Bijlage 4B HIA locatie D en E Ronald McDonaldhuis.pdf
Tekst van het document
HIA Nieuwbouw Ronald McDonald Huis Locatie D Heritage Impact Assessment Gemeente Utrecht 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
Contactpersoon FLORIS VAN OOSTERHOUT Teamleider Erfgoed | Adviseur archeologie en cultuurhistorie
T 088-4261626 M 06-27061506 E floris.vanoosterhout@arcadis.com
2
Arcadis Nederland B.V. Postbus 33 6800 LE Arnhem Nederland
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
Inhoudsopgave 1
2
3
4
5
3
INLEIDING
6
1.1
Aanleiding
6
1.2
Doel
6
1.3
Aanpak
7
1.4
Leeswijzer
7
METHODIEK
8
2.1
Statement of Outstanding Universal Value
8
2.1.1
Integriteit van de Hollandse Waterlinies
8
2.1.2
Authenticiteit van de Hollandse Waterlinies
9
2.2
Beleidskader: OUV en kernkwaliteiten
9
2.2.1
UNESCO World Heritage Description
9
2.2.2
Besluit Algemene Regels Ruimtelijke Ordening
10
2.2.3
Interim Omgevingsverordening Provincie Utrecht
11
2.3
Beoordelingsmethodiek
11
2.4
Begrenzing studiegebied en plangebied
14
2.5
Nul-situatie
15
GESCHIEDENIS EN BESCHRIJVING VAN DE SITE
16
3.1
Hollandse Waterlinies - Uitzonderlijke universele waarde (OUV)
16
3.2
Utrecht Science Park (USP) binnen Hollandse Waterlinies
16
3.3
Kernkwaliteit Strategisch landschap
17
3.4
Kernkwaliteit Waterstaatkundige werken: access Hoofddijk
20
3.5
Kernkwaliteit Militaire versterkingen: Werk aan de Hoofddijk
22
BESCHRIJVING VAN DE VOORGESTELDE ONTWIKKELINGEN LOCATIE D
24
4.1
Algemene landschapswaarden leidend voor ontwikkelingen Ronald McDonald Huis
24
4.2
Ligging locatie D
26
4.3
Visualisatie locatie D
26
BEOORDELING EN EVALUATIE VAN TOTALE IMPACT VAN DE VOORGESTELDE VERANDERINGEN
29
5.1
Inleiding
29
5.2
Effectbeoordeling
29
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
5.2.1
Strategisch landschap
29
5.2.2
Waterstaatkundige werken
30
5.2.3
Militaire versterkingen
31
5.2.4
Totale omvang van het effect
31
5.3
Risico-inschatting
32
6
AANDACHTSPUNTEN VOOR DE ONTWIKKELING
33
7
Bibliografie
35
Colofon
4
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
36
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
SAMENVATTING In het kader van een grootschalige aanpassing en vernieuwing van het Utrecht Science Park zoeken de gemeente Utrecht, Universiteit Utrecht en het Universitair Medisch Centrum Utrecht naar een nieuwe locatie voor de vestiging van het Ronald McDonald Huis. Voor de ontwikkelingen wordt er gezocht naar locaties binnen en rond het Utrecht Science Park. Bij ontwikkelingen op het Utrecht Science Park moet rekening gehouden worden met cultuurhistorische waarden, waaronder het Werelderfgoed Hollandse Waterlinies, waarvan een individueel onderdeel (de Nieuwe Hollandse Waterlinie) deels overlapt met het Utrecht Science Park. De Hollandse Waterlinies en hun individuele onderdelen vormen een compleet, geïntegreerd verdedigingssysteem. Het is sinds de Tweede Wereldoorlog niet meer gebruikt voor militaire doeleinden en formeel buiten werking gesteld in 1963. De hoofdverdedigingslijn en de inundatievlaktes zijn duidelijk herkenbaar gebleven in het landschap. De reeks waterstaatkundige werken en militaire versterkingen die het verdedigingssysteem van inundatie ondersteunden, vormen een eenheid en zijn intact, ook in hun onderlinge samenhang en hun relatie met het landschap. Omdat de directe omgeving van elk fort decennialang een verboden militaire zone is geweest, is het karakter van deze gebieden behouden gebleven.
Omdat de Hollandse Waterlinies uniek zijn en van Uitzonderlijke Universele Waarde zijn, zijn ze aangewezen als Werelderfgoed. In principe moet al het mogelijke worden gedaan om de nadelige gevolgen voor (de kernkwaliteiten van) het Werelderfgoed te voorkomen, te minimaliseren of te mitigeren. De opgave m.b.t. de nieuwe ontwikkeling op het Utrecht Science Park heeft (mogelijk) invloed op de volgende onderdelen van het Werelderfgoed: 1. Het unieke, in samenhang met het landschap ontworpen negentiende en twintigste-eeuwse hydrologische en militairverdedigingssysteem, specifiek: • Verboden kringen en schootsvelden van het Werk aan de Hoofddijk • De acces Hoofddijk • Het Werk aan de Hoofddijk 2. Grote openheid, specifiek: • Het strategisch landschap buiten het stedelijk gebied • Kansen voor openheid binnen het bestaande Utrecht Science Park
De ontwikkelingen voor deze locatie zullen vooral grote invloed hebben op de kernkwaliteit Strategisch Landschap. De landelijke open, buitenste zone van het verdedigingsnetwerk van de Nieuwe Hollandse Waterlinie zal verstoord worden door de voorgenomen bebouwing. Op basis van de effectbeoordeling in dit rapport kan worden geconcludeerd dat de realisatie van het Ronald McDonald Huis op locatie D zoals voorzien in de locatiestudie een matig effect op het Werelderfgoed heeft. De inschatting is dat de ontwikkelingen een matig effect hebben maar wel een wezenlijk risico betekenen voor het behoud van de Uitzonderlijke Universele Waarde van de Hollandse Waterlinies. Extra gevoeligheid hierbij is dat het gaat om onbebouwd gebied. De kans bestaat dat het (Wereld)erfgoed daadwerkelijk gevaar zal lopen door de ontwikkeling, maar er is geen sprake van een fysieke aantasting van het Werelderfgoedgebied.
5
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
1
INLEIDING
1.1
Aanleiding
De gemeente Utrecht, Universiteit Utrecht en het Universitair Medisch Centrum Utrecht staan aan het begin van grootschalige aanpassing en vernieuwing van het Utrecht Science Park (USP) door het te vergroenen, autoluw te maken, extra ruimte voor R&D te creëren en woningen toe te voegen. Om het USP en het UMC Utrecht toekomstbestendig te kunnen herinrichten, wordt de huidige parkeergarage van het UMC Utrecht aan de zuidzijde verplaatst naar de noordzijde, ter hoogte van de huidige locatie van het Ronald McDonald Huis (RMDH). Dat betekent dat er een andere locatie voor het Ronald McDonald Huis gevonden moet worden. Bovendien wil het Ronald McDonald Huis graag uitbreiden, onder andere vanwege de toenemende vraag vanuit het Prinses Máxima Centrum. Bij ontwikkelingen op het USP moet rekening gehouden worden met cultuurhistorische waarden, waaronder het Werelderfgoed Hollandse Waterlinies, dat deels overlapt met het USP. Voor de ontwikkelingen wordt er gezocht naar locaties binnen en rond het USP. Eerdere locatieonderzoeken hebben een groslijst van mogelijke locaties opgeleverd. Er is in deze fase behoefte aan een effectbeoordeling van de voorgenomen ontwikkeling op de locatie D en E voor de nieuwbouw van het Ronald McDonald Huis op de uitzonderlijke universele waarde van de Hollandse Waterlinies. Voor beide locaties wordt een aparte HIA opgesteld.
Dit rapport heeft betrekking op locatie D.
