Bijlage bij Uitvoeringsprogramma de stem van jonge Utrechters
Tekst van het document
Bijlage bij ‘De stem van jonge Utrechters’
1
Inhoudsopgave Inleiding ..................................................................................................................................................3 Doelgroep ...........................................................................................................................................3 Waarom samenwerken met jonge Utrechters? .....................................................................................4 Verandering in houding en gedrag .........................................................................................................5 Pijlers ......................................................................................................................................................7 Pijler 1: Laagdrempelige ondersteuning voor initiatieven van jonge Utrechters ...............................7 Maatregelen bij pijler 1 ..................................................................................................................7 Pijler 2: Bereiken van jonge Utrechters ............................................................................................11 Maatregelen bij pijler 2 ................................................................................................................11 Pijler 3: Samenwerken met jonge Utrechters vanuit het onderwijs.................................................15
Maatregelen van pijler 3...............................................................................................................15 Pijler 4: Erkenning en waardering.....................................................................................................19 Maatregelen bij pijler 4 ................................................................................................................19 Planning & financiering ........................................................................................................................21
2
Inleiding Het uitvoeringsprogramma is een gezamenlijk resultaat van de gemeente Utrecht en Young Minds Utrecht. Er is voor het maken van het uitvoeringsprogramma veel contact geweest en samengewerkt met veel verschillende jonge Utrechters. Alle informatie hierover is te lezen in het samenwerkingsplan en -verslag. Door deze samenwerking hebben we een uitvoeringsprogramma kunnen maken dat goed aansluit op de behoefte van jonge Utrechters. In deze bijlage geven we nog extra uitleg bij het uitvoeringsprogramma.
Doelgroep Binnen het uitvoeringsprogramma kijken we naar de doelgroep ‘jonge Utrechters’ vanuit twee perspectieven: •
We richten ons op levensfase. Soms heeft iemand een andere leeftijd, maar bevindt diegene zich nog wel in de levensfase waarin we hen als jonge Utrechter benaderen. Maar ook andersom: sommige personen hebben wel de leeftijd tussen 9 en 27 jaar, maar bevinden zich al in een andere levensfase. Qua levensfase richten we ons op eind basisschool, middelbare scholieren, mbo-, hbo- en wo-studenten.
•
Primair definiëren we jonge Utrechters als personen tussen de leeftijd van 9 en 27 jaar. Dit is de leeftijd die we bij onderzoeken en peilingen vaak als ‘jeugd, jongeren of jonge Utrechters’ bestempelen. De aanpak ‘Vreedzaam’ richt zich met name op kinderen, jongeren maar ook ouders en professionals die met jonge Utrechters werken. Vanaf 9 jaar doen kinderen via de wijkkinderraden zelf actief mee, we versterken deze doorgaande lijn ook in het voortgezet onderwijs en MBO.
3
Waarom samenwerken met jonge Utrechters? In de beleidsnota Samen stad maken - Geen Utrecht zonder U zijn doelstellingen opgenomen om het eigenaarschap van Utrechters te vergroten en ervoor te zorgen dat college en raad een bredere belangenafweging kunnen maken. We willen extra moeite doen om verschillende Utrechters te horen. In de beleidsnota is een aantal groepen Utrechters en ongehoorde stemmen benoemd die we in ieder geval betrekken en horen bij onderwerpen die hen raakt. En we betrekken hen op een manier die hen past. Hierin worden ook jonge Utrechters, kinderen en jeugdigen genoemd. Met de beleidsnota Jeugd ‘samen opgroeien, samen opvoeden’ is in de opgave ‘het belang van kinderen voorop’ vastgesteld dat we de samenwerking met jonge Utrechters (voorheen ‘jeugdparticipatie’) versterken en zo passend mogelijk bij de doelgroep organiseren. Binnen een gemeentelijke organisatie ligt de focus vaak op het beperken van risico's, met gestructureerde processen en duidelijke kaders om stabiliteit en efficiëntie te waarborgen. Dit kan botsen met de dynamiek van jonge Utrechters, die juist ruimte zoeken voor eigen regie, leren en ontdekken. Experimenteren en fouten maken zijn een natuurlijke en belangrijk onderdeel van persoonlijke groei, ongeacht leeftijd dus ook voor jonge Utrechters. Dit sluit aan op het gedachtegoed van Vreedzaam, wat wij binnen Utrecht hanteren.
Daarmee is dit uitvoeringsprogramma een uitwerking van bovenstaande beleidsnota's. We focussen ons expliciet op het versterken van samenwerking met jonge Utrechters vanwege onderstaande redenen. •
•
•
•
Betere plannen: Jonge Utrechters zijn niet alleen de toekomst, maar zijn ook onze partners van nu. Door goed samen te werken met jonge Utrechters sluiten de oplossingen voor de vraagstukken beter aan bij de mensen voor wie we het doen waar ook jonge Utrechters bij horen. Dit zorgt dus ervoor dat we betere en duurzame oplossingen maken. Meer betrokkenheid: Jonge Utrechters krijgen meer inzicht in en begrip van de verschillende inzichten en belangen, dilemma's en afwegingen door onderlinge uitwisseling en terugkoppeling. Dat draagt onder andere bij aan meer betrokkenheid, eigenaarschap en gemeenschapskracht van Utrechters. Dit kan het vertrouwen in de politiek en overheid vergroten én kan invloed hebben op hun eigen rol in de maatschappij (maatschappelijke betrokkenheid). Groei en kansen: Voor het ontwikkelen van zelfvertrouwen en zelfstandigheid is het nodig om jonge Utrechters invloed te geven op hun leven: nu en in de toekomst. We zien bij jonge Utrechters vaak een gevoel van trots op het moment dat zij succesvol aan een proces hebben meegedaan. Ook kan het hen helpen in het ontwikkelen van vaardigheden of CVopbouw. Creatieve ideeën: Jonge Utrechters denken vaak buiten de gebaande paden en kunnen met creatieve en innovatieve ideeën komen. Dit zien we als een verrijking én kan leiden tot nieuwe oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen.
We benadrukken dat sommige maatregelen ook van toepassing zijn op andere groepen Utrechters. Het uitvoeringsprogramma richt zich specifiek op jonge Utrechters vanwege bovenstaande redenen. Weliswaar hebben sommige maatregelen een breder effect.
4
Verandering in houding en gedrag Bij samenwerking tussen de gemeente en jonge Utrechters is het belangrijk om balans te vinden tussen het bieden van veiligheid, waarin jonge Utrechters beschermd worden, en het stimuleren van creativiteit en zelfstandigheid, waarbij er ruimte is om fouten te maken. Hierdoor kunnen jonge Utrechters hun potentieel benutten. Dat kan bijvoorbeeld met begeleiding vanuit de gemeente. Dit vraagt om een juiste houding en gedrag. Leidende principes voor houding en gedrag bij samenwerking met Utrechters zijn omschreven in de beleidsnota Samen stad maken – Geen Utrecht zonder U, zoals onderstaand weergegeven.
