CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag Commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken 30 januari 2025

Commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken (2022-2026) 6 maart 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen49.732 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 6

Verslag openbare ochtendvergadering commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken 5

10

15

Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag

30 januari 2025 Stadhuishal, stadhuis mw. S. Donkers (Notuleerservice Nederland) 6 maart 2025

Aanwezigen

De voorzitter, dhr. J. Vasters, de wethouders, mw. S. Maatoug, de commissiegriffier, dhr. F. de Kok, de leden, dhr. G. Dijkstra (EenUtrecht), dhr. F. Dekkers (GroenLinks), dhr. M. de Pagter (VVD), dhr. D. Bosch (UtrechtNu!), mw. A. Sasbrink (PvdD), dhr. T. Stam (PvdA), mw. C. Alblas (ChristenUnie), dhr. H. Stellinga (CDA), dhr. V. Paalman (Horizon), mw. F. Steinmetz (BIJ1), dhr. A. Aït Daoua (D66), dhr. G. te Hoonte (VVD), mw. L. Bode (Volt), dhr. R. Snijder (Student&Starter), dhr. M. Usta (DENK), mw. Y. Hessel (Utrecht Solidair), dhr. C. Bos (Stadsbelang Utrecht)

Afwezigen 20

Er zijn geen afwezigen gemeld.

Verslag openbare vergadering commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken 25

30

35

1. Opening en mededelingen ............................................................................................................2 2. Vaststellen van de agenda van 30 januari 2025 ...........................................................................2 3. Vaststellen van ingekomen agenderingen ....................................................................................2 3.1 Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan Westflank Zuid, stationsgebied 1e herziening .2 3.2 Raadsvoorstel Vaststellen voorkeursmodel Kop Amsterdamsestraatweg – Oude Daalstraat 2 3.3 Memo wethouder Eerenberg inzake vaststelling bestemmingsplan Beurskwartier, bestuurlijke lus ...............................................................................................................................3 3.4 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven ................................3 4. Verslagen ......................................................................................................................................3 5. Toezeggingen/moties ....................................................................................................................3 6. Ingekomen stukken .......................................................................................................................4 7.

Raadsvoorstel Beleidsnota omgevingsvisie Overvecht 2025 - 2040 ............................................4 1. Heropening ..................................................................................................................................28 7. Raadsvoorstel Beleidsnota Omgevingsvisie Overvecht 2025-2040 ...........................................29 8. Raadsvoorstel Voorkeursrecht Overvecht-Centrum Fase 1 en 2 ...............................................50 Pagina 1 van 78

7 Raadsvoorstel Beleidsnota omgevingsvisie Overvecht 2025 - 2040 ...........................................59 Lijst van toezeggingen ...................................................................Error! Bookmark not defined.

5

10

1. Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering om 10.00 uur en heet iedereen die meekijkt van harte welkom en in het bijzonder wethouder Maatoug die voor het eerst aanwezig is in deze commissie en hij hoopt op een fijne samenwerking.

2. Vaststellen van de agenda van 30 januari 2025 De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. De voorzitter doet een verzoek aan de commissieleden om binnen de tijd te blijven aangezien er geen tijd in de avond is gereserveerd.

15

3. Vaststellen van ingekomen agenderingen 3.1 Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan Westflank Zuid, stationsgebied 1e herziening

20

25

30

35

40

45

50

De voorzitter stelt voor dit punt te agenderen op 6 maart voor dertig minuten. De commissie stemt hiermee in. 3.2 Raadsvoorstel Vaststellen voorkeursmodel Kop Amsterdamsestraatweg – Oude Daalstraat De voorzitter stelt voor om dit punt op 6 maart te agenderen voor negentig minuten. De heer Te Hoonte (VVD) heeft in de stukken foto’s van maquettes gezien en geeft aan dat het waardevol zou zijn als de raad op een vergelijkbare manier bij het proces wordt betrokken. Hij laat het afhangen van de locatie waar de maquette kan worden geplaatst of dit een RIB of een technische sessie wordt. De voorzitter merkt op dat er een RIB-avond gereserveerd staat voor 18 februari en stelt voor om deze te combineren met de bespreking van de maquette. De heer Te Hoonte (VVD) vindt het een goed idee om aan de hand van de maquette het gesprek te voeren en zo meer inzicht te krijgen in de plannen. Hij ziet ook mogelijkheden om bewoners erbij te betrekken. De voorzitter stelt voor om het een technische sessie te noemen waarin de maquette wordt bekeken, gevolgd door een RIB waarin bewoners hun input kunnen geven. De heer Dekkers (GroenLinks) stelt voor om het een RIB te benoemen, zodat ook andere geïnteresseerden kunnen aansluiten. De voorzitter bevestigt dat het een reguliere RIB wordt waarin ervoor gezorgd wordt dat de maquette aanwezig zal zijn.

De heer Te Hoonte (VVD) ontvangt een melding dat de maquette verplaatsbaar is en op het stadhuis kan worden neergezet. De voorzitter vraagt bevestiging om het voorstel voor dit agendapunt op 6 maart voor negentig minuten in te plannen. Pagina 2 van 78

De heer Dekkers (GroenLinks) wil graag enkele minuten besteden aan de Graadt van Roggenweg en geeft aan dat dit goed past binnen de tijd. 5

10

De heer Te Hoonte (VVD) vindt dat dit mogelijk moet zijn, maar wil weten wat de bedoeling van GroenLinks is. In de brief staat namelijk vermeld dat het niet uitgevoerd zal worden. Als het de intentie is om de Graadt van Roggenweg richting de motie te sturen, dan is er volgens hem meer tijd nodig. De heer Dekkers (GroenLinks) wil het Daalsepark en het verkeerssysteem bespreken. De voorzitter is van mening dat dit te combineren is binnen de geplande tijd en commissie. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt zich af of verkeerssystemen niet onder MGOR vallen.

15

De voorzitter geeft aan dat dit onderwerp binnen een motie van de ROG valt.

20

De heer Te Hoonte (VVD) legt uit dat de brief is verstuurd binnen het ruimtelijke project Groot Merwede. Dit heeft betrekking op het project Lombokplein en Daalsepark, waar zowel ruimtelijke als mobiliteitsaspecten aan bod komen. Hij begrijpt dat woordvoerders van mobiliteit mogelijk ook interesse hebben in dit debat. De voorzitter roept op om ook de woordvoerders mobiliteit bij de bespreking te betrekken.

25

30

3.3 Memo wethouder Eerenberg inzake vaststelling bestemmingsplan Beurskwartier, bestuurlijke lus De voorzitter stelt voor om, onder de voorwaarde dat de raad uiterlijk 12 februari het voorstel heeft ontvangen, voor dit agendapunt dertig minuten te reserveren op de agenda van 6 maart. Hiermee wordt ingestemd. 3.4 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven

35

De heer Te Hoonte (VVD) heeft gemerkt dat de brief over de Alchemist ook in ROG is verstuurd. Wanneer het onder ROG valt zou hij deze graag willen bespreken omdat hij wel zou willen weten wat er aan de hand is. De voorzitter heeft begrepen dat deze in een andere commissie al geagendeerd is.

40

De heer Stam (PvdA) merkt op dat de heer Te Hoonte mede agendeerder is bij EDVW. De brief is zowel naar ruimtelijke ontwikkeling als naar vastgoed gestuurd. Het is bij EDVW neergezet omdat het daar beter uit kwam. Dit is met wethouder Eerenberg en wethouder De Vries geagendeerd voor vanmiddag.

45

De heer Te Hoonte (VVD) vindt dit erg proactief, maar hij zou de voorzitter willen vragen hier scherper op te zijn. Zeker wanneer het over de portefeuilles heen gaat.

50

De voorzitter deelt deze mening. Hij wijst de commissie ook op de langetermijnagenda en de behandelvoorraad. Volgens de planning zouden sommige stukken er al moeten zijn, maar het is aan de commissie zelf hier iets van te vinden en het college daarop aan te spreken. Op de RIBavond van 18 februari staat nu alleen de Amsterdamsestraatweg.

4. Verslagen 55

Het conceptverslag van de commissievergadering Ruimtelijke Ordening en Grondzaken van 19 december 2024 wordt ongewijzigd vastgesteld.

5. Toezeggingen/moties Pagina 3 van 78

De lijst toezeggingen en moties wordt ongewijzigd vastgesteld.

