CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Chw bestemmingsplan Groenewoud_toelichting, regels en bijlagen

Commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken (2022-2026) 7 maart 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling Chw bestemmingsplan Groenewoud21.878 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan

Chw bestemmingsplan Groenewoud Vastgesteld, datum nog vast te stellen

Chw bestemmingsplan Groenewoud

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1

Inleidende regels

6

Artikel 1

Begrippen

Artikel 2

Meten en berekenen

13

Hoofdstuk 2

Functies

14

Artikel 3

Gemengd

14

Artikel 4

Groen

15

Artikel 5

Maatschappelijk

16

Artikel 6

Verkeer - Verblijfsgebied

17

Artikel 7

Water

18

Artikel 8

Wonen

18

Artikel 9

Waterstaat - Waterkering

20

Hoofdstuk 3

Bouwen en slopen

21

Artikel 10

Inleidende bepalingen over het bouwen en het slopen

21

Artikel 11

Bijzondere regels over bouwen

21

Artikel 12

Bouwen is toegestaan

21

Artikel 13

Bouwen met vergunning

22

Artikel 14

Bouwen is niet toegestaan

23

Hoofdstuk 4

Gebouwen en locaties gebruiken

24

Artikel 15

Activiteiten die niet zijn toegestaan

24

Artikel 16

Activiteiten in de woning, nieuwe woonruimte

24

Artikel 17

Additionele horeca

26

Artikel 18

Kruisingen, tunnels, bruggen en viaducten

26

Artikel 19

Ondersteunende

26

Hoofdstuk 5

Grondwerk

Artikel 20

Vergunning in verband met de bescherming

Artikel 21

Bescherming van archeologische

Hoofdstuk 6

Beheer van natuur, flora en fauna

30

Artikel 22

Aantasten van bomen of andere houtopstanden

30

Hoofdstuk 7

Overgangs- en slotregels

32

Artikel 23

Overgangsrecht

32

Artikel 24

Slotregel

6

horeca in een winkel of verkoop in horeca

28 van een functie

waarden

Bijlagen regels

28 28

32

33

Bijlage 1

Beeldkwaliteitsplan Groenewoud

34

Bijlage 2

Lijst van bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving

90

Bijlage 3

Lijst van horeca-activiteiten

93

Bijlage 4

Beleidsregel parkeernormen auto 2021

98

Bijlage 5

Mobiliteitsplan

114

Hoofdstuk 1

Inleiding

145

2 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

Utrecht

1.1

Aanleiding en doelstelling

145

1.2

Eerdere besluitvorming

145

1.3

Ligging en begrenzing plangebied

1.4

Geldende plannen

146

1.5

Bestemmingsplanmethodiek

146

1.6

Leeswijzer

147

Hoofdstuk 2

en samenhang

145

Relevante beleidskaders

149

2.1

Rijksbeleid

149

2.2

Provinciaal en regionaal beleid

154

2.3

Gemeentelijk

161

2.4

Conclusie

Hoofdstuk 3

beleid

183

Bestaande situatie

185

3.1

Inleiding

3.2

Beschrijving

van het plangebied

185

3.3

Beschrijving

van de bestaande functies in het plangebied

187

3.4

Conclusie

Hoofdstuk 4

185

188

Planbeschrijving

189

4.1

Projectbeschrijving

189

4.2

Verkeer en openbare ruimte

198

Hoofdstuk 5

Onderzoek en randvoorwaarden

209

5.1

Inleiding

209

5.2

Milieueffectrapportage

209

5.3

Bedrijven en milieuzonering

210

5.4

Geur

212

5.5

Geluidhinder

212

5.6

Externe veiligheid

216

5.7

Conventionele

218

5.8

Luchtkwaliteit

5.9

Bodem

220

5.10

Natuurbescherming

222

5.11

Bomen

225

5.12

Water en klimaatadaptie

228

5.13

Archeologie

233

5.14

Kabels en leidingen

235

5.15

Gezondheid en kwaliteit van de leefomgeving

236

5.16

Klimaat en duurzaamheid

238

5.17

Toegankelijkheid

243

5.18

Windhinder

243

5.19

Bezonning

244

5.20

Conclusie

244

Hoofdstuk 6

Explosieven

219

Uitvoerbaarheid

6.1

Economische

6.2

Maatschappelijke

Hoofdstuk 7

245

uitvoerbaarheid

245

uitvoerbaarheid

245

Juridische plantoelichting

251

7.1

Algemeen

251

7.2

Begrippen en meten (hoofdstuk 1 van de regels)

253

7.3

Functies (bestemmingen;

253

7.4

Bouwen en slopen (hoofdstuk 3 van de regels)

256

7.5

Gebouwen en locaties gebruiken (hoofdstuk 4 van de regels)

261

7.6

Grondwerk: activiteit in de bodem (hoofdstuk 5 van de regels)

268

hoofdstuk 2 van de regels)

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

3

7.7

Natuur, flora en fauna (hoofdstuk 6 van de regels)

269

7.8

Algemeen overgangsrecht

274

(hoofdstuk 7 van de regels)

7.9

Bijlagen bij de regels

7.10

Handhaving

277

Bijlagen toelichting

279

Bijlage 1

Stedenbouwkundig plan Groenewoud

281

Bijlage 2

Utrecht Papendorp visie voorzieningen

527

Bijlage 3

Oplegnotitie behoefte hoecavoorzieningen

607

Bijlage 4

Verkeerskundig onderzoek kruispunten Papendorp

623

Bijlage 5

Verkeerskundig onderzoek wegennet

645

Bijlage 6

Aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling

663

Bijlage 7

Akoestisch onderzoek

727

Bijlage 8

Onderzoek externe veiligheid

1127

Bijlage 9

Vooronderzoek NGE

1151

Bijlage 10

Luchtkwaliteit

1217

Bijlage 11

Nulsituatie bodemonderzoek Groendewoudsedijk Utrecht - ASR-locatie

1247

Bijlage 12

Verkennend en nader bodemonderzoek Groenewoudsedijk - KWS-locatie

1405

Bijlage 13

Aanvullend bodemonderzoek Groenewoudsedijk - KWS-locatie

2157

Bijlage 14

Actualiserend bodemonderzoek Groenewoudsedijk - ACU-locatie

2271

Bijlage 15

Verkennend bodemonderzoek inlclusief asbest Groenewoud - gronden gemeente 2397

Bijlage 16

Quickscan flora en fauna

2577

Bijlage 17

Nader ecologisch onderzoek

2613

Bijlage 18

Stikstofdepositie onderzoek

2645

Bijlage 19

Bomeninventarisatie

2735

Bijlage 20

Watertoets

2773

Bijlage 21

Archeologisch bureauonderzoek

2823

Bijlage 22

Inventariserend veldonderzoek

2877

Bijlage 23

Inventariserend veldonderzoek - karterende fase

2969

Bijlage 24

Inventariserend veldonderzoek - karterende fase P+R terrein

3257

Bijlage 25

Evaluatie- en selectierapport proefsleuvenonderzoek deelgebied 2

3335

Bijlage 26

Bezonningstudie

3395

Bijlage 27

Samenvatting saneringsaanpak bodemverontreiniging

3403

Bijlage 28

Besluit hogere waarden geluid

3407

4 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

275

Utrecht

Bijlage 29

Overzicht verkeersintensiteiten Papendorp en Groenewoud

3415

Bijlage 30

Inventarisatie Utrechtse Soorten

3417

Bijlage 31

Archeologische waardenkaart

3423

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

5

Regels Hoofdstuk 1 Artikel 1

Inleidende regels

Begrippen

De uitleg van de begrippen die in dit artikel staan is bepalend bij de uitleg van het plan. 1.1

Aanduiding

Een geometrisch bepaald vlak of figuur die de locatie aanwijst als werkingsgebied van een regel. 1.2

Accommodatie

Een ruimte of complex van ruimten waarin een bezoeker tegen betaling tijdelijk kan overnachten. 1.3

Additionele horeca

Horeca-activiteiten, die passend, aanvullend en ondergeschikt zijn aan de hoofdfunctie die ter plaatse is toegestaan. 1.4

