Ten derde ging het over de uitvoering van het Coalitieakkoord.
Zoals het college heeft toegezegd, maakte het college een uitvoeringsplanning op hoofdlijnen. Het college zal de verdere navolgbaarheid van de uitvoering van het Coalitieakkoord terug laten komen in de Voorjaarsnota en in de programmabegroting. Pagina 17 van 55
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 26 januari 2023
830
840
850
860
Mevrouw Bode (VOLT) vindt het fijn dat er stappen gezet gaan worden. Haar fractie kijkt er naar uit. VOLT heeft ook gesproken over keuzes die mogelijk gemaakt moeten worden. Zojuist werd specifiek de krapte op de arbeidsmarkt genoemd dat het effect op de plannen. Zij vraagt het college of dat expliciet terug gaat komen. Wethouder Schilderman antwoordt daarop terug te zullen komen. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat de Rekenkamer zegt dat dit een opsomming is van de raadsvoorstellen voor de komende jaren; hij vraagt in hoeverre dit een uitvoering is van het Coalitieakkoord. Wethouder Schilderman merkt op dat in de bespreking hiervan in de raad naar voren kwam dat de behoefte bestond om voor de programmabegroting in het kader van de vraag op welk niveau uitvoering hiervan gewenst is. In de raad werd het gesprek gevoerd over op welke termijn de raad welk inzicht wilde. Daarin kwam naar voren dat de behoefte bestond om voor de programmabegroting waarin het Coalitieakkoord definitief in de financiële stukken verwerkt zal worden, een overzicht op hoofdlijnen zou komen; dat was haalbaar binnen die termijn. Dat is wat de commissie nu terugziet in de brief, namelijk de hoofdlijnen en de planning daarvan op hoofdlijnen. De verdere uitwerking van het Coalitieakkoord komt terug in de begrotings- en verantwoordingsstukken bij de Voorjaarsnota en bij de Programmabegroting.