CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bouwenvelop Johan Wagenaarkade 1-10 bis.pdf

Commissie Stad en Ruimte (2008-2021) 18 maart 2021, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsbrief Bouwenvelop Johan Wagenaarkade 1 – 10bis15.738 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021 - 31

Tijdens verschillende observaties rond het ingaan van de school in de ochtend zijn in totaal circa 35 auto’s geteld van die kinderen kwamen brengen of halen. De auto’s kwamen voor ongeveer 50% uit noordelijke richting en ongeveer 50% uit zuidelijke richting. Dergelijke aantallen zorgen naar verwachting net als nu voor enige drukte rond het ingaan en uitgaan van de school. Parkeren Rechtens verkregen niveau Onderstaande berekening laat zien wat het rechtens verkregen niveau is van het plangebied waaruit de conclusie getrokken kan worden dat van de nieuwe parkeereis, na afronding 20 parkeerplaatsen afgetrokken mag worden. Een recente parkeerdrukmeting, die is uitgevoerd door Goudappel Coffeng, laat zien dat er in het openbaar gebied geen parkeerruimte is om het aantal te realiseren parkeerplaatsen te verminderen. Berekening rechtens verkregen niveau Johan Wagenaarkade 1-10bis Schema Functie

Aantal

maximum parkeernorm

aantal

wonen 80-130 m2 bvo

20 bewoners

1,1

-22

wonen 80-130 m2 bvo

20 bezoekers

0,3

-6

Opheffen 8 openbare pp

8

1

8

Saldo reductie

-20

Parkeerbalans In de nieuwe situatie wordt een programma gerealiseerd dat bestaat uit 54 appartementen, waarvan 22 in de categorie 80-130m2 bruto vloeroppervlak (BVO) vallen en 32 in de categorie 55-80m2 BVO. Op basis van de gemeentelijke parkeernormen leidt dit, rekening houdend met het rechtens verkregen niveau en dubbelgebruik tot een parkeerbehoefte van 20 parkeerplaatsen. De berekening hoe tot dit resultaat is gekomen is bijgevoegd als bijlage A. De benodigde parkeerplaatsen kunnen niet allemaal binnen het plangebied gerealiseerd worden. Op het binnenterrein bij de woningen is ruimte om 14 parkeerplaatsen te realiseren. Om extra ruimte te creëren voor parkeerplaatsen is besloten langs de Hendrika van Tussenbroeklaan een strook parkeerplaatsen te realiseren. Hiermee kan worden voorzien in 6 extra parkeerplaatsen. Fietsparkeren Fietsparkeren wordt inpandig gerealiseerd in een gezamenlijke fietsenstalling. Deze stalling voldoet aan de voorwaarden zoals gesteld in het addendum op de ‘Nota Parkeernormen fiets en auto’. Deze stalling biedt gelegenheid voor het parkeren van 164 fietsen waarmee aan de parkeerbehoeften voor fietsen kan worden voldaan.

32 - Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021

4.5

Openbare ruimte

De drie volumes vormen een nieuw front aan het vergrote AmsterdamRijnkanaalpark. Deze vergroting vindt plaats door de opheffing van het zuidelijke deel van de Johan Wagenaarkade (weg). In het ontwerp worden bestaande bomen zoveel mogelijk opgenomen en in het park versterkt door aanplant van extra bomen, zodat boomgroepen ontstaan die het parkachtige karakter versterken. De ontwikkeling draagt bij aan de verbetering van de openbare ruimte en aan een gezonde verstedelijking. Zowel in de architectuur als in de inrichting van de buitenruimte wordt nagestreefd dat het gehele bouwblok als één eenheid/ensemble zal aandoen. Een belangrijk kenmerk van het huidige ensemble is dat alle gebouwen dezelfde steenkleur hebben. De nieuwe gebouwen zullen een metselwerk krijgen die goed aansluit bij de huidige gebouwen. Ook de steen van de bestrating van het binnengebied zal hierop worden afgestemd zodat er een mooie eenheid ontstaat. Een ander duidelijk kenmerk van het ensemble is de haag die rond de gebouwen ligt, zowel in de binnentuin als aan de openbare ruimte. De nieuwe bouwblokken worden ook met hagen omsloten. Dit zullen hagen zijn die overeenkomen met de wat grotere schaal van het park en de bouwblokken. Deze dikke hagen zullen op een robuuste manier de buitenruimten van de woningen op de begane grond omsluiten. In de binnentuin en het park staan enkele grote bestaande bomen.

Deze losjes verstrooide bomen, wat een natuurlijk effect geeft, blijven behouden.

Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021 - 33

Afbeelding: Bomenkaart Te behouden bomen Te kappen bomen

34 - Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021

Op de positie van de twee bestaande ommuurde perken worden grote groenvakken gemaakt, waarin onder andere de bestaande grote spar in opgenomen gaat worden. Door de nieuwe bomen zoveel als mogelijk te verstrooien (en niet strak uit te lijnen) over het plangebied ontstaat er een logische verbinding tussen parkzone en binnengebied. Door de alzijdige opzet en de afstand tussen de bebouwing ontstaat er een samenhang tussen het park en het binnengebied. Door de alzijdige opzet en de afstand tussen de bebouwing loopt de nieuwe parkinrichting tot aan de achtergelegen binnenstraat. De ruimte tussen de bebouwing krijgt hiermee een meer openbaar karakter. Het daar achtergelegen binnenterrein met parkeerplaatsen wordt afgeschermd en ingeplant met hagen, nieuwe bomen en beplanting. De woongebouwen krijgen een tweede entree aan de parkzijde, hier worden nieuwe paden aangelegd die verbonden worden met het doorlopende pad in het Amsterdam-Rijnkanaalpark. Uitgegaan wordt van materialisering volgens het Handboek Openbare Ruimte en het toepassen van waterdoorlatende verharding om zo veel mogelijk hemelwater af te koppelen. Het Inrichtingsplan binnenterrein wordt in ieder geval door de gemeente getoetst op bereikbaarheid/ toegankelijkheid van nood-en hulpdiensten, verlichting, breedte parkeervakken en rijweg. Mitros is verantwoordelijk voor het beheer van het binnenterrein.

