CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk_Bijlagen toelichting (januari 2025)

Gemeenteraad 23 januari 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk21.065 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan

Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk Vastgesteld, datum nog vast te stellen

Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk

Inhoudsopgave Bijlagen toelichting

3

Bijlage 1

Leeswijzer voor bestemmingsplan Algemene regels Utrecht

5

Bijlage 2

Belangrijkste wettelijke bepalingen

11

Bijlage 3

Parkeerbalans auto

15

Bijlage 4

Parkeerbalans fiets

19

Bijlage 5

m.e.r.-aanmeldnotitie

21

Bijlage 6

m.e.r.-beoordelingsbesluit

51

Bijlage 7

Memo aanmeldnotitie

55

Bijlage 8

Akoestisch onderzoek wegverkeer

57

Bijlage 9

Besluit hogere waarden

109

Bijlage 10

Akoestisch onderzoek stemgeluid terras

115

Bijlage 11

Advies VRU Externe Veiligheid

149

Bijlage 12

Archeologische waardenkaart

155

Bijlage 13

Quickscan Ontplofbare Oorlogsresten

157

Bijlage 14

Luchtkwaliteitsonderzoek

163

Bijlage 15

Verkennend bodemonderzoek

173

Bijlage 16

Ecologische Quickscan

271

Bijlage 17

Memo controleonderzoek vleermuis

307

Bijlage 18

Memo Utrechtse Soortenlijst

311

Bijlage 19

Stikstofrapport

317

Bijlage 20

Rapportage archeologisch onderzoek

347

Bijlage 21

Klic-melding

405

Bijlage 22

Windhinderonderzoek

423

Bijlage 23

Bezonningsonderzoek

463

Bijlage 24

Planschade analyse

503

2 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk" (vastgesteld)

Utrecht

Bijlagen toelichting

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk" (vastgesteld)

3

4 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk" (vastgesteld)

Utrecht

Bijlage 1 Leeswijzer voor bestemmingsplan Algemene regels Utrecht

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk" (vastgesteld)

5

Leeswijzer bij bestemmingsplan Algemene regels Utrecht Wat is er anders? 31-12-2021

Bestemmingsplan Utrechtse Leest Opzet Eerst de toelichting dan de regels Begripsbepalingen in artikel 1 van de regels Anti-dubbeltelbepaling in hoofdstuk 3

Bestemmingsplan Algemene regels Utrecht Eerst de regels dan de toelichting Begripsbepalingen in een bijlage bij de regels Anti-dubbeltelbepaling in de meetregels van hoofdstuk 1 Uitgangspunt: als een regel over een activiteit bij één bestemming hoort, staat de regel bij die ene bestemming. In andere gevallen staat de regel in beginsel bij de algemene regels in hoofdstuk 3 en verder.

Alle regels over de bestemmingen staan in beginsel bij de bestemmingen in hoofdstuk 2

Functietoedeling, functies (bestemmingen) ter informatie; dit plan legt geen functies op locaties Elke bestemming: bestemmingsomschrijving Elke functie: • lid 1: bestemmingsomschrijving [doelspecificatie] • lid 2: wat mag (gewone functie) of bescherming van de locatie (functie die beschermende regels nodig heeft) • lid 3: wat mag in ieder geval niet Bestemmingen gemengd Functie die meer soorten activiteiten toestaat Bouwregels Bouwen is geregeld als gebruik binnen een Bouwen wordt gezien als activiteit die niet bestemming gebonden is aan een functie Bouwregels staan in hoofdstuk 2, enkele Bouwregels in hoofdstuk 3, alleen in bijzondere algemene regels in hoofdstuk 3 gevallen bij de functieregels Hoogtematen, bouwvlakken (hoofdstuk 2) Hoofdstuk 3: • algemene regels • uitgangspunt is bestaand • alleen vergunningvrij bouwen Afwijken van bouwregels Vergunning voor bouwen altijd in de algemene regels in hoofdstuk 3 • hoofdstuk 2 (van regels bij de bestemming) twee methoden: • hoofdstuk 3 (algemeen) • artikel 3.6 Wro (regels voor afwijken) • artikel 7c, lid 14, BuChw (het is verboden om zonder vergunning…) Gebruiksregels (“regels over activiteiten”) De regels staan in hoofdstuk 2, enkele algemene Kaders voor activiteiten in hoofdstuk 2, per regels in hoofdstuk 3 functie (bestemming) Activiteiten worden geregeld in hoofdstuk 4 Gebruik van de woning: per bestemming in Gebruik van de

woning in hoofdstuk 4 hoofdstuk 2 Afwijken van gebruiksregels Afwijken vrijwel altijd in de algemene regels in hoofdstuk 4 • hoofdstuk 2 (van regels bij de bestemming) twee methoden: • hoofdstuk 3 (algemeen) • artikel 3.6 Wro (regels voor afwijken) 1

• Beschermende functies (dubbelbestemming) Dubbelbestemmingen hebben eigen opzet

Dubbelbestemming is een functie die beschermd wordt, door een verbod op activiteiten die niet bij het doel van de functie passen, meestal zijn dat de activiteiten bouwen en grondwerk Aanlegvergunning wordt ‘grondwerk’ genoemd en is geregeld in hoofdstuk 5 • De regels over archeologie staan in hoofdstuk 5, maar gelden pas vanaf 1 juli 2022. • Archeologieverordening wordt per 1 juli grotendeels ingetrokken

Aanlegvergunning bij de dubbelbestemming Dubbelbestemming Archeologie, met verwijzing naar de archeologieverordening

Algemene regels over bouwen en slopen Bouwen [-]

Hiërarchie tussen algemene regels en bouwregels die bij de functies staan: die van de functie gaan voor (lex specialis-principe) • artikel 4, lid 4.1 Bouwverbod en vergunning • verbod zonder vergunning bouwen in beschermde functies, artikel 7, lid 7.8 • [niet in dit plan: regels met verbod in regels over de functie]

[dubbelbestemmingen]

Overschrijden bouwgrens • Chw-plan1: artikel 4, lid 4.1 [-]

• artikel 6, lid 6.2(ongewijzigd) Dakopbouwen met en zonder vergunning • artikel 6, lid 6.3; artikel 7, lid 7.4 en 7.5

Overschrijden bouw- en bestemmingsgrens • Chw-plan: artikel 4, lid 4.2 Voorwaardelijke verplichting parkeren • Chw-plan: artikel 4, lid 4.3 Woningsplitsing en omzetting • Chw-plan: artikel 4, lid 4.4 Algemene afwijkregels • Chw-plan: [-] • bestemmingsplannen: hoofdstuk 3 Hoofdgebouwen • bestemmingsplannen: hoofdstuk 2

Aan- en bijgebouwen • bestemmingsplannen: hoofdstuk 2

1

artikel 7c, lid 14, BuChw (het is verboden om zonder vergunning…)

•

artikel 7, lid 7.2 (ongewijzigd)

•

artikel 5, lid 5.1 (ongewijzigd)

• •

artikel 5, lid 5.2(signalering) de regeling: zie gebruik, artikel 12 lid 12.3

•

artikel 7, lid 7.3 (ongewijzigd)

• •

artikel 7, lid 7.4 (alleen zone) bouwregels bij bestemmingen blijven gelden (artikel 4, lid 4.1 en 4.2, artikel 8)

Aan- en bijgebouwen • artikel 6, lid 6.1: alleen vergunningvrij • artikel 6, lid 6.4: dakterras in een zone mag alleen op een aanbouw, bijzondere regeling voor Wilhelminapark, Buiten-Wittevrouwen

Chw-plan: Chw bestemmingsplan Algemene regels over bouwen en gebruik

2

•

artikel 7, lid 7.7: afwijking mogelijk voor mantelzorgwoning Uitbreiding vergunningvrij bouwen bijbehorend bouwwerk dat aan openbaar gebied grenst • artikel 6, lid 6.5 Vergunningvrij bouwen openbaar gebied grenst • artikel 6, lid 6.6 Locatie met waarde omgevingskwaliteit • alleen met vergunning artikel 7, lid 7.1 Bouwen van woonboten • alleen met vergunning artikel 7, lid 7.6 Algemeen bouwverbod • artikel 8 • op grond van artikel 4, lid 4.1 is bouwen op grond van de regels bij een bestemming wellicht toegestaan Overgangsrecht dakopbouwen, dakterrassen • artikel 9 en hoofdstuk 7

