Conceptverslag Commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken 25 mei 2023.docx
Tekst van het document
Verslag openbare ochtendvergadering commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken 5
10
15
Datum Locatie Verslag door
25 mei 2023 Stadhuis Raadszaal, Stadhuisbrug 1, Utrecht mevrouw M. de Mul (Notuleerservice Nederland)
Aanwezigen
De voorzitter mw. M. Al-Saqaff, wethouder dhr. E. Eerenberg, de leden dhr. H. Bakker (D66), mw. L. Bode (Volt), dhr. D. Bosch (PVV), dhr. R. Daniëls (PVV), dhr. F. Dekkers (GroenLinks), dhr. G. Dijkstra (EenUtrecht), dhr. R. van der Graaf (ChristenUnie), dhr. M. van Heuven (Partij voor de Dieren), dhr. G. te Hoonte (VVD), mw. A. Oudejans (Student & Starter), dhr. B. van Steeg (CDA), dhr. H. Stellinga (CDA), dhr. M. Usta (DENK), dhr. R. van der Zweth (PvdA), de commissiegriffier F. de Kok
Verslag commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken 20
25
1 Opening..........................................................................................................................................1 2 Vaststellen van de agenda van 25 mei 2023 .................................................................................2 3 Vaststellen van ingekomen agenderingen .....................................................................................3 3.1 Voortgang herijking Utrechts Plan Proces (UPP) ....................................................................4 3.2 Raadsvoorstel Benoeming leden Commissie Welstand en Monumenten ...............................4 3.3 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven................................4 4 Verslagen .......................................................................................................................................4 5 Toezeggingen/Moties .....................................................................................................................4 6 Lijst ingekomen stukken .................................................................................................................5 7 Raadsvoorstel Vaststelling Stedenbouwkundig Plan Beurskwartier ..............................................5
30
1 Opening 35
De voorzitter opent de vergadering. Zij vraagt of er commissieleden zijn die vooraf een mededeling willen doen. Die zijn er niet. Ook de wethouder heeft geen mededelingen.
1
2 Vaststellen van de agenda van 25 mei 2023
5
10
15
De voorzitter stelt voor om de agenda vast te stellen. Het college verzoekt om twee raadsvoorstellen met spoed te agenderen. Dat betreft 13) een geheim raadsvoorstel en 14) een voorstel met betrekking tot het bestemmingsplan van Pijlsweerd, Tuinwijk, Vogelenbuurt en Griftpark. Voorgesteld wordt om voor deze raadsvoorstellen in totaal 120 minuten te reserveren. De voorzitter verzoekt de commissieleden om nu alleen in te gaan op het op de agenda plaatsen van beide onderwerpen. Punten betreffende de procedure kunnen later aan bod komen. De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat dat niet gescheiden kan worden gezien. De VVD heeft om openbaarmaking van een aantal geheime passages gevraagd. Die openbaarmaking moet geschieden door het college, omdat zij de geheimhouding heeft opgelegd. Het verzoek om openbaarmaking is geweigerd door het college. De heer Te Hoonte stelt voor om nu in het geheim te bespreken wat dit betekent voor het bespreken van dit stuk. Hij kan niet beschikken over de informatie die nodig is om het standpunt van zijn partij over te brengen. De voorzitter concludeert dat de VVD voorstelt om een geheim deel in te lassen om te bekijken hoe het debat wel of niet gevoerd zou kunnen worden. Het CDA is het daarmee eens, D66 voelt die behoefte niet. De heer Stellinga (CDA) geeft aan dat nog niet is besloten of het onderwerp überhaupt op de agenda komt.
20
De voorzitter beaamt dit en geeft aan dat nu eerst het geheime deel komt, waarna besloten kan worden of het op de agenda komt. - Besloten deel –
25
De voorzitter geeft aan dat aan de hand van een stemming wordt besloten of de onderwerpen op de agenda worden geplaatst. De stemming vindt niet plaats op volgorde of grootte van partij, maar op aanwezigheid van de commissieleden. De heer Te Hoonte (VVD) wil graag een stemverklaring geven. Op basis van dat wat is gedeeld kan de VVD instemmen met het behandelen van het geheime raadsvoorstel. Ten aanzien van het bestemmingsplan vindt de VVD dat de zorgvuldigheid niet gediend is met het op deze manier behandelen van het voorstel.
30
35
De heer Stellinga (CDA) geeft aan dat D66 en CU zijn voorstel voor bespreking op 8 juni steunen. Als aan die voorwaarde wordt voldaan wil CDA zowel het geheime deel als het bestemmingsplan mee-agenderen. De voorzitter antwoordt dat de commissiegriffier heeft aangegeven dat het er nu op lijkt dat er tijdens die vergadering weinig tijd zal zijn, omdat dan ook de algemene politieke beschouwingen plaatsvinden. Zij gaat over tot stemming en constateert dat er een meerderheid van de commissie voor toevoeging van de onderwerpen op de agenda is. De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat er over de voorstellen afzonderlijk gestemd zou moeten worden.
40
De voorzitter vraagt wie voor het toevoegen van het geheime deel aan de agenda is, en constateert dat daar een meerderheid voor is. Vervolgens vraagt zij wie voor het toevoegen van het openbare onderwerp aan de agenda is, en constateert dat daar eveneens een meerderheid voor is. Dit betekent dat deze onderwerpen aan het einde van de agenda worden toegevoegd. De heer Bosch (PVV) vindt dat er ook spreektijd aan moet worden toegevoegd.
45
De voorzitter bevestigt dat extra spreektijd zal worden toegevoegd. 2
De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat er tijdens het debat ook ruimte zou zijn voor technische vragen. Dat gebeurt normaal tijdens een RIB en die is spreektijdvrij. De voorzitter geeft aan dat de commissie ruimte krijgt voor technische vragen. 5
De heer Van Heuven (PvdD) beweegt hierin mee, maar geeft ook aan dat hiermee pas om negen uur wordt begonnen. Het zal dan laat worden en wellicht geveegd. De heer Bakker (D66) zegt dat de hoeveelheid technische vragen wellicht in de praktijk meevalt, en pleit voor enige coulance in het beschikbaar stellen van ruimte voor de kritische stemmen. Hij stelt voor om de technische vragen in de loop van de dag alvast naar de ambtelijke ondersteuning te geleiden.
10
15
De voorzitter stelt voor om de technische vragen via de diversen te stellen. De commissie is daarmee akkoord.
De heer Stellinga (CDA) geeft aan dat er maar 48 uur de tijd is geweest om de stukken te bestuderen. De 120 minuten die er vanavond voor worden gereserveerd zijn een stuk minder waard dan de tijd in de raadsbehandeling. De voorzitter antwoordt dat het DB daarover gaat. Het signaal van de wens om dit in de raad te bespreken is duidelijk.
20
25
Zij gaat verder met de behandeling van de agenda. De commissie heeft gevraagd om bij agendapunt 10, raadsvoorstel Merwedekanaalzone deelgebied 6 Zeehaenkade e.o., naast wethouder Eerenberg ook wethouder Voortman uit te nodigen. De aanwezigheid van wethouder Voortman is in de loop van de ochtend en de middag echter ook gewenst bij de parallelle vergadering van de commissie JWCS. Hiermee is op deze agenda nog geen rekening gehouden. Er wordt voorgesteld om dit agendapunt in de avondvergadering als eerste agendapunt te bespreken. De voorzitter vraagt of de commissie daarmee akkoord gaat, en constateert geen bezwaren. De heer Bakker (D66) vraagt of de avondvergadering om 19:30 uur kan starten in plaats van 20:00 uur.
30
35
40
De voorzitter vraagt dit aan de commissie. Er wordt negatief gereageerd. Zij stelt vast dat de avondvergadering om 20:00 uur zal starten. Zij stelt de agenda vast zoals besproken. De heer Te Hoonte (VVD) refereert aan het raadsvoorstel over de Commissie Welstand. Dat raadsvoorstel is verstuurd in het kader van de agendering die de VVD voor vandaag aanvullend heeft gedaan op het raadsvoorstel voor de voorzitter van de Commissie Welstand. Hij stelt voor om daar in ieder geval tijdens dat debat over te spreken. Als andere raadsleden een behandeling willen kan dat wellicht op een ander moment plaatsvinden. Mocht niet worden vastgesteld dat dat raadsvoorstel onderdeel is van de bespreking, dan vreest hij dat straks wordt aangegeven dat het nog niet besproken kan worden. De voorzitter vat het voorstel van de heer Te Hoonte samen: het laatst toegestuurde voorstel toe te voegen aan de behandeling van het voorstel over de Commissie Welstand. Daar is de commissie mee akkoord.