Figuur 1-1 Visiekaart USP 2040. Omgevingsvisie Utrecht Science Park 2040, Concept 11 juni 2021
1.2
Doel
De HIA wordt in het kader van een brede locatieafweging ingezet als hulpmiddel om inzicht te krijgen in de effecten van het initiatief nieuwbouw Ronald McDonald Huis op de uitzonderlijke universele waarde (OUV) van het UNESCO
6
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
Werelderfgoed. De HIA betreft een beoordeling van zowel de specifieke kernkwaliteiten als de onderlinge samenhang, plus de cumulatie van de effecten van de beoogde ontwikkeling op het erfgoed op deze locatie. De resultaten van de HIA vormen een transparant en onafhankelijke beoordeling van de effecten van een beoogde ontwikkeling op de OUV van het Werelderfgoed. De rapportage vormt geen besluit, maar stelt de verschillende actoren in staat om plannen en mogelijke varianten te bespreken, de impact inzichtelijk te maken om zo tot een afgewogen besluit te komen.
1.3
Aanpak
De aanpak van het onderzoek sluit aan op “De Leidraad voor Heritage Impact Assessments inzake culturele werelderfgoederen” van ICOMOS (ICOMOS, 2011). In de leidraad wordt een methodiek beschreven om de effectbeoordeling specifiek af te stemmen op Werelderfgoedgebieden. De ICOMOS Leidraad schrijft voor dat effecten op een navolgbare en samenhangende manier moeten worden beoordeeld en beschrijft de te hanteren methodiek. Achtergrond hiervan is paragraaf 172 van de Operational Guidelines voor Werelderfgoed, waarin een proactieve communicatie over ontwikkelingen binnen een Werelderfgoedgebied wordt vereist. Tevens wordt gebruik gemaakt van relevante beleidsstukken zoals de Interim Omgevingsverordening van de provincie Utrecht en de Omgevingsvisie Utrecht Science Park 2040 van de gemeente Utrecht. Vanwege de bestaande participatietrajecten is afgezien van een uitgebreid participatietraject in deze fase bij het opstellen van de HIA. Op dit moment is het van belang om de effecten op de OUV en kernkwaliteiten van de voorgenomen ontwikkeling te beoordelen; er worden geen alternatieven beoordeeld. De benodigde achtergrondinformatie voor de effectbeoordeling is verkregen door middel van een inventarisatie van beschikbare informatie. Onderzoek is uitgevoerd in de vorm van een analyse van bestaande literatuur, digitaal beschikbare (historische) kaarten en een veldbezoek.
Voor het in kaart brengen van visuele effecten c.q. het bepalen van de ruimtelijke invloed van de voorgenomen ontwikkelingen is gebruik gemaakt van de locatiestudie (Ronald McDonald Huis, Locatie D Campus Utrecht Science Park, OZ architect, 28 mei 2021). De effectbeoordeling zelf bestaat uit een beschrijving en beoordeling van mogelijke negatieve effecten van het project op de authenticiteit en integriteit van de kernkwaliteiten en bijbehorende kenmerken van de Hollandse Waterlinies, volgens de criteria ‘schaal en ernst van de effecten’ en ‘omvang van de totale impact’. De beoordeling is kwalitatief. Ook wordt een risico-inschatting gedaan voor het behoud van de OUV en instandhouding van de Werelderfgoedstatus. Daarnaast zijn mogelijke aandachtspunten beschreven om de effecten te vermijden, te beperken of op te vangen.
1.4
Leeswijzer
Voor de opzet van deze HIA is de Leidraad van ICOMOS (ICOMOS, 2011) gevolgd. Het rapport bestaat in de kern uit een inventarisatie en een effectbeoordeling. Achtereenvolgens is beschreven: de methodiek en de referentiesituatie (hoofdstuk 2), achtergrond van het McDonald Huis (hoofdstuk 3), de voorgenomen activiteit (hoofdstuk 4), de effectbeoordeling (hoofdstuk 5) en aandachtspunten voor de ontwikkeling (hoofdstuk 6). Voorafgaand aan het eerste hoofdstuk is een samenvatting gegeven en wordt de conclusie gebruikt voor aanbevelingen in de omgang met het werelderfgoed bij de geplande ontwikkeling. In afwijking op de leidraad is ervoor gekozen om geen hoofdstuk met een verklarende woordenlijst op te nemen. In plaats daarvan worden begrippen en afkortingen in de tekst uitgelegd waar nodig.
7
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
2
METHODIEK
In de leidraad van ICOMOS (ICOMOS, 2011) wordt een methodiek beschreven om cultuurhistorische effectrapportages specifiek af te stemmen op werelderfgoederen. Werelderfgoederen hebben een duidelijk omschreven internationale waarde. Deze uitzonderlijke universele waarde (Outstanding Universal Value; OUV) komt tot uitdrukking in een aantal kernkwaliteiten. De effecten van een ontwikkeling op deze kernkwaliteiten kunnen in een HIA op een systematische en samenhangende wijze, zowel afzonderlijk als cumulatief worden beoordeeld. Mogelijke cumulatieve effecten van de te beoordelen ontwikkelingen met externe ontwikkelingen (ontwikkelingen die niet direct te maken hebben met het RMDH) worden buiten beschouwing gelaten, maar de cumulatieve impact van de afzonderlijke effecten binnen de ontwikkeling, wordt wel in aanmerking genomen. Dit hoofdstuk gaat allereerst in op de Statement of Outstanding Universal Value (SOUV) voor de Hollandse Waterlinies en de begrippen integriteit en authenticiteit. Vervolgens wordt de beoordelingsmethodiek beschreven. De laatste paragraaf gaat in op de afbakening van het plangebied en de referentiesituatie.
2.1
Statement of Outstanding Universal Value
Bij plaatsing op de Werelderfgoedlijst wordt de uitzonderlijke universele waarde van het erfgoed vastgelegd in een verklaring van universele waarde (de SOUV). Hierin staat beschreven op welke punten het Werelderfgoed uniek wordt bevonden en wat de criteria zijn op grond waarvan de site op de UNESCO Werelderfgoedlijst staat. Ook worden de integriteit en authenticiteit van het werelderfgoed beschreven. Bij de beoordeling van effecten op de uitzonderlijke universele waarde van het werelderfgoed en de integriteit en authenticiteit daarvan, staan de SOUV en de uitwerking van de bijbehorende kernkwaliteiten zoals beschreven in het rijks- en provinciaal beleid (het Barro en de Interim Omgevingsverordening Provincie Utrecht) centraal. Voor de beschrijving van de criteria integriteit en authenticiteit in deze HIA is gebruik gemaakt van de “Operational Guidelines for the Implementation of the World Heritage Convention” (UNESCO World Heritage Centre, 2012).
2.1.1
Integriteit van de Hollandse Waterlinies
“De Hollandse Waterlinies en hun individuele onderdelen vormen een compleet, geïntegreerd verdedigingssysteem. Het is sinds de Tweede Wereldoorlog niet meer gebruikt voor militaire doeleinden en formeel buiten werking gesteld in 1963. De hoofdverdedigingslijn en de inundatievlaktes zijn duidelijk herkenbaar gebleven in het landschap, mede dankzij de civiele functie van veel van deze landschapselementen. De kenmerkende openheid van de inundatievlaktes is behouden in de delen van de Hollandse Waterlinies waar de ontwikkelingsdruk laag was na beëindiging van het militaire gebruik. In verstedelijkte delen geldt streng beleid om aantasting van de visuele integriteit van de inundatievelden en de hoofdverdedigingslijn te voorkomen. De reeks waterstaatkundige werken en militaire versterkingen die het verdedigingssysteem van inundatie ondersteunden, vormen een eenheid en zijn intact, ook in hun onderlinge samenhang en hun relatie met het landschap. De forten, batterijen en veldversterkingen zijn een groep verbonden bouwwerken waarin opeenvolgende bouwfases duidelijk herkenbaar zijn. Omdat de directe omgeving van elk fort decennialang een verboden militaire zone is geweest, is het karakter van deze gebieden behouden gebleven.” (Bestuurlijke Samenvatting UNESCO dossier Hollandse Waterlinies)
Integriteit De integriteit van een Werelderfgoed duidt de mate van compleetheid en gaafheid van het Werelderfgoed aan en geeft aan of de OUV nog aanwezig is en niet is aangetast of bedreigd wordt. In deze HIA wordt de integriteit van het Werelderfgoed beoordeeld aan de hand van: •
8
Compleetheid: zijn alle waarden en objecten nog aanwezig? Bevat het Werelderfgoed alle elementen die noodzakelijk zijn voor de weergave van de Uitzonderlijke Universele Waarde? En heeft het Werelderfgoed een voldoende omvang om de volledige werking te laten zien. Vertaald naar de Hollandse Waterlinies gaat het om de compleetheid van het systeem, de combinatie van Hoofddijk, strategisch landschap en militaire elementen.