Afhaalzaak

Een winkel waar in hoofdzaak kant en klare maaltijden, kleine etenswaren, alcoholvrije drank en consumptie-ijs te koop zijn. De waren worden niet in de winkel gegeten of gedronken. Een afhaalzaak is een specifieke vorm van detailhandel. 1.5

Archeologisch onderzoek

Onderzoek verricht door of namens een bedrijf dat beschikt over het in artikel 1, eerste lid, van de Erfgoedwet, bedoelde certificaat. 1.6

Archeologische verwachtingswaarde

De aan een gebied toegekende waarde in verband met de waarschijnlijk in dat gebied voorkomende historische overblijfselen in de bodem. 1.7

Bestemmingsplan

De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij horende bijlagen. Zie ook: Plan. 1.8

Bebouwing

Eén of meer bouwwerken. 1.9

Bebouwingspercentage

Het met een aanduiding of in de regels aangegeven percentage, dat aangeeft hoeveel van een bouwperceel ten hoogste mag worden bebouwd met gebouwen en bijbehorende bouwwerken. 1.10

Bed-and-breakfast

Het tegen betaling verstrekken van logies met ontbijt binnen de woning of de bedrijfswoning. 1.11

Bedrijf

Een onderneming waarbij het accent ligt op het maken, bewerken, herstellen, installeren en verhandelen van goederen, waarbij detailhandel uitsluitend plaatsvindt als onderdeel van de onderneming in de vorm van verkoop of levering van ter plaatse gemaakte, bewerkte of herstelde goederen, of van goederen die in rechtstreeks verband staan met de uitgeoefende handelingen. 6 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

Utrecht

1.12

Bedrijf-aan-huis

Beroep of bedrijf dat in een woning of een daarbij bijhorend bouwwerk wordt uitgeoefend. 1.13

Bedrijfswoning

Een woning die bij een bedrijf hoort en die is bedoeld voor een werknemer die bij het bedrijf woont in verband met het noodzakelijke beheer van het bedrijf. 1.14

Belhuis

Een onderneming die diensten aanbiedt op het gebied van telecommunicatie, zoals telefoon- en internetverbindingen. 1.15

Beperkt kwetsbaar object

Objecten als bedoeld in artikel 1 lid 1 onder b Besluit externe veiligheid inrichtingen, met uitzondering van beperkt kwetsbare objecten als bedoeld in artikel 1 lid 2 Besluit externe veiligheid inrichtingen. 1.16

Besluit Hogere waarde

Besluit waarin de ten hoogst toelaatbare geluidsbelasting op grond van de Wet geluidhinder is vastgesteld. 1.17

Bestaand

1. Bestaand gebruik: het feitelijke of vergunde gebruik van de gronden en bouwwerken op moment van het ter inzage leggen van het ontwerp van het bestemmingsplan; daaronder valt niet het gebruik dat al in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsregels van dat plan. 2. Bestaande bouwwerken: bouwwerken die op het tijdstip van het ter inzage leggen van het ontwerp van het bestemmingsplan: a. bij of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of de Woningwet zijn gebouwd; b. nog kunnen worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of een bouwvergunning op grond van de Woningwet. 1.18

Bestemmingsgrens

De grens van een bestemmingsvlak. 1.19

Bezorgdienst

Vorm van een distributiebedrijf dat elektronisch geplaatste en afgerekende bestellingen van, meestal dagelijkse, consumentengoederen bij de klant thuisbezorgt, waarbij het bedrijf vaak een korte tijd tussen de bestelling en de bezorging van de goederen aanbiedt. 1.20

Bijbehorend bouwwerk

Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak (bron: Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht). 1.21 a. b.

Bijzondere bouwlaag

Een bouwlaag die aan de voorzijde of eventueel aan de achterzijde een hellend dakvlak heeft en voor het overige deel plat is afgedekt, dan wel; Een ten opzichte van de voorgevel terugliggende bouwlaag.

1.22

Bouwen

Het plaatsen, oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

7

1.23

Bouwgrens

De grens van een bouwvlak. 1.24

Bouwlaag

Een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of nagenoeg gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van een onderbouw, een kap en een bijzondere bouwlaag. 1.25

Bouwperceel

Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.26

Bouwvlak

Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bouwwerken zijn toegelaten. 1.27

Bouwwerk

Een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.28

Buurtactiviteit

Activiteit voor en door bewoners uit de omgeving van de locatie waar de activiteit plaatsvindt met een verwaarloosbare planologische uitstraling op de omgeving, zoals activiteiten van bewonersorganisaties, het verenigingsleven, ouderen- en jongerenwerk, huiswerkbegeleiding, muziekles, burendag, kaartclubs en scouting. Hieronder worden in ieder geval niet verstaan kinderdagverblijven, buitenschoolse opvang, religieuze voorzieningen, voorzieningen voor verslavingszorg of vergelijkbare maatschappelijke voorzieningen of een horeca-activiteit van de Lijst met Horeca activiteiten. 1.29

Buurthuis

Een openbaar gebouw in een wijk dat zich richt op het bijdragen aan de integrale leefkwaliteit van de buurt. In het openbaar gebouw kunnen buurtactiviteiten worden georganiseerd. 1.30

Creatieve bedrijvigheid

Bedrijven die zich hoofdzakelijk richten op: creatieve zakelijke dienstverlening: reclame en grafische bedrijven, architecten, industriële ontwerpers; multimedia: bedrijven die in hoofdzaak producten maken of diensten verlenen op het gebied van beeld, geluid, gaming en tekst met gebruikmaking van radio, televisie, computer, internet, mobiele telefonie, print en evenementen; toegepaste kunsten: audiovisuele en fotografiebedrijven, dienstverlenende bedrijven ten behoeve van de kunsten, mode en interieurbedrijven; autonome kunsten: zoals beeldend kunstenaar, muzikanten, theatermakers. 1.31

Cultuurhistorische waarde

De aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde in verband met ouderdom of historische gaafheid. 1.32

Dakopbouw

Het direct onder het dak liggende deel van een hoofdgebouw, waarin zich een of meer verblijfsruimten bevinden en dat zich bouwkundig van de ondergelegen bouwlagen onderscheidt, bijvoorbeeld door de constructie, de vorm of door de terug liggende voorgevel. 1.33

Detailhandel

Het bedrijfsmatig verkopen van consumentengoederen in een winkel. 8 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

Utrecht

1.34

Dienstverlening

Het bedrijfsmatig verlenen van een dienst of van hulp aan een klant, bijvoorbeeld door een kapper, een stomerij of wasserette, een pedicure, een bankfiliaal, een reisbureau of een uitzendbureau. 1.35

Eigen toegang

De officiële ingang van een woning, wat blijkt uit de volgende kenmerken: de ingang heeft een huisnummer dat de gemeente aan die ingang heeft toegekend e n de ingang is bereikbaar vanaf de straat of vanuit een gemeenschappelijke hal. 1.36

Evenementen

Georganiseerde, publieke, bijzondere gebeurtenissen. 1.37

Functie

Een onderscheidend kenmerk van een locatie waaruit blijkt voor welke activiteiten de locatie bedoeld of geschikt is; functie in de zin van artikel 4.2 van de Omgevingswet; bestemming als bedoeld in artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening. 1.38

Gebouw

Een bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.39

Gezondheidscentrum

Centrum waarin diverse zorgverlenende instanties en daarmee gelijk te stellen diensten gehuisvest zijn zoals huisartsenzorg, apotheker, fysio- en overige therapeuten, diagnostici, verlos- en verpleegkundigen, ziekenverzorging, maatschappelijk werk en wijkverpleging en waarin geen onzelfstandige of zelfstandige woonvormen zijn toegelaten en geen overnachtingen dan wel andere geluidgevoelige functies plaatsvinden. 1.40

Groen

Park, plantsoen, berm of erf waar planten en bomen groeien of kunnen groeien, oppervlaktewater. 1.41

