Besluit tot wijziging van de APV Utrecht 2010 Gemeente Utrecht.doc
Tekst van het document
Besluit tot wijziging van de
Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010, aanduidingen in artikel 5:18 en 5:19 De raad van de gemeente Utrecht Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van <datum >; Gelet op artikel 149 Gemeentewet en de Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010; Overwegende dat de vaststelling van de Verordening Adressen gemeente Utrecht vraagt om
aanpassing van artikel 5:18 en artikel 5:19 van de Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010, omdat het gedogen van aanduidingen en het in stand houden daarvan in de Verordening adressen gemeente Utrecht wordt geregeld;
Besluit de Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010, aanduidingen in artikel 5:18 en 5:19 als volgt te wijzigen:
Artikel I
De Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010 wordt als volgt gewijzigd: A. Artikel 5:18 komt te luiden: Artikel 5:18 Gedoogplicht aanduidingen 1.
De rechthebbende op een bouwwerk is verplicht toe te laten dat op of aan dat bouwwerk, vanwege en overeenkomstig de aanwijzingen van het college, aanduidingen voor brandkranen en brandputten worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd.
2.
Het college geeft van tevoren schriftelijk kennis aan de rechthebbende als bedoeld in het eerste lid van hun voornemen over te gaan tot het doen aanbrengen of wijzigen van aanduidingen voor brandkranen en brandputten.
B.
Het derde lid van artikel 5:19 komt te vervallen.
C. De toelichting komt te vervallen.
Artikel II
De index bij de Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010 wordt als volgt gewijzigd:
A. ‘Afdeling 5.6 Straatnaamborden, huisnummers e.d.’ wordt vervangen door: ‘Afdeling 5.6 Aanduidingen e.d.’
Artikel III
Dit besluit treedt in werking de dag na bekendmaking in het gemeenteblad.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van <datum> De burgemeester
De griffier,
Sharon A.M. Dijksma
Merel van Hall
Bijlage Overzicht van de wijzigingen in de Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010.
De wijzigingen zijn cursief aangegeven in de bestaande tekst en onderstreept in de nieuwe tekst.
Bestaande tekst Artikel 5:18 Gedoogplicht aanduidingen 1. De rechthebbende op een bouwwerk is verplicht toe te laten dat op of aan dat bouwwerk, vanwege en overeenkomstig de aanwijzingen van het college, straatnaamborden, daarbij behorende onderschriften daaronder begrepen, huisnummers en wijkaanduidingen, aanduidingen voor brandkranen en brandputten worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd.
Nieuwe tekst Artikel 5:18 Gedoogplicht aanduidingen 1. De rechthebbende op een bouwwerk is verplicht toe te laten dat op of aan dat bouwwerk, vanwege en overeenkomstig de aanwijzingen van het college, aanduidingen voor brandkranen en brandputten worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd.
2. Het college geeft tevoren schriftelijk kennis aan de rechthebbende als bedoeld in het eerste lid van hun voornemen over te gaan tot het doen aanbrengen of wijzigen van aanduidingen voor brandkranen en brandputten
2. Het college geeft tevoren schriftelijk kennis aan de rechthebbende als bedoeld in het eerste lid van hun voornemen over te gaan tot het doen aanbrengen of wijzigen van straatnaamborden, daarbij behorende onderschriften daaronder begrepen, huisnummers en wijkaanduidingen, aanduidingen voor brandkranen en brandputten. Artikel 5:19 Verwijdering e.d. aanduidingen
Artikel 5:19 Verwijdering e.d. aanduidingen
1. Het is verboden enige aanduiding als bedoeld in artikel 5:18 eerste lid, te verwijderen, wijzigen, beschadigen, verplaatsen of onleesbaar te maken.
1. Het is verboden enige aanduiding als bedoeld in artikel 5:18 eerste lid, te verwijderen, wijzigen, beschadigen, verplaatsen of onleesbaar te maken.
2. Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor zover het Wetboek van Strafrecht van toepassing is.
2. Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor zover het Wetboek van Strafrecht van toepassing is.
3. Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor de rechthebbende op een bouwwerk die met inachtneming van het door het college vastgestelde huisnummer de aanduiding hiervan in afwijkende vorm wenst aan te brengen