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
•
Gaafheid: zijn waarden en objecten nog intact? In hoeverre hebben er negatieve effecten van bijvoorbeeld ontwikkelingen en/of verwaarlozing plaatsgevonden? Ontbreken er bijvoorbeeld (essentiële) onderdelen van objecten?
2.1.2
Authenticiteit van de Hollandse Waterlinies
“De Hollandse Waterlinies zijn nog steeds een coherent, door de mens gemaakt landschap. Een helder gedefinieerd landschap, waarin de mens natuurlijke elementen zoals land en water heeft geannexeerd in een gebouwd systeem van civiele werken. Het militaire gebruik is beëindigd, maar de landschappelijke en gebouwde attributen zijn nog aanwezig. Het overgrote deel van de forten en militaire bouwwerken is bewaard gebleven in hun oorspronkelijke ontwerp en specificaties. De Outstanding Universal Value komt tot uiting in: • • • •
de authenticiteit van het ontwerp (de typologie van forten, sluizen, batterijen en verdedigingswallen), het specifieke gebruik van bouwmaterialen (baksteen, ongewapend én gewapend beton), het vakmanschap (uiterst secure bouw, blijkens de toestand van de constructies en hun volmaaktheid) en de werken in hun setting (als een onderling verbonden militair functioneel systeem in het aangelegde landschap van polders en de bebouwde omgeving).
Sinds de jaren negentig zijn de Hollandse Waterlinies met hun afzonderlijke attributen met grote zorgvuldigheid gerestaureerd, onderhouden, toegankelijk gemaakt, herbestemd en geëxploiteerd. Grootschalige reconstructies komen niet voor; enkele kleinschalige voorbeelden van heraanleg hebben een educatieve bedoeling en zijn als zodanig herkenbaar. Een groot aantal forten heeft nu een educatieve, recreatieve of economische functie. De militaire geschiedenis blijft voelbaar, ook doordat de historische verhalen in het gebied zelf en via verschillende media verteld blijven worden.” (Bestuurlijke Samenvatting UNESCO dossier Hollandse Waterlinies)
Authenticiteit Het begrip authenticiteit omvat de waarheidsgetrouwe en geloofwaardige verbeelding van de historische en culturele betekenis van het Werelderfgoed. In deze HIA wordt de authenticiteit van het Werelderfgoed beoordeeld aan de hand van de vijf criteria hieronder, waarbij gekeken wordt in hoeverre deze criteria waarheidsgetrouw zijn en de oorspronkelijke situatie verbeelden. • • •
•
•
Vorm en ontwerp: feitelijke vorm en ontwerp van objecten en elementen. Objecten en elementen hebben nog hun oorspronkelijke vorm en ontwerp. Materiaal en substantie: gebruik van materiaal en substantie bij reparaties en/of renovaties van de elementen. Bij reparaties en/of renovaties is gebruik gemaakt van originele materialen. Gebruik en functie: oude functie versus nieuwe functie. Hergebruik van gebouwen sluit aan en is ondergeschikt aan de originele architectuur. De OUV is nog steeds te begrijpen ondanks de nieuwe bestemming. Elementen kunnen nog (indien gewenst) hun oorspronkelijke functie uitvoeren. Indien gewenst kan het systeem nog grotendeels functioneren. Locatie en positionering: verbanden en relaties tussen de structuren en elementen. Structuren en elementen liggen nog op hun oorspronkelijke locatie. Het systeem en/of de context kan nog steeds goed begrepen worden, doordat structuren en elementen nog een zichtbare, fysieke en werkende relatie hebben met het landschap en elkaar. Beleving: het erfgoed is nog beleefbaar en uitlegbaar, nu en in de toekomst. Het systeem en de wijze waarop het heeft gefunctioneerd is nog herkenbaar en begrijpelijk. Het karakter en de sfeer van de omgeving ondersteunt de beleving van het erfgoed.
2.2
Beleidskader: OUV en kernkwaliteiten
Hieronder worden de OUV, kernkwaliteiten en bijbehorende kenmerken opgesomd zoals deze zijn opgenomen door UNESCO, in het Rijksbeleid (Besluit algemene regels ruimtelijk ordening (Barro, 2011)) en het Provinciaal Beleid (Interim Omgevingsverordening (Provincie Utrecht, 2021)).
2.2.1
UNESCO World Heritage Description
In de Statement of Outstanding Universal Value (SOUV) staat beschreven op welke punten het Werelderfgoed uniek wordt bevonden. UNESCO hanteert hiervoor tien selectiecriteria, waarbij geldt dat Werelderfgoed aan ten minste één 9
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
van deze tien criteria moet voldoen. De OUV van de Hollandse Waterlinies is beschreven aan de hand van criterium II, criterium IV en criterium V. Hieronder is per criterium aangegeven wat de definitie is volgens UNESCO in het Engels met daarna de interpretatie specifiek voor de Nederlandse verdedigingslinie volgens de Nederlandse vertaling. Criterium II: to exhibit an important interchange of human values, over a span of time or within a cultural area of the world, on developments in architecture or technology, monumental arts, town-planning or landscape design; Criterium (ii): De Hollandse Waterlinies vormen een buitengewoon voorbeeld van een uitgebreid, geïntegreerd verdedigingssysteem, dat sinds de start van de bouw in de vroege 19e eeuw intact is gebleven en goed is geconserveerd. Het maakt onderdeel uit van een continuüm van defensieve maatregelen waarbij bij de bouw werd geanticipeerd op ontwikkelingen in de oorlogsvoering. De daarbij gemaakte keuzes zijn van (grote) invloed geweest op ontwikkelingen (in de bouw van forten) onmiddellijk voor en na de tweede wereldoorlog.
Criterium IV: to be an outstanding example of a type of building, architectural or technological ensemble or landscape which illustrates (a) significant stage(s) in human history; Criterium (iv): De Hollandse Waterlinies vormen een uitstekend voorbeeld van een uitgebreid en ingenieus systeem van militaire verdediging door inundatie, dat gebruik maakt van eigenschappen en elementen in het landschap. Het goed bewaard gebleven netwerk van fortificaties in hun landschappelijke context is uniek in de Europese architectuurgeschiedenis. De forten illustreren de ontwikkeling in de militaire architectuur tussen 1815 en 1940, in het bijzonder de overgang van gebruik van baksteen naar gewapend beton in de Stelling van Amsterdam. Deze transitie, met experimenten in gebruik van beton en de nadruk op het gebruik van ongewapend beton is een hoofdstuk van de Europese architectuurgeschiedenis waarvan slechts weinig bewaard is gebleven. Criterium V: to be an outstanding example of a traditional human settlement, land-use, or sea-use which is representative of a culture (or cultures), or human interaction with the environment especially when it has become vulnerable under the impact of irreversible change; Criterium (v): De Hollandse Waterlinies vormen een buitengewoon voorbeeld van het Nederlandse meesterschap in land- en waterbeheersing.