De leidende principes voor houding en gedrag zijn belangrijk voor alle vormen van samenwerking met Utrechters. Onderstaand werken we voorbeelden uit van hoe je de leidende principes voor houding en gedrag, specifiek bij samenwerking met jonge Utrechters, kunt toepassen. Hierbij ligt de focus op wat voor deze groep vaak belangrijk is. Leidende principes We zijn open en eerlijk
We geven vertrouwen aan Utrechters
We tonen lef
Voorbeeld van gedrag • We geven duidelijk aan wat de gemeente wel en niet kan uitvoeren. • We spreken af of deelnemers een terugkoppeling willen, op wat voor manier en wanneer. • We vertellen ook eerlijk wat er niet is gelukt. • We geven ruimte aan de jonge Utrechters om te experimenteren. Hierbij mogen ook fouten worden gemaakt. • We zijn oprecht geïnteresseerd en respecteren de mening van jonge Utrechters. • Eigenaarschap over het proces kan bij jonge Utrechters liggen, waarbij wij jonge Utrechters in hun kracht zetten. • Wij geven vertrouwen aan jonge Utrechters, bijvoorbeeld bij het indienen van een subsidieaanvraag. • We zijn flexibel in de samenwerking met jonge Utrechters en geven hen ruimte in het proces. • We durven te experimenteren met nieuwe vormen van samenwerking met jonge Utrechters om te kijken wat goed bij hen past. • We durven te handelen op signalen van jonge Utrechters: luisteren en er ook wat mee doen. 5
We zorgen proactief voor inclusie en diversiteit
•
•
•
• • •
We investeren in duurzame relaties en verbinding met de stad
• • •
We willen continu leren en verbeteren
• • •
Kinderen en jongeren zijn niet allemaal hetzelfde dus ook binnen deze groep doen we moeite om alle geluiden te horen (aansluitend op M157 Betrek ook de GSA bij beleid over jeugd). Binnen deze groep doen we dus ook ons best om de ongehoorde stem te horen. We zorgen voor passende taal (geen jongerentaal, maar wel makkelijk en duidelijk) en voor een passende vorm (we gaan naar jonge Utrechters toe op de plekken waar zij al zijn). We zijn ons bewust van onze eigen vooroordelen en proberen ons te verplaatsen in de doelgroep zonder vooroordelen. We vragen input op verschillende manieren, zodat het ook bij verschillende kinderen en jongeren aanslaat. We behandelen kinderen en jongeren als mens. We behandelen hen niet anders vanwege hun leeftijd. Een vraag stellen, niet oordelen en moeite doen om elkaar te begrijpen. We investeren in de relatie met jonge Utrechters door ook in contact te staan als we hen niet nodig hebben. We investeren in relaties met onderwijsinstellingen om samenwerking met jonge Utrechters te bevorderen. We stimuleren dat Utrechters met elkaar in gesprek gaan in een wederzijdse dialoog, bijvoorbeeld jonge Utrechters en volwassenen met elkaar. We vragen om feedback van jonge Utrechters om samenwerking met deze groep door te kunnen ontwikkelen. We denken het samenwerkingsproces samen met jonge Utrechters uit.
We vragen ook tussentijds aan kinderen en jongeren of ze samenwerking nog leuk en nuttig vinden en passen op basis daarvan de samenwerking of het proces aan (waar mogelijk). We geven hierin ook ruimte om te stoppen.
6
Pijlers In het uitvoeringsprogramma ‘De stem van jonge Utrechters’ staan 4 pijlers centraal. De pijlers zijn gericht op hoe we samenwerken met jonge Utrechters gaan bevorderen: 1. Laagdrempelige ondersteuning voor initiatieven van jonge Utrechters 2. Bereiken van jonge Utrechters. 3. Samenwerken met jonge Utrechters vanuit het onderwijs. 4. Erkenning en waardering Elke pijler wordt kort toegelicht, waarna we concrete maatregelen benoemen die uitgevoerd worden om binnen deze pijler te verbeteren.
Pijler 1: Laagdrempelige ondersteuning voor initiatieven van jonge Utrechters De gemeente Utrecht zet in op het laagdrempelig mogelijk maken en het actief ondersteunen van jonge Utrechters om eigen initiatieven te organiseren. Dit stimuleert jonge Utrechters om hun ideeën voor de stad of buurt te realiseren en versterkt hun gevoel van betrokkenheid en verantwoordelijkheid. Het ondersteunen van bestaande initiatieven van jonge Utrechters zonder hen te veel gemeentelijke eisen op te leggen, versterkt het idee dat jonge Utrechters zelfstandig kan bijdragen. Dit bevordert het vertrouwen in de democratische waarden van autonomie en eigen stem. We financieren initiatieven van jonge Utrechters al op verschillende manieren, bijvoorbeeld via het Initiatievenfonds, Samen voor Overvecht, buurtagenda's en impuls jongerencultuur. Ook zijn er mogelijkheden buiten de gemeente, zoals ‘ik ben geweldig’-regeling van NJR en ondersteuning voor kunstenaars vanuit het K.F. Hein Fonds. Daarnaast helpen we initiatieven door hen te ondersteunen in het uitwerken en uitvoeren van hun initiatief. Dit doen we ook in samenwerking met verschillende organisaties vanuit de stad. Denk bijvoorbeeld aan de formele organisaties zoals welzijns- en jongerenwerk (op dit moment DOCK en JoU).
Maar we zien ook mooie voorbeelden vanuit de stad, zoals Stichting Talent and Dreams (STAD), die jonge Utrechters met een goed idee van A tot Z ondersteunt, en de stadsambassadeurs van Thirty 030, die zelf projecten opzetten om de stad wat mooier te maken. Ook zien we dat jongerenraden op eigen initiatief ontstaan, wat laat zien hoe betrokken deze jonge Utrechters zijn en wat de onafhankelijkheid en authenticiteit versterkt.
Maatregelen bij pijler 1 Maatregel 1.1: Laagdrempelig Initiatievenfonds Hoewel er meerdere opties zijn voor jonge Utrechters om (financiële) ondersteuning te krijgen vanuit de gemeente, zetten we specifiek in op het nog laagdrempeliger maken van het Initiatievenfonds (IF) voor jonge Utrechters. Het Initiatievenfonds heeft een relatief kort en simpel aanvraagproces met een beslistermijn van maar vier weken. Het hele jaar door kunnen aanvragen worden ingediend en ze worden direct behandeld. Dit houdt het enthousiasme van jonge Utrechters vast. Een adviesgesprek met een wijkadviseur vooraf is mogelijk, waardoor er direct een goede aanvraag kan worden ingediend. Kinderen en jongeren kunnen ook een bericht sturen naar een 06nummer om op die manier nog laagdrempeliger direct in contact te komen met medewerkers van het wijkbureau. Daarnaast kent het Initiatievenfonds weinig voorwaarden, waardoor dit fonds zich goed leent voor het financieren van creatieve ideeën van jonge Utrechters. 7
We hebben extra aandacht voor groepen jonge Utrechters die het lastig vinden om zelfstandig een initiatiefaanvraag in te dienen. Dit doen we door extra communicatie, zichtbaarheid en hulp bij het doen van een aanvraag door medewerkers van het wijkbureau. Er zijn ook veel partijen in de stad die hierbij kunnen helpen. We verwijzen als gemeente actief door naar het al bestaande hulpaanbod zoals VoorJeStadsie, welzijnswerk (op dit moment DOCK), jongerenwerk (op dit moment JoU), STAD, SportUtrecht of andere partners. De afgelopen jaren is er al veel inzet gepleegd om het IF beter onder de aandacht van jonge Utrechters te brengen. Deze inzet om de zichtbaarheid en bekendheid van het IF onder jonge Utrechters te verbeteren blijven we ook de komende jaren doen. Dit houdt in dat we blijven aansluiten bij pitch nights, geven we gastlessen op scholen, gaan we naar evenementen waar de jonge Utrechters is, blijven we extra inzetten op online communicatie richting jonge Utrechters en we blijven scholieren en studenten betrekken voor projecten rondom zichtbaarheid. Ook zullen we in deze promotie andere partijen blijven betrekken, zoals onderwijsinstellingen, sport- en studentenverenigingen, buurthuizen, jeugdcentra en sleutelpersonen dichtbij jonge Utrechters.
