Beantwoording SV 2023 nr 34 over Lerarentekort Utrecht
Tekst van het document
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE RAADSVRAGEN 2023, NUMMER 34 Datum Van Behandeld door Doorkiesnummer E-mailadres Kenmerk Beleidsveld
5 april 2023 College B&W B.C. Haberland 62652 b.haberland@utrecht.nl 11011192 Onderwijs
Geachte leden van de raad, Hierbij ontvangt u de beantwoording van de schriftelijke raadsvragen jaargang 2023 nummer 34 van Berdien van der Wilt (D66), Maartje Vermeulen (GroenLinks), Esma Kendir (Student & Starter), Mariam Al-Saqaff (VVD), Hester Assen (PvdA), Bert van Steeg (CDA) van 21 februari 2023 over Lerarentekort Utrecht. De gestelde vragen zijn hieronder bijgevoegd, met antwoord. Vraag 1 In de brief van december is te lezen dat alleen in Rotterdam sprake is van een lichte daling. Zijn er volgens het college lessen te trekken uit de aanpak in Rotterdam die ook over te nemen in Utrecht? Zo ja: welke? Antwoord 1 Wij hebben hierover contact met de collega's in Rotterdam. In de brief aan de gemeenteraad van Rotterdam van 13-12-2022 schrijft het college van Rotterdam: “Het totale pakket aan interventies (behouden van personeel, verhogen van zijinstroom, anders opleiden en anders organiseren) lijkt te hebben gezorgd voor een lichte daling van het tekort. Veel scholen in Rotterdam organiseren hun onderwijs op een andere doordachte en professionele manier, om ondanks het lerarentekort de kwaliteit van het onderwijs en het beroep van leraar zo hoog mogelijk te houden, Er wordt o.a. ander personeel ingezet, zoals vakleerkrachten en onderwijsondersteunend personeel om de beschikbare leraren efficiënter in te kunnen zetten en breder te ondersteunen.
Desondanks blijft ook op deze scholen het lerarentekort een belangrijk aandachtspunt, omdat er ook tekorten onder vakleerkrachten en ondersteunend personeel zijn.” Het pakket aan maatregelen in de gemeente Rotterdam en in Utrecht vertoont sterke overeenkomsten. Rotterdam lijkt iets voor te lopen in het anders organiseren van onderwijs. Vraag 2 Het college stelt dat het lerarentekort hoger is in het speciaal onderwijs, maar noemt daarbij alleen landelijke cijfers. Is er ook zicht op het lerarentekort in het speciaal onderwijs specifiek in Utrecht? Hoe duidt het college deze cijfers? Antwoord 2 Ja daar is zicht op. De tekorten in het speciaal onderwijs was op 1 oktober 2021 15,4% en op 1 oktober 2022 13,6%. In 2021 deden 9 scholen voor speciaal onderwijs mee aan de peiling en in 2022 waren dit 15 scholen voor speciaal onderwijs. We zien een kleine daling in het tekort. Het tekort is hoger dan het gemiddelde tekort in het reguliere basisonderwijs, dat op 1 oktober 2022 op 10% lag.
Vraag 3 Daarnaast is te zien dat er ook grote verschillen zijn tussen de Utrechtse wijken. Zo zijn er grotere tekorten in Noordwest en Overvecht. Eerder ontving deze raad al een brief over de inzet op het tegengaan van het lerarentekort in Overvecht (lesgeven in de grootstedelijke context). Hierin staan veel acties gericht op (het doen van onderzoek naar) professionalisering en werken in de wijk. Wat kan het college (al) zeggen over de effectiviteit van deze acties op het terugdringen van het lerarentekort in Overvecht? Antwoord 3 De onderzoeksfase van het Regio Deal project over het Lesgeven in een grootstedelijke context in Overvecht is bijna afgerond. Het onderzoek richt zich op vraag wat de werkzame aspecten zijn in het opleiden, professionaliseren en ondersteunen van (startende) leerkrachten in Overvecht. Op basis van het onderzoek wordt op dit moment een gezamenlijke minor door de HU en de Marnixacademie over diversiteitsensitief lesgeven ontwikkeld, evenals een professionaliseringsaanbod voor docenten in Overvecht. Per september 2025 wordt de minor aangeboden. Er is in Overvecht een groeiende betrokkenheid van de scholen bij het onderzoeken en het ontwikkelen van het professionaliseringsaanbod, ook het voortgezet onderwijs sluit nu aan.