Grondwerk

Activiteit die het verstoren van de bodem of de daarop aanwezige beplanting tot gevolg kunnen hebben zoals graven, ploegen, ophogen, het aanbrengen of verwijderen van verharding, het leggen van leidingen, het dempen van oppervlaktewater of het aanbrengen van drainage, funderingen, constructies of apparatuur in de bodem; activiteit in de zin van artikel 3.3, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening. 1.42

Hoofdgebouw

Een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn aard, functie, constructie of afmetingen of gelet op de bestemming als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken. 1.43

Hoogteaccent

Een incidenteel en rank gebouw of een beperkt onderdeel van een gebouw, met een afwijkende bouwhoogte naar boven ten opzichte van de direct omliggende bebouwing, dat dient als markering of oriëntatiepunt van een plek in een wijk of buurt. 1.44

Inwoning

Het wonen in een woonruimte die deel uitmaakt van een woning waarin een ander huishouden woont.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

9

1.45

Kaart

De digitale weergave van het grondgebied van de gemeente dat bij een bestemmingsplan hoort, waarop de locaties en aanduidingen die in de regels worden genoemd zijn ingetekend op een topografische ondergrond, met uitzondering van locaties of aanduidingen die voor het hele grondgebied van dat bestemmingsplan gelden. 1.46

Kantoor

Een gebouw of een gedeelte van een gebouw voor het bedrijfsmatig verrichten van administratieve werkzaamheden en voor zakelijke dienstverlening, alsmede seminars en congressen die ondergeschikt zijn aan de hoofdfunctie van een kantoorhoudende onderneming en kunnen worden beschouwd als onderdeel van de kantoorfunctie. 1.47

Kantoorruimte

Een gebouw of ruimte waarin hoofdzakelijk werkzaamheden worden verricht aan een bureauopstelling, in combinatie met vergaderruimten; de werkzaamheden zijn onder meer: a. b. c. d. e. f. g.

administratieve en beleidsmatige werkzaamheden en alle daarmee gelijk te stellen bureaugebonden activiteiten; commerciële, creatieve en technische bureaugebonden werkzaamheden, inclusief callcenter, desktop-publishing en softwareproductie; werkzaamheden aan desktop, laptop, CAD-CAM-apparatuur; zakelijke ontvangst van externen, vergaderingen en presentaties, ondergeschikt aan de hoofdfunctie van de onderneming; entree en receptiehal; interne en externe opleidingen, workshops, seminars en congressen in zaalruimten in het gebouw van een onderneming worden beschouwd als onderdeel van de kantoorfunctie; functies binnen een kantoorhoudend bedrijf die behoren bij het normale kantorengebruik zoals een postkamer, interne serverruimte en interne archiefruimte, worden beschouwd als onderdeel van de kantoorruimte.

1.48

Kap

Een gesloten en hellend of gedeeltelijk hellend dak. 1.49

Kelder

Het doorlopende gedeelte van een gebouw, dat geheel onder het peil ligt. 1.50

Kleinschalige evenementen

Evenementen die gering van omvang en geluidsproductie zijn en die weinig tot geen verkeersaantrekkende werking hebben. 1.51

Kwetsbare objecten

Objecten als bedoeld in artikel 1 lid 1 onder l Besluit externe veiligheid inrichtingen, met uitzondering van kwetsbare objecten als bedoeld in artikel 1 lid 2 Besluit externe veiligheid inrichtingen. 1.52

Leisure

Vrijetijdsvoorzieningen gericht op recreatie, kunst, cultuur, sport, ontspanning en educatieve voorzieningen, zoals skatehal, boulderhal, masterclasses, exposities, bibliotheek, museum, (kunst)gallerie, ateliers, sauna en dergelijke; waaronder in ieder geval wordt niet verstaan: casino/ speelautomatenhal. 1.53

Lijst van bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving

Lijst die deel uitmaakt van deze regels, waarin bedrijfsactiviteiten zijn opgenomen die passen op een locatie met woningen.

1 0 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

Utrecht

1.54

Lijst van horeca-activiteiten

Lijst die een onderverdeling van horeca-activiteiten aangeeft. De onderverdeling is gemaakt op basis van de te verwachten invloed van een activiteit op een nabij gelegen of omringende woonomgeving. De lijst maakt deel uit van de regels. 1.55

Lintbebouwing

Een lange rij vrijstaande huizen of andere hoofdgebouwen langs een weg. De gebouwen staan vergeleken met andere stedelijke bebouwing ver van elkaar af. De weg is meestal een uitvalsroute, een landelijke weg of een weg die naast een rivier of kanaal ligt of was vroeger zo'n weg. Bepalend voor het bebouwingsbeeld van deze wegen is de ruimte tussen de hoofdgebouwen met doorzichten naar het achterliggende landschap. Voorbeelden in Utrecht: de Gageldijk, de Koningsweg, de Zandweg, de Thematerweg, de Meerndijk, de Nedereindseweg. 1.56

Logies verstrekken

Ruimte of complex van ruimten die tegen betaling voor een periode voor overnachtingen worden aangeboden. Er zijn verschillende vormen van accommodatie, bijvoorbeeld hotel voor kort verblijf, middellang zakelijk verblijf (“short stay”), de woning of een deel van de woning aanbieden als accommodatie (particuliere vakantieverhuur, bed-and-breakfast). 1.57

Maatschappelijke voorzieningen

Voorzieningen voor welzijn, volksgezondheid, religie, onderwijs, kinderopvang, buitenschoolse opvang, openbare orde en veiligheid en daarmee gelijk te stellen sectoren. 1.58

Nutsvoorzieningen

Voorzieningen zoals transformatorhuisjes en andere bouwwerken voor het leveren van gas, elektriciteit of internettoegang, voorzieningen voor de verwarming en koeling van gebouwen, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling, voorzieningen voor het opladen van elektrische voertuigen en apparatuur voor telecommunicatie. 1.59

Omgevingsvergunning

Een vergunning als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; na inwerkingtreding van de Omgevingswet: een vergunning als bedoeld in artikel 5.1 van de Omgevingswet. 1.60

Omzetting (van een woning)

Zelfstandige woonruimte, of een deel daarvan, in gebruik geven of laten geven als onzelfstandige woonruimte. Ook het in stand laten van het gebruik van zelfstandige woonruimte als onzelfstandige woonruimte valt onder het begrip omzetting. 1.61

Onderbouw

Een kelder, een souterrain of (half)verdiepte parkeer- en/of stallingsgarage. 1.62

Onzelfstandige woonruimte

Woonruimte die niet voldoet aan de begripsbepaling zelfstandige woonruimte. 1.63

Particuliere vakantieverhuur

Incidentele verhuur van een woning voor een korte periode aan toeristen of aan andere bezoekers van de gemeente door de eigenaar-bewoner, die tijdens de verhuur meestal niet in de woning aanwezig is. 1.64

Peil

1. Voor een gebouw, waarvan de hoofdtoegang grenst aan de weg: de hoogte van de kruin van de weg. 2. Voor andere gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de gemiddelde hoogte van het bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

11

aansluitende afgewerkte maaiveld. 3. Voor gebouwen die grenzen aan een dijk: de hoogte van de kruin van de dijk ter plaatse van het bouwwerk. 1.65

Plan

Het bestemmingsplan Chw bestemmingsplan Groenewoud met identificatienummer NL.IMRO.0344.BPGROENEWOUD-VA01 van de gemeente Utrecht. 1.66

Platte afdekking

Een horizontaal vlak ter afdekking van een gebouw of bijzondere bouwlaag. 1.67

Seksinrichting

Een voor klanten toegankelijke ruimte of meerdere besloten ruimten in elkaars nabijheid, waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof dit bedrijfsmatig is, seksuele handelingen, al dan niet met een sekswerker, tegen vergoeding worden verricht. 1.68

Shishalounge

Een shishalounge is een bedrijfsgebouw met een ruimte waar een waterpijp gerookt kan worden. Als daarbij een drankje en een hapje wordt aangeboden, dan is het een horecabedrijf. 1.69

Vergunning

De omgevingsvergunning van artikel 2.1, lid 1, onder b of c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; na inwerkingtreding van de Omgevingswet: de omgevingsvergunning van artikel 5.1, lid 1, onder a, van de Omgevingswet. 1.70

