CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Chw bestemmingsplan Groenewoud_Bijlagen regels (maart 2024)

Commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken (2022-2026) 4 april 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling Chw bestemmingsplan Groenewoud21.938 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

14

Gemeenteblad 2021 nr. 471553

23 december 2021

andere gezamenlijke parkeervoorzieningen, alleen rekening hoeft te worden gehouden met het feitelijke bestaande gebruik en met concrete plannen die zorgen voor extra parkeerbehoefte. Daarbij moet wel onderbouwd worden dat het beperkte gebruik structureel is en niet slechts het gevolg van de beperkte behoefte van een huidige gebruiker.

Artikel 18 Wijziging parkeereis, realisatie of beschikbaarheid Als in praktijk blijkt dat parkeerplaatsen of andere mobiliteitsoplossingen minder worden gebruikt dan was voorzien, kunnen afspraken over de voorwaarden voor realisatie en beschikbaarheid worden aangepast. De ontwikkelaar moet dan aantonen, dat gebruikers ondanks een passend aanbod langdurig geen gebruik maken van de geboden voorzieningen. Het is van belang dat het aanbod past bij de behoeften en mogelijkheden van de doelgroep. Als de huurprijs voor een parkeerplaats in de gemeenschappelijke garage veel hoger is dan het tarief in vergelijkbare garages, zal de gemeente bijvoorbeeld geen medewerking verlenen aan wijziging van de afspraken. Dat geldt ook als het deelmobiliteitaanbod niet aansluit bij de doelgroep. Een verplicht maandabonnement voor gebruikers die onregelmatig van een auto gebruik maken, zien wij bijvoorbeeld niet als passend aanbod.

Artikel 23 Overgangsbepaling Op bouwplannen die onder de overgangsregeling vallen is de Beleidsregel Parkeernormen Fiets en Auto 2019 (Bijlage I Nota Stallen en parkeren) van toepassing. Naast een vastgesteld SpvE of Bouwenvelop is ook een gepubliceerde tender of anterieure overeenkomst waarin de parkeernormen of het aantal parkeerplaatsen zijn vastgelegd een basis om onder de overgangsregeling te vallen. Een aantal grotere ontwikkelingen op maatwerklocaties valt onder de overgangsregeling zoals Kruisvaartkwartier, Cartesiusdriehoek, 2e Daalsedijk en Merwede fase 1. Voor een aantal ontwikkelingen in de Centrumgebied zoals Beurskwartier en de aanpassing van de plannen voor Defensie geldt dat hier al is geanticipeerd op het nieuwe beleid. Dit laatste geldt bijvoorbeeld ook voor de ontwikkeling van “de Mark” in Leidscherijn Centrum Noord. Als de aanvrager daarmee instemt kan het college alsnog deze beleidsregel van toepassing verklaren. In dit besluit moet worden onderbouwd op grond waarvan de toepassing van het nieuwe beleid in dit geval passend is. In dat geval is de volledige Beleidsregel parkeernormen auto 2021 en Beleidsregel parkeernormen fiets 2021 van toepassing. Het is dus niet toegestaan om zowel voorschriften uit het parkeerbeleid 2019 als voorschriften uit het parkeerbeleid van 2021 van toepassing verklaren binnen één aanvraag.

15

Gemeenteblad 2021 nr. 471553

23 december 2021

Bijlage 5

Mobiliteitsplan

8 4 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Groenewoud" (vastgesteld)

Mobiliteitsplan Groenewoud 8 juni 2023, versie 1.1 Definitief

1

Inhoud 1.

Leeswijzer Mobiliteitsplan ........................................................................3

2.

Visie ..................................................................................................4

3.

Opzet verkeersstructuur Groenewoud ......................................................5

4.

5.

3.1.

Autoverkeer ..................................................................................5

3.2.

Langzaam verkeer ............................................................................7

3.3.

Openbaar vervoer ...........................................................................9

3.4.

Parkeeroplossingen per buurt ............................................................. 10

3.5.

Veiligheid .................................................................................... 11

3.6.

Gezonde leefomgeving ..................................................................... 11

Mobiliteitsplan .................................................................................... 12 4.1.

Toepassing Beleidsregels Autoparkeren 2021 ........................................... 14

4.2.

Uitwerking ................................................................................... 14

Parkeerbalans .................................................................................... 18 5.1.

6.