De inrichting van de Hendrika van Tussenbroeklaan en de daar te realiseren parkeerplaatsen moeten voldoen aan de eisen, die de gemeente daaraan stelt. Het inrichtingsplan voor de parkzone wordt later afgerond en zal worden ingericht conform de principes van Rondje Stadseiland en Kadernota (zie paragraaf 3.4).

4.6

Duurzaamheidsmaatregelen extra boven Bouwbesluit.

Energievisie en verantwoording conform Utrechts Energie Protocol Voor het plan is door Mitros een energieconcept (visie) met een indicatieve EPC/BENG-berekening opgesteld. Hieruit blijkt dat met een EPC van 0,1 dan wel een BENG3 van meer dan 90 % kan worden behaald. Dit wat betreft de gebouwgebonden energie. Voor een klimaatneutraal plan (energie gebouw én gebruik) moet buiten het plangebied nog grofweg zo’n 100.000 kWh per jaar worden opgewekt. Dit komt overeen met 500 – 600 m2 zonnepanelen. Ambitie MPG ipv GPR In plaats van een GPR-berekening zal Mitros voor de MPG, (onderdeel van GPR) streven en onderzoek doen naar een betere prestatie dan die van het Bouwbesluit: 0,6 i.p.v. 1,0. Hierover zal voorafgaand aan de aanvraag een Omgevingsvergunning worden teruggekoppeld en onderdeel zijn van de omgevingsvergunning. Maatregelen, akties mbt circulair slopen Uit een inventarisatie van twee sloopbedrijven bleek dat er niet zo veel kan met de bestaande materialen, behalve gescheiden afvoeren. Als leuk detail komen de kozijnen van de ronde raampjes op de koppen van de huidige woningen terug in de nieuwbouw. Eerste idee is om er een spiegel in te plaatsen en in de 3 hallen op te hangen. Ook wordt met een partij gekeken of het hout van de 3 hazelaars (staan tussen de parkeerplaatsen) hergebruikt kunnen worden.

In de nieuwbouw komen onder andere balkons, die later gedemonteerd kunnen worden.

Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021 - 35

Maatregelen klimaatadaptatie deel bebouwing Door het plan neemt het groen toe ten nadele van de verharding. Daarnaast geeft Mitros door koeling in de woningen, zonneschermen, betere isolatie en toevoegen van bomen op eigen terrein antwoord op de hittestress. Diervriendelijk bouwen maatregelen Vanuit het Flora&Fauna-onderzoek zijn extra maatregelen niet nodig. Mitros zal in ieder geval een aantal vogelkasten meenemen in het verdere ontwerp en in afstemming met de stadsecoloog wordt onderzocht waar behoefte aan is in deze buurt en of dit binnen het plan van Mitros mogelijk is. Met deze afspraken worden maatregelen genomen boven het Bouwbesluit en draagt dit plan bij aan de ambities, die wij hebben als stad. Afbeelding: Impressie parkeerterrein met midden- en hoekblok

36 - Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021

Hoofdstuk 5 Onderzoek en haalbaarheid 5.1

Geluidhinder

Geluid kan de kwaliteit van de leef- en woonomgeving beïnvloeden. Geluidsbronnen die in het kader van de ruimtelijke inrichting en ontwikkeling van belang zijn, zijn onder meer wegverkeer, railverkeer, scheepvaart en bedrijven (waaronder ook stemgeluid). Voor sommige geluidsbronnen zijn wettelijke regels van kracht; voor andere moet een afweging plaatsvinden in het kader van een goede ruimtelijke ordening. De regels en normen van de Wet geluidhinder zijn van toepassing bij:

[ [ [ [

bestemmen van gronden voor nieuwe geluidgevoelige objecten als woningen en scholen; bestemmen van nieuwe (gezoneerde) wegen (niet bij woonerven of 30 km-wegen); reconstructie van wegen; geluidgezoneerde industrieterreinen.

De Wet geluidhinder hanteert twee grenswaarden voor de hoeveelheid geluid: 1.

De voorkeursgrenswaarde. Het streven is de geluidsbelasting onder dit niveau te houden waardoor ontwikkeling zonder meer mogelijk is. Alleen als voldaan wordt aan bepaalde voorwaarden, mogen geluidgevoelige objecten aan hogere waarden dan de voorkeursgrenswaarde worden blootgesteld. 2. De maximale ontheffingswaarde. Dit is het maximale geluidsniveau waaraan, onder voorwaarden, geluidgevoelige objecten mogen worden blootgesteld. Bij overschrijding van de voorkeursgrenswaarde kan er een ontheffing worden verleend door de gemeente (‘hogere waarde procedure’). Aan een ontheffing verbindt de gemeente Utrecht aanvullende randvoorwaarden (zie Geluidnota) zoals het hebben van een geluidluwe gevel, een rustige buitenruimte en een akoestisch gunstige woningindeling.

Vanuit het gezondheidsbeleid van Utrecht geldt een strengere ambitiewaarde (63 dB) dan de maximale wettelijke waarde en gelden bovenstaande eisen generiek. Voor wegen met een snelheidsregime van 30 km/u, scheepvaart en stemgeluid gelden geen normen maar deze moeten wel worden afgewogen en gemotiveerd. Daarbij kan er worden aangesloten bij vergelijkbare normen. Plansituatie Adviesbureau Tauw heeft een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de optredende geluidsbelastingen in het kader van de Wet geluidhinder en een goede ruimtelijke ordening. Het plangebied ligt binnen de (wettelijke) geluidzones van de rijkswegen A2 en A12, de Joseph Haydnlaan en het gezoneerde industrieterrein Hooggelegen. Daarnaast ligt het binnen de invloedsfeer van vaarverkeer over het Amsterdam-Rijnkanaal en meerdere 30 km/u-wegen. Uit het onderzoek blijkt dat de voorkeursgrenswaarde alleen door de rijkswegen wordt overschreden. Alle overige wegen (inclusief de 30 km/u wegen) en het industrieterrein voldoen wel. Voor de rijkswegen zal een ontheffing moeten worden verleend. Deze hogere waarde procedure moet parallel lopen aan de ruimtelijke procedure.

