Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering_Regels
Tekst van het document
Bestemmingsplan
Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering Vastgesteld,
Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1
Inleidende regels
3
Artikel 1
Begrippen
3
Artikel 2
Wijze van meten
8
Hoofdstuk 2
Bestemmingsregels
9
Artikel 3
Bedrijventerrein
- I
9
Artikel 4
Bedrijventerrein
- II
12
Artikel 5
Groen
14
Artikel 6
Leiding - Gas
15
Artikel 7
Leiding - Hoogspanningsverbinding
16
Artikel 8
Leiding - Riool
16
Artikel 9
Milieuzone - Boringsvrije
Artikel 10
Verkeer
17
Artikel 11
Verkeer - Rijkswegen
18
Artikel 12
Water
18
Artikel 13
Waterstaat - Waterkering
18
Artikel 14
Gemengd - Uit te werken
19
Hoofdstuk 3
Bouwen en slopen
21
Artikel 15
Inleidende bepalingen over het bouwen en het slopen
21
Artikel 16
Bijzondere regels over bouwen
21
Artikel 17
Bouwen is toegestaan
21
Artikel 18
Bouwen met vergunning
22
Artikel 19
Bouwen is niet toegestaan
24
Artikel 20
Slopen met vergunning
24
Hoofdstuk 4
Gebouwen en locaties gebruiken
25
Artikel 21
Activiteiten die niet zijn toegestaan
25
Artikel 22
Activiteiten in de woning, nieuwe woonruimte
25
Artikel 23
Detailhandel en bezorging
27
Artikel 24
Bedrijfsactiviteiten
27
Artikel 25
Additionele horeca
27
Artikel 26
Ondersteunende
28
Artikel 27
Kruisingen, tunnels, bruggen en viaducten
28
Hoofdstuk 5
Grondwerk
29
Artikel 28
Vergunning in verband met de bescherming
Artikel 29
Bescherming van archeologische
Hoofdstuk 6
Beheer van natuur, flora en fauna
31
Artikel 30
Aantasten van bomen of andere houtopstanden
31
Hoofdstuk 7
Overgangs- en slotregels
33
Artikel 31
Overgangsrecht
33
Artikel 32
Slotregel
33
Zone
17
horeca in een winkel of verkoop in horeca
van een functie
waarden
2 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
29 29
Utrecht
Regels Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
De uitleg van de begrippen die in dit artikel staan is bepalend bij de uitleg van het plan. 1.1
Aanduiding
Een geometrisch bepaald vlak of figuur die de locatie aanwijst als werkingsgebied van een regel. 1.2
Accommodatie
Een ruimte of complex van ruimten waarin een bezoeker tegen betaling tijdelijk kan overnachten. 1.3
Additionele horeca
Horeca-activiteiten, die passend, aanvullend en ondergeschikt zijn aan de hoofdfunctie die ter plaatse is toegestaan. 1.4
Afhaalzaak
Een winkel waar in hoofdzaak kant en klare maaltijden, kleine etenswaren, alcoholvrije drank en consumptie-ijs te koop zijn. De waren worden niet in de winkel gegeten of gedronken. Een afhaalzaak is een specifieke vorm van detailhandel. 1.5
Archeologisch onderzoek
Onderzoek verricht door of namens een bedrijf dat beschikt over het in artikel 1, eerste lid, van de Erfgoedwet, bedoelde certificaat. 1.6
Archeologische verwachtingswaarde
De aan een gebied toegekende waarde in verband met de waarschijnlijk in dat gebied voorkomende historische overblijfselen in de bodem. 1.7
Bebouwing
Eén of meer bouwwerken. 1.8
Bebouwingspercentage
Het met een aanduiding of in de regels aangegeven percentage, dat aangeeft hoeveel van een bouwperceel ten hoogste mag worden bebouwd met gebouwen en bijbehorende bouwwerken. 1.9
Bed-and-breakfast
Het tegen betaling verstrekken van logies met ontbijt binnen de woning of de bedrijfswoning. 1.10
Bedrijf
Een onderneming waarbij het accent ligt op het maken, bewerken, herstellen, installeren en verhandelen van goederen, waarbij detailhandel uitsluitend plaatsvindt als ondergeschikt onderdeel van de onderneming in de vorm van verkoop of levering van ter plaatse gemaakte, bewerkte of herstelde goederen, of van goederen die in rechtstreeks verband staan met de uitgeoefende handelingen. 1.11
Bedrijf-aan-huis
Beroep of bedrijf dat in een woning of een daarbij bijhorend bouwwerk wordt uitgeoefend. bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
3
1.12
Bedrijfswoning
Een woning die bij een bedrijf hoort en die is bedoeld voor een werknemer die bij het bedrijf woont in verband met het noodzakelijke beheer van het bedrijf. 1.13
Belhuis
Een onderneming die diensten aanbiedt op het gebied van telecommunicatie, zoals telefoon- en internetverbindingen. 1.14 1.
2.
Bestaand
Bestaand gebruik: het feitelijke of vergunde gebruik van de gronden en bouwwerken op moment van het ter inzage leggen van het ontwerp van het bestemmingsplan; daaronder valt niet het gebruik dat al in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsregels van dat plan. Bestaande bouwwerken: bouwwerken die op het tijdstip van het ter inzage leggen van het ontwerp van het bestemmingsplan: a. bij of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of de Woningwet zijn gebouwd; b. nog kunnen worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of een bouwvergunning op grond van de Woningwet.