Uitgangspunten ............................................................................. 18

Uitvoering en proces ............................................................................. 20 6.1.

Doelgroepen en afnemers ................................................................. 20

6.2.

Procesbewaking ............................................................................. 21

6.3.

Beheer mutaties totaal parkeerconcept ................................................. 21

6.4.

Afronding in tabellen ....................................................................... 22

6.5.

Invoering betaald parkeren ................................................................ 22

6.6.

Aanvraag omgevingsvergunning ........................................................... 22

6.7.

Deelmobiliteit ............................................................................... 23

6.8.

Fietsparkeren ................................................................................ 24

6.9.

Abonnementen MobiliteitshubXL ......................................................... 25

6.10.

Bezoekersparkeren ....................................................................... 25

6.11.

Toekenning parkeerplaatsen en abonnementen. .................................... 26

6.12.

Communicatie gebruikers ............................................................... 27

Bijlage 1: Dynamisch parkeermodel berekening (Excel sheet) .............................. 28

2

1. Leeswijzer Mobiliteitsplan Dit Mobiliteitsplan is geschreven voor de gebiedsontwikkeling Groenewoud en geeft invulling aan de vernieuwde ‘Beleidsregel parkeernormen auto 2021’ en ‘Beleidsregel parkeernormen fiets 2021‘ van de gemeente Utrecht. In dit plan wordt beschreven welke instrumenten uit het parkeerbeleid in Groenwoud worden gebruikt. Er wordt gemotiveerd en toegelicht van welke afwijkingsmogelijkheden gebruik wordt gemaakt en waarom. Het plan Groenewoud is uitgewerkt met een bandbreedte van 1.500 woningen tot 1.650 woningen. Het is mogelijk dat het woningaantal hier tussenin uitkomt. Er wordt in het Mobiliteitsplan voor beide uitersten een parkeerberekening uitgewerkt. Het Mobiliteitsplan kent nog een mate van flexibiliteit omdat er ten behoeve van de optimalisatie binnen deze bandbreedte nog een aantal keuzes moeten worden gemaakt. Dit heeft te maken met zaken zoals het aantal woningen op een bouwveld, de oppervlakte van de woningen en in welke woningbouwcategorie deze woningen zich bevinden. De rekenmethodiek van dit model wordt in dit Mobiliteitsplan verankerd. De definitieve parkeerberekening zal bij het Mobiliteitsbeheerplan (per aanvraag Omgevingsvergunning) worden vastgesteld.

Begrippen: Mobiliteitsplan (MP): In het Mobiliteitsplan wordt aangegeven welke instrumenten uit het parkeerbeleid gebruikt worden om in hoofdlijnen te voldoen aan het parkeerbeleid van de gemeente Utrecht. Het Mobiliteitsplan is een bijlage van het bestemmingsplan. Het Mobiliteitsplan bevat een tool in de vorm van een Excelsheet, op basis waarvan kan worden nagegaan hoe afwijkingen van de parkeernormen kunnen worden verantwoord en welke afwijkingen per omgevingsaanvraag kunnen worden gecompenseerd in andere plandelen. Hiermee wordt aangetoond hoe het bestemmingsplan op het gebied van mobiliteit uitvoerbaar is. Zoals hiervoor al aangegeven kent dit Mobiliteitsplan nog een mate van flexibiliteit. Mobiliteitsbeheerplan (MBP): Vanuit de visie van het Mobiliteitsplan wordt in het Mobiliteitsbeheerplan (MBP) in detail invulling gegeven aan de parkeeroplossingen die horen bij de opstalontwikkeling van de bouwvelden. Het MBP is onderdeel van de aanvraag omgevingsvergunning en dient in dat kader door de Gemeente Utrecht te worden goedgekeurd. Dit wordt gecoördineerd door de gemeentelijk projectleider. Plangebied: Het afgekaderde gebied waarbinnen de woningbouw wordt gerealiseerd met de bijbehorende voorzieningen en openbare ruimte. Bouwontwikkeling: het bouwplan, de bouwplannen of de gebruikswijziging waarvoor een aanvrager een omgevingsvergunning aanvraagt.

