CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording SV2024 nr 157 over Minder en betere regels, meer focus in de handhaving

Gemeenteraad 23 januari 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Beantwoording SV 2024 nr. 157 over Minder en betere regels, meer focus in de handhaving2.469 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE RAADSVRAGEN 2024, NUMMER 157

Datum Van Behandeld door Doorkiesnummer E-mailadres Kenmerk Beleidsveld

22 oktober 2024 College B&W Fabienne Wind 69948 fabienne.wind@utrecht.nl 30003234 Openbare Orde en Veiligheid

Geachte leden van de raad, Hierbij ontvangt u de beantwoording van de schriftelijke raadsvragen jaargang 2024 nummer 157 van Maarten Koning (D66) van 24 september 2024 over Minder en betere regels, meer focus in de handhaving . De gestelde vragen zijn onderaan bijgevoegd. Vraag 1 Artikel 2:18: Indienen aanvraag In lid 3 van het artikel staat omschreven dat de aanvraag vergezeld dient de worden met het door de organisatie op te stellen veiligheidsplan. Op welke manier wordt dit beoordeeld, en is er aanleiding, om na de rellen tussen FC Utrecht – Go Ahead Eagels op 26 mei, hier kritisch naar te kijken/aan te scherpen? Antwoord 1 FC Utrecht levert voor elke thuiswedstrijd een veiligheidsplan aan. Het merendeel van de informatie in het veiligheidsplan is voorafgaand aan het versturen van het plan bekend bij gemeente en politie. Na ontvangst van het plan wordt deze door zowel gemeente als de politie beoordeeld. Eventuele vragen worden teruggelegd bij FC Utrecht. FC Utrecht heeft na de wedstrijd van 26 mei jl. extra maatregelen getroffen. Dit is terug te vinden in een aanscherping in het veiligheidsplan. Elke wedstrijd vraagt maatwerk. Het veiligheidsplan wordt hierop aangepast. Politie en gemeente kijken altijd kritisch naar het veiligheidsplan.

Vraag 2 Artikel 2:19 Weigeringsgronden In het geval dat er onvoldoende waarborgen voor een goed verloop van de wedstrijd zijn, dan kan deze verboden worden. Welke mogelijkheid ziet het college om (de toelichting bij) dit artikel aan te scherpen, mede in het licht van prioriteringsnoodzaak door schaarse beschikbaarheid van politie en handhavingspersoneel?

Antwoord 2 In Utrecht geldt het uitgangspunt dat evenementen in principe politieneutraal moeten kunnen plaatsvinden. Dat uitgangspunt is ook van toepassing op voetbalwedstrijden. (Grootschalige) politieinzet bij profvoetbalwedstrijden is echter al sinds de opkomst van voetbalgeweld in Nederland in de jaren ’70 de landelijke praktijk. Hoewel we met FC Utrecht in een traject naar normalisatie zitten, is ook in Utrecht vooralsnog sprake van stevige inzet van politie rond wedstrijden. Dat blijkt soms helaas zeer noodzakelijk, zoals we hebben kunnen zien op 26 mei van dit jaar, na de wedstrijd FC Utrecht Go Ahead Eagles. Het streven is en blijft om naar de toekomst toe de politie-inzet bij voetbalwedstrijden af te bouwen. Weliswaar knelt het qua capaciteit, maar we achten het nog steeds verantwoord om te voetballen in Utrecht. Het weigeren van een vergunning voor wedstrijden van FC Utrecht vanwege te weinig politie en handhavingspersoneel is nu dan ook niet aan de orde. De weigering van een vergunning voor een voetbalwedstrijd om deze reden is uiteraard ultimum remedium, en in dat opzicht voldoet art. 2:19 APV Utrecht in de huidige situatie.

Vraag 3 Artikel 2:20: Bevel politie In hoeverre is deze bepaling een aanvulling op artikel 184 van het Wetboek van Strafrecht? Waarom wordt deze groep specifiek uitgelicht in de APV, terwijl artikel 184 van het Wetboek van Strafrecht al stelt dat het strafbaar is opzettelijk niet te voldoen aan een bevel of verordening door een ambtenaar? Antwoord 3 Kortgezegd houdt artikel 184 van het Wetboek van Strafrecht de strafbaarstelling in van een persoon die niet voldoet aan een bevel of vordering krachtens wettelijk voorschrift gedaan door een ambtenaar die daartoe bevoegd is of die de ambtenaar daarbij verhinderd. De bevelen en vorderingen moeten een wettelijk voorschrift als basis hebben. Artikel 184 van het Wetboek van Strafrecht geeft de mogelijkheid dat er op basis van de APV bevelen worden gegeven door de politie. Er moet wel voldoende duidelijk zijn wanneer de politie bevelen mag geven op basis van een APV-artikel. Met artikel 2:20 van de APV wordt daaraan voldaan. Het artikel is opgenomen vanwege de orde rondom voetbalwedstrijden en richt zich tot voetbalsupporters. Dit APV-artikel geeft de politie de bevoegdheid om een bevel te geven aan een persoon die zich als voetbalsupporter manifesteert zich naar een daartoe aangegeven plaats te bewegen als dit in het belang is van de handhaving van de openbare orde.