1.15
Bestemmingsgrens
De grens van een bestemmingsvlak. 1.16
Bestemmingsplan
De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij horende bijlagen. Zie ook: 1.49 Plan. 1.17
Bevi-inrichting
Een inrichting als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het Besluit externe veiligheid inrichtingen. 1.18
Bezorgdienst
Vorm van een distributiebedrijf dat elektronisch geplaatste en afgerekende bestellingen van, meestal dagelijkse, consumentengoederen bij de klant thuisbezorgt, waarbij het bedrijf vaak een korte tijd tussen de bestelling en de bezorging van de goederen aanbiedt. 1.19
Bijbehorend bouwwerk
Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak (bron: Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht). 1.20
Bouwen
Het plaatsen, oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.21
Bouwgrens
De grens van een bouwvlak. 1.22
Bouwlaag
Een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of nagenoeg gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van een onderbouw, een kap en een bijzondere bouwlaag. 1.23
Bouwwerk
Een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 4 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
Utrecht
1.24
Buurtactiviteit
Activiteit voor en door bewoners uit de omgeving van de locatie waar de activiteit plaatsvindt met een verwaarloosbare planologische uitstraling op de omgeving, zoals activiteiten van bewonersorganisaties, het verenigingsleven, ouderen- en jongerenwerk, huiswerkbegeleiding, muziekles, burendag, kaartclubs en scouting. Hieronder worden in ieder geval niet verstaan kinderdagverblijven, buitenschoolse opvang, religieuze voorzieningen, voorzieningen voor verslavingszorg of vergelijkbare maatschappelijke voorzieningen of een horeca-activiteit van de Lijst met Horeca activiteiten. 1.25
Consumentenvuurwerk
Consumentenvuurwerk als bedoeld in artikel 1.1.1 van Vuurwerkbesluit. 1.26
Cultuurhistorische waarde
De aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde in verband met historische kenmerken. 1.27
Dakopbouw
Het direct onder het dak liggende deel van een hoofdgebouw, waarin zich een of meer verblijfsruimten bevinden en dat zich bouwkundig van de ondergelegen bouwlagen onderscheidt, bijvoorbeeld door de constructie, de vorm of door de terug liggende voorgevel. 1.28
Detailhandel
Het bedrijfsmatig verkopen van consumentengoederen in een winkel. 1.29
Dienstverlening
Het bedrijfsmatig verlenen van een dienst of van hulp aan een klant, bijvoorbeeld door een kapper, een stomerij of wasserette, een pedicure, een bankfiliaal, een reisbureau of een uitzendbureau. 1.30
Eigen toegang
De officiële ingang van een woning, wat blijkt uit de volgende kenmerken: de ingang heeft een huisnummer dat de gemeente aan die ingang heeft toegekend e n de ingang is bereikbaar vanaf de straat of vanuit een gemeenschappelijke hal. 1.31
Evenement
Georganiseerde, publieke, bijzondere gebeurtenis. 1.32
Functie
Een onderscheidend kenmerk van een locatie waaruit blijkt voor welke activiteiten de locatie bedoeld of geschikt is; functie in de zin van artikel 4.2 van de Omgevingswet; bestemming als bedoeld in artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening. 1.33
Gebouw
Een bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.34
Groen
Park, plantsoen, berm of erf waar planten en bomen groeien of kunnen groeien; oppervlaktewater. 1.35
Grondwerk
Activiteit die het verstoren van de bodem of de daarop aanwezige beplanting tot gevolg kunnen hebben zoals graven, ploegen, ophogen, het aanbrengen of verwijderen van verharding, het leggen van leidingen, het dempen van oppervlaktewater of het aanbrengen van drainage, funderingen, constructies of apparatuur in de bodem; activiteit in de zin van artikel 3.3, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening. bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
5
1.36
Hoofdgebouw
Een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn aard, functie, constructie of afmetingen of gelet op de bestemming als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken. 1.37
Industrieterrein
Terrein waaraan in hoofdzaak een bestemming is gegeven voor de vestiging van inrichtingen en waarvan de bestemming voor het gehele terrein of een gedeelte daarvan de mogelijkheid insluit van vestiging van inrichtingen, behorende tot een bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorie van inrichtingen, die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken. 1.38
Inwoning
Het wonen in een woonruimte die deel uitmaakt van een woning waarin een ander huishouden woont. 1.39
Kaart
De digitale weergave van het grondgebied van de gemeente dat bij een bestemmingsplan hoort, waarop de locaties en aanduidingen die in de regels worden genoemd zijn ingetekend op een topografische ondergrond, met uitzondering van locaties of aanduidingen die voor het hele grondgebied van dat bestemmingsplan gelden. 1.40
Kantoor
een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat dient voor de bedrijfsmatige uitoefening van administratieve werkzaamheden en voor zakelijke dienstverlening, alsmede seminars en congressen die ondergeschikt zijn aan de hoofdfunctie van een kantoorhoudende onderneming en kunnen worden beschouwd als onderdeel van de kantoorfunctie. 1.41
Lijst van bedrijfsactiviteiten
Lijst die een onderverdeling van bedrijfsactiviteiten aangeeft. De onderverdeling is gemaakt op basis van de te verwachten invloed van een activiteit op de omgeving. De lijst maakt deel uit van de regels. 1.42
Lijst van bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving
Lijst die deel uitmaakt van deze regels, waarin bedrijfsactiviteiten zijn opgenomen die passen op een locatie met woningen. 1.43
Lijst van horeca-activiteiten
Lijst die een onderverdeling van horeca-activiteiten aangeeft. De onderverdeling is gemaakt op basis van de te verwachten invloed van een activiteit op een nabij gelegen of omringende woonomgeving. De lijst maakt deel uit van de regels. 1.44
Logies verstrekken
Ruimte of complex van ruimten die tegen betaling voor een periode voor overnachtingen worden aangeboden. Er zijn verschillende vormen van accommodatie, bijvoorbeeld hotel voor kort verblijf, middellang zakelijk verblijf (“short stay”), de woning of een deel van de woning aanbieden als accommodatie (particuliere vakantieverhuur, bed-and-breakfast). 1.45
Maatschappelijke voorzieningen
Voorzieningen voor welzijn, volksgezondheid, religie, onderwijs, kinderopvang, buitenschoolse opvang, openbare orde en veiligheid en daarmee gelijk te stellen sectoren. 1.46
Nutsvoorzieningen
Voorzieningen zoals transformatorhuisjes en andere bouwwerken voor het leveren van gas, elektriciteit of internettoegang, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie. 6 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
Utrecht
1.47
Omgevingsvergunning
Een vergunning als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; na inwerkingtreding van de Omgevingswet: een vergunning als bedoeld in artikel 5.1 van de Omgevingswet. 1.48 1. 2. 3.
Peil
Voor een gebouw, waarvan de hoofdtoegang grenst aan de weg: de hoogte van de kruin van de weg. Voor andere gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld. Voor gebouwen die grenzen aan een dijk: de hoogte van de kruin van de dijk ter plaatse van het bouwwerk.
1.49
Plan
Het bestemmingsplan Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering van de gemeente Utrecht met identificatienummer NL.IMRO.0344.BPCHWGASBEDLAGEWET-ON01. 1.50
Publieksfunctie
Functie die publiek aantrekt, zoals buurtvoorzieningen, horeca, cultuur of vermaak. 1.51
Seksinrichting
Een voor klanten toegankelijke ruimte of meerdere besloten ruimten in elkaars nabijheid, waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof dit bedrijfsmatig is, seksuele handelingen, al dan niet met een sekswerker, tegen vergoeding worden verricht. 1.52
Vergunning
De omgevingsvergunning van artikel 2.1, lid 1, onder b of c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; na inwerkingtreding van de Omgevingswet: de omgevingsvergunning van artikel 5.1, lid 1, onder a, van de Omgevingswet. 1.53
Voorgevelrooilijn
Een lijn die wordt bepaald door de naar het openbaar toegankelijk gebied, zoals de weg, openbaar groen of water, gekeerde gevel of het verlengde daarvan, van een hoofdgebouw. 1.54
Wgh- inrichting
Bedrijf zoals bedoeld in artikel 2.4 van het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer die in belangrijke mate geluidshinder kunnen veroorzaken. 1.55
Winkel
Een pand waar de activiteit detailhandel plaatsvindt. 1.56
Woning
Het complex van ruimten dat een zelfstandige woonruimte vormt, bedoeld voor de permanente huisvesting van één afzonderlijk huishouden. 1.57
Woningvorming
Een woning verbouwen tot twee of meer woningen of het zodanig inrichten, gebruiken of laten gebruiken van een deel van de woning dat er feitelijk twee of meer woningen ontstaan. Ook het in stand laten van de verbouwing of inrichting of het gebruik van de extra woning valt onder het begrip woningvorming. Dat een extra woning is ontstaan, kan in ieder geval opgemaakt worden uit de aanwezigheid van een keuken in die nieuwe woning.
bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
7
1.58
Woonruimte
Besloten ruimte die, al dan niet tezamen met één of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor de bewoning door één huishouden. 1.59
Zelfstandige woonruimte
Woonruimte die een eigen toegang heeft en die door één huishouden kan worden bewoond zonder daarbij afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen, zoals een badruimte, een toilet en een keuken buiten de woonruimte. 1.60
Zorgwoning
Woning voor een bewoner die aantoonbaar en vaker dan dagelijks langdurige, professionele zorg, toezicht of begeleiding nodig heeft, zoals zorg die geboden wordt op grond van de Wet langdurige zorg of zorg in de vorm van beschermd wonen (artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015).