Mobiliteitshub XL: De gebouwde parkeervoorziening in het plangebied Papendorp Noord, waar tevens diverse soorten van deelmobiliteit wordt aangeboden door commerciële aanbieders en waar bewoners en bezoekers van een bouwontwikkeling kunnen parkeren als alternatief voor het parkeren binnen het plangebied. Eigen terrein: Het plangebied van het totale project. Uitgeefbaar gebied: Het gebied waarop een bouwplan binnen een bouwveld wordt gerealiseerd en wat eigendom wordt van derden (niet zijnde de gemeente Utrecht) of in erfpacht wordt uitgegeven. Openbaar gebied: Dit is het niet-uitgeefbaar gebied dat woonrijp wordt ingericht en in eigendom komt van de gemeente Utrecht.

3

2. Visie Utrecht groeit hard. Utrecht kiest ervoor een stad te zijn die voorop loopt bij het realiseren van gezonde verstedelijking, en mobiliteit, met aandacht voor een goede bereikbaarheid en leefbaarheid. Het parkeerbeleid voor fietsen en auto’s is een belangrijk middel om de stad leefbaar en bereikbaar te houden. Ook is het belangrijk dat Utrecht een verkeersveilige stad is. In het nieuwe parkeerbeleid is het uitgangspunt om gezond leven en alternatieve parkeeroplossingen te stimuleren.

Groenewoud zet in op kwaliteit in de openbare ruimte en het uitgeefbaar gebied (binnentuinen). Er wordt ingezet op een nieuwe manier van ruimtegebruik met alternatieve parkeerwijze, zoals parkeren op afstand in de naastgelegen Mobiliteitshub XL, deelmobiliteit en extra fietsgebruik. Tevens is de inrichting en opzet van de wijk gericht op het maximaal inspelen op gezond gedrag, wandelen en fietsen, maar bovenal veiligheid.

4

3. Opzet verkeersstructuur Groenewoud In dit hoofdstuk wordt uitgelegd op welke manier de verkeersstructuren in Groenewoud zijn ontworpen en welk gebruik hierbij verwacht wordt. Het uitgangspunt voor de opzet van de verkeersstructuur voor auto’s is een gezonde verstedelijking waarbij binnen de wijk het lopen en fietsen gestimuleerd wordt. Voor het bereiken van de school vanuit de Pyloon-, Dijk- en KWS-buurt is het sneller om te gaan lopen of fietsen dan de auto te gebruiken. In alle profielen is ruimte voor wandelaars opgenomen en de fiets kan op iedere autostraat terecht en beschikt daarnaast ook nog over extra doorsteken. Voor het autoverkeer geldt juist dat de structuur gericht is op het bereiken van de woning vanaf de hoofdinfrastructuur (Mercatorlaan/Bevrijdingslaan en Taatsendijk) en niet op het rijden door de wijk zelf.

3.1.

Autoverkeer

Alle auto-infrastructuur is tweerichtingsverkeer. De toegankelijkheid is opgesplitst in twee delen, één voor de KWS-buurt en één voor het zuidelijk deel. Deze zijn niet met elkaar verbonden voor autoverkeer. De KWS-buurt wordt ontsloten via de Taatsendijk, deze takt aan op de Verlengde Mercatorlaan. Vanaf de Taatsendijk komen twee ‘inprikkers’ de buurt in. Er is in de KWS-buurt geen sprake van doorgaande hoofdwegen. In feite eindigen beide inprikkers ten noorden van de zuidelijkste bouwblokken. Vanaf de inprikkers zijn de parkeergarages bereikbaar en de hieraan gelegen parkeerplaatsen. Ten behoeve van de hulpdiensten en ophaal vuilnis worden de beide inprikkers verbonden met een eenrichtingsweg over het plein. Het zuidelijke gedeelte van Groenewoud wordt direct ontsloten vanaf de Mercatorlaan. Er wordt aangetakt op twee bestaande kruispunten aan de Mercatorlaan. Hieraan worden twee nieuwe kruispunten toegevoegd. Hiervandaan gaan twee hoofdwegen als lussen door de wijk. Met deze hoofdwegen worden de Mercatorbuurt, Dijkbuurt en Pyloonbuurt ontsloten. De parkeerhoven en parkeergarages van deze buurten zijn vanaf de hoofdweg toegankelijk. De hoofdwegen lopen door het westelijk deel van de Dijkbuurt. Vanaf hier prikken secundaire wegen verder de buurt in. De Dijkbuurt is zoveel mogelijk vrij van autoverkeer gemaakt.