Afgelopen maanden hebben we een pilot gedaan op het Utrecht Science Park om meer jonge Utrechters te bereiken voor het Initiatievenfonds. We hebben een nieuwe communicatiestijl gebruikt met inspirerende voorbeeldenzijn een online campagne gestart, hebben flyers en posters in alle gebouwen verspreid én op verschillende dagen hebben we straatgesprekken gevoerd op de locatie zelf. Hieruit hebben we geleerd welke toon we moeten gebruiken om jonge Utrechters te bereiken, dat we moeten aansluiten bij de verschillende leefwerelden van de jonge Utrechters en dat we campagnes niet alleen zelf moeten ontwikkelen, maar juist de doelgroep zelf vragen om dit te doen. Deze campagne en de geleerde lessen die hieruit komen, gaan we ook op andere plekken in de stad uitrollen. Ook willen we het voor jonge Utrechters nog makkelijker maken om een initiatief in te dienen. Daarom zullen we voorbeeldaanvragen die jonge Utrechters zouden kunnen doen uitwerken. Denk aan: een voorbeeldbegroting, een lijst met benodigdheden, voorbeeldflyers et cetera. Dit doen wij op een vergelijkbare manier zoals bij de buurtinitiatieven rondom de jaarwisseling (bUUUrtje). Bij de beoordeling van initiatieven wordt rekening gehouden met de leidende principes van houding en gedrag. Denk hierbij expliciet aan ‘vertrouwen geven’ en ‘lef tonen’.
Deze zijn ook in het uitvoeringsprogramma omgezet naar wat dit specifiek betekent voor de doelgroep ‘jonge Utrechters’. Maatregel 1.2: doelgroep jonge Utrechters prominenter in subsidieregelingen Om de samenwerking met jonge Utrechters te versterken sluiten we aan op andere ontwikkelingen in de organisatie rondom subsidies.
Stem van Utrechters Momenteel zijn we de regeling ‘Stem van Utrechters’ aan het herzien. De Stem van Utrechters is bedoeld voor groepen Utrechters waarvan hun stem de gemeente minder vanzelfsprekend bereikt. Bij de herziening van deze regeling wordt ‘jonge Utrechters, kinderen en jeugdigen’ opgenomen als doelgroep. Mogelijk wordt dit nog nader gespecificeerd. Hierbij zal ook gekeken worden in hoeverre de criteria binnen de regeling goed aansluiten op deze groep. We stimuleren initiatieven van jonge Utrechters die zich via deze regeling melden om de inclusie van hun initiatief zelfstandig te bevorderen.
‘Vrijwillige inzet voor elkaar (VIVE)’ 8
Vanwege de uitvraagstrategie sociale basis worden een aantal subsidieregelingen samengevoegd. Hierin is aandacht voor kansrijk opgroeien, opvoeden en ouderschap en ondersteuningstrajecten voor jeugdigen en ouders. Aansluitend op de beleidsnota ‘jeugd’ wordt hierin een criterium opgenomen, die betrekking heeft op kwetsbare jeugd. In het kader van ‘Ongelijk investeren voor gelijke kansen’ is dit een belangrijke groep om de behoefte van mee te nemen in de subsidieverdeling.
Projectsubsidie cultuur Afgelopen jaren hebben we met incidentele rijksmiddelen een jongerenimpuls-subsidie uitgevoerd om jongerencultuur verder aan te jagen (zie raadsbief Besteding SPUK Impuls Jongerencultuur). De initiatieven die subsidie hebben ontvangen zijn momenteel bezig met het uitvoeren van hun activiteiten. De beoordeling van de subsidieaanvragen is gedaan door een adviescommissie, waar onder andere jongeren onderdeel van waren met als doel dat de subsidieverdeling zo goed mogelijk aansluit bij de behoefte van jonge Utrechters zelf. De kennis die we opdoen met tijdelijke regelingen zoals de Impuls Jongerencultuur nemen we mee in de doorontwikkeling van onze reguliere subsidiemogelijkheden, waaronder de projectsubsidie cultuur.
Maatregel 1.3: campagne rondom buurtcentra Uit gesprekken met jonge Utrechters is gebleken dat er behoefte is aan ruimtes waar jonge Utrechters activiteiten kunnen organiseren zonder hoge kosten. Dit neemt drempels weg voor het organiseren van een eigen initiatief. Denk qua locaties aan buurtcentra, sporthallen of bibliotheken. Buurthuizen zijn al beschikbaar voor iedereen en is voor maatschappelijke initiatieven gratis of een laag tarief (meer info op www.utrecht.nl/buurtcentra en www.utrecht.nl/gym). In 2022 is een grote campagne opgezet om bekend te maken in de stad dat buurtcentra kunnen dienen als locatie voor zelfgeorganiseerde activiteiten. Hierbij zijn bewust activiteiten in de campagne gekozen die ook jonge Utrechters aan zouden kunnen spreken. Deze campagne was opgezet volgens het AIDA-model (attention/aandacht, interest/interesse, desire/motiveren, action/actie) en had daarmee als doel om te informeren over de mogelijkheden. De inzet voor bekendheid onder jonge Utrechters versterken we de komende jaren door een vervolgcampagne te starten. Deze campagne is gericht op het omzetten van gedrag tot actie. Deze campagne wordt in samenwerking met jonge Utrechters opgezet, zodat deze op een juiste manier aansluit bij de behoeftes en het gedrag van deze groep. De campagne zal in Q1 2026 gestart worden.
Daarnaast zijn in 12 buurthuizen digitale beeldschermen achter ramen geplaatst waarop de activiteiten in het buurtcentrum getoond worden. Hiervoor leveren we een template aan, die gericht is op jonge Utrechters. Dit is één van de concrete maatregelen die door jonge Utrechters is genoemd in hun eigen geschreven Visie jongeren ontmoetingsplekken, die door het college aan u toegestuurd is middels een raadsbrief (zie maatregel 2.5). Maatregel 1.4: jongeren aan elkaar verbinden Jonge Utrechters hebben aangegeven dat ze behoefte hebben aan het snel en eenvoudig uit kunnen wisselen van ideeën met andere initiatieven van jonge Utrechters. In Leidsche Rijn en Vleuten de Meern is vanuit jonge Utrechters behoefte om elkaar te spreken om tot gezamenlijke ideeën te komen. We ondersteunen deze jonge Utrechters bij het organiseren en realiseren van een jongerenplatform in Vleuten de Meern en Leidsche Rijn. Dit doen we in samenwerking met DOCK, JoU, stichting Vreedzaam en scholen in de wijk. De jongerenplatformen worden onderling verbonden via Local Collective: een laagdrempelige appgroep van jongerenraden in Utrecht en omstreken. 9
Ook nemen we in de doorontwikkeling van digitaal samenwerken mee hoe we de uitwisseling tussen initiatieven meer kunnen stimuleren. Daarnaast willen wij een plek creëren voor jonge Utrechters om elkaar, de gemeente en mogelijk andere organisaties te ontmoeten. Dat doen we door jaarlijks een bijeenkomst te organiseren. Zo kunnen jonge Utrechters elkaar leren kennen, zodat ze ook door het jaar heen makkelijker in contact kunnen komen met elkaar. Deze bijeenkomst heeft ook als doel meer erkenning en waardering te laten blijken en staat daarom bij maatregel 4.1 beschreven. Maatregel 1.5: ontmoetingsplekken volgens Visie jongeren ontmoetingsplekken Naast het bekend maken dat buurthuizen al beschikbaar zijn voor initiatieven van jonge Utrechters (zie maatregel 2.3), is er grote behoefte aan (verbeterde) ontmoetingsplekken voor jonge Utrechters. Doel van het opzetten van meer ontmoetingsplekken of het aanpassen van al bestaande ontmoetingsplekken. Samen met jonge Utrechters hebben we gekeken naar bestaande ontmoetingsplekken: dit zijn jongerenhuiskamers, buurthuizen en JOPs. Er worden 7 jongerenhuiskamers aangepast zodat er meer jonge Utrechters gebruik van kunnen maken en buurthuizen worden toegankelijker gemaakt. Er worden 2 nieuwe Jops gebouwd in Leidsche Rijn en Azatod.