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van de regels worden onderstaande regels over het meten en berekenen gebruikt. 2.1 1.
2. 3. 4.
2.2
Hoogtematen De hoogte van een bouwwerk: de afstand vanaf het peil tot aan het hoogste punt van het gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. De goothoogte van een bouwwerk: de afstand vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, de druiplijn, het boeiboord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. De hoogte van een kap: de afstand vanaf de bovenkant van de goot, de druiplijn, het boeiboord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel tot het hoogste punt van de kap; De verticale bouwdiepte: vanaf het peil tot aan het laagste punt van een ondergronds bouwwerk, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals funderingen of heipalen. Als de vloer het laagste punt is dan geldt de onderkant van de vloer. Dakhelling
De hoek die het dakvlak maakt ten opzichte van het horizontale vlak. 2.3 1.
2. 3. 4.
5. 2.4
Oppervlakte De oppervlakte van een bouwwerk: de oppervlakte, gemeten tussen de buitenwerkse gevelvlakken of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. Bruto vloeroppervlakte (b.v.o.): het totaal van de binnen een gebouw beschikbare vloeroppervlakte van alle verdiepingen, inclusief kelders en souterrains. Verkoopvloeroppervlakte (v.v.o.): de totale oppervlakte van de voor publiek toegankelijke en zichtbare winkelruimte, inclusief de etalageruimte en de ruimte achter de toonbank. Bedrijfsvloeroppervlakte:de totale vloeroppervlakte van een kantoor, winkel of bedrijf, met inbegrip van de magazijnen en overige dienstruimten. Gebouwde, ondergrondse of half verdiept gelegen, parkeervoorzieningen worden hierbij niet meegeteld. De gebruiksoppervlakte van woonruimte: met toepassing van de norm NEN 2580. Inhoud
De inhoud van een bouwwerk: de inhoud, gemeten tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels, het hart van de scheidsmuren e n de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.5
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing. 8 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
Utrecht
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Bedrijventerrein - I
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Bedrijventerrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. bedrijven en activiteiten, waar dit specifiek is aangeduid uitsluitend voor bedrijven uit de in bijlage Lijst van ter plaatse van de aanduiding: bedrijfsactiviteiten genoemde categorieën: 1 tot en met 5.1 'bedrijf tot en met categorie 5.1' 2. aan de bedrijfsactiviteiten ondergeschikte en daarmee samenhangende kantoorruimte onder de volgende voorwaarden: a. voor reeds bestaande gebouwen waarin de verhouding kantoorruimte en bedrijfsruimte reeds 50-50% is, geldt dat per bedrijf een maximum van 50% van de brutovloeroppervlakte van de bedrijfsgebouwen voor ondergeschikte en daarmee samenhangende kantoorruimte mag worden gebruikt; b. voor nieuwbouw geldt voor bedrijven tot 500 m² brutovloeroppervlakte een maximum van 50 % van de brutovloeroppervlakte van de bedrijfsgebouwen voor ondergeschikte en daarmee samenhangende kantoorruimte en minimaal 50% voor bedrijfsruimte; c. voor overige nieuwbouw, inclusief uitbreidingen, geldt dat minimaal 70% van de brutovloeroppervlakte gebruikt moet worden voor bedrijfsruimte en niet meer dan 30% van de brutovloeroppervlakte van de bedrijfsgebouwen voor ondergeschikte en daarmee samenhangende kantoorruimte mag bedragen; d.
voor reeds bestaande gebouwen waarvan de verhouding kantoorruimte en bedrijfsruimte afwijkt van het bepaalde onder a, b en c mag de bestaande verhouding worden gehandhaafd en worden gewijzigd voor zover het deel bedrijfsruimte wordt vergroot. 3. parkeervoorzieningen; 4. webwinkels; 5. de daarbij behorende verkeers-, en groenvoorzieningen, nutsvoorzieningen, water, tuinen, erven en terreinen. 3.2
Bouwregels
Binnen deze bestemming mogen bouwwerken ten dienste van deze bestemming worden gebouwd, met inachtneming van de volgende bepalingen: 3.2.1 Gebouwen 1. gebouwen mogen uitsluitend binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak worden gebouwd; 2. het bebouwingspercentage ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage' mag niet worden overschreden, met inachtneming van het bepaalde genoemd onder 4; 3. de bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte' mag niet worden overschreden, met inachtneming van het bepaalde genoemd onder 4; 4. het bestaande aantal vierkante meters brutovloeroppervlak mag van de op het bouwperceel aanwezige gebouwen met maximaal 10% worden vergroot met inachtneming van het bepaalde genoemd onder 2 en 3; 5. het bepaalde onder 3 voor wat betreft de bouwhoogte geldt niet voor schoorstenen die op een dak van een gebouw worden gebouwd; 6. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' mag, met inachtneming van het bepaalde genoemd onder 3, de genoemde bouwhoogte worden verhoogd tot maximaal 45 meter onder de voorwaarden dat: a. de verhoging van de bouwhoogte tot maximaal 45 meter slechts mogelijk is voor maximaal 50% van het onder 2 genoemde toegestane bebouwingspercentage, en; b.
het gedeelte van het gebouw waarvan de bouwhoogte wordt verhoogd tot maximaal 45 meter moet minimaal op 20 meter afstand van de zijdelingse perceelsgrenzen worden gesitueerd; 7. het realiseren van een gebouw ter plaatse van bestaand bij het betreffende bedrijf behorende bedrijfsoppervlak aan buitenopslag en/of - productie, wordt niet aangemerkt als een toevoeging van bruto vloeroppervlak zoals genoemd onder sub 4, mits: a. het gebouw uitsluitend bedoeld is voor het overbouwen van de buitenopslag in 1 bouwlaag; b. de bebouwing een positieve bijdrage levert aan een efficiënt productieproces of een positieve bijdrage levert aan de milieuhygiënische uitstraling van het bedrijf; c. voldaan wordt aan sub 2 en 3. bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
9
8.
bestaande bouwwerken die niet voldoen aan het bepaalde genoemd onder 1 t/m 7, mogen worden gehandhaafd en vernieuwd, maar de afwijking mag niet worden vergroot.