Voorgevelrooilijn

Een lijn die wordt bepaald door de naar het openbaar toegankelijk gebied, zoals de weg, openbaar groen of water, gekeerde gevel of het verlengde daarvan, van een hoofdgebouw. 1.71

Winkel

Een pand waar de activiteit detailhandel plaatsvindt. 1.72

Woning

Het complex van ruimten dat een zelfstandige woonruimte vormt, bedoeld voor de permanente huisvesting van één afzonderlijk huishouden. 1.73

Woningvorming

Een woning verbouwen tot twee of meer woningen of het zodanig inrichten, gebruiken of laten gebruiken van een deel van de woning dat er feitelijk twee of meer woningen ontstaan. Ook het in stand laten van de verbouwing of inrichting of het gebruik van de extra woning valt onder het begrip woningvorming. Dat een extra woning is ontstaan, kan in ieder geval opgemaakt worden uit de aanwezigheid van een keuken in die nieuwe woning. 1.74

Woonruimte

Besloten ruimte die, al dan niet tezamen met één of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor de bewoning door één huishouden. 1.75

Zelfstandige woonruimte

Woonruimte die een eigen toegang heeft en die door één huishouden kan worden bewoond zonder daarbij afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen, zoals een badruimte, een toilet en een keuken buiten de woonruimte.

1 2 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

Utrecht

1.76

Zorgwoning

Woning voor een bewoner die aantoonbaar en vaker dan dagelijks langdurige, professionele zorg, toezicht of begeleiding nodig heeft, zoals zorg die geboden wordt op grond van de Wet langdurige zorg of zorg in de vorm van beschermd wonen (artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015).

Artikel 2

Meten en berekenen

Bij toepassing van de regels worden onderstaande regels over het meten en berekenen gebruikt. 2.1

Hoogtematen

1. De bouwhoogte van een bouwwerk: de afstand vanaf het peil tot aan het hoogste punt van het gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2. De goothoogte van een bouwwerk: de afstand vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, de druiplijn, het boeiboord of een daarmee gelijk te stellen constructie deel. 3. De hoogte van een kap: de afstand vanaf de bovenkant van de goot, de druiplijn, het boeiboord of een daarmee gelijk te stellen constructie deel tot het hoogste punt van de kap. 2.2

Dakhelling

De hoek die het dakvlak maakt ten opzichte van het horizontale vlak. 2.3

Oppervlakte

1. De oppervlakte van een bouwwerk: de oppervlakte, gemeten tussen de buitenwerkse gevelvlakken of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2. Bruto vloeroppervlakte (b.v.o.): het totaal van de binnen een gebouw beschikbare vloeroppervlakte van alle verdiepingen, inclusief kelders en souterrains en exclusief (half)verdiepte parkeer- en/of stallingsgarage. 3. Verkoopvloeroppervlakte (v.v.o.): de totale oppervlakte van de voor publiek toegankelijke en zichtbare winkelruimte, inclusief de etalageruimte en de ruimte achter de toonbank. 4. De gebruiksoppervlakte van woonruimte: met toepassing van de norm NEN 2580. 2.4

Inhoud

De inhoud van een bouwwerk: de inhoud, gemeten tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels, het hart van de scheidsmuren e n de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.5

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing. 2.6

Ondergeschikte bouwdelen

Bij het meten worden ondergeschikte bouwdelen als balkons, buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van buitenwerkse maten, bouwvlak- of bestemmingsgrenzen niet meer dan 2,0 meter bedraagt en als de vrije hoogte, gemeten van de onderzijde van het balkon, tot aan het aansluitende, afgewerkte maaiveld minimaal 4,25 meter bedraagt.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

13

Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1

Functies

Gemengd

Doel van de functie

Locaties met de functie Gemengd zijn bedoeld voor een combinatie van horeca- en bedrijfsmatige activiteiten. 3.2

Activiteiten en voorzieningen die bij de functie passen

1. De activiteiten die zijn genoemd in 'Tabel 1 Programma functies Gemengd' zijn toegestaan. Hierbij gelden de volgende voorwaarden: a. het maximum (m2 bruto vloeroppervlakte) programma per functie mag niet meer zijn dan in de tabel is aangegeven; b. het gezamenlijke bruto vloeroppervlakte van de horecafuncties mag niet meer zijn dan 800 m²; c. het gezamenlijke bruto vloeroppervlakte van de functies mag niet meer zijn dan 2.150 m²; 2. Daarbij behorende activiteiten zijn toegestaan, zoals markten en standplaatsen voor ambulante handel, kleinschalige evenementen, nutsvoorzieningen. Tabel 1 Programma functies Gemengd Sector Horeca

Horeca

Leisure Werken 3.3

Functie max brutovloeroppervlak m2 1 bedrijfsvestiging van een 800 horecafunctie in de categorie D1, D2, D3, C of B van de Lijst van horeca-activiteiten 1 bedrijfsvestiging van een 200 horecafunctie in de categorie D2 van de Lijst van horeca-activiteiten Leisure 1.200 Dienstverlening en Creatieve 1.200 bedrijvigheid

Regels voor bouw- en gebruiksactiviteiten

3.3.1 Gebouwen 1. Gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd. 2. De bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' mag niet meer zijn dan met de aanduiding is aangegeven. 3. Burgemeester en wethouders stellen aan de hand van de 'Beleidsregel parkeernormen auto 2021' en de 'Beleidsregel parkeernormen fiets 2021' vast of voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. 4. Voor een gebouw zijn in het plangebied voldoende voorzieningen voor waterberging aanwezig. Van voldoende waterbergingsvoorzieningen is sprake als aan de volgende eisen wordt voldaan: a. ten minste een capaciteit van 45 liter per m² bebouwd oppervlak van het gebouw; b. 20 liter neerslag in 1 uur, per m² bebouwd oppervlak van het gebouw, leidt niet tot water dat op de omliggende wegen blijft staan; c. 80 liter neerslag in 1 uur, per m² bebouwd oppervlak van het gebouw, leidt niet tot schade aan bebouwing en maakt verkeerswegen niet langer dan 3 uur onbegaanbaar. 3.3.2 Bouwwerken, die geen gebouwen zijn 1. De bouwhoogte van bouwwerken, die geen gebouwen zijn, mag niet meer zijn dan 3 meter, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen die niet meer dan 2 meter hoog mogen zijn achter de voorgevelrooilijn en 1 meter hoog voor of op de voorgevelrooilijn. 2. In afwijking van de regel onder 1 mag de bouwhoogte van palen en masten niet meer zijn dan 6 meter.

3.3.3 Extra horecavestiging Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van de regel in artikel 3.2 onder 1 een omgevingsvergunning verlenen voor het toestaan van extra bedrijfsvestigingen in een horecacategorie. Hierbij gelden voor de horecacategorie B en D2 de volgende voorwaarden: 1 4 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

Utrecht

1. Horecafuncties in de categorie B moeten bijdragen aan de bovenwijkse voorzieningenstructuur; 2. Horecafuncties in de categorie D2 moeten hoofdzakelijk gericht zijn op de consumptie van eten en/of drinken ter plaatse. 3.3.4 Mobiliteitsplan Met een omgevingsvergunning kunnen burgemeester en wethouders afwijken van de regel in artikel 3.3.1 onder 3 als voor een bouwplan niet voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd, maar voldoende zeker is dat voor de activiteiten in de functies Gemengd, Maatschappelijk, Verkeer Verblijfsgebied en Wonen wel voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. Dit wordt bepaald aan de hand van het Mobiliteitsplan Groenewoud (Bijlage 5). 3.3.5 Bouwen buiten de bouw- en bestemmingsgrens 1. Met een omgevingsvergunning kunnen burgemeester en wethouders afwijken van de regels die op een locatie gelden en daarmee toestaan dat een bouw- en bestemmingsgrens, ongeacht de aanduidingen en regels over die functies of over de maatvoering en de situering, met maximaal 0,2 meter overschreden wordt door gebouwen. 2. Burgemeester en wethouders verlenen de onder 1 bedoelde omgevingsvergunning in ieder geval niet als: a. de overschrijding niet te verenigen is met het doel van de functie; b. de overschrijding onevenredige hinder voor aangrenzende percelen tot gevolg heeft; c. een locatie in verband met een functie beschermd is met een verbod om te bouwen. 3.4

Nadere eisen

Voor het behalen van de doelstellingen als bedoeld in artikel 3.1, kan het college van burgemeester en wethouders nadere eisen stellen aan: 1. 2. 3. 4. 3.5

De verkeersveiligheid; De milieusituatie; De sociale veiligheid; De gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende locaties. Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. Zelfstandige detailhandel; 2. Het stallen en parkeren van auto's; 3. Het houden van evenementen die niet voldoen aan de eisen van de Algemene Plaatselijke Verordening; 4. Het aansluiten van gebouwen op stadsverwarming en aardgas; 5. Shishalounges.