En voor de wijken Noordwest en Zuidwest wordt via de buurtagenda middelen beschikbaar gesteld voor jongerenontmoetingsplekken. Dit sluit aan op de behoefte van jonge Utrechters dat ze meer in connectie komen te staan met elkaar en met de buurt. Bijvoorbeeld door samen leuke dingen te doen of op andere manieren bij te dragen. Door de onderlinge connectie kunnen zij ook veel meer gebruik maken van onderlinge hulp, waardoor zij zelf in hun kracht worden gezet. Juist door de faciliteiten te creëren krijgen jonge Utrechters de kans om zelf regie te nemen op de thema's die belangrijk zijn voor hen. Het is makkelijker voor hen om elkaar te vinden, zich te organiseren en initiatieven op te zetten en uit te voeren. Dit creëert een omgeving waarin samenwerking aantrekkelijk en bereikbaar is voor jonge Utrechters. Dit sluit aan op de oproep vanuit Stadsmanifest (n.a.v. het Zie ons doen!-festival) om meer wederzijdse ontmoeting te stimuleren om zo eigenaarschap te creëren en te versterken. Tegelijkertijd is dit traject een mooi voorbeeld van wat nauwe samenwerking tussen jonge Utrechters en de gemeente teweeg kan brengen. De visie is opgesteld door jonge Utrechters, ondersteund door diverse andere partijen.
En ook de ontmoetingsplekken zelf worden met jonge Utrechters vormgegeven: hoe maken we deze plekken aantrekkelijk en inclusief? Welke afspraken moeten gelden op dergelijke locaties? Hoe maken we het bestaan van deze plekken bekend onder de doelgroep?
10
Pijler 2: Bereiken van jonge Utrechters Vanuit de beleidsnota Samen stad maken - Geen Utrecht zonder U en de beleidsnota Jeugd ‘samen opgroeien, samen opvoeden’ blijkt het belang van het horen van de geluiden van jonge Utrechters. Het zijn geluiden die ons niet vanzelf bereiken. Dat komt doordat onze huidige manieren niet altijd passend zijn voor deze groep. Daarom richt deze pijler zich op hoe we als gemeente jonge Utrechters beter kunnen bereiken en hun stem beter kunnen horen. De gemeente moet hierbij outreachend werken. De concrete maatregelen richten zich op wat dit van ons als gemeente vraagt. Ook hier zien we al mooie voorbeelden hoe jonge Utrechters op specifieke manieren bereikt worden door de gemeente. Denk hierbij aan de visie jongerenontmoetingsplekken, mentale gezondheid, sociale proposities, uitvraag jongerenwerk, beleidsnota Jeugd.
Maatregelen bij pijler 2 Maatregel 2.1: versterken van al actieve jongerenraden Omdat we het belangrijk vinden dat jongeren hun stem goed kunnen laten horen en wij hun inzet ook erkennen, hebben we aan jongeren gevraagd wat ze daarvoor nodig hebben (Ter uitvoering van M422 Ook Utrecht verdient een jongerenraad). Hieruit is gebleken dat jonge Utrechters graag willen meedenken op hun eigen manier. Daarom gaan we bestaande jongerenraden en –initiatieven versterken (denk aan Young Minds Utrecht en Thirty030). Young Minds Utrecht positioneert zich zelfs al als dé jongerenraad van Utrecht. Ook moet het laagdrempelig zijn voor jonge Utrechters om zelf een jongerenraad/initiatief te starten. Jongerenraden die zelf ontstaan door eigen initiatief laat zien hoe betrokken ze zijn en versterkt de onafhankelijkheid en authenticiteit. Het ondersteunen van jongereninitiatieven, zonder hen aan gemeentelijke eisen te binden, versterkt het idee dat jonge Utrechters zelfstandig kunnen bijdragen. Dit bevordert het vertrouwen in de democratische waarden van autonomie en eigen stem. De gemeente moet daarbij elke jongerenraad die ontstaat en zich inzet voor hun wijk en stad als “officieel” zien.
Omdat veel jonge Utrechters op andersoortige manieren dan een jongerenraad hun stem willen laten horen (zie maatregel 2.3), juist niet op een geformaliseerde manier waar ze vervolgens ‘aan vastzitten’ en het daarnaast moeilijk is om een jongerenraad te creëren die daadwerkelijk representatief is voor de gehele groep ‘jonge Utrechters', starten we geen nieuwe, Utrechtse jonegrenraad. Vanuit de gemeente doen we het volgende extra om bestaande jongerenraden te versterken: • •
•
Meer uitwisseling tussen jonge Utrechters, met de gemeente en met de stad (zie maatregel 2.4) In samenwerking met International Organization for Migration (IOM) doet de gemeente een aanvraag voor een Europese subsidie CERV CHILD, waarmee een Utrechtse jongerenraad mee kan doen aan een onderzoek naar hun inclusiviteit (specifiek op migratieachtergrond) en hoe deze verbreed kan worden. Ondersteuning van STAD bij Young Minds Utrecht en accounthouderschap vanuit de gemeente
Daarnaast moet het laagdrempelig zijn om zelf een jongerenraad/initiatief te starten, wat bij pijler 2 beschreven staat. Zoals bekend, is U-2B Heard begin 2025 gestopt. Ervaringsdeskundige jongeren
11
rondom dak – en thuisloosheid en schulden wordt onderdeel van Expex Utrecht. In de periode t/m december 2026 worden jonge vrijwilligers getraind die specifiek op deze thema’s inzetbaar zijn. Maatregel 2.2: meer expertise op jonge Utrechters We gaan de kennis en ervaring met jongerencommunicatie meer bundelen in een expertiseteam jongerencommunicatie. De gemeente communiceert op veel verschillende manieren met de stad. Door de grootte van de organisatie is het soms moeilijk om communicatieboodschappen richting dezelfde doelgroepen te combineren. Het nieuwe expertiseteam jongerencommunicatie heeft ook als doel om de communicatie richting jonge Utrechters te centraliseren en te kijken waar boodschappen gebundeld kunnen worden. Juist voor een doelgroep die we lastiger weten te bereiken, is het belangrijk om te kijken hoe we sterke boodschappen kunnen neerzetten in plaats van versplinterde informatie en communicatie aanbieden waar dit gebundeld kan. Het team houdt hierbij rekening met de behoeftes van jonge Utrechters: •
•
•
Het juiste taalgebruik en bijbehorende tone of voice. Dit moet aansluiten bij het onderwerp. Op het moment dat een onderwerp serieus van aard is, moet de communicatie en de taal ook serieus zijn. Als het gaat om een luchtiger onderwerp, mag de communicatie ook een leukere uitstraling hebben. Het is heel belangrijk dat er begrijpelijke en duidelijke taal wordt gebruikt. Jonge Utrechters doen een expliciete oproep om geen jongerentaal te gebruiken. Stapsgewijs communiceren helpt bij het bereiken van jonge Utrechters. Dit betekent dat de communicatie: start de communicatie bij de eerste drempel die jonge Utrechters tegenkomen en. Start dus niet bij het einddoel dat je wil bereiken; geen vergezicht. Starten bij de eerste drempel zorgt voor herkenning. Per stap krijgen jonge Utrechters vertrouwen om het proces te doorlopen. Het hele proces moet hierbij inzichtelijk zijn, zodat ze zien in welke stap zij zich bevinden. We sluiten qua communicatiekanalen aan bij de behoefte van jonge Utrechters. Ook dit is afhankelijk van het doel van de communicatie en wat passend is bij de doelgroep en het onderwerp. Online is dat bijvoorbeeld via veelgebruikte sociale mediakanalen zijn waar jonge Utrechters actief op zijn, zoals WhatsApp, Snapchat en Instagram.