De gemeente verleent de hogere waarden alleen wanneer er voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: [ er moet per geluidbron een gevel aanwezig zijn met een geluidbelasting onder de voorkeursgrenswaarde (geluidluw): dat is het geval in het huidige ontwerp, de noordoostgevels zijn geluidluw [ er liggen voldoende verblijfsruimten aan de geluidluwe gevel: de indeling van de woningen moet hieraan voldoen [ minstens één buitenruimte moet aan een gevel liggen waarvan de geluidbelasting maximaal 5 dB hoger mag zijn dan die van de geluidsluwe gevel: bij situering aan de geluidluwe gevels, noordoostgevels, wordt aan deze voorwaarde voldaan

Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021 - 37

Het plan zal nader worden beoordeeld zodra de bestemmingsplanprocedure is opgestart. Voor scheepvaart gelden geen wettelijke (voorkeurs)grenswaarden. In het onderzoek is getoetst aan respectievelijk 51 (voorkeur) en 65 dB (maximaal). Uit de berekeningen blijkt dat de geluidbelasting ten gevolge van het vaarverkeer op het Amsterdam-Rijnkanaal 59 dB bedraagt. Het is hiermee de geluidbron die het meeste geluid veroorzaakt maar wel als acceptabel kan worden gesteld omdat de woningen door het gekozen ontwerp allemaal een geluidluwe gevel hebben voor deze geluidbron. Om het binnenniveau zoals vermeld in het Bouwbesluit in de woningen te garanderen dient de geluidwering te worden gedimensioneerd op het aspect scheepvaartlawaai. Geadviseerd wordt om het gemiddeld scheepvaartlawaai spectrum te hanteren uit “Geluidseffecten scheepvaartlawaai -metingen, literatuurstudie en ontwikkeling rekentool (rapportnummer PV.W3629. R01 d.d. 6 december 2004)” bij het bepalen van de geluidwerende voorzieningen. In het kader van de nieuwbouw aan de Johan Wagenaarkade is geen onderzoek naar de geluideffecten vanuit de peuterspeelzaal uitgevoerd. Bij een peuterspeelzaal is de voornaamste geluidbron het geluid van (buiten) spelende kinderen. Het betreft hier een peuterspeelzaal waarbij kinderen slechts beperkt buiten spelen. De kinderen zijn 2,5 uur per ochtend of middag aanwezig.

Een deel van deze periode kan buiten worden gespeeld. Ten aanzien van de nieuwbouw geldt dat de buitenruimten zich niet aan de zijde van de peuterspeelzaal bevinden, maar aan de noord, zuid- en westzijde van de bebouwing. Aan de zijde van de peuterspeelzaal bevinden zich met name slaap- en enkele woonkamers. Op tijden dat er geslapen wordt, vinden er geen activiteiten bij de peuterspeelzaal plaats. Op basis van bovenstaande is er sprake van een acceptabel akoestisch woon – en leefklimaat.

5.2

Luchtkwaliteit

Het plan heeft geen effect op de hoeveelheid scheepvaartverkeer in het Amsterdam Rijnkanaal. De bijdrage van de scheepvaart is daarom opgenomen in de achtergrond emissies. De luchtkwaliteit op de planlocatie en vaststellen van de bijdrage van het plan kan daardoor doorgeschoven worden naar de bestemmingsplanfase. Om het effect van de beoogde ontwikkeling op de luchtkwaliteit te toetsen is een luchtkwaliteitsonderzoek uitgevoerd (rapportage N0021266349SSW-V01-kzo-NL), waarbij een ‘niet in betekenende mate’ toets is uitgevoerd. Uit de toets blijkt dat de concentraties NO2, PM10 en PM2,5 allen onder de grenswaarde van 40 μg/m3 blijven. Hieruit wordt geconcludeerd dat het effect van de voorgenomen ontwikkeling op de luchtkwaliteit wordt beschouwd als ‘niet in betekenende mate’. Daarom zijn de geplande woningen vanuit het oogpunt van luchtkwaliteit inpasbaar. Stikstof Voor de beoogde ontwikkeling heeft er onderzoek naar stikstofdepositie plaatsgevonden (rapportage: R003-1266349NVG-V02-sbb-NL (002)). De depositiebijdragen zijn berekend met behulp van AERIUS Calculator. In dit onderzoek wordt geconcludeerd dat zowel in de aanleg- als de gebruiksfase van de te realiseren woningen de stikstofdepositie op omliggende Natura 2000-gebieden 0,00 mol/ha/jaar is.

Geconcludeerd wordt dat zowel de aanlegfase als de gebruiksfase niet leidt tot een verslechtering van de natuurlijke habitats en leefgebieden van soorten binnen nabijgelegen Natura 2000-gebieden.

38 - Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021

Externe veiligheid

waters taatku ndige functie

zone –

(35m)

(25m) vaarweg

s choonloopma incl kruipluik

t

fie ts ens talling l 46 pp totaa kken) (40 lage ple tota al e is min 46 plekken) (min 30 lage

PW

pos tkas ten

K

WM WD

70,7m2

W TW

werkkast hydrofoor

a rc: ve rla agd h=286 3+p

akoes tis ch

plafond

s choonloopmat incl kruipluik

s choonloopmat incl kruipluik

tr=18

1 600

o=183 a=220

64,8m2 75,0m2

lgo mo ot ban d

at loopm uik s choon l kruipl inc betonteg ellevis S ch cm grijs 50 x50 els

iels mob s coot14 pp

? e h o e b o n csb rh m

gro enblijvend e bodembe dekke r

behe

r erde

werk

pos

kas

tkas

ten

t

gro

entre

e

at loopm ik s choonl kruiplu inc

e bo

enblijvend

dembede kker

tr=18 o=183 a=220

60,2

band 10

m2

hydr

r ofoo

g king in sparin t afwer deur agnee in wand kleefm op

WP

cm PW

WT

W

te gels

66,9

d

W TW

m2

tis ch gd : verlaa 3+p arc h=286

plafon

W TW

akoes

WP

beton lle vis S che g rijs 0 cm 5 0x5

9m2

60,

1m2

W

WP

66,

ta llingl ens + fiets pp totaa en plekk ken) 72 la ge plek (48 hoge 24 al tota en) 72 plekk min eis lage 48 (min