3 Vaststellen van ingekomen agenderingen De voorzitter stelt voor om deze lijst, zoals toegevoegd bij de vergaderstukken, vast te stellen. Ook de bij de afzonderlijke onderwerpen behorende stukken zijn toegevoegd. 3
3.1 Voortgang herijking Utrechts Plan Proces (UPP)
5
De voorzitter vraagt om 1) in te stemmen met een technische bijeenkomst op de RIB-avond van ROG op 13 juni over de scenario’s UPP en dus voorafgaande aan het commissiedebat op 15 juni waarmee de commissie al eerder instemde, en 2) hiervoor 60 minuten te reserveren. De voorzitter constateert dat er geen bezwaren tegen deze voorstellen zijn en dat de commissie ermee akkoord gaat. 3.2 Raadsvoorstel Benoeming leden Commissie Welstand en Monumenten
10
Dit wordt behandeld bij agendapunt 8. 3.3 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven De voorzitter meldt dat er een voorstel is ontvangen van D66 aangaande dakopbouwen en dakkapellen.
15
20
De heer Bakker (D66) geeft aan dat hier in het verleden al veel aandacht aan is besteed. Goed om hierbij opnieuw stil te staan, naar aanleiding van wat er uit het college is ontvangen. Daarom wordt een RIB en een commissiebehandeling voorgesteld. De voorzitter laat weten dat de griffier heeft voorgesteld om de RIB op 4 juni in te plannen en daarvoor 60 minuten te reserveren. Op 31 augustus kan dit in de commissie worden behandeld. EenUtrecht, VVD, GroenLinks, UtrechtSolidair en het CDA agenderen dit voorstel van D66 mee. De heer Dekkers (GL) wil graag een gemeenschappelijke informatiebijeenkomst organiseren over de raadsbrief en provinciale statenbrief over de HOV-oversteek. Daarbij zullen ook Statenleden worden uitgenodigd. Deze bijeenkomst vindt plaats op 13 juni.
25
De voorzitter vraagt of hiervoor 90 minuten kan worden gereserveerd. De commissie is daarmee akkoord. De heer Dekkers (GL) wil ook de beantwoording van de schriftelijke vragen over dB’s voor de commissie agenderen, mede namens PvdA, D66 en PvdD. De voorzitter vraagt hoeveel minuten GL hiervoor wil reserveren. Voor de eerstvolgende commissievergadering zijn nog 45 minuten beschikbaar.
30
De heer Dekkers (GL) antwoordt dat dit binnen 45 minuten moet kunnen. De voorzitter geeft aan dat dit onderwerp wordt ingepland op 15 juni voor 45 minuten. De eerstvolgende RIB-avond is op 13 juni. Dan staat op de agenda de informatiebijeenkomst HOV-oversteek Lombokplein voor 90 minuten. Daarna een technische bijeenkomst over de scenario’s van het UPP voor 60 minuten.
35
4 Verslagen De voorzitter geeft aan dat er geen opmerkingen over het verslag zijn ontvangen en stelt het dan ook vast.
4
5 Toezeggingen/Moties De voorzitter vraagt of er opmerkingen over deze lijst zijn.
5
De heer Dekkers (GL) zegt dat de toezegging over de Haarrijnseplas (22/T290) de vorige vergadering ook aan de orde is geweest. Wethouder Voortman zou met een reactie komen maar dat is niet gebeurd. Hij vraagt of daar voortgang op te melden is. De voorzitter vraagt het college om daar schriftelijk een reactie op te geven.
6 Lijst ingekomen stukken 10
De voorzitter meldt dat er één ingekomen brief is: handhaven met het afdwingingsvoorstel in handen stellen van het college. De raad ontvangt een afschrift van het antwoord. De commissie stemt daarmee in. Zij schorst de vergadering voor enkele minuten. - Schorsing -
15
20
25
7 Raadsvoorstel Vaststelling Stedenbouwkundig Plan Beurskwartier De voorzitter laat weten dat hiervoor 120 minuten is gereserveerd. In november 2021 heeft de gemeenteraad het bestemmingsplan vastgesteld voor Beurskwartier 1. Het stedenbouwkundig plan moet worden gezien als een nadere uitwerking van het bestemmingsplan. Ook deze wordt ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad. Dit onderwerp wordt in twee termijnen behandeld. De heer Dekkers (GL) zegt dat zijn partij tevoren contact heeft gehad met ambtenaren over aantallen en oppervlaktes van woningen in dit gebied. Die staan niet met zoveel woorden in het bestemmingsplan, maar hij heeft begrepen dat er openlijk over gesproken mag worden. Hij vraagt de bevestiging van het college daarvan. Wethouder Eerenberg bevestigt dit.
30
De heer Te Hoonte (VVD) roept het college op om aan de voorkant duidelijk te maken wat geheim is in de bijdrages, en alleen dat onder geheimhouding te plaatsen wat strikt geheim is. Dit had dus in het stedenbouwkundig plan moeten staan, en niet in een geheime bijlage. Het is niet aan de wethouder om nu in zijn eentje te bepalen dat dit deel niet geheim is. Dit is niet de juiste werkwijze. De voorzitter verwacht dat het college deze oproep ter harte zal nemen. Ze geeft GroenLinks het woord voor hun inbreng.
35
40
De heer Dekkers (GL) geeft aan dat er heel veel redenen zijn om trots te zijn op het stedenbouwkundig plan Beurskwartier. Een groot aantal woningen (minstens 2500) met 35 procent sociaal en 25 procent middensegment: het wordt een inclusieve stadswijk voor diverse doelgroepen. Een compacte bouw met mooie stedenbouwkundige uitgangspunten voor gevarieerde bouwblokken, aandacht voor levendige plinten en een menging van wonen en werken die passen bij het centrum van de stad. Een ontwikkeling die uitnodigt tot ontmoeten, samen doen en deelgebruik van ruimte en voorzieningen. Aan het college wordt gevraagd of de mini-hubs en huismeesters breder ingezet kunnen worden voor deelgebruik en ontmoeten, dan alleen voor deelmobiliteit en logistiek. Ook zijn er nieuwe concepten voor afvalinzameling, kabels en leidingen en bereikbaarheid. Twee groene parken verbonden door groen, horizontaal en verticaal, 5
natuurinclusief bouwen en slimme oplossingen voor klimaatbestendigheid. Veel aandacht voor duurzaamheid, circulair, flexibel bouwen en een slimme ontwikkelingsstrategie. Hoe eerder deze plannen worden gerealiseerd, hoe liever. 5
De heer Te Hoonte (VVD) vraagt naar de afvalinzameling die GL roemt. Deze manier van afvalinzameling, met vermaling, is echter bij wet verboden omdat het juist niet duurzaam is. Hoe kijkt GL daar tegenaan? De heer Dekkers (GL) heeft uit de stukken begrepen dat met deze vermalers een hogere graad van scheiding wordt gerealiseerd. Hij is niet op de hoogte van een wettelijk verbod daarop.
10
De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan dat dit een soort pilot of uitzondering op het verbod is. De resultaten daarvan zijn nooit teruggekoppeld. Hij vraagt wat GL daarvan vindt. De heer Dekkers (GL) verzoekt om deze vraag door te geleiden naar het college.