Ze tonen de unieke manier waarop de Nederlandse vindingrijkheid en expertise in waterbeheersing is ingezet voor de verdediging van het bestuurlijke en economische hart van het land, inclusief de hoofdstad. In de Nieuwe Hollandse Waterlinie worden op basis van de OUV de volgende drie hoofdelementen binnen het programma van de Hollandse Waterlinies benoemd: • • •
2.2.2
Waterstaatkundige werken Militaire versterkingen Strategisch landschap
Besluit Algemene Regels Ruimtelijke Ordening
De OUV en de hoofdelementen zijn in beleid vertaald naar kernkwaliteiten. Artikel 2.13.3 van het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) gaat in op de kernkwaliteiten. In bijlage 8 van het Barro zijn voor ieder erfgoed van uitzonderlijke universele waarde, de kernkwaliteiten in hoofdlijnen beschreven. Voor de Nieuwe Hollandse Waterlinie1 zijn de volgende kernkwaliteiten opgenomen:
1 Hoewel de Nieuwe Hollandse Waterlinie en de Stelling van Amsterdam samen een Werelderfgoed vormen (de
Hollandse Waterlinies) dat een gezamenlijke OUV heeft, zijn voor beide onderdelen eigen kernkwaliteiten geformuleerd. 10
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
1. Het unieke, in samenhang met het landschap ontworpen negentiende en twintigste-eeuwse hydrologische en militair verdedigingssysteem, bestaande uit: • Inundatiegebieden; • Zone met verdedigingswerken als forten, batterijen, lunetten betonnen mitrailleurkazematten en groepsschuilplaatsen in hun samenhang met de omgeving; • Voormalige schootsvelden (visueel open) en verboden kringen (merendeels onbebouwd gebied) rondom de forten; • Waterwerken als waterlichamen, sluizen, inlaten, duikers, en dijken functionerend in samenhang met verdedigingswerken en inundatiegebieden; • Overige elementen als beschutte wegen, (resten van) loopgraven en tankgrachten; • De landschappelijke inpassing en camouflage van de voormalige militaire objecten; • De historische vestingstructuur van de vestingsteden Muiden, Weesp, Naarden, Nieuwersluis, Gorinchem en Woudrichem; 2. Grote openheid; 3. Groen en overwegend rustig karakter.
2.2.3
Interim Omgevingsverordening Provincie Utrecht
In het vigerende provinciaal beleid, de Interim Omgevingsverordening van de provincie Utrecht zijn in artikel 7.2 regels opgenomen over de instandhouding en versterking van Werelderfgoed Hollandse Waterlinies (Provincie Utrecht, 2021). Dit artikel bevat regels met het oog op de uitwerking en bescherming van de essentiële landschappelijke en cultuurhistorische kenmerken van de werelderfgoederen van uitzonderlijke universele waarde. De kernkwaliteiten van de erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde zijn uitgewerkt en geobjectiveerd in Bijlage 14 van de verordening. Voor de Nieuwe Hollandse Waterlinie zijn dezelfde kernkwaliteiten opgenomen als in Bijlage 8 van het Barro. In essentie schrijft het artikel 7.2 voor: 1. Dat de gemeenten middels regels in het bestemmingsplan moeten zorgen dat de OUV niet wordt aangetast, en 2. Dat er voor een aantasting van de OUV in uitzonderlijke gevallen ontheffing kan worden verleend. Om een ontheffing te kunnen verlenen voor de aantasting van de OUV, moet er in elk geval sprake zijn van een ‘dwingende reden’ van ‘groot openbaar belang’. Als voorbeelden van een ‘groot openbaar belang’, geeft de Omgevingsverordening de nationale veiligheid bij een dijkverzwaring of de aanleg van noodzakelijke verkeersinfrastructuur.
Als dat het geval is, moet de aantasting zoveel mogelijk worden beperkt, moeten er in de directe omgeving ‘compenserende maatregelen’ worden genomen om het Werelderfgoed te versterken, en moet aangetoond worden dat er geen alternatieven zijn die het Werelderfgoed niet of minder aantasten. Bovenstaande geldt alleen wanneer een ontwikkeling in het Werelderfgoedgebied plaatsvindt.
2.3
Beoordelingsmethodiek
In de “Leidraad voor Heritage Impact Assessment inzake culturele werelderfgoederen” van ICOMOS (ICOMOS, 2011) wordt als eerste stap in de beoordeling de waarde van het erfgoed bepaald. In bijlage 3A van de Leidraad wordt daarvoor een methode beschreven. De waarde van het erfgoed kan in de volgende categorieën worden ingedeeld: zeer hoog, hoog, matig, laag, minimaal of onbekend. In het geval van de Hollandse Waterlinies is sprake van een gebied van internationaal erkende betekenis en universele waarde. De Hollandse Waterlinies is namelijk opgenomen op de Werelderfgoedlijst en wordt daarmee gezien als erfgoed van zeer hoge waarde. In principe moet al het mogelijke worden gedaan om nadelige gevolgen te voorkomen of te minimaliseren. Maar uiteindelijk kan het toch noodzakelijk zijn om een afweging te maken tussen het algemene nut van de voorgestelde verandering en de schade voor de plek. Bij de beoordeling van de effecten van de ontwikkeling op het Werelderfgoed Hollandse Waterlinies gaat het om de effecten op de OUV van het Werelderfgoed. De effecten op de OUV worden geëvalueerd door de effecten van de plannen op het Werelderfgoed te beoordelen. Voor de verschillende kernkwaliteiten van de OUV wordt beoordeeld wat het effect op de integriteit en authenticiteit is. Daarbij wordt gekeken naar alle veranderingen ten aanzien van de OUV. 11
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
Vervolgens wordt de schaalgrootte en ernst van een bepaald effect op de OUV gedefinieerd. Daarop volgt de beoordeling van de totale omvang van het effect (totale impact) van de ontwikkeling op de afzonderlijke onderdelen van de OUV en op het werelderfgoed als geheel. Op basis van deze effectbeoordeling worden tenslotte de risico’s en gevoeligheden voor behoud van de OUV en het Werelderfgoed bepaald. De verschillende stappen van deze aanpak worden in de volgende paragrafen nader toegelicht.
Schaalgrootte of ernst van het effect De schaalgrootte of ernst van de ontwikkeling wordt beoordeeld aan de hand van de criteria integriteit en authenticiteit voor de verschillende kenmerken. Veranderingen kunnen directe of indirecte effecten hebben en zijn tijdelijk of permanent, omkeerbaar of onomkeerbaar. Ook de cumulatieve impact van de afzonderlijke effecten wordt meegenomen in de beoordeling. De schaalgrootte of ernst van de effecten wordt ingedeeld volgens een vijfpuntsschaal: van geen verandering tot grote verandering, zoals weergegeven Tabel 1. Tabel 1 Beoordeling van de schaalgrootte en ernst van het effect
Verandering
Kenmerken van gebouwd erfgoed of historisch stedelijke landschappen
Historisch-landschappelijke kenmerken
Groot
Verandering in belangrijke bouwhistorische elementen die bijdragen aan de OUV, waardoor rijkdom van het erfgoed volledig verandert.
Verandering in de meeste of alle belangrijke historisch-landschappelijke elementen of structuren; extreme visuele effecten; sterke verandering in lawaai of geluidskwaliteit; fundamentele veranderingen in gebruik of toegankelijkheid; hierdoor verandert het historisch-landschappelijk karakter volledig en gaat de OUV verloren
Ingrijpende veranderingen in de setting.
Matig
Veranderingen in veel belangrijke bouwhistorische elementen, waardoor rijkdom van het erfgoed aanzienlijk verandert. Veranderingen in de setting van een historisch gebouw, waardoor rijkdom van het erfgoed aanzienlijk verandert
Klein
Veranderingen in belangrijke bouwhistorische elementen, waardoor rijkdom van het erfgoed enigszins verandert. Veranderingen in de setting van een historisch gebouw, waardoor rijkdom van erfgoed merkbaar verandert
Verandering in veel belangrijke historischlandschappelijke elementen of structuren; visuele verandering in veel belangrijke aspecten van het historische landschap; merkbare verschillen in lawaai of geluidskwaliteit; aanzienlijke veranderingen in gebruik of toegankelijkheid; matige invloed op historisch-landschappelijk karakter Verandering in enkele belangrijke historischlandschappelijke elementen of structuren; geringe visuele veranderingen in enkele belangrijke aspecten van het historische landschap; beperkte veranderingen in lawaai of geluidskwaliteit; geringe veranderingen in gebruik of toegankelijkheid; beperkte invloed op historisch-landschappelijk karakter
Minimaal
Geringe veranderingen in bouwhistorische elementen of in de setting, waardoor rijkdom van het erfgoed nauwelijks verandert
Zeer geringe veranderingen in belangrijke historisch-landschappelijke elementen of structuren; nauwelijks visuele veranderingen; zeer geringe veranderingen in lawaai of geluidkwaliteit; zeer geringe veranderingen in gebruik of toegankelijkheid; zeer geringe invloed op historisch-landschappelijk karakter
Geen
Geen verandering in samenhang of setting
Geen verandering in elementen of structuren; geen visuele of akoestische veranderingen; geen veranderingen in belevingswaarde
Omvang van het effect (totale impact) 12
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
De omvang van het effect, dat wil zeggen de totale impact van een ontwikkeling op een kernkwaliteit is afhankelijk van het belang van de kernkwaliteit en de omvang van de verandering. Voor iedere beschreven kernkwaliteit wordt de omvang van het totale effect bepaald aan de hand van een vijfpuntsschaal: van neutraal tot zeer groot. De effecten in relatie tot de voorgenomen ontwikkeling kunnen zowel positief als negatief zijn. De onderstaande tabel uit de Leidraad laat de verbinding tussen de omvang van de verandering en de omvang van het effect zien.