52 00

1 600

tr=18 o=183 +/\ a=185 WT

at oopm uik sc hoonl kruipl incl

betonteg

S chellevis cm grijs 50 x50

els

groen blijvende e kke

bo dembed

r

2m

8 3 8 1= r 0 2 1=o t 2= a

8, 46 ne ts ak ts op

dn ta of kiu mp a lp lp oo hc i u ln sit r k oo s l cn h c s i eo ka

2m

dg aa p+ lr e 3 6 v :c 82 r a =h

0, 57 ts ro a k k of r e or w dy h

00

52

1600

m p ki ool u lp n iu ooh rk c lc s ni

ta

WTW

Tuin in kernzone

07

Beschermingszone (10m uit kernzone)

WP

m p kiu ool lp noo iu rk hc l cn s i

ta

Kernzone (25m)

2m 7,

Huidige bebouwing

gn )n la a il lat e k to s n ke t p e s lp p t e )n l a a e g 64 if ek to al ke t 6 04 lp 4 ( eg nim al 0 3 si e ni m (

K

M D W W

Het plangebied ligt op 25 meter van het Amsterdam Rijnkanaal (ARK). Over het ARK vindt transport plaats met gevaarlijke stoffen en vormt daarmee een extern veiligheidsrisico voor het plangebied. Ten aanzien van het aspect externe veiligheid is een risicobeoordeling uitgevoerd door TAUW (R004-1266349DPO-V01-los-NL). Dit om te onderzoeken of er vanuit het aspect externe veiligheid geen belemmeringen en/of risico’s zijn voor de herontwikkeling van het plangebied. In de omgeving van het plangebied zijn een beperkt aantal risicobronnen aanwezig. De dichtstbijzijnde en meest relevante risicobron betreft het Amsterdam Rijnkanaal (ARK) voor het transport van gevaarlijke stoffen, het ARK is opgenomen in het Basisnet. De mogelijke effecten van deze vaarweg op de planlocatie zijn nader onderzocht.Ten westen van het ARK loopt de A2 (het niet ondertunnelde deel), ook een transportroute voor gevaarlijke stoffen, op een afstand van ca. 600 meter van het plangebied. Deze afstand is te groot om van invloed te zijn op het plangebied. Ook overige risicobronnen (b.v. spoor Utrecht – Den Bosch, risicobedrijven) liggen alle op te grote afstand om van invloed te zijn op het plangebied. Na analyse van het groepsrisico is geconstateerd dat zowel in de huidige als de beoogde situatie sprake is van een nihil groepsrisico.

De effectafstanden van het transport van gevaarlijke stoffen over het ARK reiken niet ver genoeg dat er risico’s zijn voor de omwonenden. Er kan dan dus ook worden geconcludeerd dat de beoogde situatie niet tot een verhoging van het groepsrisico zal leiden in vergelijking met de huidige situatie en dat er geen belemmeringen zijn voor de beoogde ontwikkeling ten aanzien van het aspect externe veiligheid. In het kader van externe veiligheid is met Rijkswaterstaat gesproken over de zones van het ARK: de kernzone en de beschermingszone. In naastgelegen figuur zijn de bestaande en toekomstige bebouwing weergegeven ten opzichte van de kernzone en beschermingszone van het Amsterdam-Rijnkanaal. De huidige bebouwing is in naastgelegen figuur met een roze arceringslijn weergegeven. De huidige bebouwing staat gedeeltelijk in de beschermingszone.

250 0

5.3

vrijwa rings

Afbeelding: De contouren van de huidige en toekomstige bebouwing met de kernzone en beschermingszone van het Amsterdam-Rijnkanaal.

Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021 - 39

Afbeelding: Luchtfoto met de milieu inrichtingen van Nedal en KWS (rood omkaderd) en het plangebied (geel omkaderd).

Voor de toekomstige bebouwing is dit ook het geval. Daarnaast geldt dat er drie locaties zijn waar de tuin gedeeltelijk in de kernzone komt (groene cirkels in de afbeelding op de vorige pagina). In de kernzone mag niet worden gebouwd. Voor de tuinen wordt een uitzondering gemaakt, mits er geen diepe fundatie werkzaamheden plaatsvinden (geen palen). De beschermingszone kent ook allerlei beperkingen; met name als het in de bodem wordt aangebracht. De initiatiefnemer heeft het bouwplan aangepast, zodat voldaan kan worden aan deze voorwaarden. Behalve voor de liftschacht van één van de gebouwen. Deze valt in de beschermingszone. Gezien de lokale situatie en de beperkte omvang heeft Rijkswaterstaat dit akkoord bevonden.

5.4

Bedrijven en milieuzonering

KWS Infra B.V. en Asfalt Centrale Utrecht (ACU) (waarvan KWS eigenaar is) ligt in de zuidelijke rode cirkel (ovaal). Hier worden verschillende soorten asfalt gemaakt en verwerkt. Voor het bepalen van de milieuzoneringen gelden voor KWS Infra B.V. en ACU zogenoemde richtafstanden voor verschillende aspecten (geur, stof, geluid en gevaar). KWS infra ligt een op (minimale) afstand van ca. 830 meter. Hier geldt dus dat het project Johan Wagenaarkade buiten alle zones valt. Aangezien aan de afstandsnormen wordt voldaan is dus op basis van KWS sprake van een goede ruimtelijke orde Nedal Aluminium B.V. ligt in de noordelijke rode cirkel. De hoofdactiviteit is de productie van aluminiumprofielen. Daarnaast worden lichtmasten en vlaggenmasten geproduceerd. Voor het bepalen van de milieuzoneringen gelden voor Nedal ook richtafstanden. De afstand tussen Nedal en de hoek van de Johan Wagenaarkade is ca. 250 meter. Hierdoor valt Nedal buiten de zonering/richtlijnen van geur, stof en gevaar. Het geluidsaspect is opgenomen in het geluidsonderzoek. Op basis van het onderzoek zijn in verband met Nedal geen hogere waarde nodig. Dus ook geen aanvullende eisen wat betreft gevelisolatie of luwe gevel.