Vanaf de hoofdwegen komt alleen het bestemmingsverkeer verder de buurt in. Via de secundaire wegen zijn de parkeervoorzieningen bereikbaar. De secundaire wegen eindigen veelal op een parkeerplaats, voor bezorgdiensten zijn doorsteken zodanig gesitueerd dat er altijd op relatief korte afstand bij de woningen gestopt kan worden. De twee hoofdlussen zijn onderling verbonden door een secundaire ontsluiting. Deze is echter zo vormgegeven dat veelvuldig gebruik hiervan ontmoedigd wordt. Alle wegen in Groenewoud hebben een 30 km/h regime.

5

6

3.2.

Langzaam verkeer

Fietsen Binnen de Kanaalzone loopt een doorfietsroute als onderdeel van de verbinding tussen Nieuwegein, Maarssen en nog verder naar Amsterdam. Deze route wordt aan de noordzijde van het plangebied verbonden met de doorfietsroute over de Orteliuslaan. Aan de zuidzijde wordt het fietspad verbonden met de fietsroute over de Prins Clausbrug, zodat voor langzaam verkeer een goede verbinding met Kanaleneiland en de achterliggende stad ontstaat. Via de doorfietsroute over de autoluwe Groenewoudsedijk langs het kanaal zijn zowel de Prins Clausbrug, De Meernbrug en de Dafne Schippersbrug goed met de fiets bereikbaar. De verbinding met het fietsverkeer (hoofdroutes) centrum van Utrecht wordt verbeterd doordat de De Meernbrug aan de zuidzijde wordt uitgebreid met een langzaam verkeersverbinding. Naast speciale voorzieningen voor fietsers maken de fietsers binnen het plangebied ook gebruik van de hoofdinfrastructuur, vanwege het 30 km/h regime zijn vrijliggende fietspaden niet nodig. Deze lussen worden aan westelijke zijde ontsloten op het vrijliggende fietspad van de Mercatorlaan. Aan de oostelijke zijde worden aantakkingen gemaakt op de doorfietsroute in de Kanaalzone. Het KWS-terrein is een aaneenschakeling van langzaam verkeerroutes.

Fietsers bewegen zich vrij door de buurt, vanuit de KWS-buurt komt een fietsverbinding door de retentiezone naar de school in de Mercatorbuurt, de twee plandelen worden hiermee voor fietsers en wandelaars met elkaar verbonden.

7

Voetgangers en toegankelijkheid (Agenda 22) In Groenewoud heeft de voetganger overal toegang. Niet alleen in de profielen waar auto’s komen zijn overal stoepen, maar er is ook een reeks van autovrije voetgangersgebieden voorzien. Daarnaast zijn er twee verbindingen tussen de KWS-buurt en Groenewoud-zuid. Naast bovengenoemde fietsverbinding die ook voor voetgangers toegankelijk is, komt er een tweede verbinding over de retentiezone. Deze is alleen voor voetgangers toegankelijk en ligt meer richting het westen. Voor de bereikbaarheid van de Mobiliteitshub XL vanuit Groenewoud-zuid (met name de Mercatorbuurt) is deze verbinding belangrijk. Daarnaast komen er jogroutes in het plangebied die aansluiten op bestaande routes in Papendorp. De toegankelijkheid voor voetgangers (Agenda 22) is in het openbare gebied overal voorzien. Het maaiveld kent in vrijwel het gehele plangebied weinig hoogteverschillen. De stoepen zijn bovendien voldoende breed. Alleen de hoger gelegen kanaaldijk bereikt men via hellingbanen. Bij het toepassen van (half)verdiepte parkeergarages wordt per bouwblok de toegankelijkheid uitgewerkt in de opstaluitwerking in combinatie met het vormgeven van het gebouw zelf.

Daar waar parkeren op afstand wordt gerealiseerd (met name in de Mobiliteitshub XL) en waar ook voor bezoekers rekening wordt gehouden met het parkeren in de Mobiliteitshub XL, worden extra gehandicaptenparkeerplaatsen op straat aangelegd. Hierdoor is het voor mensen met een beperking altijd mogelijk om op korte afstand van hun bestemming te parkeren.

8

3.3.

