Beantwoording SV 2021 nr 36 over Noodsteun voor cultuur met winstoogmerk.pdf
Tekst van het document
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE RAADSVRAGEN 2021, NUMMER 36
Datum Van Behandeld door Doorkiesnummer E-mailadres Kenmerk Beleidsveld
18 maart 2021 College B&W F. Booij 030 - 28 62691 f.booij@utrecht.nl 8644220 Cultuur
Geachte leden van de raad, Hierbij ontvangt u de beantwoording van de schriftelijke raadsvragen jaargang 2021 nummer 36 van raadsleden Ellen Bijsterbosch (D66), Jeffrey Koppelaar (S&S), Hester Assen (PvdA) en Melody Deldjou Fard (GL) van 12 februari 2021 over ‘Noodsteun voor cultuur met winstoogmerk’. De gestelde vragen zijn onderaan bijgevoegd. Vraag 1 Zou het college bereid zijn om clubcultuur te steunen van een deel van het budget dat nog beschikbaar is? Zo nee, waarom niet? Antwoord 1 In aanloop naar het verstrekken van noodsteun is in 2020 een afwegingskader opgesteld voor de beoordeling van essentiële voorzieningen. Hierover is de gemeenteraad op 14 juli 2020 geïnformeerd. Dit afwegingskader is enkel gericht op gesubsidieerde en niet-gesubsidieerde instellingen zonder winstoogmerk. Veel culturele ondernemers uit de clubcultuur werken vanuit een winstoogmerk en kunnen op basis van het huidige afwegingskader niet ondersteund worden. Op dit moment bezien wij de mogelijkheden en wenselijkheden voor aanpassing van het afwegingskader. Over de resultaten hiervan brengen wij u zo spoedig mogelijk per raadsbrief op de hoogte.
Vraag 2 Het Utrechtse Nachtoverleg (waarin clubs, festivals en evenementorganisaties verenigd zijn, zowel gesubsidieerde als niet-gesubsidieerde organisaties) heeft een voorzet gedaan voor het opstellen van voorwaarden voor steun, hoe kijkt het college hiernaar? Antwoord 2 Wij kennen deze voorzet van het Utrechts Nachtoverleg. Op dit moment bezien we de mogelijkheden en wenselijkheden voor aanpassing van het afwegingskader.
Vraag 3 Zou het college ook bereid zijn om clubcultuur te beoordelen voor steun op een afgeleide manier, bijvoorbeeld op basis van de hoeveelheid en kwaliteit van samenwerkingen met culturele organisaties waar de gemeente wel een structurele subsidierelatie mee heeft? Antwoord 3 Vanuit het Utrechts Nachtoverleg is hier ook op gewezen. Dit aspect wordt ook in de overwegingen meegenomen Wij bezien op dit moment de mogelijkheden en wenselijkheden voor een eventuele aanpassing van het afwegingskader. Vraag 4 Zou het college bereid zijn om laagdrempelige projectsubsidie in coronatijd mogelijk te maken voor galeriehouders? Antwoord 4 Galeriehouders kunnen gebruikmaken van de laagdrempelige impulssubsidieregeling. Ook voor veel galeriehouders geldt dat het gaat om organisaties met een winstoogmerk, waardoor zij voor noodsteun buiten het huidige afwegingskader vallen. Vraag 5 Is het college verder bereid om Art Utrecht (waarin galeriehouders, kunstenaars en musea zich hebben verenigd voor het meer zichtbaar maken van de beeldende kunst in Utrecht) te ondersteunen zodat ze samen kunnen werken aan een perspectief na corona? Antwoord 5 Wij werken aan een bestedingsvoorstel voor de inzet van de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen voor 2021 ter compensatie, herstel en innovatie van het culturele veld.
Daarin zullen we onder meer de mogelijkheden met betrekking tot de beeldende kunst in Utrecht en het meer zichtbaar maken daarvan verkennen. Vraag 6 Is het college bereid om in gesprek te gaan met Utrechts Boekhandelsoverleg om te bezien welke vorm van steun zij zouden kunnen gebruiken, en wat het college daarin al dan niet zou kunnen betekenen? Antwoord 6 Ja, wij zijn bereid om met het Utrechts Boekhandelsoverleg in gesprek te gaan. Ten aanzien van het verstrekken van noodsteun geldt ook voor de Utrechtse boekhandels dat het veelal gaat om organisaties met een winstoogmerk, waardoor zij buiten het huidige afwegingskader vallen. Zoals gezegd bezien wij op dit moment de mogelijkheden en wenselijkheden voor aanpassing van het huidige afwegingskader en verwachten wij u zo spoedig mogelijk over de resultaten hiervan per raadsbrief op de hoogte te stellen. Vraag 7 Heeft het college deze mogelijkheden inmiddels verkend, en welke ruimte ziet het college daarvoor? Antwoord 7 Naar aanleiding van motie 245 zijn de opties voor het verstrekken van garantstellingen en leningen overwogen. Hier is echter niet voor gekozen, omdat bancaire geldverstrekkers terughoudend zijn bij afdekking van corona-gerelateerde schade en het verstrekken van leningen conform de beleidskader Geldverstrekkingen niet de voorkeur heeft.
De voordelen van het subsidie-instrument – al of niet in de vorm van huurkorting – wegen voor dit doel al met al zwaarder dan een garantstelling of lening. Het Rijk heeft inmiddels wel enkele overbruggingskredieten in het leven heeft geroepen, zoals het Klein Krediet Corona waar kleine ondernemers gebruik van kunnen maken.