Tabel 2 Scoretabel omvang of ernst van het effect en de omvang van het effect (of totale impact)
OMVANG EN ERNST VAN EFFECT WAARDE VAN ERFGOED
Geen verandering
Minimale verandering
Kleine verandering
Matige verandering
Grote verandering
OMVANG VAN EFFECT OF TOTALE IMPACT (NEGATIEF OF POSITIEF) Voor werelderfgoederen ‘Zeer hoog’
Neutraal
Gering
Matig
Groot
Zeer groot
Risico-inschatting Naast de effectbeoordeling beoogt deze HIA, conform de leidraad, ook een risico-inschatting te geven voor de bedreiging of kansen voor de OUV van het werelderfgoed van de Hollandse Waterlinies. Aan de hand van de effectbeoordeling wordt een inschatting gemaakt van de bedreiging of het risico van de voorgenomen ontwikkeling voor het behoud van de kernkwaliteiten. De wijze van uitvoering hiervan is niet uitgewerkt in de ICOMOS Leidraad. Op basis van de effectbeoordeling, ervaringen van eerder uitgevoerde HIA’s en expert judgement wordt een risicoinschatting van de voorgenomen ontwikkeling gemaakt. In Tabel 3 wordt aangegeven op welke wijze de risicoinschatting in deze HIA is gemaakt, aan de hand van de resultaten van de effectbeoordeling. Tabel 3 Risico-inschatting in relatie tot de effectbeoordeling
Effecten
Risico-inschatting
Neutraal
Ontwikkelingen die een neutraal (of positief effect) hebben, zijn geen risico voor het behoud van de OUV. Het erfgoed loopt geen gevaar.
Gering
De inschatting is dat de ontwikkelingen met een gering effect een beperkt risico betekenen voor het behoud van de OUV en de kans dat het erfgoed potentieel of daadwerkelijk gevaar zal lopen.
Matig
De inschatting is dat de ontwikkelingen met een matig effect een behoorlijk risico betekenen voor het behoud van de OUV. De kans bestaat dat het erfgoed daadwerkelijk gevaar zal lopen.
Groot
De inschatting is dat de ontwikkelingen met een groot effect een wezenlijk risico betekenen voor het behoud van de OUV. Het erfgoed loopt daadwerkelijk gevaar.
Zeer groot
De inschatting is dat de ontwikkelingen met een zeer groot effect een fundamenteel risico betekenen voor het behoud van de OUV. Het erfgoed loopt daadwerkelijk gevaar.
Ontwikkelingen met een gering effect kunnen onder bepaalde voorwaarden gerechtvaardigd worden binnen het Werelderfgoed. Ontwikkelingen met een matig effect zijn mogelijk niet te rechtvaardigen, alleen onder strenge voorwaarden (het nee, tenzij-principe) zoals het nut en de noodzaak van de ingreep. Ontwikkelingen met een groot en 13
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
zeer groot effect betekenen een wezenlijk en/of fundamenteel risico voor het behoud van de OUV en daarmee de werelderfgoedstatus.
2.4
Begrenzing studiegebied en plangebied
In deze HIA wordt onderscheid gemaakt tussen de effecten op de OUV en bijbehorende kenmerken voor het Werelderfgoed Hollandse Waterlinies als geheel (studiegebied) en specifiek voor de locatie van de voorgenomen ontwikkeling (plangebied). In onderstaande paragrafen worden het studiegebied en het plangebied nader toegelicht.
Studiegebied Het studiegebied heeft betrekking op de (volledige) Hollandse Waterlinies, zoals die in 2021 is opgenomen in de UNESCO Werelderfgoedlijst als uitbreiding op de Stelling van Amsterdam. Het Werelderfgoedgebied wordt gevormd door de ruimtelijke elementen die samen de kernkwaliteiten vertegenwoordigen van het Werelderfgoed. Dit is het gebied dat door UNESCO is aangeven als World Heritage (Werelderfgoedgebied). In de directe omgeving van het USP vallen hieronder het Werk aan de Hoofddijk, het acces Hoofddijk en het strategische landschap ten oosten van het USP. Binnen het Werelderfgoedgebied worden alle nog resterende onderdelen van de Nieuwe Hollande Waterlinie en de Stelling van Amsterdam beschermd. Deze bescherming houdt in, dat ingrepen ten goede moeten komen aan de instandhouding en versterking van het Werelderfgoed en de OUV. De Stelling van Amsterdam en de Nieuwe Hollandse Waterlinie vormen samen een verdedigingslinie die bestaat uit een samenhangend systeem van 96 forten en een complex stelsel van dijken en kaden, sluizen, kanalen en inundatievelden (watermanagementsysteem). Het Werelderfgoedgebied heeft een lengte van 220 kilometer en omvat twee kastelen, zes vestingen, ruim 1000 betonnen werken, bunkers, kazematten en groepsschuilplaatsen.
Ook ontwikkelingen die buiten het Werelderfgoedgebied plaatsvinden kunnen een (ongewenste) invloed hebben op de kernkwaliteiten van het Werelderfgoed. Direct rondom het Werelderfgoedgebied is daarom een zogenoemde ‘attentiezone’ aangegeven. Deze attentiezone is het gebied dat grenst aan en een ruimtelijke relatie heeft met het Werelderfgoed. In deze zone zal zorgvuldig moeten worden afgewogen of een ontwikkeling de kernkwaliteiten van het Werelderfgoed aantast. In het nominatiedossier is een attentiezone aangegeven, als antwoord op het verzoek van UNESCO om een bufferzone te realiseren buiten het Werelderfgoedgebied. Dit is aan de ‘binnenkant’ van de linie, de veilige zone, een zone van 50 meter breed (uit het Nominatiedossier2). Als antwoord op de kritiek van ICOMOS3 over de begrenzing van deze attentiezone, is de zone aangepast4. De nieuwe attentiezone is zodanig begrensd dat deze beter rechtdoet aan de ruimtelijke samenhang met het Werelderfgoedgebied en is een visuele weergave van alle bestaande beschermingsregimes binnen deze zone (Nominatiedossier, 2021). De attentiezone valt in het USP samen met de zone voor het provinciale erfgoedbeleid van de Cultuurhistorische Hoofdstructuur, thema Militair Erfgoed. Dat heeft als consequentie dat het gehele USP – voor zover het buiten de begrenzing van het Werelderfgoedgebied is gelegen – binnen de attentiezone valt (Figuur 2-1).
Voor de attentiezone gelden geen aanvullende planologische regels; hier gelden de regels voor de Cultuurhistorische Hoofdstructuur.
2 Te downloaden via deze link: (The program office of the New Dutch Waterline and the program office of the Defence
Line of Amsterdam, 2018) 3 Adviesorgaan van UNESCO 4 De aangepaste begrenzing van de attentiezone is nog niet gepubliceerd. 14
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
Figuur 2-1 Uitsnede. Kaart van de begrenzing van het Werelderfgoedgebied (oranje) en de attentiezone (blauw) waarin het volledige USP (cirkel) binnen de attentiezone valt.