Openbaar vervoer

Groenewoud is goed bereikbaar met het openbaar vervoer. Over de Bevrijdingslaan, de Orteliuslaan en het Marinus van Tyrusviaduct (over de A2) ligt een HOV-baan in de vorm van een vrijliggende busbaan. Deze maakt onderdeel uit van de HOVzuidradiaal en verbindt Groenewoud met station Vleuten (via De Meern) en Utrecht Centraal (via Kanaleneiland). Vanaf de KWS-buurt wordt een voetgangersverbinding gemaakt naar de toekomstige halte bij het Marinus van Tyrusviaduct (buiten plangebied) bij de Mobiliteitshub XL. De Orteliuslaan maakt ook onderdeel uit van de Westtangent, een busverbinding tussen Nieuwegein, via station Leidsche Rijn en Maarssen. Deze bushalte bevindt zich bij het Taatsenplein. In de nabije toekomst wordt de inzet op OV nog veel belangrijker voor een goede bereikbaarheid van Papendorp en voor het laten slagen van de Mobiliteitshub XL. Daarom is de Gemeente Utrecht momenteel samen met de Provincie bezig met onderzoek naar de mogelijkheid van realisering van de Papendorplijn. Dit is een toekomstige tramverbinding tussen Utrecht Centraal station en de Mobiliteitshub XL in Papendorp.

9

3.4.

Parkeeroplossingen per buurt

Het plan bestaat uit vier buurten met elk een eigen identiteit. De manieren waarop het parkeren per buurt opgelost wordt versterkt de identiteit van deze buurten. Het bezoekersparkeren wordt in alle buurten gerealiseerd in de openbare ruimte en/of in de Mobiliteitshub XL. Het parkeren voor bewoners vindt plaats op uitgeefbaar gebied of in de Mobiliteitshub en in alle buurten kunnen bewoners gebruik maken van deelmobiliteit. Als een alternatief voor bezoekersparkeren wordt in de Mercatorbuurt en KWS buurt extra mogelijkheden geboden voor het stallen van fietsen in de openbare ruimte. Hieronder staan de parkeeroplossingen per buurt beschreven. KWS-buurt De KWS-buurt heeft een sterk stedelijke uitstraling, de openbare ruimte wordt intensief gebruikt door voornamelijk voetgangers en fietsers. De KWS-buurt profiteert optimaal van de nabije aanwezigheid van de Mobiliteitshub XL. Een groot deel van de bewoners kan in de Mobiliteitshub XL parkeren of daar gebruik maken van door de gemeente georganiseerde deelmobiliteit. Het bewonersparkeren op uitgeefbaar gebied is volledig uit het zicht (vooral in gebouwde parkeervoorzieningen, onder dekken en soms op maaiveld). In de openbare ruimte komt een beperkt aantal parkeerplaatsen bestemd voor bezoekers.

Deze zijn geoormerkt als betaald parkeren (tevens wordt ruimte gereserveerd voor mensen die slecht ter been zijn, logistieke-, bezorg- en pakketdiensten). Het grootste gedeelte van de bezoekers kan gebruik maken van de Mobiliteitshub XL welke deels binnen de loopafstanden valt. Een ander deel van het bezoekersparkeren wordt alternatief opgelost door het realiseren van extra fietsparkeerplekken. De bezoekers van de commerciële ruimtes, horeca in de hallen en de bezoekers van het gezondheidscentrum en buurthuis kunnen gebruik maken van de Mobiliteitshub. Mercatorbuurt Door de nabijheid van de zuidelijke entree van de Mobiliteitshub XL kan een (klein) deel van de bewoners uit de Mercatorbuurt binnen de loopafstanden in de Mobiliteitshub XL parkeren. In de buurt is deelmobiliteit beschikbaar. Het bewonersparkeren wordt voor het overige deel op uitgeefbaar gebied opgelost, bij voorkeur in gebouwde parkeervoorzieningen en in een aantal gevallen zo veel mogelijk uit zicht (vanuit openbaar gebied) op maaiveld in binnenhoven. In de openbare ruimte komen minder bezoekersparkeerplaatsen door het toepassen van Afwijkingsmogelijkheid 2, het realiseren van extra fietsparkeren. Parkeren voor de school en kinderopvang Voor personeel van de school/kinderopvang is ruimte gereserveerd voor parkeerplaatsen op het uitgeefbaar gebied van de school, kinderopvang en BSO.