[-]

[-] [-] [-] [-]

[-] Slopen [-]

Locatie met waarde omgevingskwaliteit • artikel 10, lid 10.1, vergunning mogelijk Locatie met bijzonder functie die slopen verbiedt • artikel 10, lid 10.2: vergunning mogelijk

Algemene regels over planologisch gebruik [-]

Algemene regel om flexibel gebruik van de functie mogelijk te maken. • artikel 11, lid 11.1

Strijdig gebruik Chw-plan: art. 5.1 [-]

• artikel 11, lid 11.2 Uniformering regels over de activiteit wonen • artikel 12, leden 12.1 en 12.2 Ongewijzigd, artikel 12, lid 12.3

Woningsplitsing en omzetting • Chw-plan: art. 5.2 Beroep of bedrijf-aan-huis • in alle bestemmingen met wonen

Bedrijf-aan-huis • artikel 12, lid 12.4 die ook beroep-aan-huis en vrije beroepen toestaat Bed-and-breakfast • artikel 12, lid 12.5, onder 1 Particuliere vakantieverhuur • artikel 12, lid 12.5, onder 2 Transformatie naar wonen • artikel 12, lid 12.6, alleen voor binnenstad, Wilhelminapark, Buiten-Wittevrouwen Bedrijfsactiviteiten Hogere bedrijfscategorie met vergunning • artikel 13, lid 13.1 Percentage bedrijfskantoren • artikel 13, lid 13.2 Regeling additionele horeca, ondersteunende horeca, ondersteunende verkoop en gevelbankjes bij ondersteunende horeca of

Bed-and-breakfast • in alle bestemmingen met wonen Particuliere vakantieverhuur • [-] [-]

Bedrijfsactiviteiten • in alle bestemmingen met bedrijven, soms bij algemene regels

[-]

3

verkoop • artikelen 14 en 15 Nieuwe bedrijvenlijst voor woonomgeving

Bedrijvenlijst functiemenging voor woonwijken Afwijken van gebruiksregels • hoofdstuk 2 (van regels bij de bestemming) [-]

• woningsplitsing en woningvorming Dubbelgebruik bij kruisingen, etc. • artikel 16

Grondwerk [-] [Aanlegvergunningstelsels bij de dubbelbestemmingen]

Hoofdstuk 5 Aanlegvergunningen • artikel 17, lid 17.1: grondwerk dat niet onder het verbod valt • artikel 17, lid 17.2: “aanlegvergunning” om af te wijken van het verbod Bescherming archeologische waarden • artikel 18

[Vervanging verordening op de Archeologische monumentenzorg] Beheer van natuur, flora en fauna [-]

Hoofdstuk 6 • kapvergunning, artikel 19, lid 19.1 • herplantplicht, artikel 19, lid 19.4 • bebouwingscontour, artikel 19, lid 19.6

Overgangsrecht, slotbepalingen Hoofdstuk 4

Hoofdstuk 7 [inhoud ongewijzigd] • specifiek overgangsrecht in artikel 9 (H3)

4

1 0 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk" (vastgesteld)

Utrecht

Bijlage 2 Belangrijkste wettelijke bepalingen

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk" (vastgesteld)

11

Belangrijkste wettelijke bepalingen1 Bestemmingsplan Wettelijke opdracht aan de gemeente, en kader voor het bestemmingsplan • Wet ruimtelijke ordening, artikel 3.1 en de artikelen 3.2 tot en met 3.6 • Besluit ruimtelijke ordening, hoofdstuk 3 • (Omgevingswet: artikelen 2.4, 4.1 en 4.2: “omgevingsplan”) Procedure bestemmingsplan: • Wet ruimtelijke ordening, artikel 3.8 en • Algemene wet bestuursrecht, afdeling 3.4 Verruimde toepassing • Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet, artikelen 7c en 7g Omgevingsvergunning Algemeen • Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), artikel 2.1 • (Omgevingswet, artikel 5.1) Bouwvergunning • Wabo, artikel 2.1, lid 1, onder a • (Omgevingswet, artikel 5.1, lid 2, onder a) • Toets aan het bestemmingsplan: Wabo, artikel 2.10, lid 1, onder c • (Omgevingswet: toets aan het omgevingsplan volgt uit artikel 5.1 lid 1, onder a, maar is niet meer gekoppeld aan de bouwvergunning, zoals bij de Wabo) Vergunning voor grondwerk • Wabo, artikel 2.1, lid 1, onder b • (Omgevingswet: artikel 5.1 lid 1, onder a, namelijk toets aan het omgevingsplan) Afwijken van het bestemmingsplan • Wabo, artikel 2.1, lid 1, onder c, artikel 2.12, lid 1, onder a, onder: - 1o = vergunning op grond van afwijkregels in het bestemmingsplan - 2o = vergunning op grond van Bijlage II, artikel 4, bij het Besluit Omgevingsrecht - 3o = vergunning met de uitgebreide procedure

(voorheen; “projectbesluit”) • Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet, artikel 7c, leden 14 en 16 • (Omgevingswet, artikel 5.1, lid 1, onder a: de “omgevingsplanactiviteit”) • Uitgebreide procedure: Algemene wet bestuursrecht, afdeling 3.4 z.o.z. 1

De Omgevingswet is nog niet in werking getreden, maar is ter informatie wel in dit document opgenomen. De planning gaat uit van een inwerkingtreding op 1 juli 2022. Bij de verwijzing naar de Omgevingswet is de versie gebruikt, waarin de wijzigingen van de Invoeringswet Omgevingswet (2019) zijn doorgevoerd.

Vergunningvrij bouwen • Bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht - artikel 2: geen technische vergunning nodig, geen toets aan bestemmingsplan in de Nota van Toelichting bij het Besluit omgevingsrecht (zie: Staatsblad, 2014, nr. 333, wordt het vergunningvrij bouwen uitgebreid toegelicht) - artikel 3: geen technische vergunning nodig, wel toets aan bestemmingsplan; als het project in het bestemmingsplan is geen omgevingsvergunning nodig. • (Omgevingswet: het vergunningvrije bouwen staat in afdeling 2.3 van het Besluit bouwwerken leefomgeving en wordt deels aan gemeente overgelaten (Invoeringsbesluit Omgevingswet, artikel 7.1, “bruidsschat-artikel” 2.2.7.2.2)) Afkortingen Bor Besluit omgevingsrecht Bro Besluit ruimtelijke ordening Chw Crisis- en herstelwet Wabo Wet algemene beplaingen omgevingsrecht Wro Wet ruimtelijke ordening

1 4 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk" (vastgesteld)

Utrecht

Bijlage 3

Parkeerbalans auto

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk" (vastgesteld)

15

Projectinformatie Projectnaam

Veilingstraat restaurant 280m² en zorg

uitgevoerd door

Gemeente Utrecht

datum

3-10-2024

versie

3.4

Parkeernorm

A2

A2, B1, C1 of C2

Maatwerklocatie?

nee

ja of nee

Groter dan 1500 m2?

ja

ja of nee

Stappenplan rekensheet

Dubbelgebruik

1) Algemeen: vul alleen oranje vakjes in, overige cellen niet bewerken! 2) Vul in Functies_nieuw en evt. Functies_RVN de omvang in. Laat leeg wat n.v.t. is. 3) Vul in dit tabblad de projectinformatie (links) en het type dubbelgebruik (rechts) in. 4) Vul in E22 en E25 evt. in hoeveel parkeerplaatsen verdwijnen. Vul in cellen E17 en F17 evt. in waarmee het berekende RVN overruled moet worden (maatwerkoptie). 5) Vul in de rest van kolommen E en F (enkel in de oranje vakjes) evt. in welke reducties toegepast moeten worden. Kolommen K t/m O laten zien of dit volgens de beleidsregels toegestaan is. Groen = toegestaan, rood = niet toegestaan. 6) De kolommen H en I kunnen naar wens ingevuld worden (enkel in de oranje vakjes), maar daarmee wijk je af van de beleidsregels. Standaard worden alle reducties naar rato verdeeld over de woon- en niet-woonfuncties (daarvoor oranje vakjes leeglaten). 7) Het eindresultaat (zie tabblad Resultaten) betreft het aantal parkeerplaatsen dat nog extra aangelegd moet worden (op eigen of openbaar terrein, eventueel bestaande uit deelautoplekken), en de verwachte bruto/netto verkeersgeneratie (lokaal en/of op