Tegelijkertijd horen we dat jonge Utrechters al veel communicatie ontvangen via digitale media en dat het daarom soms juist effectief kan zijn om andersoortige kanalen in te zetten. Bij een serieus onderwerp kan een brief bijvoorbeeld effectiever zijn. Of het kan helpen om andere sleutelpersonen communicatie te laten verspreiden (denk aan een jongerenwerker). Daarnaast vraagt het van de gemeente om naar jonge Utrechters toe te gaan (zie maatregel 2.3).
Daarnaast zullen we ook binnen Samen stad maken meer expertise richten op jonge Utrechters. Momenteel is er een pool van Samen stad makers opgestart: medewerkers uit afdelingen verspreid over de hele organisatie, die kunnen worden ingezet bij projecten en passen hier het beleid van Samen stad maken in de praktijk toe. Hierover is uw raad geïnformeerd in de voortgangsbrief Samen stad maken in maart 2025. Binnen deze pool zullen wij meer gaan specialiseren op samenwerking met jonge Utrechters. Het uitvoeringsprogramma is daar een start voor. Maatregel 2.3: passende vormen voor samenwerking met jonge Utrechters We hebben aan jonge Utrechters gevraagd wat voor hen werkt in het contact met de gemeente en zullen dit gebruiken bij projecten die jonge Utrechters raken: 12
•
•
•
• •
Het helpt om jonge Utrechters te bereiken door naar hen toe te gaan, bijvoorbeeld via straatgesprekken of via het onderwijs. Het persoonlijke contact is namelijk essentieel. Dit betekent dat we hen opzoeken op plekken, waar zij vanzelfsprekend komen. Denk hierbij aan de sportschool of – vereniging, het winkelcentrum of het schoolplein. Bij straatgesprekken is het belangrijk om rekening te houden met de diversiteit aan personen waarmee je op straat gaat staan. We hebben gezien dat jonge Utrechters makkelijker in gesprek gaan met iemand waarmee ze zich identificeren. Het helpt dus om met een diverse groep te gaan, waar ook jonge Utrechters bij aansluiten. Vraag dus ook jonge Utrechters om mee te helpen in de straatgesprekken. Houd het leuk, informeel en gezellig. Dit maakt het laagdrempeliger om in gesprek te gaan. Jonge Utrechters geven aan het niet fijn te vinden als alle samenwerking geformaliseerd wordt in groepen of langdurige processen. Het helpt om niet altijd gelijk de benodigde vragen te stellen, maar ook tijd te nemen om elkaar te leren kennen. Koppel een goede beloning aan deelname (zie pijler 4) Het bereiken van jonge Utrechters via sociale media wordt verschillend op gereageerd door jonge Utrechters. De ene jongere geeft aan dat dit juist de plek is om hen te vinden en te benaderen.
De andere jongere geeft aan dat ze al veel informatie via social media ontvangen en dat het hierdoor niet meer de juiste plek is om hen te vinden: er is al te veel.
Het helpt om een peiling op te zetten met jonge Utrechters samen. Bedenk samen geschikte vragen, locaties en tijden en beloning voor de straatgesprekken. Andere tips die jonge Utrechters mee willen geven om met ze samenwerking te werken: • •
Maak expliciet wat dit voor gevolgen heeft voor jonge Utrechters. We hoeven niet altijd de afzender te zijn als gemeente, maar we kunnen ook gebruik maken van netwerken die al bestaan. Bij serieuze onderwerpen moet de gemeente wel zelf de afzender zijn, omdat dit de juiste status geeft. • Stimuleer de dialoog met andere groepen jonge Utrechters of andere groepen volwassenen. Hierbij is veilige omgeving essentieel. • Bij ruimtelijke projecten helpen 3D-visualisaties voor jonge Utrechters om goed mee te kunnen praten en een mening te vormen. • Bij een brede vraag helpt het om voorbeelden te noemen wat andere jonge Utrechters al hebben geantwoord. • Maak jonge Utrechters, waar zij dat zelf willen, onderdeel van de oplossing of de uitvoering. Zo creëer je eigenaarschap en autonomie. • Verwachtingsmanagement is essentieel. Geef ook duidelijk aan wat je niet kan bieden. Wees ook in de terugkoppeling hier eerlijk over. Om de stem van jonge Utrechters in Samen stad maken te waarborgen nemen we onderdelen van de kinderrechtentoets over in de ambtelijke instructies voor Samen stad maken-processen. Maatregel 2.4: nieuwe aanbesteding jongerenwerk Op dit moment loopt onze subsidierelatie met stichting JoU tot en met 2026. Daarom starten we met een nieuwe aanbesteding voor het jongerenwerk in de stad.
We vinden het onder andere belangrijk dat de partij die het jongerenwerk uitvoert niet alleen voor jongeren werkt, maar ook samen met de jongeren. Als gemeente stimuleren we jongerenwerk om jonge Utrechters te stimuleren en faciliteren in hun talentontwikkeling en het meedoen in de maatschappij. We vragen hen de stem van jonge Utrechters te bestendigen door aanbod in samenspraak op te zetten, hun 13
eigen initiatieven te stimuleren en hen hierbij te ondersteunen, hen in hun kracht te zetten om hun eigen kwaliteiten in te zetten, peilingen uit te voeren over de inzet van het jongerenwerk en de inzet van het jongerenwerk op die behoeftes aan te laten sluiten. In deze aanbesteding nemen we de uitkomsten uit de tussenevaluatie naar Stichting Jongerenwerk Utrecht mee waarin onder andere beeldvorming en continuïteit in de vertrouwensrelatie genoemd worden. Ook is er gepeild via straatgesprekken en brainstormsessies bij jongeren om de nieuwe opdracht straks goed aan te laten sluiten bij de behoefte van jongeren. Maatregel 2.5: jonge Utrechters aan de overlegtafel In reactie op M518: willen wij onderzoeken waar de energie bij jonge Utrechters ligt en jongerenraden niet van bovenaf opleggen, maar juist laten ontstaan vanuit de jonge Utrechters zelf. We willen jonge Utrechters dus niet forceren om “aan tafel te komen”, maar sluiten bij hun eigen motivatie en initiatieven. Daarnaast onderzoeken we hoe jonge Utrechters, ouders-verzorgers hun positie versterken binnen bestaande overleggen, zoals de stadstafels, stelselgesprekken jeugd. Op die manier krijgen zij niet alleen een plek aan tafel, maar ook een serieuze rol in het gesprek. We evalueren daarbij steeds of deze vorm van samenwerking daadwerkelijk bijdragen aan het goed Er bestaan verschillende voorbeelden waarin dit gebeurt.
Zo spreken jongerenraden en jongerenorganisatie nu al structureel mee via Young Minds Utrecht, Expex- met speciale aandacht voor jeugdzorg en jonge Utrechters worden steeds vaker betrokken bij overleg en besluitvorming. Deze initiatieven worden de komende periode uitgebreid. Daarbij onderzoeken we voortdurend hoe hun stem nog beter gehoord en meegenomen kan worden in beleid en uitvoering.
