Beantwoording SV 2021 nr 3 over Geen registratie geen Zandpad (2).pdf
Tekst van het document
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE RAADSVRAGEN 2021, NUMMER 3
Datum Van Behandeld door Doorkiesnummer E-mailadres Kenmerk Beleidsveld
19 maart 2021 College B&W Hans de Haan 030 - 28 63331 h.de.haan@utrecht.nl 8473931 Prostitutie
Geachte leden van de raad, Hierbij ontvangt u de beantwoording van de schriftelijke raadsvragen jaargang 2021 nummer 3 van raadslid Bos (Stadsbelang Utrecht) van 5 januari 2021 over “Geen registratie, geen Zandpad”. De gestelde vragen zijn onderaan bijgevoegd. Vraag 1 Wat betekent dit besluit voor de ontwikkeling van het zandpad en het lopend proces? Antwoord 1 De uitspraak van de Raad van State (RvS) is teleurstellend gezien het belang van het registratieproces voor de doelstelling van de gemeente om veilige en transparante raamprostitutie in de stad te realiseren. Over de consequenties en de andere mogelijkheden die er zijn, beraden we ons waarbij we ook hechten aan de mening van politie en OM. Wij kijken daarbij ook naar de tekst van de Wet Regulering Sekswerk, die op dit moment bij de Kamer ligt. Dit betekent dat wij op een later moment een besluit nemen in het kader van de tender Het Nieuwe Zandpad.
Vraag 2 Is deze optie besproken met de potentiele marktpartijen? Op welke wijze denkt de gemeente de administratie goed en correct te willen controleren? Wat zijn de ervaringen van controle administratie ten tijde van het oude zandpad en op welke wijze gaat de gemeente dat verbeteren, zodoende de veiligheid gegarandeerd is? Antwoord 2 Het controleren door toezichthouders van de huurdersadministratie is niet besproken met de potentiele marktpartijen omdat dit al in de APV is vastgelegd en marktpartijen hier geen vragen over hadden. In Artikel 3.11 lid 5 van de APV is vastgelegd dat een exploitant van een raamprostitutiebedrijf verplicht is een deugdelijke administratie te voeren. In de toelichting op dit artikel wordt onder andere uitgelegd dat toezichthouders op basis van deze administratie moeten kunnen vaststellen of de aangetroffen sekswerker inderdaad degene is aan wie de werkruimte is verhuurd. Dergelijke controles werden ook op het oude Zandpad uitgevoerd. Op het Nieuwe Zandpad zal het toezicht echter veel intensiever zijn (negen uur per dag een koppel toezichthouders) waardoor deze controles veel vaker zullen plaatsvinden dan in het verleden.
Vraag 3 Welke kosten zijn gemoeid met deze eventuele aanpak? Antwoord 3 In de kosten voor bovengenoemde extra inzet van VTH is al voorzien in het project. Vraag 4 Deze hangt samen met het scenario van huurder en verhuurder. Want een goede administratie en controle is van belang m.b.t. de veiligheid. Echter is de gemeente het eens met Stadsbelang Utrecht, dat als marktpartijen willen uitbuiten dat dit niet middels de administratie van hen te herleiden is en dat het alleen kan als de gemeente die administratie beheert? Hoe ziet de wethouder dit? Antwoord 4 De administratie kan een rol spelen bij het toezicht en de handhaving. In welke mate dit het geval is, kan verschillen. Signalen van uitbuiting kunnen door verschillende partijen worden geconstateerd zoals toezichthouders, hulpverleners, beveiligers, de politie, de vertrouwenspersoon en andere sekswerkers. Door deze signalen te combineren met de administratie kan herleid worden of, en zo ja welke exploitant hier mogelijk een rol in speelt. Ook kunnen toezichthouders bijvoorbeeld constateren dat er een andere sekswerker in een werkruimte werkt dan zoals in de administratie is vermeld. Wij zien geen noodzaak en overigens ook geen praktische en juridische mogelijkheid om deze verhuuradministratie zelf als gemeente te beheren.