15
20
25
30
35
Hij vervolgt zijn inbreng met de opmerking dat GL zich zorgen maakt over de gevolgen van het herijken van het masterplan Jaarbeurs. Het anders organiseren van de logistiek en het nietgemeenschappelijk gebruiken van Beursstraat Zuid zorgt voor een amputatie van de zuidelijke blokken en lelijke maatregelen om geluidhinder tegen te gaan. Wat GL betreft past dit niet bij de afspraken dat de Jaarbeurs onderdeel wordt van de stad. Het is een verstandige keuze om te beginnen met de noordelijke blokken om zo tijd te kopen voor een oplossing voor gemeenschappelijk gebruik van Beursstraat Zuid. Welke mogelijkheden ziet het college om op dit punt tot overeenstemming te komen met de Jaarbeurs? Wat GL betreft wordt wel vastgehouden aan een doorgaande route voor voetgangers en fietsers over de Beursstraat, zowel Noord als Zuid. Er zijn mooie plannen om dat mogelijk te maken met een onderdoorgang van Kinepolis, waar Kinepolis zelf ook enthousiast over is. Het lijkt erop dat dit plan in de koelkast wordt gezet. Al of niet gedeeld met de Jaarbeurs, er komt in ieder geval een Beursstraat Zuid. Aan het college wordt gevraagd waarom niet doorgezet wordt op die onderdoorgang. Verder maakt GL zich zorgen over de centrumboulevard. Er is een afspraak met Kinepolis en de Jaarbeurs over een inpandige oplossing voor fietsparkeren.
Aan het college wordt gevraagd of er al perspectief is op realisatie daarvan, en wanneer. Tenslotte is GL bezorgd over de ontwikkeling van het gebied ten westen van het Merwedekanaal. Zij zien daar het liefst een combinatie van parkeren en wonen, zoals in het masterplan stond, en vinden het een verspilling van zeldzame ruimte in de stad als daar alleen inefficiënt autoparkeren wordt geregeld dat afgestemd is op de piek die maar een paar dagen per jaar nodig is. In de ontwikkelvisie en het bestemmingsplan was nog sprake van parkeren voor het beurskwartier op de westelijke oever van het Merwedekanaal. Dat lijkt nu uit de plannen verdwenen. Is het college het met GL eens dat parkeren ten westen van het Merwedekanaal de voorkeur heeft boven parkeren in de Croeselaangarage? Dat is efficiënter gebruik van parkeerruimte en er zijn minder autobewegingen op de Van Zijstweg en de Croeselaan. De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat GL niet wil dat er geparkeerd wordt aan die kant bij de Jaarbeurs, en tegelijkertijd vraagt GL om het parkeren naar dat gebied toe te brengen. Die logica is VVD onduidelijk. Daar is altijd parkeren voorzien en dat moet toch ook worden toegestaan?
40
45
De heer Dekkers (GL) antwoordt dat parkeren daar inderdaad moet worden toegestaan, maar het lijkt alsof er een blokkade op dat gebied ligt voor wat betreft het parkeren van bewoners en bezoekers aan het Beursgebied, omdat dat 30 dagen per jaar een belemmering zou zijn voor pieken. Dat is een zeer inefficiënt gebruik van parkeerruimte. Het opvangen van pieken moet juist op een andere plek gebeuren zodat het parkeren voor het Beursgebied daar kan plaatsvinden, zoals vroeger het idee was. De heer Te Hoonte (VVD) zegt hij over dit punt gisteren nog technische vragen heeft gesteld. Hij kreeg als antwoord dat dit niet van tafel was, maar het is onduidelijk waar de parkeerplekken dan wel duurzaam zijn geregeld. Hij vraagt wat GL ervan vindt dat er nu een plan voorligt waarin onduidelijk is waar het bewonersparkeren geregeld is.
6
De heer Dekkers (GL) antwoordt dat in de stukken staat dat het bewonersparkeren geregeld moet worden in de Croeselaangarage en op de Mobiliteitsbub XL. Het gebied ten westen van het Merwedekanaal wordt niet genoemd. Vandaar het verzoek om daar weer gebruik van te maken. 5
De heer Te Hoonte (VVD) sluit zich graag aan bij het verzoek om daar weer gebruik van te maken, maar hij constateert ook dat het totaal onduidelijk is hoe het parkeren nu geregeld is. Hij vraagt daarom nogmaals wat GL ervan vindt dat er stedenbouwkundige plannen worden voorgelegd zonder heldere parkeerparagraaf. De heer Dekkers (GL) antwoordt dat hij constateert dat er in het stedenbouwkundig plan wel iets staat, namelijk Croeselaangarage en de Mobiliteitshub XL.
10
15
20
Hij vervolgt zijn inbreng door aan te geven dat er veel woningen in het Beurskwartier komen, minstens 2500. Maar dat is minder dan de 3000 die in de ontwikkelvisie en aanvankelijk in het bestemmingsplan zaten. GL vindt de kwaliteitseis van 65 vierkante meter voor sociale woningbouw belangrijk. Zij vinden het ook belangrijk dat het Beurskwartier een gemengde wijk wordt, voor verschillende doelgroepen en huishoudens dus ook met grotere woningen voor gezinnen. Maar elke woning die in het Beurskwartier wordt gebouwd betekent dat er niet elders met veel moeite een andere locatie gevonden moet worden. GL vraagt of het college bereid is om mee te zoeken naar mogelijkheden om in het Beurskwartier meer dan de 2500 woningen te realiseren. De heer Van Heuven (PvdD) geeft aan dat meer woningen ook kleinere woningen betekent. De raad heeft vaak gezegd dat ze geen kippenhokken wil. Hoe denkt GL daarover? De heer Dekkers (GL) antwoordt dat hij inderdaad geen kippenhokken wil. De oplossingsrichtingen die hij zal aangeven gaan niet in de richting van kippenhokken.
25
30
Hij vervolgt zijn inbreng door te zeggen dat GL denkt in enkele richtingen. Als er wordt gekeken naar de aantallen en oppervlaktes van woningen in het bestemmingsplan en het stedenbouwkundig plan, dan is te zien dat de woningen in het middensegment en de vrije sector groter zijn geworden. Als de oppervlakte uit het bestemmingsplan wordt aangehouden, dan levert dat ruimte op voor ongeveer 50 woningen. Een tweede punt is dat niet zomaar kan worden gesleuteld aan de hoogte van de gebouwen. GL wil vasthouden aan d gevarieerde hoogtes per blok. Er kan wel worden gekeken naar de hoogtes van de torens, hoewel het bestemmingsplan een maximale hoogte van 90 meter benoemt. De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt of het voor GL bezwaarlijk is als de oppervlakte van de middenhuurwoningen onder de 65 vierkante meter zakt.
35
De heer Dekkers (GL) antwoordt dat als voor de middenhuur- en vrije sectorwoningen dezelfde vierkante meters wordt aangehouden als in het bestemmingsplan is vermeld, dan levert dat ruimte op voor 50 extra woningen waarvan een groot deel boven de 65 vierkante meter is. De heer Van der Zweth (PvdA) geeft aan dat een middenhuurwoning op 75 vierkante meter bvo. Dat is iets minder dan 65 vierkante meter gemiddeld. Als de middenhuurwoningen nog kleiner worden, wordt de gemiddelde oppervlakte nog lager. Hij vraagt of GL wel kippenhokken wil.
40
45
De heer Dekkers (GL) antwoordt dat GL geen kippenhokken wil. Het gemiddelde van 65 kan nog steeds worden aangehouden als de oppervlaktes van de grotere woningen worden verminderd. Hij vraagt of het klopt dat de 65 over de sociale sector gaat. De heer Van der Zweth (PvdA) zegt dat de vierkante meters wel in de geheime bijlage staan, maar niet in het oorspronkelijke stuk. Het staat daarin als bvo. Dat is niet hetzelfde als woonvierkante meters. PvdA vraagt de wethouder om scherp te zeggen wat de gemiddelde vierkante meters aan woonoppervlak is dat nu in het voorstel zit voor sociale huur en voor de middenhuur. PvdA neemt aan dat het voor de middenhuur verder onder de 65 vierkante meters zakt. Mevrouw Bode (Volt) zegt dat GL woningen wil voor verschillende doelgroepen, waaronder gezinnen. Tegelijk pleit GL voor kleinere woningen. Zij vraagt hoe GL dat rijmt met elkaar. 7
De heer Dekkers (GL) antwoordt dat dat voor een deel een dilemma is en geeft aan dat de grotere woningen ook 110 in plaats van 130 vierkante meter groot kunnen zijn.