14
Pijler 3: Samenwerken met jonge Utrechters vanuit het onderwijs We zien het organiseren van samenwerking met de jonge Utrechters vanuit het onderwijs als essentieel. Dit is veelvuldig genoemd door jonge Utrechters als fijne plek voor hen om betrokken te worden. Daarnaast kunnen we hiermee een bijdrage leveren aan het al bestaande burgerschapsonderwijs. Daarom sluiten we ook zoveel mogelijk aan op wat er al gebeurt. Daarnaast is het voor de gemeente een effectieve manier om jonge Utrechters te bereiken, omdat samenwerking op die manier een onderdeel kan zijn van het curriculum, waardoor alle scholieren of studenten van deze lessen meedoen. Zo creëren we een situatie waarin het onderwijs en de gemeente elkaar versterken. Onderstaand noemen we de belangrijkste redenen om meer in te zetten op samenwerking met jeugd via het onderwijs: •
Laagdrempelige toegang tot jonge Utrechters en jonge Utrechters tot gemeente Utrecht Scholen zijn plekken waar vrijwel alle kinderen en jongeren samenkomen. Dit maakt onderwijsinstellingen ideaal om diverse groepen te bereiken. Daarnaast hebben jonge Utrechters relatief weinig tijd of prioriteit om buiten schooltijd zich in te zetten voor maatschappelijke vraagstukken. Tijdens school- en of studietijd is die ruimte voor jonge Utrechters er vaak wel.
•
Bevordering van democratisch burgerschap Scholen hebben de opdracht om burgerschapsonderwijs vorm te geven. Jonge Utrechters leren door mee te doen hoe democratische processen werken, hoe zij hun stem kunnen laten horen en wat er nodig is om veranderingen te realiseren. Zo doen zij democratische ervaring op. Een kind dat serieus wordt genomen en zich gewaardeerd voelt, zal een positieve bijdrage willen leveren. Daarom is het belangrijk dat wij hen die meegeven. Dit nemen zij mee naar de toekomst.
•
Verbinding tussen theorie en praktijk Via samenwerkingen worden maatschappelijke vraagstukken en uitdagingen uit de samenleving direct gekoppeld aan het onderwijscurriculum. Jonge Utrechters leren hierdoor niet alleen in de praktijk over een onderwerp, maar draagt ook actief bij aan oplossingen. E Dit werkt ook door in de loopbaanontwikkeling en helpt hen verder in hun (school)carrière en een later beroep. Werken aan maatschappelijke vraagstukken draagt bij aan verschillende leerdoelen en ambities van de onderwijsinstellingen. Het onderwijs zoekt steeds meer bewust ruimte voor deze maatschappelijke betrokkenheid, zowel vanuit burgerschapsonderwijs (VO/MBO) als bijvoorbeeld community engagement (HO). Dit betekent dat burgerschap niet alleen wordt onderwezen in het klaslokaal, maar ook buiten de school actief wordt gekoppeld aan echte uitdagingen uit de stad en de maatschappij. Jonge Utrechters krijgen hiermee meer inzicht in en begrip van verschillende inzichten en belangen, dilemma's en afwegingen. Dat draagt bij aan meer betrokkenheid, eigenaarschap en gemeenschapskracht.
Maatregelen van pijler 3 Maatregel 3.1: Ondersteunen scholen bij ‘Levensecht leren’ en burgerschapsonderwijs Burgerschap in relatie tot het onderwijs betekent dat scholen leerlingen actief voorbereiden op hun rol als betrokken, verantwoordelijke en kritische burgers in de samenleving. Het gaat om het ontwikkelen van kennis over democratie, mensenrechten, diversiteit en de rechtsstaat. Leerlingen leren respectvol omgaan met verschillen en dragen bij aan een inclusieve samenleving. Burgerschapsonderwijs bevordert sociale en maatschappelijke betrokkenheid. Het draagt bij aan een 15
veilige leeromgeving waarin iedereen zich gehoord voelt. Door middel van ‘levensecht leren’ is er een koppeling met vraagstukken uit de actualiteit en dagelijkse praktijk. Er gebeurt al van alles wat betreft ‘levensecht leren’ en burgerschap bij onderwijsinstellingen. Een aantal mooie voorbeelden die we de afgelopen jaren hebben gezien: projecten met stichting MOVE, challenges van de Utrecht Challenge Alliantie, leerlingfestival U-DECIDE, kinderwijkraden, initiatieven vanuit Academie van de Stad, wijkplaatsen vanuit City Deal Kennis Maken, trajecten vanuit Maatschappelijke Diensttijd (MDT Utrecht) en verschillende living labs. Dit schooljaar startte Academie 10 in samenwerking met andere scholen en maatschappelijke partners in de stad het Burgerschapslab. We zien dat veel scholen zelf het wiel aan het uitvinden zijn en levend burgerschap niet altijd wordt gekoppeld aan inhoudelijke vakken (zie uitspraken Onderwijsinspectie in De Staat van het Onderwijs 2025). We horen de behoefte van onderwijsinstellingen voor ondersteuning en een faciliterende rol van de gemeente. Daarom gaat de gemeente Utrecht de komende periode actief aan de slag om de onderwijsinstellingen te ondersteunen met de ontwikkeling van "levend” burgerschapsonderwijs.
Levensecht leren en de ontmoeting van leerlingen met een andere achtergrond is een belangrijke ambitie binnen de Utrechtse Onderwijsagenda, een samenwerking tussen onderwijspartners, jeugdpartners en de gemeente Utrecht. De Utrechtse Onderwijsagenda heeft de ambitie geformuleerd dat in 2027 alle Utrechtse kinderen en jongeren minimaal één keer hebben deelgenomen aan een project dat bijdraagt aan ‘levensecht leren’. Om dit doel te bereiken, zien we dat een samenwerking met de gemeente veel kansen biedt. ‘Levensecht leren’ in burgerschapsonderwijs kan op veel verschillende manieren vorm krijgen. Denk hierbij aan: het aanleveren van stellingen voor de debatteren tijdens de les, mogelijkheden voor een maatschappelijke stage, een dag op pad in de stad of in het stadskantoor, een project waarbij een vraagstuk diepgaander onderzocht wordt, de vormgeving van een geheel vak aan de hand van praktijkbehoefte. We zien onder andere kansen om de democratielessen, de projecten en de debatdag van het democratieprogramma030, waar mogelijk en gewenst, te versterken met levensechte vraagstukken vanuit de praktijk. Om die reden ondersteunt en faciliteert de gemeente partijen, die Utrechtse scholen ondersteunen bij het ontwikkelen van leerlijnen rondom burgerschapsonderwijs, waaronder stichting Vreedzaam en Stichting MOVE.
Dit doen we onder andere door scholen te verbinden met organisaties in de wijk en de stad, en door levensechte (maatschappelijke) vraagstukken aan te dragen. Voor de organisatie daarvan willen we een gemeentelijke coördinator ‘levensechte vraagstukken’ aanstellen (zie maatregel 3.2). Ook sturen we daarbij op voor leerlingen uitdagende vraagstukken, die hiervoor passend zijn (zie maatregel 3.3). Maatregel 3.2: gemeentelijk coördinator ‘levensechte vraagstukken’ Om het makkelijker te maken voor onderwijsinstellingen om aan ‘levensechte’ vraagstukken te komen, gaat de gemeente Utrecht experimenteren met één coördinator voor zulke vraagstukken vanuit de gemeente. Deze coördinator is de contactpersoon voor de onderwijsinstellingen, die aan de slag willen met maatschappelijke vraagstukken in hun onderwijs, én voor interne collega’s, die het perspectief van jonge Utrechters op hun werk nodig hebben. Deze persoon is verantwoordelijk voor het samenbrengen van vraag en aanbod. De aanstelling van één coördinator levert voordelen op voor scholen en voor de gemeente zelf. Zo hebben onderwijsinstellingen makkelijke toegang via één persoon tot een breed netwerk en relevante maatschappelijke vraagstukken. Dit vermindert de lasten bij onderwijsinstellingen om de juiste persoon binnen de gemeente te vinden. Daarnaast hebben ze ook betere ondersteuning bij 16
het implementeren van levensecht leren in de klas in hun onderwijspraktijk. Voor de gemeente levert het nieuwe oplossingen voor relevante maatschappelijke vraagstukken met een perspectief gericht op de toekomst en een goede, gestructureerde manier om samen te werken met jonge Utrechters via het onderwijs. De rol van deze contactpersoon is als volgt: •
•
•
Verbinding leggen met de juiste mensen en organisaties: de coördinator helpt onderwijsinstellingen om snel en efficiënt in contact te komen met de relevante afdelingen, teams of personen binnen de gemeente. En waar nodig en mogelijk ook buiten de gemeente (denk aan: organisaties of bedrijven waaraan we onderwijsinstellingen kunnen koppelen). Hiervoor maakt de coördinator gebruik van het netwerk aan linking pins van Samen stad maken, die aan elk organisatieonderdeel gekoppeld zijn. Samen met deze linkin pins draagt de coördinator eraan bij dat de stem van jongeren beter gehoord wordt. Verzamelen en aanbieden van actuele vraagstukken: de coördinator organiseert twee keer per jaar een sessie waarin er met de linking pins van Samen stad maken wordt gekeken welke maatschappelijke vraagstukken (gaan) spelen binnen zijn/haar eigen organisatieonderdeel. Dit doen we op momenten in het jaar die aansluiten op het curriculum van de onderwijsinstellingen. We richten erop de eerste ronde te doen in april/mei, zodat je in september aan de slag kunt met jonge Utrechters zelf. In samenwerking met partijen uit de stad zoals de MKB-werkplaats1 wordt er gekeken hoe een samenwerking met jonge Utrechters via het onderwijs kan bijdragen en met welke onderwijsinstelling en welke type opleiding dit gematcht kan worden.