Plangebied Het plangebied is dat deel van de Hollandse Waterlinies waar de voorgenomen ontwikkeling is voorzien. Het gaat om de ontwikkelvoorstellen voor locatie D in de Locatiestudie Ronald McDonald Huis, Locatie D Campus Utrecht Science Park (28 mei 2021 OZ architect), met dien verstande dat het voorstel parallel aan de Hoofddijk buiten beschouwing wordt gelaten. Uitsluitend het voorstel waarbij de nieuwbouw dwars op de Hoofddijk is geplaatst wordt beoordeeld. Een gedetailleerde beschrijving van het ontwikkelvoorstel, voorzien van achterliggende ideeën met betrekking tot het landschap en de omgeving, is toegevoegd in hoofdstuk 4.
2.5
Nul-situatie
Voordat een effectbeoordeling kan plaatsvinden is het van belang de nul-situatie bepalen. Bij een HIA is de nul-situatie de toestand van het Werelderfgoed op het moment dat de site is ingeschreven op de UNESCO-werelderfgoedlijst. De situatie van de kernkwaliteiten van het werelderfgoed na uitvoering van de voorgenomen ontwikkeling wordt getoetst aan deze situatie.
15
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
3
GESCHIEDENIS EN BESCHRIJVING VAN DE SITE
3.1
Hollandse Waterlinies - Uitzonderlijke universele waarde (OUV)
Het label werelderfgoed kan alleen worden toegekend als er wordt voldaan aan twee eisen: het moet uniek zijn en van Uitzonderlijke Universele Waarde zijn. Voor de laatste eis heeft UNESCO diverse criteria opgesteld. De Hollandse Waterlinies voldoen aan die eis, omdat; 1. De Hollandse Waterlinies een buitengewoon voorbeeld zijn van een Europees verdedigingssysteem van de moderne tijd dat intact is gebleven; 2. Het een ingenieus systeem is van militaire verdediging door inundatie dat gebruik maakt van eigenschappen en elementen van het aanwezige landschap; 3. Deze uniek zijn in de Europese architectuurgeschiedenis, en; 4. Ze de Nederlandse inventiviteit in land- en waterbeheersing illustreren. De eenheid en de positie van de Hollandse Waterlinies zijn sinds de bouw vrijwel ongewijzigd gebleven in het landschap, en zijn nog duidelijk herkenbaar. Er is geen ander voorbeeld bekend van een dergelijk goed geconserveerde waterverdedigingslinie. In eerste instantie is deze ontstaan door zich te voegen naar het landschap. In de loop der tijd hebben de linies echter zelf invloed op het landschap gehad, vanwege de plaatsing van waterstaatkundige werken, inundatiekommen (strategisch landschap) en ‘verboden kringen’. Van oudsher mocht er in deze gebieden niet worden gebouwd om vanaf de militaire versterkingen vrij zicht te hebben over de schootsvelden.
3.2
Utrecht Science Park (USP) binnen Hollandse Waterlinies
De opgave m.b.t. de nieuwe ontwikkeling op het USP heeft (mogelijk) invloed op de volgende onderdelen van de kernkwaliteiten: 1. Het unieke, in samenhang met het landschap ontworpen negentiende en twintigste-eeuwse hydrologische en militairverdedigingssysteem (Figuur 3-1), specifiek: • Verboden kringen en schootsvelden van het Werk aan de Hoofddijk • De acces Hoofddijk • Het Werk aan de Hoofddijk 2. Grote openheid, specifiek: • Het strategisch landschap buiten het stedelijk gebied (voorheen de ‘rode contour’) • Kansen voor openheid binnen het bestaande USP De kernkwaliteiten manifesteren zich binnen het USP op elke locatie anders, afhankelijk van de specifieke context. Per gebied moet er dus gekeken worden naar de specifieke kernkwaliteiten die de Nieuwe Hollandse Waterlinie daar vertegenwoordigt. Voor het gebied ten oosten van Utrecht is dat gebeurd als onderdeel van een beantwoording van vragen van UNESCO ten tijde van de behandeling van de nominatie tot toevoeging aan de Werelderfgoedlijst (Kooiman, Van Herp, & Dubelaar, 2020). Het gebied waarin het USP ligt, is nog niet op dat niveau uitgewerkt, maar dat zal wel noodzakelijk zijn als onderdeel van de planvorming. In de analyse van het gebied ten oosten van Utrecht worden per element de kernkwaliteiten beschreven.
Vooruitlopend op de uitwerking en publicatie daarvan, kunnen de specifieke kernkwaliteiten voor bovengenoemde onderdelen wel al worden beschreven. Onderstaand worden deze nader uitgewerkt.
16
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
Figuur 3-1 Militaire en hydrologische elementen van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Binnen het kader zijn zichtbaar: Blauw: Acces hoofddijk, Lichtrood: Werk aan de Hoofddijk, Lichtgroen: Verboden kringen, Donkergroen: Inundatielandschap.
3.3
Kernkwaliteit Strategisch landschap
Het landschap tussen forten en andere militaire elementen werd bij de aanleg van de Nieuwe Hollandse Waterlinie volgens strikte richtlijnen ontworpen. De onderlinge afstand tussen de forten mocht niet groter zijn dan het geschut van zo’n fort kon dragen. Ook het open zicht tussen de forten onderling speelde daarbij een rol. Om het schootsveld rondom forten en verdedigingswerken zo veel mogelijk vrij te houden, werden zogenoemde Verboden Kringen ingesteld. Dat werd geregeld met de ‘Kringenwet’. Een verboden kring is een zone rondom een fort die zoveel mogelijk werd vrijgehouden van bebouwing. De Kringenwet van 1853 maakte onderscheid tussen drie ‘kringen’ om vestingwerken. Binnen 300 meter mocht alleen in hout worden gebouwd en dan nog uitsluitend met toestemming van de minister van Oorlog. Tussen 300 en 600 meter mochten stenen fundamenten worden gebruikt, tussen 600 en 1000 meter waren alle bouwmaterialen geoorloofd, maar werden aanwezige gebouwen, bomen en andere obstakels in geval van oorlog verwijderd. De Kringenwet had tot gevolg dat grote delen land rondom forten onbebouwd bleven. Deze openheid is daarmee een kenmerkend onderdeel van de verdedigingslinie. De ‘verboden kringen’ zijn pas in 1951 opgeschort en in 1961 opgeheven.
Direct na de opschorting begon de Universiteit Utrecht plannen te ontwikkelen voor de verplaatsing van (in eerste instantie) de faculteit Diergeneeskunde naar De Uithof, later gevolgd door verschillende andere faculteiten van de universiteit. De verhuizing van de verschillende onderdelen van de universiteit voltrok zich uiteindelijk tussen 1967 en 1988. In 1989 verhuisde ook het Universitair Medisch Centrum Utrecht naar De Uithof en in 1999 ook het Wilhelmina Kinderziekenhuis. Langzaam maar zeker werd het gebied steeds verder verstedelijkt. Zeker wanneer in de jaren ’90 17
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
ook studentenwoningen op De Uithof worden gebouwd werd het open landschap van de Verboden kringen steeds minder zichtbaar. Het open landschap van de verboden kringen en schootsvelden van het Werk aan de Hoofddijk is tegenwoordig nog maar moeilijk afleesbaar en grotendeels niet meer aanwezig vanwege de grote mate van verstedelijking in het USP in de directe omgeving van het Werk aan de Hoofddijk. Ten oosten van de bebouwing van het USP resteert een gedeelte van het strategisch landschap dat nog onbebouwd is. Deze strook maakt onderdeel uit van de kernkwaliteiten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie vanwege de militairstrategische functie die aan het bestaande cultuurlandschap werd gegeven. Een van de belangrijkste kenmerken van dit strategisch landschap, zoals benoemd in de Nominatietekst, is de behouden openheid en het karakteristieke cultuurlandschap door langdurige overheidsbemoeienis. Door de lang uitgestelde oostelijke uitbreiding van de stad Utrecht was er– ondanks grote ruimtelijke druk – lang sprake van een grote openheid. Specifiek voor het strategisch landschap ten oosten van het USP kunnen de volgende kernkwaliteiten geïdentificeerd worden: • • •
relatieve openheid en relatief weidse vergezichten relatie met de Hoofddijk; relatie met het Fort bij Rijnauwen.