5
10
Hij vervolgt zijn inbreng door te zeggen dat door verhoging van de torens ruimte gemaakt zou kunnen worden voor ongeveer 150 woningen. Verder benoemt hij dat bij verdere ontwikkeling van de plannen nog optimalisatie zou kunnen plaatsvinden voor 100 extra woningen. GL wil weten wat het college en andere partijen vinden van deze zoekrichtingen om zoveel mogelijk woningen hier te realiseren zodat daarvoor op andere plekken geen plaats hoeft te worden gezocht. De heer Van Heuven (PvdD) zegt dat het verhogen van flatgebouwen zorgt voor minder zon en meer schaduw in de omgeving, inclusief de parken. Dat betekent dat het leefgebied van dieren gehinderd wordt. Hij vraagt hoe GL daarover denkt. De heer Dekkers (GL) antwoordt dat hij heeft begrepen dat beperkte ophoging van de torens qua bezonning weinig problemen zal geven.
15
De heer Van Heuven (PvdD) zegt dat hij graag wil weten wat andere fracties hiervan vinden. PvdD vindt het geen goed idee om nog meer schaduw in het gebied te halen. Dat is nadelig voor de biodiversiteit. De heer Te Hoonte (VVD) is verbaasd over visie van GL om nog meer woningen in dit gebied toe te laten, aangezien dat ten koste zal gaan van meer groen. Hij vraagt wat het doel is van dat voorstel.
20
De heer Dekkers (GL) antwoordt dat het doel is om extra te verdichten zonder groen te verminderen, zodat meer plekken in de rest van de stad overblijven. De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan dat het goed zou zijn om een hoogbouwvisie te hebben. Hij vraagt zich af of dit is wat gewenst is in de stad. VVD denkt dat dit gebied diversiteit in hoogtes nodig heeft, want het stationsgebied is nu een soort platte pannenkoek geworden. Hij vraagt aan GL waar deze visie vandaan komt.
25
30
De heer Dekkers (GL) antwoordt dat GL de variatie in hoogtes van belang vindt. Dat is een van de krachtige punten in dit voorstel. Wat GL betreft zou de hoogte van 90 meter ter discussie mogen staan. De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat in het stedenbouwkundig plan nadrukkelijk wordt beargumenteerd waarom het al zo’n ongelooflijk hoge dichtheid is. Hij spreekt geen steun uit voor het voorstel van GL en vraagt zich af of GL, naar aanleiding van zijn inbreng, tot andere inzichten komt. De heer Dekkers (GL) antwoordt dat in het stedenbouwkundig plan ‘minimaal 2500’ is vermeld. GL is blij als daarboven gekomen kan worden.
35
De heer Van Steeg (CDA) vraagt of GL het belangrijk vindt waar de verhoging moet komen, rekening houdend met zon en wind. De heer Dekkers (GL) antwoordt dat hij voorstelt om te kijken naar de hoogte van de torens die lager dan 90 meter zijn. De heer Van Steeg (CDA) vraagt welke torens GL precies bedoelt.
40
45
De heer Dekkers (GL) antwoordt dat in elk blok torens zitten, in een variatie van 70 en 90 meter. Er zou moeten worden gekeken naar de torens van 70 meter. In het bestemmingsplan is een beperking van 90 meter hoogte opgelegd. Dat zou wat GL betreft best ter discussie worden gesteld. Hij vervolgt zijn inbreng door te wijzen op het stedenbouwkundig plan, dat een kopgebouw benoemt aan de Graadt van Roggenweg. GL begrijpt dat de eigenaar van de kantoren hierin is geïnteresseerd en nadenkt over herontwikkeling van gebouwen, waarbij wordt gedacht aan 8
5
woningen. GL hoort graag van het college wat de vooruitzichten voor de onderzoeken en besluitvorming op dit punt zijn. Verder geeft GL aan dat bij risico’s staat dat groene daken op 25 vierkante meter mogelijk deels gebruikt kunnen worden voor zonnepanelen om aan de BENGeisen te voldoen. GL vraagt wat het bezwaar is van blauwe of groene zonnepanelen of mos en sedum. Nu zijn boven de 25 meter in de gevel verwerkte zonnepanelen mogelijk. Waarom niet lager? De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of die grens juist omhoog moet als de torens hoger worden, en er meer schaduw in het gebied komt.
10
De heer Dekkers (GL) antwoordt dat duidelijk is dat zonnepanelen in de schaduw weinig opleveren. Zijn vraag richt zich meer op de keuze voor de grens op 25 meter hoogte. Hij vervolgt zijn inbreng door te verwijzen naar het stedenbouwkundig plan, waarin is aangegeven dat verschillende activiteiten in het Croesepark kunnen plaatsvinden. GL wil graag de bevestiging dat dit geen plek wordt voor evenementen. Tenslotte vraagt GL of bij placemaking rekening wordt gehouden met het voorkomen van overlast voor de bewoners van de Croeselaan.
15
20
25
30
35
40
De voorzitter geeft het woord aan de VVD voor hun inbreng. De heer Te Hoonte (VVD) meldt dat de VVD altijd voor dit plan is geweest, maar dat begint wel moeilijk te worden. Dat zit ‘m vooral in de automobiliteit. Dat dit een gebied wordt waar men geen eigen auto heeft, dat staat in het bestemmingsplan. Maar het college halveert nu ook het aantal deelauto’s in het gebied. Dat is wat de VVD betreft een brug te ver. In het stedenbouwkundig plan ontbreekt een bijlage die hierop ingaat. De VVD vraagt dan ook om een parkeerbijlage waarin duidelijk is aangegeven hoe het college tot de conclusie is gekomen dat er nog 159 deelauto’s uit kunnen, en dat deze 2500 woningen het afkunnen met 100 deelauto’s. Verder mist de VVD een overzicht van de punten waarop wordt afgeweken van het bestemmingsplan en de algemene Utrechtse bouwverordening. In plaats van 122 pagina’s had de VVD liever een beknopt overzicht gehad van wat er hier anders is. Ook wordt opgemerkt dat de parkeergarage van het hoekgebouw en de garage van de onderste drie blokken aan de B2-zijde worden ontsloten via een lus over de Croeselaan. Daarbij moet het fietspad van de Croeselaan worden overgestoken, ook voor vuilniswagens, terwijl er een goede afslag aan de Van Zijstweg ligt naar het P2-gebied.
Waarom worden de parkeergarages en hubs niet aangesloten op de al aanwezige afslag? Daarop ziet de VVD graag een aanpassing in het bestemmingsplan. Bovendien is er een ingang naar de parkeergarage getekend in het bouwblok van bestaande woningen, dat zou blijven staan. De VVD vraagt de wethouder daar een reactie op te geven. Het afvalsysteem met vermalers vindt de VVD op deze schaal niet gewenst. In de Grondstoffennota 2020 is weliswaar aangekondigd dat er een pilot zou komen. Het resultaat van die pilot is echter niet bekend en is nooit behandeld. Het zal bovendien leiden tot een verhoging van de afvalstoffenheffing voor de hele stad. De VVD vindt dit geen duurzaam systeem van afval scheiden. Bovendien is het, voorzover VVD weet, bij wet verboden. De heer Dekkers (GL) zegt dat de kostenverhoging met name zit in het werken met kleinere voertuigen, en niet zozeer in de vermalers. De heer Te Hoonte (VVD) antwoordt dat het hele concept tot een verhoging van de afvalstoffenheffing leidt. De VVD vraagt zich af of het gebruik van de kleine wagens zo strikt noodzakelijk is, en of het niet beter zou zijn om de gebouwen geschikt te maken voor de vuilniswagens die er al zijn.
45
50
Hij vervolgt zijn inbreng door aan te geven dat de VVD het niet verklaarbaar vindt dat er een hoge milieuklasse wordt gecreëerd met allure-afwerking, en vervolgens een hogere afvalstoffenheffing wordt opgelegd aan inwoners in andere wijken die wel de grote vrachtwagens en afvalbakken in de straat krijgen. De VVD vindt de aansluiting met de Jaarbeurs nu niet goed en is blij dat het is aangegeven in de kaart. Dit moet voor alle blokken helder zijn. Dit brengt wel een probleem mee met de school. De VVD is benieuwd hoe de wethouder daarnaar kijkt en vraagt of de zone iets ruimer uitgewerkt zou kunnen worden. 9
5
Verder wil de VVD de toezegging dat er normale speelobjecten in het park komen. Tenslotte benoemt de VVD dat de bewoners onaangenaam verrast zijn door de placemaking. Die mensen worden hun huis uit gedreven naar een andere locatie totdat hun huis klaar is. Daar vindt de raad over het algemeen heel veel van. De VVD stelt voor om te beginnen met het maken van een park, wat als park gebruikt wordt en niet als evenementenlocatie. De voorzitter geeft het woord aan D66 voor hun inbreng.