Om de orde rondom voetbalwedstrijden zoveel mogelijk te kunnen bewaren, is dit een noodzakelijke APV-bepaling. Het geeft de politie een zelfstandige grondslag om op te treden bij dreigende wanordelijkheden. Zonder deze bepaling zou de burgemeester namelijk steeds zelf een noodbevel moeten geven om hiertegen op te (laten) treden, want er is geen andere reguliere bepaling voorhanden waarmee dit bevel kan worden gegeven. De bepaling is daarom zowel noodzakelijk vanuit oogpunt van slagvaardigheid als van rechtszekerheid en evenredigheid. Artikel 184 van het Wetboek van Strafrecht geeft die specifieke grondslag niet, omdat er altijd een wettelijk voorschrift moet zijn om een bevel of vordering te kunnen geven. Ook onderscheid deze bepaling zich van artikel 3 van de Politiewet 2012, waarin een algemene politietaak is opgenomen. Uit de jurisprudentie blijkt dat bevelen en vorderingen op grond van artikel 3 Politiewet voor de burger geen rechtsplicht creëert die is gekoppeld aan het niet voldoen aan een bevel of vordering. Het APV-artikel heeft daarmee een zelfstandige en ook een aanvullende werking ten aanzien van bestaande wetgeving. Vraag 4 Indien het college van mening is dat artikel 2:20 van grote waarde is om te behouden.

Is het bij het handhaven van dit artikel voldoende duidelijk wie onder de definitie van een supporter valt, en dat er dan op bevel van een ambtenaar bevelen opgevolgd moeten worden? Hoeveel rechtszekerheid biedt de huidige formulering van dit artikel de gemeente en supporter? Is het volgens het college wenselijk om dit artikel aan te scherpen? 2

Antwoord 4 Dit artikel ziet op orde rondom voetbalwedstrijden. Het ligt dan ook voor de hand dat de politie bij voetbalwedstrijden gebruik maakt van deze bepaling. De locatie (in en nabij een voetbalstadion), de tijd (tijdens voetbalwedstrijden) en de waarneembare kenmerken (uiterlijke verschijningsvormen) geven over het algemeen duidelijkheid over wie zich als voetbalsupporter manifesteert. Dit artikel geeft voldoende mogelijkheid om als politieambtenaar in het belang van handhaving van de openbare orde aan een voetbalsupporter een bevel te geven zich naar een aangegeven plaats te begeven. Vraag 5 Artikel 2:25 bezit of vervoer van hulpmiddelen voor winkeldiefstal In lid 3 wordt aangegeven dat dit artikel twee jaar na inwerkingtreding wordt geëvalueerd. Is dit gebeurd, wanneer is daarover gerapporteerd, en zo ja, wat waren hier de resultaten van? Antwoord 5 Het verbod op geprepareerde tassen is sinds 2010 van kracht in Utrecht, ingevoerd via een wijziging van de APV en gericht op tassen die beveiligingssystemen omzeilen. Lid 3 van het artikel bepaalde dat twee jaar na de invoering een evaluatie moest plaatsvinden. Er zijn echter geen rapporten gevonden die bevestigen of deze evaluatie rond 2012 heeft plaatsgevonden, en wat de resultaten hiervan waren.

In 2014 zijn er schriftelijke vragen gesteld over rooftassen, vooral gericht op de gevolgen voor winkeliers die er in de winkels mee geconfronteerd werden. Door het college zijn verschillende resultaten en knelpunten genoemd; er zijn tussen 2010 en mei 2014 vier boetes uitgedeeld op basis van APV-artikel 2:25 en het College gaf destijds aan dat de bevoegdheden van buitengewone opsporingsambtenaren (boa’s) onvoldoende waren voor effectieve handhaving. Naar aanleiding van vragen in 2017 is uw raad geïnformeerd over een Limburgse pilot tot uitbreiding van dit artikel. In 2019 is uw raad geïnformeerd dat er nog geen ervaring met dit uitgebreide artikel was opgedaan. De schriftelijke vragen naar deze APV-bepaling worden betrokken bij de partiële APV-herziening 2024. Aan uw raad wordt met de partiële APV-herziening een voorstel gedaan met betrekking tot aanpassingen aan dit artikel.