Het is nu nog niet mogelijk om aan te geven in hoeverre deze interventie bijdraagt aan het kiezen en (blijven) werken op een school in Overvecht. Vraag 4 Is het college het met ons eens dat middelen bestemd voor het tegengaan van het lerarentekort zoveel mogelijk moeten worden besteed aan het mogelijk maken van oplossingen, i.p.v. het uitvoeren van onderzoek? Hoe bewaakt het college dit? Antwoord 4 In de begroting van lesgeven in grootstedelijke context 2022-2023 is ongeveer 10,5% gereserveerd voor onderzoek. De rest van het budget wordt besteed aan de uitvoering en communicatie. Het onderzoek geeft ons inzicht in wat er precies aan de hand is en welke interventies wel en niet werken. Op basis van deze inzichten kunnen we passende interventies inzetten voor de aanpak van het lerarentekort in de hele stad. Vraag 5 Hoe zet het college, i.s.m. met de schoolbesturen, in op het verkleinen van de verschillen tussen wijken? Antwoord 5 De schoolbesturen kennen precies de tekorten op al hun scholen en in welke wijken. Zij proberen gericht te interveniëren op scholen waar dat het hardst nodig is door. Schooloverstijgend is de afspraak dat schoolbesturen zijinstromers bij voorrang inzetten op scholen waar de behoefte het grootst is. Daarnaast hebben we een specifieke aanpak voor Overvecht (zie antwoord vraag 3).
Vanuit OCW is er in de schooljaren 2021-2022 en 2022-2023 een landelijke regeling waarbij personeel op scholen met een hoge schoolweging een toelage krijgen. Vraag 6 Stedelijk is ingezet op het programma Utrecht Leert. Ook in de meeste recente brief over Utrecht Leert lezen we over de acties die hiervoor zijn ingezet, o.a. de inzet op zij-instromers en onderwijsambassadeurs. Hoe verloopt de samenwerking met de opleiders o.a. Marnix Academie, Hogeschool Utrecht en de Universiteit Utrecht bij het opleiden van nieuwe leerkrachten. Op welke wijze faciliteert de gemeente, via Utrecht Leert, zij-instromers die vanuit het MBO komen?
Antwoord 6 De opleidingen en scholen werken op verschillende fronten nauw samen. Het begeleiden en opleiden in de school is hier een goed voorbeeld van. Om de theorie en praktijk dichtbij elkaar te brengen worden studenten en aankomend personeel opgeleid en begeleid in de school. Daarnaast wordt er samengewerkt aan het verbeteren van de opleidingen en het ontwikkelen van een vernieuwende manier van opleiden waarbij studenten van begin af aan worden uitgedaagd om breder te kijken naar de omgeving van de school en samen te werken met partners in de wijk en in de zorg. Het samen opleiden, professionaliseren, begeleiden en beoordelen zijn belangrijke onderdelen van Utrecht Leert. De gemeente heeft hier geen taak in omdat het ministerie van OCW hiervoor rechtstreeks aan de opleidingen en de schoolbesturen middelen verstrekt. Het MBO speelt een belangrijke rol in het opleiden van pedagogisch assistenten en ondersteuners. MBO-ers kunnen geen zij-instromer worden in het PO of VO omdat het ministerie van OCW als eis stelt een relevante opleiding op minimaal HBO-niveau. Mensen met een MBO-opleiding kunnen wel aan de slag als pedagogisch assistent of leerkrachtondersteuner. Ze kunnen ook zijinstromer worden in het MBO. Ze kunnen een onderwijsbevoegdheid in het PO of VO halen door een (deeltijd)opleiding op HBO-niveau te volgen.