40 - Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021

5.5

Bodemkwaliteit

Bij een ‘goede ruimtelijke ordening’ is het van belang om de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem in kaart te brengen. Uitgangspunt is dat de bodemkwaliteit als gevolg van aanwezige bodemverontreiniging geen onaanvaardbaar risico oplevert voor de gebruikers van de bodem. Bovendien mag de bodemkwaliteit niet verslechteren door bijvoorbeeld graafwerkzaamheden. Voor de beoogde ontwikkeling heeft een verkennend bodemonderzoek plaatsgevonden. Uit eerdere bodemonderzoeken is gebleken dat de bodem (grond en grondwater) niet tot hooguit licht verontreinigd is met de NEN-parameters. Uit aanvullend onderzoek blijkt dat de toplaag licht met enkele zware metalen, minerale olie, PAK en PCB verontreinigd is en de onderlaag licht met PCB. Het grondwater is licht verontreinigd met barium en som dichlooretheen. Op basis van dit onderzoek is er milieuhygiënisch gezien geen bezwaar tegen de voorziene nieuwbouw. Er worden geen negatieve effecten op het thema bodem verwacht.

5.6

Archeologie en monumenten

Op de locatie ligt de dubbelbestemming archeologie. Dat betekent dat er een archeologische verwachting is met mogelijk een vergunningsplicht.

[

[

De gemeente heeft op basis van het onderzoek een zogenoemd selectie-besluit genomen. Uit het onderzoek blijkt dat in het plangebied archeologische nederzettingsresten kunnen worden aangetroffen. Daarnaast kunnen ook resten worden aangetroffen die verband houden met het gebruik van een rivier, agrarische activiteiten of infrastructuur. In het zuidelijke deel van het plangebied zijn archeologische resten te verwachten vanaf de Romeinse tijd en in het noordelijke deel uit de periode Vroege Middeleeuwen C tot en met de Nieuwe Tijd. Naar verwachting bevinden archeologische resten zich 1 m beneden het huidige maaiveld. Vanwege de beperkte bodemverstoring bij realisatie van het bouwplan (relatief klein oppervlak en beperkte diepte)) hoeft in het plangebied geen archeologisch vervolgonderzoek plaats te vinden. De archeologische verwachting van het plangebied blijft nog wel onverminderd van kracht, dus wanneer de geschetste werkzaamheden veranderen, dient een nieuw selectiebesluit te worden genomen.

Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021 - 41

Afbeelding: Inventarisatie van de conditie van de bomen

5.7

Water

5.8

Bomen

Vooruitlopend op het bestemmingsplan is er een watertoets uitgevoerd. Deze toets wordt uitgevoerd via de website van het Hoogheemraadschap “De Stichtse Rijnlanden”. Op basis van deze toets is geconcludeerd dat het plan Johan Wagenaarkade geen groot effect heeft op water (geen groot waterbelang). Er kan worden volstaan met een standaard wateradvies van het waterschap, omdat het plan voldoet aan het zogenoemde ‘standstill beginsel’. Dit betekent dat door het plan geen verslechtering van de waterhuishouding ontstaat. Conform gemeentelijk beleid dient schoon hemelwater niet afgevoerd te worden naar een gemengd rioolstelsel, maar te infiltreren in de bodem of af te voeren naar oppervlaktewater (eventueel via een gescheiden rioolstelsel). De bodem is hier niet geschikt voor infiltratie, afvoer van het hemelwater gaat hier dus naar het oppervlaktewater dan wel een gescheiden stelsel. Door Mitros is onderzoek gedaan naar de conditie van de bomen in en rond het plangebied. Dit in verband met de bouwwerkzaamheden en eventueel plaatsen van bouwmaterieel. Door het bouwplan moeten binnen het plangebied in ieder geval vier bomen geveld worden. Bij de te handhaven bomen zullen adequate boombeschermende maatregelen getroffen worden om schade gedurende de voorgenomen werkzaamheden te voorkomen.

Als de tekeningen voor de bouwwerkzaamheden gereed zijn, moet opnieuw gekeken worden naar de mogelijk negatieve invloed van de werkzaamheden op de bomen. Er moet maatwerk geleverd worden voor het behouden van de bomen. Voor de gevelde bomen geldt een herplantplicht. Bomen kunnen gecompenseerd worden in de parkzone.

42 - Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021

5.9

Kwaliteit van de leefomgeving

In het kader van kwaliteit van de leefomgeving wordt door de gemeente in ruimtelijke plannen in belangrijke mate steeds meer aandacht gevraagd voor de aspecten zon en schaduw, sociale veiligheid, toegankelijkheid voor minder validen en windhinder omdat dit aspecten zijn die de kwaliteit van de openbare ruimte beïnvloeden. Sociale veiligheid Door de alzijdigheid van de appartementenblokken wordt gezorgd dat er zowel ogen op het binnengebied als op het park gericht zijn. Dit verbetert het veiligheidsgevoel in het gebied. Ieder blok heeft een hoofdentree aan het binnenterrein en een tweede entree aan de parkkant. Hierdoor komt er een centrale hal van voor naar achter, waardoor er van twee kanten zicht is. De positionering van de bouwblokken is er op gericht de nieuwe openbare ruimte te voorzien van “voorkanten”. Bezonning De bezonningsstudie laat zien dat er in het binnenterrein voor een klein aantal (4) van de bestaande woningen een verslechtering optreedt. De wijd uitlopende vorm van het binnenterrein en de plaatsing van het hoogste appartementengebouw in het midden zorgen ervoor dat er voor veel woningen niets veranderd qua bezonning. De verslechtering treedt op bij de hoekwoningen (Petristraat en Hendrika van Tussenbroeklaan) en de directe buren daarvan, in met name de achtertuinen, ten westen van de nieuwe appartementengebouwen.

Hier valt gedurende het voor- en najaar (maart/september) vanaf 12 uur een slagschaduw op, en in de zomer (juni) vanaf 15 uur. Windhinder Het aspect windhinder speelt bij gebouwen die hoger zijn dan 30 meter en is derhalve voor deze ontwikkeling niet aan de orde.

