Concept Wijzigingsbesluit verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen en heffingen gemeente Utrecht 20231101
Tekst van het document
Besluit tot wijziging van
Verordening kwijtschelding
gemeentelijke belastingen en heffingen gemeente Utrecht De raad van de gemeente Utrecht, -
-
Gelezen het initiatiefvoorstel van GroenLinks en de PvdA <datum >;
Gelet op artikel 255 van de Gemeentewet, artikel 26 van Invorderingswet 1990, de
Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 en de Regeling kwijtschelding belastingen medeoverheden;
gezien het advies van de commissie Volksgezondheid, Bestuur en Financiën van 30 november 2023;
Overwegende dat het gewenst is om de vermogensgrens in het kader van het verlenen van kwijtschelding van gemeentelijke belastingen en heffingen gelijk te stellen met de vermogensgrens, zoals neergelegd in de Participatiewet.
Besluit de Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen en heffingen gemeente Utrecht als volgt te wijzigen:
Artikel I De Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen en heffingen gemeente Utrecht wordt als volgt gewijzigd:
A. Artikel 5 komt te luiden: Artikel 5 Extra toegestane financiële middelen 1. In afwijking van artikel 12, tweede lid, onderdeel d, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 wordt het totale bedrag aan financiële middelen, bedoeld in dat onderdeel, verhoogd tot de
vermogensgrens zoals bepaald in artikel 34, derde lid, van de Participatiewet. 2. Dit artikel is voor het eerst van toepassing op aanvragen kwijtschelding gemeentelijke belastingen en heffingen vanaf het belastingjaar 2024.
Artikel II
Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2024.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 7 december 2023.
De burgemeester Sharon A.M. Dijksma
De griffier, Merel van Hall
Bijlage:
Overzicht van de wijzigingen in Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen en heffingen gemeente Utrecht
Bestaande tekst:
Nieuwe tekst
Bestaande tekst:
Nieuwe tekst
Artikel 5 Extra toegestane financiële middelen
Artikel 5 Extra toegestane financiële middelen
d, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet
onderdeel d, van de Uitvoeringsregeling
In afwijking van artikel 12, tweede lid, onderdeel 1990 wordt het totale bedrag aan financiële
middelen, bedoeld in dat onderdeel, verhoogd met: a.
het maximumbedrag genoemd in artikel 4,
onder a, van de Regeling kwijtschelding belastingen medeoverheden voor de
belastingschuldige en zijn echtgenoot, b.
75% van het bedrag genoemd onder a voor
c.
90% van het bedrag genoemd onder a voor
een alleenstaande, en
een alleenstaande ouder.
1. In afwijking van artikel 12, tweede lid,
Invorderingswet 1990 wordt het totale bedrag aan financiële middelen, bedoeld in dat onderdeel,
verhoogd tot de vermogensgrens zoals bepaald in artikel 34, derde lid, van de Participatiewet.
2. Dit artikel is voor het eerst van toepassing op aanvragen kwijtschelding gemeentelijke belastingen en heffingen vanaf het belastingjaar 2024.