Artikel 4 4.1

Groen

Doel van de functie

Locaties met de functie Groen zijn bedoeld voor groen met ecologische en recreatieve waarden, de stedelijke groenstructuur, vergroting van de leefbaarheid en een gezond leefklimaat. Locaties met de functie Groen zijn ook bedoeld voor groen dat een gezond leefklimaat voor flora en fauna vergroot, de biodiversiteit stimuleert en voedsel en schuilgelegenheid biedt aan dieren. 4.2

Activiteiten en voorzieningen die bij de functie passen

Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, en daarnaast zijn ook daarbij behorende activiteiten, zoals het aanleggen, gebruiken en in stand houden van groenvoorzieningen, voet- en fietspaden, onderhouds- en calamiteitenpaden, veldjes voor het uitlaten van honden, speelvoorzieningen, water, waterberging, nutsvoorzieningen, civieltechnische bouwwerken waaronder bruggen en kunstobjecten, kleinschalige evenementen en geluidwerende voorzieningen, toegestaan. 4.3

Regels voor bouw- en gebruiksactiviteiten

4.3.1 Bouwwerken, die geen gebouwen zijn 1. Binnen deze functie mogen geen gebouwen worden gebouwd. 2. De bouwhoogte van bouwwerken, die geen gebouwen zijn, mag niet meer zijn dan 3 meter, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen die niet meer dan 1 meter hoog mogen zijn. 3. De bouwhoogte van speelvoorzieningen mag in afwijking de regel onder 2, niet meer zijn dan 4 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

15

meter. 4.4

Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. Het houden van evenementen die niet voldoen aan de eisen van de Algemene Plaatselijke Verordening.

Artikel 5 5.1

Maatschappelijk

Doel van de functie

Locaties met de functie Maatschappelijk zijn bedoeld voor onderwijsvoorzieningen (een gymzaal daaronder begrepen), buitenschoolse opvang, kinderdagverblijf, en daarbij behorende voorzieningen inclusief ondergeschikt medegebruik passend binnen de maatschappelijke functie. 5.2

Activiteiten en voorzieningen die bij de functie passen

1. Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan. 2. Daarbij behorende activiteiten zijn toegestaan, zoals het aanleggen, gebruiken en in stand houden van erven, groenvoorzieningen, (fiets)parkeervoorzieningen inclusief een kiss and ride voorziening, speel- en verblijfsplekken waaronder ook worden verstaan speelterreinen en schoolpleinen, nutsvoorzieningen, water, waterberging en voet- en fietspaden. 5.3

Regels voor bouw- en gebruiksactiviteiten

5.3.1 Gebouwen 1. Gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd. 2. De bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' mag niet meer zijn dan met de aanduiding is aangegeven. 3. Het bebouwingspercentage ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)', mag niet meer zijn dan met de aanduiding is aangegeven. 4. Burgemeester en wethouders stellen aan de hand van de 'Beleidsregel parkeernormen auto 2021' en de 'Beleidsregel parkeernormen fiets 2021' vast of voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. Hierbij geldt dat de parkeergelegenheid op eigen terrein gerealiseerd moet worden. 5. Voor een gebouw zijn in het plangebied voldoende voorzieningen voor waterberging aanwezig. Van voldoende waterbergingsvoorzieningen is sprake als aan de volgende eisen wordt voldaan: a. ten minste een capaciteit van 45 liter per m² bebouwd oppervlak van het gebouw; b. 20 liter neerslag in 1 uur, per m² bebouwd oppervlak van het gebouw, leidt niet tot water dat op de omliggende wegen blijft staan; c. 80 liter neerslag in 1 uur, per m² bebouwd oppervlak van het gebouw, leidt niet tot schade aan bebouwing en maakt verkeerswegen niet langer dan 3 uur onbegaanbaar. 5.3.2 Bouwwerken, die geen gebouwen zijn 1.

De bouwhoogte van bouwwerken, die geen gebouwen zijn, mag niet meer zijn dan 3 meter, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen die niet meer dan 2 meter hoog mogen zijn achter de voorgevelrooilijn en 1 meter hoog voor of op de voorgevelrooilijn. 2. In afwijking van de regel onder 1 mag de bouwhoogte van palen en masten niet meer zijn dan 6 meter. 5.3.3 Voorkomen geluidhinder Voor het realiseren en veranderen van geluidsgevoelige functies moet vaststaan dat de geluidsbelasting de voorkeursgrenswaarde volgens de Wet geluidhinder of de ten hoogst toelaatbare geluidsbelasting (hogere waarde), volgens het besluit Hogere waarde met inachtneming van de in dit besluit gestelde voorwaarde(n), niet overschrijdt. 5.3.4 Mobiliteitsplan Met een omgevingsvergunning kunnen burgemeester en wethouders afwijken van de regel in artikel 5.3.1 onder 4 als voor een bouwplan niet voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd, maar voldoende zeker is dat voor de activiteiten in de functies Gemengd, Maatschappelijk, Verkeer Verblijfsgebied en Wonen wel voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. Dit wordt bepaald aan de hand van het Mobiliteitsplan Groenewoud (Bijlage 5). 5.3.5 Bouwen buiten de bouw- en bestemmingsgrenzen 1.

Met een omgevingsvergunning kunnen burgemeester en wethouders afwijken van de regels die op een locatie gelden en daarmee toestaan dat een bouw- en bestemmingsgrens, ongeacht de 1 6 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

Utrecht

aanduidingen en regels over die functies of over de maatvoering en de situering, met maximaal 0,2 meter overschreden wordt door gebouwen. 2. Burgemeester en wethouders verlenen de onder 1 bedoelde vergunning in ieder geval niet als: a. de overschrijding niet te verenigen is met het doel van de functie; b. de overschrijding onevenredige hinder voor aangrenzende percelen tot gevolg heeft; c. een locatie in verband met een functie beschermd is met een verbod om te bouwen. 5.4

Nadere eisen

Voor het behalen van de doelstellingen als bedoeld in artikel 5.1, kan het college van burgemeester en wethouders nadere eisen stellen aan: 1. 2. 3. 4. 5.5

De verkeersveiligheid; De milieusituatie; De sociale veiligheid; De gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende locaties. Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. 2. 3. 4.

Zelfstandige horeca-activiteiten; Zelfstandige detailhandel; Het aansluiten van gebouwen op stadsverwarming en aardgas; Het bedrijfsmatig verhuren of laten verhuren van parkeervoorzieningen.