6. Ingekomen stukken Er zijn geen ingekomen stukken. 5

10

15

20

25

30

35

40

45

7. Raadsvoorstel Beleidsnota omgevingsvisie Overvecht 2025 - 2040 Mededelingen De wethouder heeft geen mededelingen. Mededelingen De commissieleden hebben geen mededelingen. De voorzitter geeft aan dat de gemeenteraad in mei 2023 de uitgangspuntennotitie Omgevingsvisie Overvecht heeft vastgesteld. Dat besluit vormde de start van een verdere uitwerking van een omgevingsvisie voor de wijk Overvecht tot 2040. De visie zal, wanneer de gemeenteraad haar vaststelt, een kompas zijn voor de verdere ruimtelijke ontwikkeling van Overvecht. In de Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 was al voor Overvecht voorzien dat er vijfduizend woningen worden toegevoegd, naast extra werkplekken en groen. In de omgevingsvisie wordt hieraan verder vormgegeven en wordt richting gegeven aan wonen, werken, voorzieningen, mobiliteit, groen en gezondheid met als inzet wijkverbetering. Om alles te kunnen vormgeven is ook een milieueffectrapportage opgesteld, die bij de stukken ter informatie aan de gemeenteraad is voorgelegd. De conceptvisie heeft ter inzage gelegen en daarop zijn 622 zienswijzen ingediend, die volgens het college een grote betrokkenheid, maar ook tegenstand laten zien op onderdelen. Naar aanleiding van de zienswijzen is een aantal wijzigingen in de visie doorgevoerd.

Het college stelt de gemeenteraad voor de omgevingsvisie vast te stellen en als gebiedsbeleid onderdeel te laten zijn van de Omgevingsvisie Utrecht. Eerste termijn De heer Stellinga (CDA) kwam graag in Overvecht voor zijn boodschappen. Hij voelt zich er prettig en veilig en begrijpt dan ook heel goed dat Overvechters trots zijn op hun wijk. De CDAfractie heeft de visie gelezen en was aanwezig bij de RIB. Hij heeft goede gesprekken gevoerd met mensen uit de buurt van het station en het centrum. Hij dankt de bewoners voor de vele reacties en zienswijzen over Overvecht. Met deze visie maakt het CDA Utrecht zich zorgen over de toekomst van de wijk. De visie loopt vooruit op de stedenbouwvisie en hij vraagt zich af of deze visie wel kan worden vastgesteld. Hij wil weten of de stedenbouwvisie zich zal aanpassen aan deze visie op Overvecht, of dat het niet juist andersom zou moeten zijn. Hij vraagt hierop een reactie van de wethouder. De heer Dekkers (GroenLinks) merkt op dat in de stukken staat vermeld dat er rekening is gehouden met de omgevingsvisie. Dit is ook te herkennen in de beschrijving van de gebiedstypen. Hij vraagt het CDA of dit feitelijk een probleem is.

50

De heer Stellinga (CDA) begrijpt de volgorde niet. Volgens hem zou de visie op Overvecht moeten worden ingepast in de stedenbouwvisie. Omdat er nog geen stedenbouwvisie is, legt hij deze vraag voor. De visie stelt dat er bij hoogbouw sprake zal zijn van een menselijke maat. De Overvechters die het CDA heeft gesproken, vrezen echter dat deze menselijke maat verloren gaat door een te grote toename van hoogbouw en verdichting. Het CDA deelt deze zorg, omdat de visie een stapeling van ambities bevat, zoals de toevoeging van minimaal vijfduizend woningen, drieduizend werkplekken en tegelijkertijd de uitbreiding van groen en sportvoorzieningen. Het CDA vraagt zich af of dit realistisch is.

55

De heer Snijder (Student&Starter) vraagt of het CDA bekend is met de ruimtelijke strategie en de afspraken die daarin zijn gemaakt. Pagina 4 van 78

De heer Stellinga (CDA) bevestigt dat hij hiermee bekend is, maar geeft aan dat het CDA deze niet heeft gesteund. 5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

De heer Snijder (Student&Starter) vindt dit een verklaring voor wat het CDA zegt over alle woningzoekenden in de stad. Hij vraagt wat het CDA ervan vindt dat er heel veel mensen geen plek kunnen vinden in de stad. De heer Stellinga (CDA) geeft aan dat het CDA zich ook inzet voor deze mensen, maar vindt dat Overvecht een stadsdeel op menselijke maat moet blijven. Dit betekent dat er wel verdichting moet plaatsvinden en er nieuwe woningen moeten komen, maar dat daarbij ook rekening moet worden gehouden met de leefbaarheid. Het CDA wil niet vasthouden aan de doelstelling van vijfduizend woningen als een vaststaand gegeven. Daarnaast wijst hij erop dat er in de programmabegroting geen financiële middelen zijn vrijgemaakt voor de realisatie. Hierover wil hij een reactie van de wethouder. Ook vraagt hij waarom de visie blijft vasthouden aan de verdeling van 50, 30, 20 procent tussen sociale huur, middenhuur en de vrije sector. Deze percentages komen niet overeen met de woonvisie of het coalitieakkoord. Hij vraagt waarom het percentage sociale huurwoningen niet iets mag dalen ten gunste van de middencategorie. Verder wijst hij op plannen in de visie om de centrale as autovrij te maken, het aantal parkeerplaatsen te beperken en de entrees te versmallen.

Volgens het plan-MER wordt een forse toename van verkeer op de ontsluitende routes verwacht, terwijl het plan-MER enkel een verscherpt parkeerbeleid voorstelt. Het CDA steunt het terugdringen van autoverkeer, maar vindt dat dit op een verstandige en geleidelijke manier moet gebeuren. Daarbij moet rekening worden gehouden met het feit dat veel mensen al een auto bezitten. Nu wordt het beleid volgens hem simpelweg ingevoerd en mogen de bewoners van Overvecht de gevolgen oplossen. Hij vraagt een reactie van de wethouder hierop. Uit de vele ingediende zienswijzen en e-mails blijkt volgens het CDA dat de visie geen draagvlak heeft. De wijk voelt zich overvallen door de ingrijpende veranderingen. Daarnaast vinden zij dat de gehouden enquêtes misleidend en niet serieus waren, waardoor het lijkt alsof de gemeente weerstand probeert te voorkomen. Bewoners zitten in onzekerheid over de mogelijke komst van een 70 meter hoge flat bij het station en over mogelijke sloop en nieuwbouw van woningen. Zij vragen zich af wat de waarde van de participatie is, wat volgens het CDA schadelijk is voor het vertrouwen in de gemeente. De wijk ervaart het alsof er onvoldoende is gedaan om mensen te bereiken. De heer Dijkstra (EenUtrecht) geeft aan het eens te zijn met het CDA en vraagt welke conclusie zij hieruit trekken. De heer Stellinga (CDA) vraagt om zijn betoog te mogen voortzetten.

Participatie betekent volgens hem niet dat je burgers altijd hun zin moet geven, maar wel dat er daadwerkelijk iets wordt gedaan met de input die zij leveren. Het CDA Utrecht zal de visie niet steunen en roept andere fracties op om dit ook niet te doen. Het CDA is bereid mee te werken aan het schrijven van een nieuwe visie en de heer Stellinga geeft aan zich hier graag voor in te willen zetten. Daarnaast is het CDA bereid een deel van het fractiebudget in te zetten ter ondersteuning. Het CDA wil een visie die niet star vasthoudt aan de doelstelling van vijfduizend woningen, maar waarin eerst wordt bepaald hoeveel woningen Overvecht kan groeien op basis van voldoende voorzieningen en leefbaarheid. Het CDA pleit voor een realistisch parkeerbeleid, waarbij autogebruik wordt teruggedrongen, maar er ook voldoende rekening wordt gehouden met de huidige situatie. In Overvecht is het autogebruik al hoger dan in omliggende wijken. Verder moet de visie serieus omgaan met de input uit participatie en voldoende ruimte bieden voor sportvoorzieningen. Andere fracties zijn van harte uitgenodigd om zich hierbij aan te sluiten. De heer Dijkstra (EenUtrecht) waardeert het enthousiasme van het CDA, maar vraagt of het niet verstandiger is om de pen aan de bewoners zelf te geven.