In het openbare gebied zijn geen aparte parkeerplaatsen voor de school gerealiseerd. Wel wordt hier de openbare ruimte zodanig ruim ontworpen dat het niet onmogelijk is om eventuele parkeerproblemen (op een creatieve wijze) op te lossen, 10

indien die in de toekomst zouden ontstaan. De school is vanuit de gehele wijk makkelijker te voet en met de fiets bereikbaar dan met de auto. Dijkbuurt De Dijkbuurt krijgt naast deelmobiliteit deels gebouwde parkeervoorzieningen en deels kleine geclusterde parkeerhoven, soms ook parkeren op eigen erf. De woningdichtheid is in deze buurt lager waardoor minder parkeerplaatsen nodig zijn. Vanwege de grotere afstand tot de Mobiliteitshub parkeren bezoekers op straat. Pyloonbuurt In de Pyloonbuurt worden gebouwde parkeervoorzieningen voor appartementen gecombineerd met parkeerhoven bij de grondgebonden woningen en openbaar parkeren op straat. Ook hier kan gebruik worden gemaakt van deelmobiliteit. Vanwege de grotere afstand tot de Mobiliteitshub parkeren bezoekers op straat.

3.5.

Veiligheid

Veiligheid is misschien wel het belangrijkste onderdeel van een goede verkeerssituatie. Het voorkomen van onveilige en onoverzichtelijke situaties heeft prioriteit. Daarom zitten er in de verkeersstructuur geen lange doorgaande wegen en krijgt langzaam verkeer de prioriteit ten opzichte van autoverkeer. De auto is altijd uitsluitend ‘te gast’. Verkeersroutes zijn zo ingericht dat het voor kleine afstanden onaantrekkelijk is om met de auto naar de andere kant van de wijk te gaan, waardoor bewegingen binnen de wijk nagenoeg altijd fietsend of wandelend afgelegd zullen worden. De snelheid binnen de wijk is maximaal 30km per uur. De Mercatorlaan is eveneens 30km per uur. De nieuwe (Verlengde) Mercatorlaan wordt 30 of 50km per uur. Betaald parkeren Een belangrijk onderdeel van de veiligheid in Groenwoud is dat het gebied vanaf het eerste gebruik wordt ingericht als B1 (betaald parkeren) gebied. Dit voorkomt in grote mate de overloop van parkeren vanuit de kantoorlocatie Papendorp. Hierdoor is het minder aantrekkelijk voor bezoekers van de kantoorlocatie Papendorp om in de wijk op zoek te gaan naar parkeerplaatsen, veelal tijdens hectische spitsmomenten wat onveilige situaties kan opleveren. De insteek is dat het parkeertarief van de Mobiliteitshub XL aantrekkelijker zal zijn dan het parkeertarief op straat.

Het tijdvenster voor het betaald parkeren wordt nader bepaald en in samenhang bekeken met de omliggende parkeerdruk van andere gebruiksfuncties in de omgeving van het plangebied.

3.6.

Gezonde leefomgeving

Een gezonde leefomgeving is de belangrijkste voorwaarde voor een succesvolle woonwijk, een plek waar men zich prettig voelt in een gezonde en duurzame leefomgeving. De opzet van Groenewoud ontmoedigt onnodig autogebruik. Voor de nodige vervoerstromen moedigt Groenewoud (elektrisch) rijden, fietsen, wandelen, autodelen of gebruik maken van het OV juist aan. De Mobiliteitshub XL die naast Groenewoud wordt ontwikkeld biedt een toekomstbestendige inpassing van de veranderende visie op mobiliteit. Door het toepassen van de parkeernorm B1 en invoering betaald parkeren is de verwachting dat ook het autogebruik wordt beperkt.

11

4. Mobiliteitsplan In het verlengde van het Mobiliteitsplan 2040 en de Parkeervisie 2021 wordt met de ontwikkeling van Groenewoud een bijdrage geleverd aan de belangrijkste doelstellingen van dat beleid: beperking van de CO2 uitstoot, stimuleren van de gezondheid en verbeteren van de leefbaarheid door het realiseren van een hoge kwaliteit van de openbare ruimte. Ook voor Groenewoud betekent dat een sturing op alternatieve mobiliteitsoplossingen met de nadruk op langzaam verkeer, OV en deelmobiliteit. Enerzijds leent Groenewoud zich daar goed voor: het ontwikkelt zich als onderdeel van een belangrijk stedelijk knooppunt dat zich naast werken richt op wonen, gelegen aan een vrij liggende HOV-baan die mogelijk wordt vertramd en vanaf 2025 bij een Mobiliteitshub XL aan de rand van het gebied. Dat neemt niet weg dat Groenewoud ook gelegen is bij knooppunt Oudenrijn met directe aansluitingen op de A2 en de A12. Vanwege de ligging van het plangebied nabij de A2 en de A12 zullen bewoners snel in de verleiding komen de auto te gebruiken, zeker zolang er nog geen extra investeringen in fiets en OV zijn gedaan. Om in die situatie toch dicht bij de doelstellingen van beleid te kunnen blijven, is het vooral van belang erop in te zetten dat bewoners de beschikking kunnen hebben over een deelauto of een auto die op loop- of fietsafstand geparkeerd staat buiten het gebied.