10
15
20
25
De heer Bakker (D66) vindt het een prachtig plan. Op een van de meest centraal gelegen delen van Nederland en van Utrecht gaan we bouwen aan de stadswijk van de toekomst. Met lef en durf wordt voor duizenden mensen een woning gerealiseerd. Er wordt de hoogte in gegaan met behoud van kwaliteit en leefbaarheid, een fijne verblijfsfunctie, combinatie wonen-werken, levendige plinten en een ontwikkeling die klimaatadaptief, duurzaam en circulair is, en waar de voetganger en fietser op één staan. D66 kan zich aansluiten bij een aantal punten die al zijn genoemd, waaronder de onwenselijkheid over de Beursstraat van GL. Het toewerken naar een oplossing hiervoor voelt nog onzeker. D66 vraagt de wethouder ook wat er mogelijk is met tijdelijk groen op deze plek. Voor wat betreft het aantal woningen verwijst D66 naar het stedenbouwkundig plan. Daarin is vermeld dat er 2500 woningen komen, wat door optimalisatie in het ontwerpproces kan oplopen naar 3000. Wat D66 betreft hoeft het plan niet helemaal gemaximaliseerd te worden, maar net als GL vindt D66 dat er gestuurd moet worden op het toevoegen van extra woningen. De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt of D66 ook vindt dat er over grotere woningen, ook in het betaalbare segment, gesproken moet worden. De heer Bakker (D66) antwoordt dat er een zeer grote woningnood is. Dat moet niet resulteren in te kleine woningen.
Anderzijds zijn er ook veel eenpersoonshuishoudens die met een kleinere woning prima uit de voeten kunnen. Het is goed om een bepaalde woonoppervlakte te borgen, maar wat D66 betreft wordt er gezocht naar een goede balans daarin. De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt of de heer Bakker het over oppervlaktes heeft of over optoppen en andere manieren om extra woningen te creëren.
30
De heer Bakker (D66) antwoordt dat er nog een groter hoogteaccent kan worden toegevoegd om daar extra woningen te creëren. Daarnaast is het een combinatie van oppervlaktes en optimalisatie in het ontwerpproces. De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan dat het aan de voorkant vrijgeven van meer ontwikkelvolume niet leidt tot meer woningen. Er kan ook worden vastgehouden aan het kader dat is gegeven waarbij niet aan de hoogtes wordt gesleuteld. Bedoelt D66 dat?
35
De heer Bakker (D66) antwoordt dat er altijd naar optimalisatie moet worden gekeken. Verder pleit D66 ervoor om naar nog meer diversiteit in hoogte te gaan en stelt voor om op een plek juist wel toe te gaan naar 90 meter. De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat er dan zonder vastgestelde hoogbouwvisie op zoek wordt gegaan naar de maximale hoogte en de invulling daarvan. Moet het stedenbouwkundig plan dan niet terug naar deze raad, waardoor weer twee jaar vertraging wordt opgelopen?
40
De heer Bakker (D66) antwoordt dat de mogelijkheid er is tot maximaal 90 meter. D66 stelt voor om die ruimte te pakken, niet overal maar wel op enkele plekken. De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan dat die mogelijkheid er is in het bestemmingsplan, maar bezonningsstudies en dergelijke zijn uitgevoerd op het voorliggende plan. Als gebouwen worden verhoogd moeten die studies opnieuw worden gedaan.
45
De heer Bakker (D66) wil deze vraag daarom aan het college stellen. Hij vervolgt zijn inbreng met de opmerking dat het pand aan de Croeselaan 91 blijft staan. Dat komt heel centraal te liggen. Het is nog onduidelijk hoe de gevels van dit pand op een mooie 10
5
manier ingevuld worden. Kan de wethouder hier antwoord op geven? D66 vraagt zich verder af waar de sportvoorzieningen een plaats krijgen. De elementen van een outdoor gym, zoals nu onder de Dafne Schippersbrug is gesitueerd, worden gemist in het plan. De gebiedsorganisatie gaat veel oppakken, maar een programmering op sport wordt gemist. Voor wat betreft placemaking heeft D66 de indruk dat er onder de bewoners ook voorstanders van zijn. Het zou helpen om daar heldere afspraken over te maken: wanneer gaat er wat komen, wanneer wordt er wat georganiseerd, hoe zit het met de bouwoverlast? Aan de wethouder wordt gevraagd of die afspraken, inclusief een doorkijk naar de planning, gemaakt kunnen worden. Daarover ontvangt D66 graag een terugrapportage.
10
De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of D66 het ermee eens is dat er alleen wordt overgegaan op tijdelijke invullingen als een overgrote meerderheid van omwonenden zich er goed in kan vinden. De heer Bakker (D66) antwoordt dat het hem een goed idee lijkt om concrete suggesties uit te buurt mee te nemen om er samen iets moois van te maken.
15
De heer Dijkstra (EenUtrecht) merkt op dat suggesties dus welkom zijn, maar als die suggesties niet meegenomen worden gaat het plan dus gewoon door. Dat biedt geen zekerheid. De klacht is nu juist dat de omwonenden moeten worden meegenomen en alleen iets te doen als dat past met die overgrote meerderheid. Kan D66 zich daarin vinden?
20
De heer Bakker (D66) antwoordt dat het niet een heel groot democratisch gewogen besluit hoeft te zijn. EenUtrecht zegt altijd dat het maken van plannen moet worden overgelaten aan de buurt. D66 heeft dat vertrouwen. De zorg van de bewoners die de brief hebben gestuurd zit in de vraag of men wakker zal liggen door een dancefestival in de buurt. Die zorgen kunnen worden weggenomen door goede afspraken te maken.
25
De heer Te Hoonte (VVD) haakt aan op placemaking. Hij geeft aan dat de Leidsche Rijn-ervaring leert dat het goed is om zo snel mogelijk naar de definitieve inrichting van plekken te gaan. Het grootste deel van het placemakingsgebied wordt een park. VVD stelt voor om het park gewoon aan te leggen zodat er in elk geval geen festival kan plaatsvinden. De heer Bakker (D66) heeft het idee dat veel dingen een eigen leven zijn gaan leiden. Volgens hem zijn festivals en grote evenementen helemaal niet het plan. Er zijn mooie dingen gaande en de klokken moeten in de buurt nu nog gelijk gezet worden.
30
Hij vervolgt zijn inbreng door te verwijzen naar de risico’s. Er wordt aangegeven dat men het tempo hoog wil houden. De bouwwereld vaart volgens D66 echter steeds meer in een donkere wolk. Hoe schat de wethouder die risico’s in? Hij sluit af met complimenten aan het team dat hier de afgelopen jaren heel hard aan heeft gewerkt.
35
De voorzitter geeft het woord aan het CDA voor hun inbreng.
40
45
50
De heer Van Steeg (CDA) geeft aan dat CDA voorstander is van de ontwikkeling van het centrum en ziet dat hier ruimte is om hoger te gaan dan op andere plekken. Uit de contacten met verschillende bewoners blijkt dat er zorgen zijn over wat er gaat gebeuren achter hun huis, zeker gezien het emotionele debat dat we in de vorige periode hebben gehad. Daarin maakte de wethouder zich sterk om de positie van de bewoners en hun inspraak te borgen. CDA vraagt de wethouder dan ook nogmaals om de inwoners mee te nemen in het proces. Het helpt niet om het in een brede term als placemaking te gieten, maar maak het concreet. CDA is voor een bescheiden park dat afgesloten kan worden, zoals in Parijs waar men mooi aan het water kan zitten. Neem daarbij het erfgoed mee dat is gevonden en vertel daarover. Verder maakt et CDA zich zorgen over de afspraken met de Jaarbeurs. Ook daar dreigen de bewoners de dupe te worden. Er wordt veel overlast van de bouw ervaren. Dat doet het al geschade vertrouwen in de gemeente geen goed. Het CDA roept de wethouder op zijn toezeggingen gestand te doen en het vertrouwen te herstellen. De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt of het CDA het nu niet veel te groot maakt, omdat de bewoners wel betrokken worden bij de vervangende woonruimte, dezelfde huur, het 11
meebetrekken bij de ontwikkeling van het pand, de naamgeving van het pand. Daar gebeuren veel goede dingen. Gaat het het CDA niet sec om de placemaking?