Hierbij waarderen we alle vormen van onderwijs gelijk aan elkaar en kijken we ook waar mogelijkheden liggen om de verschillende type onderwijs met elkaar samen te laten werken. Juist om talenten en kwaliteiten van elkaar te versterken. Stimuleren van samenwerking: de coördinator stimuleert samenwerking tussen onderwijsinstellingen en de gemeente, maatschappelijke organisaties en bedrijven, zodat projecten breder gedragen worden en meer impact hebben. Dus ook als er initiatieven plaatsvinden vanuit onderwijsinstellingen, stimuleert deze coördinator de inhoudelijk verantwoordelijke collega om hierbij aan te sluiten. Zo kan de inhoudelijk verantwoordelijke collega leren van dit traject en de inhoud gebruiken in het werk.
Nadat de contactpersoon een onderwijsinstelling heeft begeleid naar de juiste, inhoudelijk verantwoordelijke collega, ligt de verantwoordelijkheid bij de inhoudelijke collega. Middels deze experimenteerruimte wordt duidelijk of deze vorm bijdraagt aan levensecht leren binnen het onderwijs en welke doorontwikkelingen hierop mogelijk en nodig zijn. Maatregel 3.3: passende vraagstukken voor samenwerking via het onderwijs In praktijk zien we nu dat gemeentelijke vraagstukken niet altijd even goed aanslaan bij scholieren en studenten. Dit heeft ermee te maken dat de vraagstukken niet passend (genoeg) zijn: saai, te abstract, lange doorlooptijd van projecten, gevoelsmatig weinig effect in de stad. Daarom ligt er een rol voor de coördinator om samen met de inhoudelijke collega het vraagstuk goed uit te pluizen om tot een geschikt vraagstuk te komen. Tegelijkertijd helpt dit om richting inhoudelijke collega’s verwachtingsmanagement te doen wat je er wel en niet qua resultaten uit kan halen. Partijen uit de
1 Verbindende partij tussen onderwijs en vraagstukken uit de praktijk. Voor meer info, zie: MKB Werkplaats
Utrecht
17
stad zoals de MKB-werkplaats kunnen hier ook een adviserende rol in spelen. Vraagstukken die geschikt zijn, voldoen aan de volgende criteria: • • •
Zet een duidelijk doel wat je uit de samenwerking wil halen en wat het concrete resultaat is wat de samenwerking op moet leveren. Het resultaat van een project moet binnen 1 jaar uitvoerbaar zijn. Daarmee zien scholieren en studenten dat hun werk loont en in praktijk resultaten oplevert. Er is nog voldoende ruimte in het vraagstuk voor scholieren en studenten om te zoeken naar creatieve oplossingen. Het vraagstuk zit dus niet al vol met kaders en regels. De gemeente moet hierin ook flexibel zijn en de ruimte bieden aan scholieren en studenten.
Het kan daarnaast helpen om een vraag niet enkel van de gemeente voor te leggen, maar vanuit een samenwerking met partners. Voor jonge Utrechters wordt het dan vaak aansprekender, omdat er gevoelsmatig meer effect is op de stad. Ook kijken we in de vormgeving van het vraagstuk hoe we, in samenwerking met de onderwijsinstelling, ook een stuk eigenaarschap bij jonge Utrechters zelf kunnen neerleggen. Hierin kan het ook zo zijn dat juist jonge Utrechters een onderwerp aandragen, waarover zij in gesprek willen met de gemeente. Het kan ook onderdeel zijn van een proces om dit vroegtijdig op te halen.
18
Pijler 4: Erkenning en waardering Het bieden van erkenning en waardering kan drempels verlagen en inclusiviteit bevorderen. We zien in praktijk dat dit bij meerdere groepen, ook specifiek bij jonge Utrechters, een positief effect heeft op deelname vanuit verschillende groepen. Dit bevordert dus de diversiteit en het horen van verschillende stemmen. Ook zijn erkenning en waardering fundamenteel voor de ontwikkeling van kinderen en jongeren. Dit helpt om positief gedrag te versterken en motiveert hen om actief te worden in hun omgeving. Voor sommige kinderen en jongeren kan deelname aan activiteiten belemmerd worden door sociaaleconomische barrières. Daarnaast is het belangrijk om erkenning en waardering voor jonge Utrechters op een leeftijdsgerichte manier vorm te geven, waarbij beloningen aansluiten bij hun interesses en behoeften. Gemeenten, bedrijven en partners spelen hierbij een cruciale rol door passende beloningen aan te bieden die jonge Utrechters motiveert en hun betrokkenheid vergroot. Met beloning bedoelen we niet enkel een financiële beloning, maar dit kan ook in de vorm zijn van een compliment of in het zonnetje gezet worden. Op deze manier kunnen erkenning en waardering worden gebruikt als instrumenten voor het koesteren van jonge Utrechters, die door alle leeftijden en sociale verschillen in een samenleving heen snijden.
Maatregelen bij pijler 4 Maatregel 4.1: Organiseren van inspiratiemarkt waar jonge Utrechters hun ideeën kunnen presenteren. De gemeente Utrecht gaat jaarlijks een stedelijke jongerenbijeenkomst organiseren, geïnspireerd door de Kinderwijkraden. Tijdens dit evenement komen jongerenraden, jongereninitiatieven en afgevaardigden van het college en de raad samen. Jonge Utrechters kunnen hierbij hun ideeën presenteren. Denk aan: acties van jongereninitiatieven, afgeronde studieprojecten of een weergave van de inzet van jongerenraden. Hiermee krijgen het college en de raad direct inzicht in de behoeften en wensen van jonge Utrechters, wat leidt tot beleidskeuzes die beter bij hen aansluiten. Jonge Utrechters krijgen tegelijkertijd erkenning en waardering voor hun inzet. Daarnaast is het een moment voor jonge Utrechters om met elkaar in contact te komen en tips met elkaar uit te wisselen (zie maatregel 2.5). Ook kan dit moment dienen om nieuwe vraagstukken te identificeren en daarmee nieuwe samenwerkingen te starten. Hierdoor kan het dus dienen als platform waar jonge Utrechters gezamenlijk hun stem kunnen laten horen. We willen ook hier experimenteren hoe we het eigenaarschap zoveel mogelijk bij de jongereninitiatieven zelf kunnen houden. Daarom willen we elk jaar één jongereninitiatief kiezen als trekker van het evenement.