Artikel 6 6.1

Verkeer - Verblijfsgebied

Doel van de functie

Locaties met de functie Verkeer - Verblijfsgebied zijn bedoeld voor verblijf in de openbare ruimte, gemotoriseerd verkeer, langzaam verkeer, groen en water, en de bijbehorende voorzieningen. 6.2

Activiteiten en voorzieningen die bij de functie passen

1. Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, en daarnaast zijn ook daarbij behorende activiteiten, zoals het aanleggen, gebruiken en in stand houden van, wegen voor gemotoriseerd verkeer, voet- en fietspaden, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen, laad- en losplekken, water, waterberging, gebruik en in- en uitlaat van oppervlaktewater, verblijfsplekken, markten en standplaatsen voor ambulante handel, kleinschalige evenementen, geluidwerende voorzieningen, kunstwerken (zoals kademuren), speelvoorzieningen, nutsvoorzieningen en civieltechnische bouwwerken, waaronder bruggen en kunstobjecten, toegestaan; 2. Uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'terras' is een horeca-terras toegestaan. 6.3

Regels voor bouw- en gebruiksactiviteiten

6.3.1 Bouwwerken, die geen gebouwen zijn 1. Binnen deze functie mogen geen gebouwen worden gebouwd. 2. In afwijking van de regel onder 1 is maximaal 1 gebouw toegestaan voor duurzame energieopwekking met een maximale oppervlakte van 50 m² en een maximale bouwhoogte van 3 meter. 3. De bouwhoogte van bouwwerken, die geen gebouwen zijn mag niet meer zijn dan 3 meter. 4. De regel onder 3 geldt niet voor bouwwerken, die geen gebouwen zijn ter geleiding, begeleiding en regeling van het verkeer. 5. In afwijking van de regel onder 3 mag de bouwhoogte van palen en masten niet meer zijn dan 6 meter. 6.3.2 Terras Voor een horeca-terras ter plaatse van de aanduiding 'terras' gelden de volgende regels: 1. De oppervlakte van het terras mag maximaal 400 m² zijn; 2. Het terras moet voldoen aan de eisen van de horecaverordening en het terrassenreglement bij een horecagelegenheid; 3. Het gecumuleerde langtijdgemiddelde geluidniveau veroorzaakt door stemgeluid op het terras op de gevels van omliggende geluidgevoelige functies mag niet meer zijn dan 55 dB(A) in de dagperiode (7-19 uur), 50 dB(A) in de avondperiode (19-23 uur) en 45 dB(A) in de nachtperiode (23-7 uur).

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

17

6.3.3 Oppervlakte gebouw duurzame energieopwekking Met een omgevingsvergunning kunnen burgemeester en wethouders afwijken van de regel in artikel 6.3.1 onder 2 om een gebouw van maximaal 100 m2 voor duurzame energieopwekking toe te staan als dit nodig is voor de werking van het in het plangebied geplande WKO-systeem.

Artikel 7 7.1

Water

Doel van de functie

Locaties met de functie Water zijn bedoeld voor oppervlaktewater, oevers, taluds, ecologie, recreatie, kruisende verkeersfuncties en de bijhorende voorzieningen. 7.2

Activiteiten en voorzieningen die bij de functie passen

1. Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, en daarnaast zijn ook daarbij behorende activiteiten, zoals voor het waterbeheer en voor waterberging, het aanleggen, gebruiken en in stand houden van taluds, beschoeiingen, kademuren, duikers, sluizen, nutsvoorzieningen, civieltechnische bouwwerken waaronder bruggen en overige kunstwerken zoals brugduikers en kokerduikers, gebruik en in- en uitlaat van oppervlaktewater, groenvoorzieningen en verkeersfuncties ter plaatse van bruggen, duikers en kunstwerken toegestaan. 2. Vaarwegen ter plaatse van de aanduiding 'vaarweg'. 7.3

Regels voor bouw- en gebruiksactiviteiten

7.3.1 Bouwwerken die geen gebouwen zijn 1. Binnen deze functie mogen geen gebouwen worden gebouwd. 2. De bouwhoogte van bouwwerken, die geen gebouwen zijn, mag niet meer zijn dan 3 meter. 7.4

Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. Het dempen van oppervlaktewater.

Artikel 8 8.1

Wonen

Doel van de functie

1. Locaties met de functie Wonen zijn bedoeld om te transformeren naar een hoogstedelijk en stedelijk woongebied waarbij de invulling van het gebied bijdraagt aan de doelstelling van een gezonde, klimaatbestendige, stedelijke ontwikkeling, met een goede mix van (zorg)woningen en maatschappelijke functies en de daarbij behorende voorzieningen. 2. De invulling van het gebied vindt plaats volgens de ambities van een toekomstbestendige wijk zoals verwoord in het Stedenbouwkundig Plan Groenewoud. 8.2

Activiteiten en voorzieningen die bij de functie passen

1. Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, en daarnaast zijn ook daarbij behorende activiteiten, zoals het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen, erven, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen (passend binnen de omgeving), verblijfsplekken, speelvoorzieningen, nutsvoorzieningen, water, waterberging, voet- en fietspaden, ontsluitingswegen, toegestaan. 2. Wonen, waarbij geldt dat het totaal aantal woningen binnen de functie Wonen maximaal 1500 mag zijn. 3. Ter plaatse van de aanduiding 'maatschappelijk' zijn een gezondheidscentrum en een buurthuis op de begane grond toegestaan met een gezamenlijk bruto vloeroppervlakte van maximaal 800 m2. 8.3

Regels voor bouw- en gebruiksactiviteiten

8.3.1 Gebouwen 1. Gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd. 2. Het aantal woningen ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden', mag niet meer zijn dan met de aanduiding is aangegeven. 3. Het aantal woningen ter plaatse van de aanduiding 'minimum aantal wooneenheden' mag niet minder zijn dan met de aanduiding is aangegeven. 4. De bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' mag niet meer zijn 1 8 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

Utrecht

dan met de aanduiding is aangegeven. 5. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - overbouwing' is het oprichten van gebouwen niet toegestaan tot een hoogte van 4,25 meter vanaf de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld. 6. Ondergrondse en halfverdiepte parkeer- en/of stallingsgarages zijn toegestaan tot een hoogte van 1,5 meter ten opzichte van het aansluitende afgewerkte maaiveld. 7. In afwijking van lid 1.64 (definitie van peil) geldt als peil voor een gebouw, waarvan een (half)verdiepte parkeer- en/of stallingsgarage deel uitmaakt: de bovenkant van de parkeer- of stallingsgarage. 8. In afwijking van de regel onder 4 en op gedeeltes van gebouwen die uit maximaal 1 bouwlaag bestaan, mag de maximum bouwhoogte worden overschreden door bouwwerken, die geen gebouw zijn, voor (dak)tuinen en dakterrassen. Hierbij mag de hoogte van hekwerken en borstweringen niet meer zijn dan 2 meter en mag de hoogte van overige bouwwerken niet meer zijn dan 3 meter. 9. Burgemeester en wethouders stellen aan de hand van de 'Beleidsregel parkeernormen auto 2021' en de 'Beleidsregel parkeernormen fiets 2021' vast of voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. 10. Voor een gebouw zijn in het plangebied voldoende voorzieningen voor waterberging aanwezig. Van voldoende waterbergingsvoorzieningen is sprake als aan de volgende eisen wordt voldaan: a.

ten minste een capaciteit van 45 liter per m² bebouwd oppervlak van het gebouw; b. 20 liter neerslag in 1 uur, per m² bebouwd oppervlak van het gebouw, leidt niet tot water dat op de omliggende wegen blijft staan; c. 80 liter neerslag in 1 uur, per m² bebouwd oppervlak van het gebouw, leidt niet tot schade aan bebouwing en maakt verkeerswegen niet langer dan 3 uur onbegaanbaar. 8.3.2 Bouwwerken, die geen gebouwen zijn 1. De bouwhoogte van bouwwerken, die geen gebouwen zijn, mag niet meer zijn dan 3 meter, met uitzondering van erf- en perceelafscheidingen die achter de voorgevelrooilijn niet meer dan 2 meter hoog en voor of op de voorgevelrooilijn niet meer dan 1 meter hoog mogen zijn. 2. In afwijking van de regel onder 1 mag de bouwhoogte van palen en masten niet meer zijn dan 6 meter. 8.3.3 Beoordelingsregels beeldkwaliteit 1. Het is verboden om zonder omgevingsvergunning gebouwen te bouwen. 2. De omgevingsvergunning onder 1 wordt alleen verleend als de bebouwing voldoet aan het Beeldkwaliteitsplan Groenewoud (Bijlage 1). 8.3.4 Hoger aantal woningen Met een omgevingsvergunning kunnen burgemeester en wethouders afwijken van de regel in artikel 8.2 onder 2 om meer woningen toe te staan als: 1. Het totaal aantal toegestane woningen binnen de functie met niet meer dan 10% overschreden wordt; 2. Geen onevenredige aantasting optreedt van: a. het aanbod aan speelvoorzieningen; b.