Vraag 5 Hoe realistisch denkt de gemeente dat deze optie is? Hoe wil de wethouder dit uitvoeren? Kan de gemeente garanderen dat op deze wijze de veiligheid geborgd is? Antwoord 5 De vraag betreft de optie “toestemmingsverklaring” waarbij de exploitant bij de intake aan de sekswerker toestemming vraagt om informatie te mogen uitwisselen met andere partijen. Zonder deze optie op voorhand af te willen wijzen, achten wij deze optie niet direct realistisch Zoals in de vraagstelling wordt gesteld, moet een dergelijke toestemmingsverklaring namelijk geheel vrijwillig worden afgegeven zonder negatieve consequenties bij weigering. Aan de andere kant volgen wij pilots zoals in de gemeente Assen op de voet, waarbij sekswerkers zich op vrijwillige basis kunnen laten erkennen door de gemeente. Vraag 6 Wat zijn de ervaringen tot nu toe in Amsterdam met deze vorm van administratie? Is deze vorm al geëvalueerd en zo nee wat zijn de eerste bevindingen? Antwoord 6 In Amsterdam zijn, net als in Utrecht, exploitanten verplicht om een intake te houden en hiervan ook een verslag te maken. Als de toezichthouders willen controleren hoe de intakes worden uitgevoerd door de exploitanten dan vragen zij over een bepaalde periode, bijvoorbeeld drie maanden, de intakes op die dan geanonimiseerd door de exploitant moeten worden verstrekt.
De gemeente Amsterdam geeft aan dat zij op deze manier wel een beeld krijgen van hoe de intake in het algemeen bij een exploitant verloopt; hoe de verslagen eruitzien; welke vragen er worden er gesteld en of er voldoende wordt doorgevraagd door exploitanten op mogelijke signalen van dwang. Deze werkwijze maakt het volgens de gemeente Amsterdam mogelijk om de uitvoering van de zorgplicht die de exploitant heeft te controleren zonder dat gegevens herleidbaar zijn naar individuele sekswerkers.
2
Vraag 7 Stadsbelang Utrecht is van mening om te wachten met verdere ontwikkeling van het Zandpad gezien er geen wettelijk kader is voor registratie. Hoe kijkt de gemeente naar het wachten van verdere ontwikkeling van het Zandpad, gezien er geen wettelijke basis is voor registratie? Antwoord 7 Zoals aangegeven in antwoord 1 brengen we als college de gevolgen in beeld waarbij we nadrukkelijk de mening van de politie en het OM meewegen.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
3
Schriftelijke vragen “Geen registratie, geen Zandpad” Cees Bos, Stadsbelang Utrecht 5 januari 2021 De gemeente Utrecht blijft hechten aan de registratieplicht voor sekswerkers als belangrijk preventief instrument tegen mensenhandel. Het werpt een barrière op tegen mensenhandel omdat het de door mensenhandelaren gewenste hoge omloopsnelheid onmogelijk maakt, het potentiële slachtoffer wordt uit de anonimiteit gehaald en er kunnen signalen van mensenhandel worden opgepakt en doorgezet. Daarnaast is het nodig deze gegevens te kunnen vastleggen om effectieve toezicht en handhaving mogelijk te maken. Bovendien is de verwerkingswijze van de registratiegegevens goed beveiligd en beschermd en worden de gegevens binnen een bepaalde termijn verwijderd als de sekswerker de registratie intrekt. In de Algemene Plaatselijke Verordening Utrecht 2010 is een registratieplicht voor sekswerkers in de raamprostitutie opgenomen. Om uitvoering te kunnen geven aan deze plicht is het noodzakelijk om persoonsgegevens te verwerken. Op 23 december 2020 heeft de RvS uitspraak gedaan en de gemeente Utrecht in het ongelijk gesteld. Echter hierdoor is het niet mogelijk voor de gemeente om veilige en transparante raamprostitutie in de stad te realiseren. Vragen: 1.