3.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde 1. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan de ter plaatse geldende maximale bouwhoogte van gebouwen: 2. het bepaalde onder 1 geldt niet voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ter geleiding, begeleiding en regeling van het verkeer; 3. In afwijking van het bepaalde onder 1, mag de bouwhoogte van palen en masten niet meer dan 6 meter bedragen; 4. in afwijking van het bepaalde onder 1, mag de bouwhoogte van schoorstenen niet meer dan 30 meter bedragen, indien de maximale bouwhoogte ter plaatse lager is; 5. in afwijking van het bepaalde onder 1, mag de bouwhoogte van antennemasten niet meer dan 55 meter bedragen; 6. in afwijking van het bepaalde onder 1, mag de bouwhoogte van kranen niet meer dan 30 meter bedragen, indien de maximale bouwhoogte ter plaatse lager is; 7. in afwijking van het bepaalde onder 1, mag de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen niet meer dan 2 meter bedragen; 8. bestaande bouwwerken die niet voldoen aan het bepaalde genoemd onder 1 t/m 8, mogen worden gehandhaafd, verplaatst en vernieuwd, maar de afwijking mag niet worden vergroot. 3.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en afmeting van de bebouwing, ten behoeve van: 1. 2. 3. 4. 5. 3.4
een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; de verkeersveiligheid; de milieusituatie; de sociale veiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en/of bouwwerken. Afwijken van de bouwregels
3.4.1 Omgevingsvergunning hoger percentage kantoorruimte Burgemeester en wethouders kunnen door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.1, onder 2, voor zover betreft het percentage van 30% brutovloeroppervlak, ten behoeve van het bouwen en gebruiken van een in dat lid onder 2 onder c bedoelde kantoorruimte: 1. 2.
mits per geval de behoefte aan zodanige kantoorruimte is aangetoond; tot per bedrijf een brutovloeroppervlakte van ten hoogste 50% van de totale brutovloeroppervlakte voor het gebruik als kantoorruimte.
3.4.2 Relatie met algemene afwijkingsbevoegdheid Artikel 18.2, onder 1, is niet van toepassing op de maatvoering van de gronden die gebruikt mogen worden als zelfstandig kantoor als bedoeld in lid 3.1. 3.4.3 Omgevingsvergunning silo's en vergelijkbare installaties Burgemeester en wethouders kunnen door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.2.2, onder 1 voor de bouw van silo's en voor de werking daarvan verband houdende installaties zoals transportbanden met een bouwhoogte tot maximaal 45 meter onder de voorwaarde dat de silo en daarmee verband houdende installatie deel uitmaakt van de bedrijfsvoering van het betreffende bedrijf. 3.4.4 Omgevingsvergunning extra vierkante meters brutovloeroppervlak 1. Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.2.1, onder 4 voor het toestaan van extra brutovloeroppervlak, onder de volgende voorwaarden: a. er in totaal voor het hele plangebied niet meer dan 170.000 m2 brutovloeroppervlak mag worden toegevoegd; b. er geen onaanvaardbare aantasting van de bereikbaarheid van het bedrijventerrein of de daar gevestigde bedrijven plaatsvindt door de vestiging van bedrijven die volgens de Lijst van bedrijfsactiviteiten een indicatie 3G of 3P voor verkeer hebben; c. dit niet leidt tot milieuhygiënische bezwaren; d.
de op de verbeelding aangegeven 'maximum bebouwingspercentage' en 'maximum bouwhoogte' niet wordt overschreden; 2. De in sub 1 genoemde extra brutovloeroppervlak wordt gereserveerd op volgorde van binnenkomst van een ontvankelijke aanvraag om omgevingsvergunning. Na onherroepelijk 1 0 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
Utrecht
worden van de omgevingsvergunning wordt de extra bruto vloeroppervlak als definitief toegevoegd beschouwd. Bij een onherroepelijke weigering van de omgevingsvergunning vervalt de reservering. 3.5
Specifieke gebruiksregels
Met betrekking tot het gebruik gelden de volgende regels: 1. 2. 3. 4. 5.
6. 7.
3.6
Wgh-inrichtingen zijn uitsluitend toegestaan op het industrieterrein als omschreven in artikel 1, lid 1.37 ter plaatse van de aanduiding 'Overig-industrieterreinzone'; nieuwe geurrelevante inrichtingen zijn niet toegestaan; Bevi-inrichtingen zijn niet toegestaan; ter plaatse van de aanduiding 'veiligheidszone' zijn geen kwetsbare objecten als bedoeld in het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer toegestaan. ter plaatse van de aanduiding 'veiligheidszone' zijn binnen een zone van 4 meter gemeten vanaf de rand van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf- gasontvangststation' geen beperkt kwetsbare objecten als bedoeld in het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer toegestaan. opslag van meer dan 10.000 kg consumentenvuurwerk is niet toegestaan; oprichting, uitbreiding en wijziging van inrichtingen en/of installaties als bedoeld in bijlage C of D van het Besluit milieueffectrapportage, zoals geldend ten tijde van het vaststellen van het bestemmingsplan, waarbij de betreffende drempelwaarde genoemd in kolom 2 van de betreffende onderdelen worden overschreden, zijn niet toegestaan. Afwijken van de gebruiksregels
3.6.1 Omgevingsvergunning aspect 'geur' 1. Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.5 onder 2 en een nieuwe geurrelevante inrichting toestaan, mits daarmee geen aantoonbare overschrijding van de aanvaardbare cumulatieve geurbelasting optreedt. Bij de beoordeling of geen aantoonbare overschrijding van de aanvaardbare cumulatieve geurbelasting optreedt, wordt getoetst aan de Beleidsregel geur bestemmingsplan Lage Weide van oktober 2018. 2. De in sub 1 bedoelde geurruimte wordt gereserveerd op volgorde van binnenkomst van een ontvankelijke aanvraag om omgevingsvergunning. Na onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning wordt de extra geurruimte als definitief toegevoegd beschouwd. Bij een onherroepelijke weigering van de omgevingsvergunning vervalt de reservering. 3.6.2 Omgevingsvergunning ander soort bedrijf Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.1: 1.
2.
om bedrijven toe te laten in één of twee categorieën hoger of lager dan in lid 3.1 genoemd, voor zover het betrokken bedrijf naar aard en invloed op de omgeving (gelet op de specifieke werkwijze of bijzondere verschijningsvorm alsmede getoetst aan de aangegeven maatgevende milieuaspecten) geacht kan worden gelijk te zijn aan de in lid 3.1 genoemde categorieën van de Lijst van Bedrijfsactiviteiten; door bedrijven toe te laten die niet in de Lijst van Bedrijfsactiviteiten zijn genoemd, voor zover deze bedrijven naar aard en invloed op de omgeving (gelet op de specifieke werkwijze of bijzondere verschijningsvorm) geacht kan worden te behoren tot de categorieën van de Lijst van Bedrijfsactiviteiten, zoals in lid 3.1 genoemd.