Keuze clusters met dubbelgebruik:

keuze (x)

a. volledig gemengd b. kort en lang gescheiden c. wonen en niet-wonen gescheiden d. wonen lang apart (wonen kort + niet wonen gemengd) e. alles gescheiden (geen dubbelgebruik)

x

Rechtens verkregen niveau (RVN) parkeerplaatsen

verkeersgeneratie

Rechtsverkregen niveau op basis van Functies_RVN

48

Aantal te verwijderen parkeerplaatsen door ontwikkeling (eigen terrein + openbare ruimte), exclusief wat verwijderd wordt voor plaatsing deelauto's

12

Aantal te verwijderen parkeerplaatsen in openbare ruimte voor plaatsing deelauto's

5

Netto RVN, inclusief verwijderen parkeerplaatsen voor plaatsing deelauto's

31

361

Mogelijkheid tot overrulen RVN (leeglaten indien niet van toepassing) parkeerplaatsen

verkeersgeneratie

Reductie parkeereis door omzetting naar deelauto's

Optioneel: aandeel wonen reductie

langparkeren

Indicatie of reductie voldoet aan beleidsregels De resulterende reductie van de netto P-eis (langparkeren):

aandeel wonen (% van 7)

langparkeren

wonen

niet-wonen

86,4%

86,4%

86,4%

totaal

wonen

niet-wonen

12,3%

12,3%

12,3%

7

Aantal te plaatsen deelauto's (1 vervangt 4 pp)

Maximaal toegestane percentage volgens beleidsregels:

Reductie parkeereis door omzetting naar fietsplekken

Optioneel: aandeel wonen reductie

Aantal extra fietsplekken voor bijzondere voertuigen zoals een bakfiets (1 vervangt 1 pp)

Indicatie of reductie voldoet aan beleidsregels De resulterende reductie van de netto P-eis:

6

Aantal extra fietsplekken voor normale fietsen (1,5 vervangt 1 pp)

… tot … 100,0% 100,0%

aandeel wonen (% van 6)

6

Totaal aantal extra fietsplekken

Reductie parkeereis door omzetting naar parkeren buiten eigen terrein (P+R)

langparkeren

Maximaal toegestane percentage volgens beleidsregels:

Optioneel: aandeel wonen reductie

bezoek (kort)

langparkeren

bezoek (kort)

aandeel wonen (% van )

aandeel wonen (% van )

… tot … 20,0% 20,0%

Indicatie of reductie voldoet aan beleidsregels De resulterende reductie van de netto P-eis:

langparkeren

bezoek (kort)

0,0%

0,0%

… tot … 80,0% 80,0%

… tot … 80,0% 80,0%

langparkeren

bezoek (kort)

0,0%

0,0%

… tot … 50,0% 50,0%

… tot … 50,0% 50,0%

langparkeren

bezoek (kort)

0,0%

0,0%

… tot … 20,0% 20,0%

… tot … 20,0% 20,0%

Aantal pp op grote afstand (binnen bereik/invloedsgebied P+R) Maximaal toegestane percentage volgens beleidsregels:

Reductie parkeereis door omzetting naar parkeren buiten eigen terrein (in garage)

langparkeren

Optioneel: aandeel wonen reductie

bezoek (kort)

langparkeren

bezoek (kort)

aandeel wonen (% van )

aandeel wonen (% van )

Indicatie of reductie voldoet aan beleidsregels De resulterende reductie van de netto P-eis:

Aantal pp op loopafstand in een garage Maximaal toegestane percentage volgens beleidsregels:

Reductie parkeereis door omzetting naar parkeren buiten eigen terrein (op openbare weg)

langparkeren

bezoek (kort)

Optioneel: aandeel wonen reductie langparkeren

bezoek (kort)

aandeel wonen (% van )

aandeel wonen (% van )

Indicatie of reductie voldoet aan beleidsregels De resulterende reductie van de netto P-eis:

Aantal pp op loopafstand op de openbare weg (maximaal 5 in A2-gebied) Maximaal toegestane percentage volgens beleidsregels:

Bruto parkeereis nieuwe functies

Bruto verkeersgeneratie nieuwe functies totaal

lang

kort

etmaal

niet-wonen

8

2

6

in+uit

in

ochtendspitsuur uit

in+uit

in

ovondspitsuur uit

in+uit

wonen

56

45

11

niet-wonen

56

2

1

3

4

6

10

totaal

63

46

17

wonen

99

1

6

7

6

3

9

totaal

155

3

7

10

10

9

19

Netto parkeereis na aftrek RVN Totaaloverzicht verkeersgeneratie na reducties en aftrek RVN totaal

lang

kort

niet-wonen

1

1

0

etmaal

wonen

31

31

0

in+uit

in

uit

in+uit

in

uit

totaal

32

32

0

niet-wonen

46

2

1

3

4

5

8

wonen

44

0

3

3

3

1

4

Resultaat parkeereis na reducties en dubbelgebruik

ochtendspitsuur

ovondspitsuur in+uit

extra vkgen door deelauto's

27

0

1

1

1

1

1

bruto vkgen lokaal

118

2

4

7

7

7

14

totaal

lang

kort

reductie vkgen door RVN

361

11

2

13

15

18

33

niet-wonen

0

0

0

netto vkgen lokaal

-244

-8

2

-6

-8

-11

-19

wonen

0

0

0

vkgen op afstand

tussentotaal

0

0

0

vkgen lokaal + op afstand

de parkeereis is al inclusief de volgende deelautoplekken

5

5

0

de parkeereis is nog exclusief de volgende deelautoplekken

2

2

0

totaal

2

2

0

Extra voorzieningen/vereisten om netto parkeereis te realiseren Te verwijderen parkeerplaatsen, exclusief voor plaatsing deelauto's

12

Te verwijderen parkeerplaatsen, specifiek voor plaatsing deelauto's

5

Te verwijderen parkeerplaatsen, totaal

17

Deelauto's

7

Extra fietsplekken (normale fietsen)

6

Extra fietsplekken (bijzondere voertuigen zoals bakfiets)

0

Beschikbare parkeerplaatsen op grote afstand (binnen bereik/invloedsgebied P+R)

0

Beschikbare parkeerplaatsen op loopafstand in garage

0

Beschikbare parkeerplaatsen op loopafstand op openbare weg

0

0

0

0

0

0

0

0

-244

-8

2

-6

-8

-11

-19

Utrecht

Bijlage 4

Parkeerbalans fiets

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk" (vastgesteld)

19

Project: Veilingstraat 10 fietsparkeren 110 woningen auto volledig op de straat, restaurant 280 m² Betreft: berekening fiets parkeren

Parkeergebied A2

d.d. 03-10-2024 Functie / doelgroep Bewoners Bewoners Bewoners Bewoners Bezoekers woningen Bezoekers woningen Gezondheidscentrum Gezondheidscentrum Horeca, restaurant Totaal woningen Extra capaciteit t.b.v. reductie NETTO PARKEEREIS

Aantal 94 7 0 9 20 90 1 1 2,8 110

Norm 3 4 5 2 0,5 0,25 1,8 0,6 23,5

GO 50-75 m² 75-100 m² 100 - 125 m² < 50 m² BVO BVO BVO BVO BVO

Eenheid p.p. per woning p.p. per woning p.p. per woning p.p. per woning p.p. per woning, woning 1t/m20 p.p. per woning , vanaf woning 21 per bezoeker per medewerker per 100 m² BVO

In gemeenschappelijke stalling Naar openbare ruimte Totaal afgerond Rechtens verkregen niveau (RVN) Reeds aanwezig eigen terrein Nvt Nvt Nvt Inpandige voorziening Nvt Nvt Nvt Detailhandel 21,79 3,4 3,4 per 100 m² BVO Verschil: Conclusie RVN: geen afwenteling naar de openbare ruimte Dubbel gebruik bij fiets parkeren voor bewoners (i.v.m. p.p. toewijzen aan woningen) is niet mogelijk!