5
De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat er verschillen zijn in de mening van de inwoners. Hij ziet wel dat het vertrouwen geschaad is en dat kan effect hebben op de discussie over de nieuwe locatie. De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt of het het CDA dus inderdaad om de placemaking gaat, want het traject van het betrekken van de bewoners bij het nieuwe plan gaat wel goed. Dat is tenminste het signaal dat de PvdA heeft ontvangen.
10
15
20
25
De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat die geluiden wisselend zijn. Het gaat het CDA in eerste instantie over placemaking. Als dat niet goed gebeurt gaat dat effect hebben op het vervolg van het traject. Hij vervolgt zijn inbreng door in te gaat op de plannen met de Jaarbeurs. Voor wat betreft de school aan de zuidelijke Beursstraat vraagt D66 zich af of dat een goede plek is, zeker als het gaat om verkeersveiligheid. Is er een prioriteitenlijst voor de Jaarbeurs? Wat is het traject om verder te komen volgens het college? Over de invulling van de plannen zelf zegt het CDA dat er in het voorstel geen expliciete splitsing is tussen middenhuur en betaalbare koop. Gezien het advies van de Rekenkamer zou dat wat het CDA betreft expliciet gemaakt moeten worden. Het zou ook nog wel wat hoger mogen: 15 procent betaalbare koop en 20 procent middenhuur. Het CDA sluit zich aan bij de VVD betreffende de opmerkingen over bereikbaarheid. Al eerder heeft het CDA het college opgeroepen om ervoor te zorgen dat de bereikbaarheid gegarandeerd blijft. Dat mist in dit plan. Er zijn weinig parkeerplekken in de hubs, bijvoorbeeld voor minder valide mensen. Het CDA hoort hierover graag een reactie van de wethouder. De heer Dekkers (GL) vraagt of het CDA het eens is met de stelling dat de hubs zoveel mogelijk langs de buitenkant worden gesitueerd.
De heer Van Steeg (CDA) is het daarmee eens, maar hij is vooral op zoek naar de onderbouwing daarvan gerelateerd aan de behoefte die er is. De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat situering langs de buitenkant prima is, maar niet als dat leidt tot onnodige kilometers voor de auto’s. Hij vraagt of het CDA die mening deelt.
30
De heer Van Steeg (CDA) deelt dat, en vooral dat er een onderbouwing ontbreekt. Hij vervolgt zijn inbreng met de opmerking dat het punt van het ontbreken van sportvoorzieningen voor het CDA ook belangrijk is. Dit komt nauwelijks terug in het plan, terwijl dat wel de wens van de raad was. Hij stelt voor om de sportcapaciteit expliciet te maken en vraagt de wethouder of er ruimte is voor commerciële sportactiviteiten.
35
De heer Bakker (D66) vraagt of die commerciële sportactiviteiten juist in de plinten van de gebouwen zou kunnen. De heer Van Steeg (CDA) is het daarmee eens. Nu wordt gemerkt dat deze initiatieven geen plek in de stad kunnen vinden. Dat kan hier bij uitstek plaatsvinden, maar het wordt nergens in het plan expliciet gemaakt.
40
Hij vervolgt zijn inbreng door te wijzen op de voedselvermalers. Het lijkt een innovatie zonder dat bekend is wat de toegevoegde waarde en risico’s daarvan zijn. Aan de wethouder wordt gevraagd hoe hij daar tegenaan kijkt. De voorzitter geeft het woord aan de PvdD voor hun inbreng.
45
De heer Van Heuven (PvdD) zegt dat het terugschroeven van de hoeveelheid woningen in het Beurskwartier een goed idee is. Zoveel kleine woningen, zoveel mensen op een heel klein stukje Utrecht, dat kan wat de PvdD betreft wel minder. Als er geoptimaliseerd wordt kan PvdD daarmee 12
5
10
15
20
25
30
35
40
akkoord gaan als de dure en grote woningen kleiner gemaakt worden. Extra bouwlagen ziet PvdD niet zitten vanwege de schaduwovervloed in het gebied. In het stedenbouwkundig plan is veel aandacht besteed aan bomen, groen en dieren. Er komt zelfs een soort dierensnelweg tussen twee parken. Daar is de PvdD blij mee. In de tekeningen is echter te zien dat deze ecologische parkstraat de Jaarbeursboulevard gaat kruisen. Daar maakt PvdD zich zorgen over, zeker omdat in de reactienota is vermeld dat natuur zelfredzaam is en dat er wat beplanting gaat komen om de overlast van mensen op de Jaarbeursboulevard te voorkomen. Volgens PvdD is daar wel wat meer voor nodig. Aan de wethouder wordt gevraagd hoe ervoor wordt gezorgd dat, met meer dan wat struiken, deze publieksboulevard geen afbreuk gaat doen aan de ecologische kwaliteiten van de parkstraat. PvdD wil van de wethouder graag horen hoeveel bomen er precies gekapt gaan worden en hoeveel bomen er ongeveer bij gaan komen. Refererend aan de unaniem aangenomen motie 35 uit 2019 betreffende groene en blauwe verbindingen van en naar het Beurskwartier: PvdD vindt dat in het plan onvoldoende is uitgewerkt hoe deze groene en blauwe verbindingen naar de natuur om het Beurskwartier heen zijn vormgegeven. Aan de wethouder wordt gevraagd wanneer deze informatie wordt aangeleverd.
Vaak wordt geconstateerd dat plannen mooi beginnen en langzamerhand aan de financiële werkelijkheid worden aangepast en verslechteren. Aan de wethouder wordt gevraagd welke zekerheden hij kan geven dat dat dit stedenbouwkundig plan daadwerkelijk wordt uitgevoerd en dat dit geen groene verleiding blijkt te zijn. Bij de behandeling van het bestemmingsplan was de PvdD negatief. Dat kwam vooral door de waanzin dat hier woningen gesloopt gaan worden voor een park en dat elders in het stationsgebied een park volgebouwd gaat worden. Deze keuze van het college ligt de PvdD nog steeds erg zwaar, ook omdat de huidige bewoners van de Croeselaan aangeven dat zij veel overlast ervaren van diverse werkzaamheden achter de woningen en geconfronteerd worden met placemaking. Het idee van de VVD om zo snel mogelijk een park aan te leggen vindt de PvdD goed. Betreffende de communicatie merkt de PvdD op dat er bewoners zijn die spreken over een hele slechte communicatie met de gemeente. Ondanks de afspraak van de vaste contactpersoon reageert de gemeente niet. Ondanks afspraken dat er achter de woningen niet gebouwd wordt stort de huidige aannemer buizen van tien meter hoogte op een paar meter afstand van de woningen. Dit wordt niet vooraf gecommuniceerd. Aan de wethouder wordt gevraagd welke beterschap hij hierin kan beloven of, beter nog, garanderen.
Dat is voor de PvdD essentieel om met dit plan in te stemmen. De heer Bakker (D66) vraagt of de heer Van Heuven het met hem eens is dat het beeld over placemaking en overlast vanuit bewoners wel wat diverser kan zijn. Er worden namelijk ook positieve signalen over de gemeente vernomen. De heer Van Heuven (PvdD) antwoordt dat het, ondanks de diverse geluiden, onacceptabel is dat er bewoners zijn die last hebben van allerlei bouwoverlast als is afgesproken dat ze die bouwoverlast niet zouden ervaren, en dat ze daarvan goed op de hoogte zouden worden gehouden. Ook zou er een contactpersoon zijn die goed met ze zou schakelen. Dit gebeurt allemaal niet. De heer Bakker (D66) is het daarmee eens, maar geeft aan dat het in de inbreng van PvdD ging over alle bewoners. Volgens D66 is dit genuanceerder.
45
50
De heer Van Heuven (PvdD) antwoordt dat hij sprak van ‘bewoners’. Hij kan zich voorstellen dat er verschillende geluiden zijn. Dat komt ook omdat veel van de originele bewoners allang vertrokken zijn. Er zijn veel tijdelijke bewoners die het misschien niet zoveel uitmaakt. De heer Dekkers (GL) geeft aan dat zij juist van bewoners horen dat zij intensief en al lang betrokken zijn bij dit plan. Aan PvdD wordt gevraagd of zij onderkennen dat er verschillende geluiden zijn, ook over placemaking. De heer Van Heuven (PvdD) antwoordt dat hij heeft vernomen dat er slecht gecommuniceerd was over een avond over placemaking, waardoor er maar zes huishoudens aanwezig waren. Dat is een signaal dat er geen breed gedragen enthousiasme voor placemaking is. 13
De voorzitter geeft het woord aan de PvdA voor hun inbreng.