Specifiek voor de verboden kringen van het Werk aan de Hoofddijk kan de volgende kernkwaliteit geïdentificeerd worden: •
18
het (resterende en verdwenen) open en onbebouwd landschap.
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
Figuur 3-2 Figuur Het open landschap ten oosten van locatie D, vanaf de Hoofddijk. Zicht richting westen. Eigen foto
19
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
Figuur 3-3 Het open landschap ten oosten van locatie D, rechts de Hoofddijk. Zicht richting oosten. Eigen foto
3.4
Kernkwaliteit Waterstaatkundige werken: access Hoofddijk
De werking van de Nieuwe Hollandse Waterlinie was grotendeels gebaseerd op het onder water kunnen zetten van een groot gebied, waar het water te diep is om door heen te waden en te ondiep om over te varen. De linie werkt alleen wanneer er één aangesloten gebied van geïnundeerd land ontstaat. In het ontwerp van de waterlinie ten oosten van Utrecht leverde dat behoorlijk wat problemen op. Vanwege de gedeeltelijk relatief hoge ligging van het landschap waren hier uitgestrekte inundatievelden niet mogelijk. De komgronden waren te klein om inundatievlakken van voldoende omvang te vormen. Daardoor werd het stelsel van forten hier uitgebreider. Er kwam een dubbele fortenring tot stand om het smalle inundatiegebied te verdedigen. Daarnaast vormde een bestaande polderdijk, de Hoofddijk, al sinds de middeleeuwen een hoger onderdeel van het landschap (Figuur 3-4). De dijk kon niet onder water worden gezet, en vormde zodoende een acces naar het veilige gebied. De oorsprong van die dijk gaat terug tot rond 1100, toen het landschap van het USP ontgonnen werd vanaf de Kromme Rijn en de Hoofddijk. De moerassen werden door de monniken van de Abdij Oostbroek omgezet in een gevarieerd landbouwgebied. Ze begonnen daarbij met de aanleg van de Hoofddijk, die vanaf het klooster Oostbroek tot aan de rand van de stad Utrecht voerde.
Een wetering langs de Hoofddijk zorgde voor de afwatering van het gebied. Vervolgens werden er sloten gegraven haaks op deze ontginningsbasis. Deze sloten vormden de 20
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
verschillende landbouwkavels van zo’n 100 tot 150 meter breed en 1250 tot 1300 meter diep. Deze smalle stroken land hadden de oppervlakte van ongeveer een hoeve, gelijk aan 13,6 hectare. De naam van deze eerste ontginningsdijk is daarvan afgeleid. De dijk werd de Hoevedijk, later Hoefdijk of Hoofddijk genoemd.
Figuur 3-4 Luchtfoto vanuit het zuidwesten. Werk aan de Hoofddijk (midden), de Hoofddijk (gearceerd) en Landhuis Oostbroek (rechtsboven). Circa 1920 - 1940 (bron: Collectie Nederlands Instituut voor Militaire Historie)
21
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
Figuur 3-5 De Hoofddijk ten oosten van het Werk aan de Hoofddijk binnen het USP. Eigen foto
3.5
Kernkwaliteit Militaire versterkingen: Werk aan de Hoofddijk
Het Werk aan de Hoofddijk is gebouwd ter afsluiting en verdediging van het acces van de Hoofddijk, ter bestrijding van vijandelijke geschutsbatterijen en als flankerende vuurondersteuning van de aangrenzende Forten bij Rijnauwen en Voordorp (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, 2012). Het fort is onderdeel van de tweede fortenkring rond Utrecht en is in opdracht van het Ministerie van Oorlog in de jaren 1878-1879 aangelegd. Het Werk aan de Hoofddijk is met een oppervlakte van circa 1,5 hectare een van de kleinere verdedigingswerken uit de linie. Het werk bestaat uit een langgerekt, vijfhoekig aardwerk omgeven door een natte gracht. Op het aardwerk zijn onder meer een bomvrije kazerne en drie remises gerealiseerd. Sinds 1963 is het fort in bezit van de Universiteit Utrecht, die er een botanische tuin aanlegde. Daarbij zijn de gebouwde onderdelen van het fort grotendeels intact gebleven. Het fort is in belangrijke mate omgeven door bebouwing en functies van de universiteit en door infrastructurele werken. Het fort is van grote cultuurhistorische betekenis door de relatieve gaafheid en compleetheid van het gebouwde ensemble en de visuele, historische en ruimtelijke relatie met (het restant van) de Hoofddijk. Specifiek voor het Werk aan de Hoofddijk kunnen de volgende kernkwaliteiten geïdentificeerd worden: 22
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
• • • •
de samenhang tussen fort en de Hoofddijk de samenhang tussen fort en inundatieveld het groen, landelijk en schaars bebouwd karakter binnen de Verboden Kringen de samenhang tussen verdedigingswerken en de forten bij Rijnauwen en op de Biltstraat
Figuur 3-6 Het werk aan de Hoofddijk vanuit de lucht (https://www.ontdek-utrecht.nl/locatie/fort-hoofddijk/).
23
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
4
BESCHRIJVING VAN DE VOORGESTELDE ONTWIKKELINGEN LOCATIE D
De gemeente Utrecht, de Universiteit Utrecht en het UMC Utrecht zijn voornemens grootschalige aanpassingen en vernieuwingen aan het Utrecht Science Park (USP) door te voeren. Om het USP en het UMC Utrecht toekomstbestendig te kunnen herinrichten, wordt de huidige parkeergarage van het UMC Utrecht aan de zuidzijde verplaatst naar de noordzijde, ter hoogte van het de huidige locatie van het Ronald McDonald Huis. Dat betekent dat er een andere locatie voor het Ronald McDonald Huis gevonden moet worden. Bovendien wil het Ronald McDonald Huis graag uitbreiden, onder andere vanwege de toenemende vraag vanuit het Prinses Máxima Centrum. Voor de ontwikkelingen wordt er gezocht naar locaties binnen en rond het USP. Eerdere locatieonderzoeken hebben een groslijst van mogelijke locaties opgeleverd. Een van deze locaties is locatie D.
4.1
Algemene landschapswaarden leidend voor ontwikkelingen Ronald McDonald Huis
In de uitgangspunten voor de beoogde ontwikkelvoorstellen voor de verschillende locaties (Land-id, 2020) voor het nieuwe Ronald McDonald Huis zijn vier landschapswaarden meegenomen die tijdens de locatiestudie zijn opgesteld. Bij een eventuele ontwikkeling zou er aan deze voorwaarden moeten worden voldoen. Ten eerste moeten de kernkwaliteiten van de Hollandse Waterlinies – strategisch landschap, waterstaatkundige werken en militaire versterkingen – behouden blijven. Dit uitgangspunt is de reden dat deze HIA wordt opgesteld, en zal in deze paragraaf niet nader worden besproken. Daarnaast zijn er – vanuit de uitgangspuntennotitie (Land-id, 2020) - drie waarden meegenomen die ingaan op de karakteristieken van de Hoofddijk. Zo moet de Hoofddijk worden gezien als een door wijkende gevels begrensd kralensnoer met daarlangs drie verschillende ruimtes, waarin een afwisseling van verbredingen en versmallingen herkenbaar is, waarvan de versmallingen aandoen als ‘poorten’. 1. De Hoofddijk begrensd met wijkende gevels De Hoofddijk vormt een centrale as die is begrensd door wijkende gevels (Figuur 4-1). De buitenruimtes die daardoor zijn ontstaan, zijn geheel opgehangen aan de Hoofddijk. Uitgangspunten die bij deze waarde in acht moeten worden gehouden zijn: • • •
Het ontwerp moet aansluiten op de bestaande wijkende rooilijnen; Gevels staan niet parallel aan de Hoofddijk; De Hoofddijk is een autonome lijn in een dynamische, alternerende ruimte.