De heer Stellinga (CDA) is het eens met EenUtrecht, maar volgens hem hebben de bewoners de pen al opgepakt met de meer dan zeshonderd ingediende zienswijzen. Wanneer er nog meer input komt, staat hij daar zeker voor open. Hij wil aan de slag met de input die er al ligt en op basis daarvan een nieuwe visie schrijven. Pagina 5 van 78

5

10

15

20

25

30

35

De heer Dijkstra (EenUtrecht) vindt dit een lastige kwestie. Hij is van mening dat er niet eerst een visie door ambtenaren geschreven moet worden en daarna nog een politieke visie. Hij roept het CDA op om mee te denken over wat er wél nodig is zodat bewoners echt hun stem kunnen laten horen. Hij vraagt of het CDA deze opvatting deelt. De heer Stellinga (CDA) wil zoveel mogelijk mensen betrekken en deelt de mening dat er te weinig is gebeurd. Tegelijkertijd wil hij een duidelijk signaal afgeven dat het CDA bereid is om een stap naar voren te zetten. Hij hoopt dat EenUtrecht ook bereid is mee te denken over een politieke visie, die afwijkt van die van het college. De heer Bosch (UtrechtNu!) had dezelfde vragen als EenUtrecht. De heer Stellinga (CDA) stelt als voorwaarde dat de huidige visie van tafel gaat. Als dat niet gebeurt, zal het CDA het college bestoken met amendementen om de visie dusdanig aan te passen dat de scherpe randjes ervan af zijn. Hij biedt bij voorbaat zijn excuses aan voor de hoeveelheid amendementen en moties, omdat het CDA zich genoodzaakt ziet om hier zwaar op in te zetten. De heer Bosch (UtrechtNu!) werd somber bij de gedachte aan de toekomst van Overvecht. Hij vindt het onverteerbaar dat Overvecht opnieuw als proefkonijn van de stad wordt gebruikt. Deze wijk verdient beter, en daarom wil hij een aantal zaken benoemen die UtrechtNu! belangrijk vindt.

Voor veel bewoners is de auto geen luxe, maar een noodzaak. Het openbaar vervoer in veel buurten van Overvecht is geen volwaardig alternatief en de auto biedt simpelweg meer vrijheid. Dit college zou moeten accepteren dat Overvechters hun auto nodig hebben, in plaats van het invoeren van allerlei knips en verkeersafwaarderingen. Wat hem betreft zou de gemeente dit moeten faciliteren door te zorgen voor een goede doorstroming en voldoende parkeerplaatsen. Overvecht is een groene wijk en bewoners hechten veel waarde aan het behoud van dat groen, naast een parkeerplek voor de deur. De voorgestelde knip op de Marne- en Moezeldreef is volgens hem een uitnodiging voor chaos. Het verkeer zal uitwijken naar de Neckardreef, waar fietsers nu al niet durven over te steken. De plannen voor de Einsteindreef zijn gebaseerd op cijfers uit 2015. Hij vraagt hoe de 11.000 verkeersbewegingen ineens zouden moeten verdwijnen. Het college wil keer op keer niet luisteren naar de realiteit en hij roept het college op om de kop uit het zand te halen. Daarnaast wil het college Overvecht verder verdichten. Extra woningen in de stad vindt de heer Bosch prima, maar Overvecht lijkt een speelveld te worden voor hoogbouw. Hij wil van de wethouder weten hoeveel hoogbouw een wijk kan verdragen. Volgens hem heeft Overvecht behoefte aan ademruimte en veilige speelplekken voor kinderen.

Verdichting die ten koste gaat van leefruimte is wat hem betreft een doodlopende weg. De druk op Overvecht komt voort uit politieke keuzes, zoals het afhouden van fatsoenlijke woningbouw in Rijnenburg.

40

De heer Paalman (Horizon) vraagt waarom hoogbouw zou betekenen dat kinderen niet veilig kunnen spelen.

45

De heer Bosch (UtrechtNu!) verwijst naar de RIB, waaruit bleek dat inwoners zich hier zorgen over maken. Als de nu nog beschikbare ruimte wordt volgebouwd, is er straks geen plek meer voor kinderen om te spelen. Hij vreest dat Overvecht verandert in een wijk zoals in Moskou, waar talloze flats staan met slechts een klein pleintje om te spelen.

50

De heer Snijder (Student&Starter) vindt deze vergelijking flauw. Hij is het eens met de heer Paalman dat hoogbouw prima mogelijk is in combinatie met een leefbare omgeving. Hij vraagt UtrechtNu! rekening te houden met het feit dat Overvecht juist een geschikte plek kan zijn voor verdichting.

55

De heer Bosch (UtrechtNu!) nodigt beide heren uit om samen in de coalitie plaats te nemen. Overvecht kent al veel hoogbouwflats en de bewoners willen er niet nóg meer. Volgens hem is hoogbouw niet altijd een verbetering. De heer Bosch heeft een punt van orde, omdat de spreektijdklok telkens direct wordt gestart, terwijl deze pas zou moeten lopen zodra iemand begint te spreken.

60

De heer Snijder (Student&Starter) vraagt of UtrechtNu! nu zegt dat er helemaal geen hoogbouw meer mag komen. Pagina 6 van 78

5

10

15

20

25

De heer Bosch (UtrechtNu!) is kritisch op extra hoogbouw in Overvecht, omdat de wijk al veel hoogbouw heeft. In de toekomst zou beperkte hoogbouw overwogen kunnen worden, maar niet in de extreme hoogte die nu wordt voorgesteld. De heer Snijder (Student&Starter) vindt dat het nu lijkt alsof heel Overvecht wordt volgebouwd met torenhoge flats, terwijl dat niet het geval is. Volgens hem kunnen bouwlagen van vier tot zes hoog een prima oplossing zijn om meer woningen toe te voegen. De heer Bosch (UtrechtNu!) wijst erop dat er gebouwd gaat worden op plekken waar nu geen bebouwing is. Hij ziet hier geen meerwaarde in en stelt dat veel bewoners dat met hem eens zijn. De inwoners hebben duidelijk aangegeven wat zij belangrijk vinden: gehoord worden. Zij willen geen wijk die verdicht wordt en waar mensen zich nauwelijks nog kunnen verplaatsen. Met meer dan zeshonderd zienswijzen kan volgens hem niet gesproken worden van een succesvolle participatie. Hij vraagt hoe het college hierop reflecteert. UtrechtNu! wil geen knips, geen verdichting die ten koste gaat van leefruimte en een visie die gebaseerd is op de behoeften van de bewoners. Overvechters houden van hun auto en dat moet worden erkend. Hij pleit ervoor om terug te gaan naar de tekentafel, samen met de bewoners, en een nieuwe omgevingsvisie op te stellen.

Een omgevingsvisie is van de bewoners en mag geen wensenlijstje zijn van beleidsmakers die niet in de wijk wonen. Mevrouw Alblas (ChristenUnie) wil nog terugkomen op het onderwerp spelen. Zij merkt op dat er al veel speelplekken zijn en dat er op deze locaties geen bouwplannen zijn. Zij vraagt of de heer Bosch het ermee eens is dat er voldoende speelplekken zijn en blijven. De heer Bosch (UtrechtNu!) erkent dat er speelplekken zijn, maar hij is van mening dat ruimte zal verdwijnen door nieuwbouw.

30

Mevrouw Alblas (ChristenUnie) is het ermee eens dat er ruimte verdwijnt wanneer er gebouwd wordt. Ze benadrukt echter dat er ook veel mooie speeltuinen zijn die behouden blijven. Zij vraagt of de heer Bosch het met haar eens is dat er geen speelplekken verdwijnen en dat hier in de visie aandacht voor is.

35

De heer Bosch (UtrechtNu!) stelt dat hij niet heeft beweerd dat alle speelplekken verdwijnen, maar dat zij wel onder druk komen te staan. Daarnaast maakt het afschalen van mobiliteitsvoorzieningen de wijk niet leefbaarder, volgens hem.

40

Mevrouw Alblas (ChristenUnie) stelt dat het afschaffen van bepaalde mobiliteitsvoorzieningen juist meer ruimte creëert voor speelplekken. Zij wil ervoor zorgen dat deze ruimte behouden blijft, ook als de visie wordt aangenomen. De heer Bosch (UtrechtNu!) vindt dat het verminderen van mobiliteit een valse belofte is, omdat veel mensen nu eenmaal afhankelijk zijn van hun auto.