Parkeereis

Openbaar gebied (OR) of Gemeenschappelijke stalling (GS) 282 GS 28 GS 0 GS 18 GS 10 GS 22,5 GS 2,8 OR 1,6 OR 65,8 OR 6

GS

367 70 436,70 437

GS OR

110 0 74 -36 Volgt uit berekening auto

Utrecht

Bijlage 5

m.e.r.-aanmeldnotitie

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk" (vastgesteld)

21

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling

Veilingstraat 10, Utrecht

November 2023

Status: definitief

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

AANMELDNOTITIE VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING ‘VEILINGSTRAAT 10, UTRECHT’

Naam:

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

Datum:

November 2023

Versie:

Definitief

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

1

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING .................................................................................... 3 1.1 1.2 1.3

AANLEDING ................................................................................................................................................ 3 M.E.R.-BEOORDELING .................................................................................................................................. 3 LEESWIJZER ................................................................................................................................................ 4

HOOFDSTUK 2 KENMERKEN VAN HET VOORNEMEN ................................................... 5 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7

VOORGENOMEN ONTWIKKELING ..................................................................................................................... 5 LOCATIEKENMERKEN .................................................................................................................................... 6 HET GEBRUIK VAN NATUURLIJKE HULPBRONNEN EN PRODUCTIE VAN AFVALSTOFFEN.................................................. 9 VERONTREINIGING EN HINDER ........................................................................................................................ 9 RISICO OP ONGEVALLEN, SPECIFIEK MET GEVAARLIJKE STOFFEN OF TECHNOLOGIEËN .................................................. 9 TIJDELIJKE HINDER ........................................................................................................................................ 9 CUMULATIE .............................................................................................................................................. 10

HOOFDSTUK 3 BESCHRIJVING VAN DE MILIEUEFFECTEN ............................................ 11 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 3.10 3.11 3.12 3.13 3.14 3.15 3.16

VERKEER .................................................................................................................................................. 11 PARKEREN ................................................................................................................................................ 12 GELUID .................................................................................................................................................... 13 LUCHTKWALITEIT ....................................................................................................................................... 14 WATER .................................................................................................................................................... 16 ECOLOGIE................................................................................................................................................. 17 BODEM.................................................................................................................................................... 19 GEZONDHEID ............................................................................................................................................

20 TRILLINGEN............................................................................................................................................... 21 KLIMAATADAPTATIE ................................................................................................................................... 21 ARCHEOLOGIE EN CULTUURHISTORIE.............................................................................................................. 22 WINDHINDER ............................................................................................................................................ 23 BEZONNING .............................................................................................................................................. 24 GEUR ...................................................................................................................................................... 26 EXTERNE VEILIGHEID ................................................................................................................................... 26 MAATREGELEN .......................................................................................................................................... 27

HOOFDSTUK 4 CONCLUSIE ................................................................................ 28

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

2

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

HOOFDSTUK 1 1.1

INLEIDING

Aanleding

Voorliggende aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling heeft betrekking op de voorgenomen ontwikkeling op een perceel aan de Veilingstraat 10 in Utrecht. De locatie ligt in het centrum van Utrecht ten zuidwesten van het stadscentrum. Het plangebied bestaat uit een bedrijfslocatie met een bedrijfsgebouw en erfverharding. De bedrijfsactiviteiten op de locatie zijn beëindigd. Initiatiefnemer is voornemens de locatie te herontwikkelen naar een woonlocatie met 110 appartementen en een commerciële/maatschappelijke plint op de begane grond. Hiermee wordt voorkomen dat ter plaatse van het plangebied sprake is van leegstand en wordt tevens ingespeeld op de woningbehoefte van de kern Utrecht.

Afbeelding 1: Ligging plangebied (Bron: ArcGIS)

De voorgenomen herontwikkeling past niet binnen het geldende bestemmingsplan. Er is daarom een wijziging van het bestemmingsplan noodzakelijk. De voorgenomen ontwikkeling betreft een stedelijk ontwikkelingsproject als genoemd in categorie D11.2 van het Besluit m.e.r. De drempelwaarden uit het Besluit m.e.r. worden niet overschreden. Er is daarom een vormvrije m.e.r.-beoordeling nodig. Voorliggende aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling beschrijft de milieueffecten van de ontwikkeling. Het bevoegd gezag toetst op basis van de criteria uit bijlage III van het Besluit m.e.r. of er sprake is van belangrijke nadelige milieugevolgen die aanleiding geven om een m.e.r.-procedure te doorlopen.

1.2

M.e.r.-beoordeling

De milieueffectrapportage is een wettelijk instrument met als doel het aspect milieu een volwaardige plaats in de integrale ruimtelijke afweging te geven. Een plan kan op drie manieren met milieueffectrapportage in aanraking komen: • Op basis van artikel 7.2a, lid 1 Wm (als wettelijk plan); Er ontstaat een m.e.r.-plicht wanneer er een passende beoordeling op basis van art. 2.8, lid 1 Wet natuurbescherming nodig is. • Op basis van het Besluit milieueffectrapportage (kolom 3, plannen); Er ontstaat een m.e.r.-plicht voor die activiteiten en gevallen uit de onderdelen C en D van de bijlage van dit besluit waar het plan genoemd is in kolom 3 (plannen). • Op basis van het Besluit milieueffectrapportage (kolom 4, besluiten); Er ontstaat een m.e.r.-(beoordelings)plicht voor die activiteiten en gevallen uit de onderdelen C en D van de bijlage van dit besluit waar het plan genoemd is in kolom 4 (besluiten).

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

3

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

Het realiseren van woningen is niet als activiteit opgenomen in de C-lijst van het Besluit MER. In de D-lijst de volgende activiteit opgenomen: ‘De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’. Het realiseren van woningen is als een stedelijk ontwikkelingsproject aan te merken, waardoor toetsing aan de drempelwaarden dient plaats te vinden. De drempelwaarden zijn ten aanzien van de hiervoor genoemde activiteit als volgt: 1. 2. 3.

een oppervlakte van 100 hectare of meer, een aaneengesloten gebied en 2.000 of meer woningen omvat, of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer.

In voorliggend geval is geen sprake van het realiseren van 2.000 of meer woningen en wordt de oppervlakte van 100 hectare niet overschreden. Het oppervlak van het gehele plangebied bedraagt namelijk circa 2.945 m². Daarnaast gaat het niet om 2.000, maar slechts 110 woningen en een commerciële/maatschappelijke plint. Desalniettemin dient, gelet op de aard en omvang van het project, wel een vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden uitgevoerd. Op basis van voorliggende aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling neemt het bevoegd gezag een m.e.r.-beoordelingsbesluit waarin zij motiveert of de ontwikkeling belangrijke nadelige milieugevolgen heeft die aanleiding geven om een m.e.r.-procedure te doorlopen.

1.2.1

Inhoud en doel van de vormvrije m.e.r.-beoordeling

Inhoudelijk gaat de vormvrije m.e.r.-beoordeling in op de mogelijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu als gevolg van het initiatief. Deze belangrijke nadelige gevolgen worden beoordeeld aan de hand van de selectiecriteria opgesomd in Bijlage III van de EEG-richtlijn Milieueffectbeoordeling, die drie hoofdthema’s noemt: • • •

De kenmerken van de activiteit; De plaats van de activiteit (ligging en samenhang met andere activiteiten (cumulatie); De kenmerken van de belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu die de activiteit kan hebben.

Het doel van de notitie is om op objectieve wijze informatie over mogelijke, relevante milieugevolgen van het project te verzamelen en te presenteren.

1.2.2

Betrokken partijen

Voor de voorgenomen ontwikkeling is Ten Brinke de initiatiefnemer. Voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling is de gemeente Utrecht het bevoegd gezag. Voor het vaststellen van het bestemmingsplan is de gemeenteraad van Utrecht het bevoegd gezag. Daarnaast worden de provincie Utrecht, Waterschap Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden en eventueel andere vooroverlegpartners geïnformeerd inzake voorliggend project.

1.3

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 wordt het voornemen beschreven. Daarbij komen aanleiding, achtergronden en uitgangspunten aan bod. Hoofdstuk 3 gaat in op de mogelijke milieueffecten van het project. In hoofdstuk 4 wordt bij wijze van samenvatting de beoordeling gedaan van de omstandigheden van het voornemen. Hierin wordt tevens de conclusie van de vormvrije m.e.r.-beoordeling beschreven.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

4

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

HOOFDSTUK 2

KENMERKEN VAN HET VOORNEMEN

Dit hoofdstuk gaat in op de voorgenomen ontwikkeling en de projectlocatie.