3.6.3 Omgevingsvergunning Bevi - inrichtingen Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.5, onder 3, ten behoeve van het vestigen van Bevi-inrichtingen, mits: 1.
a. b. 2. a. b. c.
per geval van de betreffende Bevi-inrichting de 10-6-contour voor het plaatsgebonden risico of, indien van toepassing, de afstand zoals bedoeld in artikel 5, lid 3 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen juncto artikel 2, lid 1 van de Regeling externe veiligheid inrichtingen, is gelegen: binnen het bouwperceel van de Bevi-inrichting, of buiten het bouwperceel van de Bevi-inrichting uitsluitend op gronden met de bestemming Groen, Verkeer of Water en gelegen binnen het grondgebied van gemeente Utrecht, e n in de omgevingsvergunning voor het afwijken: het groepsrisico wordt verantwoord en als aanvaardbaar wordt beschouwd; cumulatieve effecten zijn beschreven en als aanvaardbaar worden beschouwd, e n domino-effecten zijn beschreven en als aanvaardbaar worden beschouwd.
bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
11
3.6.4 Omgevingsvergunning zelfstandig kantoor Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.1, onder 2, voor het inrichten en gebruiken van een aan de bedrijfsactiviteiten ondergeschikte en daarmee samenhangende kantoorruimte, als een zelfstandig kantoor: 1. 2. 3.
voor zover in het betreffende geval het gebouw ouder is dan 3 jaar; tot een brutovloeroppervlakte van ten hoogste 70% van de totale brutovloeroppervlakte, met een maximum van 1.500 m²; mits wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid.
3.6.5 Wetgevingzone - afwijkingsgebied -1 1. Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.1, onder 1, ten behoeve van het vestigen van detailhandel in volumineuze goederen, al dan niet als nevenactiviteit, ter plaatse van de aanduiding 'wetgevingszone - afwijkingsgebied- 1', mits: a. wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid; b. de functie niet leidt tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van verkeer; c. de detailhandel past binnen de volgende branches: detailhandel in auto's, motoren, boten, caravans, tenten en kampeerartikelen; detailhandel in auto- en motormaterialen; detailhandel in keukens, badkamers, sanitair en tegels; detailhandel in volumineuze artikelen zoals zonwering, tuinhuisjes, buitenspeeltoestellen, zwembaden, tuinbeelden, haarden, grafzerken, paardentrailers, aanhangwagens, etc.; brand- en explosiegevaarlijke stoffen, grove bouwmaterialen, landbouwwerktuigen. 2. de gezamenlijke verkoopvloeroppervlakte van alle -de bestaande en de met deze ontheffing toegestane- vestigingen van detailhandel in volumineuze goederen in het plangebied niet meer dan 17.000 m² bedraagt, waarbinnen de gezamenlijke verkoopvloeroppervlakte van alle vestigingen van detailhandel in keukens, badkamers, sanitair en tegels niet meer dan 7.000 m² mag bedragen.
3.6.6 Omgevingsvergunning afhaalpunten webwinkels Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.1, onder 4, ten behoeve van het vestigen van een afhaalpunt bij een webwinkel, onder de volgende voorwaarden: 1. 2. 3. 4. 3.7
het afhaalpunt is gevestigd bij een bedrijf dat opslag en distributie als primaire bedrijfsactiviteit heeft; het afhaalpunt maximaal 50 m2 bedraagt; een showroom niet is toegestaan; geen sprake is van onevenredige gevolgen voor de omgeving, in de vorm van verkeers- of parkeeroverlast. Omgevingsvergunning - opslag vuurwerkbedrijf
Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.5, onder 4, ten behoeve van het vestigen van opslagen van meer dan 10.000 kg consumentenvuurwerk, mits per geval van de betreffende opslag de veiligheidsafstand volgens het Vuurwerkbesluit is gelegen: 1. 2.
binnen het bouwperceel van de betreffende inrichting waartoe de opslag behoort, of daarbuiten uitsluitend op gronden met de bestemming Groen, Verkeer of Water en gelegen binnen het grondgebied van gemeente Utrecht, en mits voldaan wordt aan het Vuurwerkbesluit.
Artikel 4 4.1
Bedrijventerrein - II
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Bedrijventerrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. bedrijven en activiteiten, waar dit specifiek is aangeduid uitsluitend voor bedrijven uit de in bijlage 2 Lijst van ter plaatse van de aanduiding: bedrijfsactiviteiten genoemde categorieën: 1 tot en met 4.1 'bedrijf tot en met categorie 4.1' 2. aan de bedrijfsactiviteiten ondergeschikte en daarmee samenhangende kantoorruimte onder de voorwaarde dat niet meer dan 30% van de brutovloeroppervlakte van het bedrijfsgebouw voor ondergeschikte en daarmee samenhangende kantoorruimte mag worden gebruikt; 3. de bij de bestemming behorende verkeers-, parkeer- en groenvoorzieningen, nutsvoorzieningen, water, tuinen, erven en terreinen. 1 2 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
Utrecht
4.2
Bouwregels
Binnen deze bestemming mogen bouwwerken ten dienste van deze bestemming worden gebouwd, met inachtneming van de volgende bepalingen: 4.2.1 Gebouwen 1. gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; 2. de afstand van gebouwen tot de zijdelingse perceelsgrens, mag niet minder dan 5 meter bedragen; 3. het bebouwingspercentage mag per bouwperceel niet minder dan 30% en niet meer dan 70% bedragen, tenzij anders is aangegeven; 4. de bouwhoogte van gebouwen langs de Proostwetering, de Meijewetering en Krommewetering moet minimaal 6 meter bedragen, met uitzondering van het verkooppunt voor motorbrandstoffen met lpg waarvoor geen minimale hoogte wordt vastgesteld. Voor de rest van de gronden geldt dat de bouwhoogte van gebouwen minimaal 3,5 meter dient te bedragen; 5. in afwijking van het bepaalde onder 1 mogen gebouwen van ondergeschikte aard, zoals een fietsenstalling, buiten het bouwvlak worden gebouwd tot een gezamenlijk oppervlakte van maximaal 20 m2 per bouwperceel tot een maximale bouwhoogte van 3 meter; 6. bestaande hoofdgebouwen die niet voldoen aan het bepaalde vermeld onder 1 tot en met 5, mogen worden gehandhaafd en vernieuwd, maar de afwijking mag niet worden vergroot. 4.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde 1. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 3 meter bedragen; 2.
het bepaalde onder 1 geldt niet voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ter geleiding, begeleiding en regeling van het verkeer; 3. voor vlaggenmasten geldt het volgende: a. aan de Proostwetering: er mogen maximaal 3 vlaggenmasten per bouwperceel worden geplaatst. De hoogte van de mast dient 12 meter te bedragen. Bij realisatie van meer dan één vlaggenmast worden de vlaggenmasten in de lengterichting (parallel aan de Proostwetering) geplaatst. Tussen de vlaggenmasten dient een ruimte van 4 meter te bestaan; b. aan de Krommewetering/Meijewetering: er mogen maximaal drie vlaggenmasten per bouwperceel worden geplaatst. De hoogte van de mast dient 10 meter te bedragen. Bij realisatie van meer dan één vlaggenmast worden de vlaggenmasten in de lengterichting geplaatst. Tussen de vlaggenmasten dient een ruimte van 3 meter te bestaan; 4. bestaande bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die niet voldoen aan het bepaalde vermeld onder 1 tot en met 3 mogen worden gehandhaafd en/of vernieuwd, maar de afwijkingen mogen niet worden vergroot. 4.3
Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders kunnen door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde vermeld in: 1. 2. 3. 4.4
artikel 4.2.1 onder 3 voor zover betreft het minimum bebouwingspercentage van 30%, onder de voorwaarde dat inzicht wordt gegeven in de fasering van de uitvoering van het resterende deel; artikel 4.2.1 onder 4 voor zover bij bebouwing ten behoeve van openbare nutsvoorzieningen; artikel 4.2.2 onder 1 ten behoeve van lichtmasten tot maximaal 7 meter hoog. Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en afmeting van de bebouwing, ten behoeve van: 1. 2. 3. 4. 5. 4.5
een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; de verkeersveiligheid; de milieusituatie; de sociale veiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en/of bouwwerken. Specifieke gebruiksregels
Met betrekking tot het gebruik gelden de volgende regels: 1. 2. 3. 4.