45

50

55

60

De heer Stam (PvdA) bedankt de Overvechters voor het laten horen van hun stem tijdens het buurtetentje en de buurtbijeenkomsten van de PvdA, de raad en de gemeente. Zij geven een gezicht aan hun zorgen en meningen over de impact van het plan op hun wijk. Het is een ingrijpend plan met ambities die de PvdA deelt, zoals het bouwen van woningen voor Overvechters en het verbeteren van voorzieningen voor de leefbaarheid. Tegelijkertijd bevat de visie ook zaken die de PvdA graag anders zou zien. Tijdens een buurtavond van de partij kwam een moeder speciaal naar hem toe om aan te geven dat haar zoon geen woning kon krijgen. Hij is dan ook blij dat er voorrang gegeven gaat worden aan Overvechters en dat er gebouwd wordt om de doorstroom op gang te krijgen. Ook stemt het hem tevreden dat er niet getornd wordt aan het aantal sociale huurwoningen in de wijk. Tegelijkertijd vreesde de moeder voor de sloop van haar flat, een onzekerheid die breder leeft in de wijk. Ondanks de aanpassingen ziet ook de heer Stam te weinig terughoudendheid met betrekking tot sloop en nieuwbouw. De heer Dijkstra (EenUtrecht) verwijst naar een reactie van Woonin en andere woningcorporaties, waarin staat dat de kansen in het plan te optimistisch worden ingeschat. Volgens hen zal recent gerenoveerd vastgoed de komende decennia niet worden gesloopt. Hij Pagina 7 van 78

vraagt of dit voor de PvdA betekent dat de plannen voor de centrale as niet haalbaar zijn en of er een alternatief verhaal nodig is voor dit gebied. 5

De heer Stam (PvdA) heeft de brief ook gelezen en wijst erop dat niet alle bouwprojecten plaatsvinden op grond van woningcorporaties. Hij vindt het logisch dat corporaties aangeven dat recent gerenoveerde projecten niet gesloopt zullen worden. In het centrumgebied zal een voorkeursrecht worden gevestigd en hij vindt het goed om eerst te kijken naar vastgoed waar momenteel geen woningen staan.

10

De heer Dijkstra (EenUtrecht) is het ermee eens dat er in het stationsgebied meer mogelijkheden zijn. Hij wijst echter op het gebied dat op de kaart oranje/rood is gearceerd op de centrale as. Voor de mensen die in dat gebied wonen, heerst veel onzekerheid. Hij vraagt of het niet verstandig is om de plannen voor de centrale as anders in te richten.

15

20

De heer Stam (PvdA) steunt een deel van de ambitie en een deel van de verdichting, maar weet niet precies wat een andere invulling zou opleveren. De PvdA wil in ieder geval dat er meer terughoudendheid wordt betracht bij sloop en nieuwbouw. Het realiseren van doorstroom en het bouwen van woningen voor Overvechters blijft voor de partij echter een belangrijke prioriteit. Hij wil graag samen met de heer Dijkstra bekijken hoe deze terughoudendheid structureel in de plannen kan worden verankerd.

25

De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of de PvdA wil meedenken over de mogelijkheid om de gebieden waar nog sloop mogelijk is drastisch te beperken. Op deze manier kan de woononzekerheid volledig worden weggenomen. Hij wil weten of de PvdA bereid is hierover mee te denken.

30

De heer Stam (PvdA) kondigt aan dat hij sowieso met een voorstel komt om meer terughoudendheid bij sloop en nieuwbouw in te bouwen. Hij vindt het op dit moment lastig om daar direct een amendementstekst voor te schrijven, maar hij wil graag meedenken en na de vergadering verder in gesprek gaan over mogelijke oplossingen. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) vraagt of zij het goed heeft begrepen dat het etentje van Agnes Jongerius een PvdA-bijeenkomst was.

35

De heer Stam (PvdA) bevestigt dat er inderdaad een buurtetentje is georganiseerd door Agnes Jongerius en dat daar gesproken is over Overvecht.

40

Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) is van mening dat de uitnodiging werd gepresenteerd als een sociaal initiatief, bedoeld omdat Agnes Jongerius zich eenzaam voelde en haar buren niet meer kende. Zij wil helder krijgen of dit in werkelijkheid gewoon een PvdA-bijeenkomst was.

45

De heer Stam (PvdA) benadrukt dat de zaken die destijds over Overvecht zijn besproken, worden meegenomen in de overwegingen. Het etentje was niet bedoeld als een partijpolitieke bijeenkomst en het was ook niet dezelfde buurtbijeenkomst die de PvdA vorige week heeft georganiseerd. Die bijeenkomsten zijn juist bedoeld om naar de bewoners te luisteren en zijn niet politiek gekleurd.

50

55

60

Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) stelt dat het etentje bedoeld was om bewoners een stem te geven, maar dat dit slechts twee dagen vóór de bijeenkomst over de zienswijzen plaatsvond. Daarnaast werd er geprobeerd de bijeenkomst te verplaatsen naar het centrum, waardoor veel mensen niet hadden kunnen komen. Zij vindt dat ‘geen sloop’ geen passend antwoord is op de ruim zeshonderd ingediende zienswijzen. Ze vraagt of de PvdA begrijpt wat het betekent om in zo’n gekleurd vakje op de kaart te wonen en of de PvdA bereid is de rode lijnen uit de plannen te verwijderen. De heer Stam (PvdA) benadrukt dat zij voor het houden van de RIB in Overvecht waren. Er waren problemen met het vinden van een geschikte locatie en hij is dankbaar naar de partijen die op korte termijn een locatie hebben geregeld. Dit was niet bedoeld om ervoor te zorgen dat mensen niet naar het centrum konden komen. Hij vindt de aantijgingen van mevrouw Hessel niet prettig. Nogmaals benadrukt hij dat de PvdA terughoudendheid wil bij sloop en dat dit ook de reden is voor hun voorstel. Hij staat open voor overleg om dit goed te regelen, maar wil tegelijkertijd Pagina 8 van 78

mogelijkheden behouden om te verdichten op bedrijventerreinen, omdat dat echt iets kan betekenen voor de Overvechters. 5

De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt zich af waarom de PvdA de voorstellen vanuit UtrechtNu! of DENK over buurtvoorrang niet heeft gesteund, terwijl zij hier nu wél voor zijn.

10

De heer Stam (PvdA) geeft aan dat buurtvoorrang altijd in het partijprogramma van de PvdA heeft gestaan en dat zij dit al lange tijd steunen. Hij is blij dat het nu wettelijk mogelijk is om tot 50 procent voorrang te geven aan wijkbewoners. Dit vindt hij een belangrijke ontwikkeling, met name voor een wijk als Overvecht. De heer Bosch (UtrechtNu!) wijst erop dat de PvdA op 27 juni de motie hierover niet heeft gesteund. Hij vindt dat de PvdA destijds niet thuis gaf.

15

20

25

30

35

40

45

50

55

De heer Dekkers (GroenLinks) vindt ook terughoudendheid bij sloop en nieuwbouw van belang. De omgevingsvisie heeft als kern dat verdichting alleen plaatsvinden kan vinden bij het station en langs de centrale as. Hij wil weten of de PvdA die keuze onderschrijft. De heer Stam (PvdA) onderschrijft die ambitie omdat de woningcrisis ook in Overvecht moet worden aangepakt. Er kan heel veel bereikt worden ook met terughoudendheid met sloop en nieuwbouw. De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt of het reëel is om te zeggen dat er sloop en nieuwbouw op die plek gaat plaatsvinden als die plek wordt aangewezen om te verdichten. De heer Stam (PvdA) is het eens met het benoemen van de keuzes maar wat hem betreft kan die keuze twee kanten op vallen. Hij wil de politieke keuzes helder hebben aan de hand van de kaders die er zijn. De omgevingsvisie is bedoeld om die kaders vast te stellen. De heer Dekkers (GroenLinks) is van mening dat het binnen die kaders alleen maar terughoudend blijft en dat er niet gezegd wordt dat er nooit sloop en nieuwbouw zal plaatsvinden. Uiteindelijk bestaat de kans dat er wel voor sloop en nieuwbouw gekozen wordt. De heer Stam (PvdA) bevestigt dit. Hij vindt dat het heel duidelijk moet zijn waar de ambities liggen en waar niet. Hij wil een zekerheid geven aan de bewoners. Het is niet de intentie van de PvdA om een complete wijk neer te halen.