2.1

Voorgenomen ontwikkeling

De voorgenomen ontwikkeling gaat uit van het herontwikkelen van het plangebied naar een woonlocatie met 110 appartementen en een commerciële/maatschappelijke plint. Omwille van deze herontwikkeling wordt alle bebouwing in het plangebied gesloopt en erfverharding gesaneerd. Concreet gaat het om de bouw van 110 appartementen voor de sociale huursector en een commerciële/maatschappelijke plint. Het zuidwestelijk deel van het gebouw krijgt een hoogte van maximaal 37 meter. Het deel aan de noordzijde wordt maximaal 16 meter hoog en het westelijk deel wordt maximaal 10 meter hoog waarbij een klein gedeelte maximaal 3 meter hoog wordt. Het midden terrein van het plangebied wordt zoveel als mogelijk groen ingericht. Indien mogelijk wordt er gekozen voor halverharding. Het deel aan de westzijde van het plangebied wordt ingericht voor parkeergelegenheden. Het fietsparkeren voor de de commerciële/maatschappelijke plint wordt in de nabije omgeving opgelost. De fietsparkeerplekken voor de appartementen worden inpandig gerealiseerd. Het streven is om de auto parkeerplaatsen op eigen terrein of in de parkeergarage van de naast gelegen ontwikkeling Heycop te realiseren. De parkeergelegenheid voor de commerciële/maatschappelijke plint wordt gezocht in de omgeving. Op de begane grond zal ruimte zijn voor maatschappelijke of commerciële functies van circa 350 m2.

De appartementen worden verdeeld over 11 verdiepingen. De appartementen worden gerealiseerd voor de sociale huursector.

Afbeelding 2: Impressie gewenste ontwikkeling1 (rode cirkel) (Bron: Atlas leefomgeving)

1

Er kunnen geen rechten worden ontleend aan de bijgevoegde impressies. BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

5

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

2.2

Locatiekenmerken

Het plangebied ligt ten zuidwesten van het stadscentrum van Utrecht aan de Veilingstraat 10. Aan de noordzijde van het plangebied komt overwegend woningbouw voor met op de begane grond veelal functies als kantoren, recreatievoorzieningen, sportvoorzieningen, lichte bedrijfsactiviteiten, dienstverlening en horeca. Aan de oostzijde van het plangebied komt woningbouw voor evenals aan de zuidzijde van het plangebied. De woningbouw aan de zuidzijde is in ontwikkeling. Het voornemen is om hier appartementengebouwen te realiseren. De appartementengebouwen aan zuidoostzijde worden 16,5 meter hoog en aan de zuidwestzijde 14 meter. Verder wordt het gebied groen ingericht. Aan de westzijde van het plangebied is de Veilinghaven gelegen. Voor het overige wordt de omgeving van het plangebied overwegend bepaald door centrumfuncties. Ten noordoosten van het plangebied lopen meerdere spoorlijnen en is het centraal station Utrecht gelegen. Het plangebied zelf heeft betrekking op een bedrijfsperceel met een bedrijfsverzamelgebouw waarin meerdere bedrijven zijn gevestigd. Het plangebied is niet gelegen in een kwetsbaar gebied en/of een gebied met beschermde status zoals grondwaterbeschermingsgebieden (zie afbeelding 2). Het plangebied vormt geen onderdeel van een natuur- of groengebied met een beschermde status, zoals Natura 2000 of Natuurnetwerk Nederland.

De dichtstbijzijnde delen van het Natuurnetwerk Nederland bevinden zich op circa 2,1 kilometer ten westen van het plangebied (afbeelding 3). Het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige Natura 2000-gebied ‘Oostelijke Vechtplassen’ bevindt zich op circa 6,6 kilometer (zie afbeelding 4). Ook bevindt het plangebied zich niet in een stiltegebied (zie afbeelding 5).

Afbeelding 2: Grondwaterbeschermingsgebieden nabij het plangebied (rode cirkel) (Bron: Atlas leefomgeving)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

6

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

Afbeelding 3: Natuurnetwerk Nederland nabij het plangebied (rode cirkel) (Bron: Atlas leefomgeving)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

7

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

Afbeelding 4: Natura 2000-gebieden nabij het plangebied (rode cirkel) (Bron: Atlas leefomgeving)

Afbeelding 5: Stiltegebieden nabij het plangebied (rode cirkel) (Bron: Atlas leefomgeving)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

8

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

2.3

Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen en productie van afvalstoffen

De ontwikkeling van de voorziene activiteiten legt geen bijzonder beslag op natuurlijke hulpbronnen. Tijdens het bouw- en woonrijp maken is grondverzet nodig. Tijdens de gebruiksfase zal elektriciteit en water nodig zijn. De toekomstige bebouwing zal gasloos gebouwd worden, conform de Wet Voortgang Energietransitie. Circulair bouwen staat scherp op de agenda in de gemeente Utrecht en wordt doorvertaald naar de voorgenomen ontwikkeling. Om zoveel als mogelijk de nog goede materialen in de huidige bebouwing her te gebruiken zal het gebouw op Oogstkaart.nl worden aangemeld. De nog bruikbare materialen uit het gebouw worden hier inzichtelijk gemaakt en aangeboden op de markt voor hergebruik. Onder andere het schaaldak en de betonnen spanten kunnen goed worden hergebruikt. New Horizon is eigenaar van het platform en zet zich actief in om deze vraag en aanbod met elkaar te matchen om zodoende hergebruik van materiaal te bevorderen. Voor de nieuwbouw zal een materialenpaspoort worden opgesteld. Hiermee is inzichtelijk welke materialen en hoeveel er in de bebouwing zijn toegepast. Wanneer in de toekomst de bebouwing wordt aangepast of vervangen is inzichtelijk wat er aan grondstoffen beschikbaar komt uit het gebouw. Op deze wijze wordt hergebruik in de toekomst eenvoudiger gemaakt. Daarnaast zijn er diverse circulaire producten op de markt zoals beton en dakbedekking.

Ook bio-based bouwmaterialen als vlas of hennep voor toepassing als isolatie zijn beschikbaar. Andere mogelijkheden zijn er voor de buitenruimte. Voor straatmeubilair zijn er circulaire en bio-based oplossingen. Wanneer het ontwerp verder wordt uitgewerkt zal worden onderzocht of deze toepassingen technisch en economisch haalbaar zijn. Belangrijk aandachtspunt hierbij is dat het materiaal moet voldoen aan de gangbare kwaliteitseisen. De productie van afvalstoffen betreffen voor de beoogde woningen en commerciële/maatschappelijke plint uitsluitend de huishoudelijke afvalstoffen. Deze worden zoveel mogelijk gescheiden om nuttige afvalstoffen op eenvoudige wijze te kunnen inzamelen en vervolgens verwerken/recyclen. Er is geen sprake van de productie van gevaarlijk afval.

2.4

Verontreiniging en hinder

In de aanlegfase kan sprake zijn van tijdelijke verkeers- en geluidhinder van bouwverkeer en bouwwerkzaamheden op locatie. Het gaat dan om geluid en stof vanuit de bouwplaats en bouwverkeer van en naar het plangebied. Vanwege de omvang van de ontwikkeling en de geschatte tijdsduur, is er geen noodzaak om verkeer tijdelijk om te leiden, met de daarbij behorende effecten. Na afronding van de bouwwerkzaamheden zal de genoemde tijdelijke hinder volledig vervallen. Het aspect tijdelijke hinder leidt niet tot mogelijk belangrijke milieugevolgen. Woningen worden niet gezien als milieubelastende functies waardoor er geen tot weinig sprake is van hinder of verontreiniging. Ten aanzien van de commerciële/maatschappelijke plint wordt geconstateerd dat de voorliggende ontwikkeling niet voorziet in een hogere milieubelasting dan de bestaande bedrijfsbestemming en er daarom ook geen sprake is van een toename van hinder of verontreiniging. In voorliggend geval zal zoveel als mogelijk gebruik worden gemaakt van circulair bouwen. Zoals in paragraaf 2.3 is beschreven wordt de bestaande materialen aangeboden voor hergebruik en wordt voor de toekomstige bebouwing een materialenpaspoort gemaakt om toekomstig circulair bouwen te vereenvoudigen.

2.5

Risico op ongevallen, specifiek met gevaarlijke stoffen of technologieën

De beoogde ontwikkeling zorgt niet voor een toename van risico’s voor de omgeving. Er worden geen gevaarlijke stoffen geproduceerd, opgeslagen of vervoerd en er worden geen risicovolle technieken toegepast.