Wgh-inrichtingen zijn uitsluitend toegestaan op het industrieterrein als omschreven in artikel 1, lid 1.37, ter plaatse van de aanduiding 'Overig-industrieterreinzone'; Bevi-inrichtingen zijn niet toegestaan; bedrijfswoningen zijn niet toegestaan; het gebruik van gronden ten behoeve van opslag van goederen, anders dan in een bouwwerk, is niet toegestaan;
bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
13
5. 6. 7. 8. 9. 4.6
het gebruik van onbebouwde gronden ten behoeve van ontsluitingen van bedrijven langs de Proostwetering die breder zijn dan 7 meter is niet toegestaan; het gebouw van onbebouwde gronden ten behoeve van ontsluitingen van bedrijven langs de Krommewetering en Meijewetering die breder zijn dan 17 meter is niet toegestaan; laden en lossen mag uitsluitend aan de zijkanten of aan de achterkant van de bedrijfsgebouwen plaatsvinden; opslag van meer dan 10.000 kg consumentenvuurwerk is niet toegestaan; nieuwe inrichtingen en activiteiten die zijn vermeld in bijlage C of D van het Besluit milieu-effectrapportage 1994, zoals dat laatstelijk is gewijzigd, zijn niet toegestaan. Afwijken van de gebruiksregels
Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: 1.
2.
3.
4.7
artikel 4.1 onder 1 om bedrijven toe te laten in hogere milieucategorie dan in artikel 4.1 onder 1, voor zover het betrokken bedrijf naar aard en invloed op de omgeving (gelet op de specifieke werkwijze of bijzondere verschijningsvorm alsmede getoetst aan de aangegeven maatgevende milieuaspecten) geacht kan worden gelijk te zijn aan de in artikel 4.1 onder 1 vermelde categorieën van de bij deze regels behorende Lijst van Bedrijfsactiviteiten; artikel 4.1 onder 1 voor bedrijven toe te laten die niet in de bij deze regels behorende Lijst van Bedrijfsactiviteiten zijn vermeld, voor zover deze bedrijven naar aard en invloed op de omgeving (gelet op de specifieke werkwijze of bijzondere verschijningsvorm) geacht kan worden te behoren tot de categorieën van de bij deze regels behorende Lijst van Bedrijfsactiviteiten zoals in artikel 4.1 onder 1 vermeld; artikel 4.5 onder 7 indien de afmetingen van het desbetreffende perceel daartoe aanleiding geven, met dien verstande dat laden en lossen alleen aan de voorzijde van het gebouw kan plaatsvinden en het laad/losgedeelte is teruggeplaatst. Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders kunnen de Lijst van Bedrijfsactiviteiten wijzigen door het opnemen van bedrijven of het indelen van bedrijven in een andere categorie, indien ontwikkelingen op het gebied van de milieuhygiëne dan wel technologische ontwikkelingen daartoe aanleiding geven.
Artikel 5 5.1
Groen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
groenvoorzieningen, gazons en beplantingen; voet- en fietspaden; nutsvoorzieningen; speelvoorzieningen; kleinschalige dagrecreatieve voorzieningen; water, waterbeheer en waterberging; onderhoudspaden en -stroken ten behoeve van de aangrenzende bestemmingen; behoud, herstel en ontwikkeling van natuurwaarden en ecologische verbindingszones ter plaatse van de aanduiding 'ecologische waarde'; 9. ter plaatse van de aanduiding 'geluidscherm' tevens voor een geluidswal of -scherm; 10. de bij de bestemming behorende voorzieningen zoals kunstwerken waaronder duikers, bruggen en faunapassages. 5.2 1. 2. 3. 4.
Bouwregels de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag maximaal 3 meter bedragen, met uitzondering van terrein- en erfafscheidingen welke maximaal 1 meter hoog mogen zijn; de bouwhoogte van speelvoorzieningen mag in afwijking van het bepaalde vermeld onder 1, niet meer bedragen dan 4 meter; het gestelde onder 1 geldt niet voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ter geleiding, begeleiding en regeling van het verkeer; bestaande bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die niet voldoen aan het bepaalde vermeld onder 1 en 2 mogen worden gehandhaafd en/of vernieuwd, maar de afwijkingen mogen niet worden vergroot.
1 4 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
Utrecht
5.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 1.
Het is verboden om zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van burgemeester en wethouders ter plaatse van de aanduiding 'ecologische waarde' de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren: a. het verwijderen, aanleggen of verharden van wegen, paden of parkeergelegenheden en het aanbrengen van eventuele andere oppervlakteverhardingen (al dan niet tijdelijk); b. het aanbrengen van boven en/of ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur; c. het ontginnen, verlagen, afgraven, ophogen, opvullen of egaliseren van de bodem waaronder begrepen het ophogen met bagger- of grondspecie; d. het vellen of rooien van houtopstanden of -gewassen, anders dan bij wijze van verzorging; e. het aanleggen van oeverbeschoeiingen, kaden of aanlegplaatsen; f. het, al dan niet tijdelijk, opslaan en/of storten van bouw- en afvalmateriaal; g. het verlagen of verhogen van de grondwaterstand; h. het permanent aanleggen van dammen of soortgelijke constructies, die de watergang beïnvloeden, in waterlopen. 2. Het verbod als bedoeld in dit lid, onder 1, is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: a. betrekking hebben op het normaal onderhoud en beheer; b.
reeds in uitvoering zijn, voor zover daarvoor tot het tijdstip van het van kracht worden van het plan geen omgevingsvergunning was vereist; c. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning; 3. de werken of werkzaamheden als bedoeld in dit lid, onder 1 zijn slechts toelaatbaar voor zover geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de ecologische en natuurwaarden van de gronden.
Artikel 6 6.1
Leiding - Gas
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Leiding - Gas' aangewezen gronden zijn, naast voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een aardgastransportleiding en daarbij behorende voorzieningen, met de hartlijn van de leiding uitsluitend ter plaatse van de aanduiding: 'hartlijn leiding - gas'. 6.2 1.
2. 3.
4.