Groenewoud is als onderdeel van Papendorp aangewezen als maatwerkgebied waardoor gebruik gemaakt kan worden van de Mobiliteitshub XL als gebouwde parkeervoorziening buiten het plangebied nabij een stedelijke ontsluitingsweg. Daarnaast is het belangrijk dat bewoners in toenemende mate een voertuig gebruiken dat als krachtbron gebruik maakt van elektriciteit. De diverse voorzieningen binnen Papendorp zullen goed bereikbaar zijn voor de voetganger en op de fiets. De fiets en het openbaar vervoer spelen een belangrijke rol in de verbindingen met andere delen van de stad. Deze verbindingen zullen in de toekomst steeds beter worden. Het gebied heeft daarom potentie om nu al de basis te leggen richting deze alternatieve mobiliteitsoplossingen. Met deze aanpak is het goed mogelijk om de openbare ruimte in Groenewoud een hoge kwaliteit mee te geven, zoveel mogelijk vrijgespeeld van parkeren in de openbare ruimte. Naast het benutten van alternatieve vervoerswijzen en de mogelijkheid van parkeren op afstand is ervoor gekozen om ook parkeervoorzieningen voor bewoners op uitgeefbaar terrein te situeren. Uiteraard wordt in de openbare ruimte rekening gehouden met parkeerplaatsen voor mensen die slecht ter been zijn, logistieke-, bezorg- en pakketdiensten en met de aanwezigheid van speciale programma onderdelen zoals een gezondheidscentrum.

Voor het overige vormt voor bezoekers de Mobiliteitshub XL en aanbrengen van extra fietsparkeerplaatsen het voornaamste alternatief. Buiten de loopafstanden is voor bewoners de Mobiliteitshub beschikbaar als voorziening voor Parkeren op Afstand en is voor bezoekers een gereduceerd aantal parkeerplaatsen in de openbare ruimte beschikbaar. In die gebieden is op korte afstand van de woningen deelmobiliteit beschikbaar en zullen extra voorzieningen voor fietsparkeren worden gerealiseerd in de openbare ruimte. Ongewenst gebruik van de beschikbare plaatsen in de openbare ruimte wordt tegengegaan doordat in het gebied betaald parkeren wordt ingevoerd (B1-gebied) voor bewoners en bezoekers. Er worden geen parkeervergunningen voor bewoners en bedrijven in de openbare ruimte verstrekt. Voor gehandicaptenparkeerplaatsen en voor bijzondere situaties geldt regulier beleid. Het parkeren in de Mobiliteitshub XL heeft een 12

concurrerend tarief ten opzichte van parkeren op straat. De parkeerbalans voor de basisverkaveling (1.500 woningen) laat op basis van de in 2021 vastgestelde parkeernormen voor een B-gebied zien dat er 1.329 parkeerplaatsen voor bewoners en bezoekers beschikbaar dienen te zijn op basis van de 100% norm. In het plan van 1.650 woningen is de 100% norm 1.457 parkeerplaatsen. Het mobiliteitsconcept dat voor Groenewoud wordt voorgestaan beperkt het aantal parkeerplaatsen voor de auto tot maximaal 75% van het aantal dat op basis van de standaard parkeereis beschikbaar dient te zijn. Voor de overige 25% van de benodigde plekken worden alternatieven beschikbaar gesteld conform artikel 6 en 7 van de Beleidsregels parkeernormen auto Gemeente Utrecht: Dit is uitgewerkt met de volgende concrete oplossingen: •

Aw2: Er worden extra, goed ingepaste fietsparkeerplaatsen gerealiseerd in de openbare ruimte voor bezoekers.