2.6

Tijdelijke hinder

Met een ruimtelijke ontwikkeling kan ook tijdelijke hinder als gevolg van bouwwerkzaamheden gepaard gaan. In voorliggend geval zal gedurende de bouw van de woningen enige hinder als gevolg van bouwwerkzaamheden gaan plaatsvinden. Het gaat dan om geluid en stof vanuit de bouwplaats en bouwverkeer van en naar het plangebied. Na afronding van de bouwwerkzaamheden zal de genoemde tijdelijke hinder volledig vervallen.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

9

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

2.7

Cumulatie

Cumulatie van effecten treedt op wanneer werkzaamheden in direct omliggende gebieden vergelijkbare effecten veroorzaken met de hierboven beschreven effecten en in dezelfde periode worden uitgevoerd. De ontwikkeling aan de Veilingstraat is een zelfstandige ontwikkeling. In groter verband zijn er in het centrum van Utrecht diverse andere ontwikkelingen waaronder rond het stationsgebied van Utrecht Centraal (Beurskwartier en Ondaatje). Het project is, net als de overige projecten in de nabijheid, opgenomen in het verkeersmodel van de gemeente. Dit model is gebruikt bij de berekening van de verkeersgerelateerde effecten zoals geluid en lucht. Uit de betreffende onderzoeken is gebleken dat er geen sprake is van belangrijke negatieve milieu-effecten. De verkeerstoename als gevolg van de ontwikkeling betreft slechts 126 verkeersbewegingen per etmaal. Belangrijke nadelige milieugevolgen als gevolg van cumulatie met overige projecten zijn uitgesloten.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

10

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

HOOFDSTUK 3

BESCHRIJVING VAN DE MILIEUEFFECTEN

Voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling zijn de mogelijk negatieve milieueffecten van het voornemen relevant. Zoals in het vorige hoofdstuk is aangegeven, gaat het om de woningbouwontwikkeling van 110 woningen en een commerciële/maatschappelijke plint. Relevante milieuaspecten zijn verkeer, geluid, luchtkwaliteit, water, ecologie en stikstof. In dit hoofdstuk worden de te verwachten (tijdelijke) effecten per aspect beschreven. Verder wordt ingegaan op tijdelijke hinder als gevolg van de ontwikkeling. Voor een aantal van deze aspecten zijn door diverse externe bureaus onderzoeken uitgevoerd. Voor de volledige onderzoeksrapporten wordt verwezen naar het “Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk”. De conclusies van deze onderzoeken zijn samengevat in onderstaande alinea’s.

3.1

Verkeer

3.1.1 De verkeerseffecten op de nieuwe ontwikkeling zijn door middel van een onderzoek naar de verkeersgeneratie in beeld gebracht. Het onderzoek2 is uitgevoerd door een deskundige van de gemeente Utrecht. Voor het volledige onderzoek wordt verwezen naar de bijlage in het “Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk”. Met de realisatie van 110 appartementen en een commerciële/maatschappelijke plint ontstaat er een wijziging in verkeer ten opzichte van de huidige situatie. Het plangebied is vanaf de Veilingstraat ontsloten via Veilingshaven. De Veilingshaven sluit aan op de Van Zijstweg. Het verkeer zal zich vanaf de Van Zijstweg in verschillende richtingen verspreiden. Verder zal het verkeer via de Veilingstraat op de Croeselaan ontsloten. Het verkeer zal zich via de Croeselaan in verschillende richtingen verspreiden. De Van Zijstweg en Croeselaan zijn ontsluitingswegen door Utrecht heen. In de onderstaande tabel is het aantal vervoersbewegingen berekend die ontstaan met de realisatie van het beoogde plan. Appartementen

Aantal

pp norm

vkgen/p p

Omrekenfactor naar werkdag

vkgen per werkdag

55m2 - 80m2

79

0,51

1,6

1,11

71,56

tot 55m2

31

0,28

1,71

1,11

16,48

subtotaal

88,03

Functie

Eenheid m2 BVO

pp norm

vkgen/p p

Omrekenfactor naar werkdag

vkgen per werkdag

Restaurant

2,5

2

5,83

1

29,15

cultureel centrum / wijkgebouw

1

0,75

11

1

8,25

subtotaal

37,4

Totaal vkgen per werkdag

125,43

2

Berekening gemeente Utrecht, 20 oktober 2023, ‘Kopie van ParkerenVerkeersgeneratie v3. 1c variant 2’

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

11

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

Om een realistische verkeersgeneratie te berekenen is uitgegaan van een invulling voor de plint van 100 m 2 voor een cultureel wijkcentrum/wijkgebouw en 250 m 2 voor restaurant. De exacte invulling voor de plint is in voorliggend geval nog niet bekend. De totale verkeersgeneratie voor de te realiseren appartementen en commerciële/maatschappelijke plint komt neer op gemiddeld 126 verkeersbewegingen per dag. De omliggende infrastructuur is berekend op de herontwikkeling van het plangebied naar een woongebied met 110 woningen en een commerciële/maatschappelijke plint. De verkeersgeneratie voorkomend uit het plan past binnen de maximale capaciteit van de omliggende wegen. Overigens wordt opgemerkt dat ten gevolge van het plan een bestaand gebouw wordt gesloopt, waardoor de verkeersgeneratie behorende bij deze functie komt te vervallen. De bestaande functie, detailhandel i.c.m. een arbeidsextensieve en bezoekers extensieve functie (opslagruimte), genereert een zekere verkeersgeneratie. De nieuwe ontwikkeling is voor wat betreft de verkeersgeneratie op etmaalniveau vergeleken met de bestaande functie, we noemen dit de ervaringscijfers. Deze ervaringscijfers laten een gunstig beeld zien voor wat betreft de verkeersgeneratie. Dit betekent dat de nieuwe functie per etmaal minder verkeersbewegingen tot gevolg heeft dan op basis van de huidige functie.

De capaciteit van omliggende wegenstructuur is voldoende voor het afwikkelen van de toekomstige verkeersbewegingen. 3.1.2

Conclusie

Geconcludeerd wordt dat er, in vergelijking met de bestaande functie, een afname van de verkeersgeneratie is als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling. Het project heeft geen nadelige milieugevolgen op de omgeving. De verkeersgeneratie op de Veilingstraat is daarmee minimaal. Aangezien een deel van de parkeerbehoefte wordt opgevangen in de parkeergarage aan de Heycopstraat zal er sprake zijn van een toename aan de rand van de wijk bij Croeselaan. Echter zijn deze wegen, gezien de omvang en aangelegen functies, geschikt om de groei van dit bestemmingsverkeer op te vangen.

3.2

Parkeren

3.2.2

Algemeen

Met de realisatie van de voorgenomen ontwikkeling wordt een ander gebruik gerealiseerd voor de planlocatie. Aangezien het gebruik verandert, verandert daarin ook de parkeereis mee. Om te bepalen hoeveel parkeerplaatsen er nodig zijn voor de beoogde ontwikkeling is een berekening in het bestemmingsplan gemaakt. Voor de bepaling wordt gebruik gemaakt van de parkeervisie van de gemeente Utrecht 3. Fietsparkeren Het fietsparkeren voor de de commerciële/maatschappelijke plint wordt in de nabije omgeving opgelost. De fietsparkeerplekken voor de appartementen worden inpandig gerealiseerd. Auto parkeren De voorgenomen ontwikkeling brengt een nieuwe parkeerbehoefte met zich mee. De parkeerbehoefte voor de bewoners van het appartementengebouw wordt ingevuld in de parkeergarage van de naast gelegen ontwikkeling Heycop. De parkeergelegenheid voor eventuele bezoekers voor de appartementen wordt gezocht in de openbare ruimte rondom het plangebied, evenals de parkeerbehoefte voor de commerciële/maatschappelijke plint. Het van rechtens verkregen niveau biedt hiervoor voldoende beschikbare capaciteit. In de bestemmingsplanregels is opgenomen dat slechts een vergunning wordt verleend als vaststaat dat er voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd.

3

Bestemmingsplan “Chw bestemmingsplan Veilingstraat 10, Dichterswijk”, paragraaf 4.2.2

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

12

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

3.2.2

Conclusie

Geconcludeerd wordt dat het aspect parkeren geen belangrijke nadelige milieugevolgen vormt. Middels een voorwaardelijke verplichting is het parkeren voor de toekomstige bewoners verzekerd in de planregels van het bestemmingsplan.