Samen met een ambtenaar van de gemeente Utrecht bereiden zij de bijeenkomst voor. Dit jaarlijkse evenement versterkt de verbinding tussen jonge Utrechters en de gemeente en zorgt ervoor dat hun ideeën een grotere impact hebben op de stad Utrecht. Bij de organisatie van het evenement letten we erop dat jonge Utrechters de organisatie van het evenement en het evenement zelf leuk vinden. De eerste bijeenkomst vindt in maart 2026 plaats. Dit wordt georganiseerd door een aantal jongeren, STAD, VNG en Save the Children. Daarna zullen we dit jaarlijks of om de 2 jaar herhalen. Hierbij wordt gekeken of we het kunnen combineren met andere gemeentelijke activiteiten, gericht op jonge Utrechters.
19
Wie is welkom? Raad, college, ambtenaren, geïnteresseerde Utrechters, geïnteresseerde organisaties uit de stad, onderwijsinstellingen, jonge Utrechters die iets te laten zien of te vertellen hebben.
Maatregel 4.2: beloning bij peilen Zoals beschreven staat doen we extra moeite voor het ongehoorde geluid op het moment dat de gemeente verantwoordelijk is. We zien dat een beloning ervoor kan zorgen dat de drempel voor jonge Utrechters lager is om deel te nemen aan activiteiten. Om de inclusiviteit te bevorderen gaan we inzetten op het belonen van jonge Utrechters bij peilen. Dit betekent bijvoorbeeld dat we een ‘topper van de maand’ uitroepen en via sociale media in het zonnetje zetten of dat we cadeaubonnen verloten onder jonge Utrechters die heeft deelgenomen aan een vragenlijst. Bij intensieve vormen van samenwerking kiezen we ervoor om een bedankje uit te reiken en/of een vrijwilligersvergoeding uit te keren. Deze manieren van beloning zijn uit een DenkLab met Denkkracht2 ontstaan. We gaan vaker belonen bij peilingen, onder meer via DenkMee-peilingen en straatgesprekken. Dit vraagt ook om dit in de communicatie goed neer te zetten.
2 Denkkracht Utrecht is een denktank die bestaat uit 25 young professionals – actief in verschillende sectoren
en functies- en heeft als doel young professionals te verbinden, te inspireren, en te laten bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke, strategische en organisatorische vraagstukken.
20
Planning & financiering Maatregel
Planning •
Maatregel 1.1: laagdrempelig Initiatievenfonds •
• Maatregel 1.2: doelgroep ‘jonge Utrechters’ prominenter in subsidieregelingen •
• Maatregel 1.3: campagne rondom buurtcentra
• Maatregel 1.4: uitwisseling tussen initiatieven stimuleren
•
Begin 2026 zijn voorbeeldinitiatieven uitgewerkt Begin 2026 lessons learned van Utrecht Science Park verbreed naar minimaal één andere plek Nieuwe regeling ‘Stem van Utrechters’ en ‘subsidieregeling sociale basis’ gaan per 2027 in. Begin 2026 doorontwikkeling projectsubsidies cultuur
Campagne zal starten in Q1 2026
November 2025 lancering jongerenplatform Leidsche Rijn/Vleuten de Meern Gestart in 2025
Maatregel 1.5: ontmoetingsplekken volgens Visie jongeren ontmoetingsplekken
Maatregel 2.1: versterken van al actieve jongerenraden
Dekking voor deze maatregel
Deze maatregelen worden gedekt vanuit het communicatiebudget van het Initiatievenfonds (programma ‘Betrouwbare Overheid’, doelstelling 3 ‘betrokken Utrechters’).
Met deze maatregel sluiten we aan bij al lopende herzieningen. Stem van Utrechters en subsidieregeling sociale basis worden gedekt vanuit programma ‘levendige en gezonde stad (doelstelling 2: meedoen en voor elkaar zorgen)’. Projectsubsidies cultuur wordt gedekt vanuit programma ‘Levendige en gezonde stad' (doelstelling 9 ‘aanbod cultuur’).
Deze maatregel wordt gedekt vanuit programma ‘levendige en gezonde stad’ (doelstelling 4: toegankelijke welzijnsaccommodaties).
Programma ‘kansrijk opgroeien’ (doelstelling 3 ‘versterken veerkracht').
Programma ‘kansrijk opgroeien’ (doelstelling 3 ‘versterken veerkracht').
• • •
Zie maatregel 1.2 Zie maatregel 4.1 Europese subsidieaanvraag is in mei ingediend
• • •
Zie maatregel 1.2 Zie maatregel 4.1 In november is er duidelijkheid over deze subsidieaanvraag
21
• Maatregel 2.2: meer expertise op jonge Utrechters •
Oprichting expertiseteam jongerencommunicatie is gestart Pool SSM is ook gestart
De oprichting van het expertiseteam jongerencommunicatie vraagt geen financiële dekking, omdat het gaat over het anders inrichten van de huidige capaciteit. Gedekt vanuit de basisdienstverlening van communicatie. De pool van Samen stad makers wordt gedekt vanuit programma ‘betrouwbare overheid’, doelstelling 3: betrokken Utrechters.
Maatregel 2.3: passende vormen voor samenwerking met jonge Utrechters
Doorlopend
Voor deze maatregel is geen financiële dekking nodig, omdat het een andere manier van werken vraagt.
Maatregel 2.4: nieuwe aanbesteding jongerenwerk
Per 1 januari 2027 wordt de nieuwe opdracht voor het jongerenwerk uitgevoerd.
Programma ‘Kansrijk opgroeien’ (doelstelling 3: versterken veerkracht) en programma ‘veilige stad’ (doelstelling 1: aanpakken/voorkomen van criminaliteit)
Maatregel 2.5: jonge Utrechters aan de overlegtafel
Begin 2026
Programma 'kansrijk opgroeien’ (doelstelling 3: versterken veerkracht.
Maatregel 3.1: Ondersteunen scholen bij ‘Levensecht leren’ en burgerschapsonderwijs
Doorlopend
Programma ‘kansrijk opgroeien' (doelstelling 1: eigen pad in het onderwijs)
Q2 2026 Maatregel 3.2: gemeentelijk coördinator ‘levensechte vraagstukken’
Totale kosten voor het experimenteren met deze maatregel zijn €65.000. €55.000 hiervan wordt betaald uit programma ‘kansrijk opgroeien’ (doelstelling 3: versterken veerkracht). €10.000 hiervan wordt betaald uit programma ‘Betrouwbare Overheid’, doelstelling 3 ‘betrokken Utrechters’.
22
Het experiment wordt twee jaar gedekt uit bovenstaande programma's. Daarna zal deze maatregel geëvalueerd worden en duidelijk worden of deze van meerwaarde is en waar nodig, gezocht worden naar structurele financiering.
Maatregel 3.3: passende vraagstukken voor samenwerking via het onderwijs
Doorlopend
Voor deze maatregel is geen financiële dekking nodig, omdat het een andere manier van werken vraagt.
Maart 2026 eerste bijeenkomst Maatregel 4.1: organiseren inspiratiemarkt waar jonge Utrechters hun ideeën kunnen presenteren
Deze maatregel wordt gedekt vanuit programma ‘Kansrijk opgroeien’ doelstelling 3: versterken veerkracht. Het eerste jaar is duurder, omdat deze landelijk en grootschaliger is. We onderzoeken nog hoe we dit blijvend kunnen financieren. Doorlopend
Maatregel 4.2: beloning bij peilen
Voor deze maatregel is geen algemene financiële dekking nodig, omdat het een andere manier van werken vraagt. Daarom wordt dit gedekt vanuit projecten die peilen als samenwerkingsvorm.
23