Vraag 7 Op welke wijze wordt nu ingezet op het voorkomen van uitval van docenten, en is er zicht op wat deze inzet oplevert? Antwoord 7 Startende leerkrachten in het PO, VO en MBO doen mee aan een inwerkprogramma en worden in de school begeleid. In het PO hebben 101 scholen hun begeleidingscapaciteit uitgebreid. Daarnaast is er
recent een onderzoeksgroep met academische leerkrachten gestart die zich richt op de onderzoeksvraag ‘wat maakt dat onderwijsprofessionals willen blijven werken binnen het onderwijs in Utrecht?’. De onderzoeksgroep wordt begeleid door het lectoraat van de Hogeschool van Utrecht. Binnen het VO wordt er onderzoek gedaan naar de ervaringen van startende docenten en naar de best practices van begeleiding. Het is niet mogelijk om nu iets te zeggen over het effect van deze inzet, omdat het effect hiervan pas op langere termijn merkbaar zal zijn. Daarnaast werken scholen en opleidingen aan het verbeteren van de begeleiding in scholen om een zachte landing voor startende docenten en leerkrachten te creëren. Vraag 8 Is er al zicht op welke acties het meest effectief zijn in de aanpak van het lerarentekort en zo ja: ziet het college kans deze op te schalen? Antwoord 8 Er zijn verschillende instrumenten effectief in de aanpak van het lerarentekort. • De zijinstroom blijkt een effectiever instrument te zijn dan vooraf was verwacht. Er zijn inmiddels 156 zijinstromers gestart in het primair onderwijs. Dit instrument wordt veel ingezet in het PO en MBO en ook steeds meer in het VO. De schoolbesturen hebben laten zien dat zij goed in staat zijn dit per jaar op te schalen. • Sinds augustus 2020 zijn er 85 mensen gestart als onderwijsambassadeur.
Uit onderzoek is gebleken dat de inzet van een onderwijsambassadeur bijdraagt aan het verlagen van de werkdruk en het verhogen van het werkgeluk van een leerkracht. Van de onderwijsambassadeurs uit de eerste en tweede lichting heeft 41% een volledige overstap naar werken in het onderwijs gemaakt. Dit zijn in totaal 14 nieuwe onderwijsprofessionals. Wij schalen dit project op door te stimuleren dat medewerkers vanuit de gemeente meedoen en onze ervaringen te delen met andere gemeenten. Daarnaast verlenen wij subsidie aan dit project.
•
•
•
Het aantrekkelijker maken van de opleidingen is ook een belangrijk instrument. We geven een financiële impuls aan de samenwerking tussen opleidingen en schoolbesturen in vernieuwend opleiden. We willen toewerken naar een opleiding die een aantrekkelijk brede studie- en beroepsperspectief in het onderwijs kan aanbieden om meer (aankomende) studenten aan te trekken. Het begeleiden en opleiden in de school zorgt een mooie aansluiting tussen theorie en praktijk. Daarnaast zijn studenten en startende docenten beter voorbereid op het lesgeven als zij in de school worden opgeleid. Voor het verbeteren van der begeleiding van starters en zijinstromers verstrekken we subsidie. Met name in het primair onderwijs zijn scholen die vooroplopen in het anders organiseren van onderwijs, waarbij nauwe samenwerkingen worden aangegaan met de kinderopvang en educatieve partners in de wijk en de stad. Hierbij blijft de kwaliteit van het onderwijs leidend maar wordt het model van ‘één klaslokaal, één leerkracht, één groep’ losgelaten. Het lerarenteam wordt verbreed met bijvoorbeeld onderwijsassistenten, leerkrachtondersteuners en specialisten op deelgebieden zoals kunst, sport en spel. Zo ontstaan meer mogelijkheden voor leerlingen én personeel om zich te ontwikkelen. Deze ontwikkeling wordt bekostigd uit de tijdelijke rijksmiddelen Convenant PO in de G4 en Almere.