6.3
Bouwregels Binnen deze bestemming mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten dienste van de bestemming 'Leiding - Gas' worden gebouwd, waarvan de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 2 meter; De diameter en de druk van de bestaande leiding mogen niet worden gewijzigd; Ten behoeve van de andere, voor deze gronden geldende bestemming (en) mag – met inachtneming van de voor betrokken bestemming(en) geldende regels – uitsluitend worden gebouwd, indien dit betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering; In geval van strijdigheid van bepalingen gaan de bepalingen van dit artikel vóór de bepalingen die op grond van andere artikelen op de desbetreffende gronden van toepassing zijn. Verder geldt voor zover de op de verbeelding weergegeven dubbelbestemmingen geheel of gedeeltelijk samenvallen, dat de dubbelbestemming 'Leiding – Gas' voorrang krijgt. Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van de regels in lid 6.2 ten behoeve van het bouwen overeenkomstig de andere bestemmingen van deze gronden, met inachtneming van de desbetreffende regels, mits: 1. 2.
de veiligheid met betrekking tot de gasleiding niet wordt geschaad en geen kwetsbare objecten worden toegelaten, en; ter zake daarvan vooraf advies van de beheerder van de betreffende leiding is ingewonnen.
bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
15
6.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 1.
2.
3.
Het is verboden op of in de gronden met de bestemming 'Leiding - Gas' zonder of in afwijking van omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het aanleggen van wegen of paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; b. het aanbrengen en het rooien/vellen van hoogopstaande of diepwortelende beplantingen en bomen; c. het aanleggen van andere kabels en leidingen dan in de bestemmingsomschrijving is aangegeven, en het aanbrengen van daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; d. het indrijven van voorwerpen in de bodem; e. het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; f. het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren; g. het permanent opslaan van goederen waaronder ook begrepen het opslaan van afvalstoffen; h. het plaatsen van onroerende objecten zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair. Het verbod genoemd in lid 6.4 onder 1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: a. noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarvoor een omgevingsvergunning is verleend, zoals in lid 6.3 bedoeld; b. normaal onderhoud en beheer betreffen; c.
al in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan. De werken en werkzaamheden, zoals in lid 6.4 onder 1 bedoeld, zijn slechts toelaatbaar, indien het leidingbelang daardoor niet onevenredig wordt geschaad. Alvorens te beslissen wint het college van burgemeester en wethouders vooraf advies in bij de beheerder van de betreffende leiding.
Artikel 7 7.1
Leiding - Hoogspanningsverbinding
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor: 1. 2. 3. 4. 5. 7.2 1. 2.
7.3
een bovengrondse hoogspanningsverbinding uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'hartlijn leiding - hoogspanningsverbinding'; een belemmeringenstrook ter breedte van 27,5 meter aan weerszijden van de hartlijn van de leiding; het beheer en onderhoud van de verbinding; de bescherming van het woon- en leefklimaat in verband met de leiding; met bijbehorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Bouwregels in afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen mogen alleen bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van deze bestemming worden gebouwd; de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag voor hoogspanningsmasten ten hoogste 40 meter bedragen en voor overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten hoogste 3 meter. Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 7.2 voor het bouwen overeenkomstig de andere bestemmingen, mits advies is verkregen van de leidingbeheerder.
Artikel 8 8.1
Leiding - Riool
Bestemmingsomschrijving
De voor Leiding - Riool aangewezen gronden zijn behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en) mede bestemd voor een ondergrondse rioolpersleiding. 1 6 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
Utrecht
8.2
Bouwregels
Binnen deze bestemming mogen, in afwijking van het bepaalde ten aanzien van de overige bestemmingen, uitsluitend in de bestemming passende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd, waarvan de hoogte niet meer mag bedragen dan 2 meter. 8.3
Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in artikel 8.2 voor: 1.
2.
het bouwen van gebouwen ten behoeve van de overige voor deze gronden aangewezen bestemmingen, met inachtneming van de betreffende regels van dit plan, mits vooraf advies wordt ingewonnen bij de beheerder van de betreffende leiding; het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van de overige voor deze gronden aangewezen bestemmingen, met inachtneming van de betreffende regels van dit plan, mits vooraf advies wordt ingewonnen bij de beheerder van de betreffende leiding.
Artikel 9 9.1
Milieuzone - Boringsvrije Zone
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Milieuzone - Boringsvrije zone' aangewezen gronden zijn, naast voor de andere daar voorkomende bestemming(en), bedoeld voor het behoud van de beschermende laag in de bodem, de boringsvrije zone van het grondwaterwingebied Leidsche Rijn. 9.2
Bouwregels
Op deze zone zijn de provinciale regels van toepassing. Het roeren van gronden, zoals het maken van boorputten, grond- en funderingswerken, dieper dan 40 meter onder het maaiveld zijn niet toegestaan, tenzij hiervoor toestemming van de provincie Utrecht is verkregen.
Artikel 10 10.1
Verkeer
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. rijwegen bestaande uit twee keer één rijstrook, in- en uitvoegstroken daar niet bij inbegrepen; 2. fiets- en voetpaden; 3. parkeervoorzieningen; 4. water en kruisingen met water; 5. waterbeheer en waterberging; 6. hoogwaardig openbaar vervoerbanen; 7. bestaande groepsschuilplaatsen; 8. geluidwerende voorzieningen; 9. faunapassages; 10. de bij de bestemming behorende verkeers- en groenvoorzieningen, nutsvoorzieningen, fietsenstallingen, reclame-uitingen en kunstwerken. 10.2
Bouwregels
Binnen deze bestemming mogen bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd met in achtneming van de volgende bepalingen: 1. 2. 3. 4.
de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 3 meter bedragen; in afwijking van het gestelde onder 1 mag de bouwhoogte van palen en masten niet meer bedragen dan 6 meter; het gestelde onder 1 geldt niet voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ter geleiding, begeleiding en regeling van het verkeer; bestaande bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die niet voldoen aan het bepaalde vermeld onder 1, 2 of 3 mogen worden gehandhaafd en/of vernieuwd, maar de afwijkingen mogen niet worden vergroot.
bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
17
Artikel 11 11.1
Verkeer - Rijkswegen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Verkeer - Rijkswegen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
rijwegen tot een maximum van 10 rijstroken met uitzondering van in- en uitvoegstroken, busstroken en weefvakken, alsmede een ontsluitingsweg met ten hoogste 2 rijkstroken; fiets- en voetpaden; parkeervoorzieningen; waterbeheer,- berging en kruisingen met water; geluidwerende voorzieningen; de bij de bestemming behorende verkeers- en groenvoorzieningen, calamiteiten- en vluchtroutes, leidingen, nutsvoorzieningen, fietsenstallingen, reclame-uitingen en kunstwerken.
11.2
Bouwregels
Binnen deze bestemming mogen bouwwerken ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met in achtneming van de volgende bepalingen: 11.2.1 Gebouwen 1. de bouwhoogte van gebouwen mag niet meer dan 4 meter bedragen; 2. de omvang van een gebouw mag niet meer dan 25 m² bedragen; 3. bestaande gebouwen, die afwijken van het bepaalde onder 1 en 2 mogen worden gehandhaafd en vernieuwd, mits de afwijkingen niet worden vergroot. 11.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde 1. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 20 meter bedragen met uitzondering van hoogspanningsmasten.
Artikel 12 12.1
Water
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
waterlopen met bijbehorende taluds en oevers; waterhuishouding, waterbeheer en waterberging; verkeer te water, met inbegrip van lig-, laad- en losplaatsen en andere water- en havengebonden voorzieningen; bestaande kruisingen met wegverkeer en railverkeer (bruggen); groenvoorzieningen; kunstwerken en kademuren.