De heer De Pagter (VVD) heeft een punt van orde omdat er met de techniek iets niet in orde is omdat er steeds een hoge piep hoorbaar is. De voorzitter geeft aan dat er al aan gewerkt wordt en dat het niet voor iedereen hoorbaar is. De heer De Pagter (VVD) ziet ook zorgen bij eigenaren van woningen die in het oranje gebied liggen. Hij vraagt of de PvdA zegt dat er geen koopwoningen gesloopt gaan worden. De heer Stam (PvdA) is zelf niet in de buurt geweest maar zijn collega de heer Van der Zweth wel, dus er is wel degelijk met de bewoners gesproken. Hij wil niet rigoureus zeggen dat er nooit gesloopt wordt omdat er bij verdichten mogelijk in beperkte mate gesloopt moet worden. De heer De Pagter (VVD) ziet in de visie ook staan dat er te weinig betaalbare koopwoningen zijn. Dit zijn heel betaalbare koopwoningen en naar zijn mening ga je die niet slopen. De heer Stam (PvdA) wil benadrukken dat hij dualistisch wil zijn omdat de fractie vaak iets anders wil dan de wethouder. De PvdA wil juist koopwoningen toevoegen om doorstroom te bereiken door middel van betaalbare koop. Wat hem betreft moet dat ook in grotere getale. De heer De Pagter (VVD) is van mening dat die betaalbare woningen er al staan en dat daar nu mensen wonen. Hij hoort de PvdA niet zeggen dat deze niet gesloopt gaan worden.

Pagina 9 van 78

De heer Stam (PvdA) is van mening dat het overwogen kan worden wanneer er hierdoor nog meer betaalbare woningen voor terug kunnen komen. Hij vindt het wel logischer om een bedrijventerreinen en andere gebieden eerst te ontwikkelen. 5

De heer Snijder (Student&Starter) vraagt of het voorstel van de PvdA inhoudt dat zij niet tegen de ambitie van vijfduizend woningen ingaan.

10

De heer Stam (PvdA) geeft aan dat de PvdA in de vorige periode ook tegen de RSU heeft gestemd. Zij hebben echter wel vóór de oplegger van de Ruimtelijke Strategie Utrecht gestemd, waarbij leefbaarheid een belangrijk uitgangspunt was. Hij onderschrijft de groeiambitie, maar benadrukt dat leefbaarheid daarin even belangrijk is.

15

20

25

De heer Snijder (Student&Starter) gaat ervan uit dat dit elkaar niet hoeft te raken en dat de in de oplegger genoemde aantallen gewoon gerealiseerd kunnen worden. Hij zou het jammer vinden als de afgesproken woningbouwdoelstellingen niet gehaald worden. De heer Stam (PvdA) vindt het daarom ook belangrijk dat er vooraf duidelijke kaders worden gesteld, zodat zowel de woningbouw als de voorzieningen voor Overvecht gerealiseerd kunnen worden. Het zijn volgens hem allemaal gestapelde ambities die ervoor moeten zorgen dat Overvecht daadwerkelijk beter wordt door deze visie. Wat hem betreft gaat het dan ook om het totaalplaatje. De heer Snijder (Student&Starter) vraagt of er niet te weinig woningen bij zullen komen wanneer er nu al van de ambities wordt afgestapt. Er is een grote behoefte aan woningen voor veel mensen die een plek zoeken in de stad. De heer Stam (PvdA) is het daarmee eens. Hij benadrukt nogmaals dat de PvdA naar het geheel kijkt en niet alleen naar het aantal woningen.

30

35

40

45

De voorzitter merkt op dat er veel verschillende meningen zijn over dit onderwerp. Hij roept de leden op om alleen nog nieuwe vragen te stellen, omdat de interrupties steeds weer nieuwe discussies oproepen. De heer Usta (DENK) hoort de heer Stam oproepen tot terughoudendheid bij sloop, maar tegelijkertijd stelt hij ook dat sloop mogelijk moet zijn als het meer woningen oplevert. Hij wijst erop dat woningen niet voor niets worden gesloopt en dat er vaak weliswaar meer woningen voor terugkomen, maar dat deze meestal kleiner en duurder zijn. Hij vindt dat dit niet aansluit bij de wensen van de Overvechters. Hij vraagt waarom de heer Stam de wethouder niet vraagt om de rood gearceerde woningen uit het plan te verwijderen als hij zijn eigen woorden echt meent. De heer Stam (PvdA) legt uit dat het hier om een raadsvoorstel gaat en dat de wethouder dit niet zomaar kan intrekken, zeker niet op verzoek van één partij. De terughoudendheid die de PvdA voorstaat, betekent volgens hem dat er in zowel de stedelijke als de groene buurten terughoudend wordt omgegaan met sloop. Dit wil de PvdA ook terugzien in de plannen voor de centrale as en het stationsgebied. Tegelijkertijd vindt hij het logisch dat bedrijventerreinen worden herontwikkeld en dat daar nieuwe woningen worden gebouwd.

50

De heer Usta (DENK) merkt op dat de PvdA wel spreekt over terughoudendheid, maar tegelijkertijd sloop toestaat als er meer woningen voor terugkomen. Volgens hem betekent dit in de praktijk dat er niets verandert aan het beleid.

55

De heer Stam (PvdA) wil hier niet te lichtzinnig over doen. Gezien eerdere ervaringen met sloop en nieuwbouw wil hij juist duidelijkheid creëren. Hij noemt de Ivoordreef als een goed voorbeeld van een situatie die de PvdA niet opnieuw wil laten gebeuren. Hij zoekt naar het juiste middel om dit goed te kaderen.

60

De heer Usta (DENK) heeft de PvdA horen zeggen dat zij blij zijn met de voorrangsregeling, maar hij wijst erop dat deze regeling slechts beperkt is. DENK wil in de toekomst blijven voorstellen om deze regeling uit te breiden. Hij vraagt of hij de PvdA aan zijn zijde kan verwachten als zij dit in bredere zin willen doorvoeren. Pagina 10 van 78

De heer Stam (PvdA) vindt dit afhankelijk van de wijk. Voor Overvecht is het een goed middel, maar wat hem betreft geldt dit niet voor alle wijken. 5

De heer Aït Daoua (D66) vraagt zich af wanneer de PvdA tegen sloop en nieuwbouw is.

10

De heer Stam (PvdA) benadrukt dat de reden voor de brede benadering is dat Overvecht een grote wijk is. Hij zou het zwakker vinden als hij zich alleen zou richten op kleine plinten. De gedachtegang over sloop en nieuwbouw moet in het stuk worden meegenomen, omdat dit gaat over de manier waarop er naar de wijk wordt gekeken. In deze wijk kan niet blanco vanaf de tekentafel begonnen worden; er moet rekening gehouden worden met wat er al is. Dit wil de PvdA goed kaderen.

15

De heer Aït Daoua (D66) stelt het voorbeeld van een wijk die sterk verouderd is, waarbij renovatie duurder is dan sloop en waarbij de woningen er na renovatie niet significant op vooruitgaan. Hij vraagt of de PvdA in zo’n geval nog steeds tegen sloop en nieuwbouw is.

20

De heer Stam (PvdA) vindt dat een hypothetisch voorbeeld waar hij nu mee wordt geconfronteerd. Het startpunt voor de PvdA is terughoudendheid, en dat betekent niet dat er geen uitzonderingen kunnen zijn. Dit is een belangrijk uitgangspunt voor de PvdA: waar mogelijk moet eerst naar renovatie worden gekeken.

25

De heer Aït Daoua (D66) vindt dat de PvdA het begrip ‘terughoudendheid’ niet concreet maakt. Hij vraagt zich af of de PvdA daadwerkelijk meer en betere sociale huurwoningen in Overvecht wil realiseren. Hij vindt het eerlijker als de PvdA duidelijk aangeeft of zij voor of tegen sloop en nieuwbouw is.

35

De heer Stam (PvdA) vindt dat hij hiermee overvraagd wordt. In sommige plannen wordt gesproken over het slopen van woningen die al door woningcorporaties gerenoveerd zijn en waarvan de corporaties zelf aangeven dat deze de komende jaren niet gesloopt zullen worden. Hij vindt het dan ook absurd om te stellen dat deze woningen alsnog gesloopt moeten worden. Net zo belachelijk zou hij het vinden als woningen worden gesloopt voor bijvoorbeeld parkjes, zoals op de Croeselaan. Hij vindt dat hem nu een keuze wordt opgedrongen, terwijl terughoudendheid voor de PvdA de leidraad moet zijn. Hij wil deze kaders meegeven en vindt het jammer dat de heer Aït Daoua dit tot een zwart-witdiscussie maakt.

40

De heer Stellinga (CDA) is blij met de dualistische houding van de PvdA en hoopt dat dit resulteert in concreet optreden. Hij werd echter getriggerd door de opmerking van de heer Stam dat de PvdA tegen de RSU 2040 heeft gestemd, terwijl de PvdA in 2022 is toegetreden tot een coalitie die uitgaat van de RSU 2040.