Vraag 6 Is het college het ermee eens dat een procesafspraak over evaluatie eigenlijk niet in een artikel thuishoort? Antwoord 6 De gemeenteraad stelt zelf de verordeningen vast, en beslist zelf over de inhoud van de verordeningen. Idealiter worden door de gemeenteraad geen bepalingen vastgesteld die procesafspraken inhouden, en worden door het college geen voorstellen daartoe gedaan.

3

Vraag 7 Artikel 5:11 Inzameling van geld of goederen of leden- of donateurwerving Artikel 5:11 geeft aan dat een vergunning nodig is voor het inzamelen van geld of goederen. Hiervoor kan er een collecteweek gereserveerd worden via de website van de gemeente. Zijn er genoeg weken voor collecteurs beschikbaar? Antwoord 7 Er zijn gelet op het collecterooster genoeg weken beschikbaar voor collecteurs om langs de deuren te gaan. We hebben geen signalen ontvangen dat er te weinig mogelijkheden zouden zijn. Dit zal ook samenhangen met het feit dat goede doelen zelf ook spreiding willen, omdat anders in ‘elkaars vaarwater’ gecollecteerd wordt. Vraag 8 Zijn er signalen van organisaties die tegen deze manier van werken aanlopen? En zijn er genoeg mogelijkheden voor organisaties om, bijvoorbeeld om urgente redenen op korte termijn een collecteweek te kunnen reserveren? Antwoord 8 Er zijn ons geen signalen bekend dat organisaties door onze manier van werken problemen ervaren. We werken samen met het Centraal bureau fondswerving (CBF) en erkende goede doelen die daar al een reservering hebben gedaan voor een collecteweek hoeven dat in gemeente Utrecht niet nog een keer te doen. Dat kan gaan om landelijke initiatieven, maar ook om meer lokale. Er is voor al deze initiatieven genoeg ruimte op het collecterooster.

Zo weten we wie wanneer in de stad collecteert, zorgen we voor spreiding en houden we malafide collecteurs buiten de gemeente. Daarnaast kan het college vrijstelling verlenen van het verbod om zonder vergunning te collecteren, zodat op korte termijn altijd een collecte kan worden gehouden om een urgente reden. Vraag 9 Artikel 5:34 Indienen aanvraag (Binnenevenementen) Eerder heeft D66 een punt gemaakt van dit artikel, want: hou je door de eisen geen nieuwe of jonge initiatiefnemers tegen? Wij willen graag weten hoe vaak de burgemeester in de afgelopen vier jaren gebruik gemaakt heeft van de bevoegdheid om af te wijken van de eisen? Antwoord 9 [Bij de beantwoording van deze vraag zijn wij ervan uitgegaan dat de vraag ziet op de Vereisten organisator in artikel 5:35 APV. Daar wordt de als vereiste genoemd dat een organisator de leeftijd van 18 jaar moet hebben bereikt.] In de afgelopen vier jaren is geen gebruikt van de bevoegdheid om een ontheffing te verlenen, omdat geen van de organisatoren tegen deze vereisten aanliep of omdat daar niet strikt op getoetst is. Vraag 10 Blijkt uit de toepassing van dit artikel in de praktijk, dat voorwaarden versoepeld kunnen worden? Antwoord 10 Deze vraag geeft aanleiding om te bekijken of de huidige vereisten die aan een organisator worden gesteld kunnen worden aangepast. Het is mogelijk om van deze bepaling een ‘kan bepaling’ te maken.