12.2 1.
2.
Bouwregels
Binnen deze bestemming mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van deze bestemming worden gebouwd, waarvan, uitgezonderd kunstobjecten en bouwwerken ten behoeve van verlichting, geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer, de bouwhoogte niet meer dan 20 meter mag bedragen. de bouwhoogte van bruggen mag niet meer dan de bestaande bouwhoogte bedragen.
Artikel 13 13.1
Waterstaat - Waterkering
Bestemmingsomschrijving
De voor Waterstaat - Waterkering aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het in stand houden en het onderhoud van de waterkering naast de andere krachtens dit plan hieraan gegeven bestemmingen. 13.2
Bouwregels
Binnen deze bestemming mogen, in afwijking van het bepaalde ten aanzien van de overige bestemmingen, uitsluitend in de bestemming passende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd, waarvan de hoogte niet meer mag bedragen dan 2 meter.
1 8 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
Utrecht
13.3
Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 13.2 voor: 1.
2.
het bouwen van gebouwen ten behoeve van de overige voor deze gronden aangewezen bestemmingen, met inachtneming van de betreffende regels van dit plan, mits vooraf advies wordt ingewonnen bij de beheerder van de betreffende waterkering; het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van de overige voor deze gronden aangewezen bestemmingen, met inachtneming van de betreffende regels van dit plan, mits vooraf advies wordt ingewonnen bij de beheerder van de betreffende waterkering.
Artikel 14 14.1
Gemengd - Uit te werken
Bestemmingsomschrijving
De voor Gemengd (uit te werken) aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
bedrijven tot ten hoogste categorie 3.2 zoals vermeld in de bij deze regels behorende Lijst van Bedrijfsactiviteiten; aan de bedrijfsactiviteiten ondergeschikte en daarmee samenhangende kantoorruimte; maatschappelijke voorzieningen; sport en recreatie, volkstuinen en waterrecreatie daaronder begrepen; detailhandel die door het benodigde terrein- of vloeroppervlakte niet past binnen de reguliere winkelgebieden; horeca tot en met categorie A1 zoals vermeld in de bij deze regels behorende Lijst van Horeca-activiteiten; verkooppunten voor motorbrandstoffen; dienstverlening; de bij de bestemming behorende verkeers-, parkeer- en groenvoorzieningen, alsmede waterrecreatie, tracés voor openbaar vervoer, nutsvoorzieningen, leidingen, water, tuinen, erven en terreinen.
14.2
Uitwerkingsregels
Burgemeester en wethouders werken de in artikel 14.1 bedoelde bestemming uit met inachtneming van artikel 3.6 Wet ruimtelijke ordening en de volgende uitwerkingsregels: 1. 2.
de bouwhoogte bedraagt maximaal 18 meter; ter plaatse van de aanduiding 'zone industrielawaai' zijn gevoelige functies zoals bedoeld in het Besluit geluidhinder niet toegestaan.
14.3
Bouwregels
Binnen deze bestemming mag uitsluitend worden gebouwd in overeenstemming met een uitwerkingsplan dat rechtskracht heeft verkregen en krachtens het in een zodanig plan bepaalde. 14.4
Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 14.3 ten behoeve van het oprichten van bouwwerken voordat de bestemming overeenkomstig artikel 14.3 is uitgewerkt en onherroepelijk is geworden, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: 1.
2.
de op te richten bebouwing in overeenstemming is met een reeds vastgesteld uitwerkingsplan of met een daarvoor gemaakt ontwerp, ofwel met een document zoals een concept-uitwerkingsplan, waaruit de inpasbaarheid in de integrale uitwerking redelijkerwijs overzienbaar is; een ieder in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze tegen het ontwerp van het uitwerkingsplan dan wel het bouwplan mondeling en/of schriftelijk kenbaar te maken.
14.5
Gebruiksregel
Binnen deze bestemming mag, zolang deze nog niet is uitgewerkt, het bestaande gebruik of gebruik op grond van een omgevingsvergunning niet worden gewijzigd.
bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
19
14.6
Afwijken van de gebruiksregels
Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in artikel 14.5 ten behoeve van het wijzigen van het gebruik voordat de bestemming is uitgewerkt, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: 1.
2.
de beoogde wijziging van het gebruik in overeenstemming is met een reeds vastgesteld uitwerkingsplan of met een daarvoor gemaakt ontwerp, ofwel met een document zoals een concept-uitwerkingsplan, waaruit de inpasbaarheid in de integrale uitwerking redelijkerwijs overzienbaar is; een ieder in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze tegen het ontwerp van het uitwerkingsplan dan wel de beoogde wijziging van het gebruik mondeling en/of schriftelijk kenbaar te maken.
2 0 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan gasleiding bedrijventerrein Lage Weide - De Wetering" (vastgesteld)
Utrecht
Hoofdstuk 3 Artikel 15 15.1
Bouwen en slopen
Inleidende bepalingen over het bouwen en het slopen
Werking van de regels in dit hoofdstuk
Regels in dit hoofdstuk blijven buiten toepassing voor zover zij niet te verenigen zijn met een regel over de toegewezen functie, met uitzondering van de regels in lid 16.2, die altijd van toepassing is. 15.2
Nieuwe bouwwerken
Het bouwen is alleen toegestaan als de activiteit bouwen past bij het doel van de functie en als ook de activiteit of activiteiten waar het bouwwerk voor gebouwd wordt passen bij het doel van de functie. 15.3 1. 2.
Bestaande bouwwerken
Bouwwerken die legaal zijn gebouwd, zijn in overeenstemming met de regels die dit plan over de activiteit bouwen stelt. Bouwwerken of voorzieningen die zijn gebouwd of aangebracht om te voldoen aan een voorwaarde van een regel over een functie die op een locatie geldt, mogen niet worden gesloopt, verwijderd of veranderd, als daardoor niet meer aan die voorwaarde wordt voldaan.
15.4
Voorbereiding van de bouw: peil aangeven, rooilijnen uitzetten
De bouw van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend mag in ieder geval niet beginnen, voordat het bevoegde gezag of zijn vertegenwoordiger: het straatpeil heeft aangegeven e n de rooilijnen en bouwgrenzen op het bouwterrein heeft uitgezet of heeft vastgesteld dat het aangeven van het straatpeil of het uitzetten van rooilijnen niet nodig is.
Artikel 16 16.1 1. 2. 3.
Bijzondere regels over bouwen
Voorwaardelijke verplichting over parkeren
Een vergunning voor het bouwen wordt alleen verleend, als vast staat dat er voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. De regel onder 1 is niet van toepassing op het bouwen van bijhorende bouwwerken. Aan de hand van beleidsregels waarin de normen voor parkeergelegenheid zijn opgenomen, stellen burgemeester en wethouders vast of aan de regel onder 1 wordt voldaan.
16.2
Woningvorming en omzetting
Het verbouwen, vervangen of vergroten van een woning die de vorming van een extra woning of de omzetting van zelfstandige naar onzelfstandige woonruimte tot gevolg heeft is alleen toegestaan als de eigenaar van de woning voldoet aan artikel 22, lid 22.3.