45

De heer Stam (PvdA) benadrukt dat hij dit voorstel doet in het kader van het dualisme. De oplegger van de RSU is om deze reden door de PvdA toegevoegd. Voor de PvdA was het aanpakken van de woningcrisis net zo belangrijk als het investeren in leefbaarheid. Deze ambities komen terug in deze omgevingsvisie.

30

De heer Stellinga (CDA) vindt dat de PvdA ten onrechte afstand probeert te nemen van de RSU 2040. 50

55

De heer Stam (PvdA) vindt dat dit geen recht doet aan de wijzigingen die door de oplegger zijn doorgevoerd. De oplegger legt juist de nadruk op voorzieningen en leefbaarheid. De heer Stellinga (CDA) vraagt hoe de PvdA reflecteert op het feit dat de oplegger een aanvulling is en geen wijziging. De heer Stam (PvdA) benadrukt dat de focus voor hem niet alleen op woningbouw ligt. Hij vindt dat investeren in de stad minstens zo belangrijk is.

Pagina 11 van 78

De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt of het voor de PvdA wel als een paal boven water staat dat er fatsoenlijke woningen worden teruggebouwd wanneer er voor sloop wordt gekozen en dat het geen ‘kippenhokken’ worden, zoals de PvdA dat altijd noemt. 5

De heer Stam (PvdA) is het daarmee eens. De heer Bosch (UtrechtNu!) beschouwt dit als een toezegging van de PvdA.

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

De heer Stam (PvdA) verduidelijkt dat hij geen wethouder is en daarmee geen formele toezeggingen kan doen. Hij is van mening dat hij niets verrassends heeft gezegd over de terughoudendheid bij sloop en nieuwbouw. De voorzitter schorst de vergadering voor vijf minuten om de technische problemen op te lossen. De heer Stam (PvdA) wil zich corrigeren: waar hij eerder sprak over bedrijventerreinen waar verdichting mogelijk is, doelde hij niet op het bedrijventerrein Overvecht-Noord. Het gaat om de plinten in Overvecht-Centrum, die verdicht zouden kunnen worden. Voor de PvdA betekent verdichting ook dat er extra voorzieningen voor de wijk komen. De PvdA vindt het essentieel dat de basisvoorzieningen op orde zijn en dat deze niet alleen bedoeld zijn voor nieuwe bewoners. Hij roept de wethouder op om wijkgericht te werken en bewoners actief te betrekken, zodat de veranderingen juist verbindend werken. Diversiteit moet de kracht van de wijk zijn. De PvdA heeft al vaker aangegeven, in het kader van ‘Samen voor Overvecht’" dat zij pleiten voor jeugdhonken, buurthonken en sportvoorzieningen. Dit zijn plekken waar jongeren hun tijd kunnen doorbrengen en zichzelf kunnen zijn. Hij vindt het belangrijk dat dit expliciet wordt opgenomen in de omgevingsvisie. Volgens hem zit dit idee er al wel in, maar komt het nog niet voldoende terug in de tekst.

Hij vraagt de wethouder dit verder uit te werken in de verdere ontwikkeling van de visie. In Overvecht wonen veel ouderen en mensen die afhankelijk zijn van het openbaar vervoer. Een fijnmazig OV-netwerk is hierbij van cruciaal belang, vooral bij de inpassing van de HLV-verbinding. Er leeft angst dat er door de komst van de HLV-verbinding alleen nog maar buurtbusjes overblijven, wat de bereikbaarheid zou verslechteren. Voor de PvdA is een loopafstand van 800 meter naar een HLV-station geen optie en een verslechtering van de situatie. Zij pleiten ervoor dat er binnen 400 meter een OV-voorziening is, en dat dit een leidraad moet zijn in de plannen. Hij vraagt of het klopt dat er in het voorstel sprake is van reguliere buslijnen. Als het slechts kleine buurtbusjes zouden worden, zou dit gevolgen hebben voor de fijnmazigheid van het openbaar vervoer. De heer Dekkers (GroenLinks) vindt het van groot belang dat er toekomstzekerheid is voor de busverbindingen. Hij zou niet willen dat deze plotseling verdwijnen en vraagt hoe de PvdA hierover denkt. De heer Stam (PvdA) is het eens met de heer Dekkers en benadrukt dat OV een publieke dienst is, die niet per se rendabel hoeft te zijn. Voor ouderen en andere mensen die afhankelijk zijn van het openbaar vervoer, moet dit goed en langdurig geregeld zijn, tot minimaal 2040.

Daarnaast moet het volgens hem mogelijk zijn om met de buurtbussen verder te reizen dan alleen naar de HLV, omdat overstappen een grote drempel vormt. Mevrouw Bode (Volt) hoort de PvdA kanttekeningen plaatsen bij de visie zoals die er nu ligt. Zij vraagt of de PvdA zou instemmen met de omgevingsvisie zoals die er nu ligt, als er geen wijzigingen worden doorgevoerd. De heer Stam (PvdA) wijst erop dat er brede steun is voor terughoudendheid bij sloop en nieuwbouw, evenals voor het behoud van OV-voorzieningen. Hij vindt dat mevrouw Bode voorbarig doemdenkt. Mevrouw Bode (Volt) benadrukt dat zij niet doemdenkt, maar slechts vraagt of de PvdA met het huidige plan zou instemmen. De heer Stam (PvdA) wil wijzigingen doorvoeren en daarom doet hij dit voorstel. Wat hem betreft moet het proces van meningsvorming nog worden doorlopen voordat er een politieke beslissing wordt genomen. Pagina 12 van 78

Mevrouw Bode (Volt) merkt op dat de PvdA zich op dit moment nog niet expliciet wil uitspreken. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt wat het finale oordeel van de PvdA is over de participatie. 5

10

De heer Stam (PvdA) ondersteunt de uitgangspunten van de visie dat er iets moet gebeuren aan de woningen en voorzieningen. Tegelijkertijd heeft de visie in de wijk veel losgemaakt en dat heeft schade toegebracht aan het vertrouwen in de gemeente. Daar moet aan gewerkt worden. Hij ziet kansen, bijvoorbeeld door in gesprek te gaan met verschillende gemeenschappen, zoals in de moskee. Hij is van mening dat er wel geleerd is van het proces, maar dat de gemeente er nog niet is in de verdere ontwikkeling van Overvecht.

15

De heer Dijkstra (EenUtrecht) is blij dat de PvdA kritisch is over de participatie. Hij vindt het echter jammer dat de PvdA specifiek benoemt dat ze nog eens naar de moskee willen. Hij vraagt of de PvdA het ermee eens is dat partijen nieuwsgierig zouden moeten zijn naar de mening van álle Overvechters.

20

25

30

35

40

45

50

55

60

De heer Stam (PvdA) is ook nieuwsgierig naar de mening van Overvechters. Tegelijkertijd wil hij de heer Dijkstra uit de droom helpen dat het niet mogelijk is om met álle Overvechters te spreken. Hij wil kijken naar het proces, waarbij een deel de verantwoordelijkheid van de gemeente is en een deel ook bij de fracties ligt. Juist daarom vindt hij het belangrijk om verschillende plekken te bezoeken, zoals de moskee, om zoveel mogelijk mensen te bereiken. De heer Dijkstra (EenUtrecht) wijst erop dat er 1,2 miljoen euro is geïnvesteerd in participatie. De gemeente heeft daarbij aangegeven dat dit bedoeld was om ideeën op te halen, niet om draagvlak te creëren. Hij vraagt of de PvdA het ook niet zonde van het geld vindt en of zij een afsluitende peiling zou steunen. Hiermee kan gepeild worden of de omgevingsvisie die er nu ligt, daadwerkelijk gedragen wordt door de Overvechters. Als er een nieuwe visie wordt gemaakt, moet deze immers wél breed gedragen worden. De heer Stam (PvdA) heeft raadstoetsen gedaan waaruit blijkt dat dergelijke peilingen zelden representatief zijn. Bij vrijwel alle participatieprojecten spelen dezelfde uitdagingen waarbij vrouwen, jongeren en mensen met een bi-culturele achtergrond vaak ondervertegenwoordigd zijn. Hij begrijpt de wens van de heer Dijkstra, maar ziet dit niet als een oplossing.