3.3

Geluid

3.3.1 De beoogde toe te voegen woningen worden niet aangemerkt als geluidsbelastende functies. Voor wat betreft de commerciële/maatschappelijke ruimte wordt opgemerkt dat er reeds bedrijfsfuncties aanwezig zijn. Dit wordt gesloopt en op dezelfde locatie wordt nieuwe commerciële/maatschappelijke ruimte gerealiseerd. Hiermee is dan ook geen sprake van een verslechtering van het woon- en leefklimaat ten aanzien van de in de omgeving aanwezige milieugevoelige functies. 3.3.2

Akoestisch wegverkeerlawaai

Voor de voorgenomen ontwikkeling is een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd. Voor het volledige onderzoek wordt verwezen naar het akoestisch onderzoek (kenmerk: R003_02_L230824) van LBP Sight4. Uit het onderzoek blijkt het volgende: de berekende geluidbelasting vanwege de Croeselaan is hoger dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. De hoogst, berekende geluidbelasting is 50 dB na toepassing van 5 dB aftrek op de noordoostgevel van het plan. De maximale ontheffingswaarde van 63 dB wordt niet overschreden. De hoogst, berekende geluidbelasting vanwege de 30 km/u-wegen is 52 dB na toepassing van 5 dB aftrek. Wanneer er getoetst wordt aan de Wet geluidhinder, dan wordt de voorkeursgrenswaarde met 4 dB overschreden. Bij dit project zijn geluidbeperkende maatregelen voor de Croeselaan een optie. De meest voor de hand liggende maatregel is het verlagen van de maximale snelheid van 50km/u naar 30km/u. Hiermee wordt de berekende geluidbelasting circa 2 dB lager en wordt de voorkeursgrenswaarde niet meer overschreden. Echter, de gemeente moet een verkeersbesluit nemen om de snelheid te verlagen en moet snelheidsbeperkende maatregelen nemen. De gemeente moet zelf de overweging maken of een snelheidsverlaging niet leidt tot verkeerskundige, financiële en/of praktische bezwaren. Alle woningen voldoen aan het geluidbeleid van de gemeente Utrecht.

Paragraaf 3.5 van het onderzoeksrapport geeft een overzicht van de aan te vragen hogere waarden weer. We gaan er dus vanuit dat het nemen van geluidbeperkende maatregelen leidt tot (financiële en praktische) bezwaren. - Geadviseerd wordt in een vervolgonderzoek de geluidwerende gevelvoorzieningen af te stemmen op basis van de gecumuleerde geluidbelasting vanwege wegverkeer. Aan de zuidwestgevel komt er een buitenterras behorende bij de horeca in de plint en is de berekende geluidbelasting vanwege wegverkeer laag. 3.3.3

Akoestisch onderzoek terras

Voor de voorgenomen ontwikkeling is ten behoeve van de invulling van de commerciële/maatschappelijke plint een akoestisch onderzoek uitgevoerd voor stemgeluid afkomstig van een nieuw terras. Voor het volledige onderzoek wordt verwezen naar de rapportage van geluidonderzoek terras “Akoestisch onderzoek stemgeluid nieuw terras” van LBP Sight5.

4

Akoestisch onderzoek wegverkeer “Veilingstraat 10 in Utrecht”, kenmerk: R003_02_L230824, versie 02, datum: 24 oktober 2023. 5

Geluidonderzoek terras “Akoestisch onderzoek stemgeluid nieuw terras”, kenmerk: R004_02_L230824, versie 02, datum: 24 oktober 2023.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

13

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

Uit de resultaten blijkt dat met de gekozen uitgangspunten de geluidemissie vanaf het terras in zowel de dagals avondperiode boven de streefwaarde van respectievelijk 45 dB(A) en 40 dB(A) uitkomt, namelijk 52 dB(A) in de dagperiode en 55 dB(A) in de avondperiode. De hoogst, berekende geluidniveaus in de dag- en avondperiode vinden plaats op de gevels direct boven het terras (2e verdieping). De gemeente Utrecht hanteert voor bestaande woningen een geluidbelasting van ten hoogste 55 dB(A) etmaalwaarde en voor nieuwe woningen ten hoogste 60 dB(A) etmaalwaarde. Hieraan wordt voor zowel bestaande als nieuwe woningen aan voldaan. Er worden maximale geluidniveaus berekend tot en met 62 dB(A) op de gevels van nieuwe woningen en 52 dB(A) op de gevels van bestaande woningen. Wanneer normen uit het Activiteitenbesluit (tabel 2.17) gevolgd zouden worden, dan zijn piekniveaus in de avondperiode tot en met 60 dB(A) aanvaardbaar en in de dagperiode tot en met 65 dB(A). Wat betreft de bestaande woningen wordt dus ruimschoots voldaan. Wat betreft nieuwe woningen wordt voldaan aan de streefwaarde van 65 dB(A) in de dagperiode. In de avondperiode vindt er een kleine overschrijding van de streefwaarde plaats van (62-60=) 2 dB(A) op de gevels van de woningen op de 2e verdieping.

Deze situatie wordt aanvaardbaar geacht, mede door het feit dat de er uit wordt gegaan van een basisgeluidwering van de gevel van 25 dB. Zoals is opgemerkt doet het rigide toepassen van grenswaarden geen recht aan de feitelijke omstandigheden. In die zin hoeft een (geringe) overschrijding van streefwaarden met name in de dag- en of avondperiode niet onacceptabel te zijn. Gezien de relatief hoge geluidniveaus op de gevels op de nieuwe woningen direct boven het terras adviseren we een aantal gebouwgebonden maatregelen, die zorgen voor een beter woon- en leefklimaat. 3.3.4

Conclusie

Op basis van de uitgevoerde akoestische onderzoeken wordt geconcludeerd dat, bij verlening van een hogere grenswaarde, geen nadelige milieueffecten optreden als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling.

3.4

Luchtkwaliteit

3.4.1 Voor de voorgenomen ontwikkeling heeft BJZ.nu een luchtkwaliteitsonderzoek uitgevoerd. Hierna wordt ingegaan op de conclusie. Voor het volledige onderzoek wordt verwezen naar de onderzoeksrapportage “Luchtkwaliteitsonderzoek Veilingstraat 10, Utrecht”6 Het plan heeft zoals geconstateerd bij het onderdeel verkeer ten opzichte van de huidige situatie extra verkeersbewegingen tot gevolg. Via een NIBM-tool berekening is onderzocht of de ontwikkeling wel of niet in betekende mate bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Wat betreft de voertuigbewegingen is aangesloten op hetgeen opgenomen bij het aspect ‘verkeer’. Het aandeel vrachtverkeer is op 10% gezet, aangezien het voornemen ook een commerciële/maatschappelijke plint betreft. Het aandeel van vrachtverkeer in de aanlegfase is buiten beschouwing gelaten, omdat dit tijdelijk van aard is. De berekening laat het volgende beeld zien.

6

Luchtkwaliteitsonderzoek BJZ.nu, “Luchtkwaliteitsonderzoek Veilingstraat 10, Utrecht”, Oktober 2023

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

14

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

Uit de berekening blijkt dat voorliggend plan 'niet in betekenende mate bijdraagt' aan de luchtverontreiniging. Vervolgonderzoek naar effecten op de luchtkwaliteit is niet noodzakelijk. 3.4.2 In onderstaande tabel is de luchtkwaliteit in de nabijheid van het plangebied weergegeven. Deze gegevens zijn afkomstig van de Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (CIMLK).