Wat betekent dit besluit voor de ontwikkeling van het zandpad en het lopend proces? Er zijn een aantal opties uitgewerkt voor als de registratieplicht daadwerkelijk verboden is. Gezien dit nu een feit is wat betekent dit voor deze opties? Want vanuit verschillende gremia (G4, Landelijk Programma Prostitutie) is hier veel aandacht voor en is de registratieplicht als noodzaak ingebracht t.b.v. wetgeving op dit gebied. Het scenario van huurder en verhuurder: je mag van een exploitant als goed verhuurder verwachten dat hij een goede administratie bijhoudt. Dat is hij ook fiscaal verplicht. De gemeente kan vanuit haar toezichthouders rol de huurdersadministratie controleren. 2. Is deze optie besproken met de potentiele marktpartijen? Op welke wijze denkt de gemeente de administratie goed en correct te willen controleren? Wat zijn de ervaringen van controle administratie ten tijde van het oude zandpad en op welke wijze gaat de gemeente dat verbeteren, zodoende de veiligheid gegarandeerd is? 3. Welke kosten zijn gemoeid met deze eventuele aanpak? Een voorbeeld van verwijtbaarheid waarbij de gemeente altijd gelijk de vergunning zal intrekken is dat uit controle van de gemeente blijkt dat er slachtoffers van uitbuiting werkzaam zijn in de seksinrichting. Daarbij zijn er uiterlijke signalen waarneembaar die de exploitant gezien moet hebben.
En de signalen zijn niet gemeld door de exploitant. 4. Deze hangt samen met het scenario van huurder en verhuurder. Want een goede administratie en controle is van belang m.b.t. de veiligheid. Echter is de gemeente het eens met Stadsbelang Utrecht, dat als marktpartijen willen uitbuiten dat dit niet middels de administratie van hen te herleiden is en dat het alleen kan als de gemeente die administratie beheert? Hoe ziet de wethouder dit? De toestemmingsverklaring: bij de intake vraagt de exploitant toestemming aan de sekswerker om informatie te mogen uitwisselen met andere partijen. Dit is alleen toegestaan als die echt vrijwillig gebeurt, zonder druk en zonder negatieve consequenties bij weigering. In de praktijk zijn de mogelijkheden die dit biedt beperkt. Een alternatief is dat een sekswerker bij de gemeente of bij de hulpverlening aangeeft toestemming te verlenen voor het verwerken van specifieke (bijzondere) persoonsgegevens. 5. Hoe realistisch denkt de gemeente dat deze optie is? Hoe wilt de wethouder dit uitvoeren? Kan de gemeente garanderen dat op deze wijze de veiligheid geborgd is?
4
De optie van de geanonimiseerde administratie. Dit is minder effectief op het niveau van de individuele sekswerker maar biedt wel een goed beeld van de wijze waarop exploitanten omgaan met de sekswerkers. In Amsterdam is hier al mee gestart. 6. Wat zijn de ervaringen tot nu toe in Amsterdam met deze vorm van administratie? Is deze vorm al geëvalueerd en zo nee wat zijn de eerste bevindingen? 7. Stadsbelang Utrecht is van mening om te wachten met verdere ontwikkeling van het Zandpad gezien er geen wettelijke kader is voor registratie. Hoe kijkt de gemeente naar het wachten van verdere ontwikkeling van het Zandpad, gezien er geen wettelijke basis is voor registratie? Zoals het college aangeeft: Aan een aantal uitgangspunten tornen wij niet. Wij doen geen concessies aan het uitgangspunt dat de raamprostitutie aan het Nieuwe Zandpad schoon, veilig en transparant moet zijn en we handhaven een barrièremodel om uitbuiting van sekswerkers tegen te gaan. Schoon? “Ja”, wellicht”. Transparant en veilig? nee niet mogelijk nu er geen wettelijke basis is voor registratie.
5