de aanwezigheid van voldoende groenvoorzieningen en openbare ruimte; c. de parkeersituatie; d. de verhouding in woningcategorieën. 8.3.5 Mobiliteitsplan Met een omgevingsvergunning kunnen burgemeester en wethouders afwijken van de regel in artikel 8.3.1 onder 6 als voor een bouwplan niet voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd, maar voldoende zeker is dat voor de activiteiten in de functies Gemengd, Maatschappelijk, Verkeer Verblijfsgebied en Wonen wel voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. Dit wordt bepaald aan de hand van het Mobiliteitsplan Groenewoud (Bijlage 5). 8.3.6 Windhinder en windgevaar 1. Het is verboden om zonder omgevingsvergunning gebouwen met een bouwhoogte van meer dan 30 meter te bouwen. 2. De omgevingsvergunning onder 1 wordt alleen verleend als met een onderzoek is aangetoond dat rondom de bouwactiviteit voldaan wordt aan de volgende voorwaarden voor windhinder en windgevaar: a. verblijfsplekken in parken, pleinen, straten en binnentuinen voldoen minimaal aan de score 'matig'; b. andere verblijfsplekken (bijvoorbeeld horecaterrassen) voldoen minimaal aan de score 'goed'; c. voor de activiteiten 'slenteren' en 'langdurig zitten' is de kwalificatie van het windgevaar niet een 'beperkt risico' en ook niet 'gevaarlijk'; bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

19

d. voor de activiteit 'doorlopen' is de kwalificatie van het windgevaar niet 'gevaarlijk'. 3. Of voldaan wordt aan de voorwaarden onder 2, wordt bepaald volgens NEN 8100. 4. Burgemeester en wethouder kunnen voorschriften verbinden aan de omgevingsvergunning als dat nodig is om blijvend te voldoen aan de voorwaarden genoemd onder 2. 8.3.7 Geluidsgevoelige functies Voor het realiseren en veranderen van geluidsgevoelige functies moet vaststaan dat de geluidsbelasting de voorkeursgrenswaarde volgens de Wet geluidhinder of de ten hoogst toelaatbare geluidsbelasting (hogere waarde), volgens het besluit Hogere waarde met inachtneming van de in dit besluit gestelde voorwaarde(n), niet overschrijdt. 8.3.8 Voorwaardelijke verplichtingen om woningen te mogen gebruiken 1. Het gebruiken van gebouwen voor geluidgevoelige functies is uitsluitend toegestaan als vast staat dat de geluidbelasting niet meer bedraagt dan: a. 50 dB(A) voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau vanwege de bedrijfsvoering van Papier Recycling Utrecht B.V. of vanwege Metaal Recycling Utrecht B.V.; b. 70 dB(A) voor het maximale geluidniveau vanwege de bedrijfsvoering van Papier Recycling Utrecht B.V. of vanwege Metaal Recycling Utrecht B.V.. 2.

Het gebruiken van een gebouw als woning is uitsluitend toegestaan als de bestaande milieuvergunning(-en) van ACU (gedeeltelijk) zo is (zijn) ingetrokken dat de productie van asfalt niet meer tot de vergunde activiteiten behoort en die intrekking onherroepelijk is. 8.3.9 Bouwen buiten de bouw- en bestemmingsgrens 1. Met een omgevingsvergunning kunnen burgemeester en wethouders afwijken van de regels die op een locatie gelden en daarmee toestaan dat een bouw- en bestemmingsgrens, ongeacht de aanduidingen en regels over die functies of over de maatvoering en de situering, met maximaal 0,2 meter overschreden worden door gebouwen. 2. Burgemeester en wethouders verlenen de onder 1 bedoelde omgevingsvergunning in ieder geval niet als: a. de overschrijding niet te verenigen is met het doel van de functie; b. de overschrijding onevenredige hinder voor aangrenzende percelen tot gevolg heeft; c. een locatie in verband met een functie beschermd is met een verbod om te bouwen. 8.4

Activiteiten die niet mogen

De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. 2. 3. 4.

Zelfstandige horeca-activiteiten; Zelfstandige detailhandel; Het bedrijfsmatig verhuren of laten verhuren van parkeervoorzieningen; Het aansluiten van gebouwen op stadsverwarming en aardgas.

Artikel 9 9.1

Waterstaat - Waterkering

Doel van de functie

Locaties met de functie Waterstaat - Waterkering zijn bedoeld voor een waterkering en het beschermen van een waterkering. 9.2

Activiteiten en voorzieningen die bij de functie passen

Activiteiten die passen bij het in stand houden en onderhouden van een waterkering zijn toegestaan. 9.3

Bescherming van de locatie

Om de locatie te beschermen zijn de volgende regels van toepassing: 1. de activiteiten bouwen en grondwerk zijn verboden. 2. de regel onder 1 geldt niet voor: a. een activiteit die nodig is voor het onderhoud van de waterkering; b. het bouwen van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, dat bij de functie hoort en niet hoger is dan 2 meter.

2 0 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

Utrecht

Hoofdstuk 3 Artikel 10 10.1

Bouwen en slopen

Inleidende bepalingen over het bouwen en het slopen

Werking van de regels in dit hoofdstuk

Regels in dit hoofdstuk blijven buiten toepassing voor zover zij niet te verenigen zijn met een regel over de toegewezen functie, met uitzondering van de regel in artikel 11, lid 11.2, die altijd van toepassing is. 10.2

Nieuwe bouwwerken

Het bouwen is alleen toegestaan als de activiteit bouwen past bij het doel van de functie en als ook de activiteit of activiteiten waar het bouwwerk voor gebouwd wordt passen bij het doel van de functie. 10.3

Bestaande bouwwerken

1. Bouwwerken die legaal zijn gebouwd zijn in overeenstemming met de regels die dit plan over de activiteit bouwen stelt. 2. Bouwwerken of voorzieningen die zijn gebouwd of aangebracht om te voldoen aan een voorwaarde van een regel over een functie die op een locatie geldt, mogen niet worden gesloopt, verwijderd of veranderd, als daardoor niet meer aan die voorwaarde wordt voldaan. 10.4

Voorbereiding van de bouw: peil aangeven, rooilijnen uitzetten

De bouw van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend mag in ieder geval niet beginnen, voordat het bevoegde gezag of zijn vertegenwoordiger: het straatpeil heeft aangegeven e n de rooilijnen en bouwgrenzen op het bouwterrein heeft uitgezet of heeft vastgesteld dat het aangeven van het straatpeil of het uitzetten van rooilijnen niet nodig is.

Artikel 11 11.1

Bijzondere regels over bouwen

Voorwaardelijke verplichting over parkeren

1. Een vergunning voor het bouwen wordt alleen verleend, als vast staat dat er voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. 2. De regel onder 1 is niet van toepassing op het bouwen van bijbehorende bouwwerken, dakopbouwen of dakterrassen. 3. Aan de hand van beleidsregels waarin de normen voor parkeergelegenheid zijn opgenomen, stellen burgemeester en wethouders vast of aan de regel onder 1 wordt voldaan. 11.2

Woningvorming en omzetting

Het verbouwen, vervangen of vergroten van een woning die de vorming van een extra woning of de omzetting van zelfstandige naar onzelfstandige woonruimte tot gevolg heeft is alleen toegestaan als de eigenaar van de woning voldoet aan artikel 16, lid 16.3.