NO2 μg/m3 jaargemiddeld PM10 μg/m3 jaargemiddeld PM2,5 μg/m3 jaargemiddeld

waarde in 2022

waarde in 2025

waarde in 2030

WHO advieswaarde

17.25

Grenswaarde Wet Milieubeheer 40

10

WHO advieswaarde 2005 40

18,86

19.89

18.56

15.80

15.4

40

15

20

11,12

8.84

7.90

25

5

10

In 2015 heeft de gemeente Utrecht een motie aangenomen waarin de gemeente zich als doel stelt om in de toekomst (2030) naast de wettelijke grenswaarden ook te voldoen aan de WHO-advieswaarden uit 2005 voor fijnstof. Deze advieswaarden (WHO 2005) zijn strenger dan de wettelijke grenswaarden voor PM10 (20 µg/m3) en voor PM2,5 (10 µg/m3). Deze motie is uitgewerkt in het raadsbesluit 'Utrecht kiest voor gezonde lucht luchtkwaliteitsbeleid en uitvoeringsprogramma' van december 2020, waarin is vastgelegd om toe te werken naar de WHO-advieswaarden-2005, die expliciet zijn benoemd in de samenvatting bij het raadsbesluit. Aangezien dit beleid nog steeds geldt wordt ook aan de WHO advieswaarde van 2005 getoetst. Uit voorgaande tabel blijkt dat in het plangebied voor de stoffen NO2 (stikstofdioxide) en fijnstof (PM10 en PM2,5) ruimschoots wordt voldaan aan de Wettelijke grenswaarden uit bijlage 2 van de Wet milieubeheer. Ten aanzien van NO2 en PM10 wordt tevens voldaan aan de advieswaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO 2005). Echter wordt anno 2022 net niet voldaan aan de advieswaarde van de WHO (2021), wel aan de advieswaarde uit 2005. In de tabel is te zien dat er sprake is van een dalende trend en deze daling ook tot 2030 wordt verwacht.

Voor het jaar 2030 wordt voor de NO2, PM10 en PM 2,5 een achtergrondconcentratie van respectievelijk maximaal 17.25, 15.4 en 7.90 μg/m3 verwacht, waarmee het aannemelijk is dat in de nabije toekomst eveneens wordt voldaan aan de advieswaarden van de WHO. Verder wordt opgemerkt dat deze waarden niet afwijken van concentraties op andere locaties binnen Nederland. De luchtkwaliteit ter plaatse is niet slechter dan op andere plekken. Het feit dat niet wordt voldaan

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

15

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

aan de WHO advieswaarden betekent dus niet persé dat er geen sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Het betekent in algemene zin wel dat Nederland zich meer moet gaan inzetten voor het verbeteren van de luchtkwaliteit. Dit valt echter buiten de scope van het onderzoek. 3.4.3

Conclusie

Ter plaatse van het plangebied wordt ruimschoots voldaan aan de Wettelijke grenswaarden uit bijlage 2 van de Wet milieubeheer voor de stoffen NO2 (stikstofdioxide) en fijnstof (PM10 en PM2,5. Ten aanzien van NO2 en PM10 wordt tevens voldaan aan de advieswaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO 2005). De bijdrage van het plan is beperkt. Geconcludeerd kan worden dat er geen belangrijke nadelige milieugevolgen zullen optreden.

3.5

Water

3.5.1 Voor de voorgenomen ontwikkeling heeft BJZ.nu een onderzoek naar de wateraspecten uitgevoerd. Hierna wordt ingegaan op de conclusie. Voor het volledige onderzoek wordt verwezen naar de onderzoeksrapportage “Rapportage wateraspecten Veilingstraat 10, Utrecht” 7 Algemeen Het plangebied is gelegen in de bebouwde kom van Utrecht. De locatie bevindt zich niet binnen een grondwaterbeschermings-, intrek- of waterwingebied. Grondwater De gemiddeld hoogste grondwaterstand ligt op circa NAP + 0,55 m. Het (laagste) wegpeil bedraagt ter plaatse van het plangebied op circa NAP + 2,33 m. De droogtelegging van 1,8 m is ruim voldoende. Opgemerkt wordt dat de voorgenomen ontwikkeling niet uitgaat van realisatie van kelders of andere ondergrondse voorzieningen. Binnen het plangebied zijn geen gevallen van grondwateroverlast bekend. Oppervlaktewater Naar aanleiding van dit plan zal geen extra oppervlaktewater gecreëerd worden en geen oppervlaktewater gedempt worden. Er kan gesteld worden dat het plan geen nadelige gevolgen veroorzaakt voor het oppervlaktewatersysteem in de omgeving. In de huidige situatie is het gehele plangebied verhard. In de beoogde situatie wordt een appartementencomplex met commerciële plint gerealiseerd. Daarnaast wordt het binnenterrein groen en klimaat adaptief ingericht waarbij ruimte is voor infiltratie van hemelwater.

Er is daarmee sprake van een afnamen van verharding ten opzichte van de bestaande situatie. Echter dient er toch aandacht te worden besteed aan infiltratie van hemelwater. Het binnenterrein van de beoogde ontwikkeling wordt zoveel als mogelijk groen ingericht en er wordt gebruik gemaakt van waterdoorlatende verharding. Hierdoor wordt het hemelwater waar mogelijk ter plekke geïnfiltreerd. Het hemelwater zal zoveel mogelijk gescheiden van afvalwater ingezameld en afgevoerd worden. Hierbij wordt aansluiting gezocht bij de voorkeursvolgorde uit de Visie Water en Riolering Utrecht. Voor de beoogde ontwikkeling wordt voorzien in een (infiltratie)voorziening voor hemelwater met een inhoud van minimaal 15 mm ofwel 15 liter per m 2 aangesloten verharding. Bij een afwijkende bodemopbouw met aangetoonde hogere infiltratiecapaciteit kan hiervan afgeweken worden. Dit zal in later stadium worden onderzocht. Afvalwater Het afvalwater wordt afgevoerd naar de RWZI door middel van gebruik van de gemeentelijke riolering. Hemelwater Het schoonhemelwater wordt zoveel mogelijk in het plangebied vastgehouden en geïnfiltreerd (zie kopje Oppervlaktewater). De definitieve uitwerking van de omgang met het hemelwater wordt bij de uitvoering

7

Rapportage wateraspecten BJZ.nu, “Rapportage wateraspecten Veilingstraat 10, Utrecht”, Oktober 2023

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

16

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Veilingstraat 10, Utrecht

nader uitgewerkt. De volgende maatregelen behoren tot de mogelijkheden, waarbij de eerste drie mogelijkheden in ieder geval worden uitgevoerd: •

Groene daken;

•

Aanbrengen van bomen en beplanting;

•

Onverharde stroken;

•

Wadi’s;

•

Infiltratiekratten;

•

Noodoverloop op de Veilinghaven.

Bij de aanvraag om omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen zal gedetailleerd worden beschreven op welke wijze met het hemelwater wordt omgegaan. Geconcludeerd wordt dat het aspect water niet leidt tot mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen. 3.5.2

Conclusie

Het verhard oppervlak neemt als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling af en er zijn geen veranderingen wat betreft het watersysteem van HDSR. Voor de handelingen gelden de zorgplicht of algemene regels. Het plangebied grenst niet aan het oppervlaktewater en ligt ook niet in een beschermingsgebied van een waterkering of leger watergang. Er zijn geen knelpunten wat betreft afvalwater en grondwater. De situatie met betrekking tot het hemelwater verbeterd omdat er meer groen wordt gerealiseerd dan in de bestaande situatie en er wordt waterberging gerealiseerd in de vorm van een groen dak en waterberging in een wadi en/of infiltratieriool. Hiervoor is voldoen ruimte aanwezig. Geconcludeerd wordt dat er geen belangrijke nadelige milieugevolgen zullen optreden.

3.6

Ecologie

3.6.1 Bescherming in het kader van de natuur wet- en regelgeving is op te delen in gebieds- en soortenbescherming. Bij gebiedsbescherming heeft men te maken met de Natuurbeschermingswet en het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Soortenbescherming gaat uit van de bescherming van dier- en plantensoorten. Sinds 1 januari 2017 is het wettelijk kader ten aanzien van gebieds- en soortenbescherming vastgelegd in de Wet natuurbescherming. Gebiedsbescherming Volgens het wettelijk kader ten aanzien van gebiedsbescherming zoals vastgelegd in de Wet natuurbescherming zal Nederland aan de hand van een vergunningenstelsel de zorgvuldige afweging waarborgen rond projecten die gevolgen kunnen hebben voor Natura 2000-gebieden. Hiernaast is het Natuurnetwerk Nederland (NNN) de kern van het Nederlands natuurbeleid. Het NNN is in provinciale structuurvisies uitgewerkt. In of in de directe nabijheid van het NNN geldt het 'nee, tenzij'- principe. In principe zijn er geen ontwikkelingen toegestaan als zij de wezenlijke kenmerken of waarden van het gebied aantasten. Het plangebied ligt niet in Natura 2000-gebied. De dichtstbijzijnde gronden aangewezen als Natura 2000gebied, zijn gelegen op circa 6,6 kilometer afstand van het plangebied. Het plangebied ligt niet binnen de begrenzing van het NNN.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=33e425f3-748c-41e6-a06b-a6aa3924cfac