2
Vraag 8 Ziet het college inmiddels een noodzaak voor aanvullende steun voor Utrechtse culturele festivals? Zo ja, wanneer is meer duidelijk over hoe deze aanvullende steun eruit komt te zien? Antwoord 8 Wij werken aan een bestedingsvoorstel voor de inzet van de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen voor 2021. Daarin wordt tevens de noodzaak van eventuele aanvullende steun voor Utrechtse culturele festivals verkend. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
3
Schriftelijke vragen: Noodsteun voor cultuur met winstoogmerk 10 februari 2021
Vragen: Voor de culturele sector is het een barre tijd. Voorlopig zijn we nog niet van het coronavirus verlost, en het lijkt er nog niet op dat we al snel van deze lockdownmaatregelen af zijn. Wij zijn blij met de steun die de gemeente biedt aan de sector. In de raadsbrief over coronagerelateerde zaken van 6 januari 2021 valt te lezen dat er nog 1,315 miljoen overbleef van het eerste noodsteunpakket van de gemeente Utrecht voor cultuur. En tegelijkertijd is de nood op veel plekken in de sector onverminderd hoog. Nachtclubs kwijnen weg, galeries dreigen kopje onder te gaan en ook boekhandels hebben het loodzwaar. Er zijn veel culturele ondernemers die van grote waarde zijn voor de stad, maar voor onze noodsteun niet in aanmerking kwamen omdat zij een winstoogmerk hebben. Wij begrijpen dat het steunen van culturele organisaties met winstoogmerk wat ingewikkelder is, omdat je een goede afbakening wil maken van wie dan wel of niet in aanmerking komt voor steun. D66 zou toch graag zien dat het college de mogelijkheden hiervoor serieus verkent. De waarde voor het culturele leven in onze stad moet hier wat ons betreft in voorop staan. Clubcultuur In november deed de wethouder nog een oproep in de Volkskrant1 voor een steunpakket op maat voor het nachtleven vanuit het Rijk.
Dit was helemaal in de geest van de aangenomen motie ‘Kracht voor de Utrechtse nacht’ (M195/2019), en daar waren we blij mee. Maar zo’n steunpakket vanuit het Rijk lijkt inmiddels uit te blijven. En dit terwijl nachtclubs de eersten waren die dicht moesten vanwege het coronavirus, en zij waarschijnlijk pas de laatsten zijn die weer open mogen. 1. Zou het college bereid zijn om clubcultuur te steunen van een deel van het budget dat nog beschikbaar is? Zo nee, waarom niet? 2. Het Utrechtse Nachtoverleg (waarin clubs, festivals en evenementorganisaties verenigd zijn, zowel gesubsidieerde als niet-gesubsidieerde organisaties) 1 https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/wethouders-grote-steden-laat-het-nachtleven-geenstille-dood-sterven~bc3c1b30/ 4
heeft een voorzet gedaan voor het opstellen van voorwaarden voor steun, hoe kijkt het college hiernaar? 3. Zou het college ook bereid zijn om clubcultuur te beoordelen voor steun op een afgeleide manier, bijvoorbeeld op basis van de hoeveelheid en kwaliteit van samenwerkingen met culturele organisaties waar de gemeente wel een structurele subsidierelatie mee heeft? Galeries Voor een levendige kunstscene in onze stad en vooral ook als podium voor kunstenaars zijn galeries van groot belang. Galeriehouders geven aan al een heel eind geholpen te zijn als zij vanuit het noodsteunpakket wellicht projectsubsidie zouden kunnen krijgen voor het (weer) maken van uitdagende en vernieuwende exposities zodra dat weer kan en mag. Zo zou de gemeente steun geven aan een culturele activiteit, niet aan een onderneming. 4. Zou het college bereid zijn om laagdrempelige projectsubsidie in coronatijd mogelijk te maken voor galeriehouders? 5. Is het college verder bereid om Art Utrecht (waarin galeriehouders, kunstenaars en musea zich hebben verenigd voor het meer zichtbaar maken van de beeldende kunst in Utrecht) te ondersteunen zodat ze samen kunnen werken aan een perspectief na corona? Boekhandels Sinds 2017 mag Utrecht zich trots UNESCO City of Literature noemen. Een titel die niet uit de lucht is komen vallen, en mede te danken is aan de prachtige boekhandels in onze stad.
Zij zijn voor de literaire wereld cruciaal, en dat zijn ze ook voor onze Utrechtse ambitie om meer mensen aan het lezen te krijgen. 6. Is het college bereid om in gesprek te gaan met Utrechts Boekhandelsoverleg om te bezien welke vorm van steun zij zouden kunnen gebruiken, en wat het college daarin al dan niet zou kunnen betekenen? En verder In de aangenomen motie ‘Noodsteun waar de nood is’ (M245/2020) riepen wij op om voor niet-gemeentelijk gefinancierde instellingen ook uitdrukkelijk de optie van een garantstelling of lening te verkennen. 7. Heeft het college deze mogelijkheden inmiddels verkend, en welke ruimte ziet het college daarvoor? In de overgenomen motie ‘Perspectief en experimenteerruimte voor cultuur en festivals’ (M431/2020) werd gevraagd om vanuit het tweede noodsteunpakket van 2,5 miljoen zonodig aanvullend financiële steun te overwegen voor de herstart van Utrechtse culturele festivals indien het kabinet over de brug komt met een garantiefonds voor evenementen. Inmiddels is duidelijk dat het landelijke garantiefonds er komt. 8. Ziet het college inmiddels een noodzaak voor aanvullende steun voor Utrechtse culturele festivals? Zo ja, wanneer is meer duidelijk over hoe deze aanvullende steun eruit komt te zien?
5
Gesteld door:
Ellen Bijsterbosch, D66 Jeffrey Koppelaar, S&S Hester Assen, PvdA Melody Deldjou Fard, GL
6