VN-verdrag handicap Utrecht wil een stad zijn die toegankelijk is voor iedereen. Utrecht werkt sinds 2007 aan die toegankelijkheid, eerst met Agenda 22 en nu met het VN-verdrag handicap. Dit verdrag is in 2016 vastgesteld. Inmiddels is het Handboek Openbare Ruimte (HOR) geactualiseerd en vormt het toetsingskader voor de openbare ruimte rondom het bouwplan. Daarmee wordt geborgd dat het VN-verdrag handicap van toepassing is op deze ontwikkeling.

5.10

Gezondheid

Verouderde, tochtige woningen worden vervangen door energiezuinige nieuwbouw. Het toekomstige Rondje Stadseiland loopt voor het plangebied langs, een recreatieve route langs het Amsterdam rijnkanaal en het Merwedekanaal. Op dit moment ligt er een groot stuk asfalt op de Johan Wagenaarkade aan het plangebied. Met de realisatie van het project maakt asfalt plaats voor groen en wordt het park langs het Amsterdam Rijnkanaal / Rondje Stadseiland verder de buurt ingetrokken tot de nieuwbouw. Een vernieuwde, minder versteende inrichting zal van meerwaarde zijn om zo het gebruik te vergroten. De nieuwe duurzame woningen en het aanpassen van de openbare ruimte zorgt voor een betere uitstraling van het gebied en voor gezondere woningen. De woningen krijgen beneden in het gebouw de ruimte om de fiets neer te zetten. Deze plek is logisch gelegen. Daarnaast hoeven bewoners maar één deur door om de fiets te plaatsen. Hierdoor wordt het gemakkelijk gemaakt om de fiets te pakken. Vanuit een gezondheidsperspectief is de herontwikkeling van deze woningen aan de Johan Wagenaarkade een goede ontwikkeling waar zowel de huidige bewoners van omliggende woningen als de nieuwe bewoners profijt van hebben.

Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021 - 43

5.11

Kabels en leidingen

5.12

Afvalinzameling

De aanwezige kabels en leidingen in het plangebied zijn inzichtelijk gemaakt via een Klic-melding. Wanneer het inrichtingsplan opgesteld gaat worden zullen deze gegevens in ogenschouw genomen moeten worden. Als blijkt dat er binnen het projectgebied kabels en leidingen in het geding zijn en deze verwijderd dan wel verplaatst moeten worden, dan moet dit gebeuren in overleg met de nutsbedrijven. De toestemming van een eventuele verlegging moet de initiatiefnemer zelf aanvragen en de daarmee samenhangende kosten zijn voor rekening van de aanvrager. Voor de inzameling van afval moeten de bewoners gebruik maken van de ondergrondse containers voor restafval. De plek van de container is al bepaald en zal worden ingepast in het inrichtingsplan. De bovengenoemde thema’s zijn onderzocht ten behoeve van een op te stellen bestemmingsplan. De onderzoeken zullen nader worden beoordeeld zodra de bestemmingsplanprocedure is opgestart. Uit de aangeleverde onderzoeken kan worden afgeleid dat er geen wettelijke belemmeringen zijn te verwachten voor het plan.

44 - Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021

Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1

Economische uitvoerbaarheid

De locatie waarop de wijziging plaatsvindt, is gedeeltelijk eigendom van de gemeente en gedeeltelijk in eigendom (erfpacht) van de initiatiefnemer. De gebouwen zijn in eigendom van de initiatiefnemer. De kosten voor het project worden geheel gedragen door de initiatiefnemer. De extra gronden die initiatiefnemer nodig heeft om het bouwplan te realiseren zullen in erfpacht uitgegeven worden onder de gebruikelijke voorwaarden (Grondprijzenbrief en AV 1989). De gronden die initiatiefnemer na realisatie niet meer nodig heeft en toegevoegd worden aan het openbaar gebied zal initiatiefnemer terugleveren aan de gemeente. In de anterieure overeenkomst zullen de afspraken rond deze grondtransacties worden vastgelegd. Met de initiatiefnemer is een intentieovereenkomst gesloten waarin een voorschot op de plankosten overeen is gekomen. Verdere afspraken (planschade, overige plankosten) worden eveneens via de anterieure overeenkomst gemaakt. Als er sprake is van een waardestijging van grond bij herontwikkeling op erfpachtgrond dan brengt de gemeente (als eigenaar) in principe een economische meerwaardeafdracht in rekening bij de initiatiefnemer. In het stadsakkoord zijn nieuwe afspraken gemaakt met de corporaties over de afdracht van economische meerwaarde bij verdichting van sociale woningbouw.

Als er sprake is van sociale verdichting en van een negatieve businesscase dan wordt de meerwaardeafdracht binnen het project ingezet. In dit plan is er sprake van een negatieve businesscase en van sociale verdichting. De economische meerwaarde afdracht zal daarom in het plan worden aangewend.

Kostenverhaal De initiatiefnemer neemt het beheer, de exploitatie en het onderhoud van de te realiseren appartementen. Hiermee is de initiatiefnemer (financieel) verantwoordelijk en wordt er een situatie gecreëerd waarin de gemeente geen enkel financieel risico loopt en de economische uitvoerbaarheid van het project gewaarborgd is. De ambtelijke kosten voor de toetsing van het bouwplan worden door middel van leges gedekt. Indien er toch kosten zijn die op grond van artikel 6.13 Wro (Wet op de ruimtelijke ordening) dienen te worden verhaald, dan zal uitsluitend worden meegewerkt nadat er een kostenverhaal-overeenkomst is gesloten. Om de ruimtelijke kwaliteit van de ontwikkeling te borgen, zijn er investeringen in het openbaar gebied noodzakelijk. Het gaat om de herinrichting van het park rondom de bouwblokken, aanpassingen van straten en rijrichtingen, realisatie van parkeerplaatsen in openbaar gebied en de knip ter hoogte van de Dafne Schippersbrug. Deze herinrichtingskosten zijn voor rekening van Mitros. In de anterieure overeenkomst worden hier afspraken over gemaakt. Planschade Naast de kosten voor het maken van het bestemmingsplan moet een inschatting worden gemaakt van het risico van planschade. Planschadeclaims zijn op voorhand niet uit te sluiten. De initiatiefnemer heeft een planschaderisico-inventarisatie laten uitvoeren.