Vraag 9 In navolging van vraag 1: ziet het college nog kansen om interventies of acties toe te voegen die in andere steden of landelijk effect lijken te hebben, zoals bijv. campagnes gericht op het specifiek werken in Utrecht? Antwoord 9 Ja. We voeren al geruime tijd campagne voor het werken in het onderwijs in Utrecht via de website van Utrecht Leert. Op de website zijn filmpjes van leerkrachten en docenten te zien, wordt er een toelichting gegeven over de verschillende onderwijsroutes en is het activiteitenoverzicht weergeven. weergeven. Er zijn gemiddeld 1100 unieke bezoekers per maand. In de ontwikkeling van de Utrechtse Onderwijs Agenda besteden we ook aandacht aan beeldvorming en meer bekendheid over de veelzijdigheid van beroepsmogelijkheden in het onderwijs. Daarnaast zijn we continu op zoek naar het verbeteren en opschalen van interventies, ook in G4 verband. Vraag 10 Recent kwam in het nieuws dat Amsterdamse schoolbesturen hebben besloten ook onbevoegde docenten voor de klas te zetten. Dit besluit riep veel weerstand op in het onderwijsveld. In de brief over Utrecht Leert is te lezen dat ook in Utrecht wordt nagedacht over de inzet van ‘anders bevoegden’.
Wordt hiermee hetzelfde bedoeld? En wat is het standpunt hierin vanuit de Utrechtse onderwijspartners en vanuit het college, ook in het licht van deze discussie? Antwoord 10 Het structureel inzetten van mensen die onvoldoende zijn toegerust voor hun taak kan nooit een beleidsdoel zijn. In Utrecht zien we, net als in Amsterdam en Rotterdam, dat de inzet van anders bevoegden steeds belangrijker wordt. De onderwijspartners leggen de lat hoog en willen met de inzet van pedagogisch bekwame anders bevoegden onderwijs bieden dat minstens van even hoge kwaliteit is, en soms zelfs beter, omdat deze professional specifieke lessen kan verzorgen die in het verlengde liggen van zijn/haar expertise. Een professional van buiten de school brengt andere kennis en vaardigheden de school in, en kan zelf ook door middel van bijscholing aanvullend vereiste kennis en bekwaamheden verwerven. De bijscholing voor vakdidactiek, pedagogiek en klassenmanagament wordt aangeboden door de Hogeschool van Utrecht en de Marnix Academie. Alle scholen hebben verder een schoolopleider die de externe professionals in school kan begeleiden. Door de inzet van
externe professionals is er meer tijd voor de bevoegde leerkracht om aandacht te besteden aan de kerntaken. Vraag 11 We zijn blij dat er in de aanpak van het lerarentekort ook wordt ingezet op passende woningen voor leraren n.a.v. motie M22/31. Het college heeft daarnaast in het coalitie-akkoord ook aangekondigd scholen de mogelijkheid te willen bieden om tegen gereduceerd tarief (een beperkt aantal) parkeervergunningen aan te vragen, mits er voldoende aandacht is voor duurzaam mobiliteitsbeleid 2. In de brieven over het lerarentekort wordt hier echter nog niet op ingegaan. Deelt het college de mening dat het oplopende lerarentekort vraagt om een snelle uitwerking van deze mogelijkheid voor scholen? Antwoord 11 Ja dit vinden wij ook belangrijk. Momenteel werken we aan de uitwerking van verschillende opties om
te komen tot een parkeervergunning voor leraren. Vraag 12 Kan het college toelichten hoe het staat met de uitvoering van deze ambitie en of zij deze mogelijkheid kan bieden aan alle scholen die hier, zover bekend, behoefte aan hebben? Antwoord 12 U heeft deze vraag ook gesteld in SV 2023 nr. 35 over parkeerbeleid. De wethouders Eerenberg en Van Hooijdonk trekken samen op in het ontwerpen van een parkeervergunning voor leerkrachten. Deze ontwerpen gaan we zo snel mogelijk bespreken met de schoolbesturen. Voor de zomer van 2023 verwachten we een keuze te kunnen maken. Na het zomerreces ontvangt de raad een conceptvoorstel. De uitvoering kan op zijn vroegst plaatsvinden per 1-1-2024. Vraag 13 Heeft het college er zicht op of het (huidige en aankomende) aanbod van woningen voor docenten voldoende bekend is bij scholen en of dit aanbod voldoende aansluit bij de behoefte vanuit de scholen en docenten? Antwoord 13 .Door landelijke ontwikkelingen in de woningbouw staat het realiseren van nieuwe woningen echter onder druk. Het aanbod in de sociale sector sluit onvoldoende aan op de vraag van leerkrachten. Zij verdienen veelal te veel om hiervoor in aanmerking te komen. Ook komen zij, net als andere beroepsgroepen waarvoor beroepsvoorrang geldt, niet in aanmerking voor voorrang als zij al een zelfstandige woonruimte elders hebben.