Volgens hem kan de gemeente de participatie niet alleen uitvoeren, de fracties hebben hier ook een taak in. De heer Usta (DENK) is van mening dat je niet iedereen gesproken hoeft te hebben om de conclusie te trekken dat deze visie van tafel moet. De heer Stam (PvdA) is het daar niet mee eens, omdat de ingediende zienswijzen heel uiteenlopend zijn. Hij vindt het lastig, omdat niet alles tegelijkertijd kan en er politieke keuzes gemaakt moeten worden. Hij vergelijkt het bijvoorbeeld met de wens voor meer sportvoorzieningen versus behoud van ‘Ons genot’. Hij vindt de ingediende zienswijzen niet voldoende om te concluderen dat er geen plan met ambities kan komen. De heer Usta (DENK) was aanwezig bij de RIB in Overvecht en hoorde daar dat niemand tevreden was met de visie. Misschien is niets doen dan beter dan dit plan uitvoeren en hij wil weten of de heer Stam het daarmee eens is. De heer Stam (PvdA) vindt dat Overvecht investeringen verdient. De wijk wordt vaak als een ‘springplank’ gezien, omdat doorstroming moeilijk is. De PvdA wil mensen de kans bieden om langer in Overvecht te blijven wonen. Niets doen vindt hij daarom geen optie. De heer Usta (DENK) is van mening dat er niet geïnvesteerd moet worden in Overvecht, maar in Overvechters. Hij vraagt voor wie de PvdA deze investeringen eigenlijk doet.

De heer Stam (PvdA) benadrukt dat deze investeringen juist bedoeld zijn voor de mensen in Overvecht. Dat is ook waarom hij blij is met de voorrangsregeling en waarom hij voorzieningen wil verbeteren. Hij wil dat bewoners actief kunnen meedenken over de invulling van de plannen. Hij wil niet dat de wijk verder segregeert, Overvecht staat juist sterk door zijn diversiteit. De bestaande bewoners moeten de kans krijgen om mee te groeien met de ontwikkelingen. Pagina 13 van 78

5

10

15

20

Tot slot wil hij nog iets zeggen over de knip. Verkeersveiligheid is een belangrijk thema en moet goed geborgd worden. Hiervoor moeten fysieke ingrepen worden gedaan en de knip is daarbij een middel en geen doel op zich. Hij kijkt uit naar de beantwoording van de wethouder over hoe de knips de verkeersveiligheid kunnen verbeteren. Mevrouw Steinmetz (BIJ1) heeft gezien dat diverse bewonersinitiatieven zich moedig inzetten tegen het woonbeleid dat er nu voor hun wijk ligt. Volgens haar is de stem van de bewoners te weinig gehoord in de huidige visie, wat ook blijkt uit de vele zienswijzen. BIJ1 steunt deze strijd, want alleen samen kunnen de sociale structuren en solidariteit behouden blijven. BIJ1 vindt het problematisch dat Overvecht systematisch wordt gestigmatiseerd. Het spreekt volgens mevrouw Steinmetz boekdelen dat veel bewoners zich verenigen. Dat er wordt gesproken over het autoluw maken van Overvecht vindt zij vanzelfsprekend, maar volgens haar zijn de alternatieven nog niet op orde. BIJ1 wil van de wethouder weten hoe zij het rechtvaardigt dat de autobereikbaarheid wordt beperkt zonder eerst te zorgen voor voldoende alternatieven, zoals goede fietsverbindingen, HLV-opties en de verbeterde NRU. Ook wil zij weten hoe de wethouder ervoor gaat zorgen dat essentiële partijen niet afhaken tijdens dit proces.

BIJ1 hoort dat, bij uitblijvende verbeteringen aan de NRU, nog meer verkeer door Overvecht zal rijden. Hoewel BIJ1 zich ervan bewust is dat dit een rijksbijdrage betreft, willen zij toch graag een toezegging van de wethouder dat de gevolgen hiervan zo snel mogelijk in kaart worden gebracht. Mobiliteitsplannen mogen volgens BIJ1 niet ten koste gaan van de meest kwetsbaren in de samenleving. De heer Usta (DENK) vraagt of BIJ1 vindt dat er dieper onderzoek moet worden gedaan naar de wederzijdse impact van de NRU.

25

30

35

40

45

50

Mevrouw Steinmetz (BIJ1) bevestigt dit, omdat het een punt is dat integraal moet worden aangepakt. Mobiliteitsplannen mogen niet ten koste gaan van de meest kwetsbaren. Zij wil weten op welke wijze er rekening wordt gehouden met de mobiliteitsbehoefte van ouderen en gehandicapten bij de plannen om de wijk autoluw te maken. BIJ1 ziet in de plannen ook een sluipende vorm van gentrificatie. De heer Dekkers (GroenLinks) vindt het terecht dat BIJ1 aandacht vraagt voor kwetsbare groepen. Hij vraagt of BIJ1 erkent dat veel kwetsbare mensen in Overvecht lopen, het OV gebruiken of fietsen, en dat ook hier rekening mee moet worden gehouden in de mobiliteitsplannen. Mevrouw Steinmetz (BIJ1) vindt dat de volgorde verkeerd is. Mensen die afhankelijk zijn van de auto mogen niet de dupe worden van het autoluw maken van de wijk zolang de alternatieven nog niet op orde zijn. Het absolute aantal sociale huurwoningen blijft gelijk, maar het percentage daalt doordat er middensegment- en koopwoningen worden toegevoegd. BIJ1 vreest dat dit kan leiden tot hogere huren, verdringing en een wijk die niet meer toegankelijk is voor de huidige bewoners. BIJ1 vraagt zich af wie hier werkelijk van profiteert. Zij wil van de wethouder weten hoe zij ervoor gaat zorgen dat de huidige bewoners niet verdrongen worden. Alleen buurtvoorrang is volgens haar niet genoeg.

Daarnaast vraagt zij welke maatregelen worden getroffen om te voorkomen dat de huren stijgen door de komst van middensegment- en koopwoningen. BIJ1 ziet ook dat de gemeente actief beleid voert dat tot gentrificatie kan leiden en vraagt waarom er geen beleid wordt gevoerd om degentrificatie te bevorderen. Ook wil zij weten of de wethouder erkent dat er juist meer sociale huur nodig is. En als dit niet past in Overvecht, omdat het een gemengde wijk moet blijven, waarom wordt er dan niet meer ingezet wordt op sociale huur in wijken met voornamelijk koopwoningen?

55

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) heeft al veel plannen voorbij zien komen. Wat hij ook heeft gezien, is dat er wordt ingezet op inbreidingsoperaties in wijken met koopwoningen. In gebieden met een overmaat aan sociale huurwoningen worden juist duurdere koop- en huurwoningen toegevoegd. Hij vraagt BIJ1 waar zij de stelling vandaan haalt dat er sprake is van gentrificatie, terwijl er juist wordt ingezet op het inclusiever maken van de wijk.

60

Mevrouw Steinmetz (BIJ1) antwoordt dat de filosofie van BIJ1 hierover anders is. Zij ziet ook dat wijken inclusiever worden gemaakt, maar vraagt zich af voor wie precies. Volgens haar is er nog steeds niet voldoende plek voor bepaalde groepen. Hoewel er sociale huurwoningen worden toegevoegd in wijken met veel koopwoningen, vindt BIJ1 dit onvoldoende. BIJ1 heeft een andere Pagina 14 van 78

visie op volkshuisvesting: wonen moet betaalbaar zijn voor iedereen, ook koopwoningen zouden volgens hen onder dat model moeten vallen. 5

10

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vraagt of het beleid van BIJ1 niet juist leidt tot meer segregatie, omdat zij pleiten voor meer sociale huur in Overvecht in plaats van een meer gemengde situatie. Mevrouw Steinmetz (BIJ1) bestrijdt dat en stelt dat sociale huur juist voor iedereen toegankelijk zou moeten zijn. Door sociale huur te bevorderen, wordt het voor alle lagen van de samenleving toegankelijker. De heer Stam (PvdA) vraagt of BIJ1 erkent dat er juist wordt ingezet op het toevoegen van sociale huur in wijken waar dat ontbreekt.

15

20

25

30

Mevrouw Steinmetz (BIJ1) bevestigt dit en zij ziet het als een aanmoediging om daarmee door te gaan. De heer Stam (PvdA) benadrukt dat het beleid in twee richtingen werkt: er moeten overal gemengde wijken ontstaan. Hij vraagt of BIJ1 dat principe onderschrijft. Mevrouw Steinmetz (BIJ1) vindt dat de focus bij ‘gemengd’ te veel ligt op middensegment en koopwoningen. Wat BIJ1 betreft mag er juist méér sociale huur worden toegevoegd. Dit roept volgens haar niet de segregatie op die hier wordt gesuggereerd. De heer Stam (PvdA) constateert dat in Overvecht 50 procent van de woningen sociaal blijft, wat al hoger is dan in andere wijken in Utrecht. Mevrouw Steinmetz (BIJ1) heeft hierover een andere lezing. Volgens haar blijft het absolute aantal sociale huurwoningen gelijk, maar daalt het percentage door de toevoeging van koop- en middenhuurwoningen. De heer Stellinga (CDA) waardeert de kritische houding van BIJ1 ten opzichte van de visie en vraagt wat hun slotconclusie is.