5
10
15
20
25
30
De heer Van der Zweth (PvdA) geeft aan dat er na jaren van besluitvorming nu een stedenbouwkundig plan ligt. Volgens de PvdA is het een goede uitwerking van een plan dat in de basis niet het plan van de PvdA was. Dat komt door de onnodige sloop van de woningen waar de PvdA altijd tegen heeft gestreden. Die strijd is verloren, in het bestemmingsplan is het al mogelijk gemaakt. Voor de bewoners is gelukkig wel heel veel goeds geregeld, met de vervangende woonruimte, de naamgeving van het Klingtonlaantje, het terugkrijgen van vergelijkbare woningen en vergelijkbare huur, betrokkenheid bij de uitwerking van het plan. De PvdA heeft geen signalen ontvangen dat dit stroef gaat. De PvdA vraagt om tempo zodat de mensen snel kunnen verhuizen. De heer Te Hoonte (VVD) vindt het goed om te horen dat de contactpersonen van de PvdA tevreden zijn. Hij wijst op de bouwverordening waarin vermeld is tussen welke tijden er gebouwd mag worden. Er worden signalen ontvangen dat die tijden worden overschreden. Wat vindt de PvdA daarvan? De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat hij het had over vervangende woonruimte aan de overkant. Signalen over bouwoverlast heeft de PvdA ook gehoord. De tijd die de bewoners nog op die plek wonen moet natuurlijk wel prettig zijn. Hij hoort graag wat de wethouder daarover zegt. Hij vervolgt zijn bijdrage met de opmerking dat het plan zelf sterk verbeterd is.
In het woonprogramma stond 20 procent sociaal, dat is 35 procent geworden. Het gemiddelde woonoppervlak van de sociale huurwoningen en van de middenhuurwoningen is omhoog gegaan, dat van de sociale huurwoningen naar 65 vierkante meter gemiddeld. Er komen dus fatsoenlijke huurwoningen, zowel kleiner voor eenpersoonshuishoudens maar ook grotere. Het wordt waarschijnlijk allemaal corporatiehuur, wat betekent dat het ook voor de langere termijn betaalbaar blijft. Dat het wat minder woningen zijn geworden is voor de PvdA niet bezwaarlijk. De twee gevestigde ondernemers wisten niet van de sloop. Aan het college wordt gevraagd om zich in te zetten voor het terugkrijgen van deze twee ondernemers als het gebied is ontwikkeld. Verder merkt de PvdA op dat er een kleine buurtsupermarkt komt, maar de wijk bestaat uit 2500 woningen en er komen nog woningen naast bij de Jaarbeurs. Dit begrijpt de PvdA niet: is de supermarkt voldoende groot? Tenslotte merkt de PvdA op dat de sportvelden in de directe omgeving terug moeten komen. Het tekort is groot en met zoveel huishoudens erbij zeker. De heer Te Hoonte (VVD) merkt over de supermarkt op dat die bovendien macrobiotisch gezond moet zijn. Misschien is dat de reden dat het klein gehouden moet worden. Hoe denkt de PvdA daarover?
35
De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat hij dat niet verwacht, want als veel mensen de supermarkt nodig hebben zouden ze ook de biosupermarkt plunderen. Hij kan de redenering dan ook niet volgen, ook niet met de uitleg van de heer Te Hoonte. De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat die mensen dan waarschijnlijk naar de supermarkt wat verderop in de straat gaan. Hij vindt het raar dat dit soort branchering in stedenbouwkundige plannen wordt vastgelegd.
40
45
De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat hij dat ook vindt. Voor wat betreft de oppervlakte is hij zoekende omdat de gemeente ook vaak probeert te acteren naar wat de inwoners zeggen. Dat lukt niet altijd goed, bijvoorbeeld bij de supermarkt in de Jan van Galenstraat. De heer Dekkers (GL) vraagt of PvdA zich de discussies herinnert over wat voor winkels er in dit gebied zouden komen. Vanuit het centrum kwam het verzoek om er geen winkels die concurreren met het oude centrum te plaatsen. Er is gekozen voor kleinschalige detailhandel, alleen wat nodig is voor de buurt. De heer Van der Zweth (PvdA) geeft aan dat een supermarkt juist een basisvoorziening is die dicht bij de woningen moet zijn. De voorzitter geeft het woord aan Volt voor hun inbreng. 14
5
10
Mevrouw Bode (Volt) zegt dat het plan er prachtig uitziet. Tegelijkertijd is het ook wat bevreemdend dat zo’n karakteristiek deel van de stad zo onherkenbaar getransformeerd wordt. Volt is blij dat er minder en grotere woningen komen, want daardoor wordt de leeftijd zowel binnen als buiten beter. Tegelijkertijd zijn er zorgen over de gezinswoningen. Aan de wethouder wordt gevraagd of daar meer van kunnen worden gerealiseerd, zodat mensen daar ook kunnen blijven wonen na uitbreiding van het huishouden. Naast toekomstige bewoners zijn er ook huidige bewoners. Over de placemaking is al veel gezegd. Dat ligt erg gevoelig en juist in die situatie moeten geen extra zorgen over ontstaan. Volt is benieuwd naar de reactie van de wethouder daarop. Naast toekomstige woningen zijn er ook huidige woningen. In de omgeving is er de ontmanteling van een bouwplaats, er zijn enkele grote woningbouwprojecten die stagneren. Hoe beschouwt de wethouder het risico van het niet-bouwen of het halverwege stoppen van de bouw? Ook in het kader van het slopen van woningen met het risico dat er geen nieuwe voor terug komen. De voorzitter geeft het woord aan EenUtrecht voor hun inbreng.
15
20
25
30
35
40
45
50
55
De heer Dijkstra (EenUtrecht) zegt dat EenUtrecht het een ongelofelijk slecht plan vindt. Niet gezond, niet leefbaar en absoluut niet groen genoeg. Het is veel te dicht bebouwd. In het stedenbouwkundig plan is aangegeven dat dit de meest dichtbebouwde plek van het land gaat worden. Meer dan 300-350 woningen op een hectare. EenUtrecht zou willen afspreken dat er maximaal 1500 woningen komen. Dat betekent nog steeds een dichtheid van rond de 150 woningen per hectare en nog steeds een van de dichtst bebouwde plekken van dit land. Om dat gezond, leefbaar en groen te houden is een hele uitdaging. Voor de andere duizend woningen moet met spoed richting Rijnenburg worden gekeken. We mogen blij zijn als alle plannen die er nu liggen ook voldoende bebouwd gaan worden in dat tempo. Hier een beter plan maken lijkt EenUtrecht beter dan er op gokken dat die 2500 woningen allemaal op tijd gebouwd gaan worden. Op de tweede plaats zoomt EenUtrecht in op het groen. Volgens de stukken van de gemeente wordt er 34 vierkante meter buurtgroen per woning gerealiseerd. Na omrekening resulteert een totaal van 85.000 vierkante meter. Dat zijn 17 voetbalvelden voor deze 2500 woningen. Aan de wethouder vraagt EenUtrecht hoe ver het plan nu wegblijft van die 85.000 vierkante meter.
EenUtrecht vindt overigens dat 34 vierkante meter aan de schrale kant is en pleit voor circa 60 vierkante meter groen per woning. Hetzelfde geldt voor het aantal bomen. Eén of twee bomen per woning wordt bij lange na niet gehaald. Dat maakt het mede een slecht plan. EenUtrecht mist sociaal-culturele ruimtes voor ontmoeting en verbinding. Als voorbeelden worden Podium Oost en het Zimihc theater genoemd. EenUtrecht stelt voor om 500 vierkante meter te reserveren voor deze specifieke functie. Aan de wethouder wordt gevraagd of hij ervoor open staat om daar naar te kijken. Voor wat betreft placemaking is EenUtrecht ervoor om de omwonenden mee te nemen in wat er tijdelijk gebeurt, aangezien zij veel last van bouwverkeer zullen krijgen. Kies hierbij voor een oplossing die al anticipeert op de toekomstige oplossing van het park. Ga niet iets doen waarmee je nu al de buurt tegen je opzet, maar doe iets waarmee zij in meerderheid kunnen instemmen. Betreffende parkeren en bereikbaarheid deelt EenUtrecht de zorgen van het CDA en de VVD. Verder mist EenUtrecht een participatieparagraaf voor de komende periode, en verzoeken zij de wethouder om daar ook iets over op te nemen. Het is belangrijk dat de omwonenden nadrukkelijk worden betrokken en zwaarwegend kunnen meebepalen als het gaat om bepaalde effecten voor de eigen buurt.