Hierdoor is het geen hard vereiste meer, maar een reden om de evenementenvergunning niet te verlenen als daar aanleiding toe bestaat. Tegelijkertijd zouden we dan het eerste lid, onder a, van artikel 5:35 kunnen schrappen, omdat dit vereiste lastig te toetsen is en geen directe link heeft met het zijn van een goed organisator. Ook de schriftelijke vragen naar deze APV-bepaling worden betrokken bij de partiële APV-herziening 2024. Aangezien de bepaling voor zowel binnen- (artikel 5:35) als buitenevenementen (artikel 5:24) geldt, zullen wij beide artikelen hierbij betrekken. Aan uw raad wordt met de partiële APV-herziening een voorstel gedaan met betrekking tot aanpassingen aan deze artikelen. 4

Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,

de secretaris,

de burgemeester,

5

Schriftelijke vragen: Minder en betere regels, meer focus in de handhaving 24 september 2024

Vragen: De fractie van D66 vindt het belangrijk dat regels en wetten duidelijk en doelmatig zijn. Schaarse politie- en handhavingscapaciteit moet efficiënt en effectief ingezet kunnen worden. Daarom is onze fractie in de afgelopen tijd met een stofkam door de huidige Algemene Plaatselijke Verordening gegaan, met de vraag of de opgestelde regels doeltreffend en duidelijk zijn. Hier zijn enkele vragen uit voortgekomen. We vragen het college de vragen te beantwoorden voordat de jaarlijkse APV-wijziging in de VBF-commissie inhoudelijk wordt besproken.

Afdeling 2.7: Orde in verband met voetbalwedstrijden Artikel 2:18: Indienen aanvraag 1. In lid 3 van het artikel staat omschreven dat de aanvraag vergezeld dient de worden met het door de organisatie op te stellen veiligheidsplan. Op welke manier wordt dit beoordeeld, en is er aanleiding, om na de rellen tussen FC Utrecht – Go Ahead Eagels op 26 mei, hier kritisch naar te kijken/aan te scherpen? Artikel 2:19 Weigeringsgronden 2. In het geval dat er onvoldoende waarborgen voor een goed verloop van de wedstrijd zijn, dan kan deze verboden worden. Welke mogelijkheid ziet het college om (de toelichting bij) dit artikel aan te scherpen, mede in het licht van prioriteringsnoodzaak door schaarse beschikbaarheid van politie en handhavingspersoneel? Artikel 2:20: Bevel politie 3. In hoeverre is deze bepaling een aanvulling op artikel 184 van het Wetboek van Strafrecht? Waarom wordt deze groep specifiek uitgelicht in de APV, terwijl artikel 184 van het Wetboek van Strafrecht al stelt dat het strafbaar is opzettelijk niet te voldoen aan een bevel of verordening door een ambtenaar? 4. Indien het college van mening is dat artikel 2:20 van grote waarde is om te behouden.

Is het bij het handhaven van dit artikel voldoende duidelijk wie onder de definitie van een supporter valt, en dat er dan op bevel van een ambtenaar bevelen opgevolgd moeten worden? Hoeveel rechtszekerheid biedt de huidige formulering van dit artikel de gemeente en supporter? Is het volgens het college wenselijk om dit artikel aan te scherpen? 6

Afdeling 2.9: Maatregelen tegen overlast en baldadigheid Artikel 2:25 bezit of vervoer van hulpmiddelen voor winkeldiefstal 5. In lid 3 wordt aangegeven dat dit artikel twee jaar na inwerkingtreding wordt geëvalueerd. Is dit gebeurd, wanneer is daarover gerapporteerd, en zo ja, wat waren hier de resultaten van? 6. Is het college het ermee eens dat een procesafspraak over evaluatie eigenlijk niet in een artikel thuishoort? Afdeling 5.2 Collecteren Artikel 5:11 Inzameling van geld of goederen of leden- of donateurwerving Artikel 5:11 geeft aan dat een vergunning nodig is voor het inzamelen van geld of goederen. Hiervoor kan er een collecteweek gereserveerd worden via de website van de gemeente1. 7. Zijn er genoeg weken voor collecteurs beschikbaar? 8. Zijn er signalen van organisaties die tegen deze manier van werken aanlopen? En zijn er genoeg mogelijkheden voor organisaties om, bijvoorbeeld om urgente redenen op korte termijn een collecteweek te kunnen reserveren? Afdeling 5.7A: Binnenevenementen Artikel 5:34 Indienen aanvraag 9. Eerder heeft D66 een punt gemaakt van dit artikel, want: hou je door de eisen geen nieuwe of jonge initiatiefnemers tegen? Wij willen graag weten hoe vaak de burgemeester in de afgelopen vier jaren gebruik gemaakt heeft van de bevoegdheid om af te wijken van de eisen? 10.

Blijkt uit de toepassing van dit artikel in de praktijk, dat voorwaarden versoepeld kunnen worden?

Gesteld door: •

Maarten Koning, D66

1 Collecterooster | gemeente Utrecht

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=1b08e084-9ba6-47ac-9506-132e283ae38d