35

Mevrouw Steinmetz (BIJ1) geeft aan dat dit in haar slotbetoog nog aan bod komt. Zij herkent zich in enkele wensen van het CDA, maar over welke voorstellen BIJ1 zal indienen en welke zij zal steunen, moet nog overleg plaatsvinden binnen de fractie.

40

De heer Bosch (UtrechtNu!) stelt dat er geen gebrek is aan sociale huur in Overvecht, aangezien 65 procent van de woningen in de wijk sociale huur betreft. Hij vraagt of deze hoeveelheid sociale huur niet juist ervoor zorgt dat mensen gevangen zitten in hun huurwoning, omdat zij niet kunnen doorstromen. Hij vraagt of BIJ1 niet zou moeten pleiten voor meer middenhuur.

45

Mevrouw Steinmetz (BIJ1) begrijpt het punt, omdat doorstroming binnen de wijk ook belangrijk is. Als sociale huur betaalbaar en van goede kwaliteit blijft, zoals middenhuur, dan zou het volgens BIJ1 niet nodig moeten zijn om extra middenhuur toe te voegen.

50

De heer Bosch (UtrechtNu!) is het daar niet mee eens, omdat scheefwoners nu gestimuleerd worden om hun sociale huurwoning te verlaten, maar in Overvecht geen alternatieven vinden. Hierdoor blijven zij in hun sociale huurwoning wonen en komen er geen woningen vrij. Volgens hem moet deze spiraal worden doorbroken en hij roept BIJ1 op hiernaar te kijken.

55

Mevrouw Steinmetz (BIJ1) wil zeker ook middenhuur, maar benadrukt dat BIJ1 andere prioriteiten en verhoudingen hanteert. De voorzitter wil voorkomen dat er vragen op vragen gesteld worden, omdat het aantal interrupties oploopt.

Pagina 15 van 78

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) heeft een punt van orde, omdat er tot 16.00 uur de tijd is om deze twee punten te bespreken. Wat hem betreft moeten deze punten dan ook goed besproken worden. Hij vindt dat de fracties zich niet beperkt moeten voelen door de oproep van de voorzitter. 5

De voorzitter vindt de oproep helder. Hij constateert dat er twee of drie partijen zijn die interrupties willen plegen, maar dat de antwoorden daarop weer nieuwe interrupties oproepen. Een interruptie wordt gedaan op basis van de inbreng, en hij wil voorkomen dat vragen herhaald worden. Hij benadrukt dat het zeker een belangrijk debat is.

10

De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt of het niet alleen om percentages gaat. Volgens hem draait het om wat er precies wordt verstaan onder sociale huur en middenhuur. Traditioneel hadden woningcorporaties in Overvecht veel grotere woningen, maar nu worden deze grotere woningen automatisch als middenhuur geclassificeerd. Hij vraagt of BIJ1 ook vindt dat de categorieën mogelijk het grote probleem vormen. Mevrouw Steinmetz (BIJ1) herkent zich hierin. Tot slot wil zij nog benadrukken dat BIJ1 pleit voor rechtvaardig woonbeleid, waarbij de stem van de bewoners daadwerkelijk wordt meegenomen.

15

20

De heer Aït Daoua (D66) vraagt hoe BIJ1 de resultaten van het woonwensenonderzoek interpreteert met betrekking tot de wens voor meer sociale huur- en middenhuurwoningen. Mevrouw Steinmetz (BIJ1) begrijpt de wens en ziet deze ook, maar volgens BIJ1 kloppen de verhoudingen niet. Doorstroming is erg belangrijk, maar zij vindt dat de balans anders zou moeten liggen.

25

De heer Aït Daoua (D66) vraagt welke verhoudingen volgens BIJ1 niet kloppen. Daarnaast wil hij weten hoe BIJ1 kijkt naar het probleem dat mensen binnen de wijk niet kunnen doorstromen.

30

Mevrouw Steinmetz (BIJ1) benadrukt nogmaals dat BIJ1 niet tegen de toevoeging van middenhuurwoningen is. Wel ziet zij dat het percentage sociale huur, dat nu op 65 procent ligt, zal dalen naar 50 procent. Zij wil onderzoeken hoe dit op 65 procent gehouden kan worden, zonder dat de negatieve effecten van gentrificatie verder doorzetten.

35

De heer Usta (DENK) is van mening dat mensen niet hoeven door te stromen als er toekomstbestendige woningen worden gebouwd. Hij vraagt of BIJ1 het met hem eens is dat het idee van doorstroming een schijnbeeld is. Mevrouw Steinmetz (BIJ1) is het hier volledig mee eens.

40

45

50

55

60

Mevrouw Bode (Volt) zegt dat er in mei 2013 een notitie van de omgevingsvisie is vastgesteld met 76 uitgangspunten. In hoofdlijnen kan Volt zich vinden in de kaders die voor Overvecht zijn vastgesteld, zoals de toevoeging van meer woningen en werkplekken, een betere bereikbaarheid en mooie parken. Echter, wanneer er 76 ingrediënten in de mix worden gegooid, ontstaat er iets wat niemand meer herkent. Haar vraag aan de wethouder is met wie en wanneer deze keuzes gemaakt zijn. De woningcorporaties geven aan dat zij deze hoeveelheid woningen helemaal niet kunnen bouwen, en grondeigenaren worden plotseling geconfronteerd met de Wet voorkeursrecht gemeenten. Daarnaast is er niet voldoende met de bewoners gesproken, waardoor zij zich afvragen wat participatie überhaupt inhoudt. Wat Volt betreft, heeft dit proces veel geld gekost om mensen boos en bezorgd te maken. Dit is niet de eerste keer dat dit gebeurt, zij verwijst hierbij naar de zoektocht naar een locatie voor een middelbare school in Overvecht. Bovendien wordt er in de plannen uitgegaan van een mobiliteitstransitie, alsof deze al heeft plaatsgevonden. De mobiliteitstransitie wordt overal verwacht, maar Volt ziet hier nog weinig van terug. De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt of Volt heeft gekeken naar de mobiliteitstransitie in Overvecht. Hij is van mening dat deze de afgelopen jaren al in gang is gezet.

Mevrouw Bode (Volt) ziet nog steeds veel files en onveilige situaties. Ook uit de zienswijzen blijkt dat veel bewoners zich zorgen maken en nog sterk afhankelijk zijn van de auto. Hier moet een passend alternatief voor worden ontwikkeld, zodat mensen minder afhankelijk worden van hun auto. Pagina 16 van 78

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

De heer Dekkers (GroenLinks) is het ermee eens dat er nog veel moet gebeuren, maar hij vindt wel dat de transitie al in gang is gezet. Hij wijst erop dat er al duizend fietsdeals per jaar worden afgesloten. Wat hem betreft, moet er nog meer gebeuren. Hij vraagt of Volt erkent dat de transitie al gaande is. Mevrouw Bode (Volt) vindt dat de mobiliteitstransitie nog veel te weinig zichtbaar is. Zij ziet nog te veel een debat over mensen die afhankelijk zijn van hun auto. Volt wil ook graag een autoluwe stad en dat mensen op een andere manier door de stad reizen. De stad moet echter bereikbaar blijven en dat komt volgens haar in het geding door de maatregelen die nu worden voorgesteld. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) vraagt of Volt het beeld herkent dat de files in de stad ontstaan door het huidige fietsbeleid en de vele afsluitingen. Zij wil weten of Volt het ermee eens is dat dit geen evenwichtig verkeersbeleid is. Mevrouw Bode (Volt) mist een goed alternatief en merkt op dat het versmallen van wegen niet helpt om minder verkeer te krijgen. Volt is voor het beleid dat er meer fietspaden komen en dat er meer ruimte wordt vrijgemaakt voor fietsers. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) vraagt of Volt ook vindt dat de huidige aanpak uit verhouding is. Zij wil weten of Volt het ermee eens is dat het afsluiten van wegen geen gebalanceerd verkeersbeleid vormt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=2e9ec363-203a-427f-b68d-11cd85b7eee7