•

Aw3: Er worden deelauto’s in de openbare ruimte ingepast voor bewoners

•

Aw4: In de Mobiliteitshub XL worden parkeerplaatsen gereserveerd voor bewoners van Groenewoud binnen de loopafstanden

•

Aw5: In de Mobiliteitshub XL worden parkeerplaatsen gereserveerd voor bewoners van Groenewoud op grotere afstand (parkeren op afstand);

13

4.1.

Toepassing Beleidsregels Autoparkeren 2021

Artikel 5.5.4. van het bestemmingsplan Groenewoud bepaalt dat burgemeester en wethouders kunnen afwijken van de “Beleidsregels Autoparkeren 2021” indien ten behoeve van een bouwplan op het moment van aanvraag blijkt dat niet voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd, zolang voldoende zekerheid bestaat dat ten behoeve van het hele plangebied wordt voldaan aan de eis van realisatie van voldoende parkeergelegenheid, op de wijze zoals beschreven is in dit Mobiliteitsplan Groenewoud. Groenewoud maakt deel uit van het gebied Papendorp, dat in 2019 is aangewezen als maatwerkgebied. Eén van de consequenties van die aanwijzing is dat artikel 8.2.f. van de beleidsregels van toepassing is: autoparkeerplaatsen worden zoveel mogelijk geconcentreerd in de gebouwde voorziening aan de rand van de ontwikkellocatie nabij een stedelijke invalsweg, te weten de Mobiliteitshub XL in Papendorp Noord.

Ook kan het College op basis van artikel 18.d.IV medewerking verlenen aan aanpassing van de afspraken die zijn gemaakt en voorwaarden die zijn gesteld met het oog op parkeren en de realisatie en beschikbaarheid daarvan als het niet mogelijk is om gebruik te (blijven) maken van de toegepaste afwijkingsmogelijkheden op de parkeereis, indien kan worden onderbouwd dat op andere wijze wordt voldaan aan de parkeereis met als randvoorwaarde dat het totaal aantal reguliere parkeerplaatsen niet mag toenemen. Artikel 19 van de beleidsregels autoparkeren 2021 maakt bovendien een gebiedsgerichte aanpak mogelijk om van start tot einde van een gebiedsontwikkeling met een vaste parkeerbalans te werken op grond waarvan d e parkeerbehoefte van nieuwe bouwplannen die in ontwikkeling zijn worden getoetst. Ten behoeve van de gebiedsontwikkeling in Groenewoud is daartoe voor het gehele gebied een bij dit mobiliteitsplan gevoegde parkeerbalans opgesteld, waaraan de achtereenvolgende tot de gebiedsontwikkeling behorende omgevingsaanvragen worden getoetst.

Hierbij is het toegestaan binnen een bouwveld en de daarbij behorende openbare ruimte extra parkeervoorzieningen of deelmobiliteitsplekken te realiseren in aanvulling op de autoparkeernorm als in het mobiliteitsbeheersplan kan worden onderbouwd dat deze een functie hebben voor één of meer navolgende in het mobiliteitsbeheersplan te benoemen bouwvelden. Deze aanvulling kan worden toegepast voor een maximum van 50 parkeerplaatsen dan wel een equivalent aan deelmobiliteitsplekken. Bij de omgevingsaanvraag voor de betreffende navolgende bouwvelden mag deze parkeercapaciteit worden meegeteld als voorziening ten behoeve van dat bouwveld. Indien voor een bouwveld gebruik wordt gemaakt van parkeergelegenheid die pas in een later stadium wordt gerealiseerd, zal bij de omgevingsaanvraag worden aangegeven van welke tijdelijke oplossingen gebruik kan worden gemaakt.

4.2.

Uitwerking

In de uitwerking van het Mobiliteitsplan worden twee versies uitgewerkt, namelijk: De basisverkaveling 1500 variant en het 1.650 woningen model. Het mobiliteitsconcept dat voor Groenewoud wordt voorgestaan beperkt het aantal parkeerplaatsen voor de auto tot maximaal 75% van het aantal dat op basis van de 100% parkeernormen voor een B1-gebied beschikbaar dient te zijn. Hierdoor wordt invulling gegeven aan de doelstellingen van de gemeente Utrecht waarbij prioriteit wordt gegeven aan duurzame mobiliteitsoplossingen, gezond stedelijk leven en het reduceren van CO2-uitstoot. Dit is uitgewerkt met de volgende concrete oplossingen: 14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=7199eae0-fab7-499b-a234-362119996262