Met Mitros zal een anterieure overeenkomst worden gesloten, met een paragraaf planschade zoals bedoeld in artikel 6.4a van de Wro. Hierin zal worden opgenomen dat eventuele planschadekosten voor rekening komen van de ontwikkelende partij.

Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021 - 45

6.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

6.3

Technische uitvoerbaarheid

Voor de reguliere huurders heeft Mitros een draagvlakmeting gehouden. Tijdens deze draagvlakmeting heeft 70% van de reguliere huurders voor het sloop-nieuwbouwplan gestemd. Hiermee is het draagvlak behaald (minimaal 60%) en hebben de reguliere huurders een urgentie status bij woningnet ontvangen. Inmiddels zijn alle reguliere huurders verhuisd. Op basis van de reeds uitgevoerde onderzoeken en markuitvraag voor de realisatie blijkt dat er geen technische obstakels zijn voor de uitvoerbaarheid van het plan. Wel wordt nog onderzocht hoe het bouwverkeer en bouwplaatsinrichting optimaal vorm wordt gegeven. Eventuele afzettingen en omleidingen zullen vooraf getoetst worden in het Kernteam Tijdelijke Bereikbaarheid Utrecht. Tijdens de bouw dient de bouwoverlast voor omwonenden zoveel mogelijk beperkt te worden.

46 - Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021

Hoofdstuk 7 Verantwoording proces 7.1

Het gevolgde samenwerkingsproces

7.2

Het gevolgde participatieproces

De bouwenvelop is in samenspraak met initiatiefnemer Mitros opgesteld. Ook de gevormde klankbordgroep heeft input geleverd aan de bouwenvelop; zie ook paragraaf 7.2 over het gevolgde participatieproces. De gemeente heeft een kaderstellende rol aangenomen en zal in het vervolg optreden als toetser. Op dit moment is het voor Mitros mogelijk om binnen de kaders van deze bouwenvelop een haalbare ontwikkeling te maken. In de volgende fase zal Mitros daarom een aanvraag voor een nieuw bestemmingsplan gecoördineerd indienen samen met de omgevingsvergunning. Op basis van het nieuwbouwinitiatief en het vastgestelde startdocument door het college van B&W, is er een informatieavond in mei 2018 georganiseerd waar alle bewoners van de Halve Maan Zuid voor zijn uitgenodigd. De buurt is geïnformeerd over de voorgenomen plannen en uitgenodigd om in een klankbordgroep input te leveren voor de uitwerking van de nieuwbouwplannen naar een Voorlopig Ontwerp. Een groep van circa 25 omwonenden hebben zich opgegeven voor de klankbordgroep. In najaar 2018 hebben drie klankbordgroep bijeenkomsten plaatsgevonden. De klankbordgroepen stonden in het teken van de volgende thema’s: [ Opbouw gebouwen [ Verkeer en parkeren [ Aansluiting gebouw op binnenterrein en park

Belangrijke input dat uit de diverse bijeenkomsten is opgehaald is: [ Men was kritisch over de hoogte. Vanuit omwonende heeft men liever niet een zesde bouwlaag van het middelste gebouw; [ Men ervaart nu veel overlast van sluipverkeer en te hard rijden op de Johan Wagenaarkade. Om de Joseph Haydnlaan te mijden, neemt men de Johan Wagenaarkade. Er zijn zorgen dat dit sluipverkeer in de nieuwe situatie via het binnengebied de wijk wil verlaten. [ Veiligheid van het binnengebied. Borgen dat niet iedereen die er niet hoeft te zijn naar het binnengebied gaat. Hou het binnengebied zo groen en geborgd als mogelijk [ Voordeuren komen aan het binnengebied. Om verkeer uit het park aan de waterkant weg te houden. [ Voorkom dat het park aan het Amsterdam-Rijnkanaal een hangplek voor jongeren wordt. Hier wordt nu overlast van ervaren. Bovenstaande punten zijn zo goed mogelijk verwerkt in het ontwerp. Van alle avonden is een verslag gemaakt. De verslagen en presentaties van de avonden zijn terug te vinden op de internetpagina van het project. Zie: https://www.mitros.nl/over-ons/nieuwbouwprojecten/ nieuwbouwprojecten/johan-wagenaarkade/ De buurt is beloofd dat de klankbordgroep geïnformeerd wordt, voordat de bouwenvelop ter inzage gaat. Hierin wordt het definitieve Voorlopig Ontwerp toegelicht.

Vanwege de huidige coronamaatregelen was een fysieke informatieavond niet mogelijk zijn om te organiseren. Omwonenden zijn door middel van een informatiefolder op de hoogte gebracht worden. Ook is alle relevante informatie op de website van Mitros en de gemeente te vinden. Daarnaast zijn er rondetafelgesprekken georganiseerd waar men terecht kon als men nog vragen heeft na het lezen van alle informatie.

Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021 - 47

En er is een algemeen email-adres (halvemaan@mitros.nl) waar men met vragen terecht kan. Voor vragen aan de gemeente of een reactie op de bouwenvelop kan men mailen naar: JohanWagenaarkade1-10@ utrecht.nl In het voorjaar van 2019 is voor de buurt een bijeenkomst georganiseerd over de verkeerscirculatie. De verkeerscirculatie moet wijzigen in verband met het verwijderen van een deel van de Johan Wagenaarkade. Zie voor de gewijzigde verkeerscirculatie paragraaf 4.4 van deze bouwenvelop.

7.3 Ter visie legging

De concept bouwenvelop heeft van 3 juli tot 18 juli 2020 ter visie gelegen. Belanghebbenden hebben in die periode de mogelijkheid gehad om een reactie te geven. Er zijn 98 reacties ingediend waarbij met name zorgen over verkeersveiligheid werden naar voren gebracht. In de smalle straatjes spelen veel kinderen, fietsers rijden in twee richtingen en de uitritten naar de Lessinglaan worden onveilig ervaren. Verder vond men de aanpassingen onvoldoende gemotiveerd met cijfers en werd de noodzaak van de knip ter discussie gesteld. Mede naar aanleiding van deze reacties is het voorstel voor de verkeerscirculatie aangepast. Hiermee is tegemoet gekomen aan een deel van de bezwaren; ook is het nieuwe voorstel nader gemotiveerd, met verwachte voertuigbewegingen onderbouwd en zijn ontsluitingen nader beoordeeld. Het aangepaste plan voor de verkeerscirculatie heeft van 17 oktober tot 5 november 2020 ter visie gelegen. Hierop zijn 96 reacties ingediend waaruit naar voren kwam dat de aanpassing van de verkeerssituatie nu beter gemotiveerd en onderbouwd is. Desondanks zijn 73 reacties nog steeds tegen, waarvan 50 ook vragen om een heroverweging. Men is niet tegen de ontwikkeling, maar is het niet eens over het feit dat de impact van het bouwplan op de verkeerssituatie wordt afgewend op de bestaande bewoners.