Artikel 12 12.1

Bouwen is toegestaan

Vergunningvrij bouwen

Op grond van dit plan is voor het bouwen geen vergunning nodig: 1. Als wettelijk bepaald is dat een bouwactiviteit niet hoeft te voldoen aan de regels van het bestemmingsplan; 2. Als het bouwwerk op grond van de volgende leden van dit artikel is toegestaan; 3. Als in de regels over de toegewezen functie regels over het bouwen zijn opgenomen en het bouwen in overeenstemming is met die regels en met de regels in dit hoofdstuk.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

21

12.2

Gevallen waarin het overschrijden van de bouwgrens is toegestaan

1. Een bouwgrens die geen bestemmingsgrens is mag, ongeacht de aanduidingen en regels over maatvoering en situering, met maximaal 1,5 meter overschreden worden door bij gebouwen horende trappenhuizen, entreeportalen, veranda's, en afdaken of andere ondergeschikte bouwdelen; 2. De regel onder 1 geldt niet als daarbij gebouwd wordt op een locatie die in verband met een functie beschermd is met een verbod om te bouwen. 12.3

Bijbehorend bouwwerk dat aan een openbaar gebied grenst

1. Een bijbehorend bouwwerk bij een woning dat niet voldoet aan de bepaling in artikel 2, onderdeel 3, onder c, van Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht, maar wel voldoet aan de overige bepalingen van dat onderdeel, mag gebouwd worden, als het openbaar toegankelijke gebied een deel van een binnenterrein is dat aan alle zijden omgeven is door hoofdgebouwen. 2. Voor de toepassing van de regel onder 1 wordt de versie van het Besluit omgevingsrecht gebruikt die geldt op de datum van vaststelling van dit plan. 12.4

Bouwen in de openbare ruimte

In de openbare ruimte is, als de toegewezen functies zich daartegen niet verzetten en de verkeersveiligheid, de waterveiligheid en de veiligheid van personen die in de openbare ruimte verblijven niet worden aangetast, het bouwen van de volgende voorzieningen toegestaan: 1. Sport- of speeltoestellen die niet hoger zijn dan 4 meter en die uitsluitend functioneren met behulp van de zwaartekracht of de fysieke kracht van de mens; 2. Geluidwerende voorzieningen e n 3. Kunstobjecten.

Artikel 13 13.1

Bouwen met vergunning

Bouwen buiten de bouw- en bestemmingsgrens

1. Burgemeester en wethouders kunnen een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van de regels die op een locatie gelden en daarbij toestaan dat een bouw- en bestemmingsgrens, ongeacht de aanduidingen en regels over die functies of over de maatvoering en de situering, met maximaal 1,5 meter overschreden worden door: a. bij gebouwen horende trappenhuizen, entreeportalen, veranda's; b. andere ondergeschikte bouwdelen, zoals bij gebouwen horende stoepen, stoeptreden, hellingbanen; c. balkons, erkers en afdaken, als de vrije hoogte, gemeten van de onderzijde van het overschrijdende bouwdeel tot aan het aansluitende, afgewerkte maaiveld minimaal 2,2 meter bedraagt. 2. Burgemeester en wethouders verlenen de onder 1 bedoelde omgevingsvergunning niet als: a. de overschrijding niet te verenigen is met het doel van de functie of b. de overschrijding onevenredige hinder voor aangrenzende percelen tot gevolg heeft of c. op een locatie die in verband met een functie beschermd is met een verbod om te bouwen. 13.2

Bouwen met een kleine afwijking van regels

Burgemeester en wethouders kunnen, voor zover geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen, een vergunning verlenen voor: 1. Het afwijken van hoogtematen en bebouwingspercentages met maximaal 10% van deze maten en percentages, voor zover de afwijking niet leidt tot een extra bouwlaag; 2. Het afwijken van de regels voor het plaatsen van vlucht- of noodtrappen; 3. Het overschrijden van de maximale bouwhoogte van gebouwen met maximaal 1,5 meter voor het plaatsen van hekwerken of borstweringen voor dakterrassen; 4. Het afwijken van de regels voor het bouwen met een geringe afwijking van de plaats en richting van de bestemmingsgrenzen, als dit noodzakelijk is in verband met onnauwkeurigheden ten opzichte van de feitelijke situatie of in gevallen waar een rationele verkaveling van de locaties een kleine afwijking vraagt; 5. Het afwijken van de regels over de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, voor een bouwhoogte van maximaal 10 meter; 6. Het afwijken van de regels over de hoogte van bouwwerken voor een bouwhoogte van sirenemasten of masten voor mobiel dataverkeer toestaan tot maximaal 30 meter. 2 2 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

Utrecht

13.3

Bouwen of verbouwen van ondergeschikte bouwwerken voor mantelzorg

Burgemeester en wethouders kunnen, in afwijking van artikel 12, lid 12.1, een tijdelijke vergunning verlenen voor het vergroten van een bijgebouw voor mantelzorg, ongeacht de gezamenlijke oppervlakte van aanbouwen en bijgebouwen, voor zover de vergroting voor het doel noodzakelijk is en geen onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende woonpercelen veroorzaakt. Zodra de vergunning vervalt, moet de vergroting ongedaan gemaakt worden voor zover die in strijd is met artikel 12, lid 12.1. 13.4

Bouwen op locaties waar het bouwen in verband met de functie verboden is

1. Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning verlenen om af te wijken van een regel die een locatie in verband met een functie beschermt door de activiteit bouwen te verbieden, als het bouwwerk past bij het doel van de andere aan de locatie toegewezen functies en het doel van de beschermde functie niet doorkruist. 2. De vergunning wordt geweigerd, als het bouwen of het bouwwerk, gezien het belang van de te beschermen functie, schade of gevaar kan veroorzaken of als het te bouwen bouwwerk bij wet als kwetsbaar of zeer kwetsbaar object is aangewezen. 3. Burgemeester en wethouders betrekken het advies van de beheerder van de te beschermen functie bij het besluit over de vergunning. 4. Burgemeester en wethouders kunnen, om schade uit te sluiten of om gevaar te voorkomen, voorschriften aan de vergunning verbinden.

Artikel 14

Bouwen is niet toegestaan

Het bouwen van andere bouwwerken dan de bouwwerken die op grond van de artikelen 3 tot en met 13 toegestaan zijn, is verboden.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

23

Hoofdstuk 4 gebruiken Artikel 15 15.1

Gebouwen en locaties

Activiteiten die niet zijn toegestaan

Een activiteit moet passen bij het doel van functies

Activiteiten die niet passen bij het in de regels beschreven doel van een functie die aan een locatie is toegewezen, gelezen met toepassing van artikel 16, zijn verboden. 15.2

Activiteiten die in het algemeen niet mogen

1. De volgende activiteiten zijn verboden: a. het plaatsen, laten plaatsen of geplaatst houden van een onderkomen op een sta- of ligplaats op onbebouwde locaties; b. bedrijfsmatige seksactiviteiten; c. belhuizen; d. het aanbieden van logies; e. het permanent bewonen van stacaravans en recreatiewoningen; f. het kamperen op onbebouwde locaties; g. het wonen in vrijstaande bijbehorende bouwwerken; h. het opslaan van goederen voor de voorgevelrooilijn; i. het opslaan van goederen in de openbare ruimte, anders dan opslag die hoort bij een aan de openbare ruimte toegewezen functie; j. het opslaan van voertuigen, vliegtuigen, boten of onderdelen daarvan op onbebouwde locaties; k. het storten of het opslaan van puin en afvalstoffen op onbebouwde locaties, met uitzondering van het voor korte tijd opslaan van huishoudelijk tuinafval. 2. Het verbod onder 1 geldt niet voor locaties met een functie die de activiteit expliciet toestaat.

Artikel 16 16.1

Activiteiten in de woning, nieuwe woonruimte

Uniforme toepassing van regels over wonen

1. Locaties waar op grond van de toegewezen functie de activiteit wonen is toegestaan, zijn voor zover het die activiteit betreft uitsluitend bedoeld voor het wonen in een woning. 2. Als de regels over een functie expliciet andere vormen van wonen toestaan, zoals het wonen in onzelfstandige woonruimtes of in zorgwoningen, dan: a. blijft de regel onder 1 buiten toepassing, als de regels over de functie uitsluitend die andere vormen toestaan, en anders; b. wordt het onder 1 genoemde doel aangevuld met die vormen van wonen. 3. De regels over de aantallen, het type of de aard van woningen of woonruimtes die in verband met het doel van de functie wonen op een locatie gelden, blijven onverminderd van toepassing. 16.2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=fe42de61-5329-4c1c-9f30-1926e2c10cb3