In de middenhuur is onvoldoende woningaanbod voor alle doelgroepen. We ontwikkelen daarom een pilot in de middenhuursector voor leraren. Zoals vermeld in de raadsbrief van 13 december 2022 heeft het college de locatie Knoopkazerne als pilotlocatie aangewezen voor een proef met voorrang voor onmisbare maatschappelijke beroepen. Het Rijksvastgoedbedrijf bereidt de aanbesteding voor en neemt in het derde kwartaal van 2023 een definitief besluit over de invulling. Wij houden uw raad op de hoogte over deze ontwikkelingen.
Vraag 14 In de brief over de peiling personeelstekorten lezen wij dat er 25 januari een gesprek heeft plaatsgevonden tussen de grote steden en de minister over een landelijke oplossing en aanpak op het lerarentekort. Kan er al iets worden gedeeld over de uitkomsten van dit gesprek en wat dit betekent voor de Utrechtse inzet?
Antwoord 14 Nee, want dit gesprek is door de minister geannuleerd omdat hij in de Tweede Kamer moest zijn. Er volgt een nieuwe afspraak.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
Schriftelijke vragen “Lerarentekort Utrecht” 21 Februari 2023
Vragen: In het afgelopen halfjaar ontving de raad meerdere brieven1 over de voortgang op de aanpak van het lerarentekort. In de meeste recente brief over personeelstekorten in het primair onderwijs is te lezen dat het lerarentekort is opgelopen van 7.3% (2021) naar 10% in 2022. Alhoewel dit tekort nog onder het gemiddelde ligt van de andere grote steden, is dit een flinke stijging. Onderstaande fracties willen hierover de volgende vragen stellen: 1) In de brief van december is te lezen dat alleen in Rotterdam sprake is van een lichte daling. Zijn er volgens het college lessen te trekken uit de aanpak in Rotterdam die ook over te nemen in Utrecht? Zo ja: welke? Het college stelt dat het lerarentekort hoger is in het speciaal onderwijs, maar noemt daarbij alleen landelijke cijfers. 2) Is er ook zicht op het lerarentekort in het speciaal onderwijs specifiek in Utrecht? Hoe duidt het college deze cijfers? Daarnaast is te zien dat er ook grote verschillen zijn tussen de Utrechtse wijken. Zo zijn er grotere tekorten in Noordwest en Overvecht. Eerder ontving deze raad al een brief over de inzet op het tegengaan van het lerarentekort in Overvecht (lesgeven in de grootstedelijke context). Hierin staan veel acties gericht op (het doen van onderzoek naar) professionalisering en werken in de wijk.