De reacties zijn beoordeeld en geven geen nieuwe aanleiding om het verkeersplan en de bouwenvelop wederom te wijzigen. De ingrepen sluiten aan bij staand beleid en zijn voldoende onderbouwd met cijfers. Dit levert voldoende compensatie op voor het verlies van de weg voor het bouwplan langs waardoor een zeer wenselijk bouwplan gerealiseerd kan worden. Alle reacties zijn voorzien van een antwoord in de tweekolommenstukken en zijn opgenomen als bijlage bij de bouwenvelop. Er wordt ook inhoudelijk ingegaan op suggesties en het verzoek om een aangepast bouwplan. De tweekolommenstukken maken integraal onderdeel uit van de bouwenvelop en de belangenafweging die gemaakt is bij de besluitvorming hierover.

48 - Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021

Hoofdstuk 8 Vervolgtraject 8.1

Planproces

8.2

Participatieproces

Het vaststellen van deze bouwenvelop zal de definitiefase van het Utrechts Planproces (UPP2) afsluiten. De volgende fase is de ontwerpfase waarin het bouwplan opgewerkt wordt van een voorlopig ontwerp (VO) naar een definitief ontwerp (DO). Ook het inrichtingsplan zal worden opgesteld en in verschillende ontwerpfasen ter toetsing worden voorgelegd aan de Commissie Beheer Inrichting en Gebruik (BInG). Naar verwachting zal Mitros begin 2021 de aanvraag voor een wijziging van het bestemmingsplan indienen. Voor het bestemmingsplantraject en de aanvraag Omgevingsvergunning gelden de wettelijke mogelijkheden tot inspraak. De gemeente houdt de omgeving op de hoogte via de gebruikelijk kanalen van het wijkbureau (digitale nieuwsbrief en wijksite). Mitros heeft contact met de klankbordgroep en hun huurders en zal tijdens sloop en bouw de omwonenden betrekken.

8.3

Planologisch juridisch proces

Een nieuw bestemmingsplan is noodzakelijk om tot realisatie van het plan te kunnen komen. De huidige bouwhoogten en de bouwvlakken waarbinnen gebouwd dient te worden zijn niet passend voor deze ontwikkeling. Een bestemmingsplanprocedure borgt ook dat een zorgvuldig planproces wordt voltooid met besluitvorming door de gemeenteraad. De onderzoeken die in het kader van de bouwenvelop zijn uitgevoerd voldoen ook aan de eisen die worden gesteld voor de bestemmingsplanprocedure. Ook de anterieure overeenkomst tussen de gemeente en Mitros zal ondertekend moeten zijn voordat het nieuwe bestemmingsplan in procedure gebracht kan worden.

8.4

Planning:

Na vaststelling van de Bouwenvelop zal er een start worden gemaakt met de bestemmingsplanprocedure. Het bouwplan zal worden uitgewerkt tot een definitief ontwerp. Besluitvorming over de bestemmingsplanprocedure zal naar verwachting medio 2021 plaatsvinden. Mitros zal een (mogelijk gecoördineerde) aanvraag voor een omgevingsvergunning indienen voor het bouwplan. Gecoördineerd betekent dat de aanvraag voor de omgevingsvergunning (waaronder de vergunning voor bouwen) parallel aan de bestemmingsplanprocedure loopt. Als het bestemmingsplan is vastgesteld kunnen de bouwwerkzaamheden aanvangen.

Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021 - 49

Bijlage A Parkeerbalans Johan Wagenaarkade

Berekening parkeereis - nieuw programma Functie

Rechtens verkregen niveau; mag in mindering gebracht worden op nieuwe parkeereis Functie

aantal

doelgroep

max p-norm

aantal

wonen 80-130 m2 bvo

20

bewoners

1,1

-22

wonen 80-130 m2 bvo

20

bezoekers

0,3

-6

Opheffen 8 openbare pp

8

1

8

Saldo reductie:

wonen 80 - 130 m2 bv

wonen 55 - 80 m2 bvo

-20

Totaal

aantal

doelgroep

minimale p-norm

P-eis minimaal

22

bewoners

0,9

19,8

22

bezoekers

0,3

6,6

32

bewoners

0,85

27,2

32

bezoekers

0,25

8 61,6

50 - Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021

Dubbelgebruik; bepalen hoogste parkeerdruk* 100%

werkdag ochtend

werkdag middag

werkdag avond

koop avond

19,8

9,9

9,9

17,82

15,84

6,6

0,66

1,32

5,28

27,2

13,6

13,6

8

0,8

61,6

24,96

zaterdag middag

zaterdag avond

zondag middag

19,8

11,88

15,84

13,86

4,62

0

3,96

6,6

4,62

24,48

21,76

27,2

16,32

21,76

19,04

1,6

6,4

5,6

0

4,8

8

5,6

26,42

53,98

47,82

47

36,96

52,2

43,12

* hoogste parkeerdruk is op werkdagen in de avond: 53,98 parkeerplaatsen Parkeereis nieuw Type

Aantal

Wonen bewoners

42,3

Wonen bezoekers

11,68

Reductie rechtens verkregen niveau

-20

Reductie sociale huur 25%

-13,495

Reductie bewoners

-10,575

Reductie bezoekers

-2.92

Totaal

20

nacht

Bouwenvelop Johan Wagenaarkade, januari 2021 - 51

Bezoekadres: Stadsplateau 1, 3533 JE Utrecht Postadres: Postbus 8406, 3503 RK Utrecht Telefoon: 030 - 286 00 00

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=e943b094-65dd-4427-bb98-e6d1e9004cb3