Daarbij valt te denken aan bouwoverlast, het invullen van parkeerroutes, het invullen van lokale voorzieningen die relevant zijn voor die omliggende buurten. EenUtrecht vraagt de wethouder hoe hij hierin staat. Tenslotte merkt EenUtrecht op dat het onduidelijk is waarover de raad gaat beslissen. De twee besluiten die zijn voorgelegd zijn redelijk vaag geformuleerd. EenUtrecht zou de raadsvoorstellen in het vervolg veel specifieker geformuleerd willen zien. Er zouden hardere randvoorwaarden in het besluit moeten worden opgenomen over het aantal woningen, de verdeling van type woningen, het maximaal aantal woningen, maximale bouwhoogtes, minimale vierkante meters groen, minimale vierkante meters sociaal-culturele voorzieningen voor ontmoeting en verbinding, minimale vierkante meters voor buurtspel en –sport, en ook hoe de participatie in de komende fase gegarandeerd en ingezet wordt. Daarmee wordt een duidelijker signaal afgegeven naar de markt en het zal helpen tegen het verder opdrijven van prijzen. Kan de wethouder toezeggen dat het raadsvoorstel op deze manier wordt aangevuld en aangepast? De voorzitter geeft het woord aan DENK voor hun inbreng. 15
5
De heer Usta (DENK) geeft aan dat DENK blij is met meer woningen. Met het huidige tekort aan woningen is het bouwen van minder woningen dan eerst was voorzien geen goed idee. DENK vraagt de wethouder of hij het eens is met de noodzaak van veel meer woningen en dat er, in de hoogte of in de breedte, meer moet worden gedaan om dit te realiseren. Met de verhoging van het percentage sociale huur is DENK blij. Zij sluiten zich verder aan bij de zorgen van de VVD over mobiliteit en parkeren. Daarover vraagt DENK een reflectie van de wethouder. De heer Van der Zweth (PvdA) meent dat DENK vaak aandacht vraagt voor het bouwen van niet te kleine huurwoningen. Dat gebeurt nu, maar de consequentie is dat er minder woningen komen. Hoe ziet DENK dit?
10
De heer Usta (DENK) antwoordt dat idealiter én meer sociale huur én een groter oppervlak gewenst is. Het een hoeft het ander niet uit te sluiten, volgens DENK. De voorzitter geeft het woord aan CU voor hun inbreng.
15
20
25
De heer Van der Graaf (CU) zegt dat het plan voor het Beurskwartier langzaam concreet wordt. Dit voorstel ziet er op grote lijnen goed uit en volgt eerdere besluitvorming in de raad. Voor wat betreft placemaking steunt CU de vragen die zijn gesteld over een passende invulling, waarbij de huidige en toekomstige bewoners betrokken moeten worden. Ook het idee van het park vindt CU goed. Zij horen graag de visie van de wethouder daarop. Bij de placemaking wordt wel een fysiek informatiecentrum gemist waarover in de raad een motie breed is aangenomen. Dat zou kunnen helpen om op een laagdrempelige manier met de huidige en toekomstige bewoners in contact te komen over de werkzaamheden, meldingen en klachten, en die snel en op een duidelijke manier te behandelen. Is de wethouder bereid om dit een plek te geven in de placemaking? Verder merkt CU op dat het een uniek mobiliteitsconcept is, zo dichtbij Utrecht Centraal. De focus op lopen, fietsen en deelauto’s is dan ook een terecht uitgangspunt. Het punt dat deelauto’s voor iedereen betaalbaar en bereikbaar moet zijn vindt CU niet nadrukkelijk terug. Kan de wethouder aangeven op welke manier dat wordt geborgd? De voorzitter geeft het woord aan de PVV voor hun inbreng.
30
35
40
45
De heer Daniëls (PVV) is blij dat er in het voorstel extra ruimte komt voor sociale huur met een fatsoenlijk woonoppervlak. PVV is ook blij dat de Korenbeurs een mooie plek krijgt in de plannen. Volgens PVV scheelt er helaas ook wat aan de huidige plannen. Van een gigantische parkeerplaats wordt overgestapt op een nagenoeg autovrije wijk. Het contrast kan bijna niet groter zijn. Er komen grote aantallen bewoners bij in een gebied waar het openbaar vervoer al piept en kraakt en waar de vraag de komende jaren waarschijnlijk niet bijgebeend kan worden. Het is dan een onwijs idee om mensen daar afhankelijk van te maken. De aangetaste mobiliteit, dure afvalinzameling, veelheid aan puntjes die gescoord moeten worden om alle positieve buzzwords van toepassing te laten zijn en de moeilijke marktomstandigheden voor zowel investeerders als bouwers maken dat er grote risico’s aan de haalbaarheid van het project zijn. De PVV vraagt hoe het college heeft nagedacht over de haalbaarheid en de impact van al deze aspecten. Er is ingepland dat het een heel gezellig gebied wordt, alsof dat per decreet kan worden uitgevaardigd. Het is echter dicht bij het station, waar veel bezoekers niet lokaal zijn. Het gevoel van veiligheid zal ook iets minder hoog zijn dan in andere wijken. Het gevoel dat het ‘ons buurtje’ is ziet de PVV hier minder ontstaan.
De PVV vraagt dan ook hoe die buurtzin en gezelligheid vorm gaat krijgen. Door de te verwachten relatief hoge prijzen en de weinig lokaal gebonden kopers en huurders zal een mengelmoes ontstaan van tijdelijke bewoners en boomknuffelende hipsters die van deze stad een nog anoniemer en gezichtsloze brij maken. Dat is wel de achterban van de collegepartijen maar de PVV heeft daarover haar twijfels. De voorzitter geeft het woord aan Student & Starter voor hun inbreng.
50
Mevrouw Oudejans (Student & Starter) is blij met de komst van het plan. Parkeerplekken worden omgetoverd tot een mooie plek om te wonen en te recreëren. Ook zijn zij blij met placemaking. Vanuit de bewonersgroep sociale huur horen zij enthousiaste verhalen. Student & Starter sluit zich aan bij eerdere oproepen om zowel huidige als toekomstige bewoners hierbij te betrekken. Mooi dat er ten opzichte van het bestemmingsplan meer sociale woningen komen, en ook mooi dat er 16
5
10
15
20
studentenwoningen gerealiseerd gaan worden. Toch vraagt Student & Starter zich af waarom, in tijd van woningnood, de ambities over het aantal woningen in dit plan verlaagd zijn ten opzichte van het bestemmingsplan. Er moet gezocht worden naar ruimte om het aantal van 2500 naar 3000 omhoog te krikken. Waarom wordt de ambitie niet op 3000 gezet, om er pas van af te wijken bij zwaarwegende redenen? Een deel van de pijnpunten lijkt te zitten in het verwachte verschil in de grootte van de woningen. Kan de wethouder toezeggen om de grootte van de sociale huurwoningen gelijk te houden zodat hier ook in geoptimaliseerd kan worden? Verder is er ruimte te vinden bij de studentenwoningen. Onzelfstandige studentenwoningen zijn wenselijk en ze verzwaren in de ruimte ten opzichte van zelfstandige huisvesting. Student & Starter vraagt de wethouder deze overweging mee te nemen en meer onzelfstandige studentenhuisvesting te realiseren. De heer Te Hoonte (VVD) heeft de indruk dat de coalitie een akkoord heeft gesloten dat er echte woningen moeten zijn in alle prijsklassen, waarvoor een minimummaat wordt gehanteerd. Inmiddels hebben vier coalitiepartijen daarover iets gezegd, maar het is niet duidelijk waar ze als collectief heen willen. Aan Student & Starter wordt gevraagd of dit allemaal uitwerking van het coalitieakkoord betreft.