3) Wat kan het college (al) zeggen over de effectiviteit van deze acties op het terugdringen van het lerarentekort in Overvecht? 4) Is het college het met ons eens dat middelen bestemd voor het tegengaan van het lerarentekort zoveel mogelijk moeten worden besteed aan het mogelijk maken van oplossingen, i.p.v. het uitvoeren van onderzoek? Hoe bewaakt het college dit? 1 Raadsbrief Uitvoering Utrecht Leert 2022-2023 Utrecht - iBabs RIS (bestuurlijkeinformatie.nl) en
Raadsbrief Peiling personeelstekorten primair onderwijs 1-10-2022 Utrecht - iBabs RIS (bestuurlijkeinformatie.nl) en Document Utrecht - Raadsbrief Subsidieregel Lesgeven in een grootstedelijke context.docx - iBabs RIS (bestuurlijkeinformatie.nl)
5) Hoe zet het college, i.s.m. met de schoolbesturen, in op het verkleinen van de verschillen tussen wijken? Stedelijk is ingezet op het programma Utrecht Leert. Ook in de meeste recente brief over Utrecht Leert lezen we over de acties die hiervoor zijn ingezet, o.a. de inzet op zij-instromers en onderwijsambassadeurs. 6) Hoe verloopt de samenwerking met de opleiders o.a. Marnix Academie, Hogeschool Utrecht en de Universiteit Utrecht bij het opleiden van nieuwe leerkrachten. Op welke wijze faciliteert de gemeente, via Utrecht Leert, zijinstromers die vanuit het MBO komen? 7) Op welke wijze wordt nu ingezet op het voorkomen van uitval van docenten, en is er zicht op wat deze inzet oplevert? 8) Is er al zicht op welke acties het meest effectief zijn in de aanpak van het lerarentekort en zo ja: ziet het college kans deze op te schalen? 9) In navolging van vraag 1: ziet het college nog kansen om interventies of acties toe te voegen die in andere steden of landelijk effect lijken te hebben, zoals bijv. campagnes gericht op het specifiek werken in Utrecht? Recent kwam in het nieuws dat Amsterdamse schoolbesturen hebben besloten ook onbevoegde docenten voor de klas te zetten. Dit besluit riep veel weerstand op in het onderwijsveld. In de brief over Utrecht Leert is te lezen dat ook in Utrecht wordt nagedacht over de inzet van ‘anders bevoegden’.
10)Wordt hiermee hetzelfde bedoeld? En wat is het standpunt hierin vanuit de Utrechtse onderwijspartners en vanuit het college, ook in het licht van deze discussie? We zijn blij dat er in de aanpak van het lerarentekort ook wordt ingezet op passende woningen voor leraren n.a.v. motie M22/31. Het college heeft daarnaast in het coalitie akkoord ook aangekondigd scholen de mogelijkheid te willen bieden om tegen gereduceerd tarief (een beperkt aantal) parkeervergunningen aan te vragen, mits er voldoende aandacht is voor duurzaam mobiliteitsbeleid .2 In de brieven over het lerarentekort wordt hier echter nog niet op ingegaan. 11) Deelt het college de mening dat het oplopende lerarentekort vraagt om een snelle uitwerking van deze mogelijkheid voor scholen? 12) Kan het college toelichten hoe het staat met de uitvoering van deze ambitie en of zij deze mogelijkheid kan bieden aan alle scholen die hier, zover bekend, behoefte aan hebben? 13)Heeft het college er zicht op of het (huidige en aankomende) aanbod van woningen voor docenten voldoende bekend is bij scholen en of dit aanbod voldoende aansluit bij de behoefte vanuit de scholen en docenten? In de brief over de peiling personeelstekorten lezen wij dat er 25 januari een gesprek plaatsgevonden tussen de grote steden en de minister over een landelijke oplossing en aanpak op het lerarentekort.
14)Kan er al iets worden gedeeld over de uitkomsten van dit gesprek en wat dit betekent voor de Utrechtse inzet?
2 Coalitieakkoord 2022 - 2026 | Gemeente Utrecht
Gesteld door: • • • • • •
Berdien van der Wilt, D66 Maartje Vermeulen, GroenLinks Esma Kendir, Student & Starter Mariam Al-Saqaff, VVD Hester Assen, PvdA Bert van Steeg, CDA