2. De Hoofddijk als kralensnoer met daarlangs drie verschillende ruimtes Langs de Hoofddijk zijn drie verschillende ruimtes te onderscheiden met elk een eigen karakter en functie (Figuur 4-2): 1. botanische tuinen en sportpark (ter hoogte van het Werk aan de Hoofddijk, fortpark), 2. de centrale ruimte van het ziekenhuis voor een ontspannen verblijf en 3. landschap (een icoon en een landgoed). Uitgangspunten die bij deze waarde in acht moeten worden gehouden zijn: • • •
Elke ruimte heeft zijn eigen sfeer en inrichting; Landschap is een element in alle ruimtes; Het landelijk karakter is leidend in alle drie de ruimtes.
3. De Hoofddijk met afwisseling van verbredingen en versmallingen die aandoen als ‘poorten’ De buitenruimtes langs de Hoofddijk zijn herkenbaar waaiers (Figuur 4-3): een afwisseling tussen verbredingen en versmallingen. De versmallingen doen zodoende aan als ‘poorten’, waardoor steeds een andere ruimte wordt betreden (zie hierboven). De laatste waaier bevindt zich aan het eind van de Hoofddijk, waar de waaier breed eindigt over het achterliggende landschap. Uitgangspunten die bij deze waarde in acht moeten worden gehouden zijn: • • • • 24
Breed uitwaaieren; Zicht op het landschap; Voldoende ruimte tussen de Hoofddijk en het Ronald McDonald Huis; Poorten kunnen worden versterkt in de inrichting (bijv. met boomgroepen). Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
Figuur 4-1 De Hoofddijk begrensd met wijkende gevels.
Figuur 4-2 De Hoofddijk als kralensnoer met drie verschillende ruimtes: 1. botanische tuinen en sportpark, 2. de centrale ruimte van het ziekenhuis en 3. Landschap.
Figuur 4-3 De Hoofddijk met verbredingen en versmallingen (waaiers).
25
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
4.2
Ligging locatie D
Locatie D bevindt zich ten oosten van het Prinses Máximacentrum in de attentiezone van het Werelderfgoed Hollandse Waterlinies en is op dit moment niet bebouwd.
4.3
Visualisatie locatie D
In deze paragraaf wordt de stedenbouwkundige uitgangspunten van locatie D besproken. Deze is overgenomen uit de locatiestudie van D en omschrijft de beoogde resultaten. De effectbeoordeling in hoofdstuk 5 vormt een toetsing van deze uitgangspunten op de kernkwaliteiten van het werelderfgoed. Locatie D ligt haaks op en ten noorden van de Hoofddijk en langs de grens van de rode contour die het stedelijk gebied scheidt van het landelijk gebied. De locatie is geplaatst op afstand van de Hoofddijk, waarmee wordt gepoogd de vrije zichtlijn over het landschap zo veel mogelijk te behouden. Dit is ook de reden waarom gekozen is voor een laag en lang volume met twee verdiepingen: 125 m lang en 20 m breed, met een footprint van 2500 m2. Het huis moet zich zoveel mogelijk voegen in het landschap. Het moet daarom meer worden gezien als groene wand – opgetrokken uit natuurlijke materialen – dan als object. Met dit uitgangspunt wordt aansluiting gezocht binnen het zogenoemde coulisselandschap: een landschap met onregelmatige – door heggen, houtwallen of muurtjes begrensde – percelen. Om dit landschappelijke karakter meer te benadrukken is gekozen om inhammen en overstrekken aan te brengen, en het gebouw visueel op te breken. Deze maatregelen zorgen ervoor dat de schaal van het gebouw een kleinere en meer menselijke schaal heeft.
Figuur 4-4 Artist impression van het Ronald McDonald Huis Locatie D gezien vanaf de Hoofddijk.
26
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
Figuur 4-5 Artist impression van het Ronald McDonald Huis Locatie D, gezien van buiten de rode contour (vrij landschap).
27
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
Figuur 4-6 3D impression van het Ronald McDonald Huis Locatie D gezien vanaf het vrije landschap buiten de rode contour.
Figuur 4-7 3D impression van het Ronald McDonald Huis Locatie D gezien vanaf het vrije landschap buiten de rode contour, met links in beeld duidelijk de Hoofddijk.
28
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
5
BEOORDELING EN EVALUATIE VAN TOTALE IMPACT VAN DE VOORGESTELDE VERANDERINGEN
5.1
Inleiding
In dit hoofdstuk worden de mogelijke effecten van de nieuwbouw van het Ronald McDonald Huis op Locatie D op de uitzonderlijke universele waarde van de Hollandse Waterlinies beschreven en beoordeeld. De effecten worden eerst beoordeeld volgens het criterium ‘schaal en ernst van de verandering’, waarbij de schaal en ernst van de verandering wordt beoordeeld ten opzichte van de integriteit en authenticiteit van de kernkwaliteiten. Daarna volgt het criterium ‘omvang van het effect’, waarbij de totale omvang van het effect wordt beoordeeld. Tot slot wordt een inschatting gemaakt van het risico op aantasting van de OUV. De gevoeligheden die hierbij een rol spelen worden benoemd.
5.2
Effectbeoordeling
5.2.1
Strategisch landschap
Tabel 4 Effectbeoordeling Strategisch landschap.
Toelichting
Effect
Integriteit Locatie D bevindt zich binnen de verboden kringen, maakt deel uit van nog onbebouwd gebied van de Nieuwe Hollandse Waterlinie en grenst direct aan het Werelderfgoedgebied. De openheid tussen de forten en binnen de verboden kringen is een kernkwaliteit. Locatie D is nog onbebouwd. Op de schaal van de Nieuwe Hollandse Waterlinie is sprake van een matige verandering met een beperkte omvang. Specifiek voor deze locatie geldt dat nog slechts een smalle strook van het strategisch landschap bewaard is gebleven. Een groot deel van het open gebied ten oosten van het werk aan de Hoofddijk is al bebouwd. Ten oosten van het Prinses Máxima Centrum resteert een smalle strook Compleetheid open landschap, waarvan een deel is aangewezen als Werelderfgoedgebied. Bebouwing in het open gebied van Locatie D leidt tot een aantasting van de openheid.
Groot negatief effect (3)
De relatie in het landschap van het dijklichaam van de Hoofddijk en het omliggende open landschap raakt door bebouwing in de nabijheid verstoord. Plaatsing van een gebouw in een gebied waar slechts een klein deel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie open is gebleven en dat direct grenst aan het Werelderfgoedgebied zorgt voor een matig tot groot negatief effect op de (resterende) compleetheid van de kernkwaliteit strategisch landschap.
Gaafheid
De zichtlijnen en de relatie tussen landschap en essentiële onderdelen in dit landschap, waaronder de Hoofddijk, zijn belangrijk. Het gebied is nu onbebouwd. De situering van locatie D in het smalste gedeelte van de Hollandse Waterlinies leidt tot een kleine verandering van de Nieuwe Hollandse Waterlinie en tast zichtlijnen en openheid als essentieel onderdeel van de OUV aan.
Groot negatief effect (3)
In het ontwikkelvoorstel voor van locatie D is gepoogd in lijn te blijven met de landschappelijke kwaliteit door een groene en open structuur te hanteren die refereert aan het coulisselandschap. Het landschap van de Nieuwe Hollandse Waterlinies is echter zeer open, met vrij zicht over de schootsvelden. Het effect dat
Matig negatief effect (2)
Authenticiteit
Vorm en ontwerp
29
Onze referentie: D10041648:110 - Datum: 17 november 2021
HIA NIEUWBOUW RONALD MCDONALD HUIS LOCATIE D
de vorm van de voorgestelde ontwikkeling van locatie D heeft op dit open landschap, is dat de zichtlijnen over de schootsvelden vanaf de Hoofddijk worden beperkt, waardoor de landschappelijke relaties (vorm en ontwerp van het landschap) worden aangetast. Het coulisselandschap conflicteert met de openheid van het strategisch landschap. Het coulisselandschap is wel in delen van het gebied rondom locatie D aanwezig geweest, maar benadrukken van dit landschap op deze locatie heeft een matig negatief effect. Materiaal en substantie